Overzicht ingekomen stukken ter kennisgeving
Tekst van het document
Wens
Bedenking
Algemeen
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
In Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant wordt nog onvoldoende aandacht besteed aan brede welvaart , met name de
(basis)voorzieningen , samenleving , welzijn , landschap en klimaat. Bij het opstellen van de Ontwikkelstrategie De Kempen zijn door de inwoners zorgen geuit over deze thema’s. Bij ingrepen in de fysieke leefomgeving dient nadrukkelijk aandacht te zijn voor de sociaalmaatschappelijke gevolgen. Woningbouw is de hefboom voor vitale kernen. Voor landelijke kernen met veel particulier woningbezit is dit met alleen inbreiding onvoldoende te bereiken. Ook uitbreiding is noodzakelijk , met behoud van de kracht van het (mozaïek)landschap.
Alle 21 gemeenten hebben ingestemd met de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. Wij gaan er van uit dat alle partners de afspraken en ontwikkelprincipes hieruit naleven. Op het moment dat een uitwerking anders wordt vormgegeven , of een nieuwe strategie niet helemaal past binnen de gemaakte afspraken , verwachten wij dat partners hierover actief het gesprek met ons aangaan. Begrijpelijke opmerking. Dat is nu ook niet te corrigeren met een simpele wijziging. Wat het meeste recht doet aan de brede welvaart is om dit nadrukkelijk mee te nemen in de verdere doorontwikkeling of vervolgstappen van de ontwikkelstrategie. Dat is ook logisch en passend omdat brede welvaart centraal staat in het samenwerkingsakkoord MRE.
De primaire focus ligt op inbreiding. Daarover stelt de Ontwikkelstrategie: " We grijpen deze woningbouwopgave aan en zetten de woningbouw in als hefboom in onze bestaande bebouwde omgeving. " Inbreiding alleen kan ook onvoldoende mogelijkheden bieden. Daarom houdt de ontwikkelstrategie houdt ook rekening met de optie voor uitbreiding. Daarover stelt de ontwikkelstrategie onder andere: " Bij
uitbreiding geldt dat deze plaats kan vinden als na zorgvuldige afweging , inbreiding onvoldoende mogelijkheden biedt of als er zich door uitbreiding een bijzondere kans voordoet voor kwaliteitsverbetering in bestaand stedelijk/dorps-gebied (bijvoorbeeld transformatie van bedrijf met een milieucirkel aan de rand van het dorp naar woningbouw). "
5 februari 2025
7
4. Bladel
AandachtsSub regionale knopen punt vergroten de netwerkkracht van de regio
Een subregionale knoop voor De Kempen en de noodzakelijke mobiliteitstransitie in de Kempen is alleen succesvol , als er sprake is
Deze wens is bekend en wordt meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE
hoogwaardige openbaar vervoer (HOV) verbinding vanuit het stedelijk gebied van en naar De Kempen (de vervoersas VeldhovenEersel-Hapert-Bladel-Reusel). De Kempen is op dit moment de enige subregio in de MRE waar geen HOV of treinverbinding is. De gevraagde bijdrage aan de schaalsprong van de MRE kan niet middels de huidige OV-structuren. Het doortrekken van de HOV-structuur vanaf De Run in Veldhoven minimaal tot de te realiseren subregionale knoop in de omgeving Eersel en verder (!) is hierbij een noodzakelijke randvoorwaarde en dient met voorrang gerealiseerd te worden. De bereikbaarheid van en naar een mobiliteitsknooppunt in De Kempen is medebepalend voor het succes van de hub en verdient dus de nodige aandacht. De aanleg van een trein-/tramverbinding of 3D vervoer zoals een lightrail van en naar Turnhout via de Kempengemeenten Eersel , Bladel en Reusel dient hierbij nadrukkelijk onderzocht te worden. Mede gezien de nieuwe ontwikkelingen bij het BIC en de te verwachten extra mobiliteit en sluipverkeer in De van een
Kempen. 5. Cranendonck
AandachtsBodem , water , natuur en punt landschap als leidend principe
5. Cranendonck
AandachtsWoningbouw als hefboom punt voor vitale kernen en dorpen
5 februari 2025
Wij omarmen dit ontwikkelprincipe en onderschrijven het belang van het behoud van onze landschappen. We merken tevens op dat het principe " water en bodem sturend " reeds onderdeel is van beleid en regelgeving van hogere overheden zoals de provincie en het waterschap. In dit kader wordt in de regio een dorpenstrategie opgesteld , met het doel om de regionale woningbouwopgave te benutten voor de versterking van de leefbaarheid in de dorpen en kernen van ZuidoostBrabant. Wij zien de bereikbaarheid en betaalbaarheid van voorzieningen nadrukkelijk als onderdeel hiervan. Het behoud en de versterking van de leefbaarheid van kernen is noodzakelijk voor een evenwichtige schaalsprong , zeker in de kernen waar geen (H)OVKnooppunt is voorzien.
