2. Jaarstukken 2022
Tekst van het document
34
27
20
-7
8.1 Ruimte en leefomgeving
22
345
379
33
3.548
4.075
506
-3.570
Totaal Lasten Baten
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 8.3 Wonen en bouwen
721
721
589
-132
Totaal Baten
4.608
10.154
6.295
-3.859
Saldo (baten -/- lasten)
-708
-348
-591
-243
41
Inhoudelijke rapportages Jaarverslag bezwaarschriftencommissie en juridische zaken 2022 Bezwaarschriftencommissie Inleiding De gemeente Son en Breugel beschikt over een onafhankelijke bezwaarschriftencommissie. De bezwaarschriftencommissie adviseert de burgemeester, het college en de gemeenteraad ten aanzien van ingediende bezwaarschriften van natuurlijke personen en rechtspersonen tegen besluiten van de gemeente. Met dit jaarverslag geeft de bezwaarschriftencommissie inzicht in het aantal door haar behandelde bezwaarschriften en in de uitgebrachte adviezen. Er wordt inzicht gegeven in hoeveel bezwaarschriften er per onderwerp zijn behandeld. Samenstelling bezwaarschriftencommissie De bezwaarschriftencommissie is een onafhankelijke commissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De voorzitter en de leden van de commissie zijn externen. Ze maken geen deel uit van en zijn niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van een tot de gemeente Son en Breugel behorend bestuursorgaan. De bezwaarschriftencommissie bestaat uit de volgende personen: • de heer mr. W.A.M. Waarma, voorzitter; • de heer mr. P.A.J.S. Lathouwers, lid; • de heer mr. A.H.C.M. Spapens, lid; • de heer mr. J.F.H.M. van der Velden, lid. De commissie wordt ondersteund door een ambtelijke secretaris, mevrouw mr. M.J.M. Bellemakers.
Zij maakt geen deel uit van de commissie, maar ondersteunt de commissie bij haar werkzaamheden. Werkwijze De commissie is bevoegd om te adviseren ten aanzien van alle bezwaarschriften met uitzondering van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten die te maken hebben met belastingen en heffingen. Bezwaren over belastingen en heffingen behandelt de heffingsambtenaar. Als een bezwaarschrift binnenkomt, wordt altijd eerst gekeken of het bezwaarschrift op informele wijze kan worden opgelost. Soms kan uitleg van het bestreden besluit er voor zorgen dat de bezwaren worden weggenomen. Ook kan het zijn dat er aanleiding is om tot een ander besluit te komen. Als de bezwaren blijven bestaan, wordt de bezwaarprocedure verder voortgezet. De bezwaarmaker wordt dan uitgenodigd voor een hoorzitting bij de bezwaarschriftencommissie om het bezwaar mondeling toe te lichten. Voor deze hoorzitting worden alle betrokken partijen uitgenodigd. Dit zijn veelal de bezwaarmaker(s), vertegenwoordiger van het bestuursorgaan en andere belanghebbenden zoals een vergunninghouder. De hoorzittingen zijn in de regel openbaar. Van elke hoorzitting wordt een verslag gemaakt. Na de hoorzitting brengt de bezwaarschriftencommissie advies uit. Dit advies wordt toegezonden aan het bestuursorgaan. Het bestuursorgaan neemt vervolgens een beslissing op het bezwaarschrift.
Hierbij kan het bestuursorgaan het advies van de bezwaarschriftencommissie overnemen. Het bestuursorgaan kan echter ook besluiten om af te wijken van het advies. Dit moet dan wel goed worden gemotiveerd. De beslissing op het bezwaarschrift wordt toegezonden naar de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden. Bij de beslissing op bezwaar zit het advies van de commissie en het verslag van de hoorzitting. Aantal bezwaarschriften In 2022 zijn er in totaal 58 bezwaarschriften ontvangen. In onderstaand overzicht is opgenomen hoeveel bezwaarschriften er per onderwerp zijn binnengekomen.
42
In onderstaand overzicht is opgenomen hoeveel bezwaarschriften er in de voorgaande jaren zijn binnengekomen.
Er zit een stijgende lijn in het aantal bezwaarschriften dat jaarlijks binnenkomt. In 2022 zijn er veel bezwaarschriften binnengekomen tegen verkeersbesluiten. Het gaat om verkeersbesluiten voor het aanwijzen van parkeerplaatsen voor het laden van elektrische voertuigen. De bezwaren zagen met name toe op de parkeerdruk in de straat. Veel bezwaarmakers waren het wel eens met het realiseren van elektrische laadpalen, maar niet als daarvoor bestaande parkeerplekken worden opgeofferd.
43
Het aantal bezwaarschriften tegen handhavingsbesluiten, omgevingsvergunningen kap en verzoeken in het kader van de Wet open overheid (voorheen de Wet openbaarheid van bestuur) is afgenomen. Het aantal bezwaarschriften dat op de overige onderwerpen is binnengekomen is nagenoeg gelijk gebleven. Adviezen De bezwaarschriftencommissie heeft de volgende adviezen gegeven in 2022. Hierbij zitten nog 7 bezwaarschriften die in 2021 zijn ontvangen.
De aantallen bij “geen advies” hebben betrekking op ingetrokken bezwaarschriften. Bezwaarschriften worden veelal ingetrokken na een bemiddelend gesprek met iemand van de vakafdeling, waarin het bestreden besluit nog eens wordt toegelicht. Het komt soms voor dat gedurende de procedure meer informatie bekend wordt, waardoor het bestreden besluit wordt aangepast. Als dit aangepaste besluit aan het bezwaar tegemoet komt, wordt het bezwaar meestal ingetrokken. Aantal hoorzittingen In 2022 is de bezwaarschriftencommissie 12 keer bijeengekomen voor hoorzittingen. Zie hieronder een overzicht van het aantal vergaderingen per jaar.
44
Juridische zaken Klachten De klachtbehandeling is geregeld in Hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht en de Klachtenregeling gemeente Son en Breugel 2009 (hierna: de klachtenregeling). Natuurlijke personen of rechtspersonen kunnen een klacht indienen over de wijze waarop een bestuursorgaan, een lid van het college van B&W of een ambtenaar van de gemeente zich in een bepaalde gemeentelijke aangelegenheid jegens die natuurlijke persoon of rechtspersoon heeft gedragen. Dergelijke klachten worden in behandeling genomen volgens de klachtenregeling. De klachtbehandeling kent drie fasen. De eerste fase is de informele behandeling van de klacht. De informele behandeling houdt in dat er (informeel) contact wordt opgenomen met de klager en wordt bekeken of het mogelijk is om de klacht op te lossen en/of de klager tevreden te stellen. Binnen de gemeente Son en Breugel wordt er veel waarde gehecht aan de informele klachtbehandeling. Het is namelijk belangrijk om met de klager in gesprek te gaan naar aanleiding van de klacht en te bekijken of er tot een oplossing kan worden gekomen. In de regel worden klachten tijdens de informele klachtbehandeling afgehandeld. De tweede fase is de formele behandeling van de klacht. Daarbij worden zowel de klager als de beklaagde uitgenodigd voor een hoorzitting.
