OmgevingsprogrammaWonenDEF
Tekst van het document
Wonen
WONEN
Inhoudsopgave Inhoudsopgave
2
Leeswijzer
4
Voorwoord
2.3 Context
3
2.3.1 Trends en ontwikkelingen
Deel A
5
2.4.1 Doel 1: Bouwen voor de woningbehoefte
1.1 Inleiding: Omgevingsvisie en Afwegingskader
6
1. Inleiding op de Omgevingsprogramma’s
6
2.4 Doelen
behouden
27
27
1.1.1 Waarom een Omgevingsprogramma?
6
1.1.3 Kaders en Ontwikkelingen
7
1.2.1 Ruimtelijke vraagstukken
9
dorps en vitaal Soest
13
1.4.1 Inwoners denken mee
17
1.4.3 Plan MER
18
19
Deel C
40
3.1 Inleiding
41
1.1.2 Context van de Omgevingsprogramma’s 7
1.2 Afwegingskader
1.3 Integraal: samen bouwen aan een groen, 1.4 Totstandkoming en vervolg
1.4.2 Adviescommissies
1.4.4 Uitvoering kost geld
Overzichtstabel
9
17
18 18
2.4.2 Doel 2: Een passende woning voor alle
24
om vitaliteit en een continue bouwstroom te
24
doelgroepen: met focus op kansen voor jongeren en ouderen
2.4.3 Doel 3: Betaalbare woningbouw
2.4.4 Doel 4: Wonen in een prettige en leefbare omgeving
2.4.5 Doel 5: Een vitale en toekomst-
bestendige samenleving in onze wijken
die divers en inclusief is
2.5 Gebieden
29 30
gebieden
3.1.1 Algemeen
41
23
3.1.3 Uitvoering: P&C en monitoring
42
2.2.1 Algemeen
23
2.2 Kaders
Inhoudsopgave
3. Acties Wonen
actieoverzicht per doel
44
3.2.2 Geprioriteerd en geordend
Deel D
49
4.1 Bijlage 1 – Ruimtelijke vraagstuk
50
4.3 Bijlage 3 – Beleidsdoorwerking
56
Bijlagen
4.2 Bijlage 2 – Beleidskaders
50
52
38
23
42
2.5.1 Korte toekomstschets van belangrijke
23
2.1.1 Algemeen
geordende actieoverzichten
3.2.1 Toelichting op geprioriteerde en
38
2.1 Inleiding
34
22 23
42
31
Deel B
2. Doelen en Ambities Wonen
3.2 Acties
3.1.2 Rollen van de gemeente
41
41
2
WONEN
Voorwoord Stap voor stap naar een nog mooier Soest
We omarmen deze lessen en zien ze als kansen.
Met deze aanpak blijven we trouw aan de gedachte
In 2021 waren we een van de eerste gemeenten in
scherpen. Kansen om nog beter aan te sluiten bij de
We weten dat de maatschappelijke opgaven groot
Nederland die een Omgevingsvisie vaststelden:
Stap voor stap ver komen. Dit was een ambitieus
plan en vroeg om lef. Met datzelfde lef hebben we
nu vijf Omgevingsprogramma’s opgesteld: Wonen, Werken, Mobiliteit, Groen & Landschap, en Water. Samen vormen ze de basis voor een toekomstbe-
Kansen om onze visie te herzien en verder te aan te
nieuwe provinciale visie en de grote uitdagingen van onze tijd, zoals het bieden van voldoende woningen, het tegengaan van klimaatverandering en het
opvangen van vluchtelingen. In 2025 starten we het proces op voor de herijking.
stendig Soest.
We realiseren ons dat onze doelen verder reiken dan
Onze Omgevingsvisie staat sterk op hoofdlijnen.
vaak niet mogelijk – om alle acties in 2025 direct op
Het maken van de omgevingsprogramma’s heeft ons ook laten zien hoe we het nog sterker kunnen
maken. Bijvoorbeeld door duidelijker te prioriteren of strategische keuzes te maken op gebiedsniveau.
Dit past bij onze pragmatische werkwijze als middelgrote gemeente: leren door te doen. Iedere stap die we zetten, brengt ons dichter bij wat werkt voor
deze collegeperiode. Daarom is het niet nodig – en
te starten. De nieuwe visie helpt ons om prioriteiten te stellen en faseringen te maken, zodat we gericht
kunnen blijven werken aan een toekomstbestendig
Soest. Tegelijkertijd bieden de huidige programma’s een stevige basis waarmee we nu al aan de slag kunnen op weg naar 2040.
van de Omgevingswet: leren, reflecteren en bijsturen. zijn en de beschikbare ruimte schaars. Daarom
blijven we stap voor stap werken aan oplossingen die recht doen aan onze ambities én de haalbaarheid. We zijn er trots op dat we deze stappen hebben
gezet. Dat doen we voor onze inwoners, onderne-
mers en iedereen die Soest een warm hart toedraagt. Onze dank gaat daarom uit naar alle inwoners,
ondernemers en partners die hebben meegedacht en input hebben gegeven. Jullie bijdrage is van grote
waarde! Samen zorgen we voor een dorps, groen en vitaal Soest, stap voor stap.
Karin Scholten, Aukje Treep-van Hoeckel, Anne Sterenberg, Osman Suna
Soest. Juist die praktische aanpak heeft ons geholpen om samen met onze inwoners en partners deze programma’s op te stellen.
Inhoudsopgave
3
WONEN
Leeswijzer Elk Omgevingsprogramma bestaat uit vier delen.
Het eerste deel is voor alle Omgevingsprogramma’s
hetzelfde. De andere delen gaan in op de inhoud van de verschillende Omgevingsprogramma’s.
Deel A: dit is een overkoepelende inleiding waarin
wij beschrijven hoe de Omgevingsprogramma’s met elkaar verbonden zijn.
Deel B: dit is het beleidsdeel. Hierin lichten wij de
beleidsdoelen inhoudelijk toe en werken wij deze uit aan de hand van de beleidsuitgangspunten van de verschillende Omgevingsprogramma’s.
Deel C: dit is het uitvoeringsdeel, waarin wij de acties per doel uit het Omgevingsprogramma ordenen en prioriteren.
Deel D: in het laatste deel staan de bijlagen van de verschillende delen.
Inhoudsopgave
4
Deel A Wonen
DEEL A - WONEN
1. Inleiding op de Omgevingsprogramma’s 1.1 Inleiding: Omgevingsvisie en Afwegingskader
passen in het Omgevingsplan. Met deze vier kernin-
In dit deel leest u meer over wat een Omgevingspro-
In 2021 hebben wij de Omgevingsvisie ‘Stap voor
gramma is.
1.1.1 Waarom een Omgevingsprogramma? Een Omgevingsprogramma is één van de kerninstru-
strumenten kunnen we sturen op onze doelen.
stap ver komen’ gemaakt. Deze vindt u hier. In de
bereiken. Er zijn vijf Omgevingsprogramma’s die
samen de meeste ruimte in onze gemeente vragen: Wonen, Werken, Mobiliteit, Groen & Landschap en Water.
Omgevingsvisie beschrijven wij hoe wij willen dat
Soest en Soesterberg er in 2040 uitzien. De Omgevingsprogramma’s gaan in op hoe we dat willen
menten binnen de Omgevingswet, zie figuur 1. Er zijn verplichte en vrijwillige Omgevingsprogramma’s.
Onze Omgevingsprogramma’s zijn vrijwillig. Er staan
beleidsdoelen en beleidsuitgangspunten in waarmee we onze leefomgeving beter kunnen beschermen, benutten, gebruiken en ontwikkelen. Een Omge-
vingsprogramma is een belangrijke schakel tussen de strategische doelen van de Omgevingsvisie en de
regels van het Omgevingsplan. Het Omgevingsplan bepaalt welke ontwikkelingen zijn toegestaan en is
de basis voor omgevingsvergunningen. Het Omge-
vingsprogramma biedt daarvoor het toetsingskader en onderbouwt nieuwe initiatieven die (nog) niet
Inhoudsopgave
figuur 1
6
DEEL A - WONEN
De Omgevingsprogramma’s vervangen voor een
realiseren. Ze bieden een toetsingskader voor de
Omgevingsprogramma’s en projecten. Onderling
vingsprogramma staat een overzicht van beleid dat
decennia.
elkaar. Soest werkt samen met de provincie Utrecht
gedeelte bestaand beleid. In Deel B van elk Omgewij nieuw hebben opgenomen en beleid dat blijft
ontwikkeling van Soest. Nu en in de komende
beïnvloeden ze elkaar en zijn ze soms afhankelijk van en de regio. Bijvoorbeeld aan een gezamenlijke
gelden.
1.1.2 Context van de Omgevingsprogramma’s
Met de vijf Omgevingsprogramma’s realiseren wij
De Omgevingsprogramma’s staan niet op zichzelf.
en natuurlijke leefomgeving’. Er zijn drie kern-
beweging is. Hieronder beschrijven wij een paar
Ontwikkelbeeld ‘Regio Amersfoort Centraal!’
zijn voor de uitvoering van alle Omgevingsprogram-
zogenaamd ‘gedeeld regionaal beeld’ vastgesteld.
samen ons centrale doel: ‘Zorgen voor een prettige waarden die onze leefomgeving kenmerken:
• ‘Dorps’: We omarmen ons kleinschalige en rustige
karakter. We zijn een veerkrachtige gemeente met veel saamhorigheid waar we voor elkaar zorgen.
