Jaarstukken 2023 v2
Tekst van het document
6.82B
Jeugdreclassering
11
0
11
7.1
Volksgezondheid
974
-86
888
26.467
-8.558
17.909
375
-1.089
-714
26.842
-9.649
17.194
Totaal baten en lasten 010
Reserves Totaal
Voor een nadere toelichting van de taakvelden verwijzen we u naar de website: https://findo.nl/content/taakvelden-gemeenten
37
tableCell36Saldo van de baten en lasten
Taakveld
Begroting
Begroting
Jaar-
Verschil
2023 voor
2023 na
rekening
saldo
wijziging
wijziging
2023
(*)
4.2
Onderwijshuisvesting
718
633
610
23
4.3
Onderwijsbeleid en leerlingenzaken
602
598
578
20
5.1
Sportbeleid en Activering
382
342
382
-39
5.2
Sportaccommodaties
709
590
638
-47
5.3
Cult,presentatie, -productie en -partic.
273
280
254
27
5.4
Musea
30
30
28
2
5.5
Cultureel erfgoed
81
79
95
-17
5.6
Media
401
403
393
10
6.1
Samenkracht en burgerparticipatie
2.282
1.819
1.449
370
6.2
Toegang en eerstelijnsvoorzieningen
2.307
2.573
2.438
135
6.3
Inkomensregelingen
1.932
2.913
2.852
61
6.4
WSW en beschut werk
1.519
1.519
300
1.219
6.5
Arbeidsparticipatie
307
168
136
31
6.6
Maatwerkvoorziening (WMO)
536
764
883
-119
6.71A
Hulp bij het huishouden (Wmo)
1.473
1.581
1.544
37
6.71B
Begeleiding (Wmo)
1.236
744
1.211
-467
6.71C
Dagbesteding (Wmo)
0
419
0
419
6.72A
Jeugdhulp begeleiding
740
986
935
51
6.72B
Jeugdhulp behandeling
879
632
458
174
6.72C
Jeugdhulp dagbesteding
24
568
524
44
6.72D
Jeugdhulp zonder verblijf overig
0
263
23
239
6.73A
Pleegzorg
0
53
0
53
6.73B
Gezinsgericht
280
147
241
-94
6.73C
Jeugdhulp met verblijf overig
1.149
261
1.059
-798
6.74A
Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf
18
0
10
-10
6.74B
Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf
53
361
247
114
6.74C
Gesloten plaatsing
71
146
73
73
6.81A
Beschermd wonen (Wmo)
18
-524
-524
6.81B
Maatschappelijk- en vrouwenopvang (Wmo)
0
50
17
33
6.82A
Jeugdbescherming
235
142
156
-14
6.82B
Jeugdreclassering
6
23
11
12
7.1
Volksgezondheid
849
871
888
-17
19.111
19.433
17.908
1.526
-309
-1.031
-714
-317
18.802
18.402
17.194
1.208
Resultaat 010
Reserves Resultaat (*)
Saldo = Begroting na wijziging - Jaarrekening
38
Taakveld 4.2
Verklaring voor het verschil 1 2
4.3
Lagere belastingen (OZB), heffingen en waterschapslasten Overige verschillen per saldo
1
Verschil
V/N
15.000
V
8.000
V
31.000
V
12.000
V
23.000
N
38.000
N
1.000
N
Voordeel op OAB budget door bekostiging NT2 subsidie uit NPO middelen 2
3 5.1
5.2
5.3
5.4
5.5
2
Overige verschillen per saldo Per saldo nadeel op sportbevordering. Middelen LEEF zaten tot schooljaar 22/23 in een krediet, vanaf schooljaar 23/24 in de exploitatie op taakveld 5.1. T.b.v. schooljaar 23/24 heeft aan de lastenkant geen correcte bij raming plaatsgevonden. Overige verschillen per saldo
1
Nadeel op sportterreinen uitbesteed werk door nagekomen onderhoudskosten 2022
39.000
N
2
Overige verschillen per saldo
8.000
N
1
In 2022 heeft er een project cultuureducatie plaatsgevonden, in 2023 niet. Dit verklaart mede het voordeel in 2023. Daarnaast wijken de huurkosten en subsidies elk jaar iets af
14.000
V
2
Overige verschillen per saldo
13.000
V
1
Per saldo nadeel op overig cultuur. De financieringsstructuur voor cultuureducatie is gewijzigd. Vanaf 2023 voert externe partij 'Kunstkwartier' voor ons cultuureducatie uit
9.000
N
2
Overige verschillen per saldo
11.000
V
1
De uitgaven monumentenzorg kunnen jaarlijks fluctueren. Deze meerkosten monumentenzorg 2023 worden onttrokken uit de reserve monumenten. Overige verschillen per saldo
14.000
N
3.000
N
Per saldo voordeel ten opzichte van de geraamde Oekraïnegelden, met name vanwege minder kosten opvang vluchtelingen (o.a. door mindere huisvestingskosten en minder Oekraïners)
84.000
V
20.000
V
14.000
V
46.000
V
V
1
2 6.1
1
2 3 4
6.2
Nog te ontvangen Rijk, opvang ontheemden Oekraïne Voordeel op subsidies voor incidentele initiatieven. De bijraming bij de decemberrapportage 2023 was te ruim, het totaal aantal aanvragen was destijds nog niet bekend. Voordeel op algemene voorzieningen jeugd. In overwegende mate veroorzaakt door terugvorderingen op subsidies. Diverse kosten zullen tevens pas in 2024 plaatsvinden
5
Cliëntenervaringsonderzoeken inzake WMO en Jeugdwet zijn niet uitgevoerd in afwachting implementatie regionale continu cliëntmonitoring
10.000
6
Storting saldo IP's naar 2024 via reserve Kredietoverheveling, zie taakveld 010 reserves Hogere doorbelasting loon- en inhuurkosten
212.000
V
7
14.000
N
8
Overige verschillen per saldo
2.000
N
1
Voordeel op regionale inkoop jeugd gefinancierd vanuit Brede SPUK regeling voor Kansrijke Start
11.000
V
2
De inkomensoverdracht vanuit het Rijk voor Valpreventie betreft € 62.969. In de begroting was per abuis een bedrag opgenomen van € 6.296 Storting saldo IP's naar 2024 via reserve Kredietoverheveling, zie taakveld 010 reserves Overige verschillen per saldo
57.000
V
83.000 15.000
V N
1
Voordeel op kosten bijzondere bijstand. De kosten voor bijzondere bijstand zijn een inschatting die per jaar vanwege aanvragen kan fluctueren
51.000
V
2
De gemeentelijke bijdrage bij CAV is aangepast. Aanpassing was voor het minder zware aanvullende pakket zodat deze goedkoper wordt voor de inwoner dan het zware pakket. Echter het aantal afgenomen aanvullende pakketten was lager dan geraamd. De raming van de inkomsten is hoger ingeschat dan wat er daadwerkelijk is binnengekomen via de rijksbijdrage BUIG. Verschil valt weg tegen de baten
11.000
V
51.000
V
11.000
V
10.000
N
3 4 6.3
Voordeel op leerlingenvervoer. Leerlingenvervoer werkt op afroep, waardoor pas aan het einde van het jaar inzichtelijk is hoeveel er daadwerkelijk is afgenomen
3 4 5
Kwijtschelding belastingen lager dan begroot De zomernota is naar beneden bijgesteld op basis van de prognose Peelgemeenten. Daarbij is geen rekening gehouden met de lokale subsidieverstrekkingen
39
6 7 6.4
1
2 6.5
1 2
6.6
De raming van de inkomsten is hoger ingeschat dan wat er daadwerkelijk is binnengekomen via de rijksbijdrage BUIG. Verschil valt weg tegen de lasten Overige verschillen per saldo Afspraak is dat de WSW-gelden, die we van het Rijk ontvangen, doorbetaald worden aan Senzer. De werkelijke Rijksontvangsten waren lager, doordat ze op onjuiste kengetallen gebaseerd waren. Hierdoor hebben we ook 1,2 miljoen minder doorbetaald aan Senzer. De geraamde doorbetaling aan Senzer was echter niet bijgesteld. Overige verschillen per saldo Op Wet inburgering en onderwijsroute is voor € 38.000 aan verrekeningen van 2022 geboekt. Daarom een positief resultaat Overige verschillen per saldo
52.000
N
1.000
N
1.220.000
V
1.000
N
38.000
V
6.000
N
1
Hogere zorgkosten maatwerkvoorzieningen materieel (Wmo) op woonvoorzieningen. Hogere kosten o.a. te wijten aan enkele grote woningaanpassingen
113.000
N
2
Hogere zorgkosten maatwerkvoorzieningen materieel (Wmo) op onderdelen collectief vervoer en corona Lagere zorgkosten maatwerkvoorzieningen WMO op onderdeel rolstoelen (prognose zorgkosten GR Peelgemeenten begrotingsmatig verwerkt tot en met tweede kwartaal)
48.000
N
56.000
V
4
Lagere ontvangst uit afdrachten CAK dan begroot. Eerdere aframing bij zomernota blijkt te laag
13.000
N
5
overige verschillen per saldo
1.000
N
6.71A
Voordeel op zorgkosten huishoudelijke ondersteuning en begeleiding door stabilisatie clientenaantallen 2e helft 2023
37.000
V
6.71B
Nadeel van op Begeleiding individueel Wmo (6.71B) valt grotendeels weg tegen voordeel op Dagbesteding Wmo (6.71C). Per saldo overschrijding 48.000. De stijging van het aantal voorzieningen is hoger dan het aanwaspercentage waarmee gerekend is bij de begroting
467.000
N
6.71C
Het voordeel op Dagbesteding Wmo (6.71C) valt geheel weg tegen het nadeel van op Begeleiding individueel Wmo (6.71B). Per saldo overschrijding 48.000. De stijging van het aantal voorzieningen is hoger dan het aanwaspercentage waarmee gerekend is bij de begroting
419.000
V
1
Voordeel op zorgkosten Jeugd/ JW logeren en respijtzorg en PGB
33.000
V
2
Correcties meerkosten corona 2021 per abuis geboekt op Jeugd in plaats van WMO. Dit leidt hier tot een voordeel
12.000
V
3
Overige verschillen per saldo
6.000
V
Voordeel op afrekening 2022 jeugd behandeling en GGZ
174.000
V
1
Voordeel op zorgkosten Jeugd. Het aantal behandelingsvoorzieningen is lager dan in de begroting 2023 werd aangenomen.
