Bijlage 1 Erfgoednota 'Behoud, ontwikkeling en beleving van land en dorpen' Stede Broec 2023
Tekst van het document
54
Inhoud
Veiling De Tuinbouw in 1932 (beeld: Historische Vereniging Oud Stede Broec)
De gemeente vindt het van groot belang dat ook jongeren meer betrokken raken bij het culturele erfgoed. We willen stimuleren dat de lokale jeugd leert hoe hun leefomgeving door de eerdere generaties is gevormd. Hoe is de dijk er ooit gekomen? Waarom varen de Stede Broecers door de polder, hoe houden we dat schilderachtige karakter van het dorpslint in ere? Wat is een overhaal en waarom is die zo belangrijk voor onze gemeenschap? De nieuwe generatie zal in de toekomst met het erfgoed gaan werken en daarom is het van belang dat ze hun leefomgeving begrijpen. Erfgoededucatie kan vaak gecombineerd worden met onderwijs op het vlak van cultuur, sport of natuur, omdat alleen al een goede locatiekeuze (zoals een kerk of een ander monumentaal gebouw) een grote meerwaarde kan leveren voor een project. Voor de inwoners van Stede Broec is de waardering voor het erfgoed vaak een goede aanleiding om zich betrokken te voelen bij hun directe leefomgeving en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in de dorpen en het landschap.
55
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
4
Opgaven, ambities en acties Vanuit onze visie van landschap en erfgoed als basis van ontwikkeling en het grote belang van de ‘beleefbaarheid’ formuleren we twee overkoepelende ambities van het gemeentelijk erfgoedbeleid: de basis op orde en het beleefbaar maken van het erfgoed. Om inzichtelijk te maken waar de kansen liggen, koppelen we de ambities steeds aan opgaven en acties, die we beschrijven, concretiseren en prioriteren. In de uitvoeringsagenda worden de acties vervolgens gebudgetteerd voor de komende jaren.
56
Inhoud
De prioritering is bepaald op basis van het belang binnen het wettelijk en beleidsmatig kader, maar de logica van de volgorde in het realiseren van de projecten en producten heeft eveneens meegewogen: Onder prioriteitsniveau 1 vallen de acties die minimaal nodig zijn om te kunnen voldoen aan de wettelijke verplichtingen. Het resultaat is dat huidige wet- en regelgeving kan worden nageleefd. Onder prioriteitsniveau 2 vallen de acties die niet verplicht zijn maar wél zeer wenselijk. Het resultaat is dat in onderlinge samenwerking zorg kan worden gedragen voor het erfgoed. Onder prioriteitsniveau 3 vallen de projecten die uitgaan van de positieve kracht van erfgoed. Het resultaat is dat er projecten en producten worden ontwikkeld die bewoners en bezoekers enthousiast maken. Ook gaat het om projecten die de borging van erfgoed binnen de ruimtelijke ordening garanderen op de lange(re) termijn.
Basisvoorwaarde
Om de ambities uit deze erfgoednota waar te kunnen maken en de acties te kunnen uitvoeren is voldoende deskundige ambtelijke capaciteit (menskracht) noodzakelijk; dat is de basisvoorwaarde. Daarom vallen de eerste twee acties buiten de prioriteitsniveaus. Ambtelijke erfgoedcapaciteit Binnen SED-verband is er op dit moment structureel ruimte voor 1 fte voor de beleidsmedewerker erfgoed, die gelijkmatig is verdeeld over de drie gemeenten. Gezien de landelijke ontwikkeling ten aanzien van de Omgevingswet is het belangrijk dat ook andere beleidsterreinen actief bij het cultureel erfgoed betrokken worden, zoals Cultuur, Monumenten, Duurzaamheid en Ruimtelijke Ordening. Afhankelijk van de ambities met bijbehorende actiepunten kan het nodig zijn om de ambtelijke capaciteit op erfgoed uit te breiden. Zonder passende ambtelijke capaciteit kan deze erfgoednota niet in zijn geheel uitgevoerd worden. Ambtelijke capaciteit op de lange termijn is noodzakelijk als gekozen wordt om het hoogste ambitieniveau van deze erfgoednota te concretiseren. Met de invoering van de Omgevingswet wordt het voor beleidsmedewerkers erfgoed cruciaal om als spil te fungeren binnen de gemeentelijke organisatie en in een vroeg stadium mee te praten over ruimtelijke ontwikkelingen.
Door het belang van het landschap en het erfgoed te behartigen, met als doel dat ook anderen binnen de organisatie erfgoed zien als integraal onderdeel van omgevingskwaliteit, bereiken we dat erfgoed als basis van nieuwe ontwikkelingen gaat fungeren. Dit streven is ook een ambitie in Bouwstenen Omgevingsvisie 2021. Zie ook actiepunt 2. Beleidsmedewerkers erfgoed vormen het aanspreekpunt voor belanghebbenden binnen de gemeente. Het doel is om betrokken organisaties op het vlak van erfgoed meer met elkaar in contact te brengen en te stimuleren dat jongeren zich nog meer aan erfgoedorganisaties gaan verbinden. We willen onderzoeken of locaties ter beschikking gesteld kunnen worden voor initiatieven van deze organisaties.
57
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Ambtelijke toezicht- en handhavingscapaciteit Om het erfgoedbeleid op een adequate manier te kunnen implementeren en op de lange termijn te kunnen bestendigen, is het noodzakelijk dat er blijvend proactief op toezicht en handhaving wordt ingezet. Hierbij gaat het met name om het toezien op de restauratie, uitbreiding en verduurzaming van gebouwd erfgoed en op de omgang met en het onderhoud van landschappelijke structuren en monumentaal groen. We baseren ons hierbij op de uitvoeringsrichtlijn van Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg.
Basistaken monumenten en archeologie Opgave Met meer menskracht binnen de gemeentelijke organisatie kunnen we de karakteristieke landschappelijke structuren borgen en het erfgoed adequaat beschermen en verduurzamen. Voor inwoners, ondernemers en organisaties die zich met erfgoed bezighouden moet er een aanspreekpunt zijn. Het is belangrijk dat het netwerk verder uitgebouwd wordt, dat goede initiatieven gestimuleerd worden en dat het belang van het cultureel erfgoed in de hele gemeentelijke organisatie behartigd wordt. Ambitie Op het gebied van monumenten zijn we verantwoordelijk voor de vergunningverlening voor alle zaken betreffende het aanpassen van een monument, en voor het bewaken van de kwaliteit van de uitvoering bij restauratie, verduurzaming, aanpassing en herbestemming (handhaving, bouwtoezicht en beheer). Ondernemers moeten hun bedrijf in het historische lint of in het open landschap kunnen blijven ontwikkelen, met respect voor cultuurhistorische en landschappelijke waarden. De gemeente kan hiervoor duidelijke kaders bieden en bewaakt hierbij de omgevingskwaliteit. Historische panden moeten goed geïsoleerd en ook op andere manieren toekomstbestendig gemaakt kunnen worden, zodat de inwoners van Stede Broec ze duurzaam kunnen benutten.
Daarnaast leveren we input voor bestemmingsplannen (het omgevingsplan) op het vlak van de cultuurhistorische waarden van gebouwen en landschappelijke structuren en zijn we verantwoordelijk voor het aanwijzen van nieuwe gemeentelijke monumenten en beschermde dorpsgezichten, inclusief het (laten) opstellen van waardestellingen. Op het gebied van archeologie hebben onze wettelijke taken betrekking op het beschermen van archeologische waarden in bestemmingsplannen, het verlenen van vergunningen, het bewaken van de kwaliteit van archeologisch onderzoek en het (laten) opstellen van waardestellingen. Acties In de conceptversie van de erfgoednota zijn de acties in drie prioriteitsniveaus ingedeeld. Het is aan de gemeenteraad om vast te stellen voor welk ambitieniveau gekozen wordt.
