bijlage 2 Ruimtelijke onderbouwing Houtbroekdijk 32 - incl bijlagen
Tekst van het document
De intrekking betreft de gehele varkenshouderij, waarmee de bestaande, vergunde situatie betreft de overgebleven vergunning, bestaande uit een akkerbouwbedrijf en rundveehouderij met 19 stuks overig rundvee met een ammoniakemissie totaal van 117,8 kg NH3. In de nieuwe situatie zal het gaan om het huisvesten van maximaal 13 zoogkoeien met 13 stuks jongvee en 1 stier, met een ammoniakemissie van in totaal 116,7 kg Nh3. Op 20 januari 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: Afdeling) een aantal uitspraken gedaan die gevolgen hebben voor de uitvoering van de Wnb. De Afdeling verwijst in de uitspraak 201907146/1/R2 naar de per 1 januari 2020 gewijzigde vergunningplicht. Deze wijziging houdt in dat er geen vergunningplicht meer geldt voor stikstofdepositie voor een wijziging van het project op basis van ‘intern salderen’ waarbij, anders dan stikstofdepositie, geen significante gevolgen zijn voor Natura 2000-gebieden. Als gevolg hiervan kunnen er geen vergunningen in het kader van de Wnb verleend worden voor projecten die gebaseerd zijn op ‘intern salderen’ en waarbij geen overige effecten, anders dan stikstofdepositie, aan de orde zijn. Gezien de nieuwe situatie een vermindering teweeg brengt in de uitstoot van ammoniak, en middels de berekening is aangetoond dat er geen verslechtering is, voldoet onderhavige situatie aan het intern salderen.
Voor de bouwfase geld de Bouwvrijstelling middels de wet Stikstofreductie en Natuurverbetering welke op 1 juli 2021 in werking is getreden. Onderdeel van deze wet is de vrijstelling voor bouwsloop en eenmalige aanlegactiviteiten, in het kort de bouwvrijstelling. Dit betekent in het vergunningstraject dat voor het aspect stikstof alleen nog de neerslag (depositie) in de gebruiksfase een rol speelt. Om toch te bepalen of er in de bouwfase gevolgen zijn voor de stikstof-depositie op de te beschermen gebieden is een aeriusberekening uitgevoerd. Uit deze berekeningen, zie bijlage 2, blijkt dat er een geringe depositie op omliggende beschermde gebieden is in de bouwfase echter valt deze onder de vrijstelling. Daarnaast volgt uit de berekening van de beoogde situatie ten opzichte van de referentiesituatie dat er geen verslechtering is. Hierdoor geldt er geen vergunningsplicht voor de beoogde ontwikkeling. Concluderend kan worden gesteld dat het planvoornemen geen nadelige consequenties voor de natuur- en landschappelijke waarden en de instandhoudingsdoelstellingen van deze gebieden heeft. Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 25
Soortenbescherming Vanwege de voorgenomen sloop en bouw zijn er mogelijk negatieve effecten op beschermde planten- en/ of diersoorten. Om hiervan een beeld te krijgen is een quickscan uitgevoerd. Doel van de quickscan is de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna vast te stellen en op grond hiervan in te schatten of de geplande maatregelen invloed hebben op de beschermde soorten uit Wet natuurbescherming. Uit de quickscan, zie bijlage 3, blijkt dat het voornemen en de daarbij behorende werkzaamheden, naar verwachting geen negatief effect hebben op de voortplanting en instandhouding van beschermde soorten. Binnen het plangebied zijn geen (verblijfsplaatsen van) strikt beschermde soorten aangetrokken die door de werkzaamheden worden beïnvloed. Uit de effectenbeschrijving blijkt dat er geen onevenredige direct of indirecte gevolgen zijn van de voorgenomen activiteiten op de voortplanting en instandhouding van beschermde dier- en/of plantsoorten. Lokaal zullen mogelijk algemene soorten uit het plangebied trekken naar een vervangende biotoop. Voor aanvang van de werkzaamheden dient derhalve geen aanvullend onderzoek plaats te vinden. En ontheffing met betrekking tot aantasting van beschermde soorten is niet nodig.
De werkzaamheden kunnen leiden tot beschadiging of vernietiging van mogelijke verblijfsplaatsen en/of verstoring van eventueel aanwezige algemene soorten. Een algehele vrijstelling op basis van de Verordening natuurbescherming is hierop van toepassing. De algemene zorgplicht blijft onverminderd van toepassing.
4.4. Landschappelijke inpassing Binnen gemeente Someren dient de landschappelijke inpassing aan te sluiten bij ‘Beeldkwaliteitsplan Buitengebied 2022’. Een dergelijk landschappelijk inpassingsplan is opgesteld voor de beoogde ontwikkeling. Hierbij zijn de volgende aspecten van toepassing: - Aanplant struweelbeplanting aan de buitenzijde van de locatie; - Aanplant geschoren beukenhaag; - Aanplant solitaire schaduwbomen; notenbomen en/of haagbeuk; - Bestaande beplanting aan Lieropsedijk blijft behouden. In bijlage 4 is de landschappelijke inpassing gevisualiseerd.
4.5. Archeologie en cultuurhistorie 4.5.1.
Verdrag van Valletta
In 1992 is het Verdrag van Valletta door de landen van de Europese Unie waaronder Nederland ondertekend. Dit verdrag verplicht de Europese overheden tot het beschermen van archeologisch erfgoed. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat archeologische waarden in-situ bewaard moeten blijven. Dat wil zeggen, dat er naar gestreefd moet worden om de waarden op de locatie te behouden. Als dit niet mogelijk blijkt, bijvoorbeeld bij realisatie van bouwplannen, dan moeten de waarden worden opgegraven en ex-situ bewaard worden.
4.5.2.
Nota archeologiebeleid gemeente Someren
De gemeente Someren heeft in het kader van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg en de Wet ruimtelijke ordening een eigen archeologiebeleid geformuleerd in de ‘Nota Archeologiebeleid gemeente Someren’. In deze nota zijn enerzijds de gemeentelijke ambities en opgaven op het gebied van de economische ontwikkeling, ruimtelijke inrichting, infrastructuur, e.d., en anderzijds het behoud en beheer van het gemeentelijk bodemarchief toegelicht en uitgewerkt. Onderdeel van de ‘Nota archeologiebeleid gemeente Someren’ is de ‘Archeologiekaart van Someren’. In figuur 10 is een uitsnede van deze beleidskaart weergegeven. Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 26
Figuur 10 Uitsnede planlocatie (in rood) uit de Archeologiekaart van Someren
De planlocatie ligt conform de ‘Archeologiekaart van Someren’ binnen categorie 2 ‘gebieden met een zeer hoge archeologische waarde’ en categorie 4 ‘gebieden met een hoge archeologische verwachting. Binnen categorie 2 geldt een onderzoeksplicht bij een verstoringsdiepte van meer dan 40 cm en een verstoringsoppervlakte van 100 m². Binnen categorie 4 geldt een onderzoeksplicht bij een verstoringsdiepte van meer dan 40 cm en een verstoringsoppervlakte van 250 m². Binnen de beoogde situatie wordt een loods gerealiseerd waarbij de verstoring minder diep is dan 40 centimeter. Daarnaast wordt de loods gerealiseerd op een plaats waar de varkensstallen worden gesloopt. Deze varkensstallen hadden putten met een diepte van ca. 1,5 meter. De grond is dus in het verleden al reeds geroerd geweest tot een diepte van 1,5 meter. Hierdoor is nader archeologisch onderzoek niet noodzakelijk.
