CConstaterende datSmallingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Rapportage co-creatie Hegewarren

Het Debat 19 april 2022, gemeente SmallingerlandBij agendapunt: Gebiedsontwikkeling Hegewarren17.010 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

53

Afbeelding 21: Tijdlijn ‘Open en Natuurlijk - met lokaal grondverzet’ basis

Afbeelding 22: Tijdlijn ‘Open en Natuurlijk - met lokaal grondverzet’ , versnelde uitvoering m.b.v. natuurpactgelden

54

Fasering Als de gaswinlocatie tot 2040 gehandhaafd blijft, kan de ontwikkeling van dit alternatief tot die tijd slechts beperkt op gang komen. In de basisvariant blijven tot dat moment alle polderkades gehandhaafd. Rond Sytebuorren kan natuurlijk wel de stapsgewijze stijging van het waterpeil worden ingezet, op weg naar het eindbeeld met natuurlijke natte graslanden. In een klein deel (50 ha) van het toekomstige buitendijkse gebied kan vanaf 2025 binnen de poldersituatie, in het diepste deel van de polder, natuurlijke laagveenmoerasontwikkeling starten. Door beheer waarbij het waterpeil de seizoenen volgt om groei en ophoping van organisch materiaal te stimuleren, kan dit gebied geleidelijk op natuurlijke wijze ‘omhoog groeien’. Als op termijn de kades worden geopend, en het nog hogere boezempeil geldt, is hier al een veenmoeras aanwezig. De andere gronden krijgen een tijdelijk gebruik, bij voorkeur passend bij extensivering en waterpeilverhoging. Een deel van de (recreatie)woningen, op het toekomstige eiland tegenover de Veenhoop, kunnen op korte termijn ontwikkeld worden. Ontwikkeling van de andere recreatiewoningen en arken wacht op het uitgestrekte water- en moeraslandschap dat vanaf 2040 aangelegd kan worden. Na ontmanteling van de gaswinning kunnen de polderkades verlegd worden en zal grootschalige herinrichting van het gebied starten.

Als de zogenaamde ‘natuurpact-gelden’ worden benut voor de aanleg van het nieuwe natuurgebied (in aansluiting op Natura 2000-gebied De Alde Faenen), dan is versnelling van de realisatie en exploitatie mogelijk. In dat geval is het aannemelijk dat de gaswinlocatie vóór 2040 opgeheven/ verplaatst wordt en dat in één keer de inrichting van het gebied wordt opgestart. Afwegingen Dit alternatief levert het meest robuuste watersyteem op van alle verkende alternatieven, waarbij de kosten voor het waterbeheer flink verminderd kunnen worden. Er is royaal ruimte voor laagveenontwikkeling en het op die manier vastleggen van CO2. Ook op recreatief vlak springt dit alternatief eruit. De nieuwe verbindingen over water zijn zowel op lokale als regionale schaal aantrekkelijk. Het landschap sluit aan op het waterlandschap dat ook in de omgeving te vinden is, al vraagt dit om een behoorlijk ingrijpende verandering. Deze verandering kan niet op korte termijn gerealiseerd worden zolang de gaswinlocatie van Vermilion nog actief is. Nadeel van dit alternatief is dat de cultuurhistorie van het gebied grotendeels verloren gaat. De financiële haalbaarheid kan worden vergroot door de grondbalans verder te optimaliseren en aanvullende fondsen of het realiseren van meer renderende functies. Er zijn in dit alternatief relatief veel mogelijkheden voor het optimaliseren van de financiële haalbaarheid.

55

2/

1/

3/

5/

4/

6/

7/

8/

56

Impressie Open en Natuurlijk 1 / De Burd en Sytebuorren (GoogleMaps streetview) 2 / Open vaarwater 3 / Fietsroute over de kade 4 / Avontuurlijk vaarwater 5 / Woonmoeras 6 / Riet en ruigte 7 / Natte natuur 8 / Nieuw dorp

1

45

2 6

37

8

57 Afbeelding 23: Visualisatieraam ‘Open en Natuurlijk’, H+N+S Landschapsarchitecten

Afwegingen bij de variant met meer vaarwater Indien er voor de variant met meer vaarwater gekozen wordt, zijn de mogelijkheden voor de watersport (nog) groter. Er zijn echter ook meer graafwerkzaamheden nodig. Het grootste verschil in vergelijking met de variant met minder vaarwater zit in de financiële haalbaarheid; het grondverzet brengt extra kosten met zich mee (financiële haalbaarheid gaat van -1,8 miljoen naar -11,9 miljoen euro). Ook is de reductie van CO2-uitstoot een klein beetje minder (van 77-86% reductie naar 75-81% reductie). Voor de waterrecreatie nemen de mogelijkheden met meer vaarwater toe, deze variant heeft, net als de vorige variant, veel recreatieve potentie. Recensie co-creatieteam Watersporters zien in Open en Natuurlijk de meeste kansen. Vanuit het perspectief van de omliggende kernen worden de nieuwe routes vanuit de Kromme Ee naar De Alde Feanen gewaardeerd; dit alternatief biedt hiermee ook regionaal meerwaarde. De zeilliefhebber is voorstander van de variant met meer vaarwater, waardoor er ruimte is voor grotere slagen. Dit grotere vaarwater biedt niet alleen een doorgang van Kromme Ee naar De Alde Feanen, zoals in de variant met minder graafwerk, maar ook ruimte om langer te verblijven op het nieuwe meer. Ook voor andere recreatieve doelgroepen wordt de potentie gezien van Open en Natuurlijk.

Het verloop van een gebied met het accent op recreatie tegenover de Veenhoop naar een gebied met accent op natuur richting De Alde Feanen en de Burd voelt logisch aan. De ruime overgang van land naar water, met moerasnatuur, wordt gewaardeerd door natuurliefhebbers. Dat het huidige blauwgrasland verdwijnt is echter een zorg. Ook zijn er zorgen onder eigenaren van recreatiewoningen over de ophoging van het eiland aan het Grietmansrak. Daarnaast wordt de manier waarop nieuwe recreatieve woningen en arken in het gebied geplaatst worden, wordt aangegeven als aandachtspunt. Kleinschaligheid is hierbij het sleutelbegrip. De beleving van rust en ruimte moet gewaarborgd blijven.

59 Afbeelding 24: Afweegkader ‘Open en Natuurlijk - met gesloten grondbalans’

5. (Lessen uit) de andere alternatieven Naast Polderaquarel en Open en Natuurlijk zijn er twee andere alternatieven ontwikkeld en verkend: ‘Hoogwaterpolder 2.0’ en ‘Zicht op Twee Landschappen’. Beide vertegenwoordigen kwaliteiten die niet of in mindere mate in de andere alternatieven te vinden zijn. Voortschrijdende inzichten uit het co-creatieproces hebben geleid tot een minder positieve beoordeling van deze alternatieven. Alternatief Zicht op Twee Landschappen Zicht op Twee Landschappen combineert elementen uit Open en Natuurlijk en Polderaquarel; er is ruimte voor zowel extensieve landbouw als nieuw open water met moerasnatuur. Dit creëert een fraai woonlandschap (aan het water) en levert landschappelijk een afwisselend en aantrekkelijk gebied op. Dit alternatief wordt wisselend beoordeeld door het co-creatieteam. Niemand is nadrukkelijk tegen; dit alternatief levert immers een bijzonder gevarieerd landschap met kansen voor zowel water- als landrecreatie op. Sommige deelnemers van het cocreatieteam noemen dit alternatief echter ‘vlees noch vis’. Bovendien is er oog voor de hoge kosten van dit alternatief en sterke twijfel of die wel opwegen tegen de baten. Alternatief Hoogwaterpolder 2.0 In het alternatief Hoogwaterpolder 2.0 wordt de Hegewarren dé koploper op het gebied van natte teelten. Het waterpeil wordt daarvoor naar 10 tot 20 cm boven maaiveld gebracht.

