Bijlage Begroting 2025 RAV 2413255.pdf
Tekst van het document
In huur- en eigendompanden zijn investeringen gedaan om de bouwkundige schil te verbeteren, LED-verlichting aan te brengen en zonnepanelen te plaatsen waar dit technisch mogelijk was. In de komende periode wordt de locatie ’s-Hertogenbosch verduurzaamd door noodzakelijke vervangingen om te zetten naar duurzame alternatieven. Hiermee dringen we het energieverbruik terug op deze locatie. Het jaar 2024-2025 staat in het teken van regulier storingsonderhoud op alle locaties en het verder verduurzamen in het kader van de EED/energielabels. Op projectbasis zal er gekeken worden naar de toekomstige uitbreidingen die benodigd zijn om de organisatie operationeel gezond te houden.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 20
4 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING
Onder bedrijfsvoering wordt verstaan: alle ondersteunende activiteiten die nodig zijn om de doelstellingen van de RAV te realiseren. De bedrijfsvoering draagt daarmee bij aan een efficiënte en effectieve organisatie van het proces ambulancezorg. Naast de bedrijfsvoering die binnen de RAVspecifiek is georganiseerd, zoals HR, Facilitaire zaken, control, planning, communicatie, kwaliteit, wagenpark, voertuig ICT en opleiding worden de taken salarisadministratie, financiën, inkoop, DIV en automatisering door de RAV ingekocht bij Hét Service Centrum (HSC). Hoewel het management van het HSC ten aanzien van deze functies een afgeleide bevoegdheid en verantwoordelijkheid heeft, is bewustwording en kennis van de omgeving waarbinnen de RAV zijn taken uitvoert noodzakelijk. Hét Service Centrum verzorgt voor GGD West-Brabant, GGD Hart voor Brabant, de RAV Brabant Midden-West-Noord en de GGD Noord- en Oost-Gelderland een aantal ondersteunende diensten (financiën, salarisadministratie, DIV, automatisering en informatisering en met name beheer van het netwerk en kantoorautomatisering). Hét Service Centrum is geen aparte organisatie, maar het resultaat van een brede samenwerking. 4.1
Organisatie
De organisatie moet het werken van geschikte en gemotiveerde mensen aan processen en producten adequaat faciliteren. De structuur volgt de strategie van de organisatie en is dienend aan sturing en samenwerking. Een slagvaardig managementteam, ondersteund door een professionele staf, met onderscheidend leiderschap vormt daarbij de basis. Door aan deze voorwaarden te voldoen kan de RAV zich handhaven binnen het topsegment van de RAV-organisaties en de maatstafconcurrentie binnen de ambulancezorg het hoofd bieden. Op basis van deze uitgangspunten ontwikkelt de organisatie zich op een aantal aspecten: Zij kenmerkt zich door haar medewerkers te prikkelen, uit te dagen en verantwoordelijkheid te laten nemen voor de eigen ontwikkeling; Er is ruimte voor innovatie; De organisatie is in control; Ontwikkeling van expertise vindt voornamelijk plaats door het zoeken van regionale en landelijke samenwerking. 4.2
Personeel
Ons personeel is ons belangrijkste kapitaal. In een steeds krappere arbeidsmarkt, zeker in de gezondheidszorgsector, is het belangrijk personeel te vinden, te binden en te boeien. Het aantrekken en behouden van voldoende bevoegd en bekwaam personeel is dan ook een belangrijke organisatiedoelstelling. Om dit te realiseren is “A Great Place to Work” een belangrijk thema. Aan de hand van dit thema besteden wij ook in 2025 veel aandacht aan het creëren van een optimale werkomgeving voor onze medewerkers. Betrokkenheid, motivatie, ontwikkelingsmogelijkheden en vitaliteit worden gestimuleerd. Wij vinden het belangrijk om onze medewerkers te betrekken bij verschillende organisatorische zaken, zoals de aanschaf van nieuw materiaal, de interne communicatie of het samenstellen van het vakantierooster. Door middel van werkoverleggen, webinars, of deelname aan commissies bieden wij hen de mogelijkheid om hun stem te laten horen en vanuit hun expertise een inbreng te hebben op het beleid van de RAV. In 2024 zijn we gestart met het inrichten van een Professionele Adviesraad (PAR). Hiermee geven we de stem van de professionals meer ruimte geven binnen de organisatie: zij weten immers vanuit hun perspectief het beste wat nodig is binnen de zorg op de ambulance, binnen de meldkamer en als zelfstandig bevoegde.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 21
De juiste ambulancezorg, op het juiste moment, op de juiste plaats en door de juiste hulpverlener: door zorgdifferentiatie is de zorg steeds beter afgestemd op de vraag van de patiënt. Maar deze ontwikkeling heeft ook andere positieve effecten. De hieruit voortvloeiende functiedifferentiatie biedt namelijk veel ontwikkelingsmogelijkheden voor onze medewerkers. Zij krijgen de kans om, na het volgen van een opleiding, door te groeien naar een andere functie. Zij worden hierbij gefaciliteerd door de RAV. Ook schept functiedifferentiatie de mogelijkheid voor medewerkers om (tijdelijk) werkzaam te zijn in een andere functie, bijvoorbeeld bij (tijdelijke) fysieke of mentale overbelasting. Daarnaast draagt functiedifferentiatie bij aan het efficiënt inzetten van personeelscapaciteit: er zijn minder ALS (Advanced Life Support)- verpleegkundigen nodig. Bijkomend voordeel is dat functiedifferentiatie de mogelijkheid biedt tot het ‘aanboren’ van andere en nieuwe bronnen bij het werven van steeds schaarser wordend zorgpersoneel, waardoor het personeelstekort minder nijpend wordt. Het zelf verzorgen van een Verpleegkundige Vervolg Opleiding (VVO) maakt het voor ons mogelijk om verpleegkundigen met een HBO-V achtergrond, samen met verpleegkundigen met een IC, CCU of SEH-specialisatie, op te leiden tot zelfstandig werkende ambulanceverpleegkundigen.
