Begroting 2022 OMWB 2110701.pdf
Tekst van het document
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Begroting 2022 Incl. meerjarenraming 2023-2025
www.omwb.nl
>
Inhoudsopgave 1. Voorwoord
3
2. Beleidsbegroting
5.1 Toelichting op de baten
21
5
5.2 Toelichting op de lasten
22
2.1 (Beleids-)ontwikkelingen
5
5.3 Declarabiliteit
24
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
7
5.4 Tariefontwikkeling
25
6. Financiële positie
26
2.2.1
Informatiegestuurd werken
7
2.2.2
Uitvoeringskaders
8
2.2.3
Opbouw programma
9
3. Paragrafen
5. Toelichting op de begroting 2022
21
6.1 Geprognosticeerde balans
26
6.2 (Vervangings)investeringen 2022
27
11
6.3 Afschrijvingstermijnen
27
3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
11
6.4 Staat van reserves
28
3.2 Financiële kengetallen
13
3.3 Financiering
13
3.4 Bedrijfsvoering
15
4. Financiële begroting
17
4.1 Inleiding
17
4.2 Financiële uitgangspunten
17
4.2.1 Algemene uitgangspunten
17
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten
17
Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer
29
Bijlage 2. O verzicht van geraamde baten en lasten
31
per taakveld Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB
32
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek 18 4.3 Begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025
<<
<
OMWB Begroting 2022
19
2
>
1.
Voorwoord Voor u ligt de begroting 2022 inclusief meerjarenraming 2023–2025 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (hierna OMWB). Een sluitende begroting, samengevat in een compact document. De begroting is gebaseerd op de eind januari 2021 vastgestelde Kaderbrief 2022. In 2022 komen meerdere beleidsmatige en organisatorische ontwikkelingen samen. De Omgevingswet is hierin de voornaamste (externe) factor. Gelijktijdig krijgen de eerste maatregelen vanuit het kosteneffectiviteitsonderzoek hun beslag. Het onderzoek heeft inmiddels de naam ‘De dienst nog beter maken’ gekregen. Deze en andere ontwikkelingen vragen veel van onze organisatie en haar medewerkers. Daarom wordt in 2022 verder ingezet op de duurzame en toekomstbestendige inzetbaarheid van onze medewerkers. Omgevingswet Per 1 januari 2022 gaat de Omgevingswet van kracht. De inwerkingtreding van de wet betekent een majeure verandering voor onze taakuitvoering. Samenwerking met onze deelnemers en (keten)partners is essentieel. De gezamenlijke voorbereidingen op de wet zijn al enige tijd in volle gang. Ondanks dat we goed voorbereid zijn, begint het feitelijke veranderingsproces pas nadien. Door adviesbureaus afgegeven voorzichtige ramingen van financiële implicaties van de wet tonen een kostenverhogend effect van circa 10% voor de basistaken milieu.
Overige beleidsmatige thema’s Naast de Omgevingswet vraagt een aantal andere beleidsmatige thema’s in 2022 onze intensieve aandacht. De voornaamste daarvan zijn nader uitgewerkt in de Kaderbrief 2022. Nieuw is de normerende regeling werkgebonden personenmobiliteit, bedoeld om de negatieve klimaateffecten van zakelijk en woon-werkverkeer terug te dringen. De omgevingsdienst krijgt een toezichthoudende taak in deze.
<<
<
OMWB Begroting 2022
3
>
Andere ontwikkelingen die in 2022 op onze deelnemers en de dienst afkomen,
In het management hebben we recentelijk als lijn gekozen om de vaste forma-
zijn de overdracht van bevoegd gezag inzake ‘bodem en ondergrond’ van pro-
tie voor het primaire proces uit te breiden. Die is nu gebaseerd op 228 fte, op
vincie naar gemeenten, de Brabantse Ontwikkelaanpak Stikstof (BOS), voorbe-
grond van het aantal declarabele uren van 308.000 per jaar. Een uitbreiding
reidingen op de transitie veehouderij, het Schone Lucht Akkoord, energie,
van het vaste personeel voor het primaire proces is nodig, naar een niveau van
et cetera. Deze en andere ontwikkelingen volgen we op de voet en pakken we
240 fte, oftewel 324.000 declarabel uren. Deze verruiming geeft de organisatie
in constructieve samenwerking met onze deelnemers en (keten)partners geza-
de kans om meer vast personeel aan te nemen om zodoende kennis beter vast
menlijk op.
te houden en kostenbesparingen op personeel te realiseren.
‘De dienst nog beter maken’
De stap is mede mogelijk vanuit de investeringen, welke de voorbije jaren zijn
De financiële positie van onze deelnemers staat onder druk. In de vergadering
gedaan in arbeidsmarktpositionering. De verhouding tussen vast personeel en
van het Algemeen Bestuur van juli 2020 heeft de directeur van de OMWB de
inhuur van extern personeel is hierdoor beter in balans gekomen; deze trend
opdracht gekregen om het besparingspotentieel binnen de OMWB in kaart te
zetten we de volgende jaren door.
brengen. Dit met behoud van de kwaliteit van producten en dienstverlening. De resultaten van het onderzoek, ‘De dienst nog beter maker’, is gepresenteerd
De deelnemers en de dienst staan vanaf 2022 voor veel uitdagingen. Zowel
in het Dagelijks Bestuur. In de Kaderbrief 2022 is aangekondigd dat de OMWB
inhoudelijk als financieel. Dat vraagt focus en we zullen prioriteiten moeten
zich inspant om een besparing van 4%-7% in de jaren 2022-2024 te realiseren.
stellen, omdat niet alles tegelijkertijd aangepakt kan worden. Samen met onze deelnemers en (keten)partners gaan we met veel ambitie en vertrouwen
Kwaliteitsimpuls vanuit HR-beleid
deze opgave aan.
De dienst staat ervoor medewerkers optimaal te laten functioneren en hun werkbeleving zo optimaal mogelijk te laten zijn. Zo wordt in 2022 een verdere impuls gegeven aan het Cultuur & Leiderschap-traject. Ook wordt aandacht
Alfred Arbouw Directeur OMWB
gegeven aan een toekomstbestendige personeelsopbouw, vitaliteit van medewerkers, thuiswerkfaciliteiten, et cetera. Dit is een vervolg op het eerdere succesvolle project arbeidsmarktcommunicatie, wat heeft geleid tot meer medewerkers in vaste dienst. Ophoging formatie De laatste jaren vaart de dienst een stabiele koers wanneer het gaat om het aantal declarabele uren. Binnen marges bevindt het totaal aan declarabele uren zich telkens rond de 330.000 uur. Een mooi gevolg van het vertrouwen vanuit onze deelnemers neergelegd in de opdrachtenportefeuille van de werkprogramma’s.
<<
<
OMWB Begroting 2022
4
>
2.
Beleidsbegroting 2.1 (Beleids)ontwikkelingen In dit hoofdstuk schetsen we de belangrijkste ontwikkelingen voor de OMWB. In de kaderbrief 2022 zijn deze ontwikkelingen ook uitvoerig beschreven. In deze begroting worden de beleidsmatige ontwikkelingen vertaald naar financiële consequenties voor de OMWB en de deelnemers. Ook in 2022 ligt onze focus op de uitvoering van de taken rondom vergunningverlening, toezicht, handhaving, klachtenafhandeling, advisering en onze specialistische taken rondom externe veiligheid, bodem, licht, geluid, lucht, geur en juridische advisering. De inzet van het VTH-instrumentarium beweegt mee met de veranderende leefomgeving. We willen het effect van onze inzet zo groot mogelijk maken en tegelijkertijd zo efficiënt mogelijk de taken voor onze deelnemers uitvoeren. Alle hierna genoemde (door)ontwikkelingen hebben effect op onze taakuitvoering. In 2022 staan we aan de vooravond van grote veranderingen in hoe we onze taakuitvoering vormgeven. De Omgevingswet, die per 1 januari 2022 van kracht zal zijn, is hierin de belangrijkste factor. Ondanks dat we daarop goed voorbereid zijn, begint het feitelijke veranderingsproces pas nadien. Samenwerking is essentieel in 2022 en de daaropvolgende jaren.
Thema’s als energie, klimaat en stikstof, de Omgevingswet en risicogericht en informatie gestuurd werken vereisen diepgaande samenwerking met de verschillende overheidsorganisaties.
