7b. Conceptbegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026 GR Peelgemeenten.
Tekst van het document
Gemeente
Bijdragen overig
Fte jeugd Aantal fte in % SHV
Fte SHV in %
Wmo (formatie)
Jeugd (formatie)
Schuldhulpverlening (formatie)
Bijdragen totaal
506.606
-
1.797.972
-
2.376.514
Asten
895.242
396.124
Deurne
1.709.571
666.943
Gemert-Bakel
1.628.081
587.112
-
2.215.193
Laarbeek
1.202.851
424.418
1.122.549
78.821
2.828.639
Someren
1.032.738
505.260
759.427
-
2.297.425
Totaal
6.468.483
2.579.858
2.388.582
78.821
11.515.743
-
De verdeelsleutel voor de uitvoeringskosten is een combinatie van afname van formatie en verdeling van de kosten naar inwoneraantal. Er is onderscheid aangebracht tussen directe en indirecte kosten. Directe kosten zijn alle kosten verbonden met het primaire proces. De indirecte kosten, bedrijfsvoeringskosten, worden op basis van de twee genoemde componenten verdeeld. Dat is aan de ene kant de kosten voor formatie Wmo, Jeugd en Schuldhulpverlening, bestaan uit de directe salariskosten. En aan de andere kant betreft het kosten die gepaard gaan met andere taken primair proces (niet zijnde afgenomen formatie), zoals de uitvoering van de Bijzondere Bijstand door Senzer, de bijdragen voor jeugd (10voordejeugd, DVO Eindhoven en Werplan21voordejeugd) en het contract voor de inkooptaken sociaal domein bij Bizob. De kosten voor deze taken worden verdeeld naar rato van het aantal inwoners en zijn opgenomen onder de post bijdragen overig.
8.3 Investeringen De investeringen van Peelgemeenten zijn beperkt van omvang en bestaan alleen uit investeringen voor automatisering-hardware (laptops). Deze investeringen worden na 3 jaar vervangen. Voor 2023 staan vervangingsinvesteringen gepland voor een bedrag van € 50.000; de afschrijvingslasten bedragen ca. € 17.000 per jaar. Met deze lasten is rekening gehouden bij de uitwerking van de begroting 2023.
8.4 Zorgkosten Zorgkosten zijn de uitgaven exclusief de uitvoeringskosten die gemeenten maken voor het realiseren van de zorg. Dit zijn voor bijvoorbeeld Wmo de uitgaven voor hulp bij huishouden die worden betaald aan zorgaanbieders (Zorg In Natura) en aan de Sociale Verzekeringsbank (Persoons Gebonden Budget). De 5 Peelgemeenten betalen per kwartaal een voorschot aan de GR Peelgemeenten voor de zorgkosten. Vervolgens worden de daadwerkelijke zorgkosten betaald aan de aanbieders door de GR Peelgemeenten. Tenslotte wordt het voorschot verrekend met de betaalde kosten. De zorgkosten maken geen onderdeel uit van de begroting van de GR Peelgemeenten. Het verwerken van ontwikkelingen zorgkosten in de lokale begroting is een
20
verantwoordelijkheid van iedere lokale gemeenten, waarbij de GR Peelgemeenten een adviserende rol heeft.
8.5 Paragrafen Zowel in begroting als in de jaarrekening worden, cf. artikel 9 van het BBV, in afzonderlijke paragrafen de beleidslijnen vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. De voorgeschreven paragrafen zijn niet allen van toepassing op de GR Peelgemeenten. De volgende paragrafen worden beschreven: • • • •
Weerstandsvermogen en risicobeheersing; Financiering; Bedrijfsvoering; Verbonden partijen.
8.6 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen kan worden omschreven als de mate waarin de organisatie in staat is om niet structurele financiële tegenvallers op te vangen zonder dat dit gevolgen heeft voor de uitvoering van de taken. Op 9 december 2019 is door het algemeen bestuur de “Nota weerstandsvermogen en risicobeheer GR Peelgemeenten 2019” vastgesteld. Het totaal aan benodigde weerstandscapaciteit (de risico’s) is berekend op € 304.000. De ratio is afgerond 1; dit is in de nota weerstandsvermogen ook vastgesteld als minimum. Met het vaststellen van de nota Weerstandsvermogen is ingestemd met het instellen van een algemene reserve die als dekking (buffer) dient voor het opvangen van de risico’s. Het minimumbedrag van de Algemene reserve is bepaald op € 300.000 en het maximumbedrag is bepaald op € 600.000. Per 31 december 2021 bedraagt het saldo van de algemene reserve € 300.000 (na resultaatbestemming) en voldoet hiermee aan de minimale eis. Voor de begroting 2023 zijn de risico’s niet opnieuw beoordeeld, maar is aangesloten bij de risico-inventarisatie zoals die eind 2019 is gedaan en is opgenomen in de nota weerstandsvermogen en risicobeheer. De inventarisatie heeft de volgende risico’s opgeleverd: 1.
