CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting bestemmingsplan Kuilerstraat 12-12A

Gemeenteraad 4 april 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Kuilerstraat 12 en 12A16.388 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Afbeelding voorblad hier invoegen! Bij invoegen cursor boven tekst plaatsen of gehele tekst verwijderen

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’ Gemeente Someren Toelichting

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’ Gemeente Someren

Plangebied:

Kuilerstraat 12-12a 5712 PA Someren

Opgesteld door:

Bergs Advies B.V.

Datum: Vastgesteld:

4 april 2024 4 april 2024

IMRO-code:

NL.IMRO.0847.BP02022042-VS01

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

6

Inleiding ..................................................................................................................................................... 1 1.1

Aanleiding .......................................................................................................................................... 1

1.2

Ligging plangebied ............................................................................................................................. 1

1.3

Vigerend bestemmingsplan ............................................................................................................... 2

Planbeschrijving ....................................................................................................................................... 3 2.1

Huidige situatie .................................................................................................................................. 3

2.2

Het initiatief ........................................................................................................................................ 5

2.3

Landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering ........................................................................ 5

2.4

Vertaling in het bestemmingsplan ..................................................................................................... 6

Beleid ......................................................................................................................................................... 7 3.1

Nationaal beleid ................................................................................................................................. 7

3.2

Provinciaal beleid ............................................................................................................................... 8

3.3

Gemeentelijk beleid ......................................................................................................................... 12

Randvoorwaarden .................................................................................................................................. 18 4.1

Inleiding............................................................................................................................................ 18

4.2

Bedrijven en milieuzonering............................................................................................................. 18

4.3

Geluid............................................................................................................................................... 21

4.4

Luchtkwaliteit ................................................................................................................................... 21

4.5

Bodem.............................................................................................................................................. 22

4.6

Geur ................................................................................................................................................. 23

4.7

Externe veiligheid ............................................................................................................................ 27

4.8

Kabels en leidingen ......................................................................................................................... 28

4.9

Water ............................................................................................................................................... 28

4.10

Archeologie en cultuurhistorie ......................................................................................................... 29

4.11

Natuur .............................................................................................................................................. 31

4.12

Verkeer en parkeren ........................................................................................................................ 32

4.13

Vormvrije m.e.r.-beoordeling ........................................................................................................... 33

Juridische planopzet .............................................................................................................................. 35 5.1

Planstukken ..................................................................................................................................... 35

5.2

Toelichting op de verbeelding .......................................................................................................... 35

5.3

Toelichting op de regels ................................................................................................................... 35

Economische uitvoerbaarheid .............................................................................................................. 37

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

7

Overleg en procedure ............................................................................................................................ 38 7.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid ................................................................................................... 38

7.2

Vooroverleg...................................................................................................................................... 38

7.3

Zienswijzen ...................................................................................................................................... 38

Bijlagen: 1. Landschappelijk inpassingsplan ‘Kuilerstraat 12’, Guido Paumen, 23 juli 2020 + Erratum Bergs Advies, 7 februari 2023 2. Kwaliteitsberekening Kuilerstraat 12-12a Someren, Bergs Advies, 13 december 2022 3. Verkennend bodemonderzoek Kuilerstraat 12 Someren, Archimil B.V., 15 augustus 2022 4. Input en resultaten geurberekening achtergrondbelasting, Bergs Advies, 31 augustus 2023 5. Input en resultaten geurberekening voorgrondbelasting, Bergs Advies, 31 augustus 2023

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

Aan de Kuilerstraat 12-12a te Someren bevindt zich een agrarisch bedrijf. Op de locatie is lange tijd een melkveebedrijf geëxploiteerd. De melkveetak is enkele jaren geleden beëindigd en het bedrijf is omgeschakeld naar een akkerbouwbedrijf. In 2021 is een recreatieve nevenactiviteit bij het bedrijf opgestart. Het gaat om een camperplaats met 12 standplaatsen en bijbehorende voorzieningen. Het agrarisch bedrijf bestaat uit twee aan weerszijden van de Kuilerstraat gelegen gedeelten. Planologisch gezien zijn dit twee aparte agrarische bedrijfsbestemmingen met twee losse bouwvlakken. De camperplaats bevindt zich binnen het agrarisch bouwvlak aan de noordkant van de Kuilerstraat (Kuilerstraat 12-12a). Initiatiefnemer is voornemens om de recreatieve activiteiten binnen dit bouwvlak uit te breiden en in een bestaand bedrijfsgebouw een groepsaccommodatie te realiseren. Hiermee verdwijnen de agrarische activiteiten aan de noordkant van de Kuilerstraat volledig. De agrarische functie aan de zuidkant van de straat (Kuilerstraat ong.) verandert niet. Aangezien in de toekomstige situatie sprake is van een volwaardig recreatiebedrijf aan de Kuilerstraat 12-12a is omzetting van de agrarische bestemming naar een recreatieve bestemming noodzakelijk. Om deze ontwikkeling juridisch-planologisch mogelijk te maken is voorliggend bestemmingsplan opgesteld.

1.2

Ligging plangebied

De locatie Kuilerstraat 12-12a ligt ten zuidwesten van de kern Someren en ten noorden van de kern SomerenHeide in de gemeente Someren. De percelen waarop het agrarisch bedrijf is gevestigd zijn kadastraal bekend als gemeente Someren, sectie R, nummers 1135 en 1136. Op onderstaande afbeelding is de ligging van de locatie weergegeven.

Figuur 1.2.1: Topografische kaart met aanduiding locatie Kuilerstraat 12-12a (bron: pdokviewer.pdok.nl).

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

1

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Op de locatie Kuilerstraat 12-12a vigeert het bestemmingsplan ‘Buitengebied’, vastgesteld op 29 juni 2011. Daarnaast zijn het bestemmingsplan ‘Buitengebied Someren (2011), eerste partiële herziening’ (vastgesteld: 25 september 2014), het bestemmingsplan ‘Plattelandswoningen Someren’ (vastgesteld: 26 november 2015), het ‘Parapluplan NAF-beleid Someren’ (vastgesteld: 28 juni 2018) en het Parapluplan huisvesting arbeidsmigranten 2021 (vastgesteld: 28 januari 2021) van toepassing. De locatie is bestemd als ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ met een bouwvlak van circa 1,3 ha. Op de locatie is verder de gebiedsaanduiding ‘reconstructiewetzone - verwevingsgebied’ van toepassing.

Figuur 1.3.1: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Buitengebied’ met bestemmingsvlak ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ ter plaatse van de locatie Kuilerstraat 12-12a, Someren (bron: ruimtelijkeplannen.nl).

In de geldende bestemmingsplannen zijn geen wijzigingsbevoegdheden opgenomen waarmee het mogelijk is om de agrarische bedrijfsbestemming op de locatie om te zetten in een recreatieve bestemming. Er is dan ook een herziening van het bestemmingsplan nodig om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

2

2

Planbeschrijving

2.1

Huidige situatie

De locatie Kuilerstraat 12-12a ligt in het buitengebied van de gemeente Someren. De locatie ligt ten zuidwesten van de kern Someren. De omgeving van de locatie heeft een open karakter. Verspreid in het landschap komen agrarische bedrijven voor, maar ook enkele niet-agrarische bedrijven en burgerwoningen.

Figuur 2.1.1: Luchtfoto ligging locatie Kuilerstraat 12-12a in omgeving (bron: streetsmart.cyclomedia.com).

