02A Jaarstukken 2021 SED organisatie
Tekst van het document
Jaarstukken 2021
1
Inhoudsopgave
1.
Jaarverslag .................................................................................................................3 1.1
Programmaverantwoording ...............................................................................4 Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? .....................................................4 Wat heeft het gekost? .....................................................................................14 Onvoorzien......................................................................................................15
1.1.1 Toelichting op de cijfers ...................................................................................17 1.2 Paragrafen .........................................................................................................19 1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ......................................................19 1.2.3 Financiering .....................................................................................................22 2.
1.2.4 Bedrijfsvoering .................................................................................................24 Jaarrekening .............................................................................................................25 2.1
Balans per 31 december 2021 ........................................................................26
2.2 Overzicht van baten en lasten 2021 ................................................................28 2.3 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling ..........................................30 2.4 Toelichting op de balans .................................................................................32 2.5 Toelichting op de staat van baten en lasten in de jaarrekening over 2021 .......36 Bijlagen .....................................................................................................................42
2
1.
Jaarverslag
3
1.1
Programmaverantwoording
Programma bedrijfsvoering Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? De SED organisatie werkt aan een prettige woon- werk- en leefomgeving. Zij staat voor goede dienstverlening aan de inwoners en ondernemers, en een krachtige en deskundige ondersteuning aan de besturen van gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland. We bouwen met elkaar aan een stevige organisatie en zijn goed in contact met onze medewerkers. Voor de bedrijfsvoering is een belangrijk speerpunt om de structuur op tal van terreinen te versterken. Dat betekent plannen en organiseren en duidelijke keuzes maken binnen de middelen die we tot onze beschikking hebben. De werkdruk en het ziekteverzuim blijven aandacht vragen, want vitale en enthousiaste medewerkers zijn bepalend voor de kwaliteit en kwantiteit die we kunnen leveren. In 2021 is veel tot stand gebracht. Hieronder volgt een overzicht van de voornaamste punten.
Wat hebben we daarvoor gedaan?
Organisatieontwikkeling a. Evaluatie SED-Perspectief Eind 2020 liep het driejarige organisatieontwikkelprogramma SED Perspectief ten einde. Bij de jaarrekening 2020 is de financiële eindrapportage verwerkt. In 2021 is het totale programma geëvalueerd waarbij de focus lag op de geleerde lessen en op de bereikte effecten. Het ‘lessons learned’ onderzoek is uitgevoerd door een extern bureau Kessels & Smit. Dit is aangevuld met een zelfevaluatie. Beide evaluaties leveren interessante input op voor de verdere organisatieontwikkeling. De uitkomsten worden begin 2022 gedeeld met de raden. Het organisatieontwikkelplan ‘Met gevoel voor realiteit’ zal hierop worden aangepast. b. Organisatieontwikkelplan ‘Met gevoel voor realiteit’ Begin 2021 heeft de directie een plan gemaakt voor de organisatieontwikkeling in de periode 2021 – 2024 met als doelstellingen:
Organisatie
Medewerkers
We zijn een professionele en betrouwbare partner
nieuwe medewerkers willen bij ons werken
We zijn in control en werken veilig
huidige medewerkers willen bij ons blijven
Dienstverlening voldoet aan de overeengekomen kwaliteit
we werken integraal samen
We anticiperen op de toekomst
we zijn professioneel, vitaal en wendbaar
4
Om dit te bereiken richten we ons op 4 pijlers:
strategische opgaven
sterk leiderschap
gezonde bedrijfsvoering
aantrekkelijk werkgever
• Energietransitie, Klimaat en duurzaamheid • Ontwikkeling dienstverlening • gebiedsontwikkeling en bouwen • Omgevingswet • Transformatie sociaal domein • Weerbaarheid tegen ondermijning
• Leiderschapsontwikkeling • Leidinggevenden in control • Verzuimmanagement • doorontwikkelen professioneel opdrachtgever/ opdrachtnemerschap
• Sturingsinformatie • Financieringsstromen • digitale transformatie • informatiebeveiliging • robotisering • integrale advisering • procesoptimalisatie
• Programma arbeidsmarkt • regionale samenwerking voor schaarse functies • Herziening HR 21 • Broedplaats voor talent
In 2021 zijn hebben we de volgende activiteiten uitgevoerd: b.1. Strategische opgaven De strategische opgaven zijn niet van de SED zelf, maar van de drie gemeenten. Toch vormen een aantal strategische opgaven een onderdeel van het organisatieontwikkelplan voor zover ze ook leiden tot nieuwe organisatievormen, werkwijzen of een uitbreiding van capaciteit vergen. De hierboven genoemde opgaven hebben allen in 2021 gespeeld en lopen ook allemaal door in 2022. Voor deze opgaven zijn nieuwe werkmethodes ontwikkeld, zijn medewerkers opgeleid en getraind, voor sommigen zijn nieuwe applicaties aangeschaft en zijn (regionale) samenwerkingsverbanden versterkt. b.2. Sterk leiderschap Het leiderschapsontwikkelingstraject onder leiding van the Learning Company is in september 2020 en gestart en liep door tot eind 2021. Doel van het traject was het ondersteunen van alle leidinggevenden bij het realiseren van hun opgaven binnen de specifieke context van de SED om daarmee het vermogen van leidinggevenden individueel en als collectief te versterken. Aan het traject hebben alle directeuren, domeinmanagers, afdelingshoofden en coördinatoren deelgenomen. Het professionele opdrachtgever/opdrachtnemerschap heeft een flinke impuls gekregen. Dat uit zich onder andere in het werken met een eenduidig format voor bestuursopdrachten, in het instellen van integrale portefeuillehoudersoverleggen en het 5
inzichtelijk maken van capaciteitsvraagstukken zodat bestuurders keuzes konden maken om werkzaamheden te prioriteren (zie ook verder onder ‘personeel’: de besteding van de 1,5 miljoen extra investering). b.3. Gezonde bedrijfsvoering De focus van deze pijler is gericht op verbeteren sturingsinformatie, verstevigen van het ‘in control’ zijn, het optimaliseren van werkprocessen, onder andere via digitalisering en robotisering. In de paragrafen Dienstverlening, Facilitair, ICT/Informatie, P&C-cyclus/Financiën en Inkoop wordt hier nader op ingezoomd (zie verder). b.4. Aantrekkelijk werkgever
Start medewerkersonderzoek We zijn in december 2021 een medewerkersonderzoek gestart. Na het vorige onderzoek van 2019 willen we weten waar we nu staan, wat er volgens de collega’s goed gaat en hoe we verdere verbetering kunnen realiseren. Onderwerpen die aan bod komen zijn onder andere bevlogenheid, betrokkenheid, sociale veiligheid en werkdruk. Kortom: zeer belangrijke aspecten voor aantrekkelijk werkgeverschap. In 2022 worden de resultaten bekend en gaan we met alle afdelingen in gesprek over de onderzoeksresultaten. Dit zal leiden tot een concreet plan van aanpak en een verdere bijstelling van het organisatieontwikkelplan ‘Met gevoel voor realiteit’.
