CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2a - De Steven 57, Industrieterrein de Haven Bijlagen bij toelichting

Ronde Tafel 12 oktober 2021, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan De Steven 57 industrieterrein De Haven te Drachten21.085 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Figuur 5-1: Locaties geschikte alternatieve broedplaatsen voor de buizerd (Bron: Cyclomedia).

5.2

Effect werkzaamheden: kwantiteit

5.2.1

Buizerd

Het kappen van een deel van het bosje en de uitbreiding van het bedrijfsterrein zorgt ervoor dat één potentiele nestlocatie verdwijnt als broedgebied voor de buizerd, door het verlies van de functionaliteit van het nest. In de directe omgeving zijn alternatieve broedlocaties aanwezig die nog niet bezet zijn door andere broedparen, zie Figuur 5-1.

5.3

Effect werkzaamheden: monitoring

De werkzaamheden worden begeleid door een ecologisch deskundige. 10 juni 2020

IN HET KADER VAN DE WNB

BH1057WATRP2006021038

10

Projectgerelateerd

6

Belangenafweging

6.1

Wettelijke belangen uit de wet natuurbescherming

De Wet natuurbescherming kent t.a.v. Vogelrichtlijnsoorten onderstaande belangen waarvoor een ontheffing kan worden verleend: 1. in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid; 2. in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer; 3. ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren; 4. ter bescherming van flora of fauna; 5. voor onderzoek of onderwijs, het uitzetten of herinvoeren van soorten, of voor de daarmee samenhangende teelt, of 6. om het vangen, het onder zich hebben of elke andere wijze van verstandig gebruik van bepaalde vogels in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt gecontroleerde omstandigheden toe te staan; De ontheffing wordt aangevraagd in het belang van: volksgezondheid en de openbare veiligheid. Onderstaand wordt de onderbouwing van het belang weergegeven: Het bedrijf Sterk Heiwerken wil komen tot een verbetering en optimalisering van hun bedrijfskavel op het adres De Steven 57 in Drachten. Eerder heeft het bedrijf al besloten tot vervanging van en deels uitbreiden van de Lashal op het terrein. Nu staat de volgende en meer ingrijpende verandering op stapel.

De ruimte voor de Technische Dienst is sterk verouderd en moet vernieuwd en gemoderniseerd worden en zo voldoen aan de eisen van deze tijd.Van de gelegenheid wordt gebruik gemaakt om de ruimte voor de Technische Dienst direct te koppelen aan de Lashal. Hierdoor hoeven de mensen niet meer over het gehele terrein te lopen, wat de nodige veiligheidsrisico’s met zich meebrengt.Op het terrein vinden diverse werkzaamheden plaats, in het bijzonder het op- en afladen met kranen van damwanden en materialen voor het aanbrengen van deze damwanden. In de nieuwe situatie kunnen zij binnendoor van de ene naar de andere hal gaan.De bestaande Technische ruimte zal geschikt worden gemaakt voor materialen die feitelijk onderdak opgeslagen moeten liggen, maar nu noodgedwongen buiten liggen. Ook wordt het kantoor vernieuwd en vergroot. Het huidige kantoor bestaat hoofdzakelijk uit prefab units, waar het personeel nauwelijks genoeg ruimte heeft en waar het echt behelpen is. Wat in de huidige situatie ook meespeelt is dat zowel het personeel als de bezoekers over een deel van het werkterrein moeten gaan om van en naar het kantoor te kunnen gaan. Het is de bedoeling om het nieuwe kantoor aan de noordoostzijde van het terrein te realiseren, zodat het kantoorpersoneel en de bezoekers vrijwel direct vanaf de openbare weg het kantoorgebouw kunnen in en uitgaan.

De nieuwbouw van het kantoor geeft verder de mogelijkheid om de ruimtes meer efficiënt en ruimer op te zetten, wat bijdraagt aan het welzijn van het personeel Door de nieuwbouw liggen de gebouwen meer geconcentreerd, waardoor de looplijnen kort en veilig zijn. Ook hoeven het kantoorpersoneel en de bezoekers niet meer over het werkterrein, wat ook bijdraagt aan de veiligheid. Door de nieuwe technische ruimte kan het personeel daar in een meer gezonde omgeving haar werk verrichten. De voorgenomen herinrichting leidt ook tot milieuwinst, doordat processen en producten die zich momenteel noodgedwongen in de buitenlucht afspelen straks in een beschermede omgeving plaatsvinden. Daardoor vindt er, naast de welzijns- en veiligheidsaspecten voor personeel en bezoekers, ook minder vervuiling door uitspoeling, oxidatie en verstoffing plaats en ook minder geluid, lucht en eventuele geurhinder voor mens en dier.

10 juni 2020

IN HET KADER VAN DE WNB

BH1057WATRP2006021038

11

Projectgerelateerd

7

Alternatievenafweging

De maatregelen zijn locatie gebonden en kunnen niet elders gerealiseerd worden. Bij de werkwijze wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met de aanwezigheid van beschermde soorten. Hiervoor zijn geen natuurvriendelijkere alternatieven voorhanden. De planning is zoveel mogelijk afgestemd op de aanwezigheid van buizerd. Er wordt in een voor deze soort zo gunstig mogelijke periode gewerkt. De werkzaamheden worden landschappelijk ingepast (zie meegestuurde bijlage bij deze aanvraag).

10 juni 2020

IN HET KADER VAN DE WNB

BH1057WATRP2006021038

12

Projectgerelateerd

8

Gunstige staat van instandhouding

8.1

Staat van instandhouding

In de Wet natuurbescherming wordt de volgende definitie gegeven voor de ‘gunstige staat van instandhouding van een soort’: Staat van instandhouding van een soort waarvoor geldt dat: a) uit populatiedynamische gegevens blijkt dat de betrokken soort nog steeds een levensvatbare component is van de natuurlijke habitat waarin hij voorkomt, en dat vermoedelijk op lange termijn zal blijven, en b) het natuurlijke verspreidingsgebied van die soort niet kleiner wordt of binnen afzienbare tijd lijkt te zullen worden, en c) er een voldoende grote habitat bestaat en waarschijnlijk zal blijven bestaan om de populaties van die soort op lange termijn in stand te houden; Buizerd De Staat van Instandhouding van de buizerd als broedvogel in Nederland is gunstig. Er zijn in Nederland tussen de 10.000 en 17.000 broedparen van de buizerd aanwezig Het is daarmee de talrijkst broedende roofvogelsoort van Nederland 2. De buizerd komt wijdverspreid voor binnen de provincie Friesland. De lokale staat van instandhouding wordt eveneens als gunstig beoordeeld.

8.2

Afbreuk gunstige staat van instandhouding

Het verlies van de functionaliteit van de buizerdhorst heeft geen negatieve invloed op de gunstige staat van instandhouding van de soort. Na het realiseren van de loods en het kantoor blijven voldoende alternatieve broedlocaties aanwezig waarin de buizerd een nieuw nest kan maken. Het territorium van de buizerd gaat dus niet verloren als gevolg van het realiseren van de loods en het kantoor.

8.3

Zorgvuldig handelen

Zorgvuldig handelen, tijdens de werkzaamheden, wordt gewaarborgd door begeleiding ecologische begeleiding. Dit geldt ook voor andere soorten, dan de soort waarvoor ontheffing wordt aangevraagd.

2

https://www.sovon.nl/nl/soort/2870

10 juni 2020

IN HET KADER VAN DE WNB

BH1057WATRP2006021038

13

Projectgerelateerd

9

Mitigerende maatregelen

In onderstaande paragrafen wordt voor, buizerd, de soort waarvoor een ontheffing wordt aangevraagd, de mitigerende maatregelen genoemd en toegelicht.

9.1

Voorgestelde mitigerende maatregelen

Het deel van het bosje wordt buiten de broedperiode van buizerd gekapt. De broedperiode van buizerd loopt globaal van 1 februari t/m 30 augustus. Het deel van het bosje wordt dus gekapt in de periode 1 september t/m 31 januari.

9.2

Doel maatregelen

Doel van de maatregel is het voorkomen van doden en verwonden van broedvogels. Daarnaast voorkom je het vernietigen, beschadigen en wegnemen van eieren.

9.3

Effectiviteit maatregelen

De genoemde maatregelen zijn al vaker toegepast en gemonitord in gelijksoortige projecten. Het zijn geen nieuwe maatregelen en betere maatregelen zijn niet voor deze werkzaamheden niet te bedenken.

