CConstaterende datSomeren
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbegroting 2025 GR Peelgemeenten

Gemeenteraad 13 juni 2024, gemeente SomerenBij agendapunt: Besluiten een zienswijze in te dienen op de eerste begrotingswijziging 2024 en ontwerpbegroting 2025 Peelgemeenten14.235 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

0 0 224.584

1.723 1.723 98.107

3.102 3.102 176.593

0 0 0

0 0 128.995

shv Inburgering

TOELICHTING

Bijdrage Gemert-Bakel 2025

TOTAAL

wmo

structurele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel fte 812.020 812.020 Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 1.391.840 545.687 Senzer, Bizob en inkoop jeugd 391.456 62.609 Overige directe kosten 140.800 60.544 Koersagenda 62.906 27.050 Onvoorzien 17.614 7.574 Innovatie en ontwikkeling 88.773 38.172 Totaal structurele bijdrage 2.905.408 1.553.656 Incidentele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 32.814 14.110 Totaal incidentele bijdrage 32.814 14.110 Totale bijdrage 2.938.222 1.567.766

Gemeente Asten

Gemeente Deurne

Gemeente Gemert-Bakel

Gemeente Laarbeek

Gemeente Someren

jeugd

bijz. bijstand

minima

0 545.687 94.665 60.544 27.050 7.574 38.172 773.692

0 213.798 0 0 0 0 213.798

63.452 7.280 7.040 3.145 881 4.439 86.237

14.110 14.110 787.802

0 0 213.798

1.641 1.641 87.877

sdv

shv Inburgering

114.214 13.104 12.672 5.662 1.585 7.990 155.226

0 0 0 0 0 0 0 0

122.800 0 0 0 0 0 122.800

2.953 2.953 158.179

0 0 0

0 0 122.800

TOELICHTING

Bijdrage Laarbeek 2025

TOTAAL

structurele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel fte 1.854.342 Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 1.028.769 Senzer, Bizob en inkoop jeugd 334.559

wmo

jeugd

494.273 1.176.482 393.961 403.341 46.277 115.187

Overige directe kosten 104.071 43.710 44.751 Koersagenda 46.496 19.528 19.993 Onvoorzien 13.019 5.468 5.598 Innovatie en ontwikkeling 65.616 27.559 28.215 Totaal structurele bijdrage 3.446.872 1.030.776 1.793.568 Incidentele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 24.254 10.187 10.429 Totaal incidentele bijdrage 24.254 10.187 10.429 Totale bijdrage 3.471.127 1.040.963 1.803.997

Gemeente Asten

Gemeente Deurne

Gemeente Gemert-Bakel

Gemeente Laarbeek

Gemeente Someren

bijz. bijstand

minima

sdv

shv Inburgering

0 158.027

46.900 5.381

84.420 9.686

183.587 9.380 0

0 0 0 0 158.027

5.204 2.325 651 3.281 63.741

9.366 4.185 1.172 5.905 114.734

1.041 465 130 656 195.259

0 0 0 0 90.767

0 0 158.027

1.213 1.213 64.954

2.183 2.183 116.917

243 243 195.502

0 0 90.767

90.767 0

TOELICHTING

Bijdrage Someren 2025

TOTAAL

wmo

jeugd

structurele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel fte 1.472.587 Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 883.397 Senzer, Bizob en inkoop jeugd 287.283

588.420 346.346 39.738

884.167 346.346 98.911

Overige directe kosten 89.365 38.427 38.427 Koersagenda 39.926 17.168 17.168 Onvoorzien 11.179 4.807 4.807 Innovatie en ontwikkeling 56.344 24.228 24.228 Totaal structurele bijdrage 2.840.082 1.059.134 1.414.054 Incidentele bijdrage Directe salariskosten verdeelsleutel inwonertal 20.827 8.956 8.956 Totaal incidentele bijdrage 20.827 8.956 8.956 Totale bijdrage 2.860.909 1.068.090 1.423.010

Gemeente Asten

Gemeente Deurne

Gemeente Gemert-Bakel

Gemeente Laarbeek

Gemeente Someren

bijz. bijstand

minima

sdv

shv Inburgering

0 135.697

40.273 4.621

72.491 8.317

0 0 0

0 0 0 0 135.697

4.468 1.996 559 2.817 54.734

8.043 3.593 1.006 5.071 98.522

0 0 0 0 0

0 0 0 0 77.941

0 0 135.697

1.041 1.041 55.776

1.874 1.874 100.396

0 0 0

0 0 77.941

77.941 0

TOELICHTING

9. Paragrafen 9.1 Inleiding Paragrafen Zowel in de begroting als in de jaarrekening worden, cf. artikel 9 van het BBV, in afzonderlijke paragrafen de beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. De voorgeschreven paragrafen zijn niet allen van toepassing op GR Peelgemeenten. De volgende paragrafen worden beschreven:

9.2.Weerstandsvermogen en risicobeheersing

9.3 Financiële kengetallen

9.4 Financiering

9.5 Verbonden partijen

9.6 Bedrijfsvoering

9.7 Openbaarheidsparagraaf

TOELICHTING

9.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen kan worden omschreven als de mate waarin de organisatie in staat is om niet structurele financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit gevolgen heeft voor de uitvoering van de taken. Op 9 december 2019 is door het algemeen bestuur de ‘Nota weerstandsvermogen en risicobeheer GR Peelgemeenten 2019’ vastgesteld. Met het vaststellen van de nota Weerstandsvermogen is ingestemd met het instellen van een algemene reserve die als dekking (buffer) dient voor het opvangen van de risico’s. Als addendum hierop heeft het AB in februari 2024 besloten op basis van de huidige totale bijdragen het minimumbedrag van de Algemene reserve te bepalen op € 600.000 en het maximumbedrag op € 1.200.000. Per 31 december 2023 bestaat het saldo van het eigen vermogen uit de algemene reserve € 300.000 en het onverdeelde resultaat van € 717.472. In de resultaatbestemming 2023 wordt voorgesteld € 607.000, voortkomend uit middelen voor de Koers, door te schuiven naar 2024 en het resterende deel van € 110.472 toe te voegen aan de algemene reserve. Daarmee komt de actuele stand van het weerstandsvermogen op € 410.472. Dit betekent daarmee dat het weerstandsvermogen (afgerond) € 190.000 te laag is. In de nota is bovendien vastgesteld ernaar te streven de ratio weerstandsvermogen op minimaal 1 te houden.

Dit betekent dat het weerstandsvermogen minimaal even hoog is als het berekende financieel risico. Voor de jaarrekening 2023 is het financieel risico opnieuw berekend met een uitkomst van € 600.000. Dit betekent een ratio van 410/600 ofwel 0,7. Het berekend risico bevestigt hiermee de noodzaak van een minimale algemene reserve van € 600.000. Het AB heeft in februari 2024 besloten het minimale tekort van € 190.000 aan te zuiveren vanuit toekomstige rekeningresultaten, zolang deze positief zijn, bij een eventueel negatief rekeningresultaat dit niet uit de reserve te dekken maar te verhalen op de deelnemende gemeenten. Voor de begroting 2025 wordt aangesloten bij de risico-inventarisatie die begin 2024, ten behoeve van de jaarrekening 2023, is gemaakt. Deze is gebaseerd op de methodiek van de nota op basis van de begrotingscijfers van 2024. Deze inventarisatie heeft de risico’s opgeleverd benoemd onder de punten 1 t/m 7. Aanvullend hierop vermelden we een additioneel risico (punt 12) wat naar voren is gekomen bij de controle op de jaarrekenig 2022. 1. Ziekteverzuim (risicoscore: 16: ‘rood’) Ziekteverzuim is iets dat bij elke organisatie voorkomt, een ziekteverzuim van circa 5,5% wordt binnen de sector overheid als gemiddeld gezien. Het verzuimpercentage lag bij Peelgemeenten hoger dan het landelijke gemiddelde.

Ziekteverzuim kan leiden tot inhuurafhankelijk van de duur van het verzuim en van de functie. Niet iedereen hoeft direct te worden vervangen, maar de kosten van inhuur zijn hoger dan de kosten van ambtelijk personeel. Zeker in deze tijden van krapte op de arbeidsmarkt. Daarom heeft GR Peelgemeenten een flexpool opgezet in tijden van ziekte, tot maximaal 5%, om zelf de tekorten op te kunnen vangen. Het budget voor inhuur is daarmee verlaagd. Op basis van handhaving van de kans- en risicoklasse en verhoging van het risicobedrag als gevolg van uitbreiding van de personele kosten, is het bedrag geschat op € 280.000. In 2023 is het ziekteverzuim aanzienlijk gedaald ten opzichte van 2022. Mogelijk dat bij voortzetting hiervan in een volgende risicoberekening de kans naar beneden bijgesteld kan worden. Beheersmaatregelen: Het terugdringen van het ziekteverzuim heeft de aandacht binnen GR Peelgemeenten. Door extra inzet op ziekteverzuimbegeleiding en zo nodig (tijdelijke) werkaanpassing wordt getracht dit risico te beheersen. Ook door een intensieve samenwerking met de Arbo arts wordt ingezet op het verlagen van het ziekteverzuim. Daarnaast verwachten we een blijvend effect van het continu werken aan Excellent Werkgeverschap en investeren in leren en (talent)ontwikkelding. Zo werken we vanuit eigen verantwoordelijkheid en initiatief, en investeren we in vitaliteit en gezondheid. 2.