4.5.3.
Cultuurhistorie
Cultuurhistorie neemt een belangrijke plaats in binnen de ruimtelijke ordening. In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de verplichting vastgelegd om in de ruimtelijke ordening (o.a. bestemmingsplannen) rekening te houden met aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Daarnaast is de juridische grondslag voor de bescherming van cultuurhistorie en archeologie vastgelegd in onder andere de Erfgoedwet (voorheen Monumentenwet 1988). Karakteristieke gebiedswaarden dienen middels ruimtelijke plannen beschermd en behouden te worden. Met betrekking tot aardkundig waardevolle gebieden is het beleid erop gericht om de ontstaansgeschiedenis van het aardoppervlak zichtbaar, beleefbaar en begrijpelijk te houden. De planlocatie is niet gelegen in een aardkundig waardevol gebied. De planlocatie is gelegen in de regio De Peelrand: een ring van middeleeuwse dorpen op enige afstand van het voormalige veengebied van de Peel, zie figuur 12. Deze oude dorpen worden gekenmerkt door akkercomplexen, schaarse groenlanden en voormalige heidevelden. De heidevelden zijn in de negentiende en twintigste eeuw ontgonnen en grotendeels omgezet in landbouwgrond, waardoor er een waardevol mozaïek is ontstaan van oude en jonge ontginningen.
Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 27
Someren is van oorsprong een tienakkerdorp of kransakkerdorp. Rondom de centrale kern met een kerk en marktplaats was een aantal kleinere agrarische buurtschappen gelegen. Kenmerkend zijn de lange rechtlijnige bebouwingslinten. De linten onderscheiden zich van elkaar door de al dan niet aanwezige laanbeplanting en de aard van de bebouwing. Na de Tweede Wereldoorlog is Someren gaan groeien waardoor uitbreidingswijken aan de noord-, zuidwest- en oostzijde van de kern zijn gerealiseerd.
Figuur 11 Uitsnede planlocatie CHW
Grote delen van de gemeente Someren hebben cultuurhistorische waarden. Voornamelijk de oude landschappen zoals de oude wegen, de kampenlandschappen met groenstructuren, bebouwingsstructuren en akkercomplexen horen hierbij. Met de lage beekdalen en de hoge akkercomplexen heeft het gebied een bijzondere landschappelijke onderlegger. In oude gehuchten bij kruispunten zijn historisch gegroeide stedenbouwkundige structuren herkenbaar en zijn gegroeid tot de huidige bebouwingsclusters. Nieuwe en oude wegen zijn waardevol binnen de gemeente. De Lieropsedijk en de Houtbroekdijk betreffen een historische geografische lijnen. De beoogde ontwikkeling heeft geen gevolgen voor deze historische geografische lijnen.
4.6. Verkeer en parkeren De beoogde ontwikkeling wordt ontsloten via de Houtbroekdijk (één inrit) en de Lieropsedijk (twee inritten). Deze wegen kunnen de verkeersbewegingen van de ontwikkeling gemakkelijk verwerken. Zo heeft de ontwikkeling geen onevenredige (negatieve) invloed op de verkeersafwikkeling naar omliggende wegen. Parkeervoorzieningen worden binnen het eigen terrein ingepast. Binnen de inrichting is voldoende ruimte om te voorzien in de parkeerbehoefte van het bedrijf. Er zal geen parkeeroverlast zijn in de omgeving. De parkeerbehoefte ten behoeve van het agrarische bedrijf blijft ongewijzigd. Zo blijven er ongewijzigd twee personen werkzaam binnen de inrichting (tevens woonachtig binnen de planlocatie) waarvoor twee parkeerplaatsen worden voorzien. Voor de recreatieve nevenactiviteit wordt gesteld dat de bezoekers hun voertuig bij de kampeerplaats kunnen parkeren. Daarnaast worden minimaal 3 losse parkeerplaatsen voorzien binnen het bedrijf ten behoeve van bezoekers (10% van 27) van het bedrijf/minicamping. Dit sluit aan bij de parkeernormen van het CROW.
Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 28
5. Juridische planopzet 5.1. Inleiding Onderhavig bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, een verbeelding, en regels. De verbeelding en de regels vormen het juridisch bindende deel van het plan. Dit dient te allen tijde in onderlinge samenhang bezien en toegepast te worden. De toelichting op de regels en de verbeelding is niet juridisch bindend, dit biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van de bestemmingen heeft geleid. Daarnaast draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.
5.2. Verbeelding Op de verbeelding is de bestemming van de gronden in het plangebied aangegeven. Binnen deze bestemming zijn daarna nadere aanduidingen weergegeven. De juridische betekenis van deze aanduidingen is terug te vinden in de regels. Een aantal gegeven heeft juridisch gezien geen betekenis en is alleen op de verbeelding aangegeven ten behoeve van de leesbaarheid van die kaart (zoals topografische en kadastrale gegevens).
5.3. Planregels De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De opbouw is als volgt: - Hoofdstuk 1 Inleidende regels * Begrippen * Wijze van meten - Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels * Bestemmingen * Dubbelbestemmingen - Hoofdstuk 3 Algemene regels * Anti-dubbeltelregel * Algemene bouwregels * Algemene gebruiksregels * Algemene afwijkingsregels * Overige regels - Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels * Overgangsrecht * Slotregel Een bestemmingsartikel (Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels) wordt uit de volgende leden in deze volgorde opgebouwd: - Bestemmingsomschrijving; - Bouwregels; - Nadere eisen; - Afwijken van de bouwregels; - Specifieke gebruiksregels; - Afwijken van de gebruiksregels; - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden; - Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk; - Wijzigingsbevoegdheid. Een bestemmingsartikel hoeft niet alle elementen te bevatten.
Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 29
6. Uitvoerbaarheid en procedure 6.1. Economische uitvoerbaarheid Op 1 juli 2008 is amen met de Wet ruimtelijke ordening (Wro) de Grondexploitatiewet (Grexwet) in werking getreden. In deze Grexwet is bepaald dat een gemeente bij het vaststellen van een planologische maatregel, die mogelijkheden biedt voor de bouw van één of meer hoofdgebouwen, verplicht is maatregelen te nemen die verzekeren dat de kosten die gepaard gaan met de ontwikkeling van het plangebied worden verhaald op de initiatiefnemer van het plan. Voor de ontwikkeling van de beoogde situatie is er sprake van een particulier initiatief. De gemeente Someren zal in het kader van de Grexwet daarom alle door de gemeente te maken kosten verhalen op de initiatiefnemer De initiatiefnemer zal derhalve met de gemeente Someren een anterieure overeenkomst sluiten.
