CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen besluitvormende vergadering van 9 december 2025..pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 3 februari 2026, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 4: Vaststellen notulen 9 december en 16 december35.418 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

NOTULEN (extra) OPENBARE BESLUITVORMENDE VERGADERING VAN DE GEMEENTERAAD VAN SLIEDRECHT, GEHOUDEN OP DINSDAG 9 DECEMBER 2025 Voorzitter: de heer J.M. de Vries Griffier: de heer R.P.A. van Aalst Verslag: mevrouw E. Verveer, bureau Getikt! (af audio) Aanwezige raadsleden:

(20): C. Ippel; S.C.M. Ippel; A.W. de Mul-Donker; A.E. Schildde Jong; B.G. van Urk; J.P. Verweij; T.W. Pauw; M. Verheul; G.C.G. Verheij; G.J. Visser-Schlieker; M.T. Stam-Smeets; B. van der Plas; A. Dubbeldam-van Beest; F.J. Dunsbergen; V.E. Prins; J.L. de Vries; J.T.H. van Rossum; G.M. van Dijk; B. Brandwijk; M.J.H. Jongeneel.

Afwezig:

F.A. Mulder

Namens het college:

J.M. de Vries, T.A. Spek, J.C. Paas

1. OPENING EN LOTING SPREKERSVOLGORDE De voorzitter Een goede avond. Ik open de vergadering, een extra besluitvormende vergadering van de raad van Sliedrecht. De raad van Sliedrecht is bijna compleet; alleen de heer Mulder is met kennisgeving afwezig. Fijn dat u er allemaal bent. Ook hartelijk welkom aan degenen die op de publieke tribune zitten, zowel burgerraadsleden als belangstellenden. Fijn dat u er allemaal bent. Ook voor degenen die thuis met ons meekijken: hartelijk welkom en onze medewerkers hartelijk welkom en natuurlijk ook een hartelijk welkom aan de leden van het college. De aanleiding van deze extra besluitvormende vergadering is het rapport wat u heeft ontvangen over de peilstok-analyse na de renovatie van ons raadhuis en de college informatiebrief die daarbij verschenen is, maar voordat wij daarover het debat gaan voeren, gaan we allereerst naar agendapunt 2. Het lot is vanavond getrokken, dat is gevallen op nummer 17 en dat is de heer Verweij, Jan-Pieter Verweij. Dat is relevant omdat ik in dit geval het lot wel laat bepalen wie straks als eerste het woord voert en we gaan, zoals we gewend zijn, daarbij met de klok mee. Dat we betekent dat als eerste straks het woord is aan de heer Boudewijn Brandwijk. 2.

SPREEKRECHT BURGERS OVER GEAGENDEERDE ONDERWERPEN De voorzitter We gaan over naar agendapunt 2 en dat is het spreekrecht van onze inwoners over de geagendeerde onderwerpen. Geen van onze inwoners wil daar gebruik van maken. Dus ik stel voor over te gaan naar agendapunt 3. 3. VASTSTELLEN AGENDA De voorzitter Kunnen we de agenda zo ongewijzigd vaststellen? Dat is het geval. Aldus besloten. 4. RAPPORTAGE EN CONSEQUENTIES PEILSTOK-ANALYSE RAADHUIS SLIEDRECHT De voorzitter Dan, zoals gezegd, het enige inhoudelijke onderwerp wat we vanavond bespreken; dat betreft de rapportage die we hebben ontvangen over de peilstok-analyse na de renovatie van het raadhuis van onze gemeente Sliedrecht en de consequenties daarvan. U heeft, zoals ik al zei, een college informatiebrief ontvangen met daarbij de rapportage. Tegelijkertijd heeft u ontvangen, dat zit ook bij de stukken, een ontslagbrief van onze wethouder Roelant Bijderwieden. Een pijnlijk besluit voor hem. U komt daar misschien straks nog in uw inbreng op terug. Het is wel zo dat de heer Bijderwieden, doordat hij per direct ontslag heeft genomen, vanavond vanzelfsprekend niet kan deelnemen aan het debat en ik wil u vragen om daar ook in uw woordvoering rekening mee te houden. Hij is niet in de gelegenheid om persoonlijk te reageren op wat u inbrengt.

Het college heeft aangegeven dat namens het college het woord zal voeren de nieuwe portefeuillehouder vastgoed en dat is de heer Paas. Wij gaan over tot de eerste termijn van de raad en zoals gezegd, we volgen de volgorde die uit het lot voortkomt. Dat betekent dat ik straks allereerst het woord geef aan de heer Brandwijk namens de fractie van Slydregt.NU en vervolgens het rijtje afga van de woordvoerders die zich hebben aangemeld. Na de eerste termijn van de raad heeft het college aangegeven in ieder geval even een schorsing te willen op basis van wat is ingebracht. Dus dan kunt u daar vast rekening mee 1

houden. Ik wens u allemaal een goed en respectvol debat toe en geef voordat we dat doen de heer Jongeneel nog het woord. De heer Jongeneel, heeft u nog een vraag over de orde van deze eerste termijn? Gaat uw gang. De heer Jongeneel Voorzitter, ik krijg van mensen thuis door dat er geen beeld is. De voorzitter Dat zou vervelend zijn. We checken even of dat zo is. Een ogenblikje. Inmiddels is er beeld en hopelijk ook bij degene die thuis het debat volgt, maar hopelijk is het anders wel te horen en anders later nog terug te kijken. Ik geef in de eerste termijn van de raad graag het woord aan de heer Brandwijk namens de fractie van Slydregt.NU. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Dan mag je als eerste het woord voeren vanavond. Misschien aan alle kijkers die thuis meekijken en alle raadsleden: pakt u het rapport er maar eens bij. Dit is een college informatiebrief en misschien voor de kijker thuis: als u het nog niet heeft doorgebladerd, doet u dat dan nu snel, want uw mond valt open van verbazing. Dan naar de woordvoering. Ambtsgenoten, leden van het college en inwoners van Sliedrecht.

Als fractie willen we zeggen dat voor de heer Bijderwieden deze situatie persoonlijk uiterst pijnlijk is, maar voor het college is dit vanavond echter een keiharde bestuurlijke afrekening met het eigen handelen en daar zullen wij het als fractie van Slydregt.NU dan ook over hebben: het college. Vanavond gaat over de cultuur van het college. Het raadhuis is een exemplarisch voorbeeld van hoe er gehandeld wordt met grote projecten. Denk aan een IKC Valkweg, een binnenstedelijke herstructurering en een NoordZuidverbinding/, zwembad. Voordat ik begin sta ik eerst nog even stil bij gisteren. Het onvermogen van het college werd weer zichtbaar. In de eerste termijn van het college bij de bespreking van de Winternota kwam het college met de mededeling, nadat ik had gezegd in mijn woordvoering dat de Winternota geen juiste weergave was van de werkelijkheid omdat financieel bedragen niet juist waren doorgeschoven, dat er nog even 8 ton verkeerd stond. Dit was te laat gecommuniceerd zo en laat zien dat het college niks leert. Na de beloofde rapportage hebben we tot op vandaag nog steeds niks ontvangen. Als fractie van Slyedregt.NU willen we vanavond stilstaan bij een aantal zaken. Als eerste de inhoud van de college informatiebrief en de peilstok-analyse. Dan de bestuurlijke conclusies die daaruit volgen, volgens ons; dan de voorgeschiedenis en eerdere waarschuwingen.

