Jaarstukken 2021
Tekst van het document
Deze terugkeergarantie geldt voor de functieschaal ambtenaar. Bij vertrek van deze persoon is de formatieplek voor vast ingevuld, omdat niet in te schatten is hoe lang de politieke betrekking elders zal duren. Bij terugkeer is deze persoon boventallig.
Weerstandscapaciteit in cijfers De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden.
Beschikbare weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit Primair Secundair
Peildatum 31-12-2021
Algemene risicoreserve
2.681.228
1
Reserve vrije bestedingsruimte
2.890.883
2
Algemene reserve
1.622.000
1
Stille reserves Totaal incidentele weerstandscapaciteit
p.m. 7.194.111
Structurele weerstandscapaciteit Primair
Post onvoorzien
80.000
Totaal structurele weerstandscapaciteit
80.000
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit
7.274.111
1 Stand 31 december 2021 2 O.b.v. laagste stand meerjarenraming 2022-2025 na verwerking jaarrekening 2020
Er is veel meer incidentele capaciteit beschikbaar dan structurele capaciteit. De structurele capaciteit kan in principe jaarlijks worden vrijgemaakt voor financiële tegenvallers. De incidentele capaciteit kan slechts eenmaal worden aangesproken en kan pas na aanvulling weer worden gebruikt om volgende tegenvallers te kunnen opvangen.
79
Weerstandsvermogen Er wordt uitgegaan van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio ≥ 1). Deze verhouding wordt bepaald door de volgende ratio: Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit De ratio weerstandsvermogen kan als volgt worden vastgesteld: Ratio weerstandsvermogen = € 7.274.111 = 3,33 € 2.185.872 Geconcludeerd kan worden dat het weerstandsvermogen van de gemeente met een weerstandsratio van 3,33 meer dan toereikend is om de risico’s op te vangen.
Financiële kengetallen Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geven een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken. Een individueel kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie van de gemeente moet worden beoordeeld. De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van de gemeente. Een kengetal, of de ontwikkeling van een kengetal, is een weerspiegeling van het gevoerde beleid. Voor de provincie als toezichthouder hebben de kengetallen een signaleringswaarde. Ze kunnen worden betrokken bij het krijgen van een completer inzicht in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden: • netto schuldquote; • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • grondexploitatie; • structurele exploitatieruimte; • belastingcapaciteit. De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt gebruik van onderstaande signaleringswaarden. Waarderingscijfer
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90
90-130
>130
Solvabiliteitsratio
>50
20-50
<20
Grondexploitatie
<20
20-35
>35
Structurele exploitatieruimte
>0
0
<0
Belastingcapaciteit
<95
95-105
>105
Zie voor de onderlinge verhouding van de kengetallen bij conclusie.
80
Uitgangspunten Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2021 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 20212024. De kengetallen voor 2022 tot en met 2024 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2022-2025.
81
Omschrijving
Realisatie
Begroting
2019
2020
2021
2021
2022
2023
2024
Netto schuldquote
5%
0%
11%
36%
72%
98%
99%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
1%
-3%
8%
35%
72%
97%
99%
Solvabiliteitsratio
77%
71%
72%
60%
47%
42%
41%
Grondexploitatie
2%
-13%
-19%
-11%
-10%
2%
0%
Structurele exploitatieruimte
1%
0%
3%
2%
1%
2%
3%
Belastingcapaciteit
85%
89%
101%
101%
99%
99%
99%
Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting. Netto schuldquote
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Solvabiliteitsratio
82
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Grondexploitatie
De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstige) woningbouwproject hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Structurele exploitatieruimte
Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.
83
Belastingcapaciteit
De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld. Conclusie Netto schuldquote (zowel gecorrigeerd als niet gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De hoogte van dit kengetal wordt voor de gemeente Son en Breugel beïnvloed door 2 oorzaken: • De boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie zijn de afgelopen jaren gedaald, waardoor afgelost is op de (daarvoor) aangetrokken geldleningen.
• Het oplopen van dit kengetal in de begrotingsjaren vanaf 2021 wordt veroorzaakt door de gedane en geraamde investeringen voor: o Gemeentehuis o Nieuwbouw de Regenboog en de Krommen hoek o Gezamenlijke uitbreiding voor de Bloktempel en de Ruimte o Braecklant o Dommelhuis o Sporthal de Bongerd Solvabiliteitsratio In de jaren 2020 en 2021 zijn reserves en voorzieningen nagenoeg ongewijzigd blijven en is de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie afgenomen. Hierdoor stijgt de solvabiliteitsratio in 2021. De daling van het kengetal in de meerjarenbegroting wordt veroorzaakt door de geraamde onttrekkingen aan reserves voor een deel van de hierboven genoemde investeringen. Daarnaast stijgt de totale boekwaarde van de activa als gevolg van de genoemde investeringen. Grondexploitatie In de afgelopen jaren is het kengetal gedaald door de afname van de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie. Dit kengetal wordt in de jaren 2021 en 2022 negatief omdat er in die jaren gronden verkocht worden waar geen boekwaarde tegenover staat. Deze winsten worden pas als baten geraamd als ze daadwerkelijk gerealiseerd zijn.
84
Structurele exploitatieruimte De resultaten van de begrotingsjaren zijn positief. Dit betekent dat alle structurele lasten, inclusief de kapitaallasten van de geraamde investeringen, opgevangen worden binnen een structureel sluitende begroting. Belastingcapaciteit Het landelijk gemiddelde van het kengetal voor de belastingcapaciteit wordt jaarlijks op 100% gesteld. Door de verhoging van de OZB, de afvalstoffen- en rioolheffing in de begroting 2021, stijgt het percentage net boven de 100%. Kanttekening daarbij is dat de opbrengsten afgezet zijn tegen een landelijke gemiddelde dat niet geactualiseerd is voor 2021.
85
Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op het beheer en onderhoud van het groen (openbaar groen), grijs (wegen en openbare verlichting) en blauw (riolering; gemalen en grondwater). Een rationeel beheer en onderhoud van dergelijke kapitaalgoederen is gebaat bij geautomatiseerde beheersystemen die tijdig de gewenste informatie verschaffen in het noodzakelijke onderhoud en de daarmee samenhangende kosten. Vandaar dat in deze paragraaf ingegaan wordt op de huidige stand van zaken van deze systemen.
