CConstaterende datSteenbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Begroting 2025 RAV 2413255.pdf

Besluitvormende Vergadering 20 juni 2024, gemeente SteenbergenBij agendapunt: 08.: Jaarrekening 2023 en begrotingen 2025 gemeenschappelijke regelingen15.941 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

concept BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

INHOUDSOPGAVE

INHOUDSOPGAVE .................................................................................................................. 1 INLEIDING............................................................................................................................ 2 1 BELEID .......................................................................................................................... 3 1.1 Activiteiten en doelstellingen ...................................................................................... 3 1.2 Ontwikkelingen ......................................................................................................... 3 1.3 Beleidsthema’s.......................................................................................................... 4 2 PROGRAMMA’S .............................................................................................................. 10 2.1 Meldkamer Brabant-Noord ........................................................................................ 10 2.2 Meldkamer Midden- en West-Brabant ........................................................................ 12 2.3 RAV Brabant-Noord ................................................................................................. 14 2.4 RAV Midden- en West-Brabant ..................................................................................

16 2.5 Overzicht overhead ................................................................................................. 19 3 PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN ................................................................ 20 4 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING ...................................................................................... 21 4.1 Organisatie ............................................................................................................. 21 4.2 Personeel ............................................................................................................... 21 4.3 Informatievoorziening/automatisering........................................................................ 22 4.4 Financiën ............................................................................................................... 22 4.5 Facilitaire zaken en huisvesting ................................................................................. 23 4.6 Informatie- en archiefbeheer .................................................................................... 23 4.7 Indicatoren ............................................................................................................. 24 5 PARAGRAAF FINANCIERING EN TREASURY .......................................................................

25 6 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING .......................................... 28 6.1 Beleid omtrent reserves en voorzieningen en risico’s ................................................... 28 6.2 Reserves en voorzieningen ....................................................................................... 28 6.3 Inventarisatie van de risico’s .................................................................................... 28 7 STAAT VAN BATEN EN LASTEN 2025 ................................................................................ 32 8 INVESTERINGSBEGROTING 2025 .................................................................................... 33

BIJLAGEN Bijlage 1 Staat van vaste activa............................................................................................ 34 Bijlage 2 Staat van reserves en voorzieningen ........................................................................ 35 Bijlage 3 Meerjarenraming ................................................................................................... 36 Bijlage 4 Prognosebalans ..................................................................................................... 37 Bijlage 5 Exploitatierekening per afdeling .............................................................................. 38 Bijlage 6 Begroting naar taakvelden ...................................................................................... 41 Bijlage 7 Gebruikte afkortingen ............................................................................................ 42 Bijlage 8 Toelichting Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 ......................................................... 44

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 1

INLEIDING

Voor u ligt de begroting 2025 van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Regionale Ambulance Voorziening (RAV) Brabant Midden-West-Noord (MWN). De regeling omvat het werkgebied van de twee veiligheidsregio’s Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord, en is gebaseerd op de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) en de Gemeentewet. Deze begroting is gebaseerd op de in het landelijk Referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid voor de RAV Midden- en West-Brabant en de RAV Brabant-Noord opgenomen eisen ten aanzien van de spreiding van standplaatsen en te leveren paraatheid. Op grond van deze eisen zijn prestatiecontracten gesloten met de regionale zorgverzekeraars, waarin de eisen uit het referentiekader nader zijn gespecificeerd in concrete locaties voor standplaatsen, het aantal te leveren ambulances per dagdeel en het dekkingspercentage responstijd in geval van een A1urgentie, gemeten per RAV-regio. Een ander belangrijk uitgangspunt is het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg 1.0. Dit model werd ontwikkeld door de ambulancesector zelf (AZN, 2021) als antwoord op de behoefte aan indicatoren om een completer beeld van de kwaliteit van ambulancezorg te kunnen meten dan alleen de bestaande tijdigheidsnormen.

De indicatoren van het kwaliteitsmodel zijn onderverdeeld in zeven segmenten: Bereikbare en beschikbare zorg, Patiënt centraal, Veilige zorg, Professionaliteit, Samenwerken, Continue verbeteren en Basis op orde. Deze segmenten zijn vertaald naar deze begroting en komen terug in de volgende drie vragen die wij ons stellen. Wat mag de patiënt van ons verwachten?  De patient ontvangt de best passende zorg, die veilig is en van de hoogst mogelijke kwaliteit  De patient wordt op tijd geholpen  De patient wordt correct bejegend Wat mag de maatschappij van ons verwachten?  Wij streven naar optimale dienstverlening en bedrijfsvoering  Wij gaan verantwoord om met onze middelen en zetten deze efficiënt in  Wij gaan verantwoord om met het milieu  Wij zijn voorbereid op rampen en crises Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten?  Wij bieden onze medewerkers optimale ondersteuning bij het op peil houden van hun vakbekwaamheid  Wij stimuleren en ondersteunen onze medewerkers in hun ontwikkeling en vitaliteit  Wij zorgen voor een prettige en veilige werkomgeving Nadere toelichting op het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg 1.0 en de vertaling naar deze begroting is te vinden in bijlage 8.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 2

1 BELEID 1.1

Activiteiten en doelstellingen

De Gemeenschappelijke Regeling Regionale Ambulance Voorziening Brabant Midden-West-Noord heeft tot doel het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg. Zij tracht dit doel te bereiken met alle wettelijke toegestane middelen die daaraan naar haar mening kunnen bijdragen. De GR RAV Brabant Midden-West-Noord heeft tot taak:  Het instellen en in stand houden van een Regionale Ambulancevoorziening ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord;  Het in stand houden van een meldkamer ambulancezorg ten behoeve van het werkgebied Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord;  Het vaststellen en (doen) uitvoeren van het Regionaal Ambulance Plan van de regio’s Midden- en West-Brabant en Brabant-Noord;  Het (doen) leveren van een bijdrage aan de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen ten behoeve van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant en de Hulpverleningsdienst Brabant-Noord. De doelstelling van de RAV Brabant Midden-West-Noord is het leveren van kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg, die tijdig ter plaatse is en binnen de budgettaire kaders wordt gerealiseerd. 1.2

Ontwikkelingen

Rechtmatigheidsverantwoording Met het aannemen van de Wet versterking decentrale rekenkamers is de rechtmatigheidsverantwoording een feit geworden. Vanaf boekjaar 2023 legt het dagelijks bestuur verantwoording af over rechtmatigheid door middel van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant zal vanaf 2023 alleen nog een getrouwheidsoordeel geven bij de jaarrekening. De rechtmatigheidsverantwoording maakt onderdeel uit van de jaarrekening en valt daarmee binnen de scope van het getrouwheidsoordeel van de accountant. De samenleving en het zorglandschap in Nederland veranderen in snel tempo. Dé uitdaging voor de toekomst is om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen, bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers. In september 2022 verscheen het Integraal Zorgakkoord (IZA), een samenwerkingsplan van VWS en een groot aantal zorgpartners, waarin zij afspraken vastlegden over het realiseren van meer passende, preventiegerichte, duurzame en gedigitaliseerde zorg in ons land.