Door het zelf opleiden van ambulancechauffeurs kunnen we flexibel opleiden op maat. Daarnaast creëren wij doorstroommogelijkheden voor ambulancechauffeurs om verpleegkundige te worden. Door samenwerking met de ketenpartners kunnen stageplaatsen en duobanen worden gerealiseerd waardoor zorgprofessionals behouden blijven voor de acute zorg. Het door ontwikkelen van de strategische personeelsplanning draagt bij aan een gerichte en effectieve manier om te sturen op de optimale bezetting van onze organisatie. Er wordt doorlopend nagedacht over de meest efficiënte capaciteitsplanning en eerlijke en gezonde verdeling van de lasten binnen de dienstroosters. 4.3
Informatievoorziening/automatisering
De RAV Brabant MWN voert taken uit binnen de zorgketen en de veiligheidsketen. De informatievoorziening en automatisering van de RAV is voornamelijk gericht op optimalisatie van de primaire processen binnen deze ketens. Voor netwerkbeheer en kantoorautomatisering neemt de RAV diensten af van het HSC. In 2024 wordt gewerkt aan implementatie van een nieuw navigatiesysteem, het implementeren van geautomatiseerde feedback vanuit ziekenhuizen, informatie gestuurd werken. Automatisering is belangrijk om efficiënter te kunnen werken. Daarnaast is er continue aandacht voor de doorontwikkeling van business intelligence, het digitale ritformulier en nieuwe informatiebehoefte als gevolg van zorgdifferentiatie, mobiele zorg en zorgcoördinatie. Tevens wordt beleid bepaald op het gebruik van AI – Artificial Intelligence en gekeken hoe AI ingezet kan worden. In 2024 en 2025 wordt gewerkt aan gegevensuitwisseling tussen zorgaanbieders onderling, het toekomstbestendig maken van identificatie van de zorgverlener, optimale waarde creatie ondersteunen voor de patiënt, de keten en het personeel. Er is continue aandacht voor informatiebeveiliging, cybersecurity & privacy, compliant zijn en compliant blijven. Ook worden pilots met nieuwe, slimme medische apparatuur, nieuwe software verwacht welke ondersteund dienen te worden. 4.4
Financiën
Een van de hoofdverantwoordelijkheden van dit onderwerp is de “planning & control” met als taak het verzorgen van de verschillende informatieproducten inclusief analyse en advisering. Een andere verantwoordelijkheid is die voor de financiële administratie. Taken zijn dan onder meer het inrichten van de administratie (voldoen aan eisen BBV en behoeften organisatie) en het verwerken van de financiële mutaties.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 22
Ook Treasury valt onder de verantwoordelijkheden van Financiën. Taken zijn onder andere het (mede) opstellen van het Treasurystatuut, het daaraan uitvoering geven en daarover in het hoofdstuk Financiën rapporteren. In de loop van 2024 zal het risicomanagement van de RAV opgepakt worden, om dit naar een hoger niveau te tillen. 4.5
Facilitaire zaken en huisvesting
Facilitaire zaken richt zich op integrale beheersing van (en dienstverlening in en om) organisatiehuisvesting en –huishouding, ter ondersteuning van de gebruikers met ruimte, middelen, diensten en bescherming, resulterende in optimale productiviteit en kostenbeheersing voor de organisatie. De hoofdtaken op het facilitair terrein liggen voor de RAV bij: - coördinatie (groot) onderhoud; - contractmanagement; - ondersteunen van huisvestingsprojecten; - ondersteunen inkoop en aanbesteding; - ondersteunen logistieke handelingen. Het huisvestingsbeleid van de RAV wordt materieel in hoge mate bepaald door het landelijk referentiekader. Daarnaast geldt voor huisvesting en de daarvan afgeleide kosten zoals energie, schoonmaak, (groot) onderhoud en huur dat dit moet worden gerealiseerd binnen de strakke budgetkaders c.q. normen van NZa en zorgverzekeraars. Vooral de zorgverzekeraars in hun rol van zorginkopers hanteren daarbij steeds vaker het instrument van de benchmark voor de bepaling van deze budgetkaders.
4.6
Informatie- en archiefbeheer
De RAV is bij de inrichting van zijn informatiebeheer gehouden aan de Archiefwet 1995 (naar verwachting treedt de nieuwe archiefwet op 1 juli 2024 in werking). Het doel is informatie zo te beheren dat het duurzaam toegankelijk is, de bedrijfsvoering wordt ondersteund en de risico’s beheerst zijn. Eén keer in de twee jaar vindt er een toetsing plaats door de toezichthouder (stadsarchivaris gemeente ’s-Hertogenbosch). De ingeslagen weg ten tijde van het Programma Informatiehuishouding in control wordt ook in 2025 verder gecontinueerd. De kwartaaloverleggen van het Strategisch Informatie Overleg (SIO) is een meerwaarde voor alle moederorganisaties. Kennis wordt uitgedragen en onderling vindt directe afstemming plaats met name ten aanzien van aanpak en opzet in het kader van de Wet Open Overheid (WOO). Team HSC Informatiebeheer heeft met de site-eigenaren in MS365 reguliere auditgesprekken. Verslaglegging hiervan vindt plaats op o.a. de auditsites van de moederorganisatie. Ondertussen is gebleken dat de minimale digitale vaardigheidstrainer een goede stap voorwaarts is geweest om de medewerkers in de organisatie goed bewust te laten zijn van de afspraken over opslag, archivering etc. Elke nieuwe medewerker krijgt de training bij indiensttreding bij de organisatie. Alle andere medewerkers krijgen de training 1x in de 3 jaar en worden daarop beoordeeld.
Indien de nieuwe archiefwet 1 juli 2024 van kracht gaat, wordt door team HSC Informatiebeheer ervoor zorg gedragen dat alle fysieke en digitale bestanden over de tijdsperiode 2006-2016 wordt overgebracht naar het Stadsarchief van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Bij inwerkingtreding van de nieuwe Archiefwet, geldt namelijk een overbrengingstermijn van 10 jaar.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 23
4.7
Indicatoren BEGROTING
Kengetallen
JRR 2023
2024
2025
2026
2027
2028
aantal FTE (excl. FLO)
671,1
677,6
688,7
692,4
696,1
699,8
overhead: Totale kosten % van totale lasten
11,9%
12,7%
12,7%
12,7%
12,7%
12,7%
externe inhuur: kosten als % van totale loonsom
5,4%
5,4%
5,4%
5,3%
4,8%
4,3%
externe inhuur: totale kosten inhuur x € 1.000
3.470
3.770
3.883
3.999
3.719
3.431
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 24
5
PARAGRAAF FINANCIERING EN TREASURY
Het doel van deze paragraaf is om informatie te verstrekken over het treasurybeleid en de beheersing van de financiële risico’s. Treasury is het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Treasury houdt zich bezig met risico’s die samenhangen met alle huidige en toekomstige kasstromen. Deze risico’s komen voort uit zowel de financieringsbehoefte, als uit de mutaties van de bestaande portefeuilles zoals (vervroegde) aflossingen, herfinanciering en renteaanpassing. In het BBV is opgenomen dat de paragraaf financiering van de begroting en jaarstukken inzicht moet geven in: De rentelasten; Het renteresultaat; De wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen; De financieringsbehoefte. In de Wet Financiering decentrale overheden (Wet Fido) worden de kaders aangegeven voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie. Op basis van de Wet Fido wordt hieronder nader ingegaan op de kasgeldlimiet en renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt dat de gemiddelde netto-vlottende schuld van een decentraal overheidsorgaan in een bepaald kwartaal niet hoger mag zijn dan een wettelijk bepaald percentage (8,2%). In de onderstaande tabel staat de positie van de RAV. Hierin is in 2025 te zien dat de vlottende schulden onder de kasgeldlimiet blijven.
