CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Oordeelsvormende Vergadering Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang

Oordeelsvormende vergadering (Raadzaal) 14 maart 2024, gemeente Soest19.970 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang

NOTULEN Voorzitter: dhr. R.T. Metz Griffier: mevr. M.A.C. van Esterik 1. Opening VOORZITTER: Goed, dames en heren. Het is bijna tijd, maar ik vond eigenlijk dat we wel lang genoeg gewacht hadden. Dus ik open dit gedeelte van de vergadering: de raad in gesprek met elkaar. Het college van B&W heeft een stuk gemaakt, een toetsingskader. De bedoeling van deze avond is dat de raad daarover in gesprek met elkaar gaat. We hebben procesmatig iets afgesproken, maar ik begrijp dat er straks nog een ordevoorstel komt. De bedoeling is dat in eerste instantie alle fracties een beschouwing geven, over het onderwerp en over het toetsingskader. Vervolgens gaat het debat in twee termijnen door. Dat gaat verder vanzelf, dus het is vooral bedoeld voor de raad. Het college komt nog wel aan bod, maar het gaat natuurlijk vooral over de raad. Ik weet dat meneer Witlox een ordevoorstel heeft. Meneer Witlox. DE HEER WITLOX (PVDA): Dank u wel, voorzitter. Als je de agenda zo ziet, hebben we allemaal onze eigen bijdrage. Voor die van mij heb ik een aantal vragen aan het college. Dat geldt misschien voor meer collega's. Dan zou ik het eigenlijk logischer vinden, dat het college eerst op die vragen reageert. En dat wij daarna met elkaar in debat gaan over wat er gezegd is. Dat lijkt mij een logische volgorde. Vandaar het idee om agendapunten 3 en 4 om te wisselen.

VOORZITTER: Dat ga ik aan de vergadering vragen. Want in het fractievoorzittersoverleg was afgesproken dat u eerst op elkaar ging reageren en dat het college pas daarna ging reageren. Het is aan de vergadering, dus ik ga even de fracties af, over hoe u het wil. FRACTIE GGS: Akkoord wat ons betreft. VOORZITTER: U volgt het ordevoorstel? FRACTIE POS: Ja, wij zijn akkoord. VOORZITTER: Ook akkoord. FRACTIE CDA: Akkoord. FRACTIE BURGERBELANGEN: Akkoord. FRACTIE SOEST2002: Akkoord. FRACTIE CU-SGP: Akkoord, voorzitter. FRACTIE VVD: We kunnen tellen, maar in principe had alle informatie natuurlijk na zo lang vragen al bekend moeten zijn. Wij hadden liever de andere vorm. VOORZITTER: U heeft de meerderheid al zien ontstaan. GroenLinks? FRACTIE GL: Ook wij zijn van mening dat het debat onderling belangrijker is dan welk antwoord het college nu nog heeft. Maar we leggen ons uiteraard neer bij de meerderheid. VOORZITTER: D66? FRACTIE D66: Wij zijn het eens met het voorstel van de heer Witlox. Ik zou er wel aan toe willen voegen, dat het misschien wel goed is om aan het eind van de avond de beraadslagingen nog in de woorden van het college terug te zien. Om te kijken wat zij meenemen, van wat wij ze vanavond mee willen geven. 1

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang

VOORZITTER: Dat zal ik dan nu gaan toelichten. De volgorde van de vergadering is dat we eerst de korte beschouwingen krijgen van iedere fractie. Vervolgens daar waar kennelijk vragen zullen zitten in die beschouwingen, gaat het college op die vragen antwoorden proberen te formuleren. Ik ben altijd heel streng als voorzitter. Want als het om technische vragen gaat, dan zeg ik dat dat niet thuishoort in deze vergadering, tenzij het absoluut noodzakelijk is. Dus ik geef de portefeuillehouder de gelegenheid om daar met enige vrijheid wel of niet op te reageren. Vervolgens gaat u met elkaar in debat. Dan schors ik opnieuw de vergadering. Dan gaan we kijken wat het college uit het debat van de raad als rode draad heeft opgepakt. Zij gaan daar in de schorsing chocola van proberen te maken. Ze komen dan terug met hoe zij de beschouwingen en het onderlinge debat oppakken richting het kader. Ik hoop dat ik dat voldoende duidelijk heb gemaakt? Anders ga ik het straks gewoon nog een keer proberen te duiden. We hebben niet afgesproken wie er eerst wil. Ik heb al wel vrijwilligers aangemeld gekregen. Dus we doen het gewoon bij handopsteken. Ik zie in ieder geval meneer Paauw. Daarna zie ik mevrouw Flinterman. Daarna zie ik mevrouw Buzan. Dan kom ik daarna de rest inventariseren. Meneer Paauw. 2.

Reactie vanuit elke fractie op het voorliggende toetsingskader (maximaal vijf minuten, een woordvoerder per fractie) DE HEER PAAUW (GGS): Voorzitter, collega's, inwoners op de tribune, maar misschien ook thuis, fijn dat u meegaat in dit verhaal van vanavond. Als fractie van GGS hebben we altijd op het standpunt gestaan om tijdelijke woningen niet toe te staan. Je kan je beter concentreren op permanente bouw, wat ook broodnodig is. Maar de wettelijke verplichtingen, en niet te stoppen stroom van vluchtelingen naar ons land noodzaakt ons om anders te kijken naar tijdelijke woningen. In het toetsingskader dat voor ons ligt, wordt duidelijk aangegeven dat tijdelijke woningbouw niet permanente woningbouw gaat verdringen. Vraag aan het college: hoe gaat u dit binnen de ambtelijke organisatie borgen? Heeft u als gemeente een lijst van alle toekomstige woningbouwprojecten goed in beeld? Het gaat ons als fractie te ver om de kaders die voor ons liggen, ieder vraagstuk apart te bezien. Wat we belangrijk vinden, is dat er nu eerst wordt gekeken wat er nog meer voor mogelijkheden zijn.

Waarom wordt niet onderzocht of de huidige noodopvanglocaties, het Fletcher Hotel en Albertsdorp -beide lijken goed te functioneren - te verlengen? Vraag aan het college: wilt u onderzoeken, in overleg met de omwonenden, of de opvangtermijn van deze twee locatie kan worden verlengd, en zo ja, hoelang? Tijdens de bijeenkomst met inwoners konden we vaststellen dat onder de aanwezigen draagvlak was voor tijdelijke huisvesting, maar dan wel verspreid door heel Soest. Wel onder voorwaarde dat het kleine eenheden moesten zijn. Uit de beantwoording van meerdere vragen die we hebben gesteld via Teams, waar wij technische vragen konden stellen, wordt dat niet helder. Dat geeft per locatie een doelgroep. Of dat een optimum gevonden moet worden tussen kleinschaligheid, in verband met kleine inbedding in wijken tegelijkertijd. Is dat wel uitvoerbaar? In deze beantwoording wordt niets concreets aangegeven. Vraag aan het college: welke aantallen wooneenheden en personen zijn er maximaal toegestaan onder de noemer kleinschaligheid? De laatste weken is veel informatie naar de fractie gekomen. Onder andere bevindingen die zijn opgehaald bij de bijeenkomst tussen raad en inwoners. Echter, de rapportage van de inwoners blijkt een bloemlezing te zijn waarvan het onderzoekscomité aangaf dat het niet representatief was voor de inwoners van Soest.

Wij kunnen deze bloemlezing dus niet als harde conclusie aanhouden. De bijeenkomst van 29 februari was heel waardevol. Ondanks een oververtegenwoordiging van omwonenden van het Open Hof. Het contact tussen de raad en aanwezige inwoners was goed. En zeker voor herhaling vatbaar, al was het maar om de verstrekte informatie verder te verduidelijken. Veel inwoners lijken positief te staan tegenover kleinschalige, tijdelijke opvang. Maar ook vinden zij het belangrijk dat er wat gedaan moet worden om starters eerder de gelegenheid te geven voor een woning, met name in de sociale sector. Wij zijn van mening dat starters op deze tijdelijke woningen inzetten een heel moeilijk verhaal gaat worden. Zeker als je weet dat je eerst asielzoekers zou moeten onderbrengen. Want reken maar uit: in 2025 moeten we 286 asielzoekers huisvesten, verdeeld over kleine locaties. En dan nog moeten er nog andere groepen bij kunnen. Je gaat dan uit van zo'n 500 personen, even gemakshalve. Dat zal neerkomen op misschien wel tien locaties met tijdelijke woningen, waarvan vijf tot zes al vol zitten met asielzoekers. Op deze manier is het eigenlijk voor de starter geen garantie dat hij daar terechtkomt. Daarom stellen wij voor om de regeling van toewijzing van sociale huurwoningen te gaan aanpassen. Nu zijn de regels zo, dat 25 procent van de beschikbare woningen kunnen worden toegewezen aan Soesters.

