5a.1 Concept Programmajaarverslag MRE 2020
Tekst van het document
Overhead Metropoolregio Eindhoven De Metropoolregio Eindhoven laat op het programma Overhead een voordeel zien van € 257.000. De personele kosten zijn bijna € 13.000 hoger dan geraamd en liggen, zeker gezien de niet begrote stijging van pensioenkosten, daarmee in lijn met wat hiervoor in de begroting is opgenomen. Het voordeel op de programmakosten van € 268.000 is voornamelijk toe te schrijven aan minder uitgaven met betrekking tot ICT en het vanwege Corona niet besteden van het opleidingsbudget. Tevens zijn budgetten t.b.v. de inhuur van extern personeel, bureaukosten en algemene kosten niet volledig besteed hoeven worden omdat vanwege Corona in het kader van bedrijfsvoering alleen naar de kritische taken is gekeken. Aan de batenkant wordt een klein voordeel behaald van bijna € 2.000. Het betreft hier de verkoop van oude mobiele telefoons en een ontvangen vergoeding voor het geven van een gastles door een medewerker. RHCe Het RHCe vertoont op het programma Overhead een nadeel van € 6.800 bestaande uit een nadeel op de personele kosten van € 2.500, een nadeel op de programmakosten van € 6.800 en een voordeel aan de batenkant van € 2.500. Hiermee loopt het programma Overhead voor wat het RHCe betreft volledig in lijn met wat hiervoor in de begroting is opgenomen.
Heffing VPB In 2020 heeft de Belastingdienst een bedrag van € 5.019 aan vennootschapsbelasting in rekening gebracht. Het betreft hier de voorlopige aanslag 2020. Onvoorzien De post onvoorzien laat een voordeel zien van bijna € 670.000 wat wordt veroorzaakt door: -
Gerealiseerde koerswinst bij de verkoop van de ING perpetuele obligatie van € 572.000. Vrijval uit de Reorganisatievoorziening SRE van € 81.000. Dit als gevolg van het in overeenstemming brengen van het saldo van de voorziening met de nog lopende verplichtingen. Er is in 2020 zowel door de Metropoolregio Eindhoven als het RHCe geen aanspraak gedaan op de posten onvoorzien. Dit leidt tot een voordeel in de exploitatie van € 17.000.
50
Mutatie reserves De mutatie in de bestemmingsreserve Fysiek domein (terugbetaling saldo reserve aan gemeenten) heeft plaatsgevonden zoals geraamd na de 2e begrotingswijziging 2020. Aan de bestemmingsreserve Energietransitie is een bedrag van € 91.680 meer onttrokken dan geraamd. Dit ter egalisatie van de meerkosten 2020 welke verantwoord zijn op het thema Energietransitie. Aan de bestemmingsreserve Herstelaanpak Breed Economisch vestgingsklimaat is een bedrag van € 1,2 miljoen toegevoegd, het betreft hier niet bestede middelen welke bij de 2e begrotingswijziging 2020 zijn vrijgevallen ten gunste van het thema Economie. Om de saldi van de reserves personele kosten Metropoolregio Eindhoven en RHCe in overeenstemming te brengen met de onderliggende financiële verlofverplichtingen, is aan de reserve van de dienst Metropoolregio Eindhoven een bedrag onttrokken van ruim € 1.200, aan de reserve van de dienst RHCe is een bedrag onttrokken van bijna € 36.000. Ter verduidelijking zijn in onderstaand overzicht de mutaties per reserve weergegeven welke in 2020 hebben plaatsgevonden.
Incidentele baten
Op het programma Metropoolregio Eindhoven, Landgoed Gulbergen is een incidentele baat gerealiseerd van € 11,9 miljoen. Het betreft hier de vrijval van de voorziening Gulbergen n.a.v. de afkoop erfpachtconstructie Landgoed Gulbergen. Het programma Onvoorzien laat een incidentele baat zien van € 652.458. Het betreft hier de gerealiseerde koerswinst € 571.666 bij de verkoop van de ING perpetuele obligatielening en de vrijval van de Reorganisatievoorziening SRE € 80.792.
