OmgevingsprogrammaWonenDEF
Tekst van het document
Het werken met beeldkwaliteitsplannen en gebieds-
toegankelijke woningmarkt voor iedereen, waarbij
‘inbreiding’ voor mogelijke uitdagingen bij het
behoud van binnenstedelijk groen, parkeernormen
visies kan een goed beeld geven van hoe we in- en uitbreidingslocaties het beste kunnen ontwikkelen. Het groene karakter in wijken is belangrijk voor de
gezondheid en het welzijn van inwoners. Want een groene omgeving draagt bij aan prettig wonen.
Inhoudsopgave
In de gemeente Soest streven we naar een
wij bijzondere aandacht hebben voor jongeren en ouderen. Deze groepen hebben vaak specifieke
kansen, zorgen we ervoor dat we de woonbehoeften Voor jongeren is er bijvoorbeeld de starterslening
die gebruikt kan worden voor de aankoop van een eerste huis (bijlage 13). En door te bouwen voor
senioren, komt er een verhuisbeweging op gang die er uiteindelijk voor moet zorgen dat er ook
voor jongeren woningen vrijkomen. Hierdoor blijft de gemeente Soest een plek waar mensen in elke levensfase prettig kunnen wonen. Indicatoren • Het aantal opgeleverde ‘nultredenwoningen’,
geclusterde woningen en zorggeschikte woningen. Zo monitoren we dat we voldoende woningen
voor ouderen toevoegen (bron: woningstatistieken gemeente Soest).
• We houden de slaagkansen voor jongeren om een woning te vinden in de gaten. Op basis hiervan
willen we de woonkansen voor jongeren vergroten (bron: WoningNet).
uitdagingen. Bijvoorbeeld het vinden van een betaalbare starterswoning of een geschikte
woning om langer zelfstandig te blijven wonen.
29
DEEL B - WONEN Een gevarieerd woningaanbod
2.4.3 Doel 3: Betaalbare woningbouw
We willen de woningmarkt in de gemeente Soest
De komende jaren zetten we in op het realiseren van
en ouderen. Dit zijn groepen die het op dit moment
houden van woon- en energielasten voor huidige
beter laten aansluiten op de behoeften van starters moeilijk hebben. Daarom zetten we in op soorten
woningen die voor starters en ouderen aantrekkelijk zijn. Dat kunnen woningen zijn die oorspronkelijk passen binnen ons dorpse woonmilieu, maar ook hele nieuwe woonvormen die we nu nog weinig
tegenkomen. Hiermee maken we onze woningvoorraad diverser en sluit deze beter aan op de verschillende doelgroepen in onze gemeente.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Nieuwe woningen zijn in principe geschikt voor zowel jong als oud.
• Minimaal vijfendertig procent van de totale 1
nieuwe, betaalbare woningen, en op het betaalbaar inwoners. Dit laatste doen wij door in te zetten op
het verduurzamen van woningen. Zo vergroten we
de bestaanszekerheid van onze huidige en toekom-
stige inwoners. Eerdergenoemde uitgangspunten van ons beleid dragen hier ook aan bij. Indicator • Inzicht in of er voldoende betaalbare woningen zijn. Wij doen dit door het aantal opgeleverde
sociale huurwoningen en sociale- en betaalbare
Inhoudsopgave
gerealiseerde betaalbare woning een bepaald bedrag in dit fonds. Met het geld uit dit fonds kunnen we
op een andere locatie alsnog de benodigde sociale huurwoningen realiseren.
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende beleidsuitgangspunt:
• Als het niet of nauwelijks mogelijk is om de
minimale bouwopgave voor sociale- en middenhuurwoningen (vijfendertig procent) alsmede sociale- en betaalbare koopwoningen (dertig
procent) te voldoen, moeten ontwikkelaars een
afdracht doen in het Compensatiefonds Sociale
Compensatiefonds
minimale bouwopgave van dertig procent
lijke bezwaren zijn.
(bijlage 11). Een ontwikkelaar stort daarbij per niet-
Soest).
leidraad voor zelfstandige seniorenwoningen.
gedifferentieerd woningaanbod, tenzij er ruimte-
Compensatiefonds gemeente Soest 2024 opgezet
monitoren (bron: woningstatistieken gemeente
Het kan om verschillende redenen gebeuren
• We werken mee aan initiatieven voor een meer
gebied gaat. Voor deze gevallen hebben we het
koopwoningen (van 355.000 euro of minder) te
nieuwbouw in de gemeente is (ook) geschikt
voor ouderen. Deze woningen voldoen aan onze
een zeer complexe bouwlocatie binnen het stedelijk
woningbouw.
dat het niet of nauwelijks mogelijk is om de
voor sociale huurwoningen, vijf procent voor
midden huurwoningen, vijftien procent sociale koopwoningen en vijftien procent betaalbare
koopwoningen te halen. Bijvoorbeeld als het om
Aandeel afgesproken opgave voor ouderen (provinciaal woonzorgbehoefteonderzoek) ten opzichte van de totale minimale woningbouw volgens Omgevingsvisie en het coalitieakkoord. 1
30
DEEL B - WONEN Sturen op betaalbare woningbouw
Langdurig betaalbaar houden van woningen
Vanaf 2025 bouwen we tweederde van de woningen
We vinden het belangrijk dat woningen die we
2.4.4 Doel 4: Wonen in een prettige en leefbare omgeving
denhuurwoningen en koopwoningen van 355.000
blijven. Dus niet alleen voor de eerste koper,
en prettige woonkernen. Samen met partners en
in de betaalbare categorie, te weten sociale- en mideuro of minder. Hiervoor maken we gebruik van onze zogenaamde ‘Doelgroepenverordening’ (bijlage 10).
Bij plannen waarvan de planvorming al langer loopt, zijn er al eerder afspraken gemaakt. Met het oog op continuïteit, houden we vast aan deze bestaande afspraken.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Met behulp van de Doelgroepenverordening
sturen we per project op betaalbare woningen.
Een plan vanaf vijftien woningen moet minimaal
bestaan uit dertig procent sociale huurwoningen,
vijf procent middenhuurwoningen, vijftien procent
betaalbaar bouwen, ook voor langere tijd betaalbaar
In 2040 zijn Soest en Soesterberg nog steeds vitale
maar ook voor latere kopers. Dit kan bijvoorbeeld
inwoners werken we aan leefbare wijken waar
met het opleggen van een zelfbewoningsplicht
en instandhoudingstermijn. Een andere optie is
het beperken van de mogelijkheden tot uitbouw.
Dit kan bijvoorbeeld via kleinere kavels, een smalle beukmaat of door specifieke woonvormen als rug-
• In onze Doelgroepenverordening werken we
met instandhoudingstermijnen, zodat betaalbare
nieuwbouwwoningen ook langdurig voor de juiste doelgroep beschikbaar blijven.
Bijvoorbeeld met kleinere kavels, een smalle
Inhoudsopgave
tingsplekken, groen en belangrijke voorzieningen.
beleidsuitgangspunten:
ontwikkeling mogen ontwikkelaars vrij invullen. huurwoningen toe.
omgeving. We zorgen voor voldoende ontmoe-
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende
• We bevorderen dat initiatieven gebruik maken
• Tot en met 2030 voegen we minimaal 490 sociale
kunnen genieten van een gezonde en toegankelijke
aan-rug-woningen of boven- en benedenwoningen.
sociale koopwoningen en vijftien procent betaalbare koopwoningen. Het overige deel van de
mensen elkaar ontmoeten, naar elkaar omkijken en
van verschillende betaalbare woningtypen. beukmaat of door specifieke woonvormen als rug-aan-rug-woningen of boven- en benedenwoningen.