• ‘Groen’: We zijn een gezonde gemeente te midden van verschillende robuuste en open landschappen die goed met elkaar verbonden zijn.
• ‘Vitaal’: We zijn een ondernemende, toekomstgerichte gemeente met volop levendige ontmoetingsplekken.
Ze zijn opgesteld in een context die voortdurend in
Woondeal met het Rijk tot 2030, de Regionale
Energiestrategie (RES), een handelingsperspectief op het buitengebied en een Mobiliteitsagenda.
relevante kaders en ontwikkelingen die belangrijk
In 2021 hebben we in de Regio Amersfoort een
ma’s. Deze kaders en ontwikkelingen kunnen aanlei-
Hierin staat dat groei in de regio wordt samenge-
ding zijn om onze Omgevingsvisie of de
programma’s aan te passen. In Deel B van alle
Omgevingsprogramma’s beschrijven wij de verdere context die specifiek impact heeft op de Omgevingsprogramma’s.
1.1.3 Kaders en Ontwikkelingen
Omgevingsvisie Soest binnen provinciale en
bracht in de centrale steden met goed openbaar
vervoer. Dat zijn de metropoolpoorten Amersfoort CS-Schothorst en de regiopoorten Barneveld en
Nijkerk. In de U10 is Zeist-Noord, vlak bij Soesterberg, aangewezen als regiopoort. Soest blijft een dorps en groen karakter houden, met inzet op
vitaliteit. Dit staat ook in onze Omgevingsvisie.
nationale kaders
NOVEX-gebied Utrecht-Amersfoort
Door de vijf Omgevingsprogramma’s tegelijkertijd op
Onze Omgevingsvisie is afgestemd op de Provinciale
Amersfoort is samen met Utrecht aangewezen als
het Omgevingsplan. De Omgevingsprogramma’s
vingsvisie (NOVI, 2020). De doelen en visies worden
verstedelijkingslocaties’ in Nederland. Verstedelijking
te stellen, kiezen we voor een integrale basis voor laten zien hoe we de doelen uit de visie gaan
Inhoudsopgave
Omgevingsvisie (POVI, 2021) en de Nationale Omgeop deze verschillende niveaus uitgewerkt in
één van de zeventien zogenaamde ‘grootschalige en de ontwikkeling van het landelijk gebied zijn
7
DEEL A - WONEN
hierin grote opgaven. Alle NOVEX-gebieden stellen
ruimte voor woningbouw, natuur, infrastructuur en
benadrukt hoe belangrijk de integratie van waterbe-
Investeringsagenda op. Het Ontwikkelperspectief
Voor Soest en de Regio Amersfoort betekent dit dat
Voor Soest betekent dit dat bij nieuwe ontwikke-
een Ontwikkelperspectief, Uitvoeringsagenda en
2040 van het NOVEX-gebied Utrecht-Amersfoort streeft naar 165.000 woningen en 110.000 extra
banen. Om dit op een duurzame manier te bereiken, zijn investeringen nodig op verschillende gebieden. Denk aan klimaatrobuuste inrichting, energie-infrastructuur en bereikbaarheid.
Gebiedsgericht onderzoek Amersfoort
recreatie. De nadruk ligt hierbij op duurzaamheid.
bij de ruimtelijke ontwikkeling rekening moet worden gehouden met verschillende onderwerpen.
Denk hierbij aan verstedelijking, maar ook aan het
behouden van belangrijke natuurgebieden, zoals de
Heuvelrugzone. Een ander voorbeeld is het opnemen
van infrastructuurprojecten die de regio beter bereikbaar maken.
heer en bodembescherming is in ruimtelijke plannen. lingen en infrastructuurprojecten, zoals het bouwen van woningen of de aanleg van wegen, altijd reke-
ning gehouden moet worden met het effect op de waterhuishouding en de kwaliteit van de bodem. Dit is heel belangrijk voor het behouden van de ecologische waarde van het gebied. Vooral in
gebieden zoals de Heuvelrug en het buitengebied
van Soest, waar de natuurlijke balans kwetsbaar is.
Bij het uitwerken van het NOVEX-gebied
Klimaatakkoord
verstedelijking in Amersfoort verder onderzocht.
komende decennia de CO2-uitstoot sterk te laten
Het creëren van een circulaire economie is een
Nederland. Soest en de Regio Amersfoort spelen een
steeds meer prioriteit krijgt. In 2050 willen we circu-
Utrecht-Amersfoort wordt samen met het Rijk de
In het Klimaatakkoord staat de ambitie om de
Soest circulair in 2050
Dit is inclusief de impact van de verstedelijking op de
verminderen. Dit versnelt de energietransitie in
enorme opgave die steeds belangrijker wordt en ook
Heuvelrugzone. Dankzij dit onderzoek kan Soest
proactief inspelen op ontwikkelingen. Denk hierbij aan de recreatiedruk op het buitengebied en aan mobiliteitsvraagstukken, aangezien regiopoort Zeist-Noord in de buurt ligt. Nota Ruimte In de Nota Ruimte staan de kaders voor de ruimte-
lijke ordening in Nederland. Daarnaast legt de Nota Ruimte de basis voor een verantwoorde inrichting
van het land. De nota richt zich op de verdeling van
Inhoudsopgave
actieve rol in het halen van de klimaatdoelen.
Bijvoorbeeld door te investeren in duurzame energie, het verduurzamen van de gebouwde omgeving en
het verbeteren van groene mobiliteit. Dit draagt niet
alleen bij aan de klimaatdoelen van Nederland, maar biedt ook kansen voor economische groei en het verbeteren van de leefkwaliteit in Soest. Water- en bodemsturend Het principe van ‘Water- en bodemsturend’
lair zijn. Dit betekent dat tegen die tijd afval niet
meer bestaat. Tot 2030 richten we ons vooral op
onze eigen organisatie, door ‘circulair denken’ steeds meer onderdeel te laten zijn van alles wat we doen.
Aan de ene kant om onze eigen directe en indirecte uitstoot te verminderen, en aan de andere kant om
met onze inkoop, beleid en projecten zo veel moge-
lijk circulaire impact te maken in Soest. Op dit gebied is circulariteit dus vooral belangrijk in de uitvoering van ons werk.
8
DEEL A - WONEN
1.2 Afwegingskader
leggen die we aan plekken in de gemeente
overvol. Dit heet ‘netcongestie’. De gevolgen van
In 2024 hebben wij het Ruimtelijk Afwegingskader
doelen, bij het maken van een afweging.
ambities. Vanuit het Energieprogramma coördineren
Omgevingsvisie en de Omgevingsprogramma’s.
Netcongestie Het elektriciteitsnet verbindt alles aan elkaar, maar is netcongestie zijn groot. Het raakt bijna al onze wij dit. Dit betekent bijvoorbeeld dat concrete
oplossingen om bijvoorbeeld de ontwikkeling van
woningbouw mogelijk te maken, binnen de bouw-
projecten gezocht moeten worden. Tegelijkertijd is
meewerken en meedenken, het leren en toepassen van andere aanpakken, het benutten van financie-
ringsstromen en het beïnvloeden van besluitvorming
in ons voordeel onderdeel van die coördinerende rol.
Soest vastgesteld. Dit afwegingskader verbindt de
• Leidraad: Wij hebben een handleiding opgesteld
Het afwegingskader maakt op een duidelijke en
stukken, zodat dit gezamenlijk en gestructureerd
herleidbare manier een integrale afweging tussen grote, strategische vragers van ruimte mogelijk.
Op basis hiervan maken wij een afweging bij belang-
voor het gesprek over grote ruimtelijke vraag-
verloopt. De leidraad geeft daarbij een denkrichting als conclusie.
rijke keuzes over thema’s die gebruik willen maken
Het hele afwegingskader vindt u hier.
bij het vinden van koppelkansen.
1.2.1 Ruimtelijke vraagstukken
Het afwegingskader bestaat uit drie delen:
doelen gaan bereiken. Dit wierp strategische vragen
van dezelfde ruimte. Ook helpt het afwegingskader
• Waardenkader: De kern van het Waardenkader bestaat uit onze drie kernwaarden, die uiteenvallen in twaalf ruimtelijke aspecten.
Deze aspecten zijn tijdloos en weergeven de hele fysieke leefomgeving. De doelen van de Omge-
De Omgevingsprogramma’s geven aan hoe we onze op over het gebruik van de ruimte in Soest. Keuzes hieronder konden we alleen gezamenlijk maken.
