CConstaterende datSluis
Koppel je AI →
Document · PDF

02 Bijlage Visie op wonen, zorg, welzijn en voorzieningen

Commissie Samenleving/Middelen 7 mei 2024, gemeente SluisBij agendapunt: Voorstel tot het vrijgeven voor inspraak van de concept Visie op wonen, zorg, welzijn en voorzieningen.16.194 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

6. We ondersteunen initiatieven voor sociale verbinding

Hoe? Door aanvullend in te zetten op het behoud en versterken van sociale netwerken. Ook als mensen verhuizen naar een zorgwijk of centrum van wonen en zorg. Fysieke en (steden)bouwkundige overwegingen in de openbare ruimte en op niveau van woonzorgconcepten kunnen de nabijheid tot anderen stimuleren. De uitgangspunten vanuit de positieve gezondheid staan centraal. We hebben een sterke afstemming binnen het ruimtelijke en sociale domein in de gemeente om de infrastructuur, het voorzieningenaanbod en het zorgaanbod en de invulling van de openbare ruimte passend te organiseren. Denk aan zicht op de capaciteit en bezetting bij huisartsen, tandartsen en de wijkverpleging. Bij veranderingen in het aanbod, specifiek bij nieuwe wonen- en zorginitiatieven. zodat we sneller in kunne springen bij veranderingen. We zetten in op een betere aansluiting tussen de eerste- en tweedelijns zorg. De definities uit deze visie (bijlage A) vormen het uitgangspunt van gesprek. Ook in planbeoordelingen en in gesprek met onze partners binnen wonen, zorg en welzijn zijn we hier als gemeente scherp op. We onderzoeken de inzet op de 3-30-300 regel in onze gemeente om te komen tot een groene, gezonde, toegankelijke en leefbare omgeving. Als gemeente pakken we onze rol bij nieuwbouwontwikkelingen als het gaat om een visie op een gezonde, groene openbare ruimte en de toegankelijkheid ervan.

De VNG en gemeenten werken, samen met de zorgsector en de politiek, aan de beweging van zorg naar gezondheid die al volop is ingezet. Het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) bevatten afspraken die een impuls geven aan het verbeteren van de gezondheid van alle inwoners. In het bijzonder hebben we aandacht voor het verbeteren van de situatie van mensen met

Wie? Gemeente Sluis Zorg- en uitvoeringsorganisaties

Wanneer? Doorlopend

Gemeente Sluis

Doorlopend

Gemeente Sluis Zorg- en uitvoeringsorganisaties

Halfjaarlijks

Gemeente Sluis

2024

Gemeente Sluis

2025

Gemeente Sluis VNG Zorg- en uitvoeringsorganisaties Het Rijk

Doorlopend

23

7. Inclusiviteit als norm hanteren in organisaties, verenigingen en clubs 8. We stimuleren onze inwoners om te kijken naar elkaar

9. We werken via integrale gebiedsontwikkelingen aan sterke zorgwijken in de grotere kernen

gezondheidsachterstanden en mensen in een kwetsbare situatie. Zo zorgen we dat de zorg goed, toegankelijk en betaalbaar is voor mensen die dat echt nodig hebben. Als gemeente stimuleren we inwoners, organisaties, clubs en verenigingen zich open te stellen voor iedereen en activiteiten niet specifiek voor bepaalde doelgroepen te organiseren. Sterke sociale netwerken zijn van belang om de eigen regie en zelfredzaamheid van mensen te versterken. Omkijken naar elkaar is breed en wordt op een eigen manier ingevuld. Denk bijvoorbeeld aan elkaar groeten op straat, regelmatig een kopje thee drinken bij de buren of als mantelzorger ondersteuning bieden aan naasten. Er zijn zorgwijken voorzien in de kernen Oostburg, Aardenburg, Breskens, IJzendijke en Sluis. Deze zorgwijken komen in de plaats van de verzorgingshuizen. Het is de bedoeling om alle verzorgingshuizen (en delen van de verpleeghuiszorg) om te bouwen naar zorgwijken, te beginnen in Oostburg en IJzendijke.

Gemeente Sluis

Inwoners Iedereen

Gemeente Sluis, zorgorganisaties en woningcorporatie

Doorlopend

Altijd

2024-2040

De ombouw van verzorgings- en verpleeghuizen naar zorggeschikte woningen is primair de verantwoordelijkheid van zorginstelling(en) en woningcorporaties. De sociaal-maatschappelijke voorzieningen zoals ontmoetingsruimten in deze zorgwijken is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van gemeente, woningcorporatie en zorginstellingen. Het toegankelijk, autoluw en/of dementievriendelijk maken van de openbare ruimte is de verantwoordelijkheid van de gemeente.

2.5 Actiepunten ambitie 2: Goed wonen voor iedereen door in te zetten op doorstroming op de woningmarkt Wat? 1. Kennis over wonen, zorg en welzijn delen we breed met inwoners

2. We moedigen particuliere eigenaren aan hun huis aan te passen en deze levensloopbestendig te maken

Hoe? We informeren onze inwoners over de ontwikkelingen in het domein van wonen, zorg en welzijn en stimuleren hen gebruik te maken van bestaande faciliteiten, steunpunten en financieringsmogelijkheden rondom dit thema. Als gemeente houden we inwoners op de hoogte via onze website. We moedigen particuliere eigenaren aan hun huis aan te passen en deze levensloopbestendig te maken. Bijvoorbeeld door informatieavonden te organiseren en onze gemeentelijke website hierover bij te houden.

Wie? Gemeente Sluis

Wanneer? Doorlopend

Gemeente Sluis

2024

24

3. We werken nauw samen met Woongoed ZeeuwsVlaanderen en ZorgSaam op het gebied van zorgvastgoed 4. We bouwen verzorgingsen verpleeghuizen om tot zorggeschikte woningen / zorgwijken

5. Definitie van minimaal een levensloopbestendige woning hanteren bij nieuwbouw 6. We zetten in op het in gang zetten van een ‘doorstroomketen’ bij nieuwbouw 7. Aandacht voor aandachtsgroepen en urgentiecategorieën 8. Herzien mantelzorgbeleid

9. Volkshuisvestingsfonds

We werken nauw samen met Woongoed ZeeuwsVlaanderen en ZorgSaam op het gebied van het Centrum voor Wonen met Zorg en geclusterde zorgwoningen in een zorgwijk. Contacten en samenwerking met particulieren binnen het thema wonen en zorg zijn ook belangrijk. De ombouw van verzorgings- en verpleeghuizen naar zorggeschikte woningen is – zoals gezegd – de verantwoordelijkheid van zorginstelling(en) en woningcorporaties. Het Rijk ondersteunt woningcorporaties en zorgaanbieders hierbij via de Stimuleringsregeling Zorggeschikte Woningen. Bij de ontwikkeling van nieuwbouwwoningen zetten we in op aanvullende eisen volgens de definitie van minimaal een levensloopbestendige woning.

