03 RUD Zeeland - toezending stukken RUD Zeeland voor zienswijze.pdf
Tekst van het document
14
Begroting 2024
Kritische prestatie indicatoren De afdeling Toezicht en Handhaving zal het toezicht de komende jaren doorontwikkelen naar risicogericht toezicht waarbij alle vormen van toezicht ingezet zullen worden. Het risicogericht toezicht voeren we uit binnen de geraamde uren (P*Q) voor het product TH01 Inspecties. Het consequent toepassen van de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) leidt tot strafrechtelijke opvolging bij overtredingen met onomkeerbare milieuschade. Onder meer via onderstaande KPI monitoren we deze opvolging. Omschrijving
KPI
Uitvoering controles
95% van het aantal geraamde uren voor inspecties (TH01).
Strafrecht
95% van geconstateerde overtredingen met onomkeerbare milieuschade krijgt strafrechtelijke opvolging.
7 OVERZICHTEN OVERHEAD In overeenstemming met het BBV geeft de RUD in deze begroting de overheadkosten weer. Overhead (bedragen * € 1.000) Organisatie kosten incl. salarissen Huur onroerende zaken Accountantskosten Ondernemingsraad
2023 begroot 3.670 240 25 9
2024 begroot 3.782 246 26 9
2025 begroot 3.483 251 26 10
2026 begroot 3.588 258 27 10
2027 begroot 3.695 264 27 10
Totaal lasten
3.944
4.063
3.770
3.882
3.997
De overheadkosten bevatten alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces. De begrote overheadkosten voor 2024 bedraagt met € 4 miljoen (30%) van de totale lasten dit is ten opzichte van de oorspronkelijke begroting 2023 € 3,4 miljoen (29,6 %) een procentuele stijging van 0,6%. Na 2024 is een daling in kosten door de beëindiging van de financiering van strategisch adviseurs en communicatie medewerker.
HEFFING VENNOOTSCHAPSBELASTING Met ingang van 2016 valt de RUD Zeeland evenals gemeenten, waterschappen en provincies onder de vennootschapsbelastingplicht (Vpb). In overleg met de belastingdienst is met behulp van de gemeente Terneuzen bepaald dat RUD Zeeland onder voorwaarden vrijgesteld is van vennootschapsheffing of vennootschapsplicht.
ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN Omschrijving (bedragen x € 1.000) Algemene bijdrage deelnemers Materieel budget bijdrage deelnemer* BTW-compensatie Waterschap Scheldestromen Frictiekostenvergoeding Onttrekking algemene reserve Totaal dekkingsmiddelen
2023 12.551 26 -31 389 12.935
2024 12.995 27 -31 403 13.394
2025 13.455 27 -32 13.450
2026 13.932 28 -33 13.927
2027 14.427 29 -34 14.422
*materieel budget voor indirecte lozingen.
ontwerp begroting 2024 versie ab
15
Begroting 2024
Voor het berekenen van de bijdrage 2024 van de deelnemers gaan we uit van de kentallen uit het rapport P*Q zoals het algemeen bestuur vaststelde op 20 maart 2017, Evaluatie P*Q, en het inrichtingenbestand per 1 april 2022. Conform de bijdrageverordening actualiseren we de bijdrage 2024 van de deelnemers op basis van het inrichtingenbestand per 1 april 2023. De uitkomsten daarvan verwerken we in de Jaarplannen voor 2024. Dit leggen we via een begrotingswijziging aan het algemeen bestuur voor. Het waterschap verrekent de btw in tegenstelling tot de andere deelnemers niet. RUD Zeeland compenseert dit.
ONVOORZIEN Omschrijving (bedragen x € 1.000) Onvoorziene lasten Totaal onvoorziene lasten
2023 173 173
2024 177 177
2025 179 179
2026 183 183
2027 187 187
Om te voorkomen dat we eventuele tegenvallers in uitgaven niet kunnen opvangen, nemen we in de begroting een post onvoorzien op. De directeur van RUD Zeeland mag beschikken over onvoorzien tot een bedrag van € 25.000 per besluit. RUD Zeeland informeert het dagelijks en algemeen bestuur over besluiten ten laste van onvoorzien.
ontwerp begroting 2024 versie ab
16
Begroting 2024
8 PARAGRAFEN In het Besluit Begroting en Verantwoording staan zeven verplichte paragrafen voor provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen: - lokale heffingen; - weerstandsvermogen en risicobeheersing; - onderhoud kapitaalgoederen; - financiering; - bedrijfsvoering; - verbonden partijen; - grondbeleid. Deze paragrafen zijn niet allemaal relevant voor de RUD Zeeland. In deze begroting staan de volgende paragrafen: -
Bedrijfsvoering Financiering Weerstandsvermogen en risicobeheersing.
8.1 PARAGRAAF BEDRIJFSVOERING BOUWSTEEN STRUCTUUR
Algemeen bestuur
Dagelijks bestuur
Directeur Hoofd staf incl controller Afdelingshoofd Vergunningverlening (VV)
ontwerp begroting 2024 versie ab
Afdelingshoofd Toezicht & Handhaving (TH)
17
Begroting 2024
Een goede bedrijfsvoering ondersteunt de uitvoering van het programma Milieu. De uitgangspunten voor de uitvoering staan in het bedrijfsplan. Hierin staan onze doelstellingen en het besturingsmodel (Big 8). Het rapport P*Q en de PDC2 bevatten onze producten en diensten, de geleverde kwaliteit en de verrekensystematiek van de bijdragen. De uitvoering van de uitgangspunten maken we concreet door het opstellen van een jaarlijkse (meerjaren)begroting. De begroting bevat de raming van formatie en bestedingen. We benoemen in de begroting op basis van de SWOT-analyse aandachtspunten in lijn met het bedrijfsplan en nieuwe ontwikkelingen en brengen daarmee focus aan op inzet van mensen en middelen. We stellen met iedere deelnemer een dienstverleningsovereenkomst (DVO) op. De DVO bevat onder andere de raming die we met de betreffende deelnemer overeenkomen over de levering van diensten en producten. We rapporteren vervolgens driemaal per jaar aan het bestuur over de voortgang van de te leveren prestaties en benoemde speerpunten via twee bestuursrapportages en een eindrapportage (jaarstukken). Afdeling Staf De afdeling staf is de schakel tussen de organisatie en de uitvoering op de bedrijfsvoering. Een grote diversiteit van kwaliteiten zetten we in om die taak goed te kunnen vervullen. Zo hebben we een ondersteuners, adviseurs en specialisten die zich inzetten op even zo vele terreinen.