6.2. Handhaving Een van de uitgangspunten bij het ontwikkelen van een bestemmingsplan is dat het plan handhaafbaar dient te zijn. Handhaving van het ruimtelijke beleid is een voorwaarde voor het behoud en de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit. Reeds bij de totstandkoming van een bestemmingsplan dient aandacht te worden besteed aan de handhaafbaarheid van de voorgeschreven regels. Vier factoren zijn van wezenlijk belang voor een goed handhavingsbeleid. Deze punten worden toegelicht. Voldoende kenbaarheid van het plan Een goed handhavingsbeleid begint bij de kenbaarheid van het bestemmingsplan bij degenen die het moeten naleven. De Wro heeft in de bestemmingsplanprocedure een aantal verplichte inspraakmomenten ingebouwd. Voldoende draagvlak voor het beleid en de regeling in het plan De inhoud van het plan kan slechts gehandhaafd worden indien het beleid en de regeling in grote kring ondersteund worden door de gebruikers van het bestemmingsplan. De initiatiefnemer heeft zelf zorg gedragen voor het laten opstellen van een bestemmingsplan. Hiermee is het draagvlak groot en aanwezig. Inzichtelijke en realistische regeling Een juridische regeling dient inzichtelijk en realistisch te zijn. Dit houdt in: helder van opzet en niet onnodig beperkend of inflexibel. Bovendien moeten de bepalingen goed controleerbaar zijn.
De regels behoren dan ook niet meer dan noodzakelijk is te regelen. Met deze bepalingen is in dit bestemmingsplan rekening gehouden. Actief handhavingsbeleid Het sluitstuk van een goed handhavingsbeleid is voldoende controle van de feitelijke situatie in het buitengebied. Daarnaast moeten adequate maatregelen worden getroffen indien de regels worden overtreden. Indien deze maatregelen achterwege blijven, ontstaat een grote mate van rechtsonzekerheid. Een gemeente dient dan ook voldoende menskracht ter beschikking te hebben voor de benodigde controle en handhavingsacties.
Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 30
6.3. Maatschappelijke uitvoerbaarheid Gedurende de planvorming is een omgevingsdialoog noodzakelijk. De omgevingsdialoog houdt in dat buurtbewoners en ondernemers in de omgeving van de planlocatie worden geïnformeerd over de beoogde ontwikkelingen. Een verslag van de omgevingsdialoog is toegevoegd in bijlage 7.
6.3.1.
Inspraakprocedure
In de Gemeentewet is bepaald dat de gemeenteraad een inspraakverordening dient vast te stellen waarin geregeld wordt op welke wijze ingezetenen en andere belanghebbenden bij de voorbereiding van een bestemmingsplan worden betrokken. In de inspraakverordening is aangegeven dat inspraak wordt verleend wanneer dit wettelijk verplicht is. Daarnaast kan elk bestuursorgaan ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden besluiten of inspraak wordt verleend. Het voorliggende bestemmingsplan wordt zes weken ter inzage gelegd.
6.3.2.
Overleg ex artikel 3.1.1 BRO
Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan burgemeester en wethouders overleggen met het bestuur van de bij het plan betrokken waterschap plegen. Waar nodig plegen zij tevens overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. In het kader van het bestuurlijke vooroverleg is provincie Noord-Brabant en Waterschap Aa en maas toegeschreven. In het vooroverleg zijn geen nadere reacties gegeven.
6.3.3.
Zienswijzenprocedure
Artikel 3.8 Wro regelt de procedure van het bestemmingsplan. Op de voorbereiding van een bestemmingsplan is afdeling 3.4 van de Awb van toepassing. Hierbij zijn een aantal aanvullingen: 1. Kennisgeving, zoals bedoeld in artikel 3:12 Awb, dient tevens te worden gepubliceerd in de Staatscourant en langs elektronische weg te worden verzonden; 2. Het ontwerpbestemmingsplan dient te worden verstuurd aan het Rijk, provincie, waterschappen en aan de besturen van bij het plan een belanghebbende gemeente; 3. Kennisgeving aan de eigenaren van percelen welke de bestemming in de naaste toekomst zal worden verwezenlijkt; 4. Door eenieder kunnen zienswijzen naar voren worden gebracht; 5. De gemeenteraad dient binnen 12 weken, na de ter inzage termijn te beslissen over de vaststelling van het bestemmingsplan. Binnen twee weken wordt het besluit tot vaststelling bekend gemaakt. Indien door de Gedeputeerde Staten (GS) of de inspecteur een zienswijze is ingediend ne deze niet volledig is overgenomen, dan vindt bekendmaking plaats binnen zes weken na vaststelling. Dit geldt tevens indien de gemeenteraad wijzigingen aanbrengt in het ontwerp. In deze gevallen zendt het college na vaststelling direct een afschrift van het raadsbesluit aan de GS en/of de inspecteur. Indien het Rijk of de provincie gebruik wil maken van haar aanwijzingsbevoegdheid gaat deze termijn niet op.
Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan wordt dan, met uitsluiting van het onderdeel waarop het aanwijzingsbesluit ziet, samen met het aanwijzingsbesluit bekend gemaakt, Het besluit treedt in werking één dag na de afloop van de beroepstermijn. •
Terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende 6 weken voor een ieder ter inzage gelegd; gedurende deze periode kan een ieder schriftelijke of mondelinge zienswijzen naar voren brengen aan de gemeenteraad; Vanaf 27 mei 2022 tot en met 7 juli 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan “Veegplan XIII, gemeente Someren 2021” met de bijbehorende Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 31
stukken, ter inzage gelegen. Tijdens de termijn van terinzagelegging kon een ieder een zienswijze indien over het ontwerpbestemmingsplan. Er zijn geen zienswijze ontvangen.
Toelichting Houtbroekdijk 32 te Someren - Arvalis 32
Rapport Verkennend bodemonderzoek @ (locatienaam) projectnummer 1234567 1 januari 2019 revisie 00
Bijlage 1 Situatieschets
Blad 23 van 25
Lieropsedijk NW N
W
WN
NW
N
W
NN O
NO
WZ W
ON O
ZW
Lieropsedijk
ZZ
W
Z
22,60m
OZ O ZZ O
O
ZO
9 7
8 6
5
50,00m
9
10,00m
4
1
2 3
28 32
30
24
Houtbroekdijk 29
SITUATIE gemeente sectie nummer(s)
: Someren : M : 379
0m
100m
1:2000 1 2 3 4 5 6 7 8 9
= bestaande loods = bestaande rundveestal = bestaande loods = nieuw te realiseren loods tbv akkerbouw = nieuw te realiseren natte ruimte tbv mini-camping = stacaravans = kampeerterrein = speelweide = parkeerplaatsen
Project
Bestemmingsplan
Projectlocatie
Houtbroekdijk 32 5711 PM Someren
ROBA Advies
Cont. pers. Tekenaar
BS PB
Proj.nr. Blad Schaal
200112-001-002 1/1 1:2000
Datum
05-03-2021
Rapport Verkennend bodemonderzoek @ (locatienaam) projectnummer 1234567 1 januari 2019 revisie 00
Bijlage 2 Onderbouwing NOx en AERIUS
Blad 23 van 25
Bijlage 2 – Onderbouwing NOx en Aerius Aanleiding In het kader van de Natuurbeschermingswet 1998 moet beoordeeld worden of effect van Stikstofdepositie belemmeringen meebrengt voor vaststelling van het bestemmingsplan. Stikstofdepositie wordt veroorzaakt door o.a. emissies uit veehouderijen, verbranding van (fossiele) brandstoffen (verkeer, stookinstallaties). Stikstof heeft een vermestend en verzurend effect waarvoor diverse vooral beschermde planten en vegetaties gevoelig zijn. Stikstofdepositie Gezien de uitspraak van de Raad van State 29 mei 2019 met betrekking tot het toepassen van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) bij de beoordeling van omgevingsvergunningplichtige activiteiten (artikel 2.1 en 2.2 van de Wabo) in relatie tot de Wet natuurbescherming (Wnb) hebben er veranderingen plaatsgevonden in het toetsingscriteria van Wabo-vergunningplichtige activiteiten. Hierdoor komen meer bouw- en industriële activiteiten dan voorheen in beeld voor vergunningplicht op basis van de Wet natuurbescherming. Voor de beoogde ontwikkeling wordt nagegaan of de activiteit invloed heeft op natura 2000-gebieden. Om te beoordelen of er een effect is vanuit onderhavige plannen op de omliggende Natura 2000gebieden is er middels het rekenprogramma Aerius een berekening gemaakt.
