CConstaterende datSoest
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen Besluitvormende Raadsvergadering 20 april 2023.pdf

Besluitvormende Raadsvergadering 20 april 2023, gemeente Soest25.413 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Dan zal de heer Gündüz als enige stemmen en zo zullen we hem ook tellen. We nemen het amendement van Soest 2002. Ik ga linksom en ik kijk wat de fractie van GGS daarvan vindt. Ik weet het al, maar we gaan hem nu even noteren. GGS. Tegen. POS. Tegen. CDA. Korte stemverklaring. Ik denk dat het dan wel van belang is dat we bij de herziening van het retailbeleid goed kijken wat dan tot een retailgebied, tot het winkelgebied hoort. Ik kan me voorstellen dat het dan wordt meegenomen. Nu tegen. BURGERBELANGEN. Met een stemverklaring. We praten in deze raad al jaren over de problemen van de F.C Kuyperstraat. De bewoners hebben hun knelpunten duidelijk weergegeven en ik wil best wachten tot het retailbeleid aan de orde is, maar ik heb daar geen toezegging van de wethouder op welke termijn dat is, dus ik stem voor dit amendement. SOEST 2002. Voor. CU-SGP. Tegen. VVD. Tegen. GL. Stemverklaring, voorzitter. GroenLinks is van mening dat de F.C. Kuyperstraat beter opgeknapt moet worden dan tot nu toe gebeurt. We delen de positieve woorden van de wethouder daarin niet. De heer Baks gaf het ook al aan. Er wordt al jaren over geklaagd en de klachten worden maar niet opgelost. Dat moet beter aangepast worden. We begrijpen wel uit het antwoord van de wethouder dat dit niet de weg is om tot A gebied te verklaren, dus tegen. D66. Ook met de korte stemverklaring, voorzitter.

We hebben dit onderwerp 2 jaar geleden bij de begrotingsbehandeling in 2021 uitgebreid behandeld, met alle voors en tegens kan ik me herinneren. Er is in die tijd niet wezenlijk iets veranderd. Wij waren toen tegen en zijn nu ook tegen. PVDA, bij monde van de heer Gündüz. Tegen. VOORZITTER: Met 5 stemmen voor en 21 tegen is dit amendement verworpen. Dan kom ik tot amendement 2 van D66 en GroenLinks over het onderhoudsniveau op stationsgebieden. Ik ga wederom linksom. GGS. Tegen. De heer Paul, namens GGS was dat. POS. Tegen. 25

CDA. Tegen. BURGERBELANGEN. Tegen. SOEST 2002. Tegen. CU-SGP. Tegen. VVD. Tegen. GroenLinks. Voor. D66. Voor. PVDA. Tegen. VOORZITTER: Met 4 stemmen voor en 22 tegen is deze verworpen. Ik moet de uitslag van de vorige stemming herroepen omdat er één lid niet aanwezig was, dus dat was één stem minder voor. Dan het onderwerp zelf aan de orde. Dat gaat over het collegevoorstel over het wegenbeheerplan. GGS. Hartstikke voor. VOORZITTER: Die kennen we niet. Ik lees hem als voor. POS. Voor. CDA. Voor. BURGERBELANGEN. Voor. SOEST 2002. Voor. CU-SGP. Voor. VVD. Voor. GL. Met stemverklaring. Jammer dat we als raad de kans laten liggen om mensen meer in de trein en de bus te krijgen en uit de auto. Desondanks voor. D66. Daar sluiten wij ons helemaal bij aan. Ook voor. PVDA. Voor. VOORZITTER: Dan denk ik dat we een unaniem besluit hebben. 5. Vragenkwartier VOORZITTER: Dat gezegd hebbende gaan wij naar het vragenkwartier en dan moet ik even de blaadjes omslaan. MEVROUW STERENBERG (VVD): Mag ik daarover een punt van orde maken? VOORZITTER: Van mij wel, is dat altijd voor. MEVROUW STERENBERG (VVD): Voor degene die de vragen stellen, want ik snap niet zo goed waarom, want deze kwestie is eerder aangediend om in te dienen als motie en wordt nu via deze route als vragen aan het college gesteld, maar naar mijn idee hoort daar een democratische afweging van de raad aan te hangen.

