CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Besluitvormende Raadsvergadering 9 februari 2023.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 9 februari 2023, gemeente Soest24.375 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Raadhuisplein : 2023/1 Besluitvormende Raadsvergadering : 9 februari 2023

NOTULEN van het verhandelde in de Besluitvormende Raadsvergadering d.d. 9 februari 2023 AANWEZIG: Voorzitter: dhr. R.T. Metz, bij agendapunt 4c. dhr. H.E. Dijkhuizen Griffier: mevr. M.A.C. van Esterik De leden: Dhr. J.A. Baks (Burgerbelangen) Mevr. E.M. Ter Beek-Suijkerbuijk (GroenLinks) Dhr. R.A. Corbeij (VVD) Dhr. H.E. Dijkhuizen (CU-SGP) Mevr. D.Q.J. Exalto (GroenLinks) Mevr. H.G. Flinterman (D66) Dhr. B.R. Groothuis (Soest2002) Dhr. K. Gündüz (PvdA) Dhr. P.G. Klandermans (Soest2002) Mevr. I. van der Linden (POS) Dhr. P. Lucas (CDA) Dhr. J.R. van ’t Net (VVD) Dhr. J.A. Paauw (GGS) Dhr. C.A. Paul (GGS)

Dhr. T.N. Schotman (POS) Mevr. M.A. Sterenberg (VVD) Dhr. G.H.E.J. Stormbroek (POS) Dhr. J.J. Vrakking (Soest2002) Mevr. M.M. Walraven-van Dam (CU-SGP) Dhr. V.H.A. Van der Wardt (VVD) Mevr. B.M. Wegman (GGS) Mevr. A. Weith-Plomp (GGS) Dhr. E. Weldink (Soest2002) Mevr. H.C.P. Welschen (D66) Dhr. A.H.T. Witlox (PvdA) Dhr. T. de Wolf (GGS) Dhr. R. van Zutphen (VVD)

De wethouders: mevr. K.L. Scholten, mevr. A. Treep-van Hoeckel, mevr. Van Aalst-Veldman en dhr. H.O. Suna AFWEZIG: Dhr. R. Christiaans (Soest2002) en dhr. T. de Ruijter (GroenLinks). VOORZITTER: Dames en heren van de raad, publieke tribune. Wat sympathiek dat u de deur voor mij dicht doet, meneer Van Zutphen. U bent één van onze 29 raadsleden waarvan ik moet melden dat er -nadat ik de vergadering geopend heb- dat er twee afwezigen zijn, namelijk de heer Christiaans en de heer De Ruijter. Ik loop nu even naar de spreekgestoelte om het volgende onderdeel in te leiden. Dames en heren, aardbevingen komen dagelijks voor in de wereld. Ik heb er zelf een paar meegemaakt, eentje van 4,5 en eentje van 7 op de schaal van Richter. Dat is een hele bijzondere ervaring, kan ik u vertellen. Gelukkig in een omgeving waar ik geen schade heb meegemaakt. Ik ben ook in Haïti geweest, vijf jaar na datum van aardbeving daar. Dan weet je niet wat je ziet. In Turkije, afgelopen week, een aardbeving van 7,8 op de schaal. Niet van Richter heb ik geleerd van de NOS, maar de momentmagnitudeschaal. Dat betekent dat 7,8. 2 miljoen keer zo zwaar is dan de zwaarste aardbeving die Groningen ooit heeft meegemaakt. 23 miljoen mensen zijn direct getroffen in Turkije en Syrië. Een onvoorstelbaar groot leed. Je ziet per uur het aantal dodelijke slachtoffers wat gemeld is stijgen.

De verwachting is dat het misschien wel tot boven de 40.000 kan uitgroeien. Laten we het vertalen naar Soest. Dat is net zoveel als inwoneraantal van het dorp Soest. In onze samenleving zijn er meer dan 5.000 inwoners die roots hebben in Turkije en Syrië. Daarvan is er eigenlijk niet één die niet direct kennis heeft van gevolgen binnen de eigen familiekring. Ik heb me vandaag daarover laten informeren. Eén mevrouw uit Soest heeft al meer dan 20 familieleden verloren. Twee Soesters op vakantie in het aardbevingsgebied hebben -ik zou haast zeggen- door een wonder een instorting overleefd en komen vanmorgen gelukkig weer terug. Een inwoner die een jaar in Soest gewoond heeft en terug verhuisd is, is helaas daar overleden. Dit is het moment dat wij als alle Soesters dit leed met elkaar moeten delen, dat we elkaar moeten omarmen en klaar moeten staan. Ik roep de hele samenleving op om ruimhartig Giro 555 te ondersteunen. De VNG heeft ook gemeenten 1

opgeroepen om één euro per inwoner daaraan bij te dragen. U zag dat wij later begonnen. Dat is omdat ik heel kort de fractievoorzitters heb gevraagd of dat wij ook gevolg geven aan die oproep om daar een bijdrage aan te doen. Er komt zelfs een nationale actie. De fractievoorzitters hebben me aangegeven dat ik dat nu mag toezeggen, dus ook Soest komt op voor het delen van de leed van onze eigen inwoners als een gebaar om die inwoners die getroffen zijn, direct of indirect, in onze armen te nemen. Ik zou willen vragen of iedereen wil gaan staan, ook de publieke tribune graag, voor een minuut stilte. 1. Vaststelling agenda VOORZITTER: Ik dank u wel. Dames en heren, misschien een vreemde overgang. We gaan nu over naar agendapunt één, de vaststelling van de agenda. We hebben vorige week met elkaar gesproken in de opiniërende raad en we hebben afgesproken dat we daar vandaag op dit agendapunt stil blijven staan of agendapunt 4a al dan niet wordt besproken. Ik ga daar kijken welke raadsleden daarover het woord wensen te voeren. Ik heb in ieder geval meneer Baks al op mijn lijstje staan. Ik ga inventariseren die dat nog meer willen. Ik zie mevrouw Ter BeekSuijkerbuijk, meneer Vrakking, meneer Stormbroek, mevrouw Flinterman, meneer Lucas, meneer Dijkhuizen, meneer Paauw. Misschien gaan anderen zich ook nog melden.

Ik geef als eerst het woord aan de heer Baks en u mag vanaf uw plek spreken. DE HEER BAKS (BURGERBELANGEN): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, wij van BurgerBelangen stellen u voor om agendapunt 4a van de agenda te halen en vanavond niet te bespreken, maar ergens op een datum, zoals ook genoemd is in de agendacommissie, in maart. Wilt u ook de reden weten, voorzitter? Gisteren verscheen ergens in de loop van de middag een memo van het college, waarvoor hartelijk dank. Dat memo werpt weer een ander licht op de zaak en de speelruimte die we als raad hebben bij dit bestemmingsplan. Om tot een zorgvuldige, weloverwogen afweging te komen was de tijd voor ons te kort en hebben wij graag een aantal weken langer de tijd om de voors en tegens van het bestemmingsplan af te wegen, om zo ergens in maart een weloverwogen standpunt in de raad te kunnen innemen. Daarvoor vraag ik u om dit voorstel uit te stellen. Ik kan me best voorstellen -en dat heb ik ook op de mail gezien- dat een aantal partijen dit voorstel niet zullen steunen, maar ik zou u met klem willen vragen: geef ons als kleintje -eenmansfractie alstublieft die ruimte om ook net zo goed als u een weloverwogen standpunt in te kunnen nemen. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Baks. Dit is natuurlijk allemaal achter de schermen. Dit is het publieke debat over het wel of niet uitstellen.

Daarom is het goed als alle fracties zich hierover zouden willen uitspreken, al dan niet met hun argumentatie. Mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk van de fractie van GroenLinks. MEVROUW TER BEEK-SUIJKERBUIJK (GL): Dank u wel, meneer de voorzitter. Allereerst zoals wij ook al op de mail hebben aangegeven, steunen wij meer dan van harte het voorstel van meneer Baks om op dit moment de besluitvorming vanavond niet door te laten gaan, om dezelfde reden als meneer Baks al aangaf. Wij hebben niet het idee dat wij voldoende de tijd hebben gehad om een weloverwogen beslissing te nemen. Wij waarderen absoluut de moeite die is genomen afgelopen week om ons op tijd bij te praten en de ruimte die wij vanavond eventueel zouden krijgen om vanavond in discussie met elkaar te gaan. Op het moment dat wij vanavond nog vragen zouden kunnen stellen aan het college, heel prettig, maar als we dat pas om één uur 's middags te horen krijgen, terwijl er mensen zijn die ook gewoon nog werk hebben, is dat voor ons echt te laat om ons daadwerkelijk goed te kunnen voorbereiden op vanavond. Wat meneer Baks aangaf: geef de kleintjes ook de kans. Niet alleen de kleintjes, ook onze driemansfractie, vanavond helaas maar met zijn tweeën. Wij hebben niet genoeg de tijd gehad om ons te kunnen voorbereiden. Voor de partijen die aangeven: wij hebben wel genoeg tijd gehad.

