CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

R - 9 Bijlage Voorlopige jaarstukken 2024 ODZOB

Gemeenteraad 11 september 2025, gemeente SomerenBij agendapunt: Ter informatie24.556 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

JAARSTUKKEN 2024 Versie 24-04-2025

Jaarstukken 2024 Versie 24 april 2025

In opdracht van

Dagelijks bestuur Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant Postbus 8035

Datum

24 april 2025

Status

Versie vaststelling DB

-

Inhoudsopgave LEESWIJZER ..................................................................................................................................................... 5 1

INLEIDING ................................................................................................................................................. 6

2

JAARVERSLAG ........................................................................................................................................... 9 2.1 BELEIDSVERANTWOORDING ............................................................................................................................. 9 2.2 INTERBESTUURLIJK PROGRAMMA VERSTERKING VTH-STELSEL (IBP-VTH) ................................................................ 9 2.3 MEERJARENVISIE 2023-2027 ....................................................................................................................... 10 2.4 ROK VTH .................................................................................................................................................. 10 2.5 REGIONALE SAMENWERKING.......................................................................................................................... 11 2.5.1 Omgevingswet ................................................................................................................................ 11 2.5.2 Collectief Programma ...................................................................................................................... 12 2.5.3 Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) ....................................................................................................

14 2.6 ZELFEVALUATIE EN VISITATIE .......................................................................................................................... 14 2.7 ROBUUSTE OMGEVINGSDIENST ....................................................................................................................... 15 2.8 SPECIFIEKE UITKERINGEN (SPUK’S) ................................................................................................................. 15 2.9 GOVERNANCE ............................................................................................................................................. 16 2.10 PROGRAMMAVERANTWOORDING ................................................................................................................... 18 2.10.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 18 2.10.2 Programma lokale dienstverlening .............................................................................................. 19 2.10.3 Programma regionale samenwerking ......................................................................................... 22 2.10.4 Algemene dekkingsmiddelen .......................................................................................................

24 2.10.5 Kosten van de overhead .............................................................................................................. 24 2.10.6 Heffing vennootschapsbelasting ................................................................................................. 25 2.10.7 Onvoorzien ................................................................................................................................... 26 2.11 PARAGRAFEN .............................................................................................................................................. 27 2.11.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................................................. 27 2.11.2 Financiering ................................................................................................................................. 29 2.11.3 Bedrijfsvoering ............................................................................................................................. 31 2.11.4 Rechtmatigheidsverantwoording ................................................................................................ 37 2.11.5 Openbaarheidsparagraaf ............................................................................................................

41 2.11.6 Verbonden partijen ...................................................................................................................... 41

3

JAARREKENING ....................................................................................................................................... 43 3.1 ALGEMENE GRONDSLAGEN VOOR WAARDERING EN RESULTAATBEPALING ................................................................ 43 3.2 BALANS PER 31 DECEMBER 2024 ................................................................................................................... 48 3.3 TOELICHTING OP DE BALANS .......................................................................................................................... 50 3.4 HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN IN DE JAARREKENING ................................................................................ 58 3.5 TOELICHTING OP HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN ...................................................................................... 59 3.5.1 Overzicht van baten en lasten ......................................................................................................... 59 3.5.2 Exploitatielasten en directe programmakosten .............................................................................. 61 3.6 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN PER TAAKVELD ..............................................................................................

62 3.7 INFORMATIE IN HET KADER VAN DE WET NORMERING TOPINKOMENS (WNT) ......................................................... 63

-

3.8 SISA BIJLAGE VERANTWOORDINGSINFORMATIE .................................................................................................. 66 3.9 RECHTMATIGHEIDSVERANTWOORDING ............................................................................................................ 67 3.10 GEBEURTENISSEN NA BALANSDATUM ............................................................................................................... 69 4

BIJLAGEN ................................................................................................................................................ 70 4.1 4.2 4.3

DETAILOVERZICHTEN BATEN PER OPDRACHTGEVER ............................................................................................. 70 OVERZICHT LASTEN VERDEELD NAAR DIRECT EN OVERHEAD .................................................................................. 71 SAMENVATTING GEÏNVENTARISEERDE RISICO’S ODZOB ...................................................................................... 72

-

Leeswijzer Voor u liggen de jaarstukken 2024. Hierin beschrijven we hoe het afgelopen jaar verlopen is voor Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB), zowel wat betreft de uitvoering van de programma’s als de bijbehorende financiële gevolgen. Met deze jaarstukken leggen wij als dagelijks bestuur verantwoording af over het jaar 2024. Hoofdstuk 1: Inleiding en financieel beeld. In dit hoofdstuk is een inleiding op de jaarstukken opgenomen. We lichten onze financiële positie toe. Hoofdstuk 2: Beleids- en programmaverantwoording en paragrafen. - Beleidsverantwoording: In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de meest relevante beleidsmatige ontwikkelingen, vanuit zowel het landelijke als het regionale en provinciale perspectief. - De programmaverantwoording bevat de activiteiten en resultaten op de programma's. Daarnaast zijn de financiële afwijkingen bij deze jaarrekening ten opzichte van de (herziene) begroting opgenomen. Per programma geven we vervolgens een beeld van 2024 langs de W-vragen. - Wat hebben we bereikt (resultaten van de beleidsuitvoering) - Wat hebben we gedaan? (taken en productgroepen) - Wat heeft het gekost (financiën). Paragrafen - Specifieke onderwerpen. Hier komen de verplichte specifieke paragrafen aan bod. Deze geven een toelichting op onder andere financiële aspecten, risico's en verbonden partijen.

De paragrafen volgen de indeling van de begroting 2024, met uitzondering van de paragraaf openbaarheidsparagraaf ( Wet Open Overheid) welke nog niet was opgenomen in de oorspronkelijke begroting 2024. Hoofdstuk 3: Jaarrekening. Dit hoofdstuk bevat de jaarrekening over 2024. Dit is enerzijds de balans en de toelichting op de balans, anderzijds het overzicht van baten en lasten en de toelichting daarop. Hoofdstuk 4: Bijlagen. In dit hoofdstuk zijn de bijlagen opgenomen, waaronder de sinds vorig jaar opgenomen rechtmatigheidsverantwoording en ook de verantwoordingsinformatie van de subsidieregelingen (SiSa). Algemeen In de diverse financiële overzichten duiden we in de verschillen-kolom “afwijking” via een positief (voordelig) of negatief (nadelig) bedrag. Afrondingen kunnen tot kleine verschillen in tellingen leiden.

Jaarstukken 2024 5

-

1

Inleiding

De Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) is in 2013 opgericht. De dienst heeft de juridische vorm van een openbaar lichaam op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen, waar 21 gemeenten in Zuidoost-Brabant en de provincie Noord-Brabant in participeren. De ODZOB voert werkzaamheden uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Daarnaast worden er specialistische (advies)taken uitgevoerd. De ODZOB werkt samen met gemeenten, provincie en samenwerkingspartners aan een veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving. In deze jaarstukken wordt teruggeblikt op 2024. De jaarstukken bestaan uit twee hoofdbestanddelen; het jaarverslag (hoofdstuk 2) en de jaarrekening (hoofdstuk 3). In hoofdstuk 4 zijn enkele bijlagen opgenomen.

Financieel resultaat Bij de presentatie van de Bestuursrapportage 2024 (26 september 2024) werd duidelijk dat de ODZOB afstevende op een positief resultaat over 2024. De nu voorliggende jaarstukken 2024 bevestigen in grote lijnen het beeld uit de Bestuursrapportage 2024. Het resultaat voor mutatie van onze reserves komt uit op € 1.934.156. Het resultaat na mutatie van onze reserves komt uit op € 522.317. Een verklaring van de verschillen is terug te vinden bij de programma’s.