Niet alleen van ons als fractie, maar ook van grote delen van de oppositie, vanuit de Rekenkamer, vanuit de Auditcommissie en nu ook vanuit dit rapport. Als laatste willen we eindigen met de consequenties die hier volgens ons onvermijdelijk aan verbonden zijn. Als eerste. De peilstok-analyse: geen bouwfout, maar bestuursfout. In het AD werd het rapport van Ryse als volgt samengevat: ‘Het college heeft niet altijd beschikt over de juiste en volledige kennis, inzichten en competenties die nodig zijn voor een verbouwing van een monumentaal raadhuis.’ Voorzitter, Slydregt.NU onderschrijft deze conclusie volledig. Het is niet het eerste dossier waar wij dit op zien: dat het college niet de juiste kennis, niet de juiste inzichten en niet de juiste competenties heeft. Wij vragen de overige raadsleden dan ook: wat zegt dit over bijna 10 jaar bestuur in Sliedrecht? En wat zegt de quote uit het rapport die ik zonet citeerde uit het AD-artikel: ‘Het college heeft niet altijd beschikt over de juiste en volledige kennis, inzichten en competenties die nodig zijn voor een verbouwing van een monumentaal raadhuis.’? Dit rapport gaat voor ons namelijk niet over een mislukt bouwproject. Dit rapport is een keiharde aanklacht tegen de bestuurscultuur in Sliedrecht. Jarenlang bestuurlijke laksheid, gebrekkige sturing, amateurisme in besluitvorming en structureel wegkijken.

De feiten in het rapport zijn vernietigend: geen integraliteit, geen stevige governance, geen grip op kosten, geen duidelijke verantwoordelijkheid. Het stapelt zich op. Geen transparantie in communicatie. Voorzitter, dit is geen incident volgens Slydregt.NU. Dit is een systeemfout in het functioneren van dit college. Dan: sinds 2016 structureel falen van regie. Ik citeer uit het rapport: ‘Sinds de start van het project in 2016 ontbreekt integraliteit in de planvorming.’ Dus: negen jaar bestuurlijke chaos. Zonder regie. Zonder overzicht. Zonder eindverantwoordelijkheid. En dat is niet per ongeluk gebeurd. Men heeft dit laten ontstaan. Dan de rollen en verantwoordelijkheid en de bestuurlijke mist - het rapport is hier ook ongekend hard over. Rollen, taken en verantwoordelijkheden zijn niet formeel vastgelegd. Concreet betekent dit: niemand was echt eindverantwoordelijk, het project zwierf van overlegtafel naar overlegtafel, besluiten werden niet strak vastgelegd en een gezaghebbende stuurgroep ontbrak. Voorzitter, ook dit is geen professioneel opdrachtgeverschap. Dit is bestuurlijke vrijblijvendheid. Misschien als persoonlijke noot: ik heb zelf bestuurskunde gestudeerd. Ons burgerraadslid Danny heeft dat gedaan. In jaar 1 leer je met een project dat je afspraken maakt over wie wat doet en hoe je elkaar daaraan houdt. Dit zijn zelfs dingen die je op de middelbare school al leert.

Raad en 2

inwoners structureel tekortgedaan. Ook de communicatie wordt vernietigend beoordeeld: er is onvoldoende invulling gegeven aan het communicatieplan. Het gevolg hiervan: de raad kreeg geen volledig beeld, inwoners zijn jarenlang onvolledig geïnformeerd en besluiten zijn genomen zonder transparantie. Dit rechtvaardigt één term: een gesloten bestuurscultuur. Ik zal later ook terugkomen op hoe wij dit rapport als raad hebben ontvangen, hoe wij van college informatiebrief naar uiteindelijk nu deze peilstok-analyse gaan. Hoe we ooit een gezamenlijk voorstel hadden van een raadhuis en een gemeentekantoor, hoe dat opgesplitst is. Want dat was makkelijker en overzichtelijker. Dan vergunningen en financiën: bestuurlijk amateurisme. De vergunning is eind 2023 ingediend - dat is inmiddels 2 jaar geleden en we staan hier nu weer - op basis van een onvolledig DO, terwijl bij een Rijksmonument een TO normaal is. Cruciale onderdelen ontbreken nog steeds. Warmtepompen, geluidsonderzoek, slooptekeningen, erfgoedgoedkeuring en volledige kostenopgave. En over de financiën: de investeringsbegroting is onoverzichtelijk en foutgevoelig. Er is reëel risico op financieel tekort. Dat betekent: de raad heeft krediet verstrekt op basis van onvolledige en ondeugdelijke informatie. Dit raakt rechtstreeks aan ons budgetrecht, onze controlerende taak en de openbare verantwoording.

De voorzitter Voordat u verder gaat: de heer Dunsbergen heeft een vraag aan u. Gaat uw gang. De heer Dunsbergen Ja dat klopt. Ik moet zeggen, ik zit het nu even een tijdje aan te horen, maar ik vind dat de heer Brandwijk nu iets te ver gaat, doordat hij zegt dat de informatie die wij in het verleden hebben gehad niet klopt, of dat het ondeugdelijk was. Ik denk dat hij daarmee echt over de schreef gaat. Ik denk dat het rapport inderdaad heel kritische noten kraakt, maar volgens mij is het zo dat de besluitvorming die in deze raad heeft plaatsgevonden, gewoon altijd was op basis van de informatie waar toen iedereen over beschikte en hebben wij toen ook het volledige verhaal gehad wat op dat moment bestond. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Misschien één voorbeeld om even uit te lichten, iets waar wij als fractie ook kritisch zijn geweest en dat was een aantal jaar geleden echt niet anders dan nu: de horeca. Wij hadden gezegd: BAES BV, het lijkt ons onverstandig om daar horeca in te doen. We hebben met heel veel horecaondernemers gesproken in Sliedrecht, in de regio: onverstandig om te doen. Wat zegt dit rapport nu? Dat moet opnieuw onderzocht worden of die vorm van horeca, die wij voor ogen hadden, überhaupt wel kon.

En de vraag daarin en dat is een beetje het lastige: het college is aan de haal gegaan met zaken waarvan ze dachten dat het mogelijk was, die ook allemaal getoetst hadden kunnen worden, maar wat vervolgens niet gebeurd is. Daardoor ervaren wij als fractie - en misschien moet ik dan niet voor de gehele raad spreken, maar misschien voor een kritisch gedeelte van de raad zoals ik dat dan interpreteer - vindt dat we dan onvolledig en ondeugdelijk zijn geïnformeerd. De voorzitter Gaat u verder met uw betoog. De heer Brandwijk Schuldbekentenis van het college zonder consequenties. Het college schrijft zelf: ‘Wij hebben keuzes gemaakt waarvan wij nu kunnen concluderen dat we die niet zo hadden moeten maken. Wij beschikten niet altijd over de juiste en volledige kennis, inzichten en competenties.’ Voorzitter, dit is een historische schuldbekentenis van dit college - maar daar volgen bijna, bijna geen bestuurlijke consequenties uit. De voorzitter Voordat u verder gaat: de heer Dunsbergen heeft een vraag aan u. Gaat uw gang. De heer Dunsbergen Om te beginnen, want er zit veel in die twee zinnen die nu worden uitgesproken. Misschien om met het eerste te beginnen; dat is misschien ook wel een stukje besef wat naar voren komt als we de college informatiebrief lezen en ook de opmerking die daarin gemaakt wordt en die de heer Brandwijk aanhaalt.