Het afwegingskader gaf houvast bij het gezamenlijk in beeld brengen en beantwoorden van deze vraagstukken.
vingsvisie en andere documenten die kaders
Hieronder vatten we strategische vragen, over-
aspecten gekoppeld.
woorden samen voor het onderwerp wonen. De lijst
stellen, hebben wij aan de twaalf ruimtelijke
• Waardenkaarten: Elke kernwaarde is uitgewerkt op een kaart, om de belangrijkste waarden vast te
Inhoudsopgave
hebben toegekend. De kaarten helpen, net als de
wegingen (zoals koppelkansen en risico’s) en ant-
is niet volledig. Sommige vraagstukken vragen een
verdere uitwerking. Andere vraagstukken zullen pas
9
DEEL A - WONEN
in de toekomst relevant worden. Een uitgebreide
beschrijving van de vraagstukken voor wonen vindt u in bijlage 1. Wonen 1: Is het wenselijk om nabij voorzieningen prioriteit te geven aan nultredenwoningen en zorggeschikte woningen voor ouderen en zorgdoelgroepen?
• Doel: Langer zelfstandig wonen mogelijk maken
• Koppelkansen: Verbeterde ontsluiting, HOV in
Soesterberg, vergroening en ruimtelijke spreiding van zwaar vrachtverkeer.
• Risico’s: Beperkte toewijzing van ruimte door de
provincie en negatieve impact van bedrijven met
• Doel: Intensivering en verduurzaming van bedrijventerreinen met behoud van omvang.
• Koppelkansen: Duurzaamheid en verplaatsing van bedrijven biedt ruimte voor nieuwe functies op oude locaties.
zwaar verkeer binnen Soest.
• Risico’s: Afstemming met provincie nodig en
twee locaties wordt aanbevolen.
• Conclusie: Inzetten op de uitbreiding van ca 10 ha
• Conclusie: Spreiding van bedrijventerreinen over
mogelijke toename verkeersbewegingen.
(maximaal 15 ha) bedrijventerrein aansluitend aan
en druk op intramurale zorg verlagen.
3: Willen we een regionaal bedrijventerrein al dan
gebruik van voorzieningen en mogelijkheid tot
• Doel: Bestaande terreinen intensiever benutten
4b: Locatie: Defensieterrein Soesterberg en eventueel
• Koppelkansen: Mogelijkheid om ruimte-extensieve
• Doel: Intensiever gebruik van terreinen en verster-
• Koppelkansen: Bevorderen doorstroming, efficiënt wonen boven winkels.
• Risico’s: Concentratie van ouderen, financiële
haalbaarheid voor projectontwikkelaars en mogelijke daling van vraag naar zorgwoningen in de toekomst.
• Conclusie: Woonzorgzones kunnen zonder belemmeringen worden ingevoerd en bieden koppelkansen met andere functies. Werken
niet binnen de gemeentegrenzen?
zonder uitbreiding van het totaal oppervlak.
bedrijven te verplaatsen naar een regionaal terrein en HOV verbeteren.
• Risico’s: Beperkte bijdrage aan lokale economische behoeften en meer autoverkeer van buiten de
bedrijven en extra ruimte voor woningbouw in Soesterberg-Noord.
• Conclusie: Inzetten op het realiseren van ca. 15 ha
4a: Locatie: Randen bestaande bedrijventerreinen
Inhoudsopgave
• Koppelkansen: Duurzaamheid, verplaatsing van
rein buiten de gemeentegrenzen.
• Conclusie: Inzetten op een regionaal bedrijventer-
Soest en Soesterberg?
benutten zonder oppervlakte te vergroten.
king van werkgelegenheid.
• Risico’s: Afhankelijk van toestemming van de
4: Welke locaties zijn realistisch als zoekgebied voor
• Doel: Bestaande bedrijventerreinen intensiever
aanliggende gronden
regio.
2: Zetten we in op één bedrijventerrein in Soesterberg, of verdelen we de ruimte over twee locaties:
bestaande bedrijventerreinen.
een toekomstig bedrijventerrein?
provincie en betrokken partijen zoals Defensie.
bruto bedrijventerrein op terrein van Defensie en aanliggende gronden.
(met name Soestdijkse Grachten)
10
DEEL A - WONEN
5: Hoe kansrijk is het om een bestaand bedrijventer-
rein te transformeren naar wonen?
• Doel: Evenwichtige werkgelegenheid en behoud van werkplekken per hectare.
• Conclusie: Behoud van werkgelegenheid en
functiemenging is essentieel; transformatie zonder behoud van werkgelegenheid wordt afgeraden.
• Koppelkansen: Kleinschalige bedrijven dichtbij
7: Hoe gaan we om met de diverse (gewenste)
• Risico’s: Onzekerheid over beschikbare ruimte
• Doel: Balans vinden tussen natuurbehoud, land-
woningen verhogen leefbaarheid.
voor bedrijventerreinen en afhankelijkheid van provinciale goedkeuring.
• Conclusie: Geen transformatie naar wonen, wel
kansen voor intensivering en gemengd gebruik.
6: Hoe belangrijk vinden we het behoud van de
functies in de polder? Welke functies prevaleren?
bouw en recreatie om een prettige leefomgeving
• Koppelkansen: Groene herinrichting en vermindering van geluidsoverlast.
• Risico’s: Hoge kosten en gefaseerde uitvoering noodzakelijk.
• Conclusie: Hoofdwegen behouden hun ontsluitingsfunctie; waar nodig concessies aan bereikbaarheid voor verkeersveiligheid.
te creëren met voldoende recreatiemogelijkheden.
9: Hoe gaan we om met de vraag naar parkeergele-
agrarische ondernemers, zoals kleinschalige
straatinrichting?
• Koppelkansen: Nieuwe verdienmodellen voor horeca, kamperen bij de boer en agrarisch natuurbeheer.
genheid in relatie tot andere functies en
• Doel: Balans tussen vraag en aanbod van parkeerplaatsen behouden.
historische linten als gemengd milieu met behoud
• Risico’s: Meer recreatie kan leiden tot druk op
• Koppelkansen: Combinatie met groot onderhoud
• Doel: Een heldere ruimtelijke structuur behouden
• Conclusie: Een integrale aanpak is nodig om een
• Risico’s: Beperkte parkeervoorzieningen voor
van werkgelegenheid?
met functiemenging (wonen, werken, voorzieningen) langs de historische linten.
• Koppelkansen: Meer ruimte voor kleinschalige kantoren, maatschappelijke voorzieningen en
natuurwaarden en meer autoverkeer in de polder. goed evenwicht te vinden tussen natuur, landbouw en recreatie, waarbij keuzes per gebied gemaakt worden.
om budget efficiënt te benutten. tweede en derde auto’s
• Conclusie: Parkeeruitbreiding koppelen aan groot onderhoud en herinrichting.
woonzorgfuncties.
Mobiliteit
Groen & Landschap
worden opgelost; afwentelen op de omgeving is
8: Hoe wenselijk is het om hoofdwegen binnen Soest als 30 km/uur-zone in te richten?
10: Waar is ruimte voor natuurlijke bossen zoals
• Doel: Verkeersveiligheid verbeteren en nul ernstige
• Doel: Duurzame natuurontwikkeling en verbeterde
• Risico’s: Parkeerdruk moet op eigen terrein niet mogelijk.
Inhoudsopgave
verkeersslachtoffers nastreven.
agroforestry of voedselbossen? waterkwaliteit.
11
DEEL A - WONEN
• Koppelkansen: Recreatie, toerisme en het ver-
• Risico’s: Grotere parkeerlocaties kunnen leiden tot
Water
• Risico’s: Verlies van open landschap en kwetsbare
• Conclusie: Zonering voor recreatie en natuurbe-
afkoppelen van hemelwaterafvoer?
sterken van lokale biodiversiteit.
waterkwaliteit rond de Wieksloot.
• Conclusie: Potentie voor voedselbossen is aan-
wezig, maar impact op landschap en waterkwaliteit moet worden onderzocht.
11: Is er ruimte voor grootschalige horeca in de polder van Soest?
• Doel: Versterken van recreatieve functie en verblijfsduur verlengen.
• Koppelkansen: Verbinden van horeca aan waterspeelplaatsen en waterberging.
• Risico’s: Drukte en verkeer leggen extra belasting op natuur en infrastructuur.
• Conclusie: Alleen kleinschalige horeca voor wandelaars en fietsers is passend.
12: Waar vangen we recreanten op en waar geven we
extra drukte.
14: Hoe ver willen we gaan in het verplichten tot
houd toepassen met specifieke keuzes per gebied.
• Doel: Ontlasting van het riool en behoud van de zoetwatervoorraad.
13: Hoe gaan we om met nieuwe transformatorsta-
• Koppelkansen: Gescheiden rioolsystemen kop-
• Doel: Zorgen voor een prettige leefomgeving en
• Risico’s: Weerstand en juridische complicaties bij
tions en hoe zorgen we voor een groene inpassing? het waarborgen van een betrouwbaar energienetwerk.
• Koppelkansen: Groene inrichting rond transformatorstations verhoogt de acceptatie en draagt bij aan de leefbaarheid.
pelen aan integrale buurtontwikkelingen. verplichting voor particulieren.
• Conclusie: Afkoppeling stimuleren waar mogelijk; verplichting wordt pas overwogen bij onvoldoende voortgang.