51
Inwonerbijdrage In 2020 is de inwonerbijdrage ten opzichte van 2019 met 3,22% geïndexeerd. Een en ander leidt tot het volgende vergelijkend overzicht van de gemeentelijke bijdragen per inwoner.
Formatie
52
Balans per 31 december 2020 Bedragen in €
31 december 2020
31 december 2019
ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa - Investeringen met een economisch nut
22.600.563
Financiële vaste activa - Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen - Overige langlopende leningen - Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
5.694.082
827.568 128.111
827.568 216.506
0
1.622.610
Totaal vaste activa
955.679
2.666.684
23.556.242
8.360.766
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Vorderingen op openbare lichamen - Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < 1 jaar - Overige vorderingen
434.024
411.584
1.792.322 24.010
8.639.795 10.570 2.250.356
Liquide middelen - Kassaldi - Banksaldi
0 331.835
9.061.950 0 319.198
331.835
319.198
6.127.828
6.128.796
Totaal vlottende activa
8.710.020
15.509.944
TOTAAL ACTIVA
32.266.262
23.870.710
Overlopende activa - Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
53
Bedragen in €
31 december 2020
31 december 2019
PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen - Algemene reserve - Bestemmingsreserves - Gerealiseerd resultaat
1.180.569 3.256.127 13.305.986
1.180.569 3.600.855 1.039.335 17.742.682
Voorzieningen - Voorzieningen ter egalisering van kosten - Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is
5.820.759
605.851
781.189
6.519.428
10.293.278
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - Onderhandse leningen binnenlandse banken en financiële instellingen
7.125.279
11.074.467
4.866.601
5.055.567
957.587
833.656
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige schulden Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren.
460.341
396.774
1.113.773
TOTAAL PASSIVA
54
689.487 1.574.114
1.086.261
32.266.262
23.870.710
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Waarderingsgrondslagen Algemeen Bij het opmaken van de jaarrekening zijn de verslaggevingsvoorschriften gevolgd zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit investeringen met een economisch nut en zijn gewaardeerd tegen de historische kostprijs onder aftrek van eventuele subsidies en bijdragen van derden. De op de materiële vaste activa toegepaste afschrijvingen zijn gebaseerd op de verwachte gebruiksduur.
Financiële vaste activa Deelnemingen De deelneming Brainport Development NV is gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Tegenover de deelneming in Breedband Regio Eindhoven BV ad € 129.000 (nominaal) staat een gelijk aandeel in de waarde van de activa van € 4.168.000 van deze vennootschap.
Vlottende activa Vorderingen De vorderingen zijn opgenomen tegen de nominale waarde voor zover nodig onder aftrek van een voorziening voor risico wegens oninbaarheid.
Reserves De reserves worden gevoed en beheerd conform de door het Algemeen Bestuur vastgestelde richtlijnen.
Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd wegens: • verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; • op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; • kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume.
De overige activa en passiva zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.
55
Grondslagen voor bepaling van het saldo/resultaat Baten en lasten Uitgaande van de waarderingsgrondslagen worden de baten en lasten verantwoord in het jaar waarop zij betrekking hebben.
Afschrijvingen Afschrijving geschiedt volgens de lineaire afschrijvingsmethode, met uitzondering van de investeringen in de nieuwbouw van het Regionaal Historisch Centrum. Deze worden op basis van annuïteiten afgeschreven. Op investeringen welke in de loop van het jaar in gebruik zijn genomen, wordt in het jaar na aanschaf gestart met afschrijven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn als volgt: Inventaris 15 jaar lineair Verbouwing RHCe 20 jaar lineair Kantoorgebouw RHCe 40 jaar annuïtair Inrichting kantoorgebouw RHCe 15 jaar annuïtair Zonnepanelen 20 jaar lineair Kantoormachines 5 jaar lineair Computerinstallatie (hardware) 4 jaar lineair Computerinstallatie (software) 4 jaar lineair
Rente/dotatie aan voorzieningen Aan voorzieningen wordt overeenkomstig het BBV geen rente toegevoegd. Wel kan, om de voorziening op het juiste peil te houden c.q. op basis van door het BBV voorgeschreven richtlijnen, een dotatie ten laste van de exploitatie worden gedaan.