<<
<
OMWB Begroting 2022
5
>
Samengevat verwachten we:
• Meer focus op monitoring van data van omgevingskwaliteit om de kwaliteit in de leefomgeving te kunnen volgen en maatregelen te kunnen
T.a.v. de VTH-taakuitvoering:
beoordelen. • Een rol in het definiëren van gewenste omgevingswaarden (gebieds-
• Steeds meer risicogerichte en resultaatgerichte toezicht en hand-
afhankelijk) in gemeentelijke visies en plannen. Aangevuld met een
having. Daarvoor moeten we meer data ontsluiten om te bepalen waar
uitvoerbare monitoringsstrategie die omgevingswaarden kunnen contro-
het risico het grootst is voor de leefomgeving en het effect van onze
leren en monitoren (in tijd).
inzet maximaal is. • Onze inzet zal meer en meer georganiseerd worden rondom maatschappelijke thema’s en risico’s in de leefomgeving, zoals Zeer Zorgwek-
T.a.v. de specialistische taakuitvoering:
kende Stoffen (ZZS) en energie, ketens van asbest, grond en afvalstro-
• Geluid: gemeenten zijn verplicht om uiterlijk 1 juli 2023 de basisge-
men vanuit omgevingswaarden van een gebied. We verwachten een
luidemissie voor de gemeentelijke wegen met meer dan 4.500 motor-
verschuiving van regulier toezicht naar deze vormen van toezicht.
voertuigen per etmaal vast te stellen (voor 1 juli 2028 zijn dit de wegen
• Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet verschuift het bevoegd
met meer dan 1.000 motorvoertuigen). Deze basisgeluidemissie moet
gezag voor bodem en ondergrond en daarmee de VTH-(basis)taken voor
daarnaast elke vijf jaar gemonitord worden. De OMWB kan dit samen
een groot deel van provincie naar de gemeenten.
met gemeenten uitvoeren als verzoektaak.
• Door de Omgevingswet verwachten we na 2022 een verschuiving van
• Geluid: de rekensystematiek voor gezoneerde industrieterreinen ver-
minder vergunningverlening naar meer toezicht en handhaving met
andert. De bestaande 50 dB(A) contouren zullen verdwijnen en worden
meer sturing op basis van monitoringswaarden en bevindingen in de
vervangen door geluidproductieplafonds en een geluidaandachtsgebied.
leefomgeving.
Deze moeten in de omgevingsplannen worden vastgelegd. De invoerings-
• Het maken van een kwalitatief goede en juridisch houdbare afweging in plaats van het toetsen aan normen. • Een rol in het vooroverleg samen met het bevoegd gezag en andere stakeholders. En daarmee het leveren van (VTH-)expertise aan de voorkant van een aanvraag.
datum wordt met een Koninklijk besluit kenbaar gemaakt. Gemeenten die gezoneerde industrieterreinen hebben, wordt geadviseerd middelen vrij te maken voor deze aanpassing. De OMWB kan dit voor gemeenten uitvoeren als verzoektaak. • Externe veiligheid: het wegvallen van de IOV (Impuls Omgevings Vei-
• Een adviserende rol in de (regionale) beleidsvorming van omgevings-
ligheid)-subsidie per 2021 wordt door het Rijk gecompenseerd door een
visies en -plannen. Onze inzet richt zich op de uitvoerbaarheid van onze
extra uitkering in het gemeentefonds. Deze is niet specifiek geoormerkt
VTH-taken en inbreng van onze VTH-expertise. Maar ook op het belang
voor externe veiligheid. Voor een goede continuering van de dienstver-
van regionale afstemming van omgevingsplannen om onder andere een
lening is het verstandig dat de middelen die gemeenten ontvangen voor
wildgroei en versnippering van verschillende regels voor geluid, geur en
externe veiligheid worden gereserveerd en in de werkprogramma’s zo
lucht tegen te gaan. Daarmee voorkomen we complexere en duurdere
nodig extra uren worden opgenomen.
uitvoering van VTH.
<<
<
OMWB Begroting 2022
6
>
• Lucht: schone en gezonde lucht is een actueel thema. Steeds meer
organisatie: zowel op strategisch als tactisch en operationeel niveau. IGW
gemeenten sluiten aan bij het Schone Lucht Akkoord waar advieswaar-
levert op deze wijze haar bijdrage aan de strategische pijler, die enerzijds
den worden ‘gezien’ als ‘toetsingskaders’ en ambities zijn beschreven
gericht is op het versterken van het adaptieve vermogen van de OMWB en
om deze strengere luchtkwaliteitswaarden te behalen. Geur in de leef
anderzijds op de doorontwikkeling van een excellente omgevingsdienst.
omgeving speelt daarbij ook een grote rol, maar omdat hiervoor referentiekaders voor aanvaardbare hinderniveaus ontbreken (denk hierbij
Gelet op de belangrijkste ontwikkelopgaven van de OMWB betekent dit dat
aan industriële geur, particuliere houtstook, horeca, agrarisch/dierverblij-
we afgeleide IGW-vraagstukken oppakken die toezien op:
ven, et cetera), dient dit lokaal te worden geregeld of vastgelegd in
• het sluiten van de Big 8 beleidscyclus door van ‘output’ naar ‘outcome’ te
het omgevingsplan. Het vergroten van de kennis binnen de (lokale en
komen en daarmee onze impact op de maatschappelijke opgaven van het
regionale) overheden over gezondheid en risico’s qua verspreiding via
bevoegd gezag t.a.v. een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving in
de lucht is een belangrijk thema. Hiervoor zoeken we samenwerking met de GGD-en. Gezondheid wordt voor onze taakuitvoering in het kader van de Omgevingswet een thema voor de OMWB. • Voor alle specialismen geldt dat de bruidsschat moet worden verwerkt
kaart te brengen als startpunt van de beleidscyclus; • de doorontwikkeling van een risicomodel, zodat ons VTH-instrumentarium zo effectief mogelijk wordt aangewend om een maximaal milieurendement te behalen. Hierbij zal het risicomodel rekening moeten houden met de
in omgevingsplannen. Dit lichten we in de paragraaf ‘Omgevingswet van
directe milieueffecten, die voortvloeien vanuit de verschillende milieubelas-
kracht voor VTH-taken’ bij de effecten kort toe.
tende activiteiten (MBA’s), het naleefgedrag van de betreffende inrichting, de bestuurlijke speerpunten vanuit het Gemeenschappelijk Uitvoeringskader (GUK) en de opgaven van het bevoegd gezag die gespecifieerd zijn in het
Als OMWB bereiden we ons samen met u zo goed mogelijk voor op deze
omgevingsplan;
ontwikkelingen en blijven we hierover in gesprek. Hieronder volgen de inhou-
• het verdiepen van de branche- en ketenaanpak door een sterke focus op
delijke onderwerpen en welke impact zij hebben op de VTH-uitvoering en de
doelgroepanalyses en effectmetingen om zo de meest effectieve inzet van
specialistische taken.
vergunningverlening en toezichtinstrumenten te kunnen bepalen. Ook valt hieronder de ontwikkeling van nieuwe toezichtmethodieken, zoals experimen-
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
teren met het gebruik van satellietbeelden om veranderingen in de fysieke leefomgeving te kunnen monitoren;
2.2.1 Informatie gestuurd werken
• het in kaart brengen van de wijzigingen als gevolg van de Omgevingswet
Informatie gestuurd werken (IGW) betekent dat informatie de basis vormt
gedurende de transitiefase. Het betreft hier met name het bepalen van de
voor ons handelen in de breedste zin van het woord. Hierbij gaat het om het
impact als gevolg van de omslag in de wetgeving van het begrip inrichtingen
gerichte proces van dataontwikkeling tot informatie en het ontsluiten van deze
naar MBA’s, het mogelijk maken van gebiedsgericht werken en het inrichten
informatie zodat deze kan worden toegepast in besluitvormingsprocessen.
van monitoringsfunctie t.a.v. leefomgevingswaarden.