31
DEEL B - WONEN
We richten ons op een woonomgeving die toegan-
belangrijk om dagelijkse voorzieningen, zoals super-
Een toegankelijke woonomgeving
bestand is tegen klimaatveranderingen. Voor boven-
Hierdoor kunnen kwetsbare inwoners langer zelf-
rijk om de gemeente Soest leefbaar te houden.
kelijk is voor iedereen, klaar is voor de toekomst en staande hebben wij aandacht in zowel nieuwe
als bestaande wijken. Voor de herinrichting van
gebieden gebruiken wij het ‘VN-verdrag Handicap’
als richtlijn, waarin onder andere staat dat iedereen gebruik moet kunnen maken van voorzieningen. Indicator • We monitoren het aantal woningen met het
energielabel E, F en G (bron: woningcorporaties en RVO)
• We monitoren het aantal supermarkten, huisartsen en apotheken (bron: kaart maatschappelijke voorzieningen en retail Soest).
Een goed en passend niveau van onze voorzieningen Een goed niveau van onze voorzieningen is onmisbaar om Soest en Soesterberg leefbaar en vitaal te
houden. Het combineren van de functies wonen en
werken op een bepaalde plek kan hieraan bijdragen: het zorgt voor minder verkeersdruk en meer dynamiek, bijvoorbeeld omdat het de sociale cohesie
en lokale economie versterkt. Tegelijkertijd is het
Inhoudsopgave
markten en zorg, dichtbij en toegankelijk te houden.
Een toegankelijke woonomgeving is heel belang-
standig blijven wonen. Hierbij spelen ook formele
Zeker aangezien de demografische en maat-
en informele ontmoetingsruimtes een belangrijke
rol. Langs de historische linten willen we de unieke
mix van functies, die bijdraagt aan de identiteit van
de gemeente Soest, behouden, terwijl we op andere plekken juist kansen benutten om door middel van het transformeren van een gebied de diversiteit en
schappelijke behoeften van inwoners veranderen.
Bij herstructurering of nieuwbouw maken we wijken groener en klimaatadaptiever. Hierdoor nodigen
deze wijken uit om meer te bewegen en dragen zij bij aan het voorkomen van hittestress.
levendigheid te vergroten. Met een integrale aanpak
In woonzorgzones hebben we extra aandacht voor
door we de gemeente Soest leefbaar en toekomst-
ontmoeten. De verwachting is dat het aantal mensen
verbinden we het sociale en fysieke domein, waarbestendig houden.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Langs de historische linten behouden we de
huidige mix van functies en kijken we naar koppelkansen van deze functies. Denk aan werken in de
plint en wonen op de verdieping van een gebouw.
• Het heeft onze voorkeur om voorzieningen, zoals een supermarkt, OV-halte, huisarts, apotheek en ontmoetingsplekken, binnen woonzorgzones te bundelen.
toegankelijkheid en mogelijkheden om anderen te met dementie in Nederland de komende decennia
verdubbelt: één op de vijf mensen gaat dementeren. Het gevolg hiervan is dat er alleen voor mensen met zware dementie een plaats in een verpleeghuis zal zijn. Dit vraagt om buurten die hier rekening mee
houden. Bijvoorbeeld via de beleving via zintuigen en de toegankelijkheid. Met een integrale aanpak
werken we aan buurten waarin iedereen, ongeacht leeftijd of beperkingen, prettig kan blijven wonen. Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
32
DEEL B - WONEN
• We passen de toegankelijkheid van de woon
zorgvuldig gebruik van bouwmaterialen centraal.
• In woonzorgzones heeft toegankelijkheid
waarbij de impact op het milieu minder is.
omgeving op natuurlijke momenten aan.
en mogelijkheden tot ontmoeten prioriteit.
Hier richten we de openbare ruimte zo veel mogelijk dementievriendelijk in.
Een klimaatbestendige woningvoorraad Een woonomgeving die uitnodigend en klimaatbestendig is, is onmisbaar voor een duurzame
Denk hierbij aan circulair en biobased bouwen,
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Onze woningvoorraad is zo klimaatbestendig als mogelijk.
toekomst. Wij streven naar nieuwbouw en heront-
Energiezuinige woningbouw
dacht voor klimaatadaptatie hebben. Denk hierbij
hoefte dragen bij aan klimaatdoelen en helpen
wikkeling van woningen, waarbij wij speciale aan-
Duurzamere woningen met een lage energiebe-
aan wadi’s (Water Afvoer Drainage en Infiltratie), aan
energiearmoede te verminderen. Bij woningbouw
groene daken en aan maatregelen om woningen
en buurten weerbaarder te maken op het gebied
van hitte en wateroverlast. Daarnaast verkennen we mogelijkheden voor waterzuinig bouwen.
Natuurinclusiviteit speelt een belangrijke rol bij het verbeteren van biodiversiteit en het verbinden van stad en natuur. Tegelijkertijd draagt dit bij aan een gezonde leefomgeving. Door regionaal samen te werken, stimuleren we aan de hand van de geza-
menlijke uitgangspunten uit de Woondeal duurzame en circulaire nieuwbouw van woningen. Hierbij staat
Inhoudsopgave
houden we op dit gebied de wettelijke minimumeisen volgens de Regionale Woondeal en het
Bouwbesluit aan. We hebben convenant Toekomstbestendig Bouwen ondertekend. Dit bevordert een
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende beleidsuitgangspunt:
• Nieuwbouwwoningen hebben minstens
energielabel A, worden aardgasvrij opgeleverd
en voldoen aan de zogenaamde BENG-vereisten (Bijna EnergieNeutrale Gebouwen) uit het convenant Toekomstbestendig Bouwen.
Verduurzamen van bestaande woningen Voor bestaande sociale huurwoningen richten wij ons tot 2030 op isolatie en het energiezuiniger
maken van de woningen. Dit zorgt ervoor dat deze
woningen minder energie hoeven te gebruiken, wat bijdraagt aan het verlagen van de energierekening en het halen van de klimaatdoelen. Ook helpt het energiearmoede te verminderen.
integrale aanpak van duurzaamheid en nieuwbouw.
Voor sociale huurwoningen hebben we presta-
tingen opleggen, stimuleren we hen om op het
het energielabel E, F en G worden uiterlijk in 2028
Hoewel we ontwikkelaars geen verdere verplich-
gebied van isolatie en energieopwekking het maxi-
male te bereiken. Hierbij houden we rekening met de technische en financiële haalbaarheid.
tieafspraken gemaakt (bijlage 7). Woningen met
verhoogd naar minimaal energielabel D. Particuliere
woningbezitters kunnen op dit gebied via het Natio-
nale Isolatieprogramma ondersteuning krijgen. In de gemeente Soest wordt dit verder uitgewerkt in de Lokale Isolatie Aanpak.
