4c 8 Gebiedsvisie Landelijk Gebied (2012).pdf
Tekst van het document
GEBIEDSVISIE LANDELIJK GEBIED SOEST
Gebiedsvisie Landelijk gebied Soest Apeldoorn, 13 januari 2012 Definitieve versie Kenmerk: C01023.000338 Opdrachtgever Gemeente Soest Bezoekadres: Raadhuisplein 1 3762 AV Soest Tel. 035-6093411 Opdrachtnemer ARCADIS Bezoekadres: Het Rietveld 59 a 7321 CT Apeldoorn Tel. 055-5815999
GEBIEDSVISIE LANDELIJK GEBIED SOEST
VOOR WOORD Soest heeft een prachtig buitengebied, met bossen, duinen en heide en een polderlandschap van nationale allure waar de rivier de Eem doorheen stroomt. De inwoners hechten zeer aan het behoud van deze mooie en veelzijdige groene omgeving. Dat blijkt ook uit de grote belangstelling en betrokkenheid van de inwoners bij de lezingen en werkavonden die in de voorbereiding naar de gebiedsvisie landelijk gebied zijn gehouden. Om deze schoonheid ook naar de toekomst te kunnen beschermen is het noodzakelijk dat de gemeenteraad in 2013 een nieuw bestemmingsplan Landelijk gebied vaststelt. In de wet ruimtelijke ordening mogen bestemmingsplannen niet ouder zijn dan 10 jaar. Het huidige bestemmingsplan voor het landelijk gebied is bijna 19 jaar oud en dus is het hoog tijd voor een nieuwe versie. Door het beëindigen van agrarische bedrijven aan de dorpsranden en in de polder moet daar gezocht worden naar passende bestemmingen die de instandhouding van het open landschap ondersteunen. Het college wil dat op basis van een samenhangende visie doen. Een visie die ook wordt gedragen door de inwoners en gebruikers van het landelijk gebied van Soest! Daarom hebben we de inwoners en gebruikers nadrukkelijk de kans geboden om te participeren bij het opstellen van de gebiedsvisie. De bossen, heide en duinen van Soest, de vliegbasis Soesterberg en de Wieksloot liggen binnen de EHS.
Via het samenwerkingsprogramma “ Heel de Heuvelrug” wordt behoud van de natuur en het landschap naar de toekomst, door middel van aanleg van ecoducten en natuurontwikkeling bevorderd. De ruimtelijke aspecten hiervan zullen worden verankerd in het bestemmingsplan Landelijk Gebied De participatie is gestart met een aantal lezingen over het landelijk gebied in augustus en september 2011. Enkele specialisten hebben een volle raadszaal aan de hand genomen bij onderwerpen als militaire geschiedenis, dorpsranden, verblijfsrecreatie en natuurontwikkeling. Vervolgens zijn in oktober en november 2011 bewonersbijeenkomsten gehouden waarbij aanwezigen met elkaar in gesprek konden gaan over de deelgebieden bos & heide, Eempolder en dorpsranden. De resultaten van deze avonden zijn verwerkt in de voorliggende gebiedsvisie die als uitgangspunt zal dienen bij de opstelling van het nieuwe bestemmingsplan landelijk gebied Soest. Graag wil ik iedereen bedanken die zijn of haar inbreng heeft gehad bij deze gebiedsvisie. Het is mede daardoor een breed gedragen visie geworden waarin helder is verwoord hoe het landelijk gebied van Soest er in 2030 uit moet zien! Harry Witte
4
5
6
I N H O U D S O P G AV E
Vo o r w o o rd
4
1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doel 1.3 Proces en aanpak 1.4 Leeswijzer
8 10 10 10 11
2. Beleid 2.1 Gemeentelijk beleid 2.2 Provinciaal beleid
12 14 17
3. Gebied 3.1 Inventarisatie 3 . 2 Tr e n d s e n a u t o n o m e o n t w i k k e l i n g e n
20 22 24
4. Participatie 4.1 Passantenonderzoek 4.2 Bewonersavonden 4.3 Gemeenteraad 4.4 Conclusie participatietraject
26 28 30 30 30
5. Visie: functioneel ruimtelijk 5.1 Aardkundige waarden 5.2 Cultureel erfgoed 5.3 Wonen 5.4 Landbouw 5.5 Natuur 5.6 Recreatie 5.7 Samenvatting per deelgebied
32 34 36 36 37 38 39 41
6. Visie: visueel ruimtelijk 6.1 Bos- en heidegebied 6.2 Eempolder 6.3 Birktstraat 6.4 Wieksloot 6.5 Jachthuislaan
42 44 46 48 50 52
7. Financiële paragraaf
54
7
8
9
HOOFDSTUK 1 INLEIDIN G
Wethouder Ruimtelijke Ordening Voor u ligt de Gebiedsvisie Landelijk Gebied Soest 2030. Deze rapportage geeft een visie voor de toekomst van het landelijk gebied van Soest op hoofdlijnen en dient tevens als belangrijke input voor het Bestemmingsplan Landelijk Gebied. Dit is het resultaat van de samenwerking tussen de Gemeente Soest, ARCADIS en het participatieproces waarbij bewoners en andere stakeholders betrokken zijn. 1.1 Aanleiding Gemeente Soest heeft ARCADIS in september 2011 gevraagd om vooruitlopend op het nieuwe Bestemmingsplan Landelijk Gebied samen een gebiedsvisie op te stellen. De details worden verder uitgewerkt in het toekomstige bestemmingsplan. De vraag die centraal staat in deze visie is: “Hoe zou het landelijk gebied van de Gemeente Soest eruit moeten zien in 2030 en welke ontwikkelingen zijn mogelijk om een duurzame toekomst voor dit gebied te garanderen?”
1.3 Proces en aanpak Om tot de visie te komen zijn een aantal stappen doorlopen: 1. Inventarisatie van de gebiedswaarden en beleidsstukken 2. Participatietraject doorlopen voor een open proces 3. Opstellen visie met als input de drie bouwstenen Inventarisatie Als onderdeel van het visievormingsproces hebben de inwoners, bedrijven en instellingen van Soest kennisgemaakt met het landelijk gebied door middel van een aantal lezingen die gehouden zijn in augustus en september 2011. Het landelijke gebied is voor de lezingen opgedeeld in een aantal deelgebieden: Bos- en Heidegebied: Lezingen over Militaire historie Soest, Natuur op de Heuvelrug, Visie Buitengebied. Polderlandschap: Lezingen over Landbouw, Eempolder, Naar een nieuwe Soester Lente. Dorpsranden: Lezingen over Dorpsranden en beeldkwaliteit, Handhaving, De randen van Soest.
1.2 Doel De Gebiedsvisie heeft de volgende doelstellingen: Het creëren van een afgewogen visie die juridisch wordt vastgelegd in het toekomstige bestemmingsplan; Bewustwording van de kwaliteit van het landelijk gebied bij inwoners en bedrijven. De Gebiedsvisie is ontstaan door het combineren van drie bouwstenen: 1. Beleid: Gemeentelijk en provinciaal beleid. 2. Gebied: Trends en ontwikkelingen, gebiedskwaliteiten. 3. Participatie: Voor het opstellen van de Gebiedsvisie heeft een open proces plaatsgevonden waarbij inwoners en belanghebbenden konden participeren.
Beleid
Participatie
10
Gebied
Participatie De Gemeente Soest heeft gekozen voor een open participatieproces met duidelijk verwachtingenmanagement naar alle partijen. Het is belangrijk dat de belanghebbenden weten wat er met de ideeën gaat gebeuren, hoe lang het duurt voordat de ideeën uitgevoerd worden en welke veranderingen haalbaar zijn. Opstellen visie De visie is opgesteld aan de hand van de drie bouwstenen beleid, gebied en participatie. Onderleggers voor de visie zijn: de Structuurvisie 20092030, het Landschapsontwikkelingsplan (2005), het Beeldkwaliteitsplan Buitengebied Soest en de Nota Recreatie en Toerisme. Uiteraard zijn de resultaten van het participatietraject ook een belangrijk vertrekpunt. Verder zult u zien dat er nadrukkelijk verbinding is tussen de gemaakte keuzes en het Bestemmingsplan Landelijk Gebied dat aan de hand van deze visie opgesteld gaat worden. Bestemmingsplan Landelijk Gebied In
2013
wil
de
gemeente
beschikken
over
een
geactualiseerd,
gestandaardiseerd, digitaal ruimtelijk kader voor het buitengebied van de Gemeente Soest. Het opstellen van een bestemmingsplan Landelijk Gebied is een complex en omvangrijk proces, omdat diverse belanghebbenden in de planvorming worden betrokken. Het plangebied van het toekomstige bestemmingsplan ‘Landelijk Gebied’ omvat meerdere, deels verouderde, bestemmingsplannen.
