CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

02k Wetenschapswinkel - West-Zeeuws-Vlaanderen Schetsen aan de toekomst

Commissie Ruimte/AB 17 oktober 2023, gemeente SluisBij agendapunt: A-brieven (voor kennisgeving aannemen en in handen stellen van het college ter verdere afdoening)19.655 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

| 51

4.5

Afbeelding 15

Selectie van drie projecten

Plenaire presentaties van werkgroepresultaten.

Na de plenaire presentaties van alle schetsen is de schetsdag plenair afgesloten. Een van de deelnemers uit een zorg: “Er zijn zoveel schetsen gemaakt met zoveel ingrediënten. En dat ook nog op verschillende schaalniveaus. Hoe kunnen we nu verder gaan?” Er zijn ook een paar suggesties gedaan voor concrete en tastbare projecten. Zoals het voorstel van ZLTO voor het robuust maken van kreekruggen en overtollig zoetwater opslaan, de waterhouderij-gedachte. Ook het idee voor het oude kavelruilbureau/BBL om de Spaanse Linie robuust te maken is concreet: “Hoe kunnen we zoetwater vasthouden in West-Zeeuws-Vlaanderen voor landbouw en recreatie?” Een andere reactie is dat de schetsdag kansen biedt om tot veel plannen te komen. Daarbij wordt geadviseerd om het niet meteen politiek te maken. Ook wordt gesteld dat het misschien handig is om burgers er veel meer bij te betrekken dan alleen professionele organisaties. Zo is de gemeente Sluis gezegend met dorpsraden. Er kan geprobeerd worden om twee of drie kwesties verder te bespreken in dorpsraden: “Kan u er iets mee? Wilt u er iets mee?” Of dat dit idealistisch of naïef is, wordt gevraagd, maar misschien is het een kwestie van proberen en kijken wat er gebeurt. Probeer met sectorvertegenwoordigers en dorpsraden een informeel traject op te zetten.

Een van de burgers stelt dat je twee tot drie jaar moet nemen om de visie levend te houden en breder op te zetten voor de gewone mens. Zet meer in op het inbrengen van burgerparticipatie: “Dan tref je mensen met geluk en tijd.” Weer een ander oppert om juist de EU en de provincie te benaderen, ook voor geld. Het project is grensoverschrijdend en dan heb je bij de EU al heel snel beet. Zoetwater en linies zijn immers grensoverschrijdend. Anderzijds is de provincie Zeeland bezig met een Omgevingsvisie. Ook daar sluit dit op aan of gaat zelfs verder.

52 | West-Zeeuws-Vlaanderen. Schetsen aan de toekomst

Er zijn uiteindelijk drie projecten geselecteerd om verder te verkennen: 1. De kust en meer differentiatie van toeristisch-recreatieve product in het binnenland. Het creëren van een binnenwater met recreatiemogelijkheden en voedselbos, door binnenlandse duinvorming en benutting kreekmondingen. 2. Het middengebied met kreken als groene zoetwaterreservoirs. Het gaat om het herstellen van groene (ecolodges, voedselbos) zoetwaterreservoirs (inclusief het benutten van zoetwaterbellen en aanleg zoetwaterspaarbekken). 3. Benutting van linies en oude kreekruggen in integrale grenszones (met Staats-Spaanse linie en waterhouderij). De drie projecten zijn hieronder op de kaart van West-Zeeuws-Vlaanderen weergegeven (Afbeelding 16). In Bijlage 2 worden presentaties van studenten van het AHK weergegeven die kunnen inspireren voor de verdere uitwerking van de projecten.

Rapport 368 | Wageningen, Wetenschapswinkel

| 53

De drie projecten op de kaart van West-Zeeuws-Vlaanderen (Bron: Michaël van Buuren).