In vervolg daarop verscheen de Kamerbrief Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg, waarin de minister van VWS een aantal acties presenteerde die voortbouwen op de afspraken in het IZA (Integraal Zorgakkoord), rondom de volgende drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio. Bovengenoemde publicaties bevatten een aantal zaken die van direct belang zijn voor de ambulancesector zoals: acute zorg aan huis, ontwikkeling van zorgcoördinatie, bestrijden van personeelstekort, verbetering van (digitale) informatieoverdracht tussen ketenpartners en onderzoek naar innovatieve technologische en digitale oplossingen. Dit vereist de bereidheid van alle ketenpartners om intensief samen te werken, buiten de eigen kaders te denken en over drempels te stappen. Dit is voor de RAV Brabant MWN en haar ketenpartners in de acute zorg samengekomen in 2023 in het ROAZ-beeld en het ROAZ-plan. In 2024 wordt dit verder uitgewerkt in onder andere de opzet van Zorgcoördinatie in de ROAZ-regio Brabant.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 3

1.3

Beleidsthema’s

Een positieve constatering is dat de toekomstvisie van onze RAV, zoals vastgelegd in ons Meerjarenplan 2022-2025, nog steeds aansluit bij de huidige landelijke ontwikkelingen rondom o.a. zorgdifferentiatie en zorgcoördinatie. Wij leveren naast reguliere spoedzorg ook zorg op maat, door de inzet van onze verpleegkundig specialisten in het primaire proces, en door onze divisie Middencomplexe ambulancezorg (MCA). Wij verkenden de mogelijkheden van zorgcoördinatie tijdens de pilot ‘Zorgcoördinatie in de Bossche regio’ en voerden een pilot uit op de meldkamer in Bergen op Zoom met verpleegkundig specialisten op de meldkamer. Daarnaast zoeken wij actief de verbinding met onze ketenpartners voor het optimaliseren van de zorg en het oplossen van knelpunten, bijvoorbeeld met nieuwe zorgpaden en met de ziekenhuizen op het gebied van werving en opleiding van verpleegkundigen en de mogelijkheden van inzet in duobanen. Het huidige meerjarenplan loopt tot en met 2025. Begin 2024 is het proces gestart om te komen tot een nieuw meerjarenplan. De wens is om bij de totstandkoming van het nieuwe plan, in meer of mindere mate, interne en externe stakeholders te betrekken. Uiteraard zal het nieuwe plan afwijken van het huidige plan, maar er zullen ook veel overeenkomsten zijn, omdat er wordt voortgeborduurd op hetgeen in de huidige periode is gestart.

In 2025 werken wij vanuit de volgende drie thema’s: Organisatieontwikkeling, A Great Place to Work en Ketensamenwerking. Deze drie thema’s geven richting, focus en prioriteit aan de veelheid van projecten en acties die uitgevoerd moeten worden. Organisatieontwikkeling is een belangrijk onderwerp voor de RAV. Zowel de eigen interne organisatie (sterke groei en managementwisselingen), als de buitenwereld (veranderende zorgvraag/sector, invloed van technologie, krappe arbeidsmarkt) is sterk veranderd en deze verandering zet zich voort. De RAV past haar organisatie en haar processen hierop aan, met als doel de interne en externe samenwerking te verbeteren. Dit is nodig om de patiënt duurzaam de beste zorg te kunnen bieden. Het stelt de RAV ook in staat om effectief te reageren op veranderingen in de gezondheidszorgsector, zoals nieuwe technologieën, veranderende patiëntbehoeften en beleidswijzigingen. Kortom, organisatieontwikkeling is niet alleen belangrijk voor de groei en het succes van de RAV Brabant Midden-West-Noord, maar ook voor het waarborgen van de kwaliteit en effectiviteit van de zorg die zij levert. ‘A Great Place to Work’: is wat elke organisatie wil zijn in een steeds krappere arbeidsmarkt. Dit geldt zeker ook voor de zorgorganisaties waartoe de RAV Brabant MWN zich rekent. Dat dit belangrijk is, blijkt eigenlijk al uit de beschrijving van het vorige thema.

Een positieve werkomgeving draagt bij aan de tevredenheid en het welzijn van medewerkers, wat op zijn beurt de kwaliteit van de zorg die zij leveren kan verbeteren. Een organisatie die wordt gezien als ‘a great place to work’ kan talent aantrekken en behouden. Voor de (acute) zorg is dat extra van belang, omdat zorg mensenwerk is. Een positieve werkomgeving draagt bij aan motivatie en productiviteit, en daarmee uiteindelijk aan betere patiëntenzorg. Kortom, het streven naar ‘a great place to work’ is niet alleen gunstig voor de medewerkers van RAV Brabant Midden-West-Noord, maar ook voor de patiënten die zij bedienen. Het is een investering in de mensen die de zorg verlenen, wat uiteindelijk leidt tot een betere zorgverlening. Ketensamenwerking is van essentieel belang voor de RAV. In de acute zorg zijn veel verschillende partijen betrokken bij de zorg voor patiënten, waaronder ziekenhuizen, huisartsen, specialisten, en andere zorgverleners. Een effectieve samenwerking tussen deze partijen kan de kwaliteit en efficiëntie van de zorg verbeteren. Door samen te werken in een keten, kunnen deze partijen informatie en middelen delen, wat kan leiden tot betere coördinatie van de zorg. Bovendien kan ketensamenwerking bijdragen aan innovatie en continue verbetering in de zorg.

Door samen te werken, kunnen partijen van elkaar leren, best practices delen, en gezamenlijk oplossingen ontwikkelen voor gemeenschappelijke uitdagingen. Kortom, ketensamenwerking is niet alleen belangrijk voor de efficiëntie en effectiviteit van de zorg die RAV Brabant Midden-West-Noord levert, maar ook voor de tevredenheid van de patiënten en de continue verbetering en innovatie in de zorg. Het is een cruciaal onderdeel van het streven naar kwaliteit in de acute zorg.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 4

Wat mag er van de RAV Brabant Midden-West-Noord in 2025 worden verwacht? De belangrijkste onderwerpen van het huidige meerjarenplan, welke onder de drie hierboven beschreven thema’s worden aangevlogen, volgen hieronder. Wat mag de patiënt van ons verwachten? De RAV Brabant Midden-West-Noord stelt de patiënt centraal: optimale waardecreatie voor de patiënt is ons streven. We leveren mobiele zorg: de juiste ambulancezorg, op het juiste moment, op de juiste plaats en door de juiste hulpverlener. Dit betekent dat we de patiënt naar de zorg brengen, óf de zorg naar de patiënt. Door zorg- en functiedifferentiatie is deze zorg steeds beter afgestemd op de vraag van de patiënt. Daarbij werken we ook steeds nauwer en beter samen met onze ketenpartners: samen kunnen we ervoor zorgen dat de patiënt precies die zorg krijgt die hij nodig heeft. Zorgcoördinatie is daarbij onze stip op de horizon. Deze stip komt steeds dichterbij. Eind 2023 is er een werkgroep gestart vanuit het ROAZ om in 2024 samen met de ketenpartners in de acute zorg zorgcoördinatie op te zetten. Zorgcoördinatie Er zijn veel discussies en ontwikkelingen geweest rondom zorgcoördinatie, op zowel nationaal als regionaal niveau. De term “zorgcoördinatie” heeft in de loop der tijd verschillende benamingen gekregen, zoals “zorgcoördinatiecentrum” en “zorgcoördinatievoorziening”.

Minister Kuipers heeft in mei 2022 een brief geschreven waarin hij de doelstellingen, activiteiten, reikwijdte en schaalgrootte van zorgcoördinatie uiteenzet. Hij vroeg landelijke koepelorganisaties om een landelijk advies over zorgcoördinatie te ontwikkelen. In mei 2023 informeerde hij de Tweede Kamer over het ontvangen advies en zette zijn visie op zorgcoördinatie uiteen. In de zomer van 2023 verzamelde VWS input over de regionale implementatie van zorgcoördinatie. Op basis hiervan werd in oktober 2023 een brief gepubliceerd over het vervolgproces van de implementatie. In Brabant zijn er specifieke ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie. Er is een werkgroep opgericht vanuit het ROAZ onder begeleiding van het NAZB om een plan te maken voor de implementatie van zorgcoördinatie in de regio en daarna de implementatie te begeleiden. Deze werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van de betrokken ketenpartners in de acute zorg, waaronder de RAV Brabant MWN. Het Netwerk Acute Zorg Brabant heeft ook het adviesbureau SiRM gevraagd om input. SiRM heeft het NAZB eerder geholpen met het ROAZ-plan en ROAZ beeld door belangrijke ontwikkelingen in de spoedzorgketen in kaart te brengen. Dit betrof onder andere de impact van trends zoals vergrijzing en organisatorische ontwikkelingen in de regio op de vraag naar en het aanbod van spoedzorg.