Fantastisch! Top! Maar geef iedereen in de raad alsjeblieft de tijd om een weloverwogen besluit te nemen en ga niet verschuilen achter: wij hebben een meerderheid. Wij drukken het er doorheen want wij vinden dat wij wel genoeg tijd hebben. Geef iedereen de ruimte om gewoon een weloverwogen beslissing te kunnen nemen. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk. Meneer Vrakking. Dank u wel. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Ook ik heb sympathie voor de gedachte van meneer Baks en mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk om het uit te stellen. Het is namelijk zo dat er heel veel tijd in gaat zitten. Ik ben gepensioneerd. Ik heb die tijd vrij weten te maken. Ik heb naar aanleiding van de aanvullingen ook een paar vragen. Ik weet ook niet of ik die nu meteen moet stellen of dat we eerst 2

VOORZITTER: Dit is een procedure debat naar aanleiding van de agenda. Dan neem ik daar de conclusie en na de hamerstukken komt dit agendapunt terug. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Is prima. Ik begrijp dat u aarzelingen heeft, voor de goede orde. VOORZITTER: Meneer Stormbroek van de fractie van POS. DE HEER STORMBROEK (POS): Dank u wel, voorzitter. Onze vergaderingen moeten altijd gericht zijn op het dienen van de belangen van onze gemeenschap en het nemen van verantwoorde beslissingen. Hoewel we nu in het bezit zijn van de noodzakelijke documenten betreffende de Dalweg, geloven ook wij dat we meer tijd nodig hebben om goede afwegingen te kunnen maken in dit veelomvattende voor Soest linksom of rechtsom ingrijpende dossier. Laten we daarom samenwerken aan het creëren van een besluitvormingsproces dat transparantie en verantwoordelijkheid weerspiegelt waarin we onze verplichtingen ten opzichte van onze gemeenschap waar kunnen maken. Geen haastklus, maar doorwrocht en doordacht. Het uitstellen van dit agendapunt zal ons de tijd geven die we nodig hebben om deze doelen te bereiken. Laten we onze verplichtingen naar onze gemeenschap en onze inwoners en aan elkaar waarmaken door samen te werken aan een besluit dat recht doet aan de complexiteit en ernst van wat ik zou willen noemen dossier Dalweg. Wij sluiten ons aan bij de heer Baks, mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk en meneer Vrakking.

Laten we dit agendapunt uitstellen voor behandeling. Dank u. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Stormbroek namens de fractie van POS. Mevrouw Flinterman, D66. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Dank u wel, voorzitter. Ik kan me alleen maar aansluiten bij de vorige sprekers. Voor D66 is het niet zozeer een kwestie van of je er wel of geen tijd zou hebben gehad, maar de laatste week is er heel veel informatie binnengekomen, onvolledige stukken, gisteren nog een memo met hele cruciale informatie. Ik denk: de zorgvuldige stappen die we de afgelopen vijf jaar hebben genomen om het tot hier te brengen, tot een globaal bestemmingsplan, zouden we vast moeten houden, al was het alleen maar om het draagvlak wat we nu hebben vast te houden en een zorgvuldig besluit te nemen conform het proces wat we de afgelopen vijf jaar hebben gevoerd. Het zou zonde zijn om het nu in deze week even af te raffelen, omdat we geen drie weken kunnen wachten. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Flinterman. Meneer Lucas, CDA. DE HEER LUCAS (CDA): Voorzitter, dank. Bij twijfel niet inhalen. Dat is in het verkeer altijd een verstandige beslissing. Soms ook levensreddend. Dat motto kan je ook in de politiek toepassen, in het politieke verkeer. Weliswaar niet direct levensreddend, maar toch. Het CDA probeert steeds voor ogen te houden: een onomkeerbare beslissing bij twijfel niet. Zo’n beslissing, daar staan we nu voor.

Akkoord gaan met de kaders zoals die nu voorleggen, betekent dat we er niet meer op terug kunnen komen. Kortom: twijfel je niet? Beslis dan wel. Twijfel je wel? Beslis dan nu nog niet. Geef ons vooral iets meer denktijd want ik ben het liefst niet een twijfelaar maar neem een weloverwogen beslissing. Mevrouw Flinterman heeft dat ook al aangegeven. Wat dat betref: geef ons even de tijd om een weloverwogen keuze te maken. Dank u. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Lucas. Meneer Dijkhuizen, CU-SGP. DE HEER DIJKHUIZEN (CU-SGP): Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, wij begonnen het afgelopen jaar onze nieuwe gemeenteraad -ik zou bijna zeggen met een soort van motto- we gaan het samen doen. Alle woorden die vanavond gesproken zijn duiden op een niet samen doen als we vanavond tot besluitvorming zouden komen. Dat zou heel erg jammer zijn. Alle woorden die al gesproken zijn kan ik daarin onderstrepen. De waarde van dit hele grote plan is vooral ook als we het gezamenlijk zouden kunnen nemen. Wij zijn van mening, gehoord hebbende mijn voorgangers, dat we dit besluit dan wel nemen, maar eigenlijk niet gezamenlijk. Daarom verzoek ik u om uitstel. Niet te lang. Kort uitstel, zoals meneer Baks zei: max vier á vijf weken. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Dijkhuizen. U sprak namens de fractie van de CU-SGP. Meneer Paauw, GGS. DE HEER PAAUW (GGS): Voorzitter, dank u wel.

De informatie die wij afgelopen week hebben gekregen, was klip en klaar en was heel duidelijk. Voor mijn fractie is het geen aanleiding om tot 3

uitstel over te gaan. Ik begrijp best dat andere fracties een beroep doen daarop, maar ik denk dat er voldoende informatie is om een goed besluit vanavond te kunnen nemen. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Paauw. Mevrouw Sterenberg VVD. MEVROUW STERENBERG (VVD): Dank u wel, voorzitter. Wat de VVD betreft kunnen we vanavond ook overgaan tot besluitvorming. Wij vinden dat we genoeg tijd hebben gehad om de memo te lezen, om afgewogen keuzes te maken. Het lijkt er nu ook wel meer op dat er van het agendapunt een politieke discussie wordt gemaakt, over het wel of niet behandelen waarbij er wordt aangehaald dat we het niet samen zouden doen. Volgens mij moeten we een procedurevoorstel als deze niet politiek maken. Daarom kiezen wij puur op basis van inhoud om wel te behandelen. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Sterenberg. Ik kijk even naar de Partij van de Arbeid, meneer Witlox. DE HEER WITLOX (PVDA): Dank u wel. De nieuwe informatie die gisteren ter beschikking is gekomen, heeft ons niet van standpunt doen veranderen. Ik zou graag willen vragen aan de wethouder of zij toe kan lichten wat de consequenties zijn als het met een maand zou worden uitgesteld. Ik heb geen idee. VOORZITTER: Ik schors even één seconde om na te denken.

Het college vindt dat, hoor ik en ik vertaal het dan maar even, het college is klaar met het voorstel, heeft u aanvullend geïnformeerd en vindt dat het oordeel over het debat nu behandeld moet worden aan de raad. Dat is ook wel zuiver. Als het college klaar is, dan zijn de procedures uiteindelijk van de raad en niet van het college. Daar moet u het even mee doen, meneer Witlox. Ik ben wel nieuwsgierig wat u wilt. Ik kijk nog eventjes rond of er nog anderen zijn die het woord wensen. Ik heb even niet helemaal meegeteld. DE HEER BAKS (BURGERBELANGEN): Voorzitter, mag ik nog één vraag stellen? Dank u wel. Ik wilde de vraag stellen die ik ook in mijn inleidend woordje op tafel in het midden wierp aan GGS en VVD en de anderen die wel tijd genoeg hebben kunnen vinden om voor het voorstel te kunnen zijn. Dat begrijp ik, maar de vraag is: gunt u anderen binnen deze raad ook die mogelijkheid om tot hetzelfde eindstandpunt als u te komen? Oftewel: gaat u ervoor liggen? VOORZITTER: Ik heb een beetje moeite met uw vraag, eerlijk gezegd. Het is een ordedebat over een procedure en nu stelt u wat mij betreft een vraag buiten de orde. Als de fracties daarop willen antwoorden, vind ik het goed. Het is eigenlijk iets wat niet hier nu zou moeten horen in het kader van de orde van het debat. DE HEER BAKS (BURGERBELANGEN): Helemaal mee eens, voorzitter, maar ik heb hem gesteld.