Dit geschetste eindbeeld lijkt vooralsnog echter niet realistisch als eindbeeld voor de gehele polder, gezien de markt voor natte teelten en het gebrek aan ervaring hiermee. Het co-creatieteam ziet het echter wel zitten om 50-60 ha experimentele natte teelt (tijdelijk) in te bedden in de andere alternatieven en zo bij te dragen aan de kennis van boeren bij een hoog waterpeil. Dit is zowel mogelijk in Polderaquarel als in Open en Natuurlijk.

61

Afbeelding 25: Hegewarren, september 2020. Foto: Open Kaart

Hoogwaterpolder 2.0 •

Waterpeil 10-20 cm boven maaiveld in gebied met natte teelt

•

Huidige polderkade van 12 km blijft in stand

•

260 ha voor natte teelten

•

40 ha voor ‘groen-blauwe dooradering’ (kavelranden, singels, struweel)

•

40 ha extensief beheerd nat (bloemrijk) grasland bij Sytebuorren

Afbeelding 26: Ontwerpvariant ‘Hoogwaterpolder 2.0’ 1 : 30.000, Open Kaart

Hoogwaterpolder 2.0 Binnen de huidige polderkades wordt een geheel nieuw watersysteem aangelegd, geoptimaliseerd voor natte teelten. Vanuit een hoogwatersloot aan de randen wordt het mogelijk om per kavel een regelbaar hoog peil te realiseren, afgestemd op de behoefte van een specifieke teelt op een bepaald moment. De Hegewarren wordt een koploper op het gebied van natte teelten, een inspirerend toekomstbeeld voor moderne productielandbouw in andere veenweidegebieden elders in Nederland. Sterke troeven zijn de unieke productieomstandigheden én de geografische afbakening als landschappelijke eenheid waaraan het gebied een eigen identiteit ontleent, een eigen ‘merk’. De verschillend gebruikte kavels, van Lisdodde tot riet en van Cranberry tot mos, vormen samen een afwisselend landschappelijk patroon. Ook energieproductie, in natte ‘zonnekavels’ zou hier onderdeel van uit kunnen maken. Kavelgrenzen worden versterkt met natuurvriendelijke oevers, en hier en daar door singels en struweel. Dit komt de landschappelijke eenheid en de ecologische waarde van het geheel ten goede. Maar ook een groot deel van de natte productiekavels heeft ecologische betekenis. Rond Sytebuorren is voor natte teelten geen ruimte.

Vanwege de bijzondere cultuurhistorische betekenis krijgt deze omgeving een ander perspectief: natuurlijk en open grasland, in aansluiting op De Burd en waardevol als aanvulling op het omringende weidevogelgebied. De polderkades van de Hegewarren houden hun huidige ligging en ook in de toekomst blijft de polder een bemalen gebied. De huidige boerderijerven blijven behouden, deels als landbouwerf en deels als woonerf. Eén van de erven in de polder kan verder doorgroeien tot een camping met aanlegkade aan de Grutte Krite. De bestaande natte natuurzone langs de dijk en het blauwgrasland blijven behouden. Een aantal getallen Het totale areaal voor natte teelten bedraagt circa 260 hectare. Het waterpeil van de centrale watergangen wordt zo hoog als de weg en bebouwing toe laten. De ‘groenblauwe dooradering’ (kavelranden, singels, struweel) tussen de natte teelten bedraagt ongeveer 40 hectare. Het weidevogelgrasland rond Sytebuorren is zo’n 40 hectare groot. De grondwaterstand van deze natte graslanden zal uiteindelijk ongeveer 20 centimeter bedragen. De huidige polderkade, met een lengte van zo’n 12 kilometer, blijft in stand.

64

Fasering Na de aanloopperiode kan, zodra de gronden beschikbaar zijn, vanaf 2025 de ontwikkeling van het alternatief Hoogwaterpolder starten. In de eerste periode wordt de exploitatie van 50-60 hectare natte teelten haalbaar geacht. De uitbouw vindt daarna stapsgewijs plaats tot een totaal areaal van 260 hectare in 2045. In de tussenliggende periode worden de gronden gebruikt en beheerd als extensief grasland, waarbij het waterpeil in kleine stapjes wordt verhoogd. Voor de ingebruikname voor natte teelten moet ook de waterhuishouding binnen de polder aangepast worden om per kavel een gewenst hoog waterpeil in te kunnen stellen. Bij de graslanden rond Sytebuorren kan vanaf 2025 de stijging van het waterpeil het beste gespreid over een langere periode (ongeveer 10-20 jaar) plaatsvinden. Dit maakt ‘uitmijnen’ (geleidelijke afvoer van fosfor) mogelijk en overmatige ontwikkeling van pitrus wordt hierdoor voorkomen. Totdat de eindsituatie bereikt wordt, is rond Sytebuorren aangepast landbouwkundig gebruik mogelijk. De aanwezigheid van de gaswinlocatie heeft voor de ontwikkeling van alternatief ‘Hoogwaterpolder’ geen beperkingen. Na 2040 kan het perceel van de gaswinlocatie een nieuwe bestemming krijgen.

Afbeelding 27: Tijdlijn ‘Hoogwaterpolder 2.0’

65

1/

2/

4/

3/

5/

6/

7/

8/

10 /

9/

66

Impressie Hoogwaterpolder 2.0 1 / De Burd en Sytebuorren (GoogleMaps streetview) 2 / Riet 3 / Elsensingel 4 / Natte teelt lisdodde perceel (Foto: Monique Bestman, Louis Bolk Instituut, uit ‘Natte teelten in het Veenweidegebied’, 2019.) 5 / Natte teelt rietveld 6 / Riet 7 / Veenweidesloot met natuurlijke oevers 8 / Verticale zonnepanelen 9 / Landbouw erf 10 / Stuwtje (Foto: Waterschap Rivierenland, via GrondRR Landschapsarchitect, 2002. https://fotobankna.nl/stuw/) (Louis Bolk)

1

23 4

9

56 7

10

67 Afbeelding 28: Visualisatieraam ‘Hoogwaterpolder 2.0’, H+N+S Landschapsarchitecten

Afwegingen bij Hoogwaterpolder 2.0 De Hoogwaterpolder 2.0 is een gedurfde en innovatieve keuze; de Hegewarren kan een voorbeeld worden voor vernieuwende vormen van landbouw. Het biedt innovatieve boeren de kans om hier te ondernemen voor een aantrekkelijke grondprijs. Het experimentele karakter maakt dit toekomstbeeld echter ook onzeker. Voortschrijdend inzicht maakt duidelijk dat een hele polder vol natte teelten niet realistisch lijkt, ook niet in 2045. Bovendien sluit deze variant slechts beperkt aan op de kwaliteiten van de omgeving. Landschappelijk ontstaat er geen nieuwe aansluiting en op het gebied van recreatie zijn er weinig kansen. Qua waterbeheer pakt dit alternatief beter uit dan Polderaquarel, maar ook hier is sprake van vertraging van de problematiek en niet van het stopzetten ervan. Het systeem is robuuster: er zijn geen zorgen over de beheerbaarheid. Wel worden de kosten voor het waterbeheer juist iets hoger, vanwege het benodigde systeem voor natte teelten. Omdat er geen ruimte is voor melkveehouderijen, is de stikstofreductie in deze varianten hoger dan bij alternatief Polderaquarel en Zicht op Twee Landschappen. De financiële haalbaarheid van dit alternatief is in eerste beschouwing niet positief. Dit is vooral het gevolg van een voorzichtige inschatting van de grondwaarde op lange termijn.