Gemeente Sluis Woongoed ZeeuwsVlaanderen ZorgSaam Zorgorganisaties en woningcorporatie

Doorlopend

Gemeente Sluis

Doorlopend

We onderzoeken in samenwerking met de woningcorporatie de inzet van verhuiscoaches of maatwerkadviseurs. Met als doel ouderen uit sociale huurwoningen passend te begeleiden naar een nieuwbouwwoning. We monitoren ontwikkelingen van de aandachtsgroepen en urgentiecategorieën en geven uitvoering aan onze visie voor deze doelgroepen. Op lokaal en regionaal niveau blijven we in gesprek over de huisvestingsopgave. We herzien ons mantelzorgbeleid in 2025. Aandacht besteden we aan de kaders voor mantelzorgwoningen. Ook gaan we als gemeente de aanvragen die hiervoor gedaan worden goed monitoren. Via het Volkshuisvestingsfonds willen we particuliere woningeigenaren, die voldoen aan specifieke eisen en die een kwetsbare woning bezitten, stimuleren om hun woning om te bouwen tot levensloopbestendige woningen, nultredenwoningen of zelfs volledig zorggeschikte woningen (indien ze binnen de contouren / clustering van de zorgwijk vallen). We zien dit als een verantwoordelijkheid van de gemeente (gesteund met rijksmiddelen). NB: Deze woningen zijn geselecteerd op basis va n14 kwetsbaarheidsindicatoren in afgebakende gebieden in de vier kernen.

Woongoed ZeeuwsVlaanderen

Doorlopend

2024

Gemeente Sluis

Doorlopend

Gemeente Sluis

2025

Gemeente Sluis

Doorlopend

2.6 Actiepunten ambitie 3: Het actief uitbouwen en versterken van lokale en regionale samenwerkingen met relevante woon, zorg en welzijnspartijen en buurgemeenten Wat? 1. We versterken de samenwerking met andere gemeenten in ZeeuwsVlaanderen

Hoe? We versterken de samenwerking met andere gemeenten in Zeeuws-Vlaanderen bij woonzorginitiatieven die van regionaal belang zijn. We benutten hiervoor onze bestaande regio-overleggen waar mogelijk.

Wie? Gemeente Sluis en regiogemeenten Hulst en Terneuzen

Wanneer? Doorlopend

25

2. Opstellen regionale woonzorgvisie en uitvoeringsprogramma

We stellen met regiogemeenten een regionale woonzorgvisie met uitvoeringsprogramma op. Daartoe vragen we de zorgaanbieders en woningcorporaties om de benodigde investeringen voor de ombouw van verpleeg- en verzorgingshuizen naar zorggeschikte woningen, inclusief planning/fasering, boekwaardes huidige verpleeg- en verzorgingshuizen, onrendabele top zorggeschikte woningen ten opzichte van reguliere woningen, etc. in beeld te brengen om eventueel via een Regiodeal of Elke Regio Telt een apart (financieel) arrangement te treffen voor de ombouw.

Gemeente Sluis en regiogemeenten Hulst en Terneuzen

2024

3. We organiseren terugkerende Woonzorgtafels

We organiseren terugkerende Woonzorgtafels. Hierbij nodigen we woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties uit. Doel is om te komen tot ketensamenwerking en meer in verbinding te staan met elkaar. De insteek is dat elk overleg een eigen thema heeft. Ook is er ruimte om elkaar op de hoogte te stellen van ontwikkelingen. Zo kijken we samen naar wat er wel kan. Vanuit de programma’s Toekomstige Zorg West Zeeuws Vlaanderen (TZWZV) en Vitaal WZV onderzoeken we de mogelijkheden om het instrument van brancheregelingen ook voor de zorg in te zetten. Doel is om kwetsbare zorgvoorzieningen levensvatbaar te houden als positieve impuls voor de leefbaarheid en het voorzieningenniveau.

Gemeente Sluis Woningcorporaties Zorg- en uitvoeringsorganisaties

Doorlopend

Gemeente Sluis

2024-2025

4. Instrument brancheregelingen onderzoeken voor de zorg

26

Bijlage A: Afkortingen en begrippen In deze woonzorgvisie worden veel verschillende afkortingen en begrippen gehanteerd. We lichten deze respectievelijk toe hieronder. Afkortingen BW: Beschermd wonen GALA: Gezond en Actief Leven Akkoord IZA: Integraal zorgakkoord Vitaal WZV: Programma Vitaal West Zeeuws Vlaanderen Vpt: Volledig pakket thuis TZWZVL: Programma Toekomstige Zorg West Zeeuws Vlaanderen Wlz: Wet langdurige zorg Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning Wvrv: Wet versterking regie volkshuisvesting Zvw: Zorgverzekeringswet Begrippen Algemene voorzieningen: Het aanbod van diensten of activiteiten (waarvoor mensen geen indicatie nodig hebben) dat beschikbaar is vanuit de Wmo. Denk aan maatschappelijke opvang en meldpunten, maaltijdservice of georganiseerde activiteiten in een buurt- of dorpshuis. Beschermd wonen: Wonen in een accommodatie van een instelling met daarbij behorende toezicht en begeleiding, gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de cliënt of anderen, bestemd voor personen met psychische of psychosociale problemen, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving (definitie Wmo2015).

Beschermd thuis: De verschuiving van beschermd wonen in een instelling naar zelfstandig thuis. Zelfstandig thuis wonen wordt mogelijk gemaakt door passende ondersteuning en begeleiding aan huis. Centrum voor wonen met zorg: Het Centrum voor Wonen met Zorg is een specifieke woonzorgvoorziening waar intensieve complexe verpleeghuiszorg wordt geboden, waarvoor gespecialiseerd personeel en speciale apparatuur

27

nodig is. Het Centrum voor Wonen met Zorg kan de vorm hebben van een traditioneel verpleeghuis of – met het oog op de toekomst en flexibiliteit – gebouwd worden als een complex van meerdere zorggeschikte woningen Doorstromer: Huishouden dat binnen Nederland verhuist naar een zelfstandige woning en daarbij een zelfstandige woning achterlaat voor een volgende bewoner. Extramuraal: Zorg dat buiten een 24-uurs zorginstelling geleverd wordt. Er is geen zorgaanbieder 24-uur per dag aanwezig op de locatie. Denk hierbij aan zorg aan huis vanuit Wlz-Volledig Pakket Thuis (vpt). Geclusterde woonvormen: Geclusterde woonvormen beslaan woningen die voldoen aan de uitgangspunten voor nultredenwoningen*. Daarnaast zijn deze woonvormen ingericht op het bevorderen van sociaal contact en gemeenschapsgevoel, waardoor eenzaamheid wordt tegengegaan. Er moet een ontmoetingsruimte inpandig aanwezig zijn en de woonvorm is wordt voor minimaal 50% bewoond door 55+’ers. Bij geclusterde woonvormen kan worden gedacht aan onder andere hofjeswoningen, serviceflats en seniorenflats. Landelijk wordt bij clustering uit van een schaal van minimaal 12 woningen. De schaal voor clustering kan op het platteland of in kleine kernen lager liggen. Het verdient aanbeveling dat de woningen dementievriendelijk ingericht worden.

Gezondheidscentrum: In een gezondheidscentrum werken de volgende functies en voorzieningen samen: geclusterde huisartsenpraktijken met ondersteuning, apotheek, wijkverpleging, sociaal domein en paramedische diensten. Intramuraal: Wlz-zorg dat in een instelling geleverd wordt. Zorg is 24-uur per dag aanwezig. Levensloopbestendige woning: Levensloopbestendige woningen zijn (eengezins)woningen die aangepast en toegankelijker gemaakt zijn. Denk aan de plaatsing van een traplift of het verplaatsen van de slaapkamer en badkamer naar de begaande grond. Maatwerkvoorziening: Een Wmo-voorziening op maat gericht op een persoon met een indicatie. Er zijn vier typen maatwerkvoorzieningen: 1) ondersteuning, 2) hulp bij huishouden, 3) verblijf en opvang, 4) hulpmiddelen en diensten. Maatwerkvoorzieningen onderscheiden zich onder andere van algemene voorzieningen omdat algemene voorzieningen voor meer mensen toegankelijk zijn. Mantelzorgers en mantelzorgontvangers: Huishoudens die wegens het langdurige en intensieve karakter van de mantelzorg behoefte hebben aan (andere) woonruimte zodat zij mantelzorg - onbetaalde en vaak langdurige zorg voor zieke familieleden of vrienden - kunnen ontvangen of verlenen.

