8a Tabel overzicht Bruidsschat gemeente Someren
Tekst van het document
het waarborgen van de veiligheid; b. het beschermen van de gezondheid; en c. het beschermen van het milieu, waaronder: 1o. het beschermen en verbeteren van de kwaliteit van lucht, bodem en de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; 2o. het doelmatig gebruik van energie en grondstoffen; en 3o. een doelmatig beheer van afvalstoffen.
overnemen
22.42
22.43
Normadressaat
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
geen
Specifieke zorgplicht
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Maatwerkvoorschriften
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
Milieu
Ik neig naar overnemen.
Algemene gegevens bij verstrekken van gegevens en bescheiden
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
SP
1. Degene die een activiteit verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen, bedoeld in artikel 22.40, is verplicht: a. alle maatregelen te treffen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd. 2. Deze plicht houdt in ieder geval in dat: a. alle passende preventieve maatregelen tegen milieuverontreiniging worden getroffen; b. alle passende preventieve SP maatregelen ter bescherming van de gezondheid worden getroffen; c. de beste beschikbare technieken worden toegepast; d. geen significante milieuverontreiniging wordt veroorzaakt;e. alle passende maatregelen worden getroffen voor het voorkomen van ongewone voorvallen en de nadelige gevolgen daarvan, bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de Omgevingswet; f. afvalwater dat wordt geloosd en gekanaliseerde emissies van stoffen in de lucht doelmatig kunnen worden bemonsterd; g. metingen representatief zijn en monsters niet worden verdund; h. meetresultaten op geschikte wijze worden 1.
Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld over de artikelen 22.42, 22.47 en 22.48 en de paragrafen 22.3.2 tot en met 22.3.26. 2. Met een maatwerkvoorschrift kan worden afgeweken van de artikelen 22.47 en 22.48 en de paragrafen 22.3.2 tot en met 22.3.26, tenzij in dit omgevingsplan anders is bepaald. 3. Een maatwerkvoorschrift wordt gesteld met het oog op de SP belangen, bedoeld in artikel 22.40. 4. Op het stellen van
22.45
Gegevens bij wijzigen naam, adres of normadressaat
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
Als gegevens en bescheiden worden verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders, worden die ondertekend en voorzien van: a. de aanduiding van de activiteit; b. de naam en het adres van degene die de activiteit verricht; c. het adres waarop de activiteit wordt verricht; en d. de dagtekening.
ja
nee
betreft algemene regel, geldt voor iedere gemeente
nee
ja
nee
geldt voor iedere gemeente
alles behalve woonwijken
verbijzondering van algemene zorgplicht nee Ab art 2.1
ja
nee
geldt voor iedere gemeente
Dit artikel verplicht initiatiefnemers van een activiteit om negatieve gevolgen voor het milieu te voorkomen of te beperken. Een brand heeft onder andere door rookontwikkeling per definitie alles behalve woonwijken nadelige gevolgen voor het milieu (tot buiten de inrichting). De VR kan vanuit de wettelijke adviestaak gemeenten adviseren over de invulling en/of beoordeling van deze zorgplicht.
Ja. Deze artikelen van het Bkl bepalen dat de gemeente in haar omgevingsplan rekening houdt met geluid/trillingen/slagschaduw/geur door een activiteit op een gevoelig gebouw en dat het omgevingsplan erin voorziet dat geluid/trillingen/slagschaduw/geur door een activiteit op geluidgevoelige gebouwen aanvaardbaar is. In specifieke gevallen kunnen aanvullende regels noodzakelijk zijn.
geldt voor iedere gemeente
Dit artikel regelt de bevoegdheid tot het stellen van maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten uit het Omgevingsplan. Maatwerkvoorschriften kunnen betrekking hebben op een nadere invulling/aanvulling aan standaardvoorschriften met betrekking tot alles behalve woonwijken brandveiligheid of bijvoorbeeld het toepassen van een bepaalde gelijkwaardigheid. De VR kan bevoegd gezag vanuit haar wettelijke taakstelling adviseren over beoordeling/invulling van maatwerkvoorschriften.
Ja. Een maatwerkvoorschrift op grond van het omgevingsplan moet voldoen aan de instructieregels van het Bkl.
De instructieregels van het Bkl stellen geen eisen aan de (aanvullende) gegevens en bescheiden die een gemeente kan of moet vragen bij een informatieplicht, meldingsplicht of vergunningplicht. Voor de bruidsschat is gekozen om aan te sluiten bij de opzet voor het verstrekken van gegevens en bescheiden in het Bal.
er is nu geen artikel met een dergelijke omschrijving
overnemen
RAA: Ook van toepassing voor woonwijken! Artikel regelt dat de lozer aansprakelijk is en niet de eigenaar (dus voor VRBZO afvalwater de huurder i.p.v. Wocom, maar voor hemelwater misschien juist wel weer de eigenaar...)
er is nu geen artikel met een dergelijke omschrijving
overnemen
RAA:Deels van belang voor water, VRBZO dus niet zomaar schrappen
overnemen
geen
is nu geen specifiek artikel. In het Ab is per activiteit aangegeven of maatwerk kan worden gesteld
VRBZO
een maatwerkvoorschrift over een milieubelastende activiteit zijn de instructieregels in paragraaf 5.1.4 en artikel 5.165 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, van overeenkomstige toepassing.
22.44
nee
VRBZO
overnemen
Let op: In tegenstelling tot advies van de ODZOB ook van toepassing voor woonwijken
Milieu
ja
er is nu geen artikel met een dergelijke omschrijving
nee
RAA: @Henriëtte: Wat bedoel je met "NEE"? Ovenemen of schrappen?
HM
SP
1. Voordat de naam of het adres, bedoeld in artikel 22.44, wijzigen, worden de daardoor gewijzigde gegevens verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders. 2. Ten minste vier weken voor de activiteit SP door een ander zal gaan worden verricht, worden de daardoor gewijzigde gegevens verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders
overnemen
overnemen
1.10 AB
VRBZO
nee
ja
nee
Het voorkomen, beperken en bestrijden van een brand, ramp of crisis is belangrijk bij het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. De veiligheidsregio draagt daar vanuit de wettelijke taakstellingen aan bij. alles behalve woonwijken De kernwaarden bieden gemeenten bouwstenen om het omgevingsplan zo in te vullen dat de beschreven oogmerken voldoende geborgd worden in het omgevingsplan
betreft een deel van de gegevens nee genoemd in 1.10 AB
afhankelijk per gemeente of het wenselijk is of voor de activiteit een melding moet mogelijk worden ingediend. Mogelijk is dit niet altijd noodzakelijk
minimale gegevens die verstrekt worden, geldt voor iedere gemeente
afhankelijk per gemeente of het wenselijk is of voor de activiteit een melding moet worden ingediend. Mogelijk is dit niet altijd noodzakelijk. In het kader van voorbereiding op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing is het van belang dat de VR op de hoogte is van de naam, locatie en soort milieubelastende activiteit.
betreft een deel van de gegevens nee genoemd in 1.10 AB
ja
geldt voor iedere gemeente
In het kader van voorbereiding op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing is het van belang dat de VR op de hoogte wordt gehouden als de naam of adres wijzigt van een milieubelastende activiteit.
geldt voor iedere gemeente
De mogelijkheid tot het opvragen van deze informatie is belangrijk om inzicht te krijgen of de bij een inrichting toegepaste maatregelen nog voldoende zijn om de risico’s voor de inrichting en omgeving te voorkomen en te beperken. Vanuit haar wettelijke (advies)taak kan de veiligheidsregio gemeenten adviseren over de toepassing van (technische) maatregelen en BBT bij milieubelastende activiteiten.