Ziekteverzuim (risicoscore: 16) Ziekteverzuim is iets dat bij elke organisatie voorkomt, een ziekteverzuim van circa 5,5% wordt binnen de sector overheid als gemiddeld gezien. Het verzuimpercentage lag bij Peelgemeenten hoger dan het landelijke gemiddelde. Ziekteverzuim kan leiden tot inhuur, afhankelijk van de duur van het verzuim en van de functie. Niet iedereen hoeft direct te worden vervangen, maar de kosten van inhuur zijn hoger dan de kosten van ambtelijk personeel. Zeker nu in deze tijden van krapte op de arbeidsmarkt. Het risicobedrag wordt ingeschat op 5% van de salariskosten van het eigen personeel (afgerond € 5 mln.) Dit komt neer op een bedrag van € 250.000. Omdat in de begroting van Peelgemeenten al een budget is opgenomen voor extra inhuur dat ook deels ingezet kan worden voor inhuur bij ziekte, wordt het risicobedrag aangepast naar € 150.000. De kans dat het zich voor doet wordt op basis van het ziekteverzuimpercentage van de afgelopen jaren als groot ingeschat. Beheersmaatregelen: Het terugdringen van het ziekteverzuim heeft de aandacht binnen Peelgemeenten. Door extra inzet ziekteverzuimbegeleiding en zo nodig (tijdelijke) werkaanpassing wordt getracht dit risico te beheersen. Ook door een intensieve samenwerking met de Arbo arts wordt ingezet op het verlagen van het ziekteverzuim.
21
2. Beveiliging van data/ privacy (risicoscore 12) Binnen het sociaal domein wordt veel gewerkt met gegevens van personen. Daaronder vallen ook gevoelige gegevens zoals medische gegevens. Dit brengt bijvoorbeeld een risico van een datalek met zich mee. Het vormt een inbreuk op de privacy van de burgers en kan leiden tot negatieve publiciteit, imagoschade en eventuele boetes. Onder de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) zijn organisaties verplicht om hun organisatie zo in te richten dat de privacyregels structureel worden nageleefd, en dat organisatie dit kan verantwoorden en bewijzen. Als de beveiliging van persoonsgegevens niet op orde is, kan de Autoriteit Persoonsgegevens een boete opleggen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat betrokkenen een claim indienen voor compensatie voor geleden schade. In Nederland heeft zich dat tot nu toe nog niet voorgedaan. Tenslotte is er nog imagoschade, het herstellen hiervan kost tijd en geld. Een financiële vertaling hiervan is echter lastig te maken. De kans op boetes / imagoschade wordt als gemiddeld (klasse 3) geschat met een inschatting van het risicobedrag, gelet op omvang begroting, tussen € 75.000 en € 150.000 (risicoklasse 4).
Beheersmaatregelen: Binnen Peelgemeenten is een functionaris gegevensbescherming en een privacy officer werkzaam met als belangrijke taak de bewustwording van het belang beveiliging van persoonsgegevens. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het bespreken van cases waar de beveiliging van gegevens in het geding is. Op deze manier kan de organisatie leren van de gemaakte fouten. Daarnaast zijn er ook technische maatregelen genomen (bijvoorbeeld Zorgmail) om de privacygevoelige data zo goed mogelijk te beveiligen. 3. Kwetsbaarheid organisatie (risicoscore: 9) Uit de in 2019 uitgevoerde evaluatie van de samenwerking binnen GR Peelgemeenten is duidelijk naar voren gekomen dat de organisatie zeer kwetsbaar is georganiseerd op de bedrijfsvoeringstaken1. De formatie van een aantal bedrijfsvoeringsfuncties is lager dan gemiddeld en vaak zijn het eenmansposten. Het risico bestaat dat de werklast (te) hoog wordt en dat werknemers hierdoor wegvallen (vertrek of ziekte), met kosten voor inhuur als gevolg. Ondanks uitbreiding blijft de organisatie kwetsbaar omdat er nog steeds werkzaamheden zijn die zijn belegd bij één persoon. Het risico bij ziekte en de hierbij behorende kosten zijn al meegenomen in het risico van ziekteverzuim. Bij vertrek van werknemers op kwetsbare posities, is vervanging op korte termijn nodig; (tijdelijke) inhuur kan dan een oplossing zijn.