33
DEEL B - WONEN
beleidsuitgangspunt:
2.4.5 Doel 5: Een vitale en toekomstbestendige samenleving in onze wijken die divers en inclusief is
• We maken prestatieafspraken met de woning-
Het is onze ambitie dat de gemeente Soest in 2040
Bovenstaande vertaalt zich in het volgende
corporaties om de sociale huurvoorraad te verduurzamen.
diverse wijken heeft, waar mensen prettig samen
kunnen wonen. Hoewel de bevolking in de gemeente Soest als geheel uit een diverse groep inwoners
bestaat, zien we deze diversiteit niet in alle wijken
partners, zoals woningcorporaties en zorgpartijen, over ontwikkelingen die niet in cijfers zijn uit te
drukken, maar wel invloed hebben op de vitaliteit en leefbaarheid van Soest.
• Percentage sociale huurwoningen per wijk (bron: wijk en buurtcijfers CBS).
terug. Een reden hiervoor is dat de kern van Soest
We groeien naar inclusieve en gemengde wijken
samenstelling van elkaar verschillen. In alle buurten
we wijken inclusiever en gemengder maken. We zien
wijken kent die op het gebied van opbouw en
In de gemeente Soest vinden we het belangrijk dat
zijn plekken aanwezig waar mensen met verschil-
nu namelijk grote verschillen tussen wijken ontstaan.
lende achtergronden elkaar kunnen ontmoeten.
We gaan ervan uit dat kwetsbare inwoners niet alles helemaal zelf moeten regelen, maar dat inwoners elkaar helpen en ondersteunen. Dit vergroot de samenredzaamheid. Indicatoren • In onze wijken monitoren we scores voor leef-
Vooral op het gebied van sociaaleconomische status en gezondheid. We willen ervoor zorgen dat al onze inwoners een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven hebben en evenveel kansen krijgen. Daarom sluiten we aan op de wijkgerichte aanpak van het team
Sociaal Domein. Hierbij kijken we naar de specifieke behoeften van elke wijk.
baarheid (bron: Leefbaarometer) en veerkracht
Nieuwbouw en herstructurering zijn middelen om
ontwikkeling van de vitaliteit en leefbaarheid in de
wijken te verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan een
(bron: Veerkrachtkaarten Aedes). Zo peilen we de gemeente Soest.
Inhoudsopgave
• We monitoren signalen van onze samenwerkings-
de diversiteit te vergroten en de draagkracht van
betere verdeling tussen sociale huurwoningen en
34
DEEL B - WONEN
koopwoningen. We willen de wijken meer in balans
Een woningvoorraad die past bij de doorzettende
wijken met veel sociale huurwoningen te realiseren,
In de gemeente Soest groeit de behoefte aan pas-
meer koopwoningen te realiseren. Dit noemen we
het woonzorgbehoefteonderzoek dat is uitgevoerd
brengen. Dit doen we door meer koopwoningen in
vergrijzing
en door meer sociale huurwoningen in wijken met
sende huisvesting voor ouderen sterk. Dit blijkt uit
‘gespiegeld ontwikkelen’.
Het uitgangspunt bij nieuwe ontwikkelingen is dat we altijd plannen maken aan de hand van onze
Doelgroepenverordening. Alleen bij een verzoek om
af te wijken van de Doelgroepenverordening houden we zoveel als mogelijk rekening met de bestaande opbouw van de wijk.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
door de provincie Utrecht (bijlage 5). Tot 2030
willen we daarom 540 nultredenwoningen, geclusterde woningen en zorggeschikte woningen realiseren. Zoals afgesproken in het afsprakenkader
ouderenhuisvesting regio Amersfoort (bijlage 14). Een groot deel hiervan wordt een sociale huur-
woning. Naast nieuwbouw benutten we kansen
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten: • Tot 2030 voegen we:
- 190 nultredenwoningen toe, waarvan de helft een sociale huurwoning is.
- 270 geclusterde woningen toe, waarvan
minimaal zestig tot honderdtwintig een sociale huurwoning is.
- 80 woningen toe die geschikt zijn voor ver-
pleegzorg van ouderen, waarvan de helft een sociale huurwoning.
om bestaande woningen met kleine investeringen
• We willen dat een groot deel van de woningvoor-
woning voor ouderen. Woningen voor ouderen
een lichte functiebeperking. Hierbij richten wij ons
geschikt te maken en te labelen als een geschikte worden zo veel mogelijk bij voorzieningen gere-
raad geschikt wordt gemaakt voor mensen met vooral op woningen binnen woonzorgzones.
aliseerd. Voor sociale huurwoningen maken we
• We bevorderen dat ouderen op tijd nadenken over
• We sluiten aan op de wijkgerichte aanpak van het
Omdat doorstroming naar geschikte ouderenwo-
Woonzorgzones
• We zetten in op gespiegeld ontwikkelen om onze
ding, campagnes en gesprekken met ouderen over
honderd meter een verpleeghuis, supermarkt, huis-
• We zetten in op inclusieve en gemengde wijken om de kwaliteit van leven te vergroten. Sociaal Domein.
wijken diverser te maken.
• We werken intensief samen met woningcorporaties, zorg- en welzijnspartijen en inwoners.
Inhoudsopgave
afspraken met woningcorporaties.
hun toekomstige woonsituatie.
ningen heel belangrijk is, zetten we in op bewustwor-
Een woonzorgzone is een zone waar binnen vier-
hun toekomstige woonsituatie. Met onze samen-
arts en apotheek aanwezig zijn. In deze zones krijgt
werkingspartners, zoals woningcorporaties, zoeken we naar meer maatregelen om de doorstroming te stimuleren.
woningbouw voor ouderen en mensen met een
zorg- of ondersteuningsvraag voorrang. Niet alle
voorzieningen zullen al in alle zones aanwezig zijn.
35
DEEL B - WONEN
Het doel is om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen, terwijl zij op korte afstand toegang
tot voorzieningen en zorg hebben. Binnen de woonzorgzones worden nieuwe woningen geclusterd en geschikt voor ouderen met zorg worden gereali-
seerd. Hierbij zal ook ruimte zijn voor het mengen van doelgroepen, waardoor een balans tussen
kwetsbare en vitale inwoners ontstaat. Dit draagt bij
aan de ‘samenredzaamheid’ en leefbaarheid van het gebied. Hierbij hebben wij speciale aandacht voor
de nabijheid van zorg en het gebruik van bestaande infrastructuur. Zo bouwen we aan een woonomgeving die klaar is voor de toekomst.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• We vergroten de zelfredzaamheid van kwetsbare inwoners door de aanwezigheid in de buurt van:
- Dagelijkse voorzieningen, zoals een supermarkt, een (huis)arts en het liefst ook een apotheek.
- Formele zorg- en welzijnsvoorzieningen.
- Informele voorzieningen voor activiteiten en mogelijkheden tot ontmoeting.
Afbeelding met woonzorgzones
Inhoudsopgave
36
DEEL B - WONEN
• We creëren woonzorgzones:
- Woningen in deze zones staan op maximaal vierhonderd meter van belangrijke voorzieningen.
- Alle nieuwe woningen zijn nultredenwoningen. Vijftig procent is geclusterd.
- Als in de woonzorgzone een verpleeghuis ligt,
voldoen alle nieuwe woningen in de woonzorgzone aan de voorwaarden uit de subsidieregeling Zorggeschikt wonen.
