R - 8 Bijlage Peelakkoord
Tekst van het document
•
•
•
•
•
•
vervoer, als belangrijk onderdeel van de ketenreis (vooren natransport). We zetten volop in op een regionaal fietsroutenetwerk, naast het lokale fietsnetwerk via het Bereikbaarheidsakkoord en KTM-2. De uitvoering van de geplande snelfietsroutes (vóór 2030) hebben hierbij onze prioriteit (Bereikbaarheidsakkoord). Om de bereikbaarheid en het oplossen van doorstromingsen leefbaarheidsproblemen in de kernen te verbeteren, wordt het doorgaande autoverkeer naar de ‘robuuste randen’ gebracht. Het gaat hierbij om de wegen: N279, A67, A2, A58 en A50. De subregio ziet de realisatie van de robuuste rand als een belangrijke voorwaarde voor groei van de verstedelijking en arbeidsplaatsen. Dit is ook van belang bij de ontwikkeling en ontsluiting van de bedrijventerreinen waaronder het regionale bedrijventerrein Brainport-Oost. Naast de ‘robuuste rand’ dienen er conform de afspraken rondom de Bundelroutes nog diverse verkeersknelpunten aan de oostzijde van de Brainportregio te worden opgelost. Denk hierbij aan het knelpunt bij de Beekse Brug en de knelpunten op de N272, N270, N612 en het knooppunt A67-N279 bij Asten. De verstedelijkingsopgave in Helmond plus de komst van het RBT vragen om een alternatief voor de Kasteeltraverse, namelijk de ‘zuidelijke ontsluiting’ (N612, Rochadeweg, N279).
Uit onderzoeken moet blijken hoe robuust deze structuur moet worden ingericht en/of dit in de toekomst gaat leiden tot een herziening van de robuuste rand. Binnen de diverse Brabantse Peelgemeenten wordt ingezet op aantrekkelijke dorps- en winkelcentra. Bij ontwikkeling
22
•
van centra houden we rekening met de voetgangersbereikbaarheid en andere keuzes voor de auto. We verbeteren de bereikbaarheid op en rondom de bedrijventerreinen en we bevorderen mobiliteitskeuzes (naast gedrag ook infrastructuur). Hier ligt ook een relatie met het MMMP, de OV-concessie Zuidoost-Brabant, en de actualisatie van het MIRT-onderzoek Verstedelijking & Mobiliteit.
Hoe gaan we dat samen doen? • We hanteren de acht leidende mobiliteitsprincipes uit de Regionale Mobiliteitsvisie (MRE, 2024). Niet alleen als het gaat om het bouwen in hoge dichtheden nabij OV-, HOVen treinhaltes, maar ook om de STOMP-principes (stappen, trappen, OV, maas (deelsystemen), personenauto) te gebruiken om de bewoonde omgeving daarmee in te richten. Deze principes hebben invloed op de mobiliteitstransitie. • We leggen hierbij nadrukkelijk een verband met het RMP en het MMMP. • We stellen een OV-wensbeeld op. Dit geeft ook inzicht in de missing links. Op basis daarvan prioriteren we, onder meer ten behoeve van de OV-concessie Zuidoost-Brabant (2029). Ook in het kader van de bovenregionale samenwerking met Meijerijstad en Weert (beide aangrenzende gemeenten) zijn aanvullende voorzieningen nodig. Nu zijn er geen HOV-verbindingen tussen deze steden, via oost/de Peel, terwijl dit wel belangrijke herkomst- en bestemmingslocatie zijn. We denken aan twee nieuwe (H)OV-lijnen, waaronder een noord-zuid
• •
•
verbinding en verlenging van de Brainportlijn (verlengde HOV-4). We werken een regionaal Ontwikkelplan hubs uit met een prioritering in regionale hubs (2024; input voor KTM-2). We stimuleren een gedragsaanpak bij werkgevers (en/of doelgroepenvervoer) via regionale samenwerking (21 gemeenten; Brainport Bereikbaar). Vanuit de eerdere regionale afspraken werken we aan de realisatie van zes Brainporthubs binnen het MRE-gebied. In het bijzonder kijken we hier naar de ontwikkeling van de Brainport hub A67 Oost.
