14B. Bijlage Ontwerpbegroting OMWB 2024 - 2313220.pdf
Tekst van het document
Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant
Begroting 2024 Incl. meerjarenraming 2025-2027
www.omwb.nl
>
Inhoudsopgave 3
1.1 Voorwoord
3
2. Beleidsbegroting
4.2 Financiële uitgangspunten
20
4.2.1 Algemene uitgangspunten
20 20
5
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
8
2.2.1 Uitvoeringskaders
8
2.2.2 Opbouw programma
9
‘Van goed naar beter’
4.3 Begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027
5. Toelichting op de begroting 2024
21 22 24
11
5.1 Toelichting op de baten
24
3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing
11
5.2 Toelichting op de lasten
25
3.2 Financiële kengetallen
14
5.3 Declarabiliteit
28
3.3 Financiering
14
5.4 Tarief ontwikkeling
28
3.4 Bedrijfsvoering
16
6. Uiteenzetting financiële positie
3.4.1 Kernthema: Omgevingswet
16
3.4.2 Kernthema: Professionalisering
16
6.1 Geprognosticeerde balans
29
3.4.3 Kernthema: Strategisch HRM
16
6.2 (Vervangings-)investeringen 2024
30
3.4.4 Kernthema’s: VTHKA instrumenten en verkenningen 17
6.3 Afschrijvingstermijnen
30
3.4.5 Overige bedrijfsvoeringsonderwerpen
17
6.4 Staat van reserves
31
3.4.6 Informatievoorziening
18
3.4.7 Huisvesting OMWB in Tilburg
19
3.5 Wet open overheid (Woo)
<
20
5
20
4.1 Inleiding
2.1 (Beleids-)ontwikkelingen
3. Paragrafen
<<
4. Financiële begroting
1. Algemeen
OMWB Begroting 2024
19
29
Bijlage 1. Specificatie bijdrage per deelnemer
32
Bijlage 2. O verzicht van geraamde baten en lasten per taakveld
34
Lijst van veel gebruikte afkortingen en termen binnen de OMWB
35
2
>
1.
Algemeen 1.1 Voorwoord Voor u ligt de begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025–2027 van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (hierna OMWB). De begroting hangt samen met de tegelijkertijd aangeboden begrotingswijziging 2023. Hierin worden de inflatie, vastgestelde cao en de tariefsaanpassingen financieel vertaald. Deze opzet ligt ook aan de basis voor de begrotingsuitgangspunten voor 2024. De veelheid aan thema’s om te komen tot een veilige, schone en duurzame leefomgeving, staan hoog op de politiek-bestuurlijke agenda. Hierbij is samenwerking essentieel. Thema’s als energie, klimaat en stikstof, de invoering van de Omgevingswet en risicogericht en informatiegestuurd werken, vereisen een goede samenwerking met onze deelnemers en andere overheidsorganisaties (zoals waterschappen, veiligheidsregio’s, landelijke inspecties en departementen). Hieronder een eerste inzicht in de belangrijkste ontwikkelingen waar de OMWB in 2024 mee te maken zal hebben. Omgevingswet De invoeringsdatum van de Omgevingswet is vastgesteld op 1 januari 2024. Tegelijkertijd zullen de bodemtaken (saneringen) overgaan van de provincie naar de gemeenten. Ook zal de eerste fase van de wet Kwaliteit Bouw worden ingevoerd. De invoering van deze wetten betekent een belangrijke verandering voor de taakuitvoering en werkwijze van de OMWB.
Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed is voorbereid, begint het feitelijke veranderingsproces pas na de inwerkingtredingsdatum in 2024 en de jaren erna. Processen, afspraken deelnemers, inregelen samenwerking, DSO. Programma ‘Van goed naar beter’ Het programma ‘Van goed naar beter’ gaat in 2024 haar afrondende jaar in. Dit programma behelst het effectueren van het (financieel) potentieel van het onderzoek naar kosteneffectiviteit uit december 2020. En daarmee is het de aanjager geweest voor de verdere professionalisering van onze dienst.
<<
<
OMWB Begroting 2024
3
>
In 2023 zijn we gestart met het opzetten van een kwaliteitsmanagementsysteem. Deze wordt in 2024 verder geïmplementeerd en uitgerold. Informatiegestuurd werken Hoe beter het ons lukt om data te vertalen naar waardevolle informatie en inzichten, hoe beter we kunnen bijdragen aan een schone, veilige en duurzame leefomgeving. Het opbouwen van deze data per thema en per branche is een absolute randvoorwaarde om volwaardig informatie- en datagestuurd te kunnen werken. De juiste informatiesystemen om deze gegevens in op te slaan, helpen daarbij. In 2024 zullen we met meerdere thema’s deze systematiek van gegevensverzameling verder uitrollen. Resultaten Interbestuurlijk Programma 2024 is ook het laatste jaar van het Interbestuurlijk Programma. De resultaten van de zes pijlers, welke een antwoord moeten geven op de aanbevelingen uit het rapport van de commissie van Aartsen, moeten in onze organisatie geïmplementeerd worden. Ook de bevindingen van de gehouden visitatie in oktober 2023 zullen in 2024 opgepakt moeten zijn. De komende jaren blijven we ons gestaag doorontwikkelen. Het kan profes sioneler, het móet professioneler. Daarmee hebben we ook echt de kans om als omgevingsdienst een flinke duw te geven aan de transities en de grote opgaven op het gebied van klimaat en milieu.
Wij zijn er van overtuigd dat we deze opgaven - samen met onze deelnemers en (keten)partners – succesvol kunnen oppakken! Alfred Arbouw Directeur OMWB
<<
<
OMWB Begroting 2024
4
>
2.
Beleidsbegroting 2.1 (Beleids-)ontwikkelingen In dit hoofdstuk volgen de belangrijkste ontwikkelingen voor de OMWB. In de Kaderbrief 2024 kwamen deze ontwikkelingen reeds aan de orde. In deze begroting worden de beleidsmatige ontwikkelingen vertaald naar financiële consequenties voor de OMWB en de deelnemers. Net als voorgaande jaren ligt in 2024 de focus van de OMWB op de uitvoering van de taken rondom vergunningverlening, toezicht, handhaving, klachtenafhandeling, advisering en de specialistische taken rondom externe veiligheid, bodem, licht, geluid, lucht, geur en juridische advisering. De inzet van het VTH-instrumentarium beweegt mee met de veranderende leefomgeving. De OMWB wil het effect van zijn inzet zo groot mogelijk maken en tegelijkertijd zo efficiënt mogelijk de taken voor zijn deelnemers uitvoeren. De Omgevingswet, die op 1 januari 2024 in werking treedt, vormt hierin de belangrijkste factor. Ondanks het feit dat de OMWB daarop goed is voorbereid, begint het feitelijke veranderingsproces pas na de inwerkingtredingsdatum in 2024 en daarna. Samenwerking is essentieel in 2024 en de daaropvolgende jaren. Thema’s als energie, klimaat, stikstof, de Omgevingswet en risicogericht en informatiegestuurd werken, vloeien ook voort uit landelijke ontwikkelingen en vereisen samenwerking met de verschillende overheidsorganisaties.
<<
<
OMWB Begroting 2024
5
>
Samengevat verwachten we: T.a.v. de VTH-taakuitvoering: • Steeds meer risicogericht en resultaatgericht toezicht en hand
• Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet een verschuiving van het bevoegd gezag voor bodem en ondergrond en daarmee de VTH-(basis)
having. Daarvoor moeten we meer data ontsluiten om te bepalen
taken voor een groot deel van de provincie naar de gemeenten. De
waar het risico het grootst is voor de leefomgeving en het effect van
invulling van de bodembeleidsregels in de omgevingsplannen van de
onze inzet maximaal is.
gemeenten draagt bij aan de wijze hoe de OMWB zijn VTH-taken op
• Dat onze inzet zich steeds meer zal organiseren rondom maatschappelijke
bodemgebied uitvoert. De OMWB past vanaf 2024 zijn werkwijze aan
thema’s en risico’s in de leefomgeving. Denk aan Zeer Zorgwekken-
om de gemeenten beter te kunnen ondersteunen bij hun nieuwe rol
de Stoffen (ZZS), klimaat, energie, circulaire economie, ketengericht
binnen het bevoegd gezag voor bodem en ondergrond.