9.4

Afhankelijk

Voor de uitvoering van de maatregelen zijn we niet afhankelijk van derden.

9.5

Uitvoering maatregel: monitoren

De werkzaamheden en het realiseren van mitigerende maatregelen worden begeleid door een ecologisch deskundige op het gebied van de buizerd.

10 juni 2020

IN HET KADER VAN DE WNB

BH1057WATRP2006021038

14

De Steven 57, Industrieterrein de Haven

Bijlage 3 Ontheffing Wet natuurbescherming

"De Steven 57, Industrieterrein de Haven" (vastgesteld) 51

Ö

provinsje fryslan provincie fryslan ^

<rö c/3

postbus 20120 8900 hm leeuwarden

Sterk Heiwerken B.V. De Steven 57 9206 AX DRACHTEN

tweebaksmarkt 52 (058) 292 59 25

r Jh

www.fryslan.frl provincie@fry slan. frl

<D

www.twitter.com/provfryslan

C/3

Ö

•pH

O P-

Leeuwarden, 30 oktober 2020 Verzonden, 3 3 2|)2fl Ons kenmerk Afd./Opgave Behandeld door Uw kenmerk Bijlage(n) Onderwerp

01793680 Omgevingszaken Team Groene Regelgeving / (058) 292 89 95 of wnb(@fryslan.frl 3 : PF-2020/209995; Ontheffing Wet natuurbescherming voor uitbreiding Sterk Heiwerken B.V. te Drachten (buizerd)

Geachte heer/mevrouw, Op 24 juni 2020 heb ik uw verzoek ontvangen voor een ontheffing op grond van de Wet na­ tuurbescherming (hierna: Wnb) ten behoeve van de uitbreiding van Sterk Heiwerken B.V. te Drachten. U vraagt ontheffing voor overtreding van de verbodsbepaling genoemd in paragraaf 3.1, van de Wnb, voor de Buizerd {Buteo buteo). Overeenkomstig uw aanvraag en de daarbij behorende stukken heb ik besloten de gevraag­ de ontheffing te verlenen. De bijbehorende stukken maken een onlosmakelijk onderdeel uit van dit besluit. Voorschriften en beperkingen 1. De ontheffing staat op naam van Sterk Heiwerken B.V. (hierna; ontheffinghouder). Ontheffinghouder is verantwoordelijk voor de naleving van de ontheffingsvoorwaarden en is hierop aanspreekbaar. 2. De ontheffing is alleen van toepassing op de activiteiten en verbodsbepalingen, zoals deze zijn aangevraagd en in dit besluit zijn benoemd in bijlage Al .1. onder ‘Beschrijving van het project of andere handeling’. 3. De activiteit dient te worden uitgevoerd conform aanvraag, met de daarbij behorende stukken. Afwijkingen en wijzigingen behoeven schriftelijke toestemming van het bevoegd gezag.

- 1 /8-

Ons kenmerk:

01793680

ö

provinsje fryslän provincie fryslän ^

<nj if}

De onder A1.1. aangegeven maatregelen dienen te worden opgenomen in een ecolo­ gisch werkprotocol. Het protocol dient te worden opgesteld door een ecologisch ter zake kundige. Deze dient op de locatie aanwezig te zijn en de inhoud van het werkprotocol moet bij de betrokken werknemers bekend zijn. De activiteiten moeten aantoonbaar vol­ gens dit protocol worden uitgevoerd. De werkzaamheden worden uitgevoerd buiten het broedseizoen. De werkzaamheden worden begeleid door een ecologisch ter zake kundige op het ge­ bied van de buizerd.

4.

5. 6.

Aanvullende voorschriften 7. De werkzaamheden vinden plaats tussen zonsopgang en zonsondergang. 8. Er wordt één richting opgewerkt, zodat kleine (zoog)dieren kunnen vluchten van de werkzaamheden. 9. Wanneer de werkzaamheden gedurende langere tijd stilliggen, dient het terrein vóór herstart van de werkzaamheden geïnspecteerd te worden door een ecologisch ter zake kundige. De ontheffing is geldig vanaf de verzenddatum van dit besluit tot en met 31 december 2023. Voor de motivering van mijn besluit verwijs ik u naar bijlage 1. Meldingsclausule Wanneer met de voorgenomen werkzaamheden gestart wordt, dient dit gemeld te worden via het bijgevoegde meldingsformulier (zie bijlage 3) via e-mail aan wnb@frvslan.frl, of per post naar Gedeputeerde Staten van de Provincie Fryslän, t.a.v. Omgevingszaken, Team Groene Regelgeving, Postbus 20120, 8900 HM LEEUWARDEN.

Namens het college van Gedeputeerde Staten,

>

v

mevr. A.J. Tack teamleider Groene Regelgeving

-218-

Ons kenmerk;

01793680

#

C/5

ö

o

ö

provinsje fryslän provincie fryslän ^

<rö c/3

Bezwaar Degene wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken kan tegen dit besluit binnen zes (6) weken na de verzending daarvan een bezwaarschrift indienen bij Gedeputeerde Staten, Postbus 20120, 8900 HM in Leeuwarden.

(V

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten: a. de naam en het adres van de indiener; b. de dagtekening; c. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht; d. de gronden van het bezwaar.

c/3

ö

Meer informatie over de bezwaarschriftenprocedure vindt u op www.frvslan.frl onder “Con­ tact”, of u kunt bellen met het secretariaat van de bezwaarschriftencommissie: tel. (058) 292 51 57. Kennisgeving Van dit besluit zal, conform artikel 3:42, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht door mij kennis worden gegeven door publicatie in de Leeuwarder Courant, het Friesch Dagblad en in het provinciaal blad op www.overheid.nl. zie hiervoor de link: https://zoek.officielebekendmakinqen.nl/zoeken/provinciaal blad. Bijlagen Bijlage 1: Motivering van het besluit Bijlage 2: Advertentie Bijlage 3: Meldingsformulier Afschriften per e-mail Gemeente Smallingerland • Royal HaskoningDHV FUMO, Afdeling Toezicht en Handhaving

3/8-

Ons kenmerk:

>4

01793680

o

provinsje fryslän provincie fryslän ^

Ö <rö i/3

Bijlage 1: Motivering van het besluit

A.

Weergave van de feiten

ch H-H

A1. Ontheffinqaanvraag Op 24 juni 2020 ontving ik de door u ingediende aanvraag voor een ontheffing van artikel 3.1, tweede en vierde lid, van de Wet natuurbescherming (hierna: Wnb) voor de buizerd ten behoeve van de uitbreiding van Sterk Heiwerken B.V. te Drachten. Uw aanvraag staat gere­ gistreerd onder zaaknummer 209995. Voor het aangevraagde project en/of handeling is niet eerder ontheffing verleend op grond van de Wnb. A1.1. Beschrijving van het project of andere handeling Ontheffing wordt aangevraagd voor ‘Uitbreiding Sterk Heiwerken’ aan De Steven 57 te Drachten. U voert hiervoor de volgende activiteiten uit: • Uitbreiding bedrijfsterrein; • Nieuwbouw TD-loods (620 m^); • Nieuwbouw kantoor (748 m^); • Gedeeltelijk kappen van de groenstrook; • Aanplanten van nieuwe bomen. Al.2. Periode De ontheffing is aangevraagd voor de periode van 1 augustus 2020 tot 31 december 2023. Al.3. Relevante stukken U hebt voor de beoordeling van uw aanvraag de volgende stukken aangeboden; • Aanvraagformulier; • Machtiging; • Landschappelijke inpassing uitbreiding Sterk Heiwerken, Royal HaskoningDHV, oktober 2019; • Natuurtoets uitbreiding Sterk Heiwerken Drachten, Royal HaskoningDHV, 28 april 2020; • Activiteitenplan Buizerd uitbreiding Sterk Heiwerken, Royal HaskoningDHV, 10 juni 2020. A1.4. Aanvullende gegevens De aanvraag tot ontheffing is als volledig beoordeeld.