Tijdens deze hoorzitting wordt gesproken over de klacht en wordt bekeken of er nog oplossingen zijn. Van de hoorzitting wordt een verslag gemaakt. Na de hoorzitting wordt er een rapport van bevindingen opgesteld door de klachtbehandelaar. Dit rapport van bevindingen gaat met een advies en eventuele aanbevelingen naar het verantwoordelijke bestuursorgaan. Vervolgens wordt er een beslissing genomen op de klacht. Nadat het verantwoordelijk bestuursorgaan een beslissing heeft genomen op de klacht is de tweede fase afgerond. De klager heeft daarna de mogelijkheid om zijn of haar klacht binnen een jaar voor te leggen aan de Nationale ombudsman. Dit betreft de derde fase van de klachtbehandeling en dit wordt ook wel de formele behandeling in tweede instantie genoemd. In 2022 zijn er 20 klachten ingediend die conform de klachtenregeling in behandeling zijn genomen. Er zijn in 2022 geen klachten formeel in tweede instantie, door de Nationale ombudsman, behandeld. Zie hieronder een overzicht van de ingediende klachten in 2022. Onderwerp klacht
Procedure
Afgehandeld
Geen reactie ontvangen op brief
Informele klachtenprocedure
Ja, er is alsnog een reactie gestuurd op de brief.
Geen reactie ontvangen op vraag
Informele klachtenprocedure
Ja, de vraag is alsnog beantwoord.
45
Lang laten liggen en het uitblijven van reactie op een verzoek
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen over het verzoek. Daarna is er een brief gestuurd met een reactie op de klacht.
Geen reactie ontvangen op meldingen en terugbelverzoeken
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen over de meldingen.
De wijze waarop het gemeenteplantsoen wordt onderhouden
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen over de klacht en er zijn afspraken gemaakt over de omvorming van het gemeenteplantsoen.
Onheuse en onrechtmatige behandeling
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en uitleg gegeven. Daarnaast is de klacht besproken met de betrokken medewerker.
Geen prettig telefonisch gesprek
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en de betrokken medewerker is aangesproken op het gedrag.
Geen reactie op mails en terugbelverzoeken
Informele klachtenprocedure
Ja, er is alsnog gereageerd.
Wijze van handelen bij toezicht
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en er is uitleg gegeven.
Wijze van handelen bij toezicht
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en er is uitleg gegeven.
Geen reactie op vraag
Informele klachtenprocedure
Ja, de vraag is alsnog beantwoord.
Wachttijd telefonisch contact en informatieverstrekking
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en de gevraagde informatie is verstrekt.
Een toezegging is niet nagekomen
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en er is uitleg gegeven. Het onderwerp van de klacht betreft een onderwerp waartegen bezwaar kon worden ingesteld.
Geen reactie op terugbelverzoeken
Informele klachtenprocedure
Ja, er is teruggebeld en de vragen zijn beantwoord.
Geen informatie ontvangen over onderwerp in de nabijgelegen omgeving
Informele klachtenprocedure
Ja, er is een fout gemaakt en daarvoor is excuses aangeboden. De informatie is alsnog toegestuurd.
De wijze waarop een dossier is behandeld
Informele klachtenprocedure
Nee, de informele klachtenprocedure is nog niet afgerond. De behandeling van de klacht is, op verzoek van klager, tijdelijk aangehouden.
Geen reactie op mails en terugbelverzoeken
Informele klachtenprocedure
Ja, er is alsnog gereageerd.
Geen reactie op melding
Informele
Ja, er is alsnog gereageerd.
46
klachtenprocedure Geen reactie op melding en terugbelverzoeken
De wijze waarop een melding is behandeld
Informele klachtenprocedure
Ja, er is alsnog contact opgenomen. Daarna is er meerdere keren contact geweest en er is per brief gereageerd op de klacht.
Informele klachtenprocedure
Ja, er is contact opgenomen en er is diverse malen met de klager gesproken over de wijze waarop de melding is behandeld. In overleg met de klager is er een brief opgesteld richting de klager. Hiermee is de klacht afgehandeld.
Wet open overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid in werking getreden. De Woo vervangt de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het doel van de Woo is een meer transparante en actief openbaar makende overheid. Passieve openbaarmaking / Woo-verzoeken Ingevolge de Woo kan een ieder een verzoek om publieke informatie richten tot een bestuursorgaan of een onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan werkzame instelling, dienst of bedrijf. Uitgangspunt van de Woo is dat publieke informatie vervat in een document openbaar is, tenzij er sprake is van een van de uitzonderingsgronden van artikel 5.1 van de Woo of een van de beperkingen van artikel 5.2 van de Woo. Het afhandelen van verzoeken in het kader van de Woo kan veel tijd in beslag nemen. De informatie waar naar wordt gevraagd moet worden verzameld en er moet worden getoetst of er uitzonderingsgronden van toepassing zijn. Een beslissing op een Woo-verzoek moet binnen vier weken worden genomen. Deze beslistermijn kan eenmalig gemotiveerd met twee weken worden verlengd. Zeker bij omvangrijke Woo-verzoeken is de beslistermijn kort. Vanaf 1 oktober 2016 is de Wet dwangsom bij niet tijdig beslissen niet meer van toepassing op de Wob en daarmee ook niet van toepassing op de Woo. Dit betekent echter niet dat er niet tijdig een beslissing moet worden genomen.
Bestuursorganen blijven verantwoordelijk voor een tijdige beslissing op Woo-verzoeken.
In bovenstaande grafiek is te zien dat het aantal ontvangen Wob/Woo-verzoeken stabiel is gebleven ten opzichte van het aantal Wob-verzoeken in het jaar 2021. De inwerkingtreding van de Woo heeft niet tot een stijging van het aantal verzoeken geleid. De Wob/Woo-verzoeken in 2022 hebben verder betrekking op zeer uiteenlopende onderwerpen. Hier is geen specifieke verklaring voor gevonden. Alle Wob/Woo-verzoeken zijn binnen de beslistermijn, inclusief eventuele verlenging, afgehandeld.
47
Actieve openbaarmaking De Woo kent de verplichting om, naast het reageren op verzoeken tot openbaarmaking, bepaalde categorieën informatie uit eigen beweging openbaar te maken. De verplichte actieve openbaarmaking treedt gefaseerd in werking. In 2022 is gewerkt aan het opstarten van het project voor de actieve openbaarmaking. Hierbij werken we samen met de gemeenten Nuenen c.a. en Geldrop-Mierlo en met Dienst Dommelvallei. Contractenbank In Contractenbank moeten alle contracten worden opgenomen die binnen de gemeente Son en Breugel zijn overeengekomen en waar een vervolg aan zit. Via Contractenbank kan worden bijgehouden wanneer een contract afloopt en wanneer een contract eventueel kan worden verlengd. Wanneer het contract dreigt af te lopen, wordt een signalering gestuurd naar de betrokken medewerkers. Deze medewerkers weten dan dat het contract binnenkort afloopt en dat daar wellicht iets mee moet gebeuren. Op deze wijze beogen we de juridische – en daarmee samenhangende financiële – risico’s nog verder te verminderen. De beheerders van de Contractenbank komen periodiek bijeen om de contractgegevens door te lopen en up-to-date te houden. Mandaten In het mandaatregister zijn bevoegdheden opgenomen die het college en de burgemeester gemandateerd hebben naar de organisatie.
In de regel wordt mandaat verleend aan de gemeentesecretaris met de bevoegdheid tot het verlenen van ondermandaat. Als mandaat is verleend is de gemandateerde bevoegd om namens het bestuursorgaan de betreffende bevoegdheid uit te oefenen. Het mandaatregister wordt periodiek nagekeken en waar nodig aangepast. Juridisch overleg Dienst Dommelvallei De juristen van de gemeenten Son en Breugel, Nuenen c.a. en Geldrop-Mierlo en een afgevaardigde van de Dienst Dommelvallei hebben periodiek overleg over uiteenlopende (juridische) onderwerpen. Daarnaast worden zaken besproken die door alle vier de organisaties kunnen worden geharmoniseerd.