Begroot 2025
Prognose 2023
7.881
6.883
7.491
7.491
Schuld in rekening-courant
-
-
Gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar
-
-
Overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld
10.333
10.333
17.824
17.824
Omschrijving Omvang kasgeldlimiet
1 Toegestane kasgeldlimiet in procenten van de grondslag in een bedrag
2 Omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden korter dan 1 jaar
3 Vlottende middelen Contante in kas
-
5
Tegoeden in rekening-courant
-
145
Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar
21.446
17.804
21.446
17.954
Totaal netto-vlottende schuld (2-3)
-3.622
-130
Toegestane kasgeldlimiet
7.881
6.883
11.503
7.013
4 Toets kasgeldlimiet
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 25
Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel de rentegevoeligheid van de portefeuille van leningen met een looptijd van een jaar of langer te beperken. Dit komt er op neer dat het renterisico in een bepaald jaar niet meer mag bedragen dan een wettelijk bepaald percentage van het begrotingstotaal. In onderstaand overzicht wordt de relatie gelegd tussen renterisico en renterisiconorm. Het overzicht laat zien dat er voldoende ruimte is ten opzichte van de renterisiconorm. (bedragen x € 1.000) Omschrijving
2025
2026
2027
2028
nvt
nvt
nvt
nvt
Renterisico 1
Renteherzieningen op leningen o/g
2
Betaalde aflossingen
1.700
1.700
1.700
1.700
3
Renterisico (1+2)
1.700
1.700
1.700
1.700
4
Rente-risiconorm
19.155
19.763
20.343
20.953
17.455
18.063
18.643
19.253
nvt
nvt
nvt
nvt
95.773
98.815
101.715
104.766
20%
20%
20%
20%
19.155
19.763
20.343
20.953
5a Ruimte onder renterisiconorm (4 > 3) 5b Overschrijding rente-risiconorm (3 > 4)
Renterisiconorm 4a Begrotingstotaal 4b Percentage regeling 4
Berekende rente-risiconorm (4a * 4b)
Schatkistbankieren Vanaf 2013 is de Wet Fido gewijzigd, waarbij het verplicht schatkistbankieren door decentrale overheden is ingevoerd. Het verplicht schatkistbankieren houdt in dat de RAV haar overtollige liquide middelen en beleggingen aan moet houden bij het ministerie van Financiën en niet langer bij private partijen/banken onder kan brengen. De RAV is begin 2014 begonnen met het Schatkistbankieren. Leningen Op 30 oktober 2019 is er een lening aangegaan ter vervanging van de lening in 2010 en 2011 en ter financiering van een gedeelte van de vaste activa. De verwachting is dat er in 2024 een lening noodzakelijk is van 6 miljoen ter financiering van de activa.
Omschrijving
Lening nummer
Ingangs- Looptijd Rente datum %
Lening BNG 40.113272 30-10-2019 10 jaar 0,038% Totaal opgenomen leningen
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
Hoofd som
11.000.000 11.000.000
saldo eind 2025
4.400.000 4.400.000
pagina 26
Renteschema
Schema renteberekening 2025
2025
2025
x € 1.000 x € 1.000
Externe rentelasten over de korte en lange financiering Externe rentebaten
282 -
Saldo
Rente van projectfinanciering moet aan het betreffende taakveld toegerekend worden
282
70
-
Aan taakvelden toe te rekenen rente Rente eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal rentetoerekening intern Aan taakvelden (programma's incl. overzicht Overhead) toe te rekenen rente (renteomslag)
212 -
212
Boekwaarde vaste activa per 1 januari
25.693
Berekende en gekozen renteomslagpercentage
0,83%
Werkelijk aan taakvelden(incl. overhead) toegerekende rente
Renteresultaat op het taakveld treasury
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
212
0
pagina 27
6 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de GR RAV Brabant Midden-West-Noord beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, zijnde de reserves en voorzieningen; Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn genomen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. In 2015 is het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) aangepast. Op basis hiervan neemt de RAV een aantal verplichte financiële kengetallen op in de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting en het jaarverslag. 6.1
Beleid omtrent reserves en voorzieningen en risico’s
De nota Reserves en Voorzieningen is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de GR RAV Brabant Midden-West-Noord. Uitgangspunt is dat, indien er in totaliteit een negatieve reserve ontstaat, dit binnen een termijn van drie jaar wordt teruggebracht tot een positief saldo. De paragraaf Risico’s brengt in beeld wat de belangrijke risico’s zijn en hoe we daarmee omgaan. Daarbij richten we ons op zowel de uitgaven- als de inkomstenkant. De stand van de reserves is voldoende voor de dekking van de in paragraaf 6.3 benoemde en gekwantificeerde risico’s. 6.2 Reserves en voorzieningen (in duizenden euro’s) Prognose 31-12-25
Prognose 31-12-23
Algemene reserve Reserve Aanvaardbare Kosten (NZa) Reserve onderhoud panden Reserve reorganisatie Totaal reserves
902 13.114 0 742 14.758
902 13.114 341 742 15.099
Voorziening verlofsaldi/tijdsparen Totaal voorzieningen
4.587 4.587
3.374 3.374
Totaal reserves en voorzieningen
19.345
18.473
6.3
Inventarisatie van de risico’s
De meest significante risico’s worden benoemd. De significante risico’s, vaak ook met een financiële impact worden gesignaleerd door gesprekken vanuit Control met de portefeuillehouders in de organisatie. Verder is er vanaf 2019 een BCM (Business Continuity Management) beleid, waarbij de processen binnen de RAV worden doorlopen en risico’s en acties worden benoemd. Verder zijn we in het kader van risicobeheersing bezig met een notitie Risicomanagement dat vanaf 2024 verder uitgekristalliseerd gaat worden. Binnen de planning & control cyclus houden we de vinger aan de pols en treffen we maatregelen bij financiële knelpunten.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 28
We informeren het bestuur daarover via de bestuursrapportages. Op een moment dat de RAV een risico loopt dat we niet binnen de reguliere begroting kunnen opvangen moeten we de reserves aanspreken of moeten deze als buffer dienen.