8
Ter kennisname.
Geheel eens. De leefbaarheid , ook in kleinere kernen , is daarom ook een belangrijk punt in de ontwikkelstrategie en de huidige uitwerkingen zoals de dorpenstrategie en de verkenning voorzieningen.
5. Cranendonck
5. Cranendonck
5. Cranendonck
6. Deurne
AandachtsSub regionale knopen punt vergroten de netwerkkracht van de regio
AandachtsInternationale toppositie voor punt de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Wens
Wens
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
5 februari 2025
De gemeenteraad van Cranendonck staat open voor een onderzoek
ontwikkeling van een 'subregionale knoop' bij Maarheeze. Voordat we een definitief standpunt innemen , willen wij in gesprek met de inwoners van Cranendonck en Maarheeze in het bijzonder , en met onze maatschappelijke gesprekspartners en de gemeenten en medeoverheden in onze directe omgeving. Voor deze maatschappelijke dialoog willen wij tot het einde van 2025 de tijd nemen. In de tussentijd doen we volop mee aan de uitwerking van de overige afspraken uit het convenant Beethoven en de voorbereiding van de MIRT-actualisatie. Voor het onderzoek naar een subregionale knoop bij Maarheeze en de mogelijke vervolgstappen zoeken wij waar nodig hulp en ondersteuning vanuit het Rijk , de provincie en de regio. Wij zullen de uitkomsten van deze maatschappelijke discussies beoordelen met een aantal uitgangspunten , waaronder: - dat een subregionale knoop bij Maarheeze van meerwaarde is voor de inwoners van Maarheeze en heel Cranendonck; - een positieve impact heeft op de gemeenten in onze directe omgeving (Weert , Heeze-Leende en Valkenswaard); en bijdraagt aan een betere verbinding tussen de Brainportregio en Midden-Limburg. De gemeenteraad heeft in het raadsprogramma 2022-2026 de ambitie uitgesproken om de Cranendonckse werklocaties uit te breiden.
De aard en omvang van deze uitbreidingen krijgen hun beslag in de Cranendonckse bijdrage aan de regionale programmeringsafspraken voor werklocaties. Ten aanzien van de mobiliteitstransitie vragen wij u rekening te houden met het aanpassingsvermogen van de verschillende gebieden binnen de regio. De fiets heeft potentie , maar op korte(re) afstand. Dit houdt in dat van gebieden die beter op het regionale OV-netwerk zijn aangesloten , meer mag worden verwacht. Voor minder goed ontsloten gebieden blijft de auto vooralsnog de belangrijkste vervoersmodaliteit. Daarnaast hechten wij bij de toekomstige ontwikkeling van het regionale mobiliteitsnetwerk sterk aan het leggen van meer tangentiële OV-verbindingen en aan het realiseren van een sluitend fietsnetwerk in de regio rondom Eindhoven , waaronder de doorfietsroute Weert-Eindhoven. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom.
Ter kennisname.
naar de mogelijke
9
De gemeente Cranendonck is zowel ambtelijk als bestuurlijk sterk betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe programmering. De Cranendonckse ambitie is duidelijk ingebracht in het gesprek over de
programmering werklocaties.
Dat in meer landelijk gebied de mobiliteitstransitie de auto een grotere rol heeft dan in meer stedelijk gebied is een centraal principe in de Regionale Mobiliteitsvisie MRE. Meer tangentiele verbindingen zijn een centraal principe in het Regionale Toekomstbeeld OV , met de Brainportlijn zetten we daar een eerste stap
in. Sluitend fietsnetwerk en doorfietsroute Weert-Eindhoven worden meegenomen in het MultiModale Mobiliteitspakket MRE.
Eens.
6. Deurne
Wens
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie
bestaande bebouwing , wat niet aan de huidige eisen voldoet , hieraan voor
toevoegen.
We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen , hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst
borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving. 6. Deurne 6. Deurne
6. Deurne
Bedenking Wens
Bedenking
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken , doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken , ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
6. Deurne
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
6. Deurne
Bedenking
6. Deurne
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
6. Deurne
Bedenking
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen. Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd , maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
5 februari 2025
Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien
(fiets/bus).
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen. Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2. 0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van
de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen. Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding
is er ook , maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken. Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn. De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie. De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente. Graag gaan we in gesprek over de gedachte achter deze bedenking. Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar. De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
10
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Bedenking
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
6. Deurne
6. Deurne
6. Deurne
6. Deurne
Wens
Wens
Bedenking
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Aandacht voor specifieke knelpunten in de regio.
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden.
Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de
Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte
We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past , worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de
5 februari 2025
Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale
mobiliteitspakketten. Regionale aanpak t. a. v. de verdeling van verschillende soorten bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob)
Effectiever benutten van de ruimte op de bestaande bedrijventerreinen.
industrieterreinen binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn. Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel , provincie overstijgend. voor
In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau , waar we dit voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio , ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid , is daarbij
nadrukkelijk onderwerp van discussie. In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is.
aandachtspunten.
Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied.
wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
Zuid-Nederland.
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
benoemd , maar is wel het probleem.
Zuid-Nederland.
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t. a. v. de (H)OV knopen , hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale
11
voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
6. Deurne
Wens
regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend Algemeen
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
We erkennen het belang van gezondheid , ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen , het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan
6. Deurne
Wens
Algemeen
7. Eersel
Bedenking
Algemeen
7. Eersel
Wens
Algemeen
7. Eersel
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale
voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen , ziekenhuizen , scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Voor de vier Kempengemeenten Bergeijk , Bladel , Eersel en Reusel-De Mierden is de eigen Ontwikkelstrategie De Kempen 2024-2040 leidend binnen de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. In Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant wordt nog onvoldoende aandacht besteed aan brede welvaart , met name de
(basis)voorzieningen , samenleving , welzijn , landschap en klimaat. Met de ingrepen in de fysieke leefomgeving worden immers sociaalmaatschappelijke doelen behaald. Dit sluit aan bij de zorgen van inwoners uit De Kempen op deze thema's. Woningbouw is de hefboom voor vitale kernen. Voor landelijke kernen met veel particulier woningbezit is dit met alleen inbreiding onvoldoende te bereiken. Ook uitbreiding is noodzakelijk , met behoud van de kracht van het (mozaïek)landschap.
het onderwerp , en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong , in relatie tot de versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaalboventregionaal). , Het vraagstuk in deze samenhang bezien en afstemmen. Alle 21 gemeenten hebben ingestemd met de Ontwikkelstrategie Zuidoost-Brabant. Wij gaan er van uit dat alle partners de afspraken en ontwikkelprincipes hieruit naleven. Op het moment dat een uitwerking anders wordt vormgegeven , of een nieuwe strategie niet helemaal past binnen de gemaakte afspraken , verwachten wij dat partners hierover actief het gesprek met ons aangaan. Begrijpelijke opmerking. Dat is nu ook niet te corrigeren met een simpele wijziging. Wat het meeste recht doet aan de brede welvaart is om dit nadrukkelijk mee te nemen in de verdere doorontwikkeling of vervolgstappen van de ontwikkelstrategie. Dat is ook logisch en passend omdat brede welvaart centraal staat in het samenwerkingsakkoord MRE. De primaire focus ligt op inbreiding. Daarover stelt de Ontwikkelstrategie: " We grijpen deze woningbouwopgave aan en zetten de woningbouw in als hefboom in onze bestaande bebouwde omgeving. " Inbreiding alleen kan ook onvoldoende mogelijkheden bieden.
Daarom houdt de ontwikkelstrategie houdt ook rekening met de optie voor uitbreiding. Daarover stelt de ontwikkelstrategie onder andere: " Bij
uitbreiding geldt dat deze plaats kan vinden als na zorgvuldige afweging , inbreiding onvoldoende mogelijkheden biedt of als er zich door uitbreiding een bijzondere kans voordoet voor kwaliteitsverbetering in bestaand stedelijk/dorps-gebied (bijvoorbeeld transformatie van bedrijf met een milieucirkel aan de rand van het dorp naar woningbouw). "
5 februari 2025
12
7. Eersel
AandachtsSub regionale knopen punt vergroten de netwerkkracht van de regio
8. Eindhoven
Wens
9. Geldrop-
AandachtsAlgemeen
Mierlo
punt
10. Gemert-
Bedenking
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Wens
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Bakel
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Een subregionale knoop voor De Kempen en de noodzakelijke mobiliteitstransitie in de Kempen is alleen succesvol als er sprake is
hoogwaardige openbaar vervoer (HOV) verbinding vanuit het stedelijk gebied van en naar De Kempen (de vervoersas Veldhoven – Eersel – Hapert – Bladel - Reusel). De Kempen is op dit moment de enige subregio in de MRE waar geen HOV of treinverbinding is. De gevraagde bijdrage aan de schaalsprong van de regio kan niet middels de huidige OV-structuren. Het doortrekken van de HOVstructuur vanaf De Run in Veldhoven tot aan de te realiseren subregionale knoop in omgeving Eersel en verder (!) is hierbij een noodzakelijke randvoorwaarde en dient met voorrang gerealiseerd te worden. De bereikbaarheid van en naar een mobiliteitsknooppunt in De Kempen is medebepalend voor het succes van de hub en verdient dus de nodige aandacht. De aanleg van een trein-/tramverbinding van en naar Turnhout via de Kempengemeenten Eersel , Bladel en Reusel dient hierbij nadrukkelijk onderzocht te worden. Mede gezien de nieuwe ontwikkelingen bij het BIC en de te verwachten extra mobiliteit en sluipverkeer in De Kempen. De noodzaak van het reduceren van het aantal landbouwdieren namens Eindhoven als prioriteit in te brengen bij het verder uitwerken van de richtinggevende keuzes Op de 5 ontwikkelprincipes hebben wij geen wensen en bedenkingen. Als het om inhoudelijke aspecten gaat en uitwerkingen aan de orde zijn , dan maken wij wel bezwaar tegen te aanduiding XXL logistiek ten noorden van de kern Geldrop.