Hybride werken Ook in 2021 heeft het werken in het teken gestaan van de Covid-19 crisis. Door het Covid-19 virus en de daaruit voortvloeiende pandemie is onze manier van werken ingrijpend gewijzigd. We werkten overwegend thuis en gingen alleen indien noodzakelijk naar kantoor. Het leek aanvankelijk onmogelijk, maar we zijn er inmiddels goed aan gewend geraakt. Er zijn extra faciliteiten beschikbaar gesteld om medewerkers mogelijkheden te geven het thuiswerken in te passen en we hebben een thuiswerkvergoeding ingesteld. In de nieuwe CAO is hier ook aandacht voor. We verwachten dat het zogenaamde ‘hybride werken’ een blijvertje is, daarom bereiden we ons voor op het ‘nieuwe normaal’. Er is in 2021 een groep van meer dan 30 medewerkers aan de slag gegaan om te inventariseren wat er nodig is om hier ook op de langere termijn een succes van te maken. Zij komen in 2022 met aanbevelingen voor nieuw beleid.
Herziening functiehuis/HR 21 In 2021 zijn we gestart met een omvangrijk project herziening functiehuis. Het functiehuis is aan groot onderhoud toe. Een aantal functies zijn sinds de start van de SED qua inhoud en zwaarte dusdanig gewijzigd dat ze opnieuw moeten worden gewaardeerd. Een aantal functies waren nog niet ingedeeld (alleen indicatief) en moeten alsnog gewaardeerd worden. We proberen ook meer variatie in het functiehuis in te bouwen door naast de huidige functies, ook juniorfuncties en seniorfuncties toe te voegen zodat er doorgroeimogelijkheden ontstaan voor medewerkers (zogenoemde loopbaanpaden). Dit project loopt door in 2022. 6
Boeien en binden en een krappe arbeidsmarkt De arbeidsmarkt is in rap tempo geëvolueerd van een werkgeversmarkt naar een werknemersmarkt. Het is niet meer de kandidaat die solliciteert bij de werkgever, maar de werkgever solliciteert bij de werkzoekende. Er is veel concurrentie (ook op Westfries niveau) in de slag om geschikte kandidaten voor steeds meer schaarser wordende functies. Dit leidt tot opwaartse druk van salariskosten, of tot noodgedwongen externe inhuur bij onvervulbare vacatures. In een enkel geval is zelfs externe inhuur niet te vinden. In 2021 hebben we hier enkele leiderschapssessies aan gewijd, en hebben we de eerste stappen gezet om de arbeidsmarktcommunicatie aan te passen. Daarmee zijn we er natuurlijk nog niet. Er is veel meer nodig om dit veelkoppige monster aan te pakken. Zo wil je ook voorkomen dat eigen talenten voortijdig de organisatie verlaten. Dat betekent investeren in opleiden, in doorstroommogelijkheden en in aantrekkelijker arbeidsvoorwaarden. Dat zal vooral in 2022 zijn beslag krijgen met het programma ‘arbeidsmarkt’ en ‘boeien en binden’.
Personeel a. De extra investering van 1,5 miljoen Na een uitgebreide inventarisatie van de knelpunten in de organisatie heeft het Algemeen Bestuur er uiteindelijk mee ingestemd om de formatie van de SED organisatie structureel met € 1,5 mln. uit te breiden. Het gaat daarbij om concrete functies in de drie domeinen Samenleving, Ruimte en Bedrijfsvoering. In 2021 is de 1,5 miljoen incidenteel toegekend, aanvankelijk via een mandaat om de vigerende begroting te overschrijden. Dat betekende dat we nieuwe medewerkers nog geen zekerheid konden bieden op een vaste aanstelling en we daarom noodgedwongen moesten uitwijken naar externe inhuur. In het laatste kwartaal werd definitief duidelijk dat de 1,5 miljoen vanaf 2022 structureel onderdeel uitmaakt van de totale salarisbegroting van de SED en konden we vacatures in gaan vullen met vast personeel (voor zover te vinden op de arbeidsmarkt). a.1. De bestuurlijke keuzes voor de besteding van 1,5 miljoen € 1,5 mln. is nodig om de ergste nood te lenigen; we hebben daarmee echter niet alle problemen opgelost. De directie heeft becijferd dat er eigenlijk € 4 miljoen nodig is om aan alle opgaven te kunnen voldoen. Dat betekent nog steeds dat er keuzes gemaakt moeten worden tussen wat wel en wat niet (meteen) kan worden opgepakt.
Dat zijn bestuurlijke keuzes die de portefeuillehouders in nauw overleg met de afdelingshoofden en domeinmanagers maken. De bestuurders gaan over de vraag welke prioriteiten er worden gesteld. Het management is aan zet om dit te vertalen naar de vereiste capaciteit (zowel cijfermatig als kwalitatief).
7
Opmerking: We rapporteren hieronder eenmalig over de inzet van 1,5 miljoen. Vanaf 2022 maakt dit onderdeel uit van het grotere geheel (de totale loonsom) en zal dit meegenomen worden in de totaalrapportage.
Afdeling/discipline en omschrijving
Toezichthouder ondermijning OOV adviseur
Taak (gebied)
Openbare Orde & Veiligheid Openbare Orde & Veiligheid
Kosten x € 1.000
FTE
SvZ
35
0,5
ingevuld
85
1
ingevuld
Afval/vang
Ruimtelijk Beleid
70
0,8
ingevuld
Erfgoed, monumenten, rk
Ruimtelijke Beleid
90
1
ingevuld
Ruimtelijke Ontwikkeling
155
1,5
werving loopt
Beleidsmedewerker/regisseur openbare ruimte
Beheer
95
1
ingevuld
Beheerder sportaccomodaties/ begraafplaatsen
Beheer
40
0,5
ingevuld
Medewerker Verkeer
Beheer
150
2
ingevuld
Consulenten en ondersteuning Jeugd en WMO
Jeugd wet en WMO
353
4,5
ingevuld
Beleidsmedewerker Jeugd, WMO en Participatie-wet
Jeugdwet, P-wet en WMO
190
2,2
ingevuld
Administrateur verbonden partijen
Financiën
75
1
ingevuld
Financiële HR kennis
Human Resources
60
1
werving loopt
Senior jurist
Juridische Zaken
80
1
werving loopt
Informatie
80
0,9
ingevuld
Communicatie
35
0,66
ingevuld
Inkoop
35
0,66
ingevuld
Informatie
30
0,44
ingevuld dmv inhuur
Medewerker Ruimtelijke Ordening
Informatie adviseur Medewerker communicatie Medewerker Inkoop Functionaris gegevens bescherming
b. Personeelsinformatie Het was een druk jaar voor de personeels- en salarisadministratie, er zijn dit jaar rond de 60 vacatures vervuld. Een bijzondere prestatie in de huidige (krappe) arbeidsmarkt. Eind 2021 zijn we gestart met het werken aan onze arbeidsmarktcommunicatie en het imago van de SED-organisatie naar buiten toe. Daar gaan we in 2022 mee door. In 2021 boekten we vooruitgang in de professionalisering en digitalisering van het personeels- en salarissysteem in Motion Pro. Hierdoor is het beter mogelijk om toegankelijke managementinformatie over de formatie, verzuim, loonsom en inhuur te 8
genereren. Deze digitalisering bouwen we in 2022 verder uit met digitale personeelsdossiers en een E-HRM systeem waarin het proces in- door- en uitstroom van medewerkers digitaal geadministreerd wordt. Bij de volgende jaarrekening zullen we over meer kengetallen kunnen rapporteren.