40.000
V
2
Overige verschillen per saldo
4.000
V
3
6.72A
6.72B 6.72C
6.72D
Bijraming in december rapportage van € 262.500 is administratief onjuist verwerkt en hoort bij 6.73C.
239.000
V
6.73A
Op taakveld 6.73A zijn geen kosten verantwoord. Dit voordeel zorgkosten Jeugd valt volledig weg tegen het nadeel op kostenplaats 6.73B woonvormen jeugd, pleegzorg
53.000
V
6.73B
Nadeel zorgkosten Jeugd door een extra tariefsverhoging bij pleegzorg per 1-1-2023 bovenop de indexering van 4,4%. Samen beoordeeld met 6.73A, is het nadeel € 53.000 lager.
94.000
N
1
Nadeel door extreem dure casus voor jeugdhulp met verblijf met ongecontracteerde aanbieder vanaf Q3. Hierdoor zijn de kosten hoger dan geraamd. Daarnaast is er per saldo € 481.500 op taakvelden 6.72D en 6.74B geraamd. Tegen elkaar weggestreept, is het resterende nadeel € 315.500.
797.000
N
2
Hogere doorbelasting loon- en inhuurkosten
1.000
N
Nadeel op zorgkosten Jeugd/ jeugdhulp ambulant. Bij zomernota 2023 teveel afgeraamd o.b.v prognose zorgkosten GR Peelgemeenten
10.000
N
1
De verplichting die ultimo 2022 was opgenomen blijkt te laag. De werkelijke nagekomen lasten over zorgperiode 2022 zijn € 95.000 hoger.
92.000
N
2
Bijraming in zomernota van € 219.000 is administratief onjuist verwerkt en hoort bij 6.73C
224.000
V
3
Nadeel op zorgkosten Jeugd door met name transitoria posten (prognose zorgkosten van GR Peelgemeenten is tussentijds aangepast tot en met het tweede kwartaal)
18.000
N
6.73C
6.74A 6.74B
40
7.74C 6.82A
Voordeel op zorgkosten gesloten jeugdhulp met verblijf door lagere instroom dan waarmee begrotingsmatig rekening gehouden was
73.000
V
1
Nadeel op zorgkosten Jeugd valt gedeeltelijk weg tegen voordeel op 6.82B. Ondanks verminderde aantallen zijn de kosten minder gedaald dan begroot
22.000
N
2
Overige verschillen per saldo
8.000
V
Voordeel op zorgkosten Jeugd valt weg tegen nadeel op 6.82A. Ondanks verminderde aantallen zijn de kosten minder gedaald dan begroot
12.000
V
1
Afrekening JGZ in verband met toename aantal kinderen (meer dan begroot)
10.000
N
2
Overige verschillen per saldo
7.000
N
1
Stortingen reserve kredietoverheveling
373.000
N
2
Onttrekking reserve monumenten t.b.v. meerkosten monumentenzorg 2023
14.000
V
3
Onttrekking reserve kredietoverheveling in verband met vooruitontvangen subsidie brede SPUK en correctie aanpak overgewicht
43.000
V
4
Overige verschillen per saldo
1.000
N
6.82B 7.1
0.10
Voor de prestatie-indicatoren behorende bij programma 2 verwijzen wij u naar bijlage 1. Deze bijlage is afkomstig van: www.waarstaatjegemeente.nl
41
Verbonden partijen In onderstaande tabel worden de publiekrechtelijke en/of privaatrechtelijke verbonden partijen van dit programma getoond. Publiek verbonden partij Naam
Plaats
Gemeenschappelijke regeling Peelgemeenten
Deurne
Senzer
Helmond
GGD Brabant Zuidoost
Eindhoven
42
3. Bedrijfsvoering Speerpunten Speerpunt 3.1: Bestuurskracht Portefeuillehouder: D. Blok
Wat wilden we bereiken? We willen een krachtige, zelfstandige gemeente blijven die in staat is om de maatschappelijke opgaven op een goede manier te vervullen.
Wat hebben we hiervoor gedaan?
1. Het college heeft in mei 2023 een plan van aanpak vastgesteld met aandachtspunten voor de ontwikkeling van de gemeentelijke organisatie, het versterken van de financiële positie, en samenwerking in de regio met inwoners en maatschappelijke organisaties. De aandachtspunten volgen de actiepunten / aanbevelingen uit het rapport van het bestuurskrachtonderzoek.
2.
We voeren het plan van aanpak uit:
Samenwerken: in de sub-regio MRE-Peelgemeenten is een opzet gemaakt voor verdere samenwerking binnen het MRE-gebeuren die in 2024 geoperationaliseerd zal worden.
Functioneren bestuur: in september is een ‘toolkit lokale driehoek’ vastgesteld door de raad die oogt op transparantie, een constructieve werkwijze in de gemeenteraad en een weerbaar bestuur.
Organisatie: in 2023 is ook het organisatieontwikkelplan vastgesteld dat in 2024 tot concrete aanpassingen in de organisatie zal leiden.
Financiën: besloten is om in 2024 te onderzoeken hoe zero based – budgetteren tot een beter financieel beheer kan leiden.
Publieke dienstverlening: er is een nieuw dienstverleningsconcept in voorbereiding waarbij ook de relatie gelegd wordt met nieuwe wetgeving op het vlak van informatievoorziening.
3.
Organisatieontwikkelplan 2023: Voor elkaar! (portefeuillehouder W.M. van Doorn) Uit de aanbevelingen van het de bestuurskrachtmeting en het daaruit voortvloeiende plan van aanpak blijkt dat het toekomstbestendig maken van de uitvoeringscapaciteit de belangrijkste bestuurlijke opgave is. De aanbevelingen van het onderzoek onderbouwen mede de legitimatie van de organisatieontwikkeling. De strategische versterking van de organisatie in 2024 zal dan ook opleveren welke uitvoeringscapaciteit nodig zal zijn om de aanbevelingen uit het onderzoek op te pakken.
43
Speerpunt 3.2: Personeel Portefeuillehouder: W.M. van Doorn
Wat wilden we bereiken? We willen in 2026 de beste werkgever van Nederland (World-class Workplace) zijn in de categorie gemeenten onder 50.000 inwoners.
Wat hebben we hiervoor gedaan? 1.
We voeren het organisatie-ontwikkelplan 2023 ‘Voor elkaar!’ uit: hierbij is aandacht voor het geheel, van structuur tot en met cultuur;
2.
We actualiseren het loongebouw om onder andere onze positie op de arbeidsmarkt te versterken; De evaluatie van het loongebouw is eind 2023 gestart. Afronding wordt voorzien net vóór of direct na de zomervakantie 2024.
3.