48
Jaarverslag bestuurlijke en ambtelijke integriteit 2022 Meldingen bestuurlijke integriteit In 2022 zijn geen meldingen vermoeden van integriteitsschendingen door politiek ambtsdragers ingediend, zoals bedoeld in het “Protocol vermoedens integriteitsschendingen politiek ambtsdragers gemeente Son en Breugel 2012”. Tweejaarlijkse themabijeenkomst integriteit Volgens het in 2015 vastgestelde Beleidskader integriteit gemeente Son en Breugel vindt iedere twee jaar een themabijeenkomst integriteit plaats voor raads- burger- en collegeleden. De in 2022 beoogde bijeenkomst is wegens de drukke raadsagenda na de verkiezingen niet doorgegaan. De bijeenkomst is doorgeschoven naar het eerste kwartaal van 2023. Gemeenteraadsverkiezingen / VOG-verklaringen In voorbereiding op de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022 kwam het belang van integriteit met betrekking tot kandidaten voor het raadslidmaatschap aan de orde. Een integer bestuur is essentieel voor het goed kunnen functioneren hiervan. Hoewel dit geen garantie biedt, kan het vragen van een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) rond de aan de verkiezingen deelnemende personen hier een bijdrage aan leveren. Om het aanvragen hiervan te stimuleren is afgesproken dat de gemeente per aan de gemeenteraadsverkiezingen deelnemende partij de kosten van maximaal 7 VOGverklaringen vergoedt.
Van deze gelegenheid is door diverse partijen gebruik gemaakt. Meldingen vermoeden misstand Ingevolge de Regeling melding vermoeden misstand wordt jaarlijks een rapportage opgesteld over de uitvoering van deze regeling, waarin in geanonimiseerde vorm gerapporteerd wordt over het aantal en de aard van de meldingen van een vermoeden van een misstand. In 2022 zijn dergelijke meldingen niet ontvangen; nog intern noch bij het externe meldpunt, de Afdeling onderzoek van het Huis voor Klokkenluiders.
49
Maatschappelijk verantwoord inkopen
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
Paragrafen Overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten zijn hieronder de volgende paragrafen opgenomen: 1. Lokale heffingen 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. Onderhoud kapitaalgoederen 4. Financiering 5. Bedrijfsvoering 6. Verbonden partijen 7. Grondbeleid 8. Wet open overheid 9. Beleidsindicatoren
64
Lokale heffingen Inleiding Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen.
Beleid Bij het heffen en invorderen van belastingen zijn we onder meer gebonden aan: • de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR); • de Algemene wet bestuursrecht (Awb), (inclusief de algemene beginselen van behoorlijk bestuur); • de Invorderingswet 1990; • de Gemeentewet; • diverse uitvoeringsbesluiten. De wet geeft duidelijke kaders aan voor de heffing, invordering en kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het tarievenbeleid is gebaseerd op de volgende uitgangspunten: • Geen algemene lastenstijging. De gemiddelde lasten voor de inwoners mogen niet meer toenemen dan de inflatiecorrectie. Lastenverzwaring voor inwoners blijft achterwege en indien enigszins mogelijk zullen we de tarieven van de gemeentelijke belastingen en/of leges verlagen; • Streven naar kostendekkendheid in de tariefstelling voor leges en retributies; • Het profijtbeginsel bij de overige heffingen hanteren. In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten, bepaald in de Kadernota, zijn de tarieven over 2022 als volgt aangepast: • Bij de OZB is 1,65% inflatiecorrectie toegepast.
Bij de berekening van het tarief is rekening gehouden met de WOZ-waardeontwikkeling; • Leges en tarieven zijn verhoogd met de inflatiecorrectie (1,65%); • De tarieven voor de rioolheffing en afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op 100% kostendekkendheid waarbij rekening is gehouden met een zo reëel mogelijke inschatting van zowel de baten- als de lastenontwikkeling binnen het meerjarenperspectief 2022-2025. Bij de meerjarenbegroting 2022-2025 heeft de raad een amendement aangenomen waardoor voor afval niet van 100% kostendekkendheid is uitgegaan maar van 87%. Definitieve (formele) vaststelling van de diverse belastingtarieven vond plaats door vaststelling van de belastingverordeningen tijdens de behandeling in de raadsvergadering van 10 november 2021.
Onroerendezaakbelastingen (OZB) We heffen op grond van artikel 220 van de Gemeentewet twee directe belastingen op de onroerende zaken die binnen de gemeente liggen, de zogenaamde onroerendezaakbelastingen (OZB): • Een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; • Een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. De tarieven voor 2022 zijn bijgesteld aan de hand van de ontwikkeling van de nieuwe WOZ-waarden en er is een inflatiecorrectie van 1,65% toegepast.
Afvalstoffenheffing De gemeente is verplicht huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Op grond van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer en de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten wordt afvalstoffenheffing geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel waarvoor de gemeente verplicht is huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Reinigingsrechten worden geheven van niet-woningen (bedrijven) die hebben aangegeven gebruik te maken van de inzameldienst voor huishoudelijke afvalstoffen. Het betreft hier geen bedrijfsafval. De tarieven voor afvalstoffenheffing zijn in 2022 gelijk gebleven aan die van 2021, als gevolg van een aangenomen amendement bij het vaststellen van de Meerjarenbegroting 2022-2025. Hierdoor is de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing 87%.
65
Rioolheffing Op grond van artikel 228a van de Gemeentewet wordt een rioolheffing geheven. De rioolheffing wordt opgelegd aan de gebruiker van een eigendom van waaruit afvalwater direct of indirect via de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. De tarieven van de rioolheffing worden zodanig vastgesteld dat de geraamde kosten niet boven de geraamde baten uitkomen. We streven er naar dat de kosten voor 100% worden gedekt door de opbrengsten uit de heffingen. Per 1 januari 2020 is de gedifferentieerde rioolheffing ingevoerd. De differentiatie bestaat uit een afvalwater- en hemelwatercomponent. De afvalwaterheffing is een gebruikersheffing. De hemelwaterheffing is een eigenarenheffing. De hemelwaterheffing is een heffing met een vast bedrag van € 50,-. Doel van de differentiatie van de rioolheffing en het invoeren van de hemelwaterheffing is om bewoners en bedrijven mee te laten werken aan het klimaatbestendig maken van hun omgeving en goed gedrag te belonen in de vorm van een financieel voordeel.
Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en rioolheffing Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording zijn gemeenten verplicht inzichtelijk te maken hoe bij de berekening van tarieven en heffingen wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. De tarieven mogen dus hoogstens kostendekkend zijn. Daarnaast moeten we de beleidsuitgangspunten die ten grondslag liggen aan deze berekeningen vermelden en de manier waarop we deze uitgangspunten bij de tariefstellingen hanteren. Met onderstaande tabel verantwoorden we of de heffingen (afvalstoffenheffing en rioolheffing) inderdaad kostendekkend zijn geweest, ofwel of de werkelijke baten de gerealiseerde lasten niet hebben overschreden. Per heffing worden de totale baten en lasten en het gerealiseerde dekkendheidspercentage weergegeven. Dekkendheid rioolheffing
2022
Riolering taakveld 7.2 Beheer en onderhoud riolering
626.531
Kapitaallasten
212.284
Mutatie voorziening Totaal kosten riolering taakveld 7.2
210.044 1.048.859
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden Overhead taakveld 0.4
141.061
Kwijtschelding taakveld 6.3
23.897
Straatreiniging taakveld 2.1
87.189
Watertaken taakveld 5.7
27.933
BTW taakveld 0.11
145.429
Totaal toerekenbaar
425.509
Totaal lasten
1.474.368
Opbrengst rioolheffing taakveld 7.2
1.468.641
Overige opbrengsten taakveld 7.2 Baten totaal taakveld 7.2 Dekkendheidpercentage riool
5.727 1.474.368 100%
* De omzetbelasting rekenen we conform artikel 229B van de Gemeentewet toe. Deze toerekening is het gevolg van de invoering van het Btw-compensatiefonds in 2003. Vanaf dat moment werd de Btw compensabel en werd tegelijkertijd het gemeentefonds hiervoor verlaagd. Dekkendheid afvalstoffenheffing
2022
Afval taakveld 7.3 Lasten milieustraat Lasten overige afvalstromen Kapitaallasten
565.247 1.484.193 2.133
Mutatie voorziening*
481.169
Storting voorziening compensatie Attero
147.973
Totaal kosten afval taakveld 7.3
2.680.715
66
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden Overhead taakveld 0.4
74.501
Kwijtschelding taakveld 6.3
44.058
BTW taakveld 0.11**
301.384
Totaal toerekenbaar
419.943
Totaal lasten
3.100.658
Baten afvalstoffenheffing taakveld 7.3
2.057.597
Baten milieustraat Baten overige afvalstromen Baten totaal Dekkendheidpercentage afval
236.693 390.184 2.684.474 87%
Kostendekkendheid leges Wanneer de gemeente een bepaalde dienst levert, kunnen daarvoor leges worden geheven. De tarieven worden jaarlijks vastgesteld in de Tarieventabel behorende bij de Legesverordening. Net als riool- en afvalstoffenheffing moeten de tarieven dusdanig worden vastgesteld dat de geraamde baten niet boven de geraamde lasten uitkomen. De verschillende leges die worden geheven, worden in principe jaarlijks verhoogd met de daarvoor geldende inflatiecorrectie. Bij de vaststelling van een aantal tarieven, zoals voor reisdocumenten, moet rekening gehouden worden met van rijkswege gestelde maximumtarieven. Er mag geen winst gemaakt worden. Voor deze heffingen wordt gestreefd naar een 100% kostendekkend tarief. Kostendekkendheid leges Op grond van het besluit van 5 maart 2016 in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moeten gemeenten verplicht inzichtelijk maken dat de tarieven en heffingen hoogstens kostendekkend zijn. De geraamde baten mogen de geraamde lasten niet overschrijden. Per hoofdstuk van de legesverordening 2022, is hieronder de kostendekkendheid weergegeven op basis van de gerealiseerde baten en lasten. Hoofdstukken die niet zijn opgenomen in de plaatselijke legesverordening, zijn niet opgenomen in onderstaande tabel(len).
Per titel in de legesverordening wordt gestreefd naar maximale kostendekkendheid, ondanks dat jurisprudentie de legesverordening als één geheel ziet en dus de legesverordening als geheel maximaal kostendekkend moet zijn. Tussen afzonderlijke hoofdstukken binnen een titel mag kruissubsidiëring worden toegepast. Opbrengsten uit leges van een bepaald hoofdstuk, mogen kosten binnen een ander hoofdstuk compenseren. In onderstaande overzichten zijn per hoofdstuk en per titel de totale baten, de totale lasten en het kostendekkendheidspercentage weergegeven. De lasten zijn uitgesplitst in salaris, overhead en directe lasten. Hierbij is rekening gehouden met jurisprudentie over hetgeen wel en niet aan de leges mag worden toegerekend. De salarislasten en overhead in titel 1 zijn toegerekend vanuit het taakveld 0.2 Burgerzaken. Op basis van de toegerekende salarislasten is het opslagpercentage voor de overhead bepaald.
67
Baten
Salaris
Overhead
Lasten
Percentage
Titel 1
Algemene dienstverlening
Hoofdstuk 1
Burgerlijke stand
-21.092
31.032
29.527
1.001
34%
Hoofdstuk 2
Reisdocumenten
-107.832
82.752
78.739
47.855
52%
Hoofdstuk 3
Rijbewijzen
-71.227
65.512
62.335
35.973
43%
Hoofdstuk 4
Verstrekkingen uit de Basisregistratie personen
-7.074
31.032
29.527
1.901
11%
Hoofdstuk 8
Vastgoedinformatie
0
6.896
6.562
767
0%
Hoofdstuk 9
Overige publiekszaken
-26.991
34.480
32.808
21.941
30%
Hoofdstuk 10
Gemeentearchief
0
6.896
6.562
0
0%
Hoofdstuk 11
Huisvestingswet
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 12
Leegstandswet
0
6.896
6.562
0
0%
Hoofdstuk 16
Kansspelen
0
10.344
9.842
0
0%
Hoofdstuk 17
Telecommunicatie
-12.261
6.896
6.562
0
91%
Hoofdstuk 18
Verkeer en vervoer
-104
10.344
9.842
61
1%
Hoofdstuk 19
Kinderopvang
0
6.896
6.562
0
0%
Hoofdstuk 20
Diversen
-5.106
20.688
19.685
300
13%
-251.686
320.666
305.114
109.799
34%
Totaal titel 1
De salarislasten en overhead in titel 2 zijn (voornamelijk) toegerekend vanuit het taakveld 8.3 Wonen en Bouwen, waaronder de bouwvergunningen vallen. Ook hier is op basis van de toegerekende salarislasten de overhead bepaald. De baten en lasten binnen titel 2 van de legesverordening hebben voornamelijk betrekking op hoofdstuk 2 en 3, vandaar is vanwege de samenhang besloten alle lasten toe te rekenen aan hoofdstuk 3 binnen titel 2 en is dit niet verder uitgesplitst. Baten Titel 2
Salaris Overhead Lasten Percentage
Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunningen
Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 2 Schetsplan / Conceptaanvraag omgevingsvergunningen / Verzoek principebesluit
-11.978
0
0
0
0%
Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning
616.988 241.758
230.032
102% 132.867
Hoofdstuk 4 Vermindering
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 5 Teruggaaf
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 10
0
0
0
0
0%
230.032 132.867
104%
In deze titel niet benoemde beschikking
Totaal titel 2
-628.967 241.758
De salarislasten en overhead in titel 3 zijn voornamelijk toegerekend vanuit het taakveld 0.2 Burgerzaken. Baten Salaris Overhead Lasten Percentage Titel 3
Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn
Hoofdstuk 1 Horeca
-2.188
6.896
6.562
2.935
13%
Hoofdstuk 3 Seksbedrijven
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 4 Verbod exploiteren bedrijf zonder benodigde vergunning
0
0
0
0
0%
Hoofdstuk 5 Marktstandplaatsen
0
6.896
6.562
0
0%
Hoofdstuk 6 Winkeltijdenwet
0
6.896
6.562
0
0%
0
3.448
3.281
0
0%
-2.188 24.136
22.966
2.935
4%
Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking Totaal titel 3
68
Marktgelden Marktgelden worden geheven van degene die een standplaats inneemt (of van degene aan wie een standplaats is toegewezen) op de wekelijkse warenmarkt. Marktgelden zijn afhankelijk van het aantal strekkende meters frontlengte van de standplaats. Het tarief is in 2022 verhoogd met de inflatiecorrectie.
Precariorechten Precario is een heffing op het gebruik van gemeentegrond. De eerste helft van 2022 werden de maatregelen rondom corona afgebouwd. De gemeente Son en Breugel heeft de horeca in 2022 gefaciliteerd. Voor de terrassen is besloten om de precario niet te heffen.