VOORZITTER: We hebben een ordevoorstel. Sorry, meneer Stormbroek. Even naar de microfoon. Voor de publieke tribune: we hebben wel microfoons op de tafels staan, maar meneer Baks is niet zo goed ter been, dus hij spreekt vanaf zijn plek. De reden dat de microfoons er staan, heeft alles te maken met het feit dat ik voorzie dat er hoofdelijke stemming zou kunnen worden gevraagd. Dan is het gemakkelijker voor iedereen om te volgen als iedereen de microfoon kan indrukken. Dan weet u dat. Meneer Stormbroek, u heeft het woord. DE HEER STORMBROEK (POS): Voorzitter, dank u wel. Laten we dat in ieder geval maar aanvragen, een hoofdelijke stemming. Als ik het antwoord van het college goed begrijp zijn er geen consequenties aan een maandje uitstel, dus is er ook geen reden om het niet uit te stellen. Zo begrijp ik het in ieder geval, dus het verzoek blijft. Stel het een maandje uit om meer draagvlak te creëren in gehele raad. Dat is een heel eenvoudige vraag. VOORZITTER: Ik begrijp dat het college nou toch de behoefte voelt om antwoord te geven. Of mag ik deze non-verbale communicatie niet voor mij bedoeld? Dat is voor meneer Witlox bedoeld, begrijp ik. Ik schors deze vergadering voor een kort moment. VOORZITTER: Dames en heren van de raad, mag ik vragen om uw positie in te nemen? Zo te zien zijn we weer compleet.

De schorsing is aangevraagd door de heer Witlox namens de fractie van de Partij van de Arbeid. Meneer Witlox, u krijgt het woord. DE HEER WITLOX (PVDA): Dank u wel, voorzitter, raad. We hebben even gepraat en ik heb de vraag voorgelegd die ik zojuist had willen stellen aan de wethouder of zij een toelichting kan geven 4

over de consequenties die het aanhouden van een maand heeft met dit plan. Dat zal ze, als ik dat nu vraag, wel doen. VOORZITTER: Bij uw gepersisteerde vraag, zoals dat zo mooi heet, gaat het college toch antwoorden bij monde van wethouder Treep. WETHOUDER TREEP: Dank u wel. Ik heb voor u inzichtelijk wat de procedurele consequenties zijn. Zoals u weet, loopt ook de tenderprocedure. Die loopt parallel aan dit traject van het globale bestemmingsplan. In tijd schuiven we met een maand vertraging minstens een kwartaal op, want er zit een zomerperiode tussen met het hele plan en de aanbesteding met de daarbij horende kosten. VOORZITTER: Dat is in ieder geval een antwoord. Dat is voldoende antwoord op uw vraag. Geen nadere vragen? Dan kijk ik rond. Er is om hoofdelijke stemming gevraagd. Dan ga ik nu de loting voor de hoofdelijke stemming doen. Voor de tribune: ik haal hier willekeurig een muntje uit het bakje. In dit geval heb ik een muntje nummer elf gehaald en dan kijken wij op de presentielijst wie dat is. Ik ga eerst zeggen dat we starten met de stemming bij mevrouw Welschen. We gaan stemmen over het ordevoorstel wat is ingebracht door de heer Baks of agendapunt 4a wel dan niet besproken wordt. Als u voor zegt, stemt u in met het bespreken. Als u tegen stemt, stemt u niet in met het bespreken van het onderwerp.

De griffier gaat de namenlijst afroepen en houdt de telling bij en of u alstublieft de microfoon wil indrukken als u uw antwoord formuleert. Mevrouw Welschen. Tegen. De heer De Wolf. Ik ben voor bespreking van het voorstel, dat is voor. Mevrouw Wegman. Voor. De heer Paul. Voor. Mevrouw Walraven. Tegen. Mevrouw Exalto. Tegen. De heer Corbeij. Voor. Mevrouw Flinterman. Tegen. De heer Weldink. Voor. De heer Gündüz. Voor. De heer Van Zutphen. Voor. De heer Van der Wardt. Voor. De heer Klandermans. Voor. De heer Dijkhuizen. Tegen. De heer Witlox. Voor. De heer Paauw. Voor. De heer Lucas. Tegen. De heer Van 't Net. Voor. De heer Vrakking. Tegen. Mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk. Tegen. Mevrouw Sterenberg. Voor. Mevrouw Weith-Plomp, Voor. Mevrouw Van der Linden. Tegen. De heer Stormbroek. Tegen. De heer Schotman. Tegen. De heer Groothuis. Voor. De heer Baks. Tegen. VOORZITTER: Met 15 stemmen voor behandeling van het voorstel en 12 stemmen tegen behandeling van het voorstel gaan we straks onder agendapunt 4a het Bestemmingsplan Dalweg en omstreken bespreken. 2. Mededelingen van de voorzitter VOORZITTER: Er zijn verder geen andere mededelingen van de voorzitter, want dat was eigenlijk agendapunt twee. Ik had al bij afmeldingen de heren Christiaans en De Ruijter afgemeld. 3. Voorgesteld als hamerstukken a. Overzicht ingekomen stukken en stukken ter kennisneming b.

Besluitenlijst van: Raadhuisplein 2022-8 van 1 december 2022 5

c.

Wijziging belastingverordeningen: OZB-tarieven, hondenbelasting en legestarieven vooroverleggen

VOORZITTER: Dan kijk ik rond of er nog behoefte is aan een stemverklaring onder het onderwerp hamerstukken. Meneer Stormbroek. DE HEER STORMBROEK (POS): Het zijn drie woorden dat de fractie van POS geacht wordt tegen de OZB-verhoging te zijn. VOORZITTER: Dat is nu aangetekend. Ik ga kijken of er nog andere over andere onderwerpen zijn. Als dat niet het geval is, dan zijn de hamerstukken besloten, met dien verstande dat onder c de belastingverordening OZB-tarieven de fractie van POS geacht wordt hebben tegengestemd. Daarmee zijn de hamerstukken vastgesteld. 4. Overige agendapunten a. Bestemmingsplan Dalweg e.o. VOORZITTER: Dan ga ik over naar agendapunt 4a zoals wij zojuist hebben afgesproken met elkaar. Dan ga ik inventariseren welke van de fracties het woorden wensen. Ik zie meneer Van der Wardt als eerste. Mevrouw Flinterman, meneer Witlox, meneer Stormbroek, meneer Weldink, meneer Vrakking, meneer Lucas, mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk, de heer Paauw. Ik zat nog even te pruttelen op twee sprekers per fractie, maar dat zal ongetwijfeld zo duidelijk worden. Meneer Dijkhuizen. Niet alle fracties hebben zich gemeld, maar één fractie heeft zich dubbel gemeld. We gaan kijken wat ervan komt. Ik kijk naar meneer Van Der Wardt, namens de fractie van de VVD voert hij nu het woord. DE HEER VAN DER WARDT (VVD): Dank u wel, voorzitter.

Vanavond besluiten we over het bestemmingsplan Dalweg. Kort gezegd hebben we vanavond de keuze of we nog aan knoppen gaan draaien en daarmee een vertraging oplopen van twee jaar of dat we instemmen met dit globale bestemmingsplan. Laten we eerlijk zijn: we staan voor een uitdaging in Soest. We hebben een groeiend aantal inwoners en een toenemende vraag naar betaalbare woningen. Om aan deze vraag te voldoen moeten we bouwen. Bouwen betekent ook keuzes maken. De VVD begrijpt de zorgen en bezwaren van onze omwonenden. Het is nooit leuk om te moeten wennen aan verandering in de omgeving waarin je leeft, maar laten we niet vergeten waarom we hier vandaag zijn. We zijn hier om te beslissen over een plan dat erop gericht is om de woningnood in Soest aan te pakken, en dat betekent bouwen. Dat we hiermee bijvoorbeeld besluiten om voor tien bouwlagen te gaan, is geen beslissing die we als VVD lichtvaardig genomen hebben, maar uiteindelijk moeten we de realiteit onder ogen zien. We hebben woningnood en we moeten handelen. De VVD heeft alle nagezonden informatie met interesse gelezen en kan stellen dat wij, zoals gezegd, niet aan de knoppen gaan draaien. We hebben als raad de kaders reeds gesteld, de tender loopt en wij kiezen er vanavond voor om vaart te maken met onze woningbouwopgave. Wij willen dit niet twee jaar uitstellen.