58
Inhoud
Acties - prioriteitsniveau 1
1
Landschap en erfgoed in de omgevingsvisie – Erfgoed en omgevingskwaliteit willen we stevig borgen in de omgevingsvisie. Door de bestaande kernkwaliteiten te definiëren en duidelijk te beschrijven (wat een vereiste is voor een omgevingsvisie) en aan te geven waar de ambities van het gemeentebestuur liggen in de omgang met erfgoed, verankeren we het erfgoed in de basis van het omgevingsbeleid.
2
Voorbereiding omgevingsplan en actualisering Erfgoedverordening 2011 – Actualisering van de Erfgoedverordening en voorbereiding van het omgevingsplan is noodzakelijk, gezien de ontwikkelingen op het vlak van wetgeving van de Rijksoverheid. Hierin worden onder meer het functioneren van de gemeentelijke adviescommissie, subsidieregelingen en de erfgoedregistratie conform het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) vastgelegd.
3
Archeologie in ruimtelijk beleid – De Beleidskaart archeologie uit 2019 moet op korte termijn (zo snel mogelijk) geïntegreerd worden in het bestemmingsplan middels een parapluplan, om vervolgens (wanneer de Omgevingswet wordt ingevoerd) meegenomen te kunnen worden in het omgevingsplan. In een collegebesluit van 2019 is hiertoe al besloten. Acties - prioriteitsniveau 2
4 Begeleiding van initiatieven – Om de cultuurhistorische kwaliteiten binnen de gemeente te behouden en versterken, moeten we in gesprek gaan met initiatiefnemers (eigenaren van monumenten met de wens om te restaureren, verduurzamen en/of herbestemmen) bij elke beoogde ingrijpende aanpassing van een beschermd monument. Zo kan kennis van beleidsregels en uitvoeringsrichtlijnen worden benut tijdens de planvorming. Initiatiefnemers krijgen zo in een zo vroeg mogelijk stadium duidelijkheid over wat wel en niet kan met een monument, en wanneer advies of vergunning van de gemeente nodig is. Dit actiepunt vereist een goed bereikbare, deskundige erfgoedmedewerker die de samenwerking zoekt met de afdeling Ruimtelijke Ordening. 5
Uitvoeren kerkenvisie – Naar aanleiding van een uitgebreide inventarisatie is de Kerkenvisie Stede Broec opgesteld. In deze kerkenvisie wordt benoemd wat de toekomstverwachtingen zijn per kerk en op welk vlak samenwerking tussen de kerk, andere belanghebbenden en de gemeente gewenst is. Het doel is om de bevindingen van de kerkenvisie uit te voeren.
6 Aanwijzen gemeentelijk beschermd dorpsgezicht – Historische Vereniging Oud Stede Broec heeft de gemeente verzocht om een gemeentelijk beschermd dorpsgezicht aan te wijzen bestaande uit de omgeving van De Kolk, de oude haven, het binnendijkse gedeelte Zuiderdijk (omgeving Poldergemaal), de Peperstraat en de Wortelsloot. De gemeente wil deze mogelijkheid onderzoeken en de kernkwaliteiten van het te beschermen gebied planologisch verankeren in het omgevingsplan. Mogelijk kan ook voor (delen van) het historische lint een beschermde status overwogen worden.
59
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
7
Aanwijzen nieuwe gemeentelijke monumenten – Historische Vereniging Oud Stede Broec heeft de gemeente verzocht om te onderzoeken welke niet-beschermde panden met cultuur historische waarde in aanmerking kunnen komen voor een aanwijzing als gemeentelijk monument. De gemeente wil in samenspraak met inwoners en andere belanghebbenden onderzoeken of en zo ja welke panden aangewezen zouden moeten worden.
8
Subsidieregeling gemeentelijke monumenten – Ter bevordering van kwalitatief goed onderhouden gemeentelijke monumenten is reeds een subsidieregeling van € 24.000 per jaar verbonden aan de gemeentelijke monumentenstatus voor onderhoud en restauratie van monumenten. Als het aantal gemeentelijke monumenten wordt uitgebreid, dient het budget van deze subsidieregeling mee te groeien. Tevens dient gezocht te worden naar financiële kansen en mogelijkheden voor het verduurzamen van monumenten.
Klik hier om te zien hoe de bestaande subsidieregeling eruit ziet.
9 Waardevolle bomenlijst – Bijzondere historische bomen zijn levende organismen die regulier onderzocht en gewaardeerd dienen te worden. De historische bomenlijst moet geactualiseerd worden. Beleefbaar maken van landschap en erfgoed Opgave Het ontwikkelen van kennis van en het verstrekken van informatie over het erfgoed van Stede Broec, zoals dat op dit moment binnen de gemeente én naar buiten toe georganiseerd is, behoeft dringend verbetering. Informatie moet helder, inspirerend, laagdrempelig, eigentijds en compleet toegankelijk worden gemaakt. Daarmee raken inwoners beter betrokken bij de geschiedenis van hun leefomgeving en kunnen ze makkelijk de relevante informatie tot zich nemen. Dit leidt tot meer onderlinge verbondenheid en betrokkenheid bij de leefomgeving. Ambitie Alle informatie over landschap, immaterieel erfgoed, monumentenstatus, richtlijnen voor restauratie, verduurzaming en herbestemming, subsidiemogelijkheden en verplichtingen met betrekking tot archeologisch onderzoek moet openbaar toegankelijk worden via de gemeentelijke website en indien mogelijk en wenselijk ook op andere manieren. Hiermee scheppen we helderheid voor initiatief nemers, hun adviseurs én de gemeente. Als er nieuwe kennis beschikbaar komt, zorgen we dat die voor iedereen toegankelijk wordt via de gemeentelijke website.
60
Inhoud
Acties - prioriteitsniveau 1
10
Educatie – Om kinderen en jongeren van Stede Broec meer bekend te maken met de kwaliteit en de verscheidenheid van het erfgoed wil de gemeente inzetten op erfgoededucatie. Door middel van een divers aanbod zullen kinderen en jongeren de geschiedenis van hun directe leefomgeving beter gaan begrijpen en meer gaan waarderen. Het realiseren van een dergelijk aanbod is een incidenteel project waarvoor een subsidieregeling beschikbaar gesteld wordt. Dit geldt ook voor de realisatie van educatieve producten, bijvoorbeeld op het gebied van immaterieel erfgoed of de vaarcultuur. Hiervoor gelden als uitgangspunten ‘een leven lang leren’ en ‘het stimuleren van intergenerationele en onderlinge contacten’.
