Begroting 2023 - 2026 voor raad.pdf
Tekst van het document
2. Solvabiliteitsratio Onder solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Dit kengetal geeft in procenten aan in hoeverre het bezit op de balans is afbetaald, ergo niet met schulden is belast. Deze indicator geeft eveneens inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. ontwikkeling 2 Solvabiliteitsratio
rekening begroting begroting begroting begroting begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2026 38%
28%
33%
34%
34%
35%
Hoe de uitkomst te beoordelen? Een uitkomst tussen 30% en 100% is als normaal te beschouwen. Bij een uitkomst tussen 20% en 30% is voorzichtigheid geboden. Is de uitkomst lager dan 20%, dan heeft de gemeente zijn bezit zeer zwaar belast met schuld. Het is van belang dat de reserves op niveau worden gehouden. Geconcludeerd kan worden dat: a. De solvabiliteitsratio is toegenomen. b. Ondanks deze toename de omvang van de bruto schuld binnen de bandbreedte valt die als normaal voor een gemeente kan worden beschouwd.
87
3. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte geeft aan hoe wendbaar een gemeente is. Als de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten, is een gemeente in staat om (structurele) tegenvallers op te vangen. Een dergelijke begroting is flexibeler dan een begroting waarbij de structurele baten en lasten in evenwicht zijn. rekening begroting begroting begroting begroting begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2026 3 Structurele exploitatieruimte
-1,03%
-1,09%
2,04%
4,54%
6,34%
0,33%
Uit de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit (zie volgende bladzijden) blijkt dat de niet benutte belastingcapaciteit 7,4 mln. bedraagt en deze capaciteit als structurele capaciteit wordt aangemerkt. Hieruit volgt dat de potentiële structurele exploitatieruimte aanzienlijk is en op 5,63% kan worden gesteld.
4. Grondexploitatie De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij verkoop. Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. ontwikkeling 4 Grondexploitatie
rekening begroting begroting begroting begroting begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2026 1%
1%
5%
4%
5%
5%
Geconcludeerd kan worden dat in Soest van een bijzondere situatie sprake is. Door de ontvangen rijksbijdrage van 1 miljoen, de bijdragen uit de bestemmingsreserves MP Soesterberg en Investeringsfonds als voorziening in de voorraad op te nemen (aanwijzing accountant), is sprake van een minimale voorraad waardoor ook de uitkomst van het kengetal zeer laag is.
5. Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de lokale belastingdruk zich verhoudt tot het landelijke gemiddelde. De lokale woonlasten worden t.o.v. het landelijke gemiddelde van het voorafgaande begrotingsjaar uitgedrukt in een percentage. De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen, wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. ontwikkeling 5 Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishoudens
rekening begroting begroting begroting begroting begroting 2021 2022 2023 2024 2025 2026 89%
97%
91%
92%
92%
92%
Geconcludeerd kan worden dat in de aangegeven jaren de gemiddelde woonlasten in Soest lager zijn dan het landelijke gemiddelde. De 91% in 2023 komt er op neer dat de lokale woonlasten in Soest 79 lager zijn dan het landelijke gemiddelde over 2022.
88
De lokale woonlasten bestaan uit: OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde Afvalstoffenheffing voor een gezin Rioolheffing voor een gezin Woonlasten Soest (gezin bij gemiddelde WOZ-waarde)
17 90 18 825
inanciële risico’s, benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Relatie risicomanagement, weerstandscapaciteit en weerstandsvermogen Een gemeente loopt tal van risico’s. Een deel daarvan wordt geheel of gedeeltelijk afgedekt door specifieke maatregelen (risicomanagement), bijvoorbeeld met verzekeringen en interne controle. Daarnaast loopt een gemeente ook risico’s die niet (kunnen) worden afgedekt. Deze risico’s kunnen tot onvoorziene kosten leiden. De inschatting van het totaal aan financiële risico’s waarvoor onvoldoende beheersmaatregelen zijn getroffen geeft inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit. Om te voorkomen dat een ingrijpende beleidswijziging moet worden doorgevoerd bij het optreden van niet afgedekte risico’s, moet een gemeente capaciteit hebben om de niet-begrote kosten op te vangen: de zogenoemde beschikbare weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen geeft de relatie aan tussen de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en de capaciteit die een gemeente heeft dit op te vangen. De onderstaande tabel toont aan de hand van de begrotingen 2018 t/m 2023 de ontwikkeling van de weerstandscapaciteit (benodigd en beschikbaar) en het weerstandsvermogen. Hieruit blijkt dat de gemeente Soest ruimschoots in staat is om onvoorziene omstandigheden financieel op te vangen. x € mln.