Beveiliging van data/privacy (risicoscore 12: ‘oranje’) Binnen het sociaal domein wordt veel gewerkt met persoonsgegevens. Daaronder vallen ook gevoelige gegevens zoals medische gegevens. Dit brengt bijvoorbeeld een risico van een datalek met zich mee. Het vormt een inbreuk op de privacy van de burgers en kan leiden tot negatieve publiciteit, imagoschade en eventuele boetes. Onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zijn organisaties verplicht om hun organisatie zo in te richten dat de privacyregels structureel worden nageleefd en dat men dit kan verantwoorden en bewijzen. Als de beveiliging van persoonsgegevens niet op orde is, kan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) een boete opleggen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat betrokkenen een claim indienen voor compensatie voor geleden schade. In Nederland heeft dat zich tot nu toe nog niet voorgedaan. Tenslotte is er nog imagoschade, het herstellen hiervan kost tijd en geld. Een financiële vertaling hiervan is echter lastig te maken. Vanwege het toenemend aantal incidenten in den lande en de toenemende afhankelijkheid van externe softwarebedrijven, is de risicoklasse verhoogd. De kans op boetes/imagoschade wordt als gemiddeld (klasse 3) geschat met een inschatting van het risicobedrag, gelet op de omvang van de begroting op gemiddeld € 400.000 (risicoklasse 4).

Beheersmaatregelen: Binnen GR Peelgemeenten zijn een functionaris gegevensbescherming en een privacy officer werkzaam met als belangrijke taak de bewustwording van het belang van beveiliging van

persoonsgegevens. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het bespreken van cases waar de beveiliging van gegevens in het geding is. Op deze manier kan de organisatie leren van de gemaakte fouten. Daarnaast zijn er ook technische maatregelen genomen (bijvoorbeeld Zorgmail) om de privacygevoelige data zo goed mogelijk te beveiligen. Met externe partners worden specifiek op dit gebied concrete afspraken gemaakt. 3.Kwetsbaarheid organisatie (risicoscore: 6: ‘oranje’) De formatie van een aantal bedrijfsvoeringsfuncties is beperkt en het zijn ook veelal eenmansposten/duofuncties. Het risico bestaat dat de werklast (te) hoog wordt, dat werknemers hierdoor wegvallen of dat expertise verloren gaat bij vertrek van een medewerker, met kosten voor inhuur als gevolg. Het risico bij ziekte en de hierbij behorende kosten zijn al meegenomen in het risico van ziekteverzuim. Bij vertrek van werknemers op kwetsbare posities is vervanging op korte termijn nodig; (tijdelijke) inhuur kan dan een oplossing zijn. De financiële omvang van dit risico is relatief gelijk gelaten als de risicoanalyse van 2019. Hiermee valt dit risico in klasse 3 en bedraagt gemiddeld € 200.000. De kans dat het zich voor doet, wordt inmiddels, als gevolg van groei van de organisatie met 75%, lager ingeschat dan destijds, tot een klein risico van 30% (kans-klasse 2).

Beheersmaatregelen: Maatregelen om de kwetsbaarheid van het organisatierisico te verminderen zijn bijvoorbeeld het hebben van actuele beschrijvingen van werkprocessen en -instructies. Daarnaast worden de werkzaamheden zodanig verdeeld dat medewerkers bekend zijn met alle aspecten van het werk en elkaar makkelijker kunnen vervangen. Voor bepaalde functies kan ook bewust worden gekozen om deze via inhuur in te vullen of via outsourcing. 4. Niet-functioneren (risicoscore: 6) Het risico bestaat dat mensen op een positie belanden waarvoor zij niet geschikt zijn: mismatch. Het niet-functioneren van mensen kost geld door bijvoorbeeld een lagere productiviteit of omdat iemand anders moet worden ingehuurd. De kosten hiervan worden berekend op basis van de gemiddelde personeelskosten per fte (€ 80.000 per fte). Daarnaast kunnen er kosten zijn voor outplacement of het betalen van een transitievergoeding. Het totale financiële effect, zoals berekend in 2009, is vermeerderd met de relatieve groei van de organisatie. Daarmee is risicoklasse 3 gebleven (gemiddeld € 200.000). De kans dat dit scenario optreedt wordt als klein (klasse: 2, 30%) geschat. Beheersmaatregelen: Maatregelen om dit te beheersen liggen op het terrein van het personeelsbeleid.