56
Toelichting op de balans per 31 december 2020 ACTIVA VASTE ACTIVA De vaste activa bestaan uit materiële en financiële vaste activa. Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Woonruimten Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Totaal
31 december 2020 31 december 2019 16.481.431 459.340 5.442.864 4.999.193 420.000 0 62.680 21.443 193.588 214.106 22.600.563 5.694.082
Op 21 december 2020 is de erfpachtovereenkomst voor het Landgoed Gulbergen met Attero beëindigd. Hierdoor heeft de Metropoolregio het volledig eigendom verkregen van: • gronden (301 ha), getaxeerd op € 16.022.091; • opstallen golfbaan (bedrijfsgebouwen), getaxeerd op € 627.378; • twee woningen aan de Vamweg, getaxeerd op € 420.000. De verkrijging van de bovenstaande activa heeft plaatsgevonden tegen de taxatiewaarde. De activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs/taxatiewaarde. De gronden van het perceel van Regionaal Historisch Centrum aan de Raiffeisenstraat zijn onder de ‘gronden’ verantwoord in de balans. De gerealiseerde nieuwbouw (inclusief verbouwing) Regionaal Historisch Centrum is onder bedrijfsgebouwen opgenomen. Onder de machines, apparaten en installaties is primair de computerapparatuur verantwoord. Onder de overige materiële vaste activa worden de investeringen in onder meer software, meubilair en overige roerende goederen verantwoord. Het verloop van de materiële vaste activa gedurende het verslagjaar was als volgt: Boekwaarde 31-12-2019
Investeringen
Desinvesteringen
Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Woonruimten Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa
459.340 4.999.193 0 21.443 214.106
16.022.091 627.378 420.000 58.526 0
0 0 0 0 0
0 183.707 0 17.289 20.518
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
16.481.431 5.442.864 420.000 62.680 193.588
Totaal generaal
5.694.082
17.127.995
0
221.514
0
0
22.600.563
Materiële vaste activa
Afschrijvingen Bijdragen van Afwaardering derden
Boekwaarde 31-12-2020
De investeringen in de gronden, bedrijfsgebouwen en woonruimten vloeien volledig voort uit de beëindiging van de erfpacht Landgoed Gulbergen. Door het Regionaal Historisch Centrum is in 2020 voor € 58.526 geïnvesteerd in laptops en scanapparatuur. In 2020 hebben geen desinvesteringen plaatsgevonden.
57
Financiële vaste activa 31 december 2020 31 december 2019 - Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen 827.568 827.568 - Overige langlopende leningen 128.111 216.506 - Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer 0 1.622.610 Totaal 955.679 2.666.684
Onder de kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen zijn de volgende deelnemingen opgenomen: - Brainport Development (balanswaarde € 698.368 ultimo 2020) - Breedband Regio Eindhoven B.V. (balanswaarde € 129.200 ultimo 2020). De deelneming in Brainport Development NV betreft de participatie met 1.539 aandelen van nominaal € 453,78 in het aandelenkapitaal. De deelneming in Breedband Regio Eindhoven BV betreft 129.200 aandelen van nominaal € 1. De overige langlopende leningen betreffen de uitstaande SIR leningen. In 2020 zijn geen nieuwe leningen verstrekt. Gebleken is dat één SIR lening oninbaar is. Deze lening is afgewaardeerd voor een bedrag van € 19.167. De obligatieportefeuille (perpetual bij ING Bank) is eind 2020 verkocht om zodoende liquide middelen te genereren voor de financiering van de te betalen vergoeding aan Attero voor de beëindiging van de erfpacht Landgoed Gulbergen. Het verloop van de financiële vaste activa is onderstaand weergegeven. Financiële vaste activa
Boekwaarde 31-12-2019
Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen Afwaardering Boekwaarde 31-12-2020
- Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen - Overige langlopende leningen - Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
827.568 216.506
0 0
0 69.228
0 0
0 19.167
827.568 128.111
1.622.610
0
1.622.610
0
0
0
Totaal generaal
2.666.684
0
1.691.838
0
19.167
955.679
VLOTTENDE ACTIVA De vlottende activa bestaan uit de uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar, de liquide midden en de overlopende activa. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met rentetypische looptijd < 1 jaar Overige vorderingen Totaal
31 december 2020 31 december 2019 434.024 411.584 1.792.322 24.010 2.250.356
8.639.795 10.570 9.061.950
De omvang van de vorderingen zijn overeenkomstig de specificatie in de subadministratie. Er is geen aanleiding tot het treffen van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid van de vorderingen.