• Risico’s: Het niet plaatsen van transformatorstations kan leiden tot netcongestie en vertraging van ruimtelijke ontwikkelingen.
• Conclusie: Transformatorstations zijn essentieel,
maar groene inpassing is belangrijk om de impact op de omgeving te beperken.
natuur de voorrang?
• Doel: Inrichten van recreatie- en stiltegebieden om drukte te reguleren.
• Koppelkansen: Aanleggen van parkeerplaatsen aan de rand van drukke gebieden en spreiding door zonering.
Inhoudsopgave
12
DEEL A - WONEN
15: Willen we hemelwater overal laten infiltreren?
• Doel: Voorkomen van overbelasting van het riool en behoud van grondwater.
• Koppelkansen: Combineren met vergroening en
17: Hoe sturend zijn water en bodem bij ruimtelijke ontwikkelingen in Soest?
• Doel: Behouden van het historische karakter en klimaatbestendige inrichting.
De Omgevingsprogramma’s van Soest vormen
landschapsdoelen.
ving. Vanuit de kernwaarden ‘groen’, ‘dorps’ en
behoud van cultuurhistorische waterstructuren.
• Koppelkansen: Combineren met natuur- en
van grondwater.
• Risico’s: Politieke en maatschappelijke weerstand
• Risico’s: Risico op wateroverlast en verontreiniging • Conclusie: Maatwerk per locatie vereist; effecten van infiltratie monitoren voor verdere beleidskeuzes.
16: Willen we een actievere rol spelen in de bescherming van de zoetwaterbel onder de Heuvelrug?
• Doel: Beschermen van de nationale grondwaterreserve als toekomstige drinkwaterbron.
• Koppelkansen: Bewustwordingscampagnes koppelen aan andere acties zoals vergroening.
• Risico’s: Extra maatregelen buiten wettelijke verplichtingen vragen om draagvlak en
tegen beperkende voorwaarden voor nieuwe bouw.
• Conclusie: Water en bodem worden leidend in ruimtelijke plannen.
18: Hoe hoog prioriteren we de ruimtevraag van klimaatadaptieve maatregelen?
• Doel: Klimaatbestendige leefomgeving met ruimte voor waterbuffers, schaduwrijke zones en evacuatieroutes.
• Koppelkansen: Combineren met doelen voor vergroening en duurzame infrastructuur.
samenwerking.
• Risico’s: Lange termijn investeringen versus directe
bescherming van de zoetwaterbel.
• Conclusie: Hoge prioriteit voor klimaatadaptatie
• Conclusie: Gemeente neemt een actieve rol in de
kosten en baten.
met kosten-batenanalyse en monitoring van maatregelen.
Inhoudsopgave
1.3 Integraal: samen bouwen aan een groen, dorps en vitaal Soest samen het fundament van onze fysieke leefomge‘vitaal’ werken we aan een duurzame toekomst
waarin natuur, gemeenschap en economie in balans
zijn. Deze ambitie bereiken we niet alleen binnen de
Omgevingsprogramma’s, maar vraagt brede samenwerking binnen de gemeente. Denk hierbij bijvoorbeeld aan samenwerking met Sociaal Domein, het Energieprogramma en het team Realisatie, die
allemaal onmisbaar zijn voor het bereiken van onze doelen uit de Omgevingsvisie. Tegelijkertijd dragen we met de Omgevingsprogramma’s bij aan de
Sustainable Development Goals (SDG’s). Hieruit
komen onze doelen voort. Door onze krachten te
bundelen, ontstaan oplossingen die het welzijn van
inwoners direct verbeteren en tegelijkertijd bijdragen aan een duurzaam Soest. Hieronder beschrijven wij hoe de vijf Omgevingsprogramma’s samenkomen rond vijf thema’s:
13
DEEL A - WONEN
1. Klimaatbestendigheid en duurzaamheid
Het Omgevingsprogramma Wonen speelt hierin een
elektriciteitsnet op hoeven. Ook stimuleren wij het
3. Duurzame mobiliteit en toegankelijkheid
standaard rekening gehouden met klimaatadaptieve
delijke zones aan te leggen, worden bedrijventer-
2. Sociale cohesie en leefkwaliteit 4. Economische vitaliteit
5. Biodiversiteit en natuurinclusiviteit Elk thema toont hoe deze samenwerking de kern-
waarden van Soest versterkt. Zo leggen we samen de basis voor een leefomgeving die functioneel, gezond en aantrekkelijk is. In tabel 1 op pagina 19 staat hoe
de verschillende doelen van de Omgevingsprogramma’s bijdragen aan de SDG’s en aan elkaar.
Thema 1: Klimaatbestendigheid en duurzaamheid Klimaatverandering vraagt om een concrete en
daadkrachtige aanpak. Water en bodem zijn voor ons daarbij zo veel mogelijk sturend in onze ruimtelijke ordening. In wijken zoals Smitsveen en Klaarwater
heel belangrijke rol. Bij nieuwbouwprojecten wordt maatregelen. Dit zijn maatregelen die rekening
houden met klimaatverandering en bijdragen aan het tegengaan daarvan. Zo worden er systemen om het regenwater op te vangen geïnstalleerd en wordt
gebruikgemaakt van groene daken en gevels die
bijdragen aan isolatie en het vasthouden van water. Samen met het Energieprogramma stimuleren we het gebruik van duurzame energiebronnen, zoals
zonnepanelen en warmtepompen. Hierdoor worden woningen niet alleen comfortabeler, maar ook
Daarnaast maken deze ingrepen de openbare ruimte groener en aantrekkelijker voor bewoners.
Inhoudsopgave
bomenrijen met veel schaduw zorgen niet alleen voor verkoeling, maar versterken ook de groene
uitstraling van de omgeving. Daarnaast zijn ze ook
‘snelwegen’ voor flora en fauna. Het team Realisatie
zorgt ervoor dat deze voorzieningen door regelmatig onderhoud effectief blijven functioneren.
gramma zorgt ervoor dat nieuwe projecten duur-
gemeenschap. We willen dat de fysieke leefomgeving
De kern van ons dorpse karakter is een hechte
zaam en betaalbaar blijven.
een gezonde levensstijl mogelijk maakt en stimuleert.
bedrijfsprocessen, maar ook bijvoorbeeld door
stand en dragen bij aan de biodiversiteit in de wijk.
doende fiets- en voetgangersroutes. Bermen en
Omgevingsprogramma Wonen en het Energiepro-
aangelegd om wateroverlast tegen te gaan. Deze rioolstelsel, maar verbeteren ook de grondwater-
We zorgen voor plekken voor laadpalen en vol-
Thema 2: Sociale cohesie en leefkwaliteit
Op bedrijventerreinen wordt ook gewerkt aan
maatregelen verminderen niet alleen de druk op het
reinen aantrekkelijk voor mensen, dieren en planten.
energiezuiniger. Deze samenwerking tussen het
hebben wij bijvoorbeeld wadi’s (Water Afvoer Drainage en Infiltratie) en waterdoorlatende bestrating
gebruik van circulaire materialen. Door natuurvrien-
duurzaamheid. Niet alleen van de panden en
aandacht te hebben voor groene buffers die hit-
testress verminderen, door een aangename werkomgeving te creëren en door bij te dragen aan de
waterhuishouding. Wij stimuleren het gebruik van
Daarom werken we aan plekken om elkaar te ont-
moeten. Dit zijn plekken waar buurtbewoners samenkomen om te spelen, sporten, ontspannen of om
gewoon te genieten van de omgeving. Deze plekken
zorgen niet alleen voor meer verbinding, maar geven ook ruimte aan groen en water. Hierdoor helpen
deze plekken ook tegen zogenaamde ‘hittestress’.
duurzame en energieoplossingen die niet het
14
DEEL A - WONEN
Denk hierbij aan vijvers met natuurvriendelijke oevers
Vanuit het team Sociaal Domein stimuleren we
biodiversiteit.
Deze initiatieven versterken de band tussen inwoners
die ruimte bieden voor rust, waterberging en
Het Omgevingsprogramma Mobiliteit draagt bij door voetgangersgebieden beter te verbinden met deze
plekken, zodat ze voor iedereen makkelijk bereikbaar zijn. Het Omgevingsprogramma Groen & Landschap speelt hierin een belangrijke rol, omdat dit Omgevingsprogramma groene zones en plekken die uitnodigen tot ontmoeting aanlegt.
buurtinitiatieven zoals bijvoorbeeld buurtfeesten. onderling en de band met hun leefomgeving.
Zo zorgen de initiatieven voor een inclusieve samen-
leving. Het team Realisatie zorgt voor het onderhoud van deze gebieden, zodat zij veilig, schoon en heel
blijven voor dagelijks gebruik. Zo werken we samen aan het sociale en fysieke netwerk dat Soest kenmerkt.