Het plangebied van dit bestemmingsplan betreft het huidige bouwvlak, zoals opgenomen op de verbeelding van het geldende bestemmingsplan. De locatie Kuilerstraat 12-12a maakt deel uit van een agrarisch bedrijf, waartoe eveneens de locatie Kuilerstraat ong., aan de overkant van de weg, behoort. De melkveetak is enkele jaren geleden beëindigd en het bedrijf is omgeschakeld naar een akkerbouwbedrijf. Men heeft de beschikking over meer dan 50 ha aan agrarische gronden voor de teelt van onder meer maïs en consumptieaardappelen. De locatie beschikt (nog) over een milieuvergunning voor 160 melkkoeien en 110 stuks jongvee. In 2021 is een recreatieve nevenactiviteit bij het bedrijf opgestart. Het gaat om een camperplaats met 12 standplaatsen en bijbehorende voorzieningen. Het agrarisch bedrijf bestaat dus uit twee aan weerszijden van de Kuilerstraat gelegen gedeelten. Planologisch gezien zijn dit twee aparte agrarische bedrijfsbestemmingen met twee losse bouwvlakken. Aan de noordkant van de Kuilerstraat (Kuilerstraat 12-12a) bevinden zich de bedrijfswoning, een akkerbouwloods (voormalige jongveestal) en de camperplaats. In de loods bevinden zich enkele voorzieningen behorende bij de camperplaats, zoals sanitaire voorzieningen. Aan de zuidkant van de Kuilerstraat (Kuilerstraat ong.) bevinden zich een akkerbouwloods (voormalige melkveestal) en sleufsilo’s.

Op de volgende pagina is de bestaande situatie in beeld gebracht.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

3

camperplaats

parkeerplaats

Kuilerstraat 12-12a akkerbouwloods (voormalige jongveestal)

sleufsilo’s

bedrijfswoning

akkerbouwloods (voormalige melkveestal) Kuilerstraat ong.

Figuur 2.1.2: Bestaande situatie locatie Kuilerstraat 12-12a (= plangebied bestemmingsplan) en Kuilerstraat ong. (bron: streetsmart.cyclomedia.com).

Figuur 2.1.3: Zicht op de akkerbouwloods waar de groepsaccommodatie in komt (bron: streetsmart.cyclomedia.com).

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

4

2.2

Het initiatief

Initiatiefnemer is voornemens om de recreatieve activiteiten op de locatie Kuilerstraat 12-12a uit te breiden. Het plan is om de akkerbouwloods om te bouwen naar een groepsaccommodatie. In de loods worden inpandig vier verblijfseenheden (1) gecreëerd, specifiek bedoeld voor families en groepen. In het gebouw zijn reeds sanitaire voorzieningen (2) en een gemeenschappelijke ruimte met keuken (3) aanwezig. Dit zijn nu voorzieningen, behorende bij de camperplaats. Deze voorzieningen kunnen straks ook gebruikt worden door de recreanten in de groepsaccommodatie. In het gebouw wordt nog een gemeenschappelijke, multifunctionele ruimte (4) gerealiseerd. Verder wordt een gedeelte van het gebouw (5) als privé (bijgebouw bij de woning) ingericht

1

1

1

5

4

5

1

5 3 2

Figuur 2.2.1: Schetsplan groepsaccommodatie met nummering functies (bron: Marc Kruijsen Bouwadvies · Interieur · Vormgeving)

Als gevolg van het plan verdwijnen de agrarische activiteiten aan de noordkant van de Kuilerstraat volledig. Dit gedeelte van de bedrijfslocatie bestaat in de nieuwe situatie uitsluitend uit recreatieve functies. De agrarische bestemming van de locatie wordt dan ook omgezet in de bestemming ‘Recreatie’, waarbij het bestemmingsvlak fors wordt verkleind. De agrarische functie aan de zuidkant van de straat (Kuilerstraat ong.) blijft gehandhaafd.

2.3

Landschappelijke inpassing en kwaliteitsverbetering

Elke ruimtelijke ontwikkeling buiten het ‘bestaand stedelijk gebied’ moet conform het provinciale beleid gepaard gaan met een kwaliteitsverbetering van het landschap. Voor de locatie is reeds een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, behorende bij het plan voor de camperplaats. Dit plan is grotendeels gerealiseerd. Dit inpassingsplan betreft niet alleen de landschappelijke inpassing van de camperplaats zelf, maar omvat tevens de landschappelijke inpassing van de rest van de locatie Kuilerstraat 12-12a. Het landschappelijk inpassingsplan gaat dus ook uit van inpassing van de bedrijfswoning en de toekomstige groepsaccommodatie (akkerbouwloods).

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

5

Bij het opstellen van het inpassingsplan is gekeken naar de eigenschappen, kwaliteiten en het karakter van de locatie. Het algemene uitgangspunt van de gemeente Someren is dat de landschappelijke inpassing binnen het bestemmingsvlak van de hoofdfunctie of direct aansluitend daaraan plaatsvindt. Met dit uitgangspunt is rekening gehouden. Het landschappelijk inpassingsplan d.d. 23 juli 2020 is als bijlage 1 bij deze toelichting gevoegd. Het plan gaat uit van een struikensingel aan de zuid- en westkant van de camperplaats. De noordelijke grens van de camperplaats bestaat uit een beukenhaag met daarin losse haagbeuken (schaduwbomen). De beukenhaag loopt door achter de groepsaccommodatie, rondom de tuin van de bedrijfswoning en aan de voorkant van de locatie. De inrit wordt gesplitst middels een beukenhaag. Het ene deel van de inrit betreft het bedrijfsmatige deel, waar onder andere de gasten gebruik van maken, het andere deel betreft het privé-deel bij de woning. Aangezien na het opstellen van het landschappelijk inpassingsplan het gemeentelijk beeldkwaliteitsplan is geactualiseerd, is een erratum opgesteld, waarin het plan aan het nieuwe beleid is getoetst. Dit erratum betreft een aanvulling op het landschappelijk inpassingsplan en is tevens toegevoegd als bijlage 1 bij deze toelichting.

Vanwege de omzetting van de agrarische bestemming naar een recreatieve bestemming is het standpunt van de gemeente Someren dat er ‘iets extra’s’ moet gebeuren, naast het landschappelijk inpassingsplan dat reeds is gerealiseerd. Een extra investering in beplanting op deze locatie zorgt voor een beperkte kwaliteitsverbetering. Een architectonische ingreep in de bebouwing levert veel meer op. De voorgevel van de groepsaccommodatie krijgt een metamorfose. De volledige gevel wordt voorzien van zwarte rabatdelen. Hierdoor verandert de uitstraling van het gebouw volledig en wordt een enorme kwaliteitsslag gemaakt. Door deze ingreep wordt zichtbaar dat het gebouw haar agrarische functie heeft verloren. In de regels van het bestemmingsplan is een voorwaardelijke verplichting opgenomen, die gekoppeld is aan een aanduiding ‘specifieke vorm van groen - landschappelijke inpassing’ ter plaatse van de gerealiseerde en nog te realiseren beplanting aan de randen van de recreatieve bestemming. In dit geval betreft de ontwikkeling de herbestemming van een agrarische bedrijfslocatie tot ‘Recreatie’ met daarbinnen een bouwvlak. Naast de recreatieve bestemming krijgt een deel van het plangebied de bestemming ‘Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden’.

Aangezien er sprake is van een categorie 3-ontwikkeling, is een kwaliteitsberekening op basis van de gemeentelijke landschapsinvesteringsregeling gemaakt. In paragraaf 3.3 wordt de berekening nader toegelicht. Het landschappelijk inpassingsplan en de kwaliteitsberekening zijn opgenomen als bijlage 1 en 2 bij deze toelichting.