We vergroten de bestuurlijke- en ambtelijke weerbaarheid (portefeuillehouders W.M. van Doorn en D.Blok); In Someren (en andere Peelgemeenten) is veel geïnvesteerd in het vergroten van de eigen weerbaarheid. Denk hierbij aan workshops en trainingen en het uitvoeren van een onderzoek naar weerbaarheid. In Someren is in 2023 uitvoering gegeven aan het eerste plan van aanpak Weerbaarheid. Dit plan van aanpak is integraal (meerdere teams zijn betrokken) en wordt in verschillende tranches (met bredere scope) doorontwikkeld. In dit plan zijn naast de punten uit het onderzoek ook de punten uit de Brabantse norm weerbare overheid meegenomen (zie ook speerpunt 1.3 Veiligheid en Handhaving, onderdeel 3).
4.
We stellen een plan van aanpak op om de ambitie ‘beste werkgever van Nederland’ te realiseren. In 2023 hebben we prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van de organisatie. Dit is ook een noodzakelijke voorbereiding als onderdeel van een plan om beste werkgever te worden.
44
Speerpunt 3.3: Optimale dienstverlening Portefeuillehouder: D. Blok
Wat wilden we bereiken? Inwoners en ondernemers krijgen de juiste informatie en producten.
Wat hebben we hiervoor gedaan? 1.
We stellen het dienstverleningsconcept vast en voeren dit uit. In de 2e helft van 2023 is het project gestart dat moet leiden tot het dienstverleningsconcept van de gemeente Someren. Vertrekpunt is de dienstverleningsvisie die eind 2022 is vastgesteld door het college. Vaststelling van het dienstverleningsconcept vindt plaats in de 1e helft 2024. De uitvoering staat gepland voor de jaren 2024 en 2025.
45
Speerpunt 3.4: Financiën Portefeuillehouder: K.W.H.M. Kusters
Wat wilden we bereiken? De gemeentefinanciën zijn meerjarig, structureel in balans.
Wat hebben we hiervoor gedaan? 1. We zorgen ervoor dat de gemeentefinanciën in de toekomst in balans blijven; De begroting is voor 2024 positief. Maar door de aangekondigde korting op het gemeentefonds vanaf 2025 verwachten we dan negatieve resultaten. Het eigen vermogen en de liquiditeitspositie zijn prima. 2. We stellen een nieuwe legesverordening en tarieventabel op in het kader van de omgevingswet; De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. De legesverordening en tarieventabel 2024 zijn hierop aangepast. 3.
We nemen de risicoparagraaf eenduidig op in de begroting; Als onderdeel van deze actie zijn we in 2023 gestart met het in kaart brengen van de stille reserves. Dit zal in 2024 worden afgerond.
4.
We evalueren de Toeristenbelasting. We hebben het stelsel voor heffen van toeristenbelasting geëvalueerd en met de gemeenteraad besproken. Dit heeft geleid tot een herziening van het stelsel die vanaf 2024 is ingevoerd.
46
Speerpunt 3.5: Communicatie en participatie Portefeuillehouder: D. Blok
Wat wilden we bereiken? Tijdig en accuraat informeren van onze inwoners over objectieve besluitvorming.
Wat hebben we hiervoor gedaan? 1.
We verbeteren de informatievoorziening naar de inwoners over vergaderingen van de gemeenteraad;
Na afloop van elke raadsvergadering verschijnt de raadscommunicatie in ’t Contact en op de website van de gemeente.
2.
3.
We verbeteren de communicatie (meer doelgroep gericht, eigentijds instrumentarium, etc.);
De website heeft een nieuw, toegankelijker design gekregen;
We zijn begonnen met de ontwikkeling van een interne stijlgids voor geschreven externe communicatie.
We evalueren het participatiebeleid;
We evalueerden de samenwerking met de dorps- en wijkraden van Lierop, Someren-Eind, Someren-Heide en Someren-Noord. Hieruit kwam naar voren dat men over het algemeen redelijk positief is over de samenwerking met de gemeente. Ook zijn wensen uitgesproken over proactieve informatie vanuit de gemeente richting dorp of wijk;
In een inwonersenquête (Invior) kwam onder andere burgerparticipatie aan bod. In verhouding veel meer Somerense inwoners dan gemiddeld in Nederland blijken gemeente-informatie gezien te hebben in de dorpskrant. Zij hebben ook vaker dan gemiddeld samengewerkt met de gemeente en zijn daar positiever over (rapportcijfer 6,0; gemiddeld 5,0). Ze willen evenveel als gemiddeld betrokken worden bij onderwerpen waaraan de gemeente werkt. Ze vinden wat minder vaak dat de gemeente de input van inwoners gebruikt voor beter beleid of projecten.
4.
We bevorderen de participatiegraad
We sloten een nieuw convenant met de dorps- en wijkraden over de onderlinge samenwerking en zijn met dorps- en wijkgesprekken begonnen;
We ontwikkelden een interne en een externe participatiewijzer evenals een interne ‘gereedschapskist’ voor participatie;
We hielden intern presentaties over participatie, participatiewijzer en de inwonersenquête;
We inventariseerden intern de participatiegraad en de ondersteuningsbehoeften op dit vlak.
47
Wat heeft het gekost? Rekening 2023 per taakveld
Bedragen x
1.000
Taakveld
Lasten
Baten
Saldo
0.1
Bestuur
1.784
-579
1.204
0.2
Burgerzaken
834
-214
620
0.3
Beheer overige gebouwen en gronden
11
-44
-34
0.4
Overhead
8.075
-130
7.945
0.5
Treasury
151
-1.004
-854
0.61
OZB-woningen
177
-3.230
-3.053
0.62
OZB niet-woningen
78
-1.328
-1.250
0.64
Belastingen overig
9
-111
-102
0.7
Algemene uitkering & overige uitkeringen
-33.206
-33.206
0.8
Overige baten en lasten
3
0
3
0.9
Vennootschapsbelasting
384
0
384
999
Hulpkostenplaatsen
28
-28
0
11.533
-39.874
-28.343
Reserves
4.502
-4.917
-416
Totaal
16.035
-44.791
-28.756
Totaal baten en lasten 010
Voor een nadere toelichting van de taakvelden verwijzen we u naar de website: https://findo.nl/content/taakvelden-gemeenten
48
tableCell36Saldo van de baten en lasten
Taakveld
Begroting
Begroting
Jaar-
Verschil
2023 voor
2023 na
rekening
saldo
wijziging
wijziging
2023
(*)
1.236
1.370
1.204
165
0.1
Bestuur
0.2
Burgerzaken
632
730
620
110
0.3
Beheer overige gebouwen en gronden
-48
-43
-34
-9
0.4
Overhead
6.650
8.957
7.945
1.012
0.5
Treasury
-975
-866
-854
-12
0.61
OZB-woningen
-2.991
-3.077
-3.053
-25
0.62
OZB niet-woningen
-1.364
-1.226
-1.250
24
0.64
Belastingen overig
-111
-110
-102
-8
0.7
Algemene uitkering & overige uitkeringen
-31.685
-33.796
-33.206
-590
0.8
Overige baten en lasten
2.210
3
3
0.9
Vennootschapsbelasting
513
513
384
999
Hulpkostenplaatsen
0
0
0
-25.932
-27.545
-28.340
796
-575
-1.451
-416
-1.035
-26.507
-28.996
-28.756
-240
Resultaat 010
Reserves Resultaat (*)
129
Saldo = Begroting na wijziging - Jaarrekening
49
Taakveld 0.1
Verklaring voor het verschil 1
V
44.000
N
17.000
N
7.000
N
86.000
V
24.000
V
Overige verschillen per saldo
9.000
N
1
Voordeel op I&A Dienstverleningsmiddelen. Veroorzaakt door afschrijvingskosten transitiekosten ICT NML die zijn doorgeschoven doordat projecten nog niet zijn afgewikkeld.
90.000
V
2
Uitvoeringskosten Wet Open Overheid exclusief personele lasten.
38.000
V
3
Lagere doorbelasting overhead lasten
43.000
N
96.000
N
17.000
V
11.000
N
3 4 0.2
1 2
0.3 0.4
4
5 6
Opleidingskosten B&W Overige verschillen per saldo Lagere doorbelasting loon- en inhuurkosten Overige verschillen per saldo
Nadeel op personele lasten (per saldo met name inhuur op formatieruimte, door ziekte e.d.). Op salarissen voordeel door o.a. niet ingevulde formatieruimte. Op tijdelijk personeel een nadeel omdat er meer is ingehuurd en inhuur duurder is Voordeel op budget Voorlichting. In zomernota is o.a. € 10.000 onvoorzien bij geraamd, die niet nodig is geweest In 2023 zijn er meer juridische vragen aan externen gesteld dan was begroot Voordeel budget inkoop/Bizob Het budget bestaat uit het reguliere aantal dagen volgens de overeenkomst met Bizob. Niet benutte dagen mogen in een volgend jaar worden ingezet.