Kwijtscheldingen gemeentelijke belastingen Als mensen de verschuldigde belasting niet kunnen betalen (of met buitengewoon bezwaar), komen zij wellicht in aanmerking voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding. In het kader van de administratieve lastenverlichting voor de inwoners, toetsen we bij het inlichtingenbureau indien eerder kwijtschelding verleend is of er geen belemmering is voor het verlenen van automatische kwijtschelding. Bij geen belemmering verlenen we automatische kwijtschelding. De kwijtscheldingsregels zijn vastgelegd in de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De gemeente heeft, als gevolg van artikel 255 van de Gemeentewet, slechts op 2 onderdelen beleidsvrijheid: • De raad kan bepalen dat er helemaal geen dan wel gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend; • De raad kan regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de kosten van bestaan in aanmerking worden genomen die er toe leiden dat in ruimere mate kwijtschelding wordt verleend. Op grond van het laatste onderdeel heeft de gemeente gekozen voor het voor 100% meenemen van de kosten van bestaan. Kwijtschelding kan worden aangevraagd voor de volgende heffingen: • OZB; • Afvalstoffenheffing; • Rioolheffing.
Overzicht tarieven 2020
2021
2022
OZB Eigenaar Woning
0,0881%
0,0877%
0,0841%
OZB Eigenaar Niet-woning
0,1649%
0,1898%
0,1969%
OZB Gebruiker Niet-woning
0,1407%
0,1565%
0,1623%
Afvalstoffenheffing 1-persoonshh
173,28
231,60
231,60
Afvalstoffenheffing meer-pers.hh
217,20
290,28
290,28
Reinigingsrechten
210,84
281,76
339,00
Rioolheffing t/m 500m3
132,60
137,28
141,96
Rioolheffing eigenaar
50,00
50,00
50,00
69
Vergelijking buurgemeenten In onderstaande tabel worden de eenheden gebruikt die het COELO toepast voor het bepalen van de woonlasten. Onderstaande tabel geeft inzicht in de gegevens over 2022 (afgerond op hele euro's). Son en Breugel
Nuenen
Eindhoven
Best
Geldrop-Mierlo
OZB eigenaar woning
0,0841%
0,1231%
0,10543%
0,0908%
0,0756%
OZB eigenaar niet-woning
0,1969%
0,2411%
0,31089%
0,1995%
0,1792%
OZB gebruiker niet-woning
0,1623%
0,1935%
0,22872%
0,1600%
0,1456%
Afvalstoffenheffing (*) (meerpers.huishouden)
290
402
347
323
338
Rioolheffing
142
205
168
177
199
(*): Diftar gemeenten worden door het COELO berekend op basis van vastrecht plus een gemiddeld aantal ledigingen (18 maal een grijze container van 140 liter en 7 maal een groene container van 140 liter). De aantallen van het COELO zijn gebaseerd op een landelijk gemiddelde.
Ontwikkeling lokale lastendruk Jaar WOZ-waarde Wijziging WOZ-waarde
2020
2021
2022
328.000
346.000
379.000
7,19%
5,49%
9,54%
OZB
289
303
319
Afvalstoffenheffing (meerpersoons)
217
290
290
Rioolheffing (gebruiker)
133
137
142
Rioolheffing (eigenaar)
50
50
50
Totaal
689
780
801
9,02%
13,21%
2.69%
% wijziging lasten t.o.v. t-1
70
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Deze paragraaf geeft inzicht in de financiële positie van de gemeente Son en Breugel. Hiervoor beschrijven en waarderen we de risico's. Vervolgens zetten we het totaal aan risico's af tegen de aanwezige weerstandscapaciteit. Voor wat betreft het beleid over weerstandsvermogen en risicobeheersing hanteren we de uitgangspunten van de 'Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen'. Als laatste worden de financiële kengetallen gepresenteerd.
Beleid betreffende de weerstandscapaciteit en de risico's In de raadsvergadering van 21 maart 2013 heeft de raad de ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen’ vastgesteld. In de nota wordt het beleidskader voor het weerstandsvermogen beschreven. Dit kader luidt als volgt: • De gemeenteraad wordt via de planning- en controldocumenten geïnformeerd over de 15 belangrijkste risico’s, de beschikbare weerstandscapaciteit en de ratio van het weerstandsvermogen; • De ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen’ wordt als basis gehanteerd voor de opstelling van de verplicht voorgeschreven paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in de meerjarenprogrammabegroting en de jaarrekening; • Voor de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit worden de onbenutte belastingcapaciteit en de stille reserves buiten beschouwing gelaten; • Uitgegaan wordt van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio > 1); • Als de ratio weerstandsvermogen door de toename van risico’s onder de 1 uitkomt, zal ofwel de beschikbare weerstandscapaciteit worden aangevuld, ofwel extra inspanningen worden gedaan om de benodigde weerstandscapaciteit terug te brengen. In deze situatie zal het college voorstellen doen aan de gemeenteraad die ervoor moeten zorgen dat het weerstandsvermogen weer op het gewenste niveau komt.
In de ‘Nota risicomanagement en weerstandsvermogen’ is uitvoerig ingegaan op het wettelijk kader, de inventarisatie van de risico’s en de weerstandscapaciteit. De beleidsconclusies zijn hierboven weergegeven. Top 10 Er is een selectie gemaakt van 10 in plaats van 15 risico's die extra aandacht verdienen. De impact van de risico's buiten de top 10 op de benodigde weerstandscapaciteit is beperkt. De risico's buiten de top 10 worden via de verzameling "Overige risico's" wel meegenomen in de berekening van de weerstandsratio.
Top 10 inventarisatie van de risico's In veel gevallen kunnen we de exacte waarde van een risico niet bepalen. Om de risico's toch te kwantificeren werken we met klassengemiddelden. Deze klassengemiddelden leiden tot de financiële gevolgen in de onderstaande tabel. De risicowaarde bepalen we vervolgens aan de hand van de volgende berekening: Risicowaarde (€) = Kans (%) x Gevolg (€) Het totaal aan risicowaarden vormt de benodigde weerstandscapaciteit. Omdat niet alle risico’s zich tegelijk manifesteren rekenen we hierbij met een zekerheidspercentage van 90%. Hoewel zorgvuldig is geprobeerd om alle risico’s in beeld te brengen, kan het voorkomen dat een risico niet is opgenomen. Zoals eerder genoemd is risicomanagement een dynamisch proces en voortschrijdend inzicht zorgt voor een steeds vollediger beeld. Het is onmogelijk en onwenselijk om te sturen op alle geïdentificeerde risico’s. Door de risico’s te kwantificeren wordt de lijst geordend. Op deze manier ligt de focus op de risico’s die de grootste impact op de organisatie hebben. Zowel de kans dat een risico zich manifesteert als de impact die het risico met zich meebrengt moet worden bepaald.
71
Er wordt een inschatting gemaakt van de waarschijnlijkheid dat het risico daadwerkelijk optreedt. Vervolgens wordt een inschatting gemaakt van het bedrag dat de gemeente kwijt is indien het risico optreedt. Het kwantificeren van risico’s is een proces van taxeren en inschatten en heeft daarmee altijd in bepaalde mate een subjectief karakter. Risico
Kans (%)
Gevolg (€)
1] Jeugdzorg
90%
500.000
Risicowaarde (€) 450.000
2] CMD algemeen
50%
375.000
187.500
3] Externe gevolgen cybercriminaliteit/beveiligingsincident
30%
500.000
150.000
4] Algemene uitkering gemeentefonds
70%
175.000
122.500
5] Interne gevolgen cybercriminaliteit/beveiligingsincident
70%
175.000
122.500
6] Intergemeentelijke samenwerking - Dienst Dommelvallei
exact
bedrag
71.775
7] Naheffing Attero
50%
bedrag
65.037
8] Belastingaangifte
30%
175.000
52.500
9] Crisisbeheersing
10%
500.000
50.000
10] GGD Brabant Zuidoost
exact
bedrag
41.400
Subtotaal top 10
1.313.212
Overige risico's
296.532
Risico's onvoorzien
250.000
Totaal
1.859.744
Risico's t.b.v. zekerheidspercentage 90%
1.673.770
Twee keer per jaar worden de risico’s opnieuw geïnventariseerd en berekend. Ten opzichte van de begroting 2023 is de totale risicowaarde afgenomen. De risicowaarde van de risico's "Externe gevolgen cybercriminaliteit/beveiligingsincident", "Wolfswinkel", "Crisisbeheersing" en "Inkoop" zijn verlaagd.