We betreuren het dat de nagezonden memo pas na de bespreking van vorige week in de raad is opgesteld. We vonden dit een zeer overtuigend memo. Uit participatie is immers gebleken dat een groot deel van de omwonenden een speelse bouw wenst. Het weghalen van woonlagen zal deze wens tenietdoen. Zo creëren we juist bouwblokken. Daarnaast is de impact op de opbrengsten te groot. In de memo hebben wij ook kennis kunnen nemen van het effect op de zichtlijnen. Wat ons betreft zijn deze effecten acceptabel ten opzichte van de grote roep om woningen in ons dorp. We hebben als raad hier de kans om meters te maken met onze bouwopgave. Soest heeft deze woningen echt nodig om ervoor te zorgen dat Soesters in de toekomst ook in Soest kunnen blijven wonen. Daarom kunnen wij de intentie van de motie van POS om voorrang te geven aan onze eigen inwoners ook van harte steunen. Laten we niet vergeten: de woningzoekenden in Soest hebben we helaas niet horen inspreken. Daarbij staan we hier als raad voor ruim 46.000 inwoners. Daarbij moeten we het algemeen belang afwegen tegenover persoonlijke belangen. Wij vinden dit een geschikte woningbouwlocatie. In het huidig coalitieakkoord zijn de ontwikkelkansen in het Dalweggebied nadrukkelijk genoemd. Daarbij borgen we met deze kaders wat ons betreft het dorpse en groene karakter. Laten we ons richten op het grotere plaatje.

Laten wij ons realiseren dat door het instemmen met dit plan we de kans krijgen om jonge gezinnen, starters en ouderen de kans bieden om in onze gemeente te blijven wonen. Als we hier geen meters maken, waar gaan we dat dan wel bereiken? Natuurlijk willen wij ook als raad een vinger aan de pols houden, zeker gezien de opmerking in het raadsvoorstel de datum 26 november 2020, waarin gesteld werd: de raad kan gedurende de looptijd van de grondexploitatie in het kader van voortschrijdend inzicht andere keuzes maken met betrekking tot onder meer het programma, capaciteit, et cetera. De wethouder heeft ons vorige week toegezegd ons mee te 6

nemen in de vervolgplannen, ons actief te informeren en ons ook om advies te vragen. We hebben er vertrouwen in dat daarmee voldoende rekening gehouden gaat worden met de door ons meegegeven kaders. Om dit te waarborgen en hopelijk ook de omwonende gerust te stellen, dienen wij een motie in om deze toezegging zwart op wit te zetten. Mag ik de motie indienen, voorzitter? VOORZITTER: Dat mag u altijd. Dat is bijzonder altijd, maar dat is het reglement van orde. Als ik verklaar dat het onderdeel is van de beraadslaging kan een ander er ook op reageren. Dan ga ik dat doen. DE HEER VAN DER WARDT (VVD): Komt hij nog in beeld of ga ik het gewoon noemen? De raad van de gemeente Soest in vergadering bijeen, de datum 9 februari 2023, verzoekt het college: de raad actief te blijven informeren omtrent de ontwikkelingen van de Dalweg, mede gezien de belangrijkheid van het project, waardoor de raad zeer betrokken blijft bij de ontwikkelingen van het gebied; de raad de mogelijkheid te geven om het college van advies te voorzien middels consultatie -ik zou zeggen raadpleging- van de raad; de actieve informatie te laten ingaan bij de start van de verdere ontwikkelingen en gaat over tot de orde van de dag. Ingediend door de VVD, mede-ingediend door Soest2002, GGS en PvdA. Dank. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Van der Wardt. U sprak namens de fractie van de VVD.

Deze motie voor de raadsleden onder M3 bekend in uw overzichtje. Dat doet voor de publieke tribune er niks toe. Deze motie maakt nu onderdeel uit van de beraadslaging. Dat betekent dat anderen erop kunnen reageren. U hoorde meneer Van der Wardt het al hebben over een motie of amendement dat weet ik even niet meer- die straks door de fractie van POS wordt ingediend. Dat zult u wel zien, die komt ook weer in beeld. Dan geef ik nu het woord aan mevrouw Flinterman en zij spreekt namens de fractie van D66. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Dank u wel, voorzitter. Het heeft even geduurd maar voor ons ligt het globale bestemmingsplan Dalweg. Na een snelle start in 2018 kende het project de nodige vertragingen. De raad wilde eerst een concept en zien hoe deze nieuwe wijk zou passen in het landschap en de omgeving. Een beeldkwaliteitsplan volgde met mooie schetsen hoe er geparkeerd wordt onder het groen en wandel- en fietspaden aangelegd worden. Het wordt betaalbaar en mooi wonen in een groene wijk. De heer Van der Wardt heeft net heel goed toegelicht waarom het belangrijk is dat er hier gebouwd wordt. Omdat er heel veel behoefte is aan betaalbaar wonen in Soest. Het is een project waar omwonenden bij betrokken zijn. We hebben hun mening duidelijk gehoord, ook vorige week nog, maar ook bij hun zienswijzen.

D66 was vanaf het begin enthousiast over het concept en na beoordeling van het beeldkwaliteitsplan en het globale bestemmingsplan zijn we dat nog steeds. Dat wil niet zeggen dat het niet beter kan. U kent ons en onze partij: constructief kritisch. Het is dan jammer dat het zorgvuldige proces dat ik net schetste zo afgeraffeld wordt. Incomplete stukken, onduidelijke antwoorden en een last minute, het memo. Niet nodig. Jammer! We willen allemaal dat er van een goed plan nog een beter plan gemaakt wordt. We hebben ook een amendement wat ik straks ga toelichten. Voordat ik dat doe, heb ik eerst nog een vraag aan de partijen die voor de verkiezingen zo overtuigd tegen dit plan waren. Toen stond ik hier om u - een jaar of wat geleden- te overtuigen van de mogelijkheden en kansen van dit plan. Daar was u niet aanvankelijk voor. Als u nu voor gaat stemmen, ben ik benieuwd naar uw motivatie. Waarom denkt u er nu anders over dan pakweg anderhalf jaar geleden? Het plan is op kleine onderdelen gewijzigd, maar in hoofdlijnen namelijk overeind gebleven. Soest 2002, PvdA of misschien wel CDA, graag een inzicht in uw overwegingen. Dan het amendement. Ik zei het al: het is een mooi plan, maar we zouden D66 niet zijn als we geen ruimte voor verbetering zien.

Het amendement dat we willen indienen heeft als titel "minimale ingreep, maximaal effect." Grijpt dus ook niet in op de kaders die vastgesteld zijn of het beeldkwaliteitsplan. Het is een kleine ingreep die meegenomen kan worden in de tender. Het is in de zienswijze te lezen en door insprekers naar voren gebracht en ook door onze eigen bestudering van de stukken helder. De bouwhoogte blijft een groot pijnpunt, ook naar verlaging van twaalf naar tien bouwlagen. Een hoogte van tien bouwlagen komt nu niet voor in het plangebied en ook niet in de nabije omgeving daarvan. Het plangebied Dalweg is daarnaast een beeldbepalende de locatie in de gemeente Soest. D66 is van mening dat ook een maximale hoogte van acht bouwlagen in het beeldkwaliteitsplan past en daarmee komt het hoogste gebouw niet of nauwelijks boven de boombegrenzing met De Eng uit en is straks ook vanaf dat punt niet of nauwelijks zichtbaar. Tien lagen is niet nodig. Ook met acht bouwlagen is het streefaantal van 200 woningen volgens ons haalbaar. Het memo van gisteren geeft dat in cijfers aan. Dat kunnen we ook nog in aantallen en euro's toelichten. Dat blijft natuurlijk een beetje een indicatie. Het gaat om iets van 7 woningen en 7 ton ongeveer. Daar hoeft 7

ook geen twee jaar vertraging op te komen. Het is hooguit een aanpassing van de tender. Dan het dictum van ons amendement. D66 stelt voor het besluit aan te passen en de bouwhoogte in het bestemmingsplan Dalweg te beperken tot maximaal acht bouwlagen. Tot zover het amendement. Dan wil ik graag nog even reageren op de andere amendementen. VOORZITTER: Dan maak ik nu even gebruik van de mogelijkheid om te zeggen dat het amendement onderdeel uitmaakt van de beraadslaging. Gaat u verder. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Bij deze. Ik wil reageren op de andere amendementen die ingediend zijn, te beginnen bij de MER-procedure van GroenLinks. Wat ons betreft voegt dat niet zoveel toe, omdat er duidelijk in de stukken van gisteren staat dat het niet nodig is om een procedure te doen, dat er geen aanleiding voor is. Je kan wel procedures doen omdat het kan, maar wat ons betreft moet je dat alleen maar doen als het echt nodig is. Bovendien is er altijd nog later in het stadium nog een kans om dat alsnog te doen, als blijkt dat daar aanleiding voor is. VOORZITTER: Mevrouw Flinterman, ik had net speels via meneer Van der Wardt al proberen te zeggen dat je eigenlijk nog niet kan reageren op een motie die nog geen onderdeel uitmaakt van de beraadslaging, dus ook niet van een amendement waarvan in ieder geval de publieke tribune nog geen kennis heeft genomen. Dat is voor de volgende ronde.