Indien een dergelijke situatie zich voordoet, wordt een persoon zo goed en zo snel mogelijk begeleidt naar een nieuwe baan binnen of buiten de Peelgemeenten-organisatie. 5. Juridische risico’s (risicoscore: 8) Als er niet voldoende personele capaciteit is om de aanvragen voor de verschillende voorzieningen (Wmo, Jeugd en BMS) af te handelen, ontstaan er mogelijk achterstanden in de werkvoorraad. Dit kan leiden tot een overschrijding van de termijnen met het risico op het betalen van boetes. Daarnaast zijn er, inherent aan het verstrekken en beëindigen van voorzieningen, werkzaamheden in het kader van bezwaar en beroep. Door drukke werkzaamheden en (lokale) mogelijkheden tot tijdig plannen van hoorzittingen, kunnen termijnen om tot een tijdig besluit op bezwaar te komen onder druk komen staan. Overschrijding van termijnen kan leiden tot ontvangst van zogenoemde ingebrekestellingen en het moeten betalen van dwangsommen. Daar waar een bezwaar- of beroepschrift (bij rechtbank) leidt tot gegrondverklaring, kunnen gemeenten gehouden zijn tot vergoeden van proceskosten. De kans dat dit zich voordoet is groot (kans-klasse: 4). De financiële omvang wordt, op basis van betaalde dwangsommen in voorgaande jaren, geschat op gemiddeld € 90.000 (risicoklasse 2).

Betaalde boetes worden afgehandeld via de zorgkosten en vormen daarmee geen financieel risico voor de GR maar wel voor de afzonderlijke gemeenten. Beheersmaatregelen: De beheersmaatregelen zijn vooral gelegen in een goede interne organisatie. Binnen GR Peelgemeenten wordt de betaling van dwangsommen en proceskostenveroordelingen zoveel mogelijk tegengegaan door zoveel mogelijk tijdig handelen en het zo goed mogelijk inschatten van de juridische haalbaarheid van procedures. In het nog niet ontgonnen sociale domein (denk met name ook aan het thema-uren versus resultaat) zijn juridische procedures (en betaling van proceskosten) evenwel inherent aan het werk en zullen dus ook altijd blijven. 6. Inkoop en contractbeheer (risicoscore: 3 ‘groen’) Voor de uitvoering van de zorgtaken binnen het sociaal domein wordt op verschillende niveaus samengewerkt. Onjuiste inkoop kan leiden tot schadeclaims en mogelijk opnieuw doorlopen van de aanbestedingsprocedure gemiste kansen qua prijs/kwaliteitverhouding. Een belangrijke partner voor GR Peelgemeenten is het Bureau Inkoop Zuidoost Brabant (Bizob). Bizob regelt in samenwerking met de aangesloten partijen de inkoop en aanbestedingen voor het sociaal domein. GR Peelgemeenten regelt dit voor de deelnemende gemeenten; de contracten staan dan ook op naam van de betrokken gemeenten.

Het inkooprisico voor de zorgkosten ligt dan ook niet bij GR Peelgemeenten maar bij de afzonderlijke gemeenten. Naast de inkoop van zorg, heeft GR Peelgemeenten te maken met inkoop op het gebied van automatisering (onderdeel van de uitvoeringsorganisatie). Voor dit onderdeel ligt het risico bij GR Peelgemeenten. Ook op dit terrein wordt samengewerkt met Bizob. Door deze samenwerking is het inkooprisico zeer klein. Het inkoopvolume is jaarlijks gemiddeld € 100.000,

met een inschatting dat dit risico zeer klein is. Contractbeheer omvat het beheren (fysiek en/of digitaal) van contracten binnen de organisatie, zodat de juiste informatie op het juiste tijdstip op de juiste plaats beschikbaar is. In GR Peelgemeenten is het aantal contracten gering en zijn met betrekking tot het contractbeheer en -management duidelijke afspraken gemaakt over het proces en de verantwoordelijkheden. Het risico van slecht contractbeheer en -management wordt daarom ook als zeer klein ingeschat (kansklasse en risicoklasse 1). De risico’s voor GR Peelgemeenten zijn dus heel klein. Daarom wordt in de risicoberekening het risico op inkoop en contractbeheer volledig bij de gemeenten gerekend. Het blijft echter een dermate laag risico dat er geen prioriteit aan toegekend hoeft te worden (risico groen). Beheersmaatregelen: Zoals hiervoor al vermeld, is Bizob een belangrijke partner in het inkoopproces. Door deze samenwerking worden de risico’s verminderd en wordt de kwaliteit van het inkoopproces verbeterd en daarmee van de in te kopen producten. 7. Overige Op een aantal onderdelen in de risicoanalyse wordt het risico verwaarloosbaar klein ingeschat.