* bedragen x 1€ Begroot resultaat

€

Mutaties baten: Hoger volume basistaken voor deelnemers Lager volume verzoektaken voor deelnemers Hoger volume verzoektaken niet-deelnemers Overige opbrengsten (rente, vrijval voorziening) Hogere opbrengsten vanuit externe kosten, doorbelast aan (niet)deelnemers Vrijval ISV-middelen t.b.v. storting in bestemmingsreserve

Mutaties lasten: Lagere personeelslasten Hogere externe kosten (doorbelast aan (niet)deelnemers Lagere inhuurkosten Hogere kosten onderzoek en advies Lagere kapitaallasten Hogere organisatiekosten Lagere vennootschapsbelasting Minder lasten

€ € € €

1.448.762 -3.612.765 1.114.825 457.828

V N V V

€

958.632

V

€

1.445.401

V

€ € € € € € €

1.021.674 -958.632 284.982 -298.979 71.418 -14.194 15.204

Storting bestemmingsreserve Omgevingswet Storting bestemmingsreserve ISV middelen

€ €

-219.869 -1.445.401

N N

Onttrekking bestemmingsreserve Fitte Organisatie Onttrekking bestemmingsreserve voormalige ISV middelen

€ €

215.791 37.640

V V

Jaarstukken 2024 6

€

1.812.683 V

€

121.473 V

€

1.934.156 V

€

522.317 V

V N V N V N V

Resultaat exclusief mutaties reserves

Resultaat inclusief mutaties reserves

-

-

Voorstel bestemming resultaat Op 19 december 2024 is door het algemeen bestuur besloten om op basis van scenario 2 de Meerjaren Ontwikkelaanpak 2025-2027 uit te gaan voeren. Destijds zijn geen extra middelen voor deze uitvoering gevraagd maar is ervoor gekozen om het daarvoor benodigde ontwikkelbudget binnen de vastgestelde begroting 2025 op te lossen. Hiermee is voor deze jaren de lucht uit de begroting gehaald. Bij dat voorstel is ook aangegeven dat we een robuust eigen vermogen nodig hebben om incidentele tegenvallers op te kunnen vangen. Om te komen tot dit robuust eigen vermogen is voorgesteld dat we, door toekomstige positieve resultaten (b.v. jaarrekening 2024) te bestemmen voor een verhoging van de algemene reserve, meer flexibiliteit en weerbaarheid binnen ons eigen vermogen kunnen creëren. Daarmee wordt voorkomen dat deelnemers bij tegenvallers worden geconfronteerd met directe financiële bijdragen om de algemene reserve weer op de minimumomvang te brengen. Daarom stellen wij, bij vaststelling van deze jaarstukken op 26 juni a.s., aan het algemeen bestuur voor het resultaat bij deze jaarstukken als volgt te bestemmen: Voorstellen tot resultaatbestemming

* bedragen x 1€

Te bestemmen resultaat bij deze jaarrekening t.o.v. de herziene begroting

€

522.317

V

A: Storten in de algemene reserve

€

-500.000

N

Resultaat na resultaatbestemming

€

22.317

V

Met dit voorstel komt de algemene reserve uit op de bovenbandbreedte van € 2 miljoen, zoals ook opgenomen in de afspraken met de 4GR. Na de resultaatbestemming resteert een resultaat van € 22.317. Dit resultaat zal zoals afgesproken worden terugbetaald naar de deelnemers na rato van de omzet. Dit ziet er als volgt uit: Baten Deelnemer

Totaal omzet 2024

Aandeel omzet

Verdeling

Gemeente Asten Gemeente Bergeijk Gemeente Best Gemeente Bladel Gemeente Cranendonk Gemeente Deurne Gemeente Eersel Gemeente Eindhoven Gemeente Geldrop-Mierlo Gemeente Gemert-Bakel Gemeente Heeze-Leende Gemeente Helmond Gemeente Laarbeek Gemeente Nuenen Gemeente Oirschot Gemeente Reusel-de Mierden Gemeente Someren Gemeente Son en Breugel Gemeente Valkenswaard Gemeente Veldhoven Gemeente Waalre Provincie Noord-Brabant Subtotaal deelnemers

911.650 469.381 679.884 686.202 689.811 1.624.545 586.967 2.162.554 525.096 1.297.560 610.659 1.157.945 1.926.872 405.095 728.346 605.207 1.336.168 446.652 583.356 712.369 251.087 7.146.800 25.544.204

4% 2% 3% 3% 3% 6% 2% 8% 2% 5% 2% 5% 8% 2% 3% 2% 5% 2% 2% 3% 1% 28% 100%

796 410 594 600 603 1.419 513 1.889 459 1.134 534 1.012 1.683 354 636 529 1.167 390 510 622 219 6.244 22.317

Jaarstukken 2024 7

-

Vermogenspositie Het eigen vermogen van de ODZOB neemt in 2024 toe met ruim € 1,7 miljoen. *bedragen x € 1

Omschrijving Vermogen per 31-12-2023

2.480.854

Vermogen per 31-12-2024

4.137.718

Vermo gens t o ename 2024

1.656.864

Verklaring vermo gensmut at ie: - Mutatie reserves

1.179.783

- Resultaat 2024

477.081

To t ale vermo gensmut at ie 2024

1.656.864

De vermogenstoename is voor het overgrote deel te verklaren door de besluitvorming bij de jaarstukken 2023. Naar aanleiding van die besluitvorming is een vooruit ontvangen bedrag aan ISV-middelen (t.b.v. geluidssaneringen) in een bestemmingsreserve gestort (€ 1,4 miljoen). Een verdere verklaring van de reserves is te vinden in de Staat van reserves zoals opgenomen in de toelichting van de balans (pagina 53).

Jaarstukken 2024 8

-

2 2.1

Jaarverslag Beleidsverantwoording

De ODZOB ontwikkelt zich meer en meer naar een collectieve voorziening voor de fysieke leefomgeving in de regio Zuidoost-Brabant. Dit is terug te zien in de werkprogramma’s van onze deelnemers, projecten die in regionaal verband worden aangevlogen en verschillende landelijke trajecten. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de meest relevante beleidsmatige ontwikkelingen, vanuit zowel het landelijke als het regionale en provinciale perspectief. De uitvoering hiervan loopt grotendeels via het programma Regionale Samenwerking. De programmaverantwoording (hoofdstuk 2.2) beperkt zich tot een cijfermatige toelichting.

2.2

Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (IBP-VTH)

In september 2024 is het IBP-VTH afgesloten. De belangrijkste resultaten zijn in onderstaande infographic samengevat. Op 16 januari 2025 hebben Rijk, VNG, IPO, Unie van Waterschappen en Omgevingsdienst NL de Samenwerkingsafspraken ondertekend. Daarbij is afgesproken dat opvolging wordt gegeven aan de producten en aanbevelingen die in IBP-VTH zijn ontwikkeld en daarmee toe te werken naar een landelijk robuust stelsel van robuuste omgevingsdiensten.

Infographic Resultaten IBP VTH – september 2024 Het ministerie van I&W heeft de Tweede Kamer toegezegd wetgeving voor te bereiden om die afspraken minder vrijblijvend te maken en de staatssecretaris van I&W als stelselverantwoordelijke van instrumenten te voorzien om die verantwoordelijkheid ook daadwerkelijk waar te kunnen maken. Hierbij wordt gedacht aan de robuustheidscriteria en aan onderwerpen als horizontale verantwoording, eisen aan kwaliteit van de

Jaarstukken 2024 9

-

uitvoering, financiering van de VTH-taken, de verdeling van bevoegdheden en de prioritering en coördinatie en afstemming tussen omgevingsdiensten en externe partijen. In 2024 is vanuit de ODZOB richting de deelnemers proactief gecommuniceerd over deze ontwikkelingen. In het AB van 19 december 2024 is ingestemd met de opdracht aan het dagelijks bestuur om in 2025 concrete voorstellen te doen over de opvolging van de producten en aanbevelingen. Deze zijn voor een groot deel als ontwikkelopgave opgenomen in de Meerjaren ontwikkelaanpak 2025-2027. Wij zien de Samenwerkingsafspraken als een stimulans om de ODZOB verder te ontwikkelen en verder te gaan met de kwaliteitsverbetering op de uitvoering van de VTHA inclusief de bedrijfsvoering die daarvoor nodig is. Het goed contracteren van de producten uit het IBP-VTH met onze deelnemers is gezien de vrijblijvendheid van de landelijk gemaakte afspraken van belang. De regionale en soms lokale invulling zorgen nu soms voor ongewenste verschillen in het landelijk stelsel. Uniformiteit in afspraken draagt bovendien bij aan een effectieve en efficiënte uitvoering van de VTH-taken.