Het doel is om in 2025 in elke ROAZ-regio, inclusief Brabant, regiodekkende zorgcoördinatie te hebben. De focus ligt op het realiseren van passende (acute) zorg door het versterken van domeinoverstijgende regionale ketensamenwerking. Naast de actieve participatie in werkgroepen om zorgcoördinatie vorm te geven, werkt de RAV Brabant MWN ook intern al jaren aan de voorwaarden die zorgcoördinatie mogelijk moeten maken. Denk hierbij aan functiedifferentiatie, het verkennen van nieuwe zorgpaden, het intensiveren van de contacten met ketenpartners, de implementatie van de richtlijn gegevensuitwisseling acute zorg (voorheen ‘MetSpoedBeschikbaar’) en de implementatie van de verbeterde urgentie-indeling. Daarnaast pakt de RAV haar rol in de totstandkoming en uitvoering van het ROAZ-beeld en het ROAZ-plan. ROAZ-beeld en ROAZ-plan ROAZ-regio’s, waaronder het ROAZ Brabant, hadden vanuit het IZA de opdracht, om in 2023 tot een ROAZ-beeld en -plan te komen op basis van landelijke criteria. Het ROAZ-beeld, gebaseerd op actuele data, behandelt vraag en aanbod van acute zorg, ontwikkelingen voor de komende 10 jaar, kwaliteit, en regionale samenwerking. Het ROAZ-plan is aan het einde van het tweede kwartaal van 2023 uitgebracht. Vervolgens is dezelfde groep aan de slag gegaan met het ROAZ-plan.

Het ROAZplan formuleert de acties voor de ketenpartners in de acute zorg om waar mogelijk vraag te dempen en aanbod aan te passen. Het ROAZ-plan is op abstract niveau vormgegeven. Dit betekent dat bepaalde doelstellingen en plannen nog verder moeten worden uitgewerkt. Het ROAZ-plan is eind december 2023 opgeleverd.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 5

De RAV Brabant MWN is actief betrokken geweest bij de totstandkoming van zowel het ROAZ-beeld als het ROAZ-plan. De RAV wil bij het uitvoeren van de afgesproken acties actief participeren vanuit haar opdracht, om ambulancezorg vorm te geven in een veranderende wereld, zodat er vanuit de bestaande vraagstukken met behulp van innovaties (zowel proces- als technologie-innovaties) nieuwe zorgpaden ontstaan. Ook zorgcoördinatie is onderdeel van het ROAZ-plan. Verbeterde urgentie-indeling spoedvervoer Wij vinden het een positieve ontwikkeling dat de eenzijdige focus op de niet-medisch relevante aanrijtijden langzaamaan verdwijnt en wordt vervangen door een bredere manier van kwaliteitsmeting. Een ontwikkeling die hierop aansluit is de verbeterde urgentie-indeling die medio januari 2024 is geïmplementeerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus en onderscheidt niet alleen spoedeisende en nietspoedeisende ambulancezorg, maar ook meldkamerzorg. Het doel van de nieuwe urgentieindeling is om in geval van echte spoed, in levensbedreigende situaties waarin tijd er echt toe doet, sneller bij de patiënt te zijn en in gevallen waarin dat mogelijk is, iets meer tijd te nemen voor de triage, zodat de patiënt direct op de juiste plek terecht komt en de best passende zorg krijgt.

Met behulp van de nieuwe urgentie-indeling is de RAV Brabant MWN beter in staat de juiste zorg op de juiste plaats te realiseren. Na de implementatie van de verbeterde urgentie-indeling volgt de RAV nauwgezet hoe de nieuwe urgenties uitpakken in de praktijk en stuurt bij waar nodig. Parrallel aan het nauwgezet volgen, wordt er een onderzoek uitgevoerd naar de beste manier om de verlengde triage – de extra triagetijd die mogelijk is wanneer A0 en A1 zijn uitgesloten – vorm te geven. De uitkomsten zullen mogelijk leiden tot aanpassing van processen en zijn zeer relevant voor een toekomst met zorgcoördinatie. Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 In de Kamerbrief wordt aandacht besteed aan het Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0, een model dat door de ambulancesector zelf ontwikkeld is en dat is opgebouwd uit 26 indicatoren om de kwaliteit van de geboden ambulancezorg breed te kunnen meten. Tijdigheid is hiervan slechts een onderdeel en niet langer de enige gehanteerde prestatienorm. Een aantal van de 26 indicatoren wordt inmiddels landelijk gemeten, uitgevraagd en gebenchmarkt. In de loop van de komende jaren zullen stapsgewijs meerdere indicatoren worden geoperationaliseerd. Eind 2023 heeft er een evaluatie plaatsgevonden en naar verwachting komt er in 2024 een nieuwe versie van het kwaliteitskader uit.

Op deze manier verbetert de sector gezamenlijk de kwaliteit en komen onderdelen als de kwaliteit van de geleverde zorg en tijdigheid meer in balans. De verbeterde urgentie-indeling zal daarnaast ook weer zorgen voor nieuwe en gewijzigde indicatoren. In de begroting 2025 zullen verschillende aspecten van het kwaliteitskader Ambulancezorg worden belicht. Rapportage zal zoveel mogelijk conform dit model plaatsvinden. Daar waar het kwaliteitskader tekort schiet voor de ambities van de RAV, wordt er gewerkt aan eigen aanvullende indicatoren. Zorgdifferentiatie Om ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, heeft de RAV de afgelopen jaren haar zorgaanbod gedifferentieerd. Ook in 2025 biedt de RAV Brabant MWN een breed scala aan ambulancezorg, waarbij de patiënt wordt vervoerd of ter plaatse geholpen wordt. In het vervoersegment verzorgen wij middencomplex planbaar vervoer en (hoogcomplex) spoedvervoer. In de ambulancezorg ter plaatse zijn, naast de standaardzorg door reguliere ambulanceteams, inmiddels meer mogelijkheden in behandeling en diagnosestelling door de inzet van verpleegkundig specialisten en physician assistents in ons primaire proces. Daarnaast zal zorgadvies door de verpleegkundigen vanuit de meldkamer ambulancezorg een prominentere plaats krijgen.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 6

Evaluatie van zorg De RAV Brabant MWN heeft naast tijdigheid, de kwaliteit van zorg hoog in het vaandel. De eerder beschreven ontwikkelingen dragen daar aan bij. Wat ook essentieel is voor de kwaliteit van zorg is het evalueren van de geleverde zorg. Dat doet de RAV op verschillende manieren. Ten eerste vindt er sinds 2015 intercollegiale zorgevaluatiebegeleiding (ZEB) plaats. Via ZEB wordt het handelen van onze ambulanceverpleegkundigen en medisch hulpverleners geëvalueerd door middel van een methodiek, die afkomstig is uit de luchtvaart en inmiddels zeer effectief is gebleken. In 2019 is de methodiek uitgebreid naar het handelen van ambulancechauffeurs. Het is de ambitie om in 2024 en 2025 ZEB ook voor centralisten, verpleegkundig specialisten/physician assistants en de ambulanceverpleegkundigen Middencomplex Ambulancevervoer te ontwikkelen en op te starten. Op deze manier beschikken we over een systeem voor meten, evalueren en verbeteren van de kwaliteit van zorg, in een veilige omgeving voor de zorgverlener, dat uniek is in Nederland. Ten tweede evalueren we de zorg met patiënten. De RAV Brabant MWN heeft hiervoor de standaardinstrumenten zoals het brede landelijke klantonderzoek, dat elke 4 jaar door NIVEL wordt uitgevoerd, en de klankbordfunctie van onze cliëntenraad, tot haar beschikking. Daarnaast evalueert de RAV Brabant MWN de zorg ook rechtstreeks met patiënten.