57.000
V
8
Nadeel onttrekking voor voorziening verlofsparen
11.000
N
9
Nadeel op personeelswerving. O.a. veroorzaakt door extra acties om te komen tot succesvolle werving (t.o.v. reguliere werving), extra investering in manier van werven, zichtbaarheid en vindbaarheid Gemeente Someren
19.000
N
10 Voordeel op studiekosten/ opleiding en training 2023
24.000
V
11 Nadeel op de reiskosten. Met name veroorzaakt door groei personeelsbestand, stijging van de vergoeding woon-werkverkeer, afstanden woon werk en verhouding thuiswerkenwerken op kantoor (na corona)
34.000
N
12 Vrijval reservering ziektegelden voormalig personeelslid
104.000
V
14
877.000
V
19.000
V
19.000
N
13.000
V
12.000
V
18.000
N
548.000
N
42.000
N
129.000
V
22.000
N
3.000
N
1 2 3 4
0.7
Hogere inhuurkosten tijdelijke griffier
7
15 0.5
V/N
233.000
2
Onttrekking pensioensvoorziening wethouders ivm een waardeoverdracht en een verzekeringsuitkering.
Verschil
1
2 0.9
1
0.61
1 2
Storting saldo IP's naar 2024 via reserve Kredietoverheveling, zie taakveld 010 reserves Overige verschillen per saldo Beheersvergoeding SVN Voordeel per saldo erfpachtgelden Lagere rentekosten geldleningen en UG < 1 jaar dan geraamd Overige verschillen per saldo Op basis van de Decembercirculaire ontvingen we 6 ton meer aan Algemene Uitkering. Echter de geraamde 1,2 miljoen aan extra gelden voor jeugd zijn niet doorgegaan. Hierdoor was het geraamde budget Algemene Uitkering 6 ton hoger dan de werkelijke ontvangsten. Incidenteel nadeel algemene uitkering inzake 2022 Voordeel vennootschapsbelasting valt weg tegen de onttrekking uit de reserve grondbedrijf (zie taakveld 010 reserves) Het OZB tarief is gebaseerd op de prognose van de WOZ waarde die door BSOB is opgesteld. Overige verschillen per saldo
50
0.62
1
0.64
1
0.10
1 2
Er was minder leegstand, waardoor de OZB opbrengst hoger is. Het OZB tarief is gebaseerd op de prognose van de WOZ waarde die door BSOB is opgesteld.
Overige verschillen per saldo Stortingen reserve kredietoverheveling Onttrekking reserve grondbedrijf lager vanwege vennootschapsbelasting (zie taakveld 0.9)
24.000
V
8.000
N
906.000
N
129.000
N
51
Prestatie indicatoren gemeente Someren Indicator
Eenheid
Periode
Someren
Grootte
Bron
Beschrijving
klasse <25.000 Formatie
Fte per 1.000 inwoners
2023
6,22
Nb
Eigen gegevens
Toegestane formatie in Fte van het ambtelijk apparaat van de organisatie voor het begrotingsjaar op peildatum 1 januari. Uitgangspunt is het vastgestelde formatieplan, niet de werkelijke bezetting.
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
2023
6,18
Nb
Eigen gegevens
Het betreft het werkelijk aantal Fte dat werkzaam is, dus niet de toegestane formatieve omvang conform het formatieplan.
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
2023
765,20
Eigen gegevens
Apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.
Kosten inhuur externen als % van totale loonsom + kosten inhuur externen
2023
30,3%
Eigen gegevens
Onder externe inhuur wordt verstaan: het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van een bij de organisatie in dienst zijnde opdrachtgever, door een private organisatie met winstoogmerk, door middel van het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid, zonder dat daar een arbeidsovereenkomst of aanstelling tussen organisatie en de daarbij ingezette personen aan ten grondslag ligt.
Externe inhuur
(zie paragraaf bedrijfsvoering)
Overhead
% van totale lasten
2023
10,9%
Eigen gegevens
Overheadkosten: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces.
52
Verbonden partijen In onderstaande tabel worden de publiekrechtelijke en/of privaatrechtelijke verbonden partijen van dit programma getoond. Publiek verbonden partij Naam
Plaats
ICT NML
Roermond
Gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB)
Oss
Stichting Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuid-Oost Brabant (BIZOB)
Oirschot
Privaat verbonden partij Naam
Plaats
Brabant Water NV
Den Bosch
NV Bank Nederlandse Gemeenten
Den Haag
53
Paragrafen
54
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Weerstandsvermogen Informatie over het weerstandsvermogen is van belang om te weten of en in hoeverre financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen. Deze tegenvallers kunnen incidenteel en structureel van aard zijn, maar hebben altijd invloed op de financiële positie van de gemeente. Hoe hoog het weerstandsvermogen zou moeten zijn is niet exact aan te geven. De omvang is afhankelijk van de (financiële) risico’s die de gemeente loopt en de kans dat de risico’s daadwerkelijk effectief worden. De definitie van een risico = kans x effect.
Om inzicht te krijgen in de hoogte van het benodigde weerstandsvermogen is het noodzakelijk om risico's te benoemen en te kwantificeren (benodigde weerstandscapaciteit) en deze vervolgens af te zetten tegen de beschikbare financiële middelen (beschikbare weerstandscapaciteit).
Zichtbaar is dat risicomanagement, wat het onderwerp is van deze paragraaf, slechts 1 van de 3 pijlers is. De pijler dekking/sluitende begroting wordt nader toegelicht in het onderdeel Beschikbare weerstandscapaciteit. De pijler financiering komt aan de orde in de Paragraaf: Financiering.
Om een uitspraak te kunnen doen over de mate waarin de gemeente Someren financiële tegenvallers kan opvangen is inzicht nodig in: 1.
De risico’s: met welke (materiële) risico’s hebben we te maken?
2.
De buffer: hoe groot is onze “spaarpot” om deze risico’s op te kunnen vangen?
55
Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit (buffer) / benodigde weerstandscapaciteit (risico’s) = 37.296.000 / 5.915.000 = 6,3. In onderstaande tabel wordt de waardering van de ratio aangegeven. Waardering
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
Meer dan 2,0
Uitstekend
B
Tussen 1,4 en 2,0
Ruim voldoende
C
Tussen 1,0 en 1,4
Voldoende
D
Tussen 0,8 en 1,0
Matig
E
Tussen 0,6 en 0,8
Onvoldoende
F
Minder dan 0,6
Ruim onvoldoende
Er is geen norm bekend waaraan het weerstandsvermogen moet voldoen. Bij een ratio van 1,0 is de beschikbare weerstandscapaciteit gelijk aan de benodigde weerstandscapaciteit. Daarom is een ratio van minimaal 1,0 wenselijk. De ratio was in de begroting 2023 5,8 en komt nu uit op 6,3. Dit is volgens het overzicht uitstekend. Voor zover risico's zich daadwerkelijk voordoen en deze structureel van aard zijn, zullen deze in exploitatie worden verwerkt. Voor zover geen aanvullende structurele dekking aanwezig is kan als uiterste middel een beroep worden gedaan op de onbenutte belastingcapaciteit.
56
Beschikbare weerstandscapaciteit
Onderstaande tabel geeft het overzicht van de beschikbare weerstandscapaciteit per 31-12-2023. Bedragen x 1.000 Stand 31-12-2023 Algemene reserve vrij aanwendbaar
9.311
Vastgelegde algemene reserve
23.948
Algemene reserve (1)
33.259
Resultaat jaarrekening 2023 (2)
1.437
Post onvoorzien (3)
0
Stille reserve (4)
0
Onbenutte belastingcapaciteit (5)
2.600
Totaal
37.296
Ad 1. Algemene reserve
De algemene reserve vrij aanwendbaar wordt ingezet voor onvoorziene investeringen. De vastgelegde algemene reserve fungeert als bufferreserve ter dekking van risico's. Bedragen x 1.000 Stand 31-12-2023 Algemene reserve vrij aanwendbaar
9.311
Vastgelegde algemene reserve
23.948
Totaal
33.259
Ad 2. Resultaat jaarrekening Het resultaat is, als afzonderlijk nog te bestemmen post, op de balans opgenomen. Besluitvorming over de bestemming vindt plaats bij de vaststelling van de jaarrekening. Volgens de geldende financiële kaders wordt het resultaat verrekend met de vastgelegde algemene reserve. Bedragen x 1.000 Jaarrekening 2023 Resultaat
1.437
Totaal
1.437
Ad 3. Post onvoorzien De post onvoorzien is ter dekking van niet voorziene uitgaven en dient ultimo het boekjaar volledig ingezet te zijn. Bedragen x 1.000 Onvoorzien jaarrekening 2023
Incidenteel
Structureel
Onvoorzien
0
0
Totaal 2022
0
0
57
Ad 4. Stille reserve Stille reserves zijn niet-bedrijfsgebonden eigendommen van een gemeente met een hogere waarde in het economisch verkeer dan de boekwaarde. Stille reserves dragen bij aan de weerstandscapaciteit, omdat een deel van de eigendommen kan worden verkocht boven de boekwaarde. Hierdoor wordt winst gerealiseerd. Deze winst kan worden ingezet ter afdekking van financiële tegenvallers. Het betreft hier met name de overwaarde op het onroerend goed van de gemeente bestaande uit gebouwen en grond (inclusief ongeveer 1.400 ha bos en natuurterreinen).