De heer Brandwijk had het net over zijn eerste jaar bestuurskunde, maar volgens mij is hetgeen wat we nu vanavond zien en wat ook in de college informatiebrief en in het rapport blijkt, volgens mij de leerschool van het leven: dat besturen lastig en weerbarstig is. Op het moment dat je daar mee bezig bent, dan heb je dus te maken met situaties zoals nu: dat je dus niet beschikt over de juiste informatie en daarmee ook, achteraf bezien, de verkeerde besluiten hebt genomen. 3

De voorzitter Uw vraag is? De heer Dunsbergen Nou, om dan in dit geval even te erkennen, volgens mij, dat de leerschool van het leven daarin ook andere lessen leert. En dan is het natuurlijk leuk dat je bestuurskunde hebt gedaan, maar dit laat wat anders zien. Of de heer Brandwijk het daar mee eens is. En dan, als het gaat om dat tweede punt, nou, daar kom ik straks nog wel even op terug. De voorzitter De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Of dit wat laat zien - daar kom ik zo meteen nog op. Dit is niet de eerste keer. We hebben een Rekenkamerrapport gehad, Grip op projecten, waarin aanbevelingen stonden. We hebben over financiën meermaals accountantsadvies gekregen waarop het college had kunnen acteren en volgens onze fractie, een groot gedeelte hiervan had kunnen voorkomen. Dus: nee, wij zien dat wel anders. Juist hetgeen waar dat om gaat: dat ze zelf toegeven: wij hebben keuzes gemaakt waarvan wij nu kunnen concluderen dat die niet zo hadden moeten zijn. Het zijn ook geen keuzes die lastig zijn. Het gaat erom dat ze bijvoorbeeld bij de Rijksdienst van het Cultureel Erfgoed nog zaken hadden moeten aanleveren. Dat een warmtepomplocatie nog een discussie was. Dat zijn geen ingewikkelde zaken en dan grijp ik even terug, als je van tevoren duidelijke afspraken met elkaar gemaakt had.

Het CDA lijkt te schetsen, voorzitter en dan rond ik af, alsof dit zo complex was dat het onoverkomelijk was dat dit gebeurd is, maar dat was niet onoverkomelijk. Met goede afspraken, eerder communiceren naar de raad. De voorzitter De heer Dunsbergen in tweede instantie. De heer Dunsbergen Volgens mij was de heer Brandwijk…. De voorzitter Die was klaar met de beantwoording. De heer Dunsbergen In zoverre, ik hoor wat de heer Brandwijk zegt. In die zin: ik ben het misschien zelfs nog een beetje met hem eens dat de onderwerpen die ook in het rapport genoemd werden, niet ingewikkeld lijken. Maar de situatie, die leert nu wat anders en volgens mij is dat ook iets wat we moeten erkennen. Dan is het volgens mij ook meer de vraag: hoe gaan we vervolgens van daaruit ook kijken hoe we daar toch een goede draai aan geven? De voorzitter De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Dat gaan wij als fractie ook doen. Wij gaan hier een goede draai aan geven en volgens ons is dat: schoon schip maken en daar kunnen we het zo meteen nog over hebben, want daar kom ik later op terug. De voorzitter Gaat u verder met uw betoog.

De heer Brandwijk Daarom vragen wij aan dit college, dus dat waren de quotes die ik net zei: als u dit collectief erkent, dat u dus fouten heeft gemaakt, dat u niet beschikt over volledige kennis, inzichten en competenties - trekt u daar dan ook collectief de conclusie uit? De historie: wij hebben hier onder andere voor gewaarschuwd. Dit is niet uit de lucht komen vallen. Slydregt.NU heeft jarenlang gewaarschuwd bij het raadhuis, het gemeentekantoor en de BAES BV. We hebben tegengestemd bij het raadsvoorstel over het gemeentekantoor, samen met de heer Pauw van deze raad, bij het raadhuis. We hebben gewaarschuwd over de horeca, dat benoemde ik net al. Plannen werden voor ons als raad losgekoppeld, weer samengevoegd, opnieuw losgetrokken en besluiten werden er in onze beleving uiteindelijk doorgedrukt. Met weer het extra opstellen van krediet voor het gemeentekantoor. Met toch besluitvorming over het raadhuis, want het moest nu gebeuren. Nou, er is dus niks gebeurd. Het college droomde. Droomde over een raadhuis. Daar beginnen ze ook weer mee in hun college informatiebrief, de renovatie van het raadhuis, een mooi idyllisch beeld. Maar verloor ieder gevoel voor realisme en controle. Zoals ik zei, niet alleen Slydregt.NU, ook rapporten van de Rekenkamer en adviezen van de accountant hebben hiervoor gewaarschuwd. Had het college maar geluisterd.

Dan hadden we vanavond een ander debat gehad en dan hadden we misschien als raad ook in de toekomst nog wel een zaal. Want als dit in 2028 plat gaat en in 2029 de verbouwing begint 4

in het raadhuis, vraag ik mij oprecht af waar wij moeten gaan vergaderen. Dan kom ik nu bij een persoonlijke noot en als er nog vragen zijn over het vorige, dan beantwoord ik nu graag. Ik moet dit benoemen, voorzitter, en ik vind dit niet prettig om te doen. Maar ik vind het wel nodig dat dit gedeeld wordt in de raad. Na een eerdere raadsvergadering vorige week, waar ik een opmerking of een interruptiedebat had met de heer Van Rossum heb ik daarna gesproken met het college. Ik ben daar persoonlijk en fysiek respectloos behandeld. Ik werd uitgescholden voor ‘een kleinzielig mannetje’ en vervolgens fysiek weggeduwd. Dat is respektloos, met een k. Met de K van Spek. De heer Dunsbergen Meneer de voorzitter, ik wil graag een punt van orde maken. De voorzitter Voordat u dat doet: meneer Brandwijk, ik begrijp waar u naartoe wilt. U heeft mij over dit persoonlijk feit geïnformeerd. Ik was daar deels bij aanwezig. Vervolgens heeft u mij daar over benaderd. U heeft dat uitgesproken met de desbetreffende wethouder Spek en u heeft bij mij daarna aangegeven dat het voor u afgedaan was. Ik vind dat het niet passend is, over respect gesproken, dat u dat in dit debat op deze manier opnieuw aanhaalt. Het was uit de wereld wat u betreft, dat heeft u mij duidelijk aangegeven en ik stel voor het daarbij te laten. Gaat u verder met de inhoud van uw betoog waar het gaat om het raadhuis.

De heer Brandwijk Dank u wel. Ik heb wel nog met de heer Spek telefonisch contact gehad, waarbij ik zei dat ik het waarschijnlijk nog zou gaan benoemen en dat doe ik bij deze. Want het zegt iets over cultuur en wij als fractie van Slydregt.NU voeren een debat graag in de raad en daar zijn we hier nu voor. Niet in achterkamertjes en achteraf. Maar dat zegt iets over cultuur. De voorzitter Meneer Brandwijk, u gaat disrespectvol nu om met waar het gaat om een verhouding met een wethouder, dat u uitgebreid heeft besproken met hem. Waar u richting hem en ondergetekende, mij als voorzitter van uw raad, heeft aangegeven dat het wat u betreft was afgedaan. Ik vind het niet passend dat u daar verder nog het woord over voert. Gaat u verder met uw betoog. De heer Brandwijk Ik zie nog een interruptie. De voorzitter Meneer Verheul heeft een vraag aan de heer Brandwijk? De heer Verheul Nou, voorzitter, meer richting u. U vindt de reactie van de heer Brandwijk disrespectvol, maar als ik hoor, de inleiding waar de heer Brandwijk heen wil, dan is er van de andere kant ook niet veel respect getoond. Dus ik hoor graag wat er is gebeurd. De heer Dunsbergen Nee. Dit kan toch niet? De heer Jongeneel Ja, dit kan wel. De voorzitter Meneer Verheul, ik heb geprobeerd duidelijk te maken dat dit tussen beide personen, dus de wethouder en het raadslid is uitgesproken.

Dan hoort het ook uitgesproken te zijn en daar is het mee afgedaan. De heer Brandwijk, gaat u verder. De heer Brandwijk Voor Slydregt.NU is dit een onacceptabele overschrijding van bestuurlijke normen. Dit is geen debatcultuur - dit is machteloosheid en onvermogen en het bevestigt exact wat dit rapport blootlegt. Een cultuur die moet veranderen. Ik ga een inleiding maken richting mijn motie die ik in ga dienen. Ik benoemde hier nu ook expres een lid van het college, maar ik ga nu nog iets zeggen over een lid van het college. Iets wat voor ons kenmerkend is en passend is, ook binnen deze vergadering. Dat is dat wij van verschillende insprekers hebben gehoord in deze raad dat zij zich, misschien onbedoeld, geïntimideerd hebben gevoeld aan de voorkant, door het benaderen en het oplezen van hun teksten. Dat is volgens ons onderdeel van een cultuur waarbij er geen vertrouwen is naar de inwoners, maar meer controle en wantrouwen. De voorzitter De heer Dunsbergen.