Medisch centrum: Een medisch centrum bevat (tenminste) diagnostiek en multifunctionele (spreek)ruimte voor het poliklinische spreekuur van medisch specialisten (en mogelijk kleine, poliklinische ingrepen). Tevens is er een Huisartsenpost (HAP) gekoppeld aan het medisch centrum met geïntegreerd gezondheidscentrum. Nultredenwoningen: Nultredenwoningen zijn reguliere woningen die zowel intern als extern toegankelijk zijn. Dit houdt in dat je de woningen kan bereiken zonder trap te lopen (extern toegankelijk) en dat keuken, badkamer, toilet en minimaal 1 slaapkamer zonder trappen te bereiken zijn (intern toegankelijk). Modulair Pakket Thuis (mpt): Met een mpt kan de cliënt Wlz-zorg thuis laten leveren door één of meerdere zorgaanbieders middels zorg in natura. Voor bepaalde zorgvormen, zoals persoonlijke verzorging en verpleging, is het ook mogelijk om zorg zelf in te kopen met een pgb. Volledig Pakket Thuis (vpt): Met een vpt wordt vanuit de Wlz dezelfde zorg en begeleiding verleend als in een zorginstelling, maar dan aan huis in een zelfstandige woning. Het vpt sluit aan bij de trend zo lang mogelijk thuis te kunnen blijven wonen.

28

Thuis in de wijk: zorg en ondersteuning die planbaar en beschikbaar is in alle kernen van de gemeente Sluis. Wlz: Wet langdurige zorg. Het regelt zware, intensieve zorg voor kwetsbare ouderen, mensen met een handicap en mensen met een psychische aandoening. Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning, officieel Wmo 2015. Vanuit de Wmo biedt de gemeente ondersteuning thuis voor mensen die niet op eigen kracht zelfredzaam zijn. De Wmo kent algemene en maatwerkvoorzieningen. Zorggeschikte woningen: Zorggeschikte woningen zijn zelfstandige woningen die onderdeel zijn van een geclusterde vorm waarin verpleegzorg geleverd kan worden / WLZ-zorg (afkorting) geleverd wordt voor bewoners. Om zorg te kunnen leveren is het van belang dat deze wooneenheden en de toegang hiertoe rolstoel- of rollatorgeschikt zijn, met voldoende ruimte bij de entree, in de toiletruimte en in de badkamer (ARBO-eisen zorgpersoneel). Ook dient de woning brandveilig te zijn en te beschikken over een goede en stabiele internetverbinding voor domotica. Zorgwijk: Een zorgwijk bestaat uit de clustering van meerdere zorggeschikte woningen en diverse welzijns-, zorg-, paramedische en maatschappelijke voorzieningen, zoals een winkel voor dagelijkse boodschappen, postagentschap, geldautomaat, apotheekvoorziening, spreekuurlocatie huisarts, steunpunt wijkverpleging, ontmoetingsruimte en dagbesteding.

Deze voorzieningen zijn op loopafstand bereikbaar, binnen een toegankelijke, autoluwe en dementievriendelijke omgeving. De zorgwijken bieden daarmee alle voorzieningen die voorheen werden aangeboden in een verzorgingshuis, maar dan in een wijkvorm. In een zorgwijk is 24 uur per dag niet planbare zorg beschikbaar d.w.z. dat er een zorgverlener tijdig aanwezig is, rekening houdend met de kwalitatieve uitgangspunten die gelden voor veilige en verantwoorde zorg. Om 24-uurs zorg te kunnen bieden bestaat een zorgwijk uit circa 64 zorggeschikte woningen. De zorgwijk ligt bij voorkeur in een straal van 250 meter vanaf het Centrum voor Wonen met Zorg.

29

Bijlage B: Ontwikkeling zorgbehoefte In onderstaande paragrafen is de ontwikkeling van de zorgbehoefte in de gemeente Sluis weergegeven. Voor de extramurale zorgbehoefte is de provinciale prognose gebruikt. De resultaten van de extramurale zorgbehoefte wijken daarom iets af van de cijfers uit de ‘analyse woon- en zorgontwikkeling Zeeland’ (april 2023). Dit komt doordat in die analyse gebruik is gemaakt van een andere prognose (Primos 2022). Bovendien gaat die analyse uit van een andere tijdsperiode (2020-2025-2030, etc. in plaats van 2023-2033). Hierdoor zijn de uitkomsten uit beide onderzoeken moeilijk te vergelijken. De achterliggende uitgangspunten van beide analyses zijn daarentegen wel hetzelfde. We zien dan ook dezelfde trend (een toename van extramurale zorg), alleen in een iets minder sterke mate. Voor de intramurale zorgbehoefte is de (beleidsneutrale) Primos prognose (2022) gebruikt. Hierin is nog geen rekening gehouden met het rijksvoornemen om beperkt intramurale zorgplekken te realiseren. Het Nederlandse zorgstelsel Het Nederlandse zorgstelsel legt de basis voor de zorg in Nederland en biedt daarmee het kader waarnaar overheden en zorgaanbieders handelen. Ons zorgstelsel is gebaseerd op de principes: toegang tot zorg voor iedereen, solidariteit via een voor iedereen verplichte zorgverzekering en een goede kwaliteit van zorg.

Dit wordt geregeld via de stelselwetten: de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet langdurige zorg (Wlz), de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo2015) en de Jeugdwet.15 Zie bijlage C voor een verdieping op deze wetten. Wet langdurige zorg (Wlz) Zorg uit de Wlz kan in een instelling of thuis geleverd worden. We gaan in hieronder daarom in op zorg vanuit de Wlz bezien vanuit een intramuraal en extramuraal oogpunt. Wlz intramuraal (verblijf in een instelling) Onder intramurale zorg wordt 24-uurs zorg verstaan voor cliënten die in een (zorg-)instelling wonen of verblijven. Het wordt geregeld op basis van zorg in natura (het zorgkantoor contracteert zorgaanbieders) of een persoonsgebonden budget (de cliënt koopt zelf de zorg in).

INDICATIE (TOEKOMSTIG) INTRAMURAAL ZORGGEBRUIK Om een uitspraak te kunnen doen over de ontwikkeling van de zorgvraag in relatie tot de ontwikkeling van de bevolking maken we hierna gebruik van gegevens van het daadwerkelijke gebruik van zorg (en is daarmee beleidsarm). Dit doen we op de volgende wijze: • Eerst bepalen we het huidig gebruik van zorg per leeftijdsklasse. Dit doen we aan de hand van CBS en de omvang van de (intramurale) bevolking per leeftijdsklasse in gemeente Sluis op basis van Primos2022. • Vervolgens gebruiken we de verwachte ontwikkeling van de intramurale bevolking tot 2033 volgens Primos2022 om de toekomstige zorgbehoefte per leeftijdsklasse te bepalen. We gaan er hierbij vanuit dat het aandeel zorgindicaties per type per leeftijdsklasse gelijk blijft ten opzichte van het huidig gebruik. Veranderingen in het aantal cliënten zullen in deze behoefteraming dus alleen door demografische ontwikkelingen in de intramurale bevolking optreden.