Ad. 5 Onbenutte belastingcapaciteit De gemeente kan haar belastingen verhogen om financiële tegenvallers op te vangen. Het verschil tussen de opbrengsten bij maximale tarieven en de geraamde opbrengsten is de onbenutte belastingcapaciteit. Voor de afvalstoffen en riolering hanteert de gemeente een kostendekkend tarief en is er dus geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. Voor de OZB wordt in de berekening uitgegaan van het jaar 2023, waarin het maximale tarief van de Woz-waarde 0,1729% bedraagt. Genoemd tarief wordt ook gehanteerd voor toelating tot artikel 12-status. In het geval de artikel 12-status de gemeente valt te verwijten, blijft het altijd mogelijk om lopende het artikel 12-traject belastingvoorschriften op te leggen. In de regel tot de huidige grens van 140% van het gemiddelde tarief, maar in uitzonderingsgevallen wordt een hogere opslag niet op voorhand uitgesloten. Wanneer het berekende gemiddelde OZB-tarief voor de gemeente lager is dan het percentage voor toelating tot artikel 12 is er in principe sprake van een onbenutte belastingcapaciteit, immers een verhoging van het OZBpercentage zal nodig zijn om voor een aanvullende uitkering in aanmerking te komen. In onderstaande tabel is bij benadering aangegeven welke opbrengst deze verhoging genereert.
In deze berekening is ervoor gekozen het verschil in percentage te vermenigvuldigen met de Woz-waarde van de woningen + de Woz-waarde van de nietwoningen. Bij een daadwerkelijke aanvraag zal een meer nauwkeurige berekening aan de orde zijn. Onbenutte belastingcapaciteit t.o.v. “artikel-12 norm 2023” OZB-percentage van de WOZ waarde voor toelating art.12
0,1729 %
Werkelijk gewogen percentage WOZ waarde gemeente
0,1126 %
Verschil
0,0603 %
Onbenutte belastingcapaciteit
€ 2.600.000
Bij de berekeningen is uitgegaan van de gebruikte totale WOZ waarde bij de vaststelling van de tarieven 2023. Het bedrag van € 2.600.000 geeft aan hoeveel de OZB baten nog maximaal verhoogd zouden moeten worden om te voldoen aan de artikel 12 norm.
58
Benodigde weerstandscapaciteit Risico's Alvorens tot identificatie van de risico’s over te gaan zullen deze eerst geïnventariseerd worden. Op basis van deze inventarisatie wordt een lijst samengesteld met onderkende risico’s. Deze risico’s zullen geanalyseerd en beoordeeld worden.
1.1 Analyse en beoordeling Voor de analyse en beoordeling van de risico’s is er een indeling gemaakt op basis van kansklassen en financiële gevolgen. Dit betekent dat we elk risico vertalen in geld.
In onderstaande tabel worden de kansklassen toegelicht:
Klasse
Risicopercentage
hoog
75
midden
50
laag
25
zeer gering
10
De indeling in de klassen is door de organisatie bepaald op basis van ervaring en verwachtingen. De klasse geeft aan hoe groot de kans is dat het risico zich voordoet. De klasse "zeer gering" is voorbehouden aan het specifieke risico bij de gegarandeerde leningen. Hoewel hier een zeker risico gelopen wordt, is dat risico door de gelaagdheid van de waarborgen, voor de gemeente Someren uiteindelijk uiterst miniem. 1.2 Beheersing risico's / monitoring Vooruitlopend op een inventarisatie van alle bestaande risico's zijn de belangrijkste hiervan in beeld gebracht en nader gekwantificeerd op basis van genoemde uitgangspunten. Daarnaast zijn de beheersmaatregelen voor de diverse risico's nader omschreven. Een en ander is samengevat in onderstaande tabel.
59
Risico
Omschrijving
Beheersmaatregel
Risico-
Financieel
score
effect (kans x maximaal gevolg
Economische
Het risico bestaat dat bij
Actuele informatiever-
Ontwikkelingen/
economische achteruitgang de
strekking via P&C-
onzekerheid financiële
inkomsten afnemen terwijl
cyclus (Planning &
positie gemeenten.
andere uitgaven toenemen.
Control), tijdig
Enkele specifieke risico's
opstarten project
(grondexploitatie en
bezuinigingen, actuele
bijstandsuitgaven) zijn
ontwikkelingen
afzonderlijk benoemd.
nauwlettend volgen.
De risico’s in verband met
Het implementeren van
cybercriminaliteit zijn groot.
de maatregelen uit de
Voorbeelden uit het recente
Baseline
verleden bij andere organisaties
Informatiebeveiliging
laten zien dat de financiële
Overheid moet leiden
impact van een cyberaanval met
tot een beperking van
ransomware of andere manieren
de risico’s. Toepassing
van hacken groot zijn. Losgelden,
van technische
die geëist worden, bedragen
beschermingsmiddelen
vaak honderdduizenden euro’s.
en het vergroten van
Maar ook de bijkomende kosten
het bewustzijn bij de
van het beheersen van een
medewerkers van de
dergelijke crisis en de
risico’s zijn daarbij de
herstelkosten zijn aanzienlijk.
belangrijkste
Een totaal schadebedrag van 1
elementen.
cybercriminaliteit
midden
250
hoog
750
midden
300
miljoen euro is reëel. De kans dat een dergelijk risico zich daadwerkelijk voordoet op enig moment is eveneens groot. Het genoemde bedrag is inclusief 50% van het weerstandsvermogen van ICT NML wat door de deelnemende gemeenten wordt opgevangen. Voor Someren is dit een bedrag van € 32.211. Kosten externe inhuur
Het risico dat door extra
Bewaking via P&C
(o.a. door
werkzaamheden of vervanging
cyclus. Onderuitputting
ziekteverzuim)
wegens langdurige ziekte de
personele kosten versus
kosten van externe inhuur niet
inhuur.
60
opgevangen kunnen worden binnen de lopende begroting. Projecten
Pre contractuele fase, tijdsdruk,
Formaliseren en
technische zaken,
bewaken interne
planschaderisico, kwaliteit
procedures.
midden
500
midden
500
midden
500
1.000
overeenkomsten, inspraakreacties, zienswijzen, bezwaar- en beroepschriften zorgen voor opschorting c.q. herziening planontwikkeling. Juiste toepassing Wet ketenaansprakelijkheid / Grekening, Wet inlenersaansprakelijkheid. Juridisering
Burger is mondiger, claimcultuur.
Formaliseren en
samenleving/niet tijdig
Met juridische procedures zijn
bewaken interne
verstrekken van
hoge kosten gemoeid.
procedures.
Afhankelijkheid ICT
Tijdige beschikbaarheid juiste ICT
Uitbesteding van de
systemen en
middelen: uitval
werkzaamheden aan
beveiliging informatie
computersystemen,
ICT-NML. Formaliseren
stroomstoring. Bijv. internet valt
en bewaken interne
uit, gemeente heeft
procedures. Up-to-date
verplichtingen in ketens,
houden integraal
verstrekken info aan landelijke
beveiligingsplan en
voorziening, bv BAG
optimaliseren uitwijk
(Basisregistratie Adressen en
mogelijkheden.
Gebouwen).