In 2023 was dit een pilot waarin patiënten rechtstreeks om hun mening over de geleverde zorg werd gevraagd. Door dit continue meten, naast het 4 jaarlijkse onderzoek, verwachten we beter te kunnen sturen op de ervaren kwaliteit van zorg en geboden verbeterkansen. Vanaf 2024 is de ambitie dat zorgevaluatie met patiënten “business as usual” wordt. Prestaties en paraatheid Zoals al eerder genoemd is er binnen de ambulancesector een toenemend besef waarneembaar dat de wijze waarop geleverde ambulancezorg beoordeeld wordt niet past bij de huidige en toekomstige ontwikkelingen binnen de sector. De focus op tijdigheid van zorg in de vorm van de prestatieindicator ‘responstijd’ was lange tijd een obstakel in de wenselijke transitie naar meer patiëntgerichte zorg binnen de ambulancesector. Slechts voor een heel klein aantal zorgvragers is tijd de belangrijkste prestatie-indicator en dan is 15 minuten responstijd veel te lang. Met de invoering van het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg 1.0 is de focus op meerdere aspecten dan alleen tijdigheid komen te liggen. De RAV Brabant MWN neemt deze aspecten mee in haar begroting 2025, zodat een breed beeld ontstaat van de kwaliteit van geleverde zorg.

Daar waar het kwaliteitsmodel niet afdoende dekkend is voor het meten van het realiseren van het eerder genoemde meerjarenbeleid van de RAV zullen aanvullende indicatoren worden meegenomen in de begroting. Begin 2024 is de nieuwe urgentie-indeling ingevoerd. Echter, de 15-minutennorm A1-urgentie vormt nog wel de basis voor het landelijk referentiekader voor spreiding en beschikbaarheid, dat elk jaar opnieuw bekeken en bijgesteld wordt als basis voor het budget voor de paraatheid. In de wet en regelgeving rondom ambulancezorgvoorzieningen staat dit als volgt beschreven: 1. De Regionale Ambulancevoorziening zorgt ervoor dat de spreiding van de standplaatsen zodanig is dat in het werkgebied van de veiligheidsregio minstens 97% van de bevolking binnen 12 minuten aanrijtijd kan worden bereikt door een ambulance; 2. De Regionale Ambulancevoorziening streeft ernaar dat in het werkgebied van de veiligheidsregio binnen 15 minuten responstijd 95% van de inzetten met A1-urgentie ter plaatse is. De krapte op de arbeidsmarkt voor acute zorg is de laatste jaren een enorm probleem. Wij ondernemen actie door in een eigen opleiding HBO-V-afgestudeerden in circa 18 maanden op te leiden tot ambulanceverpleegkundige.

Daarnaast creëren wij doorstroommogelijkheden voor ambulancechauffeurs om ambulanceverpleegkundige te worden en participeren wij met een aantal andere RAV-en in een landelijke pilot om te werken met anders opgeleide zorgprofessionals op onze meldkamer ambulancezorg. We richten daarnaast ons primair proces efficiënter in door differentiatie in vervoer. In 2025 streven wij ernaar over genoeg personeelscapaciteit te beschikken om de paraatheid conform het dan geldende referentiekader in te vullen.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 7

Wat mag de maatschappij van ons verwachten? Naast de zorg voor de patiënt die bij ons op de eerste plaats staat, voelen wij ook een grote verantwoordelijkheid ten opzichte van de maatschappij. Wij zijn een publieke organisatie en gaan efficiënt en verantwoord om met de middelen die aan ons zijn toevertrouwd. Daarnaast dragen wij graag bij om samen met onze partners in de acute zorgketen te onderzoeken hoe de bereikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de acute zorg in de toekomst voor iedereen behouden blijft. Dit is een grote maatschappelijke uitdaging, die alleen in samenwerking met alle betrokkenen het hoofd geboden kan worden. Financieel Sinds de oprichting van onze GR in 2005 werken wij met een begroting die volledig is gedekt door het aan ons toegekende budget vanuit de zorgverzekeraars en hebben wij geen financiële bijdrage van de deelnemende gemeenten nodig gehad. De RAV Brabant MWN is een financieel gezonde organisatie, die efficiënt en verantwoord omgaat met publieke middelen. Ook in 2025 wordt geen gemeentelijke bijdrage gevraagd. Duurzaamheid Duurzaamheid is verweven binnen ons bedrijf. Bij inkoopprocessen wordt duurzaamheid standaard meegenomen. Bij het realiseren en beheren van onze huisvesting wordt rekening gehouden met de EED (Europese Energie-Efficiency) richtlijnen.

Panden in eigendom zijn voorzien van zonnepanelen en waar mogelijk van WKO (warmte-koude opslag). Facilitaire processen zijn gericht op het terugbrengen van vervoersbewegingen. We onderzoeken de mogelijkheden van elektrificatie van vervoer en sluiten hiervoor aan bij de landelijke roadmap Zero Emission Ambulancezorg. Team Ambulance en Risk Factory Wij zijn transparant over ons doen en laten en willen de inwoners van ons werkgebied graag informeren, voorlichten en uitleg bieden over de manier waarop ambulancezorg in zijn werk gaat. Een mooi voorbeeld daarvan is Team Ambulance. Jong geleerd is oud gedaan! Sinds 2015 verzorgen wij voorlichting op basisscholen over 112 en de ambulance. Hiervoor hebben wij een speciaal programma opgesteld, genaamd Team Ambulance. Alle basisscholen in ons werkgebied kunnen kosteloos een bezoek aanvragen. Er is materiaal beschikbaar voor onder- en bovenbouw. Wij bereiken hiermee gemiddeld zo’n 5000 basisschoolleerlingen per jaar. Daarnaast leveren wij een bijdrage aan de Risk Factory Geertruidenberg, met informatie over 112-bellen en de meldkamer. Ook in 2025 blijven wij ons inspannen om goede voorlichting te geven. Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten? Ons personeel is ons belangrijkste kapitaal.

Naast het werven van voldoende geschikt personeel, besteden wij de komende jaren veel aandacht aan de duurzame inzetbaarheid van ons zittende personeel. Betrokkenheid, motivatie, ontwikkelingsmogelijkheden en vitaliteit worden gestimuleerd en er wordt doorlopend nagedacht over de meest efficiënte capaciteitsplanning en eerlijke verdeling van de lasten binnen de dienstroosters. In een tijd waarin zorgpersoneel steeds schaarser wordt is ‘Binden en Boeien’ het devies. Ook in 2025 besteden wij daarom veel aandacht aan het creëren van een optimale werkomgeving voor onze mensen. Klankbord Wij vinden het belangrijk om onze medewerkers te betrekken bij verschillende organisatorische zaken, zoals de aanschaf van nieuw materiaal, de interne communicatie of het samenstellen van het vakantierooster. Door middel van werkoverleggen, webinars, of deelname aan commissies bieden wij hen de mogelijkheid om hun stem te laten horen en vanuit hun expertise een inbreng te hebben op het beleid van de RAV. In 2024 wordt gestart met het inrichten van een Professionele Adviesraad (PAR). Hiermee willen we de stem van de professionals meer ruimte geven binnen de organisatie: zij weten immers vanuit hun perspectief het beste wat nodig is binnen de zorg op de ambulance, binnen de meldkamer en als zelfstandig bevoegde.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 8

Functiedifferentiatie Het realiseren van zorgdifferentiatie binnen onze RAV heeft zijn oorsprong in ons standpunt dat de patiënt en zijn zorgvraag centraal staat. Maar deze ontwikkeling heeft ook andere positieve effecten. De hieruit voortvloeiende functiedifferentiatie biedt namelijk veel ontwikkelingsmogelijkheden voor onze medewerkers. Zij krijgen de kans om, na het volgen van een opleiding, door te groeien naar een andere functie. Zij worden hierbij vergaand gefaciliteerd door de RAV. Ook schept functiedifferentiatie de mogelijkheid voor medewerkers om (tijdelijk) werkzaam te zijn in een andere functie, bijvoorbeeld bij (tijdelijke) fysieke of mentale overbelasting. Daarnaast draagt functiedifferentiatie bij aan het efficiënt inzetten van personeelscapaciteit: er zijn minder ALS (Advanced Life Support)-verpleegkundigen nodig. Bijkomend voordeel is dat functiedifferentiatie de mogelijkheid biedt tot het ‘aanboren’ van andere en nieuwe bronnen bij het werven van steeds schaarser wordend zorgpersoneel, waardoor het personeelstekort minder nijpend wordt. Tot nu toe lag de focus van functiedifferentiatie bij de rijdienst, met de genoemde ontwikkelingen zoals de verbeterde urgentie-indeling en zorgcoördinatie verschuift deze focus steeds meer naar de meldkamer.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 9