11 Gemeentelijke website – De pagina’s op de website van de gemeente die informatie geven over erfgoed worden beter ingericht. Het is wenselijk dat de bestaande en nieuwe redengevende omschrijvingen via een centraal punt worden gepubliceerd, net als de lijst van monumentale bomen. Hierbij houden we de registratiestandaard aan, zoals aanbevolen door de Rijksoverheid. We willen informatie bieden over restauratie, verduurzaming en subsidies. 12 Subsidieregeling activiteiten – De gemeente wil stimuleren dat er meer kennis wordt ontwikkeld en verspreid over karakteristieke aspecten van het Stede Broecse erfgoed. Het betreft incidentele projecten waarvoor al een subsidieregeling bestaat. Het is wenselijk dat deze regeling wordt uitgebreid door het budget te vergroten. Dit zorgt ervoor dat er voldoende ruimte is om initiatieven vanuit de samenleving te ontwikkelen en vorm te geven. We zorgen dat er heldere kaders bestaan over het al dan niet toekennen van budget. Ook versnelt dit de besluitvorming en afhandeling van de gewenste financiële ondersteuning. Voorbeelden van projecten zijn voorstellingen, publicaties en tentoonstellingen en het digitaal presenteren van erfgoed.
Tijdens de participatiesessies voor deze erfgoednota werden specifiek benoemd: een kroniek van Stede Broec, een film met jongeren over de herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog, deelname aan een gezamenlijk project over de regionale geschiedenis, zoals het jaar 1573 en een virtuele historische vaarkaart. Een dergelijke kaart verbetert de historische beleving vanaf het water door te laten zien hoe het landschap er vroeger uitzag, hoe de vaarboeren hun goederen aan de man brachten en welke schuiten er in de polder voorkwamen. De vaarpolder, landtongen, oude vaarveiling en bloemkoolteelt gaan op die manier echt leven bij de bewoners en bezoekers. We kunnen activiteiten ook ondersteunen door als aanspreekpunt en verbinder te fungeren. Zo mogelijk faciliteren we het erfgoedinitiatief. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een locatie ter beschikking stellen of ambtelijke ondersteuning bieden bij het aanvragen van subsidiemogelijkheden bij het Rijk of een fonds. Initiatieven kunnen worden aangedragen door inwoners, maatschappelijke organisaties en lokale ondernemers.
Klik hier om te zien hoe de bestaande subsidieregeling eruit ziet.
61
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
13
Uitvoeringsrichtlijn monumenten en beeldbepalende gebouwen – Om meer duidelijkheid te verschaffen aan eigenaren, kan een uitvoeringsrichtlijn monumenten en beeldbepalende gebouwen opgesteld worden en online toegankelijk worden gemaakt. Hierin wordt ook aangegeven welke werkzaamheden vergunningplichtig en vergunningvrij zijn.
14 Open Monumentendag – De gemeente ondersteunt de organisatie van de jaarlijkse Open Monumentendag onder andere op het gebied van communicatie, in samenwerking met lokale erfgoedpartijen en eigenaren van monumenten. Acties - prioriteitsniveau 2
15 Gemeentelijke kunstcollectie – Voor de gemeentelijke kunstcollectie, die nu is opgeslagen op de gemeentewerf, zoeken we een duurzame oplossing. Het gaat om opslag onder de juiste omstandigheden en restauratie. Het is de bedoeling dat de (gerestaureerde) collectie (af en toe) publiek toegankelijk wordt. Acties – prioriteitsniveau 3
16
Erfgoedkaart – Door middel van een Geografisch Informatie Systeem (GIS) willen we informatie over het landschap, archeologie en monumenten inzichtelijk maken. Op de gemeentelijke website kan in een gelaagd kaartensysteem informatie opgenomen worden, zoals de monumentenlijst en een overzicht van waardevolle groenstructuren, archeologische monumenten, beschermde dorpsgezichten en landschappen. Dat kan de gemeente zelf doen, of we kunnen de website met gelaagde kaarten van het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland gebruiken. Dit kan ook op regionaal of provinciaal niveau gebeuren, zoals is gebeurd met de Stolpenwaarderingskaart.
17
Gebiedsbiografie – We willen een gebiedsbiografie laten schrijven van de gehele gemeente, of in samenwerking met de gehele regio. Een gebiedsbiografie (ook wel landschapsbiografie genoemd) levert inhoudelijke input voor ruimtelijke ontwikkelingen én is een methode om vorm te geven aan participatie. Stede Broec staat, net als de rest van West-Friesland, voor een aantal grote transities. Van verduurzaming van de energieproductie tot aanpassing aan de klimaatverandering, van nieuwe woningen tot het ontwikkelen van de kringlooplandbouw. Deze veranderingen landen in een omgeving met een eigen geschiedenis, die nog uitgebreider dan in deze nota kan worden beschreven en geduid, en die kan worden benut om de transitie met kwaliteit vorm te geven. Meer informatie over de gebiedsbiografie.
18
Post 65 – De gemeente wil de naoorlogse wijken onderzoeken op hun karakteristieke waarden en omgangsvormen, en ontwikkelprincipes benoemen voor verduurzaming en ontwikkeling van openbare ruimte en bebouwing.
62
5
Conclusie
In deze erfgoednota van Stede Broec hebben we als gemeente willen laten zien wat ons erfgoed is en wat we er mee kunnen om de identiteit en het karakter te versterken. Erfgoed biedt ruimtelijke kwaliteit. Een belangrijk thema van deze nota is dat we als gemeentelijke organisatie de basis op orde moeten krijgen en houden. Bovendien willen we dat het erfgoed voor alle inwoners toegankelijk is of wordt, zodat zij kunnen beleven wat erfgoed is. In de uitvoeringsagenda wordt dit nader uitgewerkt.
Het proces dat we als gemeente hebben doorlopen om tot dit beleid te komen, heeft ons duidelijk gemaakt dat erfgoed op een breed draagvlak in de samenleving kan rekenen. Maatschappelijke organisaties, inwoners, ambtenaren en het gemeentebestuur hebben allemaal hun steentje bijgedragen aan dit verhaal. Daar zijn we trots op.
63
Bijlage Kaders
Op landelijk, regionaal en gemeentelijk niveau zijn diverse wetten en regelingen van kracht die betrekking hebben op het beschermen, ontwikkelen en zichtbaar maken van erfgoed. Dit hoofdstuk benoemt de belangrijkste kaders waarbinnen het erfgoedbeleid van gemeente Stede Broec vorm krijgt. Speciale aandacht is er voor nieuwe wetgeving, zoals de Erfgoedwet en Omgevingswet, die andere eisen stelt aan onze omgang met erfgoed en vaak om een actualisering en verdiepingsslag vraagt van bestaand gemeentelijk beleid.
646 4
Inhoud
Landelijke kaders Erfgoedwet (2016)
Sinds 2016 is er één integrale wet voor het cultureel erfgoed. Deze Erfgoedwet vervangt onder andere de Monumentenwet (1988) en heeft betrekking op monumenten, collecties, archieven en archeologie. Veel regelingen zijn in de nieuwe wet overgenomen. Ook de beschermingsniveaus blijven (ten minste) gehandhaafd. Het is de taak van een gemeente om verval van monumenten te voorkomen, desnoods door middel van ingrijpen in geval van verwaarlozing door de eigenaar. Een aantal regelingen in de Erfgoedwet is nieuw, waaronder: • • •
•
Instandhoudingsplicht – Een eigenaar heeft de plicht om de instandhouding van een rijksmonument te waarborgen. Adviesplicht – Bij afstoting van cultuurgoederen door Rijk, provincie of gemeente dient advies bij experts ingewonnen te worden. Aanvaardingsplicht – Wanneer een eigenaar niet langer in staat of bereid is om er zorg voor te dragen, heeft de minister van OC&W de plicht cultuurgoederen van hoge kwaliteit te aanvaarden voor de rijkscollectie. Kwaliteitsborging archeologie – Alleen gecertificeerde bedrijven mogen bodemonderzoek verrichten, zowel onder de grond als onder water.