Wij stellen voor om dit percentage te verhogen naar 50 procent, door nieuwe afspraken te maken met de regiogemeenten. Hier hebben onze starters meer aan, dan af te wachten of er ruimte komt in een tijdelijke woning. Graag een reactie van het college hierop. Het element gemengde woningvormen; hoe gaan we gemengde woonvormen met asielzoekers, statushouders, spoedzoekers, studenten, jongeren, starters et cetera? In de praktijk zal er een samenstelling moeten komen. Hoe wordt de 2

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang verdeling dan gedaan? Welke groepen krijgen voorrang? Wie hebben de hoogste prioriteit? Uit antwoorden op onze technische vragen zal het COA niet meewerken met een gemengde vorm. Onze conclusie is dat er eerst vijf tot zes azc-tjes moeten worden gerealiseerd in 2025. Graag een reactie van het college hierop. Tot slot, onze fractie is van mening dat het toetsingskader ook van toepassing moet worden op de locatie Open Hof. We zien kleine projecten, zodat bewoners elkaar beter kunnen leren kennen. En controleerbaar is, onder voorwaarde dat Soest geen veilige landers gaat huisvesten. De Omgevingswet die afgelopen 1 januari is ingegaan, heeft het voordeel dat het nu is dat het adviesrecht voor de raad gaat als er meer dan twaalf woningen moeten worden neergezet. Dus wij komen tot de conclusie dat de raad altijd nog aan bod komt, als de beoogde locatie voor tijdelijke huisvesting in aanmerking komt. Dank u wel, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Paauw. U sprak namens de fractie van GGS. Ik geef het woord aan mevrouw Flinterman. Zij spreekt namens de fractie van D66. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Dank u wel, voorzitter. Inwoners, collega's, onze bijdrage heeft als titel: ruimte voor ons allemaal. Want daar gaat het om.

Hoe kunnen we met elkaar ervoor zorgen dat iedereen die in Soest kan, wil of moet wonen, hier ook een fijne plek vindt? Zich welkom voelt en aan een toekomst in ons dorp kan bouwen. Want om de wethouder te citeren: je zult nu maar starter zijn in Soest, of statushouder, of vluchteling of spoedzoeker. Fijn wonen kost ruimte. Fysieke ruimte binnen of buiten de rode contour, maar ook ruimte in ons denken hierover. D66 waardeert de inzet van het college op dit thema. En ook de voorzet voor het toetsingskader. Aanvullend hierop hebben we nog een lijstje met adviezen. Ik beperk dat lijstje hier tot de drie belangrijkste punten, die genoemd zijn door heel veel mensen in de gespreksavonden. Dus inwoners, ik hoop dat u herkent wat er twee weken geleden gezegd is. Ten eerste: communicatie, communicatie, communicatie. Mevrouw Falck gaf net al een mooie bijdrage hierover. Op alle fronten communicatie, ook op een creatieve manier. Het is een terugkerend thema, merken we. Of het nu over de Open Hof gaat, over de Insingerstraat: maak een communicatieplan waarin heel Soest wordt betrokken, is ons advies. Informeer niet alleen de direct omwonenden, maar doe dat vooral met een vooraf bepaalde frequentie. Niet alleen als er iets te melden valt, maar ook als er even geen voortgang is. Want dan zijn mensen ook betrokken. Ga in gesprek.

De sessies van de afgelopen maanden zijn georganiseerd op initiatief van de gemeenteraad en zijn zeer zinvol gebleken. Participatie is meedenken en dat willen Soesters graag. We hebben gehoord en gezien hoeveel inspirerende suggesties er uit de groepen zijn gekomen. Evalueer straks ook per locatie en neem daar de Soesters en de raad ook in mee. Ten tweede: spreiding, kleinschaligheid en meedoen in de samenleving. Allemaal voorwaarden om opvang van vluchtelingen en statushouders zo prettig mogelijk te laten verlopen. Veel inwoners willen helpen met die integratie. Geef vluchtelingen en statushouders ook zo snel mogelijk de gelegenheid te werken en zich te ontwikkelen, en zo een bijdrage te leveren aan de Soester samenleving. Ons derde advies: geen partijpolitieke taboes. In het toetsingskader worden allerlei criteria genoemd waaraan de tijdelijke huisvestingslocaties zouden moeten voldoen. Prima, maar denk vooral eens out of the box. De inwoners van Soest vragen daarom. Kijk naar de rafelranden, ook buiten de rode contour. Wees creatief met een bestemmingsplan, met tijdelijke ontheffingen. Van maatschappelijk naar wonen, of van bedrijventerrein naar wonen. Het gaat om tijdelijke huisvesting, dus wees flexibel. Het tbsterrein, Lange Brinkweg, De Meent, transformatie van kerken of bedrijfspanden; er is zoveel meer mogelijk als de politieke wil er ook is.

Stap over uw dogma's en partijpolitieke piketpaaltjes heen en bouw aan een toekomst voor Soest. Onze vraag aan het college is: bent u bereid deze oproep die nu van D66 komt, maar ook van vele inwoners gehoord is - ter harte te nemen? De vraag aan de coalitie en deze raad is: bent u bereid te bouwen in de rafelranden, wijzigen van bedrijfslocaties naar tijdelijk wonen en bouwen buiten de rode contouren bespreekbaar te maken? En hoe nu verder? Het gesprek met de inwoners op 29 februari heeft D66 als erg zinvol ervaren. Soms confronterend, maar ook heel verhelderend om het gesprek te voeren als Soesters onder elkaar. En niet de frustraties op social media te lezen, of boze reacties in de mail te krijgen. Wat ons betreft voor herhaling vatbaar. Als ik zo luister, en in de wandelgangen ook het commentaar hoor, geldt dat ook voor de andere partijen die hier aanwezig zijn vanavond. Maar wat doen we hier dan mee? Wat hebben de inwoners van Soest hier onderaan de streep aan? Twee voorstellen van D66: laten we de punten waar we het vanavond allemaal over eens zijn, samenvatten in een raadsverklaring. En deze als dwingend advies aan het college meegeven. Is het daarnaast niet heel waardevol om de betrokkenheid die er nu is bij de inwoners te koesteren? Laten we als raad met enige regelmatig een inloopuurtje plannen.

Waar inwoners langs kunnen komen met hun zorgen, zodat we van gedachten kunnen wisselen over wonen in Soest. Maar misschien ook wel over andere onderwerpen die aan het hart gaan. Veel gemeenten kennen zo'n spreekuur. Als democraten zouden we dat een mooi middel vinden, om onze rol als volksvertegenwoordiger zichtbaar en benaderbaar te maken. Dat is dan ook meteen een oproep aan alle inwoners van 3

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang Soest: blijf betrokken. Laat uw geluid horen. Uw mening is welkom, dus weet ons ook als gemeenteraad te vinden. Tot zover, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Flinterman. U sprak namens de fractie van D66. Mevrouw Buzan, u spreekt namens de fractie van GroenLinks. Daarna heb ik mevrouw Sterenberg genoteerd. Ik weet niet of ik alweer andere? Ik zie er nu drie, ik ga u zo opnoemen. MEVROUW BUZAN (GL): Geachte voorzitter, en via u collegeleden, collega's en toehoorders. In de gemeente Soest is veel te weinig betaalbare woonruimte beschikbaar. Daardoor is het veel te lang wachten op een geschikte woning voor starters. Waaronder ook kwetsbare groepen als spoedzoekers en statushouders, die vaak na een lange procedure eindelijk toe zijn aan een nieuwe start. Tijdelijke woningenzijn hiervoor geen oplossing. GroenLinks wil benadrukken dat er vooral meer betaalbare woningen voor starters beschikbaar moeten komen, die blijvend bewoond kunnen worden. Voorzitter, het kost tijd om dat te realiseren. En het college neemt nu het initiatief om die tijd te overbruggen met tijdelijke huisvesting. Dat biedt gelijk de hoognodige mogelijkheid om in Soest een plek te bieden aan oorlogsvluchtelingen en asielzoekers, die ook aan een start staan. Maar dan van een nog onzekere periode in Nederland.