2.4

Vertaling in het bestemmingsplan

De locatie Kuilerstraat 12-12a wordt bestemd als ‘Recreatie’. Dit betreft het zuidelijk deel van het huidige bestemmingsvlak ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’. Het noordelijk deel van het plangebied wordt bestemd als ‘Agrarisch met waarden - Landschappelijke waarden’. Ter plaatse van de groepsaccommodatie en de bedrijfswoning met omliggende tuin ligt een bouwvlak. Het gedeelte van de recreatiebestemming ten westen van de groepsaccommodatie heeft de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie - minicamping’. Hier is geen bebouwing toegestaan. De gerealiseerde en nog te realiseren beplanting aan de randen van de recreatieve bestemming is voorzien van de gebiedsaanduiding ‘overige zone - landschappelijke inpassing’. Hiermee is de uitvoering en instandhouding van het landschappelijk inpassingsplan geborgd.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

6

3

Beleid

3.1

Nationaal beleid

3.1.1

Nationale omgevingsvisie (NOVI)

In de opmaat naar de Omgevingswet, die per 1 januari 2024 in werking treedt, heeft de Rijksoverheid de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld. Op 11 september 2020 is de NOVI vastgesteld op grond van de geldende regelgeving, aangezien de Omgevingswet nog niet in werking is getreden. De NOVI voldoet tevens aan de eisen die de Omgevingswet stelt aan een omgevingsvisie. Zodra de Omgevingswet in werking treedt, zal deze omgevingsvisie dan ook gelden als de Nationale Omgevingsvisie in de zin van deze wet. De NOVI bevat de lange termijn visie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Nederland. Uit de Omgevingswet volgt dat al het strategische beleid uit de bestaande beleidsdocumenten én het nieuwe strategische beleid op het beleidsterrein van de fysieke leefomgeving worden opgenomen in de NOVI. Het gaat om het strategisch beleid, omdat de NOVI een visie is en de hoofdzaken bevat van het beleid voor de fysieke leefomgeving (artikel 3.2 Omgevingswet). De NOVI komt daarmee in de plaats van gebiedsdekkende structuurvisies, de relevante delen van de natuurvisie, verkeers- en vervoerplannen, strategische gedeelten van nationale en provinciale waterplannen en milieubeleidsplannen.

Het Nationaal Milieubeleidsplan (NMP4, 2001) en de Rijksnatuurvisie 2014 gaan op in en worden vervangen door de NOVI en het bijbehorende Nationaal Milieubeleidskader. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vervalt geheel, behalve paragraaf 4.9 Caribisch Nederland en Caribische Exclusieve Economische Zone. De NOVI geldt verder als wijziging van enkele onderdelen van het Nationaal Waterplan 2016-2021 (NWP) op grond van de Waterwet. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal; alle plannen moeten met oog voor natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt worden. Bij het maken van keuzes wordt gebruik gemaakt van drie afwegingsprincipes: 1. combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies; 2. kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal en; 3. afwentelen wordt voorkomen. De belangrijkste keuzes in de NOVI zijn:  Een klimaatbestendige inrichting van Nederland. Nederland wordt zo ingericht dat het land de klimaatveranderingen aankan. Daarvoor is nodig dat functies meer in evenwicht met natuurlijke systemen (bodem en water) worden ingepast.  Verandering van de energievoorziening. Bij de inpassing van duurzame energie is er oog voor omgevingskwaliteit.  Overgang naar een circulaire economie, waarbij we tegelijk goed kunnen blijven concurreren en een aantrekkelijk vestigingsklimaat bieden.

 Ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. Hiermee wordt gestuurd op een goed bereikbaar netwerk van steden.  Bij elkaar plaatsen van zogenaamde logistieke functies (bijvoorbeeld distributiecentra, datacenters) om hiermee de openheid en de kwaliteit van het landschap te behouden.  Toekomstbestendig maken van het landelijk gebied in goed evenwicht met de natuur en landschap. Bij de NOVI hoort een Uitvoeringsagenda; hierin staat hoe uitvoering wordt gegeven aan het NOVI. De agenda bevat een overzicht van instrumenten voor de verschillende beleidskeuzes. De NOVI wordt uitgewerkt in Algemene Rijksregels, bestuurlijke afspraken, beleidsprogramma’s, inzet van financiële middelen en kennisontwikkeling. Er wordt straks gebiedsgericht gewerkt door middel van Omgevingsagenda’s en NOVIgebieden.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

7

Het kabinet heeft een aantal voorlopige NOVI-gebieden aangewezen. Het Rijk is van plan om hier samen met de regio, met aandacht voor de brede ruimtelijk-fysieke opgaven:  een extra impuls te geven aan grote transities, passend bij NOVI-prioriteiten;  extra steun te geven aan de aanpak van grote, integrale fysieke opgaven, die heel belangrijk zijn voor Nederland. De locatie Kuilerstraat 12-12a ligt niet in één van de aangewezen NOVI-gebieden. De herbestemming op de locatie is van een dermate geringe omvang dat er op nationale schaal geen belangen in het geding zijn. 3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

In het NOVI is een tabel opgenomen die weergeeft hoe de relatie is tussen de in de NOVI opgenomen nationale belangen, de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en de uitvoeringsregels in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) onder de Omgevingswet. De betreffende onderdelen en/of artikelen in het Barro, Bro en straks Bkl, blijven ook na inwerkingtreding van de NOVI gelden. In het Barro zijn regels opgenomen ter bescherming van de nationale belangen. Deze regels moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen, bestemmingsplannen en ruimtelijke onderbouwingen. De locatie Kuilerstraat 12-12a ligt niet in één van de gebieden waar het Barro betrekking op heeft. Het Barro vormt dan ook geen belemmering voor de herbestemming op de locatie.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant

Op 14 december 2018 heeft de provincie Noord-Brabant de Omgevingsvisie Noord-Brabant ‘De kwaliteit van Brabant - Visie op de Brabantse leefomgeving’ vastgesteld. De Brabantse omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. In de omgevingsvisie zijn vier hoofdopgaven uitgewerkt in een inspirerend beeld 2050 en een mobiliserende doelstelling voor 2030. De basisopgave die aan de hoofdopgaven ten grondslag ligt is ‘werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit’. De omgevingsvisie bevat geen sectorale beleidsdoelen. De concrete doelen voor de diverse aspecten van fysieke leefomgeving staan nu nog in de bestaande plannen van de provincie. Op termijn worden deze conform de systematiek van de Omgevingswet ondergebracht in programma’s. Daarnaast zal de provincie de benoemde waarden beschermen via een omgevingsverordening.