In deze lijn blijven wij reageren op de onderdelen van de Ontwikkelstrategie , maar ook op stukken die in het verlengde hiervan liggen Wij willen graag als raad principe 1 als volgt tekstueel aangepast zien: Bodem , water , luchtkwaliteit , natuur , gezondheid , klimaat en landschap als leidend principe.
Deze wens is bekend en wordt meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE
van een
Regio en gemeenten zijn geen bevoegd gezag om te sturen op dieraantallen. Vanuit EU , Rijk en provincie wordt zowel met juridische kaders als met stimuleringsmaatregelen (bijvoorbeeld beeindigingsregelingen veehouderij) gestuurd op het terugdringen van ongewenste effecten van veehouderij. Voor dit specifieke geval is het standpunt van de gemeente Geldrop-Mierlo bekend. Het proces voor deze specifieke locatie loopt en valt buiten de scope van de algemene ontwikkelprincipes.
We erkennen het belang van gezondheid , klimaat en luchtkwaliteit. Bij de totstandkoming zijn deze thema's niet verder inhoudelijk besproken als onderdeel van een ontwikkelprincipe. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen , het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan
10. Gemert-
Bakel
5 februari 2025
Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom.
13
het onderwerp , en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Eens.
10. Gemert-
Wens
Bakel
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie
bestaande bebouwing , wat niet aan de huidige eisen voldoet , hieraan voor
toevoegen.
We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen , hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst
borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving. 10. Gemert-
Bedenking
Bakel 10. Gemert-
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen. Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd , maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
Wens
Bedenking
Bakel 10. Gemert-
Bakel 10. Gemert-
Bakel 10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Bedenking
Bakel 10. Gemert-
Bakel 10. Gemert-
Bedenking Bedenking
Bakel 10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Bakel
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen
in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken , doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken , ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
Bakel 10. Gemert-
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
5 februari 2025
Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien
(fiets/bus).
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen. Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2. 0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van
de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen. Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding
is er ook , maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken. Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn. De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie. De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente. Graag gaan we in gesprek over de gedachte achter deze bedenking. Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar. De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
14
10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Bakel
10. Gemert-
Bedenking
Wens
Bakel
10. Gemert-
Wens
Bakel
10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Wens
Bakel
10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Bedenking
Bakel 10. Gemert-
Bakel
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Aandacht voor specifieke knelpunten in de regio.
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden.
Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de
Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte
We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past , worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de
5 februari 2025
Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale
mobiliteitspakketten. Regionale aanpak t. a. v. de verdeling van verschillende soorten bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob)
Effectiever benutten van de ruimte op de bestaande bedrijventerreinen.
industrieterreinen binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn. Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel , provincie overstijgend. voor
In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau , waar we dit voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio , ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid , is daarbij
nadrukkelijk onderwerp van discussie. In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is.
aandachtspunten.
Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied.
wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
Zuid-Nederland.
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
benoemd , maar is wel het probleem.
Zuid-Nederland.
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t. a. v. de (H)OV knopen , hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale
15
voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
10. Gemert-
Wens
Bakel 10. Gemert-
Wens
Bakel
10. Gemert-
Wens
regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend Algemeen
Bakel
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
We erkennen het belang van gezondheid , ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen , het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan
10. Gemert-
Wens
Algemeen
Bakel
11. Heeze-
Wens
‘Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen’
Wens
‘Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen’
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio
Leende
11. Heeze-
Leende
11. Heeze-
Leende
5 februari 2025
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale
voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen , ziekenhuizen , scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Heeze-Leende vraagt aandacht voor de sociale cohesie in de dorpen en het behouden of verbeteren van de brede welvaart. Ook de sociale integratie van alle kennis-migranten heeft daarbij aandacht nodig. Wij zien de bereikbaarheid en betaalbaarheid van voorzieningen nadrukkelijk als onderdeel hiervan. . . . . De focus moet liggen op het tijdig mee laten groeien van allerlei voorzieningen zoals basisscholen of uitbreiding met klaslokalen , dorpshuizen en hun diverse programma’s , zorg van huisartsen , fysiotherapiepraktijken etc. , maar zeker ook de groenvoorzieningen en vrijetijdsbestedingen in de openbare ruimte. Wij zien het als een noodzaak en een kans om de kwaliteit en de frequentie van de OV-verbindingen naar en van deze knooppunten te verhogen. Ook zal er voldoende parkeergelegenheid geboden moeten worden voor auto-overstappers van buiten de knoop om goed als hub te kunnen blijven functioneren.