Zowel voor starters als voor vluchtelingen heeft Soest veel te bieden. Een ontspannen leefomgeving en goede voorzieningen. Als GroenLinks zijn we vooral trots op al die mensen die buren hulp bieden, bijvoorbeeld met kleine isolatiemaatregelen, bij de spullenhulp, in het repair café, als taalmaatjes of in de schuldhulp. Een mooie gemeente om te starten, voor iedereen. Als iemand die al acht jaar in Soest woont, voel ik me sterk verbonden met de gemeenschap en haar waarden van inclusiviteit en solidariteit. Ik ben zelf ooit als asielzoeker naar deze gemeente gekomen. Ik kan uit eigen ervaring zeggen, dat Soest mij een warm welkom heeft geboden en me de kans heeft gegeven om een nieuw leven op te bouwen. Het was niet alleen de formele huisvesting die me hielp om mijn weg te vinden. Ook de buitengewone steun die ik ontving van medeburgers van Nederlandse families, waarmee we nog steeds bevriend zijn. Die ons hielpen onze taalbarrière te overwinnen en ons te laten wennen aan een nieuwe omgeving, een nieuwe taal en een nieuwe cultuur. Naast stevige inzet op meer beschikbaarheid van betaalbare permanente woningen, kan GroenLinks zich daarom vinden in het realiseren van tijdelijke huisvesting. Veel hangt echter af van hoe de uitwerking door het college ter hand wordt genomen.

Bij het opgestelde toetsingskader hiervoor willen we dan ook enige wensen en bedenkingen meegeven aan het college voor die uitvoering. In de eerste plaats betreft dat de omvang van de plannen en de spreiding van doelgroepen daarbinnen. We kunnen namelijk instemmen met het streven om de toekomstige bewoners van de tijdelijke huisvesting onderdeel te laten zijn van de Soester samenleving. Dat vraagt naar ons idee maatwerk per buurt. Dan bedoelen we een kleiner gebied dan een hele wijk, met kleinschalige en niet te eenzijdige plannen. Kan het college dat bieden in de uitvoering? Wat GroenLinks betreft, is de opdracht aan het college om te streven naar echte kleinschaligheid. Door de grootte van de locatie te beperken tot ongeveer dertig tijdelijke wooneenheden. En om voor iedere locatie een mengeling van bewoners te realiseren, waarmee zoveel mogelijk sociale raakvlakken met de omringende buurt ontstaan. Dit zou vanuit Soest ook de duidelijke boodschap moeten zijn aan het COA, dat over de plaatsing van asielzoekers beslist. Het tweede onderwerp betreft de onduidelijkheid over de duur van tijdelijkheid. Nu staat in het stuk een wel erg ruim tijdvlak van vijf tot vijftien jaar. We roepen het college op om bij ieder concreet plan voor tijdelijke huisvesting veel preciezer aan te geven hoelang de woningen daar blijven staan. Vooral ook naar de buurt.

Dit is maar één aspect van de tijdelijkheid, voorzitter. Een nog belangrijkere vraag is hoe vaak er nieuwe mensen intrek nemen in de woningen. Het maakt nogal uit of er vijftien jaar lang, iedere twee jaar nieuwe mensen naast je komen wonen, of dat er tien jaar lang hetzelfde gezin komt wonen. Het college zou wat ons betreft dan ook per plan uit moeten werken en moeten communiceren wat de verwachte woonduur van de verschillende doelgroepen gaat zijn. En hoe dat past in de betreffende buurt. Een vraag die daarmee samenhangt, is welke kwaliteit van de tijdelijke woningen gerealiseerd gaat worden. Wat GroenLinks betreft, worden bijvoorbeeld in de plannen ook woningen opgenomen die groot en comfortabel genoeg zijn, om tien jaar lang als gezin in te wonen. Zeker relevant voor statushouders en andere starters, die een wooncarrière in Soest beginnen, lijkt ons. Tenslotte hebben wij nog de bedenking of het niet veel te beperkt is om alleen maar te zoeken naar locaties die in eigendom zijn van de gemeente. Is het volgens het college echt ondenkbaar dat we een beroep doen op andere grond- of pandeigenaren? Waarom zouden de ondernemers uit Soest niet die verantwoordelijkheid willen nemen? Een mooi beeld toch, voorzitter? Als Soester samenleving als geheel weten we starters en vluchtelingen een plek te geven. Wie weet hoeveel goede gemeenteraadsleden voor de toekomst dat oplevert.

Dank u wel, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Buzan. Wat dat betreft hebben we het goed gedaan. Dank u wel. U sprak namens de fractie van GroenLinks. Mevrouw Sterenberg, VVD. 4

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang MEVROUW STERENBERG (VVD): Bedankt, voorzitter. Vanavond zult u van de VVD een nog kritischer geluid horen dan u wellicht gewend bent. Wij maken ons namelijk zorgen. Als raad buigen wij ons ongeveer twee maanden over dit kader. De VVD vindt het schrikbarend om te zien hoeveel ruis en onduidelijkheid er is ontstaan op het opvangvraagstuk. Wat de VVD betreft, is deze onduidelijkheid ontstaan op het moment dat het college ertoe heeft besloten om twee opgaven op één hoop te gooien; het asielvraagstuk en onze woningnood. Hierdoor zijn er niet alleen onjuiste beelden ontstaan over de asielopgave. Hiermee hebben we ook onjuiste verwachtingen geschept bij onze inwoners. Er zijn beelden ontstaan dat starters, asielzoekers, statushouders onder één plan komen te wonen en er zo geen typische azc's ontstaan. In werkelijkheid blijft de asielopgave een separate opgave. En zijn de tijdelijke woningen voor starters in de ogen van de VVD op dezelfde stapel gegooid, als doekje voor het bloeden richting onze inwoners die kritisch zijn op het asielvraagstuk. De VVD zal in haar bijdrage dan ook een knip maken tussen deze twee opgaven. Allereerst de asielopvang. Ook hier is het mogelijke beeld richting onze inwoners ontstaan dat wij als raad nog daadwerkelijk wat in te brengen hebben.

Dit met als risico dat wij het zogenaamde hitteschild zijn geworden richting onze inwoners. De raad kan toch ingrijpen? In werkelijkheid staat de raad al tijden buitenspel. Ook op de inzet van het Fletcher Hotel heeft de raad geen invloed gehad. De besluiten zijn tot dusver aan de provinciale tafels genomen. Nu is er de Spreidingswet, wat niet de oplossing is voor daadwerkelijke probleem: de te hoge instroom. Met deze Spreidingswet staan we als raad wederom aan de zijlijn. Net als voorheen zullen aan de provinciale regietafel de gesprekken plaatsvinden over de verdeling. Als raad hebben wij er geen zicht op hoe daarbij voor onze belangen wordt opgekomen. Wat pakt Soest op? Wat moet Soest nog oppakken? Wat de VVD betreft, heeft Soest al een groot aandeel op zich genomen. Want laten we Kamp van Zeist niet vergeten. Voor de VVD is het heel simpel: een aandeel hiervan hoort ook voor onze gemeente mee te tellen. Het zijn immers onze Soesterbergers die het meest worden geconfronteerd met de komst van dit azc. Daarnaast is de VVD van mening dat Soest niet het braafste jongetje van de klas hoeft te zijn. Er zijn gemeenten in onze provincie die nog niks hebben ingebracht.