54 | West-Zeeuws-Vlaanderen. Schetsen aan de toekomst

Afbeelding 16

De toekomstvisies voor de drie projecten zijn als volgt te schetsen. 1. De kust en meer differentiatie van toeristisch-recreatieve product in het binnenland De kust blijft de grote trekker. Daarbij is het gewenst om niet overal hetzelfde te willen ontwikkelen. De kust versterken met harde en zachte verdediging wordt aangevuld met nieuwe ontwikkelingen in het binnenland: vooroevers, rewilding, het creëren van binnenwater met recreatiemogelijkheden en voedselbos, binnenlandse duinvorming en benutting van kreekmondingen. De huidige bestaande toeristisch-recreatieve ontwikkeling is gericht op de zandige (duinen en strand) kust. De ontwikkeling in West-Zeeuws-Vlaanderen is vooralsnog eenzijdig: vlak achter en aan de kust zijn min of meer eenvormige ‘huisjesparken’ ontwikkeld die in belangrijke mate op elkaar lijken. Slechts een paar plekken weten zich hier te onderscheiden door een meer gedifferentieerde ontwikkeling. Het voorstel hier is: •

Versterk de differentiatie. Groei in de directe kustzone niet door nog meer van hetzelfde (huisjesparken), maar door intensivering op een beperkt aantal plekken, aangevuld met extensivering of ‘geen ontwikkeling’ elders. Om daarmee meer capaciteit en differentiatie tot stand te brengen. Door hoger te bouwen, kan zonder meer ruimtebeslag de verblijfscapaciteit worden vergroot.

•

Door het (ruimtelijk) concentreren van ontwikkelingen kan ook het voorzieningenniveau versterkt en gedifferentieerd worden.

•

Op andere plekken wordt geïnvesteerd in het verbreden van de duin- en strandzone door het stimuleren van duinvorming. Dat geeft lokaal ook ruimte voor weer een heel ander toeristischrecreatieve typologie (duinwoningen, strandwoningen, kreek-mondingwoningen, enzovoorts).

•

De agrarische, open gebieden net achter de duinen kunnen daardoor ‘groen’ en ‘open’ blijven.

•

Alles in dienst van het verrijken en differentiëren van het recreatieve aanbod, zonder daarbij de kip

•

De beoogde ontwikkeling van duinen en kreekmondingen geven ook ecologisch interessante

met de gouden eieren te slachten. potenties. Op de manier kunnen op meerdere plekken condities ontstaan, zoals in en rond het Zwin. 2. Het middengebied met kreken als groene zoetwaterreservoirs Het gaat om het herstellen van kreken als groene (ecolodges, voedselbos) zoetwaterreservoirs (inclusief het benutten van zoetwaterbellen en aanleg zoetwaterspaarbekken). De huidige kreken kunnen worden gebruikt als zoetwaterreservoir voor de landbouw, gecombineerd met natuurontwikkeling en recreatie. Langs de kreken kunnen fiets- en wandelpaden (routes) komen om van kust naar achterland te komen. De kreken worden ingezet als zoetwaterberging voor het gebied. De kreken worden breder en krijgen flauwe oevers. Zo kunnen ze meer zoetwater bergen. Langs de kreken komen kruidenrijke stroken, rietvelden, hakhoutbossen, grienden en ooibossen. Er zijn diverse manieren om de kreken daadwerkelijk vorm te geven, bijvoorbeeld met stroken langs de kreken of blokken. Eventueel kan er in de robuuste kreken op enkele plaatsen ruimte zijn voor kleinschalige woningbouw of recreatiewoningen. Recreatieroutes kunnen aan de kreken gekoppeld worden of juist de andere landschapspatronen volgen. Er is vooraf onderzoek nodig naar de gevolgen van de zoetwateropslag in de kreken.

Wat is de invloed op de waterhuishouding (en het zoetwaterstelsel)? Ook kunnen mogelijkheden worden nagaan voor thermische energie (koude-net etc.). Landbouw en het waterschap zijn de eerste doelgroepen die dit initiatief kunnen verder brengen. 3. Benutting van linies met oude kreekruggen in integrale grenszone Voor het benutten van linies met oude kreekruggen in de integrale grenszone zijn de volgende aanbevelingen te doen: •

Gebruik het patroon van oude Linies en krekensystemen als basis voor een nieuwe waterhuishouding: de Waterhouderij. Met name de Linie van Oostburg en de Passa-geulelinie 2 en in mindere mate de Bedmarlinie maken een verbindende lijn tussen Zwin en de Braakman. Bij Bakkersdam ligt een belangrijke afsplitsing van het geulenpatroon richting Vlaanderen.

