CConstaterende datStede Broec
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 jaarstukken 2024 met getekende CV

Gemeenteraad 3 juli 2025, gemeente Stede BroecBij agendapunt: Vaststellen Jaarstukken 202425.153 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

1 alinea's met “sluiting”: 643

Leerlingenvervoer (€ 60.000 voordeel) Het voordeel is deels het gevolg van de recente verrekening tussen Jeugdwetvervoer en Leerlingenvervoer. Dit bedrag correspondeert met een gelijk nadeel binnen de cliëntgebonden kosten op de Jeugdwet. Daarnaast is het leerlingenvervoer een open-einde regeling, waarbij de kosten afhangen van het aantal rechthebbende leerlingen en de vervoersafstanden. In tegenstelling tot de eerder verwachte stijging, is vanaf het schooljaar 2023-2024 juist een lichte daling zichtbaar in het aantal kinderen in vervoer, met name voor vervoer naar SBO-scholen en verder weg gelegen scholen. Dit sluit aan bij het regionale streven om leerlingen zoveel mogelijk dichtbij huis onderwijs te laten volgen.

35

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Inburgering (€ 77.000 voordeel) Er was rekening gehouden met eventuele meerkosten van WerkSaam voor de uitvoering van de inburgeringstaken, maar die zijn er niet. Kinderopvang (43.000 voordeel) Als ouders door omstandigheden tijdelijk niet (volledig) voor hun kind kunnen zorgen, kunnen wij een sociaal medische indicatie afgeven. Met een SMI wordt het gezin (tijdelijk) ontlast door een tegemoetkoming in de kosten van de kinderopvang te bieden. Er zijn in 2024 minder Sociaal Medische Indicaties afgegeven dan verwacht. CUP in kaart brengen preventie activiteiten (€ 108.000 voordeel) Er zijn externe collega’s ingehuurd om de preventieactiviteiten uit te voeren. De facturen zijn op een andere post geboekt. Omdat de kosten op de andere budgetten zijn geboekt, wordt dit bedrag nu getoond als een onderschrijding. Versterking dienstverlening gemeenten (€ 86.000 voordeel) Deze gelden zijn vanuit het Rijk beschikbaar gesteld naar aanleiding van de kinderopvangtoeslag. Inzet ervan was bedoeld om verbeteringen en beleid in het sociaal domein in gang te zetten. De verbeteringen zijn doorgevoerd zonder dat het totale bedrag hiervoor uitgegeven hoefde te worden.

Kleinschalige woonvoorzieningen (€ 32.000 voordeel) Het streven was om in 2024 minstens twee kleinschalige woonvoorzieningen (KWV) te realiseren in Westfriesland om jeugdigen met complexe problematiek en woonurgentie een vaste woonplek met perspectief te kunnen bieden. In 2024 is het realiseren van een kleinschalige woonvoorziening nog niet gerealiseerd waardoor het budget niet is benut. WerkSaam (voordeel € 212.000) De ontvangsten uit vorderingen zijn verdubbeld ten opzichte van de ontvangsten zoals voorspeld bij de najaarsnota. Dit komt door een nieuwe berekeningswijze van WerkSaam. Hierdoor hebben we een groter overschot op het BUIG budget dan verwacht. WerkSaam onderzoekt de mogelijkheid om het BUIG budget en de inkomsten uit vorderingen in de toekomst accurater te voorspellen. Cliëntgebonden kosten Wmo en Jeugd (€ 275.000 nadeel) In 2024 ontving 1 op de 10 kinderen in Stede Broec een vorm van Jeugdhulp. Dat betekent een aanhoudende stabilisering. Dat desondanks de kosten voor Jeugdhulp zijn gestegen ten opzichte van het jaar daarvoor, kende een aantal oorzaken. Zo zagen we onder andere dat de complexiteit bij jeugdigen het afgelopen jaar verder toenam waardoor de zorgzwaarte (en daarmee de kosten) stegen. Een voorbeeld hiervan is Jeugdhulp Verblijf. Stede Broec kende in 2024 een relatief hoog aantal kinderen met een indicatie Jeugdhulp Verblijf.

Dat betekent dat er ruim 120 kinderen in 2024 slechts deels of niet thuis woonden. Dat ligt aanzienlijk hoger dan de aantallen in de omringende gemeenten. Doordat de prijzen voor dit soort trajecten in de afgelopen jaren zijn gestegen zien we de uitgaven hiervoor ook stijgen. Veel van deze trajecten worden geïndiceerd door bijvoorbeeld Gecertificeerde Instellingen en kinderrechters. Op deze groep indicaties hebben we als

36

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

gemeente helaas weinig tot geen invloed, maar daar zetten we met het Beheersteam en in samenwerking met Ons Stede Broec op integrale wijze vol op in. Daarnaast hebben we in 2024 gewerkt aan het wegwerken van de wachtlijsten, wat voor een verhoging van de uitgaven heeft geleid. Tenslotte zijn de kosten bij Jeugd negatief beïnvloed door het feit dat gemeenten een indexatie van 6,3% moesten doorvoeren bij de overbruggingsovereenkomsten Jeugdhulp 2024, als gevolg van de Algemene Maatregel van Bestuur Reële Tarieven vanuit het Rijk. Bovendien wordt het totale bedrag beïnvloed door nagekomen kosten van het jaar 2023 van in totaal € 555.000. Ontheemden (€ 790.000 voordeel) Het projectresultaat voor de opvang van ontheemde Oekraïners over 2024 is voordelig. Na samenvoeging van de projectresultaten van de gemeente Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland en gelijkmatige verdeling per gemeente levert dit per saldo een incidenteel batig resultaat op van € 790.000. Onderwijshuisvesting (€ 60.000 nadeel) In het afgelopen jaar zijn we geconfronteerd met aanhoudend hogere kosten voor nutsvoorzieningen. Deze stijging, voornamelijk te wijten aan verhoogde tarieven voor gas en elektra, is vergelijkbaar met de situatie die we reeds in 2024 ervoeren. Gezien deze ontwikkeling is het van belang dat we deze verhoogde kosten structureel opnemen in onze begroting voor de komende jaren.

Uitvoering monumenten (€ 78.000 voordeel) In 2024 zijn minder subsidies voor de instandhouding van monumenten aangevraagd en uitgekeerd, waardoor een bedrag van € 19.000 resteert. Daarnaast is ten gevolge van langdurige ziekte en een vacature aan diverse taken minder of geen uitvoering gegeven. Het betreft de volgende taken waarmee in totaal € 59.000 is gemoeid: Opstellen Uitvoeringsrichtlijn toezicht en handhaving Erfgoed, Opstellen en uitvoeren regeling Erfgoededucatie, Opstellen en uitvoeren subsidieregeling eenmalige activiteiten, Aanwijzing beschermd dorpsgezicht, Uitvoering kerkenvisie. Sportaccommodaties: SPUK uitvoeringsbudget (€ 457.000 voordeel) Op het programma bestuur en dienstverlening is de SPUK stimulering sport begroot. Deze is echter geboekt op programma samenleving. Op het programma samenleving is hierdoor een voordeel te zien. Ook hebben we over het jaar 2023 een nabetaling gekregen doordat er landelijk minder gebruik gemaakt is van deze regeling dan geraamd. Hier is geen rekening mee gehouden. Sportgebouwen (€ 27.000 voordeel) De huuropbrengsten van de sportgebouwen waren voornamelijk afkomstig van de verhuur van sportzaal De Kloet en het Martinus College. Dit patroon was vergelijkbaar met het voorgaande jaar en is gerelateerd aan onderwijsactiviteiten. Zwembad (€ 136.000 voordeel) De betaalde zwemlessen zijn verruimd qua variatie, frequentie en bezoeken.