Top 10 risico's 1] Jeugdzorg Door incidenten (crisis, gesloten jeugdzorg, jeugdbescherming) of door instroom van cliënten met hoogcomplexe casuïstiek bestaat het risico dat er een beroep wordt gedaan op de zwaardere, duurdere en langdurige jeugdzorg. Ook kunnen we achteraf geconfronteerd worden met kosten voor zorg als gevolg van directe verwijzingen door medische verwijzers (waaronder huisartsen en jeugdartsen). Deze medische verwijsroute is wettelijk ingeregeld. Beheersmaatregel Het CMD zet samen met partners als huisartsen, jeugdarts en voorliggend veld in op vroegtijdige signalering van problemen. Ondersteuning wordt altijd zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig ingezet. Per 2022 geldt voor lichte, kortdurende en voor hoogcomplexe, langdurige hulpverleningstrajecten een verschillende financiering aan zorgaanbieders. Bij de jeugdzorg gaat het veelal om incidenten, waar slechts ten dele op gestuurd kan worden. CMD en partners proberen de vroegsignalering van casussen waar jeugdzorg nodig is te intensiveren. 2] CMD algemeen In 2021 heeft het College het bedrijfsplan voor het CMD vastgesteld. De financiële gevolgen uit het bedrijfsplan zijn verwerkt in de begroting 2022. Het uitvoeringsplan 2022 is in het voorjaar 2022 vastgesteld, waarmee we gaan werken aan het meer grip krijgen op de verschillende processen en procedures.
72
We gaan er vanuit dat het verandertraject leidt tot een reductie van de uitgaven en het beroep op de voorzieningen. Het verandertraject en het opvolgen van de aanbevelingen kost echter tijd, we hebben geen garanties dat de aanpak daadwerkelijk leidt tot kostenbesparing en we zien nog steeds een ontwikkeling van toenemende vraag. Beheersmaatregel Het verandertraject moet leiden tot een integrale aanpak waarin we de aanbevelingen in samenhang laten terugkomen, om zo de slagingskans zo groot mogelijk te maken. We blijven monitoren en anticiperen op de trends waaronder de stijgende hulpvraag. We betrekken daarbij de medewerkers en de netwerkpartners van het CMD bij het opvolgen van de aanbevelingen waaronder de uitwerking van de visie. Tegelijkertijd blijven we onze inwoners adequaat ondersteunen bij hun hulpvraag. Dat vraagt het nodige van de medewerkers binnen het CMD. De formatie moet daarbij op orde zijn om zowel het verandertraject goed te kunnen doorlopen als ook onze inwoners adequaat te ondersteunen. 3] Externe gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident Een beveiligingsincident is een inbreuk op de beveiliging, waarbij de beschikbaarheid, de integriteit of de vertrouwelijkheid van informatie in gevaar is of kan komen. Een beveiligingsincident kan ook onbewust worden veroorzaakt. Cybercriminaliteit is criminaliteit met ICT als middel én doelwit.
Cybercriminaliteit is veelvoorkomend. Aan de ene kant wordt ICT steeds complexer en aan de andere kant blijkt uit de benchmark dat we onder het gemiddelde zitten qua middelen. IBD dreigingsbeeld 2023-2024: "De dreiging van ransomware-aanvallen neemt toe. Aan de lopende band proberen criminelen een ingang te vinden. De (potentiële) gevolgen van een aanval worden ook steeds ernstiger: het wordt merkbaar. Het fenomeen ransomware (gijzelsoftware) komt al jaren voor. Criminelen versleutelen gegevens en persen het slachtoffer af om deze gegevens na het betalen van losgeld weer toegankelijk te maken. De IBD ontving de afgelopen twee jaar steeds meer meldingen van situaties waar gemeentelijke processen langdurig(er) verstoord zijn als gevolg van destructieve gijzelsoftware. Criminelen aarzelen niet om privacygevoelige gegevens van inwoners, bedrijven en medewerkers online te publiceren." De externe gevolgen van cybercriminaliteit of een beveiligingsincident kunnen groot zijn: - Een getroffen organisatie is vaak weken of maanden bezig om de bedrijfsprocessen en informatiebeveiliging weer op orde te krijgen en de complete gegevensregistraties opnieuw op te bouwen. - Beveiligings- en privacy- incidenten schaden ook het vertrouwen van inwoners in de overheid, de reputatie van de organisatie en haar bestuurders.
Daarnaast kunnen onzorgvuldige omgang met persoonsgegevens en overtredingen van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) leiden tot aansprakelijkheidsstellingen van getroffenen of boetes van de privacytoezichthouder. Een boete wegens onzorgvuldig handelen met de privacy van inwoners kan bovendien leiden tot grote imagoschade. Drie soorten dreigingen vallen de laatste tijd op: - Meer ransomware, destructievere gevolgen - Steeds meer en ernstiger kwetsbaarheden in software - Gevaren in ketens. Beheersmaatregel De CISO, Privacybeheerder en FG organiseren acties om het bewustzijn rondom cybercriminaliteit en beveiligingsincidenten binnen de organisaties te verhogen. Tevens worden medewerkers actief herinnerd aan de gedragscodes omtrent computergebruik en privacywetgeving. Ook worden organisatorische maatregelen getroffen, zoals het inrichten van een governancestructuur, informatiebeveiligings- en gegevensbeschermingsbeleid, inrichten van autorisaties en beschrijven van werkprocessen. Gemeenten zijn in 2015 aangesloten bij de IBD VNG en hebben de BIO (Baseline Informatieveiligheid Overheid) als norm voor hun informatieveiligheid ingevoerd, waarbij eigenaarschap en risico analyse centraal staan. De IBD adviseert ons bepaalde maatregelen te treffen. Die voeren wij door, voor zover op ons van toepassing.
73
4] Algemene uitkering gemeentefonds Via circulaires wordt de gemeente tweemaal per jaar geconfronteerd met aanpassingen vanuit het gemeentefonds. In 2022 is besloten om twee belangrijke wijzigingen in de indexering van de algemene uitkering door te voeren. Ten eerste wordt vanaf 2026 niet langer via de normeringssystematiek ('samen de trap op, samen de trap af') geïndexeerd. Daarmee vervalt de koppeling aan de rijksuitgaven. Het accres wordt wel bijgesteld als gevolg van jaarlijkse loon- en prijsontwikkelingen. Ten tweede geldt dat het volumedeel van het accres voor de periode tot en met 2025 is vastgezet op de stand van de meicirculaire 2022. Door het vastzetten van het volumedeel van het accres zijn er bij zowel het Rijk als de gemeenten veel minder budgettaire schommelingen dan voorheen. Dit betekent dat de accresstanden voor deze jaren slechts nog wijzigingen als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen. Het verdeelmodel wordt nog verder verbeterd. Onderzoeken naar de centrumfunctie, eenpersoonshuishoudens, inkomstencorrecties WOZ-waarden en de overige eigen middelen (OEM) lopen nog. De eerste resultaten hiervan zijn in de loop van 2023 te verwachten. De schommelingen in de algemene uitkering kunnen problemen veroorzaken voor het sluitend krijgen van de begroting. Op de hoogte van de algemene uitkering kan geen invloed worden uitgeoefend.