2 PROGRAMMA’S De RAV Brabant Midden-West-Noord heeft één programma, namelijk Ambulancezorg en onderscheidt een viertal deelprogramma’s:  Meldkameractiviteiten in de regio Brabant-Noord  Meldkameractiviteiten in de regio Midden- en West-Brabant  Ambulancehulpverlening in de regio Brabant-Noord  Ambulancehulpverlening in de regio Midden- en West-Brabant In dit hoofdstuk wordt per deelprogramma uiteengezet wat de RAV Brabant Midden-West-Noord in 2022 wil bereiken, wat we hiervoor gaan doen en wat dit gaat kosten. Uitgangspunt hierbij zijn kwalitatief hoogwaardige ambulancezorg, optimale spreiding en beschikbaarheid en bedrijfsvoering binnen budgettaire kaders. 2.1

Meldkamer Brabant-Noord

2.1.1 Wat willen we bereiken? De best passende zorg voor de patiënt Het efficiënt en zorgvuldig afhandelen van de meldingen die binnenkomen op de meldkamer ambulancezorg. Verbetering van de kwaliteit van zorg door een juiste indicatiestelling en urgentiebepaling. Behouden van het niveau van de ACE-status op het triagesysteem ProQA De MKA Brabant-Noord behaalde in september 2016 de ACE-status. Een van de prestatieïndicatoren om te monitoren of het gewenste niveau gehandhaafd blijft, is de nalevingsscore die conform de AQUA-systematiek minstens 92% moet zijn. Optimale spreiding en beschikbaarheid Het optimaal inzetten van de beschikbare ambulances door de meldkamer. De aansturing door de meldkamer heeft direct effect op de overschrijdingspercentages van het spoedvervoer. In 2025 beschikken wij over software die, op basis van Artificial Intelligence (AI), de MKA ondersteunt in het realiseren van optimale spreiding en beschikbaarheid. Goede samenwerking in de MKA Oost-Brabant De samenvoeging van de meldkamers Brabant-Noord en Brabant Zuidoost in de MKA Oost-Brabant werd in 2019 gerealiseerd in de verbouwde huisvesting te Den Bosch.

De komende jaren zal onveranderd aandacht zijn voor afstemming en eenduidigheid van de meldkamerprocessen, het bewerkstelligen van een goede samenwerking tussen de medewerkers, en het opereren van de nieuwe meldkamer binnen de financiële kaders van de NZa. 2.1.2 Wat gaan we hiervoor doen? Zorgcoördinatie De RAV spant zich de komende tijd in om bij te dragen aan het uitwerken van de opdracht die de minister van VWS heeft neergelegd voor het vormen van zorgcoördinatievoorzieningen (ZCV) in de regio, zowel in AZN-verband als in overlegvormen met de ketenpartners in de acute zorg. Verpleegkundig specialist/Physician Assistant op de meldkamer Zoals zorgcoördinatie zich richt op de best passende zorg voor de patiënt op het niveau van de verschillende hulpverleners, kan de inzet van de VS en PA op de meldkamer aan dat doel bijdragen op het niveau van de ambulancezorg. Door hun specifieke expertise te gebruiken bij de diagnosestelling op de meldkamer, kan gerichter worden bepaald welke van de verschillende

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 10

‘smaken’ binnen onze gedifferentieerde ambulancezorg het beste aansluit bij de zorgvraag van de patiënt. Monitoren en optimaliseren van het gebruik van ProQA Dit systeem, dat internationaal zijn waarde al bewezen heeft, is in 2012 ingevoerd ter verbetering van de uitvraagmethodiek in het intakeproces, door het verkrijgen van eenduidige intake, triage en meldersinstructie. Het nauwgezet en doorlopend monitoren van het meldkamerproces, o.a. door het gebruik van prestatie-indicatoren, is een vereiste voor optimaal gebruik van het systeem en het vasthouden van het niveau van de ACE-status, die in 2016 bereikt werd. Ondersteuning bij optimale spreiding en beschikbaarheid De aanbestedingsprocedure voor de selectie en aanschaf van de software die de MKA ondersteunt bij de keuzes rondom de optimale spreiding en beschikbaarheid werd in 2023 afgerond. De implementatie van het systeem vindt in 2024 plaats. Wij hopen het systeem in 2025 succesvol te kunnen inzetten op onze meldkamers. Samenwerking en afstemming Brabant-Noord en Brabant-Zuidoost in MKA Oost-Brabant Na de samenvoeging van beide meldkamers blijft de RAV Brabant MWN de belangen van de witte kolom behartigen. De kwaliteit van zorg moet gehandhaafd blijven. Dit geldt met name voor de uitvraagmethodiek, waarin de RAV de afgelopen jaren geïnvesteerd heeft om een hoger niveau te bereiken.

Op het personele vlak zijn intrinsieke motivatie en een goede onderlinge samenwerking de aandachtspunten. De RAV wil dit bereiken door intensieve communicatie, informatievoorziening, afstemming en begeleiding. Ook zal bewaakt worden dat de nieuwe samengevoegde meldkamer opereert binnen de financiële kaders van de NZa. Productie Declarabele meldingen Prestatie-indicatoren Nalevingsscore ProQA protocollen Toelichting Declarabele melding

2025

2024

aantal

47.000

52.000

%

94%

94%

Een telefonische hulpvraag die leidt tot het verrichten van ambulancevervoer of –hulpverlening.

Nalevingsscore ProQA

Alle 112-meldingen worden aangenomen met ProQA. Er wordt gemeten hoeveel procent naleving op de protocollen wordt gerealiseerd.

Productie

De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2025 is gebaseerd op de productie van 2022 en 2023.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 11

2.1.3 Wat gaat het kosten? Product

MKA Brabant-Noord

2.2

Lasten

2.435.000

inkomsten

Overige

Gemeentelijke

Nza

inkomsten

Bijdrage

2.327.000

18.000

Totaal resultaat excl. overhead

0

-90.000

Meldkamer Midden- en West-Brabant

2.2.1 Wat willen we bereiken? De best passende zorg voor de patiënt Het efficiënt en zorgvuldig afhandelen van de meldingen die binnenkomen op de meldkamer ambulancezorg. Verbetering van de kwaliteit van zorg door een juiste indicatiestelling en urgentiebepaling. Behouden van het niveau van de ACE-status op het meldkameruitvraagsysteem ProQA De MKA Midden- en West-Brabant-Noord behaalde in 2017 de ACE-status. Een van de prestatieïndicatoren om te monitoren of het gewenste niveau gehandhaafd blijft, is de nalevingsscore die conform de AQUA-systematiek minstens 92% moet zijn. Optimale spreiding en beschikbaarheid Het optimaal inzetten van de beschikbare ambulances door de meldkamer. De aansturing door de meldkamer heeft direct effect op de overschrijdingspercentages van het spoedvervoer. In 2025 beschikken wij over software die, op basis van Artificial Intelligence (AI), de MKA ondersteunt in het realiseren van optimale spreiding en beschikbaarheid. Goede samenwerking in de MKA Bergen op Zoom De samenvoeging van de meldkamers Midden- en West-Brabant en Zeeland in de MKA Bergen op Zoom werd in juni 2020 gerealiseerd in de nieuwe huisvesting te Bergen op Zoom.