Dienstverlening Bij de SED is het verbeteren van de dienstverlening een voortdurend proces, waarin continue verbetering van de online dienstverlening een hoofdprioriteit is. Inwoners en ondernemers verwachten dit steeds meer van hun gemeente. In juni 2021 zijn de nieuwe websites van Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland gelanceerd. Doel was tot een verbetering van de gebruikerservaring te komen, onder andere door een modern en intuïtief design en een verbeterde zoekfunctionaliteit. “Onder de motorkap” zijn we overgegaan naar een ‘open source’ content management systeem (cms). We voldoen aan de standaard voor websites van overheidsinstanties (toegankelijkheidsnorm WCAG 2.1, niveau A + AA). Daarnaast nemen we deel aan Open Webconcept; een samenwerking van meer dan tien gemeenten, waardoor we kunnen profiteren van elkaars doorontwikkeling. In 2021 is de ‘social media’ strategie verder uitgewerkt, we richten ons op: Meer bereik en doelgroepgerichte content: Door de inzet van sociale media willen wij meer zichtbaarheid, interactie, conversatie en bereik realiseren. We willen alle doelgroepen bereiken. Dit doen we door zelf actief relevante content te verspreiden via de daarvoor meest geschikte kanalen, maar ook door in te spelen op actuele onderwerpen en wat er leeft onder inwoners en ondernemers van de gemeente. Tweerichtingenverkeer: we gaan het gesprek met de burger aan.
Met alleen berichten plaatsen op sociale media zijn we er nog niet. Vooralsnog is het KCC, gelet op de capaciteit, gestart met 1 kanaal (Facebook). Beter monitoren van trends en ontwikkelingen: Door goed te ‘luisteren’ oftewel het monitoren van ‘social media’ willen de SED-gemeenten beter kunnen aansluiten op wat de doelgroep wil of beter bewust worden van wat er leeft onder de inwoners. IN 2021 hebben we voor het eerst gebruik gemaakt van ‘Citizenlab’ als interactief digitaal participatieplatform. Dit heeft geleid tot het instellen van de sites: ‘samen.drechterland.nl’; ‘samen.enkhuizen.nl en ‘samen.stedebroec.nl’ . Dit is een innovatief instrument om burgers laagdrempelig en actief te betrekken bij plannen van de drie gemeenten. In het 3e kwartaal is de Klant Contact Monitor (KCM) in gebruik genomen. De Klant Contact Monitor brengt in kaart wat de inwoners van de SED gemeenten vinden van het contact met de gemeente. De klantervaring wordt in kaart gebracht door het stellen van vragen via een online enquête. Door middel van deze doorlopende meting wordt de klantervaring gemeten met als doel het doorlopend verbeteren van de klantervaring en het optimaliseren van interne bedrijfsprocessen. Meerdere West-Friese gemeenten meten via deze monitor de klanttevredenheid, waardoor we een mooie benchmark kunnen houden in 2022.
9
Facilitair In 2021 zijn diverse diensten opnieuw aanbesteed. De inkoop van horeca- en kantoorartikelen is ondergebracht bij lokale ondernemers. Duurzaamheid en flexibiliteit speelden hierbij een grote rol. Er zijn daarnaast stappen gezet om de (bedrijfs)processen efficiënter in te inrichten, gebruikmakend van de applicatie Topdesk. Dit zorgt ervoor dat team facilitair op afstand kan meebewegen met de vraag van de klant. Door het thuiswerken is het klantcontact minder fysiek, maar de vraag naar ad hoc ondersteuning is gegroeid door het individueel werken op een thuiswerkplek. De ontwikkeling van het hybride werken heeft effect op onze organisatie. In 2021 zijn we gestart met de werkgroep Hybride Werken om vanuit gestelde kaders integraal plannen te maken over hoe we deze manier van werken gaan vormgeven. Goede werkafspraken en de juiste middelen zorgen voor resultaatgericht werken en een prettige werkomgeving, zowel thuis als op kantoor. Ook dragen deze mogelijkheden bij aan goed en aantrekkelijk werkgeverschap. We zijn in 2021 terughoudend geweest met het doen van aankopen op het gebied van huisvesting en mobiliteit in verband met de resultaten die we in 2022 vanuit de werkgroep verwachten.
ICT/Informatie ICT heeft –na de intrede van Corona- een heel belangrijke rol gespeeld bij het faciliteren van (samen)werken vanaf een thuiswerkplek. Door de nieuwe kantoorsoftware zijn we in staat op afstand met elkaar samen te werken en te kunnen videobellen. In zeer korte tijd hebben de SED-medewerkers zich bekwaamd in het gebruik van deze nieuwe digitale hulpmiddelen. Besloten is om elke medewerker te voorzien van de juiste middelen om thuis op een goede en veilige manier te kunnen (samen)werken. In 2021 is een nieuwe applicatie ten behoeve van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving in productie genomen. Deze zal komend jaar verder worden geoptimaliseerd. Informatiebeveiliging en privacy zijn en blijven belangrijke thema's. In de afgelopen jaren kan worden vastgesteld dat gemeenten vaak het doelwit zijn van kwaadwillenden. Het risico dat we als gemeenten ‘gehacked’ worden is veel groter dan een aantal jaren geleden. Hiervoor zullen we ons in toenemende mate moeten wapenen tegen inbreuk van buitenaf. Mede door de diverse SaaS-leveranciers en Clouddiensten wordt het terrein van informatiebeveiliging en privacy breder en complexer. Kwetsbaarheden dienen zich op meerdere gebieden aan. Regie voeren over informatiebeveiliging en privacy bij onze leveranciers vraagt om inzicht in een grote complexiteit van verbindingen, gegevensstromen en beveiligingsmaatregelen.
In 2021 zijn er twee noemenswaardige kwetsbaarheden geweest: Exchange en Apache Log4J. Vooral de laatstgenoemde heeft veel impact gehad in het nemen van aanvullende maatregelen ten behoeve van de dagelijkse werkzaamheden. Voor zover bekend zijn we niet geraakt en hebben de genomen maatregelen het risico aanzienlijk verkleind. De aanbestedingsdocumenten voor een nieuw zaaksysteem zijn gepubliceerd en via Tendernet gestart. Mede door deze aanbesteding wordt een stap richting de implementatie van Common Ground gezet. Implementatie van het nieuwe zaaksysteem staat voor 2022 op 10
de rol. Het zaaksysteem is een van de belangrijke basissystemen in onze organisatie en gebruiken we voor archivering en opslag van onze documenten. Voor een efficiënte bedrijfsvoering is in 2021 een pilot robotisering uitgevoerd. Doel is om handmatige, repeterende handelingen te automatiseren. Deze pilot wordt in 2022 omgezet naar een roadmap RPA (Robotic Process Automation) waarbij robotisering structureel, waar mogelijk en gewenst, wordt ingezet bij het efficiënter en minder kwetsbaar maken van processen. In 2021 is meer grip en structuur aangebracht in het informatie en applicatielandschap van de SED ten behoeve van de drie gemeenten, inclusief de bijbehorende budgetten. Projecten die in voorgaande jaren vanuit SED-perspectief en Regionale samenwerking waren opgezet met incidentele middelen, zijn voorzien van een structurele dekking Aan het eind van 2021 is binnen de organisatie de nieuwe Informatiebeheerregeling vastgesteld, die beter op de actuele digitale werkelijkheid inspeelt. Dit betekent dat Informatiebeheer een gedeelde verantwoordelijkheid is van zowel de afdelingen voor de inhoud en het proces waar informatie in verwerkt wordt en van afdeling Informatie om de informatievoorziening volgens wet- en regelgeving te laten verlopen.