15 Er raken ook andere wetten aan het zorgstelsel zoals de Wet verplichte GGZ, Mededingingswet, Participatiewet alsook de

Kwaliteitswet zorginstellingen.

30

•

In deze raming is gekozen voor een doorkijk van tien jaar. Hierdoor kan vroegtijdig worden ingespeeld op lange termijnontwikkelingen. Reden om de doorkijk niet langer te maken is de onzekerheidsmarge: hoe groter de tijdshorizon is, hoe onzekerder de cijfers zullen zijn. Het regelmatig monitoren van de woon-zorgbehoefte is daarom noodzakelijk.

Circa 210 intramurale Wlz-cliënten verwacht in 2023 in de gemeente Sluis We geven eerst inzicht in het aantal personen met een Wlz-indicatie die in de gemeente Sluis in een instelling wonen. De tabel hieronder toont dat in de gemeente relatief veel ouderen met een Wlz-indicatie woonachtig zijn in een instelling. Van alle intramurale cliënten is circa 70% ouder dan 55 jaar en circa 60% ouder dan 75 jaar. Onderscheid makende naar type zorgbehoefte toont dat de meeste van deze cliënten vanwege een psychogeriatrische aandoening zorg nodig hebben. Ook is het aandeel verstandelijk gehandicapte cliënten en somatische cliënten relatief hoger. Tabel 6: Intramurale Wlz-cliënten in gemeente Sluis in 2023, naar leeftijd (links) en type Wlz-indicatie (rechts) Leeftijdsgroep 0-15 15-25 25-35 35-45 45-55 55-65 65-75 75-85 85+ Totaal

Aantal 2023 3 13 20 17 11 6 16 49 76 211

Aandeel 2023 1% 6% 9% 8% 5% 3% 8% 23% 36% 100%

1% Somatisch (44)

27%

21%

Psychogeriatrisch (78) Psychiatrisch (13) Lichamelijk gehandicapt (17)

8%

Verstandelijk gehandicapt (57)

37%

Zintuiglijk gehandicapt (2)

6%

Bron links: Primos2022, bewerking Stec Groep (2023). Bron rechts: Primos2022, CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023). Percentages op hele getallen. Tussen de haakjes is het aantal cliënten per zorgbehoefte opgenomen.

Prognose: aantal intramurale Wlz-cliënten groeit naar verwachting met circa 40 personen tot 2033 Op basis van Primos2022 verwachten we dat het totale aantal intramurale cliënten in de gemeente Sluis tot 2033 toeneemt met 41 personen, tot een totaal van 252 cliënten (zie tabel hieronder). Dit is een toename van ongeveer 20%. Als we vervolgens een onderscheid maken naar leeftijdsgroepen valt op dat in vrijwel alle leeftijdscategorieën het aantal personen toeneemt. Uitzondering hierop zijn de leeftijdscategorieën 0 tot 15, 55 tot 65 en 64 tot 75 jaar. Tabel 7: Intramurale Wlz-cliënten in gemeente Sluis in 2033, naar leeftijd (links) en type Wlz-indicatie (rechts) Leeftijdsgroep 0-15 15-25 25-35 35-45 45-55 55-65 65-75 75-85 85+ Totaal

Aantal 2023 3 17 27 27 17 3 1 52 105 252

Aandeel 2023 1% 7% 11% 11% 7% 1% 0% 21% 42% 100%

Ontwikkeling 2023-2033 0 +4 +7 +10 +6 -3 -15 +3 +29 +41

1% Somatisch (53)

28%

21%

Psychogeriatrisch (92) Psychiatrisch (15)

7% 6%

36%

Lichamelijk gehandicapt (19) Verstandelijk gehandicapt (72)

Bron links: Primos2022, bewerking Stec Groep (2023). Bron rechts: Primos2022, CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep

31

(2023). Percentages afgerond op hele getallen. Tussen de haakjes is het aantal cliënten per zorgbehoefte opgenomen. Door afronding in de prognose kan optelling afwijken.

Wanneer we deze zorgbehoefte uitsplitsen naar het type zorg zien we dat met name het aantal intramurale cliënten met een verstandelijke handicap (+14 personen), psychogeriatrische (+14 personen) of somatische aandoening (+9 personen) toeneemt. Zie ook de tabel hieronder. De zorgbehoefte vanuit deze aandoeningen (specifiek somatisch en psychogeriatrisch) ontstaat vaker vanuit een ouder wordende bevolking. Dit is daarmee in lijn met de verwachte ontwikkeling per leeftijdsgroep. Op basis van het woonzorgmodel kan geconcludeerd worden dat de zorgbehoefte vanuit het zorgprofiel zintuigelijk gehandicapt nauwelijks lijkt toe te nemen. Ook overige aandoeningen nemen naar verwachting toe de komende tien jaar in de gemeente Sluis. Tabel 8: Ontwikkeling intramurale Wlz-cliënten 2023-2033 naar type zorg

2023 2033 Ontwikkeling 2023-2033

Somatisch

Psychogeriatrisch

Psychiatrisch

44 53 +9

78 92 +14

13 15 +2

Lichamelijk gehandicapt 17 19 +1

Verstandelijk gehandicapt 57 72 +14

Zintuigelijk gehandicapt 2 2 0

Bron: Primos2022, CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023).

Wlz extramuraal (vpt, mpt, pgb) Niet alle personen met een indicatie Wlz ontvangen de zorg binnen een instelling. Zorg kan ook thuis (extramuraal) geleverd worden waardoor cliënten thuis kunnen blijven wonen. ‘Thuis’ omvat onder meer een reguliere woning, maar kan ook een aanleunwoning zijn of een al dan niet aangepaste woning (in een geclusterde setting) die de geïndiceerde zelf huurt of waarvan diegene eigenaar is. Extramurale zorg vanuit de Wlz wordt geregeld via een volledig pakket thuis (vpt), modulair pakket thuis (mpt) of een persoonsgebonden budget (pgb) (zie bijlage C voor een toelichting). Wie de zorg volledig zelf wil regelen doet dat via een pgb. Wel moet de situatie het toelaten zodat het verantwoord en doeltreffend is om zorg aan huis te verlenen. Daarnaast wordt er eerst gekeken of de kosten voor zorg aan huis niet hoger uitvallen dan bij verblijf in een instelling. Ons model toont tot 2033 een toename van circa 10 mensen die zorg thuis ontvangen. Niet meegenomen is het rijksbeleid van minister Helder om instellingszorg beperkt uit te breiden. Dit betekent dat de circa +40 personen die extra in een instelling landen aankomende tien jaar hoogstwaarschijnlijk de zorg extramuraal dienen te ontvangen. De totale zorgvraag thuis is dus een toename van circa 50 personen volgens ons zorgmodel.

Zoals eerder aangegeven verwacht PTG-advies.nl een toename van circa 95 personen in de periode 2020 tot 2040. Tabel 9: Aandeel Wlz zorg in een instelling en thuis in de gemeente Sluis In een instelling Zorg thuis Totaal

2023 211 58 269

2033 252 69 321

Ontwikkeling +41 +11 +52

Bron: Primos2022, CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023).