- Binnen de woonzorgzones geven wij prioriteit aan het aanpassen en ‘levensloopgeschikt’
maken van woningen. Buiten de woonzorg-
zones geven wij prioriteit aan doorstroming.
- We willen dat er in de buurt van of in
traditionele verpleeg- en verzorgingshuizen
ontmoetingspunten voor de buurt ontstaan.
• We centraliseren nieuw aanbod van geclusterde en zorggeschikte woningen
• We streven naar een diverse bewoning van
gebieden, met zowel kwetsbare als vitale inwoners.
• Per project overleggen we met de ontwikkelaar en een zorgpartij over de samenstelling van de doelgroep voor dat project.
Inhoudsopgave
Aandachtsgroepen De provincie Utrecht heeft een onderzoek naar woonzorgbehoeften voor aandachtsgroepen
uitgevoerd. Hieruit blijkt dat op dit moment veel aandachtsgroepen in de gemeente Amersfoort
belanden, omdat daar meer opvangvoorzieningen
en zorginstellingen zijn. Op basis van de resultaten van het onderzoek en de regiovisie Samen in de
• We voorkomen zoveel mogelijk dat mensen dak-
of thuisloos worden, door in te zetten op het voorkomen van dak- of thuisloosheid.
• We maken op lokaal niveau afspraken met
woningcorporaties over de huisvesting van: - Statushouders
- Wettelijke urgenten
wijk (bijlage 6) maken we op regionaal niveau
Woonwagenbewoners
aandachtsgroepen over de regio te komen.
met vijfentwintig standplaatsen. Er ligt een aange-
afspraken om tot een betere spreiding van de
In de gemeente Soest is er één woonwagencentrum
Deze afspraken noemen we zogenaamde fair
nomen amendement van de gemeenteraad met
share-afspraken.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• De regionale fair share-afspraken zijn samen onze
kwalitatieve en kwantitatieve opgave voor de huisvesting van aandachtsgroepen.
• De aanpak maken we samen met het Sociaal Domein, woningcorporaties en welzijns- en zorginstellingen.
daarin de opdracht een woonwagenbeleid op te
stellen en daarin regels op te nemen over brandveiligheid, het toewijzen van standplaatsen, huurovereenkomsten en marktconforme huur.
Het opstellen van de toewijzingsregels voor de
standplaatsen is in 2024 al opgestart als onderdeel van de nieuwe huisvestingsverordening die naar verwachting in 2025 wordt vastgesteld door de
gemeenteraad. Vooruitlopend op het nieuwe woonwagenbeleid, worden de toewijzingsregels voor
standplaatsen dus ook opgenomen in de nieuwe
huisvestingsverordening (bijlage 9 Huisvestingsverordening 2021).
37
DEEL B - WONEN
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• We wijzen beschikbare woonwagenstandplaatsen toe aan de hand van de regels hiervoor, die een
plek krijgen in de nieuwe huisvestingsverordening.
2.5 Gebieden 2.5.1 Korte toekomstschets van belangrijke gebieden Hieronder schetsen we kort de toekomstbeelden voor verschillende belangrijke gebieden in onze
gemeente. Dit kan als input gebruikt worden als we gebiedsvisies of gebiedsprogramma’s willen
opstellen. Wij doen dit vanuit de context van dit Omgevingsprogramma en met respect voor de unieke kenmerken van elk gebied.
worden gerealiseerd. Denk hierbij bijvoorbeeld
woningen aan de rand van Soest. Hiervoor heeft de
verpleeghuis. Ook wordt gewerkt aan inrichtingen
locaties verder te onderzoeken voor mogelijkheden
aan supermarkten, huisartsen, apotheken en
die geschikt zijn voor mensen met dementie en aan meer ondersteuning van mantelzorgers. Soesterberg In Soesterberg is de afgelopen periode veel
gebouwd en er zijn nog veel plannen voor de toe-
komst. Bij nieuwe ontwikkelingen richten we ons op het behoud van het dorpse karakter en de groene
gemeenteraad besloten de twee bij 1.4.1 genoemde om woningen te bouwen na 2030. Er wordt ingezet op projecten waarbij bouw in meerdere lagen
gecombineerd wordt met het behoud van groen. Toekomstige woningbouw wordt afgestemd op
lokale behoeften, waarbij wij bijzondere aandacht
hebben voor sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen.
identiteit. Het gebied is een regionale trekpleister.
Historische linten
instroom van mensen uit steden in de buurt, zoals
unieke mix van functies, zoals wonen, werken, groen
Het risico hiervan is dat het mogelijk is dat de
De historische linten van Soest behouden hun
Utrecht en Zeist, groter wordt dan de instroom van
en voorzieningen zoals dienstverlening en horeca.
mensen uit onze gemeente. Onze plannen richten zich op het versterken van de verbinding met
omliggende regio’s en het creëren van een diverse woningvoorraad.
Er worden kansen gecreëerd voor gecombineerd
gebruik van deze linten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan werken op de plint, terwijl men daarboven
woont. Dit draagt bij aan het behoud van het historische en dorpse karakter van Soest, terwijl er ook
Woonzorgzones
Soest
Binnen de woonzorgzones wordt een mix van
In Soest richten wij ons op het behoud van het
gerealiseerd. Dit is inclusief geclusterde
Om vitaal en dorps te blijven, is het ook belang-
In de Omgevingsvisie wordt gesproken over
lijke ontwikkelingen, maar ook naar de bouw van
samenkomen om elkaar te ontmoeten.
zorggeschikte en zogenaamde ‘nultredenwoningen’ woonvormen. Deze zones bevinden zich
binnen vierhonderd meter van voorzieningen
Inhoudsopgave
ruimte blijft voor economische activiteiten.
dorpse karakter en de groene identiteit van de kern.
Overlap tussen begrippen
rijk om niet alleen te kijken naar de binnenstede-
centrumgebieden: gebieden waar mensen
38
DEEL B - WONEN
Dit kan een winkelgebied zijn (in drie gevallen: Van
Weedestraat, Soest-Zuid en Rademakerstraat), maar het kan ook een locatie zijn gericht op recreatie
(zoals De Eng). Onder de historische linten wordt
verstaan de twee linten die Soest van oudsher heeft:
vanaf de Burg. Grothestraat tot aan het winkelgebied Soest-Zuid aan de oostzijde en de Beckeringhstraat tot en met de Nieuweweg aan de westzijde van Soest. Door het langgerekte karakter van de
linten kan een winkelgebied of centrumgebied
ook onderdeel uitmaken van een historisch lint.
De woonzorgzones uit dit Omgevingsprogramma Wonen kunnen ook overlappen met de drie
eerdergenoemde gebieden, met name bij de winkelgebieden speelt dit.
Inhoudsopgave
39
Deel C Wonen
DEEL C - WONEN
3. Acties Wonen 3.1 Inleiding 3.1.1 Algemeen In dit deel beschrijven wij per doel de concrete acties die volgen uit het Omgevingsprogramma Wonen. Deze acties voeren wij rolbewust uit, en plaatsen
wij in de context van de Planning & Control-cyclus
(P&C-cyclus) en de relevante beleidsfase. Zo kunnen we de voortgang van de acties monitoren.
2. De wetmatige overheid. De overheid zorgt voor rechtmatigheid en handelt volgens wet- en regelgeving.
3. De presterende overheid. De overheid richt zich op het halen van concrete resultaten en het leveren van meetbare prestaties.