Uitgangspunten en aannames Aeriusberekening Voertuigen: Alle voertuigen hieronder weergegeven betreffende een heen- en teruggaande beweging. Iedere voertuig betreft derhalve twee bewegingen en is in de aeriusberekening ingevoerd als dubbele voertuigbeweging. De beweging gaat voor 50 % richting het zuiden naar de rotonde aan de provincialeweg en 50 % naar het noorden over de Lieropsedijk. Sloop- en bouwfase De sloop- en bouwfase vindt plaats binnen ca. 8 maanden. Hierbij zal in die tijd naar schatting een verhoogde hoeveelheid transportbewegingen plaatsvinden waarbij de volgende schatting middels Aerius is berekend: Extern transport Bron Personenvervoer Aanvoer- afvoer bouwmaterialen Aanvoer- afvoer bouwmaterialen
Type Licht verkeer Licht verkeer
Aantal voertuigen 2 per werkdag (= 320 totaal) (50 % extern verkeer 1 en 50% extern verkeer 2) 20 totaal (Extern verkeer 2)
Zwaar vrachtverkeer
60 totaal (Extern verkeer 2)
Intern transport Bron Loader tbv sloop en bouwrijp maken Kraan t.b.v. sloop en plaatsen constructie Verreiker plaatsen wanden Vrachtwagen
Tijdsduur 10 dagen x 8 uur = 80 uur
Dieselverbruik 20 liter per uur
14 dagen x 8 uur = 112 uur
20 liter per uur
5 dagen x 8 uur = 40 uur (25 uur stationair) (# middelzwaar vrachtverkeer + # zwaar vrachtverkeer) x 1 uur = 20 uur
15 liter per uur 20 liter per uur
Referentiesituatie Dieren Stal
4
RAV
A7.100 Traditioneel
Dier categorie
Fokstieren en overige rundvee ouder dan 2 jaar
Aantal
RAV
19
Ammoniak (kg NH3/ dier) 6,200
Ammoniak (kg NH3/jr) 173,60
Totaal
173,60
Extern transport Bron Personenvervoer woning (Extern verkeer 1) Gebruik landbouwmachines en -voertuigen* (50 % extern verkeer 1 en 50% extern verkeer 2)
Type Licht verkeer Zwaar vrachtverkeer
# voertuigen/ etmaal 9 14
* bovenstaande zwaar verkeer betreft verkeer zowel tbv de akkerbouwtak als de varkenshouderij. Intern transport Binnen de inrichting zal per werkdag c.a. 1 tractor en 1 loader, 1 uur per dag actief zijn voor o.a. het laden en lossen van zand en diverse overige werkzaamheden. Het dieselverbruik van de tractor/loader is c.a. 20 liter per uur. Ruimteverwarming De uitstoot van een oudere vrijstaande woning is door PAS-bureau vastgesteld op 3,59 kg/jaar. Beoogde situatie Dieren Stal Nr.
Huisvestings-systeem RAV-code / Code Diercategorie Groenlabel
4
A2.100 Traditioneel
4
A3.100 Traditioneel
4
A7.100 Traditioneel
Zoogkoeien ouder dan 2 jaar Vrouwelijk jongvee tot 2 jaar Fokstieren ouder dan 2 jaar
Aantal dieren
Aantal dier plaatsen
13
13
4,100
53,30
13
13
4,400
57,20
1
1
6,200
6,20
TOTALEN BEDRIJF
Extern transport Bron Personenvervoer woning (Extern verkeer 1) Personenvervoer nevenactiviteit (Extern verkeer 2) Gebruik landbouwmachines en -voertuigen (Extern verkeer 1)
Ammoniak kg NH3 totaal kg per dier NH3/jr.
116,70
Type Licht verkeer Licht verkeer Zwaar vrachtverkeer
# voertuigen/ etmaal 9 25 15
Intern transport Binnen de inrichting zal per werkdag c.a. 1 tractor en 1 loader, 1 uur per dag actief zijn voor o.a. het laden en lossen van zand en diverse overige werkzaamheden. Het dieselverbruik van de tractor/loader is c.a. 20 liter per uur.
Ruimteverwarming De uitstoot van een oudere vrijstaande woning is door PAS-bureau vastgesteld op 3,59 kg/jaar. Sanitaire voorzieningen De sanitaire voorzieningen voor de recreatie in de loods zullen worden verwarmd middels een elektrische boiler. Er is hier dan ook geen stikstofuitstoot. Resultaat Aeriusberekening Middels het rekenmodel AERIUS Calculator is berekend of de emissies resulteren in stikstofdepositie op de omliggende Natura 2000-gebieden. Uit het rekenmodel volgt dat er geen toename is in stikstofdepositie t.o.v. van de referentiesituatie. Dat betekent dat door het berekende project geen nadelige gevolgen te verwachten zijn op de omliggende Natura 2000-gebieden. Geconcludeerd kan dan ook worden dat er geen vergunningsplicht is voor de betreffende aanvraag. Tijdens de sloop- en bouwfase zal het aantal stuks te houden vee iets minder zijn, om de stikstofuitstoot tijdelijk te compenseren. Hiermee voldoet ook deze fase aan het intern salderen. De Aeriusberekeningen zijn als bijlage toegevoegd.