Risico
Verwacht risico Verwacht risico (bedrag (bedrag in miljoen in miljoen €) 2025 €) 2024
Kans
Maatregel
midden/laag
landelijk overleg vanuit AZN, lokaal overleg met de zorgverzekeraars
0
0
midden/laag
sturing management/ in begroting reeds opnemen
0
0
ICT
laag
continu beveiligingsmaatregelen treffen
0
0
Persoonlijk levensfasebudget uren
laag
verplichting opgenomen
0
0
Tijdspaarregeling
midden/laag
landelijk overleg om deze verplichting landelijk op te nemen
0
0
Aansprakelijkheidsstelling door medewerkers ivm oplopen Post-Covid
midden/laag
goed laten adviseren door een advocatenkantoor
pm
pm
0,00
0,00
Budgettering NZa, lager dan de werkelijke kosten Prestatiecontract
TOTAAL
Budgettering NZa lager dan de werkelijke kosten De ambulanceopbrengsten worden verkregen via budget van het ministerie van VWS. Ambulancezorg Nederland onderhandelt samen met zorgverzekeraars Nederland met NZa over het budget indien dit op een bepaald onderdeel niet toereikend is. In 2019 was daar sprake van, mede door de loonontwikkeling binnen de ambulancesector (flinke loonstijging vanwege de nieuwe CAO/door FWG worden daarnaast nog de salarissen van de ambulanceverpleegkundigen hoger ingeschaald). Het was dan ook de vraag of dit in de toekomst volledig gedekt gaat worden door NZa, want de toename moet ook passen binnen het macrobudget van VWS, dat beschikbaar is voor ambulancezorg. In 2020 is er door NZa boekenonderzoek verricht naar de werkelijke loonkosten en de overige personeelslasten. Dit heeft erin geresulteerd dat NZa deze budgetten vanaf 2021 heeft opgehoogd. Dit betekent dat het risico dat in 2019 was geraamd op ca 3,7 miljoen gereduceerd is tot nihil. Prestatiecontract Landelijk is door zorgverzekeraars afgesproken dat de laatste 2,5% van het initieel toegekende budget voor spreiding en beschikbaarheid (maximaal ca. € 1.100.000) afhankelijk wordt gesteld van vooraf overeengekomen prestaties. Het te realiseren percentage A1-overschrijdingen is landelijk de belangrijkste prestatie-indicator met 1,25% van de maximale korting van 2,5%.
Voor de overige 1,25% worden per budgetjaar lokaal afspraken gemaakt. De kans dat de RAV deze lokaal overeengekomen prestatieafspraken niet behaalt is erg klein. Er worden haalbare afspraken gemaakt waarop de RAV invloed heeft om ze ook te kunnen realiseren. In de begroting wordt voortaan rekening gehouden met mogelijke kortingen.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 29
ICT De afhankelijkheid van ICT kan de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar brengen. Door het steeds opener karakter van de ICT stijgt het risico van het gebruik van privacygevoelige informatie. Ook stellen de overheid en de ketenpartners hogere veiligheidseisen; de data moet voldoende beveiligd zijn. Daarnaast moet de RAV met ingang van 2018 voldoen aan de NEN-normering voor de zorg en aan accountantseisen. Technisch hebben we al veel geregeld, want sinds 2018 zijn we voor de NEN 7510 norm gecertificeerd. Het informatiebeveiligingsmanagementsysteem (ISMS) Van het HSC is ingericht en gecertificeerd. Daarnaast zijn er afspraken tussen HSC en RAV gemaakt, waarin o.a. de continuïteit van het bedrijfsproces met betrekking tot ICT is opgenomen. Persoonlijk levensfasebudget uren Het Persoonlijk Levensfasebudget (PLB) is een voorziening ten behoeve van het bevorderen van de duurzame inzetbaarheid van de werknemer gedurende zijn loopbaan. Het PLB biedt de werknemer de mogelijkheid een evenwichtige balans te vinden tussen werk en privé. De PLB uren worden als verplichting op de balans gezet. Tijdspaarregeling Medio 2021 is landelijk de tijdspaarregeling overeengekomen met de Vakbonden. De werknemer wordt in de gelegenheid gesteld om tijd te sparen, om die gespaarde tijd later tijdens de gehele loopbaan naar eigen wens als doorbetaalde tijd op te kunnen nemen.
Dit draagt bij aan een goede balans tussen werken en privé. Bij AZN wordt nog onderzocht of de verplichting die gaat ontstaan aan de medewerkers landelijk wordt opgenomen, of dat dit bij de afzonderlijke RAV’s blijft. Indien deze verplichting bij de RAV Brabant MWN niet op de balans verantwoord kan worden vanwege de BBV-regels en het landelijk niet wordt opgenomen, dan wordt deze in deze risicoparagraaf ingeschat en benoemd. Vanaf 2022 wordt vooralsnog de verplichting op de balans opgenomen. Aansprakelijkheidsstelling door medewerkers i.v.m. oplopen Post-Covid In januari 2022 is de RAV aansprakelijk gesteld door enkele medewerkers welke Post-Covid hebben opgelopen en als gevolg hiervan hun werkzaamheden niet meer kunnen verrichten. Deze medewerkers zijn op dit moment niet meer in dienst bij de RAV: zij zijn uit dienst getreden na een ziekteperiode van 2 jaar. Deze aansprakelijkheidstelling is destijds gemeld bij de verzekeringsagent van de RAV welke de aansprakelijkheidsstelling doorgeleid heeft naar de aansprakelijkheidsverzekeraar. Eind juli 2023 (dus ruim 1½ jaar na melding door de verzekeringsagent) heeft de verzekeraar aangegeven dat onze polis geen dekking biedt omdat het voorval in 2020 plaatsgevonden heeft en de RAV op dat moment bij een andere verzekeraar verzekerd was.