geldt voor iedere gemeente
incidenten moeten worden gemeld, maar kan worden gespecificeerd. Informatie over ongewone voorvallen met gevolgen voor de gezondheid en het milieu draagt bij aan het inschatten en aanvullen van informatie over risico’s op branden en ongevallen voor zowel bevoegd gezag als de veiligheidsregio. Deze informatie is bijvoorbeeld bruikbaar bij de voorbereiding op incidenten. Daarnaast biedt deze informatie inzicht in de werking of het falen van bepaalde preventieve en repressieve maatregelen voor de milieubelastende activiteit.
nee
alles behalve woonwijken
alles behalve woonwijken
22.46
Gegevens en bescheiden op verzoek van bevoegd gezag
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
1. Op verzoek van het college van burgemeester en wethouders worden de gegevens en bescheiden verstrekt die nodig zijn om te bezien of de algemene regels uit dit omgevingsplan en maatwerkvoorschriften op grond van dit omgevingsplan voor de activiteit toereikend zijn gezien de ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van het SP milieu en de ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu. 2. Gegevens en bescheiden worden verstrekt voor zover degene die de activiteit verricht er redelijkerwijs de beschikking over kan krijgen.
overnemen
betreft een deel van de gegevens nee genoemd in 1.10 AB
VRBZO
Nee. De regels van de afdeling 2.3 Milieubelastende activiteiten [afdeling 22.3 geconsolideerde voorjaarsversie april 2020] zijn alleen van toepassing op milieubelastende activiteiten zoals genoemd in artikel 2.3.1.1 [art. 22.39 geconsolideerde voorjaarsversie april 2020] van de bruidsschat. Het algemene toepassingsbereik van deze afdeling van de bruidsschat beoogt het begrip Wet milieubeheer–inrichting te vervangen. De instructieregels van het Bkl voor geluid, trillingen en geur, zijn (kort gezegd) van toepassing op het toelaten van activiteiten, anders dan het wonen en doorgaand verkeer, die geluid, trillingen of geur veroorzaken. Het toepassingsbereik van de instructieregels in de paragrafen Geluid, Trillingen en Geur, van het Bkl is daarmee ruimer dan het begrip inrichting. Deze bepaling houdt milieubelastende activiteiten buiten het toepassingsbereik van de bruidsschat die wel vallen binnen het toepassingsbereik van de instructieregels van het Bkl. Voor de activiteiten die geen Wet milieubeheer–inrichtingen waren, blijven gedurende de transitieperiode de regels voor hinder uit de APV en Afdeling 2.2 'Activiteiten met betrekking tot bouwwerken, open erven en terreinen' [afdeling 22.2 geconsolideerde voorjaarsversie april 2020] van de bruidsschat gelden.
specifiek gericht op regels die niet in het Bal staan. Specifiek gericht op regels die niet in Bal staan. Om een veilige fysieke leefomgeving te borgen en inzicht te blijven houden in risico's van bepaalde bedrijven is het noodzakelijk dat bekend Algemeen toepassingsbereik geldt voor is welke milieubelastende activiteiten op alles behalve woonwijken iedere gemeente gemeentelijk niveau worden geregeld. Dit inzicht is voor de VR noodzakelijk bij de voorbereiding op het bestrijden en beperken van brand, ramp en crisis. Daarnaast ook van belang voor uitvoer van wettelijke taak bij adviseren over risicovolle activiteiten.
Let op: In tegenstelling tot advies van de ODZOB ook van belang voor woonwijken !!!
Aan deze afdeling wordt voldaan door degene die de activiteit verricht. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.
22.41
RAA: Van groot belang voor water (zeker ook lid 3 dat in afwijking van lid 2 de wateraspecten ook voor bouwwerkzaamhe den en woningen van toepassing VRBZO verlkaard), dus niet zomaar schrappen
ja
nee
Ja. De oogmerken voor de milieubelastende activiteit zoals genoemd in de bruidsschat, komen nagenoeg overeen met het doel van de Wet milieubeheer (de bescherming van het milieu). De instructieregels in paragraaf 5.1.4 van het Bkl zijn ook gesteld met het oog op het beschermen van het milieu (waaronder de bescherming van de gezondheid). NB: bij de ruimere beoordeling of sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, kunnen meer oogmerken een rol spelen.
HK: Maatwerkvoorschriften worden nu opgelegd voor de hele inrichting. Hoe bepalen we op welke activiteiten het maatwerk straks van toepassing is?
De instructieregels van het Bkl stellen geen eisen aan de (aanvullende) gegevens en bescheiden die een gemeente kan of moet vragen bij een informatieplicht, meldingsplicht of vergunningplicht. Voor de bruidsschat is gekozen om aan te sluiten bij de opzet voor het verstrekken van gegevens en bescheiden in het Bal.
De instructieregels van het Bkl stellen geen eisen aan de (aanvullende) gegevens en bescheiden die een gemeente kan of moet vragen bij een informatieplicht, meldingsplicht of vergunningplicht. Voor de bruidsschat is gekozen om aan te sluiten bij de opzet voor het verstrekken van gegevens en bescheiden in het Bal.
alles behalve woonwijken Het college van burgemeester en wethouders wordt onverwijld geïnformeerd over een ongewoon voorval.
22.47
Informeren over ongewoon voorval
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
SP
overnemen
VRBZO
17.2 lid 1 Wm
specifiek voor bevoegd gezag B&W
nee
ja, B&W kan kiezen om dit nader te speciferen. Het is niet altijd wenselijk om ieder voorval te melden
nee
Deze regels hebben geen relatie met de instructieregels van het Bkl. De voorschriften vloeien voort uit de regels in afdeling 19.1 van de Omgevingswet over ongewone voorvallen.
alles behalve woonwijken
22.48
Gegevens en bescheiden bij ongewoon voorval
Milieubelastende activiteiten: algemene bepalingen
Milieu
22.49
Toepassingsbereik
Milieubelastende activiteiten: energiebesparing
Milieu, energie
Zodra de volgende gegevens en bescheiden bekend zijn, worden ze verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders: a. informatie over de oorzaken van het ongewoon voorval en de omstandigheden waaronder het ongewoon voorval zich heeft voorgedaan; b. informatie over de vrijgekomen stoffen en hun eigenschappen; c. andere gegevens die nodig zijn om de aard en de ernst van de gevolgen voor de fysieke SP leefomgeving te kunnen inschatten; en d. informatie over de maatregelen die zijn getroffen of worden overwogen om de nadelige gevolgen van het ongewoon voorval te voorkomen als bedoeld in artikel 19.1, eerste lid, van de Omgevingswet.
overnemen
VRBZO
17.2 lid 2 Wm
overnemen
team duurzaamheid 2.14c AB
zie hiervoor
nee
ja, B&W kan kiezen om dit nader te speciferen. Het is niet altijd wenselijk om ieder voorval te melden
nee
geldt voor iedere gemeente
ja
nee
geldt voor iedere gemeente
Om het doel van artikel 22.47 te behalen is het van belang dat de juiste gegevens worden verstrekt aan bevoegd gezag en haar adviseur de Veiligheidsregio.
Deze regels hebben geen relatie met de instructieregels van het Bkl. De voorschriften vloeien voort uit de regels in afdeling 19.1 van de Omgevingswet over ongewone voorvallen.
alles behalve woonwijken Deze paragraaf is niet van toepassing op een milieubelastende activiteit die is aangewezen in de afdelingen 3.3 tot en met 3.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving.