4. De responsieve overheid. De overheid luistert naar de behoeften van de samenleving en speelt hier flexibel op in.
3.1.2 Rollen van de gemeente
Samenwerkende overheid
Om onze acties efficiënt en effectief te kunnen
We werken intensief samen met partners binnen
welk moment wij als gemeente welke rol hebben.
bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere
uitvoeren, is het belangrijk om scherp te hebben op Bij het beschrijven van onze rol als gemeente gaan we uit van de manier waarop de Nederlandse
School voor Openbaar Bestuur (NSOB) de overheid omschrijft. Volgens deze omschrijving zijn er vier rollen die een overheid kan hebben:
1. De samenwerkende overheid. De overheid werkt actief samen met partners om maatschappelijke vraagstukken aan te pakken.
Inhoudsopgave
en buiten de gemeente. Denk hierbij aan inwoners,
overheden. We voeren de Omgevingsprogramma’s
doelen op het gebied van klimaatadaptatie, sociale cohesie en een gezonde leefomgeving. Wetmatige overheid De gemeente zorgt voor rechtmatigheid en dat
wet- en regelgeving wordt nageleefd. Denk aan de Omgevingswet en aan verschillende milieuwetge-
ving. Met alle Omgevingsprogramma’s zorgen we
voor een veilige, toegankelijke en klimaatbestendige leefomgeving die voldoet aan de wettelijke kaders.
Dit wordt ondersteund door de afdeling Realisatie en
VTH. Met vergunningverlening en toezicht, duurzaam beheer en onderhoud, dragen zij bij aan de realisatie van de beleidsdoelen.
Wonen, Werken, Mobiliteit, Groen & Landschap en
Presterende overheid
Domein en het Energieprogramma integraal uit.
impact. Door doelen te koppelen aan prestaties,
Water in nauwe afstemming met het team Sociaal
We streven naar concrete resultaten en meetbare
Omdat de verschillende fysieke en sociale domeinen
zoals vergroening van werkplekken en veilige mobili-
samenwerken aan gezamenlijke doelen, versterken wij elkaar en bereiken we meer dan wanneer wij
allemaal apart werken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan
teitsnetwerken, zijn wij effectief in het halen van onze ambities. Innovatieve oplossingen, zoals aquathermie en groen-blauwe netwerken, zorgen voor tastbare verbeteringen in de leefomgeving.
41
DEEL C - WONEN Responsieve overheid Soest luistert naar inwoners en speelt in op hun
behoeften en ideeën. Door participatie en co-creatie betrekken we de gemeenschap actief bij zowel
het maken van beleid als de uitvoering daarvan.
Met flexibele oplossingen en maatwerk reageren
we op nieuwe uitdagingen als de energietransitie en klimaatverandering. Zo zorgen we dat Soest toekomstbestendig blijft.
3.1.3 Uitvoering: P&C en monitoring In dit deel beschrijven wij de acties op hoofdlijnen.
In het kader van de P&C-cyclus brengen de verschillende beleidsteams en afdelingen al hun activiteiten in beeld. In de P&C-cyclus maken we vervolgens
voor alle activiteiten een integrale afweging voor de inzet van mensen en middelen.
Wij monitoren vervolgens de acties en de voortgang
Het monitoren van deze voortgang wordt gedaan
gemeente de maatregel financiert? En zijn de
daarbij naar zowel kwantitatieve als kwalitatieve data.
van wat de maatregel oplevert? Oftewel: is de
door de verschillende beleidsteams. We kijken
Zo kunnen wij acties datagedreven ontwikkelen en
uitvoeren. Wij werken dus op basis van inzichten en feiten. Bij het prioriteren van acties in de uitvoering gebruiken we onderstaande criteria:
• Oplossend vermogen: draagt de maatregel bij aan één of meerdere doelen van het Omgevingsprogramma?
uitvoerbaar?
3.2 Acties
acties wij voorzien. Daarnaast laat het zien welke
• Haalbaarheid: is de maatregel voldoende con-
creet? Zo nee, is aangegeven dat er een onderzoek nodig is, op basis waarvan we wél kunnen overgaan op het uitvoeren van de maatregel?
praktijk vaak van anderen afhankelijk. Vinden zij
Inhoudsopgave
• Planning: op welke termijn is de maatregel
om aan de maatregel mee te werken?
maatregel? Oftewel: zijn direct betrokkenen bereid
Wanneer er onvoldoende voortgang is en de voortwordt deze extra inzet via de P&C-cyclus gevraagd.
de mogelijkheden voor subsidies mee.
maatschappelijk en politiek draagvlak voor de
• Uitvoerbaarheid: is de maatregel, gezien vanuit de
gang kan verbeteren met extra mensen en middelen,
maatregel kosteneffectief? Hierbij nemen we ook
3.2.1 Toelichting op geprioriteerde en geordende actieoverzichten
• Draagvlak: is er bij verschillende doelgroepen
van de doelen. Dit doen wij aan de hand van de verschillende indicatoren die wij in Deel B beschrijven.
kosten van de maatregel redelijk ten opzichte
gemeente, uitvoerbaar? Daarnaast zijn wij in de het ook uitvoerbaar?
• Kosten: hoe duur is de maatregel en wie moet daarvoor betalen? Is het mogelijk dat de
In het actie-overzicht hieronder staat per doel welke prioriteit wij geven aan de verschillende acties,
omdat wij de actie met de meeste prioriteit als eerste noemen. We onderscheiden daarbij acties om aan wettelijke taken te voldoen, acties die de basis op
orde brengen en acties die bij onze ambities passen. We laten ook zien in welke beleidsfase de actie past. Hiervoor gebruiken we de zogenaamde ‘beleidscy-
clus’ uit de Omgevingswet. Deze cyclus vraagt in elke fase om acties. Er zijn vier fases:
42
DEEL C - WONEN
• Beleidsontwikkeling: wat willen we?
Hier formuleren we onze visie en doelen.
• Beleidsdoorwerking: hoe maken we het mogelijk? Hier stellen we de kaders, regels en afspraken op
en werken deze uit (bijlage 3 beleidsdoorwerking).
• Beleidsuitvoering: hoe voeren we het uit? De fase
gaat over de praktische uitvoering en het beheer.
De vierde fase gaat over beleidsevaluatie. Dit volgt onder meer uit de monitoring. Daarom heeft deze fase geen specifieke plek in de geprioriteerde en
geordende actie-overzichten. In de uitvoering heeft deze fase natuurlijk wel een plek.
Onderstaande geprioriteerde en geordende
actie-overzichten maken het een stuk makkelijker
om prioriteiten op hoofdlijnen te blijven stellen, de voortgang te monitoren en flexibel te reageren op
ontwikkelingen. Uiteraard pakken we in de uitvoering waar mogelijk acties die elkaar versterken tegelijkertijd en/of gezamenlijk op.