16
het onderwerp , en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong , in relatie tot de versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaalboventregionaal). , Het vraagstuk in deze samenhang bezien en afstemmen. Herkenbaar punt. Als regio zijn we daarom juist ook gestart met de regionale aanpak voorzieningen. Dit moet zorgen voor de juiste aandacht , acties en (hopelijk/deels) financiering van voorziengen. Hiermee worden randvoorwaarden gecreëerd zodat de gemeenten zelf de juiste keuzes kunnen maken om toe te zien op sociale cohesie en brede welvaart. De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie.
Eens. Dit moet nadrukkelijk worden meegenomen in de uitwerking van de HOV-knopen. Daarnaast wordt dit ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale voorbereidingen voor
de nieuwe OV-concessie
11. Heeze-
Heeze-Leende levert een belangrijke bijdrage aan regionale voorzieningen met onze grote natuurgebieden. De bereikbaarheid van deze natuurgebieden bij toenemende bezoekersaantallen is voor ons een grote zorg en daarvoor vragen wij dan ook aandacht.
Wens
Leende
11. Heeze-
Wens
Leende 11. Heeze-
Wens
Leende 11. Heeze-
Wens
Leende 11. Heeze-
Wens
Leende
11. Heeze-
Wens
Leende 11. Heeze-
Wens
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend Algemeen
Leende
11. Heeze-
Leende
Wens
Algemeen
5 februari 2025
De hele schaalsprong gaat de algemene bereikbaarheid van Heeze-
Leende en de mobiliteit in de kernen verslechteren als er niks gebeurt. Naast een goed functionerende randweg voor de problemen die Heeze-Leende nu al ervaart en nog meer zal krijgen door de
schaalsprong , achten we een flinke verbetering van het openbaar vervoer en de (snel) fietsinfra dringend noodzakelijk. Ook vraagt Heeze-Leende aandacht voor de mobiliteit richting natuurgebieden en de consequenties van de schaalsprong voor diverse milieuaspecten als geluid en fijnstof. Ten aanzien van de mobiliteitstransitie vragen wij u wel rekening te houden met het aanpassingsvermogen van de dorpen. De fiets heeft
potentie , maar op de korte(re) afstand. Dit houdt in dat van dorpen die beter op het regionale OV-netwerk zijn aangesloten , meer mag worden verwacht. Voor minder goed ontsloten dorpen blijft de auto vooralsnog de belangrijkste vervoersmodaliteit. Ten tweede hechten wij bij de toekomstige ontwikkelingen van het regionale mobiliteitsnetwerk sterk aan het leggen van meer tangentiële OV-verbindingen. Voor de volledigheid verwijzen wij naar onze reactie op de recent vastgestelde regionale mobiliteitsvisie. De ultieme consequenties van de schaalsprong kunnen we nu nog moeilijk overzien , als er onvoorzien knelpunten ontstaan dan verwachten we ook dat er vanuit het Rijk , de provincie , de regio en het bedrijfsleven een bijdrage geleverd wordt in de oplossing daarvan. De impact van de schaalsprong op de gemeenschap is veel groter voor Cranendonck , Deurne en Eersel als knooppunten HOV gemeenten. We hebben er dan ook alle begrip voor dat de besluitvorming in deze gemeenten mogelijk langer zal duren en vinden dat deze gemeenteraden dan ook ruim de tijd moeten krijgen om eventueel met participatie tot goede besluitvorming te komen.