2

De Passageule-Linie is een onderdeel van de Staats-Spaanse Linies die liep langs de Passageule zuidelijk van Oostburg tot IJzendijke. Ze is aangelegd door de Staatsen kort na 1604, toen zij West-Zeeuws-Vlaanderen in hun bezit kregen. Rapport 368 | Wageningen, Wetenschapswinkel

| 55

•

Probeer in de grenszone het zoetwater beter te conserveren. Vanuit beleid dat momenteel wordt ontwikkeld, wordt ingezet op een stopzetting van oppervlakkige waterafvoer van Vlaams (polder)water op de Westerschelde via spuien of pompen. Met name genoemd: afwatering Sluis Nol Zeven, Sluis Braakman, gemaal Nummer Een.

•

Kom tot een plaatselijke ‘Waterhouderij’. De Waterhouderij “buffert tijdelijk het neerslagoverschot in de winter en gebruikt het in de zomer wanneer ‘geen’ of beperkt andere bronnen beschikbaar zijn. De Waterhouderij streeft een grote mate van zelfvoorzienendheid na, voor en door het gebied zelf. De originele doelstelling, droogtebeperking voor de landbouw, is verbreed met het beperken van de wateraanvoer, het verbeteren van de waterkwaliteit, het bijdragen aan natuurdoelstellingen en de energievoorziening”. (http://waterhouderij.nl/)

•

Benoem een gebied voor berging van neerslagoverschot en overtollig water bij extreme neerslag en laat dat gebied ook een buffer zijn voor droge tijden, zodat van hieruit water kan worden geleverd aan flankerende landbouwgebieden.

•

Ontwikkel nieuwe bossen, met name in het kleinschalige landschap rondom de grens ten zuiden van de linies. Sluit hierbij aan op bestaande structuren bij de Braakman. De bossen vormen een belangrijke component voor het vastleggen van CO2. De landbouw krijgt hierdoor ook een betere vochtvoorziening. Verder is een belangrijke rol voor de landbouw weggelegd voor CO2-vastlegging in de bodem (onder ander door middel van groenbemesting). Dit is belangrijk voor de bodemvruchtbaarheid, maar ook voor de waterhuishouding, het vochtleverend vermogen. Alles overziend, is een coalitie voorstelbaar, vanuit gedeelde belangen, tussen: landbouw, natuur, waterschap en recreatie. Zoek ook samenwerking en overlappende belangen met Vlaanderen, niet alleen bijvoorbeeld een kunstroute of op het gebied van cultuurhistorie, maar ook met betrekking tot openbaar vervoer en waterhuishouding.

56 | West-Zeeuws-Vlaanderen. Schetsen aan de toekomst

Rapport 368 | Wageningen, Wetenschapswinkel

| 57

5

Vervolgproces

5.1

Inleiding

Dit rapport biedt nog geen samenhangende visie op de toekomstige ontwikkeling van het gebied West-Zeeuws-Vlaanderen. Het rapport valt het best te typeren als een reservoir van ideeën en een inventarisatie van bestaande initiatieven waaruit door bestuurders op diverse niveaus en regionale partners kan worden geput; een alleszins nuttige functie lijkt ons. Door de gehouden schetsdag lijkt er een basis te liggen, die een goede aanzet kan zijn voor gebiedsprocessen met regionale partners. Om toekomstvisies verder te ontwikkelen, is het goed om te realiseren dat de toekomst nu is. Uiteindelijk gaat het om projecten die in het verlengde liggen van de beoogde toekomst, uit te voeren. Bij toekomstvisies gaat het om de urgentie. Bij Kust en Kleuren en Waterdunen was er urgentie: het ging slecht met recreatie en toerisme en ook voor natuur en landschap moest er wat gebeuren. Daarbovenop speelde de krimp discussie voor leefbaarheid. Tot de coronacrisis ging het goed met recreatie en toerisme. Wat is de huidige of toekomstige urgentie? De coronacrisis heeft de noodzaak van gezondheid en van mogelijkheden in de directe en dagelijkse (woon/werk-)omgeving te kunnen recreëren, versterkt. Een verdere urgentie blijft klimaatverandering. Zoals Duurzaam Groede al steeds aangaf, is het uiteindelijk aan de regionale partners wat zij met de toekomstschetsen doen.