Dus ik snap de route niet helemaal. VOORZITTER: Het reglement van orde geeft u ongelijk. Ieder lid van de raad heeft dat recht en de motie heb ik hier niet volgens mij voorbij zien komen, maar dat kan aan mijn geheugen liggen, maar je mag altijd een vraag stellen in het kader van artikel 47. Dat mag ieder raadslid, dat mag u dus ook. 26

MEVROUW STERENBERG (VVD): Het was meer een punt van orde uit collegialiteit of als je de meerderheid niet haalt met het verzoek om een motie, dat je dan de route gaat doorlopen om het gewoonzelf direct aan het college te vragen. VOORZITTER: Dan zou ik u willen adviseren, wanneer we het reglement van orde aan de orde hebben, om dat nog een keer ter discussie te stellen. Ik zou, om een voorstel te geven, zelf op geen enkele wijze één van de raadsleden de route willen smoren om vragen te stellen aan het college. Je kan het ook als punt van orde stellen of het we het nu willen behandelen of de volgende keer. Dat kun je altijd nog doen, maar ik ga er vanuit dat u dat allemaal nu wilt doen. Ik kijk daarmee naar D66 als de indiener van de vragen over de motie vreemd. U wilt het allemaal afhandelen. Dan gaan we het vanavond gewoon afhandelen. MEVROUW STERENBERG (VVD): Voor de goede orde: het eerstvolgende wat ik op mijn agenda zag staan, was het veteranenbeleid en niet die van de vliegroute. VOORZITTER: Ik had de heer Christiaans al aangekeken en die had al naar mij geknikt en dan D66, want mijn ogen gaat niet zover dat ik dat tegelijkertijd kan. Dus ik geef voor het vragenkwartier artikel 47 als eerste het woord aan de heer Christiaans. U spreekt namens de fractie van 2002. DE HEER CHRISTIAANS (SOEST2002): Dank u wel, voorzitter.

Ik denk: ik ga hier staan, dan heb ik de VVD rechts van mij en Groen links van mij. Ook mooi om hier te staan dat het ei eindelijk gelegd wordt, want we zijn er 5 maanden geleden mee begonnen en dan nu mag ik dit voorlezen. Vrede, veiligheid, democratie: 3 woorden die niet vanzelfsprekend zijn. Het verdedigen van die 3 kernwaarden is ook niet vanzelfsprekend. Of dit nu in de vreemde is in de strijd tegen internationaal terrorisme of hier in onze eigen dorp en als het gaat om de bescherming van onze inwoners en de openbare orde of het bestrijden van branden of andere ongewenste gebeurtenissen. De wereld wordt steeds complexer en in de complexe wereld zijn er altijd maar weer mensen die zich beschikbaar stellen om de 3 kernwaarden vrede, veiligheid en democratie te beschermen en daar soms ook een prijs voor betalen en soms ook de hoogste prijs. Op landelijk niveau is hier gelukkig veel aandacht voor en worden er activiteiten georganiseerd die recht doen aan de opoffering en inzet van deze mensen. Op 24 juni bedankt Nederland haar meer dan 100.000 militaire veteranen tijdens veteranendag. De brandweer staat elke derde zaterdag in juni stil bij de moed en daadkracht van de brandweer collega's die sinds 5 mei 1945 zijn omgekomen tijdens hun werk voor de brandweer. De politie herdenkt de medewerkers die tijdens de dienstuitoefening zijn overleden op de tweede donderdag in juni.