Wij begrijpen dat we iets moeten, maar zolang het daadwerkelijke probleem niet wordt aangepakt: het verminderen van de instroom, kunnen wij niet verantwoordelijk worden gehouden voor het probleem dat in Den Haag is ontstaan. We zijn geen barbaren die tegen opvang zijn. Maar we willen wel realistisch zijn, in wat we eerlijk vinden. En hoe meer wij het probleem Van Den Haag oplossen, des te minder urgentie is er landelijk om stevige maatregelen in te zetten om de instroom daadwerkelijk in te perken. Wat de VVD betreft, is er in onze gemeente sowieso geen ruimte voor veilige landers. Naast dit stevige signaal heeft de raad niet veel in te brengen. Als het bestemmingsplan het toelaat en het COA het wenst, heeft de raad niks in te brengen. Toch is er hier ook weer een volle zaal, waarbij het beeld is ontstaan dat wij nog in kunnen grijpen. Ik kan u wel vertellen dat met het afwegingskader dat er nu ligt, met de vereiste draagkracht die er moet zijn in de buurt, het toch onvoorstelbaar lijkt dat een wijk als Smitsveen dan als passend wordt gezien. Voorzitter, gelet op de tijd ga ik door naar het volgende probleem dat op de asielopvang stapel is gegooid: het plan om als doekje voor het bloeden 250 mensen ook van een woning te willen voorzien. Statushouders, spoedzoekers, Oekraïners en, o ja: de starters. De VVD vraagt zich sterk af waar het getal van 250 vandaan is geplukt.

Kijkend naar de opgave op de statushouders en de Oekraïners, verwacht de VVD dat het aantal starters dat wij daadwerkelijk gaan helpen op twee handen te tellen is. Een onderbouwing of een verdeling ontbreekt. Hoe realistisch is het beeld wat nu wordt geschetst richting onze inwoners? Ja, u zult de komst van asielzoekers misschien wat zuur vinden, maar hier heeft u iets zoets; we doen ook iets voor de starters. Naar wie wordt er straks gekeken als er niet één extra starter een woning heeft gevonden? Naar de raad. De raad is immers in gesprek gegaan met de inwoners. Dat vonden we overigens wel heel fijn, maar we worstelen ook met de onmacht die deze onrealistische situatie ons brengt. De VVD wil namelijk vol inzetten op woningbouw voor onze Soesters. Maar de Soesters zijn niet geholpen als we deze doelgroepen op één hoop gooien. Sinds wanneer zetten we afwegingskaders in, voor de komst van starters? Ik heb nog nooit iemand horen zeggen: ojee, er komen starters naar onze buurt. Maar zo hebben we ons nu wel in een situatie gedwongen, dat er een kader ligt met een opgave waar wij sterke twijfels hebben. Waar komen de getallen vandaan? Waarom 250? We hebben geen enkel inzicht of de plannen haalbaar zijn.

Kleinschalig? Wat is kleinschalig? Wat is werkbaar? Hoe realistisch zijn de beelden die we hebben voorgeschoteld? Tijdelijkheid? Wat is tijdelijk? Er werd gesproken over vijf tot vijftien jaar. Uit nadere info blijkt vijf jaar eigenlijk al onrealistisch te zijn, omdat we dan financieel het schip in gaan. Normaal gesproken zegt het college: de hoe vraag is aan ons. En nu krijgt de raad opeens de bal aan de voet, om een niet SMART kader nader te concretiseren. En voor de show richting onze inwoners kunnen we er dan wel op wijzen: let u wel op de veiligheid? Zijn er voldoende handhavers? Maar de VVD past ervoor om het huiswerk te doen als show richting onze inwoners. Wij zullen de bestemmingsplannen die wel onze kant opkomen, kritisch bekijken. Maar voor de VVD is het heel duidelijk: tijdelijke woningen zijn geen permanente oplossing. De VVD vindt dit het doekje voor het bloeden. En we zien dit dan ook als verspilde ambtelijke capaciteit en energie. We zouden ons liever voor de volle 200 procent inzetten op 5

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang permanente bouwprojecten, voor een permanent dak boven het hoofd van onze Soesters. Hier is niemand mee geholpen, ook niet die tien starters die met deze plannen misschien aan bod komen. Tot slot wil de VVD wel haar dank uitspreken richting alle betrokken inwoners, ook de inwoners die er vanavond zijn. De VVD wil het college nogmaals op het hart drukken de verdere participatie met onze inwoners heel serieus te nemen. En de inwoners te betrekken voordat knopen zijn doorgehakt. Daarnaast zou de VVD het college ook willen uitnodigen om het gesprek aan te gaan met de inwoners rond het Fletcher Hotel, of zij ook open zouden staan voor verlenging. Bedankt. VOORZITTER: Dank u wel mevrouw Sterenberg. U sprak namens de fractie van de VVD. Ik laat het nu deze keer, maar u kunt dit niet doen. De raadsvergadering is zonder dit soort dingen. Anders moet ik helaas daarvoor ingrijpen. Dus wat er verder ook nog gezegd wordt, het is niet toegestaan op de tribune om te applaudisseren, of andere blijken van in- of afstemming te geven. Meneer Weldink, Soest 2002. DE HEER WELDINK (SOEST2002): Dank u wel, voorzitter. De woningnood in Soest is hoog. Junioren en senioren smachten naar geschikte woonruimte. Datzelfde geldt voor spoedzoekers en andere woningzoekenden.

En dan is er nog de door het Rijk opgelegde taakstelling voor statushouders. Dat er volgend jaar 250 extra woningen worden gerealiseerd, is een druppel op de gloeiende plaat. Maar wel een welkome druppel; we zijn er als Soest 2002 toch wel blij mee, ondanks de beperkte omvang. De huidige wooncrisis wordt mede veroorzaakt door het gebrek aan grote bouwplannen. In Soest is de Boerenstreek als laatste grote wijk opgeleverd in 2005. In Soesterberg gaat het gelukkig iets beter, maar hier duurt het ook erg lang voor daadwerkelijke woningen gebruikt worden. Er is wel een redelijk aantal kleinere bouwlocaties beschikbaar. Maar om voor ons onverklaarbare redenen, duurt het jaren voor ze ontwikkeld worden. Wellicht is het goed dat als er vergunningen verleend worden, er een eis van twee jaar aan gekoppeld wordt. Het lijkt dat de Omgevingswet hier mogelijkheden voor heeft. Dus binnen twee jaar moet er gebouwd worden, anders krijgt een andere ontwikkelaar de gelegenheid op die locatie te bouwen. We hebben immers woningen nodig. Los van de huisvesting van reguliere doelgroepen heeft de capaciteitsraming vanuit de Spreidingswet de wettelijke plicht om driehonderd asielzoekers op te vangen. Op 29 februari heeft de raad met een zeventigtal betrokken inwoners uit onze mooie gemeente gesproken. Er is gesproken over het generieke toetsingskader, niet over locaties.

Maar ook over de andere relevante punten met betrekking tot het opvangen van asielzoekers. De volgende aandachtspunten werden naar voren gebracht. Eén: de tijdsduur dat de tijdelijke woningen er staan. Twee: de plek in de wijk en de aansluiting en draagvlak bij de wijk. Drie: een eerlijke verdeling van tijdelijke woningen over Soest. Vier: buiten de rode contouren bouwen. Vijf: grootte per locatie. Zes: samenstelling van bewoners in die locaties. Zeven: de communicatie over de plannen. Ik zal deze aandachtspunten één voor één toelichten. De voorgestelde tijdsduur is vijf tot vijftien jaar. Soest 2002 vindt dat er gericht moet worden op een tijd van vijf jaar. Tien tot vijftien jaar vinden wij veel te lang. De plek in de wijk en het draagvlak is moeilijk te meten. Dat is zeker niet eenvoudig SMART te maken. Dit vereist veel kennis en compassie van het college en dient zorgvuldig te worden afgewogen, een starre opstelling past hier niet. Veel overleg met bewoners en flexibiliteit zijn belangrijk. Een eerlijke verdeling over Soest is ook belangrijk. Dit betekent niet een evenredige verdeling, maar een verdeling die rechtvaardig is. Ook dit is maatwerk. Nu lijkt het vaak dat de meest kwetsbaren het eerst aan de beurt zijn. Dit moet vermeden worden. Veel bewoners hebben aangegeven: bouw ook buiten de rode contouren.