Deze gedeelde verantwoordelijkheid wordt duidelijk bij een aanvraag voor een nieuwe applicatie waar het afdelingshoofd duidelijk moet aangeven hoe en waarom een nieuwe applicatie nodig is. De afdeling Informatie beoordeelt of het binnen de wet- en regelgeving past en ondersteunt met middelen (budget en mensen) bij een positief advies. Op deze manier krijgen we meer grip; zowel financieel als op het applicatielandschap.
P&C Cyclus / Financiën De P&C cyclus van de SED is in 2021 volgens planning (het zgn. “spoorboekje”) uitgevoerd. Voor de jaarstukken 2020 van zowel de SED organisatie en de drie deelnemende gemeente heeft de accountant een goedkeurende verklaring afgegeven voor zowel getrouwheid als rechtmatigheid. Voor rechtmatigheid is dit de eerste keer in het bestaan van de SED. Het meer aanbrengen van structuur, het geven van meer sturing en verder gaan met harmoniseren zijn waar de afdeling Financiën aan werkt bij het actualiseren van het financieel beleid en de P&C cyclus. Zo wordt bij alle drie de gemeenten inmiddels een koppeling gemaakt tussen de Kadernota/ Voorjaarsnota om de ontwikkelingen voor het lopende jaar en die met een structureel gevolg in één document aan elkaar te verbinden. Voor wat betreft de Najaarsnota is voor zowel de gemeente Stede Broec als Enkhuizen ingezet op een behandeling in december in plaats van november. Dit is gedaan om ontwikkelingen vanuit de Rijksoverheid nog mee te kunnen nemen. In Stede Broec is deze nota daarom omgedoopt tot Eindejaarnota. In 2021 is verder gewerkt aan het verbeteren van de interne informatievoorziening van de SED en zijn kwartaalrapportages, zoals voorgenomen in de begroting 2021 van de SED, tijdig opgesteld en in het DB besproken.
Hierdoor krijgen het verantwoordelijk management en de bestuurders meer inzicht in de lopende uitgaven en kunnen zij (indien nodig) tijdig bijsturen. Om de leesbaarheid van de begrotingen van de deelnemende gemeenten verder te verbeteren is in 2021 het project doorontwikkelen P&C cyclus/ leesbaarheid begroting 11
gestart. Gekozen is voor een tweetraps aanpak. In de begroting 2022 zijn de rubrieken en teksten van de programma’s aangepast en er is een infographic voor elke gemeente afzonderlijk gemaakt. De volgende stap is om na de gemeenteraad-verkiezingen het aantal programma’s terug te brengen tot circa 4. Uiteindelijk is het de bedoeling dat het begrotingsboekwerk van de deelnemende gemeenten in 2023 wordt teruggebracht van circa 180 naar ca 80 pagina’s. Het aantal pagina’s is geen doel op zich; het gaat om de leesbaarheid en toegankelijkheid. De berichtgeving over de herziening van het Gemeentefonds, adviezen van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de reactie van de VNG en het ministerie (fondsbeheerders) op het advies van het ROB wordt op de voet gevolgd. De verwachting is dat de bestuurlijke consultatie aan de kant van de VNG begin volgend jaar wordt afgerond. Op grond van het ROB-advies wordt een stapsgewijze invoering verwacht, met ingang van 1 januari 2023 en. De publicatie van definitieve resultaten is naar verwachting in de meicirculaire 2022. In 2021 is gewerkt aan het vernieuwen van het lopende convenant met de belastingdienst voor Horizontaal Toezicht (HT). Het belangrijkste verschil met het nieuwe convenant zijn de toelatingscriteria voor de gemeenten, zoals het opstellen van een fiscale strategie en een fiscale risicoanalyse.
Inmiddels hebben alle colleges ingestemd met het aangaan van een nieuw convenant HT en het AB van de SED wordt nog om instemming gevraagd.
Inkoop Inkoop heeft als doel de organisatie te ondersteunen om op een rechtmatige en effectieve manier in te kopen. Het team bestaat uit de onderdelen subsidies, verzekeringen, nutskosten, contractbeheer en aanbestedingen. Vanuit deze rol speelt Inkoop in op ontwikkelingen in de omgeving waarbij voor aanbestedingen een coördinerende rol wordt vervuld. Gevraagd en ongevraagd is advies gegeven aan de diverse vakafdelingen. In 2021 is verder gegaan met structureren en grip krijgen op de inkopen binnen de organisatie. Daarbij is onder meer het volgende gerealiseerd: Het digitaal inkoop startformulier heeft sinds begin dit jaar gezorgd voor een registratie van meer dan 150 inkopen en aanbestedingen. Dit laat zien dat het belang van een rechtmatige, transparante en juiste wijze van inkopen steeds meer ingang vindt binnen de organisatie. Het project Contractenbank is zo goed als afgerond, de applicatie is gereed om “live” te gaan en geïmplementeerd te worden. De Contractenbank gaat actueel digitaal inzicht geven in alle contracten en de financiële verplichtingen die daar uit voortvloeien en gaat dus voor meer grip zorgen. Er is een openbare aanbesteding opgestart voor het aanbesteden van een integraal bestuurlijk informatiesysteem en digitaal vergadersysteem voor het MT, het college, de raad en toekomstige overlegorganen.
Belangrijk is dat het systeem optimaal aansluit bij de behoeften van de gebruikers. Ook moet het systeem voldoen aan de wet- en regelgeving op het gebied van archiefvorming, informatiebeveiliging & bescherming privacy en digitale toegankelijkheid. Voor het project Aanpak participatie SED organisatie is een subsidie van € 5.000 ontvangen van het A&O fonds. Er is dit jaar hard gewerkt aan een goed gefundeerde ‘spendanalyse’. Deze analyse geeft inzicht in alle uitgaven binnen de SED-organisatie. Met de analyse wordt er een transparant en objectief oordeel geveld over de inkopen en aanbestedingen met betrekking tot doelmatigheid en rechtmatigheid. Over 2021 vindt de analyse plaats 12
over bedragen die gelijk zijn aan of hoger zijn dan de Europese drempel. In de toekomst is de wens om hiermee verder te gaan en álle uitgaven binnen de SEDorganisatie te analyseren.
Verplichte indicatoren
Naam indicator
Externe inhuur
Overhead
Eenheid Kosten als % van totale loonsom + totale kosten extern % van totale lasten
Bron
Rekening 2021
Rekening 2020
Eigen begroting
19,66%
23,20%
Eigen begroting
50,73%
53,93%
De verplichte indicatoren over de overhead laten een vertekend beeld zien. Immers, de SED werkt niet voor zichzelf maar voor de drie gemeenten. Het overhead percentage zou derhalve eigenlijk gerelateerd moeten zijn aan het begrotingstotaal van de drie gemeenten.