Omgevingswet (2023, onder voorbehoud)
De Omgevingswet brengt alle bestaande wet- en regelgeving op het gebied van de fysieke leefomgeving samen. De Erfgoedwet en de Omgevingswet vullen elkaar aan en maken samen een integrale bescherming van cultureel erfgoed mogelijk. De Omgevingswet verankert cultureel erfgoed als een belangrijke ruimtelijke factor en biedt nieuwe kansen om erfgoed op te nemen in een integrale benadering van de zorg voor een goede omgevingskwaliteit. Op het gebied van erfgoed brengt de Omgevingswet onder andere het volgende samen: • • •
•
Vergunningen voor (archeologische) rijksmonumenten. Aanwijzen van stads- en dorpsgezichten, provinciale en gemeentelijke monumenten. Aanstellen van een gemeentelijke adviescommissie die ten minste over rijksmonumenten adviseert (de gemeente bepaalt zelf of ze de opdracht van de gemeentelijke adviescommissie uitbreidt). Rekening houden met cultureel erfgoed bij het opstellen van een omgevingsplan.
De vuistregel voor de verhouding tussen de Erfgoedwet en de Omgevingswet luidt: roerend erfgoed en de aanwijzing van rijksmonumenten staat in de Erfgoedwet, de aanwijzing van ruimtelijk erfgoed (stads- en dorpsgezichten en cultuurlandschappen) en de omgang met het erfgoed in de fysieke leefomgeving staat in de Omgevingswet.
65
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Omgevingsvisie en omgevingsplan Binnen de Omgevingswet stellen het Rijk, de provincies en de gemeenten ieder een omgevingsvisie op: een strategische langetermijnvisie die alle terreinen van de fysieke leefomgeving beslaat. Zoals de omgevingsvisie de gemeentelijke structuurvisie vervangt, zo komt een omgevingsplan in de plaats van het bestemmingsplan. In het omgevingsplan gaan in elk geval de geldende bestemmingsplannen, beheersverordeningen, uitwerkings- en wijzigingsplannen, exploitatieplannen en bodemkwaliteitskaarten op. Het huidige beschermingsniveau van cultureel erfgoed blijft na het inwerkingtreden van de Omgevingswet van kracht. Cultureel erfgoed krijgt een functieaanduiding. Zo krijgen de gemeentelijke monumenten automatisch de functie gemeentelijk monument. Het begrip ‘dubbelbestemming’ komt niet meer voor onder de Omgevingswet. De erfgoedverordening zal tijdelijk naast het omgevingsplan blijven bestaan, maar moet er uiteindelijk grotendeels in opgaan. De Omgevingswet is een wetswijziging, maar vooral ook een cultuurverandering waarbij verschillende beleidsterreinen geïntegreerd worden en een gebiedsgerichte aanpak nodig is. Participatie krijgt in dit proces een belangrijke rol: de visievorming vindt in samenwerking met inwoners, bedrijven en instellingen plaats.
Bij het opstellen van het gemeentelijk erfgoedbeleid is rekening gehouden met de toekomstige inpassing in de omgevingsvisie.
Archiefwet (1995)
Er gelden algemene regels voor het bewaren, toegankelijk maken en vernietigen van overheids archieven. Deze regels zijn vastgelegd in de Archiefwet (1995). De wet schrijft voor dat elk overheidsorgaan moet beschikken over een of meer selectielijsten, waarop staat beschreven welke informatiecategorieën bewaard of (op termijn) vernietigd dienen te worden. Voor het opstellen van deze selectielijst(en) gelden wettelijke eisen en zorgvuldige procedures, die de verschillende belangen afwegen. De archieven van Stede Broec worden beheerd en ontsloten door het Westfries Archief.
Rijksmonumenten
Namens de minister van OC&W wijst de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) rijksmonumenten aan. Beschermde stads- en dorpsgezichten worden mede door de minister van Infrastructuur en Milieu aangewezen. De RCE wijst nog maar beperkt nieuwe monumenten aan, met name gebouwen uit de naoorlogse periode. Alle rijksmonumenten in Nederland staan geregistreerd in het online monumentenregister. In de gemeente Stede Broec staan 12 rijksmonumenten en 3 archeologische rijksmonumenten. Hoofdstuk 2 gaat dieper op deze rijksmonumenten in, op basis van zes typen erfgoed.
66
Inhoud
Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland
Niet al ons erfgoed is tastbaar. Ook tradities, culturele uitingsvormen en bijzondere vaardigheden of ambachten maken er deel van uit. Zij dragen immers bij aan onze gemeenschappelijke identiteit en worden overgedragen van generatie op generatie. Dit immateriële erfgoed wint aan erkenning. Nederland bekrachtigde in 2012 het UNESCO Verdrag ter Bescherming van het Immaterieel Erfgoed. Onder coördinatie van het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland (KIEN) werd gestart met een nationale inventaris. Op deze Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland staat het immateriële erfgoed beschreven waarvan de beoefenaars een zorgplan hebben gemaakt en voor de toekomst waarvan zij zich actief inzetten. De Westfriese taal is als immaterieel erfgoed beschermd. Ook de Hoornse Kermis en de Lappendag staan geregistreerd op de nationale inventarislijst.
Erfgoed Telt (2018)
In 2017 bereidden de Directie Erfgoed en Kunsten van OCW en de RCE een aanscherping en actualisatie voor van het Nederlandse erfgoedbeleid. Het project Erfgoed Telt stelde ten doel om monumenten toekomstbestendig te maken en te houden, en om erfgoed tot nog volwaardiger onderdeel te maken van de fysieke leefomgeving door verbindingen te leggen met andere sectoren. Waar nodig zou de regelgeving aangepast worden aan de kaders en doelen van de Erfgoed- en Omgevingswet. In 2018 verscheen de beleidsbrief Erfgoed Telt, waarin de minister de betekenis van erfgoed voor de samenleving onderstreept en de belangrijkste ontwikkelingen in de Nederlandse erfgoedzorg schetst.
Verdrag van Faro
Het Verdrag van Faro uit 2005 draagt de titel ‘De Waarde van Cultureel Erfgoed voor de Samenleving’. De Raad van Europa benadrukt met dit verdrag een ander perspectief op erfgoed. Het Verdrag van Faro stelt de mens en de samenleving centraal en hun relatie met erfgoed. In Nederland sluit het verdrag goed aan bij ontwikkelingen in de erfgoedzorg die te maken hebben met meerstemmigheid, co-creatie, burgerinitiatief en burgerexpertise. Het verdrag stelt dat erfgoed een functie kan hebben voor de samenleving. Niet alleen de historische plek zelf, het voorwerp en de traditie zijn belangrijk, maar vooral ook de verschillende betekenissen en het gebruik ervan. Erfgoed is bovendien een bron voor ruimtelijke, sociale, economische en democratische ontwikkeling als alle belanghebbenden daar een betrokkenheid bij hebben. In december 2022 is Onderweg naar Faro, uitvoeringsagenda Faro deel 1 gepubliceerd door de RCE, met daarin een eerste verkenning van de betekenis van het verdrag in de praktijk.