Deze andere verzekeraar aanvaart de aansprakelijkheid evenmin daar er geen uitlooprisico verzekerd is. Juridisch gezien lijkt in deze alleen de verzekeringsagent verwijtbaar gehandeld te hebben daar zij naar het oordeel van de jurist van de RAV niet aan haar zorgplicht voldaan heeft. De verzekeringsagent is ondertussen door de RAV aansprakelijk gesteld. Met betrekking tot de aansprakelijkheidstelling door de twee medewerkers is de behandeling hiervan in handen gegeven van een advocatenkantoor. De aansprakelijkheidstelling is door ons afgewezen.. Onze verwachting is dat de medewerkers op enig moment een civiele procedure tegen ons zullen starten. Op dit moment is nog op geen enkele wijze in te schatten dan wel te voorzien wat het financiële risico voor de RAV is. De conclusie is dat gezien de genoemde risico’s het weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen. Kengetallen De hieronder vermelde kengetallen geven een eenvoudiger inzicht in de financiële positie van de RAV.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 30
BEGROTING Kengetallen
JRR 2023
2024
2025
netto schuldquote
7,7%
7,9%
5,8%
netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
7,7%
7,9%
5,8%
solvabiliteitsratio
35,2%
29,8%
31,8%
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 31
7 STAAT VAN BATEN EN LASTEN 2025 (x 1000 euro)
(in duizenden euro's) Jaarrekening 2023 Lasten
Baten
Saldo
Begroting 2024 Lasten
Baten
Begroting 2025
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
2.435
2.345
Ambulancezorg a) MKA Brabant Noord
2.062
2.111
49
2.372
2.285
-87
a) MKA M.W. Brabant
3.011
3.083
72
3.618
3.612
-6
3.715
3.707
-8
b) RAV Brabant Noord
23.295
27.721
4.426
26.612
30.894
4.282
27.767
32.178
4.411
c) RAV M. W. Brabant
44.733
51.023
6.290
47.931
55.478
7.547
49.691
57.543
7.852
Subtotaal Programma
73.101
83.938
10.837
80.533
92.269
11.736
83.608
95.773
12.165
Overhead
10.032
0
-10.032
11736
0
-11.736
12.165
-
-12.165
Mutatie reserves
-
74
74
0
0
0
-
340
340
Totaal resultaat
83.133
84.012
879
92.269
92.269
0
95.773
96.113
340
-90
Begroting 2024 is conform vastgestelde beleidsbegroting 2024 en incl. de 1e begr wijz. conform AB vergadering 27-6-2024.
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 32
8 INVESTERINGSBEGROTING 2025 (x 1000 euro)
(x 1000 euro)
Investerings begroting 2025
Medisch) inventaris/opleidingsmateriaal/automatisering) Wagenpark
217 2.552
Totaal investeringsbegroting 2025 RAV Brabant-MWN
2.769
BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN
pagina 33
BIJLAGE 1 STAAT VAN VASTE ACTIVA 31-12-2025
Omschrijving van de Kapitaalsuitgaven
Aanschafwaarde begin 2025
Investeringen 2025
Aanschafwaarde einde
Cumulatieve
Afschrijvings
Boekwaarde
Boekwaarde
afschrijvingen
kosten
begin
einde
2025
2025
2025
2025
2025
Gronden en terreinen
2.526.403
-
2.526.403
-
-
2.526.403
2.526.403
Gebouwen
17.812.454
-
17.812.454
5.552.681
512.851
12.259.773
11.746.922
Wagenpark
20.987.701
2.552.440
23.540.141
13.021.403
1.783.741
7.966.298
8.734.997
Inventaris
920.418
50.000
970.418
577.116
89.969
343.302
303.333
Medische inventaris
6.280.425
50.000
6.330.425
4.899.243
438.827
1.381.182
992.355
Automatisering
1.041.822
117.000
1.158.822
773.569
173.128
268.253
212.125
Kleding
1.625.925
-
1.625.925
677.469
541.976
948.456
406.480
Totaal
51.195.147
2.769.440
53.964.587
25.501.480
3.540.492
25.693.667
24.922.615
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 34
BIJLAGE 2: STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN Naam
Saldo aan Vermeerbegin van deringen dienstjaar 01.01.2024 in 2024
Verminderingen in 2024
Saldo aan Vermeereinde van deringen dienstjaar 31.12.2024 in 2025
Verminderingen in 2025
Saldo aan einde van dienstjaar 31.12.2025
Reserves Algemene reserve Algemene bedrijfsreserve
902.326
Subtotaal algemene reserve
902.326
Reserve aanvaardbare kosten RAV Brabant Noord RAV Midden/West Brabant MKA Brabant Noord MKA Midden/West Brabant Subtotaal reserve aanv. kosten Bestemmingsreserves reserve onderhoud panden Reorganisatiereserve Subtotaal bestemmingsreserves
902.326 0
0
902.326
6.031.639 5.104.566 187.163 1.789.510
0
219.000 164.000 -194.000 -189.000
6.250.639 5.268.566 -6.837 1.600.510
13.112.878
0
0
13.112.878
341.296 742.261
902.326 0
0
341.296 742.261
0
902.326
226.000 169.000 -200.000 -195.000
6.476.639 5.437.566 -206.837 1.405.510
0
13.112.878
-341.296
0 742.261
1.083.557
0
0
1.083.557
0
-341.296
742.261
15.098.761
0
0
15.098.761
0
-341.296
14.757.465
Voorzieningen Voorziening verlofsaldi/tijdsparen
3.374.584
604.000
3.978.584
609.000
Totaal Voorzieningen :
3.374.584
604.000
0
3.978.584
609.000
0
4.587.584
18.473.345
604.000
0
19.077.345
609.000
-341.296
19.345.049
Totaal reserves :
Totaal reserves + voorzieningen :
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 35
4.587.584
BIJLAGE 3: MEERJARENRAMING RAV BRABANT MIDDEN-WEST-NOORD (x 1000 euro) Begroting Raming Raming Raming Raming 2025 2026 2027 2028 2029 € € € € € Bedrijfsopbrengsten Opbrengsten uit tarieven Mutatie financieringsoverschot/tekort
91.946 0
94.567 0
97.499 100.622 103.854 0 0 0
Wettelijk budget aanvaardbare kosten
91.946
94.567
97.499 100.622 103.854
Overige opbrengsten Gemeentelijke bijdrage
4.167 0
4.248 0
4.215 0
Som der bedrijfsopbrengsten
96.113
98.815 101.715 104.765 108.280
Bedrijfslasten Salarissen en sociale lasten FLO-kosten/regeling bezwarende beroepen Personeel derden Overige personeelskosten Kapitaallasten Huisvestingskosten Doorbelasting Het Service Center / GGD Toevoeging voorzieningen Overige bedrijfskosten
57.463 3.191 3.611 2.106 3.458 2.979 0 608 9.911
59.714 3.147 3.719 2.169 3.562 2.858 0 621 10.208
62.103 2.987 3.431 2.234 3.669 2.944 0 634 10.515
64.666 2.788 3.134 2.301 3.779 3.032 0 644 10.830
67.305 2.947 2.828 2.370 3.892 3.123 0 663 11.155
Som der bedrijfslasten
83.327
85.999
88.517
91.174
94.284
12.786
12.817
13.198
13.591
13.996
282 12.164
290 12.526
299 12.899
308 13.283
317 13.679
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening
340
0
0
0
0
Gerealiseerd tot.saldo van baten en lasten
340
0
0
0
0
Incidentele baten (mutatie reserve panden) Incidentele lasten
0 340 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0
0
0
0
0
Financiële baten en lasten Overhead
Structurele begrotingssaldo
4.143 0
4.426 0
Toelichting Er is een indexering toegepast van 3% op basis van recente indexgegevens. Er worden geen incidentele baten en lasten verwacht.