13
Wat heeft het gekost? Lasten
Begroting 2021
Gewijzigde begroting 2021
Rekening 2021
Saldo
Salaris
23.766
23.104
24.144
-1.040
Kosten tijdelijke vervanging inclusief flexibele schil
3.670
3.670
4.310
-640
358
358
2.569
-2.211
1.369
1.797
1.759
38
29.162
28.929
32.782
-3.853
5.320
5.891
5.845
45
5.320
5.891
5.845
45
Accountantskosten
54
54
85
-30
Overige exploitatielasten
74
79
153
-74
128
134
238
-104
0
0
0
0
34.611
34.953
38.865
-3.911
Personeelslasten
Kosten gedekt bij de gemeenten Overige kosten personeel
Facilitair
Overig
Vennootschapsbelasting
Totaal lasten
14
Baten
Begroting 2021
Gewijzigde begroting 2021
Rekening 2021
Saldo
0
0
191
191
142
186
193
7
142
186
385
199
34.469
34.767
38.481
-3.714
Bijdrage van gemeenten aan SED organisatie Bijdrage Stede Broec
10.957
11.053
11.534
481
Bijdrage Enkhuizen
12.720
12.831
13.392
561
Bijdrage Drechterland
10.434
10.525
10.986
461
358
358
2.569
2.212
34.469
34.767
38.481
3.715
34.611
34.953
38.865
3.913
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
Toevoeging reserves
0
0
0
0
Onttrekking reserves
0
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
0
0
0
0
Overige baten Diverse baten Vergoeding RSW, AWBF en DeSom uitvoering administratie
Exploitatiesaldo; Basis voor berekening bijdrage
Kosten gedekt bij de gemeenten
Totaal baten
Nadere toelichting op het overzicht Wat heeft het gekost: In dit overzicht wordt –conform de voorschriften- het financieel resultaat binnen dienstjaar ‘afgerekend’ met de deelnemers. Toch is er ten opzichte van de begroting 2021 sprake van een overschrijding van de begroting van € 1,5 miljoen, waar het AB overigens eerder mandaat voor heeft verleend. Het exploitatiesaldo ad € 3,715 miljoen wordt binnen het dienstjaar voor € 2,212 miljoen gedekt door directe bijdragen van de gemeenten buiten de verdeelsleutel (zie toelichting op blz. 13), zodat voor afrekening dienstjaar 2021 nog € 1,503 miljoen via de verdeelsleutel wordt verrekend. Dit zijn de bedragen die in de kolom “Saldo” achter de drie gemeenten zijn opgenomen: SB 481k; EH 561k en DL 461k. Ter verduidelijking is bij het DB-voorstel tot vaststelling van de voorlopige Jaarstukken 2021 een bijlage gevoegd.
Onvoorzien In de begroting 2021 is een bedrag van € 46.000 voor onvoorziene uitgaven opgenomen. In 2021 is het budget niet aangesproken 15
Overhead De kosten van overhead in SED bestaan uit kosten voor salarissen, inhuur derden, ICT, Facilitaire kosten, Overige personeelskosten en overige overheadkosten. Het totaal van de overheadkosten bedraagt € 19.717.000. Deze kosten kunnen als volgt worden uitgesplitst: Onderverdeling Overheadskosten
Bedrag 2021
Salarissen Inhuur derden ICT Facilitair (inclusief huisvesting) Overige personeelskosten Overige overheadkosten
€ 10.365 € 1.439 € 4.160 € 1.685 € 1.759 € 308
Totaal overheadkosten
€ 19.717
16
1.1.1 Toelichting op de cijfers Toelichting op resultaat personeelslasten De post Salarissen en kosten tijdelijke vervanging laten een overschrijding zien van ca € 1,7 mln. Deze overschrijding is echter nagenoeg in overeenstemming met het besluit dat het Algemeen Bestuur heeft genomen naar aanleiding van de Voorjaarsnota 2021. Hierbij moet nog worden opgemerkt dat ultimo 2021 redelijk veel vacatures open stonden die in 2022 structureel worden ingevuld. De SED organisatie is binnen het afgesproken kader gebleven, waarbij nog kan worden aangekondigd dat ook de efficiency taakstelling die destijds vanuit SED Perspectief is meegegeven (ad € 660.000 structureel) is verwerkt in dit resultaat.
Kosten gedekt bij de gemeenten Net als voorgaande jaren worden er ook uitgaven gedaan door de SED die niet in de begroting van de SED zijn geraamd maar zijn geraamd in de individuele gemeentebegrotingen. De grootste post betreft de kosten voor de Omgevingswet (€ 788.000). Ook zijn er kosten voor diverse Cups doorberekend waarvan de budgetten niet zijn overgedragen aan de SED, maar waarvan de uitvoering wel door SED wordt gedaan. We zien derhalve terug dat de post ‘Kosten gedekt bij gemeenten’, hoger is dan geraamd. Dezelfde bedragen komen echter ook bij de baten terug. Facilitair Het onderdeel Facilitair laat een positief resultaat zien van 45k. Dit resultaat wordt veroorzaakt door de budgetten voor facilitaire zaken, Werkplaats en ICT. Facilitaire zaken: Het budget Facilitaire zaken laat een positief resultaat zien van 190k. Vanwege de coronamaatregelen was dit jaar de bezetting op de kantoren minimaal. Hierdoor is er aanzienlijk minder uitgegeven op de facilitaire budgetten. Ook zijn er nog geen overige, grote uitgaven gedaan omdat de toekomst met betrekking tot terugkeer en werken op kantoor nog onduidelijk is. Werkplaats: Op de uitgaven voor de werkplaatsen is een klein voordeeltje van 15k gerealiseerd.
ICT: Op ICT is een overschrijding te zien van 160k, welke voornamelijk wordt veroorzaakt door projecten die vanuit SED-perspectief en Regionale samenwerking zijn opgezet (en vanaf 2022 structureel worden gedekt) en hogere kosten van DeSom vanwege projecten en support. Accountant De overschrijding op de accountantskosten wordt grotendeels veroorzaakt door de inzet van Astrium voor de interne controle en worden gedekt uit vacatureruimte afdeling AO/IB. Overige lasten De overige exploitatielasten laten per saldo een overschrijding van 74k zien. Dit wordt veroorzaakt doordat het budget onvoorzien niet is aangewend (voordeel 46k) en een nadeel op overige lasten van 120k. Dit betreffen uitgaven die zijn voorgeschoten door de SED en bij de baten worden doorberekend aan de betreffende gemeenten. Te denken valt dan aan kosten voor buurtbemiddeling. Hierdoor is aan de inkomstenkant ook een overschot van 120k zichtbaar. 17
Toelichting op de overige baten Zoals bij de toelichting op de overige lasten al aangegeven is 120k hiervan doorberekend aan de betreffende gemeenten, waardoor aan de batenkant een plus van 120k wordt gerealiseerd. Daarnaast zijn er medewerkers gedetacheerd, waarvan de inkomsten (€ 39.000) niet zijn begroot en worden diverse andere kleine baten (tot een totaal van 32k) ontvangen.
Toelichting op de bijdrage van de gemeenten aan de SED organisatie (bedragen * € 1.000) Baten Begroting 2021 Exploitatiesaldo lasten en baten; basis voor berekening bijdrage 34.111 Bijdrage van gemeenten aan SED organisatie Bijdrage Stede Broec Bijdrage Enkhuizen Bijdrage Drechterland
10.957 12.720 10.434 34.111
Gewijzigde begroting Werkelijk 2021
saldo
34.409
35.912
1.503
11.053 12.831 10.525 34.409
11.534 13.392 10.986 35.912
481 561 461 1.503
De bijdrage van de gemeenten is € 1.503.000 hoger dan geraamd. In het AB van 28 april 2021 is besloten dat de begroting 2021 van de SED met € 1.500.000 overschreden mocht worden. De overschrijding is in overeenstemming met het besluit. De overschrijdingen zijn in de loop van 2021 geraamd in bij de deelnemende gemeenten en in de respectievelijke begrotingen verwerkt. Het exploitatiesaldo is in 2021 via de in de begroting 2021 afgesproken verdeelsleutel verdeeld.