67
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Provinciale kaders Omgevingsvisie NH2050 (2018)
Provincie Noord-Holland heeft in 2018 haar Omgevingsvisie NH2050 vastgesteld. De hoofdambitie van de provincie is om zich te richten op een goede balans tussen economische groei en leefbaarheid, “zodanig dat bij veranderingen in het gebruik van de fysieke leefomgeving de doelen voor een gezonde en veilige leefomgeving overeind blijven”. De hoofdambitie is opgesplitst in acht deelambities: • • • • • • • •
Een klimaatbestendig en waterrobuust Noord-Holland. Het behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Het vergroten van de biodiversiteit. Ruimte bieden aan de ontwikkeling van een circulaire economie, duurzame landbouw, energietransitie en experimenten. Duurzaamheid van de gehele woningvoorraad. Een optimale afstemming tussen ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur. Het benoemen, behouden en versterken van de unieke kwaliteiten van de diverse landschappen en de cultuurhistorie. Ruimte geven aan de energietransitie, rekening houdend met de ambities voor verstedelijking en landschap.
Voor West-Friesland zijn toerisme en watersport kenmerkend. Behalve de verbondenheid met het water is er veel landschap met een sterke en diverse agrarische sector; zaadveredeling is karakteristiek voor deze regio (Seed Valley). “Landschappelijke en stedelijke diversiteit alsook het watersysteem zijn de leidende kwaliteiten en uitgangspunten voor ontwikkelingen.”
Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018)
Provincie Noord-Holland ziet (cultuur)landschappen als dynamische leefomgeving. De provincie wil op zo’n manier ruimte bieden aan nieuwe ontwikkelingen, dat de kwaliteiten van het landschap behouden blijven en de ontstaansgeschiedenis herkenbaar blijft. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (2018) maakt inzichtelijk welke landschappelijke en cultuurhistorische waarden van belang zijn en hoe deze kunnen worden ingepast in een nieuw ontwerp. Met deze handreiking stimuleert de provincie gemeenten, initiatiefnemers en ontwerpers om tot duurzame ruimtelijke ontwikkelingen te komen.
68
Inhoud
De Leidraad geeft in Noord-Holland per ensemble een beschrijving van de ontstaansgeschiedenis en ontwikkelprincipes van een gebied. De algemene ambitie is om ruimtelijke ontwikkelingen: • • •
Bij te laten dragen aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek(en). Bij te laten dragen aan het versterken van (de beleving van) openheid. Helder te positioneren ten opzichte van ruimtelijke dragers.
De ruimtelijke kwaliteit van het ensemble West-Friesland-Oost (waaronder Stede Broec) is gebaat bij het benadrukken van de karakterverschillen tussen de noordelijke en zuidelijke kustzone. Ook dient het zicht vanaf de Westfriese Omringdijk op het kleinschalige landschap en op het open water vrijgehouden te worden. De linten tussen Hoorn en Enkhuizen moeten behouden blijven en vrijgehouden worden van grootschalige bebouwing. Dit dient als basis voor een aantrekkelijk (woon)landschap. De huidige verkavelingsstructuur van het landschap, waaronder de sloten, moet zoveel mogelijk zichtbaar en beleefbaar gehouden worden. De vrije ruimte rond historische windmolens moet behouden blijven.
Duurzaamheidsopgave
Om historische gebouwen en het mobiele erfgoed op de lange termijn bruikbaar te houden, de energierekening beheersbaar en de ruimten comfortabel leefbaar, moet een verduurzamingsslag gemaakt worden. Ook de openbare ruimte en het landschap zullen kritisch onderzocht moeten worden om te zien of de historische stad en het ommeland voorbereid zijn op de gevolgen van klimaatverandering. Er is inmiddels ruime ervaring met verduurzaming met behoud of versterking van cultuurhistorische waarden. De rijksoverheid stimuleert actief het ontwikkelen, actualiseren en delen van kennis op dit vlak. De provincie ontwikkelt diverse regelingen om de duurzame benutting van monumenten te stimuleren. We onderzoeken welke concrete acties we als gemeente kunnen ondernemen om verduurzaming en klimaatbestendigheid te stimuleren door onder andere het zonnepanelenbeleid te moderniseren en verduurzaming van monumenten te stimuleren.
Provinciale monumenten
Provinciale monumenten zijn aangewezen en beschermd via de erfgoedverordening van de provincie. Een van de twee provinciale monumenten van Stede Broec is de Westfriese Omringdijk. De dijk is als historische stedenbouwkundige structuurdrager van bepalend belang voor de identiteit en ruimtelijke kwaliteit van Noord-Holland. Ook de R.K. Heilige Johannes de Doperkerk in Grootebroek is een provinciaal monument.
69
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Regionale kaders Pact van Westfriesland 7.1
In navolging van het eerste Pact van Westfriesland (2013) is in 2019 gestart met de ontwikkeling van een Pact 2.0 (of liever Pact 7.1, want er zijn zeven Westfriese gemeenten en één pact). De gemeenten hebben in samenwerking met ondernemers en maatschappelijke partners verschillende sociaalmaatschappelijke opgaven geformuleerd die te maken hebben met de volgende zes thema’s: • Wonen en leefbaarheid • Zorg en sociaal domein • Vrije tijd • Energietransitie en klimaatadaptie • Onderwijs en arbeidsmarkt • Ondernemen en economie Het uitvoeringsprogramma van het nieuwe pact moet nog worden vastgesteld. Of daarin een rol voor erfgoed is weggelegd, is nog onduidelijk.
Gemeentelijke kaders Stede Broec Erfgoedverordening (2011)
In de Erfgoedverordening (2011) heeft de gemeente Stede Broec de afspraken met betrekking tot de aanwijzing, borging en instandhouding van beschermde gemeentelijke monumenten, beeld bepalende panden, dorpsgezichten en archeologische monumenten en archeologisch waardevolle gebieden vastgelegd. De Erfgoedcommissie adviseert over het verzoek tot een aanwijzing. Het college kan de aanwijzing wijzigen of intrekken. De gemeente registreert de beschermde gemeentelijke monumenten, beeldbepalende panden en dorpsgezichten op de gemeentelijke monumentenlijst, de lijst met beeldbepalende en karakteristieke panden of de gemeentelijke lijst met dorps gezichten. Bij wijzigingen aan een gemeentelijk of rijksmonument dient een vergunning te worden aangevraagd, hierover brengt de Erfgoedcommissie advies uit. De gemeentelijke dorpsgezichten, archeologische monumenten en waardevolle gebieden worden beschermd via het bestemmingsplan. De Omgevingswet heeft gevolgen voor de Erfgoedverordening. Onder de Omgevingswet zullen alle onderdelen van de Erfgoedverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving overgeheveld worden naar het omgevingsplan. Hiervoor heeft de gemeente nog tot 2029 de tijd. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet moet de Erfgoedverordening al wel technisch zijn aangepast aan de Omgevingswet.
In verband daarmee heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) de wettelijke grondslagen en formele verwijzingen in de modelerfgoedverordening uit 2016 geactualiseerd, zodat vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet doorgewerkt kan worden met de Erfgoedverordening. De Erfgoedverordening van Stede Broec dateert nog van voor de laatste modelerfgoedverordening van 2016.