1.4 Leeswijzer
Jachhuislaan
>>
In de eerste hoofdstukken gaan wij de bouwstenen beleid (H2), gebied (H3) en participatie (H4) bespreken. Vervolgens wordt de visiekaart gepresenteerd en per onderdeel besproken, ruimtelijk functionele (H5) en ruimtelijk visuele aspecten (H6). In hoofdstuk 7 gaan we kort in op de financiële paragraaf.
11
12
13
HOOFDSTUK 2 BELEID
Onderstaande beleidsstukken zijn gebruikt als input voor de gebiedsvisie. In de visie worden ze in samenhang verwerkt. Per beleidsstuk is kort aangegeven waar het over gaat en wat de relevante onderwerpen voor de visie zijn. 2.1 Gemeentelijk beleid Structuurvisie Soest 2009-2030 In de structuurvisie is vastgelegd hoe de gemeente er in het jaar 2030 globaal uit moet zien. De kracht van de structuurvisie zit in de samenhang tussen elementen als aantal en soort woningen, werkgelegenheid, voorzieningen en verkeersafwikkeling. Het doel van de structuurvisie is om het dorp Soest levendig en groen te houden. Het combineren van deze punten leidt tot een integrale structuurvisie voor de kern Soest, wat een aanzet geeft tot nieuwe mogelijkheden. Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Onderscheid tussen open landschap en ‘groene mantel’. Versterken voorzieningen. Gedoseerde toevoeging van woningen. Landschapsontwikkelingsplan 2005-2015 Het doel van het Landschaps Ontwikkelings Plan (LOP, door de gemeenteraad vastgesteld in 2005) is het stimuleren van initiatieven in het buitengebied. Het gaat om initiatieven van particulieren, instanties en gemeenten die te maken hebben met het behouden, versterken en verbeteren van de landschappelijke identiteit. Het LOP dient ervoor om alle ontwikkelingen in het buitengebied te (be)geleiden die te maken hebben met landschap.
Het LOP is een kader voor integraal landschapsbeleid en een toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen. Het LOP beschrijft uitgebreid de opbouw van het landschap, de karakteristieke waarden van elk deelgebied en de sociaal-economische ontwikkelingen voor zover die impact hebben op het landschap. Per gebied wordt de problematiek weergegeven en worden ontwikkelingsrichtingen voorgesteld. Het LOP is de basis voor de Streekplanuitwerking voor het Nationaal Landschap Arkemheen-Eemland, waar de Eempolder deel van uitmaakt.
14
Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Bijdrage leveren aan de dynamiek en daarmee de kwaliteit van het landschap. Stimuleren van lokale initiatieven om identiteit en verscheidenheid van het landschap te versterken.
Beeldkwaliteitplan Buitengebied Soest Het Beeldkwaliteitplan omvat het gehele buitengebied van de Gemeente Soest, behalve vliegveld Soesterberg en de militaire terreinen. De doelstelling voor de beeldkwaliteit luidt: “Ontwikkelen van een herkenbaar en duurzaam landschap gebaseerd op de verschillende ruimtelijke kwaliteiten van deelgebieden met een realistische strategie naar de toekomst toe en met contrast tussen de beeldtaal van het stedelijk en het landelijk gebied.” Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Erfbeplanting is belangrijk als schakel tussen bebouwing en het open landschap. Traditionele boerderijen zijn beeldbepalend en moeten worden behouden. Oorspronkelijke samenhang en ordening in de gebouwen en erf moet worden gehandhaafd en versterkt. Nieuwe moderne boerderijen moeten aan bepaalde voorwaarden voldoen. Nieuwe landschappelijke woonvormen geïnspireerd door het archetype van de langgevelboerderij. Kwaliteiten van bestaande utilitaire gebouwen handhaven en versterken. Zichtbaar maken van de historie van utilitaire gebouwen. Recreatieve bebouwing moet de natuurlijke vaak bosachtige omgeving respecteren. EHS actualisatie Voor de kwaliteit van de natuur is de Ecologische hoofdstructuur (EHS) van belang om natuur te realiseren. Dit gaat zowel om het beheren van bestaande natuur als de realisatie van nieuwe natuur.
Uitgangspunt hiervoor is het Akkoord van Utrecht. De ruimtelijke aspecten hiervan zijn verankerd in deze gebiedsvisie. In een deel van het landelijk gebied realiseert de provincie zelf geen ecologische hoofdstructuur, maar liggen er wel kansen voor het realiseren van duurzame ecologische kwaliteiten. Deze gebieden zijn begrensd in de ‘groene contour’. In en aangrenzend aan deze gebieden stimuleert de provincie vrijwillige realisatie van nieuwe natuur via onder andere het provinciale kwaliteitsinstrumentarium voor het landelijk gebied. Op de ‘groene contour’ is het ‘nee, tenzij’-regime niet van toepassing en kan de regeling Rood voor Groen worden ingezet. Onomkeerbare
15
ingrepen en processen, zoals grootschalige verstedelijking die het realiseren van natuur in deze gebieden onmogelijk maakt, worden hiermee voorkomen.
Uitgangspunten Beeldkwaliteitsplan
Woonvisie De gemeente wil de bouwproductie afstemmen op de behoefte naar woningen. Daarvoor is de woonvisie ‘Soest verbindt bestaand en nieuw’ opgesteld. Daarin worden de mogelijkheden en maatregelen ten aanzien van wonen gepresenteerd: een programma voor nieuwbouw, sloop en verbeteren en de koers per wijk in Soest en Soesterberg met specifieke programma-accenten. Daarnaast heeft de gemeenteraad een uitspraak gedaan over het
16
Recreatieve bebouwing
>>
Woonbebouwing in klassieke stijl
>>
Multifuntioneel bosgebied
Solitaire agrarische bebouwing
>>
Gradiëntzone - Coulissenlandschap
>>
Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Het toeristisch-recreatieve aanbod van natuurgebieden en routenetwerken Vliegbasis Soesterberg ontwikkelen. Actief sturen op de ontwikkeling van de toeristisch-recreatieve sector. Het groene karakter van Soest versterken en de recreatiemogelijkheden vergroten. Een groei van de toeristische bestedingen ter stimulering van economische vitaliteit. Alert zijn op bereikbaarheid.
Open, agrarische Eemvallei
>>
Nota Recreatie en Toerisme Met het nieuwe beleidsplan Toerisme en Recreatie 2012-2020 wordt actief gestuurd op de ontwikkeling van de toeristisch-recreatieve sector. Daarbij zijn twee ambities geformuleerd: 1. Het groene karakter van Soest versterken en de recreatiemogelijkheden vergroten. 2. Groei van de toeristische bestedingen ter stimulering van de economische vitaliteit. De toeristische visie geeft een analyse van de sterke en zwakke punten, kansen en bedreigingen voor toerisme en recreatie in Soest.
>>
Onderwerpen voor de gebiedsvisie: EHS begrenzing overnemen Groene contour gebieden bieden kansen voor Rood voor Groen
inwonertal van de kern Soest. Het is echter onduidelijk wat dat betekent voor een toename van het aantal woningen. Verschillende factoren spelen daarbij een rol, zoals het aantal nu al geplande woningen in de kern Soest, de huidige huizenmarkt, ongewilde concurrentie van de woningbouw in Soesterberg en reeds beschikbare locaties in de structuurvisie. Op dit moment is de inschatting dat het niet noodzakelijk is om extra woningbouwlocaties in het landelijk gebied aan te wijzen.
Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Geen aanvullende woningbouwlocaties aanwijzen in het landelijk gebied van Soest. Ruimtelijk plan vliegbasis Soesterberg Provincie Utrecht, gemeente Soest en gemeente Zeist werken samen aan de herinrichting van vliegbasis Soesterberg. Een gebied vol bijzondere natuur en cultuurhistorische elementen, midden in de ecologische hoofdstructuur (EHS). Binnen de EHS moeten planontwikkelingen voldoen aan bepaalde voorwaarden. Omdat in dit plan sprake is van samenhangende projecten die tot doel hebben de EHS te versterken, mag de ‘saldobenadering’ worden toegepast. Voor gebieden in de EHS wordt een kwaliteitsslag gemaakt waarbij het oppervlak natuur minimaal gelijk moet blijven dan wel moet toenemen en kwaliteitswinst geboekt moet worden. Om de kwaliteitswinst te beoordelen moet het plan inzicht geven in de vier wezenlijke kenmerken en waarden van de EHS: zones met bijzondere ecologische kwaliteit, aaneengesloten en robuust, bijzondere soorten en essentiële verbindingen. Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Zorgvuldige routekeuze. Historie koesteren. Scheiden van rust en drukte. 2.2 Provinciaal beleid Streekplan Utrecht 2005-2015 (wordt structuurvisie) Het Streekplan bevat het ruimtelijk beleid voor de Provincie Utrecht voor de periode 2005-2015. Het ruimtelijk beleid is voor een belangrijk deel ingegeven door het principe van beheerste groei.