Beheersmaatregel De algemene uitkering maakt integraal onderdeel uit van de begroting. De schommelingen worden op het eerst volgende moment binnen de exploitatie verwerkt om deze sluitend te houden. 5] Interne gevolgen cybercriminaliteit / beveiligingsincident Naast de externe gevolgen - die genoemd worden bij risico 3 - loopt de organisatie ook het risico op mogelijk interne gevolgen. Grootste risico's daarbij zijn: - Uitval van dienstverlening en bedrijfsvoering; - Fouten in de dienstverlening; - Herstelkosten. Drie soorten dreigingen vallen de laatste tijd op: - Meer ransomware, desctructievere gevolgen - Steeds meer en ernstiger kwetsbaarheden in software - Gevaren in ketens. Beheersmaatregel Er worden technische maatregelen genomen, zoals het uitvoeren van technische scans, SIEM/SOC, 2FA. 6] Intergemeentelijke samenwerking - Dienst Dommelvallei De samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering en dienstverlening verloopt via de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei. Op basis van de vastgestelde begroting van Dienst Dommelvallei wordt financieel bijgedragen aan de dienst. Hierbij zijn ook aannames gemaakt met betrekking tot te realiseren efficiency. Omdat Dienst Dommelvallei geen eigen reserves heeft, worden de risico’s van de dienst betrokken bij de risicowaarde van de drie deelnemende gemeenten.
Beheersmaatregel Via een begroting, jaarrekening en rapportages (Dommelvallei) worden de ontwikkelingen periodiek en intensief gevolgd. Eventuele effecten kunnen rechtstreeks verwerkt worden in de eigen begroting. Daarnaast is sprake van deelname in het bestuur van Dienst Dommelvallei. De risico's van Dienst Dommelvallei zijn, voor zover mogelijk, inzichtelijk gemaakt en beheersmaatregelen zijn geformuleerd.
74
7] Naheffing Attero Als de naheffing op basis van tonnages wordt berekend, dan is de naheffing hoger. Beheersmaatregel De gemeente heeft net als de andere deelnemende gemeenten een stem in de verdeelsleutel. 8] Belastingaangifte De gemeente is aansprakelijk voor fouten in loonbelastingopgaves, Btw-aangiften, opgave Btw compensatiefonds en de WKR. Bovendien kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld voor belastingschulden van andere bedrijven op basis van inleners of ketenaansprakelijkheid. Beheersmaatregel Met het oog op de ontwikkelingen rondom 'Horizontaal Toezicht' met de Belastingdienst wordt er gewerkt aan een 'Tax Control Framework'. Dit betekent niet dat het risico komt te vervallen. 9] Crisisbeheersing Iedere gemeente kan te maken krijgen met incidenten, die de status van een crisis krijgen. Deze kunnen plaatsvinden zowel in het fysieke als het sociale domein. Ook kunnen crises lokaal, regionaal of bovenregionaal van karakter zijn. Beheersmaatregel Door adequate maatregelen kunnen de effecten van een crisis zo veel mogelijk beperkt worden. Lokale, regionale en landelijke crisisorganisaties voorzien daarin, met name door crisiscoördinatie en organisatie. Goede eenduidige informatievoorziening, opleidingen en oefenen zijn daarbij randvoorwaarden voor succes.
Implementatie van verbeterpunten uit evaluaties zorgt steeds voor verdere professionalisering van de crisisorganisatie. Daarnaast wordt ruim ingezet op preventie en preparatie om aan de voorkant crises te voorkomen. De inrichting van de crisisorganisatie wordt geactualiseerd. Leerpunten uit de coronacrisis, de uitgangspunten van de visie op crisisbeheersing en de aanbevelingen van de evaluatie Wet veiligheidsregio’s worden hierin meegenomen. Er wordt vormgegeven aan een nog professionelere multidisciplinaire organisatie. Veiligheidsregio’s Brabant-Zuidoost en Brabant-Noord en de Politie Oost-Brabant werken hierin nauw samen. Een goed getrainde organisatie die expertise betrekt waar nodig, kan door adequaat ingrijpen de effecten van incidenten zo veel mogelijk beperken. Met de transities is de gemeente verantwoordelijk geworden voor veel zorgtaken. Hierdoor kan de gemeente vaker partij zijn wanneer een crisis in het sociale domein zich voordoet. Met de coronacrisis is bevestigd dat een ongekende crisis realiteit kan worden. Een pandemie is al langer gekwalificeerd als een risico met grote waarschijnlijkheid en mogelijk catastrofale gevolgen. Ook voor de toekomst moeten we hiermee rekening houden.
Voor de opdracht aan gemeenten om per direct noodopvang van vluchtelingen uit Oekraïne te realiseren, is in eerste instantie gewerkt conform de communicatielijnen en de organisatiestructuur van de crisisbeheersing. Ook met dit soort opgaven met enorme impact voor gemeenten moeten we in de toekomst wellicht vaker rekening houden. 10] GGD Brabant Zuidoost De Gemeenschappelijke Regeling GGD Brabant Zuidoost heeft tot doel een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg. Op basis van de begroting wordt financieel bijgedragen. Binnen de Gemeenschappelijke Regeling zijn gemeenten alleen verantwoordelijk voor de taken op het gebied van de publieke gezondheidszorg. De zorgverzekeraars zijn verantwoordelijk voor de bekostiging van de ambulancezorg. De gemeenten zijn daarom voor een deel van het onafgedekte risico van € 1.850.000 verantwoordelijk. Beheersmaatregel Via de begroting, jaarrekening en rapportages worden de ontwikkelingen periodiek en intensief gevolgd. Eventuele effecten kunnen rechtstreeks verwerkt worden in de eigen begroting. Daarnaast is sprake van deelname in het bestuur en ambtelijk het Opdrachtgeversplatform.
75
Weerstandscapaciteit in cijfers De beschikbare weerstandscapaciteit is de verzamelterm van al die bronnen waaruit niet voorziene financiële tegenvallers bekostigd kunnen worden.
Beschikbare weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit Primair Secundair
Peildatum 31-12-2022
Algemene reserve
2.500.000
Reserve vrije bestedingsruimte
8.173.280
Stille reserves Totaal incidentele weerstandscapaciteit
p.m. 10.673.280
Structurele weerstandscapaciteit Primair
Post onvoorzien
80.000
Totaal structurele weerstandscapaciteit
80.000
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit
10.753.280
Er is veel meer incidentele capaciteit beschikbaar dan structurele capaciteit. De structurele capaciteit kan in principe jaarlijks worden vrijgemaakt voor financiële tegenvallers. De incidentele capaciteit kan slechts eenmaal worden aangesproken en kan pas na aanvulling weer worden gebruikt om volgende tegenvallers op te vangen.
Weerstandsvermogen Er wordt uitgegaan van een gewenste minimale score voor de ratio weerstandsvermogen van ‘voldoende’ (ratio ≥ 1). Deze verhouding wordt als volgt bepaald: Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Benodigde weerstandscapaciteit € 10.753.280 / € 1.673.770 = 6,42 Wij concluderen dat het weerstandsvermogen van de gemeente met een weerstandsratio van 6,42 goed is. Ontwikkeling weerstandsvermogen De onderstaande grafiek laat de ontwikkeling van de weerstandsratio zien, inclusief de prognose voor de komende jaren. Voor de prognose gaan we uit van gelijk blijvende benodigde weerstandscapaciteit. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit gaan we uit van de meerjarenramingen. Met een weerstandsratio van 6,42 is het weerstandsvermogen van Son en Breugel goed. Ook voor de komende jaren blijft de ratio op een goed niveau gehandhaafd.