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Totale emissie
Referentie - Referentie Beoogd - Beoogd
Resultaten
Referentie - Referentie Beoogd - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
Breehout Houtbroekdijk 32, 5711PM Someren Verschilberekening Verschilberekening Ri7xYtCqCzu7 01 februari 2023, 12:30 Wnb-rekengrid Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
0,12 mol/ha/j -
2326525
2023 2023
0,12 mol/ha/j
120,8 kg/j 121,1 kg/j 2326525
365,1 kg/j 372,1 kg/j
Strabrechtse Heide & Beuven Strabrechtse Heide & Beuven
2/10
Projectberekening
Beoogd (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Landbouw | Stalemissies | Stal 4 4 Mobiele werktuigen | Landbouw | Intern transport 5 Anders... | Anders... | CV-ketel Verkeersnetwerk
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
117,8 kg/j 2,5 kg/j 0,8 kg/j
345,9 kg/j 3,6 kg/j 22,7 kg/j
3/10
Projectberekening
Referentie (Referentie), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Landbouw | Stalemissies | Stal 4 4 Mobiele werktuigen | Landbouw | Intern transport 5 Anders... | Anders... | CV-ketel Verkeersnetwerk
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
117,8 kg/j 2,5 kg/j 0,5 kg/j
345,9 kg/j 3,6 kg/j 15,6 kg/j
4/10
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
5/10
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Beoogd" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal
-
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
-
-
-
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
-
-
Onderstaand is een overzicht opgenomen van alle Natura 2000-gebieden (binnen de maximale rekenafstand van 25 km) waar in de "Beoogde situatie" een bijdrage groter dan 0,00 mol/ha/jaar is berekend, maar waar in de "Projectberekening" (=verschilberekening) geen toe- of afname is berekend. Het effect vanuit de "Projectberekening" op deze gebieden is daarmee 0,00 mol/ha/jaar. Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux Strabrechtse Heide & Beuven Weerter- en Budelerbergen & Ringselven Deurnsche Peel & Mariapeel Groote Peel
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
6/10
Projectberekening
Beoogd, Rekenjaar 2023 1
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 4 Uittreedhoogte Locatie X:176398 Y:378419 Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Dierverblijven Diersoort RAV-code - Omschrijving
A7.100 - overige huisvestingssystemen (Rundvee; fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar )
2
Extern verkeer 1 X:176304,91 Y:378502,22 1.110,82 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer Extern verkeer 2 X:176308,17 Y:378493,76 1.134,39 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Overig 19
NH₃ 6,2
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Max. snelheid
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Naam
Intern transport X:176381,39 Y:378458,43 1,22 ha
Stageklasse
Tractor/Loader Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
-
117,8 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
20,6 kg/j 6,1 kg/j 0,6 kg/j
-
-
Aantal voertuigen
In file
9 p/etmaal 0 p/etmaal 15 p/etmaal 0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Mobiele werktuigen | Landbouw
Naam Locatie Oppervlakte
117,8 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
4
BWLcode
NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
3
1,5 m 0,000 MW
-
-
Aantal voertuigen
In file
25 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal 0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
345,9 kg/j 2,5 kg/j
Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue verbruik
10400 l/j
2,0 kg/j 0,5 kg/j 0,2 kg/j
532 u/j 0 l/j
Stof Emissie
NOₓ 345,9 kg/j NH₃ 2,5 kg/j 7/10
Projectberekening
5
Anders... | Anders...
Naam CV-ketel Uittreedhoogte Locatie X:176410,84 Warmteinhoud Y:378378,84 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Verwarming van Ruimten (Zonder Seizoenscorrectie)
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
4,5 m 0,000 MW
NOₓ
3,6 kg/j
8/10
Projectberekening
Referentie, Rekenjaar 2023 1
Landbouw | Stalemissies
Naam Stal 4 Uittreedhoogte Locatie X:176398 Y:378419 Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Dierverblijven Diersoort RAV-code - Omschrijving
A7.100 - overige huisvestingssystemen (Rundvee; fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar )
2
Extern verkeer 1 X:176255,12 Y:378578,36 928,86 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer Extern verkeer 2 X:176239,34 Y:378603,64 869,49 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Overig 19
NH₃ 6,2
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Max. snelheid
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Naam
Intern transport X:176381,39 Y:378458,43 1,22 ha
Stageklasse
Tractor/Loader Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
-
117,8 kg/j
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
8,4 kg/j 2,5 kg/j 0,3 kg/j
-
-
Aantal voertuigen
In file
9 p/etmaal 0 p/etmaal 7 p/etmaal 0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Mobiele werktuigen | Landbouw
Naam Locatie Oppervlakte
117,8 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
4
BWLcode
NH₃
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
3
1,5 m 0,000 MW
-
-
Aantal voertuigen
In file
0 p/etmaal 0 p/etmaal 7 p/etmaal 0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
345,9 kg/j 2,5 kg/j
Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue verbruik
10400 l/j
7,3 kg/j 2,2 kg/j 0,2 kg/j
532 u/j 0 l/j
Stof Emissie
NOₓ 345,9 kg/j NH₃ 2,5 kg/j 9/10
Projectberekening
5
Anders... | Anders...
Naam CV-ketel Uittreedhoogte Locatie X:176410,84 Warmteinhoud Y:378378,84 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Verwarming van Ruimten (Zonder Seizoenscorrectie)
4,5 m 0,000 MW
NOₓ
3,6 kg/j
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022_20230126_290cbff6e8 Database versie 2022_290cbff6e8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
Ri7xYtCqCzu7 (01 februari 2023)
10/10
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
Totale emissie
referentie - Referentie Bouwfase - Beoogd
Resultaten
referentie - Referentie Bouwfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
Breehout Houtbroekdijk 32, 5711PM Someren sloop- en bouwfase Bouwfase Rc2UAZckQbnX 01 februari 2023, 12:29 Wnb-rekengrid Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
0,02 mol/ha/j 0,00 ha 0,09 ha 0,00 mol/ha/j 0,01 mol/ha/j
2338758
2023 2023
0,02 mol/ha/j
24,8 kg/j 1,2 kg/j 2311234
161,2 kg/j
Strabrechtse Heide & Beuven Strabrechtse Heide & Beuven
2/9
Projectberekening
referentie (Referentie), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 1 Landbouw | Stalemissies | rundvee
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
24,8 kg/j
-
3/9
Projectberekening
Bouwfase (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 3 Mobiele werktuigen | Landbouw | Intern transport Verkeersnetwerk
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
1,2 kg/j 11,5 g/j
161,0 kg/j 0,2 kg/j
4/9
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie
De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
5/9
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Bouwfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal Per gebied
Strabrechtse Heide & Beuven (137)
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
0,09 Berekend (ha gekarteerd)