Indien op langere termijn natte teelt een aantrekkelijk landbouwperspectief blijkt, heeft dit een hogere grondwaarde tot gevolg. Een keuze voor natte teelten is dus ook speculeren op een succesvolle (bijdrage aan de) ontwikkeling van innovatieve natte landbouw. Recensie vanuit het co-creatieteam In vergelijking met de andere alternatieven spreekt dit alternatief weinig deelnemers aan. Het experimentele en innovatieve karakter wordt gezien en gewaardeerd, tegelijkertijd zien deelnemers weinig toegevoegde waarde voor het landschap. Ook worden vraagtekens geplaatst bij de haalbaarheid van bedrijfsmodellen voor natte teelten; dit maakt dit alternatief als eindbeeld onzeker. Wel zien verschillende deelnemers kansen om dit alternatief tijdelijk in te zetten voor een deel van de gronden, als onderdeel van de andere alternatieven. Zo wordt de Hegewarren experimenteergebied in de overgang van de huidige situatie naar een nieuwe uiteindelijke inrichting.

69

Afbeelding 29: Afweegkader ‘Hoogwaterpolder 2.0’

Zicht op Twee Landschappen •

Grondwaterstand 20 tot 40 cm onder maaiveld

•

Polderkade blijft 12 km, waarvan 4 km nieuwe kade

•

145 ha boezemgebied met 60 recreatiearken

•

175 ha extensief grasland landbouwgebied met ruimte voor 1 a 2 extensieve melkveehouderijen

•

34 nieuwe woningen

•

40 ha extensief beheerd nat (bloemrijk) grasland rond Sytebuorren

Afbeelding 30: Ontwerpvariant ‘Zicht op Twee Landschappen’ 1 : 30.000. Open Kaart

Zicht op Twee Landschappen De noordelijke polderkade wordt verwijderd en vervangen door een nieuwe kade naast de centrale weg in de Hegewarren. Een fietspad op de nieuwe kade biedt zicht op de omgeving en vormt een meerwaarde voor de bekende pontjesroute. Aan de zuidzijde zien we open polderland, met een hoger waterpeil. Dit polderland wordt gebruikt voor melkveehouderij of begrazing. Ook rond Sytebuorren wordt het waterpeil flink verhoogd. Vanwege de cultuurhistorische kwaliteit en landschappelijke aansluiting krijgt dit gebied een vergelijkbaar perspectief als De Burd aan de overzijde van de Greft: natuurlijk en open grasland, waardevol als aanvulling op de omringende weidevogelgebieden. De noordzijde van de Hegewarren biedt een heel andere blik: na het openen en gedeeltelijk verwijderen van de oorspronkelijke polderdijk geldt hier de invloed van het boezemwater. Moerasland en (deels) bevaarbaar water wisselen elkaar af. Landschappelijk vormt dit deel van de Hegewarren in de toekomst één geheel met De Alde Feanen. Door ophoping van organisch materiaal kan dit gebied geleidelijk op natuurlijke wijze ‘omhoog groeien’, op dezelfde wijze als destijds het veen ontstaan is in het Friese laagveengebied. De boerderijerven aan noordzijde van de kade maken plaats voor nieuwe ontwikkelingen zoals recreatiearken verscholen in het riet en een camping met aanlegplaatsen.

Een gedeelte van de ontsluitingsweg wordt in zuidelijke richting opgeschoven om meer ruimte te maken voor het moerasland aan de noordzijde. Aan de zuidzijde van de weg komen nieuwe erven met meerdere woningen tot ontwikkeling. Het semi-collectieve karakter van wonen op een erf en de nabijheid van water en een directe verbinding met De Alde Feanen bieden een bijzondere woonkwaliteit. Ook op de bestaande erven aan de zuidzijde van de weg is ruimte voor een dergelijke ontwikkeling. De Hegewarren blijft toegankelijk via de bestaande centrale ontsluitingsweg. De kavel van het blauwgrasland zal opgenomen worden in het moerasgebied en zijn huidige waarde verliezen. Een aantal getallen De lengte van de nieuwe polderkade is circa 4 km. De totale lengte aan polderkades blijft uiteindelijk ongeveer gelijk, zo’n 12 km. De polder wordt met circa 145 hectare verkleind, en de boezem dus met hetzelfde areaal vergroot. Van dit nieuwe boezemgebied wordt ongeveer 35 hectare uitgediept recreatief vaarwater. Onderdeel van dit boezemmoeras zijn circa 60 recreatiearken. De oppervlakte van het extensieve graslandlandbouwgebied ten zuiden van de weg is ongeveer 175 hectare, met ruimte voor 1 à 2 extensieve melkveehouderijen. Hier wordt rekening gehouden met een grondwaterstand van 20 tot 40 cm (waterstand onder maaiveld). Op de nieuwe en bestaande erven zijn in totaal ongeveer 34 woningen voorzien.

Het weidevogelgrasland rond Sytebuorren is circa 40 hectare groot. De grondwaterstand ter plaatse van deze natte graslanden zal uiteindelijk zo’n 20 cm bedragen.

72

Fasering Vanaf 2025 kan de inrichting van dit alternatief starten. De omgang met de gaswinlocatie is bepalend voor de mogelijkheden aan de noordzijde van het gebied. Als deze tot 2040 gehandhaafd blijft (basisvariant), dan kan hier op korte termijn nog niet de volledige kadeverlegging uitgevoerd worden. Maar een gedeeltelijke uitvoering is door aanleg van een korte tijdelijke verbindingskade goed mogelijk. Ongeveer de helft van het nieuwe open water- en moeraslandschap kan al vanaf 2025 aangelegd komen, de rest volgt na 2040. Dit betekent dat ook een deel van de recreatiearken pas na 2040 een plek kan krijgen. Wel kan het waterpeil in het gebied dat later buiten de kades komt te liggen al flink omhoog, om daarmee de ontwikkeling van laagveenmoeras op gang te brengen. Versnelling van de realisatie van de noordrand is mogelijk door inzet van de zogenaamde ‘natuurpact-gelden’ voor het nieuwe buitendijkse natuurgebied. De gaswinlocatie wordt dan gesloten/ verplaatst en de ontwikkelingen worden vanaf 2025 in één keer uitgevoerd. Rond Sytebuorren en in het zuidelijke gedeelte van de polder zijn er vanuit de gaswinning geen belemmeringen om tot realisatie te komen. De woonerven in de polder kunnen al vanaf 2025 ontwikkeld worden. De vernatting van de graslanden vindt hier zeer geleidelijk plaats.