Ondersteuning van besturen en management in het vergaderproces, maar ook diverse andere overlegvormen. Communicatie, kwaliteitsbeheersing en informatievoorziening zijn de overige takken van sport die in huis worden verricht. De Planning en control cyclus ligt uiteraard bij de financials. Strategisch adviseurs helpen de externe ontwikkelingen te vertalen naar onze praktijk. De controller is adviseur van het managementteam en bestuur en ziet tevens toe op rechtmatigheid en doelmatigheid van toepassing van financiële middelen. Wet open overheid De Wet open overheid (Woo) heeft ook invloed op de werkzaamheden van RUD Zeeland. Deze wet vervangt sinds mei 2022 de Wet openbaarheid bestuur (Wob). Het grote verschil met de Wob is dat de Woo meer actieve openbaarmaking van overheidsinformatie vraagt. Daarbij gaat het om het actief publiceren van allerlei informatie welke bij RUD Zeeland in bezit is. Daarnaast wordt er door derden om informatie gevraagd, wat dan soms een Wooverzoek is. Het aantal aanvragen op grond van de Woo is niet te beïnvloeden, dit is afhankelijk van hetgeen door bijvoorbeeld door de media of belanghebbenden wordt opgevraagd. Afgelopen jaren zien we een toename van het aantal Wooverzoeken. Een aantal jaren geleden ontvingen wij gemiddeld 5 verzoeken per jaar, inmiddels is dit opgelopen tot ongeveer 10 per jaar.
Daarbij komt niet zozeer het aantal verzoeken, maar wel de omvang en complexiteit van deze zaken. Dit maakt deze verzoeken soms tijdrovend voor de diverse medewerkers welke aan dit verzoek meewerken. Een goed proces hoe zorgvuldig en efficiënt om te gaan met de aanvragen draagt bij aan transparantie. Beleid en het aanwijzen van de wettelijk verplichte contactpersonen zorgen voor een goede inbedding in de organisatie. Afgelopen periode zijn we bezig geweest om te inventariseren hoe we deze extra werkzaamheden beter vorm 2 Product-Diensten Catalogus
ontwerp begroting 2024 versie ab
18
Begroting 2024
kunnen geven. Duidelijk is geworden dat dit wederom extra werkzaamheden zijn, welke in het verleden minder omvangrijk waren. Er zal verder worden gewerkt aan het optimaliseren van het proces inzake de informatie- en Woo-verzoeken.
Sterkte / Zwakten
Waarom
Plan
Do
Check + act
Veel inhuur / uitbestede werkzaamheden, we relatief veel gebruik van externe capaciteit (circa 1012% van onze begroting). (zwakte)
Door de beperkte regelcapaciteit in onze organisatie past een grote flexibele schil, zonder dat er sprake is van een duurzame relatie, niet in onze structuur.
Aanstellen personeel waar mogelijk en versterken duurzame relaties met inhuur.
Meerjarige overeenkomsten aangaan met inhuur en waar mogelijk preventief werven.
Voortgang + maatregelen.
BOUWSTEEN CULTUUR Ondersteunend aan de strategie en werkwijze van RUD Zeeland stelden we kernwaarden op. De kernwaarden moeten een bijdrage leveren aan de resultaat- en klantgerichtheid van RUD Zeeland. De kernwaarden die geformuleerd zijn: • Collegialiteit • Respect • Integriteit • Klantgerichtheid
Sterkte / Zwakten
Waarom
Plan
Do
Check + act
Verandervermogen; Door het hoge verandervermogen van het personeel kan de organisatie meebewegen met interne en externe ontwikkelingen (sterkte)
Flexibiliteit is onderdeel van de strategie van RUD Zeeland.
Binden en boeien van (toekomstig) vast en flexibel personeel en monitoren werkdruk
Vaststellen van een strategische personeelsbeleid + opleidingsplan KC2.2
Voortgang + maatregelen
Open en transparante organisatie: via rapportages is RUD Zeeland transparant voor deelnemers en overige belanghebbenden (sterkte).
Herkenbaarheid in uitvoering van de taken en betrokkenheid van de eigenaren is onderdeel van de identiteit van RUD Zeeland.
Verdere ontwikkeling en evaluatie van rapportages.
Vaststellen van een meerjarenplan van ontwikkelingen en projecten.
Voortgang + maatregelen
ontwerp begroting 2024 versie ab
19
Begroting 2024 Sterkte / Zwakten
Waarom
Plan
Do
Check + act
Externe communicatie en profilering; een goede afstemming en profilering is noodzakelijk voor de uitvoering van onze werkzaamheden (zwakte).
Het productie niveau P*Q met het gewenste kwaliteitsniveau legt een fors beslag op de capaciteit van RUD Zeeland, waardoor er onvoldoende tijd overblijft voor afstemming.
Opstellen en uitwerken van een acties voor verbetering van onze communicatie en profilering.
Processen aanpassen + Externe afstemming bespreken tijdens intervisies
Voortgang + maatregelen
+ meer capaciteit inzetten op communicatie
Stakeholdersonderzoek Om de drie jaar houden we een stakeholdersonderzoek waarin we o.a. de kernwaarden toetsen en verbeterpunten vaststellen. In 2021 is het laatste onderzoek afgerond. Via de voortgangsrapportages informeren we ook in 2024 het dagelijks en algemeen bestuur over de voortgang van de geconstateerde verbeterpunten.
BOUWSTEEN MENSEN Sterkte / Zwakten
Waarom
Plan
Do
Check + act
Natuurlijk verloop; de laatste, maar ook de komende jaren is er sprake van aanzienlijk natuurlijk verloop. (zwakte)
Het natuurlijk verloop leidt tot extra druk bij de zittende medewerkers. (Nieuwe) werkzaamheden moeten we opvangen en nieuwe medewerkers moeten we volledig opleiden en inwerken. We beschikken niet over structureel budget om deze kosten op te vangen.
Actualiseren van het geraamde natuurlijk verloop.
Vaststellen van een strategische personeelsbeleid en ontwikkelplan.
Voortgang + maatregelen
Medewerkers ervaren een hoge werk- en regeldruk
Als gevolg van de hoge werk- en Actualiseren regeldruk blijven we op bepaalde benodigde punten achter in de capaciteit. doorontwikkeling en verbetering van onze organisatie.
Benodigde capaciteit en financiering van de kosten vastleggen in voorstellen.
Voortgang + maatregelen.
Kwaliteitscriteria De resultaten van het onderzoek naar de kwaliteitscriteria 2.2 geeft input voor gericht onderhoud op voldoende aanwezige kennis. Na de invoering van de omgevingswet zijn ook de zogenaamde zachte competenties nodig. We sorteren voor op die ontwikkelingen gebruikmakend van landelijke subsidiegelden. Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) Om de drie jaar houden we een MTO. In 2024 wordt er weer een MTO uitgezet aangezien het laatste onderzoek dan alweer drie jaar oud is. Een mooie toets of de acties naar aanleiding van het voorgaande onderzoek vruchten hebben afgeworpen.
ontwerp begroting 2024 versie ab
20
Begroting 2024
BOUWSTEEN MIDDELEN De middelen gebruiken we om de activiteiten efficiënt en effectief uit te voeren. Daarbij gaat het om geld, kennis, technologie, materialen en diensten. We besteden deze taken grotendeels uit aan de PIOFACH-leverancier. Dit brengt een grote mate van afhankelijkheid met zich mee. Sterkte / Zwakten
Waarom
Plan
Do
Check + act
Uitbesteding PIOFACHtaken: grote mate van afhankelijkheid en beperkt kunnen sturen (zwakte)
Door versterking van samenwerking ontstaat grotere effectiviteit.
Investeren in de relatie en vastleggen van afspraken.
Evaluatie in directieoverleg en monitoring van afspraken en klachten.
Uitkomsten evaluatie en klachten, voortgang en maatregelen.