toezicht en de gebiedsgerichte aanpak. We verwachten een toename van
• Door de Omgevingswet een verschuiving van minder vergunningverle-
toezicht op bovengenoemde thema’s en daarmee een verschuiving in de
ning naar meer toezicht en handhaving met meer sturing op basis
vormen van toezicht. • Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet dat energietoezicht
van monitoringswaarden en bevindingen in de leefomgeving. • Een rol bij het Omgevingsoverleg (de Omgevingstafel of het Voor
wordt toegevoegd aan het basistakenpakket van omgevingsdiensten.
overleg). Deze is belangrijk om te kunnen voldoen aan de gestelde
Door de aanscherping van wet- en regelgeving en met de extra finan-
behandeltermijn van acht weken. Om dat in 2024 goed ingericht te
ciële middelen van het Rijk wordt de uitvoering van energietoezicht
hebben, is nauwe samenwerking en afstemming van cruciaal belang.
verder geïntensiveerd en verbeterd. De capaciteit wordt in 2024 verder
• Een adviserende rol in de (regionale) beleidsvorming van omgevings-
uitgebreid. Dit heeft geen financiële gevolgen voor de gemeenten en
visies en -plannen. De inzet van de OMWB richt zich op de uitvoerbaar-
provincie. Het toezicht op en handhaving van de energielabel C-verplich-
heid van onze VTH- en adviestaken en bijbehorende expertise. Maar
ting voor kantoren wordt op verzoek van de gemeenten door de OMWB
ook op het belang van regionale afstemming van omgevingsplannen om
uitgevoerd.
onder andere een wildgroei en versnippering van verschillende regels
• Ontwikkelingen rondom circulaire economie te blijven volgen en te vertalen en hier, zo nodig, de eigenaren over te adviseren en bedrijven voorlichting te geven over hoe ze hier invulling aan kunnen geven. • Dat gezondheid en veehouderij door de invoering van de Omgevings wet en met het oog op het maatschappelijke debat een grotere rol gaan
voor geluid, geur en lucht tegen te gaan. • Meer focus op monitoring van data van omgevingskwaliteit om de kwaliteit in de leefomgeving te kunnen volgen, maatwerk te kunnen leveren en maatregelen te kunnen treffen en te beoordelen. • Een rol in het definiëren van gewenste omgevingswaarden (ge-
spelen in de VTH-taken. Wanneer dit tot concrete werkzaamheden leidt,
biedsafhankelijk) in gemeentelijke visies en plannen. Aangevuld met
is nog onduidelijk.
een strategie waarmee we omgevingswaarden kunnen controleren en monitoren (in tijd). • Dat de invulling van het Interbestuurlijk programma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (IBP VTH) bijdraagt aan de wijze waarop de OMWB zijn VTHKA-taken uitvoert.
<<
<
OMWB Begroting 2024
6
>
T.a.v. de specialistische taakuitvoering:
• Natuurbescherming: de OMWB houdt haar deelnemers op de hoogte
• Geluid: gemeenten worden verplicht om de basisgeluidemissie voor de
van nieuwe ontwikkelingen. Ook in 2024 zal de inzet van de OMWB
gemeentelijke wegen met meer dan 1.000 motorvoertuigen per etmaal
(in samenwerking met de ODBN) op het stikstofdossier groot zijn, de
vast te stellen. Deze basisgeluidemissie moet vervolgens elke vijf jaar
exacte omvang is door telkens nieuwe (juridische) ontwikkelingen moeilijk
gemonitord worden. Gemeenten doen dit voor het eerst op een bij Koninklijk Besluit te bepalen tijdstip. Met het verzamelen van de hiervoor
in te schatten. • Externe veiligheid: met de inwerkingtreding van de Omgevingswet
benodigde gegevens kan al worden gestart. De OMWB kan dit samen
wordt het thema ‘externe veiligheid’ gemoderniseerd. Dit brengt diverse
met gemeenten uitvoeren als verzoektaak.
veranderingen teweeg, zoals een vernieuwde aanpak van het groepsrisico
• Geluid: de rekensystematiek voor gezoneerde industrieterreinen verandert.
en een nieuwe database waarin de informatie over externe veiligheids
De bestaande 50 dB(A) contouren verdwijnen en worden vervangen door
risico’s verzameld wordt, het Register Externe Veiligheid (REV). Bevoegde
geluidproductieplafonds en een geluidaandachtsgebied. Deze moeten
gezagslichamen moeten aan de slag met de definitieve vaststelling van
in de omgevingsplannen worden vastgelegd. De invoeringsdatum wordt
omgevingsplannen. Door de complexiteit van externe veiligheid vervult
met een Koninklijk Besluit kenbaar gemaakt. Gemeenten die gezoneerde
de OMWB hierin een ondersteunende rol.
industrieterreinen hebben, wordt geadviseerd middelen vrij te maken voor deze aanpassing. De OMWB kan dit voor gemeenten uitvoeren als verzoektaak. • Geluid: bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt een nieuwe bijdrageregeling voor de sanering van verkeerslawaai van kracht. Dit betekent een mogelijke (forse) toename van nieuwe saneringsprojecten. • Lucht: schone en gezonde lucht is een actueel thema. Steeds meer gemeenten sluiten aan bij het Schone Lucht Akkoord. De leemte in het wettelijk kader (en bruidsschat) met betrekking tot het geurbeleid (definiëren en sturen op aanvaardbare hinderniveaus in leefomgeving) op de beleidsthema’s industriële geurhinder, overlast particuliere houtstook en horeca-geuren, zet gemeentes voor problemen. Van de OMWB wordt verwacht een trekkende en adviserende rol in te nemen. De OMWB breidt in overleg met de provincie luchtkwaliteitsmetingen/ locaties uit richting de meer belaste gebieden. Gemeenten kunnen inschrijven om in aanmerking te komen voor deze luchtkwaliteitsmonitoring. • Voor alle specialismen geldt dat de bruidsschat moet worden verwerkt in omgevingsplannen.
<<
<
OMWB Begroting 2024
7
>
Hieronder volgen de inhoudelijke onderwerpen en welke impact zij hebben op
De OMWB streeft naar een uniforme wijze van uitvoering geven aan de wet-
de VTH-uitvoering en de specialistische taken.
telijke kaders op het gebied van milieu- en omgevingsrecht. Hierbij werkt de dienst samen met zijn deelnemers aan meer uniformiteit van werkprocessen,
2.2 Vanuit beleid naar uitvoeringsprogramma
samenwerking tussen vergunningverleners, toezichthouders en juristen en efficiëntie en effectiviteit van gekozen werkwijzen.
2.2.1 Uitvoeringskaders De OMWB voert veel wettelijke taken onder het mandaat van zijn deelnemers
Voor een goede borging van de VTH-taken zijn er uitgangspunten:
uit, de provincie Noord-Brabant en de gemeenten. De beleidskaders voor deze
• Verantwoordelijkheid en vertrouwen: veiligheid en milieu zijn primair de eigen
uitvoering worden door de deelnemers als volgt bepaald: 1. V oor de toezicht- en handhavingstaak bepaalt elke deelnemer in een
verantwoordelijkheid van bedrijven. Vertrouwen moet verdiend worden; • risicogestuurd toezicht: toezicht vindt risicogestuurd plaats. Het meeste
beleidsdocument (probleemanalyse en prioriteiten) de jaarlijkse doelstellin-
toezicht vindt plaats bij bedrijven met hoge risico’s; minder toezicht vindt
gen. Daarbij wordt voldaan aan landelijke kwaliteitscriteria. Conform deze
plaats bij bedrijven met lage risico’s;
criteria wordt voor de toezicht- en handhavingstaken van deze deelnemers jaarlijks een handhavingsuitvoeringsprogramma opgesteld. Dit, zoveel als mogelijk, op basis van een samenhangend systeem van evaluatiegegevens van de uitvoering van het programma in het voorgaande jaar, het GUK,
• prioritering preventief toezicht: frequentie en tijdsbesteding van toezicht worden bepaald door naleefgedrag, klachtenpatroon, oordeel toezichthouder/vergunningverlener, complexiteit en omgeving; • actuele vergunningen: vergunningen van bedrijven moeten actueel en
een probleemanalyse en prioritering, rekening houdend met de aard en het
handhaafbaar zijn. Nieuwe wetgeving en richtlijnen worden tijdig geïmple-
naleefgedrag van bedrijven.
menteerd;
2. V oor vergunningverlening en wettelijke taken op het gebied van de specia-
• integrale benadering bedrijven: vergunningverlening, toezicht, handhaving,
lismen (bodem, geluid, etc.) zijn de wettelijke eisen (waaronder ook lokale
externe veiligheid en andere specialismen werken samen in hun benadering
regelgeving) maatgevend, tenzij specifieke beleidsdoelstellingen zijn
van bedrijven. Bedrijven worden in relatie tot hun omgeving bezien.
geformuleerd. Dit geldt ook voor de adviestaken. Voor de beleidstaken (ontwikkeling en uitvoering) zijn de lokale kaders leidend.