Stapsgewijze verhoging van het waterpeil (in een periode van circa 10-20 jaar) maakt ‘uitmijnen’ mogelijk en gaat de overmatige ontwikkeling van pitrus tegen. Totdat de eindsituatie bereikt wordt, is aangepast landbouwkundig gebruik mogelijk, in de eerste jaren ook melkveehouderij.

Afbeelding 31: Tijdlijn ‘Zicht op Twee Landschappen’

73

1/

2/

3/

4/

6/

7/

8/

9/

74

5/

Impressie Zicht op Twee Landschappen 1 / De Burd en Sytebuorren (GoogleMaps streetview) 2 / Open vaarwater en de verlegde kade 3 / Woonarken 4 / Vaar- en moerasland 5 / Natuur en moerasland 6 / Extensief natuurlijk grasland 7 / Woonerven langs de kade 8 / Weidevogels, grutto 9 / Grazers

1

2

34 7

5

689

75 Afbeelding 32: Visualisatieraam ‘Zicht op Twee Landschappen’, H+N+S Landschapsarchitecten

Afwegingen bij Zicht op Twee Landschappen Dit alternatief vraagt een flinke investering en levert een beperkte vermindering van de jaarlijkse beheerkosten op. De polderkades blijven immers even lang, maar voor een kleinere polder. Per hectare polder nemen de beheerkosten zelfs toe. Wel ontstaat er een bijzonder gevarieerd landschap met ruimte voor weidevogels en een zeer aantrekkelijke plek om te wonen en te verblijven. Deze kwaliteiten zijn in deze variant echter vooral lokaal te beleven. Voor de regio wordt vanuit recreatief perspectief weinig toegevoegd, omdat er bijvoorbeeld geen nieuwe verbindingen over water ontstaan. Recensie vanuit het co-creatieteam Dit alternatief wordt wisselend beoordeeld door de deelnemers van het co-creatieteam. Niemand is nadrukkelijk tegen, enkelen zien het zelfs als hun favoriet. Dit alternatief levert immers een bijzonder gevarieerd landschap met kwaliteiten en kansen voor recreatie zowel op het land als op het water. Liefhebbers van natuur en cultuurhistorie waarderen de aansluiting van Sytebuorren bij De Burd als extensief beheerd kruidenrijk grasland; al is het jammer dat het blauwgrasland verloren gaat. Er zijn meer bedenkingen bij deze variant. Deelnemers zien dat deze inrichting beperkt voordelen oplevert met betrekking tot de vermindering van de kosten van het waterbeheer.

En waar de een de variatie in landschap sterk waardeert, ziet de ander het als ‘vlees noch vis’. Zo komt er wel meer recreatief vaarwater, maar wordt er geen betere verbinding gerealiseerd met de omgeving.

77

Afbeelding 33: Afweegkader ‘Zicht op Twee Landschappen’

6. Perspectief op de inpassing van een vaarweg De inpassing van een eventuele vaarweg tussen Drachten en het Prinses Margriet-kanaal is meegegeven als randvoorwaarde bij de opdracht aan het co-creatieteam. Nadat we kansrijke richtingen voor de Hegewarren hebben ontwikkeld, hebben we onderzocht in welke alternatieven een vaarweg in te passen zou zijn. Wezenlijk is dat een vaarweg altijd consequenties voor het gebied zal hebben. De vraag, die buiten de opdracht van het cocreatieteam valt, is of deze nadelen opwegen tegen de voordelen elders. Deze afweging is aan de politiek. Binnen het co-creatieproces hebben we met elkaar gezocht naar inpassing van een eventuele vaarweg met zo min mogelijk consequenties. Inpassing in Open en Natuurlijk en Zicht op Twee Landschappen In twee alternatieven (Open en Natuurlijk, variant b, met meer vaarwater en Zicht op Twee Landschappen) is een vaarweg ruimtelijk in te passen. Een vaarweg kan in deze alternatieven gecombineerd worden met de beoogde nattere delen in het gebied. De alternatieven zonder open water (Polderaquarel en Hoogwaterpolder 2.0) zijn niet goed te combineren met een eventuele vaarweg omdat deze de kernwaarden van deze alternatieven te veel aantasten en de kosten veel hoger zijn.

Omdat Open en Natuurlijk als voorkeursalternatief naar voren gekomen is, wordt in dit hoofdstuk vooral ingegaan op de combinatie van de vaarweg met dit alternatief. Indien een vaarweg zal worden aangelegd, heeft dit impact op de Hegewarren. Het grotere open water van Open en Natuurlijk geeft iets meer ruimte voor een goede inpassing dan Zicht op Twee Landschappen; maar een vaarweg aanleggen zonder consequenties is niet mogelijk. Hoe zwaar deze consequenties wegen, daar verschillen de meningen over in het co-creatieteam. Belangrijk om te benoemen is dat de populariteit van Open en Natuurlijk niet betekent dat dit samengaat met een voorkeur voor een vaarweg. Een deel van de deelnemers benoemt dat een vaarweg, ook in Open en Natuurlijk, ten koste gaat van de kwaliteiten die je met de gebiedsontwikkeling beoogt. Consequenties die genoemd worden zijn de beperking van potentie voor water- en oeverrecreatie in de Hegewarren, de mogelijke negatieve invloed op De Alde Feanen en het doorsnijden van het lokale perceel blauwgrasland Hokkes âldfean. Ook de consequentie voor de bestaande (recreatie)woningen en arken en zorgen over de veiligheid op het water worden genoemd.

79

Afbeelding 34: Hegewarren september 2020 Foto: Open Kaart

Open en Natuurlijk b. met meer vaarwater - met eventuele vaarweg •

40 ha voor de vaarweg

•

Grotendeels boezemland, met nog 3 km kade

•

150 ha moerasland en 140 ha open vaarwater

•

30 ha extensief nat grasland bij Sytebuorren

•

50 recreatiewoningen, 60 recreatiearken

Afbeelding 35: Ontwerpvariant ‘Open en Natuurlijk - b. met meer vaarwater, met eventuele vaarweg’ 1 : 30.000, Open Kaart

Open en Natuurlijk met meer vaarwater en vaarweg De vaarweg is gecombineerd met de variant Open en Natuurlijk met meer vaarwater. De inrichting van de Hegewarren is op hoofdlijnen vergelijkbaar met dit alternatief zonder vaarweg. De vaarweg volgt een route door het nieuwe moerasland aan de noordzijde van de huidige polder. De huidige polderkade blijft gedeeltelijk liggen als scheiding ten opzichte van De Alde Feanen en de Geau. De kleine polder bij Sytebuorren is aan de noordzijde verkleind om ruimte te maken voor de doorsteek van de vaarweg via de Lange Luts over de Greft. Van hieruit voert de route door de noordoostelijke punt van de Burd, waarvoor ook hier de kades verlegd moeten worden. Recreatief vaarverkeer vanuit de recreatiearken en camping in de Hegewarren richting De Alde Feanen en vice versa moet de beroepsvaarweg kruisen. Vanwege de veiligheid is hiervoor in het ontwerp voorzien in ruim open water ter plaatse van deze kruising. Een aantal getallen Het ruimtebeslag van de vaarweg in de Hegewarren bedraagt ongeveer 40 hectare. De polder rond Sytebuorren wordt verkleind naar ongeveer 30 hectare in plaats van 40. De oppervlakte recreatief vaarwater in de Hegewarren is circa 140 hectare in geval van een beroepsvaarweg. In 110 hectare van het moerasland vindt ophoging plaats (onder toekomstig waterpeil) met grond die vrijkomt bij het graven van vaarwater.