Voor nu betekent dit dat de Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant en de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant nog altijd het geldend provinciaal kader vormen voor de ontwikkeling aan de Kuilerstraat 12-12a. 3.2.2

Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant

De Structuurvisie ruimtelijke ordening Noord-Brabant (SVRO) bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid tot 2025, met een doorkijk naar 2040. De structuurvisie is uitsluitend bindend voor de provincie zelf en beoogt met name richting te geven aan de provinciale vraagstukken met betrekking tot ruimtelijke ordening, waarover bestuurders een beslissing dienen te nemen. De doorvertaling in de (provinciale) verordeningen zorgt voor de doorwerking naar lagere overheden.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

8

De SVRO gaat in op de ruimtelijke kwaliteiten van de provincie Noord-Brabant. De provincie kiest in haar ruimtelijk beleid voor een verdere ontwikkeling van gevarieerde en aantrekkelijke woon-, werk- en leefmilieus en voor een kennis innovatieve economie met als basis een klimaatbestendig en duurzaam Brabant. De ruimtelijke belangen en keuzes zijn in vier ruimtelijke structuren geordend: de groenblauwe structuur, het landelijk gebied, de stedelijke structuur en de infrastructuur. De locatie Kuilerstraat 12-12a en de directe omgeving is op de structurenkaart, behorende bij de SVRO, aangeduid als ‘Gemengd landelijk gebied’. Het gemengd landelijk gebied bestaat uit gebieden waar een gemengde plattelandseconomie wordt nagestreefd en gebieden waar een in hoofdzaak agrarische economie wordt nagestreefd. De mogelijkheden en regels voor de structuren uit de structuurvisie zijn nader uitgewerkt in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. 3.2.3

Interim omgevingsverordening Noord-Brabant

In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV, geconsolideerde versie augustus 2023) staan de regels die nodig zijn om het omgevingsbeleid uit de omgevingsvisie juridisch te binden. Op 8 april 2022 is de Omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld door Provinciale Staten. Deze verordening is opgesteld om te voldoen aan de aankomende Omgevingswet. De verordening treedt gelijktijdig met de Omgevingswet in werking, naar verwachting op 1 januari 2024. Tot de Omgevingsverordening Noord-Brabant in werking treedt geldt de IOV. Een aantal urgente onderwerpen uit de omgevingsverordening, die niet konden wachten tot de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet, zijn alvast verwerkt in de IOV. De regels in de IOV betreffen vigerend beleid en zijn dan ook als uitgangspunt gehanteerd voor deze toelichting. In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is een aantal kaartbeelden opgenomen. De kaartlagen verwijzen naar verschillende instructieregels. Hierna is een overzicht opgenomen van de kaartlagen op de locatie Kuilerstraat 12-12a.

Kaartbeeld

Omschrijving

Aanduiding

1

Rechtstreeks werkende regels: milieubeschermingsgebieden, natuur en wegen Rechtstreeks werkende regels: landbouw Instructieregels gemeenten: basiskaart Landelijk gebied Instructieregels voor waterschappen

Diep grondwaterlichaam Geen attentiezone waterhuishouding

2 6 8

Landelijk gebied Landelijk gebied Gemengd landelijk gebied Norm wateroverlast buiten Stedelijk gebied

Tabel 3.2.3.1: Kaartlagen locatie Kuilerstraat 12-12a (bron: Interim omgevingsverordening Noord-Brabant).

Op grond van de kaartlagen ‘3. Instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed’, ‘4. Instructieregels gemeenten: natuur en stiltegebieden’, ‘5. Instructieregels gemeenten: grondwaterbescherming, waterveiligheid en -berging’, ‘7. Instructieregels gemeenten: specifieke gebieden voor agrarische ontwikkelingen’ en ‘9. Vaarwegbeheer’ gelden geen bepalingen voor het plangebied. Tenslotte vermelden de verschillende kaarten de thema’s ‘Rechtstreeks werkende regels voor activiteiten’, ‘Instructieregels voor gemeenten’ en ‘Instructieregels voor waterschappen’. Op grond van bovenstaande bepalingen geldt een aantal regels voor het plangebied. Deze worden hieronder opgesomd en getoetst. Landelijk gebied - Gemengd landelijk gebied Voor het landelijk gebied is een aantal regels opgenomen in de verordening, voornamelijk onderverdeeld naar verschillende (agrarische) bedrijfssectoren.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

9

Een recreatiebedrijf valt onder de categorie ‘niet-agrarische functie’. De bepalingen voor vestiging van een niet-agrarische functie in gemengd landelijk gebied zijn vastgelegd in artikel 3.73. In dit artikel is bepaald dat een bestemmingsplan kan voorzien in de vestiging van een niet-agrarische functie op een bestaand bouwperceel als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Hierna wordt het relevante artikel uit de verordening met de bijbehorende bepalingen weergegeven. Het plan wordt daaraan getoetst. De tekst uit de verordening is cursief weergegeven. Daarna volgt per bepaling de toetsing in het standaard lettertype. Artikel 3.73 Vestiging niet-agrarische functie in Landelijk gebied Lid 1 Een bestemmingsplan van toepassing op Landelijk gebied kan voorzien in de vestiging van een niet-agrarische functie op een bestaand bouwperceel als aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de vestiging past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied waarbij de volgende aspecten zijn betrokken: 1. een gebiedsgerichte benadering welke activiteiten en functies passen in de omgeving; Een toeristisch-recreatieve functie in de vorm van verblijfsrecreatie op de locatie Kuilerstraat 12-12a past in de omgeving. Het initiatief betreft de functiewijziging van een bestaand gebouw binnen een bestaand bouwperceel.

Ruimtelijk gezien heeft het initiatief dan ook nauwelijks effect op het gebied waarbinnen de locatie ligt. De functie van de locatie sluit aan bij de toeristisch-recreatieve ambitie van de gemeente Someren, zie ook paragraaf 3.3.2. 2. welke effecten de mogelijke ontwikkeling heeft op andere aspecten, waaronder mobiliteit, agrarische ontwikkeling, leefbaarheid en leegstand elders; De ontwikkeling is dusdanig kleinschalig dat deze niet of nauwelijks effect heeft op de genoemde aspecten. 3. hoe de vestiging bijdraagt aan het versterken van de omgevingskwaliteit, waaronder een bijdrage aan de sloop van overtollig en leegstaand vastgoed in het Landelijk gebied. Er is geen sprake van overtollige bebouwing die gesloopt moet worden. De voormalige agrarische bebouwing wordt hergebruikt, waarmee leegstand wordt voorkomen. Het plan draagt bij aan het versterken van de omgevingskwaliteit, met name doordat het uitstekend past binnen de toeristischrecreatieve ambitie van de gemeente Someren, zie ook paragraaf 3.3.2. b. er vindt geen splitsing (IOV) plaats van het bouwperceel; Er is geen sprake van splitsing van het bouwperceel. c.

overtollige bebouwing wordt gesloopt; Er is geen sprake van overtollige bebouwing. De voormalige agrarische bebouwing wordt hergebruikt.

d. de vestiging heeft geen betrekking op: 1. een kantoor met baliefunctie; 2. lawaaisport; 3. mestbewerking. Van alle drie de genoemde functies is geen sprake. Lid 2 Het bestemmingsplan dat de vestiging mogelijk maakt, borgt dat de functie, ook op langere termijn, past binnen de ontwikkelingsrichting en stelt daartoe regels: a. over een bij de omgeving passende omvang en publieksaantrekkende werking; De ontwikkeling is kleinschalig en de publieksaantrekkende werking is gering. b. welke specifieke gebruiksactiviteit is toegestaan; De locatie krijgt een recreatieve bestemming, waarbinnen dag- en verblijfsrecreatie is toegestaan. c.

dat opslag en stalling plaatsvindt in gebouwen; Opslag en stalling is uitsluitend toegestaan binnen de gebouwen.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

10

d. dat de ontwikkeling verplaatst naar een passende locatie als deze niet langer past binnen de maximaal toegestane omvang. De toegestane omvang is begrensd middels een bestemmingsvlak ‘Recreatie’ en daarbinnen is een bouwvlak opgenomen. Lid 3 Als een binnen de omgeving passende omvang geldt voor: a. bedrijvigheid, dat deze kleinschalig is en past binnen een gemengde omgeving waardoor het niet doelmatig is om deze te vestigen op een bedrijventerrein; Er is geen sprake van bedrijvigheid, dus niet van toepassing. b. een detailhandelsvoorziening, een omvang van het verkoopvloeroppervlak van ten hoogste 200 m²; Er is geen sprake van detailhandel, dus niet van toepassing c.

een voorziening ten dienste van vrije-tijd en zorg, een omvang van de bebouwing van ten hoogste 1 hectare. Het bestemmingsvlak ‘Recreatie’ is 5.049 m 2. Het bouwvlak is 3.065 m 2. Dit is ruim onder de genoemde maat.