De basis voor het programma vormen het basistakenpakket, de MWB-norm, de aangeleverde werkprogramma’s van gemeenten en provincie, de afspraken met de andere Brabantse omgevingsdiensten en de afspraken voor de landelijke uitvoering Brzo- en RIE4-taken (Brzo-OD’s). De Omgevingswet treedt per 1 januari 2024 in werking. De Omgevingswet heeft effect op de uitvoering van de VTH-taken. Naast de herintroductie van de milieuleges zijn de vertaling van de lokale ambities in vergunningen & toezicht, het organiseren van een omgevingstafel en vergunningsprocedure (veelal teruggebracht naar acht weken) de grootste wijzigingen. Door het opleidingsplan en het oefenen met casuïstiek zorgt de OMWB ervoor dat de medewerkers zo
<<
<
OMWB Begroting 2024
8
>
optimaal mogelijk worden voorbereid op de Omgevingswet. Wat de financiële gevolgen zijn van de wet is op dit moment nog lastig in te schatten, aangezien er nog geen ervaring is met de nieuwe wet en relevante data ontbreekt. De focus ligt de komende jaren op het in beeld brengen van de initiële en structurele kosten van de Omgevingswet voor de VTH-taken van de OMWB. 2.2.2 Opbouw programma De programmabegroting bestaat uit vier programmadelen: - Programmadeel 1: vergunningverlening, toezicht, handhaving en klachten en niet-inrichting gebonden (NIG) taken - P rogrammadeel 2: adviezen en projecten - P rogrammadeel 3: collectieve taken - P rogrammadeel 4: overige exploitatiekosten De programmaonderdelen worden hieronder toegelicht. Programmadeel 1: vergunningverlening, toezicht en handhaving Programmadeel 1 bestaat uit de wettelijke taken op het terrein van milieu, de zogenaamde VTH-milieutaken. Voor dit programmadeel vormt de in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 8 december 2021 herziene MWB-norm samen met het GUK en het Level Playing Field (LPF) voor de niet-inrichtinggebonden taken de basis. De kaders van de MWB-norm en de NIG-taken zijn leidend voor de uitvoering van de wettelijke basistaken.
Programmadeel 2: adviezen en projecten In programmadeel 2 brengen deelnemers aan de hand van het werkprogramma de adviestaken op het terrein van milieu en overige taken uit het omgevingsrecht in. Deze zogenaamde verzoektaken omvatten de (milieu)metingen, adviezen en projecten op het gebied van bijvoorbeeld Brzo, geluid, bodem, (afval)water, lucht, asbest, communicatie, juridische zaken, bouwtaken, ruimte lijke planvormingsprocessen, externe veiligheid, duurzaamheid, energie en omgevingsbeleid. Deze taken hebben vaak een wettelijke grondslag, zijn onderdeel van beleidsambities of bieden de opdrachtgever toegevoegde waarde en betreffen daarom niet-basistaken. <<
<
OMWB Begroting 2024
9
>
In 2024 verwacht de OMWB, op basis van uitgevoerde werkprogramma’s van
De meer incidentele projecten hebben betrekking op:
voorgaande jaren, verzoeken en vragen voor onderzoek en advies af te handelen
• Wetgeving en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de implementatie van
op het terrein van:
de Omgevingswet en Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS);
• Milieuadvisering voor RO;
• verbeteren en actualiseren van de VTH-gerelateerde taken;
• externe veiligheid;
• verkenningen, zoals stikstof en circulaire economie.
• onderzoek en advies op het gebied van lucht, geluid, water, trillingen en licht; • vergunningverlening en toezicht bij niet-basistaak bedrijven;
Daarnaast is een klein bufferbedrag beschikbaar binnen het programma om in
• gegevensbeheer en ambtelijke ondersteuning.
te kunnen spelen op actuele onderwerpen.
Programmadeel 3: collectieve taken
Programmadeel 4: overige exploitatiekosten
Het programma voor de collectieve taken, inclusief resultaatverplichtingen,
In programmadeel 4 zijn de werkzaamheden ondergebracht die buiten voor-
wordt jaarlijks door de deelnemers vastgesteld. Jaarlijks wordt samen met
gaande programma’s vallen. Het gaat hierbij om de levering van producten en
de klankbordgroep - bestaande uit vertegenwoordigers van deelnemers -
diensten aan zowel deelnemers als niet-deelnemers. Zowel de kosten van de
het collectieve takenprogramma opgesteld en gemonitord. Alle onderdelen
levering als de incidentele kosten (kosten om te komen tot contractafspraken)
(activiteiten en projecten) in het programma worden met duidelijke kaders
en structurele kosten (kosten voor coördinatie en bedrijfsvoering) van de
projectmatig uitgevoerd. Aan de hand van voortgangsrapportages worden de
organisatie worden doorbelast.
deelnemers geïnformeerd. Het programma bestaat grofweg uit twee onderdelen: structurele onderwerpen en incidentele onderwerpen. De structurele onderwerpen bestaan uit: • Opstellen en monitoren van het programma; • klachten- en crisisorganisatie, inclusief de 24/7 bereikbaarheid; • BPO-projecten; • (bestuurlijke) samenwerking met partners, zoals OM, veiligheidsregio, waterschappen en andere omgevingsdiensten; • data-ontwikkeling voor informatiedeling en risicogericht werken; • het actueel houden van het inrichtingenbestand.
<<
<
OMWB Begroting 2024
10
>
3.
Paragrafen Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft voor dat in de begroting en jaarrekening paragrafen worden opgenomen waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd voor een aantal beheersmatige aspecten van de organisatie. De voor de OMWB van toepassing zijnde paragrafen zijn hierna opgenomen: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 2. Financiering 3. Bedrijfsvoering 3.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Conform het BBV is het verplicht om op basis van risico-inschatting een kwalificatie te geven van de omvang van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen betreft de relatie tussen de risico’s waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen en de capaciteit van middelen en mogelijkheden die de OMWB heeft om niet-begrote kosten op te vangen (BBV artikel 11). Om te voorkomen dat bij niet-afgedekte risico’s ingrijpende (organisatie)wijzigingen noodzakelijk zijn, is een afdoende weerstandsvermogen voor de OMWB gewenst. Hoe groot die weerstandscapaciteit moet zijn, is afhankelijk van de risico-inschatting en de bereidheid van het Bestuur om deze risico’s al dan niet te lopen. De OMWB streeft een voldoende weerstandscapaciteit na, dat betekent een weerstandsratio tussen 1,0 en 1,4.
Normering weerstandsvermogen Voor de normering van het weerstandsvermogen in relatie tot de deelnemers heeft het Algemeen Bestuur besloten een model vast te stellen dat erop neerkomt dat 5% van het (begrotings-/jaarrekening-)totaal van de exploitatie rekening wordt aangehouden als weerstandsvermogen. Daarbij wordt een onder- en een bovengrens gehanteerd van respectievelijk 4% en 6%. Binnen deze bandbreedte is het weerstandsvermogen toereikend vanuit de optiek van het Algemeen Bestuur.
<<
<
OMWB Begroting 2024
11
>
Risicobeheersing
proces in de jaren 2021 en volgend verder uit te breiden naar een niveau van
Risicobeheersing of risicomanagement is het effectief omgaan met de kansen
240 fte. Aangezien het bijbehorende aantal declarabele uren ongeveer 324.000
en bedreigingen die de realisatie van de organisatiedoelstellingen kunnen
bedraagt (m.i.v. 2023 310.000 uur als gevolg van verlaging van de declarabi-
beïnvloeden. Hiervoor is het van belang dat er een continu proces wordt inge-
liteitsnorm mede door de harmonisatie van verlofrechten), zijn we afhankelijk
richt van identificeren, prioriteren en beheersen van risico’s. De OMWB streeft
van de inhuur van derden voor de uitoefening van de taken. Deze externe inzet
ernaar risico’s zoveel als mogelijk te vermijden, verzekeringen ervoor af te
is duurder dan de uitvoering met eigen personeel, vandaar dat we dit opnemen
sluiten of ze te ondervangen door beheersmaatregelen te treffen. In het kader
in de risicotabel.
van dit laatste stelt de OMWB een Intern Controleplan op, waaraan in het begrotingsjaar uitvoering wordt gegeven.