Dit doen we vanuit de overtuiging dat we hiermee de impact van ons werk in-
<<
<
zichtelijker kunnen maken en de effectiviteit van ons handelen kunnen vergro-
Om bovenstaande opgaven mogelijk te maken voorzien we een intensivering
ten. Zodoende komen IGW-vraagstukken terug op alle niveaus van onze
rondom IGW-vraagstukken met onze deelnemers en andere partners, zoals de
OMWB Begroting 2022
7
>
(Brabantse) omgevingsdiensten, Veiligheidsregio, GGD, ILT, kennisinstellingen
2. V oor vergunningverlening en wettelijke taken op het gebied van de speci-
en waterschappen. Het Brabants OmgevingsDatalab (BOD) samen met de
alismen (bodem, geluid, et cetera) zijn de wettelijke eisen (waaronder ook
ODZOB, ODBN en Provincie is een goed voorbeeld daarvan.
lokale regelgeving) maatgevend, tenzij specifieke beleidsdoelstellingen zijn geformuleerd. Dit geldt ook voor de adviestaken. Voor de beleidstaken (ont-
2.2.2 Uitvoeringskaders
wikkeling en uitvoering) zijn de lokale kaders leidend.
De OMWB is een organisatie voor milieu en duurzaamheid, die in opdracht van de provincie en gemeenten taken realiseert. We voeren deze hoofdzakelijk
De OMWB streeft naar een uniforme wijze van uitvoering geven aan de wet-
wettelijke taken deels onder (onder)mandaat uit namens de deelnemers. De be-
telijke kaders op het gebied van milieu- en omgevingsrecht. Hierbij werken
leidskaders voor deze uitvoering worden door de deelnemers als volgt bepaald:
we samen met onze deelnemers aan meer uniformiteit van werkprocessen,
1. V oor de toezicht- en handhavingstaak bepaalt elke deelnemer in een be-
samenwerking tussen vergunningverleners, toezichthouders en juristen en
leidsdocument (probleemanalyse en prioriteiten) de jaarlijkse doelstellingen.
efficiëntie en effectiviteit van gekozen werkwijzen.
Daarbij wordt voldaan aan landelijke kwaliteitscriteria. Conform deze criteria
Voor een goede borging van de VTH-taken zijn onze uitgangspunten:
wordt voor de toezicht- en handhavingstaken van deze deelnemers jaarlijks
• Verantwoordelijkheid en vertrouwen: Veiligheid en milieu zijn primair de
een handhavingsuitvoeringsprogramma opgesteld. Dit zoveel als mogelijk op
eigen verantwoordelijkheid van bedrijven. Vertrouwen moet verdiend worden.
basis van een samenhangend systeem van evaluatiegegevens van de uitvoe-
• Risicogestuurd toezicht: Toezicht vindt risicogestuurd plaats. Het meeste
ring van het programma in het voorgaande jaar, een probleemanalyse en pri-
toezicht vindt plaats bij bedrijven met hoge risico’s; minder toezicht vindt
oritering, rekening houdend met de aard en het naleefgedrag van bedrijven.
plaats bij bedrijven met lage risico’s. • Prioritering preventief toezicht: Frequentie en tijdsbesteding van toezicht worden bepaald door naleefgedrag, klachtenpatroon, oordeel toezichthouder/ vergunningverlener, complexiteit en omgeving. • Actuele vergunningen: Vergunningen van bedrijven moeten actueel en handhaafbaar zijn. Nieuwe wetgeving en richtlijnen worden tijdig geïmplementeerd. • Integrale benadering bedrijven: Vergunningverlening, toezicht, handhaving, externe veiligheid en andere specialismen werken samen in hun benadering van bedrijven. Bedrijven worden in relatie tot hun omgeving bezien. De basis voor het programma is het basistakenpakket, de MWB-norm, de aangeleverde werkprogramma’s van gemeenten en provincie, de afspraken met de andere Brabantse omgevingsdiensten en de afspraken voor de landelijke uitvoering Brzo- en RIE4-taken (Brzo-OD’s).
<<
<
OMWB Begroting 2022
8
>
2.2.3 Opbouw programma De programmabegroting bestaat uit 4 programmadelen: - Programmadeel 1: v ergunningverlening, toezicht, handhaving en klachten en niet-inrichting gebonden (NIG) taken - Programmadeel 2: adviezen en projecten - Programmadeel 3: collectieve taken - Programmadeel 4: overige exploitatiekosten De programmaonderdelen worden hieronder nader toegelicht. Programmadeel 1: vergunningverlening, toezicht en handhaving Programmadeel 1 bestaat uit de wettelijke taken op het terrein van milieu, de zogenaamde VTH-milieutaken. Voor dit programmadeel vormt de in de vergadering van het AB van 15 december 2017 vastgestelde MWB-norm samen met het GUK en het Level Playing Field (LPF) voor de niet-inrichting gebonden taken de basis. De kaders van de MWB-norm en de NIG-taken zijn leidend voor de uitvoering van de wettelijke basistaken. Voor ongeveer 33.000 inrichtingen waarvan ruim 7.500 basistaakbedrijven, verschillende evenementen en het buitengebied:
vingsrecht in. Deze zogenaamde verzoektaken omvatten de (milieu)metingen,
• verleent de OWMB jaarlijks circa 600 vergunningen;
adviezen en projecten op het gebied van bijvoorbeeld Brzo, geluid, bodem, (afval)
• beoordeelt de OMWB circa 1.500 meldingen;
water, lucht, asbest, communicatie, juridische zaken, bouwtaken, ruimtelijke
• voert de OMWB circa 5.200 controles uit.
planvormingsprocessen, externe veiligheid, duurzaamheid, energie en omgevingsbeleid. Deze taken hebben vaak een wettelijke grondslag, zijn onderdeel
Hieruit vloeien bezwaar- en beroepsprocedures, handhaving (circa 600 handha-
van beleidsambities of bieden de opdrachtgever toegevoegde waarde en betreffen
vingszaken) en strafrechtelijke onderzoeken voort. Van de circa 8.500 milieu
derhalve niet-basistaken.
klachten en ongewone voorvallen, wordt in de regel 35 procent binnen en
In 2022 verwachten we op basis van uitgevoerde werkprogramma’s van voor-
65 procent buiten kantoortijd ingediend. Naast de controles bij bedrijven be-
gaande jaren verzoeken en vragen voor onderzoek en advies af te handelen op
oordelen we ook meldingen in het kader van het Besluit bodemkwaliteit en in
het terrein van:
het kader van asbest en houden we toezicht op basis van deze meldingen.
• milieuadvisering voor RO; • externe veiligheid;
<<
<
Programmadeel 2: adviezen en projecten
• onderzoek en advies op het gebied van lucht, geluid, water, trillingen en licht;
In programmadeel 2 brengen deelnemers aan de hand van het werkprogram-
• vergunningverlening en toezicht bij niet-basistaak bedrijven;
ma de adviestaken op het terrein van milieu en overige taken uit het omge-
• gegevensbeheer en ambtelijke ondersteuning.
OMWB Begroting 2022
9
>
Programmadeel 3: collectieve taken
Programmadeel 4: overige exploitatiekosten
Het programma voor de collectieve taken, inclusief resultaatverplichtingen,
In programmadeel 4 zijn de werkzaamheden ondergebracht die buiten voor-
wordt jaarlijks door de deelnemers vastgesteld. Jaarlijks wordt samen met de
gaande programma’s vallen. Het gaat hierbij om de levering van producten en
klankbordgroep bestaande uit vertegenwoordigers van deelnemers het collec-
diensten aan zowel deelnemers als niet-deelnemers. Zowel de kosten van de
tieve takenprogramma opgesteld en gemonitord. Alle onderdelen (activiteiten
levering als de incidentele kosten (kosten om te komen tot contractafspraken)
en projecten) in het programma worden met duidelijke kaders projectmatig
en structurele kosten (kosten voor coördinatie en bedrijfsvoering) van de orga-
uitgevoerd. Aan de hand van voortgangsrapportages worden de deelnemers
nisatie worden doorbelast.
geïnformeerd. Het programma bestaat grofweg uit twee onderdelen: structurele onderwerpen en incidentele onderwerpen. De structurele onderwerpen bestaan uit: • opstellen en monitoren van het programma; • klachten- en crisisorganisatie, inclusief de 24/7 bereikbaarheid; • de BPO-projecten; • (bestuurlijke) samenwerking met partners, zoals OM, veiligheidsregio, waterschappen en andere omgevingsdiensten; • data ontwikkeling ten behoeve van informatiedeling en risicogericht werken. De meer incidentele projecten hebben betrekking op: • het voorbereiden van ketengerichte aanpak; • het voorbereiden van de branchegerichte aanpak; • programma Omgevingswet; • programma Bodem.
<<
<
OMWB Begroting 2022
10
>
3.