Diep grondwaterlichaam Op grond van de regels in de verordening is onconventionele winning van koolwaterstoffen verboden boven, in of onder een diep grondwaterlichaam. Het plan voorziet niet in winning van koolwaterstoffen, waardoor deze regels geen beperking opleggen aan de gewenste ontwikkeling. Norm wateroverlast buiten Stedelijk gebied Op grond van artikel 2.8 van de Waterwet moeten bij provinciale verordening, met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit waarop de regionale wateren moeten zijn ingericht, normen worden gesteld met betrekking tot de gemiddelde overstromingskans per jaar uit oppervlaktewateren van daarbij aan te wijzen gebieden. De normen drukken de hoogst toelaatbaar geachte kans op overstroming uit ofwel het wenselijk geachte beschermingsniveau. De norm voor Buitenstedelijk gebied is in Brabant bepaald op 1/100 per jaar voor gebieden met de ruimtelijke bestemming hoofdinfrastructuur en spoorwegen, 1/50 per jaar voor glastuinbouw en hoogwaardige land- en tuinbouw, 1/25 per jaar voor akkerbouw en 1/10 per jaar voor grasland. Voor bebouwing die ligt buiten Stedelijk gebied geldt de norm van het omringende landgebruik. Voor het plangebied geldt, op grond van de aangrenzende functies een norm van 1/25 per jaar (akkerbouw is de dominerende aangrenzende agrarische functie). Het plan voorziet niet in een wijziging van het verhard oppervlak.

In hoofdstuk 7 wordt nader ingegaan op het aspect ‘water’. Basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies In paragraaf 3.1.2 van de IOV zijn enkele basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies benoemd. Aangezien het initiatief de functiewijziging van een bestaand gebouw binnen een bestaand bouwperceel betreft, zijn voor dit initiatief met name de artikelen 3.5 (zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit), 3.6 (zorgvuldig ruimtegebruik) en 3.9 (kwaliteitsverbetering landschap) van belang. In de planbeschrijving in hoofdstuk 2 wordt gemotiveerd dat er sprake is van een goede omgevingskwaliteit. Doordat voor de nieuwe functie gebruik gemaakt wordt van een voormalig agrarisch bedrijfsgebouw en nieuw ruimtebeslag wordt voorkomen, wordt voldaan aan het principe van zorgvuldig ruimtegebruik. Het principe kwaliteitsverbetering landschap heeft de gemeente verder uitgewerkt in de ‘Landschapsinvesteringsregeling gemeente Someren 2018’, zie paragraaf 3.3.4. Ook aan dit principe wordt voldaan.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

11

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Structuurvisie Someren 2028

Op 24 april 2013 is de ‘Structuurvisie Someren 2028’ vastgesteld. In de Structuurvisie is aangegeven dat de gemeente Someren in 2028 een duurzame, krachtige, zelfbewuste en zelfstandige gemeente wil zijn die haar landelijke positie in de Brainport goed weet te benutten. Someren ontleent haar identiteit aan het landelijke Brabantse karakter. Het kwalitatief goede bos-, natuur- en buitengebied zorgt er mede voor dat Someren een goed woonklimaat kent en een aantrekkelijke vestigingslocatie is voor bedrijven met een schaal die past bij Someren. Door de verscheidenheid en toegankelijkheid van het buitengebied heeft Someren een aantrekkingskracht op recreanten.

Figuur 3.3.1.1: Uitsnede Algemene Structuurvisiekaart Someren 2028 met aanduiding locatie Kuilerstraat 12-12a.

Voor het buitengebied wordt gestreefd naar het handhaven en versterken van de ruimtelijke kwaliteit. Men wil het aanwezige landschap behouden en waar mogelijk versterken. Om dit te bereiken, is er voorrang in dit gebied voor boeren, burgers en buitenlui (recreanten). De landschapswaarden en de natuur wil de gemeente behouden en daar waar mogelijk versterken. Het toeristisch-recreatieve beleid houdt op hoofdlijnen in dat wordt ingezet om Someren fors beter op de toeristische kaart te zetten. Naast een aantal grootschalige initiatieven, biedt het toeristisch beleid volop ruimte voor kleine initiatieven in de vorm van bijvoorbeeld bedand-breakfast, kamperen bij de boer, de verkoop van ter plekke vervaardigde producten, routegebonden horeca en fietsverhuur. Het plan aan de Kuilerstraat 12-12a past binnen deze visie. Het toeristisch beleid is nader uitgewerkt in de toeristische beleidsnota, zie paragraaf 3.3.2. Onderdeel van de ‘Structuurvisie Someren 2028’ is de ‘Algemene Structuurvisiekaart Someren 2028’. De locatie Kuilerstraat 12-12a is op de kaart aangeduid als ‘Jonge heideontginning’. Het plan voor de herbestemming van de locatie Kuilerstraat 12-12a vormt geen belemmering voor de geformuleerde visie in de gemeentelijke structuurvisie.

Door het omzetten van de bestaande neventak naar een hoofdtak wordt een bijdrage geleverd aan de vitaliteit en leefbaarheid van het landelijk gebied en wordt een bijdrage geleverd aan de ambitie voor een toeristisch-recreatief Someren.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

12

3.3.2

Toeristische beleidsnota Someren 2030: ‘De Kracht van Toerisme’

De combinatie van Someren als Peelgemeente en tegelijkertijd functionerend als poort naar de Strabrechtse Heide vormt een belangrijke kwaliteit van Someren. Ondanks dat Someren van nature geen toeristische gemeente is, liggen er wel degelijk kansen in deze sector. De toeristisch-recreatieve sector wordt steeds belangrijker (zowel op nationaal als regionaal gebied) en kan bijdragen bij aan de lokale economie, het voorzieningenaanbod en de natuurbeleving. Daar waar plaatsen elders in Nederland overlopen van toeristen en recreanten, is er in Someren nog volop ruimte voor groei. In de toeristische beleidsnota wordt een toeristisch-recreatief toekomstbeeld voor Someren geschetst. Ondanks dat Someren tussen meerdere Natura-2000 gebieden ligt, met als belangrijkste kwaliteit de Strabrechtse Heide, is de omgeving en het gebied niet dusdanig onderscheidend dat bezoekers en initiatiefnemers automatisch aan komen waaien. Someren vraagt dan ook om een duidelijk en eenduidig verhaal, waarin (omgevings)kwaliteiten en aanbod goed op elkaar aansluiten en elkaar versterken. Dit vereist sterke samenwerking tussen ondernemers onderling, ondernemers en gemeente, ook op regionale schaal. Het versterken van de samenwerking is dan ook een cruciale opgave om recreatief Someren in 2030 sterker op de kaart te zetten.

Kijkend naar het huidige aanbod, zit hier een belangrijke opgave: er zitten lacunes in het accommodatieaanbod. Dit geldt voor zowel het dagrecreatieve aanbod, als voor het aanbod verblijfsaccommodaties. Om doelgroepen naar het gebied te trekken is het van belang om deze te verleiden met aantrekkelijk en passend aanbod. Someren heeft een flinke groeiambitie en in de nota zijn de volgende doelen geformuleerd:  verhoging bezoeken dagrecreatieve sector (naar 1 miljoen);  verhoging aantal overnachtingen (naar 200.000 per jaar);  hoogste bestedingen per 1000 inwoners in de toeristische sector van de Brabantse Peelgemeenten. Someren wil vol inzetten op bezoekers met de lifestyle ‘outdoor, samen gezellig en actief’! Hierbij zijn de volgende doelen geformuleerd:  groei aantal bezoeken onder categorieën sportief/outdoor en golf;  > 500.000 bezoekers per jaar voor natuurbeleving;  niet-individuele bezoekers waarderen het aanbod met > 8,5. Someren wil de ambitie waarmaken middels een drietal strategieën: 1. Aanbodstrategie:  Someren bedient de doelgroepen op hun wenken door te beschikken over een verblijfsaanbod dat toegespitst is op de kernwaarden ‘outdoor, samen gezellig en actief’ .  Someren bedient de doelgroepen op hun wenken door te beschikken over uitgebreid dagrecreatief aanbod binnen de lifestyle outdoor, samen gezellig en actief. 2.