17
Logisch punt. Echter: een betere bereikbaarheid van natuurgebieden leidt tot grotere druk op de gebieden zelf. Vraagt om een goed kwalitatief en kwantitatief aanbod van groene recreatiegebieden binnen én buiten de regio , waardoor betere bezoekersspreiding ontstaat. Vraagt ook om voldoende parkeergelegenheid binnen en aan de rand van dorpskernen nabij natuurgebieden , die goede wandel- en fietsverbindingen hebben naar deze gebieden. Goed voor horeca in de dorpskernen en neemt parkeerdruk weg tegen natuurgebieden aan. Zoals in de Regionale Mobiliteitsvisie MRE geschetst biedt de schaalsprong een kans om de algemene bereikbaarheid van Heeze-Leende en de mobiliteit in de kernen te verbeteren. We gaan graag in gesprek om de achtergrond van deze grote vraag nader te duiden. Eens. Hieraan wordt gewerkt in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale
voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
Vanuit de Regionale Mobiliteitsvisie MRE werken we aan een mobiliteitstransitie waarin meer gereisd wordt met relatief milieuvriendelijke vormen van vervoer: OV , fiets en lopen. Zie ook eerdere antwoord bij 111. Eens. Die logica wordt ook gezien en erkend. Dat in meer landelijk gebied de mobiliteitstransitie de auto een grotere rol heeft dan in meer stedelijk gebied is daarom ook een centraal principe in de Regionale Mobiliteitsvisie MRE.
Meer tangentiele verbindingen zijn een centraal principe in het Regionale Toekomstbeeld OV , met de Brainportlijn zetten we daar een eerste stap in. De schaalsprong betreft niet één gemeente , maar een groot gebied. Daarom werken we nu samen met de
triple helix (inclusief alle lagen uit de overheid) aan deze schaalsprong en is het onze intentie dat ook in de toekomst te blijven doen. Ook bij de consequenties die we nu moeilijk kunnen overzien. Mooi signaal richting uw collega-gemeenteraad. Ter kennisname aangenomen. Aanvullend hierop is het sowieso aan de gemeenteraad om (op het zelfgekozen moment) te beslissen over de ontwikkelingen op eigen grondgebied. Zeker ook nodig bij een majeure ontwikkeling als een HOV-knoop.
Wens
Algemeen
11. Heeze-
Wens
Leende 12. Helmond
Algemeen
Wens
12. Helmond
Wens
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
11. Heeze-
Leende
Wij willen laten weten dat we de communicatie tot nu toe als prettig hebben ervaren. Voor het vervolgproces willen we graag benadrukken dat ook onze raad graag rechtstreeks en intensief geïnformeerd en betrokken wil blijven bij de uitwerking van de ontwikkelstrategie. Als hierin veranderingen plaatsvinden of er input nodig is van de gemeenteraden worden wij hier graag over geïnformeerd. Aanvullend zien wij graag een routekaart voor het verdere verloop van het proces. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom. Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie voor bestaande bebouwing , wat niet aan de huidige eisen voldoet , hieraan toevoegen.
Dank voor het compliment en het duidelijke signaal.
? Eens. We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen , hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst
borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving. 12. Helmond 12. Helmond
12. Helmond
Bedenking Wens
Bedenking
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen
in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken , doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken , ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
12. Helmond
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
12. Helmond
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen.
5 februari 2025
18
Indien de ontwikkelstrategie wordt aangepast (huidige versie of doorontwikkeling) wordt dit meegenomen. Deze wens is er ook breed. Dit is uitgewerkt in de RES en wordt verder uitgewerkt/geactualiseerd in de RES 2. 0 (planning vaststelling 2027). De verdeling van energievoorzieningen is uiteraard ook sterk afhankelijk van
de ruimtelijke mogelijkheden en beperkingen.
Eens. Inbreiding heeft juist het doel om onder andere de ruimtelijke kwaliteit (dus ook groen) en klimaatadaptatie te verbeteren. Zeker niet om dit ten koste te laten gaan van groen. Ruimte voor uitbreiding
is er ook , maar inderdaad wel waar nodig. Dit is heel nadrukkelijk besproken en beschreven in de ontwikkelstrategie. Eens. We denken dat de ontwikkelstrategie hier ruimte voor geeft en dat de regionale aanpak voorzieningen hierin kan helpen. Maar we denken ook dat het uiteindelijk aan de gemeente zelf is om die balans en sociale cohesie bewaken. Eens. Woondeal en ontwikkelstrategie moeten met elkaar in lijn zijn. De regionale aanpak voorzieningen is ook ontstaan vanuit het besef dat het regionaal voorzieningenniveau moet meegroeien met de regionale woningbouwontwikkeling. Daarom is de Regionale aanpak Voorzieningen ook een gedeelde opdracht van het Poho Ruimte en Wonen en Poho Economie. De ontwikkelstrategie doet geen uitspraken over hoogbouw. Dit is aan de lokale gemeente.
12. Helmond
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Sub regionale knopen vergroten de netwerkkracht van de regio Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Bedenking
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties Internationale toppositie voor de brainport vraagt om een kwalitatieve agenda voor werklocaties
5 februari 2025
Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd , maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen. Vergroten treinfrequentie en/of tussentijds in alternatieven voorzien
(fiets/bus). Aandacht
voor specifieke knelpunten
in de regio.