De aantasting van waardevolle en kwetsbare open ruimte door nieuwe verstedelijking moet zoveel mogelijk vermeden worden. Daarbij dient de contrastwerking tussen stad en land te worden versterkt. Beleidsmatig is dit vertaald in een ruimtelijke afbakening van het stedelijk gebied door rode contouren. Het streekplan streeft er onder andere naar de kwaliteit van de leefomgeving in stand te houden en waar mogelijk te verbeteren. Dit kan worden bereikt door in te zetten op duurzame kwalitatief hoogwaardige oplossingen voor ruimtelijke vraagstukken. Het gebied grenzend aan stad of dorp (kernrandzone)
heeft vaak een multifunctioneel karakter. Naast landbouw en verspreid wonen bevinden zich hier stedelijk gelieerde functies (o.a. recreatieve voorzieningen, begraafplaatsen, rioolwaterzuivering, kwekerijen/ tuincentra, caravanstalling). De ruimtelijke kwaliteit laat vaak te wensen over doordat de kernranden niet zorgvuldig zijn vormgegeven, de verschillende functies in deze gebieden geen samenhang vertonen, ze niet aantrekkelijk zijn om in te verblijven of slecht zijn te bereiken vanuit de kern. Het maatschappelijk bewustzijn groeit dat de overgang tussen stedelijk en landelijk gebied meer aandacht verdient. Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Zorgvuldig ruimtegebruik en versterking kernrandzone. Water vormt een ordenend principe. De beschikbaarheid van bestaande infrastructuur en de (toekomstige) capaciteit van deze infrastructuur zijn mede bepalend bij het kiezen van nieuwe verstedelijkingslocaties. Nieuwe woningbouw en bedrijventerreinen worden vooral gerealiseerd in het stadsgewest Utrecht en het gewest Eemland. Versterken van zowel de (cultuurhistorische) identiteit en de landschappelijke diversiteit, alswel de vitaliteit van het landelijk gebied en de kwaliteit van de natuur en ecologische samenhang. Voorontwerp Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie (PRS) De PRS is een structuurvisie onder de (nieuwe) Wet ruimtelijke ordening.
Via dit ruimtelijk beleid draagt de provincie bij aan een kwalitatief hoogwaardige fysieke leefomgeving, waarin het ook in de toekomst plezierig wonen, werken en recreëren is. In de PRS staan de voorgenomen ontwikkelingen in de provincie tot 2050. De rode draad is het behoud van het evenwicht tussen mens, milieu en markt. Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Duurzame leefomgeving. Vitale dorpen en steden. Landelijk gebied met kwaliteit. Kwaliteitsgids Eemland en Utrechtse heuvelrug De kwaliteitsgids vervult drie rollen bij de ruimtelijke ontwikkeling van het landschap van de Provincie Utrecht: onderlegger, informatiebron en inspiratiebron. De Provincie Utrecht geeft uitwerking aan de kernkwaliteiten van Arkemheen-Eemland en de Utrechtse Heuvelrug:
17
Eemland Het is een weids- en open weidegebied. De openheid wordt begrensd door duidelijk herkenbare randen. Op afstand lijken ze strak en eenduidig, van dichtbij variëren de randen van plek tot plek. Het contrast tussen de weidse open ruimte, waar de lucht 360˚ rond zichtbaar is en de wind vrij spel heeft, en de geborgen, beschutte ruimte op de erven en achter de randen, is een essentie in de beleving. Op het oog lijkt Eemland eenduidig, maar in gebruik en in functies is het meervoudig met een samenspel van voornamelijk agrarische, ecologische en recreatieve functies. Subtiele verschillen in de openheid, door beheer van het grasland, lijnen in het maaiveld en lage grasdijken, verrijken de beleving van het open gebied. Van dichtbij geven de lage dijken en open linten een geleding in de openheid. Gezien van een afstand worden ze onderdeel van een grotere open ruimte.
neergezet. Regionale partijen hebben het volgende streefbeeld 2025 voor ogen: “Heel de Heuvelrug kan in 2025 ervaren worden als een samenhangende eenheid, zowel voor mens als natuur. Functies en eigenschappen die ‘des Heuvelrugs’ zijn komen samen in een afwisselend palet: wonen in het groen, afwisseling, uitgestrektheid, romantiek, aansluitende routenetwerken, robuustere natuur met veel verschillende biotopen, herkenbare cultuurhistorische verhaallijnen en identiteiten, een innovatieve wellness sector, een passende en aansprekende recreatieve sector en kunst.” Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Verbinden, onderscheiden, ontdekken. Zonering van gebruik door mens en dier.
Utrechtse Heuvelrug De Utrechtse Heuvelrug manifesteert zich als een landschappelijke eenheid. Deze wordt bepaald door het doorlopende reliëf, wat zich sterk manifesteert ten opzichte van de omliggende vlakkere en meer open landschappen. Het dominante voorkomen van bos geeft de Utrechtse Heuvelrug een bosdeken. Deze heeft een afwisseling in zich met heide, vennen en stuifzand, waardoor de Utrechtse Heuvelrug een centraal robuust element is voor het natuurnetwerk in de Provincie Utrecht. Open plekken op de Utrechtse Heuvelrug zijn aan het bos gerelateerd en niet aan de wegen.
Gebiedsvisie Heel de Heuvelrug De gebiedsvisie schetst het streefbeeld voor 2025 en stelt prioriteiten voor de komende jaren. Met één visie voor de gehele Heuvelrug worden identiteit, kansen en ambities voor de Heuvelrug krachtig
18
Zoneringskaart Soest, Heel de Heuvelrug
>>
Onderwerpen voor de gebiedsvisie: Eemland: Functies zijn een samenspel van agrarisch, ecologische en recreatieve functies. Eemland: Bebouwing ligt achter de randen van het open gebied of als eilanden in open linten. Utrechtse Heuvelrug: Reliëf en doorsteken – heuveltoppen en wegen. Utrechtse Heuvelrug: Zonering gebruik: wonen – werken – recreatie.
Eemland kwaliteitsgids
Randen rand op afstand, aan de horizon
Lijnen polderstructuur wordt bepaald door rechte lijnen in het grondvlak
Landgebruik begraasde weide of hooiland, tevens weidevogelgebieden
Bebouwing erf ligt als ‘eiland’ in de open ruimte, op maaiveldhoogte
Lucht altijd zicht op de horizon en luchten
Utrechtse Heuvelrug kwaliteitsgids
Drager uitgestrekt bostapijt, stammenwoud
Landgebruik open plekken met zeer verschillend gebruik
Bebouwing nauwelijks bebouwing, voornamelijk landhuizen, villa’s, instituten of kampementen
Infrastructuur enkele hoofdwegen met fijnmazig netwerk van onverharde paden
Hoogtepunt boven kronendak uitstekende objecten
19
20
21
HOOFDSTUK 3 GEBIED
Om u een beeld te geven van het landelijk gebied van Soest, presenteren wij eerst de resultaten van de gebiedsinventarisatie en de lezingen in augustus en september. Vervolgens gaan we in op de landelijke trends die spelen in het landelijk gebied van Soest.
3.1 Inventarisatie De inventarisatiefase van de gebiedsvisie is gebaseerd op literatuurstudie, presentaties en lezingen. In het landelijk gebied van Soest zijn drie gebieden te onderscheiden met elk hun kenmerken en karakteristieken. Ook de samenhang tussen de gebieden is van grote waarde. Bos- en heidegebied De kwaliteit van de Utrechtse heuvelrug is het samenhangend geheel van bos- en heidegebied met stuifduinen. Het reliëf van de stuwwal zorgt voor een extra dimensie. Het gebied is waardevol vanwege haar aardkundige, cultuurhistorische, ecologische en landschappelijke kwaliteiten. Belangrijke cultuurhistorische elementen zijn kerken, landgoederen en grafheuvels. Natuur en recreatie spelen een belangrijke rol. Er liggen een aantal recreatieparken en hotels en het gebied kent vele wandel- en fietsroutes. Onderwerpen en stellingen uit de lezingen: Soesterberg is van grote betekenis geweest voor de militaire luchtvaart. De ontwikkeling van huisjes (landgoederen, vakantieparken) op de heuvelrug is kenmerkend voor het gebied. De meest waardevolle landschappen rond Soest zijn 100 jaar oud of ouder. Afgelopen jaren is veel werk verzet voor natuurontwikkeling en diversiteit. Een mooie leefomgeving geeft economisch voordeel: toerisme en recreatie, bescherming tegen krimp, gezonder leven.
Met heldere keuzes en door het benutten van de economische dynamiek is het landschap goed te beschermen.