Maatregelen: Dit risico is te ondervangen door aanname van eigen personeel. Sinds 2019
Geïdentificeerde risico’s
worden samen met de twee andere Brabantse omgevingsdiensten initiatieven
In de 2e Burap 2022 en de begroting 2023 zijn de volgende risico’s geïdentificeerd:
ontplooid om onze positie op de arbeidsmarkt te verbeteren. Sindsdien heeft
Risico’s
dit al tot het aannemen van een aantal nieuwe medewerkers geleid. De druk
Maximaal bedrag schade
Kans op optreden risico
Gewogen risico
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
200.000
5. Transitie mens en systeem
700.000
50%
350.000
5. Transitie mens en systeem
6. Problematiek arbeidsmarkt
700.000
75%
525.000
De aan onze organisatie en medewerkers gestelde eisen blijven snel veranderen.
9. COVID-19
500.000
50%
250.000
Dit is enerzijds gericht op de inhoud van het werk, anderzijds zien we dat ook
11. Invoering Omgevingswet
1.000.000
40%
400.000
andere (digitale) vaardigheden worden gevraagd. In de opleidingen wordt hier
12. Kosteneffectiviteit
1.200.000
15%
180.000
volop aandacht aan besteed zodat werknemers hun rol binnen de organisatie
Totaal
4.500.000
1.905.000
op het werven van eigen personeel blijft echter onverminderd groot.
optimaal kunnen vervullen. De verwachting is dat dit niet in alle individuele gevallen gaat lukken. Daarnaast wordt verwacht dat de impact van de update
In het kader van de jaarrekening 2022 is bovenstaande lijst geëvalueerd en
van Squit 20/20 naar RX Mission groter is dan aanvankelijk is ingeschat. Het
geactualiseerd. Hieronder volgt per risico een korte toelichting.
totale risico dat met bovenstaande samenhangt, wordt ingeschat op € 700.000 met een kans van maximaal 50%. Dit risico is € 200.000 hoger dan vorig jaar.
4. Inhuur versus vast personeel In de begroting van de OMWB geldt als uitgangspunt dat in beginsel het eigen
Maatregelen:
personeel de taken verricht. Het actieve wervingsbeleid (onder andere in
Het uitvoeren van een correct en zorgvuldig personeelsbeleid, waaronder een
samenwerking met de twee andere Brabantse omgevingsdiensten) heeft ertoe
adequaat opleidingsprogramma. Daarnaast steeds verdere doorontwikkeling
geleid dat de verhouding tussen vast personeel en inhuur beter in balans is
van organisatie en onderliggende systemen.
gekomen. Aangezien de opdrachtportefeuille van de deelnemers aan de dienst afgelopen jaren rond de 340.000 declarabele uren op jaarbasis beweegt, heeft het management als lijn gekozen om de vaste formatie voor het primaire
<<
<
OMWB Begroting 2024
12
>
6. Problematiek arbeidsmarkt
12. Kosteneffectiviteit
In aanvulling op punt 4 wordt het volgende opgemerkt: omdat de vaste formatie
Volgend uit het kosteneffectiviteitsonderzoek is een intern besparingspoten
nog niet op het juiste peil is, werkt de OMWB naast inhuur in toenemende mate
tieel van € 1,7 miljoen opgehaald. In de jaren 2022 tot en met 2024 zijn
ook met trainees en net afgestudeerden die de omgevingsdienst in dienst neemt.
de verschillende maatregelen doorgevoerd in de begroting respectievelijk
De OMWB gaat de jonge nieuwe collega’s ‘on the job’ opleiden in een periode van
meerjarenraming. De afhankelijkheid van derden maakt een volledige realisatie
ongeveer twee jaar. In de eerste twee jaar zijn deze collega’s nog niet volledig
van afzonderlijke maatregelen onzeker. Per jaareinde 2022 is reeds een bedrag
declarabel (eerste jaar 950 uur, tweede jaar 1.150 uur, vanaf het derde jaar
van afgerond € 750.000 gerealiseerd; er resteert derhalve een maximaal schade-
volledig declarabel, dat is met ingang van 2023 1.300 uur). De begeleiding verloopt
bedrag van ongeveer 1 miljoen (€ 1,7 miljoen -/- € 750.000). Om tegemoet te
via directe collegae van de dienst. In verband met deze noodzakelijke aanpak
komen aan het geraamde potentieel is 18% van de totale waarde als risico
heeft de OMWB een tijdelijk productietekort in termen van declarabiliteit. Het
aangemerkt, per saldo € 180.000.
maximale risico in verband hiermee is ongeveer € 700.000. Op basis van het voorgaande en een actuele inschatting van de huidige risico’s 9. COVID-19/bovenmatig verzuim In februari 2020 vond de uitbraak van COVID-19 plaats, die ook in 2021 en 2022 nog een enorme impact had op ons allemaal. Eind februari 2023 heeft het RIVM
is het eindbeeld jaarrekening 2022 en begroting 2024 als volgt: Risico’s
Maximaal bedrag schade
Kans op optreden risico
Gewogen risico
aangegeven dat het COVID-19 virus in Nederland de endemische fase heeft
4. Inhuur versus vast personeel
400.000
50%
200.000
bereikt. Ondanks het feit dat de dreiging van een acute crisis is verdwenen,
5. Transitie mens en systeem
700.000
50%
350.000
blijft het lastig te bepalen hoe groot de financiële impact voor komend jaar is en
6. Problematiek arbeidsmarkt
700.000
75%
525.000
welk effect het virus op de verzuimpercentages voor komende jaren gaat hebben.
9. COVID-19/bovenmatig verzuim
500.000
50%
250.000
In de begroting van 2023 wordt gerekend met een verzuimpercentage van 5,5%.
11. Invoering Omgevingswet
1.000.000
40%
400.000
Het werkelijke percentage over 2022 bedraagt 6,3%. Het verschil tussen beide
12. Kosteneffectiviteit
1.000.000
18%
percentages wordt aangemerkt als risico en bedraagt afgerond € 500.000. Bij
Totaal
4.300.000
180.000 1.905.000
een kans van 50% betekent dit een gewogen risico van € 250.000. In aanvulling op bovenstaande tabel blijft er aandacht voor de volgende twee 11. Invoering Omgevingswet
zaken:
Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. De invoering van de wet betekent een ingrijpende verandering voor de taakuitvoering. Ondanks gedegen
Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet verschuift het bevoegd gezag
voorbereidingen is de exacte impact van de invoering, ook financieel, nog onvol-
voor bodem en ondergrond en de daaraan verbonden VTH-(basis)taken voor
doende duidelijk. Door adviesbureaus afgegeven voorzichtige ramingen tonen
een groot deel van de provincie naar de gemeenten. De impact hiervan op het
een kostenverhogend effect van circa 10% voor de basistaken milieu. Gezien de
werkprogramma van de OMWB is nog niet volledig duidelijk en kan (nog) niet
grote onduidelijkheid die er nog heerst rondom de implementatie van de wet,
volledig worden gekwantificeerd. In de 1e Burap 2023 wordt hier verder op in
is een risico-inschatting van circa 3% van de omzet gemaakt met een kans van
gegaan.
optreden van 40%.
<<
<
OMWB Begroting 2024
13
>
Ook zijn de prijzen van olie en gas en bepaalde grondstoffen afgelopen periode
Netto schuldquote
aanzienlijk gestegen en geldt een algemene stijging van prijzen van goederen
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten op
en diensten. Toekomstige ontwikkelingen blijven lastig in te schatten. Indien
zichte van de eigen middelen. Hoe verder deze ratio onder de 1,0 ligt, hoe
er aanleiding toe is, wordt dit bij de 1e begrotingswijziging 2024 verwerkt.
beter het is.
Beschikbaar weerstandsvermogen
Solvabiliteit
De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve. De algemene reserve
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de OMWB in staat is aan de finan-
bedraagt ultimo 2022 € 2.092.000. Uitgaande van het actuele risicoprofiel van
ciële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio geeft het aandeel van het
€ 1.905.000 is de weerstandsratio 1,10. Dit wordt volgens de waarderingstabel
eigen vermogen in het balanstotaal weer. Hoe hoger deze ratio, hoe groter de
van het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) gekwalificeerd
weerbaarheid van de organisatie.
als ‘voldoende’. In de jaarrekening 2021 bedroeg de weerstandsratio 1,01 (‘voldoende’).