Algemene reserve Vrije belastingcapaciteit Totaal Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen
2018 9,0 6,3 15,3
2019 8,0 6,9 14,9
2020 8,0 7,1 15,1
2021 6,0 6,8 12,8
2022 6,7 5,8 12,5
2023 9,8 7,4 17,2
6,2 2,5
6,3 2,4
6,5 2,3
6,4 2,0
6,6 1,9
7,4 2,3
89
In het Visiedocument Risicomanagement is een minimumgrens voor het weerstandsvermogen van 1,0 gesteld. Het in de begroting 2023 weergegeven weerstandsvermogen zit daar ruim boven. Ook uit onderstaande tabel blijkt dat volgens de signaleringswaarden van het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader (GTK) ons weerstandsvermogen uitstekend is: Weerstands-vermogen
Betekenis
>= 2.0 1.4 < 2.0 1.0 < 1.4 0.8 < 1.0 0.6 < 0.8 < 0.6
Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
Vooralsnog gaan wij er vanuit dat ons weerstandsvermogen zich de komende jaren zal stabiliseren op de grens van ‘ruim voldoende’ en ‘uitstekend’.
90
Onderbouwing weerstandsvermogen 2023 In de hiernavolgende tabel worden per programma de financiële risico’s samenvattend weergegeven. Deze risico’s moeten dus door de beschikbare weerstandscapaciteit worden opgevangen. Uit de tabel blijkt dat Soest in 2023 en verder voor een bedrag van afgerond 7,4 mln. risico’s loopt die mogelijk onvoldoende zijn afgedekt door beheersmaatregelen. Programma en onderwerp
Kans
Financieel impact
Financieel risico
PROGRAMMA BESTUURLIJKE OMGEVING
242.000
Gemeentelijke aansprakelijkheid/verzekeringen
10%
1.000.000
Terugval huuropbrengst gemeentelijk vastgoed
10%
1.420.000
100.000 142.000
PROGRAMMA FYSIEKE LEEFOMGEVING
4.850.000
Verkeersplan Soest-zuid (uitvoering)
10%
11.975.000
1.197.500
Schade door extreme weersinvloeden op openbaar groen
50%
200.000
100.000
Stikstof
50%.
50.000.
25.000
Programma aanpak PFAS
50%
40.000
20.000
Project vliegbasis Soesterberg
50%
3.300.000
1.650.000
Masterplan Soesterberg
300.000
Gebiedsvisie Dalweg e.o.
700.000
Molenstraat, voormalig werfterrein
10%
928.000
90.000
Impact omgevingswet bodem
25%
30.000
7.500
Bouw nieuwe sporthal
p.m.
p.m.
p.m.
Planschade
25%
400.000
100.000
Bouwleges
90%
400.000
360.000
Implementatie Omgevingswet
25%
1.000.000
250.000
Inhuur taskforce
10%
500.000
50.000
PROGRAMMA SOCIALE LEEFOMGEVING
967.500
Leerlingenvervoer
25%
100.000
25.000
Zorgleveringen Sociaal Domein
50%
1.700.000
850.000
Wetswijziging btw verrekening Sport
50%
160.000
80.000
Eigen risico aansprakelijkheid voor veiligheid van speelgelegenheid ALGEMENE DEKKINGGMIDDELEN
25%
50.000
12.500 906.000
Diverse ontwikkelingen algemene uitkering
485.000
Dividenduitkering BNG
50%
22.000
11.000
Dubieuze debiteuren
50%
50.000
25.000
Loonontwikkeling
10%
2.100.000
210.000
Prijsontwikkeling
50%
350.000
175.000
PARAGRAFEN
441.000
B - Renterisico
10%
150.000
15.000
C - Trajecten medewerkers
50%
440.000
220.000
C – Externe juridische ondersteuning bij inkoop
25%
60.000
15.000
C - Meldplicht datalekken/bescherming persoonsgegevens C – Continuïteit ICT voorzieningen
25%
100.000
25.000
5%
1.500.000
75.000
E - Garantstellingen Totaal
91.000 7.