SP
bedoeld wordt dat dit alleen geldt voor nee niet VP activiteiten
alles behalve woonwijken
Waarom alleen in woonwijken? (MN) MM ik sluit me aan bij deze vraag: eigenlijk voor alles. Ik denk dat er bedoeld wordt niet voor woningen. Maar dat is iets anders dan niet in woonwijk.
Bedoeling niet voor woningen.
22.50
Energiemaatregelen
Milieubelastende activiteiten: energiebesparing
Milieu, energie
22.51
Zwerfafval
Milieubelastende activiteiten: zwerfafval
Milieu, afval?
22.52
22.53
Toepassingsbereik
Toepassingsbereik: eerbiedigende werking
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
Geluid
1. Alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van ten hoogste vijf jaar worden getroffen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing: a. als het energieverbruik van de activiteit en andere milieubelastende activiteiten die worden verricht op dezelfde locatie en die de activiteit functioneel ondersteunen, in het voorafgaande jaar kleiner is dan 50.000 kWh aan elektriciteit en 25.000 m3 aardgasequivalenten aan brandstoffen; b. als artikel 15.51 of 16.5 van de Wet milieubeheer van toepassing is; of c. op energiebesparende maatregelen aan een gebouw of gedeelte daarvan als bedoeld in artikel 3.84 van het Besluit bouwwerken leefomgeving. 3. Aan het eerste lid wordt in ieder geval voldaan door het treffen van de maatregelen die zijn opgenomen in bijlage VII, onderdeel 16, van de Omgevingsregeling.
SP
Met het oog op het doelmatig beheer van afvalstoffen wordt binnen een straal van 25 m rond de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht, zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, sport- of SP spelmaterialen, of andere materialen verwijderd die van de activiteit afkomstig zijn 1. Paragraaf 22.3.4 is van toepassing op het geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig gebouw dat in dit omgevingsplan, of in een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit op een locatie is toegelaten. 2. In afwijking van het eerste lid is deze paragraaf niet van toepassing op geluid door een activiteit: a. op of in een geluidgevoelig gebouw, dat geheel of gedeeltelijk ligt op een gezoneerdindustrieterrein of op een industrieterrein waarvoor geluidproductieplafonds als omgevingswaarden zijn vastgesteld; b. op of in een geluidgevoelig gebouw, dat is toegelaten voor een duur van niet meer dan tien PM jaar; en c. op een niet-geluidgevoelige gevel. 3. Deze paragraaf is niet van toepassing op het geluid van: a. het met een verplaatsbaar mijnbouwwerk aanleggen, aanpassen, testen, onderhouden, repareren en buiten gebruik stellen van een boorgat of stimuleren van een voorkomen via een boorgat, bedoeld in artikel 4.1116 van het Besluit activiteiten leefomgeving; of b. spoorvoertuigen op spoorwegemplacementen. 4.
Deze paragraaf is alleen van toepassing op het geluid door activiteiten bij detailhandel als: a. een of meer elektromotoren aanwezig zijn met een 1. In afwijking van artikel 22.52, tweede lid, onder b, is deze paragraaf ook van toepassing op het geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig gebouw, dat is toegelaten voor een duur van niet meer dan tien jaar: a. in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of b. in een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2. In afwijking van artikel 22.52 is deze paragraaf niet van toepassing op het geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig gebouw dat nog niet aanwezig is als: a. de activiteit al werd verricht voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet en is toegelaten op grond van: i. het tijdelijke deel van dit PM omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of ii. een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet; en b. het geluidgevoelig gebouw mag worden gebouwd op grond van: i. het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of ii.
een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet.
verkorte versie van 2.15. Mogelijkheid om af te wijken is nee vervallen. Rapportageplicht staat er niet meer in
ja
nee
geldt voor iedere gemeente
2.13 AB
geen
ja
nee
2.16b
In artikel 2.16b was geregeld dat de voorwaarden in 2.17 en verder van toepassing waren op type A- en Binrichtingen. De voorschriften in de Bruidsschat regelen dat alle activiteiten moeten voldoen (ook type C).
Ja
mogelijk
overnemen
team duurzaamheid 2.15 AB
overnemen
geen idee (PM)
nee
niet schrappen maar mogelijk wel aanpassen
alles behalve woonwijken
Waarom alleen buiten de woonwijken? (MN)
voor woningen
geldt voor iedere gemeente
met name bij horeca, detailhandel
mm zwerfvuil komt toch ook in woonwijken voor?
klopt, maar betreft hier een activiteit
geldt voor iedere gemeente, afhankelijk of gemeente tijdelijke gebouwen ook wil beschermen tegen geluid aanpassen
industrieterrein, horeca, buitengebied en gemengd
HK: Is er sprake van een overgangsregelig voor type Cinrichtingen? Hoe zit het met bedrijven waar een hogere of lagere grenswaarde in de vergunning staat. Moeten we hier maatwerk opleggen?
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.16b
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein, horeca, buitengebied en gemengd
Art. 2.3.4.1.2 Omdat bestaande BP van rechtswege overgaan in OP, zou toetsing op geprojecteerde gebouwen ertoe kunnen leiden dat een bestaande activiteit niet kan voldoen aan de geluideisen. Artikel regelt dat, voor inwerkingtreding OW, geprojecteerde of in aanbouw zijnde gebouwen niet geluidgevoelig zijn. Activiteiten moeten onder gelijke voorwaarden door kunnen gaan. Advies: per OP kijken of het nodig om over te nemen.
MM: dit snap ik niet. Wat moeten we nu doen in de bestaande plannen? EvB: voor welke datum moeten we deze inventarisatie per BP/OP gedaan hebben?
Voor bestaande plannen hoef je nog niks. Voor 2029
22.54
Meerdere activiteiten beschouwen als één activiteit
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.55
Waar waarden gelden
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.56
Functionele binding
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
Onverminderd artikel 22.39 wordt voor de toepassing van paragraaf 22.3.4 als één activiteit beschouwd: a. een activiteit die in de afdelingen 3.3 tot en met 3.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving is aangewezen; of b. als het gaat om andere activiteiten dan bedoeld onder a, meerdere activiteiten die worden verricht op PM dezelfde locatie en die: 1˚. rechtstreeks met elkaar samenhangen en met elkaar in technisch verband staan; of 2˚. elkaar functioneel ondersteunen.
De waarden voor het geluid door een activiteit gelden: a. als het gaat om een geluidgevoelig gebouw: op de gevel; b. als het gaat om een nieuw te bouwen geluidgevoelig gebouw: op de locatie waar een gevel mag komen; c. in afwijking van onder a en b, als het gaat om een woonschip of woonwagen: op de begrenzing PM van de locatie voor het plaatsen van dat woonschip of die woonwagen; end. als het gaat om een geluidgevoelige ruimte: in een geluidgevoelige ruimte.
overnemen
overeenkomstig advies odzob
Ja
geldt voor iedere gemeente
overal
akkoord voor alle gebieden EvB: waarom geen woonwijken, te denken valt aan warmtepomen of aircoinstallaties op kantoren of winkels; of komen geluidsnormen hiervoor (zowel voor wonigen als kantoren/winkels) via het bouwbesluit in de bruidsschat?