70
Inhoud
Archeologische Beleidskaart Stede Broec (2019)
Het archeologisch beleid van gemeente Stede Broec heeft tot doel haar archeologisch erfgoed waar nodig te beschermen als bron van het gemeenschappelijk geheugen, als middel voor geschiedkundige en wetenschappelijke studies en als inspiratie voor (bouw)projecten en educatie. Hierbij wordt erop gelet dat er niet meer maatschappelijke lasten in het leven worden geroepen dan strikt noodzakelijk. Vanaf juni 2010 neemt gemeente Stede Broec deel aan de Gemeenschappelijke Regeling Archeologie Westfriese Gemeenten, een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Drechterland, Enkhuizen, Koggenland, Hoorn, Medemblik, Opmeer en Stede Broec. In samenwerking met Archeologie West-Friesland is voor Stede Broec een archeologische beleidskaart gemaakt. Deze is in december 2019 vastgesteld door de gemeenteraad. De beleidskaart archeologie geeft een vlakdekkend inzicht in de aanwezige en te verwachten archeologische waarden. Er zijn verschillende categorieën: terreinen van zeer hoge archeologische waarde op rijks-, provinciaal of gemeentelijk niveau en terreinen van hoge archeologische waarde. Ook de vrijgegeven gebieden (waar geen waarden meer zijn of reeds onderzoek is gedaan) staan erop. Met de beleidskaart maakt de gemeente gebruik van het recht om af te wijken van de algemene vrijstellingsgrens van 100 m2.
Komt de bodemverstoring voor een geplande ontwikkeling boven de bepaalde vrijstellingsgrens uit, dan dient rekening te worden gehouden met archeologie. De gemeente Stede Broec verankert in nieuwe bestemmingsplannen en de beheersverordening de omgang met aanwezige of te verwachten archeologische waarden door middel van een dubbelbestemming Waarde-archeologie. De beleidskaart vormt de basis voor een herziening van de planologisch-juridische regelingen voor de dubbelbestemming Waarde-archeologie in de bestemmingsplannen en beheersverordening. Deze herziening heeft nog niet plaatsgevonden. Uitgangspunten van het archeologisch beleid zijn: • •
• •
Archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren en alleen opgraven als behoud in de bodem (in situ) niet mogelijk is. De relatie tussen archeologie en RO versterken, zodat behoud, beheer en onderzoek naar het bodemarchief onderdeel worden van het planologische besluitvormingsproces (onder andere door archeologie-vriendelijk bouwen). Bodemverstoorders betalen conform de Erfgoedwet het archeologisch onderzoek (de verstoorder betaalt). Verbetering informatievoorziening over cultureel erfgoed om de inwoners in de lokale geschiedenis te interesseren en onderwijzen en zo het draagvlak voor archeologie te vergroten.
Gemeentelijke monumentenlijst (2015)
De lijst met gemeentelijke monumenten van gemeente Stede Broec dateert uit 2015 en wordt in de jaren 2022-2023 geactualiseerd. In de gemeente zijn 27 gemeentelijke monumenten. Voorts zijn er 2 provinciale monumenten, 12 gebouwde rijksmonumenten en 3 archeologische rijksmonumenten aanwezig.
71
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Welstandsnota Stede Broec (2013)
De ‘Welstandsnota Stede Broec’ is in 2013 vastgesteld door de gemeenteraad. In de Welstandsnota worden algemene en gebiedsgerichte welstandscriteria en loketcriteria gehanteerd. De nota kent in hoofdopzet een gebiedsgerichte benadering. Er worden twee welstandsregimes onderscheiden: • •
Het ‘reguliere’ welstandsregime bij de ‘gewone’ (indifferente) gebieden. Een ‘bijzonder’ welstandsregime bij gebieden met een specifieke behoudenswaardige karakteristiek.
Voor de (veel voorkomende) ‘kleine bouwplannen’, zoals dakkapellen, aan- en uitbouwen of gevel wijzigingen gelden de zogenaamde loketcriteria. Deze criteria zijn zo specifiek mogelijk beschreven, om zoveel mogelijk duidelijkheid te verschaffen. Het is mogelijk om in de Welstandsnota criteria op te nemen voor gebiedseigen bouwwerken. Daarvan is in Stede Broec geen gebruik gemaakt, omdat er in 2013 onvoldoende aanleiding was om specifieke bouwwerken te onderscheiden, waarop aparte objectgerichte welstand van toepassing zou zijn. Aangegeven is dat dit in de toekomst zou kunnen veranderen. Het beleid voor het landelijk gebied is gericht op behoud van aanwezige waarden. Het bijzondere welstandsregime is van toepassing op gebieden met specifieke behoudenswaardige stedenbouwkundige, architectonische en/of cultuurhistorische karakteristieken. Het (welstands) beleid is er gericht op behoud en versterking van de aanwezige waarden. Als bijzondere gebieden worden het landelijk gebied, de historische linten en de historische kernen onderscheiden: • •
•
Onder landelijk gebied zijn benoemd: De Geerling, De Gouw, Kadijkweg, Verlengde Raadhuislaan, Wijzend, Slimweg, Voetakkers, De Traanbok. De gebieden met een waardevolle historische structuur zijn: de historische linten (P.J. Jongstraat, Zesstedenweg, Hoofdstraat), Broekerhavenweg (inclusief Peperstraat, De Kolk en omgeving, Achter ’t Rad / Nassaupark, Bakkerstraat, Houtstraat), de karakteristieke dwarsstraten (Pastoor Gielenstraat, Molenstraat en Molenbuurt, Snoekstraat, St. Elisabethstraat, Melkstraat, Compagniestraat). Historische kern of gebied met opvallende karakteristiek welke de oude landelijke verkaveling volgt betreffen: De Horn, Oud Grootebroek, Oud Bovenkarspel.
Bouwstenen voor de omgevingsvisie van Stede Broec. Meegaan met de tijd, vasthouden van wat van waarde is (2021)
In ‘Bouwstenen voor de omgevingsvisie’ neemt de geschiedenis en de identiteit van Stede Broec een belangrijke plaats in voor de toekomstontwikkelingen. Op hoofdlijnen is de koers: • • • •
72
We blijven ook in de toekomst een sterke woongemeente met eigen voorzieningen, een dorpse uitstraling, goede bereikbaarheid en ruimte voor groen en water. We zien kansen voor recreatie en toerisme, vooral in het landschap en aan en op het water. We hebben veel aandacht voor de ontwikkelingen in onze samenleving, zoals de vergrijzing, gezondheid en het behoud van saamhorigheid. We zien kansen voor bovenlokale samenwerking op het gebied van de energietransitie, economie, de woningbouwopgave, mobiliteit en recreatie.
Inhoud
Per deelgebied van Stede Broec schetsen we een toekomstbeeld, een ‘verhaal’. Deelaspecten van de kernopgaven (zoals woningbouw en het stimuleren van sport en recreatie) en aanwezige kernkwaliteiten vormen de basis van de ontwikkelrichtingen en kansen waarop wordt ingezet. Elk verhaal bevat ook een aantal handreikingen voor de uitwerking. De vijf verhalen zijn Dorps leven, Vitale wijken, Buitenleven, Broekerhaven, en Werken om de hoek. Gemeente Stede Broec heeft een eigen toekomstverhaal, en verdient als lokaal gebied maatwerk. Tegelijk kan er veel voordeel worden behaald als we overeenkomsten zoeken met onze ‘buren’. Samenwerking met buur gemeenten en / of in regionaal verband biedt kansen om onze doelstellingen beter, sneller, soepeler en goedkoper te bereiken. De gemeente werkt de bouwstenen uit tot de omgevingsvisie aan de hand van een routekaart die uit vijf stappen bestaat: 1. Beschrijving: het in kaart brengen van de kwaliteit van de gehele fysieke leefomgeving in relatie tot de ambities en opgaven uit de omgevingsvisie. 2. Spelregels voor keuzes: het ontwikkelen van het afwegingskader voor de fysieke leefomgeving waarmee het effect van keuzes wordt afgewogen. 3. Inhoudelijke uitwerking: het uitwerken van de ambities en opgaven in beleid en plannen. 4. Gebiedsgerichte uitwerking: het uitwerken naar geografische gebieden. 5.