De financiële omvang van dit risico’s wordt ingeschat op 10% van de personele lasten van de bedrijfsvoeringsfuncties, afgerond ca. € 90.000. Hiermee valt dit risico in klasse 3. De kans dat het zich voor doet, wordt als gemiddeld ingeschat (kans-klasse 3). Beheersmaatregelen: Maatregelen om de kwetsbaarheid van de organisatie risico te verminderen zijn bijvoorbeeld het hebben van actuele beschrijvingen van werkprocessen en -instructies. Daarnaast wordt de werkzaamheden zoveel zodanig verdeeld dat de medewerkers bekend zijn met alle aspecten van het werk en elkaar makkelijker kunnen vervangen. Voor bepaalde functies kan ook bewust worden gekozen om deze via inhuur in te vullen of via outsourcing. Naar aanleiding van het evaluatierapport zijn de bedrijfvoeringsfuncties per functies beoordeeld op de best mogelijke positionering van de functies om zo te kwetsbaarheid van de organisatie te verminderen.
1
Eindrapport “Kiezen of (op)delen!” Evaluatie en versterking van de GR Peelgemeenten én de samenwerking tussen de vijf deelnemende gemeenten. Stan van de Laar/ Renée Kuin Utrecht, 01 april 2019
22
4. Juridische risico’s (risicoscore: 8) Als er niet voldoende personele capaciteit is om de aanvragen voor de verschillende voorzieningen (Wmo, Jeugd en BMS) af te handelen, ontstaan er mogelijk achterstanden in de werkvoorraad. Dit kan leiden tot een overschrijding van de termijnen met het risico op het betalen van boetes als gevolg. Daarnaast zijn er, inherent aan het verstrekken en beëindigen van voorzieningen, werkzaamheden in het kader van bezwaar/beroep. Door drukke werkzaamheden en (lokale) mogelijkheden tot tijdig plannen van hoorzittingen, kunnen termijnen om tot een tijdig besluit op bezwaar te komen onder druk komen staan. Overschrijding van termijnen kan vervolgens leiden tot ontvangst van zgn. ingebrekestellingen en het vervolgens moeten betalen van dwangsommen. Daar waar een bezwaar- of beroepschrift (bij rechtbank) leidt tot gegrondverklaring, kunnen gemeenten gehouden zijn tot vergoeden van proceskosten. De kans dat dit zich voordoet is groot (kans-klasse: 4). De financiële omvang wordt, op basis van betaalde dwangsommen in voorgaande jaren, geschat tussen de € 25.000 en € 75.000 (risicoklasse 2). Betaalde boetes worden afgehandeld via de zorgkosten en vormen daarmee geen financieel risico voor de GR maar wel voor de afzonderlijke gemeenten. Beheersmaatregelen: De beheersmaatregelen zijn vooral gelegen in een goede interne organisatie.
Binnen GR Peelgemeenten wordt de betaling van dwangsommen en proceskosten-veroordelingen zoveel als mogelijk tegengegaan door het zoveel als mogelijk tijdig handelen en het zo goed als mogelijk inschatten van de juridische haalbaarheid van procedures. In het nog niet ontgonnen sociale domein (denk met name ook aan het thema uren versus resultaat) zijn juridische procedures (en betaling van proceskosten) evenwel inherent aan het werk en zullen dus ook altijd wel blijven. 5. Niet-functioneren (risicoscore: 6) Het risico bestaat dat mensen op een positie belanden waarvoor zij niet geschikt zijn: mismatch. De inschatting, op basis van eigen ervaringscijfers, is dat hooguit 1 fte van het personeel in een niet-geschikte functie komt. Het niet-functioneren van mensen kost geld door bijvoorbeeld een lager productiviteit of omdat iemand anders moet worden ingehuurd. De kosten hiervan worden berekend op basis van de gemiddelde personeelskosten per fte (€ 75.000 per fte). Daarnaast kunnen er kosten zijn voor outplacement of het betalen van een transitievergoeding. De kosten voor outplacement liggen volgens landelijke cijfers tussen de € 3.000 en € 5.000. De transitiekosten zijn afhankelijk van het aantal dienstjaren en kunnen uiteenlopen van € 0 tot max. € 86.000 (maximum voor 2022).