4.4 Afspraken over energie- & materialentransitie De ambities voor de energie- en materialentransitie (kringloopeconomie) zijn van belang voor de verdere ontwikkeling van de verstedelijking in de subregio de Peel. We hebben hierover recent afspraken gemaakt in het convenant Biobased bouwen en telen in de Metropoolregio Eindhoven’. Waar zetten we ons samen voor in? • We zorgen ervoor dat nieuwe woningen en bedrijven bijdragen aan een duurzaam en stabiel energiesysteem We hanteren daarvoor de uitgangspunten van ‘netbewust ontwerpen’ en passief bouwen. • We zorgen ervoor dat nieuwe woningen en bedrijven steeds meer circulaire en/of biobased materialen bevatten zodat we de uitputting van maagdelijke grondstoffen verkleinen. • Wij werken aan een aardgasvrije gebouwde omgeving per 2050. Daarbij houden we rekening met de grenzen van het elektriciteitsnetwerk. Door netcongestie kunnen met
23
•
•
• •
•
name bedrijven de komende jaren minder tempo maken met elektrificeren als alternatief voor aardgas. Daarom focussen we de komende jaren op activiteiten zoals beter isoleren, aanleg warmte- en koudenetten, energiebesparing en slimmer, netbewust elektriciteitsgebruik. We zetten in op een flinke versnelling van de elektrificering als de elektriciteitsnetten daarvoor voldoende verzwaard zijn, vanaf circa 2033. De grootste opgave bij woningen zit in de bestaande woningvoorraad. We stimuleren en ondersteunen onze inwoners als het gaat om het isoleren van hun woning. Bij inbreiding en aan/uitbreiding reserveren we ruimte voor opslag en transport van elektriciteit en voor e-laden, mede ten behoeve van het verduurzamen van (het energiesysteem van) om/aanliggende bestaande wijken. We ontwikkelen onze economie naar een circulaire economie. Op nieuwe bedrijventerreinen worden bedrijven ruimtelijk aan elkaar gekoppeld die voor wat betreft hun energiegebruik en leverantie elkaar aanvullen. We gaan deze terreinen netbewust ontwikkelen, waarbij slim aangestuurde energiesamenwerking tussen bedrijven vanaf de start het uitgangspunt is. Op bestaande bedrijventerreinen verhogen we de organisatiegraad om het onderling stroom delen mogelijk te maken. Op deze manier ontstaan er ook op bestaande locaties groeimogelijkheden voor bedrijven. We streven naar 50% circulaire/biobased nieuwbouw in 2030
4.5 Afspraken over natuur & landschap Stad en land zijn met elkaar verbonden, we willen dat ‘rood’ en ‘groen’ in balans groeien, beide hebben invloed op elkaars kwaliteit. De subregio de Peel beschikt over aantrekkelijke natuur: Nationaal Park, bos- en heidelandschappen. Uniek is het Geopark Peelhorst en Maasvallei. Het recreatieve aanbod is divers. Waar zetten we ons samen voor in? • De ontwikkeling van rood gaat samen met de ontwikkeling van groen (zowel kwalitatief als kwantitatief): we zetten daarom in op groen in de kernen voor een verbetering van de leefkwaliteit en op een goede landschappelijke verbinding van stad en land. • We kiezen daarbij voor het versterken van de beleefbaarheid en toegankelijkheid, en het aanscherpen van het contrast en de wisselwerking met stedelijke kwaliteit. • Kenmerkende landschappelijke structuren versterken we waar mogelijk (Beekdalen, akkercomplexen met bos op zandopduikingen, ontginningslandschappen en woeste natuur). • Verder werken we aan Geopark Peelhorst en Maasvallei zodat de UNESCO status bereikt wordt en dit Geopark een beleefbaar regionaal natuur- en landschapspark wordt.
• We werken aan de groei van het huidige Nationaal Park de Groote Peel inclusief de schil erom heen naar een robuust, veerkrachtig, beleefbaar regionaal natuur- en landschapspark, waarbij verbindingen tussen de diverse Pelen (Groote Peel, Deurnsche- en Mariapeel) worden gevonden en versterkt’.