5

De heer Dunsbergen Ik moet toch zeggen dat nu mijn mond open begint te vallen. Want als ik dit zo beluister - dit staat los van alle inhoud. Of we het nou eens zijn met elkaar of niet. En wat er hier gebeurd is: dit is niet een kritische kanttekening plaatsen of kritische opmerkingen plaatsen, of misschien ook het wantrouwen uitspreken naar een college. Dit is gewoon demoniseren en afbreuk doen aan de personen van de mensen die dit ambt invullen. Dus ik vind dat echt niet normaal en volgens mij zegt dat ook meer over de heer Brandwijk dan dat hij bedoelt. De voorzitter De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel. Ik probeer hier vanavond op inhoud debat te voeren. Ik probeer het te ontleden, ik probeer aan te geven en ik zal ook opbouwen naar mijn motie, waarin vervolgens duidelijk wordt waarom ik dit ook benoem. Dan de conclusie van Slydregt.NU. Voorzitter, voor Slydregt.NU is de maat vol. Het rapport toont bestuurlijk falen, een gesloten en intimiderende bestuurscultuur, volgens ons. Financiële ondeskundigheid en een structureel gebrek aan verantwoordelijkheid. Wij kunnen niet verder met dit college. Voordat ik mijn motie ga indienen, vraag ik graag nog aandacht voor een eerder ingediende motie: Vlaggen in de raadzaal. Die motie is ingediend met het idee dat de Nederlandse vlag toegevoegd wordt in onze raadzaal.

Mijn vraag aan het college: kan de motie, met het uitstellen van de verbouwing, nu versneld worden uitgevoerd en kan er vanaf nu in de raadzaal van Sliedrecht een Sliedrechtse en Nederlandse vlag staan? Met alle eerdergenoemde argumenten - en ja, dit debat gaat ook over vertrouwen en over cultuur en zal ook soms persoonlijker zijn, maar dat is nodig om met elkaar tot de bodem te komen, om de onderste steen boven te krijgen. Dan zal ik nu de motie van Slydregt.NU gaan introduceren. MOTIE VAN WANTROUWEN De gemeenteraad van Sliedrecht, in vergadering bijeen d.d. 9 december 2025, betreffende de Rapportage en consequenties peilstok-analyse Raadhuis Sliedrecht.

Gelezen hebbende de Rapportage peilstok-analyse Raadhuis Sliedrecht; de bijbehorende college informatiebrief van 2 december 2025; Constaterende en overwegende dat: uit de peilstok-analyse blijkt dat sinds de start van het project in 2016 sprake is van een structureel gebrek aan integraliteit, regie, eenduidige verantwoordelijkheid en financieel wanbeheer; rollen, taken en verantwoordelijkheden binnen het project niet formeel en deugdelijk zijn vastgelegd; de gemeenteraad herhaaldelijk is gevraagd besluiten te nemen op basis van onvolledige, foutgevoelige en onvoldoende onderbouwde financiële informatie; cruciale onderdelen in het vergunningentraject onvolledig blijken te zijn, terwijl de raad hierover niet tijdig en volledig is geïnformeerd; de communicatie richting raad en inwoners volgens het rapport structureel tekort heeft geschoten; het college in de collegebrief erkent dat er onjuiste keuzes zijn gemaakt en dat het ontbrak aan voldoende kennis, inzicht en competenties; ondanks deze erkenning bijna geen enkele bestuurlijke consequentie wordt getrokken; hiermee het budgetrecht en de controlerende rol van de gemeenteraad ernstig is geschaad; er sprake is van structureel falen van bestuurlijke aansturing en transparantie; het vertrouwen van inwoners en de gemeenteraad in het gemeentebestuur door deze gang van zaken wezenlijk is beschadigd.

Spreekt uit dat de gemeenteraad het vertrouwen in het college van burgemeester en wethouders van Sliedrecht opzegt en gaat over tot de orde van de dag. Namens de fractie van Slydregt.NU, Boudewijn Brandwijk. De voorzitter Dank u wel. De motie is ingediend door de heer Brandwijk, maakt onderdeel uit van de beraadslaging en krijgt stuknummer M4.1. Ik heb even nog een feitelijke vraag, meneer Brandwijk, want u corrigeerde uzelf waar het ging om de vierde dot van onderen, waar het gaat om ‘ondanks deze erkenning’: ‘bijna’ geen enkele. De heer Brandwijk Ja. Geen enkele mag naar ‘bijna geen enkele’. De voorzitter Oké. Dan is met deze correctie, die nog even wordt doorgevoerd, de motie ingediend en maakt onderdeel uit van de beraadslaging. U was klaar met de toelichting op de motie? De heer Brandwijk Ik was klaar met de toelichting. Ik heb zo nog een klein stukje woordvoering. De voorzitter Dan is het goed dat u dat kleine stukje afmaakt. U maakt uw betoog af en dan kijken we of er nog vragen zijn. Gaat u verder met uw betoog. 6

De heer Brandwijk Voorzitter, om de onderste steen boven te krijgen is het nog wel belangrijk dat wij een feitenrelaas krijgen van dit college van in ieder geval het afgelopen jaar: wanneer het raadhuis besproken is in het college, wanneer dit rapport bekend was, wat er bekend was toen de college informatiebrief op 28 oktober gestuurd werd. Ik hoop dat we dat als raad nog kunnen ontvangen. Voorzitter, dit is geen politieke spelletjes-avond. Dit gaat over vertrouwen, verantwoordelijkheid, veiligheid en fatsoenlijk bestuur. Dat vertrouwen is voor Slydregt.NU definitief opgezegd. Dank u wel. De voorzitter Dank u wel. U bent gekomen aan het einde van uw termijn. Overigens is de motie inmiddels denk ik ook te lezen op raad.sliedrecht.nl. Dat geldt ook voor de andere stukken. Ik zag dat de heer Cees Ippel een vraag heeft namens de SGP-ChristenUnie. De heer Kees Ippel Voorzitter, even een vraag aan de heer Brandwijk. Wat is de consequentie als deze motie wordt aangenomen? De voorzitter De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel. Volgens mij weet de SGP-ChristenUnie dat heel goed. Dat betekent dat de wethouders per direct moeten opstappen. Dat betekent dat de burgemeester blijft zitten en dat het afhankelijk is van de situatie, want dat is in elke raad anders, maar dat er in veel gevallen een lijmgesprek plaatsvindt over het opnieuw tot elkaar verhouden. De voorzitter Dank u wel.

De heer Cees Ippel. De heer Kees Ippel U geeft nog wel een opdracht aan dit college. De voorzitter Dank u wel. De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Ja. Wij kijken deels naar een opdracht die wij meegeven aan dit college. Wij hopen ook dat ze wakker worden. Alleen als wij, hoe wij vorige week hebben meegemaakt, gisteren even, dat er 8 ton wordt genoemd, is ons idee van vertrouwen zo laag dat wij dat nu definitief opzeggen. Ja, dit heeft consequenties, maar dit is wel wat Sliedrecht nodig heeft. Niet weer panden waar 10 jaar lang niks mee gebeurt. Ik verbreed hem even: niet weer een voetbal waar 10 jaar lang niks mee gebeurt. Sliedrecht heeft daadkracht nodig, focus op projecten en uitvoerbaarheid en een raadhuis verbouwen is echt wel te doen. Dit college heeft de mond vol over bouwen, maar kan blijkbaar dus nog geen raadhuis verbouwen. De voorzitter Dank u wel. Ik kijk even rond. De heer Prins namens de fractie van het CDA. Gaat uw gang. De heer Prins Voorzitter, dank u wel. Ik heb de heer Brandwijk vanavond allerlei dingen horen roepen over dit college, over voorgaande colleges, over raadsleden, over fracties. Mijn vraag aan hem is: welke verbeterpunten ziet hij nou persoonlijk voor zichzelf nog? De voorzitter Dank u wel. De heer Brandwijk.