De tijdelijke locaties staan daarnaast nooit een toekomstig bouwplan in de weg. Soest 2002 kan die redenering goed volgen, maar wil ook graag horen hoe de raad hierover denkt. Grote locaties vindt men onwenselijk. Een locatie van vijftig units voor twee personen zijn honderd personen per locatie. Wij vinden dat veel te veel. Wij denken aan een streefgetal van maximaal vijftig personen per locatie. Qua samenstelling ziet iedereen het liefst gezinnen met kinderen op de locaties. Men verwacht dat dit de minste overlast geeft. Aangezien het grootste deel van onze woningzoekenden onze eigen jongeren zijn, is dit onrealistisch. Maar we geloven wel dat het mengen van jongeren met asielzoekers en statushouders goed is. Kleine privéruimtes met grote gemeenschappelijke ruimtes lijken de oplossing: de Utrechtse aanpak. Soest 2002 ziet de opvang van ama's liever niet. Een goede communicatie is zeer belangrijk. Het college heeft de neiging pas te communiceren als iets bestuurlijk concreet wordt. Voor bewoners is het echter al concreet als de eerste signalen binnenkomen. De communicatie dient dus al vroegtijdig opgestart te worden. Soest 2002 onderschrijft dit. Bewoners zijn mondig en kunnen goed meedenken. Dus hoe eerder je communiceert, hoe beter.

In de zienswijze van bewoners die wij van bewoners ontvangen hebben, wordt genoemd dat volgend jaar zowel het Albertsdorp als het Witte Huis vervallen. Deze personen en de nieuwe asielzoekers moeten dan weer gehuisvest worden. Het aantal benodigde locaties kan dan snel oplopen. Kan de wethouder aangeven of deze aantallen bij mekaar geteld moeten worden? Tot slot wil Soest 2002 benadrukken dat tijdelijke woningen alleen te verantwoorden zijn, als er direct begonnen wordt met permanente woningbouwplannen. Als tijdelijke woningen weer 6

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang weg moeten, dan moet er ruimte zijn voor bewoners die die tijdelijke woningen verlaten. Tijdelijke woningen zonder permanente plannen leidt tot uitstel en het stapelen van problemen. Dat is zeer onwenselijk. Kortom voorzitter, Soest2002 is het eens met het voorgestelde toetsingskader, maar vindt dat het nog wel aangevuld moeten worden. Met ten eerste: een goede omschrijving dat het permanente woningbouw niet in de weg mag staan. Hoe gaat u dat regelen? Ten tweede: een goed omschrijven van kleinschalige opvang. Wat is dat en hoe ziet dat eruit? Ten derde: minimale opvang van ama's. Verder willen wij graag met de raad in discussie deze vergadering, of het bouwen van flexwoningen buiten het rode contouren een optie is. En met name of het binnen of buiten het coalitieakkoord valt. Ten slotte wil ik de inwoners bedanken voor alle goede tips die ze gegeven hebben. En zeker de zienswijzen die later ingestuurd zijn, die hier toch nog een goed beeld geven over hoe het gaat komen. Ik dank u wel, voorzitter. VOOZITTER: Dank u wel, meneer Weldink. U sprak namens de fractie van Soest 2002. Meneer Baks, u spreekt namens de fractie van BurgerBelangen. DE HEER BAKS (BURGERBELANGEN): Dank u wel, voorzitter.

Voorzitter, vanavond leveren we met elkaar bouwstenen voor een definitief toetsingskader voor tijdelijke woningen en asielopvang. We stellen niks vast als raad en we nemen geen besluit. En toch, voorzitter, wil BurgerBelangen graag geïnformeerd worden over wat u als college met onze inbreng vanavond doet. Als het toetsingskader door u als college is vastgesteld, willen wij graag het definitieve toetsingskader ontvangen. Wilt u dat toezeggen? We vinden het noodzakelijk dat het toetsingskader zo concreet mogelijk wordt omschreven. Vaagheden leiden alleen maar tot verschillende interpretaties. Omschrijft u zo helder mogelijk wat u bedoelt. Dat maakt een evaluatie toetsbaar en komt de communicatie naar inwoners en raad ten goede. Een aantal vaagheden uit het voorstel van het toetsingskader wil ik nu benoemen. Soest werkt op een proactieve wijze aan de uitdagingen die het woningtekort en migratie met zich meebrengt. Vraag: hoe wilt u dat gaan doen? Wat is een passende verdeling van tijdelijke woningen onder de diverse doelgroepen? En wat is dus in dit opzicht passend? Het lijkt erop dat u, om het toetsingskader acceptabel te maken, de opvang van statushouders en asielzoekers hebt opgeleukt met starters en spoedzoekers. Dat betekent dat we ieder jaar voor ruim 530 mensen woningen moeten bouwen. De vraag naar betaalbare huurwoningen is groot.

Naar ons oordeel rechtvaardigt dit dat de woningen al of niet tijdelijk beschikbaar komen. We zetten ons in dat opzicht naast de opmerkingen van Gemeentebelangen Groen Soest. Dat rechtvaardigt dat niet 25%, maar 50% bedoeld moeten worden voor eigen Soester inwoners. Dit in ogenschouw nemend maakt het verlengen van de contract tussen COA en het Fletcher Hotel en Albertsdorp noodzakelijk. Wilt u er bij het COA op aandringen en bewerkstelligen dat op korte termijn gestart wordt met participatietrajecten met omwonenden? Vooropgesteld willen we aangeven dat wij ons scharen naast de opvatting van andere fracties, dat wij kiezen voor permanente in plaats van tijdelijke woningbouw. Maar willen we op korte termijn onze woningbouwverplichtingen mogelijk maken, dan begrijpen ook wij dat voor de korte termijn tijdelijke bouw onvermijdbaar is. Maar voorzitter, wat is dan tijdelijk? Is dat vijf, tien, vijftien jaar? Wilt u hierover duidelijkheid verschaffen? U kiest voor kleinschalige locaties? Wat is in uw optiek kleinschalig? En is dit voor iedere mogelijke locatie gelijk? Wij verstaan onder kleinschalig tussen de nul en de vijftig woningen. Onder het kopje inclusie schrijft u dat u wilt dat minderheden zich veilig moeten voelen in onze samenleving, zonder gediscrimineerd te worden. Een mooi streven. Wij vinden dat dit voor alle inwoners geldt, niet alleen voor minderheden.

Bent u dat met ons eens? En hoe wilt u dit toetsen? Het COA gaat over de plaatsing van asielzoekers en statushouders. Wilt u er bij hen op aandringen dat Soest geen plaats wil bieden aan veilige landers en gelukszoekers. Voorzitter, bij iedere locatie waaraan uiteindelijk wordt gedacht, is communicatie met inwoners van wezenlijk belang om een draagvlak te creëren. Belangrijk vinden wij dat omwonenden tijdig en zo volledig mogelijk worden geïnformeerd. En uitgenodigd worden om in gesprek te gaan. In Soest doen we het samen, zeker als het om moeilijkere zaken gaat. Wij willen niet dat de inwoners denken dat besluiten over locaties al genomen zijn. Maar dat ook zij zich voelen als volwaardige partners vanaf het begin van het proces. En zo optimaal mogelijk invloed kunnen uitoefenen. Dan heeft dat vast een andere uitkomst dan wat we nu zien rond de Open Hof. Overigens nemen we daar aan dat iedere locatie, dus ook de Open Hof, moet passen binnen het toetsingskader. Voorzitter, hier laten we het in eerste instantie bij. En wij zien uw reactie met vertrouwen tegemoet. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Baks. U sprak namens de fractie van BurgerBelangen. Meneer Lucas, namens de fractie van het CDA. En wellicht kunt u gelijk het pasje aan de heer Weldink teruggeven? DE HEER LUCAS (CDA): Voorzitter, aanwezigen, luisteraars.