Paragrafen Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft voor dat in de begroting en jaarrekening paragrafen worden opgenomen waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd voor een aantal beheersmatige aspecten van de organisatie. De voor de OMWB van toepassing zijnde paragrafen zijn hierna opgenomen. 3.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Conform het BBV is het verplicht om op basis van risico-inschatting een kwalificatie te geven van de omvang van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen betreft de relatie tussen de risico’s waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen en de capaciteit van middelen en mogelijkheden die de OMWB heeft om niet-begrote kosten op te vangen (BBV-artikel 11). Om te voorkomen dat bij niet-afgedekte risico’s ingrijpende (organisatie)wijzigingen noodzakelijk zijn, is een afdoende weerstandsvermogen voor de OMWB gewenst. Hoe groot die weerstandscapaciteit moet zijn is afhankelijk van de risico-inschatting en de bereidheid van het bestuur om deze risico’s al dan niet te lopen. De OMWB streeft een voldoende weerstandscapaciteit na, dat betekent een weerstandsratio tussen 1,0 en 1,4.
Voor de normering van het weerstandsvermogen in relatie tot de deelnemers heeft het Algemeen Bestuur besloten een model vast te stellen dat erop neerkomt dat 5% van het (begrotings-/jaarrekening-)totaal van de exploitatierekening wordt aangehouden als weerstandsvermogen, met een bandbreedte van plus en min 1. Binnen deze bandbreedte is het weerstandsvermogen toereikend vanuit de optiek van het Algemeen Bestuur. Risicobeheersing Risicobeheersing of risicomanagement is het effectief omgaan met de kansen en bedreigingen die de realisatie van de organisatiedoelstellingen kunnen beïnvloeden. Hiervoor is het van belang dat er een continu proces wordt ingericht van identificeren, prioriteren en beheersen van risico’s. De OMWB streeft
<<
<
OMWB Begroting 2022
11
>
ernaar risico’s zoveel als mogelijk te vermijden, verzekeringen ervoor af te
declarabele uren verloren zullen gaan. De hieraan verbonden gederfde omzet
sluiten of ze te ondervangen door beheersmaatregelen te treffen. In het kader
bedraagt circa € 300.000. Gezien de steeds luider wordende roep naar her-
van dit laatste stelt de OMWB een Intern Controleplan op, waaraan in het be-
vorming van de verlofrechten wordt de kans op optreden op 75% ingeschat.
grotingsjaar uitvoering wordt gegeven. 11. Invoering Omgevingswet Geïdentificeerde risico’s
Per 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. De invoering van
In de Begroting 2021 zijn de volgende risico’s geïdentificeerd:
de wet betekent een majeure verandering voor de taakuitvoering. Ondanks
Risico’s
gedegen voorbereidingen is de exacte impact van de invoering, ook financi-
Maximaal bedrag schade
Kans op optreden risico
Gewogen risico
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
200.000
ramingen tonen een kostenverhogend effect van circa 10% voor de basista-
5. Transitie
500.000
50%
250.000
ken milieu. Gezien de grote onduidelijkheid die er nog heerst rondom de
6. Problematiek arbeidsmarkt
700.000
75%
525.000
invoering en uitwerking van de wet, is een risico-inschatting van circa 3%
9. COVID-19
1.000.000
50%
500.000
van de omzet gemaakt met een kans van optreden van 40%.
Totaal
2.600.000
eel, nog onvoldoende duidelijk. Door adviesbureaus afgegeven voorzichtige
1.475.000
12. Kosteneffectiviteit Om tot een herijkte risico-inschatting te komen voor 2022, is bovenstaande
Volgend uit het kosteneffectiviteitsonderzoek is een intern besparingspo-
lijst geëvalueerd. Geconcludeerd is dat de eerdere inzichten nog steeds van
tentieel van € 1,7 miljoen opgehaald. In de jaren 2022 tot en met 2024
toepassing zijn. Om verdere duiding aan risico 5 te geven, is de omschrijving
zijn de verschillende maatregelen doorgevoerd in de begroting respectieve-
aangescherpt. Voor wat betreft risico 9, inzake COVID-19, is besloten om het
lijk meerjarenraming. De afhankelijkheid van derden maakt een volledige
risico te handhaven. De ontwikkelingen van de economie zijn onvoldoende be-
realisatie van afzonderlijke maatregelen onzeker. Om tegemoet te komen
kend, wat onder andere zou kunnen leiden tot een daling van het werkaanbod.
aan het geraamde potentieel is 15% van de totale waarde als risico aange-
Verder zijn, in afwachting op een nieuw CAO akkoord en de inwerkingtreding
merkt, per saldo € 255.000.
van de Omgevingswet, risico 10 respectievelijk 11 toegevoegd. Risico 12 is geënt op de uitwerking van het Kosteneffectiviteitsonderzoek.
Onderstaande tabel geeft de geactualiseerde risico-inventarisatie weer. Risico’s
10. Harmonisatie verlofrechten
Gewogen risico 200.000
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
verlofrechten. Ook in de opmaat naar de CAO 2021-2022 is dit opnieuw een
5. Transitie mens en systeem
500.000
50%
250.000
6. Problematiek arbeidsmarkt
700.000
50%
350.000
werkgevers zijn vastgelopen, is de kans reëel dat de verlofrechten in deze CAO zullen worden geharmoniseerd. In dat geval zal de declarabiliteitsnorm van 1.350 uur per fte onder druk komen te staan. Recente berekeningen geven aan dat met de huidige personeelssamenstelling minimaal 3.000
<
Kans op optreden risico
In eerdere CAO’s is gesproken over harmonisatie van (bovenwettelijke) thema. Ondanks dat recentelijk de onderhandelingen tussen vakbonden en
<<
Maximaal bedrag schade
OMWB Begroting 2022
1.000.000
50%
500.000
10. Harmonisatie verlofrechten
9. COVID-19
300.000
75%
225.000
11. Invoering Omgevingswet
1.000.000
40%
400.000
12. Kosteneffectiviteit
1.700.000
15%
255.000
Totaal
5.600.000
2.180.000
12
>
Beschikbaar weerstandsvermogen
de weerbaarheid van de organisatie. Een solvabiliteitsratio hoger dan 25%
De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve. De alge-
wordt als gezond beschouwd.
mene reserve bedraagt ultimo 2022 € 1.546.000 (voor resultaatbestemming 2020). Uitgaande van het actuele risicoprofiel van € 2.180.000 is de weer-
Structurele exploitatieruimte
standsratio 0,71. Dit wordt gekwalificeerd als ‘onvoldoende’. Het hogere risico
Door het zuiveren van de incidentele lasten en baten en de mutaties in reser-
komt voort uit een aantal majeure ontwikkelingen. De kans dat deze risico’s
ves, ontstaat er een beeld van de mate waarin sprake is van een structureel
zich gelijktijdig voordoen is niet reëel. De organisatie zal scherp aan de wind
sluitende begroting. De structurele lasten en baten worden in dit kengetal
moeten zeilen om de risico’s beheersbaar te houden. Het Bestuur wordt hier-
uitgedrukt als een percentage van de totale baten (voor mutaties reserves)
van op gezette tijden geïnformeerd.
van het betreffende jaar. Een positief percentage is wenselijk, aangezien dit betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te
3.2. Financiële kengetallen
dekken.
Het BBV schrijft voor dat een aantal verplichte financiële kengetallen moet worden opgenomen. Doel daarvan is inzicht te geven in de financiële positie
Onderlinge verhouding kengetallen
van de organisatie. De trend van de voor de OMWB relevant kengetallen wordt
De relevante kengetallen liggen redelijk in lijn met de begroting 2021. De
in onderstaande tabel weergegeven.
structurele exploitatieruimte stijgt zelfs. Ten opzichte van de jaarrekening 2020
Financiële kengetallen
Jaarrekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
vertonen de ratio’s een wisselend beeld. Overall conclusie is dat de balanspositie van de OMWB solide is.
Netto schuldquote
-3,9%
-3,2%
-3,5%
Solvabiliteitsratio
39,4%
31,8%
32,5%
3.3. Financiering
Structurele exploitatieruimte
-0,2%
0,6%
-1,0%
In aansluiting op de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) is in het Besluit Begroting en Verantwoording neergelegd dat de financieringsparagraaf
Abusievelijk zijn in de oorspronkelijke begroting 2021 onjuiste kengetallen
de beleidsvoornemens voor het risicobeheer van de financieringsportefeuille
opgenomen. In bovenstaande tabel zijn de juiste kengetallen weergegeven.
uiteenzet. Onder risico’s worden in dit geval zowel renterisico’s (vaste schuld en vlottende schuld), kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s als valutarisico’s ver-
Netto schuldquote
staan. Het beheer van de OMWB is risicomijdend en mede gericht op het vol-
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten
doen aan de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Bij het uitzetten of aantrekken
opzichte van de eigen middelen. Hoe verder deze ratio onder de 1,0 ligt, hoe
van middelen worden de bepalingen zoals neergelegd in de Wet fido en de Rege-
beter het is.
ling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) in acht genomen.