De zwemlessen waren effectiever ingedeeld waardoor kinderen meerdere keren per week kunnen zwemmen 37

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

om zo sneller hun diploma te halen. Door de sluiting van het zwembad in Wervershoof hadden we een toestroom van kinderen voor het ABC-zwemlessen gehad. De stijging in bezoekers en betaalde zwemlessen heeft in 2024 doorgezet.

38

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Paragrafen

39

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Lokale heffingen Inleiding In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan inwoners en bedrijven mag opleggen. De raad bepaalt welke van die heffingen daadwerkelijk worden geheven.

Gerealiseerde inkomsten In de onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de heffingen en de verwachte opbrengsten in de begroting 2024 en de daadwerkelijke inkomsten.

Belastingen Onroerendezaakbelastingen op woningen (eigenaren) Onroerendezaakbelastingen op niet-woningen (eigenaren) Onroerendezaakbelastingen op niet-woningen (gebruikers) Forensenbelasting Toeristenbelasting Hondenbelasting Totaal

Heffingen Secretarieleges Leges omgevingsvergunningen Begrafenisrechten Rioolheffing Afvalstoffenheffing Staangelden markten Pachtsommen kermissen Overige heffingen

Begroting 4.659 633 459 10 114 108

Werkelijk 4.656 638 472 2 120 111

5.983

5.999

Begroting 398 338 10 2.155 3.491 28 16 89

Werkelijk 432 534 7 2.233 3.485 12 16 276

6.523

6.994

Het totaal aan belastingen en heffingen bedraagt € 13,0 miljoen. Onderstaande grafiek laat de verdeling van de opbrengsten uit de belastingen en heffingen voor 2024 zien.

40

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

6%

2%

OZB Toeristen

28%

Riool

46%

Afvalstoffen 17%

Leges

1%

Overige

Toelichting op heffingen Onroerendezaakbelasting (OZB) De OZB wordt geheven van onroerende zaken die binnen de gemeente zijn gelegen, te weten een gebruikersbelasting en eigenarenbelasting op niet-woningen (dit zijn vooral kantoor- en bedrijfspanden) en een eigenarenbelasting op woningen. Voor 2024 heeft de gemeenteraad de volgende tarieven vastgesteld: Tarieven OZB heffing

2023

2024

OZB woning eigenaar

0,1334%

0,1362%

OZB niet-woning eigenaar

0,2147%

0,2176%

OZB niet-woning gebruiker

0,1755%

0,1846%

De berekening van de OZB-tarieven wordt gedaan aan de hand van de door de raad goedgekeurde methode. De tarieven voor de onroerendezaakbelastingen (OZB) worden berekend naar een percentage van de WOZ-waarde van het onroerend goed in de gemeente. Bij het bepalen van dit tarief wordt een relatie gelegd met de waardeontwikkeling van het onroerend goed. Voor de verhouding in de opbrengst onroerendezaakbelastingen woningen versus niet-woningen geldt als uitgangspunt dat er geen verschuiving in de lastendruk plaatsvindt. Dit betekent dat als de WOZ-waarde voor woningen harder stijgt dan voor nietwoningen, de tarieven dusdanig worden aangepast dat de lastendruk gelijk blijft. Mede door de inflatiecorrectie van 3,5% zijn de inkomsten uit de OZB hoger dan in 2023. Hondenbelasting Uitgangspunt bij hondenbelasting is dat de baten worden aangewend ter dekking van de kosten die honden teweeg brengen en voor voorzieningen die ten goede komen aan het welzijn van de honden en de eigenaren. De hoogte van de aanslag hondenbelasting is afhankelijk van het aantal honden dat de belastingplichtige heeft. 41

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Rioolheffing De rioolheffing wordt bij woningen geheven van de eigenaar van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De uitgangspunten voor de heffing zijn volledige kostendekking op basis van het vastgestelde Programma Stedelijk Water en Riolering (PSWR). Voor 2024 is het tarief voor woningen berekend op € 205,35. Voor de niet-woningen is een gedifferentieerd tarief vastgesteld, waarbij de gebruiker in de heffing wordt betrokken. Hieronder vindt u een overzicht met betrekking tot de kostendekkendheid van de riolering:

Directe kosten riolering Overhead BTW

875 481 239

Totale kosten

1.595

Opbrengsten heffingen Overige inkomsten

2.233 2

Totale inkomsten

2.234

Dekking

140%

(bedragen x € 1.000)

Het saldo van € 639.000 is gestort in de Voorziening riolering. Afvalstoffenheffing De tarieven voor de afvalstoffenheffing zijn afhankelijk van de kosten die de Huisvuilcentrale (HVC) te Alkmaar aan de gemeente in rekening brengt. Met HVC is overeengekomen dat de kostprijs per huishouden met een jaarlijkse indexering wordt aangepast voor de tariefstelling op lokaal niveau. In het kader van kostendekkendheid worden aan de afvalkosten de kosten van administratie en inning (de zogenaamde perceptiekosten) toegevoegd. Tevens wordt rekening gehouden met de doorwerking van het BTW-compensatiefonds. De tarieven voor de afvalstoffenheffing zijn in 2024 met 1,01% gestegen en zijn voor eenpersoonshuishouden en meerpersoonshuishouden respectievelijk € 283,20 en € 416,40. Afvalstoffenheffing mag maximaal 100% kostendekkend opgelegd worden.

42

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Hieronder vindt u een overzicht met betrekking tot de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing:

Kosten afvalinzameling Inkomsten afvalinzameling excl. heffingen

2.885 317

Netto kosten afvalinzameling

2.567

Toe te rekenen kosten: Overhead BTW Overige toe te rekenen kosten

89 511 104

Totale kosten

3.271

Opbrengsten heffingen

3.485

Dekking

107%

(Bedragen * € 1.000)

Toeristenbelasting Deze belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Het tarief bedroeg in 2024 € 1,75 per overnachting. Tarieven toeristenbelasting

2023

2024

Per persoon per nacht

€ 1,70

€ 1,75

43

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen Leges Leges zijn betalingen aan de gemeente waar een individueel aanwijsbare tegenprestatie van die gemeente tegenover staat. Het gaat om een bedrag dat betaald moet worden aan de gemeente voor het gebruik van haar diensten of producten. De leges worden geheven van de aanvrager van de dienst dan wel van degene ten behoeve van wie de dienst is verleend. De leges mogen per titel maximaal 100% kostendekkend zijn. Hieronder vindt u een overzicht met betrekking tot de kostendekkendheid van de leges: Titel 1 Algemene dienstverlening hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk

1 2 3 4 7 8 9 10

Burgerlijke stand Reisdocumenten Rijbewijs Verstrekkingen uit de basisregistratie personen Overige publiekszaken Gemeentearchief Bijzondere wetten Diverse

Kostendekking Titel 1

Titel 2 Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk hoofdstuk

3 4 7 12

Activiteiten met betrekking tot bouwwerken Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed Aanlegactiviteiten Modaliteiten