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 36
BIJLAGE 4: PROGNOSEBALANS PER 31-12-2024 1-1-2025
31-12-2025
Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa
25.694.000 0 22.707.000
24.923.000 0 21.446.000
Totaal activa
48.401.000
46.369.000
Reserves Voorzieningen Langlopende schulden Vlottende passiva
15.099.000 3.978.000 11.500.000 17.824.000
14.758.000 4.587.000 9.200.000 17.824.000
Totaal passiva
48.401.000
46.369.000
Activa
Passiva
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 37
BIJLAGE 5: EXPLOITATIEREKENING 2025 PER AFDELING Begr
Begr
Begr
Begr
Begr
Begr
Progn.
MKA
MKA
RAV
RAV
Totaal
Totaal
Totaal
BN
MWB
BN
MWB
RAV
RAV
RAV
2025
2025
2025
2025
2025
2024
2023
€
€
€
€
€
€
Opbrengsten uit tarieven
2.327
3.689
30.992
54.938
91.946
87.968 75.928
Wettelijk budget aanvaardb. kosten
2.327
3.689
30.992
54.938
91.946
87.968 75.928
Overige opbrengsten
18
18
1.346
2.785
4.166
4.302
8.084
Vrijval voorzieningen
0
0
0
0
0
0
0
2.345
3.707
32.338
57.723
96.112
92.270 84.012
Bedrijfsopbrengsten
Som der bedrijfsopbrengsten Bedrijfslasten Salarissen en sociale lasten
1.954
2.755
22.436
37.940
65.085
62.527 53.800
FLO-kosten/regeling bezw. beroepen
0
0
996
2.195
3.191
3.470
6.917
Personeel derden
0
178
784
2.921
3.883
3.770
3.469
Overige personeelskosten
95
146
1.112
1.904
3.258
3.162
3.031
Kapitaallasten
21
20
1.136
2.363
3.540
3.471
2.963
Huisvestingskosten
0
0
982
1.997
2.979
2.562
2.383
Doorbelasting Het Service Centrum
23
37
749
1.303
2.111
2.050
1.695
Toevoeging voorzieningen
0
14
236
358
609
604
811
Overige bedrijfskosten
452
751
3.379
6.251
10.834
10.519
8.285
Som der bedrijfslasten
2.545
3.901
31.811
57.233
95.489
92.135 83.354
-200
-195
527
490
623
135
658
0
0
141
141
282
135
-221
-200
-195
386
349
341
0
879
Buitengewone baten
0
0
0
0
0
0
0
Buitengewone lasten
0
0
0
0
0
0
0
Buitengewoon resultaat
0
0
0
0
0
0
0
-200
-195
386
349
341
0
879
Financiële baten en lasten Resultaat uit gewone bedrijfsuitoef.
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening Incidentele baten (mut. res. onderh. panden) Incidentele lasten Structurele begrotingsruimte
0
0
160
180
341
0
74
-200
-195
226
169
0
0
0
0
0
0
0
0
0
805
Onderstaand worden de grootste afwijkingen toegelicht. Toelichting baten
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 38
De opbrengsten uit tarieven zijn ten opzichte van de begroting 2024 met € 3.978.000 gestegen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door loon- en prijsindexering (€ 3.078.000) en door toename van de S&B middelen voor paraatheiduitbreidingen (€ 900.000). Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 is er een stijging van € 16.018.000 onder andere vanwege de loon- en prijsindexeringen 2024/2025 ad € 8.436.000 en omdat er extra landelijk budget is vrijgekomen voor paraatheiduitbreidingen ad € 2.631.000. Verder is meer budget voor de initiële scholing ad € 1.667.000, voor overige loonkosten ad € 1.575.000 en voor de vrije marge regeling € 1.708.000. De overige opbrengsten dalen in 2025 met € 136.000 ten opzichte van de begroting 2024, vooral vanwege een lagere vergoeding vanuit het Ministerie van VWS door minder FLO kosten. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 is er een daling van de overige opbrengsten van € 3.918.000, met name vanwege een lagere vergoeding vanuit het ministerie van VWS voor de FLO kosten, omdat de FLO kosten flink lager zijn. Toelichting lasten De salarissen en sociale lasten (inclusief personeel derden) nemen ten opzichte van de begroting 2024 toe met € 2.671.000. Dit wordt veroorzaakt door de indexering van de loonkosten (€ 1.658 .000) en door uitbreiding van het ambulancepersoneel ten behoeve van de paraatheiduitbreidingen (€ 900.000).
Verder neemt de inhuur van uitzendkrachten met € 113.000 toe. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 is er een stijging van € 11.699.000, dat veroorzaakt wordt door een toename van de formatie vanwege paraatheiduitbreidingen ad € 3.826.000 en vanwege de indexering 2024/2025 van de loonkosten ad € 5.574.000. Verder neemt ORT/overwerk toe met € 975.000, vooral ook door de paraatheiduitbreidingen en de CAO aanpassingen en is er een toename van de loonkosten van ondersteunende diensten met € 911.000. Tevens neemt de inhuur van uitzendkrachten toe met 414.000. De FLO-kosten/regeling bezwarende beroepen worden jaarlijks ingeschat op basis van personeel dat gebruik kan maken van de regeling bezwarende beroepen, de premies voor de levensloopregeling en versterkt ouderdomspensioen en de fiscale boetes die hierop rusten. De verwachting is dat de kosten in 2025 met € 279.000 afnemen ten opzichte van de begroting 2024. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 dalen de kosten met € 3.726.000. In 2023 waren de FLO kosten extra hoog omdat er in 2023 extra stortingen zijn geweest aan de deelnemers omdat het gegarandeerde rendement te laag was. De baten vanuit het ministerie van VWS zijn daardoor ook lager (zie overige opbrengsten). De overige personeelskosten stijgen ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 met € 227.000.