Inhoudsopgave
43
DEEL C - WONEN
3.2.2 Geprioriteerd en geordend actieoverzicht per doel Doel 1: Bouwen voor de woningbehoefte om vitaliteit en een continue bouwstroom te behouden Wettelijk
Beleidsontwikkeling Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Basis op orde
Ambitie
1. CPO-beleid aanpassen om nieuwe woonvormen te ondersteunen.
1. Kansen benutten voor meer woningen binnen bestaande woningvoorraad (bv splitsen waar mogelijk).
1. 1.400 woningen toevoegen voor 2030 en 1.900 tussen 2030-2040 2. Projecten versnellen om meer woningbouw te realiseren 3. Gesprek starten met Provincie voor woningbouwlocaties in rafelranden na 2030. 4. Binnen de wettelijke mogelijkheden bij woningtoewijzing voorrang geven aan woningzoekenden uit de gemeente Soest. 1. Prioriteit geven aan corporatieprojecten en bouwplannen voor meer dan 12 woningen. 2. In beeld brengen in hoeverre we met onze huidige plannen in staat zijn om onze kwalitatieve doelen te behalen.
44
DEEL C - WONEN
Doel 2: Een passende woning voor alle doelgroepen: met focus op kansen voor jongeren en ouderen Wettelijk
Beleidsontwikkeling
Basis op orde
Op prio
Beleidsdoorwerking
1. 540 geschikte woningen realiseren voor ouderen, inclusief zorggeschikte, geclusterde en levensloopbestendige woningen. 2. Uitwerken huisvestingsverordening met urgentiecategorieën (o.a. over het toewijzen van woonwagenstandplaatsen)
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Ambitie 1. Inzetten op woonproducten die geschikt zijn voor jong en oud. 2. Flexibele en vernieuwende woonvormen stimuleren.
1. Afspraken maken met corporaties over toewijzing van woningen aan ouderen en mensen met lichte functiebeperkingen.
1. Met betrokken partijen uitvoering geven aan de werkafspraken Wonen met zorg voor ouderen.
45
DEEL C - WONEN Doel 3: Betaalbare woningbouw Wettelijk
Beleidsontwikkeling
Basis op orde
Op prio
Beleidsdoorwerking
1. Bij nieuwbouw minimaal 2/3 betaalbaar, waarvan 30% sociale huur
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Ambitie 1. We stimuleren initiatieven en bijzondere woonvormen die bijdragen aan betaalbare woningbouw.
2. Verduurzaming van bestaande woningen stimuleren, met prestatieafspraken voor sociale huur.
1. Doelgroepenverordening toepassen op alle nieuwbouw. 2. Compensatiefonds Sociale Woningbouw gebruiken indien niet aan de doelgroepenverordening kan worden voldaan.
46
DEEL C - WONEN Doel 4: Wonen in een prettige en leefbare omgeving Wettelijk
Beleidsontwikkeling
Basis op orde
Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
Inhoudsopgave
Ambitie 1. Circulair en biobased bouwen stimuleren.
1. Openbare ruimte in woonzorgzones dementievriendelijk inrichten.
1. Toepassen convenant Toekomstbestendig Bouwen. 2. Regionale samenwerking versterken op het gebied van duurzame bouw.
47
DEEL C - WONEN Doel 5: Een vitale en toekomstbestendige samenleving in onze wijken die divers en inclusief is Wettelijk
Beleidsontwikkeling Op prio
Beleidsdoorwerking
Beleidsuitvoering
1. Invulling geven aan de regionale fair share afspraken over aandachtsgroepen
Inhoudsopgave
Basis op orde
Ambitie
1. Inclusieve en vitale wijken ontwikkelen door een evenredige spreiding van sociale huur en koopwoningen.
1. We willen dat ouderen tijdig nadenken over hun wooncarrière. 2. We willen dat woningeigenaren hun woning naar zorggeschikt transformeren daar waar mogelijk.
1. We ontwikkelen woonzorgzones.
1. Inspiratiedocument ontwikkelen voor nieuwe woonzorginitiatieven.
1. Bewustwordingscampagne starten over woningaanpassing, doorstroming en samenredzaamheid. 1. Met betrokken partijen werken we de invulling van de woonzorgzones verder uit. 2. Ambulante begeleiding verbeteren voor kwetsbare inwoners. 3. Samenwerking intensiveren met corporaties, zorg- en welzijnspartijen om sociale cohesie te bevorderen. 4. Afspraken maken over het voorkomen van dak- en thuisloosheid.
48
Deel D Wonen
DEEL D - BIJLAGE WONEN
Bijlagen 4.1 Bijlage 1 Ruimtelijke vraagstukken Wonen Is het wenselijk om in de nabijheid (max. 400 meter) van voorzieningen zoals een supermarkt, huisarts, verpleeghuis, apotheek en openbaar vervoer, prioriteit te geven aan het toevoegen (nieuwbouw en transformatie) van nultredenwoningen, geclusterde en zorggeschikte woningen ten behoeve van ouderen en andere zorgdoelgroepen? Doelstelling/doelen?
Indicator Consequenties voor andere programma’s
Zie paragraaf 1.4.5 Doel 5 5 Een vitale en toekomstbestendige samenleving in onze wijken die divers en inclusief is Het doel van het werken met woonzorgzones is het bevorderen van de mogelijkheid voor ouderen om langer zelfstandig te kunnen blijven wonen, ook als zij minder mobiel worden of een zorgvraag krijgen. Daarnaast kan hiermee de druk op intramurale zorg verlaagd worden. Bij de toewijzing van deze woningen kan overigens wel worden gestuurd op een mix van kwetsbare en minder kwetsbare inwoners (in kader van “samenredzaamheid” en leefbaarheid). Het aantal opgeleverde nultredenwoningen, geclusterde en zorggeschikte woningen in een woonzorgzone. (bron: Woningstatistieken gemeente Soest)
Vanuit Werken wordt ingezet op een gemengd milieu langs de historische linten. Mogelijk dat hier ook interessante locaties voor nultreden, geclusterde en zorggeschikte woningen tussen zitten, mits nabij voorzieningen. Vanuit Groen wordt aangegeven dat er met het oog op hittestress voldoende groen (bomen/water) voor verkoeling voor deze kwetsbare doelgroep moet zijn. Vanuit Water wordt aangegeven dat er zo min mogelijk wateroverlast op straat is in deze zones. Vanuit Mobiliteit wordt aangegeven dat door nabij voorzieningen te bouwen ouderen de mogelijkheid wordt geboden om mee te blijven doen en het bij kan dragen aan een gezondere leefstijl doordat mensen naar de voorzieningen kunnen lopen. Daarnaast kunnen vormen van sociaal vervoer efficiënter rijden als wonen met zorg geclusterd is.
Inhoudsopgave
50
DEEL D - BIJLAGE WONEN Koppelkansen Risico’s
Conclusie
Inhoudsopgave
• Bevorderen van de doorstroming waardoor grotere woningen vrijkomen voor gezinnen. • Het efficiënt benutten van bestaande voorzieningen. • Wonen boven winkels.