Wegen en weginspectie Beleid Vanaf 2016 werkt Son en Breugel met een wegenbeheersysteem. Op basis van tweejaarlijkse inspecties actualiseren we de basisgegevens binnen dit systeem. Het huidig areaal aan verhardingen is te verdelen in: • Elementenverhardingen: ca. 668.355 m2 • Asfaltverhardingen: ca. 469.000 m2 Uitgangspunt van het onderhoud aan de gemeentewegen is dat die voldoet aan de kwaliteitsnormen van het CROW (Centrum voor onderzoek en regelgeving in de grond-, weg- en waterbouw en verkeerstechniek). Het onderhoudsniveau van wegen is kwaliteitsniveau C. In de CROW-kwaliteitscatalogus wordt dit omschreven als matig. Het onderhoudsniveau van trottoirs is B (kwaliteit: voldoende). Algemeen Het beheerplan wegen hebben we niet in 2021 voltooid. Omdat we aan het begin van 2021 geen geldige onderhoudscontracten hadden, heeft dit proces prioriteit gekregen. Om een actueel inzicht in de onderhoudsbehoefte te verkrijgen zijn we gestart met uitvoering van de tweejaarlijkse globale visuele inspectie. De uitkomst hiervan vormt de basis voor de werkplanning van de komende twee jaar. Hierna hebben we de raamovereenkomsten voor asfalt- en elementenverharding opnieuw aanbesteed. Het beheerplan wegen wordt samen met het beheerplan groen in 2022 opgesteld. Beleidsplan Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
Beheerplan wegen
2016-2020
Commissie GZ: 6 januari 2016
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2022
Uitgangspunten De kosten voor noodzakelijke reconstructies c.q. vervangingen van wegverhardingen worden niet in de reguliere onderhoudsbegroting meegenomen. Aan de hand van de weginspecties zal hiervoor zo nodig een afzonderlijk voorstel aan het college en de gemeenteraad worden voorgelegd. Jaarlijks groot onderhoudsbudget In onderstaande tabel staan de beschikbare budgetten voor het groot onderhoud exclusief de eigen uren. Financieel
2021
Raming groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen
534.546
Realisatie groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen
413.188
Verschil
121.358
Naast bovenvermelde bedragen voor het groot onderhoud is € 103.778,- besteed aan klein onderhoud. Onderdeel van deze kosten is het versneld ophogen van het onderhoudsniveau van de trottoirs. Eind 2021 is nog € 350.172- in de egalisatiereserve wegen beschikbaar. Onderhoudsbehoefte Op basis van de globale visuele inspectie en een maatregelen toets wordt jaarlijks de onderhoudsbehoefte bepaald. De inspectieresultaten geven aan waar onderhoud noodzakelijk is en met een maatregelentoets bepalen we wat er exact moet gebeuren om het areaal op niveau te houden.
86
Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Openbare verlichting Beleid Aan de hand van het beheersysteem worden jaarlijks de onderhoud- en vervangingsinvesteringen inzichtelijk gemaakt en opgenomen in de begroting. Uitgangspunt is dat de installatie voldoet aan de landelijke richtlijnen (NPR 13201-1). Duurzame openbare verlichtingsinstallatie De openbare verlichting in Son en Breugel in zijn geheel voorzien van energiezuinige led-armaturen. In 2021 is opdracht gegeven voor de verduurzaming van de aanstralers van het oude raadhuisje en de kerktoren in Son. Helaas zat er een behoorlijk lange levertijd op de materialen waardoor de uitvoering doorgeschoven moest worden naar het eerste kwartaal 2022. Tot slot is het verlichtingsniveau nabij de zebrapaden in de Nieuwstraat op het vereiste niveau gebracht. Hierbij moet vermeld worden dat zebrapaden bij een combinatie van nat weer, een donkere omgeving en tegenlicht door sommigen nog steeds als slecht zichtbaar worden ervaren. Beleidsplan Naam
Periode
Beleidsnota openbare verlichting
N.v.t.
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
6-okt-16 N.v.t.
Uitgangspunten Kwalitatief goede openbare verlichting waarbij de verkeersveiligheid, sociale veiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid als speerpunten gelden. Voldoen aan de landelijke richtlijnen. Jaarlijks groot onderhoudsbudget In onderstaande tabel zijn de bedragen voor het onderhoud van de verlichting excl. kleine reparaties en eigen uren weergegeven. Financieel
2021
Raming onderhoud openbare verlichting
60.184
Realisatie onderhoud verlichting
43.814
Verschil
16.370
Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud.
Civieltechnische kunstwerken Beleid In 2020 zijn levensduur verlengende ingrepen aan de brug Planetenlaan uitgevoerd. De brug Dommelpas is dermate versleten dat groot onderhoud niet meer mogelijk is. Deze brug stond in 2021 op de nominatie om in zijn geheel te vervangen. Op basis van het definitieve ontwerp dat in 2021 is opgesteld is een quick scan flora en fauna uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is bepaald dat aanvullend onderzoek noodzakelijk is voor vleermuizen en de gele kwikstaart. Dat duurt tot en met het 2e kwartaal 2022. Dit werkt vertragend voor de uitvoering en conform de huidige planning zal de nieuwe brug eind 2e kwartaal 2023 worden opgeleverd. De huidige brug wordt periodiek gecontroleerd op veiligheidsaspecten zodat deze veilig door voetgangers en fietsers gebruikt kan worden. Na afronding van de brug Dommelpas kunnen de MJOP in 2023 definitief worden opgesteld en worden verwerkt in de begroting. Beleidsplan Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
MJOP civieltechnische kunstwerken
2024-2034
n.v.t.
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2023
87
Uitgangspunten De MJOP's worden opgesteld om de civiele kunstwerken op een efficiënte en effectieve wijze in stand en veilig te houden. De wijze waarop zal in de MJOP’s worden opgenomen. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel zijn de bedragen voor het onderhoud van de civiele kunstwerken excl. kleine reparaties weergegeven. Financieel
2021
Raming onderhoud civiele kunstwerken
6.683
Realisatie onderhoud civiele kunstwerken
8.825
Verschil
-2.142
Naast bovenstaande bedragen voor het reguliere onderhoud is er ook een investeringskrediet beschikbaar gesteld voor de bruggen Planetenlaan en Dommelpas. Achterstallig onderhoud Er is sprake van achterstallig onderhoud aan de brug Dommelpas. Deze brug wordt zo spoedig mogelijk vervangen.