Er zijn bij die organisaties vangnetten als het gaat om het delen van ervaringen of het verkrijgen van zorg. Dit is mooi en belangrijk, maar de mensen uit de groepen waar het om gaat militairen, politie en brandweermensen wonen ook in onze gemeente. Deze mensen verdienen het dat ze op lokaal niveau aandacht krijgen in de vorm van waardering en waar nodig ook zorg. De zorg en waardering op lokaal niveau is er nu echter niet, zo lijkt het. Voorzitter, de gemeente Soest, en met name de woonkern Soesterberg kent een rijk verleden als het gaat om de relatie met het ministerie van defensie. Nederland kent een groeiende groep van veteranen. Niet alleen militaire veteranen, maar ook veteranen die bij de civiele hulpverleningsdiensten werken of hebben gewerkt, mensen die lokaal of internationaal aan de frontlinie actief zijn of zijn geweest om ons land en onze gemeenschap te dienen. Deze groep mensen verdient vanuit deze rol waardering, erkenning en zorg ook en met name op lokaal niveau. Op landelijk niveau worden er activiteiten georganiseerd voor veteranen, op lokaal niveau lijkt die aandacht er niet te zijn.

Mede namens de fracties van Burgerbelangen, CDA, GroenLinks en POS wil ik de volgende vraag aan het college stellen: kunt u inzicht geven in de huidige situatie met betrekking tot het op lokaal niveau aandacht geven aan onze veteranen? Kunt u inzicht geven in de mogelijkheden om op lokaal niveau extra tijd, geld, capaciteit te investeren in onze veteranen in samenhang met provinciale en of landelijke initiatieven en gebruikmakend van provinciale en of landelijke fondsen? Kunt u inzicht geven in de kansen die er op dit moment zijn om effectief en efficiënt te investeren in onze veteranen? Denk hierbij aan een inloopplek waar veteranen hun ervaringen kunnen delen en verwerken. Een veteranenloket in Soest of in de regio waar hulpbehoevende veteranen en hun familieleden de noodzakelijke en welverdiende professionelen, denk aan PTSS, zorg kunnen krijgen. Het organiseren van lokale activiteiten ten behoeve van veteranen in het kader van waardering en erkenning, bijvoorbeeld tijdens de jaarlijkse veteranendag. Is het college bereid om te onderzoeken of aanvullend lokaal veteranenbeleid wenselijk is? Als na onderzoek blijkt dat het niet wenselijk is, wil het college dit dan nader duiden? Voorzitter, dank u wel.

27

VOORZITTER: Dank u wel, de heer Christiaans. Ik zal nu naar de microfoon lopen voor de beantwoording. Ik ga gewoon maar droog antwoord geven. Naar aanleiding van de vragen die ik heb binnen gekregen ben ik nog wat aan het zoeken gegaan. Er wordt op dit moment in de gemeente Soest geen actieve rol vervult ten aanzien van veteranen. Er komen nog wel, laat ik maar noemen de oude veteranen bij elkaar, met enige onregelmaat en zo hun gezondheid dat toelaat. Het is ook zo, is mij gebleken, dat de Nationale ombudsman veteranen een onderzoek aan het doen is, omdat op basis van de Veteranenwet er kennelijk een verplichting naar gemeenten is om iets in de vorm van waardering en erkenning en de andere aspecten die van belang zijn, te doen. Wat precies die taak en die rol van de gemeente is, ik moet het eerlijk zeggen, kon ik nog niet vinden, maar dat ga ik voor u uitzoeken. Daar kom ik bij de laatste vraag op terug. Dan de tweede vraag. Ik heb er al voor een deel antwoord op gegeven want wat nou precies een verplichting is, daar zullen we naar moeten kijken. Wat ik wel weet en wat wellicht ook vooral slim is, is om te kijken en ik heb daar contact over gehad met zowel de Amersfoort als Leusden die gemeenschappelijk iets organiseren voor de veteranen, een inloopcafé, om te kijken op één of andere wijze of daarbij kan worden aangesloten.