58
De uitzettingen in de Rijks schatkist zijn in het onderstaande overzicht per kwartaal weergegeven voor 2020. Schakistbankieren
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
153.452 110.683 42.769
76.064 110.683 34.619 -
67.378 110.683 43.305 -
133.932 110.683 23.249
Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
De liquide middelen zijn als volgt te specificeren: Liquide middelen Kassaldi Banksaldi Totaal
31 december 2020 31 december 2019 0 0 331.835 319.198 331.835 319.198
Onder de banksaldi zijn de rekening-couranten verantwoord bij de BNG en de ING Bank. Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
31 december 2020 31 december 2019 6.127.828
6.128.796
De overlopende activa betreffen nog te ontvangen bedragen en/of vooruitbetaalde kosten. Onder de overlopende activa zijn de vooruitbetaalde gelden opgenomen voor een bedrag van € 6.109.400 in verband met de lopende rechtszaak over de regionale afvalverwerking. Vanwege het hoger beroep zijn de gelden geparkeerd op een derden rekening bij de notaris. Naar verwachting komt in de loop van 2021 meer duidelijkheid over de uitkomst van het geschil.
PASSIVA VASTE PASSIVA De vaste activa bestaan uit het eigen vermogen, de voorzieningen en de vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Eigen vermogen Algemene reserve MRE Algemene reserve RHCe Bestemmingsreserve Fysiek domein Bestemmingsreserve Personele kosten MRE Bestemmingsreserve Personele kosten RHCe Bestemmingsreserve Deelneming Brainport development Bestemmingsreserve Bedrijfsvoering Bestemmingsreserve Energietransitie Bestemmingsreserve Digitalisering archieven RHCe Herstelaanpak Breed Economisch Vestigingsklimaat Gerealiseerd resultaat Totaal
59
31 december 2020 31 december 2019 880.620 880.620 299.949 299.949 0 505.448 209.412 210.620 161.852 197.580 698.367 698.367 97.043 97.043 690.821 1.705.305 186.492 186.492 1.212.140 0 13.305.986 1.039.335 17.742.682 5.820.759
Reserves zijn vermogensbestanddelen welke als eigen vermogen zijn aan te merken en die (bedrijfs) economisch vrij te besteden zijn. Ze zijn te onderscheiden in algemene en bestemmingsreserves. We spreken van een bestemmingsreserve als er sprake is van een reserve waaraan een bepaalde bestemming is gegeven. De reserves zonder een dergelijk oormerk vormen de algemene reserves. Bestemmingsreserves kunnen worden gecreëerd voor vooraf bepaalde doelen zoals de reserve fysiek domein. Het instellen, wijzigen en opheffen van reserves is gelet op het budgetrecht een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur heeft op 1 november 2017 de Beleidsregels reserves en voorzieningen 2018 vastgesteld (welke eveneens voor 2020 gelden). Het verloop van de reserves gedurende het verslagjaar is onderstaand weergegeven. Reserves
Boekwaarde 31-12-2019
Resultaatbestemming lopend boekjaar Toevoeging Onttrekking
Resultaatbestemming vorig boekjaar Toevoeging Onttrekking
Boekwaarde 31-12-2020
Algemene reserve Algemene reserve MRE Algemene reserve RHCe
880.620 299.949
0 0
0 0
0 0
0 0
880.620 299.949
Totaal algemene reserves
1.180.569
0
0
0
0
1.180.569
Bestemmingsreserves Fysiek domein Personele kosten MRE Personele kosten RHCe Deelneming Brainport development Bedrijfsvoering Energietransitie Digitalisering archieven RHCe Herstelaanpak Breed Economisch Vestigingsklimaat
505.448 210.620 197.580 698.367 97.043 1.705.305 186.492 0
0 0 0 0 0 0 0 1.212.140
0 1.208 35.728 0 0 841.679 0 1.212.140
0 0 0 0 0 0 0 1.212.140
505.448 0 0 0 0 172.805 0 0
0 209.412 161.852 698.367 97.043 690.821 186.492 1.212.140