Samenwerken met de gemeenschap: het bieden van ruimte aan initiatiefnemers om voorstellen en plannen aan te dragen die in lijn zijn met de doelstellingen uit de visie.
Toekomstvisie Stede Broec 2014-2024 (2014)
In het kader van het opstellen van de bouwstenen voor de omgevingsvisie is ook de structuurvisie ‘Toekomstvisie Stede Broec 2014-2024’ bestudeerd. In de structuurvisie worden uitspraken gedaan over trends en bewegingen en hoe die hun weerslag hebben op de ruimte. De toekomstvisie bekijkt hoe ontwikkelingen op provinciaal en regionaal niveau doorwerken in de gemeente. De hoofddoelstelling is om een duurzame woonwerkgemeente te blijven. Dit betekent het respecteren en versterken van de kernwaarden van de gemeente en het tegengaan van ontwikkelingen die hieraan afbreuk doen. Uitgangspunten zijn: • • • •
Een duurzame ontwikkeling Uitgaan van eigen kracht en identiteit Behoud en versterking van (ruimtelijke) kwaliteit Verbinding van netwerken en gebieden
Onder de Omgevingswet komt de omgevingsvisie in de plaats van de structuurvisie.
73
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Omgevingsprogramma bomen Stede Broec (2021)
In het ‘Omgevingsprogramma bomen Stede Broec’ zijn de doelstellingen uit ‘Deelvisie Bomen’ (2020) voor de gemeente Stede Broec praktisch uitgewerkt in richtlijnen, beleidskaders, normen en werkwijzen. De Deelvisie Bomen is een op bomen gerichte uitwerking van de omgevingsvisie. Het doel is een prettige, veilige en groene leefomgeving met een duurzaam bomenbestand. De uitgangspunten zijn onder meer het beheer van een kwalitatief goed bomenbestand, toegankelijk en goed functionerend openbaar groen en versterking van de biodiversiteit. Ook is er de doelstelling om een indeling te maken van het bomenbestand naar beleidsstatus. Er wordt onderscheid gemaakt tussen waardevolle bomen, bomen die onderdeel uitmaken van een doorlopende boomstructuur en daarmee dragers zijn van de groene identiteit, en overige bomen. De categorie ‘waardevolle bomen’ geldt voor bomen die extra waardevol zijn op grond van hun leeftijd, specifieke cultuurhistorische waarden, aanplant tijdens een speciale gebeurtenis, specifieke ecologische waarden, en / of specifieke bijdragen aan de klimaatadaptatie. Met behulp van toetsbare criteria kunnen beschermwaardige bomen eenduidig en transparant worden aangewezen.
De bomen die in de categorie ‘bomen die onderdeel uitmaken van een doorlopende boomstructuur en daarmee dragers zijn van de groene identiteit’ vallen, zijn als het ware het ‘eeuwige groen’ dat gebieden verbindt, begrenst, en geleidt. Ook voor het aanwijzen en beschermen van boomstructuren zijn criteria opgesteld. De categorie ‘overige bomen’ geldt voor bomen die geen onderdeel zijn van een structuur en ook geen monumentale waarde hebben.
Kerkenvisie (wordt voorgelegd aan de raad in 2023)
Gemeente Stede Broec startte in 2019 met het maken van een kerkenvisie voor de zes kerkgebouwen in de gemeente, in samenwerking met eigenaren, beheerders en experts. Deze wordt gelijk met de erfgoednota gepubliceerd.
Verkeersplan Stede Broec
Het verkeer in de verstedelijkte plattelandsgemeente Stede Broec is een uitdaging. Met de komst van de nieuwe wijken groeit de bevolking nog steeds. Het verkeersnetwerk is in Stede Broec op de auto gericht. Steeds meer mensen maken ook gebruik van andere vervoersmiddelen dan de auto. Dat kan tot onveilige situaties leiden. In het verkeerplan worden andere accenten gelegd en wordt meer rekening gehouden met andere vervoersmiddelen dan de auto, zoals de (elektrische) fiets. De inzet is de verbetering van de verkeersveiligheid.
74
Inhoud
Woonvisie Stede Broec (2021-2025)
Stede Broec is een plattelandsgemeente met een stedelijk karakter en een breed scala aan eigen voorzieningen. Er wonen circa 22.000 mensen in de vitale, actieve en historische dorpen Lutjebroek, Grootebroek en Bovenkarspel. Bewoners vinden het er prettig wonen. De gemeente is goed bereikbaar per weg en spoor, heeft twee NS-stations en de nieuwe Westfrisiaweg is een belangrijke verbetering. Groen en water zijn onderscheidende kenmerken van de gemeente. Mede door de populariteit is het voor sommige mensen lastig om een betaalbare woning te vinden. Voor de komende vijf jaar ligt er daarom een stevige groeiopgave. De gemeente wil dat het in Stede Broec goed wonen en samenleven blijft. Ze combineert de woonopgave met de transitieopgave vanuit vergrijzing, duurzaamheid en vermaatschappelijking van de zorg. De ambities voor 2021-2025 zijn: • • •
Een gezonde, evenwichtige woningmarkt met passende woningen, voor nu en later. Zorgzame wijken. Verduurzamen van de woningvoorraad.
Waterplan Stede Broec (2011-2021)
Water neemt in Stede Broec een belangrijke plaats in. Watergangen zijn verweven met het stedelijk gebied, en zijn bepalend voor het karakter van de gemeente. Ook in het buitengebied vormt het water in de voormalige vaarpolder een belangrijke waarde. Vanuit cultuurhistorisch en landschappelijk perspectief, maar zeker ook als drager van natuur. Gemeente Stede Broec heeft samen met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) een waterplan opgesteld. Het waterplan formuleert de doelstellingen die de gemeente en het hoogheemraadschap hebben voor het toekomstige waterbeheer. Met het waterplan streven de gemeente en het hoogheemraadschap naar een aantrekkelijk, gezond en duurzaam watersysteem met hoge recreatieve waarde en belevingswaarde, nu en in de toekomst. In het waterplan is ook een hoofdstuk over cultuurhistorie en monumenten opgenomen. Water heeft een prominente rol gespeeld in de historie en ontwikkeling van de gemeente Stede Broec. Hoewel met de ruilverkaveling veel tekenen hiervan in het landschap zijn verdwenen, zijn er nog steeds elementen terug te vinden die karakteristiek zijn voor de ontwikkeling van het gebied. De gemeente heeft een monumentenverordening opgesteld waarin vooral gebouwen zijn geïnventariseerd. In het waterplan worden belangrijke watergangen genoemd.
Het gebied De Weelen, Het Kadijk en Het Streekbos maken onderdeel uit van de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur. De belangrijkste watergangen vanuit cultuurhistorisch perspectief zijn Het Kadijk, de Gouwe en de Tocht evenals de wat verder weg in het landelijk gebied lopende Wijzend. Deze watergangen zijn ook vermeld op de Provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart en zullen bij ontwikkelingen zoveel mogelijk behouden moeten blijven. Ook is de Lutjebroeker Weel aangeduid door de provincie als zijnde van waarde. Het betreft van oorsprong een kleine droogmakerij als resultaat van de drooglegging van een wiel, dat waarschijnlijk is ontstaan als gevolg van een doorbraak van Het Kadijk. De droogmakerij is nog herkenbaar.