Er is daarnaast nog ruimte voor circa 40 hectare ‘spontane moerasontwikkeling’ door natuurlijke ophoping van organisch materiaal. De ruimte voor (recreatie)woningen, drijvend en op land en voor een eventuele camping is vergelijkbaar met de varianten zonder vaarweg. Afwegingen bij Open en Natuurlijk met meer vaarwater en vaarweg Wanneer we de twee alternatieven waarin een vaarweg getekend is vergelijken, zien we dat een vaarweg beter in Open en Natuurlijk past dan in Zicht op Twee Landschappen (waarin de vaarweg precies dezelfde route volgt). Er is ruimer water, waarmee de vaarweg veiliger in te passen is en de recreatieve potentie in het gebied minder sterk beïnvloed wordt dan bij Zicht op Twee Landschappen. De recreatie bij Eernewoude verbetert met een nieuwe vaarroute, maar de recreatieve potentie aan de oever en op het water van de Hegewarren vermindert in deze variant omdat de recreanten vanuit de Hegewarren richting De Alde Feanen de nieuwe vaarweg moeten kruisen. Dit geldt ook voor de nieuwe kruisingen ten oosten en westen van de Hegewarren. Omdat er in een nieuw ontwerp rekening gehouden kan worden met deze twee gebruikers van hetzelfde gebied, is de verwachting van de experts dat een situatie met zo min mogelijk risico op aanvaringen hier beter te realiseren en te handhaven is dan de situatie langs de huidige vaarweg door De Alde Feanen.

Inpassing van een vaarweg heeft verder een (beperkt) negatief effect op de reductie van de stikstofdepositie en de CO2-uitstoot en impact op de (potentiële) natuurwaarde in de Hegewarren en op De Burd. Wat betreft de financiële haalbaarheid is er enige synergie met de vaarweg, je kunt werk met werk maken. Net als bij de variant Open en Natuurlijk zonder vaarweg zijn ook hier relatief veel mogelijkheden voor extra renderende functies, zoals meer recreatiewoningen, tijdelijke zonnevelden en/of Valuta voor Veen.

83 Afbeelding 36: Afweegkader ‘Open en Natuurlijk - b. met meer vaarwater, met eventuele vaarweg’

Zoektocht naar een tracé met zo min mogelijk consequenties Tijdens het co-creatieproces zijn meerdere mogelijkheden voor een eventuele vaarweg door de Hegewarren in beeld gebracht en onderzocht op haalbaarheid. Uitgangspunten Bij de uitwerking van mogelijke tracés zijn de volgende algemene uitgangspunten gehanteerd: •

De vaarweg wordt geschikt voor klasse Va schepen met een lengte van 110 meter, eenbreedte van 11,5 meter en een diepgang van maximaal 4 meter;

•

De vaarroute wordt gecombineerd met (substantiële) uitbreiding van de boezem zodat hetaanleggen van kades (met relatief hoge aanleg- en onderhoudskosten) wordt voorkomen;

•

Het bestaande klasse IV tracé tussen Drachten en de Veenhoop wordt opgewaardeerd naareen klasse Va vaarweg met dubbelstrooks krap profiel. Tussen De Veenhoop en het PrinsesMargrietkanaal wordt een enkelstrook vaarwegprofiel gerealiseerd met één passeerstrook;

•

Het nieuwe tracé wordt (zoveel mogelijk) ingericht conform de Richtlijn Vaarwegen 2020;

•

Ter hoogte van Ie-Sicht liggen twee gasleidingen. Eén gasleiding (leidingnummer: A541) is alleen verdiept aangelegd ter hoogte van de Hooidamsloot en verlegging van deze leiding zal altijd nodig zijn. De kosten voor het verleggen van de gasleiding bedragen circa € 4 miljoen.De andere gasleiding (leidingnummer A652) is ter hoogte van Ie-Sicht verdiept aangelegd. Bij het uitwerken van mogelijke tracés is een tracé gekozen waarbij verleggen van deze leidingniet plaats vindt (kosten circa € 10 miljoen).

Vanuit de deelnemers van het co-creatieteam en andere belanghebbenden uit de omgeving is aandacht gevraagd voor: •

De invloed op De Burd.

•

Het voortbestaan van de recreatiewoningen en arken aan het Grietmansrak, Ie-Sicht, camping Hooidammen en het woonhuis bij de camping.

•

De toegankelijkheid van de huidige recreatiewoningen en -arken.

•

Het recreatieve gebruik van het water bij de Veenhoop en het mogelijke conflict met een vaarweg als deze daar dichter langs zal lopen.

•

De invloed op de recreatieve potentie van de Hegewarren.

•

De invloed op bestaande recreatieve routes vanuit o.a. Grou.

•

Het effect van zuiging.

•

Het effect op Natura 2000-gebied De Alde Feanen.

84

Mogelijkheden op een rij Er is gekeken naar mogelijke tracés door de Hegewarren, maar ook naar de mogelijkheden voor aansluiting op het PM-kanaal (via De Burd) en het knooppunt bij hotel-restaurant Ie-Sicht. Bij dit knooppunt komen - naast het hotel-restaurant - een camping, (recreatie) woningen, arken, een haventje en routes voor zowel autoverkeer, fietsers als recreatieve vaarders samen. Door de Hegewarren Voor het tracé door de Hegewarren is een route langs de noordelijke rand van het gebied en een route die meer naar het zuiden afbuigt verkend (zie Memo B3 “Inpassingsstudie vaarweg” in Bijlagenrapport). De zuidelijke route, die de Hegewarren in twee delen verdeeld, bleek echter minder passend bij de kansen die voor de gebiedsontwikkeling werden gezien. De recreatieve ontwikkelingen zouden in dat geval aan de noordkant moeten plaatsvinden, in het nu diepste deel van de polder, en de ruimte om samen veilig te kunnen varen was minder dan in het huidige ontwerp. De route langs de noordelijke rand van de Hegewarren is uiteindelijk ingepast in Open en Natuurlijk en Zicht op Twee Landschappen. Opties voor het knooppunt rond Ie-Sicht: ‘onder- of bovenlangs’ In het oosten van de Hegewarren, bij het knooppunt Ie-Sicht, zou het tracé boven of onder hotel Ie-Sicht langs kunnen.

De route ‘onderlangs’ doorkruist enkele recreatiewoningen, gaat vlak langs de huidige camping, en verkleint de vrije ruimte op het water bij de Veenhoop.

Afbeelding 37: Knooppunt rond Ie-Sicht: onderlangs

85

Een alternatieve optie is een route boven Ie-Sicht langs. Deze route ‘bovenlangs’ gaat door een stukje Natura 2000-gebied, bij de oude Hooidamsloot, raakt het haventje bij Ie-Sicht en raakt enkele arken aan de Headammen. Mogelijk kan het haventje een nieuwe plek krijgen aan het Grietmansrak. Ook is in deze optie een tweede brug nodig om de Hegewarren te ontsluiten. De bestaande brug kan behouden worden. Wellicht is het ook mogelijk één nieuwe brug te maken die zowel de Hooidamsloot als de nieuwe vaarroute overbrugt. Een variatie op deze optie is het weghalen van de bruggen. De zuidzijde van de Hegewarren zou ontsloten kunnen worden met een nieuwe, eenvoudige (beweegbare) brug vanuit de Veenhoop over het Grietmansrak. Vanuit het co-creatieteam is ook de optie voorgesteld om de bestaande brug te handhaven en het vaarverkeer (vanaf Drachten) na het passeren van de bestaande brug richting het noorden, direct naar het westen af te buigen richting de Hegewarren. Deze oplossing lijkt vooralsnog echter minder veilig, vanwege de haakse bochten en de onoverzichtelijke situatie die rondom de brug ontstaat.