In de kern bezien zijn wij op zoek naar oplossingen op lokaal niveau voor een probleem op wereldniveau; woonruimte voor statushouders, 7

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang asielzoekers, Oekraïners. En we zijn op zoek naar oplossingen op lokaal niveau voor een lokaal probleem; woningen voor onze eigen starters en spoedzoekers. Toch eigenlijk wel een aparte combinatie. Het probleem op wereldniveau lossen we met dit kader niet op. Dan het lokaal niveau, en misschien het wijk- of buurtniveau binnen Soest. Er ligt nu een toetsingskader. Het CDA vraagt zich wel af of dit kader helpt om geschikte locaties te vinden. Ik heb suggesties, soms als vraag vermomd, maar in ieder geval bedoeld om het kader duidelijk te krijgen. Ik heb daarbij trouwens ook geput uit de gesprekken die we hebben gehad en de teksten die we hebben gekregen van de inwoners. Allereerst: wat moeten we, wat willen we en wat willen we niet? Het opleveren volgend jaar van locaties voor 250 woningzoekenden, betreft maar een heel klein deel van de totale woningbehoefte van die groepen: nog geen 10 procent. Ik zou graag een antwoord willen weten op de vraag: zijn alle aantallen uit de Spreidingswet dan gehuisvest? Want dat ging om meer dan 250. Wat doet u voor alle andere starters? Ik heb het idee dat we dit zoekproces moeten herhalen. Acht keer, negen keer, misschien wel tien keer, om de vraag van de woningzoekenden uiteindelijk beantwoord te krijgen.

Klopt dit? En inderdaad, het werd al gezegd: wat we niet willen is dat we gaan bouwen voor de veilige landers. Het zou misschien wel kunnen, dat wat in Kamp Zeist aanwezig is, meetelt voor Soest. Dat zou mooi zijn. Het college wil groepen mengen. Wat vinden de starters daar zelf van? Gaat u dat na en wordt daar rekening mee gehouden? Niet alle starters zijn hetzelfde. Dat geldt ook voor andere doelgroepen. Een andere vraag is: wat zijn dan mengverhoudingen? Is dat overal hetzelfde? Wat ons betreft hoeft dat niet het geval te zijn. Communicatie en participatie, ik heb daarbij heel goed geluisterd naar mevrouw Flinterman. Want dat hebben wij ook als een heel belangrijk punt. Informeer niet alleen ons als raad, maar informeer vooral ook de inwoners tijdig, volledig en feitelijk. De vraag is ook natuurlijk: waarover kunnen inwoners meepraten? Ik vind het overigens nuttig en ook wel noodzakelijk, dat we als raad weten wat het draagvlak en de acceptatie is als locaties bekend worden. Kunt u daarmee rekening houden? Wijkaanpak; in ruimtelijk en in sociaal opzicht zijn wijken verschillend, ook in Soest. Hoe houdt u daar rekening mee? Kunnen de algemene kaders verschillen op wijkniveau? Hoe kijkt u bijvoorbeeld naar Soestduinen? Is dat dan een aparte wijk of hoort dat bij Soest Zuid. Er werd al gezegd: Smitsveen.

Is dat niet al een voldoende gemengde wijk? Hoe groot is kleinschalig en hoe strak houdt u daaraan vast? Het CDA ziet graag dat - als bijvoorbeeld de omgeving het wil, kan en ook wil hebben - er iets meer of minder mogelijk moet zijn dan het kader misschien aangeeft. Zo rond de 25 woningen maximaal. U wilt alleen locaties gebruiken, zo lees ik, waar in de toekomst permanente woningbouw kan komen. Mijn vraag is: wat is kan? Is dat ooit? Als in: als straks de belemmerende bestemmingen van die locaties eraf zijn? En als u niet voldoende ruimte vindt, kunt u dan toezeggen dat u naar de raad komt? Wat ons betreft kijken we dan ook naar mogelijkheden buiten de bebouwde kom. Het liefst ziet het CDA dat u dat nu al doet. Ook inwoners noemen dat duidelijk. Zoek buiten de rode contouren. Graag uw reflectie over deze wens van inwoners. Beperk locaties trouwens ook niet tot alleen maar locaties waar woningbouw mag komen. Het mag van ons ook waar bedrijfsterreinen kunnen komen, of andere functies. Juist als het tijdelijk is, moet je de tijdelijke bestemming losknippen van de huidige. Het is ook al door anderen gevraagd: tijdelijk, hoe duurt tijdelijk? Toch niet eeuwig, mogen we denken? Kan ook hier per locatie gekeken worden wat mogelijk of wat wenselijk is? Wees in ieder geval wel duidelijk over dit begrip. In de Utrechtse aanpak wordt gesproken over dicht bij voorzieningen.

Dat is mooi, maar wij vinden dit voor de groepen waarover we het nu hebben niet echt een belangrijk criterium. Soest is zoveel kleiner dan Utrecht. Hoe kijkt u daartegenaan? Wat ons betreft kan het uit het criterium lijstje. U wilt aansluiten op de bestaande kaders van de Omgevingsvisie. Als ik dat zo lees, kan ik me er wel iets bij voorstellen. Maar wat bedoelt u met aansluiten? Is het ook niet zo dat, als je al die kaders nog weer eens een keer meeneemt, dat dat niet gigantisch belemmerend gaat werken? Het CDA vraagt: denk in bepaalde opzichten niet binnen, maar juist buiten de kaders. Dan een paar teksten die naar mijn idee niet zo heel veel toevoegen als het gaat om de vraag of een plek geschikt is. Want dat is volgens mij de vraag die nu voorligt. In het begin - en de heer Baks gaf het al aan -u schrijft: we handelen toekomstgericht, proactief en realistisch. Dat is zo algemeen, dat kan er wat mij betreft uit. Ik kan daar zelf geen locatie bij bedenken die dat wel of niet heeft. Inclusief; hetzelfde. U schrijft: de gemeente is een inclusieve gemeente. Iedereen kan meedoen en niemand wordt gediscrimineerd. Los van dat het een prima wens is, voegt het voor de zoektocht naar mijn idee niets toe. Alle tekst daarna is in die zin niet verkeerd, maar overbodig.

Dat minderheden zich veilig voelen, kwetsbare inwoners meedoen, dat zegt u toch al bij inclusief? Een paar opmerkingen nog. Eén hele belangrijke: de rol van de raad. Wanneer en waarover spelen wij als raad hier nog een rol? Legt u potentiële locaties ter informatie aan ons voor ter consultatie? Of kunnen wij als raad nog een ja of nee uitspreken? En als laatste: we hebben het nu over specifieke doelgroepen. Maar hoe zit het met woningbouw voor onze ouderen? Ook een groep die staat te springen om passende huisvesting. Hoe voorkomt u dat de aandacht voor hen niet verslapt? Want als we het hebben over inclusieve samenleving, zij maken daar nu ook al deel van uit. Ik laat het even hierbij. Misschien dat er na de discussie nog gelegenheid is om andere punten aan de orde te stellen. Ik heb gezegd. 8

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang

VOORZITTER: Dank u wel meneer Lucas. U sprak namens de fractie van CDA. Meneer Witlox, namens de fractie van de Partij van de Arbeid. DE HEER WITLOX (PVDA): Beste collega's, college, aanwezigen, kijkers. Vanavond kunnen we als gemeenteraad aanbevelingen -ik hoorde net het woord bouwstenen - aan het college geven over het toetsingskader. Er komt nu een lange zin: het vraagstuk realiseren van tijdelijke woningen voor starters, spoedzoekers, statushouders en ontheemden uit Oekraïne. En, ik zeg bewust en, want dat is een ander vraagstuk: het realiseren van opvangplekken voor vluchtelingen. Laat ik met het eerste vraagstuk beginnen. Dat eerste vraagstuk over tijdelijke woningen voor starters, statushouders en spoedzoekers speelt al langer in onze gemeente. Zelfs in het coalitieakkoord van twee jaar geleden, staat er een belangrijke alinea over. Namelijk: we staan open voor innovatieve concepten, die een bijdrage kunnen leveren aan de woningnood. We noemen hierbij als voorbeeld flexwonen. Lees: tijdelijke woningen. Die woningnood heeft in Nederland en ook in Soest enorme proporties aangenomen. Het is bijna dagelijks in het nieuws. De kranten staan er vol van. In Soest alleen al zijn 780 starters onder de 23 jaar op zoek naar een woning. En nog eens 1420 tussen de 23 en 34 jaar.