MOGELIJK STERKE TOENAME VAN GEBRUIK VPT, MPT EN PGB De groei van het aantal cliënten met een Wlz-indicatie is de afgelopen jaren vooral buiten de traditionele intramurale instellingen opgevangen. Zichtbaar is het toenemend gebruik van een volledig pakket thuis (vpt), modulair pakket thuis (mpt) of persoonsgebondenbudget (pgb). Deze verschuiving hangt samen met de veranderende (woon)voorkeur van cliënten en het feit dat ouderen steeds vaker thuis (moeten) blijven wonen en zorg thuis ontvangen. Om deze transitie te bewerkstelligen moet de organisatie van de zorg hier ook bij aansluiten. Monitoring van de ontwikkelingen en in gesprek blijven met zorgorganisaties binnen zorg en welzijn is dan ook belangrijk.

32

Zorgvraagontwikkeling 2020-2040: zorgvraag in gemeente Sluis ligt vooral in Breskens (60) en Oostburg (65). De zorgvraag in de overige wijken (55) is door de omvang van de regio relatief laag ten opzichte van Breskens en Oostburg. In de omliggende regio’s lijkt de zorgvraag relatief gelijkmatig verdeeld.16

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo2015) Twee typen voorzieningen vanuit de Wmo: gedeeld en persoonlijk De Wmo2015 regelt hulp en ondersteuning (thuis) zodat mensen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en deel kunnen nemen aan de maatschappij. Twee soorten voorzieningen vanuit de Wmo2015 worden onderscheiden: algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen. We gaan hieronder specifiek in op de maatwerkvoorzieningen die tegemoetkomen aan de individuele behoeften (zie bijlage C voor een toelichting op deze voorzieningen).

BEPALING TOEKOMSTIGE ZORGBEHOEFTE VANUIT WMO-CLIËNTEN Om het huidig en toekomstig aantal huishoudens met minimaal één Wmo2015-cliënt te bepalen, maken we gebruik van de meest recente cijfers over extramuraal zorggebruik van het CBS en de provinciale prognose van de provincie Zeeland (2022). Dit doen we op de volgende wijze: • Als basis gebruiken we de gegevens van het CBS over het aantal Wmo2015-cliënten per leeftijdsgroep in de gemeente Sluis uit 2021. Hierbij maakt het CBS tevens onderscheid naar typen maatwerkarrangementen. Daarnaast is ook het totale aantal huishoudens met tenminste één Wmo2015-cliënt bekend via het CBS per gemeente. Ook deze gegevens zijn beschikbaar tot 2021. • Om het aantal huishoudens naar leeftijdsgroep in 2023 te berekenen wordt de provinciale prognose (2022) gebruikt. Hierbij worden dezelfde verhoudingen en totalen aangehouden zoals deze in de CBS cijfers zijn genoteerd. Ook voor het verwachte aantal huishoudens met tenminste één Wmo2015-cliënt wordt de provinciale prognose (2022) aangehouden. Veranderingen in aantallen zijn hierdoor afhankelijk van demografische veranderingen. • De gegevens uit CBS over het aantal Wmo2015-cliënten per leeftijdsgroep in de gemeente Sluis uit 2021 zijn gebaseerd op zorg die in natura geleverd is.

De huishoudens die middels een persoonsgebonden budget (pgb) de eigen Wmo-zorg regelen zijn niet in deze aantallen opgenomen. In 2023 ontvangen circa 2.000 huishoudens hulp en ondersteuning (thuis) vanuit Wmo2015 In de gemeente Sluis zijn erin 2023 1.955 huishoudens waar tenminste één persoon onder de Wmo2015 valt en daardoor extramurale zorg kunnen ontvangen. Deze huishoudens omvatten 17% van het totale aantal huishoudens in de gemeente. Uitgesplitst naar zorgbehoefte (huishoudens kunnen meerdere typen zorg ontvangen) zien we dat er met name naar hulp bij het huishouden en hulpmiddelen en diensten relatief veel vraag is.

16 Bron: PTG- advies.nl, Analyse woon-en zorgvraagontwikkeling Zeeland scenario huisvestingsvraagstuk 1 (april 2023).

33

Tabel 10: Aantal huishoudens met minimaal één Wmo2015-cliënt in gemeente Sluis in 2023, naar leeftijd (links) en type zorgbehoefte (rechts) Leeftijdsgroep 15-25 25-35 35-45 45-55 55-65 65-75 75-85 85+ Totaal

Aantal 2023 12 85 103 184 229 228 615 496 1.953

Aandeel 2023 1% 4% 5% 9% 12% 12% 31% 25% 100%

Ondersteuning thuis (398) 13%

16%

Hulp bij het huishouden (916) Verblijf en opvang (69)

31%

37%

Hulpmiddelen en diensten (1106) Generieke toewijzing (464)

2%

Bron links: Provinciale prognose 2022, bewerking Stec Groep (2023). Bron rechts: CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023). Percentages afgerond op hele getallen. Omdat personen meer maatwerkvoorzieningen tegelijkertijd kunnen gebruiken, is het totaal per type voorziening hoger (het totaal in de cirkeldiagram) dan het totaal aantal cliënten dat vermeld is in de tabel.

Prognose: aantal Wmo2015-cliënten neemt toe met circa 200 huishoudens tot 2033 Op basis van Primos2022 verwachten we dat het aantal huishoudens met tenminste één Wmo2015-cliënt tot 2033 zal toenemen met circa 200 huishoudens, tot een totaal van circa 2.155 huishoudens. Deze toename wordt met name veroorzaakt door een forse toename van het aantal 85-plus huishoudens tot 2033. Wanneer we kijken naar de ontwikkeling over de periode 2023 tot 2033 dan zien we dat er relatief meer vraag is naar hulp bij het huishouden (circa +130) en hulpmiddelen en diensten (circa +115). Tabel 11: Aantal huishoudens met minimaal één Wmo2015-cliënt in gemeente Sluis in 2033, naar leeftijd (links) en type zorgbehoefte (rechts) Leeftijdsgroep

Aantal 2023

15-25 25-35 35-45 45-55 55-65 65-75 75-85 85+ Totaal

11 82 112 167 199 224 665 695 2.155

Aandeel 2023 1% 4% 5% 8% 9% 10% 31% 32% 100%

Ontwikkeling 2023-2033 -1 -3 +10 -17 -30 -4 +50 +199 +203

15%

13%

32%

38%

2%

Ondersteuning thuis (419) Hulp bij het huishouden (1044) Verblijf en opvang (69) Hulpmiddelen en diensten (1223) Generieke toewijzing (498)

Bron links: Provinciale prognose 2022, bewerking Stec Groep (2023). Bron rechts: CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023). Percentages afgerond op hele getallen. Omdat personen meer maatwerkvoorzieningen tegelijkertijd kunnen gebruiken, is het totaal per type voorziening hoger (het totaal in de cirkeldiagram) dan het totaal aantal cliënten dat vermeld is in de tabel.

Tabel 12: Ontwikkeling type zorgbehoefte bij huishoudens met minimaal één Wmo2015 cliënt, gemeente Sluis

2023 2033 Ontwikkeling 20232033

Ondersteuning (thuis) 398 419 +21

Hulp bij huishouden 916 1.044

Verblijf en opvang 69 69

Hulpmiddelen en diensten 1.106 1.223

+128

-1

+117

Provinciale prognose 2022, CBS (2022, cijfers 2021), bewerking Stec Groep (2023).