18
1.2
Paragrafen
1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Aanleiding en achtergrond Namens de SED gemeenten voert de SED organisatie actief beleid op de beheersing van de risico’s die we gezamenlijk lopen. Door een scherp inzicht in de actuele risico’s worden de betrokken partijen in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. De risico's van de SED organisatie zijn de bedrijfsvoering risico’s. Uitgangspunt is dat de gemeenschappelijke regeling de rekeningresultaten volledig afwikkelt op de deelnemende gemeenten. De gemeenschappelijke regeling kent als beschikbare weerstandscapaciteit geen reserves. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit kan alleen de post onvoorzien worden meegenomen. Indien zich dus tegenvallers voordoen die niet opgevangen kunnen worden in de reguliere begroting of uit de post onvoorzien, komen deze tegenvallers ten laste van de 3 gemeenten. In evenredigheid van de verdeelsleutel wordt de benodigde weerstandscapaciteit meegenomen in de jaarrekening van de afzonderlijke gemeenten als risico bij de verbonden partij SED organisatie. Risico's Volgens de toelichting op artikel 11 BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) zijn de risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen de risico’s die niet anderszins te ondervangen zijn.
Reguliere risico’s -risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal goed meetbaar zijnmaken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen. Hiervoor zijn immers verzekeringen afgesloten, voorzieningen gevormd of ze zijn begroot. In de jaarrekening van 2021 worden 3 risico's genoemd. Wij maken bij de risico's onderscheid tussen de SED organisatie en de risico's van de gemeenten zelf. De bedrijfsvoering risico's zijn risico's voor de SED organisatie en die worden hier genoemd. Voor 2021 was het totaal aan risico's begroot op € 1.645.000. De risico’s met een hoge kans x effect, zijn in de tabel hieronder nader uiteengezet. Daarbij zijn de beschrijving van het risico en de getroffen/gewenste beheersmaatregel opgenomen. De kolom daarnaast geeft het maximaal financieel gevolg in duizenden euro’s. Vervolgens wordt de kans op optreden en impact meegegeven. De volgende kolom geeft inzicht in het beslag dat het risico legt op de benodigde weerstandscapaciteit.
19
In 2021 hebben zich geen significante problemen voorgedaan; de opgesomde risico’s uit de risicoparagraaf hebben niet geleid tot een beroep op de algemene reserves van de gemeenten. Er volgt nu een toelichting op elk opgenomen risico. Datalek, cybercrime en uitval ICT systemen: De beschrijving omvat meerdere vormen van risico’s. Een eerste risico is het risico van informatie lekken vanuit extern en vanuit intern handelen, wat is samengevat als datalek. Een tweede risico is het risico van aanvallen op onze systemen van buitenaf middels cybercrime. Dit alles kan ook nog leiden tot het benoemde risico van imagoschade. Ten derde is het risico dat we systemen moeten uitzetten om hackers activiteiten te voorkomen.
Beperkte personele bezetting: Door een beperkte structurele formatie is er een bezettingsprobleem. Dat maakt dat het opvangen van werkzaamheden leidt tot het niet uitvoeren van taken of extra kosten door inhuur. Door krapte op de arbeidsmarkt is het steeds moeilijker gekwalificeerd personeel aan te trekken.
Onvoldoende juridische kennis bij de medewerkers: Er is weliswaar een notitie juridische kwaliteitszorg (JKZ) opgesteld waar voorstellen zijn gedaan om de JKZ in de organisatie te verhogen maar toch blijft dit een risico omdat gespecialiseerd personeel moeilijk is te binden aan de organisatie.
Het risico “Kiezen voor een verkeerde aanbestedingsprocedure” is niet meer opgenomen bij de SED-organisatie omdat mitigerende maatregelen zijn genomen waaronder invoering van de contractenbank en een aanbestedingsagenda. Eventuele resterende aanbestedingsrisico’s worden opgenomen bij de betreffende gemeenten
Het totale maximale financieel gevolg van risico’s van de SED organisatie is € 1.470.000. Uitgaande van spelregels rondom het risicomanagement binnen de SED organisatie ligt de speelruimte voor weerstandscapaciteit tussen de 75% en 90%. De minimale grens (75%) van 20
de benodigde weerstandscapaciteit voor de risico’s is daarmee € 1.103.000 en de maximale grens (90%) van het benodigde weerstandscapaciteit voor risico’s bedraagt € 1.323.000. De SED organisatie kent als beschikbare weerstandscapaciteit geen reserves. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit kan alleen een post onvoorzien van € 46.000 worden meegenomen. Met uitzondering van deze structurele weerstandscapaciteit, wordt voor de benodigde weerstandscapaciteit een beroep gedaan op het weerstandsvermogen van de deelnemende gemeenten. In evenredigheid van de verdeelsleutel dient het benodigde weerstandscapaciteit meegenomen te worden in de jaarrekening van de afzonderlijke gemeenten als risico’s bij de verbonden partij SED organisatie. COVID-19 In 2021 was de wereld nog steeds in de ban van de uitbraak van het COVID-19 virus. De uitbraak van dit virus en de maatregelen om het virus terug te dringen houdt de wereld ook na 2021 nog in hun greep. Dit heeft een aanzienlijke impact op de economie en werkgelegenheid in zowel binnenland als het buitenland. De uiteindelijke gevolgen hiervan zijn op dit moment nog niet te overzien. Ook voor onze gemeenschappelijke regeling heeft de uitbraak van het COVID-19 virus, op het moment van het opstellen van de jaarrekening, directe organisatorische gevolgen c.q. onzekerheden. Deze organisatorische gevolgen c.q. onzekerheden bestaan uit: a.
De duur van de door de rijksoverheid opgelegde maatregelen b. De impact van de maatregelen op ons personeel (zowel intern als ook extern) c. De impact op de bijdragen van de gemeenten vanuit de algemene uitkering over 2022. Naast de bovenstaande organisatorische gevolgen heeft dit direct dan wel indirect ook financiële gevolgen c.q. onzekerheden voor onze gemeenschappelijke regeling. Voor het boekjaar 2021 zijn er kosten gemaakt welke in de exploitatie van de SED organisatie zijn opgenomen. Ook in 2022 zullen er financiële gevolgen van toepassing zijn voor onze gemeenschappelijke regeling, voor zover wij kunnen overzien op het moment van het opstellen van de jaarrekening: a. Zal de ontwikkeling van de baten voor de SED kunnen worden beïnvloedt indien algemene uitkeringen over 2022 worden aangepast m.b.t. COVID-19 aanvullende bijdrage. b. Zal de inhuur van externen worden beperkt, maar wel een invloed hebben op het beroep doen op nadere ICT ondersteuning. c. Zijn de ontwikkelingen in de liquiditeit onduidelijk. d. Zal hoewel er hier en daar een beroep wordt gedaan op een andere invulling van de functie voor internen, geen grote wijzigingen optreden in de interne personele bezetting, maar is de verwachting dat het inhuren van externen (mede gezien de inwerkmogelijkheden) beperkt zal zijn.