7.406.500
91
Beschikbare weerstandscapaciteit 2023 De beschikbare weerstandscapaciteit heeft een structurele en een incidentele component. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit de niet benutte belastingcapaciteit. De niet benutte belastingcapaciteit wordt gedefinieerd als: 1. Het verschil tussen de kosten en opbrengsten (kostendekking) van de afval- en rioolheffing. De kostendekking is nagenoeg 100%. Daarom wordt deze niet verder in de berekening betrokken. 2. Het verschil tussen de OZB-opbrengst voor de gemeente Soest volgens de artikel 12norm en de begrote OZB-opbrengst, zoals deze is verwerkt in de begroting 2023. Dit geeft de volgende berekening: Artikel 12-norm 17.898.000 Opbrengst begroting 2023 10.451.000 Verschil 7.447.000 Op basis van deze normen bedraagt de structurele weerstandscapaciteit circa
7, mln.
De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de reserves die niet geblokkeerd zijn. De besteding van de meeste reserves ligt vast. Incidentele aanwending van deze reserves leidt dan ook tot een bestedingsbeperking voor de toekomst. Daarom beschouwen wij in het Visiedocument Risicomanagement alleen de algemene reserve als vrij aanwendbaar. Op basis van de huidige inzichten bedraagt de gemiddelde hoogte van de algemene reserve per ultimo tm 6 circa 9,8 mln. Dit ligt ruim boven de in de nota Reserves en Voorzieningen bepaalde minimumgrens van 6 mln. De totale beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt daarmee in
17, mln.
Weerstandsvermogen Voor het berekenen van het weerstandsvermogen wordt de beschikbare weerstandscapaciteit (= algemene reserve + vrije belastingcapaciteit) gedeeld door de benodigde weerstandscapaciteit (= totaal van financiële risico’s). Op grond van de bovenstaande berekening komt het weerstandvermogen 2023 uit op: 17, mln. 7,4 mln. = 2,3
92
Nadere toelichting bestuurlijk relevante risico’s
Programma 1. Bestuurlijke omgeving Gemeentelijke eigendommen en aansprakelijkheid/verzekeringen Toelichting: Verzekeringen zijn aangegaan voor onder andere gebouwen & inventaris en voertuigen. Ook zijn er verzekeringen afgesloten voor wettelijke aansprakelijkheid en aangelegenheden op het gebied van fraude, personeel en bestuur. Het risico bestaat uit kosten die voorvloeien uit afgesproken eigen risico en uit kosten van niet of niet volledig verzekerde zaken. Beheersmaatregel(en): • De gemeentelijke opstallen zijn onder meer verzekerd tegen brand- en vliegtuigschade. De verzekeringen zijn afgesloten onder toepassing van de indexclausule, dat wil zeggen dat de verzekerde waarden meestijgen met de herbouwkosten. • De voertuigen zijn in ieder geval verzekerd op basis van een WA-polis. Afhankelijk van ouderdom en aard van het gebruik zijn aanvullende dekkingen meeverzekerd. Gemeenten worden door derden steeds meer aansprakelijk gesteld voor geleden schade. We hebben een WA-verzekering afgesloten met een eigen risico van 1 .5 per gebeurtenis. De verzekerde bedragen zijn maximaal ,5 miljoen in geval van personen en of zaakschade en 1, 5 miljoen in geval van vermogensschade. er verzekeringsjaar wordt niet meer vergoed dan twee keer de vermelde maximale bedragen per categorie. Op basis van het schadebeeld van de afgelopen jaren is het risico als laag te beoordelen.
Generiek risico Financieel
Kans laag = 10%
Impact
Risico
1.
1
.
.
Terugval huuropbrengsten gemeentelijke accommodaties Toelichting: Maatschappelijke organisaties en andere huurders van gemeentelijk vastgoed heroriënteren zich eens in de paar jaar hun huisvesting en ruimtegebruik. Hierdoor kan de komende jaren de leegstand toenemen als contracten worden beëindigd. Het risico is gerelateerd aan de totaal geraamde huuropbrengsten, waarbij het risico op huurderving wordt geschat op 10%. Beheersmaatregel(en): • Via kostprijsdekkende huur vanuit het Integraal Accommodatiebeleid worden huurprijs en werkelijke kosten met elkaar in relatie gebracht. • De verhuur wordt actief aangepakt door onder andere leegstandsbeheer en marktconforme huurprijzen. • We werken aan onderhoud en verduurzaming van onze panden.