Een aantal regionale partners ontbrak bij de schetsdag eind februari 2020. Het zou goed zijn als de regionale partners nieuwe schetsdagen met elkaar organiseren. Niet om tot iets geheel nieuws te komen, maar vooral om tot aanscherping van de toekomstschetsen te komen. ZLTO, RECRON, Zeeuws Landschap, Zeeuwse Milieufederatie, Impuls Zeeland, gemeente Sluis, provincie Zeeland en het waterschap Scheldestromen zouden daarbij de volgende vragen als leidraad kunnen nemen: •

Welke toekomstschetsen spreken hen vanuit de eigen organisaties aan en welke mogelijke projecten zijn uitvoerbaar?

•

Welke omvang is noodzakelijk (ha’s en geld) om gewenste situaties te bereiken?

•

Welke keuzes gaan regionale partners maken?!

5.2

Rol van denktanks

Wij adviseren denktanks op te zetten met ondernemers uit de recreatie- en de landbouwsector. Eventueel aangevuld met vertegenwoordigers van gemeenten. De regionale partners kunnen de haalbaarheid van de projectvoorstellen van deze denktanks verder verkennen.

5.3

Gebiedscoördinator

Bij de overheden is er nu geen duidelijke gebiedscoördinator beschikbaar die als aanspreekpunt fungeert voor West-Zeeuws-Vlaanderen. Het zou zeer wenselijk zijn als er een gebiedscoördinator duurzame gebiedsontwikkeling komt. Verder moet de gemeente Sluis beter worden betrokken en bij de provincie Zeeland dient contact gelegd te worden met medewerkers die zich richten op gebiedsontwikkeling en burgerinitiatieven.

58 | West-Zeeuws-Vlaanderen. Schetsen aan de toekomst

5.4

Financiering nieuwe schetsdagen

Voor de wetenschapswinkel is het project met de oplevering van het rapport en een nog te houden publieksbijeenkomst formeel afgerond. Naast de eerder gedane toezegging van de provincie Zeeland heeft de opdrachtgever laten weten dat er een intentie is om het project een vervolg te geven. De betrokken landschapsarchitecten in dit project zouden graag met regionale partners het proces voortzetten. Nieuwe schetsdagen leiden ertoe dat regionale partners de creativiteit verder bij elkaar naar boven halen en er ook concretiseringsslagen op verschillende schaalniveaus met elkaar kunnen worden gemaakt. Vervolgens is het zaak om kwartiermakers voor projecten zichtbaar te krijgen die vervolgens helpen om de governance verder vorm te geven, opdat de gewenste projecten haalbaar worden en daadwerkelijk worden gerealiseerd. Het rapport dient verder te worden ingebed in de ‘European Green Deal’. Enerzijds omdat dat zicht geeft op rechtstreekse financiering van regionale initiatieven door de EU (bijvoorbeeld vanuit het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling) en anderzijds omdat het Nederlandse ruimtelijk beleid meer en meer door het Europese beleid zal worden ingekaderd, waardoor ook de nationale financiering indirect door Europese doelstellingen zal worden bepaald.

Rapport 368 | Wageningen, Wetenschapswinkel

| 59

60 | West-Zeeuws-Vlaanderen. Schetsen aan de toekomst

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=06a4dc78-331a-4ff7-b630-6dbec76d5742