Er is vanuit het bevoegd gezag niet gevraagd om aanvullende gegevens ingevolge art. 4:5 lid 3 Awb. In het kader van zorgvuldigheid hebben wij wel gevraagd om een AERIUS berekening van het project. Deze hebben wij op 22 oktober 2020 van u ontvangen. Al.5. Uw aanvraag en overige onderdelen Wet natuurbescherming Uw project vindt niet plaats in of nabij een Natura 2000-gebied en heeft geen betrekking op het vellen van houtopstanden. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is de ‘Aide Feanen en ligt op ruim 4 km afstand. De Natura 2000-gebieden 'Van Oordt’s Mersken’ en ‘Wijnjeterper Schar’ liggen op resp. ruim 5 km en ruim 8 km afstand van het plangebied. Op basis van de AERIUS berekening (met kenmerk: RcH87tsKhGt6, 15 oktober 2020) blijkt dat er als gevolg van de aangevraagde werkzaamheden geen stikstof-depositie in de Natura 2000-gebieden te verwachten is. Hiermee is aangetoond dat er geen significante negatieve effecten te verwachten zijn op natuurwaarden in de Natura 2000-gebieden en geldt er voor

-4/8-

Ons kenmerk:

01793680

(U

ö

• fH

O

ö

provinsje fryslän provincie fryslän ^

<rö i/)

gebiedsbescherming geen vergunningplicht. Ook zijn er, gezien de schaal van de werkzaamheden en grote afstand tot de Natura 2000-gebieden, geen overige effecten in het Natura 2000-gebied te verwachten. A2. Bevoegdheid Het project of de andere handeling is niet op grond van artikel 1.3, vijfde lid, Wnb aangewe­ zen in het Besluit natuurbescherming (verder: Bnb). Gelet op artikel 1.3, eerste lid, Wnb, zijn Gedeputeerde Staten van Fryslän bevoegd op deze aanvraag te beslissen. A3. Procedure De ontheffingprocedure is uitgevoerd in overeenstemming met het bepaalde in hoofdstuk 5 van de Wnb en de hiervoor relevante artikelen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

A3.2. Coördinatie met andere wetgeving Ten overvloede wijzen wij erop dat er mogelijk andere wettelijke verplichtingen op uw activi­ teit/handeling kunnen rusten waarvoor Gedeputeerde Staten van Fryslän niet het bevoegd gezag zijn. Dit besluit is enkel gebaseerd op de bepalingen van de Wnb, het Bnb, de Rege­ ling natuurbescherming en de Verordening Wet natuurbescherming Fryslän 2017. A4. Ontheffingsplicht 1. Op basis van de aanvraag en de daarbij behorende rapporten en tekeningen heb ik be­ oordeeld of het door u aangevraagde project overtreding van de verbodsbepalingen tot gevolg heeft op de beschermde soorten, zoals bedoeld in paragraaf 3.1 Wnb, die op de locatie voorkomen. 2. Ik stel vast dat: a. het onder Al. omschreven project mogelijk in strijd is met de verbodsbepaling in: • artikel 3.1, lid 2, Wnb: ‘Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen ofte beschadi­ gen, of nesten van vogels weg te nemen.’; • artikel 3.1, lid 4, Wnb: ‘Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen.’. b. het onder Al.

omschreven project weliswaar gevolgen kan hebben voor de op de locatie aangetroffen dieren, maar dat het de gunstige staat van instandhouding van deze soorten niet in gevaar mag brengen, afzonderlijk noch in combinatie met andere projecten of plannen, zodat het niet kan worden beschouwd als een pro­ ject dat significante gevolgen kan hebben voor de betreffende (dier)soorten; c. er dus ontheffing nodig is op grond van artikel 3.3, lid 1, Wnb. Ik verwijs voor de motivering van dit oordeel naar mijn overwegingen onder B. (Toetsing)

Toetsing

B1. Wetteliik kader B1.1. Wnb 1. Artikel 3.1, tweede lid, Wnb bepaalt dat het verboden is opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen ofte beschadigen, of nes­ ten van vogels weg te nemen.

-5/8-

Ons kenmerk:

ö >

o

A3.1. Verlengen beslistermijn Van de mogelijkheid om de beslistermijn te verlengen is geen gebruik gemaakt.

B.

(V

01793680

provinsje fryslän provincie fryslän ^ 2. Artikel 3.1, vierde lid, Wnb bepaalt dat het verboden is vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen. 3. Op grond van artikel 3.3, eerste lid, Wnb kunnen Gedeputeerde Staten ontheffing verle­ nen van verboden als bedoeld in artikel 3.1 of artikel 3.2, zesde lid, ten aanzien van vo­ gels van daarbij aangewezen soorten, dan wel ten aanzien van hun nesten, rustplaatsen of eieren. 4. Een ontheffing wordt uitsluitend verleend, indien er geen andere bevredigende oplossing bestaat, een wettelijk belang wordt gediend, zoals vastgelegd in art. 3.3, vierde lid, onder b, Wnb en de gunstige staat van instandhouding van de soort niet in gevaar komt. B2. Inhoudelijke beoordeling B2.1. Verbodsbepalingen 1. Het onder Al genoemde project betreft een project die mogelijk overtreding van ver­ bodsbepalingen tot gevolg heeft en/of de gunstige staat van instandhouding van aanwe­ zige beschermde soorten kan aantasten. 2. Uit het ecologisch onderzoek (zie Al .3. van dit besluit) zijn beschermde diersoorten naar voren gekomen op het terrein waar de werkzaamheden worden verricht. 3. Hieronder toets ik uw aanvraag aan de beoordelingskaders van de onder BI genoemde wetgeving. Daarbij worden mogelijke overtredingen, verslechteringen en verstoringen besproken van de relevante aanwezige soorten. B2.2.

Toetsing aanwezige soorten Het bedrijfsterrein van Sterk Heiwerken B.V. aan De Steven te Drachten zal worden uitge­ breid. De uitbreiding bestaat uit het bouwen van een nieuwe loods (620 m^) en een nieuw kantoor (748 m^). Om dit te kunnen realiseren, dient er een stuk van de groenstrook, waar­ onder bomen, te worden gekapt. Na de kap zal de groenstrook nog altijd 18 meter op zijn smalst zijn. De locatie wordt landschappelijk ingepast. Dit betekent dat karakteristieke bomen gespaard blijven en nieuwe bomen worden aangeplant. Watergangen worden ongemoeid gelaten. Royal HaskoningDVH heeft op 6 april 2020 een veldbezoek verricht om te kijken of het plan­ gebied geschikt is voor beschermde soorten in het kader van de Wnb. Buizerd Tijdens het veldbezoek van 6 april 2020 is in het plangebied in een boom een (vervallen) horst (broedplaats van roofvogels) waargenomen. Om aan te tonen of deze horst nog dienst doet als nest voor buizerd, ransuil of sperwer, heeft op 6 mei 2020 aanvullend onderzoek plaatsgevonden. Dit onderzoek heeft aangetoond dat het hier gaat om een in gebruik zijnde buizerdnest. Dit nest is jaarrond beschermd en mag ook buiten het broedseizoen niet onge­ schikt raken als blijkt dat er geen alternatieven voorhanden zijn. De boom waar het nest c.q. horst van de buizerd zit, wordt niet gekapt.

De nieuwbouw loods en kantoor komen echter wel op 20 meter afstand van deze boom te staan. Dat is binnen de verstoringsafstand van de buizerd. Daarmee kan de functionaliteit van het nest verloren gaan. In de directe omgeving is echter veel geschikte mogelijkheden voor deze soort om een nieuw nest te bouwen. Ook is deze soort goed in staat om een alternatieve nestlocatie te vinden en een nieuw nest te maken. Het aanvullend onderzoek heeft tevens uitgewezen dat in de directe omgeving alternatieve broedlocaties aanwezig zijn die nog niet bezet zijn door andere broedvogels. Het is een groot uitgestrekt gebied met veel bomen en bosschages en open ruimtes. De werkzaamheden

-6/8-

Ons kenmerk:

01793680

Ö <rö

m

OJ c/3

• pH

O

Ö

provinsje fryslän provincie fryslän ^

<rd

vinden plaats buiten het broedseizoen en pas wanneer door een ecoloog is vastgesteld dat het nest niet meer in gebruik is. Vanwege de vele alternatieve broedlocaties in de nabije om­ geving, is het aannemelijk dat de buizerd het volgend broedseizoen zich wederom in dit ge­ bied zal vestigen om te broeden. Gezien het tijdelijke karakter van de werkzaamheden, de mitigerende maatregelen en de aanwezige alternatieven in de omgeving is het voldoende aangetoond dat de gunstige staat van instandhouding van de aanwezige soort niet in het geding komt. B2.3. Belang van de activiteit U vraagt ontheffing aan op grond van het belang van “de volksgezondheid of openbare vei­ ligheid", zoals in artikel 3.3, lid 4 onder b Wnb staat vermeld. De gebouwen op het bedrijventerrein liggen nu van elkaar af. Als men van het ene gebouw naar het andere wil, moet men over het gehele terrein lopen, wat de nodige veiligheidsrisi­ co’s met zich meebrengt. Daarbij komt dat de ruimte voor de Technische Dienst sterk verou­ derd is en vernieuwd en gemoderniseerd moet worden om weer te kunnen voldoen aan de eisen van deze tijd. Door de nieuw te bouwen loods te koppelen aan de lashal, kunnen de mensen binnendoor van de ene ruimte naar de ander. Het huidige kantoor bestaat hoofdzakelijk uit prefab units, waar weinig bewegingsruimte in zit.