0,09
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
2.106,91
2.106,91
0,00
0,00
0,00
0,00
0,09
0,09
0,01
0,01
6/9
Projectberekening
referentie, Rekenjaar 2023 1
Landbouw | Stalemissies
Naam rundvee Uittreedhoogte Locatie X:176398 Y:378419 Warmteinhoud Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Dierverblijven Diersoort RAV-code - Omschrijving
A7.100 - overige huisvestingssystemen (Rundvee; fokstieren en overig rundvee ouder dan 2 jaar )
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
1,5 m 0,000 MW BWLcode
NH₃
24,8 kg/j
Aantal Stof Emissiefactor Reductie Emissie dieren (kg/dier/j)
Overig 4
NH₃ 6,2
-
24,8 kg/j
7/9
Projectberekening
Bouwfase, Rekenjaar 2023 1
Wegverkeer | Weg
Extern verkeer 1 X:176255,12 Y:378578,36 928,86 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Max. snelheid
-
Extern verkeer 2 X:176239,34 Y:378603,64 869,49 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Naam
Stageklasse
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
Verreiker plaatsen wanden
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
600 l/j
Vrachtwagen
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
400 l/j
Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja
1600 l/j
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
-
0,2 kg/j 57,9 g/j 8,1 g/j
In file
180 p/jaar 0 p/jaar 60 p/jaar 0 p/jaar
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ NH₃
161,0 kg/j 1,2 kg/j
Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue Stof Emissie verbruik
Kraan t.b.v. plaatsen constructie
loader
-
Aantal voertuigen
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Intern transport X:176381,39 Y:378458,43 1,22 ha
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
29,3 g/j 6,5 g/j 3,4 g/j
In file
160 p/jaar 0 p/jaar 0 p/jaar 0 p/jaar
Mobiele werktuigen | Landbouw
Naam Locatie Oppervlakte
-
Aantal voertuigen
80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur 80 km/uur
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
3
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
2240 l/j
115 u/j 0 l/j
NOₓ NH₃
31 u/j
0 l/j
NOₓ NH₃
20 u/j
0 l/j
NOₓ NH₃
82 u/j
0 l/j
NOₓ NH₃
74,5 kg/j 0,5 kg/j 20,0 kg/j 0,1 kg/j 13,3 kg/j 96,0 g/j 53,2 kg/j 0,4 kg/j 8/9
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022_20230126_290cbff6e8 Database versie 2022_290cbff6e8 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
Rc2UAZckQbnX (01 februari 2023)
9/9
Rapport Verkennend bodemonderzoek @ (locatienaam) projectnummer 1234567 1 januari 2019 revisie 00
Bijlage 3 Quickscan flora en fauna
Blad 23 van 25
QUICKSCAN SOORTENBESCHERMING HOUTBROEKDIJK 32 TE SOMEREN
Colofon
Quickscan soortenbescherming Projectnummer: EP.21.1000 Versie: 1 Datum: 12 januari 2021 Opdrachtnemer Agrifirm NWE BV Bedrijfsontwikkeling Exlan Waalkade 33 5347 KR Oss
Postbus 300 5340 AH Oss
Locatie Houtbroekdijk 32 Someren Opdrachtgever Breehout VOF Houtbroekdijk 32 5711 PM Someren Contactpersoon Anton van Zeeland T: 088 – 488 2929 F: 088 – 488 2102 E: a.vanzeeland@agrifirm.com Uitvoerders Ing. A. van Zeeland L.F.A. van Sleeuwen LL.B. Collegiale check AvZ
ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG WORDEN VERVEELVOUDIGD DOOR MIDDEL VAN DRUK, FOTOKOPIE, MICROFILM, GELUIDSBAND, ELEKTRONISCH OF OP WELKE ANDERE WIJZE DAN OOK, EN EVENMIN IN EEN GEAUTOMATISEERD GEGEVENSBESTAND WORDEN OPGESLAGEN, ZONDER VOORAFGAANDE SCHRIFTELIJKE TOESTEMMING VAN AGRIFIRM EXLAN.
2 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
Inhoudsopgave
Quickscan soortenbescherming INLEIDING
4
HOOFDSTUK 1 TOETSINGSKADER
6 6
HOOFDSTUK 2 ONDERZOEKSRESULTATEN
9 9
HOOFDSTUK 3 CONCLUSIE
31 31
LITERATUUR
32
WAARNEMINGEN EFFECTEN INDICATOR SOORTEN
33 36
3 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
Inleiding
Planbeschrijving
Aanleiding Het plangebied is gelegen aan de Houtbroekdijk 32 Someren. Op dit adres is Breehout VOF gevestigd. De plannen omvatten de sloop van alle stallen (behalve de twee lege stallen direct achter het woonhuis). In dit kader wordt door het bevoegde gezag een toets aan de soortenbescherming noodzakelijk geacht. Bij de uitvoering van de voorgenomen ingrepen moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van de, op grond van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten. Als de voorgenomen ingreep leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, moet vrijstelling of ontheffing worden verkregen. De voorliggende quickscan bevat een inventarisatie van de huidige aanwezigheid van beschermde soorten planten en dieren in en om het plangebied. Tevens worden de te verwachten effecten van de ingreep in het plangebied beoordeeld. Plangebied Het plangebied ligt in de plaats Someren in de gemeente Deurne. Het plangebied bevindt zich buiten de verkeerskundige en stedenbouwkundige bebouwde kom van Someren.
Afbeelding 1: luchtfoto plangebied (bron: streetsmart.cyclomedia.com/streetsmart, geraadpleegd op 04/01/2021)
Onderzoeksmethode Om een goede indicatie van de natuurwaarden binnen het plangebied te krijgen, wordt het onderzoek in verschillende stappen uitgevoerd. Op basis van bronnenonderzoek is nagegaan of er wettelijk beschermde planten- of diersoorten in het gebied voor kunnen komen waaraan extra aandacht geschonken dient te worden tijdens het terreinbezoek. Na het bronnenonderzoek is een verkennend terreinbezoek gebracht aan het plangebied. Hierbij is, op basis van de gegevens van het literatuuronderzoek, beoordeeld voor welke soorten het gebied daadwerkelijk een geschikte habitat biedt en daarmee welke soorten er
4 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
daadwerkelijk voor kunnen komen. Vervolgens zijn de mogelijke effecten op de verwachte beschermde soorten beschreven. Op basis van de doorlopen procedures zijn conclusies getrokken met betrekking tot de eventuele negatieve effecten en/of obstakels inzake de Wet natuurbescherming. Op woensdag 6 januari 2021 is de locatie tussen 14:00 en 15:00 uur ter plaatse geïnventariseerd, om te onderzoeken of het plangebied een zodanig belangrijke status heeft dat een aanvullend veldonderzoek noodzakelijk is. Op het moment van inventarisatie was het 4 graden Celsius en bewolkt. Op basis van terreinkenmerken is beoordeeld of het terrein geschikt is voor de, in de regio voorkomende, beschermde soorten. Doelstelling Om een indicatie te krijgen van de effecten die de sloopwerkzaamheden hebben op de natuurwaarden binnen het plangebied, dienen de volgende vragen te worden beantwoord: 1. Welke wettelijk beschermde soorten komen in het plangebied voor? Welke status hebben deze soorten? 2. Welke invloed heeft de geplande ingreep in het betreffende gebied op de beschermde soorten en komt daarmee de staat van instandhouding in gevaar? 3. Hoe dient omgegaan te worden met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig?
5 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
Hoofdstuk 1
1 Toetsingskader Wet natuurbescherming De bescherming van natuur is in Nederland vastgelegd in nationale wetgeving. De nationale wetgeving is een Nederlandse implementatie van de belangrijkste Europese wetgevingselementen. Per 1 januari 2017 zijn de Flora- en Faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998 vervangen door de Wet natuurbescherming. De uitvoering van deze nieuwe wet is grotendeels in handen van de provincies gekomen.