• Een concentratie van ouderen en andere zorgdoelgroepen rondom voorzieningen. De kans hierop is gering omdat de meeste bebouwing er al staat en niet aangepast zal worden. Indien er sprake zou zijn van een grootschalige transformatie binnen een woonzorgzone moet wel gekeken worden naar de diversiteit binnen de zone. • De projectontwikkelaar kan, door de vele voorwaarden aan de woning, het gebouw en de omgeving, geen sluitende businesscase voor dit woningtype op deze locatie ontwikkelen. In overleg kan gekeken worden op welke wijze er een voor alle partijen passende oplossing gevonden kan worden. • Op de lange termijn of als de visie op zorg veranderd kan er minder behoefte zijn aan deze woningtypes voor ouderen. Deze woningtypes kunnen echter ook goed bewoond worden door andere leeftijdsklassen. • Ouderen willen niet op deze locaties wonen (product is niet verkoopbaar of verhuurbaar). Uit diverse onderzoeken onder ouderen blijkt steeds dat zij graag langer zelfstandig wonen in de nabijheid van voorzieningen. Ook het woonzorgbehoefte onderzoek van Companen (2024) toont aan dat er een grote behoefte aan nultreden-, geclusterde en zorggeschikte woningen is. • De woningen zullen de functie Wonen krijgen met de daarbij behorende parkeernorm. Dit kan de realisatie van een project bemoeilijken terwijl in de praktijk misschien minder parkeerplaatsen nodig zijn dan de norm.
Er zijn vanuit de andere aspecten geen overwegingen die het invoeren van woonzorgzones belemmeren. Er worden koppelkansen gezien met werken. De woonzorgzones zijn opgenomen in het omgevingsprogramma.
51
DEEL D - BIJLAGE WONEN
4.2 Bijlage 2 - Beleidskaders Europese en landelijke kaders Klimaatakkoord De nieuwe klimaatwet uit het voorjaar van 2022 zet
in op 55% CO2-reductie in 2030 en 95% CO2-reductie in 2050. De Rijksoverheid heeft deze doelstelling
overgenomen in het coalitieakkoord en roept op om
beleidsmatig in te zetten op 60% CO2-reductie om de beoogde 55% CO2-reductie te halen. Hiermee wordt verder invulling gegeven aan het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015 waarin afgesproken is om de gemiddelde mondiale temperatuurstijging te
beperken tot 2°C met inspanningen om het te beperken tot 1,5°C.
Nationale omgevingsvisie Opgave:
Het huidige woningtekort en de toename van het aantal inwoners en huishoudens vraagt een groei
van de woningvoorraad (vooral in en bij de stedelijke regio’s) in een fijne, leefbare omgeving. Tussen 2019 en 2035 moet de woningvoorraad met circa 1,1 miljoen woningen worden vergroot. De vergrijzing
Inhoudsopgave
van de bevolking voegt een extra dimensie aan de
De komende jaren werken we langs de lijnen van zes
van de woningvoorraad grote gevolgen voor de
• Programma Woningbouw
bouwopgave toe. Daarnaast heeft de bouwkwaliteit energiebehoefte en uitstoot van CO₂. Er is een grote opgave de gebouwde omgeving in 2050 CO₂-arm, klimaatbestendig en natuurinclusief te maken. Beleid:
Versterken van Stedelijk Netwerk Nederland door
programma’s:
• Programma Betaalbaar wonen
• Programma Een thuis voor iedereen
• Programma Wonen en zorg voor ouderen
• Programma Versnelling verduurzaming gebouwde omgeving
de ontwikkeling van de stedelijke regio’s te onder-
• Nationaal programma Leefbaarheid en veiligheid
externe verbindingen. Koppeling aan (OV-)infrastruc-
Ladder duurzame verstedelijking
vraag is en de grote open ruimten tussen de steden
vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke
steunen en te zorgen voor goede onderlinge en
tuur. Verstedelijking vindt plaats in de regio’s waar er
Voor wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties
behouden hun groene karakter.
ontwikkeling die Ladderplichtig is. Als de
Nationale Bouw- en Woonagenda Het nationale doel is om te groeien naar het realiseren van 100.000 woningen per jaar. Het lange termijn doel is om 900.000 woningen tot en met
2030 te realiseren. We streven ernaar dat vanaf 2025 twee derde betaalbare huur- en koopwoningen in alle projecten de norm is.
woningbouwontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied is gepland, moet volgens artikel 3.1.6 lid 2 Bro gemotiveerd worden waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan
worden voorzien. Daarbij spelen de beschikbaarheid en geschiktheid van locaties binnen bestaand stedelijk gebied een rol.
52
DEEL D - BIJLAGE WONEN Nationaal actieplan dakloosheid: Eerst een thuis Door het ondertekenen van de Lissabon Verkla-
Provinciale en regionale kaders
ring heeft Nederland zich gecommitteerd aan de
Provinciale omgevingsvisie
Hierbij is Wonen Eerst één van de leidende principes.
hanteren we de volgende basisprincipes:
ambitie dakloosheid eind 2030 te beëindigen.
Bij de locatiekeuze voor nieuwe verstedelijking
De maatschappelijke opvang wordt zo veel afge-
• zoveel mogelijk binnenstedelijk/binnendorps
bouwd. Mensen moeten met zo min mogelijk tussenstappen een stabiele woonplek met ondersteuning kunnen krijgen. Naast afspraken over huisvesting
moeten ook afspraken over begeleiding gemaakt worden.
Gala, Gezond en Actief Leven Akkoord In dit akkoord hebben de gemeenten, GGD’en,
zorgverzekeraars en VWS afspraken gemaakt om te komen tot een fundament voor een gerichte
lokale en regionale aanpak op het gebied van pre-
ventie, gezondheid en sociale basis. Afgesproken is dat gemeenten zorgen voor de inzet van gezondheidskundige kennis bij hun besluitvorming over
de fysieke leefomgeving, zodat de gezonde leef-
omgeving een plek krijgt in gemeentelijke omge-
vingsplannen en kunnen hierbij gebruik maken van advisering door de GGD.
Inhoudsopgave
(binnen het stedelijk gebied) nabij knooppunten;
• daarnaast in overig stedelijk gebied;
• eventuele nieuwe (grootschalige) uitleg kop-
pelen aan hoogwaardig openbaar vervoer en
aan (bestaande of nieuwe) knooppunten van de belangrijkste infrastructurele corridors.
Daar waar geen binnendorpse mogelijkheden meer
zijn faciliteren wij deze gemeentelijke ambities door
Beleid/prioriteit: • kwaliteit van de te bouwen woningen.
• passende woning bij persoonlijke voorkeur, gezinssituatie en portemonnee.
• inclusieve samenleving, door menging van typen
woningen en woonmilieus in stadsdelen, wijken en kernen.
• ten minste 50% realisatie in de segmenten
‘middelduur’ en ‘sociaal’ (regionaal niveau).
• ambitie van een CO2-neutrale provincie in 2050,
uitgangspunt alle woningbouwplannen energieneutraal dan wel gebruik maken van duurzame vormen van energie.
een eenmalige kleinschalige uitbreiding per kern
Ontwikkelbeeld Regio Amersfoort Centraal!
zonder regionale afweging mogelijk te maken.
Specifiek voor Soest aangegeven:
past bij het karakter van het dorp en dat de ont-
voorgenomen HOV-lijn langs Soesterberg maken de
ten behoeve van de lokale vitaliteit tot 50 woningen
2030-2040
Daarbij vinden wij het belangrijk dat de uitbreiding
De aanwezigheid van bestaande stations en een
wikkeling geen onevenredige afbreuk doet aan de kernkwaliteiten van het landschap.
gemeente aantrekkelijk voor knooppuntontwikkeling. Dit wordt echter beperkt door de fysieke omstandigheden: de ruimte in de kern Soest is beperkt, in Soesterberg is al veel nieuwbouw gepland en
verdere grootschalige verstedelijking ligt gezien
53
DEEL D - BIJLAGE WONEN
de aanwezigheid van natuur niet voor de hand.