Groenvoorzieningen Beleid In 2021 is het nieuwe groenbeleidsplan vastgesteld. Dit plan wordt in 2022 vertaald naar een groenbeheerplan. Dit traject wordt samen met het nieuwe beheerplan wegen vormgegeven zodat er een integrale aanpak voor het beheer van de openbare ruimte mogelijk wordt gemaakt. Beleidsplan Naam
Periode
Beleidsnota Openbaar Groen 2021
2022-(geen specifieke einddatum)
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
25-nov-21
Uitgangspunten Het hoofddoel van het groenbeleidsplan is om een samenhangend beleid en beheer van het openbaar groen voor de gemeente, naar tevredenheid van bewoners en bedrijven. Een duurzame groenstructuur. Behoud en waar mogelijk versterking van kwaliteiten voor de toekomst. Jaarlijks onderhoudsbudget In onderstaande tabel wordt het meerjarenbudget voor het groot onderhoud aan het openbaar groen weergegeven. Het betreft hier de bestekken voor de verschillende arealen. Financieel
2021
Raming exploitatie openbaar groen
512.729
Realisatie exploitatie openbaar groen
494.022
Verschil
18.707
Naast de reguliere onderhoudsbudgetten is voor de uitvoering van het groenbeleidsplan € 490.000,gereserveerd. Eind 2021 is nog € 132.162,- beschikbaar. Deze middelen zetten we de komende jaren in voor de uitvoering van het groenbeleid. Financieel
2021
Raming besteding uit reserve
10.000
Besteding uit reserve
10.000
Verschil
0
Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
88
Riolering Beleid Het beleid wordt vastgelegd in een Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (VGRP). Naast het feit dat een VGRP een wettelijk verplicht plan is, is dit ook het middel om de gemeentelijke watertaken hierin vast te leggen. Er zijn vier gemeentelijke zorgplichten: zorgplicht voor stedelijk afvalwater; zorgplicht voor hemelwater; zorgplicht voor grondwater en de zorgplicht voor beheer en onderhoud van de riolering. Daarnaast zijn in het VGRP maatregelen opgenomen die voortvloeien uit de Kader Richtlijn Water (KRW). Het rioleringsplan geeft inzicht in de infrastructuur zoals reconstructies en vervangingen van het stelsel. Het is tot stand gekomen op basis van een theoretisch/strategische benadering ofwel de economische levensduur van de riolering binnen het databestand. Nieuw Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan en operationele planning 2016 – 2022 Gemeentelijk Rioleringsplan (VGRP). Op 6 oktober 2016 is het VGRP 2016-2022 vastgesteld door uw gemeenteraad. Overeenkomstig het collegeprogramma is in dit plan een paragraaf opgenomen over MEER (Maatschappelijk; Economisch; Ecologisch en Ruimte). Verder zijn in dit plan de ambities voor duurzaamheid opgenomen. In het VGRP 2016 – 2022 is een overzicht opgenomen van de te nemen verbetering- en vervangingsmaatregelen. Hieraan zijn tevens de financiële consequenties gekoppeld.
Er is aandacht geschonken aan acties die ondernomen moeten worden in het kader van de klimaatverandering waarbij grote droge periodes worden afgewisseld met forse natte periodes. Aandacht voor hittestress en wateroverlast zijn dan ook belangrijke aandachtspunten. De financiële gevolgen zijn de basis voor het vaststellen van een kostendekkende rioolheffing. Samenwerking binnen de afvalwaterketensystemen (OAS) cluster Eindhoven Binnen het samenwerkingsverband worden maatregelen genomen om de waterkwaliteit van de Dommel en de zij-beken te laten voldoen aan de ecologische Europese Kader Richtlijn Water (KRW). De KRW- richtlijn is bedoeld om te zorgen dat de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater in Europa uiterlijk 2027 op een goed niveau is en blijft. Voor het stroomgebied van de Boven-Dommel en de zijbeken werken de betrokken partijen (gemeenten en waterschap De Dommel) samen in het Water(klimaat)portaal Zuidoost Brabant. Beleidsplan Naam
Periode
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan
2016-2022
Vastgesteld in de raad 6-okt-16
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2022
Jaarlijks groot onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel staan de kosten voor het onderhoud aan het rioolstelsel. Daarnaast zijn er ook kosten voor o.a. planvorming, kapitaallasten en interne uren. De vervangingsinvesteringen zijn gebaseerd op het gemeentelijk rioleringsplan en zijn opgenomen op het activiteitenplan. Financieel
2021
Raming onderhoudskosten riolering
343.861
Realisatie onderhoudskosten riolering
301.018
Verschil
42.843
Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Gebouwen Beleid Gemeentelijk gebouwen betreft gebouwen zoals het gemeentehuis, werf, combigebouw en bibliotheek en het Vestzaktheater. Gemeentelijke gebouwen De fysieke staat van de gemeentelijke gebouwen en daarmee het noodzakelijke onderhoudsniveau is opgenomen in een MeerJarenOnderhoudsProgramma (MJOP). Op 2 december 2015 is dit vastgesteld door de gemeenteraad.
89
De gemeenteraad heeft op 11 juni 2020 ingestemd met de strategie tot het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. De strategie is geschreven op basis van een onderzoek van Strukton. Hierin is benoemd: • Welke gebouwen en maatregelen we meenemen in de MJOP. • Welke projecten zelfstandig uitvoeren om te verduurzamen. • Welke gebouwen we niet meenemen, omdat deze geen toekomstperspectief hebben. • Dat we voor De Landing eerst kijken naar een totaaloplossing. Het was de planning om het benodigd onderhoudsbudget in 2021 te actualiseren. Door lopende en startende projecten, het doorschuiven van bestuurlijke beslissingen omtrent de status van diversen gebouwen en bouwkundige/installatietechnische problemen van enkele gebouwen is op dit moment alleen het Combigebouw geschikt voor actualisatie voor het MJOP. Daarnaast hebben de verduurzaming van de gebouwen als gevolg dat de onderhoudskosten voor de gebruikers is gestegen. Er zal dus met de gebruikers moeten worden overlegd hoe hier mee om te gaan en hierover afspraken te maken. Hierom wordt de actualisatie van het MJOP worden doorgeschoven naar 2e helft 2022 Het onderhoudsbudget voor de gemeentelijke gebouwen wordt aan de hand van het bovenstaande in 2023 geactualiseerd. Beleidsplan Er is geen beleidsplan omtrent het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen Naam
Periode
MJOP gebouwen
N.v.t.