Generieke toewijzing 464 498 +34 Bron:

34

RECENTE ONTWIKKELINGEN BINNEN VERBLIJF EN OPVANG Op dit moment zijn er twee ontwikkelingen gaande binnen verblijf en opvang uit de Wmo2015. Verblijf en opvang bestaat uit beschermd wonen, maatschappelijke opvang en spoedopvang. Deze twee ontwikkelingen zijn 1) de Wlzmigratie en 2) de overgang van beschermd wonen naar beschermd thuis. • Afgelopen jaren heeft de Wlz-migratie plaatsgevonden. Dit is de overheveling van de Wmo2015 beschermd wonen naar de Wlz voor mensen die langdurig aangewezen zijn op 24-uurszorg. Personen die in de BW blijven hebben daarmee perspectief op doorstroming naar een vorm van zelfstandig wonen. Dit maakt dat het aantal personen met ‘verblijf en opvang’ uit de Wmo2015 kleiner kan worden. Volgens het Rijk ging het om zo’n 23% van de BW-populatie. De Wlz-migratie is al zoveel mogelijk afgerond. • De overgang van beschermd wonen naar beschermd thuis betekent dat mensen steeds meer in hun eigen woning kunnen blijven wonen en de benodigde zorg thuis ontvangen. 17 Dit kan bijvoorbeeld doordat een vorm van toezicht aanwezig is of begeleiding nabij en goed bereikbaar is. Door de overgang van beschermd wonen naar beschermd thuis zullen steeds meer mensen uit de intramurale zorg binnen de reguliere woningvoorraad landen. Als gemeente hebben we gekozen om de huisvesting van beschermd en/of begeleid wonen centraal te organiseren in Oostburg en Breskens.

Dit betekent een uitbreiding van de capaciteit in zowel Oostburg (bestaand) als Breskens (nieuw). Jeugdwet Vanuit de Jeugdwet wordt ondersteuning, hulp en zorg voor jeugdigen (tot 18 jaar en bij uitzondering tot 23 jaar) en hun families geboden bij opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen. De verantwoordelijkheid van de taken zoals beschreven in de Jeugdwet 2014 vallen onder de verantwoordelijkheid van gemeenten. Binnen de Jeugdwet vormt jeugdzorg de verzamelnaam voor alle vormen van geïndiceerde vormen van jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering waarvan jeugdhulp het grootste deel uit maakt. In deze paragraaf wordt enkel ingegaan op jeugdhulp.18 In 2023 zijn er circa 595 personen die jeugdhulp ontvangen in Sluis We beschrijven in deze paragraaf de huidige en toekomstige zorgbehoefte van jeugdigen tot 18 jaar in de gemeente Sluis. Dit doen we op basis van CBS-gegevens over jeugdzorg op gemeentelijk niveau en de ontwikkeling van de bevolking aan de hand van de (beleidsarme) Provinciale prognose 2022. Op basis van het woonzorgmodel analyseren we dat er in 2023 circa 595 personen in Sluis jeugdhulp ontvangen. Het gaat voornamelijk om jeugdhulp zonder verblijf. Dit is vergelijkbaar met de Monitor Jeugdhulp Zeeland (augustus 2023) waarin het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp gemeten is op 610.

Prognose: aantal jeugdigen met jeugdhulp in Sluis tot 2033 blijft ongeveer gelijk Op basis van de demografische ontwikkeling van jeugdigen in de gemeente Sluis tot 2033 in combinatie met het huidige gebruik van jeugdhulp in de gemeente brengen we de toekomstige behoefte aan jeugdhulp in beeld. Demografisch gezien zien we een afname van het aantal jeugdigen in de gemeente Sluis (ontgroening). In de prognose gaan we uit van een gelijkblijvend aandeel jeugdigen dat gebruik maakt van jeugdzorg. Gezien de ontgroening en een gelijkblijvend aandeel jeugdigen dat gebruik maakt van jeugdzorg, verwachten we dat in 2033 circa 580 personen gebruik zullen maken van jeugdhulp. Hierdoor neemt het aantal personen in de jeugdhulp in de gemeente tot 2032 lichtelijk af met 10 tot 15 personen.

17 https://vng.nl/nieuws/wetsvoorstel-woonplaatsbeginsel-bw-nu-bij-tweede-kamer. Het wetsvoorstel regelt dat niet alleen de 43

centrumgemeenten maar alle 342 gemeenten verantwoordelijk worden voor beschermd wonen voor hun eigen inwoners. 18 Er zijn verschillende vormen van jeugdhulp waar gemeenten verantwoordelijk voor zijn. Bij ‘jeugdhulp zonder verblijf’ verblijft (overnacht) de jeugdige formeel thuis, in het eigen gezin of een gezinssituatie zoals pleegzorg, leef- en gezinshuizen. Bij ‘jeugdhulp met verblijf’ verblijft de jeugdige in een residentiële instelling van een jeugdzorgplusinstelling.

35

36

Tabel 13: Ontwikkeling aantal jeugdigen met jeugdhulp periode 2023-2033, gemeente Sluis Vormen van jeugdhulp Jeugdhulp met verblijf (intramuraal) Jeugdhulp zonder verblijf (extramuraal) Pleegzorg (extramuraal) Totaal jeugdhulp

Aantal personen 2023 30 484 80 594

Aantal personen 2033 29 474 78 582

Ontwikkeling 2023 - 2033 -1 -10 -2 -13

Bron: CBS, Primos2022. Cijfers afgerond op vijftallen, hierdoor kunnen optellingen afwijken.

MONITOR ONTWIKKELINGEN BINNEN JEUGDHULP GOED EN STUUR BIJ WAAR NODIG. De prognose is gebaseerd op een gelijkblijvend aandeel jeugdigen dat in gemeente Sluis gebruik maakt van jeugdhulp. Landelijk zien we dat het aandeel jeugdigen in de jeugdzorg toeneemt. Mede door toename van het aantal jongen met complexe problemen en de tekorten in de jeugdzorg, maar ook als nasleep van de COVID-19 pandemie neemt deze druk toe. Ook (jeugd)zorgorganisaties hebben in een stakeholdersessie aangegeven deze landelijke ontwikkeling te herkennen. Specifiek is het tekort aan passende woningen voor kwetsbare jongeren benoemd voor de doelgroep 18 tot en met 27-jarigen. Als passende woningen (met begeleiding) ontbreken, wordt de zorgvraag veelal complexer en zwaarder. De oproep is daarom om als jeugdzorgorganisaties, woningcorporaties en gemeente samen op te trekken. Reden is om meer grip te krijgen op deze doelgroep en passende oplossingen te onderzoeken. Monitoring van deze ontwikkelingen is daarnaast belangrijk.

37

Bijlage C: Wettelijk kader Tabel 14: De vier stelselwetten van het zorgstelsel19 Wet Omschrijving

Zvw De Zorgverzekeringswet (Zvw) is een wet die de verplichte basisverzekering regelt voor verzekerden. De zorgverzekeraars zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de Zvw. De vergoeding van curatieve zorg wordt geregeld vanuit de Zvw. Inwoners van Nederland zijn verplicht een (basis)zorgverzekering af te sluiten.

Belangrijke partijen/ organisaties Voorbeelden

Het Rijk, zorgverzekeraars, zorgverleners, verzekerden organiseren de zorg. Een afspraak bij de huisarts, toegang tot geneesmiddelen of wijkverpleging.