BOUWSTEEN RESULTATEN Rechtmatigheid Na enige malen uitstel is met ingang van het boekjaar 2023 de wetswijziging voor verantwoording rechtmatigheid van toepassing. Het dagelijks bestuur dient een rechtmatigheidsverantwoording af te geven in de jaarstukken. De commissie BBV stelde hiervoor in januari 2020 een modelverklaring op. Daarin staat dat in de paragraaf bedrijfsvoering het dagelijks bestuur een nadere toelichting geeft op zaken die de rechtmatigheid raken en hoe de beheersing is vormgegeven. Hierbij moet het dagelijks bestuur in ieder geval nadere toelichting geven op alle vermelde afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording. In de jaarrekening neemt het dagelijks bestuur de rechtmatigheidsverklaring op. De toelichting op de geconstateerde fouten en onduidelijkheden wordt opgenomen het jaarverslag, onderdeel paragraaf Bedrijfsvoering. Relatiebeheer Zowel RUD Zeeland als haar opdrachtgevers vinden relatiebeheer belangrijk. Het draagt bij aan de verdere opbouw van het vertrouwen tussen partijen door onder andere de verwachtingen over en weer af te stemmen. Zeker bij grote ontwikkelingen waar RUD Zeeland en haar opdrachtgevers samen voor staan, zoals de invoering van de Omgevingswet, of majeure ontwikkelingen naar aanleiding van landelijke of provinciale rapporten. We richten het relatiebeheer in overleg met de deelnemers zo optimaal mogelijk in.
Afspraken over de frequentie van contact en het evalueren van de samenwerking zijn daar onderdelen van. Het doel hiervan is om beter inzichtelijk te maken waar we voor staan en aan te geven op welke wijze de deelnemers invloed hebben op ons functioneren. Naast het relatiebeheer geven we onze bestuurders, daar waar nodig, dus naast hun eigen ambtelijke ondersteuning, handreikingen om hun verantwoordelijkheid naar de raden of staten te kunnen vervullen. De inhoudelijke dossiers zijn hiervan uitgezonderd. Samenwerking externe partijen Voor de taakuitvoering van RUD Zeeland is samenwerking met andere partijen essentieel om meer effect te bereiken voor een schoner en veiliger Zeeland. Op dit moment overleggen we periodiek met een groot aantal publieke, maar ook private partijen. Zo overleggen we regelmatig met onder andere de Omgevingsdienst.nl, Veiligheidsregio Zeeland, het Openbaar Ministerie, Politie en de Brabants- Zeeuwse Werkgeversvereniging, PORTIZ, ZLTO en Rijkswaterstaat voor verdere verbetering van de uitvoering van de taken van RUD Zeeland. De Algemeen Besturen van GGD, RUD en VRZ verkennen de mogelijkheden van samenwerking tussen de drie gemeenschappelijke regelingen. De toeleveranciers van met name inhuur voor het primaire proces maar ook de PIOFACH-leverancier voor de ondersteunende processen zijn essentieel voor een goede uitvoering van de werkzaamheden.
ontwerp begroting 2024 versie ab
21
Begroting 2024
Sterkte / Zwakten Waarom
Plan
Do
Check + act
Producten: producten worden op een uniforme en efficiënte (gecertificeerde) wijze geleverd (sterkte).
Een uniforme en Vastleggen van efficiënte uitvoering van afspraken conform ISO de taken is onderdeel van 9001:2015. de missie van RUD Zeeland.
Audit van processen.
Uitkomsten audit, voortgang en maatregelen.
P*Q op stuks niveau (bedreiging)
De evaluatie P*Q schetst een aantal voor RUD zeeland onwenselijke gevolg bij verrekening P*Q op stuksniveau.
Actieve afstemming met deelnemers over de wijze van verrekening van de dienstverlening. Bij veranderende financieringssystematiek hier samen aan werken.
Via de reguliere bijeenkomsten raden, leden van de besturen en contactpersonen informeren.
Monitoren en evalueren en ontwikkelen.
Registratiedruk (zwakte)
Een juiste, volledige en tijdige registratie is van groot belang voor juiste deelnemers-rapportages en juiste facturen. Dit betekent echter ook dat medewerkers meer tijd en aandacht moeten besteden aan hun registratie.
Afspraken vastleggen.
Medewerkers actief informeren over het belang van tijdregistratie.
Monitoren, evalueren en bijsturen.
Inbrengen taken (kans)
Door versnippering, de omvang van de taken of de kwaliteit van de uitvoering van de werkzaamheden kan bij deelnemers kwetsbaar zijn. Dit zijn redenen om werkzaamheden over te dragen aan RUD Zeeland.
Deelnemers actief informeren over de mogelijkheden van RUD Zeeland.
Via de reguliere bijeenkomsten raden, leden van de besturen en contactpersonen informeren.
Monitoren.
Externe ontwikkelingen (bedreiging)
Politiekgevoelige ontwikkelingen leiden tot vertragingen in procedures en aanvullende vragen van raden, staten, pers en politiek. Dit leidt tot verdere verhoging van de werkdruk.
Centrale regie communicatie rondom externe ontwikkelingen. Budget reserveren voor aandachtsdossiers.
Actief informeren van deelnemers, bedrijven en personeel
Monitoren en evalueren.
ontwerp begroting 2024 versie ab
22
Begroting 2024
PLANNING & CONTROL In 2016 stelde het algemeen bestuur de nota planning en control vast. De volgende diagram geeft de processen planning en control weer. bedrijfsplan
Vastgesteld beleid & PxQ & externe en interne ontwikkelingen
Begroting
begrotingswijziging
mutaties in PxQ tarieven en/of normtijden etc
Zienswijzen
vaststelling format DVO + tarievenlijst + bijdrageverordening
planningsgeprekken
begrotingswijziging
DVO Deelnemers
afdelingsplannen RUD
Materieel budget
begrotingswijziging
derap
= control
jaarverslag
= planning
burap
marap
geen onderdeel van Nota Planning en Control
ontwerp begroting 2024 versie ab
23
Begroting 2024
8.2 PARAGRAAF FINANCIERING (TREASURY) WET EN REGELGEVING De Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO) kent als belangrijkste uitgangspunt het bevorderen van een solide financieringswijze. Met als doel het voorkomen van grote fluctuaties in de rentelasten, het beheersen van de renterisico’s en het bevorderen van de transparantie en kredietwaardigheid. Het beheersen van de risico’s uit zich concreet in de kasgeldlimiet, de renterisiconorm, het afsluiten van geldleningen en het uitzetten van gelden. Daarnaast bestaat de verplichting om een treasurystatuut op te stellen. In 2016 is het treasurystatuut voor de RUD Zeeland vastgesteld.
KASGELDLIMIET Met de kasgeldlimiet is in de wet FIDO een norm gesteld voor het maximum bedrag waarop overheidsinstanties de financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mogen financieren. Het doel hiervan is om renterisico’s op korte termijn te beperken. Deze norm bedraagt 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, dus met uitzondering van stortingen in de reserves. Voor 2024 bedraagt de kasgeldlimiet € 0,9 mln.