Structurele exploitatieruimte Door het zuiveren van de incidentele lasten en baten en de mutaties in reserves,
Voor de normering van het weerstandsvermogen in relatie tot de deelnemers
ontstaat er een beeld van de mate waarin sprake is van een structureel sluitende
komt het weerstandsvermogen op 4,5% van het begrotingstotaal uit. Daarbij ligt
begroting. De structurele lasten en baten worden in dit kengetal uitgedrukt
het vermogen binnen de bandbreedte van 4% tot 6%.
als een percentage van de totale baten (voor mutaties reserves) van het betreffende jaar. Een positief percentage is wenselijk, aangezien dit betekent
3.2 Financiële kengetallen
dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.
Het BBV schrijft voor dat een aantal verplichte financiële kengetallen moet worden opgenomen. Doel daarvan is inzicht te geven in de financiële positie van
Onderlinge verhouding kengetallen
de organisatie. De trend van de voor de OMWB relevante kengetallen wordt in
De solvabiliteitsratio zoals begroot voor 2024 is lager dan in de jaarrekening
onderstaande tabel weergegeven.
2022 maar hoger dan de 1e begrotingswijziging 2023. De structurele exploita-
Financiële kengetallen
tieruimte zoals begroot voor 2024, is gedaald ten opzichte van de jaarrekening
Jaarrekening 2022
Begroting* 2023
Begroting 2024
Netto schuldquote
-7,7%
-5,1%
-5,6%
en de 1e begrotingswijziging 2023 vertonen de ratio’s een wisselend beeld;
Solvabiliteitsratio
47,1%
36,5%
36,9%
de overall conclusie is echter dat de balanspositie van de OMWB solide is.
Structurele exploitatieruimte
1,8%
0,9%
0,1%
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
2022 en de 1e begrotingswijziging 2023. Ten opzichte van de jaarrekening 2022
3.3 Financiering In aansluiting op de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) is in het Besluit Begroting en Verantwoording neergelegd dat de financieringsparagraaf de beleidsvoornemens voor het risicobeheer van de financieringsportefeuille uiteenzet. De grondslag voor de aan de portefeuille verbonden Treasuryfunctie
<<
<
OMWB Begroting 2024
14
>
is vastgelegd in het Treasurystatuut. Het beheer van de OMWB is risicomijdend
Met de inwerkingtreding van de Wet fido is de term ‘Renterisiconorm’ geïntrodu-
en mede gericht op het voldoen aan de renterisiconorm en de kasgeldlimiet.
ceerd. De norm schrijft voor dat in enig jaar de aflossing van een langlopende schuld niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal.
Treasurybeleid De doelstellingen van het treasurybeleid van de OMWB zijn:
De OMWB kent momenteel geen langlopende leningen en voldoet daarmee
1. H et verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen
automatisch aan de norm. De huidige financieringspositie en dito -behoeften
acceptabele condities; 2. het beschermen van vermogens- en (rente-)resultaten tegen ongewenste
vanuit de investeringsbegroting geven thans geen verdere aanleiding tot aanwending van een dergelijke lening.
financiële risico’s, zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; 3. h et minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities;
Kredietrisicobeheer Met betrekking tot het kredietrisicobeheer geldt het uitgangspunt dat overtollige middelen op voorhand worden aangehouden in de schatkist.
4. h et optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet fido respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.
Intern liquiditeitsbeheer De OMWB beperkt zijn interne liquiditeitsrisico’s door zijn treasury-activiteiten
Onder risico’s worden zowel renterisico’s (vaste schuld en vlottende schuld),
te baseren op een adequate liquiditeitsplanning.
kredietrisico’s, liquiditeitsrisico’s als valutarisico’s verstaan. Met betrekking tot risicobeheer geldt het volgende algemene uitgangspunt: “Bij het uitzetten of
Valutarisicobeheer
aantrekken van middelen worden de bepalingen zoals neergelegd in de Wet
Valutarisico’s worden door de OMWB uitgesloten. Leningen worden uitsluitend
fido en de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo)
aangegaan of gegarandeerd in de Europese geldeenheid (de euro).
in acht genomen.” Kasgeldlimiet Renterisicobeheer
Met de kasgeldlimiet stelt de Wet fido een norm voor het maximumbedrag
1. D e kasgeldlimiet wordt niet overschreden conform de Wet fido;
voor de financiering van de bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd
2. d e renterisiconorm wordt niet overschreden conform de Wet fido;
< 1 jaar). De kasgeldlimiet voor gemeenschappelijke regelingen betreft 8,2%
3. N ieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële
van het begrotingstotaal.
positie en de liquiditeitsplanning; 4. d e rentetypische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/
De kasgeldlimiet bedraagt € 3.407.000 voor de OMWB op basis van de begroting
uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en
2024. Aangezien het gemiddelde netto vlottende overschot aan financierings-
de rentevisie;
middelen op € 9,5 miljoen wordt geschat, is de ruimte onder de kasgeldlimiet
5. b innen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de OMWB naar
gelijk aan de kasgeldlimiet.
spreiding in de rentetypische looptijden van uitzettingen.
<<
<
OMWB Begroting 2024
15
>
3.4 Bedrijfsvoering
3.4.2 Kernthema: Professionalisering
Deze paragraaf gaat in op de activiteiten van de afdeling bedrijfsvoering. Het
Dit kernthema valt uiteen in twee hoofdonderwerpen: het programma ‘Van
reguliere werk van de afdeling zorgt voor goede financiële processen, goede
goed naar beter’ en kwaliteitsmanagement.
HRM-processen, een goed functionerende ICT-omgeving, een communicatieve organisatie en een degelijke facilitaire ondersteuning. Daarnaast heeft de
In 2022 is in opdracht van het Algemeen Bestuur het programma ‘Van goed
afdeling de beschikking over adviseurs die de organisatie adviseren op bedrijfs-
naar beter’ van start gegaan. Dit programma behelst het effectueren van het
voeringsthema’s. De OMWB kent een aantal (inhoudelijke) kernthema’s: de
(financieel) potentieel dat resulteerde uit het onderzoek naar kosteneffectiviteit
Omgevingswet, professionalisering, strategisch HRM, VTHKA-instrumentarium
van december 2020. Het programma wordt in meerdere fasen uitgewerkt.
en verkenningen. De afdeling bedrijfsvoering heeft in deze programma’s en
In het faseplan van 2023 en 2024 worden de activiteiten en hun effecten in
projecten veelal een ondersteunende rol. Enerzijds faciliterend, maar ook
detail uitgewerkt. Hoofdactiviteiten in dit faseplan zijn: het borgen van proces
adviserend.
management in de organisatie, helder met elkaar definiëren wat kwaliteit is, meer aandacht geven aan de risicogerichte benadering, het aanpakken van
In dit hoofdstuk wordt achtereenvolgens stilgestaan bij de inbreng van bedrijfs-
verspilling en het verbeteren van de (digitale) samenwerking met deelnemers.
voering bij de kernthema’s, daarna worden er diverse andere ontwikkelingen
De cumulatieve positieve financiële effecten van de activiteiten van het pro-
beschreven. De afdeling bedrijfsvoering kent een aantal budgetten (personeel,
gramma worden in het jaar 2024 ingeschat op € 400.000.
ICT, facilitaire kosten en overig) die veelal voor het reguliere werk worden ingezet en de hoogte van de begroting is leidend voor de eventueel op te
Onze ambitie om de volgende kwaliteitsstap te zetten (excellente omgevings-
pakken activiteiten, tenzij er een (extra) impuls gevraagd wordt.
dienst) komt onder meer tot uitdrukking in ons kwaliteitsmanagementsysteem dat we inrichten om zo voortdurend oog te hebben en te houden voor het
3.4.1 Kernthema: Omgevingswet
verbeteren van onze processen en producten. Het bestuur heeft structureel
De ingangsdatum van de Omgevingswet is 1 januari 2024. De ICT-technische
€ 200.000 in de begroting opgenomen voor de ontwikkeling van kwaliteits-
kant van de intrede van de wet is van wezenlijke betekenis. Het Digitaal
management. Dit is voor 2024 voldoende. In 2022 is de basis gelegd met een
Stelstel Omgevingswet (DSO) moet vanaf de ingangsdatum operationeel zijn.