Wlz De Wet langdurige zorg (Wlz) is voor mensen die permanent toezicht of 24uurszorg in de nabijheid nodig hebben. Iemand kan zorg vanuit de Wlz aanvragen als er 24 uur per dag zorg in de nabijheid nodig is om ernstig nadeel te voorkomen. Hier is bijvoorbeeld sprake van bij een ernstige lichamelijke of verstandelijke beperking Bijvoorbeeld in geval van ouderen met vergevorderde dementie, ernstig verstandelijk of lichamelijk beperkte mensen en mensen met langdurige psychiatrische aandoeningen.

Het Rijk, CIZ, CAK, zorgkantoren en zorgaanbieders organiseren de zorg. Bij permanent toezicht of 24-uurszorg.

Wmo2015 De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo2015) is voor mensen met een beperking die ondersteuning nodig hebben. Volwassen personen die bij zelfstandig thuis wonen zorg of ondersteuning (thuis) nodig hebben kunnen aanspraak maken op de Wmo2015. Ondersteuning vanuit de Wmo2015 is doorgaans enkel bedoeld voor personen vanaf 18 jaar. Voor personen tot 18 jaar wordt de ondersteuning gefinancierd vanuit de jeugdzorg. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor organisatie en uitvoering van de zorg (of met inzet van zorgaanbieder). Hulp bij huishoudelijke taken, een rolstoel of begeleiding (dagbesteding).

Jeugdwet Voor Jeugdigen is er de Jeugdwet. In deze wet is bijna alle zorg en ondersteuning geregeld voor jeugdigen onder de 18 jaar. De Jeugdwet is voor ondersteuning, hulp en zorg voor jeugdigen en hun families bij opgroeien opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen voor kinderen en jeugdigen onder de 18 jaar. In sommige gevallen wordt hulp en zorg verlengd tot 23-jarige leeftijd. Wat niet onder Jeugdwet valt, wordt geregeld vanuit de Zvw, Wlz of, in het geval van hulpmiddelen, vanuit de Wmo2015. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor organisatie en uitvoering van de zorg (of met inzet van zorgaanbieder). Bij opvoedproblemen of hulp en ondersteuning van kinderen en gezinnen

Bron: Ministerie van VWS, Het Nederlandse Zorgstelsel (2018), bewerking Stec Groep (2023).

Tabel 15: Leveringsvormen zorg ‘thuis’ via vpt, mpt en pgb Vpt Bij een vpt wordt alle zorg die in het zorgprofiel past, geleverd door één zorgaanbieder en valt dus onder de verantwoordelijkheid van één Wlzinstelling. Er worden afspraken gemaakt over de gewenste zorg en over de tijden waarop zorgverleners langskomen. • Persoonlijke verzorging en verpleging • Begeleiding • Huishoudelijke hulp

Mpt Met een mpt kan de cliënt de zorg thuis laten leveren door één of meerdere zorgaanbieders middels zorg in natura. Voor bepaalde zorgvormen, zoals persoonlijke verzorging en verpleging, is het ook mogelijk om zorg zelf in te kopen met een pgb. • Persoonlijke verzorging en verpleging • Begeleiding • Huishoudelijke hulp

Pgb Hiermee kan een cliënt zelf zorg inkopen bij een zorgverlener.

• • •

Persoonlijke verzorging en verpleging Begeleiding Huishoudelijke hulp

19 Ook relevant is de Participatiewet met als doel mensen te activeren en hen waar mogelijk te begeleiden naar betaald werk.

38

• • • • •

Noodzakelijke geneeskunde of paramedische zorg* Vervoer naar behandeling en begeleiding Verstrekken van maaltijden en drinken Schoonmaken woning cliënt Logeeropvang

• • •

Noodzakelijke geneeskunde of paramedische zorg* Vervoer naar behandeling en begeleiding Logeeropvang

•

Logeeropvang

Bron: Zorgwijzer.nl, bewerking Stec Groep (2023). * Algemene geneeskundige zorg, zoals psychiatrische zorg, medicijnen en mondzorg zijn geen onderdeel van het vpt. De cliënt is voor dit soort zorgvormen aangewezen op de zorgverzekering.

Financiering van Wlz-zorg De Wlz is een volksverzekering. Iedereen die in Nederland woont (of werkt) heeft recht op zorg uit de Wlz mits diegene aan de voorwaarden voldoet die hiervoor gelden of een indicatie heeft. De Wlz wordt betaald via de loonbelasting door middel van een inkomensafhankelijke premie. Daarnaast betaalt iedereen vanaf 18 jaar een eigen bijdrage voor de Wlz-zorg. De hoogte van de eigen bijdrage is afhankelijk van de leveringsvorm, het inkomen en de sociale situatie. De eigen bijdrage betaalt de cliënt aan het CAK. Het CAK berekent ook de hoogte van het bedrag. De zorgkantoren zijn feitelijk verantwoordelijk voor uitvoering van de Wlz en hebben daartoe een zorgplicht. Het zorgkantoor moet daarom voldoende en goede zorg inkopen bij zorgaanbieders én de persoonsgebonden budgetten (pgb) regelen. Een persoon met een Wlz-indicatie bepaalt zoveel mogelijk zelf waar en hoe diegene zorg krijgt. Wat de zorg vanuit de Wlz is, hangt af van de leveringsvorm: zorg in een instelling of met behulp van de verschillende leveringsvormen zorg ‘thuis’. In geval van zorg ‘thuis’ huurt/bezit de zorgvrager zelfstandig een woning of onzelfstandige eenheid en ontvangt de ‘intramurale’ zorg daar. Het verzekerde pakket van de Wet langdurige zorg (Wlz) omvat onder andere persoonlijke verzorging, begeleiding en verpleging als vormen van zorg.

Deze vormen van zorg zijn onderdeel van de aanspraak in alle leveringsvormen: verblijf in een instelling, volledig pakket thuis (vpt), modulair pakket thuis (mpt) en persoonsgebonden budget (pgb). Als de cliënt verblijft in een Wlz-instelling en ook behandeling krijgt van deze instelling, vallen een aantal andere vormen van zorg, zoals huisartsenzorg, farmaceutische zorg en hulpmiddelen ook onder het verzekerde pakket van de Wlz. Verschil vergoeding zorg- en woonlasten Wlz zorg met verblijf in instelling of thuis via vpt, mpt, pgb Het grootste verschil tussen Wlz zorg op basis van verblijf in een instelling en de Wlz zorg thuis (vpt, mpt, pgb) is de verantwoordelijkheid en bekostiging van de huisvesting. Bij verblijf in een instelling worden ook de woonlasten en alles wat daarmee samenhangt vergoed. Er wordt hiervoor geen huurovereenkomst afgesloten. Daarnaast worden bij verblijf in een instelling (met of zonder behandeling) ook de hulpmiddelen voor individueel gebruik vergoed uit de Wlz. Zorg thuis wordt ook wel Wlz-zorg zonder verblijf genoemd. Bij deze vorm van zorg woont de persoon met Wlzindicatie thuis en ontvangt daar de zorg via een vpt, mpt of pgb. Bij een vpt, mpt of pgb is men zelf verantwoordelijk voor (de bekostiging van) de huisvesting en ontvangt hier geen vergoeding voor vanuit de Wlz (vpt, mpt of pgb).