Ook de regimenten die er in Soesterberg gelegen zijn, tweede transport en logistiek, technische troepen en de administratieve troepen. Die regimenten zijn gelegen en die hebben een veteranenbeleid. Ik weet dat daar allerlei initiatieven leven, net zo goed als bij de historische collectie die daar is, en wellicht kunnen we daar dan iets op aansluiten. Wij zullen dat verder wel bekijken en dat verworven inzicht. Dan heb ik het natuurlijk met name op de rol die er kennelijk in de veteranen bedacht is, maar die kennelijk onduidelijk is, omdat een groot deel van de gemeenten er geen invulling aan geeft. Ik kom daar bij u op terug. Uw derde vraag: kunt u aangeven, en er zitten een aantal subvragen, een inloopplek. Ik heb al genoemd over een aantal initiatieven. Ik weet het Nationaal Militair Museum, want die bestaan volgend jaar 10 jaar en die gaan kijken of ze daar wat meer aan kunnen doen. De initiatieven die er zijn, ook om de genoemde regimenten, staan nog relatief los van onze eigen inwoners, onze eigen veteranen, en wellicht kunnen we kijken of ook daar energie in te geven is. De Veteranenwet zegt wel iets, maar het is nog niet helemaal helder.

Uiteindelijk is het de minister van defensie en het veteranenloket zijn de loketten, het veteraneninstituut, dat is het loket waar veteranen terecht moeten als ze met klachten komen, omdat daar geregeld is hoe ze ondersteund kunnen worden op allerlei materiële en immateriële wijze. Dat is niet de rol, maar het kan zijn dat via een zij-instroom of uiteindelijk op enigerlei wijze vanuit de Wmo daar een aanvraag gedaan wordt. Ik heb geen inzicht in hoeverre dat speelt, want dat zijn dan meestal afgeleide vragen die later komen. Er is in ieder geval een rol, maar dat veteraneninstituut heeft in principe de rol om de coördinerende rol te spelen. Het zit in Doorn, dus dat is gelukkig in ieder geval in de regio. Ik heb een aantal jaren geleden contact gehad. Ze zijn in 21 opgericht als instituut als zodanig. Er zijn een aantal andere organisaties ingetrokken en ik zal dat contact nog een keer aanhalen. Dan de vraag over lokale activiteiten. Soest heeft op veteranendag nooit activiteiten ondernomen. Daar bleek niet direct vraag naar vanuit onze eigen gemeenschap. Ik weet wel dat er een aantal Soest veteranen specifiek naar Den Haag gaan daarvoor. Dus er is kennelijk wel een behoefte, maar die heb ik nog niet hier kunnen ontdekken.

We merken wel dat het denken over veteranen, u verwoordde dat voor een deel in uw inleiding en dat heeft natuurlijk ook met de geopolitieke situatie te maken, en veteranenbeleid wel steeds meer waardering krijgt in de Nederlandse samenleving. Nederland loopt daar absoluut achter met andere landen in de wereld, maar bij een recent onderzoek bleek nog dat 80% van de samenleving waardering heeft voor de veteranen. Of wij daar en hoe wij daar dan als lokale overheid een rol hebben, zou ik op dit moment niet kunnen invullen. Dat brengt mij bij uw laatste vraag: zijn we bereid om te onderzoeken? Ik heb u al gezegd: ik denk dat wij in ieder geval moeten voldoen aan de verplichtingen die de wet ons daarmee opgeeft. Ik denk dat het niet zo moeilijk is om te spreken over waardering en erkenning voor de mensen die namens ons voor vrede en veiligheid zorgen, maar ik wil vooral in andere zin nog een andere zijstap maken. Het zijn niet alleen de militaire veteranen die in PTSS-vraagstukken terechtkomen. We weten allemaal, met name uit Amerika, dat de vraagstukken daar kunnen leiden tot allemaal ongewenst onveiligheidsgedrag. Dan is het wel fijn als je mensen kent uit die veteranen. Dat is dan wel weer vanuit een andere invalshoek. Dat geldt natuurlijk niet alleen voor de burgemeester.