Thema 3: Duurzame Mobiliteit en
Vanuit het Omgevingsprogramma Wonen versterken
toegankelijkheid
toegankelijke woningen. De aanwezigheid van
zame en toegankelijke mobiliteit. Wij hebben nu een
we de leefkwaliteit door te investeren in diverse en
Een vitale gemeenschap heeft behoefte aan duur-
voldoende voorzieningen op de juiste plek heeft de
kans om duurzaamheid en de leefkwaliteit in Soest te
aandacht vanuit de Omgevingsprogramma’s Wonen, Werken en het team Sociaal Domein. Tegelijkertijd
draagt het Omgevingsprogramma Water bij aan de leefbaarheid, door natuurlijke infiltratiegebieden te creëren. De wadi’s zijn hier een voorbeeld van.
Deze voorzieningen verminderen wateroverlast en zorgen voor een groene, aantrekkelijke omgeving. Deze groene plekken maken wijken niet alleen functioneel, maar geven hen ook een unieke uitstraling.
Inhoudsopgave
verbeteren. Daarom zetten wij in Soest in op het STOMP-principe, dat mobiliteit in volgorde van
voorkeur aangeeft: Stappen, Trappen, Openbaar
vervoer, Mobiliteit als dienst en Privéauto. Dit betekent dat wij lopen en fietsen stimuleren boven het gebruik van de auto. Een voorbeeld hiervan is de
aanleg van meer wandel- en fietspaden. We investeren in veilige oversteekplaatsen en duidelijke
bewegwijzering, zodat iedereen, van jong tot oud,
zich lopend en op de fiets makkelijk kan verplaatsen.
15
DEEL A - WONEN
Deze aanpak maakt het reizen niet alleen praktisch, maar ook plezierig.
Natuurlijk blijven we ook werken aan goed openbaar vervoer en een sterke laadinfrastructuur voor elektrische mobiliteit. Wij verduurzamen de infrastructuur onder andere door waterinfiltratie te combineren
met onze infrastructuur. Bijvoorbeeld via waterdoorlatende verharding. Dit zorgt ervoor dat het regenwater op een natuurlijke manier in de grond kan
trekken. Dit is belangrijk is wanneer er langere tijd droogte is. Ook voorkomen we zo wateroverlast.
Beplanting langs wegen en paden draagt bij aan een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving, en dus aan de beleving van ons groene karakter. Het team
Realisatie zorgt voor goed onderhouden wegen en
worden waarin iedereen overdag ergens anders is.
Dat vraagt aandacht. Daarom richt het Omgevingsprogramma Werken zich onder meer op het ver-
Thema 5: Biodiversiteit en natuurinclusiviteit
Bedrijven die zich bezighouden met duurzaamheid
in onze inzet voor biodiversiteit en natuurinclusiviteit.
oppervlakte kunnen dan meer mensen werken.
Onze kernwaarde ‘groen’ komt het sterkst tot uiting
en technologie trekken andere bedrijven aan en
Natuur staat namelijk niet op zichzelf, maar is ver-
creëren tegelijkertijd ook banen voor inwoners.
Dit stimuleert niet alleen de lokale economie, maar
maakt Soest ook aantrekkelijk voor ondernemers die duurzaamheid belangrijk vinden. Wij stimuleren
duurzame mobiliteit door te zorgen voor goede verbindingen tussen woon- en werkgebieden. Bijvoorbeeld door het aanleggen van veilige fietsroutes.
Onze bedrijventerreinen moeten aansluiten op de
worden infrastructuur en natuur aan elkaar
Dit zorgt voor een prettige werkomgeving en ver-
verbonden.
Thema 4: Economische vitaliteit Een sterke economie is onmisbaar voor een vitale
gemeente. Het aantal werkplekken moet meegroeien met het aantal inwoners. Alleen zo kunnen we
voorkomen dat we vergrijzen of een ‘slaapdorp’
Inhoudsopgave
met de ontwikkeling naar een circulaire economie.
dichten van de bedrijventerreinen. Op hetzelfde
paden. Hierdoor is mobiliteit niet alleen duurzaam, maar ook comfortabel. Door deze samenwerking
schone energiebronnen. Ook gaan we aan de slag
bonden aan de leefomgeving. Ecologische corridors, zoals de routes tussen de Soester Duinen en omliggende natuurgebieden, geven flora en fauna de
ruimte om zich vrij te bewegen. Dit draagt direct bij
aan het vergroten van de biodiversiteit. Tegelijkertijd bieden deze routes mogelijkheden om te recreëren voor wandelaars en fietsers. Ze versterken zo niet alleen de natuur, maar ook de beleving van het landschap door inwoners en bezoekers.
behoeften van ondernemers én die van het klimaat.
Water speelt een onmisbare rol in het versterken van
mindert de negatieve gevolgen van hitte en zware
zorgt bijvoorbeeld voor leefgebieden voor
regenval. Groene buffers en waterdoorlatende
bestrating dragen bij aan een betere waterhuishouding en een gezondere werkomgeving. Samen met het Energieprogramma ondersteunen wij bedrijven bij het verduurzamen van hun processen, oplos-
singen tegen netcongestie en het overstappen op
de biodiversiteit. Water met een goede waterkwaliteit watervogels, vissen en amfibieën. Het
Omgevingsprogramma Wonen ondersteunt deze visie door natuurinclusieve bouwprincipes te
stimuleren. Bijvriendelijke gevels en groene daken zijn charmante voorbeelden die passen bij onze
kernwaarde ‘groen’. Wandel- en fietsroutes die de
16
DEEL A - WONEN
groene gebieden met elkaar verbinden, zijn
Tabel 1 laat in één oogopslag zien wat de raak-
voor meer bewustzijn van de natuur bij inwoners en
aan welke SDG’s zij bijdragen.
aantrekkelijk voor recreatie. Daarnaast zorgen zij bezoekers. Goed beheer van de natuur door het team Realisatie zorgt voor duurzaam beheer en
vlakken zijn tussen de Omgevingsprogramma’s en
behoud van de natuur. Zo blijven deze groene
1.4 Totstandkoming en vervolg
welzijn van alle inwoners.
Wij hebben de Omgevingsprogramma’s opgesteld
Conclusie
commissies en andere belanghebbenden input
structuren bijdragen aan de biodiversiteit en het
Dankzij intensieve samenwerking tussen de Omgevingsprogramma’s met externe partners, geven wij vorm aan een Soest dat klaar is voor de toekomst.
Onze kernwaarden ‘groen’, ‘dorps’ en ‘vitaal’ zijn de
basis van alles wat we doen. Wij werken integraal aan oplossingen die elkaar versterken. Of het nu gaat om klimaatadaptatie, sociale cohesie, duurzame mobili-
na een zorgvuldig proces, waarin inwoners, advieshebben geleverd. Nu wij de Omgevingsprogramma’s hebben vastgesteld, beginnen we met de uitvoering.
tietraject plaats. Het doel was om zo vroeg mogelijk een diverse groep inwoners te betrekken bij de
vraag: ‘Wat voor Soest en Soesterberg willen we zijn in 2040?’ De resultaten hiervan vormden de basis
voor de Omgevingsvisie en hebben wij doorvertaald naar de Omgevingsprogramma’s.
ringsdeel (Deel C), dat dieper ingaat op de
In 2023 hebben we inwoners en belanghebbenden in
belanghebbenden
uitvoering.
bijeenkomsten verdiepende vragen gesteld over het
leefomgeving, maar bouwen we ook aan een veer-
Soesterberg voor onze inwoners. Daarom vinden wij
We werken aan een groen, dorps en vitaal Soest en
krachtig en toekomstbestendig Soest. Samen
het belangrijk dat inwoners, ondernemers en part-
Inhoudsopgave
Tussen 2019 en 2021 vond een uitgebreid participa-
vingsprogramma’s hebben daarnaast een uitvoe-
integrale aanpak versterken we niet alleen onze
en voor de generaties die nog komen.
Participatietraject Omgevingsvisie
Brede betrokkenheid van inwoners en
teit, economische groei of biodiversiteit. Met deze
wonen, werken en recreëren is. Voor onze generatie
verwerkt in de verschillende Omgevingsprogramma’s.
Hieronder gaan wij hier iets dieper op in. Alle Omge-
1.4.1 Inwoners denken mee
bouwen we aan een gemeente waar het prettig
participatietraject uitgevoerd. De opgehaalde input is
ners nu en in de toekomst blijven meedenken over
Soest en Soesterberg. Voor de Omgevingsvisie en de Omgevingsprogramma’s hebben we daarom een
uitvoeren van de visie. Deze input is verwerkt in de Omgevingsprogramma’s, waarin wij aangeven wat
wij met de input hebben gedaan. Wij hebben inwo-
ners gevraagd via het inwonerpanel, met bijna 1700 deelnemers, en de app Swipocratie, ingevuld door zo’n 1400 mensen. Hieronder bevonden zich veel jongeren. Via Denkmeeover.nl kwamen bijna
700 reacties binnen. In een camper bij (super)
17
DEEL A - WONEN
markten werden driehonderd straatinterviews afge-
1.4.4 Uitvoering kost geld
Kostenverhaal
nomen. Dit alles heeft ons goede inzichten gegeven, die wij hebben meegenomen in de
De Omgevingsprogramma’s bieden inzicht in de
Omgevingsprogramma’s.
beleidsuitgangspunten en uitvoering, om uiteindelijk
De gemeente heeft een wettelijke plicht om kosten
de Omgevingsvisie te realiseren. Voor het dekken van
voor bouwplannen. De voorkeur gaat uit naar pri-
Hier vindt u volledige resultaten van de participatie.
de kosten gelden onderstaande aandachtspunten.