Optimaliseren
informatie.
technische mogelijkheden. Leningen u/g en
De gemeente staat garant voor
Interne procedures
Zeer
garantieverstrekkingen
circa 40 mln aan leningen. Bij
m.b.t. verstrekken van
gering
een eventueel faillissement van
geldleningen, jaarlijkse
één van de partijen bestaat het
controle op saldo
risico dat de instelling het
geldleningen en
opgenomen geld niet kan
garantieverstrekkingen
terugbetalen of dat de gemeente
met de diverse partijen,
als garant-steller het
Waarborgfonds Sociale
restantbedrag van de lening
Woningbouw (2e
inclusief rente en kosten moet
achtervang).
betalen. Veruit het grootste deel van de leningen (90%) heeft betrekking op de achtervangpositie WSW (Waarborgfonds Sociale Woningbouw) die wij als 61
gemeente innemen. Een achtervang is een andere rol dan een directe garantstelling met een substantieel lager risicoprofiel. Voor de berekening van het risicoprofiel wordt om deze reden uitgegaan van 25% van het totale bedrag. De zekerheidsstructuur van het WSW bestaat uit drie lagen: - primair: de geldmiddelen van de corporatie (inclusief eventuele saneringssteun van het CFV, (Centraal Fonds Volkshuisvesting); - secundair: het garantievermogen van het WSW (= borgstellingreserve WSW en de obligo’s van de andere corporaties); - tertiair de achtervangpositie van Rijk en de gemeenten. Calamiteiten
Calamiteiten, rampen met een
Het actueel houden van
grote impact en schade op de
het beschikbare
Somerense bevolking.
rampenplan.
laag
250
midden
750
midden
115
Regelmatig overleg met keten-partners (politie, brandweer), deelname aan vaccinatieprogramma's Sociaal Domein als
Dit zijn een open eind-
In tussentijdse
gemeentelijke taak
regelingen, wat het risico in zich
rapportages inzicht
draagt dat er incidenteel in een
geven in stand van
jaar overschrijdingen kunnen
zaken/ontwikkelingen.
voorkomen. Verstrekking lening
Aan de BNG is een lening
Ontwikkelingen bij de
BNG Bank
verstrekt waardoor jaarlijks een
BNG Bank nauwlettend
bedrag van € 0,7 mln. aan rente-
volgen.
inkomsten wordt gegenereerd. Bij voortijdige aflossing door de BNG zal compensatie moeten worden gevonden voor de wegvallende rente-inkomsten. Het risico wordt afgezet tegen de creditrente die we ontvangen bij 62
schatkistbankieren (gemiddeld 3,205% in 2023). Omgevingswet
De inwerkingtreding met ingang
We proberen in nauwe
per 1-1-2024
van 1 januari 2024 brengt risico's
samenwerking met de
met zich mee. De burger wordt in
burgers de processen
een vroeger stadium betrokken
zo efficiënt mogelijk in
bij de planvorming, en voor
te richten zodat de
diverse bouwactiviteiten kan
lasten zo laag mogelijk
geen leges meer worden
blijven
midden
250
hoog
750
geheven. De verwachting is dat de toezichthoudende taken worden uitgebreid. Crisis in de wereld
Door wereldwijde gebeurtenissen
Het treffen van de dan
kan de instabiliteit toenemen en
noodzakelijke
de leefbaarheid voor de inwoners
maatregelen voor het
nadelig worden beïnvloed.
welzijn van de inwoners.
Totaal
5.915
Bedragen x 1.000
63
Kengetallen Inleiding Het beoordelen van de financiële positie van gemeenten is voor veel raadsleden en bestuurders een lastige aangelegenheid. Veel gemeenten willen zich onderling vergelijken, maar dat was tot op heden niet mogelijk door het ontbreken van standaard definities/kengetallen. Gezien het steeds toenemende belang van toekomstbestendigheid van gemeenten, een grotere druk op de doelmatigheid en een steeds verder complexer wordende omgeving (ontwikkeling van financiële producten, meer verbonden partijen, meer taken zoals bijvoorbeeld in het sociaal domein) is het belang van financieel inzicht in de financiële positie toegenomen. Om dit inzicht te bevorderen is het in het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) verplicht om meer kengetallen op te nemen in de jaar- en begrotingsstukken. Een aantal hiervan worden met name genoemd. Het gebruik en het vaststellen van de berekeningswijze van de kengetallen heeft geen functie als normeringsinstrument in het kader van financieel toezicht door de provincie. De invoering van de set kengetallen is voornamelijk bedoeld om raads- en bestuursleden meer inzicht te geven in de financiële positie en om vergelijkingen mogelijk te maken. De volgende kengetallen zijn voortaan verplicht voorgeschreven.
64
De kengetallen zoals voorgeschreven in het Besluit Begroting en Verantwoording geven nadere informatie over de financiële positie van de gemeente. 65
De kengetallen kennen de waardes voldoende, matig en onvoldoende en geven het volgende beeld: Kengetallen
Jaarstukken 2022
Begroting 2023
Jaarstukken 2023
Waardering 2023
1 a.
Netto schuldquote
-31%
10%
-24%
voldoende
1 b.
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
7%
21%
15%
voldoende
2.
Solvabiliteitsratio
71%
61%
64%
voldoende
3.
Grondexploitatie
-7%
-8%
-6%
voldoende
4.
Structurele exploitatieruimte
4,24%
0,70%
0,85
voldoende
5.
Belastingcapaciteit
90%
90%
87%
voldoende
Ad 1a. netto schuldquote Inkomsten bepalen hoeveel schuld een gemeente kan dragen. Dit is goed te vergelijken met het afsluiten van een hypotheek. Hoeveel geld u kunt lenen, is afhankelijk van uw loon. Dat principe geldt ook voor gemeenten. De hoogte van de schuld die een gemeente kan dragen, hangt af van de hoogte van de inkomsten. Om hiervan een grove indicatie te krijgen wordt de netto schuldquote berekend. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De berekening van deze netto schuldquote gaat als volgt: trek de geldelijke bezittingen af van de schulden, de uitkomst is de netto schuld. Deel deze netto schuld vervolgens door de inkomsten. De uitkomst daarvan wordt uitgedrukt in procenten.
Netto schuldquote* = Netto schuld / Totale inkomsten (voor bestemming reserves) *Netto schuld als aandeel van de exploitatie
Een netto schuldquote tot 100% wordt beoordeeld als voldoende, tussen de 100% en 130% staan de signalen op oranje en boven de 130% is bijsturing gewenst. Voldoende
Tot 100%
Matig
Tussen 100% en 130%
Onvoldoende
Hoger dan 130%
Situatie Someren Kengetallen 1 a.
Jaarstukken
Begroting
Jaarstukken
Waardering
2022
2023
2023
2023
Netto schuldquote
-31%
10%
-24%
voldoende
De netto schuldquote voor 2023 komt uit op -24%. 66
Ad 1b. netto schuldquote gecorrigeerd met verstrekte leningen Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend, is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. Hoe lager deze percentages, hoe beter. In onderstaande grafieken zijn beide kengetallen grafisch weergegeven. De netto schuldquote gecorrigeerd voor 2023 komt uit op 15%.
Situatie Someren Kengetallen
1 b.
Jaarstukken 2022 Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
7%
Begroting 2023
Jaarstukken 2023
Waardering 2023
15%
voldoende
21%
Ad 2. solvabiliteitsratio De "solvabiliteitsratio" geeft de mate aan waarmee de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Anders gezegd: het aandeel van het eigen vermogen (bezittingen) in het totaal vermogen (bezittingen en schulden). Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe gezonder de gemeente en hoe hoger de weerbaarheid. De solvabiliteitsratio kan als volgt worden berekend: Solvabiliteit = Eigen vermogen / Totaal vermogen De volgende normen worden gehanteerd: Voldoende
>50%
Matig
Tussen 30% en 50%
Onvoldoende
<30%
Situatie Someren Kengetallen
2.
Jaarstukken 2022 Solvabiliteitsratio
71%
Begroting 2023 61%
Jaarstukken 2023
Waardering 2023
64%
Voldoende
67
Ad 3. Grondexploitatie De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten of provincies leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstige) woningbouwproject hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de woningen kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. Wanneer de grond tegen de prijs van landbouwgrond is aangekocht, loopt een gemeente relatief gering risico. Het is dus belangrijk om te kunnen beoordelen of er een reële verwachting is of grondexploitatie kan bijdragen aan de verlaging van de schuld. Staat de grond tegen een te hoge waarde op de balans en moet die worden afgewaardeerd, dan leidt dit tot een lager eigen vermogen en dus een lagere solvabiliteitsratio. Om te kunnen beoordelen in hoeverre de gemeente in staat is om de in grond geïnvesteerde middelen terug te kunnen verdienen wordt gebruikt gemaakt van het volgende kengetal:
Boekwaarde in- en nog niet in exploitatie zijnde gronden / Totaal geraamde baten
Situatie Someren Kengetallen
3.