De heer Brandwijk Welke verbeterpunten ik nog voor mijzelf zie… Wat wij als fractie van Slydregt.NU graag zouden willen zien, is dat op de voorstellen die wij maken, met zorg, een initiatiefvoorstel voor de Groen van Prinsterer, een initiatiefvoorstel voor een referendumverordening, goed behandeld worden. En mijn verbeterpunt zit er dan in dat ik u dus blijkbaar meer moet gaan overtuigen van het belang daarvan. De voorzitter Dank u wel. De heer Prins in tweede instantie. De heer Prins Voorzitter, ik ben niet helemaal tevreden met het antwoord. Ik had dan gehoopt, als hij dit voorbeeld zou geven, dat hij dan ook zou zeggen van ‘nou, ik - de heer Brandwijk - zou dan bij dat voorstel over de Groen van Prinsterer wel gebruik hebben gemaakt van participatie in plaats van 7

niet en wel met een volledig voorstel zijn gekomen’. Ik denk van: ik mis de zelfreflectie van de heer Brandwijk en dat vind ik eigenlijk wel jammer. De voorzitter De heer Brandwijk. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Die zelfreflectie heb ik goed. We zijn hier volgens mij ten eerste om het met het college te bespreken en wat het college gedaan heeft - we hebben hier vaker met elkaar gezeten en gesproken over de gevolgen van voorstellen; als voorbeeld IKC Valkweg. We hebben als raad voorgestemd. Ook wij. We hebben het college het vertrouwen gegeven. Dat is niet waargemaakt. Maar als fouten op een gegeven moment zich opstapelen en onoverkomelijk worden, dan moeten daar hardere conclusies uit getrokken worden en die conclusies, die trekt het college zelf ook. Het is nu de vraag of ze daar ook consequenties aan verbinden. De voorzitter Zijn er nog andere vragen aan de heer Brandwijk? Dat is niet het geval. Dank u wel. Dan geef ik graag het woord in deze eerste termijn aan de heer Van Rossum namens de VVD-fractie. Gaat uw gang, meneer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, voordat ik inhoudelijk begin, wil ik vanaf deze plek de wethouder Roelant Bijderwieden bedanken voor zijn inzet namens de VVD, de afgelopen jaren.

In aanloop naar het debat van vandaag heeft hij vorige week bekendgemaakt dat hij zijn conclusies trekt en verantwoordelijkheid neemt en daar hebben wij groot respect voor. Voorzitter, dan gaan we in op de behandeling van het rapport zelf. Waar komen we vandaan? We constateerden eerder dit jaar hier breed in de raad dat dingen niet goed gegaan zijn bij het gemeentekantoor en daarbij heeft het college geoordeeld dat ook andere projecten als het raadhuis moesten worden toegelicht. Peilstok erin; de onderste steen moest boven komen. Voorzitter, nu we enkele maanden verder zijn, kan ik niet anders zeggen dan dat als we de peilstok meten, dat we zeer geschrokken zijn. Er ligt een pijnlijk eerlijk en transparant rapport dat de vinger op de zere plek legt, of misschien wel meerdere plekken. Tegelijkertijd zijn we ergens ook wel ‘blij’ dat dit rapport er ligt, maar dat moet u wel zien tussen aanhalingstekens. Het geeft in ieder geval een beeld van hoe we ervoor staan. Er zijn drie aspecten die ik vandaag wil bespreken: de duiding van het rapport zelf en de ontstane situatie, 2. hoe we wat betreft de VVD verder gaan met het project raadhuis en 3. een gesprek over: wat zou dit betekenen voor andere projecten? Voorzitter, de algehele conclusie kan ik toch niet anders formuleren dan dat wij geschrokken zijn. De conclusie zoals die in het rapport zelf staat, is niet mals.

Er werd net eigenlijk ook al aan gerefereerd, maar samenvattend constateren we, zo luidt het rapport, dat sinds de start van het project in 2016 integraliteit en planvorming ontbreekt, et cetera, et cetera. Tot slot constateren we dat rollen, verantwoordelijkheden niet helder zijn waardoor governance onvoldoende is geborgd. Dat zijn behoorlijk stevige uitspraken. Als je dan kijkt naar het feitenrelaas, dan begint het al bij het PvE in 2016: algemeen technische eisen onvoldoende uitgewerkt. En het blijkt een slechte basis te zijn waarop is voortgebouwd. Eigenlijk, als je het rapport leest, zie je dat dat een soort rode draad is: dat dingen ontbreken, dingen onvoldoende zijn uitgewerkt, afstemming mist. Soms heel bijzonder klein eigenlijk: dat een begroting niet in een standaard format staat, waardoor deze wel foutgevoeliger blijkt. De langere tijd, waardoor er weinig gebeurd lijkt te zijn in de vergunningaanvraag. En zo kan ik nog wel even doorgaan.

Voorzitter, als je dit rapport leest kun je niet anders, volgens mij, dan constateren en jezelf de vraag stellen: wat is hier nou gebeurd? Bij het lezen overheerst toch een beetje de vraag: hoe is dit mogelijk? En daarom zijn ook echt wel de politieke vragen wat ons betreft aan de orde: op welk moment was het college hiervan op de hoogte en hoe is hier ook de afgelopen periode in het college over gesproken? Ik denk wel dat het belangrijk is dat we daar wat meer beeld en geluid bij krijgen. Dus: wat wist het college op welk moment? Voorzitter, daar wil ik wel een kanttekening bij plaatsen, want het overgrote deel van de geconstateerde tekortkomingen is wel zo technisch dat je niet kunt verwachten dat het college of een collegelid dit op een tekening herkent. Tegelijkertijd, voorzitter, ontslaat dat het college natuurlijk niet van haar verantwoordelijkheid en het is daarom ook voor de VVD belangrijk dat het college wel als collectief verantwoording aflegt over hoe zij hier omgegaan is met dit dossier en welke rol zij in de breedte heeft gespeeld. Voorzitter, de tweede vraag die wij willen behandelen is: hoe verder met het raadhuis? Want linksom of rechtsom: we moeten verder met de renovatie van het raadhuis. Tenminste, ik neem aan dat iedereen dat vindt.

We kunnen het niet zo laten liggen zoals het nu ligt en als we het advies van Ryse volgen, is een centrale opgave in mooie bewoordingen: ‘een hernieuwd vertrekpunt definiëren’. Voorzitter, we hebben wel de vraag hoe we dit moeten lezen. Is dit een 8

gevalletje van ‘begin maar helemaal opnieuw’ of beginnen we halverwege opnieuw? En wat is er daarin nog afweegbaar? Het lijkt ons verstandig dat het bureau dat onderzoek heeft gedaan, de raad nog eens bijpraat en ook in een vervolgstap dat de raad spreekt over de afbakening van het nieuwe plan. Dat lijkt me essentieel, dat er in de breedte realistische verwachtingen zijn over afbakening, planning, proces en financiën. Voorzitter, en dat raakt ook eigenlijk aan het volgende kopje, want we willen toch nog een paar opmerkingen maken over financiën en control bij dit project. Het is een open deur, maar we zien in heel Nederland dat projecten langer duren en dat lijkt ook niet korter te worden. De voorzitter Voordat u verder gaat: mevrouw Visser heeft een vraag namens de fractie van PRO Sliedrecht. Mevrouw Visser Toch wel even, want meneer Van Rossum begon aan een nieuw kopje, voorzitter. Hij noemde de rol van de raad, maar loopt dan diezelfde raad- niet per se deze, maar toekomstige raden dan ook - niet het risico om op de stoel van het door de coalitie benoemde bestuur te gaan zitten? De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, volgens mij is het goed dat raad en college een volgende keer opnieuw contracteren.