Organisatiestrategie  Ondernemers werken onderling en met de gemeente structureel samen, ook op regionaal niveau.  Someren is een aantrekkelijk gebied om zich te vestigen door een goed ondernemersklimaat en gunstige vestigingsvoorwaarden.  Someren brengt actieprogramma tot uitvoering door aanstellen onafhankelijke aanjager. 3. Klantstrategie:  Someren profileert zich op de kernwaarden 'outdoor, samen gezellig en actief' door haar fysieke en landschappelijke kwaliteiten te versterken.  Someren sluit aan en onderscheidt zich binnen de Peel door actieve promotie en communicatie van het aanbod en de kernwaarden outdoor, samen gezellig en actief. Het plan voor een groepsaccommodatie op de locatie Kuilerstraat 12-12a, in combinatie met de al aanwezige camperplaats, past binnen de toeristisch-recreatieve ambitie van Someren.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

13

3.3.3

Beleid voor niet-agrarische functies in het buitengebied

De nota ‘Beleid voor niet-agrarische functies in het buitengebied en maatregelen ter stimulering van de sloop van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen’ is op 25 februari 2016 vastgesteld door de gemeenteraad. Vervolgens zijn er in september 2016, januari 2017 en juni 2018 beleidswijzigingen doorgevoerd en vastgesteld. In de beleidsnota wordt de problematiek rondom voormalige agrarische bedrijfsgebouwen (VAB’s) verbonden met de vraag welke functies wenselijk worden geacht in het buitengebied. Het doel is een aantrekkelijk, groen en landelijk buitengebied, dat in combinatie met een vitale dorpskern ervoor zorgt dat aan iedere inwoner en bezoeker een prettige fysieke en sociale leefomgeving wordt geboden. Hierbij is een duidelijke scheiding tussen het stedelijk gebied en het buitengebied en is er sprake van zo min mogelijk leegstand van VAB’s. Hierbij is duurzaamheid het kernwoord. Dit wil Someren op twee manieren bereiken. Enerzijds door uitbreidingsruimte toe te kennen, mits de ontwikkeling bijdraagt aan de genoemde doelstelling (verdien de ruimte). Anderzijds door maatregelen in te voeren die de sloop van VAB’s stimuleren.

Het initiatief aan de Kuilerstraat 12-12a heeft raakvlakken met de ontwikkelingen zoals omschreven in de Nota ‘Beleid voor niet-agrarische functies in het buitengebied en maatregelen ter stimulering van de sloop van voormalige agrarische bedrijfsgebouwen’, maar er bestaan ook verschillen. Belangrijkste onderscheid is dat in dit geval geen sloop van voormalige agrarische bedrijfsbebouwing plaatsvindt. Toepassing van één of meerdere sloopstimulerende regelingen vanuit het gemeentelijk beleid is dan ook niet aan de orde. Wel is er na de beëindiging van de agrarische activiteiten op de locatie sprake van een VAB op de locatie. Voor de nieuwe functie op de locatie wordt gebruik gemaakt van het gedachtegoed van ‘verdien de ruimte’. Uitgangspunt hiervan is dat ontwikkelruimte kan worden toegekend, als daarmee de gemeentelijke doelstelling wordt gediend. Om een invulling aan deze gemeentelijke doelstelling te geven zijn vier richtinggevende principes uitgewerkt. De principes zijn gestoeld op de pijlers voor duurzaamheid.

Binnen die kaders worden nieuwe initiatieven in beginsel omarmd en is een ontwikkeling kansrijker indien het: 1) bijdraagt aan de sloop van stallen (natuurlijk kapitaal); 2) ruimte biedt aan innovatie (economisch kapitaal); 3) bijdraagt aan een maatschappelijke en/of zorgbehoefte uit de Somerense gemeenschap (menselijk kapitaal); 4) de uitgangspunten van Cradle to Cradle als vertrekpunt hanteert (natuurlijk, menselijk en economisch kapitaal). De bestaande recreatieve nevenfunctie camperplaats wordt gecontinueerd en uitgebreid met een groepsaccommodatie, waardoor een volwaardig recreatief bedrijf ontstaat. Dit bedrijf is de economische pijler voor ondernemer. Daarnaast draagt het initiatief bij aan de toeristisch-recreatieve ambitie van Someren. Er worden geen stallen gesloopt, maar in dit geval is dat, gezien de goede staat van het gebouw, ook ongewenst. Het gebouw wordt hergebruikt en ondernemers gebruiken zoveel als mogelijk tweedehands materialen voor de inrichting van het gebouw. Hergebruik van het gebouw voor een kleinschalige toeristisch-recreatieve functie in de vorm van een groepsaccommodatie past dan ook binnen het gedachtegoed van ‘verdien de ruimte’. 3.3.4

Landschapsinvesteringsregeling gemeente Someren 2020

De ‘Landschapsinvesteringsregeling gemeente Someren 2020’ (LIR) is van toepassing op alle ontwikkelingen in het buitengebied die in strijd zijn met het geldende bestemmingsplan, maar waaraan vanuit ruimtelijke overwegingen toch medewerking kan worden verleend. Het betreft een geactualiseerde versie van de LIR uit 2018. Niet alle ontwikkelingen in het buitengebied hebben een even grote impact op de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Bovendien is een onderscheid te maken tussen ontwikkelingen die echt thuishoren in het buitengebied en ontwikkelingen die minder ‘buitengebied gebonden’ zijn, zoals wonen of niet-agrarische bedrijven.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

14

Rekening houdend met de impact op de omgeving worden categorieën van ruimtelijke ontwikkelingen onderscheiden. Afhankelijk van de impact op de leefomgeving wordt in de werkafspraken met de provincie bepaald via welke kwaliteitseis invulling kan worden gegeven aan artikel 3.9 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (zie paragraaf 3.2.3):  Categorie 1: Kleine ruimtelijke ontwikkelingen met een lage impact op de leefomgeving en die geen (extra) kwaliteitsverbetering van het landschap vereisen. Er wordt geen extra tegenprestatie gevraagd.  Categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen met een normale impact op de leefomgeving, waarbij de kwaliteitsverbetering van het landschap plaats moet vinden door te voorzien in een goede landschappelijke inpassing.  Categorie 3: Zwaardere ruimtelijke ontwikkelingen met een relatief grote impact op de leefomgeving, waarbij naast een basisinspanning in de vorm van landschappelijke inpassing ook een kwaliteitsverbetering van het landschap nodig is op grond van een forfaitaire berekening en kwalitatieve tegenprestatie (in euro’s uitgedrukt op basis van normbedragen). De herbestemming van de locatie Kuilerstraat 12-12a valt onder categorie 3. De locatie dient op een zorgvuldige wijze landschappelijk ingepast te worden. Er is dan ook een landschappelijk inpassingsplan gemaakt (bijlage 1).