Afbeelding 38: Knooppunt rond Ie-Sicht: bovenlangs

86

Opties voor aansluiting door De Burd op het PM-kanaal: ‘gescheiden’ of ‘gesplitst’ In het westen kan de vaarweg op verschillende manieren aansluiten op het Prinses Margrietkanaal. Er zijn twee routes door De Burd verkend: een route waarbij de vaarweg vanuit de Hegewarren rechtstreeks moet worden: recht naar het noordwesten door de Burd, doorgetrokken naar het PM-kanaal en een route waarbij de nieuwe vaarweg naar het noorden afbuigt en door het eiland Tryehûs aansluit op het PM-kanaal (zie Memo B3 “Inpassingsstudie vaarweg” in Bijlagenrapport). Er is gekozen deze tweede optie uit te werken, omdat hiermee De Burd zoveel mogelijk gespaard blijft. Rondom Tryehûs kunnen beroeps- en recreatievaart vervolgens op twee manieren varen. Bij de optie ‘gesplitst’ vaart de beroepsvaart van en naar het noorden door het eiland Tryehûs en de beroepsvaart van en naar het zuiden via de Tryehûstersleat. Bij de optie ‘gescheiden’ vaart de beroepsvaart in beide richtingen via het eiland Tryehûs naar het PM-kanaal. De Tryehûstersleat is in dat geval exclusief voor de recreatievaart.

Afbeelding 39: Aansluiting door De Burd op het PM-kanaal: ‘gescheiden’ of ‘gesplitst’

87

Inzichten m.b.t. de inpassing van een vaarweg In de zoektocht naar inpassing van een eventuele vaarweg hebben we diverse inzichten opgedaan: Invloed op recreatieve potentie Een vaarweg door de Hegewarren heeft in en aan de randen van het gebied nadelige consequenties voor de bestaande recreatie en voor de recreatieve potentie van de Hegewarren. Consequenties betreffen o.a. de lokale veiligheid op het water, mogelijke zuiging en de beleving. Veiligheid op het water Specialisten geven aan dat een nieuwe vaarweg de mogelijkheid biedt deze (relatief gezien) met minder risicovolle situaties op het water aan te leggen dan de huidige vaarweg door De Alde Feanen. Lokaal ontstaan echter wel nieuwe kruisingen van beroeps- en recreatievaart (Greft, Tryehûstersleat). Verder is de inpassing bij Ie-Sicht complex. Er zijn verschillende routes op dit knooppunt verkend; in alle opties zijn er consequenties voor huidige bewoners, de recreatieve mogelijkheden bij De Veenhoop dan wel voor Natura 2000-gebied (zie Memo B9 “Veiligheid op het water” in Bijlagenrapport). Niet iedereen in het co-creatieteam ondersteunt de bevindingen van de specialisten m.b.t. de veiligheid op het water.

Zuiging Naast veiligheid op het water is zuiging een punt van zorg voor deelnemers van het cocreatieteam in verband met het effect ervan op de recreatiearken, de mogelijke afslag van oevers, het effect op natuur en op het recreatieverkeer. Een (enkelstrooks) vaarweg, ontworpen met damwanden, heeft significante zuiging en golfslag tot gevolg. Royal HaskoningDHV berekent 25 cm waterspiegeldaling gedurende maximaal 50 seconden wanneer een beladen klasse Va schip passeert. Een breder profiel, het toepassen van een talud i.p.v. damwanden en het beperken van de vaarsnelheid zijn mogelijkheden deze effecten te verminderen. Bij een ontwerp met een flauw talud en het beperken van de vaarsnelheid van 8 naar 6 km/u wordt de waterspiegeldaling gereduceerd tot 10 cm. Als een vaarweg door open water loopt zijn de effecten marginaal. Binnen de begrenzing van de Hegewarren is de vaarweg voor het grootste deel op die manier (door open water) ontworpen. Waar open water niet mogelijk is, is zuiging een belangrijk aandachtspunt bij een eventuele vervolguitwerking (zie Memo B2 “Zuiging” in Bijlagenrapport). Kosten voor aanleg van een nieuwe vaarweg De aanleg van een vaarweg, geschikt voor grotere schepen, vraagt zowel in als buiten de Hegewarren investeringen. Deze investeringen worden ingeschat op circa € 45 miljoen.

88

De gemeente Smallingerland heeft samen met de havenbedrijven een bijdrage van € 15 miljoen toegezegd als de vaarweg gerealiseerd wordt (zie Memo B5 “Financiële haalbaarheid” in Bijlagenrapport). Invloed op financiële plaatje van gebiedsontwikkeling De aanleg van een vaarweg heeft ook invloed op het financiële plaatje van de gebiedsontwikkeling. Omdat gelden doelmatig ingezet moeten worden, kunnen de hectares die nodig zijn voor een vaarweg niet vanuit het veenweidegeld aangekocht worden. Dit betekent dat de kosten voor de aankoop van gronden voor de vaarweg doorberekend worden aan de vaarweg. Dit bedrag wordt ingeschat op € 8 miljoen (dit is onderdeel van de genoemde € 45 miljoen). Een tweede invloed op het financiële plaatje is dat graaf- en kadewerk gecombineerd kunnen worden (‘werk-met-werk maken’). De kosten voor dit werk worden dan voor 50% toebedeeld aan de vaarweg en voor 50% aan de gebiedsontwikkeling. Dit betekent een vermindering van kosten voor de realisatie van de alternatieven, de inschatting is dat het in het alternatief Open en Natuurlijk om een voordeel van ruim € 600.000 gaat (zie Memo B5 “Financiële haalbaarheid” in Bijlagenrapport). Hoewel er een financieel voordeel is voor de gebiedsontwikkeling van ruim € 8 miljoen, vraagt de vaarweg om een aanzienlijke aanvullende maatschappelijke investering.

Aanleg over 20-25 jaar De eventuele aanleg van een vaarweg in combinatie met Open en Natuurlijk kan niet direct plaatsvinden, maar over circa 20–25 jaar. Dit hangt samen met de aanwezigheid van Vermilion. Vermilion heeft een concessie waarmee zij tot tenminste 2040 gas mogen winnen vanuit hun locatie midden in de Hegewarren. Mogelijke effecten op Natura 2000-gebied (voortoets) Procedureel is de eventuele aanleg van de vaarweg risicovol in verband met de mogelijke effecten op Natura 2000-gebied De Alde Feanen. Afhankelijk van het ontwerp zijn dit directe of indirecte effecten. Aan de hand van een voortoets van de route boven Ie-Sicht langs geeft Royal HaskoningDHV aan dat er met de aanleg van een vaarweg nadelige effecten zijn op het Natura 2000-gebied. Dit betekent dat een ‘passende beoordeling’ nodig is. Een passende beoordeling bestaat uit een aantal stappen. Eén daarvan is het ‘afwegen van alternatieven en dwingende redenen’. Hier ligt naar verwachting de grootste bottleneck voor een vaarweg op deze plek. De provincie gaat over de beoordeling van alternatieven en dwingende redenen, samen met het Rijk. Zekerheid is niet te geven, maar het lijkt vooralsnog heel lastig om een vergunning voor deze route te verkrijgen (zie Memo B4“Voortoets doorsnijden Natura 2000-gebied” in Bijlagenrapport).