Solvabiliteit
Het beleid rondom Treasury is vastgelegd in het Treasurystatuut.
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de OMWB in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio geeft het aandeel van het eigen vermogen in het balanstotaal weer. Hoe hoger deze ratio, hoe groter
<<
<
OMWB Begroting 2022
13
>
Treasurybeleid De doelstellingen van het treasurybeleid van de OMWB zijn: 1. h et verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen accep tabele condities; 2. h et beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s, zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; 3. h et minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; 4. h et optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut. Kredietrisicobeheer Renterisicobeheer
Met betrekking tot het kredietrisicobeheer geldt het uitgangspunt dat overtollige
1. De kasgeldlimiet wordt niet overschreden conform de Wet fido;
middelen op voorhand worden aangehouden in de schatkist.
2. de renterisico norm wordt niet overschreden conform de Wet fido; 3. n ieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitenplanning; 4. de rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uit-
Intern liquiditeitsbeheer De OMWB beperkt haar interne liquiditeitsrisico’s door haar treasury-activiteiten te baseren op een adequate liquiditeitsplanning.
zetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie; 5. b innen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de OMWB naar spreiding in de rentetypische looptijden van uitzettingen.
Valutarisicobeheer Valutarisico’s worden door de OMWB uitgesloten. Leningen worden uitsluitend aangegaan of gegarandeerd in de Europese geldeenheid (de euro).
Met de inwerkingtreding van de Wet fido is de term ‘renterisiconorm’ geïntro-
Kasgeldlimiet
duceerd. De norm schrijft voor dat in enig jaar de aflossing van een langlopende
Met de kasgeldlimiet stelt de Wet fido een norm voor het maximumbedrag voor
schuld niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
de financiering van de bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar). De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen betreft 8,2% van
De OMWB kent momenteel geen langlopende leningen en voldoet daarmee
het begrotingstotaal.
automatisch aan de norm. De huidige financieringspositie en dito behoeften vanuit de investeringsbegroting geven nu geen verdere aanleiding tot aanwen-
De kasgeldlimiet bedraagt € 2.872.000 voor de OMWB op basis van de begroting
ding van een dergelijke lening.
2022. Aangezien het gemiddelde netto vlottende overschot aan financieringsmiddelen op circa € 10 mln. wordt geschat, is de ruimte onder de kasgeldlimiet gelijk aan de kasgeldlimiet.
<<
<
OMWB Begroting 2022
14
>
3.4 Bedrijfsvoering
de focus voor 2022 op het ontwikkelen van informatieproducten die onder-
Het jaar 2022 zal voor de afdeling bedrijfsvoering in het teken staan van het
steunend zijn aan de VTH-processen. Door onder andere Geografisch informa-
daadwerkelijk uitvoeren van de diverse beleidsvoornemens en/of (bestuurlijke)
tiesysteem (GIS)-functionaliteiten toe te voegen aan het platform wordt het
besluiten.
mogelijk om nog meer typen data te analyseren en om te zetten naar informatie. Zo ondersteunen we gebiedsgericht werken en maken we stappen in het
In algemene zin zal de nadruk liggen op de doorontwikkeling van de informa-
inzichtelijk maken van de opbrengst van het werk van de OMWB.
tievoorziening en het uitvoeren van onderdelen van het strategisch HR-beleid. Twee specifieke onderwerpen die een rol gaan spelen zijn:
Het dataplatform maakt ook een betere samenwerking met partners binnen
- Het per 1 januari 2022 in werking treden van de omgevingswet
(en buiten) de regio mogelijk. Door automatisch maar met een duidelijke
Op dit moment is nog niet duidelijk of de invoering per 1 januari 2022 gaat
doelbinding, data met elkaar te delen worden inzichten met elkaar gedeeld
plaatsvinden. De Omgevingswet heeft grote consequenties voor de wijze
om zo gezamenlijk te werken aan de grote opgaven binnen de leefomgeving.
waarop de OMWB gezamenlijk met de deelnemers haar taken gaat uitvoeren.
De OMWB zoekt actief de samenwerking met haar partners, ook om samen te
- Het uitdenken en implementeren van de kosteneffectiviteit maatregelen
blijven leren en innoveren op het gebied van informatievoorziening.
In het Algemeen Bestuur van 1 juli 2020 heeft het Dagelijks Bestuur toegezegd om door de directeur een kosteneffectiviteitsonderzoek uit te laten voeren.
De sterke ontwikkeling van informatievoorziening, met de overstap naar een
Om zo het besparingspotentieel in kaart te brengen. In het Dagelijks Bestuur
nieuwe ICT-leverancier en de toegenomen mogelijkheden om data uit te wis-
van 27 januari 2021 zijn de resultaten gepresenteerd en aan de hand van deze
selen, vereisen een onverminderd hoge aandacht voor informatiebeveiliging en
resultaten is besloten om gedurende de jaren 2022-2024 het kostenniveau
privacy. In 2022 vernieuwen we daarom samen met onze nieuwe ICT-partner
met 4% - 7% van de begroting te verminderen. De afdeling bedrijfsvoering zal
ons strategisch informatiebeleid. Door dit beleid in hetzelfde jaar te vertalen
voor 2022 de eerste besparing realiseren, bij ICT zullen de geraamde uitgaven
naar een samenhangend pakket van maatregelen, zorgt de OMWB ervoor
dalen, onder andere door de verandering van netwerkbeheerder.
aantoonbaar aan het normenkader van Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) te voldoen.
Informatievoorziening De informatievoorziening van de OMWB is in relatief korte tijd volledig ge-
Communicatie
transformeerd. Hiermee gaan we door. Zo zal een grote update van het
Inspanningen op het gebied van communicatie zijn erop gericht om OMWB-
VTH-zaaksysteem Squit 20/20 worden geïmplementeerd, optimaliseren we
medewerkers op een strategische, tactische en operationele wijze optimaal
AFAS en blijven we functionaliteiten toevoegen aan het dataplatform.
te ondersteunen en te adviseren in hun werk; bijvoorbeeld met schrijftrainingen, taaladviezen en communicatie-uitingen. Richting externe stakeholders is
<<
<
Op het dataplatform van de OMWB komen al haar gegevens samen en worden
communicatie-inzet erop gericht om de resultante van het OMWB-werk op een
deze gecombineerd met externe data. Met dit platform is het mogelijk om met
heldere, duidelijke en consistente wijze voor het voetlicht te brengen, evenals
deze data (geavanceerde) informatieproducten te maken die bijdragen aan de
bij te dragen aan een goede reputatie en dito (werkgevers)imago. Online heeft
strategische doelstellingen van de OMWB. Waar in 2021 door middel van data
de OMWB zijn producten gedeeltelijk al digitoegankelijk gemaakt, dit krijgt een
voornamelijk sturings- en verantwoordingsrapportages worden ontwikkeld, ligt
vervolg in 2021 en 2022.
OMWB Begroting 2022
15
>
Huisvesting
Financiën & Control
Het huurcontract aan de Spoorlaan loopt per 1-1-2023 af. De verhuurder HSA
De afgelopen jaren is stevig geïnvesteerd in een betrouwbare informatievoor-
Spoorlaan heeft aangegeven dat wij het pand kunnen blijven huren. Momenteel
ziening en risicomanagement; gefaciliteerd door de aanschaf en optimalisatie
is een projectgroep bezig met het onderzoeken van de diverse scenario’s. Het
van AFAS, werving en training van medewerkers en geïntensiveerde samen-
onderdeel werkplekinrichting en -beheer wordt hierin meegenomen. Het kantoor-
werking met de externe accountant. In 2022 ontstaat daardoor ruimte voor de
tuinenconcept lijkt achterhaald, mede door het vele (verplichte) thuiswerken.
volgende stap in de dienstverlening naar de organisatie en externe partners.
De diverse scenario’s worden door de projectgroep onderzocht en dit project is
De volgende projecten springen eruit:
afgerond op 31-12-2021. Hierna kunnen we in 2022 in overleg met de verhuurder doorgaan met de implementatie.