aanbevelingennotitie met richtinggevende uitspraken en de aankoop van een
De geluiden vanuit het land (adviseurs en ICT-partners) over de werking van
ondersteunende applicatie (Arrix). Voor 2024 staat een aantal plannen op de
het DSO zijn langzamerhand positiever van aard dan voorheen. De OMWB is
planning, waaronder het verder aanscherpen van de zogenaamde directiebe-
in afwachting van verdere ontwikkelingen en heeft zich voor zijn deel goed
oordeling. Op een gestructureerde wijze op basis van PDCA gaat het kern-MT
voorbereid. Om gebruik te kunnen maken van deze landelijke voorziening
driemaal per jaar beoordelen of het kwaliteitsmanagementsysteem van OMWB
moet het VTH-systeem van de OMWB aan het DSO gekoppeld worden. Op dit
geschikt en toereikend is om de strategische doelen te bereiken.
moment maakt de OMWB gebruik van Squit 20/20. De firma Visma/Roxit heeft naar aanleiding van aanhoudende technische problemen de applicatie vervan-
3.4.3 Kernthema: Strategisch HRM
gen door een opvolger: Rx Mission. De update van Squit 20/20 naar Rx Mission
Het programma Strategisch HRM kent vier pijlers. Cultuur en leiderschap,
heeft naar verwachting half 2023 plaatsgevonden. De inhoudelijke en financiële
recruitment, loopbaanontwikkeling en vitaliteit. Iedere pijler heeft deelprojecten,
impact voor 2024 van de overgang naar Rx Mission is duidelijk en er zijn geen
een eigen dynamiek en planning. De opbrengst van de diverse projecten moet
extra kosten meer te verwachten. <<
<
OMWB Begroting 2024
16
>
uiteindelijk een positieve bijdrage leveren aan het imago van de OMWB als
3.4.5 Overige bedrijfsvoeringsonderwerpen
goede werkgever, voor toekomstige en huidige medewerkers.
Naast bovenstaande kernthema’s kent de afdeling bedrijfsvoering zijn eigen plannen en prioriteiten, veelal ingegeven door wijzigingen in wet- en regelgeving.
Het jaar 2024 staat in het teken van het uitwerken. Het vitaliteitsbeleid is in
Of vanuit een verbetering voor de uitvoering van de primaire en secundaire
2023 vastgesteld en de diverse acties, waaronder het Periodiek Medisch
processen. De OMWB ziet voor 2024 dat de ontwikkelingen op het gebied van
Onderzoek (PMO), worden uitgerold. Daarnaast is het ziekteverzuim bij de
informatievoorziening elkaar blijven opvolgen.
OMWB hoger dan voorgaande jaren. Hoewel dit een landelijke trend is, ontslaat het ons niet van de verplichting om actief te sturen op verzuim. Er ligt een
3.4.5.1 Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel
prima ziekteverzuimbeleid en het proces (WvP) en de systemen zijn efficiënt
In het landelijke coalitieakkoord is de volgende opdracht opgenomen: “We
ingericht. Tegelijkertijd zijn er wellicht alternatieve instrumenten om het ver-
zorgen voor een schone en gezonde leefomgeving door het steviger aanpakken
zuim te verlagen. Voor 2024 (en eerder) gaan we in overleg met de bedrijfs-
van milieucriminaliteit en milieurisico’s. Het rapport van de Adviescommissie
arts en de adviseur ‘Arbo en verzuim’ om verzuim te beperken. Het Cultuur en
Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (commissie Van Aartsen)
Leiderschapstraject blijft doorlopen, maar zonder externe ondersteuning. Voor
wordt hierbij betrokken”. De afgelopen jaren zijn er al stappen gezet om het
recruitment gaat de OMWB verder op de eerder ingezette koers. Denk hierbij
VTH-stelsel te verbeteren, maar de commissie Van Aartsen concludeert dat er
aan de wervingscampagne ‘Kijk om je heen’ met de daarbij behorende middelen,
verdere verbeteringen noodzakelijk zijn. Partijen willen een robuust VTH-stelsel
het inzetten van job marketing en het opbouwen van contacten bij opleidings-
waarmee de toezichthouders en handhavers, bestuurders en volksvertegen-
instanties. We verwachten dat de extra inzet van recruitment in 2023 leidt tot
woordigers en vergunningverleners uit de voeten kunnen. De hiervoor gefor-
nog betere wervingsmogelijkheden in 2024. Om loopbaanontwikkeling te
muleerde visie en ambitie vormen de inspiratiebron en het bestaansrecht van
stimuleren zijn we in 2022 gestart met een traineeprogramma en een MD-traject.
het programma IBP-VTH. Het programma is gestoeld op zes pijlers:
In 2024 willen we hier wellicht een vervolg aan geven. Tot slot investeren we in
1. Robuuste omgevingsdiensten en financiering
de ontwikkeling van zogenaamde loopbaanpaden waarmee we interne mobili-
2. Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging
teit willen verbeteren.
3. Informatievoorziening VTH 4. Kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt
3.4.4 Kernthema’s: VTHKA-instrumenten en verkenningen
5. Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving
De OMWB ontwikkelt en adviseert gezamenlijk met en voor deelnemers op
6. Monitoring kwaliteit milieutoezicht
inhoudelijke thema’s. De afdeling bedrijfsvoering ondersteunt deze inhoudelijke ontwikkelingen zoals ‘Kompas’, circulaire economie en ‘Zeer Zorgwekkende
De OMWB voorziet dat de uitwerking gevolgen gaat hebben voor het VTH-stelstel
Stoffen’ (ZZS). Dit doet de dienst door de juiste communicatiemiddelen in te
in het algemeen, maar ook voor de OMWB als organisatie. Voor bedrijfsvoering
zetten, informatie te vergaren, te ontsluiten en de juiste HR-instrumenten in
zal de nadruk liggen op de financiering (opgenomen in pijler 1), informatie-
te zetten.
voorziening (pijler 3), kennisinfrastructuur (opgenomen in pijler 4) en kwaliteit (visitaties, opgenomen in pijler 6). Op dit moment worden de plannen verder uitgewerkt. Naast het feit dat we als organisatie personele inbreng hebben in een tweetal pijlers laten we ons actief op de hoogte houden van de ontwikkelingen.
<<
<
OMWB Begroting 2024
17
>
3.4.6 Informatievoorziening
dit op een toegankelijke manier te ontsluiten. Vrijwel alles wat de OMWB doet is te relateren aan een locatie op de kaart. Of het nou gaat om een geluids-
Informatiegestuurd werken/databeheer
meting, een risicoberekening, een handhavingszaak, een milieuklacht of een
In 2021 is gestart met de impuls Informatiegestuurd Werken (IGW). De
verleende vergunning. Hierbij kan het gaan om een adres, een perceel, een
ontwikkeling van IGW is een voortdurende factor van belang en vraagt in
gebouw, een ruimtelijk plan, een gemeente of bepaalde objecten in de omgeving
de komende jaren een investering in de ontwikkeling van de juiste kennis,
zoals een weg, spoor, et cetera. De data die we vastleggen bij activiteiten van
competenties en (ICT-)structuren. Zonder een goede (data-)basis heeft data-
de OMWB, bijvoorbeeld de klachtenintake, het toezicht, vergunningverlening en
gedreven werken weinig kans van slagen. De komende periode staat daarom
metingen zijn vervolgens aan die locaties te koppelen. Hieraan gerelateerd is
in het teken van het professionaliseren van het datamanagement. Hieronder
de behoefte om (omgevings-)dossiers beter toegankelijk te maken voor interne
verstaan we het scheppen van duidelijkheid over de definitie van datakwaliteit
en externe belanghebbenden. Om dit te laten slagen moet zaakgericht werken
en de bijbehorende diverse verantwoordelijkheden en rollen rondom data.
een broodnodige impuls krijgen.
Daarnaast steken we voor 2024 in op samenwerking met andere partners, zoals omgevingsdiensten en andere samenwerkingsverbanden om te leren
Deze ontwikkelingen worden in 2023 op basis van een tweetal adviezen van
en data te delen, uiteraard binnen de grenzen van de privacywetgeving.
externe bureaus verder onderzocht en gaan in 2024 leiden tot implementatie(-s) van applicaties. In de IT-omgeving zullen deze applicaties als SAAS worden
Robotic Process Automation (RPA)
opgenomen, waardoor er met name sprake zal zijn van licentiekosten. De
RPA is software waarmee een virtuele robot werkzaamheden van medewerkers
hiermee gemoeide kosten bedragen jaarlijks naar verwachting € 100.000. Dit
over kan nemen. Hiervoor automatiseert hij repetitieve, rule-based processen.
bedrag wordt vanaf 2024 in de begroting opgenomen.