RENTERISICO De renterisiconorm heeft als doel om toekomstige renterisico’s op lang lopende leningen te beperken. De renterisiconorm “speelt” bij de RUD Zeeland niet omdat de RUD Zeeland geen geldleningen heeft.
KOERS- EN VALUTARISICOBEHEER We gaan geen belangrijke c.q. omvangrijke financiële transacties in vreemde valuta aan en we hebben daar ook geen plannen voor. Daarmee zijn er geen koers- en valutarisico’s.
RISICOPROFIEL Het renterisico bij de RUD is laag. Dit komt door het ontbreken van geldleningen en door het opstellen van een liquiditeitsplanning. Aan de hand van de liquiditeitsplanning monitoren we onze geldstromen en kunnen we daar op sturen
RENTESCHEMA In het BBV is het verplicht om een renteschema op te nemen waaruit de rentekosten en de renteverdeling blijkt. Dit is voor RUD Zeeland niet relevant door het ontbreken van rentekosten.
ontwerp begroting 2024 versie ab
24
Begroting 2024
8.3 PARAGRAAF WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Op 10 juli 2018 stelde het algemeen bestuur het beleidskader Weerstandsvermogen en Risicobeheersing vast. Dit beleidskader implementeerden we op 27 februari 2019 stelden we de resultaten van de eerste risico-inventarisatie vast. Op 1 maart 2021 stelde het algemeen bestuur de geactualiseerde inventarisatie van de risico’s vast. In 2023 is een evaluatie voorzien van de Nota Weerstandsvermogen en Risicobeheersing RUD Zeeland 2018.
RISICOSCORE 2024 Op organisatieniveau is per risico de gevolgklasse gerelateerd aan de kansklasse. Zo ontstaat de risicoscore. De risicoscore is bepalend voor de aandacht die een specifiek risico krijgt van het management en het bestuur. De risicoscore (op organisatieniveau) op basis van de geactualiseerde risico-inventarisatie ziet er als volgt uit: Kansklasse Risicoklasse
< 10%
10 - 30% 30 - 50% 50 - 70%
> 70%
laag
gemiddeld
hoog
3
5
groter dan 50.000
4
tussen 40.000 en 50.000
gemiddeld hoog
3
tussen 30.000 en 40.000
gemiddeld
2
tussen 15.000 en 30.000
gemiddeld laag
1
tussen 5.000 en 15.000
laag
hoog
1 en 2
4 5
6
GEÏDENTIFICEERDE RISICO’S EN DOORREKENING (BEDRAGEN IN €) Omschrijving risico
Score
2023
2024
2025
2026
2027
1. Onbalans in taken
845.000
845.000
845.000
845.000
845.000
2. Onevenwichtig personeelsbestand en krapte arbeidsmarkt
605.000
605.000
605.000
605.000
605.000
3. Implementatie Omgevingswet
300.000
300.000
300.000
300.000
300.000
4. Uitbestede taken (beperkte kwaliteitscriteria)
20.000
20.000
20.000
20.000
5. Onveilige werkomstandigheden THV uitvoering
10.000
10.000
10.000
10.000
6. Inrichting van de huisvesting is niet optimaal Totaal benodigde weerstandscapaciteit
10.000
15.000 15.000 15.000 0 0 1.795.000 1.795.000 1.795.000 1.780.000 1.760.000
TOELICHTING EN ONTWIKKELINGEN Risico’s met een hoge kans en een groot gevolg (donkerrood): 1. Aanzienlijke onbalans tussen de omvang en aard van de taken en de beschikbare capaciteit 2. Onevenwichtig personeelsbestand / krapte op de arbeidsmarkt Belangrijke constatering deze risico’s is dat dit feitelijk geen risico’s betreffen maar een zekerheid zijn. Bovengenoemde donkerrode risico’s zijn inmiddels wel bekend en hebben zich ook voorgedaan. Voorstellen om de risico’s terug te brengen zijn bij het opmaken van deze begroting nog in ontwikkeling/besluitvorming.
ontwerp begroting 2024 versie ab
25
Begroting 2024
In 2022 is het landelijke rapport van Aartsen aanleiding geweest voor het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH -stelsel. Tevens heeft de provincie een rapport laten opstellen door TwynstraGudde. Beide trajecten geven aan dat omgevingsdiensten robuuster moeten worden. Dit leidt tot mitigeren van risico’s 1 en 2. Risico met een gemiddelde kans en een groot gevolg (rood): 3. Implementatie van de Omgevingswet De implementatie levert uitgaande van de invoering per 1 januari 2024 een set aan risico’s op: - per gemeente ontstaat een lokaal handhavingskader waardoor het risico op niet-juist handhaven toeneemt, - bij de implementatie van de Omgevingswet vindt er verschuiving plaats van (vergunningverlening alsmede) toezicht en handhaving van inrichtingen naar activiteiten (hetgeen niet past niet in de huidige P maal Q systematiek), - de implementatie c.q. uitvoering van de Omgevingswet vraagt andere (advies-)vaardigheden van medewerkers, - lokale systemen dienen aan te sluiten op de landelijke voorziening van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) om informatie uit te wisselen. Ook risico de Implementatie Omgevingswet is naar alle waarschijnlijk geen risico maar een werkelijkheid. Risico met een lage kans en met een (gemiddeld) klein gevolg (groen): 4.
Alle taken op het gebied van PIOFACH (Personeel & Organisatie, ICT, Financiën en Communicatie) zijn uitbesteed bij een deelnemer waarbij de dienstverleningsovereenkomst in beperkte mate kwaliteitscriteria bevat. 5. Onveilige werkomstandigheden bij de uitvoering van toezicht- en handhavingswerkzaamheden. 6. De inrichting van de huisvesting is niet optimaal.
WEERSTANDSCAPACITEIT VAN RUD ZEELAND Het weerstandsvermogen; de beschikbare gedeeld door de benodigde weerstandscapaciteit, geeft de mate aan waarin de organisatie financiële tegenvallers kan opvangen. De kwalificatie van de verschillende ratioklassen is als volgt: Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 – 2,0 1,0 – 1,4 0,8 – 1,0 0,6 – 0,8 < 0,6
Beoordeling Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
RUD Zeeland heeft als doel een ratio weerstandsvermogen te hebben in de categorie ‘voldoende’ dus tussen 1,0 en 1,4. In deze categorie is er een verantwoorde balans tussen enerzijds de aanwezige risico’s en anderzijds de financiële buffer om deze risico’s op te vangen zonder dat dit ten koste gaat van de organisatiedoelstellingen. De benodigde weerstandscapaciteit afgezet tegen de aanwezige (incidentele en structurele) weerstandscapaciteit geeft het volgende beeld:
ontwerp begroting 2024 versie ab
26
Begroting 2024 Voor resultaat bestemming (in EUR)
2023
2024
2025
2026
2027
Totaal benodigde weerstandscapaciteit: Totaal beschikbare weerstandscapaciteit:
1.795.000 2.173.178
1.795.000 177.000
1.795.000 179.000
1.780.000 183.000
1.760.000 187.000
Incidenteel beschikbare weerstandscapaciteit:
2.007.178
0
0
0
0
Algemene reserve Bestemmingsreserve
1.832.000 174.852
0 0
0 0
0 0
0 0
Structureel beschikbare weerstandscapaciteit:
173.000
177.000
179.000
183.000
187.000
Onvoorzien Aanvullende bijdragen deelnemers
173.000 P.M.
177.000 P.M.
179.000 P.M.
183.000 P.M.
187.000 P.M.
Ratio weerstandscapaciteit: - enkelvoudig ultimo 2022 - cumulatief ultimo 2023 tot en met 2026
1,21 0,38
Het werkelijke weerstandsvermogen bedraagt dus voor 2023 enkelvoudig 1,27 en cumulatief (voor de jaren 2023 tot en met 2027) 0,38. Het werkelijke ratio 2023 valt binnen het gewenst beleidsdoel, tussen 1,0 en 1,4, en het ratio voor de 2022 tot en met 2026 ligt aanzienlijk onder het beleidsdoel. Bovenstaande berekening voor bestemming van het resultaat. De ontwikkelingen voor 2024 zullen hun invloed hebben in de risico’s en de weerstandscapaciteit. Zoals in deze paragraaf staat, zijn een drietal rode risico’s werkelijkheid. Indien het algemeen bestuur de uitwerking van het Rapport Robuuste milieutaken Zeeland omarmd en vaststelt, mitigeren we de donkerrode risico’s. Na mitigatie van de donkerrode sluiten de risico’s veel beter aan bij de aard en omvang van onze activiteiten en bij de totaal beschikbare weerstandscapaciteit.
KENGETALLEN In het BBV staat een voorschrift om een aantal specifieke kengetallen (inzake solvabiliteit, schuldquote, grondexploitatie, belastingcapaciteit en structurele exploitatieruimte) op te nemen in de paragraaf Weerstandsvermogen en Risicobeheersing met een beoordeling van deze kengetallen. RUD Zeeland begroot geen rentelasten of aflossingen. Er is ook geen sprake van grond in exploitatie of inkomsten uit belastingheffing. De begrote structurele lasten zijn in evenwicht met de begrote structurele baten. Alleen het kengetal voor solvabiliteit is dus op RUD Zeeland van toepassing.
No. Omschrijving 1.
Solvabiliteit
Jaarrekening 2022 20%
Begroting 2023 20%
Begroting 2024 20%
Begroting 2025 20%
Begroting 2026 20%
Begroting 2027 20%
Solvabiliteit: dit cijfer geeft inzicht in de mate waarin RUD Zeeland in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het kengetal is het eigen vermogen gedeeld door het balanstotaal. De score 20% is net voldoende.
ontwerp begroting 2024 versie ab
27
Begroting 2024
9 FINANCIËLE BEGROTING In onderstaande financiële begroting staan alle lasten en baten naar kostensoort.
ONTWIKKELING FINANCIËN • Consolideren begroting Op 6 december 2021 stemde het algemeen bestuur in om de begrotingssystematiek, voor zover het gevolgen van de invoering van de Omgevingswet betreft, tot en met 2024 te consolideren. Door verschuiving van de bevoegdheden m.b.t. het thema bodem van provincie naar gemeenten maken we voor deze taken een uitzondering op de consolidatie. Vanaf het moment dat dit duidelijk is, zal hier een begrotingswijziging voor worden voorbereid. We gebruiken deze periode om met elkaar de voorbereidingen te treffen voor de invoering van de Omgevingswet. Dit ziet dan vooral op processen in te richten, kengetallen te ontwikkelen, de PDC te actualiseren, verschuiving van bevoegdheden, onderzoek om legesheffing te ontwikkelen en implementeren en de gevolgen van de overgang van het begrip ‘inrichting’ naar ‘activiteit’ te bepalen. Overige wijzigingen, zoals ten gevolge van de evaluatie P*Q, gevolgen van de lopende onderzoeken van de provincie en samenwerking GGD, VRZ en RUD, en nieuwe taken (exclusief Ow), worden wel zoals gebruikelijk in de begroting of een begrotingswijziging meegenomen. •
Overzicht baten en lasten naar kostensoort. 2023 begroot
2024 begroot
2025 begroot
2026 begroot
2027 begroot
10.578 19 2.165 173
10.980 20 2.216 177
11.026 20 2.225 179
11.445 21 2.279 183
11.880 21 2.333 187
Totaal lasten
12.935
13.394
13.450
13.927
14.422
Baten Algemene bijdrage deelnemers Materieel budget bijdrage deelnemers BTW-compensatie Waterschap Scheldestromen Frictiekostenvergoeding BRZO Onttrekkingen reserves
12.551 26 -31 389
12.995 27 -31 403
13.455 27 -32 -
13.932 28 -33 -
14.427 29 -34 -
Totaal baten
12.935
13.394
13.450
13.927
14.422
Resultaat
-
-
-
-
-
Omschrijving (bedragen * € 1.000) Lasten Personele lasten Personeel van derden Overige kosten Onvoorzien
ontwerp begroting 2024 versie ab
28
Begroting 2024
Toelichting op 1. Lasten naar kostensoort: 1a. Personele lasten Personele lasten € 1.000) Salarissen en sociale lasten Reis-en verblijfkosten Opleidingskosten Opleidingskosten (POB) Incidentele prestatiebeloning Terugontvangst kosten
(bedragen *
Totaal lasten
2023 begroot
2024 begroot
2025 begroot
2026 begroot
2027 begroot
9.854 482 175 40 25 -17
10.238 493 179 41 26 -17
10.281 497 178 42 26 -18
10.682 509 182 43 26 -18
11.098 521 187 44 27 -18
10.558
10.960
11.005
11.424
11.858
De personele lasten zijn vanaf 2024 hoger als gevolg van de inflatiecorrectie. In 2025 zijn de personele lasten t.o.v. het voorgaande jaar minder gestegen doordat er vanaf dat jaar geen financiering meer beschikbaar is voor strategisch adviseurs en communicatieadviseur.
1b. Personeel van derden Voor inhuur voor het programma Milieu is structureel € 20.000 begroot.
1c. Overige kosten Omschrijving (bedragen x € 1.000) Organisatie kosten Huur onroerende zaken Geo-diensten Milieuklachtenlijn Overige directe kosten Accountantskosten Ondernemingsraad Totaal overige kosten
2023 begroot 1.716 240 60 54 50 25 9 2.153
2024 begroot 1.757 246 61 55 51 26 9 2.205
2025 begroot 1.755 251 63 57 52 26 10 2.214
2026 begroot 1.797 258 64 58 53 27 10 2.267
2027 begroot 1.840 264 66 59 55 27 10 2.321
De organisatie kosten zijn vanaf 2024 hoger als gevolg van de inflatiecorrectie. In 2025 zijn de organisatie kosten t.o.v. het voorgaande jaar minder gestegen door het eerder genoemde wegvallen van de financiering voor strategisch adviseurs en communicatieadviseur. Elke fte kent een opslag in de organisatiekosten.
1d. Onvoorzien Om te voorkomen dat we eventuele tegenvallers niet kunnen opvangen, nemen we in de begroting een post onvoorzien op. De directeur van RUD Zeeland mag beschikken over onvoorzien tot een bedrag van € 25.000 per besluit. RUD Zeeland informeert het dagelijks en algemeen bestuur over besluiten ten laste van onvoorzien.