Ik heb u wel laten uitpraten, maar via u doe ik dat nu alvast voor de volgende. Degene waarvan ik gezegd heb dat ze onderdeel uitmaken van de beraadslaging, daar kunt op reageren. Dan doen we daarna nog wel een rondje wat de anderen er allemaal van vinden. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Helemaal goed. Ik dacht: ik werk efficiënt, dat lijstje af. Dan mag ik wel op die van meneer Van der Wardt reageren natuurlijk. Daar was ik heel blij mee, meneer Van der Wardt. U heeft goed de notulen neergezet van vorige week, want ik had precies die vraag gesteld aan de wethouder vorige week, die u in de motie heeft vastgelegd. De wethouder heeft dat toegezegd. De raad blijft actief betrokken, dus helemaal goed. Dank u wel voor het noteren. Dan hoef ik het zelf niet te doen. Ik vind het wel een beetje merkwaardig dat u blijkbaar toch het wantrouwen heeft dat de toezegging van de wethouder nog vastgelegd moet worden. Ik vond het meer een motie van wantrouwen dan van vertrouwen. Ik ga er vanuit dat hij straks wordt overgenomen door de wethouder en dan is iedereen weer blij. Tot zover. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Flinterman. DE HEER STORMBROEK (POS): Mag ik een klein punt van orde? VOORZITTER: Een punt van orde mag altijd. Dat gaat voor alle andere delen van de beraadslaging. Dat licht ik even toe voor de publieke tribune. Dat mag ook wel vanaf uw plek.

DE HEER STORMBROEK (POS): Ik ben in lichte verwarring. Doen we ook nog een opiniërend deel met vragen aan het college of is dit een kwestie van wat vinden we ervan en we dienen een motie en amendement in? VOORZITTER: U heeft van de griffie bericht gekregen dat er is afgesproken in de agendacommissie en eigenlijk vorige week al geconcludeerd dat omdat toen nog niet alle informatie voorhanden was, dat u in de gelegenheid gesteld zou worden om ook nog vragen aan het college te stellen. Dat is ook de reden -dat was ik eigenlijk vergeten bij de inleiding dus dank u wel voor dit bruggetje- dat de wethouder namens het college naast mij zit. Dat is bij besluitvormende raadsvergadering anders niet aan de orde. U mag nog vragen stellen aan het college, maar gaat het volgens de memo van de griffie strikt om bestuurlijke vragen. Ik kijk naar meneer Witlox en hij spreekt namens de fractie van de Partij van de Arbeid. DE HEER WITLOX (PVDA): Heb ik nou dezelfde zin in gedachte hebben gehad die meneer Van der Wardt heeft uitgesproken. De zin is: vanavond gaan we besluiten over de Dalwegvisie. Er moet me iets van het hart.

Een plan waar ik me toen het een tijd geleden in de raad kwam, afvroeg: zijn we daar nu straks te gast? Hoe zit dat? Hoe zit dat met toekomstige bewoners? Die zijn toch al inwoner van Soest? Wat de Partij van de Arbeid betreft zijn het zoveel mogelijk inwoners van Soest die daar komen te wonen. Gasten van buiten de gemeente zouden we voor zover de wettelijke mogelijkheden ons in de gelegenheid stellen minder prioriteit aan willen geven om hier te komen wonen. Dat wilde ik vooraf even zeggen. Dat was ook één van de dingen, mevrouw Flinterman -ik 8

kom er straks nog een beetje op terug- waarbij wij grote aarzelingen hadden bij het plan wat een paar jaar geleden voorlag. Ik kom er straks met nog één. Het plan zelf: het spreekt op zich voor zich, maar is toch nog heel globaal. Dat globale is voor ons een lastig begrip. Hoeveel woningen worden het uiteindelijk? 200 als streven, 250 als maximum. Wat ons betreft zoveel mogelijk, want we gaan er vanuit dat we bij zo’n belangrijk en omvangrijk plan als raad toch regelmatig betrokken worden, serieus genomen worden, in welke advies- of consultatievorm dan ook. Vorige week heb ik enkele vragen gesteld waarvan de antwoorden mij positief stemmen. De verhouding sociale huur, sociale koop, midden en vrije sector zijn gelijk aan elkaar: ieder een kwart. De grootte van de appartementen die minimaal 70 vierkante meter is. Dat zijn driekamerappartementen en die zijn zowel geschikt voor starters, een klein gezin als senioren. Over het minimumaantal woningen kreeg ik alleen een streefcijfer van 200 met een maximum van 250. Ik zei het al: wat ons betreft zoveel mogelijk. Ik wil kort stil staan bij het waarom ik dat zeg. Wij hebben in Soest 2000 woningzoekende. 2000! Dat zijn onze jongeren die uit het huis van hun ouders willen en toch in Soest willen blijven wonen.

Dat is maar goed ook, want dat betekent dat ze later voor hun ouders kunnen zorgen, dat die ouders kunnen oppassen en zorgen voor de kleinkinderen. Dat is goed voor de sociale cohesie. Het zijn onze ouderen die geen driekamerappartement kunnen vinden waar ze tot het einde toe kunnen blijven wonen. Die ouderen laten dan vervolgens toch een eengezinswoning achter, mits ze uit Soest komen natuurlijk, waar ook behoefte aan is. Als je het zo bekijkt zijn die 250 woningen maar een fractie van wat we nodig hebben in Soest. Zijn er nou op de korte en middellange termijn alternatieven van een dergelijke omvang om Soesters te huisvesten? Helaas, de komende jaren niet. Dat is, mevrouw Flinterman, eigenlijk de grote reden dat we op dit moment instemmen. Ook gelet op de tijd die we zouden verliezen als we tegen zouden stemmen. Daar komt nog bij dat dit gemeentegrond is. Laten we dan op gemeentegrond proberen het maximale aantal woningen te realiseren. Dan is er vorige week uitgebreid gesproken over de wens van insprekers om de bouwhoogte van het hoge gebouw aan de Beukenlaan en dat op de plaats van het politiebureau moet komen met twee bouwlagen te verlagen. Daar hebben we gisteren het aanvullende memo van het college over ontvangen. Er is nu bijvoorbeeld een reëel beeld gezien vanuit De Eng. Een verlaging van die bouwhoogte en dat reële beeld doet mij goed.

Dat is een ander beeld dan dat ik vorige week hier kreeg geschetst of voor ogen kreeg door sommigen die de indruk gaven dat het om hoger en breder, et cetera, et cetera zou gaan. Gelukkig niet dus. Een verlaging van de bouwhoogte met deze twee hoogtes leidt tot tientallen woningen minder of verkleining van de woningen. Dat willen we beslist niet. Dat heb ik net proberen aan te tonen, ook als het om die verkleining van woningen gaat. Bovendien missen we daardoor de VOORIZTTER: Wacht even, meneer Witlox. Er komt een interruptie voor u aan. Mevrouw Flinterman. Dat mag dan als je toch ook een beetje opiniërend doet. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Meneer Witlox, u zegt: "Tientallen woningen minder." Ons amendement was juist bedoeld om aan te geven dat als je de bovenste twee woonlagen eraf haalt, een getrapte constructie, zit het duurdere segment bovenin. Dat zijn een aantal appartementen. Zoals de cijfers die uit de memo gisteren naar voren kwamen, zijn dat maximaal zeven woningen, waarschijnlijk minder, waarmee je dus de bovenkant er een beetje afhaalt. Dat is geen betaalbare woning, geen sociale woning wat je eraf haalt. Ik weet niet hoe u aan die tientallen woningen komt als je er twee verdiepingen van één gebouw af haalt. DE HEER WITLOX (PVDA): Ik denk dat ik gelezen heb dat het over tussen de 20 en 34 woningen kan gaan. Ik wil het ook even uitleggen.