22
Agrarisch gebied In het agrarische gebied wordt onderscheid gemaakt tussen agrariërs die kiezen voor grondgebonden landbouw (de ‘verdiepers’) en agrariërs die kiezen voor verbreding (de ‘verbreders’). Van belang is het openhouden van het waardevolle landschap, het handhaven van het agrarische gebruik en kaders scheppen voor nieuwe wenselijke functies in een (recreatief) netwerk. Door de polders langs de flanken van de Utrechtse Heuvelrug loopt de Eem. De fietsbrug over de Eem is een belangrijke recreatieve verbinding. Onderwerpen en stellingen uit de lezingen: Sterke afname van het aantal melkveebedrijven, maar schaalvergroting van resterende bedrijven. Toename van grond bij overige graasdierbedrijven. Groei van het aantal bedrijven met verbreding. Paardenhouderij is vrij constant. Het stimuleren van de verbinding en ontmoeting tussen de boer en de burger, stad en platteland. Kwaliteitsinpassing van de grootschalige landbouw en innovatie aanpak voor multifunctionele bedrijven. Landschapsstructuur op basis van het ontginningspatroon versterken. Serieus nemen van de ‘omslag’ in de landbouw: multifunctionaliteit, stad/land en toegevoegde waarde. Regionale Voedselstrategie als verbindende schakel tussen overheid, ondernemers en burgers. Dorpsranden De dorpsranden worden gekarakteriseerd door het halfopen karakter en ruimtelijke druk op het gebied.
Kenmerkend is de afwisseling op korte afstand van halfopen landschappen, die van oorsprong een andere landschappelijke opbouw kennen, zoals de karakteristieke coulissen van houtwallen en singels van de Birkt en de Praamgracht.
Typologie en indicatieve mogelijkheden dorpsranden, Han Lörzing
Onderwerpen en stellingen uit de lezingen: Karakteristieke bebouwingslinten met afwisseling Rood en Groen. Behouden zichtlijnen en zichtbaarheid van landmarks. Diverse randen met eigen kwaliteiten. Dorpsranden kunnen maar in één richting bewegen; wees er daarom zuinig op. Behoud waar dat moet, sta dynamiek toe waar dat kan. Vast houden identiteit is een grote opgave en vraagt om maatwerk. Regels uit het bestemmingsplan kunnen niet zonder handhaving. Vergunningverlening én handhaving begint bij een goede voorlichting. De typologie en indicatieve mogelijkheden voor de dorpsranden die Han Lörzing aangeeft in zijn presentatie zijn een belangrijk uitgangspunt voor de visie.
23
Gebiedsvisie Landelijk Gebied Soest
3.2 Trends en autonome ontwikkelingen In het landelijk gebied van Soest spelen een aantal landelijke trends die TRENDS EN op AUTONOME ONTWIKKELINGEN van invloed zijn de ontwikkeling van Soest. In de visie wordt hierop ingespeeld door rekening te houden met de verwachting voor 2030. In het gebied trends: van Soest spelen een aantal landelijke trends die van invloed zijn op Het gaatlandelijk om de volgende
de ontwikkeling van Soest. In de visie wordt hierop ingespeeld door rekening te houden
met de verwachting voor 2030. Het gaat om de volgende trends: Thema
Onderwerp
Trend/ontwikkeling
Deelgebied
Wonen
Bedrijven
Nieuw vestiging en uitbreiding van bedrijven met een connectie met het landelijk gebied (zelfstandig ondernemers).
Dorpsranden
Bedrijfswoningen
Behoefte aan een 2 bedrijfswoning, bijvoorbeeld bij bedrijfsovername door de kinderen
Dorpsranden/agrarisch gebied
Verkeer
Snelwegen
Verbreding snelwegen heeft ruimtebeslag
Bosgebied
Landbouw
Schaalvergroting
(Behoefte aan) groter oppervlak landbouwgrond
Agrarisch gebied
Verbreding
Nevenactiviteiten op het agrarisch bedrijf (horeca, zorg, wellness)
Agrarisch gebied
Stoppen en/of andere functie
Vrijkomende agrarische bebouwing door stoppers
Agrarisch gebied
Paarden
Meer paardenhouders en paardensport
Dorpsranden
Stoppen en/of andere functie
Hobbymatige landbouw
Dorpsranden
Eem
Waterschap gaat over het beheer en de veiligheid
Agrarisch gebied
Landschappelijke kwaliteit
Aandacht voor inpassing van activiteiten
Dorpsranden/agrarisch gebied
Middelen
Afname rijksmiddelen en herbegrenzing EHS
Dorpsranden en Bosgebied
Verblijfsrecreatie
Wens voor uitbreiding van bestaande terreinen
Bosgebied
Dagrecreatie
Behoefte aan meer dagrecreatie, zoals paden en activiteiten
Heel gebied
Natuur
Recreatie
de
Foto’s deelgebieden >>
24
26
4
27
HOOFDSTUK 4 PAR TICIPAT I E
4.1 Passantenonderzoek ARCADIS heeft begin oktober 2011 op drie verschillende locaties passanten in Soest en Soesterberg benaderd. In totaal zijn 60 personen benaderd voor het stellen van de twee vragen over de favoriete locatie en de toekomst van het gebied in 2030. Het was mogelijk om meerdere antwoorden te geven. De meningen van de passanten in Soest en Soesterberg liepen niet ver uiteen. Er werden veel dezelfde locaties genoemd als antwoord op de vraag welke locatie het meest favoriet is bij de bewoners. Hetzelfde geldt voor de antwoorden op de vraag hoe het gebied er in 2030 uit moet zien. De meeste passanten geven aan dat het gebied behouden en onderhouden moet blijven en dat het gebied mooi is zoals het nu is.
Antwoorden op: Wat is uw favoriete plek in het landelijk gebied van Soest?
Het meest genoemde antwoord op de vraag wat de ambitie is voor 2030 is dat het gebied behouden en onderhouden moet worden. Het moet niet drukker en voller worden. Hoe meer groen hoe beter. Daarnaast is het wenselijk dat het gebied zo geschikt mogelijk is voor recreatie. De meningen waren verdeeld over de voorzieningen, zo vond de één dat er meer bankjes, prullenbakken, fiets- en wandelpaden moesten komen, terwijl de ander dat liever niet wil aangezien het dan drukker kan worden in het gebied. Specifieke opmerkingen waren gericht op het hondenbeleid, onderhoud van de ruiterpaden en zwemgelegenheid met strand bij de Eem. In bijgevoegde woordenwolk is de mate te zien waarin bepaalde onderwerpen genoemd werden.
Antwoorden op: Hoe moet het buitengebied van Soest er in 2030 uit zien?
28
>>
Het meest favoriet zijn de Lange Duinen en het bos. Ook de Eng en de polder werden veel genoemd. De duinen en het bos om lekker te wandelen met de kinderen en/of hond of om te fietsen. De polder, Eem en sommige bosgebieden nabij de Birkstraat werden genoemd vanwege de rust. Enkele specifieke elementen die genoemd werden, zijn de Kozakkenput, Amersfoortseweg, de Vlasakkers, de fietsbrug over de Eem, Pijnenburg, de Peter van de Bremerweg en de Wieksloot.
>>
Gemeente Soest wil graag inwoners en belanghebbenden betrekken bij het maken van plannen en het opstellen van beleid. Ook bij de gebiedsvisie voor het landelijk gebied hebben inwoners en belanghebbenden de mogelijkheid gehad om te participeren. Tijdens het gehele participatietraject zijn iedere keer de volgende twee vragen gesteld: “Wat is uw favoriete plek in het landelijk gebied van Soest?” en “Hoe moet het buitengebied van Soest er in 2030 uit zien?”. Het participatietraject bestond uit een passantenonderzoek, verschillende bewonersbijeenkomsten en een openbare raadsbijeenkomst. Het participatietraject is voorafgegaan door de lezingencyclus die in het vorige hoofdstuk is toegelicht. Het betrekken van verschillende stakeholders heeft plaatsgevonden in alle openheid en met duidelijk verwachtingenmanagement van het participatietraject, met als resultaat: Waardevolle informatie van betrokkenen en verkrijgen van draagvlak; Creëren van bewustwording van de kwaliteiten van het landelijk gebied Soest; Versterken van de band tussen bewoners, bedrijven en de gemeente.