2.17, eerste lid, onder d
geen idee (PM)
Nee
Nee
mogelijk
geldt voor iedere gemeente, kan aangepast worden met bv buitenruimten
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
Voor een ruimtelijk plan kijk je ook naar de geluidbealsting op een balkon of terras in een tuin (let op niet de gehele tuin en ook niet in de nacht. overal Dit is op basis van jurisprudentie. Omdat bewoners op deze locatie langduriger bloot kunnen staan aan hoge geluidbelastingen.
mm: er staat dat het voor alles relevant is behalve woonwijken maar dat strookt toch niet met de tekst die in de kolom er voor staat als het gaat om balkons en terrassen. Dat is toch juist in een woonwijk?
akkoord voor alle gebieden
22.57
Voormalige functionele binding
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.58
Onderzoek
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.59
Rapport geluidsonderzoek
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
De waarden voor geluid zijn niet van toepassing op het geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig PM gebouw dat een functionele binding heeft met die activiteit. Bij een agrarische activiteit zijn de waarden voor geluid niet van toepassing op of in een geluidgevoelig gebouw, dat: a. op grond van het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet of een voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet aangevraagde omgevingsvergunning, behoort of heeft behoord tot die agrarische activiteit en door een derde bewoond mag worden; of b. eerder functioneel verbonden was met die agrarische activiteit en waarvoor op grond van artikel 5.62 van het Besluit PM kwaliteit leefomgeving in dit omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is bepaald dat de waarden voor geluid niet van toepassing zijn.
1. In de volgende gevallen wordt er een geluidonderzoek verricht: a. als tussen 19.00 en 7.00 uur per dag meer dan vier transportbewegingen plaatsvinden met motorvoertuigen waarvan de massa van het ledig voertuig vermeerderd met het laadvermogen meer is dan 3.500 kg en binnen een afstand van 50 m van de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht geluidgevoelige gebouwen aanwezig zijn, tenzij het gaat om het bieden van gelegenheid voor het tanken aan motorvoertuigen van derden of een activiteit waarvan horeca-activiteiten de kern vormen; b. bij het opwekken van elektriciteit met een windturbine met een rotordiameter van meer dan 2 m, bedoeld in artikel 3.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving; c. als in de PM buitenlucht metalen in bulk worden overgeslagen of in de buitenlucht metalen mechanisch worden bewerkt; d. bij het reinigen van afvalwater door waterstraal- of oppervlaktebeluchters met een capaciteit van 120.000 of meer vervuilingseenheden; e. bij het neutraliseren van airbags of gordelspanners door deze te ontsteken; f. bij het vervaardigen van betonmortel of betonwaren; g. bij een binnenschietbaan als de afstand van de binnenschietbaan tot het dichtstbijzijnde geluidgevoelige gebouw kleiner is dan 50 m; h. bij een buitenschietbaan als bedoeld in artikel 22.77; en i. als het op basis van de aard van de activiteit aannemelijk is dat: 1°.
in enig vertrek op de locatie waar de activiteit wordt verricht, het equivalente geluidniveau (LAeq) veroorzaakt door de 1. Ten minste vier weken voor het begin van de activiteit wordt het rapport van het geluidonderzoek, bedoeld in artikel 22.58, verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders. 2. Ten minste vier weken voordat de activiteit op een andere manier wordt PM verricht dan op grond van de gegevens in het rapport van het geluidonderzoek, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders.
overnemen
schrappen
overeenkomstig advies odzob
overeenkomstig advies odzob
Nota geluidbeleid
1.3c
aanpassen
goed kijken in overleg met ODZOB wannere we dit nog meer van toepassing willen verklaren
1.11
overnemen
overeenkomstig advies odzob
1.11
Het toepassingsbereik in de Bruidsschat (alleen voormalige Beleid plattelandswoningen agrarische bedrijfswoning) is beperkter dan hetgeen in het Bkl wordt vastgelegd (naast agrarische bedrijfswoning ook bedrijfswoning op bedrijventerreinen en bij horeca).
De verplichting van het uitvoeren van een geluidonderzoek is conform het Activiteitenbesluit opgenomen. In het Bkl ontbreekt deze verplichting, maar in de bruidsschat zijn een aantal situaties vermeld waarbij het uitvoeren van een geluidonderzoek en het indienen van een rapport hierover verplicht is. Buiten deze situaties om kan de gemeente in het Omgevingsplan regelen wanneer zij geluidonderzoek doet.
Nee
Mogelijk
overal
mm in bp hebben we functionele binding losgelaten, is altijd lastig uit te leggen. (check regel)
geldt voor iedere gemeente, maar kan worden aangepast
Het is in verband met rechtsongelijkheid te adviseren om aan te sluiten bij het BKL, vaak gaat het om ruimtelijk scheefgegroeide situaties, buitengebied waarnu een juridische oplossing voor wordt geboden.
Een plattelandswoning/voormalige bedrijfswoning (?) wordt onder OW niet meer gezien als onderdeel van de inrichting, maar krijgt geen bescherming t.a.v. geluid, trillingen en geur. Advies: artikel niet overnemen of aanpassen. Een bepaalde mate van bescherming tegen geluid voor voormalige bedrijfswoningen is gewenst. Zelf voorwaarden stellen in omgevingsplan.
Het aantal gevallen waarvoor een geluidonderzoek kan worden gevraagd is drastisch beperkt. Geen onderzoek bij een nieuwe school in een woonomgeving, terras bij een industrieterrein, horeca, buitengebied horeca indien het om een bruincafe gaat, en gemengd luchtwassers en warmtewisselaars bij agrarische bedrijven en wat te denken van hondenkennels/asiels en sportactiviteiten.
In de artikelen die zijn overgenomen is geregeld bij welke activiteiten en wanneer een akoestisch onderzoek moet worden overgelegd. De artikelen die in maatwerk zijn opgenomen, regelden dat voor andere activiteiten een geluidonderzoek geeist kon worden of dat er juist toch geen onderzoek nodig was. Maatwerk is geregeld in art. 2.3.1.5 van de Bruidsschat. Advies: Artikelen al dan niet gewijzigd overnemen. Activiteiten formuleren waarvoor bij de melding altijd een akoestisch onderzoek nodig is. Ook de borging overnemen dat het mogelijk is om geen onderzoek te verlang of voor een afwijkende activiteit toch een onderzoek te verlangen. Voordeel: Akoestisch relevante situaties worden altijd onderzocht. Niet elke melding van een activiteit hoeft akoestisch beoordeeld te worden. Beoordelingsvrijheid van bevoegd gezag blijft.
Ja
Mogelijk
geldt voor iedere gemeente, goed om deze toch uit te breiden
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein, horeca, buitengebied en gemengd
Zie vorige
voor kennis geving aangenomen
eens met voorstel ODZOB mbt onderzoek naar bepaalde mate van bescherming. Dan afwegen hoeveel ruimte we kunnen benutten om bestaande situaties op te lossen, veelal zeer korte moet worden uitgewerkt afstand tussen de woning en het bedrijf: welke normen zijn reeel voor realistische bedrijfsvoering. Is redelijk leefklimaat wel/niet haalbaar?