Het nieuw te bouwen kantoor wordt moderner en groter en wordt geplaatst aan de noordoostzijde van het terrein. Hierdoor kunnen personeel en be­ zoekers vrijwel direct vanaf de openbare weg het kantoorgebouw in- en uitgaan. Door de nieuwbouw liggen de gebouwen meer geconcentreerd, waardoor de looplijnen kort en veilig zijn. Ook hoeven de bezoekers en het kantoorpersoneel niet meer over het werkter­ rein, wat bijdraagt aan de veiligheid. De 2 nieuwe gebouwen zullen ook betere klimatolo­ gische omstandigheden hebben, wat de gezondheid van de mensen weer ten goede komt. Ik ben van mening dat om bovenstaande redenen het project het belang ‘de volksgezond­ heid of openbare veiligheid dient. B2.4. Andere bevredigende oplossing In uw aanvraag geeft u de volgende mogelijke alternatieven aan; • Alternatieve locatie Het project is locatie gebonden. •

Alternatieve inrichting Voor de inrichting bestaat geen alternatieven. Ten behoeve van het bouwen van de nieuwe loods (620 m^) en een nieuw kantoor (748 m^) is het nodig dat er bosjes en bo­ men worden gekapt. Een deel daarvan wordt weer aangeplant en de locatie wordt land­ schappelijk ingepast. Dit betekent dat karakteristieke bomen gespaard blijven en nieuwe bomen worden aangeplant.

•

Alternatieve werkwijze De werkwijze is afgestemd op de aanwezigheid en verblijfplaats van de buizerd. Met de­ ze werkwijze worden geen nesten verstoord, vogels gedood of gaan broedsels misluk­ ken.

-7/8-

Ons kenmerk:

01793680

(V i/1

ö

o

provinsje fryslän provincie fryslän ^

Ö <rd c/3

•

Alternatieve planning De werkzaamheden vinden plaats buiten het broedseizoen van de buizerd. Door te wer­ ken buiten de kwetsbare periode van de buizerd, is er geen betere planning.

Conclusie: In de door u gevolgde werkwijze ben ik van mening dat de meest bevredigende oplossing is gezocht. Bij de uitvoering van het project wordt verstoring van aanwezige be­ schermde soort zoveel mogelijk voorkomen.

<V

Zorgplicht Ik wil u er wel op wijzen dat u in alle gevallen te maken heeft met de Algemene Zorgplicht voor in het wild levende dieren, zoals verwoord in artikel 1.11 van deWnb. Ingevolge artikel 1.11 lid 1 Wnb, voor zover relevant, neemt een ieder voldoende zorg in acht voor in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving.

ö

C.

Conclusie

De maatregelen, het belang en alternatieven in acht nemende, is de zekerheid verkregen dat verstorende effecten op de buizerd tot een minimum worden beperkt en de gunstige staat van instandhouding van deze soort niet in het gedrang komt. De effecten zijn daarnaast van beperkte en tijdelijke aard, waarna het gebied weer geschikt zal zijn voor de soort. Op grond van de onder Al .3. genoemde rapporten staat vast dat door de uitbreiding van Sterk Heiwerken B.V. te Drachten op de door u aangewezen wijze en zoals in dit besluit is vermeld uit te voeren, de effecten van de overtreding van de verbodsbepalingen uit para­ graaf 3.1, 3.2 en 3.3 Wnb tot een minimum beperkt worden. Hierdoor kan met voldoende zekerheid worden gesteld dat er geen afbreuk wordt gedaan aan het streven de populaties van de betrokken soort in zijn natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van in­ standhouding te laten voortbestaan. Ontheffing voor de buizerd kan worden verleend.

-8/8-

Ons kenmerk:

01793680

>

o IM

Leeuwarder Courant/Friesch Dagblad Gemeente Smallingerland Kennisgeving ontheffing Wet natuurbescherming Gedeputeerde Staten hebben op 30 oktober 2020 ontheffing verleend op grond van de Wet natuurbescherming voorde uitbreiding van Sterk Heiwerken B.V. te Drachten (buizerd). De ontheffing is geldig tot en met 31 december 2023, De ontheffing met zaaknummer 209995 ligt ter inzage in het: -provinciehuis, elke werkdag van 9 tot 16 uur (graag van te voren contact opnemen). Indien u de ontheffing digitaal wilt inzien, kunt u contact opnemen met de Frontdesk Wet natuurbescherming, wnb@frvslan.frl of 058 - 292 8995 (graag het zaaknummer vermelden in uw correspondentie). Belanghebbenden kunnen tot en met 6 weken na publicatie (tot en met 12 december 2020) een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij Gedeputeerde Staten.

Meldingsformulier Wet natuurbescherming Dit formulier volgens de in de ontheffing of vergunning of bestuurlijk rechtsoordeel gestelde termijn of (indien dit niet is vermeld) uiterliJk 3 werkdagen voor de start van de activiteit sturen/mailen naar:

Gedeputeerde Staten van de Provincie Frysiên, ta.v. Afdeiing Omgevingszaken, Team Groene Regelgeving, Postbus 20120, 8900 HM LEEUWARDEN E-mail: wnb@frvslan.frl A.

ALGEMENE GEGEVENS

Ontheffing-A/ergunninghouder/aanvrager Adres en Plaatsnaam Telefoon / emailadres Kenmerk brief / code B.

LOCATIEGEGEVENS

Locatie activiteit Soort activiteit

C.

OVERIGE GEGEVENS

Activiteit is ontheffing/vergunningplichtig i.k.v. Wnb

ja / nee

Startdatum en -tijdstip activiteit

/

Einddatum en -tijdstip activiteit

/

/ 2020 / 2020

.... uur .... uur

Wanneer het tijdstip van de activiteit hierboven niet is in te vullen, dan tijdstip s.v.p. hiernaast zo duidelijk mogelijk aangeven. (indien bekend of beschikbaar een evt. periodiek schema meezenden s.v.p.)

D.

INFORMATIE

Hieronder kunt u eventueel informatie kwijt die van belang is bij de melding

Eventuele aanvullende informatie kan op de achterzijde van dit formulier worden vermeld.

De Steven 57, Industrieterrein de Haven

Bijlage 4 Onderzoek stikstofdepositie aanlegfase

62 ld)

"De Steven 57, Industrieterrein de Haven" (vastgeste

Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor Sterk BV Drachten

Opdrachtgever: Sterk bv De Steven 57 9206 AX Drachten

Opsteller onderzoek: Elise Goossen advies en support Kottestraat 13 7615 PC Harbrinkhoek Tel. 06-11604204 Email: elise@goossensupport.nl

Versie 01 Vrijgave: E. Goossen Handtekening: Datum: 16 oktober 2020

Inleiding Opdrachtgever is voornemens haar bedrijfsterrein aan de Steven 57 in Drachten uit te breiden op een voormalige groenstrook van de gemeente Smallingerland. De uitbreiding betreft een nieuw te bouwen td-loods (620 m2) en een nieuw te bouwen kantoor (748 m2). Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken is aanpassing van het bestemmingsplan noodzakelijk. Tijdens de ontwikkeling van het plangebied zal gedurende enkele maanden met (deels zware) voertuigen van en naar het plangebied worden gereden en mobiele werktuigen worden ingezet. De daarbij optredende stikstofemissies kunnen leiden tot extra stikstofdepositie op de nabij gelegen Natura 2000-gebieden. Om die reden is de depositie van stikstof ten gevolge van de voorgenomen bouw berekend met het programmapakket AERIUS Calculator 2020 en IMAER V3_1. Deze notitie bevat een toelichting op deze berekeningen en bevat tevens de uitdraai van de AERIUSberekeningen. Overzicht planlocatie Hieronder is de ligging van de locatie ten opzichte van de meest nabijgelegen Natura 2000-gebied weergegeven. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige habitatgebied betreft het natuurgebied Alde Feanen, gelegen op circa 4.600 meter van het plangebied.