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2-dec-15
2022
Uitgangspunten Periodiek moeten de bestaande meerjarenonderhoudsprogramma’s (MJOP’s) te worden geactualiseerd, zodat planning en uitvoering in een lijn blijven en de kosten/budgetten actueel blijven. Een MJOP wordt opgesteld voor alle gemeentelijke gebouwen die op de huidige wijze in stand worden gehouden en waarvoor geen nieuwbouw in de planning staat. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen Financieel
2021
Dotatie voorziening
75.000
Besteding uit voorziening
214.393
Saldo voorziening per 31-12
840.078
Achterstallig onderhoud Momenteel is sprake van verantwoord uitgesteld onderhoud, mede doordat geplande renovaties uitgesteld zijn i.v.m. herontwikkelingen en/of nieuwbouw. Het uitgestelde onderhoud wordt betrokken bij de actualisatie van het MJOP in 2022.
Speeltoestellen Uitgangspunten Uitgangspunt is dat de speeltuinen voldoen aan de veiligheidseisen van het attractie- en speeltuinenbesluit. Om hieraan te voldoen zijn in de afgelopen jaren alle speeltoestellen vervangen. De investeringen zijn afgesloten. Elk jaar worden de speeltoestellen gecontroleerd door een externe partij en eventuele tekortkomingen worden hersteld. Jaarlijks onderhoudsbudget c.q. investeringsmiddelen In onderstaande tabel wordt het meerjarenbudget voor het onderhoud aan de speelvoorzieningen. Dit budget omvat o.a. onderhoud, inspectie kleine vervangen en schoonmaak van de speelvoorzieningen. Financieel
2021
Raming onderhoud speeltoestellen
27.912
Realisatie onderhoud speeltoestellen
35.148
Verschil
-7.236
Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
90
Financiering Inleiding De paragraaf financiering in de begroting en de jaarstukken is in het BBV en in de wet Fido verplicht gesteld. Financiering is de manier waarop wij de benodigde geldmiddelen aantrekken en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen beleggen. Dit gebeurt binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving geldt voor de gemeente een Treasurystatuut. Dit statuut bevat regels om de financieringsfunctie te sturen, beheersen en controleren. De bedragen in onderstaande tabellen moeten vermenigvuldigd worden met € 1.000,-. Door de afronding op duizendtallen kunnen er afrondingsverschillen ontstaan. Conform het nieuwe BBV moet deze paragraaf inzicht geven in de rentelasten en -baten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Toerekening aan de taakvelden is gedaan met de rentepercentages die hieronder zijn genoemd.
Interne- en externe ontwikkelingen De ECB heeft in 2021 een ruim monetair beleid gevoerd en de rentetarieven zijn laag gebleven. De EMU-tekortruimte voor gemeenten in 2021 is vastgesteld op -/- 0,27% BBP. De individuele EMU-referentiewaarde voor Son en Breugel is voor 2021 vastgesteld € 1.549.000,-. dit betreft geen norm, maar een indicatie van het aandeel dat de gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Omschrijving
2021
1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves
1.103
2 Mutatie (im)materiële vaste activa
-7.785
3 Mutatie voorzieningen
41
4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
1.466
5 Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa
0
EMU-saldo
-5.175
De renteberekening voor activa mag conform BBV 25% afwijken op basis van begroting en werkelijkheid. De bouwgrondexploitaties wordt bij de jaarrekening op werkelijke basis toegerekend. Renteschema
Begroting Realisatie
Bespaarde rente over voorziening verliesgevende complexen bouwgrond
2,00%
2,00%
Rente grondexploitatie
0,06%
0,83%
Rente activa
0,00%
0,00%
In onderstaand schema is het renteresultaat berekend volgens BBV: Stap Renteschema
2021
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen niet zijnde projectfinanciering
7
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen voor projectgefinancierde grondexploitatie
0
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen die doorgezet zijn aan derden
0
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen voor projectgefinancierd overig
26
De externe rentelasten over nieuw aangetrokken korte en lange financiering
14
De externe rentebaten
-28
Rente voorzieningen
34
1 Saldo rentelasten en rentebaten
53
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend
48
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-14
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend 2 Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
0 34
3 Rente over eigen vermogen
0
4 Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente 1+2+3)
87
5 De aan taakvelden toegerekende rente
0
Renteresultaat op het taakveld treasury (4+5)
87
91
Het genoemde renteresultaat komt terug op het taakveld treasury, maar is niet het enige resultaat op dat taakveld. Ook bijvoorbeeld ontvangen dividend wordt geraamd op het taakveld, maar maakt geen onderdeel uit van het renteschema.
Financieringsbehoefte Beleidsvoornemen financiering. Het beleid van 2021 is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende financiering omdat de rente op de kortlopende middelen lager is dan de rente op langlopende middelen. We houden daarbij rekening met de kasgeldlimiet, die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld, over 3 maanden gezien, niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Gezien de huidige renteontwikkelingen op langlopende geldleningen, zijn we niet voornemend om vast te houden aan deze strategie.
Liquiditeit In 2021 zijn de liquide middelen gefinancierd met kasgeldleningen.
Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten bepaald voor het toetsen van het renterisico, namelijk: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt moet een langlopende geldlening worden aangetrokken. Indien voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld. Ook moeten we de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring voorleggen aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. Stap
Omschrijving
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
Bepalen toegestane kasgeldlimiet Omvang begrotingstotaal
40.028
40.028
40.028
40.028
Percentage regeling
8,50%
8,50%
8,50%
8,50%
3.402
3.402
3.402
3.402
0
0
0
0
Opgenomen gelden < 1 jaar
667
0
0
667
Schuld in rekening courant
216
0
0
767
Gestorte gelden door derden < 1 jaar
12
13
13
13
Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
0
0
0
0
895
13
13
1.446
Vlottende middelen
0
0
0
0
Contante gelden in kas
2
0
-1
1
2.263
2.693
2.139
339
1 Toegestane kasgeldlimiet Vlottende korte schuld
2 Totaal vlottende korte schuld
Tegoeden in rekening courant
0
0
0
0
3 Totaal vlottende middelen
Overige uitstaande gelden < 1 jaar
2.266
2.693
2.138
340
4 Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-1.370
-2.680
-2.125
1.106
Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4)
4.773
6.083
5.528
2.297
In 2021 is met kasgeldleningen gewerkt en zijn er geen overschrijdingen geweest.
92
Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal (zie tabel hieronder). Stap
Omschrijving
Begroting
Begroting na wijziging
1 Renteherzieningen 2 Aflossingen 3 (1+2)
6 (4 x 5)
0
0
264
264
Renterisico
264
264
4 Begrotingstotaal
40.028
54.002
5 Percentage regeling
20%
20%
Renterisiconorm
8.006
10.800
7.742
10.537
7 Ruimte(+)/Overschrijdingen(-)
In 2021 is de renterisiconorm niet overschreden.
Leningenportefeuille Een belangrijk onderdeel van het financieringsbeleid vormt de omvang, flexibiliteit, gemiddelde looptijd en rentegevoeligheid van de leningenportefeuille. De leningenportefeuille van de gemeente ziet er als volgt uit: Opgenomen langlopende leningen Leningverstrekker
Looptijd
Rente
Van
Oorspronkelijk
1-1-2021
31-12-2021
t/m
BNG
2003
2021
3,98%
209
14
0
BNG
1997
2022
5,84%
2.269
182
91
Prov. NB
2018
2033
1,13%
1.014
889
825
Prov. NB
2018
2033
1,18%
761
667
619
Prov. NB
2019
2034
1,28%
507
476
445
Prov. NB
2019
2034
1,33%
254
238
223
5.014
2.466
2.202
Totaal
93
Bedrijfsvoering Inleiding De bedrijfsvoering heeft als doel het zo optimaal mogelijk ondersteunen en uitvoeren van de programma’s. In de praktijk moet dit tot uiting komen in het goed bedienen van de klanten van onze gemeente, interne en externe processen efficiënt te laten verlopen en zorgvuldige besluitvorming te garanderen. Concreet gaat het om een goede dienstverlening aan de inwoner, namelijk door: • een efficiënt werkende organisatie; • een zorgvuldig besluitvormingsproces; • een gestructureerde planning en beheersing van de beleidsuitvoering; • waar mogelijk op een verantwoorde manier benutten van ICT-mogelijkheden; • de beschikbaarheid van gemotiveerd en gekwalificeerd personeel.
Organisatie die we willen Doorontwikkeling organisatie “Kwiek” We willen doorgroeien naar een moderne en flexibele netwerkorganisatie, die inspeelt op de aanwezigheid van haar medewerkers in de samenleving, in Dommelvallei en de regio. Er zijn stappen gezet en met zelforganisatie willen we de verbinding met de samenleving verder vormgeven. De organisatie-indeling met de invulling van de teams en daarnaast de ontwikkelaanpak voor de beweging naar zelforganisatie vanuit cultuur (team- en individuele ontwikkeling) en structuur (invulling rollen) zijn vastgesteld. In de "Kwieker bijeenkomsten" waarin elk team is vertegenwoordigd, worden de ontwikkelingen en de ervaringen binnen de afzonderlijke teams uitgewisseld. In het 4e kwartaal van 2021 hebben de medewerkers de workshop feedback gevolgd. Dit is één van de workshops die de ontwikkeling vanuit cultuur verder ondersteunen. Daarnaast heeft een eerste evaluatie plaatsgevonden. Strategisch HRM – beleid In het najaar van 2021 is het strategisch HRM beleid 2022-2025 opgeleverd. Hiermee koppelen wij de ontwikkeling van het HRM beleid aan de organisatie-specifieke ontwikkelingen. Het plan is opgesteld voor de vier Dommelvallei-organisaties en past bij de doelen en uitdagingen van de organisaties en geeft richting aan nieuwe HR ontwikkelingen. Behoeftes in tijd, prioritering en eigenheid van de organisaties lopen uiteen.
Daar waar deze elkaar raken wordt uniformiteit nagestreefd. Samen met het management, de ondernemingsraad en de medewerkers gaan we aan de slag om specifiek voor onze organisatie de focus aan te brengen en deze te vertalen naar P-instrumenten. Dat doen we cyclisch in de vorm van een jaarplanning . Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) Deze wet is per 1 januari 2020 ingevoerd. Een laatste opgave in het borgen van de geschilbeslechting was het instellen van een regionale geschillencommissie. Over de samenstelling, bevoegdheden, werkwijze en dergelijke zijn in regio verband definitieve afspraken gemaakt. De regionale geschillencommissie is per 1 januari 2021 definitief ingesteld. e-HRM Voor de gemeentelijke organisaties en Dienst Dommelvallei is een nieuw e-HRM systeem ingekocht. In mei 2021 startte de implementatie. In januari 2022 is de nieuwe software in gebruik genomen. Enkele onderdelen, zoals de indiensttredingsmodule waren niet tijdig beschikbaar en worden in 2022 ingericht.
Informatievoorziening Informatievoorziening: informatiebeleid en informatieplan In het tweede kwartaal stelden het college en de raad het Informatiebeleid Dommelvallei vast. Het gezamenlijke informatiebeleid is de leidraad voor het jaarlijkse informatieplan: de lijst met uit te voeren projecten in dat jaar. In de eerste raadsinformatieavond, voor de drie raden, keken we terug naar 2021 en keken op basis van het informatieplan naar 2022. Dit herhalen we jaarlijks.