De geïndiceerde dient daarom de woning zelf gehuurd of gekocht te hebben. Onder zorg thuis vallen ook aanleunwoningen, woonzorgcomplexen, serviceflats, al dan niet aangepaste woningen en geclusterde woningen. Voor deze woningen kan een separaat huurcontract worden afgesloten. Wanneer men niet verblijft in een instelling maar zorg ontvangt via een vpt, pgb of mpt is men voor de hulpmiddelen aangewezen op de Wmo (gemeente) of de Zvw (zorgverzekeraar). Wmo2015-voorzieningen Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de organisatie, beschikbaarheid en uitvoering van de voorzieningen (met of zonder de inzet van een zorgaanbieder). Om aanspraak te doen op deze voorzieningen voert de persoon met ondersteuningsvraag daarom een gesprek met de gemeente. De gemeente wijst algemene en/of maatwerkvoorziening

39

toe. Dit verloopt via zorg in natura of een pgb. Ook kijkt de gemeente wat er vanuit het eigen sociale netwerk van de persoon met ondersteuningsvraag georganiseerd kan worden. Tabel 16: Verschillen algemene en maatwerkvoorzieningen in Wmo2015 Algemene voorziening Het aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat gericht is op maatschappelijke ondersteuning.

Voorliggend op een maatwerkvoorziening: Als de gemeente een goede oplossing kan bieden met een algemene voorziening, dan is een maatwerk voorziening niet aan de orde of slechts aanvullend. Geen indicatie voor nodig. Subsidie voor huur, activiteiten. Inwoner betaalt eventueel een bijdrage in de onkosten voor bijvoorbeeld een kopje koffie of een activiteit. Dit mag nooit meer zijn dan de werkelijke kosten. Let op: eventuele stapeling van kosten. En let wel: Indien er sprake is van een duurzame hulpverleningsrelatie, dan geldt ook het abonnementstarief Voorbeelden: vrijwilligersdiensten en ontmoetingsruimten.

Maatwerkvoorziening Op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen of andere maatregelen ten behoeve van zelfredzaamheid (daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger), participatie (daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen) en beschermd wonen en opvang. Maatwerkvoorziening kan een oplossing zijn wanneer algemene voorzieningen niet meer (alleen) voldoende compenserend zijn. Een indicatie voor nodig. Financiering door de gemeente via een dienstverleningsovereenkomst. Inwoner betaalt een eigen bijdrage. Prijspeil in 2023 is maximaal € 19 per maand.

Tabel 17: Voorbeelden Wmo2015 voorzieningen Algemene voorzieningen • Een boodschappendienst • Een maaltijdservice (bijvoorbeeld tafeltje-dekje) • Organiseren van activiteiten, bijvoorbeeld in een ontmoetingsruimte of buurt- of dorpshuis • Maatschappelijke opvang en meldpunten, bijvoorbeeld in het geval van huiselijk geweld • Personenalarmering

Maatwerkvoorzieningen • Individuele begeleiding • Vervoersvoorziening en vervoer in de regio • Huishoudelijke hulp: opruimen en schoonmaken (dit kan in sommige gemeenten een algemene voorziening zijn) • Aanbouw van de woning • Aanpassingen in de woning, zoals een traplift, verbreding van deuren of het wegnemen van obstakels in de woning • Toilet- en badkamer voorzieningen • Antislip douche en een speciale douche-zit • Dagbesteding

Bron: Zorgwijzer.nl; Rijksoverheid, bewerking Stec Groep (2023).

Tabel 18: Indeling Wmo2015-maatwerkvoorzieningen in hoofdgroepen en subcategorieën / voorzieningen Ondersteuning (thuis) • Begeleiding • Persoonlijke verzorging • Kortdurend Verblijf • Overige ondersteuning gericht op het individu of huishouden/gezin • Dagbesteding • Overige groepsgerichte ondersteuning • Overige maatwerkarrangementen

Hulp bij huishouden • Hulp bij het huishouden

Verblijf en opvang • Beschermd wonen • Maatschappelijke Opvang • Spoedopvang

Hulpmiddelen en diensten • Woondiensten • Vervoersdiensten • Rolstoelen • Vervoersvoorzieningen • Woonvoorzieningen • Overige hulpmiddelen

Bron: CBS (2021), bewerking Stec Groep (2023). Begeleiding en dagopvang kan zowel individueel als in groepen georganiseerd zijn (CBS gebaseerd op iWmo, standaardproductcodelijst WMO021).

40

Figuur 4: Forensische zorgwijzer

Bron: Dienst Justitiële Inrichtingen, oktober 2021.

Specifieke zorgvraag: forensische zorg heeft resocialisatie als doel Forensische zorg kent verschillende behandel- en beveiligingsniveaus (zie zorgwijzer hierboven) met veelal als doel een veilige terugkeer in de maatschappij (Bron: Dienst Justitiële Inrichtingen, DJI). Forensische zorg bestaat uit geestelijke gezondheidszorg, verslavingszorg en verstandelijk gehandicaptenzorg. Het is zorg dat onderdeel is van een straf of maatregel opgelegd door de strafrechter. De justitiabele wordt een forensische zorgtitel opgelegd die de financieringsgrondslag voor vergoeding is door het Ministerie van Justitie en Veiligheid.20 Financiering vindt plaats door zowel OM (voor verblijf) als Divisie Forensische Zorg en Justitiële Jeugdinrichtingen (onderdeel van Dienst Justitiële Inrichtingen) (voor diagnostiek en onderzoek). DJI koopt de forensische zorg in bij zorgaanbieders (Bron: Programma Bestuurlijke Agenda Forensische Zorg, n.d.). Procedures opstarten op basis van verschillende wetten • Wet forensische zorg (Wfz): sinds 1 januari 2020 heeft de officier van justitie en de rechter meer mogelijkheden om mensen sneller een passende verplichte zorg op te leggen. Daarnaast zorgt de wet voor een goede aansluiting tussen het strafsysteem en de geestelijke gezondheidszorg.

• Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz): als er sprake is van een psychische stoornis bij een verdachte of veroordeelde dan kan de officier van justitie een zorgmachtiging opstarten op basis van de Wvggz. • Wet zorg en dwang (Wzd): als er sprake is van een veroordeelde of verdachte met een verstandelijke beperking of psychogeriatrische aandoening dan volgt voorbereiding van een rechtelijke machtiging op grond van Wzd.21

De Wvggz- of Wzd- procedure kan gelijk lopen met een strafzaak van de justitiabele, maar hoeft niet. Bij beëindiging van een straf of maatregel (bijvoorbeeld TBS) kan ook Wvggz of Wzd gestart worden. Daarnaast kan het ook zijn dat een betrokkene zorg krijgt in plaats van een straf.

20 “Er zijn 28 forensische zorgtitels: 24 strafrechtelijke titels, twee vormen van forensisch psychiatrisch toezicht (fpt),

verdiepingsdiagnostiek en de voorgenomen indicatiestelling van de reclassering. De laatste titel kan onder bepaalde voorwaarden gebruikt worden om een verdachte zorg te bieden voordat er sprake is van één van de strafrechtelijke titels.” (Bron: DJI, n.d.) 21 Is er geen sprake van een strafbaar feit? Dan heeft het OM geen rol bij onvrijwillige zorg onder de Wzd. Aanvragen voor verplichte zorg moeten dan worden ingediend bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) (Bron: OM, n.d.)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Sluis&id=c693ffb7-d1c6-4967-9826-d525281e80d6