Tevens is op basis van normbedragen een kwaliteitsberekening gemaakt. De kwaliteitsberekening is opgenomen in bijlage 2 bij de toelichting. Aan de hand van de gemeentelijke systematiek uit de ‘Landschapsinvesteringsregeling gemeente Someren 2020’ is de investering in de kwaliteitsverbetering financieel uitgedrukt. Conform deze berekening bedraagt de waardevermeerdering van de locatie ten gevolge van de ontwikkeling € 4.140,-. 20% van die waardevermeerdering dient geïnvesteerd te worden in een kwaliteitsverbetering op de locatie. Dit komt neer op een bedrag van € 828. De benodigde kwaliteitsverbetering komt hiermee onder de drempelwaarde van € 1.000,-. Voor het plan is dan ook, naast een zorgvuldige landschappelijke inpassing, geen extra kwaliteitsverbetering overeenkomstig het beleidskader nodig. In de kwaliteitsberekening is de landschappelijke verbetering niet financieel uitgedrukt, aangezien dit reeds een verplichting is, voortkomend uit het plan van de camperplaats. Uit de berekening blijkt dat de totale investering in de kwaliteitsverbetering van het landschap, door het planologisch vastleggen van de landschappelijke inpassing, voldoet. Uiteraard zorgt de architectonische ingreep in de voorgevel van de groepsaccommodatie (gevel wordt voorzien van zwarte rabatdelen) eveneens voor significante kwaliteitsverbetering. 3.3.5

Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Someren

Op 3 november 2022 is het nieuwe Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Someren vastgesteld. Het beeldkwaliteitsplan is een verbindend element tussen landschap, architectuur en stedenbouw. Het plan geeft kaders en richtlijnen waarmee de beeldkwaliteit van een bepaald gebied gewaarborgd wordt. Dit houdt in hoe het gebied eruit ziet. Denk dan bijvoorbeeld aan het behouden van karakteristieke zichtlijnen, of het toepassen van een knotwilgenrij. Een beeldkwaliteitsplan kijkt alleen naar wat belangrijk is om de kwaliteit van ‘hoe het eruit ziet’ te waarborgen. Er wordt geen concrete uitwerking voor een gebied gemaakt. Een beeldkwaliteitsplan geeft aanbevelingen en richtlijnen voor de vormgeving van het landschap. Het vormt de richtlijn bij de realisatie van ruimtelijke plannen en vertaalt principes naar concrete oplossingsrichtingen. In het beeldkwaliteitsplan is een landschapstypenkaart opgenomen, waarop de indeling van de landschapstypen is aangegeven, die sturend is voor het beeldkwaliteitsplan. Samen met het streefbeeld is dit de basis voor de richtlijnen en bouwstenen die de inrichting van het landschap bepalen. De locatie Kuilerstraat 12-12a ligt precies op de overgang van de ‘Jongere Heideontginningen’ naar de ‘Oudere Heideontginningen’.

De kenmerken van de jongere heideontginningen zijn de regelmatige en rechtlijnige patronen binnen relatief grootschalige gebieden met verre zichten. De overgang naar de bosgebieden is in dit landschap vrij hard, door een vrij rechtlijnige bosgrens. Er zijn enkele zeer waardevolle open gebieden waar ook geen/weinig bebouwing aanwezig is. Structurerend in het landschap zijn de aanwezige bomenlanen van (Amerikaanse) Eiken. In het gebied zijn veel en grootschalige agrarische bedrijven aanwezig. Door de hier aanwezige open gebieden zijn de bedrijven op grotere afstand zichtbaar. De oudere heideontginningen kunnen als een overgangslandschap tussen de jongere heideontginningen en het kampenlandschap gezien worden. Dit landschapstype ligt als een band van oost naar west tussen het kampenlandschap en de jongere heideontginningen. Deze gebieden zijn rond de eeuwwisseling 19e - 20e eeuw ontgonnen in de vooruitstrevende pioniersgeest van die tijd. Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

15

De landschappelijke lijnen zijn minder organisch dan die van het kampenlandschap en ook de schaal is iets groter. Maar dit landschap heeft een duidelijk minder grootschalig en weids karakter met rechte ontginningslijnen als de jongere heideontginningen. Rijke groenstructuren van houtsingels, lanen en bospercelen kenmerken de oudere heideontginningen. Waar verschillen in de ondergrond zoals natte of droge omstandigheden in het kampenlandschap ook bovengronds ook goed zichtbaar zijn, is dit in de oudere heideontginningen minder duidelijk waarneembaar. De richtlijnen ten aanzien van beplanting op kavelniveau in zowel de jongere als de oudere heideontginningen zijn gelijk en als volgt: Voorerf:  Groene uitstraling met de inrichting van een ‘groen voorerf’.  Omzoomd met een lage haag of landschappelijk houten hekwerk.  Een solitaire boom of kleine boomgroep bijvoorbeeld ter markering van de erfgrens.  Een gedeelte van de tuin naast de voorgevel inrichten als boomgaard.  Minder verhard oppervlak door optimale logistieke indeling van het bedrijf zorgt voor een groene en natuurlijke uitstraling van het erf. Erven/bedrijven hebben maximaal één inrit, behalve als dit noodzakelijk is voor de bedrijfsvoering. Achtererf:  De zijkanten en achterzijde van het erf worden begeleid door bosjes, boomgaarden, houtsingels en/of struweelhagen.

 Op strategische plekken en met aantoonbare meerwaarde kan het achtererf ingepast worden met een andere meer transparante bouwsteen zoals een bomenrij, of kruidenrijke akker- of weiderand. De richtlijn ten aanzien van de architectuur is als volgt:  De architectuur van bebouwing is een belangrijk onderdeel van hoe een gebied wordt beleefd. De vormgeving van de bebouwing moet aansluiten op de kenmerken van het gebied. Over het algemeen betekent dit een ingetogen en eenvoudige architectuur met eigentijdse elementen die aansluiten op de bouwvorm van de oorspronkelijke boerderijen in het gebied.

Figuur 3.3.5.1: Uitsnede ‘Streefbeeld’ (Bron: Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Someren (2022)). Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

16

Voor de locatie is reeds een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, behorende bij het plan voor de camperplaats. Dit plan is grotendeels gerealiseerd. Dit inpassingsplan betreft niet alleen de landschappelijke inpassing van de camperplaats zelf, maar omvat tevens de landschappelijke inpassing van de rest van de locatie Kuilerstraat 12-12a. Het landschappelijk inpassingsplan gaat dus ook uit van inpassing van de bedrijfswoning en de toekomstige groepsaccommodatie (akkerbouwloods). Het landschappelijk inpassingsplan sluit aan bij de richtlijnen ten aanzien van de beplanting op kavelniveau. De architectonische ingreep die gedaan wordt in de voorgevel van de groepsaccommodatie (gevel wordt voorzien van zwarte rabatdelen) betreft een eigentijdse ingreep die aansluit op de kenmerken van het gebied. Aangezien na het opstellen van het landschappelijk inpassingsplan het gemeentelijk beeldkwaliteitsplan is geactualiseerd, is een erratum opgesteld, waarin het plan aan het nieuwe beleid is getoetst. Dit erratum betreft een aanvulling op het landschappelijk inpassingsplan en is tevens toegevoegd als bijlage 1 bij deze toelichting.

Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

17

4

Randvoorwaarden

4.1

Inleiding

Bij de toekenning van een nieuwe functie aan een bepaald gebied dient rekening gehouden te worden met mogelijke (milieu-)effecten op de omgeving en vanuit de omgeving. Het onderzoek naar de milieuaspecten zoals bedrijven en milieuzonering, geluid, luchtkwaliteit, bodem, geur en externe veiligheid wordt in de volgende paragrafen beschreven. Eveneens is gekeken naar planologische aspecten, zoals kabels en leidingen, water, archeologie en cultuurhistorie, natuur en verkeer en parkeren. Tenslotte is een paragraaf 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' opgenomen. De hieruit voortkomende bevindingen worden in dit hoofdstuk toegelicht.