HK: Is deze bepaling ook van toepassing op gezoneerde akkoord uitwerken industrieterreinen of gelden hier afwijkende regels? EvB: eens met het voorstel om de lijst te verruimen en/of een vangnetartikel, denk bv ook aan onderzoek indien verwacht wordt dat niet zonder extra geluidreducerende maatregelen aan de geluidnormen kan worden voldaan, zoals bv bij supermarkten, of zoals naar stemgeluid in bepaalde gevallen. (maar wel aandacht voor de relatie met artikel 2.3.4.2.9) Ook Regels en systematiek zonebeheerplan terug laten komen in OP (maatwerk per bedrijf ivm inpasbaarheid in de zone//zie ook aanvullingsbesluit geluid). In kolom L 'ja' invullen (Zonebeheerplan)
22.60
Toepassingsbereik
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
1. Deze paragraaf is van toepassing op het geluid door een activiteit op of in een geluidgevoelig gebouw, met uitzondering van een activiteit als bedoeld in de paragrafen 22.3.4.3 en 22.3.4.4. 2. Deze paragraaf is niet van toepassing op het geluid dat niet representatief is voor een activiteit
PM
overnemen
overeenkomstig advies odzob
3.13, tweede lid
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.17.1
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
Standaard
industrieterrein, horeca en gemengd
Nota geluidbeleid
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
Standaard
industrie, horeca en gemengd
EvB: Dit onderwerp is iets om in de volgende fase terug Hierdoor kunnen verschillen ontstaan met zoals het te laten komen in het OP(eigen beleidsregels: was (Activiteitenbesluit milieu en BMZ ruimte) meestal akkoord uitwerken zonebeheerplan: wettelijk en beleidsmatig gezoneerd heeft dit een verruiming van de normen tot gevolg en industrieterrein; dit plan maakt nu ook onderdeel uit soms een beperking. van BP 'bedrijventerreinen'; dus het is voorlopig geborgd) ; in kolom L 'ja' toevoegen Hierdoor kunnen verschillen ontstaan met zoals het was (Activiteitenbesluit milieu en BMZ ruimte) meestal heeft dit een verruiming van de normen tot gevolg en soms een beperking. In artikel 2.17 AC besluit zijn de standaard geluidgrenswaarden voor inrichtingen opgenomen. Daarbij afwijkende voorwaarden voor bedrijventerrein en industrieterreinen, tankstations, akkoord uitwerken agrarische inrichtingen en glastuinbouwbedrijven. Ook regels voor aangewezen horecaconcentratiegebieden zijn hierin opgenomen. Daarnaast nog diverse specifieke uitzonderingsregels. In de Bruidschat zijn de meeste regels overgenomen en aangepast. Door het overenemen van de regels in een omgevingsplan blijft de 'oude' systematiek in stand. Vraag? Wat EvB: idem opmerking bij vorige regel
22.61
waarde geluid geluidgevoelig gebouw
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
1. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is het geluid door een activiteit op een geluidgevoelig gebouw, niet hoger dan de waarde, bedoeld in tabel 22.3.1. Tabel 22.3.1 Waarde voor geluid op een geluidgevoelig gebouw 07.00 – 19.00 uur 19.00 - 23.00 uur 23.00 - 07.00 uur Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT als gevolg van activiteiten 50 PM dB(A) 45 dB(A) 40 dB(A Maximaal geluidniveau LAmax als gevolg van activiteiten 70 dB(A) 65 dB(A) 60 dB(A) 2. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is, in afwijking van het eerste lid, het geluid van een activiteit die wordt verricht op een Activiteitenbesluit-bedrijventerrein, op een geluidgevoelig gebouw op dat Activiteitenbesluit-
22.3.1
Tabel: waarde geluid geluidgevoelig gebouw
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
aanpassen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17a
Nota geluidbeleid
Ja
mogelijk
geldt voor iedere gemeente, mogelijk kunnen de geluidtabellen samengevoegd worden
Standaard
industrie, horeca en gemengd
Hierdoor kunnen verschillen ontstaan met zoals het was (Activiteitenbesluit milieu en BMZ ruimte) meestal heeft dit een verruiming van de normen tot gevolg en soms een beperking.
22.3.2
Tabel: waarde geluid geluidgevoelig gebouw op een Activiteitenbesluit-bedrijventerrein
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17.3
Nota geluidbeleid
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
Standaard
industrie, horeca en gemengd
Hierdoor kunnen verschillen ontstaan met zoals het EvB: hier missen we de uitzondering voor het niet doen was (Activiteitenbesluit milieu en BMZ ruimte) meestal nader uitwerken van een geluidsonderzoek inpandig als een bewoner heeft dit een verruiming van de normen tot gevolg en van dat pand daarvoor geen toestemming geeft. Kolom soms een beperking. N 'bepaling aanvullen'
22.3.3
Tabel: waarde geluid in een geluidgevoelige ruimte binnen een Milieubelastende in- en aanpandig geluidgevoelig gebouw activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17.1.a
Nota geluidbeleid
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
Standaard
industrieterrein, horeca en gemengd
Hierdoor kunnen verschillen ontstaan met zoals het was (Activiteitenbesluit milieu en BMZ ruimte) meestal heeft dit een verruiming van de normen tot gevolg en soms een beperking.
PM
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17.4
Ja
nee
geldt voor iedere gemeente
In het geval een tankstation is gelegen op een gezoneerd industrie of bedrijventerrein dan is dit artikel niet van toepassing, maar wordt teruggevallen op de periodedefinities van artikel 2.3.4.2.2 en is artikel 2.3.4.2.10 onverminderd van toepassing.
daar waar tankstations zijn gelegen
De periode definities van dit artikel stroken niet met de definities van de periodedefinities die op gezoneerde industrieterreinen worden gebruikt.
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17d
Ja
nee
geldt voor iedere gemeente
In het geval een tankstation is gelegen op een gezoneerd industrie of bedrijventerrein dan is dit artikel niet van toepassing, maar wordt teruggevallen op de periodedefinities van artikel 2.3.4.2.2 en is artikel 2.3.4.2.10 onverminderd van toepassing.
daar waar tankstations zijn gelegen
De periode definities van dit artikel stroken niet met de definities van de periodedefinities die op gezoneerde industrieterreinen worden gebruikt.
2.17.5
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
buitengebied
2.17.5
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
buitengebied
Zie vorige
buitengebied
Zie vorige
1. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is, in afwijking van artikel 22.61, eerste, derde en vierde lid, het geluid door het bieden van gelegenheid voor het tanken aan motorvoertuigen van derden, op een geluidgevoelig gebouw, niet hoger dan de waarde, bedoeld in tabel 22.3.4.
22.62
Waarden geluidgevoelige gebouwen tankstations
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.3.4
Tabel: waarde toelaatbaar geluid op geluidsgevoelig gebouw door tankstation
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
overnemen
overeenkomstig advies odzob
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.17.5
Ja
Nee
zal weinig voorkomen, aanpandige gebouwen bij agrarische activiteiten
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.17.6
Ja
mogelijk
als er geen glastuinbouw binnen de gemeente is kan deze geschrapt worden
buitengebied
22.63
Waarden geluidgevoelige gebouwen door agrarische activiteiten
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
1. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is, in afwijking van artikel 22.61, eerste lid, het geluid door een activiteit waarvan agrarische activiteiten de kern vormen, maar dat geen glastuinbouwbedrijf is dat is gelegen in een glastuinbouwgebied, op een geluidgevoelig gebouw, niet hoger dan de waarde, bedoeld in tabel 22.3.5. PM
22.3.5
Tabel: waarde toelaatbaar geluid geluidgevoelige gebouwen door agrarische activiteiten
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
22.3.6
Tabel: waarde toelaatbaar geluid geluidgevoelige ruimten door agrarische activiteiten
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.64
Waarde geluidgevoelige gebouwen door glastuinbouwbedrijven
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.3.7
Tabel: waarde toelaatbaar geluid geluidgevoelige gebouwen door glastuinbouwbedrijven
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
pm
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.17.6
Ja
mogelijk
als er geen glastuinbouw binnen de gemeente is kan deze geschrapt worden
buitengebied
22.3.8
Tabel: waarde toelaatbaar geluid geluidgevoelige ruimten door glastuinbouwbedrijven
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.17.6
Ja
mogelijk
als er geen glastuinbouw binnen de gemeente is kan deze geschrapt worden
buitengebied
aanpassen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17.7
Niet duidelijk
mogelijk
Als er geen vastgestelde gemeentelijke verordening is voor concentratiegebieden horeca,detailhandel of agrarische activiteit kan deze geschapt worden
Dit geldt voor gemeenten met een nota industrielawaai. De invloed van de nota wordt verder beperkt doordat dit niet meer geldt voor horecagebied of detailhandelgebied en vergunningplichtige bedrijven. Voor agrarisch geeft het buitengebied alleen als er een weer veel verschil met de intentie van 2.3.4.2.4. Als gemeentelijke verordening hiervoor is sprake is van een horecaconcentratiegebied of andere gebied waar hogere normen met een verordening golden, dan dit overnemen om de hogere niveaus te waarborgen.