Kostendekking Titel 2

Titel 3 Europese dienstenrichtlijn hoofdstuk hoofdstuk

1 Horeca 4 Organiseren evenement of markt

Kostendekking Titel 3

Recapitulatie Titel 1, 2 en 3

Lasten

Baten Dekking

5 352 101 19 4 0 52 41

12 297 83 12 3 2 36 2

246% 84% 82% 64% 71% 0% 69% 4%

574

447

78%

Lasten

Baten Dekking

141 0 2 152

192 0 3 10

137% 0% 131% 7%

295

206

70%

Lasten

Baten Dekking

7 13

4 6

58% 43%

20

9

48%

Lasten

Baten Dekking

Kostendekkendheid Titel 1

574

447

78%

Kostendekkendheid Titel 2

295

206

70%

Kostendekkendheid Titlel 3

20

9

48%

Kostendekkendheid totale tarieventabel

888

662

74%

44

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Begraafplaatsrechten Grafrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor door de gemeente verleende diensten in verband met de begraafplaats. Daarbij mogen de geraamde baten niet hoger zijn dan de geraamde kosten. Het tarief mag maximaal 100% kostendekkend zijn. Markten en kermissen Voor het innemen van een standplaats om daarop zaken of voorwerpen te plaatsen, uit te stallen of te verkopen tijdens de weekmarkt, jaarmarkten, braderieën, themamarkten of andere evenementen worden onder de naam marktgelden rechten geheven. De tarieven voor 2024 zijn met 3,5% inflatiecorrectie verhoogd t.o.v. 2023. Het tarief voor marktgeld wordt berekend per strekkende meter standplaats. Toeristenbelasting Deze belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Het tarief bedroeg in 2024 € 1,75 per overnachting. Forensenbelasting Forensenbelasting wordt geheven van degene die voor zichzelf of voor zijn gezin meer dan 90 dagen per jaar een gemeubileerde woning beschikbaar houdt zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben. Onder gemeubileerde woningen vallen ook zomerhuisjes, chalets en caravans. Het tarief voor de forensenbelasting is voor 2024 vastgesteld op € 339,10 per woning per jaar. Tarieven woonforensenbelasting Per object

2023

2024

€ 327,65

€ 339,10

Een aanduiding van de lokale lastendruk Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo) heeft de cijfers van de gemeentelijke belastingdruk bekend gemaakt. Tot de gemeentelijke woonlasten worden gerekend de bedragen die huishoudens betalen aan OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Landelijk betalen in 2024 huishoudens meer aan gemeente, provincie en waterschap dan in 2023. Een huishouden met een eigen woning betaalde in 2024 gemiddeld € 1.670 in totaal aan alle lokale belastingen, 7,6% meer dan in 2023. Huurders zijn in 2023 gemiddeld € 999 kwijt aan lokale lasten, 7,7% meer dan in 2023. Onderstaande tabellen laten zien wat de gemiddelde bruto woonlasten van huurders en van eigenaren/bewoners in de omringende gemeenten zijn. De gemeente met de laagste gemiddelde lastendruk in onze regio staat op nummer één in de rangorde.

45

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gemeente

Medemblik Koggenland Stede Broec Drechterland Hoorn Enkhuizen Opmeer

Bruto woonlasten één persoonshuishouden 2023 2024 € 240 € 295 € 279 € 305 € 323 € 426 € 493

€ 241 € 301 € 283 € 301 € 331 € 428 € 540

Bruto woonlasten meer persoonshuishouden 2023 2024 € 340 € 397 € 411 € 425 € 424 € 512 € 606

€ 341 € 405 € 416 € 422 € 435 € 512 € 662

Bron: Atlas Coelo - atlas van de lokale lasten, woonlasten per gemeente huurders

Conclusie huurders Op basis van de aangegeven cijfers zijn de woonlasten voor huurders in Stede Broec in 2024 voor éénpersoonshuishoudens gestegen met 1,4% en voor meerpersoonshuishoudens met 1,2%. Uit deze cijfers blijkt dat de gemeente Stede Broec voor deze regio voor huurders een lager dan gemiddelde lastendruk kent. De gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden zijn ook lager dan het landelijk gemiddelde van € 435.

Gemeente

Bruto woonlasten één persoonshuishouden 2023 2024

Koggenland Hoorn Enkhuizen Drechterland Medemblik Stede Broec Opmeer

€ 785 € 813 € 889 € 884 € 967 € 990 € 1.105

€ 817 € 836 € 912 € 913 € 1.004 € 1.039 € 1.178

Bruto woonlasten meer persoonshuishouden 2023 2024 € 886 € 914 € 975 € 1.004 € 1.067 € 1.122 € 1.218

€ 921 € 940 € 996 € 1.034 € 1.105 € 1.172 € 1.300

Bron: Atlas Coelo - atlas van de lokale lasten, woonlasten per gemeente eigenaren/bewoners

Conclusie eigenaren Op basis van de aangegeven cijfers zijn de woonlasten voor eigenaren/bewoners in Stede Broec in 2024 gestegen met 5% voor een éénpersoonshuishouden en voor een meerpersoonshuishouden 4,5%. Uit deze cijfers blijkt dat de gemeente Stede Broec voor deze

46

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

regio een bovengemiddelde lastendruk kent en boven het Nederlands gemiddelde zit. Niet vergeten moet worden dat het voorzieningenniveau ook niet gelijk is.

Kwijtschelding Als een belastingplichtige niet of over te weinig financiële middelen beschikt om de belastingaanslag te voldoen dan kan onder bepaalde voorwaarden kwijtschelding worden verleend. Systematiek kwijtscheldingsberekening Om te bepalen of een belastingschuldige voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding in aanmerking komt vindt een vermogens- en inkomenstoets plaats. Met de vermogenstoets wordt bekeken of er op het moment van de aanvraag voldoende middelen (bezittingen) aanwezig zijn om de openstaande belastingschuld te betalen. Zijn deze middelen aanwezig, dan wordt geen kwijtschelding verleend. Ontbreken deze middelen of zijn deze onvoldoende, dan wordt met de inkomenstoets gekeken of er in de nabije toekomst alsnog betalingscapaciteit zal ontstaan waaruit de belastingschuld kan worden voldaan. Samenwerkingsverband De gemeente heeft voor de behandeling van kwijtscheldingsverzoeken een samenwerkingsverband gesloten met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Indien iemand in aanmerking wil komen of denkt te komen voor kwijtschelding van gemeentelijke heffingen of waterschapsbelasting, dan kan volstaan worden met het indienen van een kwijtscheldingsverzoek bij een van deze twee organisaties. De organisatie waar het verzoek wordt ingediend, zorgt ervoor dat het verzoek ook bij de andere organisatie wordt behandeld.

Wat kan worden kwijtgescholden? De gecombineerde belastingaanslag (OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing) komt in aanmerking voor kwijtschelding. In 2024 is voor € 76.000 aan kwijtschelding verleend.

47

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Het weerstandsvermogen is de mate waarin de gemeente in staat is om de gevolgen van risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn er nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Beide komen in het vervolg van deze paragraaf aan de orde.

Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit geeft aan hoeveel middelen beschikbaar zijn om eventuele risico’s op te kunnen vangen.

Berekening weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit

625

Post onvoorzien

15

Gerealiseerde resultaat

5.091

Totale weerstandscapaciteit (exploitatie)

5.731

Weerstandsvermogen Vrij aanwendbare reserves Stille reserves

13.890 0

Subtotaal

13.890

Totale weerstandscapaciteit

19.621

Onbenutte belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij een financiële tegenvaller deze in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Wanneer het berekende gemiddelde OZB-tarief voor de gemeente lager is dan het percentage voor toelating tot artikel 12 is er in principe sprake van een onbenutte belastingcapaciteit. In de navolgende berekening is bij benadering aangegeven welke opbrengst deze verhoging genereert.