Deze Woondeal kent een ambitie van 27.000
om eventuele extra woningbouwmogelijkheden
van 2022 tot en met 2030. Twee derde van de nieuw
De robuustheid van het Ontwikkelbeeld is bedoeld rondom een HOVknooppunt in Soesterberg te verkennen en om ruimte te bieden voor vitaliteit in de
woningen voor de regio Amersfoort in de periode
te bouwen woningen dient in de categorie betaal-
klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit, gezonde leefomgeving en duurzame mobiliteit. Groen Groeit Mee
baar gerealiseerd te worden.
In 2022 heeft de gemeente Soest het Provinciaal
Soest bouwt dus niet voor de regionale behoefte, die
Provinciaal programma Wonen en Werken
programma werken de provincie Utrecht, drie
(metropoolpoort Amersfoort Centraal-Schothorst en
en Werken (PPWW) is benut om tot een definitie
kern Soest.
opdracht ligt bij de drie aangewezen focusgebieden
Het instrument van Provinciaal Programma Wonen
regiopoorten Barneveld en Nijkerk), maar voor de
van de woningbouwambitie voor het Utrechtse
vitaliteit en eigen behoefte. Woondeal
In de woondeal werken we samen met de
gemeenten en woningcorporaties uit de regio Amersfoort aan 5 opgaven:
1. Kwantitatief en kwalitatief voldoende woningaanbod
2. Infrastructuur voorbereiden op de toekomstige verkeersstromen
te blijven over de woningbouwopgave (over o.a.
aantallen, fasering en aandeel betaalbaar) via een cyclisch proces van programmering, monitoring,
evaluatie en bijsturing. Hierdoor kan worden inge-
speeld op nieuwe ontwikkelingen en kansen die zich voordoen waarmee flexibel en adaptief kan worden geprogrammeerd.
4. Terugbrengen van grote leefbaarheidsverschillen
wij afgesproken aanvullende, bovenwettelijke, eisen
aandachtsgroepen
In het convenant duurzame woningbouw hebben
tussen woonbuurten
te stellen op het gebied van duurzaamheid bij
Inhoudsopgave
Regio Amersfoort) en vier waterschappen samen
PPWW is om als overheden met elkaar in gesprek
Convenant duurzame woningbouw
circulaire en groene regio
regio’s (U16, het Utrechtse deel van Foodvalley en
deel van de Woondeal ’22 te komen. Doel van het
3. Voldoende passend aanbod voor
5. Versnellen van de transitie naar een duurzame,
convenant Groen Groeit Mee ondertekend. In dit
woningbouwprojecten. Er is gekozen voor niveau
brons. Het gaat om eisen over energie, circulariteit,
54
DEEL D - BIJLAGE WONEN
aan de realisatie van groene opgaven. Doel van het
afgebouwd. Gemeenten bevestigden de invulling
Hoofdgroenstructuur wordt uitgesloten voor
stedelijkingsopgaven (infrastructuur, woningbouw,
van preventie, nazorg en uitstroom uit regionale
Een deel van onze onbebouwde ruimte is in 2040
programma is het in balans brengen van de ver-
werklocatie en energie) en de groene ontwikkeling van de regio.
van de lokale verantwoordelijkheid op het gebied voorzieningen.
Voor de woningbouwontwikkeling in Soest zijn de
Afsprakenkader ouderenhuisvesting regio
1. De gemeente neemt de opgave van Groen Groeit
In dit afsprakenkader is vastgelegd dat Soest tot
volgende twee punten uit dit convenant van belang: Mee in de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, omgevingsbeleid en in visies voor te ontwikkelen gebieden. Dit betekent bijvoorbeeld de richtlijn van 75 m² groen per woning en 500 m² groen binnen 3-5 km.
2. De gemeente zet zich ervoor in dat bij integrale
gebiedsontwikkeling (waaronder woningbouw) de bijbehorende groenopgave gelijkwaardig meegenomen wordt.
Regiovisie Samen in de wijk 2021-2026
Amersfoort
2030 een opgave heeft van: • 190 nultredenwoningen,
• 270 geclusterde woningen,
voor uitbreiding van de kern voor woningbouw. Sportvelden en - accommodaties zijn in 2040
behouden, waarbij wij streven naar het inbedden
van sport- en beweegruimte voor ontmoeting en als onderdeel van de woonomgeving.
onderzoek van Companen uit 2023. In het afspraken-
• Behoud dorpse en groene karakter van Soest
Dit is het basisscenario uit het Woonzorgbehoefte-
Leidende principes:
kader zijn de aandachtspunten bij de realisatie en de
• Bouwen binnen de rode contouren zolang het
monitoring benoemd.
Omgevingsvisie en lokale kaders
zoveel mogelijk mensen in hun eigen omgeving
hierbij in de volle breedte naar verdichten en uitleg-
inzetten voor een inclusieve 1 samenleving waarin
Groei van 100-200 woningen er per jaar. We kijken
geholpen worden. De verblijfscapaciteit en uit-
locaties en ook naar ‘rood voor rood’ en ‘rood voor
Inhoudsopgave
in de gemeente Soest afwegingsruimte blijven
Coalitieakkoord
Omgevingsvisie
gemeenten als de beschermde woonvormen worden
in gebruik voor woningbouw. In de randen moet
• 80 zorggeschikte woningen.
In de regiovisie is vastgelegd dat gemeenten zich
stroom moeten evenwichtiger verdeeld worden over
woningbouw (zie kaartje in omgevingsvisie).
groen’.
dorpse en groene karakter niet wordt aangetast. Op het moment dat dit in het geding komt, zal
voor de (middel)lange termijn naar de rafelranden worden gekeken.
• Prioriteit geven aan doorstroming op de woningmarkt
• Prioriteit geven aan de bouw van betaalbare woningen
55
DEEL D - BIJLAGE WONEN
4.3 Bijlage 3 – Beleidsdoorwerking Doorwerking in (onderliggend) beleid Bij het vaststellen van het Omgevingsprogramma
Wonen vervalt een aantal nu geldende beleidsnota’s. Dit geldt voor:
• Masterplan Wonen Soest, raad 19 mei 2020
• Masterplan Soesterberg, raad 2009 (niet het deel over de uitvoering/ ontwikkelingen)
Los van het Omgevingsprogramma werken wij apart aan:
• Herziening van de Blijverslening (bijlage 8
In het Omgevingsprogramma staat genoemd: • Herziening CPO-beleid
• Opstellen woonwagenbeleid
• Opstellen beleid t.a.v. verkamering, woningsplitsing etc.
Andere beleidsstukken blijven voorlopig ongewijzigd. Het gaat hierbij om:
• Doelgroepenverordening gemeente Soest 2023
• Verordening Compensatiefonds gemeenste Soest 2024
Verordening blijverslening)
• Beleidsregel pré-mantelzorgwoning 2024
aandachtsgroepen
• Verordening Starterslening gemeente Soest 2024
• Opstellen regionale fairshare afspraken • Regionaal afsprakenkader ouderenhuisvesting
gemeente Soest (bijlage 12)
• Herziening Huisvestingsverordening 2021
• Opstellen leidraad zelfstandige woningen die geschikt zijn voor ouderen
Inhoudsopgave
56