Omdat het niet de verwachting is dat dit maximum bedrag ook daadwerkelijk de komende jaren wordt betaald, wordt het totale financiële effect geschat te vallen in risicoklasse 3 (€ 75.000 € 150.000). De kans dat dit scenario optreedt wordt als klein (klasse: 2) geschat. Beheersmaatregelen: Maatregelen om dit te beheersen liggen op het terrein van het personeelsbeleid. Indien een dergelijke situatie zich voordoet, wordt een persoon zo goed en zo snel mogelijk begeleidt naar een nieuwe baan binnen of buiten de Peelgemeenten-organisatie. 6. Inkoop (risicoscore: 3). Voor de uitvoering van de zorgtaken binnen het sociaal domein wordt op verschillende niveaus’s samengewerkt. Onjuiste inkoop kan leiden tot schadeclaims en mogelijk opnieuw doorlopen van de aanbestedingsprocedure gemiste kansen qua prijs/kwaliteitverhouding. Een belangrijke partner voor Peelgemeenten is het Bureau Inkoop Zuidoost Brabant (Bizob). Bizob regelt in samenwerking met de aangesloten partijen de inkoop en aanbestedingen voor het sociaal domein. Peelgemeenten regelt dit voor de deelnemende gemeenten; de contracten staan dan ook op naam van de betrokken gemeenten. Het
23
inkooprisico voor de zorgkosten ligt dan ook niet bij Peelgemeenten maar bij de afzonderlijke gemeenten. Naast de inkoop van zorg, heeft Peelgemeenten te maken met inkoop op het gebied van automatisering (onderdeel van de uitvoeringsorganisatie). Voor dit onderdeel ligt het risico bij Peelgemeenten. Ook op dit terrein wordt samengewerkt met Bizob. Door deze samenwerking is het inkooprisico zeer klein. Het inkoopvolume is jaarlijks gemiddeld € 100.000, met een inschatting dat dit risico zeer klein is. Beheersmaatregelen: Zoals hiervoor al vermeld, is het Bizob een belangrijke partner in het inkoopproces. Door deze samenwerking worden de risico’s verminderd en wordt de kwaliteit van het inkoopproces verbeterd en daarmee van de in te kopen producten. 7. Contractbeheer en -management (risicoscore: 1) Contractbeheer omvat het beheren (fysiek en/of digitaal) van contracten binnen de organisatie, zodat de juiste informatie op het juiste tijdstip op de juiste plaats beschikbaar is. Contractmanagement is het bewaken of alle partijen bij een overeenkomst volledig voldoen aan hun verplichtingen. Slecht contractbeheer en -management kan leiden tot een stilzwijgende verlening die niet-gewenst is of tot onterecht betalen van facturen.
In de GR Peelgemeenten is het aantal contracten gering en zijn met betrekking tot contractbeheer en -management duidelijke afspraken gemaakt over het proces en de verantwoordelijkheden. Daarnaast wordt ook in het kader van de implementatie van het nieuwe zaaksysteem gekeken hoe het contractbeheer binnen dit systeem geborgd kan worden. Het risico van slecht contractbeheer en -management wordt daarom ook als zeer klein (risicoklasse 1) ingeschat en de financiele effecten zijn minder dan € 25.000 (bedragklasse: 1). 8. Uitvoering taken door andere gemeenten (risicoscore: 2) Een aantal taken, zoals de personeels- salarisadministratie en de financiële administratie, worden voor Peelgemeenten uitgevoerd door één van de deelnemende gemeenten. De uitvoering van deze taken zijn op dit moment nog niet allemaal vastgelegd in bijvoorbeeld een dienstverleningsovereenkomst. Het risico bestaat dat de taken niet (volledig) worden uitgevoerd of dat de kwaliteit van de taken niet voldoende is. Het “repareren” van de niet (goed) uitgevoerde werkzaamheden kost geld omdat er bijvoorbeeld extra ingehuurd moet worden. Het risico van het niet-goed uitvoeren wordt als klein ingeschat. De financiële gevolgen zijn naar verwachting gering (< € 25.000) omdat in principe van het niet-leveren van de werkzaamheden er niet hoeft te worden betaald.
Beheersmaatregelen: Door het vastleggen van afspraken in een dienstverleningsovereenkomst (DVO) is het duidelijk hoe om wordt gegaan met meer of minder kosten. De DVO met betrekking tot de personeels- en salarisadministratie is in 2022 ingegaan. De DVO voor de financiële administratie zal waarschijnlijk in 2022/begin 2023 worden vastgesteld. 9. ICT-voorzieningen (risicoscore: 1) Het goed functioneren van computersystemen is binnen de organisatie van groot belang voor de uitwisseling van gegevens. Uitval en/of storingen vormen een bedreiging voor de bedrijfsvoering en daarmee de dienstverlening. De impact van de storing hangt voor een groot deel af van de duur (in tijd) van de storing. De inschatting is dat een kortdurende storing (minder dan een halve dag) niet tot extra kosten leidt. Een langdurige storing zal naar verwachting wel tot kosten leiden zoals bijvoorbeeld verlies aan productiviteit. De financiële omvang is naar verwachting gering (minder dan € 25.000; berekend o.b.v. verlies van 4 uur productiviteit voor 70 personen en een uurtarief van € 70). De kans dat een langdurige storing of uitval zich voordoet, wordt als zeer klein ingeschat (kans-klasse 1).