Totaal bestemmingsreserves
3.600.855
1.212.140
2.090.755
1.212.140
678.253
3.256.127
TOTAAL VAN DE RESERVES
4.781.424
1.212.140
2.090.755
1.212.140
678.253
4.436.696
De aard en de reden van elke reserve wordt hieronder toegelicht evenals de mutaties die hebben plaatsgevonden. Algemene reserve Metropoolregio Eindhoven Het doel van de Algemene reserve Metropoolregio Eindhoven is: • fungeren als een egalisatiereserve voor de gemeentelijke bijdrage; • opvangen van onvoorziene uitgaven die niet rechtstreeks verband houden met de lopende exploitatie en calamiteiten; • dekking van incidentele uitgaven waarvoor in de reguliere begroting geen middelen zijn opgenomen. Op 1 november 2017 heeft het Algemeen Bestuur de Notitie Algemene reserve vastgesteld. Hierin is bepaald dat de hoogte van de baten in de begroting bepalend is voor de hoogte van de Algemene reserve. De aan de dienst Metropoolregio Eindhoven toe te rekenen baten bedragen € 13,2. Volgens de in de notitie opgenomen staffel betekent dit dat de hoogte van de reserve zich mag bevinden tussen de € 600.000 en € 1.200.000. De stand per 31-12-2020 bedraagt € 880.620. In 2020 hebben er geen mutaties plaatsgevonden binnen de algemene reserve.
60
Algemene reserve Regionaal Historisch Centrum Eindhoven Het doel van de Algemene reserve RHCe is: • te fungeren als een egalisatiereserve om eventuele tekorten in de exploitatie op te vangen zonder dat daarvoor een extra gemeentelijke bijdrage noodzakelijk is; • te worden aangewend om bijzondere aankopen van, voor het RHCe van belang zijnde, archiefstukken waarvoor in de reguliere begroting geen middelen zijn opgenomen. De aan de dienst RHCe toe te rekenen baten bedragen ruim € 3 miljoen. Op grond van de Notitie Algemene reserve mag de hoogte van de reserve zich bevinden tussen de € 150.000 en € 300.000. De stand per 31-12-2020 bedraagt € 299.949 waarmee de reserve tot het maximum is gevuld. In 2020 hebben er geen mutaties plaatsgevonden binnen de algemene reserve. Bestemmingsreserve Fysiek domein Met het vaststellen van het Werkprogramma 2020 door het Algemeen Bestuur op 18 december 2019 is besloten het werkkapitaal voor de thema’s niet meer te dekken uit de reserve Fysiek domein maar structureel onder te brengen in de inwonerbijdrage. Het resterende saldo in deze reserve van ruim € 505.000 is na vaststelling van de definitieve jaarcijfers 2019 uitgekeerd aan de gemeenten.
Bestemmingsreserve Personele kosten MRE De bestemmingsreserve Personele kosten is ingesteld doordat er in het BBV geen mogelijkheid is om voorzieningen te treffen voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, zoals niet opgenomen vakantiedagen. In 2020 is een bedrag van € 1.208 onttrokken aan de reserve. De bestemmingsreserve is hiermee van voldoende omvang om de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen af te dekken. Bestemmingsreserve Personele kosten RHCe De bestemmingsreserve Personele kosten is ingesteld doordat er in het BBV geen mogelijkheid is om voorzieningen te treffen voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, zoals niet opgenomen vakantiedagen. In 2020 is een bedrag van € 35.728 onttrokken aan de reserve. De bestemmingsreserve is hiermee van voldoende omvang om de arbeidskosten gerelateerde verplichtingen af te dekken. Bestemmingsreserve Deelneming Brainport development Het doel van de bestemmingsreserve is het opvangen van eventuele waarde schommelingen van de deelneming in Brainport development. In 2020 hebben geen mutaties in de bestemmingsreserve plaatsgevonden.