• Waar mogelijk wordt ingezet op het sluiten van langjarige huurovereenkomsten met huurders. Generiek risico Financieel
Kans laag = 10%
Impact
Risico
1.
1
.
.
93
Programma 2. Fysieke leefomgeving Verkeersplan Soest-Zuid (B, uitvoering) Toelichting: De regio heeft voor het Verkeersplan Soest-Zuid een totaal uitvoeringsbudget van 11.975. vrijgegeven. Voorwaarde bij deze bijdrage is dat de uitvoering uiterlijk in 2024 gereed moet zijn. Als dit niet het geval is dan vervalt de bijdrage en zijn alle gemaakte kosten volledig voor rekening van de gemeente Soest. Daarnaast is de voorwaarde bij deze bijdrage dat de gemeente Soest de risicodragende partij is. Dit betekent dat als er meer dan de ontvangen bijdrage uit de regio wordt uitgegeven deze extra kosten voor rekening komen van de gemeente Soest. Beheersmaatregel(en): • Gemeente Soest gaat in de tweede helft van 2022 een verzoek indienen om de voorwaarde van de uiterlijke datum op te schuiven van 2024 naar 2026, dit vanwege omstandigheden welke niet binnen de invloedsfeer van het projectbureau vallen. • Er is een planning opgesteld waarin de verschillende fases van de deelprojecten zijn opgenomen. Het is essentieel om deze planning te halen, zodat alle maatregelen daadwerkelijk in 2026 zijn uitgevoerd. • In elke fase van het project worden er ramingen opgesteld. Deze ramingen worden vergeleken met het beschikbare budget. Indien dit om budgettaire redenen noodzakelijk is, kunnen op die momenten de plannen worden aangepast.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
laag = 10%
11.975..000
1.197.500
Schade door extreme weersinvloeden op openbaar groen Toelichting: Door klimaatverandering zijn er aanzienlijk extremere weersinvloeden te verwachten. Een extreme droogteperiode kan leiden tot extra sterfte van beplanting en bomen en daarmee tot noodzakelijke vervanging. Daarnaast vormen zware stormen, hoosbuien en blikseminslagen een risico voor schade aan bomen en aan andere gemeentelijke goederen en goederen van derden. Mede door klimaatveranderingen ontstaat er een aansprakelijkheid voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte (of het nalaten daarvan) en mogelijke calamiteiten. Beheersmaatregel(en): • Intensief watergeven ten tijde van droogte en zo nodig vervangen van beplanting/bomen. Met de begroting is het budget voor het water geven van bomen en beplanting structureel opgehoogd. Dit leidt niet tot het aanpassen van het risicobedrag. • Jaarlijks krijgen risicovolle bomen een VTA (Visual Tree Assessment)-controle. Daarnaast worden alle bomen in het stedelijk gebied eens in de drie jaar gecontroleerd. Dit draagt bij aan een actueel beeld van de risico’s. • ij (her)inrichting of groenrenovatie kiezen wij boomsoorten en planten waarbij het risico op droogte en stormschade gering is.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
laag = 50%
200.000
100.000
94
Stikstof Toelichting: Er is veel maatschappelijke onrust over de landelijke stikstofaanpak en hoe de regelgeving zich in het komende jaar gaat ontwikkelen. Het kabinet legt de uitwerking van landelijk beleid voor een groot deel bij de provincie neer. Zowel landelijkbeleid als de provinciale uitwerking zijn nog niet uitgewerkt in regelgeving. Deze onzekerheid geldt het meeste voor de agrarische sector maar kan ook gelden voor ontwikkelingen. Wij gaan in 2023 een opdracht verlenen (100k voor gebudgetteerd) aan een externe adviseur om voor de Soester situatie duidelijkheid te verschaffen, maar gezien de ontwikkelingen in dit dossier bestaan zien wij nog de volgende risico's: • De adviesopdracht valt hoger uit dan begroot; • Anticiperen op landelijk en provinciaal beleid waardoor er extra inzet nodig is door externe inhuur; • Door streng beleid of doordat de beleidsontwikkeling stil komt te liggen worden ontwikkelingen bedreigd. Het financieel risico is hier niet voor in te schatten en niet meegenomen in onderstaande tabel. Beheersmaatregel(en): • Inwinnen juridisch advies en landelijke ontwikkelingen scherp blijven volgen; • Bij grote en middelgrote ontwikkelingen altijd een aerius berekening uit laten voeren.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
gemiddeld = 50%
5 .