Toelichting op 2. Baten naar kostensoort: 2a. Algemene bijdrage deelnemers en 2b. Materieel budget bijdrage deelnemers Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten, bedraagt de begrote deelnemersbijdrage (inclusief materieel budget) voor 2024 € 13,0 miljoen. Het begrote materiële budget zijn de verwachte externe kosten voor de bemonstering van indirecte lozingen.
ontwerp begroting 2024 versie ab
29
Begroting 2024
Onderstaande tabel geeft het verloop van de bijdrage ten opzichte van de begroting 2023 weer. Omschrijving Deelnemersbijdrage 2023 (oorspronkelijke begroting) Inflatie correctie Deelnemersbijdrage 2024
Bedrag (x € 1000) 12.551 444 12.995
2c. BTW compensatie De BTW is voor waterschappen niet compensabel. Om die reden besloten we bij oprichting dat waterschap deze BTW krijgt gecompenseerd.
JAARREKENING RESULTAAT 2021 Op voorstel van de werkgroep “Aanpak voor een goede samenwerking tussen gemeenten en gemeenschappelijke regelingen” nemen we in de begroting een analyse op van de laatst vastgestelde jaarrekening (2020) en het effect hiervan op de begroting. Zo ontstaat er inzicht in de actuele financiële positie.
Saldo jaarrekening Over het jaar 2021 realiseerden we een positief rekeningresultaat van € 889.000. Dit resultaat is als volgt tot stand gekomen:
Omschrijving 1. Resultaat 2e Voortgangsrapportage 2. Programma milieu 3. Overhead 5. Algemene dekkingsmiddelen 6. Onvoorzien 7. Onttrekkingen Eindtotaal
Resultaat (bedragen x € 1.000) -233 178 480 508 59 -103 889
N V V V V N V
OVERZICHT VAN INCIDENTELE LASTEN EN BATEN 2024 Het overzicht incidentele lasten en baten geeft inzicht in de mate waarin er sprake is van ‘materieel evenwicht’. Materieel evenwicht, of een reëel sluitende begroting, is een belangrijk uitgangspunt. De term materieel evenwicht houdt in dat de begroting voldoet aan bepaalde eisen. De belangrijkste daarvan is dat structurele lasten zijn gedekt door structurele baten. Incidentele lasten mogen worden gedekt door incidentele baten, waaronder onttrekkingen aan de reserves. Voor het begrip ‘incidenteel’ moet gedacht worden aan lasten en baten die zich gedurende maximaal 3 jaar voordoen (art.19 BBV). In de begroting 2024 zijn er geen incidentele lasten of baten geraamd.
ontwerp begroting 2024 versie ab
30
Begroting 2024
GEPROGNOTISEERDE BALANS De geprognotiseerde balans geeft inzicht in de verwachte schulden en bezittingen van de RUD van 2022 tot en met 2027.
Geprognotiseerde balans Activa per 31 december (*€ 1.000)
2022 begroot
2023 begroot
2024 begroot
2025 begroot
2026 begroot
2027 begroot
Vaste activa
0
0
0
0
0
0
Voorraden
0
0
0
0
0
0
Kortlopende vorderingen
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
TOTAAL ACTIVA
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
2022 begroot 840
2023 begroot 840
2024 begroot 840
2025 begroot 840
2026 begroot 840
2027 begroot 840
Voorzieningen
0
0
0
0
0
0
Langlopende leningen
0
0
0
0
0
0
Kortlopende schulden
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
TOTAAL PASSIVA
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
1.840
0
0
0
0
0
0
Passiva per 31 december (*€1.000)
Eigen vermogen
EMU saldo
ontwerp begroting 2024 versie ab
31
Begroting 2024
10 DOOR HET ALGEMEEN BESTUUR TE AUTORISEREN BEGROTINGSBEDRAGEN 2024 Het algemeen bestuur stelt de bij de programma’s opgenomen budgetten vast. Onderstaande tabel geeft een overzicht van baten en lasten 2024. Begroting 2024 (bedragen * € 1.000) lasten baten saldo Programma: Programmalijn Milieu - Vergunningverlening 3.910 3.910 Programmalijn Milieu - Toezicht en Handhaving 5.244 5.244 Overzichten: Overhead Vpb Onvoorzien Algemene bijdrage deelnemers Materieel budget bijdrage deelnemers Saldo van baten en lasten Mutaties reserves: Algemene reserve
Resultaat
4.063 0 177 12.964 27
4.063 0 177 -12.964 -27
13.394
12.990
403
0
403
-403
13.394
13.394
0
Aldus vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur van de RUD Zeeland op …/…/
De secretaris
De voorzitter,
De heer ing. A. van Leeuwen MPA
De heer A.G. van der Maas
ontwerp begroting 2024 versie ab
32
Begroting 2024
11 BIJLAGEN
ontwerp begroting 2024 versie ab
33
Begroting 2024
Bijlage 1 Baten en lasten per taakveld Taakvelden (bedragen * € 1.000) 0.4 Overhead 0.8 Overige baten en lasten 7.4 Milieubeheer Totaal
ontwerp begroting 2024 versie ab
Begroting 2024 Lasten Baten 4.063 177 9.153 13.394 13.394 13.394
Saldo 4.063 177 -4.240 0
34
Begroting 2024
Bijlage 2 meerjarig overzicht en berekening van de bijdrage per deelnemer Bijdrage per deelnemer (in €, inclusief materieel budget en exclusief BTW compensatie Waterschap Scheldestromen)
Deelnemer Borsele Goes Hulst Kapelle Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen Waterschap Scheldestromen Provincie Zeeland TOTAAL
2023
2024
2025
2026
2027
690.100 711.000 659.200 310.100 271.300 332.200 573.900 807.000 856.400 1.147.100 417.200 264.800 449.500 101.500 4.933.500 12.524.800
717.500 739.200 685.300 322.400 282.100 345.400 596.700 839.000 890.400 1.192.600 433.700 275.300 467.300 105.500 5.129.200 13.021.600
742.900 765.400 709.600 333.800 292.100 357.600 617.800 868.700 921.900 1.234.800 449.100 285.000 483.800 109.200 5.310.800 13.482.500
769.200 792.500 734.700 345.600 302.400 370.300 639.700 899.500 954.500 1.278.500 465.000 295.100 500.900 113.100 5.498.800 13.959.800
796.400 820.600 760.700 357.800 313.100 383.400 662.300 931.300 988.300 1.323.800 481.500 305.500 518.600 117.100 5.693.500 14.453.900
De deelnemersbijdrage is gewijzigd als gevolg van inflatie, de cao 2022/2023, het inrichtingenbestand en de uitbreiding van capaciteit als gevolg van begrotingswijzigingen ondermijning en de gevolgen van Helsinki/Espoo.