Discussies onder bewoners tijdens de raadsvergadering
>>
Evaluatie op het einde van de bijeenkomst
>>
Een begin van de ‘mental map’, met antwoorden van bewoners
>>
Discussies onder bewoners tijdens bewonersbijeenkomsten
>>
Participatietraject Soest
29
30
4.2 Bewonersavonden
4.3 Gemeenteraad
In aansluitende weken (oktober-november 2011) zijn drie bewonersbijeenkomsten georganiseerd, met steeds een ander gebied als thema, namelijk bos en heide, het agrarisch gebied en de dorpsranden. Het gezelschap bestond steeds uit vertegenwoordigers van natuuren landschapsorganisaties, VVV, agrariërs, vertegenwoordigers van sport- en fietsverenigingen, grondbezitters en bewoners. Uit de grote opkomst blijkt dat er veel belangstelling is voor het landelijk gebied. Het gezelschap heeft in groepen van ca. 15 personen de twee hoofdvragen besproken. De groepen werden ieder begeleid door twee personen waarbij iedereen aan het woord kwam. In een levendig gesprek werd gesproken over de mooie plekken van Soest en gediscussieerd hoe het gebied er in de toekomst uit zou moeten zien. In de mental maps (zie bijlage) zijn de resultaten per avond weergegeven. De volgende opmerkingen geven een impressie van de avonden: De toegankelijkheid van het bos- en heidegebied voor dieren en mensen is belangrijk. Het bos-en heidegebied beheren en behouden. Verbinding Soest – Amersfoort is mooi, maar Soest moet een dorp blijven. Behoud van de ‘eenheid en samenhang’ in het buitengebied. Rode contour handhaven. Verbreding van agrarische bedrijven mogelijk maken, maar niet forceren. In 2030 meer diversiteit in flora en fauna. Een boer is nodig in het buitengebied.
Geef de boeren wat ze nodig hebben om te blijven bestaan. Zichtrelaties behouden en waar nodig herstellen.
Tijdens de Ronde in november 2011 heeft de gemeenteraad gesproken over de twee hoofdvragen. Voorafgaand aan deze Ronde bijeenkomst is een informatiemarkt georganiseerd. Bij deze markt presenteerden enkele deelnemers van de bewonersbijeenkomsten de resultaten aan de raadsleden. De belangrijkste opmerkingen van de raad in de Ronde waren: Discussie over en aandacht voor woningbouw; Discussie over en aandacht voor natuurontwikkeling buiten EHS. 4.4 Conclusie participatietraject Uit het participatietraject komt naar voren dat men zeer tevreden is met het buitengebied zoals het nu is en dat men de wens heeft dat het gebied voor toekomstige generaties behouden blijft. De bijzondere ligging tussen hoog en laag, droog en nat, besloten en wijds zorgt voor een unieke variëteit in landschappen binnen één gemeente. De vele wandel- en fietspaden, cultuurhistorie en natuur wordt sterk gewaardeerd door de Soestenaren. Ontwikkelingen in het buitengebied moeten steeds binnen dit perspectief geplaatst worden. Men wil tegelijkertijd inspelen op ontwikkelingen en trends en het buitengebied niet op slot zetten. Behoud van de huidige landschappelijke waarden moet ook in de toekomst economisch draagvlak hebben. Daarom is daar waar het kan ruimte voor kleinschalige uitbreiding, verbreding, functieverandering of ontwikkeling.
Mental map totale participatietraject rode stip = aantal keer genoemd als favoriete plek
“Rode contour handhaven” “Landbouw moet hoofdfunctie blijven, naast eventuele nevenfuncties”” an
isla
thu
ch
Ja
POLDER ALGEMEEN
“Zeer tevreden over de fietsbrug”
uitzicht
SOEST
Pijnenburg
Natuur
Fietsen
Oude kerk
“Pijnenburg, je kunt er nog verdwalen”
Wandelen
“Het buitengebied is m’n boterham” W iek
slo
te r
we g
Pv dB
ree m
De Eng
Landgoed
enw eg
Veehouderij
“De Eng moet de Eng blijven!” Laag Hees “Zichtrelaties tussen de Birkstraat, Eempolder en Korte Duinen moeten beschermd worden”
Uitlaten
Doorkijk
“Minuscule mooie plekjes, ik kan er duizend uren over vertellen!”
Doorkijk
Bosrijk
LANGE DUINEN
“Terughoudend zijn met uitbreidingen”
BOS ALGEMEEN
KORTE DUINEN
Ruiterpad
“Behouden en onderhouden!”
Natuur Recreëeren
“Teveel ontsloten gebieden”
Mountain biken
“Er is te weinig handhaving op toegangscontrole ”
Fietsen
VLIEGVELD SOESTERBERG
“Ik heb idee dat Soesterberg achterloopt t.o.v. Soest”
G
BER
TER
S SOE
VLASAKKERS
32
33
HOOFDSTUK 5 VISIE: FU N C T I O N E E L R U I M T E L I J K E A S P E C T E N
Hoofdstuk 5 en hoofdstuk 6 bevatten de onderbouwing van de visiekaart die in het kader van deze gebiedsvisie is ontwikkeld. Op de visiekaart staat het wensbeeld voor het landelijk gebied van Soest in 2030. De visie geeft antwoord op de vraag: “Hoe zou het landelijk gebied van de Gemeente Soest eruit moeten zien in 2030 en welke ontwikkelingen zijn mogelijk om een duurzame toekomst voor dit gebied te garanderen?”. De visiekaart is ontwikkeld op basis van de drie bouwstenen: beleid, gebied en participatie. De visiekaart (1:10.000) is als losse bijlage aan dit document toegevoegd. De onderbouwing van de visie bestaat uit functioneel ruimtelijke (hoofdstuk 5 ) en visueel ruimtelijke (hoofdstuk 6) onderdelen, vanuit een landschappelijke benadering. Onder functioneel ruimtelijk verstaan we het gewenste programma (functies en hun ruimtebeslag), de functionele zonering en de routes (ontsluiting, recreatief). Met visueel ruimtelijk wordt de gewenste landschappelijke hoofdstructuur en beeldkwaliteiten bedoeld. De functioneel ruimtelijke waarden worden beschreven aan de hand van de volgende thema’s: aardkundige waarden, cultureel erfgoed, wonen, landbouw, natuur en recreatie. Per thema worden de trends weergegeven en de gewenste visie.
5.1 Aardkundige waarden Trend: In de agrarische gebieden vindt verdere eutrofiëring van de bodem plaats, als gevolg van bemesting. Het bodemprofiel in de stuifzandgebieden verandert als gevolg van winderosie. Door het afsterven van plantaardig materiaal vindt in de veengebieden die nog nat zijn (Overhees) bescheiden veenvorming plaats. In de droge bos- en heidegebieden vindt humusvorming plaats door afstervend organisch materiaal dat vervolgens deels inspoelt in de zandige toplaag (podzol). Visie Eutrofiëring in gebieden waar natuurontwikkeling plaatsvindt of gaat plaatsvinden, moet worden teruggedrongen door extensivering van de landbouw in deze gebieden. Stuifzandgebieden, mede als aardkundige waarde, moeten dynamisch worden gehouden door het gebied open te houden zodat de wind zijn eroderende werking behoudt. Daartoe moet het beheer zich richten op het tegengaan van begroeiing. Eventueel kan dit aangevuld worden met het (beperkt) kappen van bestaand bos, vooral aan de zuidwestzijde van de stuifzandgebieden. In veengebieden moeten ingrepen die tot verdroging kunnen leiden beperkt worden door hiervoor in het bestemmingsplan een omgevingsvergunning verplicht te stellen. In bos- en duingebied beschermen we vooral de aardkundig waardevolle ijssmeltwaterdalen door deze concreet te begrenzen in het bestemmingsplan en hier geen ophogingen of afgravingen toe te staan.