1.1
Gebiedsbescherming De Wet natuurbescherming noemt bekende maar ook enkele nieuwe soorten natuurgebieden die bescherming behoeven: de Natura 2000-gebieden, het Natuurnetwerk Nederland (NNN), bijzondere provinciale natuurgebieden en landschappen, bijzondere nationale natuurgebieden en de nationale parken. Bij ontwikkelingen met name in het buitengebied moet rekening worden gehouden met het al dan niet van toepassing zijn van de beschermingsregimes van deze natuurgebieden. Ieder gebied kent een eigen beschermingsregime dat afzonderlijk gewogen dient te worden in relatie tot plannen, projecten en andere handelingen met mogelijk nadelige effecten voor de beschermde natuurwaarden. Natura 2000-gebieden De bekendste natuurgebieden zijn de Natura 2000-gebieden, zij kennen tevens het meest strikte beschermingsregime. De basis voor Natura 2000 zijn de Europese Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. In Nederland zijn 164 gebieden als Natura 2000-gebied aangewezen. Voor ieder gebied zijn instandhoudingsdoelstellingen bepaald die betrekking kunnen hebben op de bescherming van specifieke flora en fauna alsook leefgebieden van soorten. Alle projecten en handelingen binnen of buiten de gebiedsgrenzen mogen geen verstorend of verslechterend effect hebben op de instandhoudingsdoelstellingen. Voor de voorgenomen ontwikkeling is hier, voor zover van toepassing, separaat aan getoetst.
In deze rapportage wordt hier verder niet op ingegaan. Natuurnetwerk Nederland Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen EHS) is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. De provincies zijn belast met de taak een dergelijk netwerk tot stand te laten te komen en in stand te laten. De uitvoering hiervan is hoofdzakelijk gestuurd vanuit de ruimtelijke ordening (provinciale verordeningen). Binnen het Natuurnetwerk Nederland geldt een “nee, tenzij”- benadering. Overige gebieden Naast de bovengenoemde gebieden kunnen gebieden aangewezen worden als ‘bijzondere provinciale natuurgebieden’, ‘bijzondere provinciale landschappen’ of ‘nationaal park’. De bescherming van deze gebieden vind net als bij het NNN plaats via het ruimtelijk spoor. Daarnaast kan een gebied aangewezen worden als ‘bijzonder nationaal gebied’, een soort voorloper van de aanwijzing als Natura 2000-gebied. De bescherming van deze gebieden stemt dan ook overeen met de bescherming van Natura 2000-gebieden.
6 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
1.2
Soortenbescherming De Wet natuurbescherming deelt soorten in drie beschermingsregimes in. Daarnaast zijn er vrijgestelde soorten en jaarrond beschermde vogelnesten. 1) Beschermingsregime soorten vogelrichtlijn 2) Beschermingsregime soorten habitatrichtlijn 3) Beschermingsregime ander soorten 4) Vrijgestelde soorten 5) Jaarrond beschermde vogelnesten Vogelrichtlijn Onder de soorten van de Vogelrichtlijn vallen alle van nature in Nederland in het wild levende vogels. Het is verboden om: • Opzettelijk vogels te doden of te vangen; • Opzettelijk vogelnesten, -rustplaatsen en – eieren te vernielen of te beschadigen of vogelnesten weg te nemen; • Eieren van vogels te rapen en deze onder zich te hebben; • Opzettelijk vogels te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Habitatrichtlijn Onder de soorten van de Habitatrichtlijn vallen soorten die genoemd zijn in Bijlage IV van de Habitatrichtlijn, Bijlage I en II van het Verdrag van Bern en Bijlage I van het Verdrag van Bonn. In de Bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd.
Wat betreft deze soorten is het verboden om: • Opzettelijk dieren te doden of te vangen; • Opzettelijk dieren te verstoren; • Opzettelijk eieren van dieren te vernielen of te rapen; • Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; • Opzettelijk planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken, te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Ook is het verboden deze soorten te verkopen, te vervoeren voor verkoop, te verhandelen, te ruilen of te kopen, tenzij het gaat om gefokte of gekweekte dieren of planten. Andere soorten Onder het beschermingsregime andere soorten vallen soorten waarvan er geen Europese verplichting tot bescherming is. Dit zijn soorten die vanuit nationaal belang extra bescherming behoeven. Het beschermingsniveau van deze soorten kan per provincie verschillen. Het is verboden om: 1) Opzettelijk dieren te doden of te vangen; 2) Voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; 3) Opzettelijk (vaat)planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Provincies hebben de bevoegdheid om bij provinciale verordening vrijstelling te verlenen voor nationaal beschermde soorten.
Vrijgestelde soorten De verboden zijn niet van toepassing op de bosmuis, de huisspitsmuis en de veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden. Ook vallen de zwarte rat, bruine rat, huismuis, de mol en exoten niet onder beschermingsregime van de Wet natuurbescherming en mogen opzettelijk gedood en gevangen worden. Daarnaast geldt, zoals hierboven reeds aangegeven, dat provincies de bevoegdheid hebben vrijstelling te verlenen voor bepaalde soorten.
7 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
Jaarrond beschermde vogelnesten De opgestelde lijst met jaarrond beschermde nesten voor vogels is een beleidsdocument dat voortvloeit uit de voormalige Flora- en faunawet en meegenomen is onder de Wet natuurbescherming. De nesten zijn ingedeeld in categorieën (1 t/m 5) waarvan de categorie 1 t/m 4 jaarrond beschermd zijn. Nesten in categorie 5 zijn enkel beschermd bij afwezigheid van voldoende alternatieven. 1) Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats 2) Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 3) Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar. 4) Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen.
5) Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen.
1.3
Houtopstanden De regels van de Boswet zijn grotendeels onveranderd opgenomen in de Wet natuurbescherming. Een houtopstand is een zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend, die een oppervlakte van 10 are of meer beslaat ofwel een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat. Buiten de bescherming vallen: • houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom (voor deze wet); • houtopstanden op erven of in tuinen • fruitbomen en windschermen om boomgaarden; • naaldbomen bedoeld als kerstbomen en niet ouder dan twintig jaar • kweekgoed; o uit populieren of wilgen bestaande wegbeplantingen, o beplantingen langs waterwegen, en o eenrijige beplantingen langs landbouwgronden; • Het dunnen van een houtopstand; • uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen die zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa indien zij: o ten minste eens per tien jaar worden geoogst; o bestaan uit minstens tienduizend per hectare per beplantingseenheid o bestaande uit een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan twee meter; o zijn aangelegd na 1 januari 2013.
8 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
Hoofdstuk 2
2 Onderzoeksresultaten 2.1
Bronnenonderzoek Gegevens van websites als www.waarneming.nl zijn geraadpleegd voor achtergrondinformatie. Een groot aantal amateurs en professionals publiceert op deze bekende websites zijn natuurwaarnemingen, die worden gecontroleerd door een validatiecommissie. Zodoende zijn de waarnemingen uit deze bronnen redelijk betrouwbaar, maar moeilijk te verifiëren. De waarnemingen geven eventueel wel een indicatie van soorten waar tijdens het veldonderzoek extra aandacht aan besteed dient te worden. Natuurnetwerk Nederland Het natuurbeheerplan is een beleidskader om het Europese, rijks- en provinciale natuur- en landschapsbeleid te realiseren. Het gaat hier om bestaande natuurgebieden, gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt, landbouwgebieden worden ingericht en beheerd volgens agrarisch natuurbeheer en de Natura 2000-gebieden. Het plangebied ligt buiten het Natuurnetwerk Nederland en buiten andere natuurgebieden zoals Natura 2000. Het meest dichtbijgelegen Natura 2000-gebied is het Natura 2000-gebied “Strabrechtse Heide & Beuven”. Het Natuurnetwerk Brabant is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Hierdoor kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen tussen verschillende natuurgebieden.