OZB-percentage van de Woz-waarde voor toelating art.12 Werkelijk gewogen % Woz-waarde gemeente Verschil

0,1614% 0,1458% 0,0156%

Onbenutte belastingcapaciteit

€ 625.000

48

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Onvoorzien De post Onvoorzien is € 15.000. Deze is niet ingezet. Vrij aanwendbare reserves Onder de vrij aanwendbare reserves vallen de algemene reserve en de bestemmingsreserves waarvan de bestemming kan worden gewijzigd zodat deze kunnen worden ingezet voor onverwachte financiële tegenvallers. De stand van de vrij aanwendbare reserves bedraagt per 31 december 2024 € 13.890.000. Stille reserves Stille reserves hebben te maken met activa waarvan de werkelijke waarde hoger is dan de boekwaarde. De stille reserves maken alleen deel uit van de beschikbare weerstandscapaciteit als de betrokken activa op korte termijn (binnen 1 jaar) verkoopbaar zijn, verkoop van de stille reserves niet leidt tot een gat in de gemeentebegroting en verkoop de taakuitoefening van de gemeente niet aantast. Gezien deze voorwaarden heeft de gemeente geen stille reserves.

Risicomanagement Risicomanagement en -beheersing Aanleiding en achtergrond De risico’s voor de gemeente Stede Broec zijn in kaart gebracht. Door inzicht in de risico’s is de gemeente in staat om op verantwoorde wijze besluiten te nemen zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen in verhouding staan tot de vermogenspositie van de gemeente. Niet alle risico’s laten zich financieel vertalen. Er zijn diverse risico’s die geen directe financiële gevolgen hebben, bijvoorbeeld imagoschade. In deze paragraaf ligt de nadruk op de financiële risico’s omdat aan de hand daarvan het weerstandsvermogen wordt bepaald. Risico's Volgens de toelichting op artikel 11 BBV zijn de risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen de risico’s die niet anderszins te ondervangen zijn. Reguliere risico’s, risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn, maken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen. Hiervoor zijn immers verzekeringen afgesloten of voorzieningen voor gevormd. De risico’s worden tweemaal per jaar geïnventariseerd met alle verantwoordelijke afdelingshoofden, teamleiders en specialisten. In de gemeentelijke jaarstukken van 2024 zijn 15 risico’s opgenomen. De bedrijfsvoeringsrisico’s zijn risico’s voor de SED organisatie.

Om een risico te kunnen analyseren en beoordelen bepalen we de kans op het risico (percentage waarschijnlijkheid) en de gevolgen van het risico (impact) voor de organisatie.

49

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

De kansberekening wordt onderverdeeld in vijf niveaus. Deze kunnen als volgt worden uitgelegd: Klasse 1 2 3 4 5

Kans < of 1x per 10 jaar 1x per 5-10 jaar 1x per 2-5 jaar 1x per 1-2 jaar 1x per jaar of >

Percentage 10% 30% 50% 70% 90%

De klassen van impact zijn als volgt: 5 = > € 500.000 4 = > € 100.000 < € 500.000 3 = > € 50.000 < € 100.000 2 = > € 25.000 < € 50.000 1 = < € 25.000 0 = Geen geldgevolgen Door de kans en impact in klassen te verdelen wordt aan beide een score toebedeeld. Op basis van deze scores wordt een statistische berekening gemaakt van de benodigde weerstandscapaciteit. In de beleidsnota is bepaald dat alleen de risico’s met een score van 15 of hoger (score = kans * impact) worden gepresenteerd. Risico’s met een score lager dan 15 zijn onderaan in de tabel opgenomen onder ‘overige risico’s’. De onderstaande tabel bevat een overzicht van de risico’s die na toepassing van de beheersmaatregelen een financieel risico laten zien en waarvoor geen voorziening of reserve voor is opgenomen. Alleen risico’s met een score van 15 of hoger worden apart genoemd in de tabel om focus te houden op de risico’s die substantieel van aard zijn.

Onderwerp

Beschrijving risico

Onrechtmatig- Financieel Risico, omdat de heid gemeenten financieel garant staan voor de GR SED organisatie.

Wmo

Overschrijding op de open einde regeling Wmo door een stijging van het aantal Wmomeldingen.

Genomen beheersmaatregel Opnemen in de paragraaf verbonden partijen in de begroting en in de jaarrekening van de gemeenten. Gedurende het jaar rapporteren door middel van kwartaalrapportages en bespreken in AB. Goede monitoring op de budgetten en het aantal aanvragen.

Bedrag Kans op impact Impact optreden (x 1.000) 150 4 4

167

4

Bedrag x kans (x 1.000) 105

4

117

50

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Jeugdzorg

Overschrijding op de open Goede monitoring op einde regeling Jeugdzorg door data middels omstandigheden waar de kwartaalrapportages gemeente geen invloed op heeft, waaronder ernst en aard problematiek, jeugdbescherming- en jeugdreclasseringsmaatregelen

455

4

4

Overige risico's

319

1.294

SED risico doorbelasting

695 Totaal benodigde weerstandscapaciteit

2.529

De bedrijfsvoering risico’s, opgenomen onder de SED organisatie, zijn financieel door de verdeelsleutel (begroting 2024) bepaald en opgenomen onder het weerstandsvermogen van de gemeente Stede Broec voor € 695.000. Voor de SED organisatie is het volgende risico opgenomen : • Datalekken en Cybercrime In 2024 hebben zich geen significante problemen voorgedaan. De opgesomde risico’s uit de risicoparagraaf van de begroting 2024 hebben niet geleid tot een beroep op de algemene reserve. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 19.621.000 en de maximale benodigde weerstandscapaciteit is € 2.276.136 (= 90% * € € 2.529.040). Het ratio weerstandsvermogen is 8,6. Op basis van de door ons uitgevoerde risico-inventarisatie, de weerstandsratio van 7,2 en het beeld van onze meerjarenbegroting is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stede Broec van mening dat de normale bedrijfsvoering financieel kan worden voortgezet. Om het weerstandsvermogen te beoordelen heeft het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de universiteit Twente een normtabel ontwikkeld. Ons weerstandsvermogen krijgt als waardering ‘uitstekend’.

Waarderingscijfer Ratio A >2,0 B 1,4 – 2,0 C 1,0 – 1,4 D 0,8 – 1,0 E 0,6 – 0,8 F

<0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

51

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Kengetallen Om de financiële positie van de gemeente inzichtelijker te maken schrijft het Rijk een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen voor. Deze kengetallen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. De kengetallen moeten daarbij in samenhang en in onderlinge verhouding worden beoordeeld. De volgende tabel geeft de berekende kengetallen weer.

Rekening 2023

Begroting 2024

Rekening 2024

a. zonder correctie doorgeleende gelden

33%

54%

21%

b. met correctie doorgeleende gelden

14%

33%

5%

Solvabiliteitsratio

32%

22%

36%

Grondexploitatie

0%

8%

0%

structurele exploitatieruimte

3%

0%

4%

110%

119%

118%

Kengetallen: netto schuldquote

Belastingcapaciteit

Het ministerie van BZK heeft onderstaande signaleringswaarden opgesteld. Hierbij is A het minst risicovol, B gemiddeld en C het meest risicovol.

Specificering kengetal naar categorie

Cat. A

Cat. B

Cat. C

a. zonder correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

b. met correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

Solvabiliteitsratio

> 50%

20 - 50 %

< 20%

Structurele exploitatieruimte

> 0%

0%

<0%

Grondexploitatie

< 20%

20 - 35 %

> 35%

Belastingcapaciteit

< 95 %

95 - 105 %

> 105 %

Netto schuldquote:

Netto schuldquote Dit kengetal geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie en zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Hoe lager dit percentage, hoe beter.