Als je die bovenste tweede afhaalt, zakt het naar beneden en gaat het ten koste van die onderste, betaalbare woningen. Dat hoeft niet als die woningen kleiner worden, maar dat willen wij juist niet. VOORZITTER: Ik ga nu even in de procedure ingrijpen, want u spreekt via de voorzitter. Dat wordt nou een gezellig gesprek aan tafel. Ik probeer daar streng in te in te zijn, maar u gaat nu het welles-nietes debat aan over wat wel en wat niet hoeft. Ik denk dat omdat in deze ronde die vraag naar voren komt het college sowieso advies gaat geven over het amendement. Uw interruptie was leuk, maar ik denk dat het college u in de beantwoording de helderheid gaat verschaffen over wat wel en wat niet. Dan hoeft u dat spelletje samen niet uit te vechten. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Mag ik een aanvullende interruptie? Meneer Witlox, ik ben heel blij met uw opmerking dat u ervan uitgaat dat de sociale huurwoningen 70 vierkante meter worden en u per se geen verkleining van het aantal vierkante meters wilt. Was het maar zo! Ik vind namelijk ook dat dat zou moeten. Wat staat er in de stukken? Er wordt gestreefd. Wat geeft dat

9

voor mogelijkheden? Dat het dus niet 70 vierkante meter is. Dan ben ik benieuwd of dat voor u dan wel acceptabel is, dat er toch verkleind wordt. DE HEER WITLOX (PVDA): Meneer Vrakking, u zult van mij alleen maar horen dat ik dat niet accepteer. Ik heb de wethouder vorige week gevraagd en zij gaf mij de bevestiging dat het die 70 vierkante meter is en driekamerappartementen. Dat was voor mij voldoende. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Dan zou ik het graag opgenomen willen hebben in de stukken en niet het streven naar 70 vierkante meters. VOORZITTER: Dat is een verschil in interpretatie. Uw interruptie leidt tot een vraag. In dit geval heeft u het antwoord gekregen. Ik zou zeggen daarmee de interruptie afgerond. Gaat u verder, meneer Witlox. DE HEER WITLOX (PVDA): Ik heb proberen aan te tonen met het verkleinen van het woningaantal, het missen van de opbrengsten en het leiden tot een vertraging van een paar jaar, dat we dat niet kunnen gebruiken. Iets anders was dat het getrapte, van hoogte verspringende beeld door 54% van de respondenten op de enquête, die aan 800 inwoners was toegestuurd, als voorkeur werd gegeven. Ik heb me overigens wel laten vertellen dat van die 800 maar 450 hebben gereageerd. Niettemin is dat voor een enquête lang niet slecht.

Dat wij kunnen instemmen met dit plan moge duidelijk zijn, maar wel met de aanbeveling dat de uitwerking van de plannen in nauw overleg met de omwonenden wordt gedaan. Natuurlijk zien we uit naar die nadere informatie en consultatie van ons als raad. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Witlox. U sprak namens de fractie van de Partij van de Arbeid. Ik kijk naar de heer Stormbroek en hij spreekt namens de fractie van POS. DE HEER STORMBROEK (POS): Dank u wel, voorzitter. Het gaat onze fractie, als we het hebben over het memo, toch vooral om het volgende: bij omwonenden en een deel van de raad bestaat de wens om te verlagen naar zes bouwlagen. Wat schetst eigenlijk onze verbazing? Op basis van de nieuwe informatie uit de memo lijkt dit op voorhand niet te kunnen. Wij vragen ons af: waarom is deze informatie niet eerder bij ons gekomen en wist u hier vorige week niet van? Hierop voortbordurend: hoe komt u tot de conclusie dat het verlagen van bouwhoogtes, wat aangepast moet worden in onderliggende documenten, twee jaar zal kosten? We hebben het toch over een globaal bestemmingsplan waarbij u vorige week zelf heeft aangegeven dat 160 woningen het break-even punt is, voorkeur heeft voor 200 woningen, maar maximaal 250 woningen kunnen komen? U geeft in variant A in uw memo aan dat het verminderen van het aantal bouwlagen leidt tot € 1 á € 2,5 miljoen minder opbrengst.

In totaal zou dat 20 woningen kosten in het duurdere segment. Wij zien daar niet per se het probleem in, aangezien de behoefte in Soest zich vooral vertaalt naar woningen in het betaalbare segment, maar ook omdat je ons inziens ruwweg er tussen 160 en 250 woningen toch blijft zitten. Daarbij: u wilt ontwikkelaars toch uitdagen om tot creatieve oplossingen te komen in de tender? Dan zou toch kunnen uitgegaan worden van een uitgangspunt van zes bouwlagen en 20 woningen minder? Tot zover even, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Stormbroek. U sprak namens de fractie van POS. Meneer Weldink spreekt namens de fractie van Soest 2002. DE HEER WELDINK (SOEST2002): Voorzitter, aanvankelijk hadden wij de bedoeling om amendementen in te dienen, betreffende onder meer de hoogte van de appartementen. Vervolgens kwam er een memo van het college met een toelichting. Ook hebben we een gesprek met de wethouder gehad. Zowel het memo als het gesprek met de wethouder hebben ons doen overtuigen af te zien van die amendementen. Onze argumenten zijn: uit het memo blijkt dat in een participatieproces de keuze is gesteld tussen getrapte en hoogbouw en compacte laagbouw, 54% heeft gekozen voor getrapte hoogbouw. Het college heeft uitgelegd dat ook al is het een concept bestemmingsplan, wijzigingen er toch voor zorgen dat het selectieproces over moet.

Dit geeft een vertraging van minimaal twee jaar. Het college heeft ook uitgelegd dat het weglaten van twee lagen minimaal € 2 miljoen kost. Participatie is in de ogen van insprekers niet goed verlopen, maar het plan is toch door het college op vijf punten aangepast. Helaas kon niet op alle wijzigingsverzoeken van de bewoners ingegaan worden, zeker de hoogte niet. Wij begrijpen dat dat moeilijk te accepteren is. De woningnood is erg hoog. Als raad moeten wij keihard werken om dit probleem op te lossen. Er is gewoon geen tijd voor uitstel. De meerderheid van onze fractie 10

gaat dan ook akkoord met het bestemmingsplan van de Dalweg. Dan de amendementen. Mogen die nu al? VOORZITTER: Ja, dat maakt het voor de beraadslaging makkelijker. Dat kan u al over en weer reageren. Ik geloof dat meneer Stormbroek dat ook nog wil doen zo. Dat gaat hij na u doen. DE HEER WELDINK (SOEST2002): Wij staan sympathiek tegenover de motie van POS betreffende de eigen bewoners voorrang, maar wij vragen ons af of het juridisch mogelijk is. Wij willen dat graag van de wethouder horen. Wij zijn tegen de bouwhoogte die POS en D66 hebben voorgesteld. Al is het alleen maar omdat we de eigen amendementen ook teruggetrokken hebben. De MERprocedure van GroenLinks: wij vinden het antwoord van het college voldoende. Die hoeft u nog niet te doen, hoor, want die is nog niet ingediend. Dan sla ik die over. Dank u wel, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Weldink. U heeft in ieder geval voor mij een mysterie opgelost, maar daar kom ik zo op terug. Meneer Stormbroek, wilt u uw motie en amendement nog even voordragen? DE HEER STORMBROEK (POS): Zeker. Vind u het goed als ik dat per motie doe? Zo heb ik het voorbereid. U krijgt gewoon even het woord terug. Dan begin ik met de motie die oproept om onze eigen inwoners voorrang te geven op de woning op de Dalweg. Geacht college, geachte collega's in de raad, vandaag kom ik namens de fractie van POS en CU-SPG met een motie.