Dat ze opnieuw gaan kijken naar: wat is nu precies de afbakening van het project, wat is de rol van de raad, wat is de rol van het college daarin? Hoe worden we als raad daarover op de hoogte gehouden? Welke afspraken en verwachtingen leggen we ook neer bij het college over het communiceren daarover? Ik denk dat het heel goed is dat er een nieuw contractmoment plaatsvindt tussen college en raad over het project, zowel over de inhoud van het project als het proces en dat is wat wij bedoeld hebben te zeggen, hier. De voorzitter Dank u wel. Gaat u verder met uw betoog. De heer Van Rossum Voorzitter, het is een open deur, maar projecten in Nederland duren steeds langer en dat wordt niet minder. Bij het gemeentekantoor hebben we ook al uitgesproken: houdt rekening met risico’s en kwantificeer deze. Voorzitter, toch is het wel even goed om te melden, want de voorzichtige aanname was dat als we het in september hadden aanbesteed, er 5 procent overschrijding was geweest. Een groot voorbehoud is wel dat we niet alles volledig zeker weten en in beeld hebben, maar ik kan zeggen: voor 5 procent? Ik had getekend. Voorzitter, waarom? Omdat we in heel Nederland zien dat complexe procedures, capaciteitstekort in de volledige keten, termijnen zelden of nooit meer gehaald worden.

Een dringend advies ook aan het college hierbij is: wees hierover helder en transparant als je straks terugkomt bij de raad. Voor de VVD geldt dat we sowieso meer inzichtelijk willen krijgen wat de risico’s en maatregelen zijn, vooral bij grote projecten. Dan ook het bruggetje naar de derde vraag. Hoe verhoudt dit rapport zich tot de andere projecten? We gaan het niet sugarcoaten: dit rapport smaakt niet lekker. De zin dat de gemeente niet is ingericht op het uitvoeren van complexe renovatie- en restauratieprojecten als het raadhuis, die dreunt na. Een belangrijke vraag daarbij is: richt deze constatering zich dan specifiek op complexe verbouwingen van monumentale panden, of is het meer? Gezien de, wat ons betreft nog steeds noodzakelijke ontwikkelingen als binnenstedelijke herstructurering, Noord-Zuidverbinding, Sliedrecht-Noord, Winklerplein is dit een essentiële vraag.

Wat ons betreft de million dollar question, of misschien wel multi-million dollar question: hoe borgen we kennis, capaciteit, project control bij deze grote projecten? Hoe zorgen we ervoor dat signalen sneller naar boven komen als iets niet gaat zoals het moet? Is daar wezenlijk iets anders dan bij een verbouwing van het gemeentekantoor en het raadhuis? We horen regelmatig van het college dat dit zo is, maar met dit rapport op tafel is een goede toelichting voor de VVD wel belangrijk; ook met het oog op de toekomst. Want we gaan echt hele grote projecten aan en die projecten zijn wat ons betreft nog steeds noodzakelijk. Voorzitter, en daar is ook wel een kritische noot vanuit de VVD. Van deze vraag verwacht ik dat het college deze zelf ook stelt en dat is ook eigenlijk de vraag aan het college. Heeft u zelf deze vraag ook al gesteld? En zo ja, wat is dan de reden dat u dit niet adresseert in een college informatiebrief? Want dit is wel een vraag die, zowel in de politiek als in de maatschappij breed, wel speelt op het moment dat zo’n rapport naar buiten komt. Dat was hem voor nu, voorzitter. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat de heer Verheul een vraag aan u heeft. Gaat uw gang. 9

De heer Verheul Dank u wel, voorzitter. Een vraag inderdaad aan de heer Van Rossum. Een terechte opmerking, denk ik, dat situaties soms complex kunnen zijn en dat we misschien verder moeten kijken met dezelfde peilstok. Ik vraag me af: ziet de heer Van Rossum ook bijvoorbeeld een reden om een peilstokmeting te houden bij het project Sliedrecht-Noord, Sliedrecht Buiten, een IKC - wat misschien niet een complexe verbouwing van een pand is, maar wel een complex project? De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, wij zitten daar nog één stap voor. Ik vraag eerst aan het college: wat zijn de wezenlijke verschillen tussen die projecten? Tussen je projectorganisatie en de controle die je voert op dat project? Zijn die verschillen er en zo ja, hoe ziet dat eruit? Want pas als die vraag beantwoord is, kan ik antwoord geven op de vraag of een dergelijke exercitie zinnig is of niet. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat ook de heer Brandwijk een vraag heeft. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Ik noemde in mijn woordvoering al dat dit niet het eerste rapport is. We hebben een rapport van de Rekenkamer gehad, ‘Grip op projecten’, we hebben advies van de accountant gehad en laat ik even meegaan met de VVD dat al die projecten ‘noodzakelijk’ zijn, zoals hij ze noemde.

Dan is dit toch een schokkend rapport? Dan is mijn vraag aan de VVD: dan vraagt dit toch niet alleen om wat procesveranderingen en het gebruik van een ander financieel formuliertje, maar ook toch om een cultuurverandering? Want dat is wat hierin zit? De voorzitter De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, ik ga geen grapjes maken, daar is het vanavond te serieus voor. Volgens mij, één, zeg ik dat wij geschrokken zijn door het rapport. Volgens mij is dat precies de vraag die de heer Boudewijn Brandwijk stelt. Ja, wij herkennen dat, dat als je dit rapport sec leest, dat dat, nou ja, een vies, ongemakkelijk gevoel geeft. Dus, ja: dat erkennen we. Tegelijkertijd, voorzitter, is het in politiek bestuurlijk Nederland wel heel gewoon dat je eerst vragen stelt. Dat je vervolgens een college of een ministerraad of iets de mogelijkheid geeft om toelichting te geven en reactie te geven op de vragen, voordat je daarop verder gaat. Ik denk dat het heel goed is dat we nu het college de mogelijkheid geven om die politiek-bestuurlijke verantwoording af te leggen, want dat is randvoorwaardelijk in een democratie en op basis daarvan kun je dan het gesprek voeren hoe je daarmee verder gaat. De voorzitter Dank u wel. Ik zie dat er nog een vraag is van de heer Pauw. Gaat uw gang. De heer Pauw Dank u wel.

Even een vraag over die financiën, maar eigenlijk is de vraag gericht op het feit, op onszelf. We hebben een begroting van ruim 100 miljoen in Sliedrecht. Daar zitten 21 schatbewaarders en die zitten allemaal aan deze tafel. Beantwoording vandaag leert dat we vanuit het investeringskrediet € 614.000,- uitgegeven hebben. Tel ik daar de voorbereidingskredieten van 2022 en 2023 bij op, dan zitten we boven een miljoen en we hebben niks. En de vraag is nu even hoe de VVD-fractie hun rol ziet als 2 van de 21 schatbewaarders in dit proces. De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, wat ik in mijn inbreng ook vraag, is: waar staan we nu? Wij zien ook die opmerking van het onderzoeksbureau die stelt ‘een hernieuwd startpunt definiëren’, maar er wordt niet per se duidelijk wat dat is. Je zou het rapport ook zo kunnen lezen dat het vooral vanaf een voorlopig ontwerp doorontwikkelen is; ja, dat is heel anders dan de vraag of dat er helemaal vanaf nul opnieuw begonnen moet worden. En als de conclusie is dat er een voorlopig ontwerp ligt dat voldoende is om opgewerkt te worden tot definitief ontwerp, ja, dan deel ik de conclusie van de heer Pauw niet dat er niks ligt. Dan is de situatie anders dan wanneer we nu helemaal opnieuw zouden moeten beginnen.

Ik wil eerst duidelijkheid over: waar staan we nu en hoe moeten we die opmerking lezen, voordat wij ook invulling kunnen geven aan de vraag die de heer Pauw stelt.