52

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. De verwachting is dat de opgenomen leningen de komende jaren zullen afnemen. Voor 2024 is het een percentage van 23%, dit geeft aan dat de gemeente in categorie A zit. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage, hoe beter. Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. Het getal impliceert dat de gemeente goed in staat is om rentelasten en aflossingen te voldoen. De solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Het gemiddelde voor alle gemeenten is in 2023 circa 39,5% (bron: BDO). Hoe hoger dit percentage is, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer geeft dus een soort toekomstvisie weer.

Toelichting percentages Uitkomst categorie B: normaal risico. Een percentage van rond de 50% is voldoende. Stede Broec heeft echter relatief gezien veel schulden doordat er veel gelden zijn uitgezet. Ten opzichte van vorig jaar is het solvabiliteitspercentage gestegen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Wanneer het percentage negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Toelichting percentages Uitkomst categorie A: minst risicovol. Wanneer dit cijfer positief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting voldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.

Voor de beoordeling van het structurele en reële 53

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

evenwicht van de begroting wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Wanneer het percentage negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Toelichting percentages Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. (bron: VNG). Dit percentage is in Stede Broec in 2024 3%. De structurele lasten zijn dus lager dan de structurele baten. Kengetal grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten en is een indicatie van het risico. Naarmate de inkomsten verder in de toekomst liggen, brengt dit meer rentekosten en risico’s met zich mee. Een grondexploitatie van 35% of hoger wordt als zeer risicovol beschouwd (bron: ministerie van BZK). Hoe lager het percentage, des te geringer het risico. Toelichting percentages Het kengetal grondexploitatie is 0%. In 2024 waren er geen actieve grondexploitaties. De kwalificatie is categorie A.

Belastingcapaciteit: Woonlasten meerpersoonshuishoudens De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen om bijvoorbeeld opgetreden risico’s op te vangen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. Een belastingcapaciteit van 100% is gelijk aan het landelijk gemiddelde. Een lage belastingcapaciteit houdt in dat de gemeente nog ruimte heeft om structurele baten te genereren. Toelichting percentages De gemeentelijke tarieven zijn hoger dan de landelijke tarieven. Dit betekent dat de mogelijkheid om extra baten te genereren door de belastingen te verhogen beperkter zijn dan gemiddeld. Samenhang kengetallen De gemeente Stede Broec heeft ten opzichte van de VNG-norm een redelijk hoge schuldpositie die van invloed is op de omvang van de netto schuldquote en op de solvabiliteitsratio. Deze schuldquotes ontwikkelen zich de komende jaren in positieve zin. De structurele exploitatieruimte is in 2024 positief, deze zal vanaf 2026 negatief worden, aangezien dan de ravijnjaren zich aandienen. De begroting biedt vanaf 2026 onvoldoende ruimte om alle lasten te blijven dragen.

Structurele bezuinigingen, of hogere baten zorgen voor een omslag naar een positief percentage. De woonlasten zijn ten opzichte van het landelijk gemiddelde hoog. Er zijn nog mogelijkheden om de belastingen te verhogen. Het weerstandsvermogen van de gemeente Stede Broec is voldoende om financiële tegenvallers op te vangen. Op basis van deze kengetallen kan de conclusie worden getrokken dat er op kort termijn nog geen maatregelen getroffen hoeven te worden. 54

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Onderhoud kapitaalgoederen Beleidsverantwoording Op 24 november 2016 heeft de raad de beheerambities vastgelegd door het ‘Kwaliteitsplan kapitaalgoederen openbare ruimte’ vast te stellen. Met de Kadernota 2017-2021 zijn hiervoor ook de bijbehorende financiële middelen beschikbaar gekomen. Als ambitie voor het beheer van de kapitaalgoederen (exclusief riolering en gebouwen) is in algemene zin gekozen voor beeldkwaliteitsniveau B: Veilig en functioneel beheer. De openbare ruimte wordt degelijk en voldoende onderhouden; over het algemeen is het heel, veilig en schoon. Voor een aantal specifieke domeinen en op een aantal locaties binnen de gemeente (centra en haven) is het inrichtingsniveau verhoogd tot A: goed, mooi en comfortabele inrichting. Eind 2017 zijn de verschillende beheerplannen - die het beleid verankeren en nader vormgeven - vastgesteld door het college. In 2020 is besloten het kwaliteitsniveau in de noordelijke en zuidelijke groenstroken terug te brengen tot beeldkwaliteitsniveau C: laag. Dit komt met name tot uiting in een versobering van het maairegiem. De maatregel heeft echter wel een positieve bijdrage aan de biodiversiteit. Ook het onderhoud van rioleringen en gebouwen gebeurt aan de hand van beheerplannen (respectievelijk het PSWR en het MJO-gebouwen). Hierdoor zijn ook hiervan de onderhoudsmaatregelen meerjarig inzichtelijk.

Het gemeentelijk vastgoed voldoet aan de daaraan gestelde kwaliteitseisen, conditieniveau 3 (redelijk). Hieraan is in 2024 voldaan met uitvoering van het meerjarenonderhoudsprogramma. Er zijn slechts enkele specifieke uitzonderingen waar het gaat om panden die onderdeel zijn van een ontwikkeling of in afwachting zijn van verdere plannen in de nabije toekomst. Daarnaast hebben we afgelopen jaar een woning verkocht op de Outger Jacobszstraat.

Financiële consequenties Het financiële kader voor het onderhoud aan de kapitaalgoederen is de jaarlijkse exploitatie vanuit de programmabegroting. Het klein en groot onderhoud worden daarbij uit de jaarlijkse onderhoudsbudgetten bekostigd. Voor het (groot) onderhoud van riolering, gebouwen, baggeren en civiele kunstwerken zijn voorzieningen gevormd. De baggerwerkzaamheden tot aan de overdracht van het stedelijk water worden gedekt uit een reserve, die na de overdracht van het stedelijk water komt te vervallen.

55

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Stand van zaken kapitaalgoederen

Primitieve Begroting begroting na wijziging Rekening

Onderdeel

Omschrijving

verschil

Wegen

Dagelijks onderhoud Groot onderhoud

424 795

424 432

501 423

-77 9

Openbare verlichting Dagelijks onderhoud

154

154

164

-10

Openbaar groen

Dagelijks onderhoud

1.262

1.262

1.273

-11

Begraafplaatsen

Dagelijks onderhoud

8

8

11

-3

Waterwegen

Dagelijks onderhoud

57

57

35

21

Dagelijks onderhoud Storting voorziening Aanwending voorziening

141 96 65

141 96 65

96 96 91

45 0 -26

Riolering

Dagelijks onderhoud Storting voorziening

441 68

389 159

300 639

88 -480

Gebouwen

Dagelijks onderhoud Storting voorziening Aanwending voorziening

440 500 431

440 500 1.027

451 500 581

-11 0 445

Voorzieningen Bruggen

Wegen In 2024 is er onderhoud uitgevoerd aan het wegenareaal. Dit betreft werkzaamheden aan de asfalt als de elementenverhardingen. Op basis van de technische wegeninspectie van 2023 blijkt dat het areaal wat wegen betreft niet geheel voldoet aan het kwaliteitsniveau. Dit betekent dat een deel van de wegen niet voldoet aan de-norm ‘B’. De beschikbare middelen in 2024 waren en zijn toereikend om te voldoen aan het kwaliteitskader. In 2025 zal er een nieuwe inspectie worden uitgevoerd op het wegenareaal. In 2024 is er een onderzoek uitgevoerd naar de restlevensduur van de funderingen onder de asfaltwegen. Het resultaat zal worden verwerkt in een meerjarenplanning en geeft de vervangingsopgave in tijd van de asfaltwegen weer. Problemen met de riolering van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) op de Raadhuislaan zorgde ervoor dat de geplande werkzaamheden in 2024 aan de Raadhuislaan niet konden worden gestart. De energietransitie en glasvezel projecten hebben veel invloed op het wegennet. De vele ingravingen zorgen voor een degeneratie van de wegkwaliteit waardoor het kwaliteitsniveau achteruitgaat. De wegenplanning houdt rekening met toekomstige ingravingen. Dit heeft tot gevolg dat er met geplande onderhoudswerkzaamheden wordt geschoven of tijdelijk worden uitgesteld. 56