Rechtmatigheidsverklaring/Interne controle Met het controleplan 2021-2022 en het daarvan afgeleide controleprotocol
HRM
2022 is het fundament gelegd voor de vervulling van de interne controlewerk-
Als gevolg van de Omgevingswet verandert niet alleen de regelgeving, maar
zaamheden. Nieuw onderdeel betreft de Rechtmatigheidsverklaring. Zoals
ook het samenspel tussen medewerkers en hun omgeving; burgers, onderne-
het zich nu laat aanzien treedt de wetgeving hiertoe over het boekjaar 2021
mingen, ketenpartners en deelnemers. In de jaren voorafgaand aan de invoe-
in werking. In 2020 is gestart met een ambtelijke verkenning van de wet. In
ring heeft de dienst zich goed voorbereid, maar de ontwikkeling van medewer-
2021 wordt hier een vervolg aan gegeven, tezamen met het bestuur.
kers neemt pas een vlucht wanneer zij de aangeleerde kennis en vaardigheden in de praktijk kunnen toepassen. Daarom staat competentieontwikkeling van
Opvolging managementletter
medewerkers in 2022 centraal binnen het HRM-beleid. We investeren in training
In de management letter rapporteert de externe accountant jaarlijks zijn
en begeleiding om dat leerproces zo goed mogelijk te ondersteunen.
bevindingen naar aanleiding van de interimcontrole. In de twee laatste edities wordt melding gemaakt van aanbevelingen inzake het inkoop- en
In termen van houding en gedrag zorgt de Omgevingswet ook voor een echte
aanbestedingsproces en het verkoopproces, inclusief projectbeheersing.
cultuuromslag. De OMWB stimuleert medewerkers met een gericht programma
Deze aanbevelingen sluiten aan bij de AFAS-optimalisaties, die de organisatie
om anders te leren kijken en denken. De blik wordt nog meer naar buiten toe
voor ogen heeft.
gericht en we vervullen een actieve rol in de verbinding van partijen en het overbruggen van tegengestelde belangen. Medewerkers zetten hun deskundig-
Verbetering P&C-cyclus
heid in om met creatieve oplossingen te komen, waardoor ruimtelijke ontwikke-
Het cluster F&C is continu gefocust op verbeteringen, mede met het oog op
ling hand in hand gaat met bescherming van de leefomgeving.
een betrouwbare en tijdige oplevering van P&C-producten. Zonder afbreuk te doen aan kwaliteit, beoogt het cluster de doorlooptijd van (veelal maandelijkse)
Het investeren in ontwikkeling en verandering gaat hand in hand met het ver-
rapportages te reduceren. De inzet van AFAS is hierin essentieel. Dit geldt
werven van een aantrekkelijke arbeidsmarktpropositie. Het werven, selecteren
overigens ook voor de totstandkoming van het verantwoordingsdossier. Ook
en opleiden van nieuw personeel blijft onverminderd van belang. Ook richten
hiervoor geldt de ambitie van verdere digitalisering en optimalisatie.
we ons op het vergroten van de weerbaarheid en gezondheid van medewerkers. Zo behouden we een vitaal en toekomstbestendig personeelsbestand.
<<
<
OMWB Begroting 2022
16
>
4.
Financiële begroting 4.1 Inleiding De exploitatiebegroting bevat de verwachte baten en lasten voor het boekjaar 2022, inclusief meerjarenraming 2023-2025. Daarbij is de Kaderbrief 2022 als uitgangspunt gehanteerd. Aangezien de Begroting 2022 in dezelfde periode is opgesteld als de Jaarrekening 2020 is zoveel als mogelijk met deze actuele kennis rekening gehouden. Daar waar in het vervolg realisatiecijfers 2020 zijn vermeld, moet worden opgemerkt dat over deze cijfers nog geen accountantscontrole heeft plaats gevonden. 4.2 Financiële uitgangspunten De uitgangspunten voor de Begroting 2022 zijn door het Dagelijks Bestuur vast gesteld d.d. 27 januari 2021 en gedeeld met de deelnemers in de Kaderbrief 2022. 4.2.1 Algemene uitgangspunten De OMWB hanteert de volgende algemene financiële uitgangspunten: a. d e begroting 2022 gaat uit van het bestaande beleid, rekening houdend met de financiële effecten van de genoemde beleidsontwikkelingen in hoofdstuk 2; b. d e begroting 2022, inclusief de meerjarenraming 2023–2025, is sluitend; c. d e begroting 2022 wordt opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten De volgende financieel-technische uitgangspunten zijn in de begroting inclusief meerjarenraming gehanteerd: Baten - voor 2022 wordt een werkpakket verwacht vergelijkbaar aan de werkprogramma’s 2021; 335.500 declarabele uren; - er geldt een kostendekkend, gemiddeld tarief, dat gelijk is voor deelnemers en niet-deelnemers; - basis voor het financieringsmodel voor de deelnemende gemeenten is de MWBnorm.
<<
<
OMWB Begroting 2022
17
>
Lasten
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek
- conform de september-circulaire 2020 is rekening gehouden met een gemid-
Volgens afspraak met het Algemeen Bestuur zijn in de begroting 2022 en
delde loonkostenstijging van 1,5% ten opzichte van 2021. De geactualiseerde
meerjarenraming 2023-2025 de maatregelen volgend uit het kosteneffectivi-
indexering van het jaar 2021 is in de circulaire 2020 neerwaarts bijgesteld van
teitsonderzoek nader uitgewerkt. De volgende kostenbesparingen zijn in de
2,9% (volgens de september-circulaire 2019) naar 1,8%. Voor de bepaling
cijfers verwerkt.
van de personele kosten is rekening gehouden met de bijgestelde verwachting voor 2021; - conform de september-circulaire 2020 is rekening gehouden met een gemiddelde prijsstijging van 1,5% ten opzichte van 2021; - extrapolatie van de werkprogramma’s 2021 vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van circa 250 fte; - de personeelsformatie voor het primaire proces bedraagt 240 fte. De ‘overbrugging’ naar 250 fte gebeurt met inhuur van derden;
Besparingen Kosten
2022
2023
2024
2025
effectiviteitsonderzoek Bedragen x € 1.000 Vergunningverlening
-150
-300
-300
-300
Informatievoorziening
-500
-500
-500
-500
-
-500
-500
-500
Kosteneffectiviteit fase 1 Kosteneffectiviteit fase 2 Totaal kostenbesparingen
-
-
-400
-400
-650
-1.300
-1.700
-1.700
- er wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.350 uur per fte; - het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Over-
Het onderdeel ‘Informatievoorziening’ is verwerkt in de kosten van Bedrijfsvoe-
head’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de definitie van
ring. De overige zijn opgenomen onder Primair proces. ‘Kosteneffectiviteit fase
het BBV worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen
1’ en ‘fase 2’ zijn weergegeven onder ‘Algemene kosten’, ‘De dienst nog beter
met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces;
maken’ bij Primair proces. In volgende begrotingen vindt verdere duiding via
- de formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 54 fte;
de reguliere rubrieken plaats.
- om mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen, wordt rekening
Teneinde de besparingen structureel binnen de dienst te verankeren, zijn
gehouden met een post onvoorzien van € 150.000. Deze post staat ter be-
vooruitlopend ‘investeringen’ noodzakelijk. In de begroting 2022 en meerjaren
schikking van het Dagelijks Bestuur.
raming 2023 – 2025 zijn de volgende maatregelen doorgevoerd: Investeringen Kosten
2022
2023
2024
2025
250
250
-
-
effectiviteitsonderzoek Bedragen x € 1.000 Kosteneffectiviteit – initieel Kosteneffectiviteit – structureel
200
200
200
200
Totaal investeringen
450
450
200
200
Met deze maatregelen wordt een structurele netto-kostenreductie van € 1,5 mln. gerealiseerd met behoud van de uitvoeringskwaliteit, sterker nog, naar verwachting neemt de kwaliteit zelfs toe. Zonder deze maatregelen zou de deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 4% (€ 1,3 mln.) hoger uitvallen.