2.3

Meerjarenvisie 2023-2027

De ODZOB ziet een grote opgave om de leef- en woonomgeving veilig, duurzaam en gezond te houden. Dit betreft onder andere de verbetering van de luchtkwaliteit, het reduceren van de stikstofproblematiek, de impact van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en de opgaven ten aanzien van duurzaamheid, energiebesparing en klimaatadaptatie. De ODZOB heeft in 2023 met de Meerjarenvisie 2023-2027 de opgaven in beeld gebracht en doelen aangegeven om in te kunnen spelen op de ontwikkelingen. Zo wordt ingezet op advisering bij innovatieve stalsystemen, geur en fijnstofproblematiek, het Regionaal Meetnet, deelname aan het schone luchtakkoord (SLA), geluidszonering industrieterreinen, circulaire economie, inventarisatie gebruik van ZZS bij bedrijven, invulling van bodemtaken bij de gemeentelijke bevoegde gezagen en advisering op omgevingsplannen. Daarnaast heeft 2024 in het teken gestaan van het uitwerken van de Meerjarenvisie 2023-2027 in een Meerjaren ontwikkelaanpak 2025-2027. De achterliggende gedachte is dat niet alles tegelijk kan, de beschikbare ontwikkelcapaciteit kent een grens. Vandaar dat er veel aandacht is gegeven aan het inventariseren, structureren, ordenen en prioriteren van de ontwikkelopgaven. Daarbij hebben wij de bevindingen uit de verschillende onderzoeken in 2024 vertaald naar ontwikkelopgaven.

Het gaat onder meer om de volgende onderzoeken: archiefinspectie, Medewerkersonderzoek, efficiencyonderzoek, zelfevaluatie en visitatie en een onderzoek naar onze informatiehuishouding. Op 19 december 2024 heeft het AB de Meerjaren ontwikkelaanpak 2025-2027 vastgesteld.

2.4

ROK VTH

In juli 2024 besloot het AB het Regionaal Operationeel Kader Vergunningverlening, Milieutoezicht en Handhaving (kortweg: ROK-VTH) ter vaststelling aan de colleges van de deelnemers van de ODZOB aan te bieden. Alle gemeenten hebben het ROK VTH vastgesteld. . Het nieuwe ROK-VTH is op een zorgvuldige, systematische en communicatieve wijze tot stand gekomen. Hierbij is samengewerkt met medewerkers van onze deelnemers. Naast het ROK-VTH beschikt de dienst over een ROK-Bodem en ROK-Asbest als ook een Brabant breed uitvoeringskader voor de provinciale taken. Het ROK-VTH vormt de basis voor de gezamenlijke uitvoering van VTH-taken in de regio Zuidoost-Brabant. Bij het ROK-VTH is voor de eerste keer een Leidraad ROK-VTH opgesteld die inzicht geeft in de verticale en horizontale relaties tussen doelen en activiteiten op een groot aantal milieuthema's. De Leidraad kan

Jaarstukken 2024 10

-

helpen om de verbinding te maken tussen de opgaven die de deelnemers voor hun gemeente en de regio Zuidoost-Brabant zien en de doelen en activiteiten van de ODZOB. Als uitvoering van het ROK-VTH is samen met de deelnemers een implementatieplan voor de komende vier jaar opgesteld. Dit omvat inhoudelijke toezichtprojecten en kwaliteitsverbeteringen, bijvoorbeeld op gebied van samenwerken of (landelijk) uniform werken. De kwaliteitsopgaven die meerdere teams raken zijn ingebed in de Meerjaren Ontwikkelaanpak 2025-2027.

2.5

Regionale samenwerking

2.5.1

Omgevingswet

De inwerkingtreding van de Omgevingswet is bij de ODZOB zonder al te grote problemen verlopen. Met de daadwerkelijke start van de Omgevingswet werd het Interventieteam Omgevingswet (als onderdeel van het programma Nazorg Omgevingswet) operationeel. De invoering, met een volledig nieuw wettelijk kader en nieuwe werkprocessen, heeft intern en bij de deelnemers geleid tot diverse vragen, zowel op de inhoud (met name overgangsrecht) als op werkafspraken, processen en systemen. De vragen zijn door het Interventieteam al dan niet met hulp van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO), de landelijke helpdesk voor Omgevingswet, beantwoord. Daarnaast richtte het Interventieteam zich op het gevraagd en ongevraagd adviseren over problemen, incidenten en calamiteiten. In de Omgevingswet is de ‘informatieplicht’ geïntroduceerd. Dit is de plicht van een ondernemer/burger tot het melden van (nieuwe) (milieu)activiteiten. In de praktijk blijkt dat het voor gemeenten en omgevingsdiensten ‘zoeken’ is hoe hier concreet mee om te gaan. De ODZOB heeft het initiatief genomen om hier samen met de gemeenten afspraken over te maken. Vanwege een afname van het aantal vragen is in het derde kwartaal het Interventieteam afgeschaald. Landelijk zijn knelpunten gesignaleerd die betrekking hebben op: •

het feit dat activiteiten door de Omgevingswet zijn losgeknipt, dit fenomeen wordt aangeduid als het “confettikanon”, waardoor overzicht van en samenhang tussen verzoeken ontbreekt;

•

onvoldoende duidelijkheid over de juridische grondslag bij verzoeken;

•

te weinig informatie bij meldingen en informatieplichten.

Via Omgevingsdienst NL is de ODZOB betrokken bij het landelijk Kernteam en Verbeterteam Omgevingswet Omgevingsdienst NL. Het Kernteam richt zich op de implementatie, transitie en doorontwikkeling. Het Verbeterteam is gericht op het optimaliseren van de uitvoering van de Omgevingswet. Bovengenoemde problematiek krijgt via het Kern- en Verbeterteam de nodige aandacht in landelijke overleggen met VNG, IPO, UvW en het Rijk. In de landelijke interbestuurlijke overleggen worden knelpunten met input vanuit de uitvoeringspraktijk geanalyseerd en worden er oplossingsrichtingen gezocht. Het is de verwachting dat in de loop van 2025 meer duidelijkheid komt over bovengenoemde knelpunten.. In het kader van de Regionale Samenwerking Omgevingswet zijn afspraken gemaakt over de samenwerking in de ketenprocessen en werkafspraken voor het behandelen van meldingen en aanvragen en de wijze waarop informatie met behulp van de samenwerkingsfunctionaliteit (SWF) van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO), wordt overgedragen. Daarnaast is de Regionale Omgevingstafel ingericht. De Regionale Omgevingstafel is bedoeld voor het beoordelen en geven van adviezen (door ketenpartners) over initiatieven voordat een vergunningaanvraag wordt ingediend. Eind 2024 is de evaluatie van de samenwerkingsafspraken opgestart De resultaten worden in het tweede kwartaal van 2025 verwacht.

Jaarstukken 2024 11

-

2.5.2

Collectief Programma

De grootste component van het programma Regionale Samenwerking betreft de collectieve taken. Dit zijn zowel structurele activiteiten als afgebakende projecten. De structurele VTHA-taken voor de gehele regio (zoals de consignatiedienst) zijn slechts ten dele gericht op ontwikkeling en innovatie. De eenmalige projecten richten zich onder andere op de implementatie van nieuwe wet- en regelgeving, het ontzorgen en ondersteunen van de regio door inzet van deskundigheid en advies en het ontsluiten van data voor de VTH-taakuitvoering door middel van dashboards. Een aantal van deze projecten bestaan uit nieuwe ontwikkelingen en/of innovatie van de uit te voeren werkzaamheden. Voor 2024 is het collectief programma uitgewerkt in vier thematische lijnen, te weten: 1.

Samenwerken en organisatie: behoud en verbetering van het regionale netwerk is essentieel voor verbetering van de leefomgeving. Goed samenspel zorgt voor kwaliteit van de opgedragen werkzaamheden.

2.

Wet- en regelgeving: we werken aan de implementatie van relevante (nieuwe) wet- en regelgeving van belang voor de leefomgeving.