94
Organisatie van de Informatievoorziening: meer balans tussen vraag en aanbod In de eerste helft van 2021 constateerden we dat verschillende grote implementatieprojecten meer I&A-capaciteit vereisten dan voorzien. De uitvoering van de overige projecten kwam daardoor in gevaar. In onderling overleg tussen de platforms, vakafdelingen, en I&A-clusters, maakten we afspraken voor de uitvoering in 2021. Structureel liggen er meer wensen en ambities dan uitvoerbaar. We lanceerden de projectportfolioboard om tot een gezamenlijk gedragen Dommelvallei-brede prioritering van ambities te komen. Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) De Dommelvallei-gemeenten zijn in afwachting van de oplevering van het landelijke DSO. De implementatie van de technische applicatie-infrastructuur die nodig is om hier op aan te sluiten is afgerond. De Dommelvallei-organisaties organiseerden gezamenlijk het beheer voor deze systemen. De vakafdelingen kunnen zich met ondersteuning van beheer verder voorbereiden op de implementatie van de omgevingswet(processen). Datagedreven organisatie Dienst Dommelvallei nam een datawarehouse, een centraal gegevensmagazijn in gebruik. Hierin verzamelen we samen, volgens de richtlijnen, steeds meer gegevens vanuit basisregistraties, processen en ketenpartners.
Het vormt de basis voor het ontwikkelen van data-instrumenten die het werk van professionals in de uitvoering, beleidsmakers en managers ondersteunen. Applicatiemanagement Het merendeel van de applicaties voor de kern van de informatievoorziening is nu gelijk voor de vier Dommelvallei-organisaties. Om de al ingeboekte besparingen uit het programma BetERe dienstverlening en bedrijfsvoering te realiseren, is actief ingezet op het uitfaseren van oude software. De exploitatielasten van de totale applicatieportfolio zijn daardoor substantieel lager in 2022. Dit is verwerkt in de meerjarenbegroting 2022-2025 van Dienst Dommelvallei. Project professionaliseren functioneel beheer De colleges van de drie Dommelvallei-gemeenten zien voordeel bij het samen oppakken van de (professionalisering) van functioneel beheer en applicatiebeheer om kwetsbaarheid te verminderen en expertise te vergroten. Het project is in 2021 gestart en levert in 2022 een visie voor doorontwikkeling inclusief ontwikkelplan en een kosten-batenanalyse op. Veilig inloggen en hybride werken (voorheen 2-factor-authenticatie en beheer mobiele apparaten) Met de implementatie van onder andere 2-factor-authenticatie en software om mobiele devices op afstand te beheren hebben we een veiligere werkomgeving die voldoet aan de beveiligingseisen. We stelden kaders voor hybride werken op.
Hiermee bereiden we ons voor op de vervanging van de werkplekken en chromebooks in 2022. Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering: Telefonie-omgeving (voorheen GT Connect) In het tweede kwartaal kozen we voor een eigen aanbesteding voor de telefonie-omgeving. Dit nadat de VNG eind 2020 de stekker uit de landelijke aanbesteding (GT-Connect) trok. De voorbereidingen zijn gestart. We nemen in 2022 de nieuwe telefonie-omgeving in gebruik. Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering: GT-Mobiel De Dommelvallei-organisaties kozen ervoor om gezamenlijk deel te nemen aan de aanbesteding GT Mobiel 3. Dienst Dommelvallei heeft namens de Dommelvallei-organisaties de trekkende rol in het inkooptraject. Daarvoor hebben de drie colleges in juni mandaat verleend aan Dienst Dommelvallei om namens het college deel te nemen aan het inkooptraject van GT Mobiel 3. Het inkooptraject loopt op schema. De beoogde ingangsdatum van de raamovereenkomst is 25 april 2022. Digitale duurzaamheid We werkten door aan de opbouw van het centrale digitale archief in het zaaksysteem. Met een centraal digitaal archief vergroten we de vindbaarheid en de beheersbaarheid. We koppelden de nieuwe systemen voor burgerzaken en VTH (Vergunningen, Toezicht en Handhaving), zodat documenten automatisch in het zaaksysteem worden gearchiveerd. We werken aan het digitaliseringsproject bouw- en milieuvergunningen.
Dit is een meerjarig digitaliseringstraject, gestart in 2020, waarbij permanent te bewaren analoge documenten worden vervangen door digitale kopieën. Later ontsluiten we deze documenten in het zaaksysteem.
95
Informatiebeveiliging en Privacy Aanschaf ISMS en PMS In 2021 hebben we voor de drie gemeenten en Dienst Dommelvallei een Information Security Management System (ISMS) en Privacy Management System (PMS) aangeschaft en een start gemaakt met de inrichting en implementatie daarvan. Met behulp van dit ISMS en PMS kunnen we informatiebeveiliging en gegevensbescherming op een gestructureerde en structurele manier borgen in de P&C-cyclus. Het gaat de organisatie helpen om zichzelf continue en volgens het PDCA-model cyclisch te verbeteren. Ons ISMS ondersteunt en zorgt ervoor dat er een gestructureerde manier is om informatiebeveiliging te beheren. Het biedt overzicht, bewijs en zekerheid waar we hebben voldaan aan de normvereisten. En het verbeter de governance van informatiebeveiliging. In het PMS kunnen wij daarnaast op een georganiseerde manier het verwerkingenregister, de verwerkers met verwerkersovereenkomsten, datalekken, inzageverzoeken en Data Protection Impact Assessments (DPIA’s/privacyrisicoanalyses) vastleggen. Deze informatie is noodzakelijk voor de privacyboekhouding van de gemeente. BIO Top10 Belangrijke maatregelen als multi-factor authenticatie en het bewaken van applicaties en devices waarmee in onze omgeving wordt gewerkt zijn ingevoerd. Cyber Incident management beleid is vastgesteld om ons te ondersteunen bij incidenten.
Bewustwording Dit jaar hebben we vanwege de toegenomen dreiging op ons intranet veel aandacht besteed aan het herkennen en melden van phishingmails. Daarnaast heeft het Privacyteam een plan van aanpak Bewustwordingscampagne Privacy en Informatieveiligheid opgesteld. We hebben daarvoor in de organisatie de behoeften opgehaald, de relevante onderwerpen en prioriteiten geïdentificeerd en vervolgens draagvlak, betrokkenheid en budget gezocht. In 2022 starten we met de bewustwordingscampagne. Verwerkingenregister In het verwerkingenregister staan alle verwerkingen van persoonsgegevens die in de gemeente plaatsvinden. De gemeente is op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming verplicht om zo’n verwerkingenregister bij te houden. Eind van het jaar zijn we gestart met een grondige actualisatie van het register van de gemeente Son en Breugel. We ronden dit in het eerste kwartaal van 2022 af. Daarna zetten we het bijgewerkte register over in ons PMS, waarmee we de verwerkingen op een meer gestructureerde manier bij kunnen houden. Data Protection Impact Assessments (DPIA’s) Een DPIA is een risicoanalyse, waarin we beoordelen wat het effect van een beoogde verwerking is op de bescherming van persoonsgegevens. We hebben dit jaar opnieuw een aantal DPIA’s uitgevoerd. Waar mogelijk doen we dat voor de Dommelvallei-organisaties gezamenlijk.