Dit betreft de volgende vier onderdelen: a. Uitvoering taken door andere gemeenten (risicoscore: 2) Een aantal taken, zoals de personeels- salarisadministratie en de financiële administratie, worden voor GR Peelgemeenten uitgevoerd door één van de deelnemende gemeenten. De risico’s voor niet goed uitvoeren worden verminderd doordat in toenemende mate met DVO’s gewerkt wordt. b. ICT-voorzieningen (risicoscore: 1) Uitval en/of storingen vormen een bedreiging voor de bedrijfsvoering en daarmee de dienstverlening. De impact van de storing hangt voor een groot deel af van de duur (in tijd) van de storing. De inschatting is dat een kortdurende storing (minder dan een halve dag) niet tot extra kosten leidt. c. Politiek-bestuurlijke risico’s (risicoscore: PM) GR Peelgemeenten heeft als samenwerkingsverband te maken met vijf gemeenten en daarmee ook met vijf gemeentebesturen. Het risico bestaat dat het lokaal belang boven het regionale belang gaat. Door regelmatig in dialoog te gaan met het lokale bestuur over ontwikkelingen die spelen bij GR Peelgemeenten wordt geprobeerd dit risico te beperken. Dit is inherent aan de organisatievorm van een gemeenschappelijke regeling. Het risico wordt pm meegenomen. d. Landelijke ontwikkelingen (risicoscore: PM) Landelijke wet- en regelgeving kunnen ertoe leiden dat er extra taken bijkomen voor GR Peelgemeenten.

Als er geen aanvullende middelen tegenover staan, legt dat een extra beslag op de beschikbare capaciteit van GR Peelgemeenten. Wijzigingen in beleid vragen om afzonderlijke bestuurlijke besluitvorming, waarbij de financiële consequenties worden meegenomen. Deze risicocategorie wordt in deze nota alleen benoemd en hoeft niet te worden gerelateerd aan het weerstandsvermogen van de GR. e. Verlofsparen (risicoscore: PM) Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Met dit ‘verlofsparen’ kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeeld. Deze vakantie-uren verjaren niet. Dit kan gaan leiden tot verlofstuwmeren die bijvoorbeeld ingezet gaan worden om eerder met pensioen te gaan. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, zal hier verder beleid op worden gemaakt, waarbij gelet wordt op het vormen van de juiste voorzieningen hiervoor per 2023. Op dit moment is de opbouw nog zo gering dat het geen risico’s oplevert. Daarom is dit risico nu nog niet opgenomen in de risicoberekening.

Van de geïnventariseerde risico’s is een risicomatrix opgesteld die staat weergegeven op de volgende pagina:

Risico's GR Peelgemeenten:

Kans

kansklasse

kans

risico klasse

Financieel risicobedrag gevolg 2024

score

Ziekteverzuim

Groot

4

70%

4

€ 400.000 €

280.000

16

Beveiliging van data/ privacy

Gemiddeld

3

50%

4

€ 400.000 €

200.000

12

Kwetsbaarheid organisatie

Klein

2

30%

3

€ 200.000 €

60.000

6

Niet functioneren

Klein

2

30%

3

€ 200.000 €

60.000

6

€

600.000

Totaal berekend risico GR Peelgemeenten: Risico's bij gemeenten: Juridische risico's

Groot

4

70%

2

€

90.000 €

63.000

8

Inkoop en contractbeheer

Zeer klein

1

10%

3

€ 200.000 €

20.000

3

TOELICHTING

9.3 Financiële kengetallen Deze paragraaf bevat de financiële kengetallen die elke gemeente of gemeenschappelijke regeling verplicht moeten opnemen. Omdat de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet van toepassing zijn GR Peelgemeenten, zijn deze niet opgenomen. Kengetallen kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een gemeente en maken het mogelijk om gemeenten onderling te vergelijken. Doordat GR Peelgemeenten een uitvoeringsorganisatie is die middels bevoorschotting wordt gefinancierd door de deelnemende gemeenten, hierdoor geen schulden heeft en doordat GR Peelgemeenten behalve het rekeningresultaat geen eigen vermogen heeft, hebben de financiële kengetallen een beperkte waarde.

Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

realisatie 2023 -6,5%

Begr Begr Mjr Mjr 2024 2025 2026 2027 -1,9% -1,9% -1,8% -1,6%

Mjr 2028 -1,5%

-6,5%

-1,9%

-1,9%

-1,8%

-1,6%

-1,5%

4,9% -1,9%

2,1% 0,0%

2,0% 0,0%

2,0% 0,0%

2,0% 0,0%

2,0% 0,0%

Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de totale baten en zegt iets over de mate waarin de schuld van de gemeenschappelijke regeling met de inkomsten kan worden gedragen. De VNG hanteert voor de schuldquote de volgende norm: onder de 100% is goed, tussen de 100% en 130% is matig en boven de 130% is onvoldoende. De netto schuldquote is voor GR Peelgemeente in de begroting van 2025 -2,6% en dus meer dan goed. Omdat GR Peelgemeenten geen leningen verstrekt is het kengetal ‘netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen’ gelijk aan de ‘gewone’ netto schuldquote. Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft de verhouding tussen het eigen vermogen (reserves) en het totale vermogen (= eigen vermogen + vreemd vermogen) weer. Het gaat erom inzicht te krijgen in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling, in geval van nood, in staat is aan zijn financiële verplichtingen (vooral de verschaffers van vreemd vermogen) te voldoen. Voor gemeenten geldt normaal gesproken hoe hoger het solvabiliteitspercentage, hoe beter. De stijging van het eigen vermogen houdt geen tred met de omvang van de bedrijfsvoering, en daarmee de kortlopende passiva. Daardoor zien we een afloop van de solvabiliteitsratio.

Bij de jaarrekening van 2023 is besloten de algemene reserve op peil te houden conform de minimum eis voor het weerstandsvermogen van € 600.000. De algemene reserve bedraagt na verwachte dotatie van het rekeningresultaat 2023 € 410.000. Dit is na de onttrekking aan de reserve van het deel dat bestemd is 2024. Omdat meerjarig geen rekening wordt gehouden met begrote resultaten, blijft de stand van de algemene reserve meerjarig gelijk.

TOELICHTING

9.4 Financiering GR Peelgemeenten wordt gefinancierd door de vijf deelnemende gemeenten. Het uiteindelijke financiële risico ligt dan ook bij die gemeenten. Tussen GR Peelgemeenten en de deelnemende gemeenten is onderscheid te maken in twee verschillende financieringsstromen, namelijk de uitvoeringskosten en de zorgkosten. De uitvoeringskosten worden betaald door GR Peelgemeenten, waarbij GR Peelgemeenten per kwartaal op basis van inwonertal een voorschot in rekening brengt aan de vijf deelnemende gemeenten. Na afloop van het jaar wordt afgerekend op basis van werkelijke kosten. De zorgkosten worden eveneens betaald aan aanbieders door GR Peelgemeenten, waarbij GR Peelgemeenten per kwartaal een voorschot in rekening brengt aan de vijf deelnemende gemeenten. Na afloop van het kwartaal wordt het voorschot vervolgens verrekend met de gerealiseerde zorgkosten. Decentrale overheden (provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen in de vorm van een openbaar lichaam) zijn, op basis van de Regeling Schatkistbankieren, verplicht om hun overtollige middelen boven een bepaald drempelbedrag, in de schatkist aan te houden. In juli 2021 is het drempelbedrag verhoogd van € 250.000 naar € 1.000.000. Voor de GR Peelgemeenten is het bedrag waarop automatisch wordt afgeroomd gehandhaafd op € 250.000.

Dit is gunstig gelet op de hogere rente die nu ontvangen wordt op het kasgeldbankieren. In combinatie met het redelijke stabiele saldo op het kasgeldbankieren levert dit een begroot bedrag aan rente op van € 200.000.

TOELICHTING

9.5 Verbonden partijen GR Peelgemeenten heeft zelf geen verbonden partijen. Wel zijn er DVO’s afgesloten met de GR Senzer in het kader van de uitvoering van de bijzondere bijstand, schuldhulpverlening aan ondernemers en het archiefbeheer met betrekking tot deze documenten. Daarnaast zijn met de gemeente Helmond DVO’s afgesloten met betrekking tot de uitvoering van Beschermd wonen en Beschermd thuis en Maatschappelijke opvang en Vrouwenopvang door de gemeente Helmond. De (bestaande) samenwerkingsovereenkomst met de gemeente Helmond in het kader van inkoop Wmo en jeugdzorg loopt door. Met gemeente Gemert-Bakel hebben we met ingang van 1 januari 2022 een DVO afgesloten voor de uitvoering van de personeels- en salarisadministratie voor GR Peelgemeenten. Met ingang van april 2022 hebben we een DVO met de vijf gemeenten afgesloten voor het gebruik van onze applicatie ZorgNed ten behoeve van de Wet Inburgering. Daarnaast heeft GR Peelgemeenten namens de vijf Peelgemeenten samenwerkingsovereenkomsten gesloten met 11 en 21 gemeenten uit de regio voor de inkoop van Jeugdhulp. GR Peelgemeenten zelf is een verbonden partij van de deelnemende gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren.