Conform de bijdrageverordening actualiseren we de bijdrage 2024 van de deelnemers op basis van het inrichtingenbestand per 1 april 2023. Ook maken we samen met de deelnemer werkafspraken voor 2024. Beide mutaties verwerken we in het Jaarplan voor 2024. De uitkomsten van de actualisatie en werkafspraken kunnen leiden tot aanpassingen in de deelnemersbijdrage voor 2024. De begrotingswijziging die daar uit voortvloeit leggen we voor aan het algemeen bestuur.
ontwerp begroting 2024 versie ab
35
begeleidingscommissie datum 19 januari 2023 onderwerp voorstel 1e begrotingswijziging 2023 aan het dagelijks bestuur van de RUD-Zeeland p/a Postbus 35 4530 AA TERNEUZEN
Geacht bestuur, De begeleidingscommissie heeft op 10 januari 2023 het concept voorstel ‘1e begrotingswijziging 2023’ van de RUD Zeeland besproken. In het voorstel zijn een zestal onderwerpen opgenomen die invloed hebben op de omvang van het begrotingstotaal en de deelnemersbijdragen en deels ook voortvloeien uit eerdere besluitvorming in uw dagelijks en algemeen bestuur. In het overleg hebben de ambtelijke vertegenwoordigers van de RUD Zeeland het voorstel toegelicht en zijn door de commissie verduidelijkende vragen gesteld, cijfermatige aansluitingen en een aantal tekstuele suggesties meegegeven. Met betrekking tot het voorstel merken wij nog het volgende op: - Het onderdeel ‘Helsinki en Espoo’ vloeit voort uit de vaststelling door het AB van de tweede voortgangsrapportage 2022 op 5 december 2022. Het betreft 1 fte structureel. In 2023 wordt een pilot afgerond waarna wordt bezien op welke wijze aan deze taak structureel invulling kan worden gegeven, inclusief de benodigde inzet hiervoor. Deze constatering is correct. We zullen deze tekst aan het AB-voorstel toevoegen. - Voor het onderdeel ‘Strategisch adviseur’ wordt verwezen naar de besluitvorming bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat 2021. Voor dit onderdeel is € 728.000 bestemd ter besteding in de periode 2022-2024. Met deze wijziging worden de effecten voor de begroting 2023 en 2024 verwerkt.
Ambtelijk is meegedeeld dat in 2022 nog geen besteding van deze gereserveerde middelen heeft plaatsgevonden. Het voorstel verdeelt het volledige bedrag nu over 2023 en 2024, inclusief de CAO effecten totaal € 758.000. De algemene reserve heeft ruimte om de hogere onttrekking te dekken en vraagt derhalve geen aanvullende deelnemersbijdrage. Deze begrotingswijziging voorziet in een gelijktijdige onttrekking uit de algemene reserve voor de jaren 2023 en 2024 en vraagt inderdaad dus geen aanvullende deelnemersbijdrage. - Voor het onderdeel ‘Energie’ verwijzen wij naar ons eerder uitgebracht advies d.d. 3 november 2022. Voor de werkzaamheden 2023 in het kader van ‘Energie’ stelt u voor om deze volledig te dekken uit de ontvangen specifieke uitkering van het Rijk. De structurele invulling van deze werkzaamheden vanaf 2024 wordt betrokken in het separate concept voorstel ‘Uitwerking Meerjarig Regionaal Programmeren. Wij verzoeken u bij deze verdere uitwerking vanaf 2024 rekening te houden met ons eerder uitgebrachte advies d.d. 3 november 2022. De uitwerking van het voorstel wordt nader onderzocht en aangepast voor AB-voorstel.
- In de tabel “ontwikkeling bijdrage deelnemers RUD Zeeland” v.w.b. alle zes genoemde onderwerpen afzonderlijk aan te geven welke invloed zij hebben op de bijdrage van elke deelnemer; Deze gewenste aanpassing zal worden aangebracht in het AB-voorstel. - De tabel met de gewijzigde meerjarenraming voor 2023-2026 inclusief de 1e begrotingswijziging 2023 houdt voor de jaren 2024-2026 geen rekening met de cijfers uit de meerjarenraming 2023-2026, zoals opgenomen in de Begroting 2023, zoals is vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 18 juli 2022. Wij verzoeken u in het definitieve voorstel voor het DB en AB de wijzigingen voor 2024 en verder te muteren op dit meerjarenperspectief en tevens ook een meerjarig Pagina 2 van 2
overzicht met de individuele deelnemersbijdrage op te nemen. Hiermee ontstaat ook een actueel meerjarig beeld voor de individuele deelnemers voor hun eigen meerjarenraming. Deze gewenste aanpassing zal worden aangebracht in het AB-voorstel.
Met inachtneming van het voorgaande adviseert de begeleidingscommissie positief over het concept DB voorstel ‘1e begrotingswijziging 2023’.
Desgewenst is de begeleidingscommissie bereid de inhoud van deze brief nader toe te lichten. De begeleidingscommissie verzoekt u dit advies aan de deelnemers en aan het algemeen bestuur beschikbaar te stellen. Met vriendelijke groet, namens de begeleidingscommissie
datum onderwerp
29 maart 2023 ontwerp begroting 2024
aan het dagelijks bestuur van de RUD-Zeeland p/a Postbus 35 4530 AA TERNEUZEN
Geacht bestuur, De begeleidingscommissie heeft op 21 maart 2023 het concept voorstel ‘ontwerp Begroting 2024’ van de RUD Zeeland besproken, welke op 16 maart is ontvangen. In het overleg zijn door de commissie verduidelijkende vragen gesteld en diverse tekstuele verbetervoorstellen gedaan. Diverse tekstuele verbetervoorstellen zijn ook per mail aangeleverd bij de ambtelijk vertegenwoordigers van de RUD Zeeland. Zonder tegenbericht gaat de begeleidingscommissie er van uit dat deze in de definitieve versies worden verwerkt. Naar aanleiding van de bespreking brengen wij het volgende onder de aandacht: Proces en inhoudelijk: - Wij verzoeken u vergaderstukken voor de begeleidingscommissie in het vervolg (zoals eerder afgesproken) uiterlijk vier werkdagen vooraf gaande aan de vergadering ter beschikking te stellen, zodat de leden voldoende gelegenheid hebben om de stukken door te nemen. - Bij het onderwerp “toezicht en handhaving groene wetten” wordt niet gerefereerd naar het feit dat de RUD en de provincie momenteel nagaan welk ambitieniveau de RUD Zeeland wat dat betreft moet hebben. Aangevuld. - Het onderdeel “ketentoezicht” maakt reeds deel uit van het onderdeel “meerjarenprogramma Zeeland”. Correct, dat neemt echter niet weg dat het als ontwikkeling is meegenomen, Zonder het meerjarenplan zal Ketentoezicht ook opgepakt moeten worden.
- De geformuleerde kritische prestatie indicatoren bij de onderwerpen “actualisatietoetsen” en “Helsinki” kunnen bestuurlijk interessanter worden geformuleerd. Namelijk een bepaalde mate van afname van het aantal verouderde vergunningen en een indicator die is gebaseerd op de nog te nemen beslissing op de uitkomsten van de pilot in het kader van de Verdragen van Helsinki en Espoo. De suggestie voor de aanpassing op deze indicator nemen we in overweging. - In de oplegnotitie zou een link gelegd kunnen worden naar het geconstateerde probleem en de daarmee gepaard gaande risico’s voor de deelnemers waarvoor in het stuk over de “doorontwikkeling van de RUD” (dat nog besproken moet worden in het AB van de RUD) een oplossing zou kunnen worden geboden. Er is nog geen besluit over.