Visiekaart zonder legenda (totale visiekaart is opgenomen in bijlagen) >>
34
LEGENDA 1. DE BASIS bos heide en stuifzand agrarisch gebied Eng Eem
bodem beschermen aardkundig zanden en ijssmeltwater
2. VISUEEL-RUIMTELIJKE STRUC beschermen zichtlijnen
behoud en versterking o
groene
DORPSRAND
behoud en versterking u behouden lanen
JACHTHUISLAAN
3. FUNCTIONEEL-RUIMTELIJKE S
EEMPOLDER
natuur beheer en ontwikkeling EHS vinciale Structuurvisie U
BIO
SOEST
ROOD
Groene contour (Ontwe sie Utrecht, juli 2011) ro
voor
GROEN
groene
BIO
DORPSRAND
recreatie ruimte voor(nieuwe) gro sportvelden, maneges e groene groen karakter
ENG
DORPSRAND
ROOD
BIO
voor
GROEN
te ontwikkelen groene e
ruimte voor ruimte
verblijfsrecreatie
uitbreiding verblijfsrecre
BIO
zoeklocatie kleinschalig
WIEKSLOOT
ROOD voor
kleinschalige recreatie, g
GROEN
te ontwikkelen groene p fietsroutes bestaand
BIRKSTRAAT
groene
DORPSRAND
verbinden schakel fietsr
BIO
LEGENDA ruimte voor
1. DEruimte BASIS
wandelroute bestaand
ROOD voor
ommetjes/verbinden sc
GROEN
bos
startpunt klompenpad
heide en stuifzand agrarisch gebied
LANGE DUINEN
landbouw
Eng
KORTE DUINEN
Eem
zone landbouw, hoog p ting, intensivering, verb
bodem beschermen aardkundige waardevol gebied: stuifzanden en ijssmeltwaterdalen (Provincie Utrecht)
ontwikkel-erven, maxim naar 2 ha
2. VISUEEL-RUIMTELIJKE STRUCTUUR
zone landbouw met agr ding en biologische land ruimte voor schaalvergr vering
beschermen zichtlijnen (indicatief ) behoud en versterking open gebied
groene
DORPSRAND
behoud en versterking uitzichtpunten behouden lanen
verbreding mogelijk: gr recreatie, educatie, zorg
JACHTHUISLAAN 3. FUNCTIONEEL-RUIMTELIJKE STRUCTUUR
EEMPOLDER
1. DE BASIS
VLASAKKERS
bos
SOEST
heide en stuifzand
bodem beschermen aardkundige waardevol gebied: stuifzanden en ijssmeltwaterdalen (Provincie Utrecht)
BIO
voor
WIEKSLOOT
ROOD
ruimte voor ruimte
2. VISUEEL-RUIMTELIJKE STRUCTUUR
VOORMALIGE VLIEGBASIS SOESTERBERG
voor
GROEN
beschermen zichtlijnen (indicatief ) behoud en versterking open gebied
3. FUNCTIONEEL-RUIMTELIJKE STRUCTUUR
EEMPOLDER
BIO
LEGENDA 1. DE BASIS
SOEST
bos
DORPSRAND
KORTE DUINEN
DORPSRAND
bodem beschermen aardkundige waardevol gebied: stuifruimte zanden en ijssmeltwaterdalen (Provincie Utrecht) voor
BIO
voor
GROEN
WIEKSLOOT
te ontwikkelen groene entree verblijfsrecreatie
ruimte
uitbreiding verblijfsrecreatie zoeklocatie kleinschalige aanlegplaats boten
beschermen zichtlijnen (indicatief ) behoud en versterking open gebied behoud en versterking uitzichtpunten behouden lanen
voor
GROEN
recreatie ruimte voor(nieuwe) groene dorpsrandfuncties (volkstuinen, sportvelden, maneges etc) met overwegend onbebouwd en groene groen karakter
Eem
2. VISUEEL-RUIMTELIJKE STRUCTUUR ROOD
voor
Groene contour (Ontwerp Provinciale Structuurvisie Utrecht, juli 2011) rood voor groen mogelijk
SOESTERBERG
Eng
BIO
n a t u u r ROOD GROEN en ontwikkeling EHS (Ontwerp Probeheer EHS vinciale Structuurvisie Utrecht, juli 2011)
ROOD
heide en stuifzand agrarisch gebied
ENG
ruimte voor ruimte
BIO
LANGE DUINEN groene
BIO
voor
te ontwikkelen groene entree
uitbreiding wonen, aans gende bebouwing
verblijfsrecreatie uitbreiding verblijfsrecreatie zoeklocatie kleinschalige aanlegplaats boten
cultureel erfgoed
kleinschalige recreatie, gekoppeld aan Eem
beschermen karakterist geen demping van slote
fietsroutes bestaand
BIRKSTRAAT
groene
kleinschalige recreatie, gekoppeld aan Eem
VLASAKKERS
te ontwikkelen groene poort
ruimte voor ruimte- reg
wonen rode contour (streekplan
DORPSRAND
te ontwikkelen groene poort DORPSRAND
ROOD
recreatie ruimte voor(nieuwe) groene dorpsrandfuncties (volkstuinen, sportvelden, maneges etc) met overwegend onbebouwd en groene groen karakter
behoud en versterking uitzichtpunten behouden lanen
JACHTHUISLAAN
GROEN
ruimte voor ruimte
Eng
ROOD
BIO
biomassa/vergistingsin
Groene contour (Ontwerp Provinciale Structuurvisie Utrecht, juli 2011) rood voor groen mogelijk
voor
Eem
GROEN
DORPSRAND
ROOD GROEN
groene
DORPSRAND
ENG
groene
natuur beheer en ontwikkeling EHS (Ontwerp ProEHS vinciale Structuurvisie Utrecht, juli 2011)
BIO
agrarisch gebied
BIO
BIO biologische landbouw
LEGENDA
beschermen cultuurhist watergangen Praamgra
verbinden schakel fietsroute wandelroute bestaand
beschermen karakterist
ommetjes/verbinden schakel wandelroute startpunt klompenpad bestaand
landbouw zone landbouw, hoog productief; schaalvergroting, intensivering, verbreding, biologisch ontwikkel-erven, maximale uitbreiding naar 2 ha zone landbouw met agrarische natuur, verbreding en biologische landbouw ruimte voor schaalvergroting en/of intensivering verbreding mogelijk: groene diensten en/of recreatie, educatie, zorg
BIO biologische landbouw
0
biomassa/vergistingsinstallatie mogelijk
500
VERSIE DEFINITIEF 13 januari 2011
1000m
5.2 Cultureel erfgoed Trend De belangstelling voor cultureel erfgoed neemt toe. De belangstelling gaat echter meestal wel uit naar duidelijk zichtbaar en herkenbaar erfgoed terwijl bepaalde minder zichtbare elementen zeker zo waardevol (kunnen) zijn. Ondanks de toenemende belangstelling wordt het cultuurhistorisch erfgoed bedreigd door functieveranderingen, schaalvergroting en gebrek aan kennis. Visie Monumenten zijn beschermd via de monumentenwet en de gemeentelijke monumenten verordening. Voor karakteristieke bebouwing moet in het bestemmingsplan een splitsingsregeling opgenomen worden. Dit geldt met name voor de boerderijstrook van de Birkstraat, de oorspronkelijke agrarische bebouwing aan de Lange en Korte Brinkweg en enkele objecten aan de Jachthuislaan en Koninginnelaan. Ook de kenmerkende strokenverkaveling van het Soesterveen en de voormalige veenverkavelingen ten noorden en westen van Soest dienen beschermd te worden. Het dempen van sloten moet hier voorkomen worden door hiervoor een omgevingsvergunning verplicht te stellen. Karakteristieke beplanting, zowel op openbaar als privaat terrein, moet voor zover mogelijk en bekend worden vastgelegd in het bestemmingsplan (eventueel als medebestemming). Voor het bouwen in de buurt van deze beplanting dient een omgevingsvergunning verplicht gesteld te worden.
Dit geldt bijvoorbeeld voor de belangrijkste laanbeplantingen en de eikenlanen haaks op de Birkstraat (naar de boerderijen). De Wieksloot en de Praamgracht zijn karakteristieke door mensen gegraven watergangen. Vanuit deze cultuurhistorische waarde moet hun huidige profiel worden behouden: geen kronkels, maar karakteristieke rechte lijnen. Verbreding zou vanuit cultuurhistorisch oogpunt eventueel wel kunnen, zeker bij de Wieksloot die in zijn huidige vorm erg smal is.
slechts hier en daar is binnen de contour nog ruimte voor bescheiden woningbouw. Visie De huidige begrenzing van de bebouwing (rode contour) wordt gehandhaafd. De ruimte die er is binnen de rode contour en die grenst aan het buitengebied gefaseerd benutten. De woonmilieus in deze gebieden laten aansluiten op de aangrenzende bestaande woonmilieus. Buiten de rode contour is op bescheiden schaal ruimte voor wonen in het kader van de regelingen ‘ruimte voor ruimte’ en ‘rood voor groen’. Deze mogelijkheden worden verder beschreven bij ‘landbouw’ en ‘natuur’.