Het veteranenbeleid ligt natuurlijk daar wel, maar als je praat over zorg en over welzijn van onze samenleving, zijn natuurlijk andere portefeuille daar ook bij betrokken. Dus u heeft al begrepen, ik weet dat er iets op ons af is gekomen waar wij kennelijk ons niet helemaal van bewust zijn. Ik weet niet in welke vorm en mate. Wij gaan ons daarboven beraden en als dat nodig is, komen we daar bij u op terug. VOORZITTER: Als u het goed vindt daarin, de heer Christiaans, dan zou ik over willen gaan naar de motie vreemd. U vindt dat goed. Dat is mooi. Dan kijk ik naar de fractie van D66 bij monde van mevrouw Flinterman.

28

MEVROUW FLINTERMAN (D66): Dank u wel, voorzitter. Het is laat op de avond. Nog even een minuutje geduld voor een belangrijk onderwerp. Motie aanvliegroute. D66 heeft eerder vragen gesteld over de vierde aanvliegroute vanuit Schiphol en we danken het college voor de antwoorden en het werk wat eraan vooraf is gegaan. De gevolgen en de uitkomsten van deze vierde aanvliegroute blijven nog steeds vaag. Ondertussen zijn er meerdere gemeenten in deze regio die een politieke uitspraak hebben gedaan tegen de komst van deze vliegroute en is de oproep duidelijk. We moeten als regio gezamenlijk optrekken als we ons willen verzetten tegen de negatieve gevolgen van deze vliegrouten. Daarom deze motie, om het college op te roepen om die samenleving te steunen, die samenwerking te blijven zoeken en om een signaal te geven aan het ministerie. Nu al zijn er inwoners die last hebben van geluidsoverlast van vliegtuigen en we weten ook dat de luchtvaart nog niet schoon is qua uitstoot. We werken samen in de regio om onze natuur te versterken en daar hoort het overvliegen van vele vliegtuigen op een lagere hoogte dan gewenst dus niet bij. Voor de gezondheid van onze inwoners en de natuur laten we duidelijk uitspreken dat we als Soest ons zorgen maken. We zijn blij met de mede-indieners en uiteraard roepen we de andere partijen op om ook mee te doen met deze oproep.

Alleen zo hebben we een politieke boodschap naar het ministerie en steun in de regio. Voor de landelijke partijen in deze raadzaal zou ik zeggen: gebruik uw invloed in Den Haag om uw eigen fractie ook op te roepen om het ministerie onder druk te zetten. Het dictum: de raad spreekt uit dat de vierde aanvliegroute niet mag zorgen voor extra geluidsoverlast en milieuvervuiling in ons gebied en roept het college op om de samenwerking met de regio te blijven zoeken en zich te verzetten tegen de negatieve gevolgen van de vierde aanvliegroute voor ons gebied. Deze motie is van D66 en mede-ingediend door GroenLinks en POS. VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Flinterman. Zijn er andere fracties die zich willen uitspreken over deze motie vreemd aan de orde van de dag? DE HEER PAAUW (GGS): Voorzitter, krijgen we nog een reactie van het college hierop? VOORZITTER: Dat is een goeie. Ik ben ook een beetje moe aan het worden. Neem me niet kwalijk. Ik ga even naar het college kijken. Dank u wel. Ik zat een beetje te dromen. Mevrouw Treep. WETHOUDER TREEP: In die zin was uw oproep aan de politiek, maar ik ga nog even teruggrijpen op de beantwoording. U heeft in februari vragen gesteld. Die zijn eind maart uitgebreid beantwoord door het college, waarin we hebben aangegeven dat het nog best een poos duurt voordat we uit de schimmigheid en vaagheid komen waar u op duidt.