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Riolering Een nieuw Programma Stedelijk Water en Riolering 2025-2027 (PSWR) is aangenomen. Hierin is opgenomen dat er een systeem stedelijk water (SSW) wordt opgesteld. Met een SSW kunnen knelpunten geconstateerd worden in het huidige rioolstelsel en wat de capaciteit is van het areaal. Uit het SSW worden knelpunten bekend waar mogelijke areaalwijzigingen moeten plaats vinden. Wijzigingen aan het areaal worden verwerkt in het PSWR 2028-2032. Hiernaast worden de grondwaterstanden in de openbare ruimte gemonitord waarmee we burgers kunnen informeren en de juiste maatregelen voor toekomstige vervangingen kunnen inventariseren. Water Er is geen achterstallig onderhoud aan het watersysteem. Baggeren van waterwegen vindt, in een 10 jarige cyclus, weer plaats vanaf 2024. Groen Op basis van vier beleidsmetingen kan gezegd worden dat de huidige beeldkwaliteit op hoofdlijnen op een D-niveau uitkomt. Dit betekend dat de kwaliteit niet aan de gestelde ambities voldoet. Momenteel wordt een integraal groenonderhoud overeenkomst opgesteld. Waarbij achterstanden in de komende jaren tot 2030 wordt weggewerkt. De bestrijding van Reuzen berenklauw en Japanse Duizendknoop in het openbaar groen blijft een punt van aandacht. De huidige maatregelen laten een verdere afname zien in het areaal.

Voor een definitieve uitroeiing en beheersing zal gedurende meerdere jaren consequent ingrijpen noodzakelijk zijn. Uit onderzoek blijkt dat nog geen enkele toepasbare maatregel lijdt tot een effectieve bestrijding van de Japanse duizendknoop. Ten opzichte van 2023 is het aantal aantastingen van de eikenprocessierups in 2024 verder afgenomen. Gebouwen Het gemeentelijk vastgoed voldoet aan de daaraan gestelde kwaliteitseisen, conditieniveau 3 (redelijk). Bruggen Het beheer van de bruggen is op orde. Aandachtspunten blijven de houten fiets- en voetgangersbruggen en de wat oudere, zwaar belaste verkeersbruggen. Beschoeiingen Het areaal beschoeiingen is redelijk op orde. De veiligheid en functionaliteit van de oevers zijn niet in het geding, echter de beschoeiing zelf is op een aantal trajecten einde levensduur. Vanaf 2023 wordt er structureel ingezet op vervanging van beschoeiingen en het ombouwen van harde beschoeiingen naar natuurvriendelijke oevers. Tevens wordt gelet op het voorkomen/wegnemen van gevaarlijke situaties. De termijn van vervangingen van het areaal loopt door tot 2040. Openbare verlichting Het areaal is voor een groot deel op orde en bestaat momenteel uit 5.725 verlichtingsobjecten. Verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen zijn in beeld en worden jaarlijks projectmatig en wijkgericht vervangen.

Deze vervangingsmethode zorgt voor een tijdelijke afname van de verouderde verlichtingsobjecten of onderdelen, maar zal het niet helemaal wegnemen, omdat 57

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

er jaarlijks te vervangen objecten bij komen. 70% van de verlichtingsobjecten zijn voorzien van led lichtbronnen. Begraafplaatsen Op basis van vier metingen kan gezegd worden dat de huidige beeldkwaliteit op hoofdlijnen op een A-niveau uitkomt. Dit is hoger dan het afgesproken niveau. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud op de begraafplaatsen.

58

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeheer van de gemeente. In ieder geval beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille. Het geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte.

Financieringsfunctie De financieringsfunctie omvat de financiering van het beleid en het uitzetten van geldmiddelen die niet direct nodig zijn. De Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. In deze wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De belangrijkste verplichtingen die uit deze wet voortvloeien zijn: • het opstellen van een financieringsstatuut, • het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en de jaarrekening, • het voldoen aan de kasgeldlimiet en • het voldoen aan de renterisiconorm. De kasgeldlimiet en de renterisiconorm hebben als doel de gemeente te behoeden voor een onverantwoorde gevoeligheid voor rentefluctuaties.

Financieringsstatuut Treasury is het sturen op en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Met het Treasurystatuut is het beleid vastgesteld.

Financieringsbeleid De financieringsportefeuille bestaat uit: • opgenomen langlopende leningen; • eigen vermogen dat als financieringsmiddel is ingezet (reserves); • in beheer gekregen waarborgsommen.

59

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Opgenomen langlopende leningen en waarborgsommen Het onderstaande overzicht geeft de ontwikkeling aan van langlopende opgenomen leningen.

Stand langlopende leningen per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Stand totaal per 31 december

39.065 0 3.606 35.459

Uitgezette leningen De gemeente verstrekt langlopende leningen aan lokale en regionale instellingen en verenigingen. De basis voor verstrekking is het treasurystatuut. Daarnaast heeft de gemeente leningen uitstaan bij woningcorporatie De Woonschakel Westfriesland en hypothecaire geldleningen bij het ambtelijk personeel. Sinds 1 januari 2009 worden, als gevolg van een wijziging in de Wet Fido, geen nieuwe leningen meer aan ambtelijk personeel verstrekt. Onderstaand overzicht geeft de ontwikkeling aan van de langlopende uitgezette leningen.

Stand uitgezette leningen per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Extra of vervroegde aflossingen Stand totaal per 31 december

14.164 168 1.363 0 12.970

Indicatoren Om de financieringsrisico’s (renterisico’s) te beperken, staan in de Wet Fido twee instrumenten: renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Daarnaast is met het schatkistbankieren een drempelbedrag bepaald. De provincie toetst of de gemeente aan deze normen voldoet. Het schema onder Rentetoerekening geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Renterisiconorm De norm voor het renterisico stelt een grens aan financiering op lange termijn. Het doel is om overmatige renterisico’s op de vaste schuld (met een looptijd gelijk of langer dan 1 jaar) te vermijden. De norm wordt berekend door het begrotingstotaal te vermenigvuldigen met een door het Rijk vastgesteld percentage (20%). Het totaal van renteaanpassingen en de herfinanciering van de aflossingen in een begrotingsjaar mag deze norm niet overschrijden.

60

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

In cijfers betekent dit het volgende:

Omschrijving

2024

2025

2026

2027

-

-

-

-

Renterisico 1.

Renteherzieningen

2.

Te betalen aflossingen

3.606

3.606

3.606

3.606

3.

Renterisico (1+2)

3.606

3.606

3.606

3.606

66.269

66.269

67.086

68.419

Renterisiconorm 4a.

Omvang begroting 1 januari

4b.

Vastgesteld percentage

20%

20%

20%

20%

4.