Jaarstukken 2022 Grondexploitatie
-7%
Begroting 2023
Jaarstukken 2023
Waardering 2023
-6%
voldoende
-8%
Er is sprake van een afnemend percentage. Dit houdt in dat risico's ten aanzien van de grondexploitatie de komende jaren verder afnemen. Oorzaak hiervan is enerzijds dat geen nieuwe grondexploitaties sinds 2022 zijn opgenomen en anderzijds dat de lopende grondexploitaties steeds verder worden afgebouwd waardoor risico's afnemen. Om meer inzicht te krijgen in de risico’s van de grondexploitatie wordt in onze gemeente de financiële situatie jaarlijks getoetst aan de IFLO-norm. IFLO is de afkorting van Inspectie Financiën Lokale en provinciale Overheden. De IFLO-norm relateert de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit aan de boekwaarden van de gronden die in exploitatie zijn genomen. De IFLO-norm is gebaseerd op het totaalbedrag van de volgende twee componenten: -
10% van de boekwaarde van de gronden in exploitatie;-
-
10% van de nog te maken kosten van de gronden in exploitatie.
Bij het toepassen van de IFLO-norm wordt per plan aangegeven wat het risico is bij de meest negatieve optie van scenario-ontwikkeling. Voor de berekening van de noodzakelijke omvang van de reserve wordt per plan uitgegaan van het hoogste berekende geldelijke risico. De minimale omvang van de algemene reserve grondbedrijf is gelijk aan de som van de hoogste risico’s per plan. Ultimo 2023 dient de Reserve grondbedrijf op basis van genoemde berekening minimaal € 5,0 miljoen te zijn. Hierbij is als worst case scenario vijf jaar uitstel van grondverkopen gehanteerd. De stand van de algemene reserve bedraagt per ultimo 2023 € 7,0 miljoen en voldoet daarmee aan de norm zoals deze in de grondnota is vastgesteld. 68
Na afschaffing van de niet in exploitatie genomen gronden wordt voor dit kengetal de boekwaarde van de bouwgrond in exploitatie gedeeld door de totale baten van de gemeente. Het resultaat wordt uitgedrukt in een percentage. Als norm wordt hierbij een percentage van 10 gehanteerd. Een uitkomst van 10% of hoger wordt bestempeld als kwetsbaar. Hoe lager de uitkomst, hoe gunstiger voor de financiële weerbaarheid. Voor het jaar 2023 bedraagt dit percentage voor onze gemeente -6%. Dit impliceert een verdere afname van de kwetsbaarheid van de grondexploitatie. Oorzaak hiervan is enerzijds dat geen nieuwe grondexploitaties zijn voorzien en anderzijds dat de lopende grondexploitaties steeds verder worden afgebouwd waardoor risico's afnemen.
Ad 4. Structurele exploitatieruimte Het kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is. Er wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten. Het hierdoor ontstane saldo wordt vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Het kengetal wordt berekend met behulp van de volgende formule:
Structurele exploitatieruimte / Totale baten voor bestemming Hierbij worden de volgende normen worden gehanteerd: Voldoende
>0,6%
Matig
Tussen 0% en 0,6%
Onvoldoende
<0%
Situatie Someren Kengetallen
Structurele exploitatieruimte
Jaarstukken 2022 4,24%
Begroting 2023
Jaarstukken 2023
Waardering 2023
0,85
voldoende
0,99%
Het kengetal wordt berekend door de structurele ruimte te relateren aan de totale baten voor resultaatsbestemming. In 2023 is sprake van voldoende structurele ruimte. In werkelijkheid is het berekende percentage 0,85. Een percentage van 0,6 of meer wordt als voldoende bestempeld.
Ad 5. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft een indicatie van de onbenutte belastingcapaciteit. De OZB is voor gemeenten de belangrijkste bron van inkomsten. De onbenutte belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen en/of er ruimte is voor nieuw beleid. Op voorstel van het advies van de Commissie vernieuwing BBV (Besluit begroting en verantwoording) is ervoor gekozen om de belastingcapaciteit te relateren aan landelijk gemiddelde tarieven OZB. In de eerste plaats is voor een landelijk gemiddelde gekozen omdat over het algemeen geen maximum is gesteld aan belastingentarieven, zoals bij de OZB. Daarnaast geeft een gemiddeld tarief meer inzicht in de betekenis van de belastingcapaciteit voor de financiële positie dan wanneer het gerelateerd wordt aan het tarief om in aanmerking te komen voor de artikel 12 status. Ook is er vanuit de praktijk behoefte bij gemeenten en andere belanghebbenden om inzicht te hebben in de lokale tarieven van omliggende gemeenten. De hoogte van belastingtarieven komen dus niet in een vacuüm tot stand; er wordt daarbij rekenschap gegeven hoe de eigen lastendruk zich verhoudt tot het landelijke 69
gemiddelde. De mate waarbij een tegenvaller kan worden bijgestuurd, wordt ook wel de wendbaarheid van de begroting genoemd. Wanneer een gemeente te maken heeft met een hoge schuld en de structurele lasten hoger zijn dan de structurele baten en de woonlasten al relatief hoog zijn, dan is er minder ruimte om te kunnen bijsturen.
Situatie Someren De belastingcapaciteit van gemeenten wordt berekend door de totale woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in een bepaald jaar te vergelijken met het landelijk gemiddelde in het voorgaande jaar en uit te drukken in een percentage. De laatste drie jaar zitten we onder het landelijk gemiddelde van 100%. Ook in 2023 zitten we met een percentage van 87 onder het gemiddelde. Zoals eerder aangegeven in deze paragraaf bedraagt de onbenutte belastingruimte, gerekend met de artikel 12norm € 2.600.000. Beoordelen samenhang kengetallen Algemeen Uit de beschrijving van de verschillende kengetallen blijkt dat een afzonderlijk kengetal op zich weinig zegt over de financiële positie. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie. Afhankelijk van wat er aan eigen vermogen en baten tegenover de schuld staat, zal aflossing veel of juist weinig problemen opleveren. Zo hoeft een tegenvallende ontwikkeling geen negatieve invloed te hebben in de situatie dat de vrije structurele exploitatieruimte groot is of als men over voldoende ruimte in belastingcapaciteit beschikt. Het is dus, met andere woorden, niet mogelijk om een individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie.
De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven over de financiële positie. Situatie Someren De gemeente Someren beschikt nog steeds over een solide reservepositie en ondervindt geen problemen om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het structureel begrotingsevenwicht is eveneens voldoende. Daarnaast moet worden aangetekend dat we voor wat betreft de belastingcapaciteit nog eveneens extra ruimte hebben omdat we beneden het landelijk gemiddelde in 2023 zitten met een percentage van 87 (gemiddelde is 100%). Al met al geeft de samenhang van de kengetallen nog steeds een rooskleurig beeld van de financiële huishouding.
70
Paragraaf Verbonden partijen Verbonden partijen betreffen organisaties en instellingen waarin een gemeente zowel een bestuurlijk als financieel belang heeft. Van een financieel belang is sprake als de gemeente de middelen, die aan een partij ter beschikking zijn gesteld, niet terugkrijgt bij faillissement van die partij of indien financiële problemen bij de derde partij kunnen worden verhaald bij de gemeente. Bij een bestuurlijk belang gaat het om het hebben van zeggenschap van de gemeente in een derde partij, hetzij omdat de gemeente een zetel in het bestuur heeft, hetzij omdat ze via aandelen mee kan stemmen. Vanwege deze belangen en daarmee gepaard gaande risico’s is het gewenst dat in de begroting en jaarstukken aandacht wordt besteed aan derde rechtspersonen, waarmee de gemeente Someren een bestuurlijke en financiële band heeft. In deze paragraaf worden deze nader toegelicht. De verbonden partijen worden hierbij opgesplitst in: 1. gemeenschappelijke regelingen 2. stichtingen / verenigingen 3. coöperaties / vennootschappen Financieel overzicht
Onderstaand worden de volledige waardenoverdrachten getoond. Bij de jaarrekening 2023 worden ook de waardenoverdrachten meegenomen die geboekt zijn op kredieten/investeringsposten.
Gemeenschappelijke regelingen
Begroting 2023
Jaarrekening 2023
2.326
2.350
998
998
Veiligheidsregio Brabant - Zuidoost
1.196
1.196
Belastingsamenwerking Oost-Brabant
461
506
Omgevingsdienst Zuidoost Brabant
993
1.061
Metropoolregio Eindhoven
280
281
GGD Brabant Zuidoost
816
826
ICT-NML
718
707
Blink
1.512
1.669
Totaal
9.300
9.594
Begroting 2023
Jaarrekening 2023
169
112
7
7
176
119
Begroting 2023
Jaarrekening 2023
Coöperatieve Bosgroep Zuid-Nederland U.A.