<<
<
OMWB Begroting 2022
18
>
Het overzicht van de lasten primair proces is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000
4.3 Begroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025
Programmadeel 1: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving
Begroting 2021
Begroting 2022
2023
2024
2025
20.488
20.454
20.337
20.340
20.759
Programmadeel 2: Advies en Projecten
8.103
9.687
9.554
9.568
9.459
9.654
Programmadeel 3: Collectieve taken
1.556
1.510
1.644
1.674
1.705
1.740
Programmadeel 4: Buiten werkprogramma
2.455
2.693
2.756
2.806
2.857
2.916
Programmadeel 4: Overige exploitatiebaten
Begroting 2022
2023
2024
2025
20.167
16.729
18.630
19.151
19.365
19.733
Reiskosten
206
354
359
364
370
375
Overige personele kosten
200
248
252
256
260
263
3.444
2.268
1.700
1.732
1.765
1.804
Personeel niet in loondienst 19.621
Begroting 2021
Personele kosten Lonen & salarissen
Meerjarenraming Realisatie 2020
Realisatie 2020 Primair proces
Het overzicht van baten is als volgt: Baten Bedragen x € 1.000
Meerjarenraming
Detacheringsinkomsten
-114
-
-
-
-
-
20.465
21.500
21.462
21.717
22.127
22.610
Afschrijvingskosten
104
254
24
29
29
29
Totaal Afschrijvingskosten
104
254
24
29
29
29
Totaal Personele kosten Afschrijvingskosten
1.706
523
610
621
632
645
33.441
34.901
35.018
35.006
34.993
35.714
-
-
-
-
-
-
Huisvesting en facilitaire kosten
33
202
205
208
211
214
Onttrekkingen reserves
467
-
-
-
-
-
Tractie
51
82
84
85
86
88
Totaal reserves
467
-
-
-
-
-
Automatisering
16
-
-
-
-
-
Algemeen beheer
-
-
-
-
-
-
100
284
289
293
297
302
Totaal baten
Stortingen reserves
Totaal lasten
Gerealiseerd resultaat
33.531
377
34.901
0
35.018
0
34.857
149
35.145
-152
36.216
-502
Huisvesting en organisatiekosten
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden
1.598
1.480
1.614
1.639
1.663
1.688
462
523
610
619
628
638
2.060
2.002
2.224
2.258
2.291
2.326
-
-
-
-
-
-
Algemene kosten Implementatie Omgevingswet i.s.m. deelnemers De Dienst nog beter maken
-
-
-
-500
-400
-
Totaal Algemene kosten
-
-
-
-500
-400
-
22.729
24.040
23.999
23.797
24.345
25.266
Totaal lasten primair proces <<
<
OMWB Begroting 2022
19
>
Het overzicht van de lasten Bedrijfsvoering is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000
Op grond van het BBV wordt inzicht verschaft in de structurele en incidentele baten en lasten voor de OMWB. In het volgende overzicht wordt dit weergegeven
Meerjarenraming Realisatie 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
2023
2024
(Bedragen x € 1.000): 2025 2022
Bedrijfsvoering Personele kosten Lonen & salarissen
4.232
5.331
4.837
4.929
5.023
5.133
Reiskosten
95
242
246
250
253
257
Overige personele kosten
804
949
1.160
1.078
1.094
1.110
1.426
-
150
150
-
-
-
-
-
-
-
-
6.557
6.522
6.393
6.407
6.370
6.500
Afschrijvingskosten
82
-
220
183
145
102
Totaal Afschrijvingskosten
82
-
220
183
145
102
872
1.053
1.069
1.085
1.101
1.118
-
-
-
-
-
-
Algemeen beheer
755
498
1.013
1.029
794
806
Automatisering
2.571
2.633
2.170
2.202
2.236
2.269
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
4.198
4.184
4.252
4.316
4.131
4.193
10.837
10.706
10.865
10.906
10.646
10.795
Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
2023
2024
2025
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Structureel
35.019
34.668
35.006
34.607
34.993
35.145
35.714
36.216
Incidenteel
-
350
-
250
-
-
-
-
Onder de incidentele lasten is in 2022 en 2023 € 250.000 opgenomen ten behoeve van investeringen voor de maatregelen van kosteneffectiviteit en in 2022 € 100.000 voor cultuur en leiderschap.
Afschrijvingskosten
Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten Tractie
Totaal lasten Bedrijfsvoering
Overig Diverse baten en lasten
-179
-
-
-
-
-
Onvoorzien
142
150
150
150
150
150
2
5
5
5
5
5
Vennootschapsbelasting Totaal lasten Overig Totaal lasten
<<
<
OMWB Begroting 2022
-35
155
155
155
155
155
33.531
34.901
35.018
34.857
35.145
36.216
20
>
5.
Toelichting op de begroting 2022 In dit onderdeel wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de begroting 2021 en 2022. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de beschikbare declarabiliteit en de te hanteren functionele tarieven voor het begrotingsjaar 2022. 5.1 Toelichting op de baten De baten van de OMWB bestaan voor het voornaamste deel uit bijdragen van onze deelnemers voor diensten en producten die zij afnemen. De baten zijn in beginsel gebaseerd op de omvang van de werkprogramma’s 2021. Daarbij zien we de laatste jaren een aanzienlijke toename van het aantal verzoektaken en taken buiten werkprogramma. In bijlage 1 zijn de bijdragen voor 2022 en verder per deelnemer gespecificeerd. In het ‘Overzicht van baten’, opgenomen in hoofdstuk 4 is in ’Programmadeel 1’ onder andere een reductie van € 150.000 opgenomen. Het betreft een eerste effect van het kosteneffectiviteitsonderzoek, onderdeel ‘Vergunningverlening’. Beoogd wordt een totale besparing van € 300.000 voor dit projectonderdeel. In jaarschijf 2023 van de meerjarenraming is de resterende € 150.000 verwerkt; nadien werkt deze besparing structureel door. Conform paragraaf 4.2.3. zijn voor de jaren 2022 tot en met 2024 verdere maatregelen uit het kosteneffectiviteitsonderzoek verwerkt, welke structureel doorwerken op de bijdragen van deelnemers.
Zonder deze maatregelen zou de bijdrage over 2025 4% (€ 1,3 mln.) hoger uitvallen.
<<
<
OMWB Begroting 2022
21
>
5.2 Toelichting op de lasten
Overige personeelslasten:
Voor de begroting 2022 worden de ramingen van de kosten vergeleken met die
• kosten welke hieronder geschaard worden, betreffen onder andere: opleidin-
van 2021. Het gaat hierbij om wijzigingen die van structurele aard zijn. Waar
gen, arbo, personeel gerelateerde verzekeringen, werving & selectie, perso-
nodig zijn de verschillen nader toegelicht.
neelsvereniging en werkkleding;
Personele kosten
• indexering: 1,5%. Begroting 2021
Begroting 2022
Bedragen x € 1.000
Personeel niet in loondienst:
Primair proces
• de formatie is gebaseerd op 240 fte. Het werkaanbod ligt circa 11.000 uur
Personele kosten Lonen & salarissen Reiskosten
19.151
354
359
Aanvullend wordt een deel van de formatie ingevuld door inhuur van externe medewerkers. De laatste jaren heeft de OMWB samen met de andere Bra-
Overige personeelskosten
248
252
Personeel niet in loondienst
2.268
1.700
-
-
21.500
21.462
Detacheringsinkomsten Totaal Personele kosten
hoger dan met deze formatie bewerkstelligd kan worden, dit betreft circa 8 fte.
18.630
bantse omgevingsdiensten fors geïnvesteerd in arbeidsmarktpositionering. Dit betaalt zich inmiddels terug in de werving van medewerkers. Hoewel daarmee een trendbreuk gerealiseerd is, overstijgt deze nog niet de krapte op de arbeidsmarkt uit de voorbije jaren.
Lonen & salarissen: De stijging in de salariskosten van € 521.000 kan als volgt worden gespecificeerd: • voor de indexering is rekening gehouden met 1,5% voor 2022, waarbij een actualisatie van de begroting 2021 heeft plaats gevonden op grond van de
Afschrijvingskosten
Begroting 2021
Begroting 2022
Afschrijvingskosten
254
24
Totaal Afschrijvingskosten
254
24
Bedragen x € 1.000 Afschrijvingskosten
indexering volgens de september-circulaire 2020; • er heeft een administratieve overplaatsing van een zestal medewerkers plaats gevonden vanuit Bedrijfsvoering naar Primair proces; • in correlatie met hetgeen vermeld in paragraaf 5.1 inzake de beoogde efficiency binnen het onderdeel ‘Vergunningverlening’ is € 150.000 in mindering gebracht op de corresponderende salariskosten; • er is nog geen rekening gehouden met mogelijke effecten vanuit de nieuw af te sluiten CAO. Reiskosten: • de verwachting is dat de reiskosten in 2022 weer toegroeien naar het niveau van voor de uitbraak van COVID-19; • indexering: 1,5%.