De komende jaren zal onveranderd aandacht zijn voor afstemming en eenduidigheid van de meldkamerprocessen, het bewerkstelligen van een goede samenwerking tussen de medewerkers, en het opereren van de nieuwe meldkamer binnen de financiële kaders van de NZa. 2.2.2 Wat gaan we hiervoor doen? Zorgcoördinatie De RAV spant zich de komende tijd in om bij te dragen aan het uitwerken van de opdracht die de minister van VWS heeft neergelegd voor het vormen van zorgcoördinatievoorzieningen (ZCV) in de regio, zowel in AZN-verband als in overlegvormen met de ketenpartners in de acute zorg. sprekken. Verpleegkundig specialist/Physician Assistant op de meldkamer Zoals zorgcoördinatie zich richt op de best passende zorg voor de patiënt op het niveau van de verschillende hulpverleners, kan de inzet van de VS en PA op de meldkamer aan dat doel bijdragen op het niveau van de ambulancezorg. Door hun specifieke expertise te gebruiken bij de diagnosestelling op de meldkamer, kan gerichter worden bepaald welke van de verschillende ‘smaken’ binnen onze gedifferentieerde ambulancezorg het beste aansluit bij de zorgvraag van de patiënt. Monitoren en optimaliseren van het gebruik van ProQA Dit systeem, dat internationaal zijn waarde al bewezen heeft, is in 2012 ingevoerd ter verbetering van de uitvraagmethodiek in het intakeproces, door het verkrijgen van eenduidige intake, triage en

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 12

meldersinstructie. Het nauwgezet en doorlopend monitoren van het meldkamerproces, o.a. door het gebruik van prestatie-indicatoren, is een vereiste voor optimaal gebruik van het systeem en het vasthouden van het niveau van de ACE-status, die in 2016 bereikt werd. Ondersteuning bij optimale spreiding en beschikbaarheid De aanbestedingsprocedure voor de selectie en aanschaf van de software die de MKA ondersteunt bij de keuzes rondom de optimale spreiding en beschikbaarheid werd in 2023 afgerond. De implementatie van het systeem vindt in 2024 plaats. Wij hopen het systeem in 2025 succesvol te kunnen inzetten op onze meldkamers. Samenwerking en afstemming Midden- en West-Brabant en Zeeland in MKA Bergen op Zoom Na de samenvoeging van beide meldkamers in juni 2020 blijft de RAV Brabant MWN de belangen van de witte kolom behartigen. De kwaliteit van zorg moet gehandhaafd blijven. Dit geldt met name voor de uitvraagmethodiek, waarin de RAV de afgelopen jaren geïnvesteerd heeft om een hoger niveau te bereiken. Op het personele vlak zijn intrinsieke motivatie en een goede onderlinge samenwerking de aandachtspunten. De RAV wil dit bereiken door intensieve communicatie, informatievoorziening, afstemming en begeleiding. Ook zal bewaakt worden dat de nieuwe samengevoegde meldkamer opereert binnen de financiële kaders van de NZa.

Productie Declarabele meldingen

2025

2024

aantal

94.000

100.000

%

94%

94%

Prestatie-indicatoren Nalevingsscore ProQA protocollen Toelichting Declarabele melding

Een telefonische hulpvraag die leidt tot het verrichten van ambulancevervoer of –hulpverlening

Nalevingsscore ProQA

Alle 112-meldingen worden aangenomen met ProQA. Er wordt gemeten hoeveel procent naleving op de protocollen wordt gerealiseerd.

Productie

De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2025 is gebaseerd op de productie van 2022 en 2023.

2.2.3 Wat gaat het kosten? Product

MKA Midden- en West Brabant

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

Lasten

3.715.000

inkomsten

Overige

Gemeentelijke

Nza

inkomsten

Bijdrage

3.689.000

18.000

0

Totaal resultaat excl. overhead -8.000

pagina 13

2.3

RAV Brabant-Noord

2.3.1 Wat willen we bereiken? Optimaliseren patiëntveiligheid en verhogen van de kwaliteit van zorg In het kader van de zorgevaluatie (ZEB) worden hulpverleningen sinds 2017 onder vastgestelde thema’s systematisch via collegiale intervisie besproken. Essentiële gegevens worden vastgelegd in een database. In 2025 hebben we als doelstelling dat elke ambulanceverpleegkundige minstens 1x per jaar een fysiek ZEB-gesprek heeft waarbij een hulpverlening wordt geëvalueerd. De beste passende zorg voor de patiënt De zorgvraag van de patiënt staat centraal. Dit betekent dat vervoer alleen plaatsvindt als dat strikt nodig is, en dat het soms beter is om de juiste zorg ter plaatse te leveren. We maken een weloverwogen afweging om óf de zorg naar de patiënt te brengen óf de patiënt naar de zorg. Was er voorheen altijd een intentie tot vervoer, nu verschuift het accent langzaam naar acute mobiele zorg zonder vervoer. Dit vergt uitbreiding van het zorgaanbod binnen de ambulancehulpverlening in de vorm van zorgdifferentiatie. We doen dit op verschillende manieren. De inzet van Verpleegkundig Specialisten (VS) en Physician Assistants (PA) in het primair proces is daar één van. Deze groep heeft meer mogelijkheden en expertise in diagnosestelling, en meer bevoegdheden in behandeling van de patiënt.

Een andere manier om beter aan te kunnen sluiten op de zorgvraag van de patiënt is onze divisie Middencomplex Ambulancevervoer (MCA). Na een aantal jaren van voorbereiding, werving en (bij)scholing is in 2025 sprake van twee volwaardige MCA-teams die samen het ambulancevervoer verzorgen in de categorie laag- en middencomplex vervoer. Realiseren van prestatieafspraken De RAV Brabant-Noord heeft de ambitie om in 2025, onder normale omstandigheden, bij minimaal 95% van de hulpverleningen met urgentie A0 binnen 15 minuten na melding ter plaatse te zijn, bij urgentie A1 binnen 17 minuten, en bij urgentie A2 binnen 30 minuten. Hiervoor is het nodig dat paraatheid conform het actuele referentiekader Spreiding en Beschikbaarheid wordt geleverd. Voorwaarde daarbij is dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het benodigde niveau gebracht kan worden, en dat er geen sprake is van afwijkende omstandigheden. Voldoen aan de WAV-vereisten De RAV spant zich in om te blijven voldoen aan de eisen van de Wet Ambulancezorgvoorzieningen. Belangrijk hierbij is om de bedrijfsvoering binnen de budgettaire kaders te houden van de vigerende bekostigingssystematiek.

2.3.2 Wat gaan we hiervoor doen? Voortzetten ZEB-traject verpleegkundigen In 2025 willen we ervoor zorgen dat het aantal zorgevaluatiebegeleiders op peil blijft, én bewaken dat zij in staat worden gesteld om de voor ZEB bestemde tijd daadwerkelijk in te zetten, zodat het gestelde doel (1 fysiek ZEB-gesprek per ambulanceverpleegkundige per jaar) wordt behaald. Evaluatie van zorg met de patiënt De RAV Brabant MWN heeft een instrument ontwikkeld om de geleverde zorg rechtstreeks, één op één, met de betreffende patiënt te evalueren. De focus ligt hierbij op het mobiele zorgconsult (voorheen Eerste Hulp, Geen Vervoer). In plaats van de patiënt naar het ziekenhuis te vervoeren wordt deze thuis geholpen, al dan niet in afstemming met de huisarts. Het evaluatieinstrument is in het voorjaar van 2023 geïmplementeerd en de doelstelling is om in 2025 met minimaal 100 patiënten telefonisch te evalueren en met minimaal 250 patiënten via een ingevuld antwoordkaartje.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 14

Zorgdifferentiatie Om de geleverde ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, realiseren wij de komende jaren differentiatie, door verschillende niveaus van de ambulancezorg te bieden. Naast het reguliere ambulancevoer leveren we ook laag- en middencomplexe ambulancezorg en zetten we verpleegkundig specialisten en physician assistants in het primaire proces van ambulancezorg in. Functiedifferentiatie Zorgdifferentiatie vereist functiedifferentiatie. Voor de verschillende niveaus van ambulancezorg is verschillende expertise nodig. Een belangrijke rol is weggelegd voor de groep verpleegkundig specialisten en physician assistants. De complexere zorgvraag van de patiënt heeft aanvullende expertise nodig. VS en PA passen goed in dit profiel omdat zij meer kennis hebben en meer handelingen zelfstandig mogen uitvoeren. Paraatheid versus personeelstekort In 2025 is het streven om de paraatheid te leveren conform het referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid, onder voorwaarde dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het gewenste niveau kan worden gebracht. De RAV voert een actief en aantrekkelijk wervingsbeleid en een loopbaanbeleid waarin aandacht is voor functiedifferentiatie en ontwikkelingsmogelijkheden.