24
Beheersmaatregelen: Voor de meeste systemen en applicaties wordt er gebruik gemaakt van zogenaamde SaaS oplossing; gegevens worden opgeslagen in de Cloud en gaan dan niet verloren. Daarnaast worst via afspraken in een Service Level agreement met de aanbieder afgesproken dat de aanbieder maatregelen moet treffen om uitval en storingen tegen te gaan dan wel ze zo spoedig mogelijk op te lossen. 10.Politiek-bestuurlijke risico’s (risicoscore: PM) GR Peelgemeenten heeft als samenwerkingsverband te maken met 5 gemeenten en daarmee ook met 5 gemeentebesturen. Het risico bestaat dat het lokaal belang boven het regionale belang gaat. Door regelmatig in dialoog te gaan met het lokale bestuur over ontwikkelingen die spelen bij Peelgemeenten wordt geprobeerd dit risico te beperken. Dit is inherent aan de organisatievorm van een gemeenschappelijke regeling. Het risico wordt pm meegenomen. 11.Landelijke ontwikkelingen (risicoscore: PM) Landelijke wet-en regelgeving kunnen ertoe leiden dat er extra taken bijkomen voor Peelgemeenten. Als er geen aanvullende middelen tegenover staan, legt dat een extra beslag op de beschikbare capaciteit van Peelgemeenten. Dit kan vervolgens leiden tot kwaliteitsverlies en/of wachtlijsten voor de beoordeling van de aanvragen van voorzieningen. De GR Peelgemeenten is voor de dekking van de kosten volledig afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen.
Wijzigingen in beleid vragen om afzonderlijke bestuurlijke besluitvorming, waarbij de financiële consequenties worden meegenomen. Deze risicocategorie wordt in deze nota alleen benoemd en hoeft niet te worden gerelateerd aan het weerstandsvermogen van de GR. Van de geïnventariseerde risico’s is onderstaande risicomatrix opgesteld:
Risico
Kans
Kans-
Risico-
Risicok financieel lasse gevolg
Risicoscore
klasse
Bedrag (gemiddeld)
4
€ 225.000
4
€ 157.500
16
3
€ 112.500
3
€ 56.250
9
3
€ 112.500
3
€ 56.250
9
Ziekteverzuim
Groot (70%)
Beveiliging van data / privacy
Gemiddeld (50%)
Kwetsbaarheid organisatie
Gemiddeld (50%)
Juridische risico’s
Groot (70%)
4
€ 50.000
2
Telt niet mee. Risico ligt bij gemeenten
8
Niet-functioneren
Klein (30%)
2
€ 112.500
3
€ 33.750
6
Inkoop en contractbeheer
Zeer klein (10%)
Niet (goed) uitvoeren taken
Klein (30%)
1
€ 112.500
3
2
< € 25.000
1
Telt niet mee. Risico ligt bij gemeenten
Telt niet mee
3
2
25
andere gemeenten ICT-voorzieningen
Zeer klein
1
< € 25.000
1
Telt niet mee
1
Politiek-bestuurlijk
PM
PM
PM
PM
PM
PM.
PM
PM
PM
PM
PM
PM.
Landelijke ontwikkelingen TOTAAL
€ 303.750
Noot: Economische omstandigheden Het CPB waarschuwt voor de onzekere economische situatie door de oorlog in Oekraïne. We zitten in een energie- en grondstoffencrisis die versterkt wordt door problemen in de logistieke ketens. Welke financiële effecten dit exact met zich mee gaat brengen voor de GR Peelgemeenten in 2023 is nog onbekend. Het risico bestaat dat de kosten in 2023 harder zullen stijgen dan het indexpercentage waar ten tijde van het opmaken van deze begroting rekening mee wordt gehouden.
8.7 Financiële kengetallen Deze paragraaf bevat de financiële kengetallen die elke gemeente of gemeenschappelijke regeling verplicht moet opnemen. Omdat de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet van toepassing zijn GR Peelgemeenten, zijn deze niet opgenomen. Kengetallen kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van een gemeente en maken het mogelijk om gemeenten onderling te vergelijken. Omdat de GR Peelgemeenten een uitvoeringsorganisatie is die middels bevoorschotting wordt gefinancierd door de deelnemende gemeenten en dus geen schulden heeft, en doordat de GR Peelgemeenten behalve het rekeningresultaat geen eigen vermogen heeft, hebben de financiële kengetallen een beperkte waarde.
Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
Realisatie 2021
Begr 2022
Begr 2023
Mjr 2024
Mjr 2025
Mjr 2026
-6,6%
-2,6%
-2,0%
-2,5%
-2,9%
-2,0%
-6,6% 4,1% 0,0%
-2,6% 1,7% 0,0%
-2,0% 1,7% 0,0%
-2,5% 1,7% 0,0%
-2,9% 1,7% 0,0%
-2,0% 1,7% 0,0%
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de totale baten en zegt iets over de mate waarin de schuld van de gemeenschappelijke regeling met de inkomsten kan worden gedragen. De VNG hanteert voor de schuldquote de volgende norm: onder de 100% is goed, tussen de 100% en 130% is matig en boven de 130% is onvoldoende. De netto schuldquote is voor GR Peelgemeente in de begroting 2023 is -2,0% en dus meer dan goed. Omdat de GR Peelgemeenten geen leningen verstrekt is het kengetal “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen” gelijk aan de “gewone” netto schuldquote.
26
Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft de verhouding tussen het eigen vermogen (reserves) en het totale vermogen (= eigen vermogen + vreemd vermogen) weer. Het gaat erom inzicht te krijgen in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling, in geval van nood, in staat is aan zijn financiële verplichtingen (vooral de verschaffers van vreemd vermogen) te voldoen. Voor gemeenten geldt normaal gesproken hoe hoger het solvabiliteitspercentage, hoe beter. Bij de jaarrekening 2020 is besloten de algemene reserve op peil te houden conform de minimum eis voor het weerstandsvermogen van € 300.000. De algemene reserve bedraagt per 31 december 2021 € 241.121 en voldoet hiermee niet aan de minimum eis. In het voorstel tot resultaatbestemming 2021 is opgenomen dat het eigen vermogen aangezuiverd dient te worden met € 58.879 om zo aan de minimumeis te voldoen. Ten tijde van het samenstellen van de conceptbegroting 2023 heeft definitieve besluitvorming hierover nog niet plaatsgevonden. De verwachting is wel, dat dit voorstel zal worden overgenomen. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten af te zetten tegen de totale baten. Peelgemeenten dekt de structurele lasten volledig door structurele baten, waardoor het percentage nihil is.
8.8 Financiering De GR Peelgemeenten wordt gefinancierd door de 5 deelnemende gemeenten. Het uiteindelijke financiële risico ligt dan ook bij die gemeenten. Tussen GR Peelgemeenten en de deelnemende gemeenten is onderscheid te maken in twee verschillende financieringsstromen, namelijk de uitvoeringskosten en de zorgkosten. De uitvoeringskosten worden betaald door GR Peelgemeenten, waarbij GR Peelgemeenten per kwartaal op basis van inwonertal een voorschot in rekening brengt aan de 5 deelnemende gemeenten. Na afloop van het jaar wordt afgerekend op basis van werkelijke kosten. De zorgkosten worden eveneens betaald aan aanbieders door GR Peelgemeenten, waarbij de GR Peelgemeenten per kwartaal een voorschot in rekening brengt aan de 5 deelnemende gemeenten. Na afloop van het kwartaal wordt het voorschot vervolgens verrekend met de gerealiseerde zorgkosten. Decentrale overheden (provincies, gemeenten, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen in de vorm van een openbaar lichaam) zijn, op basis van de Regeling Schatkistbankieren verplicht om hun overtollige middelen, boven een bepaald drempelbedrag, in de schatkist aan te houden. In juli 2021 is het drempelbedrag verhoogd van € 250.000 naar € 1.000.000.
8.9 Verbonden partijen De GR Peelgemeenten heeft zelf geen verbonden partijen. Wel zijn er dienstverleningsovereenkomsten afgesloten met Senzer in het kader van de bijzondere bijstand. Namens de vijf afzonderlijke gemeenten hebben we met de gemeente Helmond een samenwerkingsovereenkomst in het kader van Beschermd Wonen en de gezamenlijke inkoop van Wmo en Jeugdzorg. GR Peelgemeenten zelf is een verbonden partij van de deelnemende gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Laarbeek en Someren.
27
8.10 Bedrijfsvoering Formatie Peelgemeenten De in de begroting 2023 opgenomen formatie voor Peelgemeenten bedraagt 100,4 formatieplaatsen en bestaat in 2023 alleen uit structurele formatie. Mutaties in de 1e begrotingswijziging 2022 hebben een beperkt effect gehad op de formatie. In onderstaand overzicht is de formatie voor 2022 en 2023 weergegeven. Begroting 2022
Begroting 2023
Structureel
93,7
100,4
Team dienstverlening
54,1
56,0
Team organisatie & ontwikkeling
27,0
29,7
Team bedrijfsvoering & management
12,6
14,6
Incidenteel
0,0
0,0
93,7
100,4
Formatie - overzicht
Totale formatie
Een aantal bedrijfsvoeringstaken voert Peelgemeenten niet zelf uit, maar hiervoor wordt gebruik gemaakt van de aanwezige kennis en formatie bij één van de Peelgemeenten. De hierbij gemoeide formatie is niet opgenomen in bovenstaand overzicht. Deze personen zijn namelijk niet in dienst bij de GR. De gemeenten die formatie leveren worden hiervoor gecompenseerd op basis van de begrote loonsom van de geleverde formatie. Het gaat hierbij om de volgende taken die worden ingekocht bij een van de gemeenten: • Salaris- en personeelsadministratie: 0,8 fte via de gemeente Gemert-Bakel. • Financiële administratie: 0,5 fte via de gemeente Deurne; • Functionaris gegevensbescherming: 0,2 fte via de gemeente Laarbeek.