Trend In het buitengebied van Soest zullen geen nieuwe woonwijken gebouwd worden binnen de planperiode (tot 2030). De ‘rode contour’ ligt namelijk nagenoeg om het bestaande bebouwde gebied;
36
Wonen in Gemeente Soest
>>
5.3 Wonen
5.4 Landbouw
Visie Een belangrijke keuze is het behouden van de openheid van de Eemvallei. Een sterke landbouw is de belangrijkste functionele en economische pijler onder het gewenste visueel-ruimtelijke beeld. Het accent ligt daarom op het agrarisch grondgebruik. Daarbij wordt vooral bedoeld het houden van dieren (bij voorkeur rundvee) ten behoeve van het voortbrengen van producten. Houtteelt is niet toegestaan. Een zevental erven wordt indicatief aangewezen als ‘ontwikkelingserf’. Deze zeven erven liggen geografisch gespreid in het gebied en hier wordt ruimte geboden aan de trend van de schaalvergroting. Reden voor het aanwijzen van deze erven is dat de verwachte bedrijfsgrootte toeneemt. Daarmee is meer ruimte per bedrijf nodig, met als gevolg in totaal minder bedrijven. Ruimtelijk gezien is er plaats voor circa 8 bedrijven. De overige erven blijven in beginsel ook agrarisch maar hier wordt eerder ingezet op verbreding of biologische landbouw. Ook kan hier gebruik gemaakt worden van de regeling ‘ruimte voor ruimte’. Hierbij wordt de bouw van één nieuwe woning toegestaan, mits alle bestaande voormalige, cultuurhistorisch niet waardevolle, bedrijfsgebouwen met een ondergrens van 1000 m2 zijn gesloopt en omliggende agrarische bedrijven niet in hun bedrijfsvoering worden belemmerd. De bouw van deze woning vindt plaats op het oorspronkelijke bouwperceel of aan de rand van de kern. Groene
Eempolder I Landbouw
>>
Trend De trends voor de landbouw in het buitengebied van Soest komen overeen met het landelijke beeld. Er zijn vier trends waarneembaar. Ten eerste zet de schaalvergroting die de afgelopen decennia heeft plaatsgevonden zich door. Dit heeft als gevolg dat het aantal agrarische bedrijven afneemt terwijl het totale areaal landbouwgrond nagenoeg gelijk blijft. Ten tweede streeft een deel van de agrariërs verdere intensivering na: dat betekent dat de opbrengst per hectare en/of dier blijft toenemen. Ten derde gaat de verbreding door. Naast de primaire inkomsten uit agrarische activiteiten wordt een neveninkomen gevonden in ‘groene diensten’. Ten vierde blijft de biologische landbouw groeien, waarbij de opbrengsten per hectare en/of dier kwantitatief gezien juist dalen maar de prijs per kilo stijgt. Sommige bedrijven omarmen meerdere trends tegelijkertijd, bijvoorbeeld schaalvergroting of juist biologisch naast verbreding.
37
diensten, dat wil zeggen alle activiteiten op het gebied van natuur, water, landschap, cultuurhistorie en toegankelijkheid voor recreatie die de kwaliteit van het landelijk gebied verhogen, zijn toegestaan. Hieronder worden ook verstaan activiteiten op het gebied van zorglandbouw, kinderopvang, educatie, horeca en (verblijfs)recreatie, waaronder bed en breakfast (verbrede landbouw). In de omgeving van de Birkstraat is eveneens ruimte voor agrarisch grondgebruik maar duidelijk kleinschaliger dan in de Eemvallei. De doorzichten vanuit het boerderijenlint naar beide zijden dient behouden te blijven. Het gebied aan de Birkstraat dat binnen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en de ‘groene contour’ ligt (Akkoord van Utrecht) wordt beschreven bij ‘natuur’. In het overige gebied is plaats voor dorpsrandactiviteiten zoals een manege en een paardenrusthuis mits de zichtlijnen gerespecteerd blijven. Onder dezelfde voorwaarde is in dit deel plaats voor groene diensten en is de regeling ‘ruimte voor ruimte’ van toepassing. Ook aan de Wieksloterweg is het behouden van zichtlijnen belangrijk. Het gebied langs de Wieksloterweg valt deels binnen de EHS en deels binnen de groene contour. Deze delen worden beschreven bij ‘natuur’.
Het overige (meest oostelijke) deel is bedoeld voor dorpsrandactiviteiten als maneges, kinderboerderijen en dorpse functies met een overwegend onbebouwd en groen karakter, zoals sportvelden en volkstuincomplexen (tuincentra worden hieronder niet begrepen). Ook de regeling ‘ruimte voor ruimte’ is hier van toepassing. Het gebied tussen Jachthuislaan en Provinciale weg valt binnen de EHS en wordt derhalve beschreven bij natuur. Het gebied tussen Jachthuislaan en Koninginnelaan is eveneens bedoeld voor dorpsrandactiviteiten. Echter als randvoorwaarden geldt altijd de open zones, landschappelijke inpassing en kleinschalig karakter, aansluitend bij het dorp. Dit geldt eveneens voor de dorpsrandactiviteiten bij de Birkstraat. De Wieksloterweg heeft meer een ‘coulissenkarakter’. Zie ook ‘recreatie’ voor het ontwikkelen van ommetjes.
38
5.5 Natuur Trend De waardering voor natuurgebieden blijft bestaan. Allereerst omdat deze een belangrijke bijdrage leveren aan het welzijn. De economische waarde van ‘groen’ wordt echter ook steeds meer herkend. Ten gevolge van verminderde economische omstandigheden heeft de rijksoverheid de keuze gemaakt te bezuinigen op de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Dit betekent dat er minder fondsen beschikbaar zijn om natuur te ontwikkelen en te beheren. Visie De EHS is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen natuurgebieden en de verbindingen daartussen met als doel de veiligstelling van soorten en ecosystemen. Daarom geldt het regime ‘nee, tenzij’ voor alle ontwikkelingen binnen de EHS zoals bijvoorbeeld verblijfs‐ en dagrecreatieterreinen. Recreatieve toegangspoorten naar natuurgebieden, zoals de vliegbasis, kunnen op grond van een gebiedsvisie een intensievere inrichting krijgen. Dit intensievere gebruik moet dan wel opwegen tegen de ecologische winst van een goede recreatieve zonering in het achterliggende natuurgebied. Het huidig agrarisch gebruik blijft gehandhaafd en het reguliere agrarisch gebruik van agrarische gronden binnen de EHS is geen activiteit met significante gevolgen en ondervindt geen beperking van het ruimtelijk natuurbeleid. Agrarische bedrijven mogen zich op de bestaande bouwpercelen ontwikkelen.
Bij uitbreiding van het bouwblok op grond met een agrarische bestemming wordt binnen het ‘nee, tenzij’ regime alleen gekeken naar aanwezige waarden. Binnen de “groene contour” liggen gebieden die van belang worden geacht voor het functioneren van de EHS, maar die niet binnen de begrenzing van de EHS zelf vallen, omdat er (in ieder geval) tot 2018 geen financiering met rijksmiddelen mogelijk is. Het huidig gebruik van deze groene contour gronden ten zuiden van de Birkstraat en ten noorden van de Wieksloterweg is overwegend agrarisch. Dit mag in principe zo blijven maar de omzetting van agrarisch gebruik naar natuur zal worden gestimuleerd door het ontwikkelingsinstrument “rood voor groen” op deze gebieden in te zetten. Daarbij mag er nieuwe bebouwing of vervangende bebouwing komen in het groene contour gebied of daarbuiten (met uitzondering van EHS) in ruil voor een aanmerkelijke verbetering van de groene kwaliteit.
5.6 Recreatie
Eempolder I Natuur
>>
Trend In de recreatieve en toeristische sector spelen verschillende trends en ontwikkelingen, die ook in de Gemeente Soest hun invloed hebben. Gezondheidstoerisme: In de vergrijzende samenleving is gezondheid een steeds belangrijker thema. Dit uit zich onder meer in de opkomst van allerlei voorzieningen op het gebied van ‘wellness’, kuren en zorg. Duurzaamheid: Consumenten zijn bewust van de effecten van onze consumptiemaatschappij en er is een groeiend besef dat welvaart en welzijn hand in hand moeten gaan. Groeiende belangstelling voor eigen omgeving: In dit kader worden natuur en landschap en cultuurhistorie weer meer gewaardeerd. Grenzen tussen informatie en educatie vervagen, doordat educatieve elementen steeds vaker op een interessante en vermakelijke wijze worden aangeboden. Vrije tijd en vervoer: Er gaat nog meer gefietst en gewandeld worden. Moderne fietsen worden zowel door spierkracht als door elektriciteit aangedreven. Wandelen met GPS ondersteuning maakt deze vorm van recreatie voor een bredere groep aantrekkelijk. Buitenrecreatie: Nederlanders brengen hun vrije tijd vaak recreërend in de buitenlucht door: bij één op de vier vrijetijdsactiviteiten was het afgelopen jaar sprake van buitenrecreatie. Met name wandelen of fietsen voor het plezier zijn populair.