Daarnaast is er inzet van BMH (bachelor medische hulpverlening), en leiden wij zelf op tot ambulanceverpleegkundige en -chauffeur binnen onze CZO-geaccrediteerde interne opleiding. 2025

2024

aantal aantal aantal aantal

34.000 15.000 5.000 54.000

36.000 16.000 12.000 64.000

Prestatie-indicatoren - tijd waarbinnen 95% van de A0-ritten ter plaatse is - tijd waarbinnen 95% van de A1-ritten ter plaatse is - tijd waarbinnen 95% van de A2-ritten ter plaatse is - MCA-vervoer door MCA gereden - elke verpleegkundige 1x fysiek ZEB-gesprek - evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt telefonisch - evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt via kaartje

min min min % % aantal aantal

0:15:00 0:17:00 0:30:00 90% 100% 100 250

0:15:00 0:30:00 100% -

Ritten naar urgentie Urgentie A0/A1 Urgentie A2 Urgentie B1/B2 Totaal ritten

aantal aantal aantal aantal

26.000 19.000 9.000 54.000

27.000 27.000 10.000 64.000

Productie Declarabele ritten Mobiel zorgconsult (EHGV-ritten) Niet-declarabele ritten Totaal ritten

Toelichting Declarabele rit

Ambulancerit in opdracht van de MKA, waarbij vervoer voor de patiënt geïndiceerd is.

Mobiel zorgconsult

Een mobiel zorgconsult is een rit die wordt uitgevoerd met de intentie tot hulpverlening en of vervoer waarbij vervoer na onderzoek van de patiënt niet nodig blijkt te zijn, maar wel ter plaatse zorg wordt verleend. Voorheen werden deze ritten EHGV (Eerste Hulp Geen Vervoer) genoemd.

Niet-declarabele rit

Rit die niet gedeclareerd wordt; dit kan een voorwaardenscheppende, een loze rit of een afgebroken rit zijn.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 15

Urgentie A0

Directe inzet met grootst mogelijke spoed

Urgentie A1

Directe inzet met spoed

Urgentie A2

Zo spoedig mogelijke inzet

Urgentie B1

Geplande inzet op bepaald tijdstip, hoogcomplexe zorgvraag

Urgentie B2

Geplande inzet op bepaald tijdstip, midden-/laagcomplexe zorgvraag

MCA

Middencomplex ambulancevervoer

Productie

De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2025 is gebaseerd op de productie van 2022 en 2023.

2.3.3 Wat gaat het kosten? Product

RAV Brabant-Noord

2.4

Lasten

inkomsten

Overige

Gemeentelijke

Nza

inkomsten

bijdrage

27.767.000 30.992.000

1.346.000

0

Totaal resultaat excl. overhead 4.571.000

RAV Midden- en West-Brabant

2.4.1 Wat willen we bereiken? Optimaliseren patiëntveiligheid en verhogen van de kwaliteit van zorg In het kader van de zorgevaluatie (ZEB) worden hulpverleningen sinds 2017 onder vastgestelde thema’s systematisch via collegiale intervisie besproken. Essentiële gegevens worden vastgelegd in een database. In 2025 hebben we als doelstelling dat elke ambulanceverpleegkundige minstens 1x per jaar een fysiek ZEB-gesprek heeft waarbij een hulpverlening wordt geëvalueerd. De beste passende zorg voor de patiënt De zorgvraag van de patiënt staat centraal. Dit betekent dat vervoer alleen plaatsvindt als dat strikt nodig is, en dat het soms beter is om de juiste zorg ter plaatse te leveren. We maken een weloverwogen afweging om óf de zorg naar de patiënt te brengen óf de patiënt naar de zorg. Was er voorheen altijd een intentie tot vervoer, nu verschuift het accent langzaam naar acute mobiele zorg zonder vervoer. Dit vergt uitbreiding van het zorgaanbod binnen de ambulancehulpverlening in de vorm van zorgdifferentiatie. We doen dit op verschillende manieren. De inzet van Verpleegkundig Specialisten (VS) en Physician Assistants (PA) in het primair proces is daar één van. Deze groep heeft meer mogelijkheden en expertise in diagnosestelling, en meer bevoegdheden in behandeling van de patiënt.

Een andere manier om beter aan te kunnen sluiten op de zorgvraag van de patiënt is onze divisie Middencomplex Ambulancevervoer (MCA). Na een aantal jaren van voorbereiding, werving en (bij)scholing is in 2025 sprake van een volwaardig MCA-team dat het ambulancevervoer verzorgt in de categorie laag- en middencomplex vervoer.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 16

Realiseren van prestatieafspraken De RAV Brabant-Noord heeft de ambitie om in 2025, onder normale omstandigheden, bij minimaal 95% van de hulpverleningen met urgentie A0 binnen 15 minuten na melding ter plaatse te zijn, bij urgentie A1 binnen 17 minuten, en bij urgentie A2 binnen 30 minuten. Hiervoor is het nodig dat paraatheid conform het actuele referentiekader Spreiding en Beschikbaarheid wordt geleverd. Voorwaarde daarbij is dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het benodigde niveau gebracht kan worden, en dat er geen sprake is van afwijkende omstandigheden. Voldoen aan de WAV-vereisten De RAV spant zich in om te blijven voldoen aan de eisen van de Wet Ambulancezorgvoorzieningen. Belangrijk hierbij is om de bedrijfsvoering binnen de budgettaire kaders te houden van de vigerende bekostigingssystematiek. 2.4.2 Wat gaan we hiervoor doen? Voortzetten ZEB-traject verpleegkundigen In 2025 willen we ervoor zorgen dat het aantal zorgevaluatiebegeleiders op peil blijft, én bewaken dat zij in staat worden gesteld om de voor ZEB bestemde tijd daadwerkelijk in te zetten, zodat het gestelde doel (1 fysiek ZEB-gesprek per ambulanceverpleegkundige per jaar) wordt behaald. Evaluatie van zorg met de patiënt De RAV Brabant MWN heeft een instrument ontwikkeld om de geleverde zorg rechtstreeks, één op één, met de betreffende patiënt te evalueren.

De focus ligt hierbij op het mobiele zorgconsult (voorheen Eerste Hulp, Geen Vervoer). In plaats van de patiënt naar het ziekenhuis te vervoeren wordt deze thuis geholpen, al dan niet in afstemming met de huisarts. Het evaluatieinstrument is in het voorjaar van 2023 geïmplementeerd en de doelstelling is om in 2025 met minimaal 100 patiënten telefonisch te evalueren en met minimaal 250 patiënten via een ingevuld antwoordkaartje. Zorgdifferentiatie Om de geleverde ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, realiseren wij de komende jaren differentiatie, door verschillende niveaus van de ambulancezorg te bieden. Naast het reguliere ambulancevoer leveren we ook laag- en middencomplexe ambulancezorg en zetten we verpleegkundig specialisten en physician assistants in het primaire proces van ambulancezorg in. Functiedifferentiatie Zorgdifferentiatie vereist functiedifferentiatie. Voor de verschillende niveaus van ambulancezorg is verschillende expertise nodig. Een belangrijke rol is weggelegd voor de groep verpleegkundig specialisten en physician assistants. De complexere zorgvraag van de patiënt heeft aanvullende expertise nodig. VS en PA passen goed in dit profiel omdat zij meer kennis hebben en meer handelingen zelfstandig mogen uitvoeren.