1
-
-
-
-
De planning van verdere besluitvorming geeft aan dat definitieve vaststelling voorzien is in de vergadering van het algemeen bestuur op 2 oktober 2023. Wij wijzen u er op dat de wettelijke termijn van vaststelling uiterlijk 15 september is. Tevens raden wij u aan om het ministerie in overleg te treden over de latere aanlevering en hiervoor schriftelijk toestemming te verkrijgen, zonder dat dit verdere gevolgen heeft voor het toezichtregime. Contact is reeds lopende. In de ontwerp begroting 2024 is nog geen rekening gehouden met de voorgenomen uittreding uit de gemeenschappelijke regeling van het Waterschap Scheldestromen. Het is nog slechts een voornemen. We wachten de definitieve besluitvorming af. In de reactie van het managementteam wordt onder meer gesteld dat behoefte is aan uitbreiding van kennis en kunde op het gebied van data analyse en versterking van de bedrijfsvoering. Wij gaan er van uit dat dit onderdeel uitmaakt van het voorstel meerjarenprogramma (voor onder meer het versterken van de robuustheid / bedrijfsvoering) dat inmiddels voor een eerste bespreking in het algemeen bestuur is geagendeerd. Correct. In de paragraaf bedrijfsvoering is een uitgebreide SWOT-analyse opgenomen.
We adviseren u deze zo spoedig mogelijk te actualiseren nadat het voorstel meerjarenprogrammering is vastgesteld en deze analyse op te nemen in een volgende voortgangsrapportage en aansluitend te blijven actualiseren in volgende begrotingen. Dit advies nemen wij ter harte.
Financieel: - In de ontwerp Begroting 2024 zijn de cijfers opgenomen uit de (meerjaren)begroting 2023, inclusief de eerste begrotingswijziging 2023. Deze laatste wijziging ligt op dit moment nog voor zienswijze bij de deelnemers en is nog niet definitief vastgesteld door het algemeen bestuur. Gezien de inhoud van deze eerste begrotingswijziging 2023 achten we dit geen bezwaar voor het vertrekpunt van de nu voorliggende ontwerp Begroting 2024. - Daarbij constateren we dat de opgevoerde subsidiebijdrage voor energiemaatregelen uit de eerste begrotingswijziging 2023 nu niet wordt gepresenteerd in de voorliggende Begroting 2024, in de kolom met vergelijkende cijfers voor 2023. Wij vragen u de overzichten op elkaar te laten aansluiten. De besluitvorming over het voorstel Energie moet nog plaatsvinden. Deze begroting is gebaseerd op de vastgestelde begroting 2023 en de structurele begrotingswijzingen 2022. De eerste begrotingswijziging 2023 ligt nu ook voor ter besluitvorming en zal daarna verwerkt worden in de begrotingen. - Op 14 december 2022 heeft de VZG het percentage voor indexering van de begrotingen 2024 van gemeenschappelijke regelingen vastgesteld. Voor 2024 is dit 3,4%. In de nu voorliggende begroting is echter nog gerekend met het oorspronkelijke percentage van 2023, namelijk 2,7%.
Voor een juist en volledig beeld en effecten op de deelnemersbijdragen vragen wij u de ontwerp-begroting 2024 op te stellen met inachtneming van het percentage van 3,4%. De wijzigingen in het indexeringspercentage zullen bij de eerstvolgende gelegenheid worden doorgevoerd. Voorzien wordt dat dit bij de eerste voortgangsrapportage zal plaatsvinden. - Op 14 maart jl. is een geactualiseerd indexpercentage voor 2023 door de VZG vastgesteld en gecommuniceerd. Het percentage is wegens de bijzondere ontwikkelingen van de inflatiecijfers verhoogd van 2,7% tot 7,2%. In de eerste begrotingswijziging 2023 is reeds een aanpassing gemaakt voor CAO effecten voor 2023 en verder. Wij vragen u zo spoedig mogelijk, uiterlijk voor het zomerreces 2023, eventueel resterende financiële effecten voor de begroting 2023 en verder inzichtelijk te maken en via een begrotingswijziging 2023 of 2024 (en verder) aan de deelnemers voor te leggen. Dan kunnen deelnemers hier ook rekening mee houden in hun eigen financieel meerjarenperspectief. Zie voorgaande punt.
2
-
-
-
-
-
In bijlage 2 van de ontwerp begroting zijn de deelnemersbijdragen 2023 vermeld. Deze sluiten niet aan op het voorstel eerste begrotingswijziging 2023, welke in uw vergadering van het dagelijks bestuur van 6 februari 2023 is besproken. Idem voor de kolom begroting 2023 in het overzicht algemene dekkingsmiddelen in hoofdstuk 7 en het overzicht van baten en lasten per kostensoort in hoofdstuk 9. Wij vragen u de overzichten op elkaar te laten aansluiten. De aansluiting moet nader onderzocht worden. Bij de eerstvolgende rapportage komen we hier op terug. De financiële overzichten met betrekking tot het onderdeel reservemutaties, geven ons inziens geen volledig beeld van de geraamde reservemutaties. De betreffende mutaties op de bestemmingsreserve POB (toevoegingen als last en onttrekkingen als bate) horen volgens het BBV via de exploitatierekening te worden verantwoord. Tevens werkt dit door in het overzicht van de geprognotiseerde balans voor 2023 en verder. In dit overzicht wordt geen rekening gehouden met de actuele stand van de reserves, inclusief de reeds besloten onttrekkingen en toevoegingen. De mutaties op de reserves en geprognotiseerde balans nemen we in onderzoek. Hier komen we ook in de volgende rapportage terug. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is de risico-inventarisatie opgenomen.
Geconstateerd wordt dat het vastgestelde beleid (Zeeuwse kwaliteit) en de hiervoor benodigde middelen niet met elkaar in lijn zijn, met een structureel ingeschat verschil van circa € 1,45 (risico’s 1 en 2) miljoen per jaar. Met het voorstel ‘Uitwerking meerjarig regionaal programmeren’ dat in 2023 aan de deelnemers wordt voorgelegd werkt u aan een structurele oplossing om het beleid en benodigde middelen met elkaar in overeenstemming te brengen. Besluitvorming moet nog plaatsvinden. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing dient bij de berekening van de ratio’s rekening te worden gehouden met reeds geraamde onttrekkingen in de (meerjaren)begroting 2023 e.v. ten laste van de beschikbare reserves. De gehanteerde opzet is gelijk aan begroting 2023. We nemen het mee als verbeterpunt. Het kengetal voor solvabiliteit is gedaald tot 20% (reeds rekening houdend met de onttrekking van het negatieve resultaat). Voor gemeenten en provincies is dit aan de ondergrens. Nog lager wordt als risicovol bestempeld. Overgenomen en nader geduid.
Met inachtneming van het voorgaande adviseert de begeleidingscommissie positief over het voorstel ‘ontwerp Begroting 2024 RUD Zeeland’. Desgewenst is de begeleidingscommissie bereid de inhoud van deze brief nader toe te lichten. De begeleidingscommissie verzoekt u deze reactie/dit advies aan de deelnemers en aan het algemeen bestuur beschikbaar te stellen. Met vriendelijke groet, namens de begeleidingscommissie,
Ronny de Troije voorzitter
3