22.65
Waarden bij of krachtens voor inwerkingtreding van de OW vastgestelde gemeentelijke verordening
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
PM 1. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is, in afwijking van artikel 22.61, eerste lid, het geluid door een glastuinbouwbedrijf dat is gelegen in een glastuinbouwgebied, op een geluidgevoelig gebouw, PM niet hoger dan de waarde bedoeld in tabel 22.3.7.
1. Als een activiteit wordt verricht in een concentratiegebied voor horecabedrijven of in een concentratiegebied voor detailhandel en ambachtsbedrijven dat bij of krachtens een voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet vastgestelde gemeentelijke verordening als zodanig is aangewezen en waarin andere waarden zijn opgenomen dan de waarden, bedoeld in artikel 22.61, gelden de waarden die zijn opgenomen in die verordening. 2. Als een agrarische activiteit wordt verricht in een gebied PM waarvoor bij of krachtens een voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet vastgestelde gemeentelijke verordening andere waarden gelden voor het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) op geluidgevoelige gebouwen, bedoeld in de artikelen 22.63, eerste lid, en 22.64, eerste lid, gelden de waarden die zijn opgenomen in die verordening.
Nota geluidbeleid
In 80% van de gevallen hebben de mobiele bronnen het grootste aandeel in de geluiduitstralig van agrarische bedrijven. Nu is nog een groot gedeelte van de bedrijven vergunningplichtig en in landelijk gebied gelegen. Voor veel bedrijven heeft dit een enorme verruiming van de geluidnormen tot gevolg. Anderzijds is dit een van de weinige grote verschillen tussen de melding en de vergunning dat nu recht wordt getrokken. Ook voor RO is dit een enorme verruiming. De vraag is of je hier iets aan wil veranderen of toch EvB: gezien de opmerking van de ODZOB in tabel Q zoveel mogleijk unidform houden. (mee eens), is het voorstel om de regel aan te passen (kolom N 'ja') en mobile bronnen meenemen
EvB: kolom P, aangewezen glastuinbouwgebied, heeft 'aangewezen' een juridusche status? want in Best zijn denk ik geen 'aangewezen' glastuinbuwgebieden maar wel individuele bedrijven. Geldt voor 1 glastuinbouwbedrijf dan art 2.3.4.2.e en f?
akkoord en uitwerken
Onduidelijk of Asten en/of Someren een gebied hebben
EvB: info: dergelijke gebieden hebben we in Best niet aangewezen
22.66
Waarden op drijvende woonfunctie voor 1 juli 2012
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
Voor een drijvende woonfunctie is de waarde 5 dB(A) hoger dan de waarden, bedoeld in de artikelen 22.61, eerste lid, 22.62, eerste lid, 22.63, eerste lid en 22.64, eerste lid, als de locatie van de drijvende woonfunctie voor 1 juli 2012: a. voor een woonschip was bestemd; of b. in een gemeentelijke verordening is aangewezen om PM door een drijvende woonfunctie te worden ingenomen en: 1°. voor 1 juli 2022 voor een woonschip is bestemd; of 2°. de aanwezigheid van een woonschip voor 1 juli 2022 in dit omgevingsplan is toegelaten.
schrappen
we hebben geen woonboten
2.17
Ja
mogelijk
geldt alleen als er woonboten binnen de gemeente zijn
bij woonbootlocaties
Niet duidelijk is of er gemeenten zijn waar sprake is van Woonschepen anders dan in Eindhoven
EvB: info: geen woonschepen in Best
22.67
Eerbiedigende werking
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.68
Buiten beschouwing laten van geluidbronnen
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.69
Gezoneerd industrieterrein
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
1. Voor een activiteit waarop artikel 2.17a, derde lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, van toepassing was, blijft het eerste en het tweede lid van dat artikel van toepassing. 2. Voor een activiteit waarop artikel 2.17a, zesde lid, van het Activiteitenbesluit milieubeheer, zoals dat besluit luidde voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, van toepassing was, blijft dat lid gelden.
PM
1. Bij het bepalen van de geluidniveaus bedoeld in de artikelen 22.61 tot en met 22.67 en 22.69 blijft buiten beschouwing: a. het geluid door de inzet van motorvoertuigen of helikopters voor spoedeisende medische hulpverlening, ongevallenbestrijding, brandbestrijding, gladheidbestrijding en het vrijmaken van de weg na een ongeval; b. het stemgeluid van personen op een onverwarmd en onoverdekt terrein, tenzij dit terrein kan worden aangemerkt als een binnenterrein; c. het stemgeluid van bezoekers op het open terrein bij sport- of recreatieactiviteiten; d. het stemgeluid van kinderen op een onverwarmd of onoverdekt terrein dat onderdeel is van een instelling voor het primair onderwijs, in de periode vanaf een uur PM voor aanvang van het onderwijs tot een uur na beëindiging van het onderwijs; e. het stemgeluid van kinderen op een onverwarmd of onoverdekt terrein dat onderdeel is van een instelling voor kinderopvang; f. het geluid voor het oproepen tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging of het bijwonen van godsdienstige of levensbeschouwelijke bijeenkomsten en lijkplechtigheden, en ook geluid in verband met het houden van deze bijeenkomsten of plechtigheden; g. het geluid van het traditioneel ten gehore brengen van muziek tijdens het hijsen en strijken van de nationale vlag bij zonsopkomst en zonsondergang op militaire terreinen;h.
het ten gehore brengen van muziek wegens het oefenen door militaire muziekkorpsen in de Als de activiteit wordt verricht op een gezoneerd industrieterrein of op een industrieterrein waarvoor geluidproductieplafonds als omgevingswaarden zijn vastgesteld, gelden de waarden van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT), bedoeld PM in de artikelen 22.61, eerste lid, ook op een afstand van 50 m vanaf de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht.