3.

Uitvoeringsbeleid: we maken gezamenlijke afspraken over de inhoudelijke uitvoering van de VTH-taken en ten aanzien van de vereiste kwaliteit.

4.

Maatschappelijke opgaven: we spelen in op nieuwe ontwikkelingen die de leefomgeving raken.

Resultaten 2024 Belangrijke speerpunten en resultaten in de collectieve taken (zoals Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en toekomstbestendige veehouderij) worden afzonderlijk toegelicht in dit jaarverslag. Daarnaast zijn de volgende resultaten opgeleverd: •

Cumulatie van industriële en agrarische geur onder de Omgevingswet. Industrie en veehouderij kennen eigen rekenmodellen. Onder de Omgevingswet is integrale advisering nodig bij ruimtelijke ontwikkelingen en vergunningverlening. Een beleidsvoorbereidende conceptnotitie is najaar 2024 ter consultatie voorgelegd aan een afvaardiging van de regio. In 2025 wordt het definitieve concept uitgewerkt en besproken met alle deelnemers..

•

Gevolgen jurisprudentie stikstofbeleid. Voorjaar 2024 zijn bestuurlijke afspraken gemaakt over de uitwerking van agrarische vergunningprocedures en is met de regio een werkgroep opgestart. De actuele jurisprudentie wordt gevolgd en vertaald naar de vergunning- en toezichtpraktijk. Naar aanleiding van de jurisprudentie van 4 september heeft de ODZOB de wijze van uitvoering heroverwogen, waardoor 120 agrarische vergunningaanvragen die ‘on hold’ lagen kunnen worden opgepakt. De mogelijke effecten voor de uitvoering van de VTH taken na de recente jurisprudentie van 18 december jl. worden in beeld gebracht.

•

In 2024 is het nieuwe klachtenmeldingen systeem in gebruik genomen. De analyse en follow-up van klachten en meldingen zijn hierdoor verbeterd. Er zijn nieuwe toezichthouders toegevoegd aan de bereikbaarheidsdienst en om deskundigheid te bevorderen zijn 2 piketmedewerkers opgeleid voor het vakgebied indirecte lozingen.

•

Het Regionaal Meetnet heeft in november het belevingsonderzoek veehouderij (deelonderzoek) afgerond en gepresenteerd aan de regio. Daarnaast zijn in 2024 nieuwsbrieven verschenen. Daarnaast is in 2024 gewerkt aan een voorstel om het Regionaal Meetnet de komende jaren door te kunnen zetten. Op 10 april 2025 heeft het AB ingestemd met doel en opzet van het Regionaal Meetnet 2 en de inzet en structurele bijdrage vanuit het collectief takenprogramma voor het realiseren van het meetnet en het uitvoeren van het contractmanagement voor het consortium.

Jaarstukken 2024 12

-

•

In het project Gezondheid en Leefomgeving is een notitie uitgewerkt over de (juridische) mogelijkheden van het aanscherpen van industriële vergunningen. De notitie zal voorjaar 2025 de besluitvorming in gaan. ODZOB is trekker van de regionale werkgroep SLA (Schone Luchtakkoord). Hierbij zijn tien regiogemeenten aangesloten die in dit platform ervaringen uitwisselen en samenwerken aan initiatieven die kunnen bijdragen aan emissiereductie.

•

ODZOB on Tour. In deze gemeentelijke bijeenkomsten voor raden en staten is de verbinding versterkt door in gesprek te gaan over het werk en de organisatie van de ODZOB. Er is een bezoek gebracht aan de gemeenten Deurne, Reusel-de Mierden, Bladel, Valkenswaard, Asten, Veldhoven, Dommelvalleigemeenten gezamenlijk en Helmond.

•

Bij Sturen op Bodem is ingezet op de veranderingen als gevolg van de komst van de Omgevingswet en de verandering in bevoegd gezag van provincie naar gemeenten. Daarnaast is een voorlichtingsbijeenkomst voor de mensen in de praktijk gehouden en een presentatie gegeven aan loonwerkers en grondbedrijven.

•

Het ketentoezicht hebben we in 2024 een extra impuls gegeven door middel van het project Brabantse Ketenaanpak. Samen met de andere omgevingsdiensten, politie en ILT is een grote transportcontrole uitgevoerd. Ketentoezicht op de sanering van vezel versterkte sportvelden krijgt een vervolg in 2025. De ervaring is dat versterking van deskundigheid en verbetering van de samenwerking met externe partijen nodig is. De provincie heeft de drie omgevingsdiensten gevraagd te komen met een gezamenlijk ambitiedocument (Q1 2025).

•

Vanuit Business Intelligence is gewerkt aan ICT-ondersteuningstools. Zo is een dashboard en planningstool voor asbest ontwikkeld en het agrarisch dashboard in gebruik genomen. Er zijn daarnaast in opdracht van de provincie dashboards voor Zwemwater (ZIN) en Grondwateronttrekkingen (GOBES) in gebruik genomen. Ook is er een dashboard voor klachten en meldingen.

•

In het kader van duurzaamheid heeft de ODZOB in 2024 deelgenomen aan het proces van de Regionale Energiestrategie (RES). Daarnaast is voor klimaatadaptatie een notitie opgesteld die in beeld brengt waar dit thema raakt aan de VTHA taken en kan bijdragen aan de klimaatdoelstellingen van de regio. Er is verder invulling gegeven aan de ondersteuning van het energietoezicht. De benodigde kennis is overgedragen en inhoudelijk ingebed in de toezichttaken. Dit project is afgerond.

•

In het Regionale werkprogramma Agrofood en Leefomgeving (het WAL) ligt de focus voor een belangrijk deel op de actuele problematiek rondom de beëindigingsregelingen voor de veehouderij en de impact daarvan op de ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeenten en de bijbehorende VTH-taken. We ondersteunen met een werkgroep onze bevoegde gezagen daar waar veehouders zijn die concreet aan de slag gaan met innovatieve stalsystemen. De omslag van middel- naar doelvoorschriften in de vergunning vergt kennisopbouw bij de regio en medewerkers van de ODZOB. In vier goed bezochte bestuurlijk-ambtelijke (WAL) bijeenkomsten zijn deze onderwerpen aan de orde geweest. Daarnaast zijn diverse andere onderwerpen besproken, zoals regionaal meetnet, natuur inclusieve landbouw, geurbeleid, endotoxine beleid, intrekkingsbeleid vergunningen en de voortgang van de (agrarische) VTH-taakuitvoering van de ODZOB.

•

De ODZOB maakt deel uit van het netwerk Samen Sterk in Brabant (SSiB). In 2024 zijn voor de gehele regio 881 controles geregistreerd en deze hebben geleid tot 148 processen-verbaal. Vanuit het netwerk SSiB komt een nader gedetailleerd jaarverslag over 2024 beschikbaar voor de deelnemers.

•

Programma Omgevingsveiligheid. In 2024 is samen met de regio een nieuwe invulling van Programma Omgevingsveiligheid uitgewerkt. Dit programma is in maart 2024 door het AB vastgesteld. In 2024 is een start gemaakt met het invoeren van de (zeer) kwetsbare gebouwen in het REV(register). Het document omgevingsplan en externe veiligheid is geschreven, deze wordt in 2025 nog aangevuld met actuele inzichten. Er is meegewerkt aan de studiedag Brabant Veiliger. Daarnaast zijn voor

Jaarstukken 2024 13

-

kennisdeling landelijke bijeenkomsten bijgewoond en zijn nieuwsbrieven verzonden. Er is een bijdrage geleverd aan het stappenplan omgevingsveiligheid van de provincie NB. 2.5.3

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS)

De ODZOB participeert zowel in een provinciaal overleg (gericht op uitvoering en actuele ontwikkelingen) als in een landelijke werkgroep (gericht op juridische aspecten). De ODZOB heeft na het prioriteren van verschillende branches, een plan van aanpak opgesteld om gerichte bedrijfsinventarisaties uit te voeren. In 2023 heeft in de branche metaalverwerkende bedrijven (met medewerking van bedrijven die daarin actief zijn) een eerste inventarisatie plaatsgevonden naar het gebruik van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Daaruit is gebleken dat veel bedrijven zich er niet van bewust zijn dat zij met deze stoffen werken. Aan deze inventarisatie is in 2024 een vervolg gegeven door per gemeente op bedrijventerreinen meerdere bedrijven uit andere branches te benaderen voor een vergelijkbare inventarisatie. Bij bedrijven met de hoogste ingeschatte kans op significante ZZS-emissies wordt informatie geanalyseerd. Hiervoor is een tool ontwikkeld die de ODZOB in staat stelt de stoffen die een bedrijf gebruikt te beoordelen. Toekomstbestendige veehouderij De ODZOB faciliteert al jarenlang een platform dat zich bezighoudt met de transitie naar een zorgvuldige veehouderij. De wijze van samenwerking op Brabantse schaal is de laatste jaren enigszins veranderd. Er is een Agrarisch Platform (AP) ingesteld dat regie voert op de bovenregionale afstemming over actuele vraagstukken.