10

De voorzitter Dank u wel. Tenslotte - tenminste, daar ga ik vanuit, de heer Jongeneel namens de fractie van Slydregt.NU nog een vraag. Gaat uw gang. De heer Jongeneel Dank u wel, voorzitter. De VVD weet niet wat het nieuwe startpunt is. Pleit de VVD voor een nieuw onderzoek wat het nieuwe startpunt moet worden? De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, waar wij voor gepleit hebben is één, de vraag stellen aan het college, want dat is degene die het rapport aanlevert en ik neem aan dat zij al meer beeld hebben. En twee, waar wij voor pleiten is een sessie ven het onderzoeksbureau met de raad om ook meer feitelijk bijgepraat te worden over: waar staan we nu, hoe kunnen we vanaf hier ook op een goede manier verder met dit project? Want voor ons blijft boven water staan dat wij voort moeten gaan met dit project en dat het geen optie is om het raadhuis zo te laten als het nu is. Dan gaan we daarna het gesprek voeren of het plan uit 2016, 2021 of 2023 dan het plan is dat we ook uit moeten gaan voeren, of niet. De voorzitter Dank u wel. De heer Jongeneel nog een vervolgvraag. De heer Jongeneel Bedankt, voorzitter.

Nou, het rapport is voor ons als Slydregt.NU erg duidelijk, maar als we er over gaan bijpraten met het bureau wat het rapport geschreven heeft, vindt u niet dat dat in alle openbaarheid moet gebeuren? Dat alle Sliedrechters er weet van hebben? Transparantie? De voorzitter Dank u wel. De heer Van Rossum. De heer Van Rossum Voorzitter, waar de heer Jongeneel nu naar vraagt is volgens mij iets waar wij niet per se over…dat vind ik een hele lastige. Waarom? Omdat - wat mij betreft mag het in het openbaar, laat ik zo definiëren. Alleen, het bureau heeft gezegd dat ze ook graag in eerste instantie een keer in beslotenheid willen bijpraten omdat ze hier ook een waardeoordeel geven over het werk van collega’s. Vanuit die oproep en die professionaliteit willen zij dat graag eerst een keer in beslotenheid doen. Ik vind ook dat dat we moeten respecteren en dan vervolgens in alle openheid zoals we nu doen, daar als raad over debatteren. Want wij leggen de verantwoording af; niet dat bureau. Dat doen het college en de gemeenteraad en niet een onderzoeksbureau. De voorzitter Dank u wel. Er zijn geen andere vragen aan u. Dan geef ik graag het woord in de eerste termijn aan de heer Van der Plas namens de PvdA-fractie. U heeft het woord, meneer Van der Plas. De heer Van der Plas Dank u, voorzitter.

Voorzitter, op 31 oktober 2023 heeft de gemeenteraad het definitief ontwerp voor het herinrichten van het raadhuis vastgesteld en daarvoor een uitvoeringskrediet van € 4.625.000, - gevoteerd. Vorige week ontving de gemeenteraad een college informatiebrief over dit project, waarin het college het volgende schreef. ‘Het is een complex project dat veel verrassingen en risico’s met zich meebrengt. We moeten durven concluderen dat het renoveren van zo’n markant gebouw een heel specifiek vak is en niet iets wat je er zomaar even bij doet. Daarom hebben we aan het eind van de zomer besloten de peilstok in het project te steken, omdat we weten dat we in dit project nog van alles kunnen tegenkomen, maar niet precies weten wat en wanneer.’ Verder schreef het college: ‘Het rapport geeft een duidelijk beeld van hoe het ging en hoe het had moeten gaan; welke keuzes zijn gemaakt die we niet hadden moeten maken en dat we niet altijd beschikten over de juiste kennis, inzichten en competenties die nodig zijn voor het verbouwen van een monumentaal raadhuis.’ Het vervolg is bekend. Wethouder Roelant Bijderwieden zag zich genoodzaakt naar aanleiding van deze rapportage zijn bestuurlijke verantwoordelijkheid te nemen en af te treden. Vanavond bespreken we dus het rapport en hoe het nu verder moet.

Voorzitter, het rapport is helder, maar ook heel gedetailleerd en daarom zal ik me in deze woordvoering beperken tot een paar hoofdlijnen. Dan wil ik beginnen met het citaat uit de college informatiebrief dat ik zojuist heb genoemd, namelijk: ‘Het rapport geeft een duidelijk beeld van hoe het ging en hoe het had moeten gaan, welke keuzes zijn gemaakt die we niet hadden moeten maken en dat we niet altijd over de juiste kennis, inzichten en competenties beschikten die nodig zijn voor het verbouwen van een monumentaal raadhuis.’ Dat er niet werd beschikt over de juiste kennis, 11

inzichten en competenties kun je op twee manieren uitleggen. Onze fractie is van mening dat je van het college, de portefeuillehouder of de ambtelijke organisatie niet mag verwachten dat bij hen die specifieke expertise zomaar aanwezig is die je nodig hebt voor zo’n project. Die expertise moet je dan inhuren bij bureaus die daarin wel zijn gespecialiseerd, in restauratie en verduurzaming van Rijksmonumenten. Je kunt het dus ook zo lezen dat de ingehuurde externe adviseurs niet altijd even competent hebben gehandeld - en dat lees je ook tussen de regels wel door, in het rapport. Maar wat je van het college en de ambtelijke organisatie in ieder geval wel mag verwachten, is dat zij ervoor zorgen dat het proces op een goede manier verloopt en dat de kosten en planning binnen de afgesproken kaders blijven. Maar dit vereist dan wel een goede projectorganisatie waarin taken, rollen en verantwoordelijkheden op een goede manier zijn belegd en geborgd.

Dit roept bij onze fractie de vraag op: wat is er toch gebeurd met die strakke en centrale projectcoördinatie die tussen 2018 en 2020 welbewust in onze ambtelijke organisatie is opgetuigd, juist om grip te houden op dit soort projecten? Bestaat die structuur eigenlijk nog? En de volgende vraag: is de in het rapport beschreven gang van zaken misschien symptomatisch voor een paar andere kwesties op het gebied van het gemeentelijk vastgoed, waar maar geen vaart in lijkt te komen? Ik noem nu hierbij de oprichting van BAES BV, waarvoor alweer 2 jaar geleden een budget beschikbaar is gesteld en de mediation met SJOS die al inmiddels een maand of 8 loopt en waarvan nog geen enkele terugkoppeling is ontvangen. Graag een reactie van het college. De college informatiebrief wordt afgesloten met de woorden dat het college de conclusies van het rapport deelt, de aanbevelingen omarmt en daarmee aan de slag gaat om een robuuste hervatting van de planvorming tot stand te brengen. Maar hoe moet het nu verder? Graag zou onze fractie een antwoord krijgen op de volgende vragen.

Hoe ziet het college die robuuste hervatting van de planvorming eigenlijk voor zich en welke acties gaat het daarvoor ondernemen? Wordt het geen tijd om afscheid te nemen van het plan waarvoor op 31 oktober 2023 een krediet van 4,6 miljoen euro beschikbaar is gesteld en waarvan het college in de college informatiebrief schreef dat het waarschijnlijk nog veel duurder gaat worden en dat we de oplevering ook niet voor 2029 hoeven te verwachten? Dan tot slot een vraag aan het college en de andere fracties in deze gemeenteraad. Moeten we het raadhuis qua gebouw en functie maar niet gewoon zoveel mogelijk houden zoals het nu is? Laat de huidige indeling met de fractiekamers en de raadsinformatieruimte intact. Vergeet de al of niet ondersteunende horeca en zalenverhuur als halfbakken alternatief voor De Lockhorst en zorg er vooral voor dat het gebouw weer gewoon 100 jaar mee kan. Graag de reactie van het college. Tot zover voor dit moment, voorzitter. De voorzitter Dank u wel. Er is een vraag aan u van de heer Brandwijk. Gaat uw gang. De heer Brandwijk Dank u wel, meneer de voorzitter. Gelijk even een reactie. Dat doen we soms ook na de eerste termijn, maar er wordt gevraagd: zouden we niet terug moeten? Wat onze fractie betreft wel.