Als PvdA hechten wij groot belang aan het realiseren van woningen voor starters en mensen die jarenlang op een woning wachten. Met tijdelijke woningen kunnen we ze sneller een huis bieden. Als je tijdelijke woningen snel kunt bouwen - en dat kan dan -gaan deze als het aan de Partij van de Arbeid ligt, voor een belangrijk deel naar die starters. Dan kun je die woningnood echt bestrijden. Dan heb je nog spoedzoekers, bijvoorbeeld, mensen die na een echtscheiding op zoek moeten naar een woning. En statushouders, die ook recht hebben op een woning. Als je statushouders ook tijdelijke woonruimte geeft, blijven de gewone sociale huurwoningen beschikbaar voor die ruim tweeduizend Soesters die wachten op een sociale huurwoning. Zonder de bouw van tijdelijke woningen zouden al die mensen nog langer moeten wachten op een permanente woning. Omdat in Soest helaas de realisatie van bouwplannen van gewone -dus permanente woningen - tussen de vijf en tien jaar duurt, en dat is ontzettend lang, heb je die tijdelijke woningen nodig. Denk maar even aan de plannen rond de Albert Cuyplaan, voor het oude Groot Engendaal dat al veertien jaar leegstaat. Of Orlando en de plannen in Soesterberg. Een ander argument voor tijdelijke woningen is dat het Rijk flink bijdraagt in de kosten voor die tijdelijke woningen. Kortom, tijdelijke woningen zijn beslist nodig.

Dan het tweede vraagstuk: de opvangplekken voor vluchtelingen. We hebben twee weken geleden bij de avond samenleving goed geprobeerd te luisteren naar de signalen van de aanwezige inwoners. Hieronder volgt een opsomming van de opmerkingen die in mijn groep van 29 februari zijn gemaakt. Dat zijn opmerkingen die ik ook uit de andere groepen meekreeg, na afloop. Vang vluchtelingen op in kleinschalige groepen. Niet alles in één wijk, maar spreiding over heel Soest. Heb aandacht voor die starters. Zit projectontwikkelaars achter de broek om mee te werken. Communiceer goed met omwonenden. Daar was heel veel frustratie over. De locaties moeten niet ten koste gaan van die voor permanente woningen. Bestem de tijdelijke woningen vijf jaar voor vluchtelingen en kijk daarna of er een andere doelgroep gehuisvest kan worden. Het is net al een paar keer gezegd ook daar werd het gezegd op die avond van 29 februari: waarom kijken jullie niet ook naar locaties buiten de rode contouren? Duidelijk werd ook de voorkeur voor gemengde groepen uitgesproken. Daar heb ik mijn eerste vraag aan het college over.

Als het om gemengde groepen gaat, gaat het dan om groepen waar ook vluchtelingen deel van uitmaken? Een tweede vraag die we hebben is de volgende: zou het college contact op kunnen nemen met de eigenaren van het Fletcher Hotel en ook met die van Albertsdorp, om te bewerkstelligen dat de contracten met die twee verlengd gaan worden? Zodat we minder ruimte voor asielzoekers nodig hebben en meer kunnen inzetten voor onze starters. Dan zou de gemeente van een hoop problemen en onrust verlost zijn. Uiteraard wel in goed overleg met de omwonenden van het Fletcher Hotel en Albertsdorp. Een derde vraag is: wat komt straks nog terug naar de raad? Waar gaan wij in het vervolg over? Voor wat het toetsingskader betreft, kies voor kleinschalige eenheden, spreiding over Soest. En onze voorkeur gaat uit naar gemengde groepen. Ook willen wij bepleiten dat het college ervoor zorgt geen veilige landers op te nemen. Als er voor gemengde groepen gekozen wordt in de toetsingskaders, dan is dat uiteraard ook van toepassing op bijvoorbeeld een locatie als de Open Hof. Maar het liefst ziet de Partij van de Arbeid dat de contracten met het Fletcher Hotel en Albertsdorp verlengd kunnen worden. Dank u voor uw aandacht. VOORZITTER: Dank u wel, mijnheer Witlox. U sprak namens de fractie van de Partij van de Arbeid. Meneer Schotman, namens de fractie van POS.

DE HEER SCHOTMAN (POS): Dank u wel, voorzitter, aanwezigen. We bevinden ons in een tijd waarin de behoefte aan woningen voor diverse bevolkingsgroepen binnen onze gemeente prominenter dan ooit naar voren komt. Dit vraagstuk, versterkt door migratiestromen, zet druk ook op onze lokale woningmarkt en vereist onze aandacht en actie. Wij maken ons als lokale partij 9

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang zorgen over de grote instroom van mensen naar Nederland. In combinatie met een te beperkt aanbod aan betaalbare woningen voor onze eigen inwoners, zetten ze grote druk op de woningmarkt, ook in onze gemeente. Wij vrezen dit vraagstuk elk jaar voor onze kiezen te krijgen, omdat er geen structurele oplossingen geboden worden door de landelijke politiek. Wij gaan daar niet over, maar willen het wel benoemen. De programmatische aanpak voor de huisvesting van aandachtsgroepen zoals asielzoekers, statushouders en starters, zoals beschreven in het toetsingskader, benadrukt het belang van toekomstgerichtheid, maatschappelijke inbedding en inclusie binnen onze gemeente. De intenties klinken mooi, maar er heerst binnen onze fractie zorg over de haalbaarheid en de effecten van de voorgestelde maatregelen. We staan kritisch tegenover het mixen van de verschillende doelgroepen. De ervaring leert dat elke groep unieke behoeften heeften een 'one size fits all benadering' niet per definitie werkt en in de behoefte voorziet. Dus graag uw aandacht hiervoor. De Utrechtse aanpak in Overvecht is nog geen garantie voor succes, voor een Soester aanpak. Daarom pleiten wij voor een benadering die rekening houdt met de specifieke behoeften van elke groep.

Niet zomaar mixen en spreiding over de gemeente Soest van asielzoekers. Dit kwam ook tijdens de participatie naar voren, waarbij in het toetsingskader rekening wordt gehouden met reeds bestaande opvang. Maar ook met de SES-WOA score -vrij technisch, maar deze wordt ook gebruikt voor de toekenning in de Spreidingswet - en de bevolkingsdichtheid per wijk. Zodat niet bepaalde wijken of kernen onevenredig hun aandeel moeten leveren. Wat betreft de spreiding van opvanglocaties en tijdelijke woningen binnen Soest, is het van belang dat deze realistisch en haalbaar is. Specifieke locaties zoals de Open Hof achten wij, ook kijkend naar die criteria zoals ik net benoemd had, niet geschikt voor de opvang van asielzoekers. Omdat het al een dichtbevolkte wijk betreft, met de nodige uitdagingen. We benadrukken ook dat de afspraken omtrent het azc op Kamp van Zeist en de sluiting over een aantal jaren, gerespecteerd moeten worden. En dat er gezien het aanwezige asielzoekerscentrum geen extra asielzoekers in Soesterberg moeten worden opgenomen. We vinden het in aanvulling daarop volstrekt onbegrijpelijk, dat asielzoekers aan de rand van Soesterberg niet zouden meetellen voor Soest, in het kader van de Spreidingswet. Makkelijk scoren voor Zeist, maar vanuit het perspectief van POS volstrekt onacceptabel.

Als de helft van de vierhonderd mensen in Kamp van Zeist al zou meetellen voor Soest, dan hadden we hier de discussie amper hoeven voeren. Of heel anders in kunnen steken, waarbij we veel minder naar onze starters zouden kunnen kijken. Wat heeft het college gedaan om de asielzoekers op Kamp van Zeist te laten meetellen voor de aantallen voor de gemeente Soest? En wat doet het college nu nog om dat alsnog voor elkaar te krijgen? Daarnaast valt het ons op dat het college nu pas in actie lijkt te komen. Terwijl de roep van betaalbare woningen in Soest, met name onder jongeren, al lange tijd bestaat. Als raad moeten we richting geven aan het college binnen de Spreidingswet. Ons toetsingskader moet gericht zijn op het realiseren van duurzame oplossingen die rekening houden met de sociaaleconomische status, capaciteit en draagkracht van onze dorpen en wijken. Daarom vinden wij dat de belangen van de Soester en Soesterbergse starters, sociaal zwakkeren en ouderen ook binnen de verplichtingen van de Spreidingswet het zwaarst moeten wegen. Werk en opleiding zijn cruciale elementen voor zingeving en integratie van asielzoekers. Dit aspect van de aanpak en van het toetsingskader ondersteunen we volledig. En zien wij als essentieel voor zowel de betreffende individuen, als voor onze gemeente.