49
44
NV Bank Nederlandse Gemeenten
-39
-39
0
0
10
5
Peelgemeenten Senzer
Stichtingen en verenigingen Stichting Bureau Inkoop en aanbestedingen Zuid-Oost Brabant (BIZOB) Stichting Beheer en Exploitatie Veiligheidshuis Brabant Zuidoost Totaal Vennootschappen en coöperaties
Brabant Water NV Totaal
Bedragen X € 1.000 71
72
Gemeenschappelijke regelingen Naam
GGD Brabant Zuidoost
Vestigingsplaats
Eindhoven
Doel en openbaar belang
De GGD heeft tot doel een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg (PG) en de ambulancezorg (AZ).
Partners
Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, GeldropMierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel- De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre.
Bestuurlijk belang
Gemeentebestuurders zijn vertegenwoordigd in het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur van de GGD. Het algemeen bestuur stelt de hoofdlijnen van het GGD beleid vast alsmede de begroting en de jaarrekening. Het dagelijks bestuur ziet toe op de dagelijkse gang van zaken, bereidt samen met de directeur de AB-vergaderingen voor en draagt zorg voor het uitvoeren van de besluiten van het AB. Zowel het DB als het AB vergadert ca 5 keer per jaar.
Eigen vermogen
Per 31-12-2023 € 6.980.000 en per 31-12-2022 € 5.465.000
Vreemd vermogen
Per 31-12-2023 € 34.315.000 (waarvan voorzieningen € 1.985.000) en per 31-12-2022 € 29.778.000 (waarvan voorzieningen € 1.504.000)
Financieel resultaat
Het exploitatieresultaat 2023 bedraagt in zijn totaliteit ca. € 1.290.000 positief, verdeeld over het Programma Publieke Gezondheid € 913.000 positief en het Programma Ambulancezorg € 377.000 negatief.
Financieel belang
Gemeentelijke bijdrage 2023 € 825.904
73
Risico's
Jaarlijks wordt voor het bestuur, bij het aanbieden van de programmabegroting, een actuele financiële risico-inventarisatie opgesteld. Eerder is besloten dat, gegeven de financieringsstructuur, voor de beide programma’s PG en AZ afzonderlijke algemene reserves worden aangehouden. Het bestuur heeft eerder vastgesteld dat het weerstandsvermogen niet direct tot het niveau van de risico-inventarisatie hoeft te worden aangevuld, maar dat de kaders en staffels zoals vastgesteld in de beleidsnotitie Kaders P&C-documenten 4GR-deel 2 hiervoor leidend zijn. Het wordt hierbij echter aan het Algemeen Bestuur van de Verbonden Partij overgelaten of die bandbreedte volledig wordt ingevuld, aangezien dit organisatie-specifiek is en wordt bepaald door de aard van de baten en lasten. Een laag weerstandsvermogen betekent wel dat financiële tegenvallers van een hogere omvang niet uit de algemene reserve kunnen worden opgevangen. Gegeven de omzet 2023 is dan voor PG een kaderstellende bandbreedte van toepassing van minimaal € 2.000.000 en maximaal € 2.400.000 en voor AZ van min. € 1.500.000 en max. € 2.000.000. De Algemene Reserve werd/wordt hoofdzakelijk gevuld door middel van eventuele voordelige exploitatieresultaten. In 2019, 2020 en 2021 zijn er, in het kader van de uitvoering van de bestuursopdracht, onttrekkingen gedaan aan de Algemene Reserve PG.
Dit betreft met name projectkosten ter voorbereiding op de integratie JGZ 0-4 per 1-12021. Tot en met 2023 zijn er in dat kader ten laste van de exploitatie ook een storting gedaan. Na vaststelling van de resultaatbestemming uit de jaarrekening 2022, maar exclusief de resultaatbestemming over het jaar 2023, bedraagt de Algemene Reserve PG ca. € 1.700.000 en voor AZ ca. € 1.350.000. Mochten er zich de komende jaren echter voor een hoger bedrag tekorten voordoen dan deze saldi, dan dragen de gemeenten daarvan het financiële risico, ieder naar rato van het inwoneraantal.
Ontwikkelingen
De belangrijkste ontwikkelingen waarmee de GGD te maken heeft gekregen in 2023 zijn: • Covid-19 bestrijding (testen, vaccineren, informeren). • HPV vaccinatiecampagne voor 18-26 jarigen. • Voorbereiding op de implementatie van de Omgevingswet. • Ondersteuning van onze gemeenten bij de regionale en lokale planvorming in het kader van GALA en IZA. • Uitbreiding van contracttaken zoals Wvggz-taken en de Wijk GGD’er. • Vernieuwing van de Jeugdgezondheidszorg (gestart met het vernieuwingsprogramma Generatie Gezond). • Opstellen van een nieuw regionaal spreidingsplan voor de ambulanceposten. • Implementatie van intelligente software voor planning en spreiding van ambulances. • Verbetering van de informatieveiligheid en de informatiehuishouding (archiefbeheer). • Intensivering van de samenwerking met GGD Hart voor Brabant bij Forensische Geneeskunde (invulling van de centrumfunctie die de GGD BZO heeft voor de regio Oost-Brabant). • Tekorten op de arbeidsmarkt van verpleegkundigen en artsen i.c.m. een personeelsverloop van 10% (extra inzet op werving en aantrekkelijk werkgeverschap). • Implementatie van het Lean gedachtengoed (continu verbeteren). • Implementeren van zelforganisatie. • Evaluatie en afronding van de bestuursopdracht.
Rapportages
Concept jaarstukken 2023
ENDVBEND
74
Naam
Veiligheidsregio Zuidoost-Brabant (VRBZO)
Vestigingsplaats
Eindhoven
Doel en openbaar belang
Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) is een organisatie waarin de brandweer en de geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) samenwerken om incidenten en rampen te voorkomen, te beperken en te bestrijden. VRBZO is een samenwerkingsverband tussen 21 gemeenten in de regio ZuidoostBrabant. Kerntaken: Taken op het terrein van brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, rampenbestrijding en crisisbeheersing. Het wettelijk kader wordt gevormd door de Wet veiligheidsregio’s.
Partners
Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, GeldropMierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel- De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre.
Bestuurlijk belang
Het bestuur van VRBZO bestaat uit de burgemeesters van de deelnemende gemeenten en kent een Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en de voorzitter. De bestuursorganen laten zich in hun taakuitoefening adviseren door de Adviescommissie Financiën & Bedrijfsvoering waarin vertegenwoordigers van het bestuur, gemeentesecretarissen (2) en controllers van gemeenten (2) zitting hebben. Daarnaast zijn er drie inhoudelijke bestuurlijke vooroverleggen waarin onderwerpen met betrekking tot risicobeheersing, incidentbestrijding en crisisbeheersing met enkele burgemeesters inhoudelijk worden voorgesproken.
Eigen vermogen
Per 31-12-2023 € 4.049.062 en per 31-12-2022 € 2.251.205
Vreemd vermogen
Per 31-12-2023 € 28.271.925 waarvan voorzieningen € 1.771.321 en per 31-12-2022 € 37.894.467 waarvan voorzieningen € 2.259.188
Financieel resultaat
Het (ingeschat) resultaat 2023 bedraagt € 1.797.857 positief.
Financieel belang
Gemeentelijke bijdrage 2023 € 1.195.553
Risico's
De omvang van de algemene reserve is onvoldoende t.o.v. het gewenste weerstandsvermogen op basis van de analyse van de risico’s. Het is niet reëel dat alle benoemde risico’s zich gelijktijdig en in de geraamde omvang voordoen. Daarmee achten we het acceptabel dat niet alle risico’s via de algemene reserve zijn afgedekt.
75
Ontwikkelingen
Belangrijkste ontwikkelingen 2023: De crisisnoodopvang van asielzoekers (CNO) en eerste opvang van Oekraïense vluchtelingen waren belangrijke crisistaken voor VRBZO in 2023. De CNO stopte in maart, eind 2023 hebben we onze taken voor de eerste opvang van Oekraïense vluchtelingen overgedragen aan de gemeente Eindhoven. Eind 2022 gaf het Rijk aan dat zij extra BDuR gelden beschikbaar stellen voor veiligheidsregio voor de versterking van het domein van crisisbeheersing en informatiemanagement. Voor VRBZO was dat een extra structureel bedrag van € 1,4 miljoen in 2023. We zijn aan de slag gegaan met plannen voor besteding, voornamelijk door uitbreiding van de formatie. De werving van nieuwe collega’s in de huidige arbeidsmarkt is moeilijk. Toch hebben we gedurende het jaar diverse nieuwe collega’s welkom geheten. In 2024 bouwen we verder aan de versteviging van crisisbeheersing en informatiemanagement. In 2023 ontving VRBZO een extra gemeentelijke bijdrage om de achterstand in de uitvoering van de visie (ontstaan door corona) in te lopen. Vooral op het domein van crisisbeheersing zijn hierdoor flinke stappen gezet in 2023.