Ons voorstel is erop gericht op het beschikbaar maken van de te bouwen huizen op de Dalweg voor Soesters, voor de inwoners van onze gemeente. In het bijzonder denken we bij die Soesters aan de jongvolwassenen die op zoek zijn naar hun eerste betaalbare huis. Thuis, beter gezegd. Oudere mensen die willen doorstromen naar een appartement. Voor een goed functionerende samenleving hebben we zowel jongvolwassenen als oudere mensen nodig, mensen die hier geworteld zijn en graag hier willen blijven. Toch zien we te vaak dat ze in Soest te weinig kans krijgen op een passende woning. De Dalweg biedt die kans. Hier spelen het college, de gemeenteraad en ook de toekomstige ontwikkelaar een sleutelrol. Wij allemaal hebben de oplossing in handen. Daarom stel ik namens de fractie van POS en de CU-SGP voor om de huizen aan de Dalweg zoveel mogelijk beschikbaar te stellen aan Soesters, aan die jongvolwassen en ouderen die hier graag blijven. Wij sluiten daarbij aan op de doelstellingen van de nieuwe Huisvestingswet die er moet gaan komen van minister De Jonge. Die is ontworpen om onze eigen inwoners meer voorrang te kunnen geven op betaalbare huur en koopwoningen. Wij gaan sowieso uit van de steun van de regeringspartij die ook in deze raad zitten: meneer Lucas, mevrouw Sterenberg, mevrouw Flinterman. Meneer Dijkhuizen heeft de motie al mede-ingediend. Ik beperk me niet alleen tot hen.

Ik richt me tot al onze collega's. Laten we onze verplichtingen aan de Soester gemeenschap waarmaken. Voorzitter, ik beperk mij tot het dictum. De gemeenteraad van Soest verzoekt het college om het maximum aantal van het toegestane aantal woningen dat gebouwd wordt aan de Dalweg toe te wijzen aan de inwoners van de gemeente Soest, namens de fractie van POS en de CU-SGP. Dank u. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Stormbroek. Ook deze motie maakt onderdeel uit van de beraadslaging. DE HEER STORMBROEK (POS): Dan de volgende. Ik krijg er bijna een droge mond van. Vandaag kom ik ook bij u om een motie voor te stellen die gericht is op de verlangens van de mensen die wonen aan de Heetakker en het Raadhuisplein. Zoals we allemaal weten, is de bouw van nieuwe appartementen op de Dalweg een onderwerp dat zeer leeft in onze gemeenschap. Toch lijkt het erop dat de stemmen en verlangens van de mensen die hier het meest betrokken bij zijn niet voldoende gehoord worden. Getuige ook de vele zienswijzen en de insprekers van vorige week. Die mensen aan de Heetakker en het Raadhuisplein hebben grote zorgen geuit over de afstand tussen hun woningen en de nieuwe appartementen aan de Dalweg. Zij vragen om garanties aan het college en uiteindelijk de ontwikkelaar om ervoor te zorgen dat hun belangen zwaar worden meegewogen.

Bovendien hebben ze bezorgdheid geuit over de toekomst van de houtwal aan de zijde van de Heetakker. Ze vragen om garanties dat deze beschermd blijft als bron van groen en natuur en een buffer tussen de nieuwbouw. Via deze weg wil ik het college vragen om toe te zeggen dat de houtwal beschermd blijft. Voorzitter, laten we ons ook niet enkel blind staren op de te bouwen woningen, die er zeker moeten komen, getuige ook de vorige motie die ik heb ingediend. Laten we ons realiseren dat hen, de mensen die hier al wonen en leven, ook een zwaarwegend belang hebben. Kom hen tegemoet en betrek ze. Ik beperk mij wederom tot het dictum. De raad van Soest verzoekt het college met de projectontwikkelaar in gesprek te gaan om naar optimalisaties te zoeken die tegemoet komen aan de wensen van de bewoners aan de 11

Heetakker en het Raadhuisplein met betrekking tot de afstanden, en de raad daarvan een terugkoppeling te geven. Voor nu de fractie van POS. Dank u. VOORZITTER: Dank u wel. Ook deze motie maakt onderdeel uit van de beraadslaging. Ik zal voor de publieke tribune nog even uitleggen waarom dat is. Voor de orde van de vergadering kunnen wij alleen spreken over de stukken die in de vergadering als onderdeel zijn opgenomen. Als er iets nieuws is, moet je dat onderdeel uitmaken van de vergadering. Anders kun je er niet op reageren. Ik geef toe: het is een stukje bureaucratie, maar het maakt wel de beraadslaging duidelijker. Ik zei u dat het mysterie voor mij voor een deel was opgelost. Dat heeft alles te maken dat meneer Weldink heeft gezegd dat hij namens de meerderheid van de fractie sprak. Nou snap ik ook waarom meneer Vrakking, die deel uitmaakt van dezelfde fractie, zelfstandig het woord heeft gevraagd. Meneer Vrakking, u heeft het woord. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Dank u wel, voorzitter. Ja, het is ongebruikelijk. Dat weet ik, maar een raadslid moet vrij van last en dwang zijn woord kunnen doen. Het is binnen deze raadszaal wel gebruikelijk dat het een unaniem fractieoordeel is. Ik vind dat een streven wat goed is, maar wat niet altijd gehanteerd hoeft te worden.

Ik ben het op een aantal punten niet eens met mijn fractie en maak gebruik van de gelegenheid om dat kenbaar te maken. Wat het amendement van D66 over de bouwhoogte betreft: daar kan ik me gedeeltelijk in vinden, maar ik zou liever hebben, om tegemoet te komen aan de wens van de insprekers van verleden week, dat het gebouw van acht hoog verlaagd zou worden naar twee hoog. Als die aanpassing erin zit, ben ik zeker een voorstander. Interruptie. Oh, ik kwam verkeerd over. Ik bedoel met twee verlagen. Dat was ook het plan. Dat kwam inderdaad verkeerd over. Dan komen we wel heel erg tegemoet aan de insprekers. Nee, want die hadden zes gevraagd, dus in die zin...Wat betreft de motie van POS, voorrang voor de woningen aan de Dalweg: daar ben ik 100% voor. De motie actief blijven informeren: daar heb ik een dubbel gevoel bij, maar het is altijd nog beter dan niks, dus ook daar ben ik voor. De motie afstand en woningen: ook daar kan ik mee instemmen. Ik heb nog wel een tweetal vragen naar aanleiding van de toelichting die we van college hebben gekregen deze week. Vraag één gaat over de toelichting die gegeven is over de minder lagen per gebouw. In het antwoord wordt gegeven dat er bij al die drie gebouwen alles terug gaat naar zes. Dan ben je inderdaad dat beeld een beetje aan het veranderen. Dat is de berekening geweest.

Uitgaande van die berekening bij variant B zou het gaan om 34 woningen. Tijdens de opiniërende vergadering heeft het college antwoord op de vraag van meneer Witlox gegeven: het minimale aantal woningen -zelfs na correctie, want aanvankelijk zijn ze 200- om de exploitatie nog haalbaar te maken is 160. Het streefaantal was 200. Uitgaande van de maximale die nu in het bestemmingsplan staat voor 250, haal je er 34 af -als je al zes lager gaat verminderen- zit je nog ruim boven die 200. De vraag: waarom geeft u in uw beantwoording aan dat door het verwijderen van de woonlagen een extra gebouw van zes lagen woonlagen terug moet komen? Dat is niet nodig om toch de streefwaarden van 200 mogelijk te maken. Dat is vraag één. De tweede is naar aanleiding van het verlagen van de gebouwen ook weer. Het college stelt in het antwoord dat minder lagen directe consequenties heeft voor het kader groen kwaliteit. Mijn vraag is: kunt u iets meer preciseren wat er aan groen kwaliteit verloren gaat, daar volgens mij het verlagen van de hoge appartementen juist het groen en de groen kwaliteit meer zullen benadrukken wat juist een winst aan groen kwaliteit zou betekenen? Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Vrakking. Ik geef het woord aan de heer Lucas namens het CDA. DE HEER LUCAS (CDA): Voorzitter, dank. Ik zei al eerder: bij twijfel niet inhalen. Die twijfel heb ik eigenlijk nog wel steeds.