De OMWB is in 2021 gestart met een proef om te ervaren of RPA een kansrijke technologie is en toegevoegde waarde heeft voor de organisatie. Het uitein-
Informatiebeveiliging
delijke doel is het verlagen van de administratieve druk, het versnellen van
In het Europees Parlement is een voorstel aangenomen voor een verordening
de uitvoering van processen en het wegnemen van saai en eentonig werk.
die strengere regels gaat vaststellen voor cyberbeveiligingsverplichtingen,
De proef is succesvol gebleken. Een tweetal processen is gerobotiseerd en de
risicobeheer, rapportageverplichtingen en het delen van informatie. De eisen
resultaten waren boven verwachting. Zodoende is besloten om een RPA-team
hebben onder meer betrekking op incidentenbehandeling, beveiliging van de
op te richten. Voor 2024 hopen we het RPA-team volledig bezet te hebben en
toeleveringsketen, encryptie en openbaarmaking van kwetsbaarheden. De
aan de slag te gaan met het verder robotiseren van processen. We moeten nog
nieuwe regels beschermen zogenaamde ‘belangrijke sectoren’, zoals postdien-
25 processen inrichten en dus zijn we genoodzaakt om hierin te prioriteren.
sten, afvalbeheer, chemicaliën, levensmiddelen, productie van medische
De potentie is in ieder geval groot en de business case is sluitend, er zijn geen
apparatuur, elektronica, machines, motorvoertuigen en aanbieders van
extra middelen nodig.
ICT-producten of -diensten. Alle middelgrote en grote ondernemingen in bepaalde sectoren gaan onder de wetgeving vallen. Zo veel mogelijk over-
Geo Informatie Systemen (GIS) en Document Management Systeem
heids- en openbare instanties moeten dan binnen het toepassingsgebied van
De OMWB beschikt over een toenemende hoeveelheid data en informatie. Veel-
de richtlijn vallen.
al data die externe partijen aanbieden, en er is een toenemende behoefte om
<<
<
OMWB Begroting 2024
18
>
De OMWB heeft reeds als kapstok het informatiebeveiligingsbeleid laten vaststellen. In een informatiebeveiligingsplan worden in 2023 concrete maatregelen uitgewerkt. De vanuit Europa opgelegde regels krijgen hierin ook een plek. De impact van deze regelgeving is echter nog niet duidelijk en daarmee de eventuele financiële impact ook nog niet. 3.4.7 Huisvesting OMWB in Tilburg Het huurcontract voor het pand aan de Spoorlaan is per 1 januari 2023 verlengd. Tegelijkertijd liet de afgelopen periode zien dat hybride werken een vlucht heeft genomen. Uit enquêtes onder medewerkers van de OMWB blijkt dat zij in grote mate het thuiswerken waarderen en hiermee kan er een verschuiving plaatsvinden tussen het werken thuis en op kantoor. De praktijk laat zien dat er meer wordt thuisgewerkt. Er zal geïnvesteerd moeten worden in het hybride werken. Dit gegeven heeft vanzelfsprekend gevolgen voor de invulling van de huisvesting. De verhuizing van de gemeente Tilburg heeft daarbij niet tot een versnelling van de plannen geleid. De verhuurder is vanwege de onzekere marktontwikkelingen voor kantoorpanden terughoudend met het ontwikkelen van het pand en daarbij behorende faciliteiten. Dit heeft consequenties voor de OMWB. Allereerst ligt een mogelijke (contractuele) aanpassing van het aantal vierkante meters stil. Deze aanpassing vormt echter de basis voor de aanpassingen van onze werkplekken.
Daarnaast vervallen na verhuizing van de gemeente Tilburg de huidige faciliteiten (schoonmaak, catering en receptiediensten). Op korte termijn worden door de verhuurder geen collectieve diensten voor catering, schoonmaak of receptiediensten meer aangeboden. Dit betekent dat deze diensten apart ingekocht moeten worden. De financiële gevolgen daarvan worden in de loop van 2023 duidelijk. Het beleid van de OMWB is dat wij uiteraard die onderdelen van de wet die
<<
<
3.5 Wet open overheid (Woo)
zijn ingegaan, uitvoeren. De OMWB heeft daarom een Woo contactpersoon
Per 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) ingegaan. De Woo is de op-
aangesteld. In de praktijk is er voor de OMWB nog niet heel veel veranderd.
volger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en regelt het recht van
Woo verzoeken hebben veelal betrekking op inhoudelijke zaken en worden,
burgers op informatie van de overheid. Zo krijgt iedereen meer inzicht in het
net als voorheen de WOB verzoeken, afgehandeld door de juristen in het
handelen van de overheid.
primaire proces.
OMWB Begroting 2024
19
>
4.
Financiële begroting 4.1 Inleiding De exploitatiebegroting bevat de verwachte baten en lasten voor het boekjaar 2024, inclusief meerjarenraming 2025-2027. Daarbij is de Kaderbrief 2024 als uitgangspunt gehanteerd. Aangezien de Begroting 2024 in dezelfde periode is opgesteld als de Jaarrekening 2022 is zoveel als mogelijk met deze actuele kennis rekening gehouden. Daar waar in het vervolg realisatiecijfers 2022 zijn vermeld, moet worden opgemerkt dat over deze cijfers nog geen accountantscontrole heeft plaatsgevonden. 4.2 Financiële uitgangspunten De uitgangspunten voor de Begroting 2024 zijn door het Dagelijks Bestuur vastgesteld d.d. 25 januari jl. en gedeeld met de deelnemers in de Kaderbrief 2024. 4.2.1 Algemene uitgangspunten De OMWB hanteert de volgende algemene financiële uitgangspunten: a. D e begroting 2024 gaat uit van het bestaande beleid, rekening houdend met de financiële effecten van de genoemde beleidsontwikkelingen in hoofdstuk 2; b. d e begroting 2024, inclusief de meerjarenraming 2025-2027, is sluitend; c. de begroting 2024 wordt opgesteld met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
4.2.2 Financieel technische uitgangspunten De volgende financieel-technische uitgangspunten zijn in de begroting inclusief meerjarenraming gehanteerd: Baten - V oor 2024 wordt vanuit de extrapolatie van de werkprogramma’s 2023 een werkpakket verwacht van ca. 349.700 declarabele uren; - e r geldt een kostendekkend, gemiddeld tarief, dat gelijk is voor deelnemers en niet-deelnemers; - b asis voor het financieringsmodel voor de deelnemende gemeenten is de MWB-norm; met inbegrip van de effecten volgend uit de evaluatie uitgevoerd in het najaar van 2021.
<<
<
OMWB Begroting 2024
20
>
Lasten
Het onderdeel ‘Informatievoorziening’ is reeds in de Begroting 2022 verwerkt
- C onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden
in de kosten van Bedrijfsvoering. De overige onderdelen zijn opgenomen onder
met een gemiddelde loonkostenstijging van 4,2% ten opzichte van 2023;
Primair proces. ‘Vergunningverlening’ is opgenomen in de salariskosten, terwijl
- c onform de (herziene) september-circulaire 2022 is rekening gehouden met
‘Kosteneffectiviteit fase 1’ en ‘fase 2’ zijn weergegeven onder ‘Algemene kosten’,
een gemiddelde prijsstijging van 2,4% ten opzichte van 2023;
‘Van goed naar beter’.
- e xtrapolatie van de werkprogramma’s 2023 vraagt een benodigde formatie voor het primaire proces van circa 269 fte;
De besparingen van € 528.000 in 2023 en van € 400.000 in 2024 zijn het effect
- d e personeelsformatie voor het primaire proces bedraagt 247 fte, dit betreft
van projecten opgestart in 2022. Het bedrag van € 528.000 betreft enerzijds
het plafond van 240 fte vermeerderd met 7 fte voor de ‘Specifieke uitkering
een besparing van € 478.000 opgenomen onder algemene kosten en een
extra ondersteuning toezicht en handhaving energiebesparingsplicht’. De
bedrag van € 50.000 als gevolg van het niet invullen van functies door verdere
‘overbrugging’ naar 269 fte gebeurt met inhuur van derden;
digitalisering en automatisering van werkzaamheden. In 2024 betreft het een
- er wordt rekening gehouden met een declarabiliteitsnorm van 1.300 uur per fte;
besparing van € 400.000 die is opgenomen onder de algemene kosten.