21
Kengetallen Jaarverslag jaar t Kengetallen: 1. netto schuldquote 2. netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 3. solvabiliteitsratio
Verloop van de kengetallen Jaarrekening Begroting Jaarrekening 2021 2021 2020 21% 20% 21% 21%
20%
21%
nvt
nvt
nvt
4. structurele exploitatieruimte
nvt
nvt
nvt
5. grondexploitatie
nvt
nvt
nvt
6. belastingcapaciteit
nvt
nvt
nvt
1./2. De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Als kritische grens wordt 100% aangehouden (bron: VNG). Hier blijft de SED organisatie met 21% ruimschoots onder.
1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij ook om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid. De gemeenschappelijke regeling SED organisatie heeft in 2015 gebouwen en inventaris verworven. Onderhoud van deze gebouwen wordt geregeld door de deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling. De onderhoudskosten worden door de gemeenten in rekening gebracht bij de SED organisatie.
1.2.3 Financiering Algemeen De Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. Doel van deze wet is het bevorderen en transparant maken van het financieringsbeleid van de overheden. De transparantie komt daarbij tot uitdrukking in voorschriften voor een verplicht Treasurystatuut en een paragraaf financiering in de begroting en jaarrekening. In de paragraaf worden ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen inzake de renterisiconorm, de verwachte toe- en afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Het AB heeft het Treasurystatuut voor de SED vastgesteld en hiermee nadere regelgeving inzake geldleningen vastgesteld. De SED organisatie krijgt financiële middelen door de periodieke bijdragen van de gemeenten. Deze middelen zijn in principe toereikend voor de exploitatie-uitgaven. Voor investeringen met een meerjarig nut kan het nodig zijn om langlopende financiering aan te trekken. Zo is er in 2015 een langlopende geldlening van € 5.570.000 aangetrokken bij de gemeente Drechterland ten behoeve van een deel van het gemeentehuis van Drechterland. In 2021 werd een bedrag van € 139.000 afgelost. Er resteert per 31-12-2021 nog een saldo van € 4.735.000.
22
In 2020 is er een lening aangetrokken van € 2.500.000 met een looptijd van 25 jaar. Van deze lening is in 2021 € 100.000 afgelost. Het saldo van deze lening bedraagt op 31-12-2021 € 2.400.000. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft voor de SED organisatie de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan één jaar) weer. De belangrijkste vormen zijn kasgeldleningen en rekening courant krediet. Wettelijk moet worden overgegaan tot omzetting naar langlopende schulden zodra de limiet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Het doel van deze limiet is het renterisico op korte financiering te beperken. De kasgeldlimiet wordt uitgedrukt in een percentage van het begrotingstotaal (8,2%) en bedraagt voor de SED organisatie ongeveer € 2.838.000. De kortlopende financiering is in het afgelopen jaar ruim onder de kasgeldlimiet gebleven. Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Van renteherziening is sprake, als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar zal worden aangepast. Herfinanciering bestaat uit het totaal aan aflossingen van langlopende leningen, want het renterisico wordt verkleind door aflossingen in de tijd te spreiden.
Voor de SED organisatie bedraagt de renterisiconorm voor het jaar 2021 ongeveer € 6.922.000. De SED organisatie blijft in 2021 ruim onder de renterisiconorm. Schatkistbankieren Voor decentrale overheden is schatkistbankieren verplicht. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Het verplicht schatkistbankieren is ingevoerd voor gemeenten, provincies, waterschappen, en gemeenschappelijke regelingen en geldt dus ook voor de SED organisatie. Een leenfaciliteit, namelijk dat er ook via de schatkist geleend kan worden, is niet aan de orde. Door het Ministerie is een drempelbedrag vastgesteld dat op de rekening courant van de eigen bank mag blijven staan. Het drempelbedrag is het maximale bedrag dat een decentrale overheid over een heel kwartaal gezien dagelijks buiten de schatkist mag aanhouden. Door omstandigheden kan het voorkomen dat het drempelbedrag wordt overschreden, maar deze overschrijding moet dan op andere dagen in datzelfde kwartaal gecompenseerd worden door onder het drempelbedrag te blijven. Het drempelbedrag is vast gesteld op 0,75% van het begrotingstotaal. Voor de SED-organisatie houdt dit in dat wanneer het saldo op de rekening courant hoger is dan € 259.000 dit moet worden afgeroomd naar de schatkist.
Bij de toelichting op de balans wordt verantwoording afgelegd over het totaal aan middelen dat per kwartaal buiten de schatkist is gehouden. Daaruit blijkt dat we onder het drempelbedrag zijn gebleven.
23
Een overzicht van de opgenomen geldleningen vindt u hieronder:
Geldgever Gemeente Drechterland BNG lening 40.113566
rente
-
Saldo Opgenomen 1-1-2021 in 2021
Rente Aflossing
Saldo 31-12-2021
139.250
4.734.500
4.873.750
0,23% 2.500.000
5.537
100.000
2.400.000
7.373.750
5.537
239.250
7.134.500
Totaal
1.2.4 Bedrijfsvoering In de programmabegroting van de SED organisatie is geen onderscheid gemaakt naar programma's. Er is slechts sprake van één programma en dat is Bedrijfsvoering. Een paragraaf bedrijfsvoering zou in deze situatie niets toevoegen aan de informatie die bij de programmaverantwoording is vermeld. In deze paragraaf volstaan wij dan ook met slechts een verwijzing naar de tekst bij de programmaverantwoording.
24
2.
Jaarrekening
25
2.1
Balans per 31 december 2021
ACTIVA
31-12-2021
31-12-2020
7.319 0
7.233 0
0
0
7.319
7.233
7.319
7.233
-Vorderingen op openbare lichamen
3.752
7.517
-Rekening courant verhouding met het Rijk -Overige vorderingen
2.000 10
0 14
5.762
7.531
334
152
334
152
241
224
241
224
Totaal vlottende activa
6.337
7.907
Totaal generaal
13.656
15.140
(bedragen x € 1.000) Vaste activa Materiële vaste activa -Investeringen met een economisch nut -Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven -Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
Totaal vaste activa
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Liquide middelen -Banksaldi
Overlopende activa -Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen.
26
PASSIVA
31-12-2021
31-12-2020
2.400 4.735
2.500 4.874
7.135
7.374
7.135
7.374
0 5.918
0 4.432
5.918
4.432
603
3.334
603
3.334
Totaal vlottende passiva
6.521
7.766
Totaal generaal
13.656
15.140
Gewaarborgde geldleningen
0
0
Garantstellingen
0
0
(bedragen x € 1.000) Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer -Onderhandse leningen van: • Binnenlandse banken • Openbare lichamen
Totaal vaste passiva Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar -Overige kasgeldleningen -Overige schulden
Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume.