Alde Feanen

Drachten

Figuur 1 Overzicht plangebied (1) met meest nabijgelegen N2000-gebied (bron: AERIUS)

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

1

Wettelijk kader Binnen de Europese Unie zijn de belangrijkste leefgebieden van de meest bedreigde en waardevolle soorten en habitattypen aangewezen als Natura 2000-gebied. Deze Natura 2000gebieden moeten samen een Europees ecologisch netwerk vormen om de achteruitgang van de biodiversiteit te keren. De juridische basis voor dit netwerk zijn de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, die in Nederland zijn vertaald in de Wet natuurbescherming. Per gebied zijn voor de soorten en habitattypen instandhoudingsdoelstellingen bepaald. Dit kunnen behouds- of uitbreidings/verbeteringsdoelstellingen zijn. Het is verplicht om plannen en projecten te beoordelen op de gevolgen voor deze instandhoudingsdoelstellingen. Pas vernietigd Op 1 juli 2015 is het Programma Aanpak Stikstof (PAS) met bijbehorende wetgeving vastgesteld en in werking getreden. Hierdoor werd de vergunningverlening in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) voor het aspect stikstof vereenvoudigd. In het PAS werkten overheden en maatschappelijke partners samen om de stikstofuitstoot te verminderen en daarmee ook economische ontwikkelingen mogelijk te maken. Door middel van brongerichte maatregelen werd een (extra) daling van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden beoogd. Een deel van de daling van de stikstofdepositie kwam beschikbaar als depositieruimte voor economische ontwikkelingen.

Het overige deel kwam ten goede aan de natuur waardoor gewaarborgd werd dat de Natura 2000-doelen worden gehaald. Op 29 mei 2019 ontstond als gevolg van een uitspraak van de Raad van State jurisprudentie rond de systematiek van passend beoordelen in het kader van het PAS. Kortheidshalve is het PAS, door de uitspraak van de RvS, vernietigd. Hiermee is het beoordelingsregime zoals gebruikt ten tijde van het PAS niet meer van toepassing. Nieuwe beleidsregels, nog veel onduidelijk Daarom dient vanaf 29 mei 2019 voor ieder plan of project te worden beoordeeld of het plan of project een verslechterend of significant verstorend effect kan hebben op een Natura 2000gebied. In de situatie dat dit op voorhand niet kan worden uitgesloten is er sprake van een vergunningplicht. Vervolgens kan voor het plan of project enkel toestemming worden verleend nadat uit een passende beoordeling is gebleken dat als gevolg van de voorgenomen activiteiten, geen sprake is van aantasting van de natuurlijke kenmerken van enig Natura 2000-gebied en of de betreffende instandhoudingsdoelstellingen in gevaar worden gebracht. Om vergunningverlening weer mogelijk te maken voor projecten waarbij er mogelijk sprake is van verslechterende of significante verstorende effecten op Natura 2000-gebieden hebben de provincies nieuwe beleidsregels vastgesteld.

Deze beleidsregels geven samengevat aan dat een toename van stikstofdepositie, onder voorwaarden, kan worden gesaldeerd met afnamen van stikstofdepositie binnen of buiten het project (het zogenaamde intern of extern salderen). Op deze wijze kan, voor zover het onderdeel stikstofdepositie betreft een situatie worden bereikt waarbij uit de passende beoordeling volgt dat er geen sprake is van aantasting van de natuurlijke kenmerken van enig Natura 2000-gebied en/of de betreffende instandhoudingsdoelstellingen in gevaar worden gebracht. Voor wat betreft extern salderen wordt opgemerkt dat rekening gehouden dient te worden met afromen (70% van de over te nemen stikstofdepositie mag worden gebruikt).

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

2

Uitgangspunten realisatiefase De ontwikkeling van het plangebied zal naar schatting 48 weken in beslag nemen. Tijdens deze periode vinden diverse activiteiten plaats waarbij stikstofemissie zal plaatsvinden. Invoergegevens Aerius In AERIUS zijn standaard emissie-kentallen opgenomen op basis waarvan de emissie van NOx en NH3 wordt bepaald. Ook de bewegingen van en naar het terrein dienen in de berekening meegenomen te worden. Conform jurisprudentie dient de verkeersgeneratie beschouwd te worden tot dat het verkeer op is genomen in het heersende verkeersbeeld. Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is dit het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet, dan wel niet meer, onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt. Emissies bouw Aan de hand van literatuurstudie, de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van bouwen, de omvang van de gebouwen en opgave van opdrachtgever zijn de in te zetten machines en de gebruiksduur bepaald. Ook het verkeer van en naar de projectlocatie is in de AERIUS-berekening meegewogen evenals het manoeuvreren met zwaar vrachtverkeer in het plangebied. In onderstaande figuur is de beoogde planontwikkeling weergegeven.

Sterk BV

Figuur 2 Overzicht voorgenomen ontwikkeling (groen) (bron: Fryslan arcgis)

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

3

Figuur 3 Schets bouwtekening (bron: opdrachtgever)

Inzet materieel Hieronder worden de omvang en de uitgangspunten ten aanzien van het in te zetten materieel beschreven. De sloop- en bouwactiviteiten zijn in AERIUS 2020 gemodelleerd als vlakbron. De verkeersgeneratie is gemodelleerd als lijnbron. De afmetingen van de nieuw te bouwen td-loods zijn 31x20 meter en de bouwwijze betreft heipalen, betonnen fundering en vloer, stalen spanten, geisoleerde wandbeplating in staal tot op fundering en dakelementen. Er is een verdiepingsvloer gepland op de helft van de oppervlakte. De afmetingen van het nieuw te bouwen kantoor zijn 34x22 meter met vier verdiepingen. De exacte bouwwijze is nog niet bekend, voor de berekening is uitgegaan van heipalen, staal/spanten, een betonnen fundering en vloer, gemetselde muren en dakelementen. Rondom de gebouwen zal circa 2.100 m2 verharding worden aangelegd, de uitvoering is nog onbekend, voor de berekening is uitgegaan van betonklinkers. De bouwperiode bedraagt circa 48 weken. Het plan is opgedeeld in drie bouwfases, deze zullen elkaar gedeeltelijk

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

4

overlappen. Fase 1 betreft het bouwrijp maken; ten eerste het rooien van de bosschage, dit betreft circa 3.600 m2, het versnipperen van het hout en daarna het ontgraven van de bouwputten. Uitgangspunt is dat alle te ontgraven grond en zand wordt afgevoerd en niets in depot wordt gezet (worse case). In onderstaande tabel zijn de uitgangspunten voor fase 1 weergegeven. I Bouwrijp circa drie weken Graafmachine rooien met snoeischaar Graafmachine spitten Houtversnipperaar achter tractor Bronbemaling

24 uur 16 uur

3600 m2 groen

8 uur/dag 8 uur/dag

3 dagen 2 dagen

5 weken

24 uur/dag

7 dg/week

8 uur 840 uur

Vrachtwagens afvoer houtsnippers

4 stuks

250 m3 totaal

80 m3/vracht walking floor

Vrachtwagens afvoer boomstobbens

3 stuks

100 m3 totaal

40 m3/vracht

Aan/afvoer materieel - kranen/versnipperaar/bronbemaling

4x

Minigraver voor kabels/leidingen

8 uur

Graafmachine ontgraven bouwputten 1 meter

30 uur

1370 m3 totaal

2 minuut/bak

Vrachtwagens afvoer grond

69 stuks

1370 m3

20 m3/vracht

Vrachtwagens aanvoer vulzand

30 stuks

600 m3

20 m3/vracht

Totaal benodigde vrachtwagens

110 stuks

1,5 m3/bak

Tabel 1 uitgangspunten bouwrijp maken

Fase 2 betreft de bouw; het heien, storten fundering en vloer, montage spanten/staal met hijskraan, montage prefab verdiepingsvloeren met hijskraan, storten afwerkvloeren (gedeeltelijk met betonpomp), aanbrengen gevelbeplating en montage dakelementen met hijskraan. Tevens is er inzet van een elektrisch aangedreven hoogwerker voor afwerking loods binnen en montage gevelbeplating. In onderstaande tabel zijn de uitgangspunten voor fase 2 weergegeven. II Bouw circa 45 weken Heistelling