In de verschillende Omgevingsprogramma’s werken
Planning & Control-cyclus
gramma heeft betekend.
ringsdeel (Deel C), waarin wij de acties beschrijven.
wij uit wat de participatie voor dat Omgevingspro-
1.4.2 Adviescommissies De adviescommissies Milieu en Ruimte (CMR) en Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) hebben de concept-
Omgevingsprogramma’s ontvangen. Beide commissies hebben hierop hun opmerkingen gegeven.
Deze hebben wij verwerkt. Tijdens de inzageperiode kunnen beide commissies, als zij dat willen, nog een
Alle Omgevingsprogramma’s hebben een uitvoe-
Inhoudsopgave
afdwingbaar worden ingezet.
Er wordt geen kostenverhaal toegepast als de kosten
kadernota en de dekking van de begroting aan te vragen. Wij kunnen activiteiten dan integraal afwegen en monitoren. Subsidies
Deze analyse geeft een momentopname van de
die een plan-MER vereisen.
de Nota Kostenverhaal en kan zowel vrijwillig als
ook de basis om via de gebruikelijke route van de
basis voor de komende jaren is. Deze prioriteiten zijn
1.4.3 Plan MER De beschreven activiteit vallen niet onder de criteria
overeenkomst’). Het kostenverhaal in Soest staat in
Naast projectkosten wordt ook de plankostenscan
Er is in 2024 een analyse gemaakt van de subsidie-
ling van de RUD niet plan MER-plichtig te zijn.
vaatrechtelijke afspraken (dit heet een ‘anterieure
Wij prioriteren deze acties, waardoor er een stevige
keer een reactie geven.
De Omgevingsprogramma’s blijken na een beoorde-
te verhalen die zij volgens het Omgevingsplan maakt
toegepast om bouwplannen mogelijk te maken.
onder de tienduizend euro liggen, er geen kosten
voor openbare werken zijn, of als het alleen gaat om aansluitingen op openbare ruimte/ nutsvoorzieningen.
mogelijkheden per Omgevingsprogramma.
mogelijkheden, waarvan een deel de komende jaren waarschijnlijk beschikbaar zal blijven. De grootste kansen liggen bij Omgevingsprogramma’s die de leefomgeving groener en duurzamer maken, al
kunnen subsidies verschillen in beschikbaarheid.
18
DEEL A - WONEN
Overzichtstabel Tabel 1: Doelen, SDG’s en raakvlakken
Energie
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X
Doel 3: Betaalbare woningbouw
Doel 4: Wonen in een prettige en leefbare omgeving
X
Doel 5: Een vitale en toekomstbestendige samenleving in onze wijken die divers en inclusief is
X
X
X
X
X X
Realisatie
Sociaal
X
X
X
Realisatie
Water
X
Energie
Groen
Doel 2: Een passende woning voor alle doelgroepen: met focus op kansen voor jongeren en senioren
Mobiliteit
Doel 1: Bouwen voor de woningbehoefte om vitaliteit en een continue bouwstroom te behouden
Werken
Wonen
Wonen
X
Doel 4: Bevorderen van een gezonde levensstijl
Doel 5: Verminderen van CO2 -uitstoot, wateroverlast en hittestress.
Doel 6: Randvoorwaarden voor evenwichtige werkgelegenheid creëren.
Doel 7: In 2040 is de omvang van onze bedrijventerreinen even groot als nu Inhoudsopgave
X
X
X
X
X
X
X
X
X
X X X X
X X
X
Sociaal
Water
Doel 3: Een eenduidige, heldere ruimtelijke structuur
X
Groen
Doel 2: Een eenduidig functioneel samenhangend geheel van werklocaties
Mobiliteit
Doel 1: Zorgen voor een prettige en natuurlijke leefomgeving
Werken
Wonen
Werken
X X X
X X
19
DEEL A - WONEN
X
X
Doel 4: Behouden van een vitale en aantrekkelijke woon, werk en recreatiegemeente
X
X
X
X
Doel 6: Vraag en aanbod naar parkeerplaatsen zijn in balans
X
X
X
X
X
X
Doel 3: Terugdringen van de CO2 -uitstoot van onze verplaatsingen Doel 5: Zorgen dat iedereen zijn bestemming kan bereiken
X
X
x X X
Realisatie
Energie
Sociaal
Doel 2: Het bevorderen van een gezondere leefstijl door toepassing van het STOMP-principe
Sociaal
Water X
Water
Groen
Mobiliteit
X
Groen
Doel 1: Verbeteren van de (verkeers)veiligheid met de ambitie van nul verkeersslachtoffers in 2040
Werken
Wonen
Mobiliteit
X X X
X X X
Doel 2: Verbinden en structureren van groen-blauw in woon- en werkgebieden in stad en land. Doel 3: Verminderen van CO2, wateroverlast, hittestress en droogte. Doel 4: Zorgen voor een prettige en natuurlijke leefomgeving. Doel 5: Bevorderen van een gezonde leefstijl.
Doel 6: Een duurzame landbouw met toekomstperspectief.
Doel 7: Zorgen dat de groene leefomgeving voor iedereen bruikbaar is. Doel 8: In 2040 zijn er meer regionale recreanten
Inhoudsopgave
X X
X
X
X
X
X X
X X
X X
X
X X
X
X
X
X X
X X
X
Realisatie
X
Energie
X
Mobiliteit
Werken
Doel 1: Verbeteren en vergroten van de diversiteit in flora en fauna.
Wonen
Groen & Landschap
X X X X X
20
DEEL A - WONEN
X
X
Doel 3: Werken aan een duurzaam watersysteem en duurzame waterketen
X
X
X
X
Doel 5: De leefomgeving toekomstbestendig maken.
X
X
X
Doel 2: De grond- en oppervlaktewaterkwaliteit op orde brengen.
Doel 4: Behouden, benutten en herstellen van natuurlijke kenmerken van het watersysteem.
Inhoudsopgave
X
X
X
X X X
Realisatie
Groen
X
Energie
Mobiliteit
X
Sociaal
Werken
Doel 1: In stand houden van een gezonde en leefbare omgeving door invulling te geven aan de gemeentelijke watertaken.
Water
Wonen
Water
X
X
X
X
X
X
X X X
21
Deel B Wonen
DEEL B - WONEN
2. Doelen en Ambities Wonen 2.1 Inleiding
In het huidige wetsvoorstel van de Wet Verster-
2.2 Kaders
2.1.1 Algemeen
gemeenten, wanneer de wet ingaat, in het Volkshuis-
2.2.1 Algemeen
de gemeente invulling geeft aan de huisvestings-
het Rijk op het gebied van woningbouw voor de
Wonen is een groot maatschappelijk vraagstuk.
De spanningen op de woningmarkt zijn de afge-
lopen jaren flink opgelopen. Vooral voor starters en
mensen met een bescheiden inkomen is het moeilijk
om toegang te krijgen tot de woningmarkt. Ook voor ouderen is het moeilijk om door te stromen naar een
king Regie op de Volkshuisvesting staat ook dat
vestingsprogramma op moet nemen op welke wijze
Hieronder staan de opgaven en doelstellingen die
opgave van aandachtsgroepen en ouderen. In dit
komende jaren heeft opgesteld.
omgevingsprogramma hebben wij onze visie op wonen en zorg opgenomen.
geschiktere woning binnen hun eigen gemeente.
In het regeerprogramma van het kabinet Schoof
Inmiddels heeft de Rijksoverheid een meer
stroom van ouderen naar woningen die voor hen
regisserende rol opgepakt om dit maatschappelijke vraagstuk op te lossen. Bijvoorbeeld via de Wet
Versterking Regie op de Volkshuisvesting, die nog
niet is ingegaan. Wanneer de wet ingaat, verplicht het Rijk gemeenten om in lokaal woonbeleid aandacht te hebben voor meer balans in de
zogenaamde ‘woningvoorraad’. Dit betekent dat er voldoende betaalbare woningen moeten zijn. Dit geldt zowel voor koopwoningen als voor
staat dat het kabinet wil inzetten op de door-
geschikt zijn. Om doorstroming op gang te helpen, moeten er meer ouderenwoningen gebouwd
worden. Als ouderen verhuizen komen er bestaande
• Er moeten meer sociale huurwoningen beschik-
baar komen. Dit kan door nieuwe sociale huurwo-
ningen te bouwen, sloop-nieuwbouw en het beter en anders benutten van de bestaande woningen.
• De betaalbaarheid van wonen moet verbeteren. Dit kan door te zorgen voor lagere huren voor
lage inkomens en het bevorderen van de door-
stroming zodat mensen passender gaan wonen.
woningen beschikbaar voor starters en gezinnen.