76
Financiële kengetallen Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geven een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken. Een individueel kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie van de gemeente moet worden beoordeeld. De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van de gemeente. Een kengetal, of de ontwikkeling van een kengetal, is een weerspiegeling van het gevoerde beleid. Voor de provincie als toezichthouder hebben de kengetallen een signaleringswaarde. Ze kunnen worden betrokken bij het krijgen van een completer inzicht in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden: • netto schuldquote; • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • grondexploitatie; • structurele exploitatieruimte; • belastingcapaciteit. De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt gebruik van onderstaande signaleringswaarden. Waarderingscijfer
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90
90-130
>130
Solvabiliteitsratio
>50
20-50
<20
Grondexploitatie
<20
20-35
>35
Structurele exploitatieruimte
>0
0
<0
Belastingcapaciteit
<95
95-105
>105
Zie voor de onderlinge verhouding van de kengetallen bij conclusie.
77
78
Uitgangspunten Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2022 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 20222025. De kengetallen voor 2023 tot en met 2025 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2023-2026. Omschrijving Netto schuldquote
Realisatie
Begroting
2020
2021
2022
2022
2023
2024
2025
0%
11%
28%
72%
72%
104%
100%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-3%
8%
24%
72%
72%
104%
100%
Solvabiliteitsratio
71%
72%
57%
47%
46%
39%
40%
Grondexploitatie
-3%
-13%
-19%
-18%
-10%
-11%
-2%
Structurele exploitatieruimte
0%
3%
1%
1%
2%
5%
5%
Belastingcapaciteit
89%
101%
105%
93%
89%
89%
89%
Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting. Netto schuldquote
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen).
79
Solvabiliteitsratio
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente. Grondexploitatie
De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstige) woningbouwproject, hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten.
80
Structurele exploitatieruimte
Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. Belastingcapaciteit
De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte te kunnen weergeven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing, omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld.
81
Conclusie Netto schuldquote (zowel gecorrigeerd als niet gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De hoogte van dit kengetal wordt voor de gemeente Son en Breugel beïnvloed door een aantal oorzaken: • De boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie zijn de afgelopen jaren gedaald. • Er is een langlopende lening aangetrokken. • Het oplopen van dit kengetal in 2022 wordt veroorzaakt door de gedane en geraamde investeringen voor: o Diverse strategische grondaankopen o BuitensteBinnen o Gezamenlijke uitbreiding voor de Bloktempel en de Ruimte o Braecklant o Dommelhuis o Sporthal de Bongerd Solvabiliteitsratio In 2022 is de boekwaarde van de activa gestegen als gevolg van met name bovenstaande investeringen en is het eigen vermogen licht gedaald. Het kengetal is hierdoor gedaald. Grondexploitatie In de afgelopen jaren is het kengetal gedaald door de afname van de boekwaarde van de bouwgronden in exploitatie. Dit kengetal is in 2022 negatief, omdat er gronden zijn verkocht waar geen boekwaarde tegenover staat. Deze winsten worden pas als baten geraamd als ze daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Daarnaast is de verwachting dat de grondexploitaties herontwikkeling centrum Breugel en centrum Son verlieslatend gaan, zijn waardoor dit een negatieve invloed heeft op dit kengetal. Structurele exploitatieruimte Het kengetal is positief.
Dit betekent dat alle structurele lasten, inclusief de kapitaallasten van de geraamde investeringen, opgevangen worden binnen een structureel sluitende begroting. Belastingcapaciteit Het landelijk gemiddelde van het kengetal voor de belastingcapaciteit wordt jaarlijks op 100% gesteld. Door de verhoging van de OZB, de afvalstoffen- en rioolheffing in de begroting 2022, stijgt het percentage boven de 100%.
82
Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding In deze paragraaf wordt ingegaan op het beheer en onderhoud van het groen (openbaar groen), grijs (wegen en openbare verlichting) en blauw (riolering; gemalen en grondwater). Een rationeel beheer en onderhoud van dergelijke kapitaalgoederen is gebaat bij geautomatiseerde beheersystemen die tijdig de gewenste informatie verschaffen in het noodzakelijke onderhoud en de daarmee samenhangende kosten. Vandaar dat in deze paragraaf ingegaan wordt op de huidige stand van zaken van deze systemen.
Wegen en weginspectie Beleid Son en Breugel werkt met een wegenbeheersysteem. Op basis van tweejaarlijkse inspecties actualiseren we de basisgegevens binnen dit systeem. Het huidig areaal aan verhardingen is te verdelen in: • Elementenverhardingen: ca. 670.000 m2 • Asfaltverhardingen: ca. 470.000 m2 Uitgangspunt van het onderhoud aan de gemeentewegen is dat die voldoet aan de kwaliteitsnormen van het CROW (Centrum voor onderzoek en regelgeving in de grond-, weg- en waterbouw en verkeerstechniek). Het onderhoudsniveau van wegen is kwaliteitsniveau C. In de CROW-kwaliteitscatalogus wordt dit omschreven als matig. Het onderhoudsniveau van trottoirs is B (kwaliteit: voldoende). Algemeen In de eerste helft van 2022 is de aanbesteding doorlopen om tot een beheerplan groen en grijs te komen. Het bureau met de uiteindelijke beste prijskwaliteitverhouding had tijdens de aanbesteding al aangegeven dat het bij eventuele gunning de werkzaamheden pas later in 2022 op kon starten. Gezien het feit dat dit bureau als beste is beoordeeld en de kwaliteit van de beheerplannen belangrijker is bevonden dan de opleverdatum, is geaccepteerd dat de plannen pas in het eerste kwartaal van 2023 vastgesteld kunnen worden. Beleidsplan Naam
Periode
Vastgesteld in de raad
Beheerplan wegen
2016-2020
Commissie GZ: 6 januari 2016
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2023
Uitgangspunten De kosten voor noodzakelijke reconstructies c.q. vervangingen van wegverhardingen worden niet in de reguliere onderhoudsbegroting meegenomen. Aan de hand van de weginspecties wordt hiervoor zo nodig een afzonderlijk voorstel aan het college en de gemeenteraad voorgelegd. Jaarlijks onderhoudsbudget In onderstaande tabel staan de beschikbare budgetten voor het groot onderhoud exclusief de eigen uren. Financieel
2022
Raming groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen
520.002
Realisatie groot onderhoud asfaltverhardingen en klinkerwegen
588.288
Verschil
-68.286
Naast bovenvermelde bedragen voor het groot onderhoud is € 148.792,- besteed aan klein onderhoud. Onderdeel van deze kosten is het versneld ophogen van het onderhoudsniveau van de trottoirs. Eind 2022 is nog € 353.426,- in de egalisatiereserve wegen beschikbaar.
83
Onderhoudsbehoefte Op basis van de globale visuele inspectie en een maatregelen toets wordt jaarlijks de onderhoudsbehoefte bepaald. De inspectieresultaten geven aan waar onderhoud noodzakelijk is en met een maatregelentoets bepalen we wat er exact moet gebeuren om het areaal op niveau te houden. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Openbare verlichting Beleid Aan de hand van het beheersysteem worden jaarlijks de onderhoud- en vervangingsinvesteringen inzichtelijk gemaakt en opgenomen in de begroting. Uitgangspunt is dat de installatie voldoet aan de landelijke richtlijnen (NPR 13201-1). Duurzame openbare verlichtingsinstallatie De openbare verlichting in Son en Breugel is zijn geheel voorzien van energiezuinige led-armaturen. Dit geldt inmiddels ook voor aanstralers van het oude raadhuisje en de kerktoren in Son. In 2022 is het onderhoudscontract aanbesteed en meerjarig gegund. Beleidsplan Naam