28 uur

Graafmachine met koppensneller

8 uur

7 uur/dag

4 dagen

aanname

Graafmachine aanvullen zand

16 uur

Vrachtwagens heipalen

5 stuks

Vrachtwagens bouwterreininrichting (rijplaten,steigers,keet,etc) Aan/afvoer containers voor bouwafval Aan/afvoer materieel (heistelling-graafmachine-etc)

10 x (brengen-halen 5 vrachten) 6 x (brengen-halen 3 containers) 3x

Mobiele hijskraan Heftruck (aanbrengen gevelbeplating - transport materialen) Vlindermachine beton Betonpomp afwerkvloer verdiepingsvloeren Vrachtwagens isolatie vloer Vrachtwagens wapening Vrachtwagens/betonmixer funderingsstroken Vrachtwagens/betonmixer vloeren Vrachtwagens prefab betonvloer 1e verdieping loods Vrachtwagens prefab betonvloer 3 verdiepingen kantoor Vrachtwagens/betonmixer afwerkvloeren Vrachtwagens staal/spanten Vrachtwagens voor circa 1700 m2 (spouw) stenen kantoor, aanname 75 bakstenen per m2 Vrachtwagens kozijnen/deuren/glas Vrachtwagens gevelbeplating loods Vrachtwagens dakelementen/dakleer Vrachtwagens installatiemateriaal/interieur Vrachtwagens (isolatie, metselzand, cement en onvoorzien) Aan/afvoer materieel (hijskraan-vlindermachine-heftruck, betonpomp etc)

450 uur 263 uur 18 uur 18 uur 4 stuks 2 stuks 11 stuks 22 stuks 3 stuks 19 stuks 9 stuks 4 stuks

3 uur/dag 1,5 uur/dag 6 uur/dag 6 uur/dag

12 m3/vracht 12 m3/vracht 35 ton/vracht 35 ton/vracht 12 m3/vracht

10 m3/uur lossen 10 m3/uur lossen 300 kg/m2 300 kg/m2 2,5 cm hoogte

127 m3 262 m3 93 ton 643 ton 98 m3

9 stuks 4 stuks 4 stuks 6 stuks 4 stuks 10 stuks

38 pallets/vracht

400 stenen/pallet

320 pallets aanname aanname aanname aanname aanname

Totaal benodigde vrachtwagens excl. betonmixer Totaal benodigde betonmixers

103 stuks 42 stuks

aanname aanname 12 palen/vracht

60 palen

aanname aanname

5 dagen/week 30 weken 5 dagen/week 35 weken 3 dagen aanname 3 dagen aanname

10 x

apart berekend i.v.m. langere lostijd

Tabel 2 uitgangspunten bouw 20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

5

Fase 3 betreft het woonrijp maken; het ontgraven voor de verharding, aanbrengen van zand, aftrillen zand en bestrating, montage hekwerk en het planten van nieuw groen. In de berekening is uitgangspunt dat alle te ontgraven grond wordt afgevoerd en niet in depot wordt gezet danwel het zand aangevoerd en niet uit depot gehaald (worse case). In onderstaande tabel zijn de uitgangspunten voor fase 3 weergegeven. III Woonrijp circa 2 weken Graafmachine ontgraven ondergrond verharding ca. 2100 m2 Graafmachine uitvlakken zand Trilwals Minishovel voor bestraten Graafmachine voor planten Vrachtwagens afvoer grond Vrachtwagens aanvoer zand Vrachtwagens aanvoer klinkers Vrachtwagens aanvoer groen Vrachtwagens aanvoer hekwerken en overige inrichting Aan/afvoer materieel (graafmachine-shovel-wals)

14 uur 8 uur 24 uur 24 uur 12 uur 32 stuks 32 stuks 11 stuks 3 stuks 2 stuks 3x

Totaal benodigde vrachtwagens

82 stuks

630 m3 totaal

2 minuut/bak

6 uur/dag 6 uur/dag 6 uur/dag 630 m3 630 m3 35 ton/vracht

4 dagen 4 dagen 2 dagen 20 m3/vracht 20 m3/vracht 172 kg/m2

1,5 m3/bak

2100 m2

Tabel 3 uitgangspunten woonrijp maken

Bovenstaande uitgangspunten geven de hierna volgende emissieberekeningen. De kenmerken van de werktuigen in de berekening betreffen defaultwaarden die zijn opgenomen in AERIUS Calculator 2020, met uitzondering van de kenmerken van de heistelling en vlindermachine. Voor deze kenmerken zijn waarden aangehouden die gebaseerd zijn op gelijksoortige werktuigen. Voor de heistelling is dit een graafmachine 200 kW bj 2014, voor de vlindermachine is dit een trilplaat 10 kW benzine bj 2008. In onderstaande tabellen worden de emissieberekeningen NOx mobiele werktuigen voor de verschillende bouwfases weergegeven. Fase I Bouwrijp StageWerktuig klasse/b.j. graafmachine 2015 bronbemaling 2019 tractor houtversnipperaar 2015 minigraver 2015

Duur [uur] 70 840 8 8

Vermogen [kW] 125 10 150 28

Lastfactor [%] 0,69 0,34 0,55 0,69

Emissie [g/kWh] 0,8 7,7 0,9 7,0

Emissie [kg] 4,9 22,0 0,6 1,1 28,5

Tabel 4 berekening emissie NOx mobiele werktuigen bouwrijp maken

Fase II Bouw Werktuig heistelling graafmachine mobiele hijskraan heftruck vlindermachine (benzine) betonpomp

Stageklasse/b.j. 2014 2015 2015 2015 2008 2014

Duur [uur] 28 24 450 263 18 18

Vermogen [kW] 200 125 150 60 15 150

Lastfactor [%] 0,69 0,69 0,61 0,74 0,40 0,69

Emissie [g/kWh] 0,8 0,8 0,9 4,0 1,1 1,0

Emissie [kg] 3,1 1,7 37,1 46,6 0,1 1,9 90,4

Emissie [g/kWh] 0,8 1,1 4,0

Emissie [kg] 2,3 0,1 2,6 5,1

Tabel 5 berekening emissie NOx mobiele werktuigen bouw

Fase III Woonrijp Werktuig graafmachine trilwals (benzine) minishovel

Stageklasse/b.j. 2015 2008 2013

Duur [uur] 34 24 24

Vermogen [kW] 125 10 50

Lastfactor [%] 0,69 0,40 0,55

Tabel 6 berekening emissie NOx mobiele werktuigen woonrijp

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

6

Emissie stilstaande voertuigen Bij diverse activiteiten op het terrein (zoals bij het laden en lossen van materialen) blijft de motor van de vrachtvoertuigen draaien. De voertuigen voldoen minimaal aan de EURO V-norm, de daarbijhorende emissie is 2 g/kWh1). De activiteiten zijn in AERIUS gemodelleerd als vlakbron met een reële uitstoothoogte van 2,5 meter, de uren zijn afgerond naar boven. Voor de berekening is er van uitgegaan dat van alle vrachtvoertuigen de motor blijft draaien tijdens het laden/lossen (worse case), in de praktijk zal dit niet het geval zijn, motoren van de EURO VI-generatie zijn veelal uitgerust met start/stop-systemen of met een motorstop (na bijvoorbeeld 5 minuten stationair draaien schakelt de motor uit). De stilstaande uren zijn berekend aan de hand van de uitgangspunten op bladzijde 5 en 6. Er is uitgegaan van een gemiddeld motorvermogen van 250 kW per vrachtwagen (enkel zwaar vrachtverkeer - worse case), bij het laden van grond wordt 15% (laag stationair) van het volle vermogen aangesproken, bij het lossen van zand wordt 60% van het volle vermogen aangesproken. Bij het laden en lossen van materieel wordt 15% van het volle vermogen aangesproken want de machine rijdt zelfstandig op en af de wagen/dieplader.