Het ministerie zit in een plan- en realisatiefase en we verwachten pas dat we medio 2024 een beetje zicht krijgen op welke aanlandingspunt dan de route betrekking zou kunnen hebben en of dat dan inderdaad ook over Soest gaat. Tot dusver is het dan heel onduidelijk. We hebben natuurlijk eerder in een brief samen met andere gemeenten en de provincie al richting het Rijk aangegeven dat we ons zorgen maken. Wij wachten op de uitnodiging voor een participatieproces van alle gemeenten en de provincie, waarin wij dan onze verantwoordelijkheid kunnen nemen om kenbaar te maken hoe wij daarin staan. Hoe we de belangen van Soest en Soesterberg kunnen behartigen om onze geluidsarme kernwaarden te agenderen, zo hebben we het opgeschreven in de beantwoording van uw vraag hierop. Door daar aan deel te nemen denk ik dat we de kracht kunnen bijzetten, vanuit alle gemeenten en de provincie samen, richting het Rijk. In die zin is dat wat wij dan doen voldoende en acht ik voor nu deze motie overbodig, maar hij is politiek, dus ik laat hem aan nu. VOORZITTER: Ik kijk nu naar de politiek. Wie wenst hierover het woord? De heer De Ruijter en dan de heer Stormbroek. Dan ga ik daarna verder inventariseren. De heer De Ruijter. DE HEER DE RUIJTER (GL): Voorzitter, als mede-indiener kan ik het niet laten om bij deze halve overbodige verklaring van het college toch nog iets toe te voegen.

Misschien weet u het niet, maar in vrijwel alle gemeenten in onze omgeving is een vergelijkbare motie aangenomen, in De Bilt en ik meen ook Houten, zelfs unaniem. Bedenk wat u doet als u deze motie niet aanneemt. Dan zijn we misschien niet het meest milieuvriendelijke dorp in de omgeving. Dank, voorzitter. VOORZITTER: Dank u wel, de heer De heer De Ruijter, u sprak namens GroenLinks. De heer Stormbroek, POS. DE HEER STORMBROEK (POS): Ik mag ook nog even vanavond, je zou het bijna niet denken. Wij zijn van harte mede-indiener van de motie van D66 inzake de vierde aanvliegroute van Schiphol. Het is van groot belang dat deze route geen extra geluidsoverlast en milieuvervuiling veroorzaakt voor het gebied rond Soest en Soesterberg. De kans dat er misschien wel 120 vliegbewegingen per dag, misschien wel vliegtuigen op minder dan 2 kilometer hoogte boven ons hoofd kunnen 29

plaatsvinden, is zelfs voor ons, het vliegdorp, net iets te gortig. Zoals u wellicht weet, maakt de vierde aanvliegroute deel uit van de voorkeursbeslissing luchtruimherziening. Deze beslissing heeft als doel de luchtvaart in Nederland zogezegd efficiënter en duurzamer te maken, onder andere door het herzien van de luchtruimindeling. Laten we het er allemaal niet over hebben dat Schiphol wil blijven groeien en dat die groei ook zomaar boven onze dorpen en natuurgebieden kan plaatsvinden, dit met alle negatieve gevolgen voor leefbaar van mensen en dier in onze dorpen. De inschatting is dat het naderingspunt van de vierde aanvliegroute namelijk boven het zuidoosten van de provincie Utrecht of het zuidwesten van Gelderland komt te liggen, met eventuele routepunten verspreid over de provincie Utrecht. Ik herhaal een beetje wat de heer De Ruijter zegt: laten we onze buren zoveel mogelijk volgen. Amersfoort, De Bilt en Woudenberg hebben onder andere ook ingestemd met een motie van gelijke strekking. Ze hebben zich uitgesproken tegen de komst van de vierde aanvliegroute boven onze regio. Het college wil hem niet overnemen, maar dan een oproep aan de raad: steunt u hem alstublieft en stem hem niet weg, want anders krijgen we de aanvliegroute misschien wel juist boven ons hoofd. Dank u wel. VOORZITTER: Ik wil even herstellen. Het college heeft niet gezegd dat ze hem niet wil overnemen.