4.2

Bedrijven en milieuzonering

Op de locatie Kuilerstraat 12-12a is in de huidige situatie een akkerbouwbedrijf met een recreatieve neventak in de vorm van een camperplaats gevestigd. Er is één bedrijfswoning op de locatie aanwezig. Het akkerbouwbedrijf wordt beëindigd en er wordt een recreatiebedrijf voortgezet. Allereerst is beoordeeld of de activiteiten binnen het plangebied als milieugevoelig zijn aan te merken. De bedrijfswoning blijft als zodanig in gebruik. Een bedrijfswoning is een gevoelige functie, behoudens voor de eigen bedrijfsactiviteiten. Een recreatiebedrijf kan milieu-invloed uitoefenen op gevoelige functies in de omgeving. Afhankelijk van de aard en omvang van een recreatiebedrijf kan deze tevens ook zelf milieugevoelig zijn. De verblijfsduur op de camperplaats en in de groepsaccommodatie is dusdanig kort, dat geconcludeerd kan worden dat de recreatieve functie geen gevoelige functie betreft. In paragraaf 4.6 wordt hier nader op ingegaan. Vervolgens is de ‘bestemmingswijziging’ getoetst aan de afstanden, zoals deze zijn voorgeschreven volgens de (indicatieve) lijst ‘Bedrijven en Milieuzonering’, uitgegeven door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in 2009. Eén van de belangrijkste bouwstenen bij milieuzonering is de richtafstandenlijst. Deze lijst biedt voor een scala aan typen bedrijvigheid de richtafstanden tot gevoelige bestemmingen vanwege geur, stof, geluid en gevaar.

Daarnaast zijn indices voor verkeersaantrekkende werking, bodem, lucht en visueel opgenomen in de lijst. De opgenomen richtafstanden betreffen indicatief de aan te houden afstand tussen hinder veroorzakende en milieugevoelige functies. Indien dit voldoende gemotiveerd wordt kan hiervan afgeweken worden. De afstand dient te worden gemeten vanaf de bestemmings-/bouwgrens van de inrichting tot de milieugevoelige functie. Bij het bepalen van de richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:  Het betreft ‘gemiddeld’ moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen.  De richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstypen ‘rustige woonwijk’ en ‘rustig buitengebied’.  De richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten.  Bij activiteiten met ruimtelijk duidelijk te onderscheiden deelactiviteiten (zoals productie, opslag, kantoren, parkeerterreinen) kunnen deze deelactiviteiten desgewenst als afzonderlijk te zoneren activiteiten worden beschouwd, bijvoorbeeld bij ligging van de activiteit binnen zones met een verschillende milieucategorie.

 De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen mogelijk is. De gegeven afstanden zijn in het algemeen richtafstanden en geen harde afstandseisen. Dit betekent dat geringe afwijkingen in de lokale situatie mogelijk zijn.  De richtafstanden zijn weergegeven in afstandsklassen. De richtafstanden voor de te onderscheiden bedrijfstypen zijn afgeleid van: in Nederland aanvaarde normen voor de emissies door milieubelastende activiteiten; in Nederland voorgeschreven of aanvaarde grens- en richtwaarden voor de immissies bij woningen en andere milieugevoelige bestemmingen; ervaringen en waarnemingen met betrekking tot de omvang en schadelijkheid van emissies door activiteiten. Bestemmingsplan ‘Kuilerstraat 12-12a, Someren’

18

In de kolom ‘gevaar’ is een richtafstand aangegeven, die bij een gemiddelde activiteit van dat type aangehouden kan worden. Het betreft alle gevaarsaspecten, inclusief brandgevaar en stofexplosies. De grootste afstand voor geur, stof, geluid en gevaar is bepalend voor de indeling in de milieucategorie. De volgende tabel geeft inzicht in het verband tussen de afstand en de milieucategorie. Tabel 4.2.2: Milieucategorieën met bijbehorende richtafstanden Milieucategorie

Richtafstand

1 2

10 m 30 m

3.1 3.2

50 m 100 m

4.1 4.2

200 m 300 m

5.1 5.2

500 m 700 m

5.3 6

1.000 m 1.500 m

Voor de toetsing van de Kuilerstraat 12-12a worden 3 onderdelen afgewogen: 1. De bedrijfswoning is reeds bestaand en wordt als niet gevoelig ten opzichte van het eigen bedrijf beschouwd. Aangezien het een bestaande woning betreft die als zodanig in gebruik blijft, hoeft deze slechts beperkt getoetst te worden ten opzichte van functies in de omgeving. 2. Het recreatiebedrijf is geen gevoelige functie, aangezien de gasten die in de groepsaccommodatie en op de camperplaats verblijven, dit slechts voor korte tijd doen. In paragraaf 4.6 wordt hier nader op ingegaan. Het nieuwe gebruik hoeft dan ook niet getoetst te worden op hinder veroorzakende inrichtingen uit de omgeving. 3. Het recreatiebedrijf betreft een bedrijfsactiviteit die invloed kan hebben op gevoelige functies in de omgeving. Dit aspect wordt hieronder getoetst. Ad 1: De afstand van de nieuwe recreatiebestemming aan de Kuilerstraat 12-12a tot het dichtstbijzijnde agrarische bedrijf in de omgeving bedraagt 15 meter. Het betreft het ‘eigen’ akkerbouwbedrijf aan de overzijde van de weg (Kuilerstraat ong.), dat nu milieukundig (nog) onderdeel vormt van dezelfde inrichting. De locatie beschikt (nog) over een milieuvergunning voor 160 melkkoeien en 110 stuks jongvee. Er wordt echter geen rundvee meer gehouden. Als onderdeel van het project wordt de omgevingsvergunning voor het houden van dieren ingetrokken.

Er wordt er een melding Activiteitenbesluit ingediend voor de recreatieve activiteiten op de locatie Kuilerstraat 12-12a en de akkerbouwactiviteiten op de locatie Kuilerstraat ong.. Een akkerbouwbedrijf is volgens de VNG-brochure ingedeeld in milieucategorie 2 met een richtafstand van 30 meter bij het omgevingstype ‘rustige woonwijk’. De omgeving kan gezien worden als ‘gemengd gebied’, gezien het feit dat er sprake is van overwegend agrarische en andere bedrijvigheid, waardoor de omgeving al een hogere milieubelasting kent. De richtafstand kan dan ook verlaagd worden naar 10 meter. Hieraan wordt voldaan. Kijk je naar de planologische mogelijkheden binnen de bestemming ‘Agrarisch - Agrarisch bedrijf’ aan de overkant van de weg (Kuilerstraat ong.), dan kan hier in de toekomst weer een rundveebedrijf komen. De te hanteren richtafstand voor een dergelijk bedrijf is 50 meter (geur: 50 meter, stof: 10 meter, geluid: 10 meter). De afstand van de gevel van de bedrijfswoning tot de gevel van het akkerbouwbedrijf is circa 38 meter. In de regels van het geldende bestemmingsplan is bepaald dat bouwen binnen 20 meter tot de as van de weg niet is toegestaan. Dit betekent dat de bebouwing aan beide zijden van de weg nooit dichter bij elkaar kan komen. De bouwvlakgrenzen aan beide kanten van de weg liggen dus weliswaar dichter bij, maar in het voorste deel van het bouwvlak kun je niet bouwen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13889307/1