Bij het lossen van materialen wordt 60% van het motorvermogen aangesproken, dit is een worse case-scenario, immers stenen worden vaak gelost met een eigen laadkraan met een klein vermogen of met een elektromotor. Danwel worden materialen gelost door de heftruck. In onderstaande tabel is de emissieberekening stilstaande motorvoertuigen uitgewerkt. Activiteit laden/lossen

I

II

III

Vrachtvoertuig bouwrijp laden Vrachtvoertuig lossen zand Vrachtvoertuig laden/lossen materieel Vrachtvoertuig heipalen en betonvloeren lossen Vrachtvoertuig lossen materiaal Vrachtvoertuig laden/lossen materieel Betonmixer bouw lossen 10 m3/uur Vrachtvoertuig woonrijp laden grond Vrachtvoertuig lossen zand Vrachtvoertuig lossen materiaal Vrachtvoertuig laden/lossen materieel

Stageklasse Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V Euro V

Vracht Laad/lostijd [stuks] [minuten] 76 20 30 5 4 15 27 60 63 20 13 15 42 75 32 20 32 5 16 20 3 15 337

Duur [uur] 26 3 1 27 21 4 53 11 3 6 1

Vermogen Lastfactor [kW] [%] 250 0,15 250 0,60 250 0,15 250 0,15 250 0,60 250 0,15 250 0,40 250 0,15 250 0,60 250 0,60 250 0,15

Emissie [g/kWh] 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00 2,00

Emissie [kg] 2,0 0,9 0,1 2,0 6,3 0,3 10,6 0,8 0,9 1,8 0,1 25,8

Tabel 7 berekening emissie NOx stilstaande voertuigen met draaiende motor

Verkeersgeneratie aan/afvoer materiaal en personen Op basis van de uitgangspunten op bladzijde 5 en 6 is het aantal bewegingen vastgesteld met vrachten personenvoertuigen. Al het middelzware en zware vrachtverkeer is als "zwaar verkeer" geclassificeerd (worse case). Gemiddeld per werkdag komen er vier auto's/busjes met medewerkers, bij een bouwperiode van 48 weken betekent dit 960 voertuigen totaal, dit maakt 1920 bewegingen op jaarbasis. In onderstaande tabel is het totaal aantal voertuigbewegingen opgenomen. Voertuigtype Personenvoertuigen Vrachtvoertuigen zwaar Manoeuvreren vrachtvoertuigen

Voertuigen [aantal totaal] 960 337 337

Bewegingen [totaal] 1920 673

Tabel 8 aantal motorvoertuigbewegingen

Het vracht- en personenverkeer wordt via twee routes afgewikkeld, route 1 is De Steven, De Hemmen, de Zuiderhogeweg zuidwaarts naar de A7 en gaat daar op in het overige verkeer. Route 2 gaat via De Steven, De Boeg, Noorderhogeweg noordwaarts naar de N31 en gaat daar op in het overige verkeer. Deze lijnbronnen zijn gemodelleerd als wegtype "binnen de bebouwde kom". In de volgende figuur is een overzicht te vinden van de verkeersgeneratie. 1)

https://dieselnet.com/standards/eu/hd.php

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

7

Figuur 4 Overzicht verkeersgeneratie, route één (6) en route twee (7) (bron: AERIUS)

Manoeuvreren binnen plangebied De verkeersbewegingen binnen het plangebied zijn gemodelleerd als wegen "binnen de bebouwde kom" met 100% stagnatie. Hierdoor wordt gerekend met de hoogst vastgestelde emissiefactor (stagnerend stadsverkeer). Al het middelzware en zware vrachtverkeer is als "zwaar verkeer" geclassificeerd (worse case). Op deze wijze wordt het manoeuvreren van vrachtwagens op het terrein van het plangebied gesimuleerd.

Figuur 5 Overzicht manoeuvreren vrachtwagens, lijnbron (5) (bron: AERIUS)

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

8

Resultaten en conclusie De berekening met AERIUS Calculator 2020 levert het volgende resultaat op: Er zijn geen rekenresultaten hoger dan 0,00 mol/ha/j. De bijlage bevat in pdf de AERIUS-resultaatberekening: AERIUS_bijlage_20201015202159_RcH87tsKhGt6. Deze pdf kan worden ingelezen in AERIUS Calculator. In het kader van de Wet natuurbescherming is nagegaan of de ontwikkeling van het plangebied aan de Steven in Drachten een stikstofdepositie in nabijgelegen Natura 2000-gebieden ten gevolge heeft en dientengevolge een mogelijk verslechterend of significant verstorend effect kan hebben op een Natura 2000-gebied. Uit de met AERIUS Calculator uitgevoerde berekeningen blijkt dat als gevolg van het plan de stikstofdepositie ter plaatse van relevante Natura 2000-gebieden niet toeneemt. Zodoende hebben de voorgenomen activiteiten geen verslechterend of significant verstorend effect op een Natura 2000-gebied. Het aspect stikstofdepositie vormt dan ook geen belemmering in de ruimtelijke planprocedure.

20201016 Onderzoek stikstofdepositie bouw loods en kantoor De Steven Drachten

9

De Steven 57, Industrieterrein de Haven

Bijlage 5 Bijlage aeriusberekening aanlegfase

"De Steven 57, Industrieterrein de Haven" (vastgesteld) 73

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 1/9

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Sterk BV

De Steven 57, 9206 AX Drachten

Omschrijving

AERIUS kenmerk

uitbreiding met loods en kantoor RcH87tsKhGt6

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

15 oktober 2020, 20:22

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1

NOx

167,14 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

nieuwbouw td-loods en kantoor

Situatie 1

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 2/9

Resultaten

Locatie Situatie 1

Emissie Situatie 1

Resultaten

Bron Sector

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

bouwrijp Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

28,50 kg/j

bouw Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

90,50 kg/j

woonrijp Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

< 1 kg/j

5,09 kg/j

stilstaande voertuigen draaiende motor Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie

-

25,80 kg/j

manoeuvreren op terrein Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

< 1 kg/j

< 1 kg/j

route 1 (6) Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

< 1 kg/j

8,79 kg/j

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 3/9

Resultaten

Bron Sector

route 2 (7) Wegverkeer | Binnen bebouwde kom

Resultaten

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

< 1 kg/j

7,66 kg/j

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 4/9

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Situatie 1

NOx NH3

Resultaten

Voertuig

Omschrijving

AFW

bouwrijp 199553, 569434 28,50 kg/j < 1 kg/j

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

graafmachine

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

4,83 kg/j < 1 kg/j

AFW

bronbemaling

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

21,99 kg/j < 1 kg/j

AFW

tractor houtversnipperaar

4,0

4,0

0,0 NOx

< 1 kg/j

AFW

minigraver

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

1,08 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 5/9

Resultaten

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Resultaten

bouw 199553, 569434 90,50 kg/j < 1 kg/j

Voertuig

Omschrijving

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

AFW

heistelling

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

3,09 kg/j < 1 kg/j

AFW

graafmachine

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

1,66 kg/j < 1 kg/j

AFW

mobiele hijskraan

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

37,06 kg/j < 1 kg/j

AFW

heftruck

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

46,71 kg/j < 1 kg/j

AFW

vlindermachine

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

AFW

betonpomp

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

1,86 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 6/9

Resultaten

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Voertuig

Omschrijving

AFW

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

graafmachine

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

2,35 kg/j < 1 kg/j

AFW

trilwals

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

AFW

minishovel

4,0

4,0

0,0 NOx NH3

2,64 kg/j < 1 kg/j

Naam

Locatie (X,Y) NOx

Resultaten

woonrijp 199553, 569435 5,09 kg/j < 1 kg/j

Voertuig

Omschrijving

AFW

laden en lossen

Situatie 1

stilstaande voertuigen draaiende motor 199553, 569434 25,80 kg/j

Uitstoot hoogte (m)

Spreiding (m)

Warmte Stof inhoud (MW)