- het BBV schrijft voor dat kosten van bedrijfsvoering (in BBV-termen ‘Overhead’) afzonderlijk worden begroot en verantwoord. Volgens de definitie van het BBV
Teneinde de besparingen structureel binnen de dienst te verankeren, zijn op
worden tot de bedrijfsvoering gerekend “Alle kosten die samenhangen met de
voorhand ‘investeringen’ noodzakelijk. In onderhavige begroting, en die van
sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”;
2023 zijn de volgende maatregelen doorgevoerd:
- d e formatieomvang van bedrijfsvoering bedraagt 59 fte; - o m mogelijke tegenvallers adequaat te kunnen opvangen, wordt rekening gehouden met een post onvoorzien van € 150.000. Deze post staat ter
Maatregelen Kosten-
2023
2024
2025
2026
250
-
-
-
effectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000
beschikking van het Dagelijks Bestuur.
Kosteneffectiviteit - initieel
- de structurele effecten van het principeakkoord cao SGO 2023 zijn verwerkt.
Kosteneffectiviteit - structureel
200
200
200
200
Totaal investeringen
450
200
200
200
4.2.3 Maatregelen kosteneffectiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ Volgens afspraak met het Algemeen Bestuur zijn in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 de maatregelen volgend uit het kosteneffec
Met deze maatregelen wordt een structurele kostenreductie van € 1,5 miljoen
tiviteitsonderzoek ‘Van goed naar beter’ verder uitgewerkt. De volgende
gerealiseerd met behoud van de uitvoeringskwaliteit. Sterker nog, naar ver-
kostenbesparingen zijn in de cijfers verwerkt.
wachting neemt de kwaliteit toe. In de Begroting 2022 is berekend dat zonder
Maatregelen Kosteneffectiviteit onderzoek Bedragen x € 1.000
2022
Vergunningverlening
-150
-150
-
-
-300
Informatievoorziening
-500
-
-
-
-500
-
-528
-
-
-528
-
-400
-
-400
-678
-400
-
-1.728
Kosteneffectiviteit fase 1
<<
<
OMWB Begroting 2024
2024
2025
Totaal
deze maatregelen de deelnemersbijdrage voor het jaar 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger zou uitvallen.
Kosteneffectiviteit fase 2 Totaal kostenbesparingen
2023
-650
21
>
Het overzicht van de lasten Primair proces is als volgt: 4.3 Begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027 Het overzicht van baten is als volgt: Baten Bedragen x € 1.000
Begroting* 2023
Begroting 2024
2025
2026
2027
Lonen & salarissen
23.381
24.340
25.289
25.750
307
315
322
329
335
Overige personeelskosten
264
477
495
507
517
424
3.470
4.114
3.587
3.207
3.294
3.374
25.979
26.888
Programmadeel 2: Advies en Projecten
9.627
11.737
11.978
12.428
12.863
13.313
Programmadeel 3: Collectieve taken
1.624
1.824
1.859
1.929
1.996
2.066
Totaal Personele kosten
Programmadeel 4: Buiten werkprogramma
2.827
1.730
1.771
1.838
1.902
1.969
Afschrijvingskosten
Programmadeel 4: Overige exploitatiebaten
601
610
610
610
610
610
Specifieke uitkeringen Omgevingsdiensten
97
1.664
1.145
672
672
-
35.618
41.730
41.553
42.577
44.022
44.846
-113
-75
-42
-42
-42
-42
Gerealiseerd resultaat
2027
22.364
25.101
Totaal lasten
2026
245
24.191
Totaal reserves
2025
19.298
24.166
Onttrekkingen reserves
Begroting 2024
Reiskosten 20.842
Stortingen reserves
Begroting* 2023
Personele kosten
Programmadeel 1: Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving
Totaal baten
Realisatie 2022 Primair proces
Meerjarenraming Realisatie 2022
Meerjarenraming
Lasten Bedragen x € 1.000
-
-
-
-
-
-
-113
-75
-42
-42
-42
-42
34.921
41.654
41.511
42.535
43.981
44.804
583
-
-
-
-
-
Personeel niet in loondienst Detacheringsinkomsten
-73
-
-
-
-
-
23.204
27.262
27.778
28.377
29.429
29.882
Afschrijvingskosten
82
79
128
129
129
134
Totaal Afschrijvingskosten
82
79
128
129
129
134
104
106
109
111
113
Huisvesting en organisatiekosten Huisvesting en facilitaire kosten Tractie
72 -
-
-
-
-
-
Automatisering
23
23
20
21
21
20
Algemeen beheer
12
18
18
19
19
20
107
145
145
149
151
152
Totaal Huisvesting en organisatiekosten
Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden Laboratoriumkosten Milieumetingen Totaal Kosten primaire werkzaamheden verricht door derden
1.588
1.751
1.793
1.836
1.871
1.906
549
610
610
610
610
610
2.137
2.361
2.403
2.446
2.481
2.516
Algemene kosten
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
<<
<
OMWB Begroting 2024
‘Van goed naar beter’
-
-478
-878
-878
-878
-878
Totaal Algemene kosten
-
-478
-878
-878
-878
-878
25.530
29.369
29.576
30.222
31.312
31.807
Totaal lasten Primair proces
22
>
Het overzicht van de lasten Bedrijfsvoering is als volgt: Lasten Bedragen x € 1.000
Op grond van het BBV wordt inzicht verschaft in de structurele en incidentele baten en lasten voor de OMWB. In het volgende overzicht wordt dit weergegeven
Meerjarenraming Realisatie 2022
Begroting* 2023
Begroting 2024
2025
2026
(bedragen x € 1.000): 2027
2024
Bedrijfsvoering Personele kosten Lonen & salarissen
4.567
5.654
6.096
6.346
6.593
6.850
Reiskosten
111
232
238
244
248
253
Overige personeelskosten
688
1.271
1.267
1.297
1.322
1.347
Personeel niet in loondienst
392
423
-
-
-
-
Detacheringsinkomsten
-42
-
-
-
-
-
5.715
7.580
7.600
7.886
8.163
8.450
Afschrijvingskosten
151
81
85
79
79
39
Totaal Afschrijvingskosten
151
81
85
79
79
39
Totaal Personele kosten
2025
2026
2027
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Structureel
41.553
41.511
42.577
42.535
44.022
43.981
44.846
44.804
Incidenteel
-
-
-
-
-
-
-
-
Afschrijvingskosten
Huisvesting en organisatie Huisvesting en facilitaire kosten
1.030
1.200
1.229
1.258
1.282
1.306
Tractie
57
92
94
96
98
100
Algemeen beheer
415
794
555
569
579
590
Automatisering
2.068
2.383
2.216
2.269
2.312
2.356
Totaal Huisvesting en organisatie
3.570
4.469
4.094
4.192
4.272
4.353
Totaal lasten Bedrijfsvoering
9.436
12.130
11.780
12.158
12.514
12.842
Overig Diverse baten en lasten
<<
<
-45
-
-
-
-
-
Onvoorzien
0
150
150
150
150
150
Vennootschapsbelasting
1
5
5
5
5
5
Subtotaal
-45
155
155
155
155
155
Totaal Overig
-45
155
155
155
155
155
Totaal lasten
34.921
41.654
41.511
42.535
43.981
44.804
OMWB Begroting 2024
* dit betreft de 1e begrotingswijziging 2023
23
>
5.
Toelichting op de begroting 2024 In dit onderdeel wordt een toelichting gegeven op de belangrijkste verschillen tussen de 1e begrotingswijziging 2023 en 2024. Aan het einde van dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de beschikbare declarabiliteit en de te hanteren functionele tarieven voor het begrotingsjaar 2024. 5.1 Toelichting op de baten De baten van de OMWB bestaan voor het voornaamste deel uit bijdragen van onze deelnemers voor diensten en producten die zij afnemen. De baten zijn in beginsel gebaseerd op de omvang van de werkprogramma’s 2023. Daarbij ziet de OMWB de laatste jaren een toename van het aantal verzoektaken en taken buiten het werkprogramma. In bijlage 1 zijn de bijdragen voor 2024 en verder per deelnemer gespecificeerd. In het ‘Overzicht van baten’, opgenomen in hoofdstuk 4, is een reductie van € 400.000 opgenomen. Het betreft het effect van de tweede fase van het kosteneffectiviteitsonderzoek. Conform paragraaf 4.2.3. zijn voor 2024 verdere maatregelen uit het kosteneffectiviteitsonderzoek verwerkt, welke structureel doorwerken in de bijdragen van deelnemers. Zonder deze maatregelen zou de bijdrage over 2025 4% (€ 1,3 miljoen) hoger uitvallen. Ook de effecten van de evaluatie van de MWB-norm, uitgevoerd in het najaar van 2021, zijn in de bijdragen van de deelnemers verwerkt.