Hierbij wordt aandacht geschonken aan innovatieve stalsystemen, de ontwikkeling naar doelsturing, het gebruik van sensoren en de betekenis voor vergunningverlening. In de Werkgroep Veehouderij en Gezondheid, die ressorteert onder het AP, is dit jaar veel aandacht besteed aan het endotoxinen-toetsingskader en de herijking van de handreiking Veehouderij en Gezondheid 2.0. Zowel het toetsingskader als de herijkte handreiking worden in de loop van 2025 opgeleverd. Daarnaast zijn andere thema’s opgepakt vanuit de Werkgroep Veehouderij (ook onder het AP), zoals deelname aan Brabants onderzoek naar beter gebruik van luchtwassers. Anticiperend op de wijzigingen in de provinciale Omgevingsverordening (stallendeadline 1 juli 2024) is in afstemming met de provincie het toezicht op de zogenoemde ‘stilzitters’ geïntensiveerd, met als doel te komen tot de uitfasering van verouderde stalsystemen die onvoldoende emissie reduceren. Als gevolg van de vernietiging in september 2024 van drie vergunningen voor emissiearme stalsystemen die verleend waren met een passende beoordeling, heeft de provincie besloten tijdelijk geen nieuwe besluiten op aanvragen voor natuurvergunningen met emissiearme stalsystemen te nemen. In verband hiermee zijn werkafspraken over het toezicht bijgesteld.

2.6

Zelfevaluatie en visitatie

Binnen het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel, is de ODZOB op 24 en 25 september bezocht door een collegiale visitatiecommissie onder de regie van Omgevingsdienst NL. Het doel van de visitaties is te komen tot een continue verbetering van de uitvoering van VTH-taken, het verhogen van de bestuurlijke betrokkenheid bij omgevingsdiensten en het leveren van input voor het jaarlijkse rapport “Staat van het VTH-stelsel”. Voorafgaand aan het visitatiebezoek heeft de ODZOB een zelfevaluatie opgesteld aan de hand van een door de Omgevingsdienst NL ontwikkelde visitatiekader. De ODZOB heeft daarbij een reeks vragen beantwoord voorzien van een uitvoerige reflectie - op de volgende thema’s: 1) kwaliteitsankers wet- en regelgeving, 2) ontwikkelkracht en innovatieruimte, 3) ketensamenwerking en strafrecht, 4) onafhankelijkheid, 5) Jaarstukken 2024 14

-

prioritering en uitvoeringsprogramma’s. Op basis van deze zelfevaluatie heeft de visitatiecommissie interviews en gesprekken gevoerd met directie, management, medewerkers, bestuur, ambtelijke opdrachtgevers (GPO) en ketenpartners. Het visitatieproces heeft geresulteerd in een openbaar visitatierapport. De deelnemers zijn hierover actief geïnformeerd. De commissie onderschrijft de beweging die ODZOB aan het maken is en ziet dat de organisatie zeer goed in staat is om te reflecteren en aan te geven wat er moet verbeteren om een stevige positie binnen de regio in te nemen. De commissie is wel van mening dat de in gang gezette verbetering van de organisatie nog kwetsbaar is en (te) sterk afhangt van de interim-directie. Dit vraagt om versterking van leiderschap op cruciale (management)posities. Daarnaast is het belangrijk dat ODZOB duidelijk de verbeteringen prioriteert en gefaseerd uitvoert. De ingeslagen weg dient meer collectief geborgd, verankerd en uitgedragen te worden met steun van het bestuur. De ontwikkelopgaven die voortvloeien uit de visitatie hebben een plek gekregen in de Meerjaren ontwikkelaanpak 2025 - 2027.

2.7

Robuuste omgevingsdienst

Alle omgevingsdiensten moeten per 1 april 2026 voldoen aan de in 2023 opgestelde robuustheidscriteria. Uit de zelftoets die eind 2023 werd uitgevoerd, kwam naar voren dat de ODZOB nog niet voldeed aan alle criteria. In maart 2024 stelde het algemeen bestuur het plan van aanpak robuustheid vast. Dit plan moet ervoor zorgen dat de ODZOB uiterlijk op 1 april 2026 voldoet aan de (landelijke) robuustheidscriteria. Er moet twee keer per jaar richting het ministerie van I&W worden gerapporteerd over de voortgang. Eind december is de halfjaarrapportage ingestuurd met als conclusie dat aan alle robuustheidscriteria wordt voldaan. Dit is inmiddels bevestigd in een brief van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het oordeel voor ODZOB is donkergroen en daarmee zijn wij de derde OD die aan alle criteria voldoen en robuust is. Het is zaak de robuustheid te blijven monitoren en halfjaarlijks te rapporteren of we nog steeds aan de criteria voldoen.

2.8

Specifieke uitkeringen (SPUK’s)

Sinds 2022 ontvangt de ODZOB middelen van het Rijk via een tweetal specifieke uitkeringen (SPUK’s). Dit betreft enerzijds de regeling Toezicht en Handhaving Energiecontroles (looptijd 2022-2026) en anderzijds het Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel (verlengde looptijd 2022-2024). In deze jaarstukken wordt via de verplichte SiSa-verantwoording inzicht in de voortgang gegeven. Toezicht en handhaving energiecontroles In 2024 ligt de nadruk voor het toezicht op de vergunningplichten (voormalig type C) bedrijven en de oudere bedrijfspanden. Daarnaast worden de ontvangen energiebesparingsonderzoeken beoordeeld. In 2024 vonden er 185 energiecontroles plaats. Daarnaast zijn er 62 her controles uitgevoerd. Hierbij is gebleken dat de meeste van de achtergebleven maatregelen zijn gerealiseerd. Bedrijven met een groot energiegebruik moeten een energiebesparingsonderzoek indienen. Hieruit blijkt wat de gebruikte energie is en wat de mogelijkheden tot besparing zijn. In 2024 zijn 34 onderzoeken beoordeeld. In augustus is een brief verzonden naar ongeveer 750 bedrijven die nog niet hebben voldaan aan de informatie- en/of onderzoeksplicht en dit mogelijk wel verplicht zijn. Dit heeft ruim 250 reacties opgeleverd.

Jaarstukken 2024 15

-

Interbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel Het ministerie heeft in 2023 en 2024 de inzet op het Interbestuurlijk Programma financieel ondersteund met een SPUK-regeling. De ODZOB heeft actief deelgenomen aan de zes pijlers van het IBP-VTH. Zo is input geleverd op landelijk niveau ten aanzien van informatievoorziening en kennisinfrastructuur (pijlers 3,4). Daarnaast zijn er middelen beschikbaar gesteld om zelf te werken aan kwaliteit en optimalisatie van de dienst. De ODZOB heeft deze aangewend voor de volgende thema’s: •

Voldoen aan de landelijke kwaliteitscriteria. De ODZOB voldoet aan de geldende kwaliteitscriteria 2.3. Samen met een extern bureau zijn in het voorjaar van 2024 meer dan 150 collega’s gescreend op kennis en kunde en daaruit is gebleken dat de ODZOB ruimschoots voldoet. We blijven dit monitoren.

•

Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) (zie paragraaf 2.5).

•

Kennis opbouw circulaire economie. De ODZOB heeft voorjaar 2024 met een aantal medewerkers een deskundigentraining gevolgd. Eind 2024 is een (concept-)uitvoeringsagenda opgeleverd.