Het college heeft gezegd: "Het is een uitspraak van de politiek." Aangezien het college geen deel uitmaakt van deze raad, kan het college op dit moment ook niet anders zeggen. De heer Paauw, en dan mevrouw Flinterman, die was al geweest, en de heer Dijkhuizen. DE HEER PAAUW (GGS): Voorzitter, met Soesterberg mee waren we een vliegdorp en we praten er nu over om te zorgen dat er zo min mogelijk last komt van vliegtuigen die ons ook een stukje historie hebben gebracht. Toch denk ik dat wij de wethouder moeten steunen in haar straks verdere uitvoering daarin om gezamenlijk met andere gemeentes te komen, dat we in ieder geval in Soest zo min mogelijk last krijgen van de nieuwe route die ze op Schiphol nodig achten. Hopelijk zijn we met z'n allen verstandiger dat we minder gaan vliegen in de toekomst. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, de heer Paauw. Voorzitter? De heer Baks. DE HEER BAKS (BURGERBELANGEN): Krijg ik toestemming om te interrumperen? De heer Paauw zegt wel mooi dat we de wethouder steunen, maar ziet u dan niet in dat deze motie juist een ruggensteuntje voor de wethouder is in haar overleg in de regio, want daar heb ik u niks over horen zeggen? DE HEER PAAUW (GGS): Dank voor uw interruptie. Zo bedoel ik het ook. Het is een steuntje voor de wethouder om zich hard te maken, wat de motie ook aangeeft. Wij zullen dus voor zijn voor alle duidelijkheid.

VOORZITTER: Dat levert duidelijkheid op. Mevrouw Flinterman. MEVROUW FLINTERMAN (D66): Nog even een aanvulling op het antwoord van het college. Bestuurlijk gezien is de motie misschien overbodig, maar we hebben naar aanleiding van de vragen die we gesteld hebben over dit onderwerp en die ook in de pers zijn gekomen, veel gehoord van Soester inwoners die zich heel erg zorgen maken van wat er hier gaat gebeuren en hoe het nou zit en wat we daar tegen kunnen doen. Dus in die zin vind ik het jammer dat de wethouder het niet ruimhartig overneemt en zegt: "We gaan ons uiterste best doen." Misschien mag ik uw antwoord toch een beetje die kant interpreteren, want dat is waar iedereen op zit te wachten, wat ook de bedoeling is van de moties die verder in de regio zijn uitgezet. U kunt ons niet geruststellen want zover zijn we nog niet, maar de motie roept op om alles in het werk te stellen om te voorkomen dat die aanvliegroute schadelijke gevolgen voor ons zal hebben en als het enigszins mogelijk is te voorkomen dat die aanvliegroute boven Soest zal gaan plaatsvinden. Dus ook ter geruststelling voor onze inwoners dat dit college en de gemeente Soest er alles aan doet om dat te voorkomen. VOORZITTER: Ik maak toch even een punt van orde.

Ik heb de wethouder horen zeggen dat ze haar uiterste best doet, dat ze dat nu al 3 keer heeft beantwoord, dat ze daarop alle mogelijke gremia mee aan de gang is. Dus ze kan dit niet overnemen, want ze doet dat al. Ze zegt vervolgens: "Als u de motie in stemming brengt, dan is het aan u, want dat is politiek. Ik ben niet van de politiek, dat bent u." Ik snap het verwijt wat u formuleert richting het college niet en ik vind het een onterecht verwijt wat u hier maakt. Daar teken ik echt bezwaar tegenaan. U moet hier met elkaar uitmaken wat u als raad vindt. Daar gaat de hele wethouder niet over. Dat gezegd hebbende, de heer Dijkhuizen. DE HEER DIJKHUIZEN (CU-SGP): Dank u wel, voorzitter. Wij zien in de beantwoording van de wethouder dat zij op haar manier met het college aandacht blijft vragen voor dit nieuwe fenomeen, 30