Emissie

2,5

4,0

0,0 NOx

25,80 kg/j

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 7/9

Resultaten

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Soort

Voertuig

Standaard

Zwaar vrachtverkeer

Naam Locatie (X,Y) NOx NH3

Soort

Voertuig

Standaard

Standaard

Emissie

337,0 / jaar NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

route 1 (6) 201264, 569603 8,79 kg/j < 1 kg/j

Emissie

Licht verkeer

960,0 / jaar NOx NH3

1,58 kg/j < 1 kg/j

Zwaar vrachtverkeer

337,0 / jaar NOx NH3

7,21 kg/j < 1 kg/j

Locatie (X,Y) NOx NH3

Soort

Voertuig

Standaard

Standaard

Situatie 1

Aantal voertuigen Stof

Aantal voertuigen Stof

Naam

Resultaten

manoeuvreren op terrein 199556, 569423 < 1 kg/j < 1 kg/j

route 2 (7) 201134, 570323 7,66 kg/j < 1 kg/j

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Licht verkeer

960,0 / jaar NOx NH3

1,38 kg/j < 1 kg/j

Zwaar vrachtverkeer

337,0 / jaar NOx NH3

6,29 kg/j < 1 kg/j RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 8/9

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201013_1649cba239 Database versie 2020_20201013_1649cba239 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Situatie 1

RcH87tsKhGt6 (15 oktober 2020) pagina 9/9

De Steven 57, Industrieterrein de Haven

Bijlage 6 Onderzoek stikstofdepositie gebruiksfase

"De Steven 57, Industrieterrein de Haven" (vastgesteld) 83

Onderzoek stikstofdepositie gebruiksfase Sterk BV Drachten

Opdrachtgever: Sterk BV De Steven 57 9206 AX Drachten

Opsteller onderzoek: Elise Goossen advies en support Kottestraat 13 7615 PC Harbrinkhoek Tel. 06-11604204 Email: elise@goossensupport.nl

Versie 01 Vrijgave: E. Goossen Handtekening: Datum: 25 november 2020

Inleiding Voor de locatie Steven 57 in Drachten, op bedrijventerrein De Haven, wordt een herziening bestemmingsplan aangevraagd. Opdrachtgever is voornemens om op een voormalige groenstrook van de gemeente Smallingerland zijn bedrijf uit te breiden. De uitbreiding betreft een nieuw te bouwen td-loods (620 m2) en een nieuw te bouwen kantoor (748 m2). Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken is aanpassing van het bestemmingsplan noodzakelijk. In het kader van de Wet natuurbescherming moet beoordeeld worden of de planologisch beoogde situatie een verslechterend effect kan hebben op de nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Daarbij moet onder meer gekeken worden naar de effecten van het voornemen op de stikstofdepositie in deze Natura 2000-gebieden. Het onderzoek stikstofdepositie voor de aanlegfase is in een apart rapport vastgelegd. In onderhavig onderzoek is de stikstofemissie welke optreedt in de beoogde situatie, de gebruiksfase, onderzocht. De depositie van stikstof is berekend met het programmapakket AERIUS Calculator 2020. Deze notitie bevat een toelichting op deze berekening en bevat tevens de uitdraai van de AERIUSberekening. Overzicht planlocatie Hieronder is de ligging van de locatie ten opzichte van de meest nabijgelegen Natura 2000-gebied weergegeven.

Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige habitatgebied betreft het natuurgebied Alde Feanen, gelegen op circa 4.600 meter van het plangebied.

Alde Feanen

Drachten

Figuur 1 overzicht plangebied (1) met meest nabijgelegen N2000-gebied (bron: AERIUS)

20201125 Onderzoek stikstofdepositie gebruiksfase De Steven Drachten

1

Wettelijk kader Binnen de Europese Unie zijn de belangrijkste leefgebieden van de meest bedreigde en waardevolle soorten en habitattypen aangewezen als Natura 2000-gebied. Deze Natura 2000gebieden moeten samen een Europees ecologisch netwerk vormen om de achteruitgang van de biodiversiteit te keren. De juridische basis voor dit netwerk zijn de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, die in Nederland zijn vertaald in de Wet natuurbescherming. Per gebied zijn voor de soorten en habitattypen instandhoudingsdoelstellingen bepaald. Dit kunnen behouds- of uitbreidings/verbeteringsdoelstellingen zijn. Het is verplicht om plannen en projecten te beoordelen op de gevolgen voor deze instandhoudingsdoelstellingen. Pas vernietigd Op 1 juli 2015 is het Programma Aanpak Stikstof (PAS) met bijbehorende wetgeving vastgesteld en in werking getreden. Hierdoor werd de vergunningverlening in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) voor het aspect stikstof vereenvoudigd. In het PAS werkten overheden en maatschappelijke partners samen om de stikstofuitstoot te verminderen en daarmee ook economische ontwikkelingen mogelijk te maken. Door middel van brongerichte maatregelen werd een (extra) daling van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden beoogd. Een deel van de daling van de stikstofdepositie kwam beschikbaar als depositieruimte voor economische ontwikkelingen.

Het overige deel kwam ten goede aan de natuur waardoor gewaarborgd werd dat de Natura 2000-doelen worden gehaald. Op 29 mei 2019 ontstond als gevolg van een uitspraak van de Raad van State jurisprudentie rond de systematiek van passend beoordelen in het kader van het PAS. Kortheidshalve is het PAS, door de uitspraak van de RvS, vernietigd. Hiermee is het beoordelingsregime zoals gebruikt ten tijde van het PAS niet meer van toepassing. Nieuwe beleidsregels, nog veel onduidelijk Daarom dient vanaf 29 mei 2019 voor ieder plan of project te worden beoordeeld of het plan of project een verslechterend of significant verstorend effect kan hebben op een Natura 2000gebied. In de situatie dat dit op voorhand niet kan worden uitgesloten is er sprake van een vergunningplicht. Vervolgens kan voor het plan of project enkel toestemming worden verleend nadat uit een passende beoordeling is gebleken dat als gevolg van de voorgenomen activiteiten, geen sprake is van aantasting van de natuurlijke kenmerken van enig Natura 2000-gebied en of de betreffende instandhoudingsdoelstellingen in gevaar worden gebracht. Om vergunningverlening weer mogelijk te maken voor projecten waarbij er mogelijk sprake is van verslechterende of significante verstorende effecten op Natura 2000-gebieden hebben de provincies nieuwe beleidsregels vastgesteld.

Deze beleidsregels geven samengevat aan dat een toename van stikstofdepositie, onder voorwaarden, kan worden gesaldeerd met afnamen van stikstofdepositie binnen of buiten het project (het zogenaamde intern of extern salderen). Op deze wijze kan, voor zover het onderdeel stikstofdepositie betreft een situatie worden bereikt waarbij uit de passende beoordeling volgt dat er geen sprake is van aantasting van de natuurlijke kenmerken van enig Natura 2000-gebied en/of de betreffende instandhoudingsdoelstellingen in gevaar worden gebracht. Voor wat betreft extern salderen wordt opgemerkt dat rekening gehouden dient te worden met afromen (70% van de over te nemen stikstofdepositie mag worden gebruikt).

20201125 Onderzoek stikstofdepositie gebruiksfase De Steven Drachten

2

Uitgangspunten gebruiksfase Invoergegevens Aerius In AERIUS zijn standaard emissie-kentallen opgenomen op basis waarvan de emissie van NOx en NH3 wordt bepaald. Ook de bewegingen van en naar het terrein dienen in de berekening meegenomen te worden. Conform jurisprudentie dient de verkeersgeneratie beschouwd te worden tot dat het verkeer op is genomen in het heersende verkeersbeeld danwel vaarbeeld. Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is dit het geval op het moment dat het aan- en afrijdende verkeer zich door zijn snelheid en rij- en stopgedrag nog niet, dan wel niet meer, onderscheidt van het overige verkeer dat zich op de betrokken weg bevindt dan wel tot het punt waar schepen zijn opgenomen in het normale vaarbeeld op het water. Emissies gebruiksfase Aan de hand van opgave van opdrachtgever zijn de in te zetten machines voor het verwerken van het staal en damwand en het verbruik kubieke meter gas bepaald. Ook het (vaar)verkeer van en naar de planlocatie is in de AERIUS-berekening meegewogen evenals het manoeuvreren van het vrachtverkeer in het plangebied. De beoogde uitbreiding vindt plaats om werkprocessen efficiënter te maken, er wordt geen uitbreiding van de productie verwacht en daarmee geen extra verkeersaantrekkende werking danwel extra inzet van mobiele werktuigen. In onderstaande figuur is de beoogde planontwikkeling weergegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10603673/1