geen idee wat dit is, dus neem het advies maar over
Ja, mits dat nog echt wel van toepassing is (besluiten van 2008)
2.17a
Nee
geldt voor iedere gemeente
zo min mogelijk toepassen
Overgangsrecht (voormalige) bedrijfswoningen ed
overnemen
nota geluidbeleid hierbij betrekken
2.17 en 2.18
Nota geluidbeleid
Ja
Nee
kan aangepast worden, let op kijk dan ook naar artikel 22.58
Verschil met RO, daar worden deze bronnen wel meegenomen. In deze regels is geregeld dat activiteiten buiten beschouwing blijven bij de bepaling van LAr,LT en LAmax. Advies: per punt beoordelen of deze overgenomen wordt. Art. 2.18, 5de lid: Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen versterkte en 1a overal, b horeca, c sportterreinen, d, onversterkte muziek. Traditioneel schieten is onderwijs, f kerken en moskee, g en h uitgezonderd, tenzij aanvullend geregeld. Conform Bkl militair, i overal, j schietterreinen, 2 is al het onversterkte menselijk stemgeluid horeca, sport, 3 overal uitgezonderd. Conform instructieregel in het Bkl, wordt al het geluid afkomstig van het uitrukken van voertuigen buiten beschouwing gelaten, ook traumahelicopters Overnemen niet nodig. de instructiregels van Het Bkl laten niet toe dat voor deze activiteit normen of andere maatregelen worden opgelegd
overnemen
we hebben een gezondeerd industrieterrein
2.17, tweede lid
zonebesluit en nota geluidbeleid
Ja
Nee
Afhankelijk of de gemeente eeen gezoneerd industrieterrein heeft kan deze geschrapt worden
gezoneerde terreinen
akkoord
EvB: zonebeeheerplan koppelen aan OP (is nu gekoppeld aan BP 'bedrijventerreinen'), kolom L 'ja'
22.70
Maatregelen of voorzieningen bij stomen grond
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.71
Festiviteiten
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.72
Geluid: meet- en rekenbepalingen
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.73
Toepassingsbereik windturbines
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.74
Waarden windturbines
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.75
Registratie gegevens windturbines
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
1. Bij het bepalen van de geluidniveaus, bedoeld in de artikelen 22.61 tot en met 22.67, blijft het geluid veroorzaakt door het stomen van grond met een installatie van derden, buiten beschouwing. 2. Bij het stomen van grond met een installatie van derden worden maatregelen of voorzieningen getroffen die betrekking hebben op: a. de periode waarin het stomen van grond plaatsvindt; b. de locatie waar de installatie wordt opgesteld; en c. het aanbrengen van geluidbeperkende voorzieningen op de locatie waarop de activiteit wordt verricht
PM
1. De waarden, bedoeld in de in artikelen 22.61 tot en met 22.69, zijn voor zover de naleving van deze normen redelijkerwijs niet kan worden gevergd, niet van toepassing op dagen of dagdelen in verband met de viering van: a. festiviteiten die bij of krachtens gemeentelijke verordening zijn aangewezen, in de PM gebieden in de gemeente waarvoor die verordening geldt; en b. andere festiviteiten die plaatsvinden op de locatie waar de activiteit wordt verricht, waarbij het aantal bij of krachtens die verordening aan te wijzen dagen of dagdelen per gebied of categorie van bedrijfssector kan verschillen en niet meer bedraagt dan twaalf per kalenderjaar. 2. Een festiviteit die ten Op het bepalen van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) of het maximaal geluidniveau (LAmax), bedoeld in deze paragraaf, zijn de PM artikelen 6.6 tot en met 6.8 van de Omgevingsregeling van toepassing. Deze paragraaf is van toepassing op het geluid door het opwekken van elektriciteit met een windturbine met een rotordiameter van meer dan 2 m, bedoeld in artikel 3.11 PM van het Besluit activiteiten leefomgeving, op een geluidgevoelig gebouw. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is het geluid door het opwekken van elektriciteit met een windturbine of windpark op een PM geluidgevoelig gebouw, ten hoogste 47 dB Lden en 41 dB Lnight. 1.
De volgende gegevens worden geregistreerd: a. de emissieterm LE, bedoeld in onderdeel 3.1 van bijlage XXV bij de Omgevingsregeling, gebaseerd op de effectieve werking gedurende het afgelopen kalenderjaar; en b. de voor de duur van een handhavingsmeting benodigde PM gegevens ter bepaling van de windsnelheid op ashoogte,
overnemen
voor het geval dit voorkomt
overnemen
overeenkomstig advies odzob
overnemen
overeenkomstig advies odzob
overnemen
wrs komen er wel windmolens
overnemen
2.18, zesde lid
2.21
Ja
kijk ook naar de APV
Nee
Afhankelijk of dit binnen de gemeente gebeurd
waarschijnlijk glastuinbouw
Moet dit overall worden verruimd met een IBS
evenemententerreinen
mm: er wordt momenteel gewerkt aan nieuw evenementenbeleid daarin deze vraag ook stellen. MK: Inderdaad artikel overnemen. Ik weet niet wat ik me moet voorstellen met 'verruimen met een Incidentele Moet dit overall worden verruimd met een IBS. Artikel bedrijfssituatie' (IBS). heeft betrekking op festiviteiten die bij gemeentelijke EvB: IBS gaat om de incidentele bedrijfssituaties verordening waren vastgelegd. Advies: artikel /ontheffingen voor geluid van een horeca-inrichting; overnemen. maar evenementen los van de horeca-inrichtng kan je niet regelen met IBS. Dat regel je in A.P.V en/of horecabeleid. Langs de andere kant is het steeds discutabel of de activiteit valt onder de gevraagde ontheffing van de horeca-inrichting of dat het een
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
ja
nee
geldt voor iedere gemeente
3.13
Ja
Nee
als er geen windturbines komen kan deze gechrapt worden
overal
wrs komen er wel windmolens
3.14a
Ja
Nee
als er geen windturbines komen kan deze gechrapt worden
windparken
overnemen
wrs komen er wel windmolens
3.14a
Ja
Nee
als er geen windturbines komen kan deze gechrapt worden
windparken
overnemen
wrs komen er wel windmolens
3.15
Ja
Nee
als er geen windturbines komen kan deze gechrapt worden
windparken
schrappen
hebben we niet in someren
3.158
Ja
Nee
afhankelijk of deze er zijn binnen de gemeente
schietbanen en militaire terreinen
schrappen
hebben we niet in someren
3.160
Ja
Nee
afhankelijk of deze er zijn binnen de gemeente
schietbanen en militaire terreinen
schrappen
hebben we niet in someren
3.160
Ja
Nee
afhankelijk of deze er zijn binnen de gemeente
schietbanen en militaire terreinen
schrappen
hebben we niet in someren
3.161
Ja
Nee
afhankelijk of deze er zijn binnen de gemeente
schietbanen en militaire terreinen
overnemen
overeenkomstig advies odzob
2.23
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
meetmethode
TB: Voor de Visie voor duurzame energieopwekking in het buitengebied vindt op dit moment het participatietraject plaats (geplande vaststelling van de visie is de raadsvergadering van 4-11-'20); bij kolom L 'ja' invullen
overal
uitwerken
uitwerken
""
bedoeld in paragraaf 1.6 van bijlage XXV bij de Omgevingsregeling. 2. De gegevens worden gedurende vijf jaar bewaard.
22.76
Meet- en rekenbepalingen 22.74
22.77
Toepassingsbereik buitenschietbanen
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.78
Waarden buitenschietbanen
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.79
Registratie gegevens buitenschietbanen
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.80
Meet- en rekenbepalingen 22.78
Milieubelastende activiteiten: geluidhinder
Geluid
22.81
Toepassingsbereik
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.82
Toepassingsbereik: eerbiedigende werking
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.83
Meerdere activiteiten beschouwen als één activiteit
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.84
Functionele binding
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.85
Voormalige functionele binding
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.86
Waarden voor continue trillingen
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
22.87
Trillingen: meet- en rekenbepalingen
Milieubelastende activiteiten: trillinghinder
Trillingen
Op het bepalen van het geluid Lden of Lnight, bedoeld in artikel 22.74, is artikel 6.9 van de Omgevingsregeling van PM toepassing. 1. Deze paragraaf is van toepassing op het geluid op een geluidgevoelig gebouw door het exploiteren van een in de buitenlucht of in een gebouw zonder afdekking of een gebouw met een open zijde gelegen: a. civiele schietbaan waar met vuurwapens wordt geschoten; of PM b. militaire schietbaan of militair springterrein op een militair terrein. 2. Deze paragraaf is niet van toepassing op het traditioneel schieten door schutterijen of schuttersgilden. Met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder is het geluid door een activiteit als bedoeld in artikel 22.77 op een geluidgevoelig gebouw, ten hoogste 50 dB Bs,dan.