Regionale aanpak t. a. v. de verdeling van verschillende soorten bedrijvigheid in de regio (staat min of meer in ontwikkelstrategie zob)
Effectiever benutten bedrijventerreinen.
van de ruimte op de bestaande
Ruimte voor uitbreiding van lokale bedrijventerreinen in de kernen. MKB is van levensbelang voor het in stand houden van voorzieningen en verenigingsleven in de kernen. Agrarische bedrijven in het buitengebied toekomstperspectief bieden. Goed vestigingsklimaat waardoor bedrijven zich blijven vestigen in de regio.
Graag gaan we in gesprek over de gedachte achter deze bedenking.
Eens dat dit een opgave is. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Multimodale Agenda Zuid-Nederland.
Deze wens is breed bekend en wordt meegenomen in de provinciale voorbereidingen voor de nieuwe OVconcessie. Echter het OV-gebruik -zeker in landelijk gebied- is nog herstellende na corona en er is niet tot nauwelijks extra subsidie beschikbaar. De wens wordt herkend en erkend. De mogelijkheden hiervoor zijn echter soms beperkt. Maar dit onderwerp wordt nadrukkelijk meegenomen in onder meer het MultiModale MobiliteitsPakket MRE ,
Actualisatie MIRT-onderzoek Brainport en Multimodale Agenda Zuid-Nederland. Deze aandacht wordt meegenomen in de uitwerking van de mobiliteitsvisie en multimodale mobiliteitspakketten. In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering programmeren we op regionaal niveau , waar we dit voorgaande jaren op subregionaal niveau hebben gedaan. De verdeling van diverse werkmilieus (en daarmee ook soorten bedrijvigheid) over de regio , ook passend bij de (sub-)regionale eigenheid , is daarbij
nadrukkelijk onderwerp van discussie. In de nieuwe bedrijventerreinenprogrammering is als uitgangspunt opgenomen dat een deel van de geprognotiseerde ruimte gevonden moet worden op bestaande bedrijventerreinen door intensivering. Hiervoor worden in de Uitvoeringsagenda van de programmering procesafspraken gemaakt. Daarbij wordt wel geconstateerd dat de beschikbaarheid van voldoende ambtelijke uitvoeringscapaciteit hierbij cruciaal is. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten. Binnen Economie/regionale agenda bedrijventerreinen ligt de focus op het op de reguliere bedrijventerreinen. Gevestigde agrarische bedrijven in het buitengebied zijn geen onderdeel hiervan. Vormt ook geen onderdeel van het programma Landelijk Gebied. Een goede en evenwichtige verdeling van werkmilieus over de regio moet waarborgen dat het juiste bedrijf op de juiste plek kan worden geaccommodeerd. Daarbij moeten we door het schaarser worden van ruimte
wel scherpere keuzes maken in (sub-)regionale profilering. We willen voorkomen dat er knelpunten ontstaan door slimmer en duurzamer om te gaan met woon- en werklocaties. We pleiten daarom voor meer ruimte voor
industrieterreinen
19
Afhankelijk van het type werkmilieu en de soort bedrijvigheid die daarbij past , worden locatiekeuzes gemaakt. Bereikbaarheid van de locaties en impact op vervoersbewegingen is één van de afwegingen. Met name het werkmilieu Regulier in de regionale programmering voorziet in ruimte voor lokale bedrijvigheid. In de nieuwe programmering is een evenwichtige verdeling hiervan over de regio één van de aandachtspunten.
binnen gemeentes en bij woonkernen waardoor minder woon-werk verkeer nodig zal zijn.
12. Helmond
12. Helmond
12. Helmond
Wens
Bedenking
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
12. Helmond
Wens
(H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend (H)OV en fiets als mobiliteitsdragers voor de regio; auto-infrastructuur is aanvullend Algemeen
Nieuwe verbindingen moeten ook gericht zijn buiten de Peel , provincie overstijgend.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
Het doorgaande verkeer (boven regionaal verkeer) wordt te weinig
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE , Multimodale Agenda
benoemd , maar is wel het probleem.
Zuid-Nederland.
Ook aandacht voor de ‘last mile’ t. a. v. de (H)OV knopen , hier valt in de regio nog veel te winnen.
Eens. Dit wordt ook meegenomen in o. a. het MultiModale MobiliteitsPakket MRE en in de provinciale
Investeringen in OV moeten wel onder voorbehoud van garantie op vervoerskwaliteit en betaalbaarheid.
Onduidelijk wat hier onder vervoerkwaliteit en betaalbaarheid wordt bedoeld. Bij alle OV-investeringen zijn vervoerkwaliteit uitgangspunt en kosten/baten aandachtspunt.
Reisafstand en reistijd moeten zoveel mogelijk beperkt worden. Er moet meer aandacht komen voor het brengen van het werk naar de mensen in plaats van de mens naar het werk Het onderwerp gezondheid een integrale positie geven bij de ontwikkelprincipes.