24
•
•
•
•
We zorgen ervoor dat de groei van de woningvoorraad de bestaande landschappelijke en ruimtelijke structuren respecteert, en met name de stad/dorp-landverbindingen koesteren we en bouwen we uit. De beken en de cultuurhistorische landschappen nemen daarin een speciale positie in. We hanteren hiertoe de lagenbenadering. We zetten in op het versterken van het recreatieve fiets-, wandel- en ruiternetwerk én het optimaliseren van de kwaliteit en comfort van de paden. We benutten water als drager voor landschappelijke kwaliteit en recreatieve potentie, denk hierbij aan waterrecreatie. We willen graag (klimaat)robuuste beekdalen creëren met daarbij de inrichting van waterbergingsgebieden. Op deze manier kunnen we meer gebiedseigen (schoon) water door de watergangen laten stromen. We streven ernaar om een stuurbaar systeem te maken waarbij water kan worden geconserveerd indien mogelijk en waarbij het ook snel kan worden afgevoerd indien nodig. Deze natte gebieden hebben ook een belangrijke functie voor de natuur en ecologische verbindingszones.
25
Bijlage Overzicht belangrijkste afsprakenkaders
4.
Een internationale toppositie voor de Brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties. (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend.
5.
De subregio de Peel is geen blanco canvas. Bij het zoeken naar ruimte voor nieuwe woningen moeten we bovendien rekening houden met bestaande (boven)regionale beleids- en afsprakenkaders. Hieronder staan de belangrijkste kaders waar we met de afspraken in ons akkoord rekening houden. •
Ontwikkelstrategie De Peel (2023), deze is opgenomen in de Ontwikkelstrategie Zuidoost Brabant (2023), zie kaders hieronder.
De vier doelen Ontwikkelingsstrategie De Peel: 1. Een stevige bijdrage leveren aan de schaalsprong van de Brainportregio middels de realisatie van centrum-stedelijk gemengde milieus en een innovatief buiten-centrum en groen-stedelijk milieu in Helmond. 2. Het realiseren van voldoende centrum-dorpse en landelijke woonmilieus als bijdrage aan een aantrekkelijk en gevarieerd woonklimaat in de Brainport, dat zich kan meten met dat van andere kennisregio’s. 3. Het verduurzamen van de huidige voorraad betaalbare woningen alsmede bouw van betaalbare woningen in de Peelkernen ten behoeve van de praktisch en vakgeschoolde (arbeids)populatie. 4. Het realiseren van voldoende woonmogelijkheden voor arbeidsmigranten om de functie van makersdistrict te kunnen blijven waarmaken. Hoewel het hier eveneens om hoofdzakelijk betaalbare woningen gaat, betreft dit inhoudelijk en strategisch een aparte opgave. De vijf richtinggevende principes uit de Ontwikkelstrategie ZuidoostBrabant: 1. Bodem, water, natuur en landschap als leidend principe. 2. Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen. 3. Subregionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio.
•
•
• • • •
• •
Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 i.h.k.v. NOVEX Stedelijk Brabant, nader uitgewerkt in een Ontwikkelperspectief Brabant 2040 (2023) en de Uitvoeringsagenda NOVEX Stedelijk Brabant (2024) Verstedelijkingsakkoord SGE (afspraken Helmond met SGEgemeenten, provincie en Rijk), opgenomen in Verstedelijkingsstrategie Brabant 2040 Beleidskader Wonen en Werken, Provincie Noord-Brabant (mei 2024) De Regionale Woondeal Zuidoost-Brabant 2022-2030 (getekend april 2023) Woonafspraken De Peel (maart 2023) De uitwerking van NOVEX-gebied De Peel, gericht op de transitie van het landelijk gebied Regionale mobiliteitsvisie (MRE, 2024) Bereikbaarheidsagenda (2018; overzicht projecten)
26
• • • • •
• • • •
• •
Ruimtelijk afwegingskader De Peel (2021) Economische agenda De Peel 2022-2027 (2022)
Regionale visie en strategie werklocaties (2024) en agenda (2025) Perspectief Vrijetijdseconomie De Peel 2030 (2019) (Actualisatie van) P.P. Tordoir. Netwerken in Brabant, Sociaal-geografische systeemwerking in NoordBrabant (2017) (Actualisatie van het) MIRT-onderzoek Verstedelijking en Mobiliteit 2025 Provinciaal Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat Noord-Brabant (pMIEK) (2023) Regionale Energie Strategie (RES) Metropoolregio Eindhoven (2021) Meerkleurige toekomst in de Peel: een zich ontwikkelend perspectief op weg naar 2050 (2024), Zich ontwikkelend perspectief NOVEX De Peel, versie december 2024, FLUX landscape architecture & RHDHV Bereikbaarheidsagenda inclusief SOK (2018) Regionale mobiliteitsvisie MRE (2024)
27