Dit wordt voornamelijk door indexering veroorzaakt, verder is er een toename van de reiskostenvergoeding, vanwege een hogere km vergoeding, conform de recente CAO afspraken. De kapitaallasten nemen met € 577.000 toe ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere afschrijvingslasten voor het nieuwe navigatiesysteem en voor de nieuwe kleding. In 2023 was het toen aanwezige navigatiesysteem al afgeschreven en de kleding was in 2023 pas later in het jaar aangeschaft, waardoor er toen minder afschrijvingslasten waren. De huisvestingskosten nemen met € 417.000 toe ten opzichte van de begroting 2024. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door groot onderhoud van de panden en een prijsindexing. De huisvestingskosten stijgen ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 met € 596.000, dit wordt ook vooral veroorzaakt door de prijsindexering en groot onderhoud van panden en verder is een toename van de onderhoudskosten. De doorbelasting van Het Service Centrum stijgen met € 416.000 ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023, met name vanwege de prijsindexering en doordat de verdeelsleutel van het HSC wordt aangepast, wat een reële kostenstijging bij de RAV veroorzaakt. Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 39
De toevoegingen aan voorzieningen betreft een dotatie aan de voorziening PLB-uren (persoonlijk levensfase budget) en de voorziening tijdsparen. De overige bedrijfskosten zijn € 315.000 hoger dan de begroting 2024. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de prijsindexering. Ten opzichte van de conceptjaarrekening 2023 stijgen de kosten met € 2.549.000, dit wordt ook vooral veroorzaakt door hogere kosten voor vrije marge projecten ad € 1.684.000, de prijsindexering ad € 426.000 , hogere kosten voor medische verbruiksgoederen en medisch apparatuur ad € 117.000 en voor een toename van de ICT kosten ad € 281.000.
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 40
BIJLAGE 6: BEGROTING 2025 NAAR TAAKVELDEN (in duizenden euro's) Jaarrekening 2023
Begroting na
Begroting 2025
wijziging 2024 Lasten 0.1 Bestuur 0.10 Mutatie reserves 0.11 Resultaat van de rek. van baten en lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
116
-
75
-
73
-
-
74
-
-
-
340
-
-
340
-
879
0.4 Overhead
10.033
-
11.736
-
12.165
-
0.5 Treasury
-
221
135
-
282
-
7.1 Volksgezondheid/Ambulancezorg
73.205
83.938
80.324
92.270
83.253
95.773
Totaal resultaat
84.233
84.233
92.270
92.270
96.113
96.113
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 41
BIJLAGE 7 GEBRUIKTE AFKORTINGEN
ACE
Accredited Center of Excellence
AED
Automatische externe defibrillator
AI
Artificial Intelligence
ALS
Advanced Life Support
AMBAC
Academie voor ambulancezorg
AQUA
Advanced Quality Assurance
AVG
Algemene verordening gegevensbescherming
AZN
Ambulancezorg Nederland
BBV
Besluit begroting en verantwoording
BCM
Business Continuïty Management
BLS
Basic Life Support
BMH
Bachelor medische hulpverlening
BN
Brabant-Noord
BNG
Bank Nederlandse gemeenten
BURAP
Bestuursrapportage
CAO
Collectieve arbeidsovereenkomst
CSZ
College sanering ziekenhuisvoorzieningen
CVA
Cerebrovasculair accident
CZO
College zorgopleidingen
DIA
Directe inzet ambulance
EDQ
Emergency Dispatcher Quality
EED
Energy Efficiency Directive
EHGV
Eerste hulp, geen vervoer
FIDO
(Wet) Financiering decentrale overheden
FLO
Functioneel leeftijdsontslag
FWG
Functiewaardering gezondheidszorg
GGD
Gemeenschappelijke gezondheidsdienst
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 42
GGZ
Geestelijke gezondheidszorg
GHOR
Geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen
GR
Gemeenschappelijke regeling
HBO
Hoger beroepsonderwijs
HBO-V
Hoger beroepsonderwijs – Verpleegkunde
HR
Human Resources
HSC
Hét servicecentrum
IC
Intensive Care
ICA
Informatie, communicatie en automatisering
ICT
Informatie- en communicatietechnologie
IH
Informatiehuishouding
ISMS
Information Security Management System
IZA
Integraal Zorgakkoord
J&V
Justitie en Veiligheid
KTO
Klanttevredenheidsonderzoek
LMS
Landelijke meldkamersamenwerking
LSP
Landelijk schakelpunt
MARAP
Managementrapportage
MCA
Middencomplexe Ambulancezorg
MJOP
Meerjarenonderhoudsplanning
MKA
Meldkamer ambulancezorg
MO
Moederorganisatie
MWB
Midden- en West-Brabant
MWN
Midden-West-Noord
NEDAB
Niet-economische dienst van algemeen belang
NEN
Nederlandse norm
NIVEL
Nederlands instituut voor onderzoek van de eerstelijnsgezondheidszorg
NZa
Nederlandse zorgautoriteit
PA
Physician Assistant
PCI
Percutane coronaire interventies
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 43
PLB
Persoonlijk levensfasebudget
ProQA
Professional Quality Assurance
RAK
Reserve aanvaardbare kosten
RAV
Regionale ambulancevoorziening
SEH
Spoedeisende eerste hulp
SIO
Strategisch informatieoverleg
SZW
Sociale zaken en werkgelegenheid
UWV
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
VVO
Verpleegkundige vervolgopleiding
VVT
Verpleeg- en verzorgingstehuizen en thuiszorg
VWS
Volksgezondheid, welzijn en sport
VS
Verpleegkundig specialist
WAV
Wet ambulancezorgvoorzieningen
WGR
Wet gemeenschappelijke regelingen
WKO
Warmte-Koude Opslag
WOO
Wet Open Overheid
ZCV
Zorgcoördinatievoorzieningen
ZEB
Zorgevaluatiebegeleiding/begeleider
ZIO
Zorg, innovatie en opleiding
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 44
BIJLAGE 8 KWALITEITSKADER AMBULANCEZORG 1.0 In 2018 heeft Ambulancezorg Nederland (AZN) het landelijk kwaliteitskader ambulancezorg 1.0 ontwikkeld, in samenwerking met de beroepsvereniging V&VN Ambulancezorg, de Nederlandse Vereniging van Medisch Managers Ambulancezorg, de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen, Landelijk Netwerk Acute Zorg, GGD GHOR Nederland, InEen, Zorgverzekeraars Nederland, Patiëntenfederatie Nederland en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het kwaliteitskader ambulancezorg bevat een samenhangende set van 26 inhoudelijke en procesmatige kwaliteitssignalen. Deze zijn gebaseerd op de zeven uitgangspunten van goede ambulancezorg. Deze uitgangspunten zijn uitgebreid beschreven in de Nota goede ambulancezorg, het basiskwaliteitsdocument van de ambulancesector. Daarnaast stimuleert het kwaliteitskader het proces van leren en verbeteren binnen de ambulancezorg. Het kwaliteitskader is in december 2019 aangeboden aan Zorginstituut Nederland (ZiN). In maart 2020 is het kwaliteitskader ambulancezorg opgenomen in het register van ZiN. Sinds 2020 werkt de sector aan de implementatie en doorontwikkeling van het kwaliteitskader. Leren en verbeteren staan in dit proces centraal. De resultaten worden jaarlijks beschreven in een rapportage.