Paraatheid versus personeelstekort In 2025 is het streven om de paraatheid te leveren conform het referentiekader Spreiding & Beschikbaarheid, onder voorwaarde dat de formatie ambulanceverpleegkundigen op het gewenste niveau kan worden gebracht. De RAV voert een actief en aantrekkelijk wervingsbeleid en een loopbaanbeleid waarin aandacht is voor functiedifferentiatie en ontwikkelingsmogelijkheden. Daarnaast is er inzet van BMH (bachelor medische hulpverlening), en leiden wij zelf op tot ambulanceverpleegkundige en -chauffeur binnen onze CZO-geaccrediteerde interne opleiding.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 17

Producten Declarabele ritten Mobiel zorgconsult (EHGV-ritten) Niet-declarabele ritten (inclusief VWS) Totaal ritten Prestatie-indicatoren - tijd waarbinnen 95% van de A0-ritten ter plaatse is - tijd waarbinnen 95% van de A1-ritten ter plaatse is - tijd waarbinnen 95% van de A2-ritten ter plaatse is - vervoer urgentie B gereden door LMC - MCA-vervoer door MCA gereden - elke verpleegkundige 1x fysiek ZEB-gesprek - evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt telefonisch - evaluatie mobiel zorgconsult met patiënt via kaartje

2025

2024

aantal aantal aantal aantal

70.000 28.000 10.000 108.000

73.000 27.000 25.000 125.000

min min min % % % aantal aantal

0:15:00 0:17:00 0:30:00 90% 90% 100% 100 250

0:15:00 0:30:00 90% 100% -

aantal aantal aantal aantal

53.000 35.000 20.000 108.000

55.000 48.000 22.000 125.000

Ritten naar urgentie Urgentie A0/A1 Urgentie A2 Urgentie B1/B2 Totaal ritten Toelichting Declarabele rit

Ambulancerit in opdracht van de MKA, waarbij vervoer voor de patiënt geïndiceerd is.

Mobiel zorgconsult

Een mobiel zorgconsult is een rit die wordt uitgevoerd met de intentie tot hulpverlening en of vervoer waarbij vervoer na onderzoek van de patiënt niet nodig blijkt te zijn, maar wel ter plaatse zorg wordt verleend. Voorheen werden deze ritten EHGV (Eerste Hulp Geen Vervoer) genoemd.

Niet-declarabele rit

Rit die niet gedeclareerd wordt; dit kan een voorwaardenscheppende, een loze rit of een afgebroken rit zijn.

Urgentie A0

Directe inzet met grootst mogelijke spoed

Urgentie A1

Directe inzet met spoed

Urgentie A2

Zo spoedig mogelijke inzet

Urgentie B1

Geplande inzet op bepaald tijdstip, hoogcomplexe zorgvraag.

Urgentie B2

Geplande inzet op bepaald tijdstip, midden-/laagcomplexe zorgvraag

MCA

Middencomplex ambulancevervoer

Productie

De prognose van het aantal declarabele meldingen voor de begroting 2025 is gebaseerd op de productie van 2022 en 2023 .

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 18

2.4.3 Wat gaat het kosten? Product

RAV Midden- en West Brabant

2.5

Lasten

inkomsten

Overige

Gemeentelijke

Nza

inkomsten

bijdrage

49.692.000 54.938.000

2.785.000

0

Totaal resultaat excl. overhead 8.031.000

Overzicht overhead

Het BBV schrijft voor dat we de overhead van de RAV begroten op een centrale begrotingspost: het ’overzicht overhead’. In deze begrotingspost zijn de automatiseringskosten, huisvestingskosten en diverse materiële overheadlasten (drukwerk, opleidingskosten etc.) opgenomen. Daarnaast zijn de personele lasten opgenomen van die functies die we op grond van de ’notitie overhead’ van de commissie BBV kwalificeren als overhead. Niet alle functies die we bij de RAV kennen, zijn specifiek in deze notitie genoemd. Voor de indeling zoals gehanteerd, hebben we dus een aantal pleitbare aannames moeten doen, die zijn afgestemd met materiedeskundigen. Om inzichtelijk te maken waar de overhead uit bestaat, is deze verdeeld in 4 onderdelen:

Overzicht overhead Huisvesting/automatisering Uitbestede bedrijfsvoering aan HSC Personeel overig Totaal

real. 2023 335.247 1.659.966 7.472.765 564.544 10.032.522

begr 2024 372.522 2.050.000 8.706.635 606.905 11.736.062

begr 2025 386.137 2.124.925 9.024.851 629.087 12.165.000

De begrote overhead van 2024 is conform de begrotingswijziging 2024, die op 27 juni 2024 zal worden voorgelegd aan het Algemeen Bestuur van de RAV. In 2025 bedraagt de overhead 12,7 % van de totale kosten.

BEGROTING 2025 RAV BRABANT MWN

pagina 19

3 PARAGRAAF ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Doel van het onderhoud is: kapitaalverlies te voorkomen en de gebouwen en installaties in zodanige (bouw)technische staat te houden, dat de gebruiksmogelijkheden en/of huurinkomsten gewaarborgd zijn. Hiervoor is een meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) opgesteld. De basis voor de MJOP wordt gevormd door een conditiemeting van het gebouw. Deze conditiemeting wordt door gecertificeerde inspecteurs uitgevoerd voor alle locaties, dit conform de eisen van NEN 2767. Hierbij maakt men gebruik van de elementencoderingen gebaseerd op de NLSFB codering. De NL-SFB codering heeft zich in Nederland ontwikkeld tot de standaard op het gebied van elementgerichte classificaties en wordt veel toegepast bij meerjarenonderhoud. Deze gegevens zijn opgenomen in het softwarepakket Planon Building Management, en met de door Planon aangeleverde kengetallen verwerkt tot de MJOP. De MJOP is een richtlijn voor uitvoering van onderhoud met een raming van de kosten. Op basis hiervan worden de jaarlijks opgenomen activiteiten uitgevoerd. We gebruiken als standaardnorm voor de mate en wijze van onderhoud, de waardering “goede conditie”. Jaarlijks worden nog een aantal zaken nagetrokken door de projectleider huisvesting: 1. Is de conditie zodanig dat uitvoering noodzakelijk is (dit is o.a. afhankelijk van de intensiteit van het gebruik en kan daardoor afwijken).

Op basis van de bevindingen wordt het tijdstip, jaar van onderhoud, eventueel in de MJOP aangepast. 2. Zijn er activiteiten te combineren waardoor er voor het primaire proces maar één keer overlast is (b.v. schilderwerk en vervanging vloerbedekking in één keer, of als een verbouwing noodzakelijk is het planmatig onderhoud hiermee combineren). Op basis van deze bevindingen en overwegingen kan het MJOP eventueel ook worden aangepast. 3. Zijn er ontwikkelingen m.b.t. het gebouw waardoor uitvoering niet meer opportuun is (b.v. gaat een locatie verhuizen of wordt een locatie op termijn opgeheven). Op basis van deze bevindingen kan het MJOP eventueel ook worden aangepast. De gegevens in het MJOP moeten steeds worden aangevuld met gegevens vanuit de praktijk. Dit kan naar aanleiding van de jaarlijkse eigen visuele inspectie, en/of op basis van ervaringscijfers van daadwerkelijke uitvoering. Dit is een continu proces. De visuele inspectie conform de NEN 2767 wordt, voor de panden in eigendom, elke 4 jaar herhaald. Deze externe inspectie kan ook aanpassingen in het MJOP tot gevolg hebben. EED (Energy Efficiency Directive) Conform Europese regelgeving zijn we verplicht Maatschappelijk Verantwoord te Ondernemen en een Duurzaamheids- en Energiebeleid te hebben. Dit heeft tot gevolg dat we afgelopen jaren diverse investeringen op dit gebied uitgevoerd hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.gemeente-steenbergen.nl/api/v1/meetings/1714/documents/19882