75
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Bestemmingsplannen en beheersverordeningen
Stede Broec kent twee beheersverordeningen (Kom Stede Broec en Stede Broec Noord) en twee bestemmingsplannen (Centrum Stede Broec en Stede Broec Zuid). Beheersverordening Kom Stede Broec (2018) Het kerngebied binnen deze beheersverordening bestaat in hoofdzaak uit de lintbebouwing langs de Streekweg (P.J. Jongstraat, Zesstedenweg en Hoofdstraat), alsmede de Broekerhavenweg en omgeving en De Kolk, de oude kerngebieden van Lutjebroek, Grootebroek en Bovenkarspel en de nieuwere gebieden binnen de begrenzing van de bestaande waterlopen. Het gehele gebied ligt binnen het gebied waar het oorspronkelijke hoogwaterpeil is gehandhaafd. Ook het waterstelsel, met doorsteken door de Streekweg en grillige achtersloten is in grote lijnen in stand gehouden. Dit watersysteem bepaalt in belangrijke mate de eigenheid van het gebied en is als karakteristiek te waarderen. Het huidige landschap van de gemeente Stede Broec herbergt nog elementen uit de periode van de veenontginningen en daarna en is van hoge historisch-geografische waarde. De verkaveling heeft een grote samenhang met de ontginnings- en bewoningsassen, de afwateringskanalen, de achter- en zijkaden en de dijken. Door moderne bebouwing is binnen het plangebied weinig meer zichtbaar van de originele verkaveling. Wel zijn een aantal perceelsloten aanwezig die nog de originele verkavelingslijnen volgen.
Deze sloten vormen onderdeel van een enorm systeem dat vanaf de Middeleeuwen is aangelegd om West-Friesland systematisch te ontwateren en geschikt te maken voor bewoning. Binnen het gebied van het plan komen enkele rijksmonumenten, een enkel provinciaal monument en een aantal gemeentelijke monumenten voor. De kenmerkendste is de Overhaal bij De Kolk, zijnde een industrieel monument. Voor het overige gaat het om kerken en enkele andere gebouwen. Een klein deel van de Westfriese Omringdijk bij De Kolk, namelijk de voet van de dijk, valt binnen het plangebied. Deze dijk is als provinciaal monument beschermd. De door de raad vastgestelde Beleidskaart Archeologie is nog niet planologisch verwerkt. Aanbevolen wordt om dit via een parapluplan alsnog te verankeren, omdat de vrijstellingsgrenzen voor archeologie niet in alle gevallen stroken met de (hoge) verwachtingswaarden. Beheersverordening Stede Broec Noord (2013) Het plangebied van de beheersverordening bestaat uit de bestaande woonwijken Zesstedenpark, Hogesluis, Rozeboom, Noordertocht en Zuidervoert. Voor het overgrote deel zijn dit wijken met bestaande woningen. Nieuwbouwplannen zijn in dit gebied niet gepland. Ten aanzien van het beheersgebied worden geen grootschalige ontwikkelingen verwacht. In het kader van de beheersverordening heeft geen archeologisch bureauonderzoek plaatsgevonden.
Op de cultuurhistorische waardenkaart staan geen historisch-geografische waarden aangegeven binnen het plangebied.
76
Inhoud
Bestemmingsplan Centrum Stede Broec (2012) Het plangebied betreft het grootste gedeelte van het centrumgebied van Bovenkarspel en Grootebroek en wordt globaal begrensd door de spoorlijn Hoorn-Enkhuizen, Rigtershof, de Burg. J.N. Stuifbergenlaan, de Tuin, de Rozenboomlaan, de Stationslaan en de bebouwing aan het westelijke gedeelte van de Middenweg. Binnen dit plangebied is de zone langs de Zesstedenweg van hoge archeologische waarde. De Zesstedenweg is een binnenwaterkerende dijk, waarlangs bewoning vanaf de late twaalfde eeuw aanwezig is. Slechts een klein deel van deze zone is opgegraven in 2015. Voor dit gebied geldt een vrijstellingsgrens van 100 m2. Voor het overige gebied binnen dit bestemmingsplan geldt een vrijstellingsgrens van 1.000 m2. Bestemmingsplan Stede Broec Zuid (2013) Het plangebied is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Hoorn-Enkhuizen en is als volgt begrensd: • • • •
Ten noorden door de Wijzend, Stede Broecweg en de Florasingel. Ten oosten door de Westerwortelsloot en Achter het Rad. Ten zuiden door de Provinciale Weg N506. Ten westen door de Raadhuislaan en de oostkant van de sportvelden van voetbalvereniging De Zouaven en atletiekvereniging SAV.
Op basis van een archeologische quickscan, uitgevoerd door Archeologie West-Friesland, kan worden gesteld dat voor het plangebied een hoge, middelhoge en lage archeologische verwachting geldt voor met name vindplaatsen uit de Bronstijd. Bij ontwikkelingen met een omvang groter dan 1.000 m2 en dieper dan 40 cm dient rekening gehouden te worden met mogelijk aanwezige archeologische waarden. Dit is door middel van een dubbelbestemming ‘Waarde-archeologie’ geborgd.
Subsidieregeling activiteiten
Om erfgoed beleefbaar te maken kan met de huidige subsidieregeling voor activiteiten maximaal €2.500 aangevraagd worden voor de organisatie en uitvoering. Het betreft subsidieregeling 6.1: bijzondere, culturele, sportieve en eenmalige activiteiten.
Subsidieregeling gemeentelijke monumenten
Eigenaren van gemeentelijke monumenten kunnen voor onderhoud, restauratie en cosmeticaonderhoud van hun pand een subsidie aanvragen. Jaarlijks wordt de subsidieregeling vastgesteld en gepubliceerd via de website. Het budget wordt meegenomen in de begroting en bedraagt €24.000.
77
BEHOUD, ONTWIKKELING EN BELEVING VAN LAND EN DORPEN | ERFGOEDNOTA STEDE BROEC (2023)
Inhoud
Colofon Gemeente Stede Broec, januari 2023 Marijke Leek – beleidsadviseur erfgoed, monumenten en ruimtelijke kwaliteit Miriam Schneiders – beleidsmedewerker erfgoed, monumenten en ruimtelijke kwaliteit (tot april 2021) Margriet Talstra – beleidsmedewerker erfgoed en cultuur (tot april 2020) Gemeente Stede Broec College van burgemeester en wethouders Hans Bleeker – medewerker vergunningen Jeroen Couzy – afdelingshoofd vastgoed, haven en accommodaties Marcel Kok – projectleider gebiedsontwikkeling Nico Koelman – beleidsmedewerker duurzaamheid Martien Kruithof – toezichthouder Omgevingswet Harry Meester – beheerder openbaar groen Wendy Pranger – beleidsmedewerker economie en toerisme MOOI Noord-Holland Dorine van Hoogstraten Willy Meekes Primo Reh Kim Zweerink Klankbordgroep Boerderijenstichting Noord-Holland Medewerkers erfgoed regio Noord-Holland Noord Eva Boon Maarten Jong Peter Sasburg Met speciale dank aan Wim Kersten, voorzitter Historische Vereniging Oud Stede Broec Met bijdragen van Inwoners van Stede Broec – reacties op erfgoedenquête Maatschappelijke organisaties Stede Broec en samenwerkingspartners – participatiemiddag en interviews Gemeenteraad Stede Broec – informatieavond Beeldrechten Cover: MOOI Noord-Holland, Historische Vereniging Oud Stede Broec Overig: vermeld bij het beeld Vormgeving Peter Koomen, Studio PeetR
78
80