Renterisiconorm (4a x 4b)

13.254

13.254

13.417

13.684

Renterisico op vaste schuld (3)

3.606

3.606

3.606

3.606

Renterisiconorm (4)

13.254

13.254

13.417

13.684

Ruimte (3-4)

-9.648

-9.648

-9.811

-10.078

Toets renterisiconorm

(3 < 4): Ruimte onder renterisiconorm (3 > 4): Overschrijding renterisiconorm

De tabel laat zien dat het renterisico beneden de norm blijft. Schatkistbankieren Tijdelijk overtollige middelen worden verplicht ondergebracht bij het ministerie van Financiën. Het doel van de deelname van de decentrale overheden aan schatkistbankieren is de Europese Monetaire Unie-schuld van de collectieve sector te verlagen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft voor de gemeente de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan 1 jaar) aan. Wettelijk moet worden overgegaan tot omzetting naar langlopende schulden zodra de limiet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Het doel van deze limiet is het renterisico op korte financiering te beperken. Fluctuaties in korte rente kunnen namelijk een relatief grote invloed hebben op rentelasten. De kasgeldlimiet wordt uitgedrukt in een percentage van het begrotingstotaal (8,5%) en bedraagt voor de gemeente Stede Broec voor 2024 € 5.633.000.

61

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Bij het financieringsbeleid wordt rekening gehouden met deze limiet.

Omschrijving 1.

2.

Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting per 1 januari (lasten)

66.269

Percentage kasgeldlimiet

8,50%

Omvang kasgeldlimiet

5.633

Omvang vlottende schuld (gemiddeld dienstjaar) Opgenomen gelden < 1 jaar

0

Schuld in rekening courant

3.668

Gestorte gelden door derden < 1 jaar

0

Overige geldleningen (geen vaste schuld)

0 3.668

3.

Vlottende middelen (gemiddeld dienstjaar) Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant

2 14.441

Overige uitstaande gelden < 1 jaar

0 14.443

4.

Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet

5.

5.633

Totaal netto vlottende schuld (2-3)

-10.775

Ruimte (4-5)

16.408

In 2024 is er geen korte financiering geweest. De kasgeldlimiet wordt niet overschreden. Rentetoerekening De paragraaf financiering moet inzicht geven in: - De rentelasten; - Het renteresultaat; - De wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten.

62

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Onderstaand schema geeft hier invulling aan.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem)

1.309 759 -/-

Saldo rentelasten en rentebaten

550

De rente die aan de grondexploitatie moet worden toegerekend

0 -/-

De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

1 -/-

De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

13 +/+

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

12

Rente over eigen vermogen

0 +/+

Rente over voorzieningen

0 +/+

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

562

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

556 -/-

Renteresultaat op het taakveld Treasury

6

63

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Bedrijfsvoering Communicatie We zetten diverse communicatiemiddelen in om inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers te bereiken. Op het gebied van de digitale communicatiemiddelen hebben we verdere stappen gezet in de digitale toegankelijkheid van de website. De digitale meldpunten zijn duidelijker en begrijpelijker. We hebben de digitale nieuwsbrief verbeterd zodat ook deze voldoet aan de wetgeving voor digitale toegankelijkheid. Tot slot zijn we verdergegaan met het ontwikkelen van een contentstrategie met als doel om de inzet van onze communicatiemiddelen aan te scherpen. Inwoners betrekken Communicatie levert een bijdrage aan de realisatie van projecten en beleid van andere afdelingen. Bij grote en/of gevoelige projecten is een omgevingsanalyse gemaakt, waarmee meer inzicht in de omgeving werd verkregen. Bij diverse projecten hebben we inwoners de gelegenheid gegeven om mee te denken via fysieke bewonersbijeenkomsten en/of via het online platform samen.stedebroec.nl. Denk hierbij aan de herinrichting van het Centrumgebied Stede Broec-Zuid, het Verkeersplan Stede Broec, de woningbouwplan Nijevoert of de opvang van vluchtelingen. Crisiscommunicatie Crisiscommunicatie is een blijvend onderdeel van het werkveld. De communicatieadviseurs nemen deel aan de pool crisiscommunicatie van het Expertteam Bevolkingszorg van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord.

Daarnaast worden de communicatieadviseurs via een beschikbaarheidspool ingezet voor lokale incidenten. In 2024 hebben de communicatieadviseurs geadviseerd bij diverse lokale en regionale crises en incidenten.

Personeelszaken In 2024 zijn belangrijke stappen gezet op het gebied van arbeidsmarktbeleid. De wijze waarop wij vacatures nu uitzetten sluit nog beter aan bij onze potentiële doelgroep. We hebben aan ons imago en naamsbekendheid gewerkt door onder meer aan te sluiten bij initiatieven zoals de Kom binnen bij Bedrijven-dag maar ook door gebruik te maken van social media. Verder hebben we onze rol als erkend leerbedrijf actiever opgepakt en hebben meer jongeren bij ons stage gelopen wat in sommige gevallen resulteerde in een nieuwe (tijdelijke) medewerker. In het kader van binden en behouden hebben we een nieuwe opzet voor onboarding gemaakt. Via een app, een introductiedag waarbij ook de mobile devices worden verstrekt, een buddy en een goed inwerkprogramma kunnen nieuwe medewerkers op een prettige wijze starten en voelen zij zich welkom bij SED organisatie. Met de Westfrieslandacademie is regelmatig contact over de opleidingen die we kunnen aanbieden aan (nieuwe) medewerkers.

64

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Er is een voorziening getroffen voor de Regeling Vervroegd Uittreden, waarvoor een aantal medewerkers in aanmerking komt. Ook zijn de budgetten voor reiskosten woon-werkverkeer en hybride werken weer in overeenstemming met de realiteit gebracht. De SED organisatie heeft dit jaar een brede evaluatie van de organisatie uitgevoerd. Deze evaluatie bestond uit een medewerkersonderzoek, een exitonderzoek en de evaluatie van de sturingsfilosofie sturing & ruimte. De analyse van de resultaten van deze onderzoeken heeft geleid tot een routekaart voor de organisatie waarin duidelijke keuze zijn gemaakt om de komende jaren met focus de opgave integraal centraal gesteld kan worden. De afdeling financiën is opnieuw ingericht waar mee integraal adviseren mogelijk wordt gemaakt. De SED organisatie is dit jaar aangesloten bij het HR netwerk Kop van Noord Holland op het gebied van beleid en arbeidsvoorwaarden als aanvulling op de contacten die we al binnen West Friesland op HR gebied hebben. Om zo goed mogelijk gebruik te kunnen maken van elkaars krachten is er dit jaar structureel overleg met de Westfrieslandacademie geweest. Er wordt binnen de organisatie actief de samenwerking gezocht met anderen binnen de organisatie.

Zoals met de Ondernemingsraad in de voorbereiding van het dit jaar gehouden medewerkersonderzoek, met de Servicedesk bij het project onboarding en met het domein Ruimte bij de Kom binnen bij Bedrijvendagen.