27
2.2
Overzicht van baten en lasten 2021
Lasten
Begroting 2021
Gewijzigde begroting 2021
Rekening 2021
Saldo
Salaris
23.766
23.104
24.144
-1.040
Kosten tijdelijke vervanging inclusief flexibele schil
3.670
3.670
4.310
-640
358
358
2.569
-2.211
1.369
1.797
1.759
38
29.162
28.929
32.782
-3.853
5.320
5.891
5.845
45
5.320
5.891
5.845
45
Accountantskosten
54
54
85
-30
Overige exploitatielasten
74
79
153
-74
128
134
238
-104
0
0
0
0
34.611
34.953
38.865
-3.911
Personeelslasten
Personele kosten, gedekt bij de gemeenten Overige kosten personeel
Facilitair
Overig
Vennootschapsbelasting
Totaal lasten
28
Baten
Begroting 2021
Gewijzigde begroting 2021
Rekening 2021
Saldo
0
0
191
191
142
186
193
7
142
186
385
199
34.469
34.767
38.481
-3.714
Bijdrage van gemeenten aan SED organisatie Bijdrage Stede Broec
10.957
11.053
11.534
481
Bijdrage Enkhuizen
12.720
12.831
13.392
561
Bijdrage Drechterland
10.434
10.525
10.986
461
358
358
2.569
2.212
34.469
34.767
38.481
3.715
34.611
34.953
38.865
3.913
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
0
0
0
0
Toevoeging reserves
0
0
0
0
Onttrekking reserves
0
0
0
0
Gerealiseerd resultaat
0
0
0
0
Overige baten Diverse baten Vergoeding RSW, CAW en DeSom uitvoering administratie
Exploitatiesaldo; Basis voor berekening bijdrage
Personele kosten, gedekt bij de gemeenten
Totaal baten
29
2.3
Grondslagen van waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden als gevolg van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.
Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. In 2020 is de Corona-pandemie begonnen met een grote impact in de gehele wereld. Op basis van de ontwikkelingen in 2021 en hebben wij de eventuele risico’s beoordeeld. Hieruit concluderen wij dat het totaal aan risico’s voor ons niet heel veel toeneemt, maar zijn we ons wel bewust van de nog grotere noodzaak tot het voortdurend monitoren van de risico’s. Het dagelijks bestuur schat op basis van de uitgevoerde analyse dat het doorvoeren van een duurzame waardevermindering op de activa van de gemeenschappelijke regeling niet van toepassing is. De in de jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op een continuïteitsveronderstelling. Hoewel de toekomstige financiële impact van de uitbraak van COVID-19 ten tijde van het opmaken van deze jaarrekening niet duidelijk is, is het dagelijks bestuur van mening dat op basis van de thans beschikbare informatie, de inmiddels genomen maatregelen en de huidige liquiditeitspositie de bij het opmaken van deze jaarrekening gehanteerde continuïteitsveronderstelling niet materieel wordt beïnvloed.
Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden in jaar na het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grond wordt niet afgeschreven. Er wordt gestart met afschrijven in het komende jaar nadat het actief gereedgekomen/verworven is. Investeringen met economisch nut, welke lager zijn dan € 15.000 30
worden niet geactiveerd en direct ten laste van de exploitatie te brengen. Voor maatschappelijk nut ligt de grens op € 30.000. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: Grond
Op grond wordt niet afgeschreven
Bedrijfsgebouwen
40
Overige materiële vaste activa
10 (inventarissen)
Materieel
10
Auto’s
8
Overige voertuigen
8
Verbouwingen
25 jaar
Software
5 jaar
ICT gerelateerde investeringen
4 jaar
Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Vaste passiva Vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente-typische looptijd van één jaar of langer.
31
2.4
Toelichting op de balans
(bedragen x € 1.000) ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
Investeringen met economisch nut
7.319
7.233
Totaal
7.319
7.233
Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut weer: Boekwaarde 31-12-2020
Herrubricering
Boekwaarde Mutatie 01-1-2021
Machines, apparaten en installaties
102
210
312
Overig
622
-210
412
Totaal
724
0
724
Boekwaarde 1-1-2021
Investeringen
629
0
0
0
Bedrijfsgebouwen
5.297
3
0
Vervoermiddelen
583
149
Machines, apparaten en installaties
102
Overig Totaal
Gronden en terreinen
Des- Afschrijv- Bijdragen investeingen van derden ringen
Afwaard eringen
Boekwaarde 31-12-2021
0
0
629
172
0
0
5.128
0
80
0
0
652
17
0
12
0
0
107
622
331
0
151
0
0
802
7.233
500
0
415
0
0
7.318
De investeringen onder bedrijfsgebouwen betreffen de investeringen in de gemeentewerf en de aanschaf van inventaris van SED. De investeringen onder vervoermiddelen betreffen de investeringen in het materieel van de Buitendienst. (€ 149.000) De investeringen onder machines, apparaten en installaties betreft een slagmaaier. (€ 17.000) De investeringen onder overig betreffen investeringen in laptops en smartphones (€ 298.000). Investeringen van Mini PC's (€ 19.000). Aanbesteding zaaksysteem (€ 15.000).
32
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt worden gespecificeerd: Boekwaarde Voorziening
Balanswaarde Balanswaarde
31-12-2021 oninbaarheid
31-12-2021
31-12-2020 7.517
Vorderingen op openbare lichamen
3.752
0
3.752
Rekening-courantverhouding met het Rijk
2.000
0
2.000
0
10
0
10
14
5.762
0
5.762
7.531
Overige uitzettingen Totaal
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag kwartalen
259,5825 Kwartaal 1
259,5825 Kwartaal 2
1.000 Kwartaal 3
1.000 Kwartaal 4
(2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
95
70
88
91
(3a) = (1) > (2)
Ruimte onder het drempelbedrag
164
189
912
909
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
1.000
1.000
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a)
Begrotingstotaal verslagjaar
34.611
(4b)
Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen
34.611
(4c)
Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
-
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van €250.000
Drempelbedrag
259,5825
259,5825
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van € 1.000.000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1
(5a)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)
(5b) (2) - (5a) / (5b)
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
8.569
6.381
8.081
8.373
Dagen in het kwartaal
90
91
92
92
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
95
70
88
91
33
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Boekwaarde 31-12-2021 334
Boekwaarde 31-12-2020
334
152
Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen
241
224
Totaal
241
224
Banksaldi Totaal
152
Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden:
PASSIVA Vaste passiva Vaste schulden De onderverdeling van de in de balans opgenomen vaste schulden met een looptijd langer dan één jaar is als volgt: Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
Binnenlandse banken (BNG)
2.400
2.500
Openbare lichamen (Drechterland)
4.735
4.874
Totaal
7.135
7.374
Onderhandse leningen
Over de in 2020 afgesloten lening van de BNG is in 2021 € 5.000 rente betaald. De onderhandse lening betreft een renteloze lening van de aankoop van het economisch eigendom op 2 maart 2015 van een deel van het gemeentehuis in Hoogkarspel. In het hierna opgenomen overzicht wordt het verloop weergegeven van de vaste schulden met een rentetypische looptijd langer dan één jaar over het jaar 2021: Saldo 31-12-2020 Vermeerderingen Aflossingen Saldo 31-12-2021 Onderhandse leningen
4.874
-
139
4.735
Totaal
4.874
-
139
4.735
34
Vlottende passiva Onder de vlottende passiva zijn opgenomen:
Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
5.918
4.432
603
3.334
6.521
7.766
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen netto-vlottende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden
Overige schulden
Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
5.918
4.432
5.918
4.432
Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Boekwaarde 31-12-2021
Boekwaarde 31-12-2020
603
3.334
603
3.334
Langlopende financiële verplichtingen (niet uit de balans blijkende verplichtingen) De SED organisatie is verplicht [artikel 53 BBV] om in de toelichting op de balans inzicht te geven over de verplichtingen na het jaar 2021. Deze verplichtingen zijn niet opgenomen in een balanspost. Deze verplichtingen kunnen worden onderverdeeld in 2 categorieën, namelijk: 1. Meerjarige verplichtingen (contracten) die de SED heeft afgesloten leveranciers, en 2. Contracten die vanuit de onrechtmatigheid EU aanbesteding volgen.