•

Gebruik van drones in milieutoezicht. Een tweetal toezichthouders zijn opgeleid tot gecertificeerd dronepiloot. De mogelijkheden voor structurele regionale inzet bij toezicht vanaf 2025 zijn in kaart gebracht. We werken daarin samen met de andere Brabantse omgevingsdiensten.

•

Advisering omgevingsplannen en Omgevingswet. Samen met andere omgevingsdiensten is in ODNL verband een rapport over dit onderwerp opgesteld. De uitrol in de regio is opgenomen in de Meerjaren ontwikkelaanpak 2025 - 2027.

•

Kennisopbouw doelvoorschriften vergunningverlening innovatieve stalsystemen. De oorspronkelijke doelstelling om te komen tot een concrete doelvoorschriftenvergunning voor veehouderij(en) is niet gerealiseerd. De dienst was daarvoor afhankelijk van (initiatiefnemers). Wel is veel voorbereidend werk gereed. Zo ligt er een protocol werkwijze dat ook aan de regio is voorgelegd. Het protocol is gedeeld met de provincie en de andere Brabantse diensten tijdens een kennisdag voorjaar 2024. Voor nieuwe initiatieven is bij de dienst een structuur opgezet waar deskundigen in gezamenlijkheid het innovatieve proces van doelvoorschriftenvergunningen ondersteunen. In onze regio zijn twee initiatieven opgepakt.

•

Uitvoeringskader bodemenergiesystemen. Gezien de ontwikkelingen en toename van gebruik en toepassing van bodemenergiesystemen is er behoefte aan een handelingsperspectief en daarvoor is een uitvoeringskader opgesteld dat wordt gebruikt door de vergunningverleners.

2.9

Governance

Wijziging GR-ODZOB In de eerste AB-vergadering van 2024 werd besloten om aan de colleges van de deelnemers van de ODZOB voor te stellen om de bestaande gemeenschappelijke regeling (GR) ODZOB te wijzigen conform de definitieve ontwerpregeling GR-ODZOB 2024. Aanleiding voor dit traject is de wetswijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Deze heeft als doel om de democratische legitimatie over gemeentelijke en provinciale samenwerkingen te versterken. De opgestelde nieuwe GR ODZOB is tot stand gekomen in nauwe afstemming met vertegenwoordigers van de deelnemers. De gevraagde besluitvorming aan de colleges van alle deelnemers is het sluitstuk van een zorgvuldig doorlopen proces. Alle deelnemers hebben de nieuwe GR ODZOB vastgesteld. De nieuwe GR ODZOB is op 1 januari 2025 in werking getreden. Evaluatie stemverhouding GR-ODZOB In juli 2024 ging het algemeen bestuur akkoord met de aanpak voor een evaluatie van de stemverhouding binnen de GR ODZOB. Naar aanleiding van het standpunt van GS, bevestiging van de bestaande stemverhoudingen, heeft het algemeen bestuur op 28 oktober 2024 de vraag opgeworpen of het nut heeft

Jaarstukken 2024 16

-

door te gaan met deze aanpak. Immers voor een eventuele wijziging van de GR ODZOB is de instemming nodig van alle deelnemers. In het algemeen bestuur van april 2025 is op basis van een voorstel met een onderbouwing besloten om de stemverhouding niet aan te passen. Pilot horizontale verantwoording In het kader van het Interbestuurlijk Programma versterking VTH-stelsel heeft de ODZOB bijgedragen aan de ‘pilot horizontale verantwoording’. Onze pilot richtte zich op het onderzoeken of door het werken met doelen- en activiteitenbomen het gesprek meer kan worden gericht op de regionale milieurisico's, het beleid en de toegevoegde waarde van de inzet van de ODZOB. Achterliggende gedachte is dat raden en Staten hiermee meer inzicht krijgen in de bijdrage van de ODZOB aan het realiseren van de beleidsdoelen en daardoor beter in staat zijn hun kader stellende en controlerende rol in te vullen. Op basis van de leidraad ROK VTH is een doelenboom met activiteiten opgesteld die ondersteunend kan zijn om de dialoog en verbinding op inhoud met elkaar aan te gaan. Dienstverleningsovereenkomst Gezamenlijk met een afvaardiging van de deelnemers -vanuit het GPO- zijn stappen gezet om te komen tot een nieuwe Dienstverleningsovereenkomst (DVO) en een actualisatie van de Algemene voorwaarden. In het AB van 19 december 2024 zijn beide documenten voorgelegd.

De colleges van de deelnemers zullen in Q1 de DVO ondertekenen. Bestuurlijke ontwikkelingen Net voor de zomervakantie 2024 ontstond in het dagelijks bestuur een vacature. Op 28 oktober 2024 is mevrouw Van Breugel–Smolders (Heeze-Leende) vanuit de A2-gemeenten door het algemeen bestuur als DB-lid benoemd. Vanwege het uitvallen van de algemeen directeur eind 2023 is op 8 februari 2024 de heer F. Piepers, concernmanager Dienstverlening voor een jaar benoemd als algemeen directeur en secretaris van DB/AB. Deze benoeming is inmiddels met een jaar verlengd.

Jaarstukken 2024 17

-

2.10 Programmaverantwoording 2.10.1 Inleiding De begroting 2024 bestaat uit de programma’s lokale dienstverlening en regionale samenwerking. Vanzelfsprekend wordt deze indeling ook gebruikt in de voorliggende verantwoording. In onderstaand overzicht wordt de realisatie versus de begrote bedragen weergegeven. Bij het bepalen van het resultaat spelen de mutaties in de reserves een bijzondere rol. Vandaar dat in de toelichting een onderscheid wordt gemaakt tussen de totalen in- en exclusief de mutaties in de reserves. Zonder rekening te houden met mutaties in de reserves sluit de ODZOB het jaar 2024 met een positief saldo van € 1.934.156. In onderstaand overzicht zijn stortingen in en onttrekkingen uit deze reserves verwerkt, die aansluiten bij de genoemde bestuurlijke besluitvorming. Het gaat hierbij om een bedrag van per saldo € 1.411.839. Het nog te bestemmen resultaat over 2024 komt daarmee op € 522.317.

Programmaverantwoording

* bedragen x 1€ Begroting 2024

Omschrijving

Begroting na wijziging 2024

Realisatie 2024

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Baten

Lasten

Saldo

Programma Lokale Dienstverlening

28.124.720

19.762.203

8.362.517

28.124.720

19.762.203

8.362.517

28.071.696

19.632.952

8.438.744

Programma Regionale Samenwerking

2.466.535

1.905.950

560.585

2.445.577

1.884.992

560.585

2.445.577

1.779.879

665.698

Algemene dekkingsmiddelen

0

0

0

0

0

0

1.865.707

0

1.865.707

Kosten van de overhead

0

8.913.102

-8.913.102

0

8.913.102

-8.913.102

436.356

9.477.554

-9.041.197

Heffing VPB

0

10.000

-10.000

0

10.000

-10.000

0

-5.204

5.204

Bedrag onvoorzien

0

0

0

0

0

0

0

0

0

30.591.255

30.591.255

0

30.570.297

30.570.297

0

32.819.336

30.885.180

1.934.156

Algemene reserve

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Bestemmingsreserve Fitte Organisatie

0

0

0

0

0

0

215.791

0

215.791

Bestemmingsreserve Nazorg Omgevingswet

0

0

0

0

0

0

0

219.869

-219.869

Bestemmingsreserve ISV middelen Totaal toevoeging en onttrekking aan reserves Gerealiseerde resultaat

0

0

0

0

0

0

37.640

1.445.401

-1.407.761

Saldo van baten en lasten Toevoeging en ontrekking reserves

0

0

0

0

0

0

253.431

1.665.270

-1.411.839

30.591.255

30.591.255

0

30.570.297

30.570.297

0

33.072.768

32.550.450

522.317

Jaarstukken 2024 18

-

2.10.2 Programma lokale dienstverlening Wat hebben we bereikt? De ODZOB heeft door uitvoering van de opgedragen werkprogramma’s en aanvullende opdrachten van onze deelnemers bijgedragen aan een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving in Zuidoost-Brabant.