Bestemmingsreserve Bedrijfsvoering De bestemmingsreserve Bedrijfsvoering heeft als doel uitgaven te dekken in het kader van de optimalisering van de interne bedrijfsvoering van de organisatie Metropoolregio Eindhoven voor zover de reguliere exploitatie hierin niet voorziet. In 2020 hebben geen mutaties plaatsgevonden in deze bestemmingsreserve. Bestemmingsreserve Energietransitie De reserve is primair gevormd ter dekking van kosten die verband houden met het aantrekken van externe specialistische capaciteit om invulling te kunnen geven aan de regionale ambitie om uiterlijk 2050 als eerste regio van Nederland energieneutraal te zijn. Conform besluit van het Algemeen Bestuur op 1 juli 2020 bij de vaststelling van de jaarrekening 2019, is een bedrag van € 172.805 vrijgevallen en gestort in de bestemmingsreserve Herstelaanpak Breed Economisch Vestigingsklimaat. Het Algemeen Bestuur heeft het Dagelijks Bestuur gemandateerd om de bestemmingsreserve Energietransitie te mogen muteren met als doel de in de exploitatie verantwoorde kosten met betrekking tot energietransitie te egaliseren. In 2020 vindt op grond hiervan een onttrekking van € 841.679 plaats.
61
Bestemmingsreserve digitalisering archieven RHCe Doel van de reserve is verdere digitalisering van de archieven van het RHCe om materiële achteruitgang ten gevolge van fysieke raadpleging tegen te gaan. Ten opzichte van ontzuring van de archieven is dit een veel betere oplossing dan bijvoorbeeld ompakken. Het maximum voor deze reserve is gesteld op € 226.890, in 2019 hebben geen mutaties plaatsgevonden in deze bestemmingsreserve. Bestemmingsreserve Herstelaanpak Breed Economisch Vestigingsklimaat Gezien de grote impact van de Corona crisis op de economie en het maatschappelijk leven wordt verwacht dat er vanuit de regio aanvullende maatregelen en financiële middelen nodig zijn. Het Algemeen Bestuur heeft derhalve bij de resultaatbestemming 2019 besloten om het volledige resultaat 2019 van ad € 1.212.140 toe te voegen aan de nieuw te vormen bestemmingsreserve Herstelaanpak Breed Economisch Vestigingsklimaat. Voorts is nog een bedrag van € 800.000 geoormerkt binnen het Stimuleringsfonds voor de Herstelaanpak als gevolg van de Corona crisis. De totale middelen van ruim € 2 miljoen worden beschikbaar gesteld voor de uitwerking van een regionale Corona herstelaanpak. Doel van de inzet van deze middelen is om de impact van de Corona crisis op de regionale economie te dempen en versterkende, toekomstgerichte maatregelen in te zetten.
De toekenning en inzet van de middelen kennen allen een vereiste van cofinanciering en zal in tranches plaatsvinden. Voor de herstelaanpak worden een drietal inhoudelijke lijnen gehanteerd: opleiden, digitaliseren en kennisdelen & samenwerken. In 2020 zijn nog geen middelen uit de bestemmingsreserve gehaald.
Voorzieningen Voorziening reorganisatie SRE Voorziening groot onderhoud gebouwen Stimuleringsfonds Voorziening SIR/SAR Overnamesom RAZOB Voorziening Gulbergen Totaal
31 december 2020 31 december 2019 325.967 553.405 279.884 227.784 5.987.578 7.061.004 531.850 666.995 0 121.191 0 2.444.088 7.125.279 11.074.467
Het verloop van de voorzieningen is onderstaand weergegeven: Voorzieningen
Boekwaarde 31-12-2019
Toevoeging
Vrijval
Aanwending
Boekwaarde 31-12-2020
Ter egalisering van kosten: Voorziening reorganisatie SRE Voorziening groot onderhoud gebouwen
553.405 227.784
104.358 52.100
80.792 0
251.004 0
325.967 279.884
Voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is: Stimuleringsfonds Voorziening SIR/SAR Overnamesom RAZOB Voorziening Gulbergen
7.061.004 666.995 121.191 2.444.088
2.747.580 0 0 10.000.000
0 0 121.191 11.812.029
3.821.006 135.145 0 632.059
5.987.578 531.850 0 0
TOTAAL VAN DE VOORZIENINGEN
11.074.467
12.904.038
12.014.012
4.839.214
7.125.279
De aanleiding van elke afzonderlijke voorziening wordt hieronder toegelicht evenals de mutaties die hebben plaatsgevonden.