89

Perspectief op vaarweg vanuit het co-creatieteam Een vaarweg door de Hegewarren wordt vanuit verschillende betrokkenen als zeer onwenselijk gezien. De benodigde aanpassing van de noordoosthoek van De Burd is zo beperkt mogelijk gemaakt, maar wordt ervaren als kapitaalvernietiging, gezien het feit dat de herinrichting van dit gebied vrij recent is afgerond. De vertegenwoordigers van Grou vullen aan dat de veiligheid op het water lokaal achteruitgaat vanwege nieuwe kruisingen van recreatievaart en beroepsvaart in de omgeving van Grou en de Burd. Ook belanghebbenden rondom het knooppunt Ie-Sicht vinden een nieuwe vaarweg voor de beroepsvaart onwenselijk. Er zijn ook hier zorgen over zuiging en onveilige situaties op het water. Het grotere vaarwater in Open en Natuurlijk biedt meer uitwijkmogelijkheid en ruimte om oeverrecreatie, recreatievaart en beroepsvaart gezamenlijk een plek te geven in het gebied. Het ruime water (de variant met meer vaarwater) zien de meeste deelnemers als voorwaarde om een vaarweg in te kunnen passen. Ook omdat een nieuwe vaarroute anders niet zonder onaanvaardbare consequenties gecombineerd kan worden met de recreatieve functie van de Veenhoop (meer specifiek de zeilschool), gebruikmakend van het water nabij Ie-Sicht.

Het nieuwe water in Open en Natuurlijk, dat vanuit het Grietsmansrak op twee plekken toegankelijk wordt, biedt een alternatief als compensatie voor de verminderde aantrekkelijkheid van het water voor Ie-Sicht en de Veenhoop. Hoe een eventuele vaarweg ingepast zou moeten worden rondom Ie-Sicht is nog een puzzel; er zijn zorgen over potentieel onveilige situaties op dit knooppunt. In het geval er besloten wordt tot een vaarweg, dan heeft de optie ‘bovenlangs’ de voorkeur van de betrokkenen vanuit het Grietmansrak en de Veenhoop. Deze is niet zonder consequenties voor natuur en recreatiewoningeigenaren aan de Headammen, maar biedt meer ruimte voor recreatief gebruik rondom de Veenhoop. Ontsluiting van het eiland bij Ie-Sicht vanuit Oudega heeft voor hen de voorkeur boven ontsluiting vanuit de Veenhoop. Anderen zien ook de route onderlangs als geschikt, indien er een vaarweg komt. Zo blijven aanlegplaatsen rondom de Hooidambrug behouden.

90

Aanvullend perspectief: bewoners Headammen Bewoners van de Headammen waren geen onderdeel van het co-creatieteam. In de verkenning van de inpassing van een eventuele vaarweg, in april en mei 2021, is echter een tracé naar voren gekomen dat de woningen en arken aan de Headammen direct raakt. De bewoners hebben hun perspectief op de alternatieven en de inpassing van een eventuele vaarweg daarom middels een brief verwoord, zodat dit perspectief eveneens meegenomen kan worden in de afweging van alternatieven en de besluitvorming over een vaarweg (zie Bijlage A).

Tegenover de consequenties van een nieuwe vaarweg staat dat verplaatsing van de beroepsvaarroute voordelen biedt voor natuur, recreatie en de veiligheid op het water in De Alde Feanen en bij Eernewoude, zo geven de noordelijke buren van de Hegewarren aan. Ook de watergebonden bedrijven in de haven van Drachten profiteren als er een nieuwe vaarweg aangelegd wordt, omdat ze toegankelijk worden voor grotere schepen (klasse Va). Een deel van van het co-creatieteam uit twijfels over de noodzaak om een vaarweg voor grotere schepen aan te leggen. Of de voor- en nadelen een nieuwe vaarweg al dan niet rechtvaardigen, hebben we als co-creatieteam echter niet beoordeeld. Dit is een afweging die een meer uitgezoomd perspectief vraagt en een vergelijking met de voordelen in De Alde Feanen en de haven van Drachten. Het is een afweging voor de politiek. Deze afwegingen over nut en noodzaak worden parallel onderzocht en dienen - naast de bevindingen van het co-creatieteam - meegenomen te worden in de besluitvorming.

91

7. Perspectief op de financiële haalbaarheid Bestuurders hebben het co-creatieteam gevraagd ook de financiële haalbaarheid en daarmee het realisme van de alternatieven te onderzoeken. Er wordt vanuit de Veenweideaanpak € 15 miljoen in de Hegewarren geïnvesteerd. Er zijn in Friesland meer veenweidegebieden die om een oplossingen vragen. Bestuurders hebben de wens voor een financieel ‘vliegwiel’ geuit. Is het mogelijk een deel van deze investering in de Hegewarren terug te laten vloeien naar de veenweideaanpak, om daarmee ook in andere gebieden te kunnen investeren? De verkenning van het co-creatieteam laat zien dat dit niet (in significante mate) mogelijk is zonder daarmee de kernkwaliteiten van het gebied aangetast worden. Tijdens het co-creatie proces is voor de verschillende alternatieven (en variaties daarop) een business case opgesteld, waarin de kosten en baten in beeld zijn gebracht en de resultaten (zie Memo B5 “Financiële haalbaarheid” in Bijlagenrapport). In dit hoofdstuk zijn de belangrijkste bevindingen weergegeven. Deze business case is opgebouwd uit de volgende posten: •

Kosten voor de aankoop van gronden en panden.

•

Investeringen voor ingrepen en het realiseren van de infrastructuur. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het realiseren van kades en/of aanleg van water.

•

Opbrengsten van verschillende soorten landgebruik (zogenaamde ‘bouwstenen’).

•

Opbrengsten via diverse maatschappelijke fondsen.

In algemene zin is binnen de gehanteerde kengetallen een onzekerheidsmarge gehanteerd, zijn de opbrengsten voorzichtig ingeschat en is bij de kosten rekening gehouden met een onzekerheidsmarge. Toch moeten de uitkomsten in deze fase, waarin de ontwerpen enkel bestaan uit schetsen, met een passende onzekerheidsmarge worden beschouwd. Financiële haalbaarheid van de voorkeursalternatieven Polderaquarel Polderaquarel vraagt, naast de kosten voor aankoop van gronden en panden, relatief weinig aanvullende investeringen voor de inrichting van het gebied. De opbrengsten komen in deze variant vanuit de verkoop van de huidige opstallen en toevoegen van 10 extra woningen op de erven in het lint. De fondsbijdragen en de verkoop van de CO2 certificaten voor Valuta voor Veen leveren in deze variant de grootste bijdragen.

93 Afbeelding 40: Blauwgrasland, Hegewarren, oktober 2020 Foto: Open Kaart

Polderaquarel (€ -1,6 miljoen) »

Polderaquarel kost tussen nu en 2040 € 33,37 miljoen en levert in die tijd € 33,23 miljoen op (nominale kosten, met ‘geld van nu’, over een periode van 19 jaar).

»

Netto (nominaal) is dat afgrond € -100.000.