Wat hebben we gedaan? De ODZOB voert werkzaamheden uit op het gebied van vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering op het gebied van omgevingsrecht. De werkzaamheden omvatten een breed scala aan expertises, zoals milieu, bodem, ontgrondingen, water, erfgoed, welstand, geluid, lucht, geur, omgevingsveiligheid, duurzaamheid, asbest, bouwen, ruimtelijke ordening & ontwikkeling en ecologie. Het grootste deel van deze werkzaamheden wordt door deelnemers van ODZOB opgedragen via de vastgestelde werkprogramma’s. Daarnaast worden aanvullende werkzaamheden opgedragen buiten deze werkprogramma’s en door niet-deelnemende organisaties. Hierna wordt inzicht gegeven in het type werkzaamheden dat in 2024 is uitgevoerd, verdeeld naar basis- en verzoektaken. De inhoudelijke en financiële verantwoording over de gerealiseerde werkprogramma’s van deelnemers (voortgang basis- en verzoektaken) loopt via de individuele lijn opdrachtgever-opdrachtnemer. Op concernniveau kan het volgende beeld worden geschetst:

Bat en uren per pro duct gro ep Pro duct gro ep

* bedragen x 1 € Omschrijving

A Vergunningverlening B Toezicht en Handhaving C Advies D Informatieanalyse, -verstrekking en gegevensbeheer To t aal bat en uit uren Doorbelaste externe projectkosten To t aal bat en

Tabel 1: basistaken

Jaarstukken 2024 19

Basist aken

%

5.429.764 7.082.130 62.061 2.022.693 14.596.648 47.554 14.644.202

37% 49% 0% 14% 100%

Verzo ekt aken 3.313.163 2.320.302 5.254.116 1.591.313 12.478.893 948.600 13.427.493

% 27% 19% 42% 13% 100%

-

Tabel 2: verzoektaken

Tabel 3: klachten en meldingen

Wat heeft het gekost? Het programma lokale dienstverlening herbergt zowel basis- als verzoektaken. De baten bestaan uit de in rekening gebrachte bedragen voor uitgevoerde werkzaamheden. De lasten bestaan uit uren van ODZOBmedewerkers en daarnaast uit externe, door te belasten, programmakosten.

Jaarstukken 2024 20

-

Programma Lokale Dienstverlening

* bedragen x 1€ Begroting 2024

Begroting na wijziging 2024

Realisatie 2024

Afwijking realisatie t.o.v. begroting

Basistaken

13.147.886

13.147.886

14.644.202

1.496.316

Verzoektaken

14.976.834

14.976.834

13.427.493

-1.549.341

Totaal baten

28.124.720

28.124.720

28.071.696

-53.024

Baten

Lasten Basistaken

9.238.534

9.238.534

9.735.935

497.401

Verzoektaken

10.523.669

10.523.669

9.897.016

-626.653

19.762.203

19.762.203

19.632.952

-129.251

8.362.517

8.362.517

8.438.744

76.227

0

0

1.445.401

1.445.401

Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerde resultaat

0

0

37.640

37.640

8.362.517

8.362.517

7.030.983

-1.331.534

Verklaring afwijkingen basistaken: -

€ 1,5 miljoen voordeel op de baten voor het uitvoeren van basistaken. We zien dat bij 14 deelnemers meer baten vanuit de basistaken zijn gegenereerd dan begroot. De Provincie Noord-Brabant en de gemeente Eindhoven zijn gezamenlijk goed voor een hogere baat dan begroot van ongeveer € 0,75 miljoen. De overschrijding zit hoofdzakelijk op de volgende producten: vergunningverlening (door onder ander de nieuwe omgevingswet), juridische procedures en gerelateerde werkzaamheden.

-

€ 0,5 miljoen nadeel op de lasten voor het uitvoeren van basistaken. Inherent daaraan worden daar dan ook meer uren aan besteed wat leidt tot hogere salariskosten.

Verklaring afwijkingen verzoektaken: -

€ 1,5 miljoen nadeel op de baten voor verzoektaken. Dit nadeel is opgebouwd uit een 2-tal componenten: € 0,9 miljoen voordeel: In de begroting zijn geen externe programmakosten opgenomen aangezien deze budgetneutraal zijn. Deze programmakosten betreffen kosten welke we één op één door mogen belasten aan onze deelnemers of overige klanten. In de jaarrekening komen deze vanzelfsprekend wel tot uitdrukking. De realisatie van deze (doorbelaste) kosten kwam voor de verzoektaken uit op € 948.600. Uiteraard zijn deze ook als nadeel te zien bij de lasten. -

€ 2,4 miljoen nadeel: In lijn met de raming bij de Bestuursrapportage 2024 zien we achterblijvende baten vanuit de Provincie Noord-Brabant. De reden daarvoor is onder andere dat ten tijde van het opstellen van de begroting 2024 nog niet duidelijk was of en zo ja wanneer de Omgevingswet in werking zou treden. Hierdoor is in de begroting 2024 geen rekening gehouden met de bevoegdheidsverschuiving (denk aan bedrijven die onder bevoegd gezag gemeenten zijn komen te vallen en de verschuiving van de bodemtaken). Daarnaast speelt de stikstofproblematiek en alle (juridische) ontwikkelingen daaromtrent een grote rol in de realisatie van 2024. Denk hierbij aan het grotendeels stilvallen van toezicht en handhaving op natuur ten aanzien van gebiedsbescherming. Sinds 2022 bedraagt de provinciale opdrachtverlening jaarlijks meer dan er wordt gerealiseerd. In 2024 en 2025 is bewust naar de opdrachtwaarde gekeken op basis van realistisch(er) programmeren, en is deze naar beneden bijgesteld.

-

€ 0,6 miljoen voordeel op de lasten. Dit voordeel is opgebouwd uit dezelfde twee componenten:

Jaarstukken 2024 21

-

-

€ 0,9 miljoen nadeel op externe programmakosten (zie hierboven, deze worden één op één doorbelast aan onder deelnemers of overige klanten.

-

€ 1,5 voordeel op de lasten. Door het achterblijven van de geraamde werkzaamheden vanuit de verzoektaken worden hier uiteraard ook minder uren en kosten gemaakt. Dit leidt tot dit voordeel.

Verklaring afwijkingen reserves: -

€ 1,4 miljoen wordt, in lijn met de besluitvorming bij de Jaarstukken 2023, per 1 januari 2024 gestort in de nieuwe Bestemmingsreserve ISV middelen. De tegenhanger van deze post is te vinden in het programma Algemene dekkingsmiddelen, daar valt ditzelfde bedrag in de exploitatie vrij.

-

Daarnaast zien we ook een onttrekking uit diezelfde reserve ter grootte van de gerealiseerde kosten in 2024 (€ 0,04 miljoen).

2.10.3 Programma regionale samenwerking Wat hebben we bereikt? De ODZOB heeft door uitvoering van het programma regionale samenwerking bijgedragen aan een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving in Zuidoost-Brabant. Via consensus tussen de deelnemers is in gezamenlijkheid onder andere het collectief programma vastgesteld en, voor zover mogelijk, uitgevoerd. Dit programma betreft vooral gemeentegrens-overstijgende ontwikkelingen en bundeling van expertise en schaalvoordelen liggen vaak ten grondslag aan onderdelen van dit programma. Wat hebben we gedaan? Dit programma kent een viertal pijlers. De inhoudelijke voortgang van de hiermee samenhangende activiteiten en projecten is opgenomen in hoofdstuk 2.5. Het betreft de volgende pijlers: •

Samen Sterk In Brabant (SSiB)

•

Omgevingsveiligheid

•

Nazorg Omgevingswet

•

Overige collectieve taken

Samen Sterk in Brabant (SSIB) De uitvoering van SSIB is centraal voor Brabant georganiseerd bij de collega’s van de ODBN. Aan de uitvoering als zodanig levert de ODZOB geen directe bijdrage. Het algemeen bestuur besloot in maart van dit jaar om de SSiB-deelname ook na 2024 voort te zetten. Omgevingsveiligheid Door het collectieve karakter van de werkzaamheden die betrekking hebben op omgevingsveiligheid is er ervoor gekozen om dit thema onder te brengen onder het programma regionale samenwerking. In maart 2024 besloot het algemeen bestuur om de taken op het gebied van externe veiligheid, zoals deze de afgelopen jaren zijn ingericht, in gelijke omvang structureel voort te zetten. Nazorg Omgevingswet De gerealiseerde (en nog te realiseren) kosten hebben voornamelijk te maken met de inzet van het multidisciplinaire Interventieteam Omgevingswet en de benodigde inzet voor de afstemming op landelijk niveau (onder andere in ODNL-verband).