25.000
Programma aanpak PFAS Toelichting: Naast de stikstofproblematiek is in 2019 een ander risico bekend geworden: het risico van PFAS. PFAS is een verzamelnaam voor meer dan 6.000 verschillende poly- en perfluoralkylstoffen. S kunnen risico’s hebben voor de gezondheid en vervuilend zijn voor het milieu. Uit onderzoek blijkt dat er in Soest weinig PFAS in de grond zit maar dat er ter plaatse van de vliegbasis vlekken zijn ontstaan door het gebruik van brandblusschuim in het verleden. De komende jaren voert de provincie een aantal saneringen uit. Gezien de unieke ecologie op de vliegbasis zijn deze saneringen niet zonder (juridische) uitdagingen. Om de saneringen mogelijk te maken moet de gemeente wellicht specifiek beleid opstellen. Dit is een bestuurlijk gevoelig project. Vanuit de gemeente is sowieso inspanning vereist om bij te blijven, wellicht met externe inhuur.
Beheersmaatregel(en):
In nauw overleg blijven met RUD Utrecht, provincie en defensie over verantwoordelijkheden.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
gemiddeld = 50%
.
.
95
Project Vliegbasis Soesterberg Toelichting: De financiële risico’s voor het project de liegbasis deelt Soest met provincie trecht en Zeist op grond van de Samenwerkingsovereenkomst Vliegbasis. De totale kosten van de groene projecten worden gedekt uit het positieve saldo van de rode projecten. Het risico dat het saldo van de rode projecten onvoldoende is om de kosten te dekken van de groene projecten kent de volgende verdeling: • ocht het saldo van de rode projecten hoger zijn dan 8 mln., dan vervallen de risico’s voor Soest. • Mocht het saldo van de rode projecten lager zijn dan 8 mln., dan wordt het tekort ten opzichte van de 8 mln. tussen partijen voor gelijke delen (1/3) gedeeld. • De hoogte van het bedrag van 8 mln. is als volgt tot stand gekomen • Een geïnvesteerd vermogen van 18 mln. voor de aankoop, sloop, sanering en natuurontwikkeling van de vliegbasis. • De afdracht aan het programma Hart van de Heuvelrug met een maximum van 1 mln. Door het uitwerken van het voorkeursmodel van de liegbasis is gebleken dat de benodigde 18 miljoen gedekt is uit de rode ontwikkeling. De tussen de drie partners afgesproken maximale afdracht van 1 miljoen aan het programma Hart van de Heuvelrug betrekken wij voor 1/3 deel in onze risico-inschatting. Jaarlijks stellen wij het risicoprofiel opnieuw op. Beheersmaatregel(en):
• • • •
Actieve programmasturing en –beheersing op het project de Vliegbasis Actieve projectsturing en –beheersing op project de Vliegbasis Optimale afstemming met project Soesterberg-Noord i.v.m. de milieuhindercirkels Inzichten in uitkomsten van de flora en fauna onderzoeken en de te nemen maatregelen
Generiek risico Financiën
Kans gemiddeld = 50%
Impact .
.
Risico 1.65 .
Masterplan Soesterberg Toelichting: In het asterplan inventariseren wij de risico’s van de actieve projecten en vertalen wij deze in kans maal omvang. De optelsom van deze diverse percentages en bedragen levert een risicoprofiel op. Het project Hoofdwegen & Postweg heeft een risicoprofiel van ,3 miljoen. De andere deelprojecten zijn afgerond of nog niet gestart. Beheersmaatregel(en): Actieve projectsturing.
Generiek risico Financiën
Kans
Impact
bestaande uit diverse percentages en bedragen
Risico .