• Er moet worden geïnvesteerd in de kwaliteit van
woningen. Zo hebben we in dit Omgevingspro-
aardgasvrij te maken, door toekomstklaar te
Daarnaast sturen wij ook op de betaalbaarheid van gramma ook nadrukkelijk aandacht voor de positie van starters en jonge gezinnen in onze gemeente.
woningen. Dit kan door bestaande woningen
isoleren, door te zorgen dat woningen met een
energielabel E, F of G uiterlijk in 2028 uit de sociale
middenhuur- en sociale huurwoningen.
Inhoudsopgave
23
DEEL B - WONEN
huurvoorraad zijn verdwenen, en door te kijken naar duurzamere opties.
• Er moet aandacht zijn voor de leefbaarheid.
2.3 Context
Woningtekort loopt op
2.3.1 Trends en ontwikkelingen
verwacht, maar gaat sneller dan we een aantal jaar
Dit kan door fysieke herstructurering van wijken,
De regio Amersfoort groeit snel. Deze groei brengt
kwaliteit, door aandacht te hebben voor woon-
woningen is hard nodig, maar het maatschappelijk
door te zorgen voor woningen met een goede
vormen voor mensen met een (toekomstige) zorgbehoefte en door met het sociale domein beter samen te werken.
• Er moeten voldoende betaalbare woningen voor alle aandachtsgroepen komen. Deze woningen
moeten goed verdeeld worden over gemeenten. Gemeenten moeten daarnaast de juiste zorg, ondersteuning en begeleiding bieden.
• Ouderen moeten met plezier in een geschikte woning en leefomgeving kunnen wonen.
Daarnaast moeten zij kunnen verhuizen als ze
dat willen. Aangezien de vergrijzing steeds groter wordt, kan dit alleen door veel voor ouderen te bouwen.
Inhoudsopgave
uitdagingen met zich mee. Het toevoegen van
vraagstuk gaat verder dan alleen bouwen. Er moet
ook aandacht zijn voor recreatie en het behoud van natuur. Groene buffers, zoals de bosgebieden en de gebieden tussen de kernen, spelen hierin een
belangrijke rol. Wij hebben als gemeente binnen de
regio een grote verantwoordelijkheid om de groene
identiteit van Soest te behouden. Dat is ook de reden dat wij niet zijn aangewezen als ‘groeikern’ in de
regio. Toch bouwen we wel, zodat we vitaal blijven. De gemeente Soest is dankzij de centrale ligging
aantrekkelijk voor gezinnen uit de regio. Mensen uit Amersfoort en Utrecht die een woning zoeken,
zorgen voor groei en vitaliteit van onze gemeente. Wel verhogen zij de druk op onze woningmarkt.
Het aantal huishoudens in Soest groeit. Dit werd ook geleden dachten. Dit heeft een aantal oorzaken:
• Er komen meer mensen vanuit het buitenland in
de gemeente Soest wonen. Soms gaat het om een tijdelijke vraag naar woningen, zoals door mensen uit Oekraïne of door arbeidsmigranten. In het
geval van bijvoorbeeld statushouders gaat het om een permanente woonplek.
• De zogenaamde ‘extramuralisering’ neemt toe. Dit is het fysiek scheiden van wonen en zorg. Steeds zwaardere vormen van zorg worden
bij mensen thuis geleverd, in plaats van dat
deze groep in een zorginstelling gaat wonen. Hierdoor wonen er naar verhouding steeds
minder mensen in een zorginstelling. Door deze ontwikkeling zijn er steeds meer ‘gewone’
woningen nodig voor mensen met een zorgvraag.
24
DEEL B - WONEN
Denk aan ouderen, dak- en thuislozen, uitstromers
steeg tussen 2014 en 2023 met ruim vijfenzeventig
Vooral kleine ontwikkellocaties in Soest
opvang en aan uitstromers van intramurale
woningen (van 355.000 euro of goedkoper) steeds
Soesterberg gebouwd. In de kern Soest zijn weinig
van beschermd wonen en maatschappelijke zorginstellingen.
• De gemiddelde levensverwachting neemt toe.
Ouderen worden gemiddeld steeds ouder en zijn
langer gezond en vitaal. Hierdoor wonen zij langer zelfstandig.
• Er komen steeds meer kleine huishoudens bij.
Dit proces heet ‘huishoudensverdunning’ en komt doordat het aantal alleenstaanden en gescheiden gezinnen toeneemt.
• Steeds meer mensen uit andere gemeenten
komen in de gemeente Soest wonen. Hierdoor zijn er meer woningen nodig voor mensen die nu al in de gemeente Soest wonen en hier willen blijven.
• Wij moeten ook rekening houden met de groei van andere aandachtsgroepen dan ouderen. Denk aan studenten, arbeidsmigranten en woonwagenbewoners.
Druk op koopaanbod en sociale huursector neemt toe
procent. Hierdoor werd de groep betaalbare koop-
De afgelopen jaren zijn vooral woningen in
schaarser. Bovendien bevinden deze woningen zich
grote locaties om veel woningen te bouwen.
slechts in een paar buurten.
Een steeds grotere groep inwoners verdient te veel voor een sociale huurwoning en te weinig om een woning te kunnen kopen. Het gaat grofweg om
huishoudens met een inkomen tussen de 52.000
en 70.000 euro. Dit zijn de zogeheten ‘middeninkomens’. Voor een deel van deze groep kunnen
De gezamenlijke visie voor de regio, zoals staat in het Ontwikkelbeeld Regio Amersfoort 2030-2040,
richt zich op toekomstbestendig wonen, werken en
ontspannen. Het plan is dat vooral gebieden groeien rond OV-knooppunten, zoals Amersfoort Centraal Station. Zo behouden we de vitaliteit in kleinere
kernen. Hiervoor is per gemeente maatwerk nodig.
middenhuurwoningen een oplossing zijn.
Ook in de sociale huursector neemt de druk
toe: het aantal reacties per woning is gestegen. Daarnaast blijkt uit cijfers van WoningNet dat
de kans dat mensen een woning vinden in de gemeente Soest kleiner wordt, waardoor de
actieve zoektijd juist toeneemt (zie bijlage 4 het
woningmarktonderzoek). Dit is ook een teken dat de druk op de sociale huursector toeneemt.
De woningmarkt in Soest en Soesterberg is steeds
minder toegankelijk voor starters, middeninkomens en sociale huurders. De gemiddelde koopprijs
Inhoudsopgave
25
DEEL B - WONEN Steeds meer aandachtsgroepen in de ‘reguliere’
Druk op de professionele zorg en mantelzorg
wijken
neemt toe
‘Aandachtsgroepen’ zijn specifieke groepen die op
Door de stijging van het aantal ouderen, neemt
baarheden hun welzijn of gezondheid beïnvloeden.
Tegelijkertijd neemt het aantal mantelzorgers juist
manier van groeien
zorgverleners steeds hoger. Op dit moment wonen
perioden van hitte, droogte en hevige regenbuien.
een bepaalde manier kwetsbaar zijn, en wiens kwetsDoor een combinatie van beleidsmatige, sociale, economische en demografische ontwikkelingen, neemt
het aantal mensen dat zorg of ondersteuning nodig
heeft de komende jaren toe. Deze mensen zijn vooral afhankelijk van sociale huurwoningen. We zien in de
gemeente Soest dat op plekken waar veel kwetsbare inwoners dicht bij elkaar wonen, de sociale cohesie en veerkracht afnemen.
en plekken die beweging en sociale ontmoetingen stimuleren.
de druk op professionele zorg en mantelzorg toe.
Klimaatverandering vraagt om een duurzame
af. Hierdoor wordt de werkdruk voor professionele
Het veranderende klimaat zorgt voor steeds langere
er ongeveer 3.750 huishoudens van vijfenzeventig
Hierdoor wordt de noodzaak om bestaande woon-
jaar of ouder in de gemeente Soest. In de periode
tot 2040 zal dit aantal toenemen met 1.830 huishoudens. Dit is een stijging van drieënveertig procent (Woningmarktonderzoek 2023, Primos, 2023).
Onze woonomgeving is niet overal geschikt voor
wijken aan te passen steeds groter. Vergroening van versteende buurten en klimaatbestendige
maatregelen worden steeds belangrijker om leef-
omgevingen klaar te maken om extreme weersomstandigheden aan te kunnen.
Onze woningvoorraad matcht nog niet met
(kwetsbare) ouderen
Energiearmoede versterkt noodzaak voor
vergrijzingsopgave
Voor een leefbare en vitale woonomgeving zijn
verduurzaming
Een toegankelijke openbare ruimte is ook belangrijk.
de energieprijzen stijgen. Hierdoor wordt de ener-
Het aantal (kwetsbare) ouderen in de gemeente
Soest groeit snel, terwijl slechts een klein deel in
een geschikte woning woont. Op dit moment woont slechts negenentwintig procent van de inwoners
die vijfenzeventig jaar of ouder is in een geschikte woning. In de groep van inwoners tussen de vijf-
enzestig tot vijfenzeventig jaar is dit nog minder: slechts vijftien procent woont in een woning die geschikt is.