In drie jaar tijd wordt toegewerkt naar een versie 2.0 van het kwaliteitskader, met een volledige set van signalen, definitieve streefwaarden voor de eerste 13 signalen en een nieuw implementatieplan voor de daarop volgende jaren. Naarmate het kwaliteitskader zich de komende jaren ontwikkelt, zal de RAV Brabant MWN meer indicatoren opnemen in haar begroting. Meer informatie over het kwaliteitskader is te vinden op de website van AZN. Hier is ook het rapport met de resultaten over het jaar 2020 te downloaden.
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 45
In onderstaande tabel is weergegeven in hoeverre de indicatoren van het Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 zijn opgenomen in de begroting 2025 van de RAV Brabant MWN, en waar zij terug te vinden zijn in het document. De laatste categorie ‘Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten?’ is als aanvulling door ons toegevoegd, omdat wij van mening zijn dat het onderwerp ‘Medewerkers’ in het kwaliteitskader niet breed genoeg terugkomt. Zwart: Deze signalen zijn geoperationaliseerd door AZN (worden landelijk uitgevraagd) *) De signalen 1a en 1b zullen mettertijd worden aangepast n.a.v. de gewijzigde urgentie-indeling Rood: Deze signalen zijn nog niet geoperationaliseerd door AZN (worden nog niet landelijk uitgevraagd) Blauw: Deze signalen zijn door de RAV Brabant MWN zelf ontwikkeld, als aanvulling op het kwaliteitskader
Wat mag de patiënt van ons verwachten? De patiënt wordt op tijd geholpen
Kwaliteitskader: pijler
Kwaliteitskader: signaal
Plaats in de begroting
1. Bereikbare en beschikbare zorg
1a. A1-inzetten responstijd %* 1b. A1-inzetten mediane responstijd* 2a. A2-inzetten responstijd % 2b. A2-inzetten mediane responstijd 3. B-inzetten: inzetten brengen 4. CVA doorlooptijd A1 5a. STEMI doorlooptijd 45 minuten 5b. STEMI doorlooptijd 60 minuten
§ 2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB
De patiënt wordt correct bejegend
2. Patiënt centraal
6a. Patiëntervaring spoedeisende zorg, algemeen 6b. Patiëntervaring spoedeisende zorg, clusters 6c. Patiëntervaring niet-spoedeisende zorg, algemeen 6d. Patiëntervaring niet-spoedeisende zorg, clusters
De patiënt ontvangt de best passende zorg, die veilig is en van de hoogst mogelijke kwaliteit
2. Patiënt centraal
7a. Mobiel zorgconsult en opnieuw ambulancezorg binnen 24 uur 7b. Mobiel zorgconsult en opnieuw ambulancezorg binnen 72 uur Evaluatie mobiel zorgconsult: in 2024 worden 800 patiënten telefonisch benaderd voor evaluatie van de
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 46
§ 2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB
3. Veilige zorg
4. Professionaliteit
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
hulpverlening 8. Infectiepreventie 20. Medische technologie 21. Effectieve inzet verschillende deskundigheden Naleving ProQA: in 94% van de 112meldingen wordt het ProQA-protocol gevolgd 9. Landelijk assessment 10. Ziekteverzuim 15. Implementatie fundament bekwaamheidsbeleid Zorgevaluatie (ZEB): elke ambulanceverpleegkundige heeft 2 ZEBgesprekken per jaar
5. Samenwerken
16. Ketenpartnerstevredenheid 17. Multitraumapatiënten naar de juiste zorgplek 22. Kwaliteit en interoperabiliteit medische dossiers 23. Werkdiagnose prehospitaal sluit aan op de diagnose SEH
6. Continu verbeteren
11a. Pijnmeting traumapatiënten 11b. Pijnmedicatie traumapatiënten 18 Leveren wetenschappelijke bijdrage 24 Thematisch aandacht voor zorgaspecten
pagina 47
§ 2.1 Programma MKA BN § 2.2 Programma MKA MWB
2.3 Programma RAV BN § 2.4 Programma RAV MWB
Wat mag de maatschappij van ons verwachten? Wij streven naar optimale dienstverlening en bedrijfsvoering
Kwaliteitsmodel: pijler
Kwaliteitsmodel: signaal
Plaats in de begroting
7. Basis op orde
12. Gecertificeerd kwaliteits- en veiligheidsmanagementsysteem 13. Informatiebeveiliging
4. Paragraaf Bedrijfsvoering
Wij gaan verantwoord om met onze middelen en zetten deze efficiënt in
7. Basis op orde
25. Financiële weerbaarheid
5. Paragraaf Financiering en treasury 6. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Wij gaan verantwoord om met het milieu
7. Basis op orde
26. Duurzaamheid (Maatschappelijk verantwoord ondernemen)
3. Paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen 4.5 Paragraaf Bedrijfsvoering: Facilitaire zaken en huisvesting
Wij zijn voorbereid op rampen en crises
7. Basis op orde
19. Voorbereid op rampen en crises
4. Paragraaf Bedrijfsvoering
Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten? Wij stimuleren en ondersteunen onze medewerkers in hun vakbekwaamheid, ontwikkeling en vitaliteit
Kwaliteitsmodel: pijler
(Eigen) signaal
Plaats in de begroting
n.v.t.
Ontwikkeling en vitaliteit
§ 4.2 Personeel
Wij zorgen voor een prettige en veilige werkomgeving
n.v.t.
Arbeidsomstandigheden en inspraak
§ 4.2 Personeel
Begroting 2025 RAV BRABANT MWN Bijlagen
pagina 48