Uitgevoerde DPIA’s dit jaar zijn onder andere: • DPIA voor de nieuw aangeschafte software voor het Sociaal Domein. • DPIA’s voor de Gegevensmakelaar, het Datawarehouse en iNzicht. • DPIA voor de nieuwe applicatie voor Vergunningen, Toezicht en Handhaving. • DPIA voor de inzet van bodycams. • DPIA Vroegsignalering bij schulden. Verwerkersovereenkomsten Waar nodig sluiten we met onze samenwerkingspartners verwerkersovereenkomsten af. Bij nieuwe aanbestedingen hebben we dit standaard als onderdeel in het aanbestedingstraject meegenomen, zoals bij de aanbesteding voor de nieuwe software voor het Sociaal Domein en de nieuwe Burgerzakenapplicatie. Waar we ontbrekende verwerkersovereenkomsten signaleerden, sloten we die alsnog af. Zaaksysteem Djuma Privacybeheerders en Functionarissen Gegevensbescherming zijn met de medewerkers in gesprek gegaan over de inrichting van het zaaksysteem. Op basis van die gesprekken is, gezien de informatie die daarin vastgelegd wordt, besloten om bepaalde zaaktypes nog maar voor een beperkte groep mensen beschikbaar te maken.
96
Datalekken In 2021 zijn er binnen de gemeente Son en Breugel bij de privacybeheerder en FG's vijf datalekken gemeld. Twee daarvan hebben we gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens. In drie gevallen is de betrokkene op de hoogte gesteld van het datalek. Soms melden ook de betrokkenen zelf het datalek bij ons. Een melding bij de AP betekent niet ook automatisch een melding bij de betrokkenen en andersom. Of we een datalek melden bij de AP en/of de betrokkenen is altijd een individuele afweging. Dit is afhankelijk van het privacyrisico voor de betrokkenen. De FG's en de privacybeheerder stemmen in overleg met de burgemeester en de gemeentesecretaris af welke datalekken bij wie gemeld worden. De datalekken zijn in vrijwel alle gevallen het gevolg van een incidentele menselijke fout. Meestal gaat het om een mail die per abuis is verstuurd naar een verkeerde ontvanger. We wijzen medewerkers erop om de juistheid van het mailadres goed te controleren. Omdat de mens hierin de zwakste schakel is en blijft, nemen wij dit thema continu mee in onze bewustwordingscampagne. Daarnaast gaan we in 2022 een beveiligde mailoplossing aanschaffen, waarmee de medewerkers gegevens beveiligd kunnen versturen.
Overige In 2021 is Son en Breugel door de bezwaarschriftencommissie in het gelijk gesteld bij het buiten behandeling laten van een inzageverzoek omdat betrokkene zich niet wilde legitimeren of het verzoek via DigiD wilde indienen. Beveiligingsincidenten In 2021 zijn er in de vier Dommelvallei-organisaties 73 beveiligingsincidenten (exclusief datalekken) gemeld bij de CISO, waarvan 67 phishing/spam meldingen. Verder waren er een aantal systeem gerelateerde incidenten, bijvoorbeeld bij de inrichting van de nieuwe mailomgeving. Het grootste incident was een mail met een link waar een medewerker op had geklikt en gegevens had achtergelaten, het mitigeren van de gevolgen was een grote klus.
Control Verbijzonderde interne controle De wetgeving over de rechtmatigheidsverantwoording door het college vanaf het boekjaar 2021 is uitgesteld naar het boekjaar 2022. Hoe daar exact inhoud aan gegeven wordt is op dit moment nog onduidelijk. We hebben samen met Dienst Dommelvallei hierop in 2021, zo ver als mogelijk, geanticipeerd door het control framework daarop aan te passen. Aanbesteding accountant De accountancydiensten zijn begin 2021 opnieuw aanbesteed. De nieuwe accountant is op 1 juli 2021 gestart met zijn (voorbereidende) werkzaamheden.
97
Kengetallen (peildatum 31-12-2021) Indicatoren BBV jaarrekening 2021
Jaarrekening 2020
Begroting 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Jaarrekening 2021
Formatie (FTE per 1000 inwoners)
5,14
5,50
5,50
5,74
5,43
Bezetting (FTE per 1000 inwoners)
5,22
5,38
5,40
5,36
5,33
Apparaatskosten (kosten per inwoner)
704,74
702,25
797,41
846,57
807,36
Externe inhuur (kosten inhuur externen als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen)
26,36%
10,96%
11,96%
17,43%
27,12%
Overhead (% van de totale lasten)
14,53%
13,06%
15,88%
15,15%
16,96%
Verdeling man/vrouw en fulltime/parttime Fulltime Parttime Totaal Mannen
34
11
45
Vrouwen
19
27
46
Totaal
53
38
91
Verhouding man / vrouw 2020 man 49,5%, vrouw 50,5% Verhouding man / vrouw in vergelijkbare gemeenteklasse voor 2020: man 47%/ vrouw 53%* *bron: personeelsmontior 2020
Formatie (excl. Griffie en College B&W) Factor Totale formatie teams
fte
Begroting 2021*
31-12-2021**
76,74
79,48
*bron: staat B 2021 **bron: motion
Gemiddelde leeftijd 2021
2020
Mannen
50,3
48,7
Vrouwen
44,0
44,0
Totaal
47,0
46,4
Gemiddelde leeftijd landelijk binnen gemeenten in 2020: 47,7 jaar* *bron: personeelsmonitor
Ziekteverzuim (excl. zwangerschapsverlof) 2021
2020
Verzuimpercentage
9,94
9,25
Verzuimfrequentie
0,83
0,92
Ziekteverzuimpercentage in vergelijkbare gemeenteklasse voor 2020: 5,2* bron: personeelsmonitor
98
Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen moet inzicht geven in de relaties van de gemeente in rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen zijn een manier om een bepaald beleidsvoornemen uit te voeren; het aangaan van verbonden partijen komt altijd voort uit het publiek belang. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Onder financieel belang wordt verstaan: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichting niet nakomt.