Afschrijvingskosten: • meerjarig zijn de afschrijvingskosten in beeld gebracht bij het meerjareninvesteringsprogramma (zie paragraaf 6.1); • als gevolg van zuiverdere boekingsgangen zijn de afschrijvingskosten enerzijds onder Primair proces en anderzijds onder Bedrijfsvoering verantwoord. Huisvesting en organisatie
Begroting 2021
Begroting 2022
Huisvesting en facilitaire kosten
202
205
Tractie
82
84
-
-
284
289
Bedragen x € 1.000 Huisvesting en organisatie
Automatisering Totaal Huisvesting en organisatie
<<
<
OMWB Begroting 2022
22
>
Huisvesting en organisatie:
Lasten
• indexering van 1,5%;
Bedragen x € 1.000
• automatiseringskosten zijn opgenomen onder Bedrijfsvoering.
Bedrijfsvoering
Begroting 2021
Begroting 2022
5.331
4.837
Personele kosten Overige kosten
Begroting 2021
Begroting 2022
Lonen & salarissen
Bedragen x € 1.000
Reiskosten
242
246
Overige kosten
Overige personeelskosten
949
1.160
Personeel niet in loondienst
-
150
Detacheringsinkomsten
-
-
6.522
6.393
Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Overige kosten
1.480
1.614
523
610
2.002
2.224
Totaal Personele kosten
Afschrijvingskosten
De Overige kosten kunnen als volgt worden gespecificeerd:
Afschrijvingskosten
-
220
• indexering van 1,5%;
Totaal Afschrijvingskosten
-
220
1.053
1.069
• de ‘Laboratoriumkosten’ kennen de laatste jaren een gestage groei. Om die reden is aansluiting gezocht bij de realisatie 2020. De kosten voor luchtkwali-
Huisvesting en facilitaire kosten
teitsmetingen/e-Noses zijn onder deze post opgenomen; • de kosten voor milieumetingen worden gecompenseerd door de Provincie Noord-Brabant en hebben derhalve een neutraal resultaateffect. Algemene kosten
Begroting 2021
Huisvesting en organisatie
Algemeen beheer
498
1.013
Automatisering
2.633
2.170
4.184
4.252
10.706
10.865
Totaal Huisvesting Begroting 2022
en organisatie
Bedragen x € 1.000 Totaal lasten Bedrijfsvoering
Algemene kosten Implementatie Omgevingswet i.s.m. deelnemers
-
-
De kosten van Bedrijfsvoering worden conform het BBV afzonderlijk in de be-
De Dienst nog beter maken
-
-
groting verantwoord.
Totaal Algemene kosten
-
-
De daling van kosten voor lonen & salarissen van € 494.000 kent de volgende oorzaken: Implementatie Omgevingswet i.s.m. deelnemers: • betreft specifiek budget voor de implementatie van de Omgevingswet. Hiervoor zijn geen kosten opgenomen in de begroting 2022, aangezien dit onderwerp is opgenomen in de risico-inventarisatie.
• voor de indexering is rekening gehouden met 1,5% voor 2022, waarbij een actualisatie van de begroting 2021 heeft plaats gevonden op grond van de indexering volgens de september-circulaire 2020; • er heeft een administratieve overplaatsing van een zestal medewerkers plaats gevonden vanuit Bedrijfsvoering naar Primair proces; • er is nog geen rekening gehouden met mogelijke effecten vanuit de nieuw af te sluiten CAO.
<<
<
OMWB Begroting 2022
23
>
Overige personeelskosten: • de stijging van ‘Overige personeelskosten’ houdt verband met budgetten ten behoeve van vitaliteit van medewerkers en een toekomstbestendige
Overig
Begroting 2021
Begroting 2022
Bedragen x € 1.000 Diverse baten en lasten Onvoorzien
-
-
150
150
personeelsopbouw ad. € 100.000 en uitwerking van het Cultuur & Leider-
Vennootschapsbelasting
5
5
schapstraject € 100.000. Het Cultuur & Leiderschapstraject is een uitvloeisel
Totaal Overig
155
155
Totaal lasten
34.901
35.018
van een eerder engagementonderzoek onder medewerkers. In plaats van een hernieuwd onderzoek hebben we ervoor gekozen om een Cultuur & Leiderschapstraject op te zetten om zo de ontwikkeling van de organisatie beter te ondersteunen. Het aanvullende budget voor de toekomstbestendige
Onvoorzien
personeelsopbouw wordt ingezet voor thuiswerkvoorzieningen, organisatie
Voor de verplichte post ‘Onvoorzien’ is vanuit het Dagelijks Bestuur in de
verjonging en leeftijdsbewust personeelsbeleid;
begroting een bedrag opgenomen van € 150.000. Dit bedrag is ongewijzigd
• indexering van 1,5%.
ten opzichte van 2021 en wordt toereikend geacht.
Personeel niet in loondienst:
5.3 Declarabiliteit
Voor de verdere doorontwikkeling van datamanagement en -beheer is inhuur
De met de deelnemers afgestemde werkprogramma’s 2021 hebben als basis
van specialistische kennis en ervaring essentieel. De kosten worden geschat op
gediend voor de begroting 2022. Het werkaanbod is daarmee geraamd op
€ 150.000.
335.500 declarabele uren.
Algemeen beheer:
In de begroting is rekening gehouden met een formatie van 294 fte, waarvan
De stijging van kosten inzake ‘Algemeen beheer’ beslaan de implementatie van
240 fte in het primaire proces. Rekening houdend met een declarabiliteit van
een kwaliteitsmanagementsysteem; onderdeel van het Kosteneffectiviteitson-
1.350 uur per fte, is 324.0000 uur beschikbaar aan declarabele uren.
derzoek. Voor de jaren 2022 en 2023 is een ‘investering’ van € 250.000 per jaar noodzakelijk. De jaarlijks terugkerende kosten bedragen € 200.000. Automatisering: De daling in automatiseringskosten wordt primair veroorzaakt door wisseling van netwerkbeheerder. Zo worden systemen in de cloud geplaatst en wordt op een andere wijze invulling gegeven aan werkplekkenbeheer.
De declarabilitetsnorm van 1.350 uur per fte kent de volgende opzet: Bruto-netto-berekening
Totaal uren
Beschikbare uren 52 x 36
1.872
Verlof en feestdagen
223
Verzuim
84
Niet declarabele uren (o.a. overleg, opleiding
215
kwaliteitsmanagement, uren key users, OR/BHV)
De overige kosten zijn geïndexeerd met 1,5%.
Totaal Declarabele uren
1.350
De ruimte tussen zowel werk- als additioneel aanbod en beschikbare urencapaciteit wordt gerealiseerd met inzet van externe inhuur.
<<
<
OMWB Begroting 2022
24
>
5.4 Tarief ontwikkeling De OMWB hanteert in de begroting een gemiddeld, voorcalculatorisch uurtarief voor de geraamde bijdragen van deelnemers. De facturatie (afrekening ten op-
Functioneel voorcalculatorische uurtarieven
Begroting 2022
Begroting 2021
Milieu MBO
€
zichte van de bevoorschotting) vindt plaats tegen de gedifferentieerde nacalcu-
77,55
€
HBO
latorische tarieven, gebaseerd op de functionele inschaling van de uitgevoerde
HBO+
werkzaamheden.
77,55
€
95,50
€
95,50
€
113,55
€
113,20
Specialisten
€
113,55
€
113,20
Klachten
€
95,50
€
95,50
In de begroting 2022 is voor de tariefsaanpassing rekening gehouden met een
Klachten buiten kantoortijd
€
129,55
€
129,15
stijging van 1,5%. Dit is een gewogen percentage gebaseerd op de stijging van
BOA
€
55,15
€
55,15
loonkosten van 1,5% en materiële budgetten van 1,5%; beide indices conform
BOA buiten kantoortijd
€
73,30
€
73,30
de september-circulaire 2020. Deze 1,5% wordt normaliter doorberekend in de uurtarieven. Het gemiddelde, voorcalculatorische tarief voor 2022 zou daarmee afgerond € 96,15 bedragen (gemiddeld tarief 2021: € 94,70). Echter door het niet opnemen van de verwachte kosten voor invoering van de Omgevingswet, is voor het begrotingsjaar 2022 een tariefskorting mogelijk. Het gemiddelde