TOELICHTING

9.6 Bedrijfsvoering Formatie Peelgemeenten De in de begroting 2025 opgenomen formatie voor GR Peelgemeenten bedraagt 124,9 formatieplaatsen en bestaat voor 123,9 fte uit structurele formatie en voor 1,0 fte incidentele formatie. De incidentele formatie betreft de formatie voor een kwaliteitsmedewerker. In onderstaand overzicht is de formatie voor de begroting 2024 en 2025 weergegeven. De begroting 2024 is de formatie inclusief de wijzigingen die in de eerste begrotingswijzigingen zijn opgenomen.

begroting begroting 2024 2025 Structureel 122,9 123,9 Team dienstverlening 68,3 69,3 Team organisatie & ontwikkeling 35,8 35,8 Team bedrijfsvoering & management 18,9 18,9 Formatieoverzicht

Incidenteel Team dienstverlening Totale formatie

1,0 1,0

1,0 1,0

123,9

124,9

De mutatie ten opzichte van 2024 betreft één fte extra in de flex-pool jeugd. Een aantal bedrijfsvoeringstaken voert GR Peelgemeenten niet zelf uit, maar hiervoor wordt gebruik gemaakt van de aanwezige kennis en formatie bij één van de Peelgemeenten. De hierbij gemoeide formatie is niet opgenomen in bovenstaand overzicht. Deze personen zijn namelijk niet in dienst bij de GR. De gemeenten die formatie leveren worden hiervoor gecompenseerd op basis van de begrote loonsom van de geleverde formatie. Het gaat hierbij om de volgende taken die worden ingekocht bij een van de gemeenten: • Salaris- en personeelsadministratie: 0,8 fte via de gemeente Gemert-Bakel • Financiële administratie: 0,5 fte via de gemeente Deurne • Functionaris gegevensbescherming: 0,2 fte via de gemeente Laarbeek

TOELICHTING

9.7 Openbaarheidsparagraaf Gelet op artikel 3.5 Wet open overheid wordt in deze paragraaf beschreven welke activiteiten in 2025 worden uitgevoerd ten aanzien van de verbetering van de informatiehuishouding, de actieve openbaarmaking en de passieve openbaarmaking. Verbetering informatiehuishouding In 2023 zijn de eerste stappen gezet voor de ontwikkeling van een volledig informatiebeheerplan. Hiermee wordt een overzicht gecreëerd van de huidige inrichting en status van het informatiebeheer waardoor er aanbevelingen kunnen worden gedaan om de informatiehuishouding te verbeteren. In 2024 en 2025 zal hier verder op worden doorgepakt. Actieve openbaarmaking Belangrijk onderdeel van de Woo is de actieve openbaarmaking van diverse categorieën informatie. De categorieën zijn opgenomen in de wet, waarbij per Koninklijk Besluit de fasering voor de openbaarmaking wordt beslist. In 2024 wordt onderzocht op welke manier en via welk medium GR Peelgemeenten de verplichte categorieën informatie openbaar kan maken. In 2025 wordt hier verder invulling aan gegeven. Passieve openbaarmaking Passieve openbaarmaking is openbaarmaking op verzoek. In 2022 is voor ieder bestuursorgaan binnen GR Peelgemeenten een Woo-contactpersoon aangewezen. In 2025 wordt hier verder op voort gebouwd, zodat burgers en media sneller van informatie worden voorzien.

TOELICHTING

Bijlagen

10.5 Meerjarig overzicht balans

10.1 Inleiding bijlagen Het besluit BBV schrijft voor dat in de begroting een aantal overzichten verplicht moeten worden opgenomen. In de begroting 2025 zijn een aantal van deze overzichten opgenomen onder de bijlagen. Het betreft: • bijdragen deelnemende gemeenten • overzicht naar taakvelden • overzicht overhead • onvoorzien en algemene dekkingsmiddelen • Emu-saldo • Meerjarig overzicht balans