PM
1. De volgende gegevens worden geregistreerd: a. dagelijks het aantal schoten of ontploffingen per wapentype, per dag-, avond- en nachtperiode, per baan; en b. voor de duur van de handhavingsmeting, bedoeld in onderdeel 4.4.1 van bijlage XXVII bij de PM Omgevingsregeling, de op dat tijdstip gebruikte wapens en verschoten munitie. 2. De gegevens worden gedurende vijf jaar bewaard. Op het bepalen van het geluid Bs,dan, bedoeld in artikel 22.78, is artikel 6.10 van de Omgevingsregeling van PM toepassing. 1. Deze paragraaf is van toepassing op de trillingen in een frequentie van 1 tot 80 Hz door een activiteit in een trillinggevoelige ruimte van een trillinggevoelig gebouw dat in dit omgevingsplan, of in een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit op een locatie is toegelaten. 2. Deze paragraaf is niet van toepassing op trillingen door een activiteit: a. in een trillinggevoelige ruimte van een trillinggevoelig gebouw dat geheel of gedeeltelijk ligt op een gezoneerd industrieterrein of op PM een industrieterrein waarvoor geluidproductieplafonds als omgevingswaarden zijn vastgesteld; en b. in een trillinggevoelige ruimte van een trillinggevoelig gebouw, dat is toegelaten voor een duur van niet meer dan tien jaar.
In afwijking van artikel 22.81, tweede lid, onder b, is deze paragraaf ook van toepassing op trillingen in een frequentie van 1 tot 80 Hz door een activiteit in een trillinggevoelige ruimte van een trillinggevoelig gebouw, dat is toegelaten voor een duur van niet meer dan tien PM jaar: a. in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of b. in een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet. Onverminderd artikel 22.39 wordt voor de toepassing van deze paragraaf als één activiteit beschouwd: a. een activiteit die in de afdelingen 3.3 tot en met 3.11 van het Besluit activiteiten leefomgeving is aangewezen; of b. als het gaat om andere activiteiten dan bedoeld onder a, meerdere activiteiten die worden verricht op dezelfde PM locatie en die: 1°. rechtstreeks met elkaar samenhangen en met elkaar in technisch verband staan; of 2°. elkaar functioneel ondersteunen.
De waarden voor trillingen zijn niet van toepassing op trillingen door een activiteit in trillinggevoelige ruimten van een trillinggevoelig gebouw dat een functionele binding heeft met die activiteit.
PM
Bij een agrarische activiteit zijn de waarden voor trillingen niet van toepassing in een trillinggevoelige ruimte van een trillinggevoelig gebouw dat: a. op grond van het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet, of op grond van een voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet aangevraagde omgevingsvergunning, behoort of heeft behoord tot die agrarische activiteit en door een derde bewoond mag worden; of b. eerder functioneel PM verbonden was met die agrarische activiteit en waarvoor op grond van artikel 5.85 van het Besluit kwaliteit leefomgeving in dit omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is bepaald dat de waarden voor trillingen niet van toepassing zijn.
1. Met het oog op het voorkomen of het beperken van trillinghinder zijn de continue trillingen door een activiteit in trillinggevoelige ruimten, niet hoger dan de waarde A1 trillingssterkte Vmax, bedoeld in tabel 22.3.9. 2. Als niet voldaan wordt aan de waarde, bedoeld in het eerste lid, is de waarde van continue trillingen door een PM activiteit in trillinggevoelige ruimten, niet hoger dan de waarden onder A2 trillingssterkte Vmax en A3 trillingssterkte Vper, bedoeld in tabel 22.3.9.
Op het bepalen van de continue trillingen, bedoeld in deze paragraaf, is artikel 6.12 van de Omgevingsregeling PM van toepassing
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Nee
Ja
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Nee
Ja
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Nee
Ja
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Nee
Ja
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
geen idee, advies odzob is schappen
advies odzob overnemen?
2.23
Ja
Nee
geldt voor iedere gemeente
industrieterrein
Er komt nog een aangepast meet en rekenvoorschrift. Het is sterk aan te raden deze te volgen.
Er komt nog een aangepast meet en rekenvoorschrift. Het is sterk aan te raden deze te volgen.
"kan wel
Wanneer andere milieuaspecten die tijdelijke toegelaten worden voor de duur van tenhoogste 10 jaar niet meegnomen worden waarom deze dan wel. De initiatiefnemer, adviseurs, opdrachtgevers en (toekomstige) bewoners kunnen en dienen hiervan op de hoogte te zijn. Zij kunnen net zoals dit nu gebeurt voor andere thema's op vrijwillge basis aan de comforteisen voldoen. Wel dient er aandacht te zijn indien dit tussentijds permanent wordt gemaakt dan wel dat aan het eind van de periode de eisen direct
EvB: kolom P: alleen op industrieterrein? in de bruidsschat worden trillingsveroorzakende activiteiten toch niet uitgesloten buiten industrieterreinen? Of is dat wel de bedoeling, dan bepaling aanpassen (kolom N)
EvB: In kolom N stel je schrappen voor; gezien de opmerking in kolom Q zou ik denken dat je aanpassen voorstelt, liefst deze tekst wat duidelijker formuleren EvB: regel 90 t/m 93: kolom N: waarom bepaling schrappen
uitwerken
22.88
22.89
Toepassingsbereik
Toepassingsbereik: eerbiedigende werking
Milieubelastende activiteiten: geur
Milieubelastende activiteiten: geur
1. Deze paragraaf is van toepassing op de geur door een activiteit op een geurgevoelig object. 2. In afwijking van het eerste lid zijn de waarden, bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2 en 22.3.6.5 en de afstanden, bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2, 22.3.6.3 en 22.3.6.4 en artikel 22.240, niet van toepassing op de geur door een activiteit op een geurgevoelig gebouw dat voor een duur van niet meer dan tien jaar is toegelaten. Geur
Geur
22.90
Waar waarden gelden en tot waar afstanden gelden
Milieubelastende activiteiten: geur
Geur
22.91
Functionele binding
Milieubelastende activiteiten: geur
Geur
22.92
22.93 t/m 22.103
Voormalige functionele binding
Milieubelastende activiteiten: geur
Geur
Meerdere artikelen
Geur door in verblijf houden van dieren voor berijden
Geur
PM
1. In afwijking van artikel 2.3.6.1.1, tweede lid, zijn de waarden, bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2, en 22.3.6.5, en de afstanden, bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2, 22.3.6.3 en 22.3.6.4 en artikel 22.240, ook van toepassing op de geur door een activiteit op een geurgevoelig gebouw dat voor een duur van niet meer dan tien jaar is toegelaten: a. in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of b. in een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet. 2. In afwijking van het eerste lid, zijn de waarden, bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2 en 22.3.6.5 en de afstanden, PM bedoeld in de paragrafen 22.3.6.2, 22.3.6.3 en 22.3.6.4 en artikel 22.240, niet van toepassing op de geur door een activiteit op een geurgevoelig gebouw dat nog niet aanwezig is, maar mag worden gebouwd op grond van: a. het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet; of b. een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit die is aangevraagd voor inwerkingtreding van de Omgevingswet.