28
9. Bijlagen Begroting 2023 naar taakvelden en overzicht overhead In onderstaand overzicht zijn de lasten en baten, overeenkomstig de voorschriften uit het BBV, verdeeld over taakvelden. LASTEN
0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 6.2 Wijkteams 6.3 Inkomensregelingen 6.71 Maatwerkdienstverlening 18+
Begr 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
2.552.155 2.613.407 2.676.129 2.740.356 70.000 70.000 70.000 70.000 7.754.550 7.940.613 8.131.320 8.326.399 590.913 605.100 619.600 634.500 548.125 561.280 574.751 588.545 11.515.743 11.790.400 12.071.800 12.359.800
De kosten voor overhead (taakveld 0.4) zijn onder te verdelen in de volgende onderdelen: Uitsplitsing overhead
Begr 2023
MJR 2024
MJR 2025
MJR 2026
Overhead loonkosten Overhead automatisering Overhead huisvesting Overhead overig
1.203.199 426.961 95.786 826.210 2.552.155
1.232.107 437.200 98.100 846.000 2.613.407
1.261.529 447.700 100.500 866.400 2.676.129
1.291.856 458.400 102.900 887.200 2.740.356
Het overheadpercentage, berekend door de indirecte kosten te delen door de directe kosten bedraagt voor de begroting 2023: 26%. Hierop komt een opslagpercentage van 3% waardoor het totale overheadpercentage uitkomt op 29%.
29
EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, art. 19) is de verplichting vastgesteld dat de Gemeenschappelijke Regelingen ramingen van het EMU-saldo dienen te verstrekken over het voorafgaande jaar, het actuele jaar, het begrotingsjaar en voor het jaar volgend op het begrotingsjaar. De begroting van de GR Peelgemeenten is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. Het EMU Saldo van Peelgemeenten ziet er als volgt uit: Emu-saldo
1. Exploitatie saldo voor reservemutaties 2. Mutatie (im)materiele vaste activa 3. Mutatie voorzieningen 4. Mutatie voorraden 5. Verwachte boekwinst verkoop effecten en (im)materiele vaste activa Berekend EMU saldo
Begroting Begroting 2022 2023
0
0
-15.200
62.400
0
0
0
0
0
0
-15.200
62.400
30
Balans Rekening Balans
Begroting
Begroting
Meerjarenraming
31-12-21
31-12-22
31-12-23
31-12-24
31-12-25
31-12-26
65.300
50.100
112.500
64.000
21.000
107.000
65.300
50.100
112.500
64.000
21.000
107.000
Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1jaar
5.500.000
5.500.000
5.500.000
5.500.000
5.500.000
5.500.000
Overige vorderingen
11.589.700 11.500.000 11.500.000 11.500.000 11.500.000 11.500.000
Activa Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Totaal vaste activa Vlottende activa
Liquide middelen
250.000
Overlopende activa
216.000
Totaal vlottende activa Totaal activa
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
17.555.700 17.250.000 17.250.000 17.250.000 17.250.000 17.250.000 17.621.000 17.300.100 17.362.500 17.314.000 17.271.000 17.357.000
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen
717.000
300.000
300.000
300.000
300.000
300.000
0
0
0
0
0
0
717.000
300.000
300.000
300.000
300.000
300.000
282.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
Vreemd vermogen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Totaal vaste passiva Vlottende passiva Schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar Overlopende passiva
16.622.000 16.750.100 16.812.500 16.764.000 16.721.000 16.807.000
Totaal vlottende passiva
16.904.000 17.000.100 17.062.500 17.014.000 16.971.000 17.057.000
Totaal passiva
17.621.000 17.300.100 17.362.500 17.314.000 17.271.000 17.357.000
31
Overzichten met bijdrage per gemeente 2023 – 2026 In de begroting 2023 zijn de inwonerbijdragen voor een deel verdeeld op basis van inwoneraantal en voor een deel zijn ze gebaseerd op werkelijke inzet. Het aantal inwoners en de procentuele verdeling is als volgt:
Asten
Inwoners per 1-12022 17.072
Deurne
32.601
26,43%
Gemert-Bakel
31.047
25,17%
Laarbeek
22.938
18,60%
Someren
19.694
15,97%
Totaal
123.352
100,00%
Gemeente
Inwoners in % 13,84%
Per gemeente is de hoogte van de bijdragen verder uitgewerkt en weergegeven in onderstaande overzichten:
Gemeente Asten Asten- structureel
2023
2024
2025
2026
Werkelijke inzet Wmo Werkelijke inzet Jeugd Werkelijke inzet Schuldhulpverlening Directe salariskosten primair proces DVO Senzer, Inkoop Jeugd en bijdrage Bizob Overheadkosten primair proces Post onvoorzien
396.124 506.606 517.710 224.610 143.234 9.688 1.797.972
405.600 518.800 530.100 230.000 146.700 9.688 1.840.888
415.300 531.300 542.800 235.500 150.200 9.688 1.884.788
425.300 Werkelijke inzet 544.100 Werkelijke inzet Werkelijke inzet 555.800 Inwoneraantal 241.200 Inwoneraantal 153.800 Inwoneraantal 9.688 Inwoneraantal 1.929.888
Deurne structureel
2023
2024
2025
2026
Werkelijke inzet Wmo Werkelijke inzet Jeugd Werkelijke inzet Schuldhulpverlening Directe salariskosten primair proces DVO Senzer, Inkoop Jeugd en bijdrage Bizob Overheadkosten primair proces Post onvoorzien Deurne - structureel
666.943 988.629 428.920 273.522 18.500 2.376.514
682.900 1.012.400 439.200 280.100 18.500 2.433.100
699.300 1.036.700 449.700 286.800 18.500 2.491.000
716.100 Werkelijke inzet Werkelijke inzet Werkelijke inzet 1.061.600 Inwoneraantal 460.500 Inwoneraantal 293.700 Inwoneraantal 18.500 Inwoneraantal 2.550.400
Gemert-Bakel structureel
2023
2024
2025
2026
Werkelijke inzet Wmo Werkelijke inzet Jeugd Werkelijke inzet Schuldhulpverlening Directe salariskosten primair proces DVO Senzer, Inkoop Jeugd en bijdrage Bizob Overheadkosten primair proces Post onvoorzien Gemert-Bakel structureel
587.112 941.504 408.474 260.484 17.619 2.215.193
601.200 964.100 418.300 266.700 17.619 2.267.919
615.600 987.200 428.300 273.100 17.619 2.321.819
630.400 Werkelijke inzet Werkelijke inzet Werkelijke inzet 1.010.900 Inwoneraantal 438.600 Inwoneraantal 279.700 Inwoneraantal 17.619 Inwoneraantal 2.377.219
Verdeelsleutel
Gemeente Deurne Verdeelsleutel
Gemeente Gemert-Bakel Verdeelsleutel
32
Gemeente Laarbeek Laarbeek - structureel
2023
2024
2025
2026
Werkelijke inzet Wmo Werkelijke inzet Jeugd Werkelijke inzet Schuldhulpverlening Directe salariskosten primair proces DVO Senzer, Inkoop Jeugd en bijdrage Bizob Overheadkosten primair proces Post onvoorzien Laarbeek - structureel
424.418 1.122.549 78.821 695.597 301.787 192.449 13.017 2.828.639
434.600 1.149.500 80.700 712.300 309.000 197.100 13.017 2.896.217
445.000 1.177.100 82.600 729.400 316.400 201.800 13.017 2.965.317
455.700 Werkelijke inzet 1.205.400 Werkelijke inzet 84.600 Werkelijke inzet 746.900 Inwoneraantal 324.000 Inwoneraantal 206.600 Inwoneraantal 13.017 Inwoneraantal 3.036.217
Someren - structureel
2023
2024
2025
2026
Werkelijke inzet Wmo Werkelijke inzet Jeugd Werkelijke inzet Schuldhulpverlening Directe salariskosten primair proces DVO Senzer, Inkoop Jeugd en bijdrage Bizob Overheadkosten primair proces Post onvoorzien Someren - structureel
505.260 759.427 597.223 259.107 165.232 11.176 2.297.425
517.400 777.700 611.600 265.300 169.200 11.176 2.352.376
529.800 796.400 626.300 271.700 173.300 11.176 2.408.676
542.500 Werkelijke inzet 815.500 Werkelijke inzet Werkelijke inzet 641.300 Inwoneraantal 278.200 Inwoneraantal 177.500 Inwoneraantal 11.176 Inwoneraantal 2.466.176
Verdeelsleutel
Gemeente Someren Verdeelsleutel
33
CONCEPTBEGROTING 2023
MEERJARENRAMING 2024 - 2026