We hadden graag gezien dat we op een later tijdstip zouden kunnen besluiten. Ik ben liever niet een twijfelaar. Ik neem liever met goede argumenten een positieve keus hierover. Zijn we over alles ontevreden? Nee, helemaal niet. We hebben ook helemaal geen twijfels over de goede intenties van het college. Laat dat voorop staan. En ook niet over de noodzaak om hier woningen te bouwen. Richting D66: wij hebben ook nooit getwijfeld dat dat moest. Wij hebben tot nog toe bij alle plannen rondom de Dalweg onze aarzelingen uitgesproken en ook tegengestemd omdat wij vonden dat in dit gebied een heleboel functies zouden moeten plaatsvinden, want daar hebben we het niet over het huis van de samenleving. Ik zal het verder niet meer noemen, maar dat werd hier verder helemaal niet meer genoemd. De mix van allerlei andere zaken heeft bij ons altijd ertoe geleidt dat we daarom tegen de plannen waren. Niet over de goede intenties, ook niet over het wonen op zich, maar wel hebben we twijfels over het volgende. Is het wel verstandig om op dit moment hier de regie uit handen te geven? Is het verstandig om ons motto "woningen te gast" te nemen? Dat werd net door een paar anderen ook genoemd. Je 12

geeft daarmee eigenlijk aan dat het niet de woningen zijn die voor jou de prioriteit hebben, maar de bomen en de bloemperken. Dat mag. Maar wees dan ook eerlijk en noem het niet een woningbouwplan maar een landschapsplan. Is het verstandig besluiten te nemen zonder te weten hoeveel woningen er nu voor starters komen? Of acht of tien hoog te gaan bouwen? Is het verstandig nieuwe bebouwing zo dicht op de huidige bebouwing zoals bij de Heetakker? Praat ook eens als het gaat over het aantal vierkante meters als maatschappelijke functie met Baarn over bijvoorbeeld een gemeenschappelijke theaterzaal. Is het verstandig concrete voorstellen van omwonenden niet door te rekenen? Het lijken kansrijke oplossingen. Ik gaf vorige week al aan dat het voordeel van een globaal plan is dat er veel mogelijk is, maar dat is ook het nadeel. De uitkomst is ongewis, maar die keur je bij voorbaat al goed als het binnen die kaders past zoals nu. Je moet heel erg goed nadenken over hoe wijd die zak is van die kaders. Over de moties: ik zal ze niet allemaal herhalen, maar wij kunnen ermee instemmen omdat ze tegemoet komen aan belangrijke bezwaren die wij hebben. We stemmen het liefst in met een plan waarvan we weten hoeveel woningen er komen en dat dat ook de woningen zijn waar we in Soest behoefte aan hebben. Niet de woningen die we in Soest kunnen verkopen, ook al zijn het hoge, slanke torens.

Een plan waar we ook nog voldoende regie bij hebben. Een plan dat zo is vormgegeven dat omwonenden ermee kunnen leven. Omwonenden zijn niet altijd tegen de woningbouw. Zij hebben hier ook aangegeven: "We zijn er niet tegen, maar wel tegen de vormgeving." Een plan dat spreekt over inwoners die hier blijvend welkom zijn om hier een Soester thuis te vinden. Voor de goede orde, dat zijn inderdaad niet de gasten. Die zijn wel gastvrij, denk ik. Kortom: wij twijfelen nog steeds. U weet: bij twijfel... Tot zover de bijdrage. VOORZITTER: Dank u wel, meneer Lucas. U sprak namens de fractie van het CDA. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Meneer de voorzitter? Ik ben vergeten een amendement in te dienen, maar ik heb het wel naar de griffie VOORZITTER: De griffie is leuk, facilitair bedrijf, maar hij moet in de vergadering worden ingediend. U heeft het woord. Dat is niet naar bedoeld naar de griffie, maar de griffie kan geen moties in de raad indienen. Dat kunnen alleen raadsleden en dat moet mondeling worden ingebracht. Dan kan ik zeggen dat het onderdeel uitmaakt van de beraadslagingen. Zonder de griffie, laten we vooral duidelijk zijn, ben ik helemaal niks.

DE HEER VRAKKING (SOEST2002): De gemeenteraad van Soest op 9 februari 2023 in vergadering bijeen ter vaststelling van het bestemmingsplan Dalwegen omgeving, constaterende dat in de regels van het bestemmingsplan om horeca is opgenomen: 1.33, horeca (cultuur ondersteunende horeca), punt1: een bedrijf of inrichting gericht op de verkoop van al dan niet voor consumptie te plaatsen bereide kleine etenswaren, het verstrekken van dranken en/of het verstrekken van consumptie-ijs, zoals een lunchroom, koffie- of theehuis of ijssalon gedurende de dag periode en/of twee horeca ondergeschikt aan culturele voorziening. Zo staat het in het bestemmingsplan. Spreekt uit: dat onder de huidige definitie vanwege het gelijkheidsbeginsel dit zou kunnen betekenen dat elke lunchroom, koffie- of theehuis of ijssalon dranken kan verstrekken zonder dat hierop een uitzondering wordt gemaakt voor alcoholische dranken. Bij realisering van een culturele ruimte -en dan loop ik ook wat vooruit- kan dan aan een culturele ruimte een ruimte als kantine volgens regel 1.35 worden toegevoegd. Dan ondervang je dit besluit. En besluit in de regels onder begrip horeca de regels te veranderen, waarbij onder 1.33.1 voor dranken het woord alcoholische wordt toegevoegd en aan de dag periode toe te voegen, te weten van acht tot tien uur 's avonds en regel 1.33.2 te laten vervallen.

VOORZITTER: Dank u wel, meneer Vrakking. Ik ga bijna zeggen dat het amendement onderdeel uitmaakt van de beraadslaging, maar meneer Paul heeft gevraagd om een interruptie. Blijf maar rustig staan, want hij vraagt vast om een antwoord. De heer Paul. DE HEER PAUL (GGS): Dank u wel, voorzitter. Twee vragen eigenlijk naar aanleiding. Er staat ondertekend door fractielid Soest 2002. Bent u nou fractielid of Soest 2002? VOORZITTER: Dat ging ik zo concluderen. Daar ga ik zo antwoord opgeven. Het is zo dat amendementen -artikel 42 geloof ik uit het reglement van orde- door een raadslid mogen worden ingediend.

13

VOORZITTER: Dat is de vraag niet, meneer Vrakking. De vraag is: dient u deze in namens de hele fractie of dient u dit als enkelvoudig raadslid in? DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Er staat onder niet fractie Soest 2002, maar raadslid. VOORZITTER: Dat is het antwoord op de vraag van meneer Paul. Niet namens de fractie, maar als lid van deze raad. DE HEER PAUL (GGS): Dan zou er moeten staan "raadslid Vrakking". Dat is mijn idee. VOORZITTER: Dat maakt niet uit. Zolang de fractie besluit dat meneer Vrakking daar onderdeel van uitmaakt, maakt hij daar onderdeel van uit. Daar gaan ze zelf over en niet u. DE HEER PAUL (GGS): Tweede punt: dit gaat eigenlijk over het huis van de samenleving, volgens mij. Over de invulling van de horeca. DE HEER VRAKKING (SOEST2002): Dat idee heb ik ook en dat komt dus ter sprake op het moment dat het huis van een samenleving aan de orde komt en dat die culturele voorziening daar komt. Dan is het vroeg genoeg om voor die culturele voorziening wel een ruimte te creëren waar wel alcoholische drank geschonken mag worden. Dank u wel. VOORZITTER: Helder antwoord op de vraag. Ik ga nu zeggen dat het amendement onderdeel uitmaakt van de beraadslaging en dat de griffie u allen van het amendement -want het is niet vooraf gedeeld in de mail heeft toegezonden- zodat u er even over kunt nadenken.

We gaan ook na deze ronde even schorsen zodat u zich kunt beraden over dit niet aangekondigde amendement. Dan gaat u met elkaar ook over de andere vast nog van gedachten wisselen. Ik geef nu definitief het woord aan mevrouw Ter Beek-Suijkerbuijk namens de fractie van GroenLinks. MEVROUW TER BEEK-SUIJKERBUIJK (GL): Dank u wel, meneer de voorzitter. Bij deze voor de gehele raad: excuses voor mijn ontiegelijk gehoest de hele avond. Ik ben helaas niet helemaal 100% gezond. Ik heb de opdracht wat serieuzer genomen als het ging over het opiniërende en het besluitvormende gedeelte. Ik wil mij in deze inbreng vooral richten aan de vragen die ik nog had richting het college. Ook eventueel voor onze verdere amendementen wil ik echt nog straks nog even een korte of eventueel langere schorsing met mensen hier en daar overleggen. Dan weet u dat. Niet alleen over de MER, maar ook andere die we eventueel nog willen indienen maar die komen dan later.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=2a6826d1-90b2-49b3-b9d6-a8d2c390e05b