Juridische zaken In 2024 heeft het team juridische zaken zich meer gericht op de kwaliteit van bezwaarafhandeling. De komst van de externe bezwarencommissie heeft mede geleid tot een zorgvuldiger afhandeling van bezwaar- en beroepszaken. Verschillende wisselingen, persoonlijke omstandigheden en krapte op de arbeidsmarkt hebben invloed gehad op de personele bezetting van het team juridische zaken. Dit heeft invloed gehad op de doorlooptijden. Ook de toenemende complexiteit van juridische vraagstukken en de behandeling van bezwaren door de externe bezwarencommissie hebben vertragende werking op de doorlooptijd van bezwaar en beroepszaken. Om zaken tijdig te kunnen blijven afhandelen is het noodzakelijk om de beschikbare capaciteit te monitoren en processen optimaal in te richten. Bezwaarschriften en doorlooptijden In 2024 zijn er 153 bezwaarschriften ingediend, waarvan er 104 bezwaren gericht zijn tegen één besluit. In totaal zijn 23 bezwaarschriften volledig afgehandeld tot en met de beslissing op bezwaar, 11 bezwaarschriften zijn ingetrokken en 119 bezwaarschriften zijn nog in behandeling. Van de afgehandelde bezwaren zijn 6 bezwaren gegrond verklaard, 13 ongegrond en 4 niet-ontvankelijk. Daarnaast zijn 16 van de 23 zaken binnen de wettelijke termijn afgehandeld. In totaal zijn 121 bezwaarschriften (gericht tegen 18 besluiten) behandeld door de externe bezwarencommissie.

Beroepszaken In 2024 waren er 4 beroepszaken. Bij alle beroepszaken is de gemeente in het gelijk gesteld. Een positief resultaat ten opzichte van voorgaande jaren. Klachten In totaal zijn 92 klachten geregistreerd, waarvan er 69 betrekking hebben op (de communicatie rondom) de opvang van Oekraïense vluchtelingen. De indieners van de klachten hebben ook 65

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

bezwaar ingediend. De behandeling van deze klachten is opgeschort tot er een beslissing op de bezwaren is genomen. Van de overige klachten zijn er 21 informeel afgehandeld, 1 klacht is formeel gegrond verklaard en 1 klacht is afgebroken. Bij de Nationale Ombudsman zijn er in 2024 in totaal 15 klachten behandeld. In 2023 waren dat er 7, in 2022 5 en in 2021 waren dat er ook 5. Van de in 2024 door de Nationale Ombudsman ontvangen klachten zijn er 13 afgehandeld door het verstrekken van informatie of doorverwijzing naar een andere instantie. Tussentijds is 1 klacht beëindigd en 1 klacht is opgelost door middel van bemiddeling. Ingebrekestellingen In 2024 zijn 9 ingebrekestellingen ontvangen. Dit heeft in 1 zaak geleid tot betaling van een dwangsom omdat het niet is gelukt om binnen 2 weken een besluit te nemen.

66

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

67

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Informatie Eind 2023 zijn we gestart met het ontwikkelen van Informatiebeleid dat in 2025, na vaststelling, een vervolg krijgt. Voor de implementatie van dit beleid hebben we tevens een ICT-kalender (roadmap) opgesteld tot 2030. Daarnaast is een visie ontwikkeld hoe om te gaan met data en deze te gebruiken in verantwoording en sturing. Na vaststelling wordt deze ook verder geïmplementeerd in 2025. Aanbesteding key-systemen In 2024 hebben we diverse key-systemen aanbesteed via onze software broker of zijn we in de voorbereidende fase om een aanbesteding te starten in 2025. Het gaat om de volgende key-systemen: • HR- en Payroll applicatie • Belastingpakket • Beheer openbare ruimte (BOR) applicatie • Tool voor de planning- en control cyclus • Software broker In 2025 wordt met onderstaande key-systemen een start gemaakt voor een eventuele aanbesteding in 2026, via onze software broker: • Financiële systeem • Pakket voor Vergunning toezicht handhaving (VTH) • Anonimiserings-software Daarnaast worden applicaties bij vervanging en verlenging steeds vaker aangeboden als Software as a Service (SaaS) in plaats van on-premises (op locatie DeSom). In 2024 zijn er diverse applicaties verlengd of vervangen door een SaaS-variant. In 2025 wordt deze trend doorgezet en zullen er nog meer applicaties worden vervangen door een Saas-variant. Ons doel is om in 2026 daarmee klaar te zijn.

Kwaliteitszorgsysteem en I-navigator Vanuit de regio is een raamwerk voor kwaliteitszorg opgesteld dat in 2021 door de SED en de aangesloten gemeenten is vastgesteld. Dat raamwerk is nu vertaald naar een kwaliteitszorgsysteem dat geïmplementeerd wordt. De implementatie van het kwaliteitszorgsysteem heeft ook de speciale aandacht van de Provincie in het kader van Interbestuurlijk Toezicht Informatiebeheer. VIND I-Navigator is een instrument, gelieerd aan het kwaliteitszorgsysteem, waarmee we de informatievoorziening in beeld brengen zodat we het informatiebeheer verbeteren. In dit instrument leggen we vast: • Welke processen we uitvoeren en hoe deze worden vastgelegd in de systemen als zaaktype • Welke informatie een hoog risico vormen bij informatieverlies of een datalek • In welke systemen we informatie vastleggen per proces • Welke informatie we actief moeten publiceren op documentniveau • Welke wetgeving er per proces geldt

68

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

• •

Voor welke processen een Data Protection Impact Assessment (DPIA) rapport is opgesteld Bij welke processen persoonsgegevens worden verwerkt. Deze gegevens kunnen als een verwerkingsregister uit het systeem worden gehaald.

Dit instrument geeft ons een samenhangend overzicht van alle informatie in de organisatie wat we ook moeten kunnen tonen tijdens de gesprekken met de archiefinspecteur. Robotisering Voor een efficiënte bedrijfsvoering en succesvolle digitale transformatie zetten we, waar mogelijk, robotisering (RPA) en AI in. Dit heeft als doel om: • handmatige, repeterende werkzaamheden te automatiseren • fouten te minimaliseren • de werkdruk bij collega’s te verlagen • de doorlooptijden van processen te verkorten • kosten te besparen • de dienstverlening aan burgers en organisaties te verbeteren In 2023 is een aantal medewerkers opgeleid tot RPA- en AI-Developer. Na afronding van deze opleidingen in 2024 zijn zij in staat om zelfstandig robots te ontwikkelen. In 2024 hebben we diverse projecten succesvol uitgevoerd: • Energietoeslag • Automatische incasso Belastingen • Suites • Crediteurenadministratie • Leerlingenvervoer • WOZ-bezwaren • Begraafplaatsadministratie • Sociale regie • Momenteel zijn er nog twee lopende projecten in de afrondende fase: • Mail informatiebeheer • Bijzondere bijstand van bewindvoerders De robots hebben in 2024 ongeveer 400 uur aan werkzaamheden geautomatiseerd. De komende jaren breiden we de inzet van robotisering en AI verder uit om onze processen toekomstbesteding te maken. Vanaf 2025 willen we AI intensiever inzetten, momenteel onderzoeken we de mogelijkheden.

Facilitaire zaken In het kader van aantrekkelijk werkgeverschap hebben wij in 2024 verdere stappen gezet om onze werkplekken te moderniseren en aan te passen aan de behoeften van onze medewerkers. De inrichting van onze locaties is geoptimaliseerd om hybride werken te ondersteunen, waarbij flexibiliteit en functionaliteit centraal staan. 69

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Zo hebben wij hybride vergaderruimtes toegevoegd die zijn uitgerust met moderne technologieën om zowel fysieke als digitale samenwerking naadloos te laten verlopen. Daarnaast zijn er stiltewerkplekken gerealiseerd die medewerkers de mogelijkheid bieden om in een rustige omgeving gefocust en geconcentreerd te werken. Met deze verbetering streven wij ernaar om een werkomgeving te bieden die past bij de veranderende behoeften van onze medewerkers, en dragen wij bij aan een cultuur waarin werk en welzijn in balans. zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15607237/4