Ter voldoening aan het bepaalde in de artikelen 1, 5, 8, 9, 15, 26 en 36 van het BBV komen hierna de volgende verbonden partijen aan de orde: Gemeenschappelijke regelingen: • Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Brabant Zuidoost te Helmond; • Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei te Mierlo; • Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening de Dommel (WSD) te Boxtel; Vennootschappen en coöperaties: • Naamloze Vennootschap Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) te Den Haag; • Naamloze Vennootschap Brabant Water te Den Bosch; Stichtingen en verenigingen: • Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond; • Stichting Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot; • Stichting Beveiliging Bedrijven Ekkersrijt (SBBE) te Son en Breugel; • Stichting Begraafplaats en Uitvaartcentrum Wolfswinkel te Son en Breugel; In deze paragraaf zal in tabelvorm elke verbonden partij uitgewerkt worden aan de hand van de volgende indelingen: • Doel en openbaar belang van de verbonden partij; • Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij: uitgangspunten
waarom en wanneer er gebruik wordt gemaakt van de verbonden partij; • Veranderingen en ontwikkelingen van de verbonden partij; • Risico’s: welke risico’s zijn er bij deelname; • Afbreukrisico van geen deelname: wat zijn de risico’s bij geen deelname; • Alternatieven voor geen deelname: welke alternatieven zijn er; • Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging: wie zijn er betrokken bij de samenwerking; • Frequentie van terugkoppeling naar de raad: frequentie van informatie terugkoppeling; • Financieel belang: welke kosten horen bij de samenwerking; • Vermogenspositie en resultaat boekjaar van de verbonden partij. De volgende afkortingen zijn gebruikt in de uitwerking van de verbonden partijen: DB: Dagelijks bestuur; GR: Gemeenschappelijke regeling; NV: Naamloze Vennootschap.
99
Gemeenschappelijke regelingen
GR Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven Doel en openbaar belang Samenwerkingsverband tussen 21 gemeenten in de regio Zuidoost-Brabant. Het takenpakket is vastgelegd in artikel 4 van de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven. Het doel van deze samenwerking is het behouden en het verstevigen van de internationale concurrentiepositie en spitst zich toe op de behartiging van de gezamenlijke belangen op de thema’s economie, mobiliteit, energietransitie en transitie landelijk gebied. Het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) maakt ook onderdeel uit van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven. RHCe heeft taken op het gebied van toezicht, behoud en het openbaar maken van de cultuurhistorische informatie. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De regio wordt bestuurd op verschillende overheidsniveaus (lokaal, subregionaal en regionaal) en er wordt steeds geschakeld tussen de verschillende niveaus. De samenwerking vindt niet alleen plaats op de schaal van de 21 gemeenten, maar ook op subregionaal niveau. Flexibele samenwerkingsverbanden, die gebaseerd zijn op gelijkluidende belangen van de deelnemers, worden steeds belangrijker. Daarnaast kan de Metropoolregio op tijdelijke thema’s de gezamenlijke belangen zowel van alle gemeenten als van enkele gemeenten behartigen.
Door deze samenwerking wordt niet alleen een kostenbesparing gerealiseerd, maar worden de (ontwikkelings)mogelijkheden van de (sub)regio(‘s) beter benut. Samen met andere overheden, bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties worden de thema’s economie, ruimte en mobiliteit verkend en wordt de regionale strategie bepaald. De gemeente brengt haar archief na verloop van tijd onder bij het RHCe, voor zover deze documenten niet vernietigd (moeten) worden. Veranderingen en ontwikkelingen Algemeen • Corona speelde ook in 2021 nog een grote rol. Medewerkers van MRE werkten afwisselend thuis en op kantoor, werkplekken waren beschikbaar volgens een rooster. Fysieke archiefstukken zijn en bleven, met inachtneming van coronaregels raadpleegbaar in de bezoekersruimte. • Alle afspraken uit het Samenwerkingsakkoord (MRE) en het Programma 2021-2022 (RHCe) zijn nagekomen, besluiten welke wettelijk vereist waren (o.a. vaststelling Programmabegroting 2022 en de Jaarrekening 2020) zijn genomen. Er heeft geen vertraging in de besluitvorming plaatsgevonden. • Op 29 juni jl. heeft het Hof Den Haag het arbitrale eindvonnis inzake de minderlevering brandbaar restafval 2015-januari 2017 nietig verklaard. De uitspraak hield tevens in dat Attero de door de Metropoolregio Eindhoven vooruitbetaalde naheffing moest terugbetalen. Dit is inmiddels gebeurd.
Attero is tegen de uitspraak van het Hof in cassatie gegaan, wanneer deze procedure start is nog niet bekend. De looptijd van de procedure wordt ingeschat op 1,5 jaar. Dienst Metropoolregio Eindhoven • Op meerdere momenten zijn in 2021 (digitale) bijeenkomsten georganiseerd waar gemeenten (raden en colleges) input konden leveren t.b.v. de realisatie van het Werkprogramma 2022. Na afronding van de zienswijzeprocedure hierop zal besluitvorming door het Algemeen Bestuur plaatvinden in de vergadering van 23 februari 2022. • In de vorm van een ambitiedocument zijn voorbereidingen getroffen om te komen tot de realisatie van een nieuw samenwerkingsakkoord voor de periode 2022-2025. Dienst Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) • Volgend op het besluit van het Algemeen Bestuur op 16 december 2020 over het toekomstperspectief RHCe, zijn de openstaande vacatures nagenoeg volledig ingevuld. Gulbergen • Samen met de gemeenten Geldrop-Mierlo en Nuenen c.a. zijn de kaders en randvoorwaarden voor de ontwikkeling van het gebied in kaart gebracht en met medewerking van een Landschapsarchitect vertaald in een viertal ontwikkelrichtingen van het gebied. Hiermee is een volgende stap gezet in de definitieve invulling van het gebied.
100