Inhoudsopgave
niet alleen voorzieningen en woningen belangrijk.
De geopolitieke situatie is één van de redenen dat
Met de toenemende vergrijzing van de bevolking,
gierekening voor een steeds grotere groep onbe-
groeit de behoefte aan leefbare en inclusieve wijken waarin ouderen zelfstandig en actief kunnen blijven.
Dit geldt ook voor kwetsbare ouderen. Om aan deze
behoefte te voldoen, moeten we onze woon- en leefomgeving dus steeds meer aanpassen. Denk hierbij
aan toegankelijke trottoirs, veilige oversteekplaatsen
taalbaar. Het wordt hierdoor steeds belangrijker om bestaande en nieuwe woningen te verduurzamen. Bijvoorbeeld via isolatie en de overstap naar her-
nieuwbare energie. Zo houden we wonen zo betaal-
baar mogelijk en zetten we ook een stap richting het halen van de klimaatdoelstellingen.
26
DEEL B - WONEN Participatie: behoud groene omgeving en verdeeldheid over hoogbouw De bouw van nieuwe woningen heeft prioriteit volgens inwoners. Dit mag ten koste gaan van ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. Toch hebben ondernemers wel behoefte aan ruimte voor hun
bedrijven. Inwoners geven tijdens de participatiemogelijkheden aan dat zij liever zien dat in de polder
gebouwd wordt, dan dat er bos gekapt moet worden
en locaties in de rafelranden hebben aangewezen
Participatie: het belang van diversiteit
zij veel plekken aan in Soest, in vergelijking met
de diversiteit aan woningen in Soest. Het gaat aan de
als geschikte locatie voor woningbouw. Ook wezen
Inwoners vinden dat er meer aandacht moet zijn voor
Soesterberg. In het Omgevingsprogramma nemen
ene kant om de woningprijzen en aan de andere kant
we de locaties op die door de gemeenteraad zijn
vastgesteld om te verkennen voor woningbouw na
2030. Ook kijken we hoe we in Soest meer woningen kunnen toevoegen.
om woningen te bouwen. De meningen over hoog-
Participatie: aandacht voor diversiteit
van het dorpse en groene karakter vinden inwoners
er behoefte is aan het spreiden van kwetsbare
bouw (zes lagen of hoger) zijn verdeeld. Het behoud
Zorgpartijen en woningcorporaties geven aan dat
belangrijk. Het gemeentelijk uitgangspunt bij nieuwe
inwoners. De reden hiervoor is dat zij zo beter
ontwikkelingen blijft om binnen de grenzen van de
stad te bouwen, maar wel met oog voor het behoud van het groene en dorpse karakter. Ook dient de
woon-werk balans behouden te blijven. Daarnaast
zetten we, daar waar dat ruimtelijk passend is, in op
het bouwen van appartementen. Wij doen dit om zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van bouwgrond, en om groen te sparen.
Participatie: ‘inbreiden’ en gebruik rafelranden Tijdens de participatiemomenten vroegen wij aan
inwoners waar zij nieuwe woningen zouden bouwen.
kunnen ‘landen’ in de wijk. Wij zien dit als één van de
om het soort woning. In dit Omgevingsprogramma zetten we daarom in op ‘gemixte woningbouw’.
Daarnaast richten wij ons op voldoende bouw van
betaalbare woningen. Zo vergroten we de kans dat
bijvoorbeeld inwoners met een bescheiden inkomen, jongeren en ouderen een woning kunnen kopen.
2.4 Doelen
Daarom gaan we op dit thema intensief samen-
werken met woningcorporaties en zorg- en wel-
2.4.1 Doel 1: Bouwen voor de woningbehoefte om vitaliteit en een continue bouwstroom te behouden
zijnspartijen. Ook sluiten we aan op de wijkgerichte
aanpak van het sociaal domein. Tot slot zetten we in
De verbondenheid van inwoners is kenmerkend
op zogenaamd ‘gespiegeld ontwikkelen’ om onze
voor de gemeente Soest. Veel mensen blijven hier
hun hele leven wonen. Om deze verbondenheid en
belangrijkste doelen in dit Omgevingsprogramma.
wijken diverser te maken. Hierbij realiseren we meer koopwoningen in wijken met veel sociale huurwo-
ningen, en realiseren we meer sociale huurwoningen in wijken met meer koopwoningen.
de sociale cohesie te behouden, is het belangrijk om voldoende en diverse woningen te bouwen.
Dit draagt bij aan het gemeenschapsgevoel en een gezonde mix van bevolkingsgroepen.
Het valt op dat inwoners veel inbreidingslocaties
Inhoudsopgave
27
DEEL B - WONEN
In de gemeente Soest betekent ‘vitaliteit’ een balans tussen jonge en oude inwoners, zelfredzame en
minder zelfredzame inwoners, huur- en koopwo-
ningen, en voldoende woningen voor verschillende levensfasen. Om als gemeente vitaal te blijven en
te kunnen zorgen voor een constante bouwstroom, richten wij ons op het realiseren van woningen die
Indicator • Het aantal nieuw opgeleverde woningen per jaar. We monitoren de doelstelling uit de Omgevingsvisie: het realiseren van tussen de 125 en 200
nieuwe woningen per jaar (bron: woningstatistieken Soest).
aansluiten bij de huidige en toekomstige behoeften
Bouwen in de rafelranden na 2030
diverse wijken heeft waar mensen van alle leeftijden
dorpse en groene waarden behouden, heeft de
van inwoners. Onze ambitie is dat Soest in 2040
Om te zorgen dat wij ook binnenstedelijk onze
en levensfasen prettig samen kunnen wonen.
gemeenteraad op 4 december 2024 twee potentiële
locaties aangewezen om woningbouw te ontwikkelen na 2030. Deze twee locaties zijn:
• Inspecteur Schreuderlaan – Stadhouderslaan • Stadhouderslaan – Korte Brinkweg – spoor
Deze twee locaties liggen niet in het stedelijk gebied en vereisen voor woningbouwontwikkeling dan
ook medewerking van de Provincie. De gesprekken hierover worden in 2025 gevoerd.
We bouwen voor de woningbehoefte om Soest en Soesterberg vitaal te houden De woningmarkt is vol onzekerheden en verandert continu. Daarom gaan we in beeld brengen in hoeverre we met onze huidige plannen onze
kwalitatieve doelen kunnen halen. Het is mogelijk
Inhoudsopgave
dat we toch nog extra plannen moeten ontwikkelen. Dit blijven wij de komende jaren monitoren.
In Soesterberg is de afgelopen jaren veel gebouwd, en er liggen nog veel plannen voor de toekomst.
In Soest blijft de woningbouw achter, vanwege een gebrek aan geschikte bouwlocaties. Als we veel in Soesterberg blijven bouwen, kan dit zorgen voor de komst van meer mensen uit de regio die een
woning zoeken, in plaats van uit Soest zelf. Om meer woonruimte in Soest te vinden, willen we beter
gebruik maken van bestaande woonruimte. Dit kan
door woningen en kavels te splitsen, hospitaverhuur
te stimuleren, en mogelijkheden voor het ‘optoppen’ of ‘ondertoppen’ van woningen te onderzoeken. Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• In de periode 2023-2030 voegen we minimaal
1.400 woningen toe en in de periode 2030-2040 voegen we minimaal 1.900 woningen toe.
• We geven eerst prioriteit aan woningbouwplannen van woningcorporaties en daarna aan plannen
die uit de bouw van meer dan twaalf woningen bestaan.
28
DEEL B - WONEN
• Binnen de bestaande mogelijkheden geven we
voorrang aan woningzoekenden uit de gemeente Soest.
• Waar mogelijk en passend is, benutten we bestaande woonruimten beter.
Groeien met kwaliteit Bij de toekomstige woningbouw in de gemeente
Soest is een zorgvuldige ruimtelijke afweging nodig. Aan de ene kant is woningbouw binnen bestaand stedelijk gebied gunstiger voor bijvoorbeeld het
elektriciteitsnet, behoud van natuur en buitengebied,
Het bouwen van appartementengebouwen van vier
Door gerichte acties en het creëren van passende
en behoudt van groen, wat bijdraagt aan de sociale
van alle doelgroepen kunnen vervullen.
of meer lagen biedt ruimte voor meer woningen
cohesie. Door verschillen in bouwhoogte bekijken we per locatie wat passend is.
Bovenstaande vertaalt zich in de volgende beleidsuitgangspunten:
• Bouwlocaties binnen bestaand stedelijk gebied
hebben in principe de voorkeur boven bouwlocaties buiten bestaand stedelijk gebied.
waterberging, en het bevorderen van duurzame
• Appartementen die uit meerdere lagen bestaan,
van bestaande infrastructuur en voorzieningen.
passend is, omdat de bouwgrond erg schaars is.
mobiliteit. Zo maken we zo goed mogelijk gebruik Aan de andere kant zorgt deze zogenaamde
zijn wenselijk op plekken waar het ruimtelijk
en stedenbouwkundige richtlijnen.
2.4.2 Doel 2: Een passende woning voor alle doelgroepen: met focus op kansen voor jongeren en ouderen