zou ik bijna zeggen, voor deze nieuwe aanvliegroute. Wij worstelen wel een beetje, moet ik eerlijk zeggen, met het voor zijn voor deze motie. De heer Paauw, u zei het al; het onderliggende probleem is dat er gewoon veel te veel gevlogen gaat worden. Daar zouden we op moeten ingrijpen. Daar gaan we niet over, tenminste dat schat ik in. We kunnen hooguit zelf op de fiets gaan, de heer De Ruijter, maar daar zou je wat aan moeten doen. Wij worstelen omdat als we daar niks aan veranderen, dan zal het aantal vliegtuigen in ons luchtruim niet afnemen. Als wij dan zeggen: "Even niet over Soest." Dan zal die concentratie ergens anders, waar die nu al vliegt, misschien wel dubbel worden. Ik zou bijna zeggen, als we hem dan even naar onze lokale politiek zeggen: "We willen wel vliegen, we willen wel een huis bouwen, maar niet in onze achtertuin." Vliegen mag wel, maar niet over Soest, dus we worstelen een beetje. We begrijpen het wel en we zijn blij met de worsteling ook vanuit het college en politiek gezien zijn we dan toch maar voor, maar wel met die worsteling. Dank u wel. VOORZITTER: Dank u wel, de heer Dijkhuizen namens de CU-SGP. Mevrouw Sterenberg. MEVROUW STERENBERG (VVD): Het is toch leuk om de heer Dijkhuizen weer af te horen sluiten met een worsteling, dus ik worstel gewoon weer even leuk mee.

De wethouder is volgens ons heel erg duidelijk geweest en ik vond wat de heer Dijkhuizen aangaf wel heel treffend, want het is natuurlijk gewoon een nimby gevalletje. Ik stap deze zomer ook gewoon weer in het vliegtuig en zo velen met ons, dus de vluchten zullen er zijn. Er is volop aandacht voor het beperken van de schade van vluchten. Dat is een hot topic tegenwoordig. Wij hebben al het vertrouwen in de wethouder. De wethouder geeft ook aan: "Dit is nog niet dat proces. De participatie gaat nog komen." Als wij dan kijken hoe wij reageren naar inwoners die al naar ons komen voordat wij überhaupt nog een letter op papier hebben, zeggen wij: "Wij hebben het vertrouwen in de wethouder en wij zullen de motie niet steunen." VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Sterenberg, namens de fractie van de VVD. Zijn er nog andere fracties die zich wil uitspreken? Als dat niet het geval is, dan ga ik de motie in stemming brengen. Dan ga ik linksom. GGS. Voor. POS. Voor. CDA. Voor. BURGERBELANGEN. Voor. SOEST2002. Voorzitter, Soest 2002 ziet deze motie alleen als ondersteuning voor de wethouder waar die mee bezig is. Wij zijn voor. CU-SGP. Met een stemverklaring sluit ik bij diezelfde woorden aan, voorzitter, zoals ik dat ook al eerder zei, als een steun in de rug voor de wethouder. Dank u wel. VVD. Tegen. GL. Voor. D66. Voor. PVDA. Voor, en ik sluit mij aan bij Soest 2002 en CU-SGP.

VOORZITTER: Met 4 stemmen tegen en 22 stemmen voor is de motie aangenomen. 6. Sluiting VOORZITTER: Dan ben ik aangekomen bij het laatste agendapunt en dat is de sluiting. Mag ik iedereen bedanken voor zijn aanwezigheid en inzet en mag ik de fractievoorzitters vragen nog voor een kort moment in de ruimte hiernaast? Ik sluit de vergadering.

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Soest&id=29837191-96e6-4b96-9454-50b2a0881612