Jaarstukken 2024 22

-

Overige collectieve taken (Collectief Programma) In het collectief programma gaat het om structurele collectieve taken en (ontwikkelings-)projecten die de uitvoering van de VTH-taken versterken. Het programma 2024 is vastgesteld door het algemeen bestuur. Wat heeft het gekost? Programma Regionale Samenwerking

* bedragen x 1€ Afwijking realisatie t.o.v. begroting

Begroting 2024

Begroting na wijziging 2024

Realisatie 2024

Baten

2.466.535

2.445.577

2.445.577

0

Totaal baten

2.466.535

2.445.577

2.445.577

0

Lasten

1.905.950

1.884.992

1.779.879

-105.113

Totaal lasten

1.905.950

1.884.992

1.779.879

-105.113

Totaal saldo van baten en lasten

560.585

560.585

665.698

105.113

0

0

219.869

219.869

Baten

Lasten

Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerde resultaat

0

0

0

0

560.585

560.585

445.829

-114.756

Op het programma Regionale samenwerking hebben we ten opzichte van de begroting een nadeel gerealiseerd van per saldo € 114.756. De bijdragen voor het programma Regionale Samenwerking worden eenmalig, voorafgaand aan de uitvoering van het programma, volledig bij de deelnemers in rekening gebracht. Uitgangspunt is dat het programma volledig wordt gerealiseerd. Met uitzondering van de baten ontvangen voor de nazorg Omgevingswet. Hiervan is bij de Bestuursrapportage 2023 besloten eventuele restant middelen te storten in de Bestemmingsreserve Nazorg Omgevingswet, zodat deze middelen ook in 2025 nog voor ditzelfde doel beschikbaar zijn. Dit betreft € 219.869, wat voor een nadeel zorgt binnen dit programma. In lijn met de lagere realisatie op het onderdeel Nazorg Omgevingswet zien we een voordeel op de gerealiseerde lasten van € 105.113, dit voordeel betreft hoofdzakelijk minder gerealiseerde uren binnen dit programma dan begroot. Per deelproject zien we onderstaande realisatie terug.

Pro gramma Regio nale Samenwerking

* bedragen x 1 €

Begro t ing 2024

Begro t ing na wijziging 2024

Realisat ie 2024

Samen Sterk in Brabant

387.178

366.220

366.220

-

-

Omgevingsveiligheid

156.293

156.293

136.283

20.010

20.010

Bat en

Saldo 2024

Nazorg Omgevingsw et

488.232

488.232

268.363

219.869

Overige collectieve taken

1.434.832

1.434.831

1.395.705

39.126

2.466.535

2.445.576

2.166.571

279.006

Totaal

Jaarstukken 2024 23

Do t at ie reserve

-219.869

Rest erend saldo

39.126

-219.869

59.136

-

2.10.4 Algemene dekkingsmiddelen * bedragen x 1€

Algemene dekkingsmiddelen Begro t ing 2024

Begro t ing na wijziging 2024

Realisat ie 2024

Afwijking realisat ie t .o .v. begro t ing

Baten

0

0

1.865.707

1.865.707

Lasten

0

0

0

0

Saldo Algemene dekkingsmiddelen

0

0

1.865.707

1.865.707

Toevoeging aan reserves

0

0

0

0

Onttrekkingen aan reserves

0

0

0

0

Gerealiseerde result aat

0

0

1.865.707

1.865.707

Omschrijving

De algemene dekkingsmiddelen hebben in 2024 voornamelijk betrekking op een tweetal onderdelen: -

€ 0,4 miljoen ontvangen rente wegens het aanhouden van middelen bij het Rijk (schatkistbankieren).

-

€ 1,4 miljoen vrijval ISV-middelen, zoals besloten door het algemeen bestuur bij besluitvorming rondom de Jaarstukken 2023, zijn deze middelen vrijgevallen. Deze vrijgevallen middelen zijn in de bestemmingsreserve ISV-middelen gestort, deze storting is verwerkt in programma Lokale dienstverlening.

2.10.5 Kosten van de overhead De overheadkosten betreffen alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat overheadkosten afzonderlijk begroot en verantwoord moeten worden. Het BBV hanteert als definitie van de overhead: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het programma overhead kent geen baten aangezien de overheadkosten niet rechtstreeks bij de deelnemers in rekening gebracht worden. Deze kosten maken onderdeel uit van de integrale tarieven die bij de deelnemers in rekening worden gebracht. Wat heeft het gekost? Kosten van de overhead Omschrijving

* bedragen x 1€ Begroting 2024

Begroting na wijziging 2024

Realisatie 2024

Afwijking realisatie t.o.v. begroting 436.356

Baten

0

0

436.356

Lasten

8.913.102

8.913.102

9.477.554

564.452

Saldo kosten van de overhead

-8.913.102

-8.913.102

-9.041.197

-128.095

Toevoeging aan reserves

0

0

0

0

Onttrekkingen aan reserves

0

0

215.791

215.791

-8.913.102

-8.913.102

-8.825.406

87.696

Gerealiseerde resultaat

De werkelijke overheadkosten (exclusief de mutaties in de reserves) laten een overschrijding zien van € 128.095, dit wordt door een groot deel veroorzaakt door kosten gemaakt t.b.v. het project “Fitte organisatie”. Daar tegenover staat een onttrekking uit de reserve fitte organisatie, waardoor het gerealiseerde resultaat van dit programma uitkomt op een voordeel van € 87.696.

Jaarstukken 2024 24

-

Baten PERSONEEL Ontvangen ziekengeld TOTAAL BATEN

*bedragen x € 1 € €

-436.456 -436.456

Een specificatie van de totale overschrijding op de lasten staat hieronder per kostensoort toegelicht. Lasten PERSONEEL Salariskosten Opleidingskosten Reis- en verblijfskosten Overige personeelskosten Inhuur TOTAAL personeel UITBESTEDING Onderzoeken, advies Fitte Organisatie TOTAAL uitbesteding KAPITAALLASTEN Afschrijving gebouwen Afschrijving machines/apparaten/installaties Afschrijving overige materiële vaste activa TOTAAL kapitaallasten ORGANISATIE KOSTEN Beheerkosten ICT Software en changes Kantoorkosten Abonnementen en lidmaatschappen Bank en verzekeringen Leaseauto's Huur gebouw Servicekosten pandgebonden (beheer) TOTAAL organisatie kosten TOTAAL LASTEN

*bedragen x € 1 € € € € € €

-455.548 -49.935 37.106 -45.763 902.634 388.494

€ € €

39.300 246.991 286.291

€ € € €

242 -65.447 -6.213 -71.418

€ € € € € € € € € €

187.666 -153.219 -59.248 26.238 4.073 -19.990 -19.704 -4.731 -38.915 564.452

Verklaring van de grootste afwijkingen: -

Salariskosten en inhuur: In 2024 zijn nog een aantal vaste plekken ingevuld door inhuurkrachten. Gedurende het jaar is ingezet op het verder aantrekken van vaste medewerkers, voor een aantal functies is dat gelukt en zal dit effect in 2025 zichtbaar worden.

-

Een flink deel van deze overschrijding wordt verklaard door het verbetertraject “Fitte organisatie”. Voor dit traject zijn 2 jaren uitgetrokken. Het merendeel van de kosten is echter in 2024 uitgegeven. De restantmiddelen vanuit 2023 zijn destijds in de reserve Fitte organisatie gestort. Deze middelen zijn vanuit de reserve nu ingezet om een flink deel van de overschrijding te dekken. (€ 215.791).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15869000/1