»

Wanneer je de factor tijd meeneemt en dit nettobedrag corrigeert komt dit neer op € -1,6 miljoen.

»

De maximale benodigde voorfinanciering in de tijd is € 15,7 miljoen (in 2025)

Open en Natuurlijk Open en Natuurlijk kent diverse infrastructurele investeringen zoals het aanleggen van een nieuw fietspad, twee bruggen en (klein) gedeelte nieuwe kade. Het uitgangspunt is een gesloten grondbalans waardoor er geen (hoge) kosten zijn ingerekend voor het aan of afvoeren van grond. Binnen de bouwstenen zijn de investeringen voor het afgraven en ophogen ingerekend voor het realiseren van recreatief vaarwater en het opgehoogde oostelijke ‘eiland’ achter leSicht. Dit is ook de reden dat ondanks het hoge aantal (recreatie)woningen en -arken (50 recreatiewoningen, 60 recreatiearken) de opbrengsten vanuit die bouwstenen relatief laag zijn. Open en Natuurlijk met lokaal grondverzet (€ -1,8 miljoen) »

Dit alternatief kost tussen nu en 2045 € 45,6 miljoen en levert € 46,9 miljoen op. (nominale kosten, met ‘geld van nu’, over een periode van 24 jaar).

»

Netto (nominaal) is dat afgrond € 1,3 miljoen.

»

Wanneer je de factor tijd meeneemt en dit nettobedrag corrigeert komt dit neer op € -1,8 miljoen.

»

De maximale benodigde voorfinanciering in de tijd is € 14,5 miljoen (in 2025).

»

De variant van Open en Natuurlijk met meer vaarwater komt uit op een bedrag van € -11,9 miljoen. Dit komt doordat er meer graafwerkzaamheden nodig zijn en grond afgevoerd moet worden.

Vergelijking van de twee voorkeursalternatieven De alternatieven Polderaquarel en Open en Natuurlijk verschillen niet heel erg in het eindbedrag of de benodigde voorfinanciering. Open en Natuurlijk vraagt echter meer investeringen en meer opbrengsten, en dus heeft de realisatie van dit alternatief meer risico’s. Risico’s zitten in mogelijke hogere kosten of lagere opbrengsten. Tegelijkertijd is geconstateerd dat er vooral voor dit alternatief kansen zijn voor aanvullende fondsen en optimalisaties van het ontwerp, die nog niet meegerekend zijn. Verkenning van optimalisatie van de financiële haalbaarheid Op verzoek van de bestuurders is met het co-creatieteam verkend welke ruimte er is om de financiële haalbaarheid van de alternatieven te verbeteren en zo mogelijk een ‘vliegwiel’ te realiseren. Er is voor het verkennen van de mogelijkheden gekeken naar het toevoegen van tijdelijke zonnevelden en meer (recreatie)woningen. Daarnaast is gekeken wat het zou opleveren als aanvullende (natuur)gelden ingezet zouden worden.

94

Verkende optimalisaties Polderaquarel Er zijn optimalisaties doorgerekend met 50 hectare zonne-energie, dit zou tijdelijk gerealiseerd kunnen worden in de zone waar moerasnatuur ingetekend is. Dan komt de doorrekening uit op € -0,1 miljoen in plaats van € -1,6 miljoen. Ook is een optie verkend met 35 extra woningen (in totaal 45). Dit leidt tot een bedrag van € 0,8 miljoen in plaats van € -1,6 miljoen. Verkende optimalisaties Open en Natuurlijk Er zijn optimalisaties doorgerekend met 50 hectare zonne-energie en de inzet van natuurpactmiddelen. Met 50 ha zonneveld komt de doorrekening uit op € 1,7 miljoen in plaats van € -1,8 miljoen. Met de inzet van Natuurpact middelen (voor 311 hectare) kan de uitvoering versneld worden en wordt het bedrag € 6,6 miljoen in plaats van € -1,8 miljoen. Voor meer informatie, zie Memo B5 “Financiële haalbaarheid” in Bijlagenrapport. Perspectief van het co-creatieteam op de optimalisaties De verkenning leert dat bovengenoemde opties beperkte financiële optimalisaties opleveren. Een financieel vliegwiel, zoals door de opdrachtgevende overheden gewenst, lijkt dan ook niet (significant) mogelijk. We hebben bovendien geconstateerd dat het toevoegen van zonnevelden en (recreatie)woningen op gespannen voet staat met de kwaliteiten die met de voorkeursalternatieven beoogd worden.

Optimalisatie met (recreatie)woningen Zowel in Polderaquarel als in Open en Natuurlijk zijn rust, duisternis en stilte belangrijke waarden. •

Het benutten van recreatieve potentie dient gepaard te gaan met een recreatief gebruik dat de rust en stilte niet verstoort. Recreatiewoningen met vaste, particuliere eigenaren worden als meest geschikt gezien; de ervaring in De Alde Feanen leert dat deze doelgroep de minst verstorende impact op natuur en landschap heeft. Voor het bewaren van rust en stilte is het van belang niet te grote aantallen recreatiewoningen toe te voegen. Het cocreatieteam ziet met name (veel) permanente bewoning en verhuurbare recreatiewoningen (in de vorm van een vakantiepark) als bedreiging voor de belangrijke waarden.

•

Een passende zonering van recreatief gebruik is ook een belangrijk aandachtspunt. Het cocreatieteam geeft aan dat het belangrijk is dat recreatieve functies enigszins geclusterd blijven/worden in het zuiden van de Hegewarren, om richting De Alde Feanen gebieden te behouden waar de planten en dieren ongestoord kunnen leven.

•

Toevoeging van (veel) permanente bewoning wordt als niet passend gezien, mede gezien de beperkte toegankelijkheid van het gebied voor bijvoorbeeld hulpdiensten. Extra permanente bewoning verspreid over de polder, zoals bij Polderaquarel, gaat bovendien ten koste van de stilte en nachtelijke duisternis.

95

Optimalisatie met tijdelijke zonnevelden Inzet van zonne-energie is ongewenst. Dit wordt gezien als afbreuk van de ontwerpen die gemaakt zijn. Indien dit toch noodzakelijk gezien wordt, omdat er geen aanvullende maatschappelijk middelen beschikbaar zijn, doe het dan tijdelijk, op een plek die later vernat moet worden en op zo’n manier in het landschap ingepast dat de landschappelijke kwaliteiten zo min mogelijk verstoord worden. Optimalisatie met natuurpactgelden Optimalisatie met natuurpactgelden heeft de voorkeur voor veel deelnemers van het co-creatieteam. Natuurpactgelden zijn bovendien een manier om de gebiedsontwikkeling te versnellen. Deze gelden, indien deze beschikbaar gesteld zouden worden, zijn voldoende om een vliegwiel te realiseren. Een keuze hiervoor betekent bovendien dat andere natuur binnen de provincie mogelijk niet gerealiseerd zal kunnen worden (het zou om een verschuiving van middelen gaan). Naast natuurpactgelden is het de moeite waard te onderzoeken welke overige aanvullende fondsen of bijdragen nog meer mogelijk zijn. Een keuze voor kwaliteit en maatschappelijke rendement Omdat de gebiedsontwikkeling bijdraagt aan diverse maatschappelijk doelen, dringt het co-creatieteam er op aan om de ontwikkeling eerst en vooral als een waardevolle maatschappelijke investering te zien.

96

97

III Afwegingen m.b.t. de alternatieven op een rij

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11380831/1