Om te voldoen aan de grootschalige behoefte van de duizenden Soester starters en daarbovenop statushouders en asielzoekers - ook bij kleinschalige opvang -ontkomen we niet aan een discussie over bouwen buiten de rode contour. Ook uit de participatie met onze inwoners komt deze wens duidelijk naar voren. Een Utrechtse aanpak vereist discussie met diezelfde provincie over de rode contour. Achter de Schans en in de spoorwegdriehoek, wat POS betreft. Daarmee behouden we ook ruimte en leefbaarheid binnen de bebouwde kom van onze gemeente. Als we het over permanente woningen hebben, er moet als de wiedeweerga worden gebouwd op het TBS-terrein. Wanneer gaan we die discussie voeren? Het is bijna 1 april. Een integrale benadering binnen een toetsingskader, binnen een Utrechtse aanpak, kan niet zonder een blik buiten de rode contour. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Schotman. U sprak namens de fractie van POS. Tot slot, meneer Dijkhuizen, namens de fractie van de ChristenUnie-SGP. DE HEER DIJKHUIZEN (CU-SGP): Voorzitter, dank u wel. Vanavond vraagt u ons als gemeenteraad en gemeenteraadsfracties een reactie te geven op het door u voorgestelde toetsingskader. U kent onze fractie als een van constructief meedenken, maar ook van realisme, recht doen en hoop bieden. Binnen onze fractie hebben we hier de afgelopen weken intensief over gesproken.

Zeker ook naar aanleiding van de avond in februari met de heer Diepenveen. Hij schetste ons hoe mooi het Utrechtse model hier ook in Soest gestalte zou kunnen krijgen. Voorzitter, het Utrechtse model gaat uit van een significant andere startpositie. Daar zijn en worden veel meer woningen gebouwd. En is de mix heel anders dan hier in Soest. Bovendien is dat Utrechtse model helemaal niet alleen maar positief. Het verhaal dat ons werd voorgehouden heeft echt meer scherpe randen dan ons op 10

Oordeelsvormende Vergadering : 14 maart 2024 Toetsingskader tijdelijke woningen en asielopvang die avond werd geschetst. Laten we dat niet romantiseren. Maar op die avond gaf het college ook aan, dat we niet alleen voor vluchtelingen en statushouders zouden zoeken, maar dat ook andere groepen als -en het is vanavond al door bijna alle fracties genoemd -ook voor starters en spoedzoekers zouden gaan zoeken. Als we echter kijken naar de cijfers, dan zien we dat voor starters eigenlijk helemaal geen plek meer is. Want als we naar de aantallen vluchtelingen en asielzoekers kijken, dan overtreffen die groepen alleen al ruimschoots alle woningen die vrijkomen, of die u van plan bent te gaan bouwen in de komende jaren. Hoe wilt u dan in die zoektocht naar woningen nog plaatsmaken voor die starters en spoedzoekers? Opmerkelijk is ook dat u bij de factsheet van het toetsingskader alleen maar de kop tekst: 'vluchtelingen en tijdelijke huisvesting' gebruikt. U zei eerder dat u voor spoedzoekers en andere doelgroepen ging zoeken. Maar in uw factsheet heeft u het alleen nog maar over vluchtelingen en tijdelijke huisvesting. Zijn de spoedzoekers en de starters alweer van uw tafel gevallen? Misschien weet u zelf ook wel dat het eigenlijk helemaal niet realistisch is, om voor al deze groepen huisvesting te kunnen bieden. Of het nu tijdelijk is of definitief.

Als er niet meer dan gemiddeld tweehonderd woningen per jaar bijkomen, is dit gewoon een schier onbegonnen zaak. Dan biedt u geen hoop, maar dan biedt u valse hoop. Maar goed, u bent gaan participeren met de Soester en Soesterbergse bevolking, en dat waarderen wij. Nog los van alle wensen van bewoners, of maatregelen van tegenstanders, is er in ieder geval één hele duidelijke gemeenschappelijke opmerking gemaakt. En die hebben we vanavond al vaker gehoord. Onze inwoners gaven aan dat het kleinschalig moet. In meerdere groepjes werden groottes als vijftig personen als maximum door de participanten genoemd. We hebben het vanavond ook meermaals gehoord. Welnu, als u werkelijk wilt gaan mixen naar het Utrechtse model met starters en spoedzoekers, dan heeft u een enorme uitdaging voor u liggen. Maar goed, u heeft geparticipeerd. En daarmee heeft u verwachtingen gewekt. En wij verwachten samen met die participanten, dat u in de uitwerking van uw planvorming rekening gaat houden met die gewenste kleinschaligheid. En dat betekent voor onze fractie dan ook, dat uw plannen, zoals u die heeft voor de Open Hof echt alleen maar kunnen als u een kleinschalige mix van maximaal vijftig personen gaat uitvoeren, en anders niks.

Maar hoe moet het dan verder? Welnu, u zult moeten kijken binnen Soest, of daar nog plekken zijn waar dergelijk kleine groepen wel tijdelijk of permanent gehuisvest zouden kunnen worden. Er is nog best wel wat ruimte binnen de rode contour. Wat dacht u van de gronden rondom de Meent? U heeft daar ruimte om kleinschalig iets op te zetten. Want grootschalig heeft u die kansen die daar lagen, gewoon weggegeven. Pak dan tenminste de kans om een kleinschalig iets te doen. Datzelfde geldt voor de Insingerstraat. Grootschalig heeft u kunnen ervaren dat onze inwoners daar verzet tegen bieden. Maar wat nou als u daar kleinschalig zou huisvesten? Grijp die kansen. Zo zijn er wellicht meerdere locaties waar u tijdelijk kleinschalig zou kunnen huisvesten. En voor de komende jaren - en ook dat is aldoor diverse fracties genoemd - zult u echt wat onze fractie betreft buiten de rode contouren moeten gaan denken. De rafelranden van Soest bieden misschien nu al op verschillende plekken voor kleinschalige opvang een oplossing. Voorzitter, voor ik ga afsluiten neem ik u graag nog even mee naar de verkiezingsuitslag van maart 2022. Herinnert u zich de woorden van onze formateur Mark Berntssen? Hij beschreef in juni 2022 dat de woningbehoefte in Soest urgent, ambitieus en complex is. Hij beschreef ook dat in de Soester samenleving consensus is over het feit dat er gebouwd moet worden.

Laat daar nou net het spanningsveld liggen tussen de twee grootste lokale partijen, die niet door één deur konden. De formateur riep hen hartstochtelijk op om niet meer elkaars tegenpolen te zijn, maar samen naar oplossingen te zoeken voor de Soester samenleving. Welnu, voorzitter, u en wij zitten met dit college inmiddels op de helft van de zittingstermijn. Helaas hebben we nog helemaal niet zo gek veel gemerkt van die urgentie om gezamenlijk tot oplossingen te komen. We zien dat eerdere bouwplannen - ik noemde u al de Meent, er zijn ook andere locaties genoemd - eerder afgeschoten zijn dan tot bloei zijn gebracht. Wij roepen daarom het college en de collegepartijen op, om eens serieus vaart te maken met die vergaande plannen om woningbouw mogelijk te maken buiten de rode contour. Er zijn voldoende grondeigenaren die graag zouden willen transformeren. En als u maar blijft vasthouden aan uw huidige plannen om de polder slechts groen te houden en bestaande plannen als de Meent gewoon beëindigen, dan komt er nooit meer een starter of spoedzoeker aan een woning. Dan heeft u niets gedaan met de dringende oproep van de formateur om naar oplossingen te zoeken, in plaats van vast te houden aan uw eigen standpunten en tegenstellingen. Afrondend over de opvang van vluchtelingen en asielzoekers. Voorzitter, daar gaan wij als gemeenteraad niet over, het is door meerderen al genoemd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=1fd6cbdd-86fd-413d-b24b-939d273b2740