96
Gebiedsvisie Dalweg e.o. Toelichting: et betrekking tot de fase van de projecten in de gebiedsvisie Dalweg is gekozen voor een methode waarbij de risico’s van de actieve projecten worden geïnventariseerd per project en vertaald in kans maal omvang. De optelsom van deze diverse percentages en bedragen levert een risicoprofiel op. De grondexploitatie van de Dalweg staat nog aan het begin. isico’s in deze fase van het planproces uiten zich in onze ambities versus haalbaarheid. Door rekenen en tekenen gelijk op te laten gaan, krijgen we inzicht in de haalbaarheid van onze ambities. Beheersmaatregel(en): Het resultaat van de deelprojecten opgeteld leidt tot een nadelig resultaat. Dit resultaat is te beïnvloeden door te draaien aan verschillende “knoppen” • Parkeeroplossingen. Gebeurt het parkeren ondergronds, half-verdiept of op maaiveld. • Hoe om te gaan met de parkeernorm in relatie tot mobiliteit; • Ambitie en kwaliteit zoals geformuleerd in de gebiedsvisie • Uitwerkingskader voor SPVE en BKP (Stedenbouwkundig programma van eisen en Beeldkwaliteitsplan) • Programma. Voegen wij meer of juist minder woningen toe; • Typologie. Verhouding sociaal/goedkoop, midden duur en duur segment; • Inrichtingsniveau openbare ruimte. Hoe vullen wij onze ambities voor de inrichting van de openbare ruimte in.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
bestaande uit diverse percentages en bedragen
Risico 7
.
Molenstraat, voormalig werfterrein Toelichting: De begroting in de grondexploitatie laat weinig ruimte voor extra kosten. Nu de aanbesteding geweest is en de aanneemsom valt binnen de beschikbare budgetten schatten wij het risico in op een percentage van de aanneemsom. Beheersmaatregel(en): Budgetbewaking op de aanneemsom
Generiek risico Financiën
Kans
Impact
Risico
laag = 10%
9 8.
9 .
Impact omgevingswet bodem Toelichting: De risico's hebben betrekking op de uitvoering van bodemtaken door de RUD. Op dit moment is onduidelijk hoeveel het rijk beschikbaar stelt en of dit genoeg is voor de uitvoering van de taken. Wellicht zullen we dus een extra opdracht moeten verstrekken. Beheersmaatregel(en): In overleg blijven met de RUD, monitoren en prioriteren als budget op dreigt te raken.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
laag = 25%
.
7.5
97
Bouw nieuwe sporthal Toelichting: In het vastgestelde krediet van de sporthal uit 2019 en aanvullend krediet in 2022 zit een post voor onvoorzien en indexering. In februari 2022 is opdracht verleend aan bouwbedrijf Bloemendal te Leusden voor de bouw. De bouw is gestart in mei 2022 en de verwachte oplevering vindt plaats in de 3e kwartaal 2023 worden. Tussen januari 2022 en heden zijn door verschillende omstandigheden de kosten voor grondstoffen en energiekosten behoorlijk gestegen. Hierdoor is de kans zeer reëel dat het ook financieel impact heeft op de bouwkosten. In de komende maanden zal hier meer duidelijkheid over komen en via de P&Ccyclus wordt gerapporteerd aan de gemeenteraad. Beheersmaatregel(en): Strakke budgetbewaking krediet en aanneemsom.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
pm
pm
pm
Planschade Toelichting: Planschade (Wro) treedt op als eigenaren van grond/onroerend goed vermogensschade lijden door een planologische wijziging. De gemeente kan planologische medewerking verlenen aan een nieuwe ontwikkeling op verzoek van een derde. De voorwaarde is dat een planschadeverhaalovereenkomst wordt gesloten, waarbij de (mogelijke) schade van de planologische wijziging voor rekening en risico komt van de verzoeker van de planologische wijziging. Dit geldt niet als de wijziging van het planologische regime wordt veroorzaakt door een nieuw bestemmingsplan op initiatief van de gemeente. Kosten van planschade komen dan voor rekening van de gemeente zelf. In de Wro is bepaald dat bij de schadebepaling rekening wordt gehouden met het normaal maatschappelijk risico waarbij een deel van de schade voor rekening van de aanvrager blijft. Voorts is er in de wet een verjaringstermijn opgenomen voor planschade: een aanvraag moet binnen vijf jaar na ter inzage legging van het vastgestelde bestemmingsplan worden ingediend. Beheersmaatregel(en): Het risico wordt zoveel afgedekt door een planschadeverhaalsovereenkomst. Het maatschappelijk risico in de planschade (het deel van de schade dat voor rekening is van de aanvrager) wordt in de rechtspraak steeds meer opgerekt. Ook in de Omgevingswet zal dit percentage, naar het zich laat aanzien, hoger zijn dan hetgeen nu in de wet staat.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
laag = 25%
400.000
100.000
Bouwleges Toelichting Na een aantal jaren een stijgende lijn gezien te hebben, krimpt het aantal kleinere aanvragen. Het aantal grote bouwplannen is wel constant. De marktontwikkeling is grillig en de effecten van de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn nog onbekend. Ook de gevolgen van een eventueel uitstel van de inwerkingtreding zijn moeilijk te voorspellen. De inkomsten zijn gebaseerd op het huidige stelsel. Voor het jaar 2023 wordt dus nog geen rekening houden met mogelijk nadelige consequenties van de invoering van de Omgevingswet op de legesheffing. In de praktijk zien we bij wetswijzigingen vaak een toename van aanvragen onder het oude recht, vlak voor de inwerkingtreding. Nu deze inwerkingtreding nog steeds ongewis is, betekent dit dat de prognose van de te verwachten inkomsten een grotere onzekerheidsmarge heeft. Beheersmaatregel(en): • Herziening van legestarieven op basis van kostprijsberekening. In het kader van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging wordt de berekening van de leges herzien, samengaand met de ingangsdatum van de wetten. • Tussen het team Vergunningen en het team Ruimtelijke Ontwikkeling is periodiek overleg over de fasering van het bouwprogramma en initiatieven van derden.