Zo wordt de biodiversiteit (het totaal aan planten en dieren) bevorderd. Ongeveer 90% van het Natuurnetwerk Brabant wordt gevormd door bestaande natuurgebieden zoals bijvoorbeeld de Biesbosch en de Maashorst. Maar het netwerk is nog niet compleet. Er ontbreken nog veel gebieden en verbindingen die belangrijk zijn voor dieren en planten. Vanwege de klimaatverandering veranderen hun leefomstandigheden en wordt dat nog urgenter. Zij moeten zich kunnen verplaatsen om genoeg voedsel te kunnen blijven vinden en zich voort te planten. Maar het Natuurnetwerk is er niet alleen voor planten en dieren, maar ook voor mensen. Mensen genieten, recreëren en ontspannen in de natuur en voelen zich gelukkiger. Natuur schept kansen voor ondernemers die natuur en hun bedrijf willen combineren en helpt tegen de gevolgen van klimaatverandering. De provincie Noord-Brabant heeft een Natuurbeheerplan opgesteld. Het Natuurbeheerplan is een beleidskader om het Europese, rijks- en provinciale natuur- en landschapsbeleid te realiseren. Het gaat daarbij om bestaande natuurgebieden, gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt, landbouwgebieden worden ingericht en beheerd volgens agrarisch natuurbeheer en de Natura 2000-gebieden. Het Natuurbeheerplan beschrijft per (deel)gebied welke natuur- en landschapsdoelen nagestreefd worden.
Het plan bevat de begrenzing van de natuur- en agrarische natuurgebieden, met name toegespitst op de internationale biodiversiteitsdoelen en de internationale natuurgerichte agromilieu, water en klimaat doelen. Het plan is het beleidskader voor het provinciale natuurbeleid en ook voor de implementatie van artikel 28 van het Plattelandsontwikkelingsprogramma (POP3). Het plan is verankerd in de SVNL en SKNL en daarmee kaderstellend voor de SNL-subsidies.
9 Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
•
Afbeelding
2:
ligging
Natuurnetwerk
Nederland
en
Natura
2000
(bron: atlasleefomgeving.nl/kaarten, geraadpleegd op 04/01/2021)
•
Afbeelding 3: ligging plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl, geraadpleegd op 04/01/2021)
Het plangebied heeft op grond van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2014’ de bestemming ‘Agrarisch – Agrarisch bedrijf’, de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ en de functieaanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch – veehouderij’.
10
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
2.2
Veldonderzoek Op verschillende punten in het plangebied zijn waarnemingen verricht. Tijdens het veldbezoek is het gebied beoordeeld op de aanwezigheid van beschermde soorten en de habitatgeschiktheid voor beschermde soorten. Er is extra aandacht besteed aan de mogelijke aanwezigheid van vleermuizen en vogelnesten. De ecologische factoren in de omgeving zijn met behulp van een digitale fotocamera vastgelegd. Om de flora en fauna te kunnen determineren, is gebruik gemaakt van eigen kennis en literatuur. •
11
Afbeelding 4: erfbeplanting (blijft behouden)
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
12
•
Afbeelding 5: binnenzijde schuur (blijft behouden)
•
Afbeelding 6: binnenzijde dak (blijft behouden)
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
13
•
Afbeelding 7: binnenzijde leegstaande stal (blijft behouden)
•
Afbeelding 8: buitenzijde stal (blijft behouden)
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
14
•
Afbeelding 9: buitenzijde schuur (blijft behouden)
•
Afbeelding 10: buitenzijde te slopen stal
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
15
•
Afbeelding 11: buitenzijde te slopen varkensstallen (achterzijde)
•
Afbeelding 12: ruimte tussen de stallen
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
16
•
Afbeelding 13: buitenzijde varkensstallen (volledig gesloten)
•
Afbeelding 14: buitenzijde varkensstallen (volledig gesloten)
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
17
•
Afbeelding 15: binnenzijde varkensstallen
•
Afbeelding 16: binnenzijde varkensstallen
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
18
•
Afbeelding 17: ruimte tussen de stallen
•
Afbeelding 18: stallen volledig gesloten
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
19
•
Afbeelding 19: vogelschroot
•
Afbeelding 20: stallen gesloten met vogelschroot
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
20
•
Afbeelding 21: ruimte tussen de stallen
•
Afbeelding 22: buitenzijde varkensstallen
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
21
•
Afbeelding 23: buitenzijde varkensstallen
•
Afbeelding 24: binnenzijde voormalige varkensstal
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
22
•
Afbeelding 25: binnenzijde voormalige varkensstal
•
Afbeelding 26: binnenzijde voormalige varkensstal
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
23
•
Afbeelding 27: ruimte tussen de stallen
•
Afbeelding 28: buitenzijde varkensstallen (geheel gesloten)
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
24
•
Afbeelding 29: buitenzijde varkensstallen met erfbeplanting en luchtwasser
•
Afbeelding 30: buitenzijde varkensstallen met overkapping
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
25
•
Afbeelding 31: buitenzijde varkensstallen
•
Afbeelding 32: buitenzijde varkensstallen
Quickscan Flora- en Fauna – Houtbroekdijk 32 Someren
•
Afbeelding 33: buitenzijde schuur (blijft behouden)
Flora algemeen Bij de planlocatie zijn geen bijzondere beplantingen aangetroffen. Er is tevens gelet op de aanwezigheid van (beschermde) muurvegetatie. Alle bestaande beplanting blijft behouden. Grondgebonden zoogdieren Specifiek wordt bekeken of binnen de betreffende inrichting verwacht kan worden of er streng beschermde zoogdieren; steenmarter, bunzing, hermelijn, wezel, eekhoorn, bever en das kunnen worden aangetroffen. Steenmarter De onderzoekslocatie vormt geschikt habitat voor de steenmarter. Steenmarters gebruiken hooizolders, loze ruimtes onder het dak, schuurtjes en dergelijke, als verblijfplaats. Een steenmarter heeft binnen zijn territorium verscheidene verblijfplaatsen. Daarnaast laten steenmarters enorm veel sporen achter. Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen, zoals uitwerpselen of prooiresten aangetroffen die duiden op het gebruik van de onderzoekslocatie als vaste rust- of verblijfplaats door deze soort. Kleine marterachtigen De onderzoekslocatie biedt geen geschikte verblijflocaties voor de hermelijn, wezel en bunzing. De soorten maken gebruik van oude holen van onder andere mollen en muizen, maar ook houtwallen, steenhopen en ruimtes onder boomwortels. Desbetreffende soorten hebben binnen hun territorium verscheidene verblijfplaatsen. Tijdens het veldbezoek zijn er geen marters of sporen van marters aangetroffen op de onderzoekslocatie.