Balans Activa Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa

Rekening 31-12-23

Begroting 31-12-24

Begroting 31-12-25

Meerjarenraming 31-12-26 31-12-27 31-12-28

177.500

140.000

120.000

110.000

130.000

140.000

177.500

140.000

120.000

110.000

130.000

140.000

10.2 Overzicht lasten en baten

LASTEN

Begr 2025

MJR 2026

MJR 2027

MJR 2028

3.057.300 1.047.500 387.300 9.117.400 674.300 1.205.000 15.488.800

3.250.400 1.093.400 411.800 9.693.200 716.900 1.281.100 16.446.800

3.455.700 1.142.300 437.800 10.305.500 762.200 1.362.000 17.465.500

3.673.900 1.194.200 465.500 10.956.300 810.300 1.448.000 18.548.200

Begr 2025

MJR 2026

MJR 2027

MJR 2028

572.200 488.000 12.361.100 1.214.700 852.800 15.488.800

602.000 488.000 13.156.300 1.292.300 908.200 16.446.800

633.700 488.000 14.001.800 1.374.800 967.200 17.465.500

667.400 488.000 14.900.600 1.462.400 1.029.800 18.548.200

Uitsplitsing overhead

Begr 2025

MJR 2026

MJR 2027

MJR 2028

Overhead loonkosten Overhead automatisering Overhead huisvesting Overhead overig

2.107.600 481.000 107.800 360.900 3.057.300

2.240.700 511.400 114.600 383.700 3.250.400

2.382.200 543.700 121.800 408.000 3.455.700

2.532.700 578.000 129.500 433.700 3.673.900

0.4 0.8 6.1 6.2 6.3 6.71d

Overhead Overige baten en lasten Samenkracht en burgerparticipatie Wijkteams Inkomensregelingen Maatwerkdienstverlening 18+

Baten

0.8 6.1 6.2 6.3 6.71d

Overige baten en lasten Samenkracht en burgerparticipatie Wijkteams Inkomensregelingen Maatwerkdienstverlening 18+

Vlottende activa Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1jaar 9.390.000 9.196.000 9.000.000 Overige vorderingen 12.106.500 10.046.000 11.500.000 Liquide middelen 250.000 201.000 250.000 Overlopende activa 466.000 192.000 Totaal vlottende activa 22.212.500 19.635.000 20.750.000 Totaal activa 22.390.000 19.775.000 20.870.000 Passiva Vaste passiva Eigen vermogen 1.021.000 365.000 Vreemd vermogen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Totaal vaste passiva 1.021.000 365.000

9.000.000 9.000.000 9.000.000 11.500.000 11.500.000 11.500.000 250.000 250.000 250.000 20.750.000 20.750.000 20.750.000 20.860.000 20.880.000 20.890.000

365.000

365.000

365.000

365.000

0 365.000

0 365.000

0 365.000

0 365.000

Vlottende passiva Schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar 345.000 250.000 250.000 Overlopende passiva 21.024.000 19.160.000 20.255.000 Totaal vlottende passiva 21.369.000 19.410.000 20.505.000 Totaal passiva 22.390.000 19.775.000 20.870.000

250.000 250.000 250.000 20.245.000 20.265.000 20.275.000 20.495.000 20.515.000 20.525.000 20.860.000 20.880.000 20.890.000

10.3 Overzicht overhead

10.4 EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art. 19) is de verplichting vastgesteld dat de Gemeenschappelijke Regelingen ramingen van het EMU-saldo dienen te verstrekken over het voorafgaande jaar, het actuele jaar, het begrotingsjaar en voor het jaar volgend op het begrotingsjaar. De begroting van de GR Peelgemeenten is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.

Emu-saldo

1. Exploitatie saldo voor reservemutaties 2. Mutatie (im)materiele vaste activa

Begroting Begroting 2024 2025

MJR 2026

MJR 2027

MJR 2028

-600.000

0

0

0

0

40.000

20.000

10.000

-20.000

-10.000

3. Mutatie voorzieningen

0

0

0

0

0

4. Mutatie voorraden 5. Verwachte boekwinst verkoop effecten en (im)materiele vaste activa

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

-560.000

20.000

10.000

-20.000

-10.000

Berekend EMU saldo

10.6 Investeringen De investeringen van Peelgemeenten zijn beperkt van omvang en bestaan alleen uit investeringen voor automatisering-hardware (laptops). Deze investeringen worden in 3 jaar afgeschreven. Voor 2024 staan vervangingsinvesteringen gepland voor een bedrag van € 50.000. De investeringen bedroegen in 2022 € 70.000 en in 2023 € 160.000. Op grond daarvan stijgen de afschrijvingslasten met ingang van 2024. In 2025 betekent dit een stijging van € 26.000 tot € 90.000 in totaal.

Jaar 2023 € 2024 € 2025 € 2026 € 2027 € 2028 €

investeringstotale boekwaarde bedrag afschrijving einde jaar 162.737 € 61.365 € 180.000 50.000 € 90.000 € 140.000 70.000 € 90.000 € 120.000 80.000 € 90.000 € 110.000 90.000 € 70.000 € 130.000 100.000 € 90.000 € 140.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14148202/1