Generiek risico Financieel
Kans
Impact
Risico
hoog = 90%
400.000
360.000
98
Omgevingswet Toelichting: De totale invoeringskosten van de Omgevingswet worden volgens het landelijke financieel dialoogmodel uit 2018 voor Soest geraamd op ,86 miljoen. In Soest is er minder budget beschikbaar gesteld dan de raming van de G. Inmiddels is er voor , miljoen aan budget vrijgegeven. In de loop van 2022 werd bekend dat de invoering van de wet opnieuw is verschoven van 01-07-2022 naar 01-01-2023. Verschillende voorbereidende werkzaamheden zijn daardoor in tijd naar achteren geschoven of over een langere periode uitgesmeerd. 2022 is daarmee het piekjaar voor de implementatie, als het niet opnieuw tot uitstel van de invoering van de wet komt. Het Rijk heeft vanwege uitstel in 2022 eenmalig 358.000 euro compensatie verstrekt, maar over een structurele bijdrage in de kosten is nog niets bekend. Mocht er geen compensatie komen, dan brengt het niet of onvoldoende uitvoeren van taken de volgende risico’s met zich mee; • financieel risico a 1. . op jaarbasis (dwangsommen, extra last-minute inhuur, extra capaciteit voor bezwaar- en beroepsprocedures). Omdat het niet zeker is dat de wet ingaat en we mogelijk opnieuw compensatie van het Rijk zullen ontvangen, stellen we de kans op 25%. • juridisch (houdbaarheid van besluiten).
• dienstverlening (enerzijds halen van wettelijk verplichte en daarmee landelijk gebruikelijke behandel termijnen anderzijds zorgvuldige participatie). • ruimtelijke kwaliteit (mogelijk gebrekkige afweging van initiatieven door tijdsdruk en capaciteitsgebrek). • imago (door een combinatie van bovenstaande risico’s). Beheersmaatregel(en): De gemeenteraad heeft bij het vaststellen van de omgevingsvisie, opdrachten voor programma’s, de sturingsfilosofie voor het omgevingsplan, de lijst met adviesrecht en de lijst met participatieplicht keuzes gemaakt die bepalend zijn voor de benodigde budgetten. Daarmee heeft de raad voor een deel invloed op de risico’s. Een ander deel van de risico’s wordt echter veroorzaakt door wettelijke verplichtingen waar we als gemeente geen keuzevrijheid in hebben.
Generiek risico Financieel
Kans laag = 25%
Impact 1.
.
Risico 5 .
Inhuur taskforce Toelichting: In 2022 heeft de taskforce, mede met provinciale subsidie, gewerkt aan (versnelling van) een aantal particuliere initiatieven. Hiervoor is voor het jaar 2022 ca. 10 fte ingehuurd (beleidscapaciteit en planjuridische capaciteit). Om deze inmiddels ingewerkte capaciteit ook nog beschikbaar te hebben in de eerste helft van 2023 moeten wij vooruitlopend op de vaststelling van de begroting 2023, de contracten verlengen. Dit kan een financieel risico met zich meebrengen, indien u onverhoopt niet instemt met de voorstellen voor capaciteitsuitbreiding in deze begroting. Beheersmaatregel(en): N.v.t.
Generiek risico Financieel
Kans laag = 10%
Impact 5
.
Risico 5 .
99