62
Voorziening Reorganisatie SRE In 2013 zijn door het Dagelijks en het Algemeen Bestuur diverse besluiten genomen ten aanzien van de transformatie van het SRE naar de Metropoolregio Eindhoven. Conform de verslaggevingsvoorschriften was er sprake van een reorganisatie en is hiervoor een voorziening getroffen. In 2020 is er een bedrag van € 251.004 ten laste gebracht van de voorziening. Dit bedrag betreft primair de loonkosten van boventallige medewerkers. Een bedrag van € 104.358 is toegevoegd aan de voorziening. Het betreft hier ontvangen detacheringsvergoedingen van de boventallige medewerkers. Het saldo van de voorziening is in overeenstemming gebracht met de tot en met 2022 lopende verplichtingen. Dit leidt in 2020 tot een vrijval van € 80.792. Voorziening Groot onderhoud gebouw RHCe Om een regelmatig verloop te krijgen in de exploitatiekosten van het regulier en incidenteel onderhoud aan het gebouw van het RHCe, is de voorziening Groot onderhoud gebouwen gevormd. Op basis van het meerjarenonderhoudsplan 2019-2028 wordt jaarlijks € 52.100 aan de voorziening toegevoegd. In 2020 zijn er geen onderhoudskosten ten laste van de voorziening gebracht.
Stimuleringsfonds In uitzondering op artikel 44 lid 2 van het BBV, waarin bepaald wordt dat voorschotbedragen ontvangen van Europese en Nederlandse overheidslichamen niet meer als voorziening behandeld mogen worden maar als vooruit ontvangen subsidie, wordt de post Stimuleringsfonds wel onder de voorzieningen verantwoord. De reden hiervoor is dat het eigen middelen betreft. Middelen uit deze voorziening zijn beschikbaar voor de cofinanciering van projecten in het kader van de herstructureringsprocessen in de regio met koppeling aan Europese, nationale en provinciale programma’s/maatregelen. Ook worden hieruit regionale programma’s gefinancierd. In 2020 is een bedrag van € 2.747.580 aan de voorziening toegevoegd. In dit bedrag zijn gemeentelijke bedragen opgenomen voor een bedrag van € 2.746.510. De overige bijdragen bestonden uit provinciale middelen. De uitgaven ten laste van de voorziening bedroegen in 2020 in totaal € 3.821.006. Hierin is een bedrag opgenomen van € 210.391 voor programmamanagement. Voorziening SIR/SAR Uit de voorziening zijn subsidies (SAR) en renteloze leningen (SIR) verstrekt. Vrijgevallen leningen worden opnieuw gestort in de voorziening. Ten laste van de voorziening zijn subsidievaststellingen voor een bedrag van ruim € 82.897 gebracht. Daarnaast komen de kosten van extern advies en intern programmamanagement ten laste van de voorziening.
Voor 2020 is dit € 33.081. Tenslotte is in 2020 een oninbare SIR lening van € 19.167 afgeboekt ten laste voor de voorziening voor een bedrag Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio heeft begin 2018, op advies van de Adviesgroep Stimuleringsfonds, besloten de Investeringsregeling voor individuele MKB-bedrijven (SIR) te beëindigen. De reden voor het afschaffen van de SIR-regeling is dat uit een interne evaluatie bleek dat het stimulerende effect van de regeling niet opweegt tegen de relatief hoge uitvoeringskosten van de regeling. Lopende SIR-projecten worden gewoon volgens de voorwaarden van de regeling afgewikkeld. Voorziening Overnamesom Razob Deze voorziening is, mede in het licht van de beëindiging van de erfpacht voor het Landgoed Gulbergen, in 2020 vrijgevallen ten gunste van het resultaat.