Nabijheid van werk en voorzieningen is een uitgangspunt in de Regionale Mobiliteitsvisie. Wel moeten we realistisch zijn in hoeverre de locatie van werkgelegenheid stuurbaar is.
Zuid-Nederland.
voorbereidingen voor de nieuwe OV-concessie
We erkennen het belang van gezondheid , ook in combinatie met de ruimtelijke thema's. Bij de totstandkoming is dit niet besproken als een integrale positie bij de ontwikkelprincipes. De meer concrete ambities en consequenties zijn dan ook niet in beeld gebracht of besproken met elkaar. Daarom het voorstel om dit nu niet aan te passen , het zou meer recht doen aan het onderwerp om dit mee te nemen in een doorontwikkeling van de ontwikkelstrategie. Dan kan op dat moment ook lading en inhoud worden gegeven aan
12. Helmond
13. Laarbeek
Wens
Wens
Algemeen
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
5 februari 2025
We pleiten voor een duurzamere en sociale visie ten aanzien van in stand houding en extra investering in lokale en centrale
voorzieningen waardoor minder reizen nodig zal zijn. Denk hierbij aan zorginstellingen , ziekenhuizen , scholen en cultuur. Hierdoor wordt het voor veel mensen eenvoudiger en minder kostbaar om voor hen belangrijke bestemmingen te bereiken. Identiteit van het buitengebied beschermen en daarmee het contrast behouden met bebouwde kom.
20
het onderwerp , en consequenties/vervolgstappen worden besproken.
Goed punt van aandacht. In de regionale aanpak Voorzieningen wordt enerzijds ingezet op de versterking van de basisvoorzieningen (lokaal) en deze mee laten groeien met de schaalsprong , in relatie tot de Het vraagstuk in deze versterking de regionale (centrale) en topvoorzieningen (regionaalboventregionaal). , samenhang bezien en afstemmen. Eens.
13. Laarbeek
Wens
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Concrete ambities wateropgaven en waterkwaliteit op MRE-niveau met de rolverdeling tussen overheid/bedrijfsleven/maatschappij. De regionale ambitie
bestaande bebouwing , wat niet aan de huidige eisen voldoet , hieraan voor
toevoegen.
We moeten in 2027 voldoen aan de Kader Richtlijn Water (EU verplichting). Dat lijkt vooralsnog een brug te ver. Hoe verder weg van de doelen , hoe meer beperkingen op ontwikkelruimte voor andere functies voor de toekomst. Het is belangrijk om samen met de waterschappen te onderzoeken wat de verplichte wateropgaven voor onze regio en gemeenten betekenen en hoe we dit kunnen vertalen naar afspraken en acties die passen binnen de regionale setting. Goed om dit te benaderen in combinatie met de ambities om de groenblauwe verbindingen op regionale schaal te versterken. Inzet: ontwikkelruimte voor de toekomst
borgen en versterking van de kwaliteit van de leefomgeving. 13. Laarbeek 13. Laarbeek
13. Laarbeek
Bedenking Wens
Bedenking
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
Graag uitdrukkelijk het Ruimtelijk Afwegingskader de Peel benoemen
Bodem , water , natuur en landschap als leidend principe
in het document als basis voor de ontwikkelstrategie. Op regionaal niveau verdelen en plaatsen van energievoorzieningen (zoals windmolens) die een grote impact hebben op het landschappelijke beeld met inachtneming van de afspraken , doelstellingen en ontwikkelingen binnen de RES. Inbreiding van de kernen ten koste van groen zoveel mogelijk beperken , ruimte bieden aan uitbreidingsgebieden waar nodig.
13. Laarbeek
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht houden ook voor balans en sociale cohesie in wijken. Daarmee bestaande sociale netwerken bewaken.
13. Laarbeek
Wens
13. Laarbeek
Wens
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
Aandacht voor juiste woningbalans zoals die in de woondeal is opgenomen (30% sociale huur) Evenredige groei van voorzieningen met de groei van woningen en inwoners.
13. Laarbeek
Bedenking
13. Laarbeek
Bedenking
Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen Woningbouw als hefboom voor vitale kernen en dorpen
13. Laarbeek
Bedenking
Mogelijkheden hoogbouw ook in de kleinere kernen. Op specifieke plekken kan dit ook in de dorpen. Omdraaien principe naar ‘vitale kernen en dorpen als hefboom voor woningbouw’: bedienen van alle doelgroepen en creëren van een gezellige woon- en leefomgeving Het doorgaande verkeer (bovenregionaal verkeer) wordt te weinig benoemd , maar is wel een opgave voor de regio. Fijnmaziger OV voor betaalbare verbindingen tussen de kernen.
13. Laarbeek
Wens
13. Laarbeek