Visie Soest zet in op een aantal duidelijke recreatieve poorten en groene entrees, waar voorzieningen zorgen voor toegankelijkheid en ontlasten van natuurgebieden. De poorten kennen elk hun eigen thema en karakteristiek, passend bij de plek waar zij zich bevinden en bieden de bezoeker voor enkele uren vermaak. De groene entrees zijn het vertrekpunt om het gebied te verkennen langs paden en routes. Recreatie is nu en in de toekomst een belangrijke economische drager om cultuurhistorie en natuur te behouden. Soest wil daarom in de recreatieve poorten nadrukkelijk de link met cultuurhistorie en natuur maken. In Soest gaat het bij cultuurhistorie niet om de losse elementen, maar om het verhaal van de samenhang tussen de elementen. Om dit verhaal te versterken, worden enkele thema’s gekoppeld aan de gebieden. Deze thema’s kunnen gebruikt worden voor recreatieve en
39
educatieve activiteiten. Recreatieve poorten van nationaal belang zijn Paleis Soestdijk (Gemeente Baarn) en Vliegbasis Soesterberg met het Nationaal Defensiemuseum. Daarnaast zijn plekken van lokaal belang (groene entrees), waar het verhaal van cultuurhistorie verteld kan worden: • De Eng, hart van Soest, de akkers en het graan: de molen. • De Birkstraat, beleefbare dwarsdoorsnede van Soester landschappen, van duinen tot de Eem: bijvoorbeeld de Paardenkamp. • De Eem, het oude veer, de polder: Grote Melm en Kleine Melm: • Kleinschalig coulissenlandschap Laag Hees/Pijnenburg: omgeving Charlottehoeve en Christoffelhoeve. Soest heeft een zeer uitgebreid wandel- en fietsnetwerk. Een zonering in recreatie-intensiteit zorgt voor goede en bereikbare voorzieningen waar het druk is, en bescherming van kwetsbare natuurwaarden waar het moet. Het fietsknooppuntensysteem en lange-afstandspadennetwerk zorgen al voor een zonering in drukte. Het routenetwerk van Soest is vooral gericht op recreanten die om Soest heen wandelen of fietsen. Met enkele doorsteekjes vanuit Soest naar het buitengebied kunnen ommetjes gemaakt worden en worden ontbrekende schakels toegevoegd, zoals Birkstraat: fietsverbinding van Korte Duinen naar Eempolder. Jachthuislaangebied: fietsverbinding langs Praamgracht van Wieksloterweg naar Eem. Wandelommetjes in Jachthuislaangebied en Wieksloterweggebied.
Birktstraat I recreatie
40
>>
Het LAW wandelnetwerk is vooral gericht op liefhebbers. Parkeerplaatsen (zoals Foekenlaan en Sparrenlaan) met daaraan gekoppeld gemarkeerde routes zorgen voor recreatieve zonering.
5.7 Samenvatting per deelgebied In onderstaande matrix zijn de thema’s gekoppeld aan deGebiedsvisie 3 Landelijk Gebied Soest deelgebieden: bos- en heide, agrarisch en dorpsranden. In de laatste kolom is ook een samenvatting van hoofdstuk 6 weergegeven. 5.7 SAMENVATTING Samen met de visiekaart geeftPER datDEELGEBIED een overzicht van de wensen en mogelijkheden per gebied, mits landschappelijk passend. In onderstaande matrix zijn de thema’s gekoppeld aan de 3 deelgebieden: bos‐ en heide, agrarisch en dorpsranden. In de laatste kolom is ook een samenvatting van hoofdstuk 6 weergegeven. Samen met de visiekaart geeft dat een overzicht van de wensen en mogelijkheden per gebied, mits landschappelijk passend. Aardkundige waarden
Cultureel erfgoed
Wonen
Landbouw
Natuur
Recreatie
Visueel Ruimtelijk (h6)
Bos en heide
Beschermen stuifzanden en ijssmeltwaterdalen
Monumentale bebouwing beschermen
Alleen bestaand
Alleen als beheermaatregel
Primaire functie binnen EHS Consolideren als grote eenheid
Beperkte groei verblijfsrecreatie, fietsen, wandelen en paardrijden op bestaande routes
Afwisseling open en dicht (bos, heide, stuifzanden)
Agrarisch:
n.v.t.
Strokenverkaveling beschermen
Ruimte voor ruimte (niet op ontwikkelingserf)
Schaalvergroting, intensivering, verbreding, biologisch
Agrarische natuur
Recreatief medegebruik landelijk gebied
Open (ontwikkelingserven wel beplant)
n.v.t.
Strokenverkaveling, karakteristieke eikenlanen en monumentale bebouwing beschermen
Ruimte voor ruimte
Verbreding, biologisch
Deels ontwikkelen middels rood voor groen, deels agrarische natuur
Recreatief medegebruik landelijk gebied, dorpsrandfuncties, Fiets- en wandelverbinding Duinen-Eempolder
Halfopen landschap, zichtassen behouden vanuit lint naar open landschap Eempolder enerzijds en coulisselandschap richting duinen anderzijds
n.v.t.
Strokenverkaveling beschermen
Ruimte voor ruimte
Verbreding, biologisch
Deels primaire functie binnen EHS, deels ontwikkelen middels rood voor groen, deels agrarische natuur
Recreatief medegebruik landelijk gebied, dorpsrandfuncties, fietsverbinding langs Praamgracht
Halfopen landschap, zichtassen vanuit lint naar kleinschalig landschap aan beide zijden behouden
n.v.t.
Monumentale bebouwing beschermen
Binnen rode contour beperkte uitbreiding, aansluitend bij omringende woonmilieu
Verbreding, biologisch
Ten noordwesten van Jachthuislaan ontwikkelen natte natuur
Recreatief medegebruik, dorpsrandfuncties
Halfopen landschap, zicht vanaf Jachthuislaan op bosrand Soestdijk en achterzijde van percelen Koninginnelaan behouden
Eempolder
Dorpsranden: Birkstraat
Dorpsranden: Wieksloot
Dorpsranden: Jachthuislaan
076099981:0.1 - Concept
ARCADIS
24
41
42
43
HOOFDSTUK 6 VISIE: VI S U E E L R U I M T E L I J K E A S P E C T E N
Dit hoofdstuk bevat de onderbouwing van de visie en visiekaart voor 2030 op basis van visueel ruimtelijke onderdelen vanuit een landschappelijke benadering. Met visueel ruimtelijk wordt de gewenste landschappelijke hoofdstructuur en beeldkwaliteiten bedoeld. Het is noodzakelijk dat visueel-ruimtelijke kwaliteit geborgd wordt in het bestemmingsplan door middel van een voorwaardelijke bepaling. Voor uitbreiding van bijvoorbeeld agrarische erven of woningen moet vastgelegd worden dat uitbreiding alleen mogelijk is als de landschappelijke inpassing is geregeld. Uit jurisprudentie blijkt dat dit de enige manier is om ruimtelijke kwaliteit voldoende te borgen. Dit past ook in de trend om alle ruimtelijke eisen, waaronder ruimtelijke kwaliteit maar ook bijvoorbeeld cultuurhistorie, samen te binden in het bestemmingsplan. Dit hoofdstuk is opgedeeld in de volgende vijf paragrafen: bos- en heidegebied, de Eempolder, de Birkstraat, de Wieksloot en de Jachthuislaan. In ieder paragraaf worden de visueel ruimtelijke kwaliteiten (bestaand en gewenst) per betreffend deelgebied beschreven. 6.1 Bos en heidegebied Bestaande visueel-ruimtelijke kwaliteit Ten zuiden van Soest ligt een min of meer aaneengesloten bosgebied dat ruimtelijk gezien een besloten gebied vormt. Naaldhout en loofhout wisselen elkaar af.
Binnen de bosmassa’s liggen open ruimtes die variëren van kleine akkers of weides van enkele hectares groot tot uitgestrekte heidegebieden en stuifzanden. De bosranden vormen hier de ruimtelijke begrenzing. De bosranden begrenzen ook de open ruimtes ten zuiden van de Birkstraat, het open gebied tussen de dorpsrand en de Wieksloot en de agrarische gronden ten noordwesten van de Jachthuislaan. Met name in de bossen van Laag Hees en landgoed de Paltz zijn de boslanen, al dan niet voorzien van laanbeplanting, visueel-ruimtelijk waardevol.
44
Gewenste beeldkwaliteit bij ontwikkelingen De gewenste beeldkwaliteit voor dit gebied is een groot aaneengesloten bosgebied met daarbinnen kleinere en grotere open ruimtes in de vorm van akkers, weides, stuifzanden en heidegebieden. De ontwikkelingen in dit gebied zijn met name gericht op natuurontwikkeling. Daarbij kan om moverende redenen bos gekapt worden; bijvoorbeeld om stuifzandgebieden dynamisch te houden of heidegebieden met elkaar te verbinden. Bij dergelijke ontwikkelingen in dit deelgebied dienen de volgende zaken in acht te worden genomen om de gewenste beeldkwaliteit te beschermen: Behoud van de strakke bosrand ten zuiden van de Wieksloot. Ter plaatse van de recreatieparken in Birkstraatgebied bos behouden als ruimtelijk kader en buffer. Ter plaatse de Lange Duinen het bos als buffer tussen het stuifzandgebied en de dorpsrand (Soest-Zuid) behouden. Boslanen behouden, met name in Laag Hees en de Paltz (ook opletten bij natuurbeheer met vee). Bosranden langs het voormalige vliegveld behouden. Bebossing langs de Amersfoortsestraat behouden. Functioneel ruimtelijke aspecten Beschermen stuifzanden en ijssmeltwaterdalen. Monumentale bebouwing beschermen. Wonen: alleen bestaand Landbouw: alleen als beheersmaatregel Primaire functie natuur binnen EHS. Natuur consolideren als grote eenheid.