63
Voorziening Gulbergen Deze voorziening was primair bedoeld voor eindafwerking en nazorg van de stortplaats Gulbergen en voor zover de voorziening toereikend is, voor de aanleg van het Landgoed Gulbergen. In 2020 zijn uitgaven ter hoogte van € 632.059 ten laste van de Voorziening Gulbergen gebracht. Deze onttrekking is als volgt opgebouwd: • Uitgaven ten laste van het onderdeel Eindafwerking € 0 • Uitgaven ten laste van het onderdeel Nazorg € 272.438 • Uitgaven ten laste van het onderdeel Landgoed € 359.621. In 2020 heeft de Provincie vanuit het nazorgfonds een bedrag van € 10.000.000 overgemaakt ten gunste van de Voorziening Gulbergen. In verband met de beëindiging van de erfpachtpacht Landgoed Gulbergen is er geen aanleiding meer om de Voorziening Gulbergen in stand te houden. Het saldo van de voorziening ultimo 2020, i.c. € 11.812.029 is derhalve vrijgevallen ten gunste van het exploitatieresultaat 2020.
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen binnenlandse banken en financiële instellingen
31 december 2020 31 december 2019 4.866.601
5.055.567
Het verloop van de vaste schulden was als volgt:
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > één jaar
Boekwaarde 31-12-2019
Vermeerderingen
Aflossingen
Boekwaarde 31-12-2020
Onderhandse leningen binnenlandse banken en overige financiële instellingen
5.055.568
0
188.967
4.866.601
TOTAAL VASTE SCHULDEN
5.055.568
0
188.967
4.866.601
Onder de vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer is de hypothecaire geldlening opgenomen bij de BNG. Deze annuïtaire geldlening is bedoeld voor de financiering van de nieuwbouw van het Regionaal Historisch Centrum. Deze geldlening is oorspronkelijk in het jaar 2000 afgesloten en in 2014 geherfinancierd. De hoofdsom van de nieuwe geldlening bedraagt € 5.769.030. Het rentepercentage van de nieuwe lening bedraagt 2,35% en heeft een looptijd tot het jaar 2040. De rentelast 2020 bedroeg € 114.365 en deze is doorberekend aan het Regionaal Historisch Centrum. VLOTTENDE PASSIVA De vlottende passiva bestaan uit de netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden
De overige schulden bestaan voornamelijk uit crediteuren.
64
31 december 2020 31 december 2019 957.587 833.656
Overlopende passiva - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. - De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren.
31 december 2020 31 december 2019
460.341
396.774
1.113.773 1.574.114
689.487 1.086.261
De in de balans opgenomen ontvangen voorschotbedragen van de Provincie Noord-Brabant voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren kunnen als volgt worden gespecificeerd: Provincie Noord-Brabant
Saldo 31-12-2019
Ontvangen bedragen
Vrijgevallen bedragen of terugbetalingen
Saldo 31-12-2020
Bijdrage Economie & Innovatie ZOB 2018 Bijdrage Economie & Innovatie ZOB 2019 Bijdrage Economie & Innovatie ZOB 2020
274.032 415.455 0
0 0 424.286
0 0 0
274.032 415.455 424.286
TOTAAL VASTE SCHULDEN
689.487
424.286
0
1.113.773
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen Doelvermogen Provincie Noord-Brabant Nazorg Aan de provincie Noord Brabant dient een bedrag (doelvermogen) te worden overgedragen t.b.v. de nazorg van de voormalige stortplaats. Hiertoe zijn de provincie middelen gereserveerd. Tussen de provincie en de Metropoolregio Eindhoven is nog geen overeenstemming over de hoogte van dit doelvermogen.
WNT-verantwoording 2020 Metropoolregio Eindhoven Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van het voor de Metropoolregio Eindhoven geldende algemene WNT-maximum. Het bezoldigingsmaximum in 2020 voor de Metropoolregio Eindhoven is € 201.000. Het weergegeven individuele WNT-maximum is berekend naar rato van de omvang (en voor topfunctionarissen tevens de duur) van het dienstverband, waarbij voor de berekening de omvang van het dienstverband nooit groter kan zijn dan 1,0 fte. Ook is een vergoedingenoverzicht opgenomen voor de leden van het Algemeen en Dagelijks Bestuur.
65
Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur De samenstelling van het Algemeen Bestuur per 31 december 2020 is:
66
Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen die in 2020 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. Er zijn in 2020 geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.
67
CONTROLEVERKLARING ACCOUNTANT
68
69
70