Laten we het behoud van onze fractiekamers, van een goede raadzaal, het versterken van onze lokale democratie waarborgen, waarbij - en hopelijk bent u het daar wel mee eens - we werken aan digitalisering, zodat we daar ook raadsvergaderingen kunnen uitzenden, maar dat wel beperken tot doelmatigheid. Daar kan u onze steun in vinden. De voorzitter Dank u wel. Zijn er nog andere fracties die nu al willen reageren op de vraag van de heer Van der Plas? Dat is niet het geval. Zijn er nog andere vragen aan de heer Van der Plas? Dat is ook niet het geval. Dan dank ik u zeer, meneer Van der Plas en dan nodig ik de heer Verheul uit, die al onderweg is, van de fractie van PRO Sliedrecht. Gaat uw gang, meneer Verheul. De heer Verheul Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, vanavond spreken we over een rapport dat laat zien dat het college niet voldoende in control is geweest in het dossier raadhuis. Dat is een stevige conclusie met grote gevolgen voor de gemeente, voor het vertrouwen van onze inwoners, de gemeenteraad, maar uiteindelijk voor de wethouder zelf. We hebben de afgelopen periode gezien wat voor persoon deze wethouder is. Een warm mens; goed benaderbaar. Een man met wie je makkelijk in gesprek raakt en een man met wie je graag een biertje in de kroeg zou willen drinken.

Maar tegelijkertijd moeten we ook eerlijk zijn, voorzitter: die kwaliteiten hebben zich niet altijd vertaald in het bestuurlijke vakmanschap dat voor deze functie noodzakelijk is. Als wethouder is hij tekortgeschoten. Dat is geen oordeel over zijn karakter, maar een constatering over zijn rol en verantwoordelijkheid. Juist daarom wil ik benadrukken namens PRO Sliedrecht dat het moedig is dat hij zelf het besluit heeft genomen om zijn ontslag in te dienen. Dat getuigt van zelfreflectie en van respect voor het ambt en voor de gemeente en haar inwoners. Het is nooit makkelijk om een stap 12

terug te zetten wanneer je met volle overtuiging aan een taak bent begonnen. Toch heeft Roelant dat gedaan en dat verdient erkenning. Voorzitter, na de conclusies uit het rapport en het terugtreden van de wethouder, moeten we het vandaag niet alleen hebben over de individuele verantwoordelijkheid, maar ook over de verantwoordelijkheid van het college als geheel. Want het college spreekt vaak over ‘uit één mond spreken’, wat volgens onze fractie staat voor collegialiteit, eensgezindheid en gezamenlijke verantwoordelijkheid. Maar hoe heeft het zich dan vertaald naar het dossier raadhuis? Het rapport laat immers zwart op wit zien dat sinds 2016 de integraliteit in de planvorming ontbreekt. Dat rollen en verantwoordelijkheden niet altijd helder zijn geweest. Dat de governance niet geborgd was en dat financiële kaders onvolledig en soms zelfs onjuist waren. Deze constateringen raken niet één persoon, maar het hele college. Voorzitter, als één wethouder opstapt omdat het project niet onder controle was, dan is de logische vervolgvraag: wat hebben de overige collegeleden gedaan om deze situatie te voorkomen? Want collegialiteit betekent ook: interne verantwoordelijkheid nemen voor elkaar, bijsturen, spiegelen en tijdig ingrijpen en dat ontbreekt in het beeld dat dit rapport schetst. Graag ontvangen wij hier een reflectie over. Dan kom ik op de financiële kant, voorzitter.

In het rapport staat dat de begrotingen incompleet waren, dat delen slechts concept waren, dat kostenposten ontbreken, dat indicering niet is verwerkt en dat er een reëel risico bestaat op forse financiële tekorten. Dat is stevige taal. Daarom vraag ik aan het college: hoe heeft de wethouder Financiën toezicht gehouden op deze financiële risico’s? Welke signalen zijn besproken en wat is daar dan exact mee gedaan? Graag een reflectie van de wethouder Financiën hierop. Want als financiële beheersing één van de belangrijkste pijlers is van dit project, dan is het onvermijdelijk om te vragen: was het college op enig moment voldoende in control over dit onderwerp? Ook hier graag een reflectie op van de voorzitter van het college. Een ander punt waarbij ik stil wil staan is de rol van de voorzitter van de raad. Het Presidium heeft meerdere keren om extra aandacht gevraagd voor dit dossier. Dit waren geen kleine signalen. Dit waren serieuze verzoeken. Wat heeft de voorzitter van de raad concreet gedaan met deze signalen? Welke acties zijn er ondernomen om te voorkomen dat wij vandaag met deze uitkomsten geconfronteerd worden en bespreken? Graag een reflectie van de voorzitter van de raad hierop. Het rapport spreekt immers over ‘inefficiënte bestuurlijke afstemming en onvoldoende communicatie’.

Dat zijn geen woorden die wij gekozen hebben, maar gewoon letterlijk in het rapport terug te lezen zijn. Dan mag de raad ook weten hoe de voorzitter zijn verantwoordelijkheid heeft ingevuld. Dan zijn er nog procedurele en organisatorische tekortkomingen. Denk aan de wisselingen van ambtelijke opdrachtgevers, het project van een definitief ontwerp verder te agenderen in het portefeuillehoudersoverleg Vastgoed, het ontbreken van een takenlijst, het ontbreken van een integraal ontwerp en een vergunningstraject dat nog steeds onvolledig is. Daar hoort een simpele, maar belangrijke vraag bij: wanneer heeft het college zelf geconstateerd dat het project onvoldoende was georganiseerd en welke maatregelen heeft het college toen genomen? Ook hier graag een reflectie op. Ook wil ik en de rest van mijn fractie van het college horen waarom er een omgevingsvergunning is ingediend op basis van een definitief ontwerp, terwijl bij Rijksmonumenten vrijwel altijd een technisch ontwerp noodzakelijk is. Inmiddels ontbreekt er nog steeds essentiële informatie zoals slooptekeningen, bouwkosten en een volledig technisch pakket van eisen. Voorzitter, onbegrijpelijk.

Hoe kan het dat wij, bijna 2 jaar later, nog steeds geen compleet vergunningsdossier hebben, terwijl de gemeente Sliedrecht nota bene juist zelf het bevoegd gezag is als het aankomt op het toetsen en verstrekken van vergunningen aan bedrijven en inwoners in Sliedrecht? Ook hier graag een reflectie op. Voorzitter, dit brengt me bij mijn bijna laatste punt. Het rapport concludeert dat dit project sinds 2016 structureel onvoldoende integraal is aangestuurd. Dat raakt de hele organisatie en bestuur. Daarom is mijn vraag aan het college: vindt het college dat het opstappen van één wethouder recht doet aan de brede bestuurlijke tekortkomingen en welke reflectie trekt het college zelf? Voorzitter, er is echter nog één vraag die niet ongesteld mag blijven. Een vraag aan mijzelf, een vraag aan u, collega raadsleden. Wij zijn als raad gezamenlijk verantwoordelijk voor de controle van het college en voor het bewaken van grote projecten namens onze inwoners. Daarom moeten we de spiegel durven pakken en ons de volgende vraag stellen. Hebben wij als gemeenteraad voldoende instrumenten benut, voldoende doorgevraagd en voldoende tijdig gehandeld om grip te houden op dit dossier? Niet om met een vinger te wijzen, beste collega’s, maar omdat alleen een raad die ook naar zichzelf kijkt, in staat is om een college effectief te controleren en een herhaling te voorkomen. Voorzitter, laatste alinea.

Het vertrek van de wethouder is pijnlijk, maar mag geen bliksemafleider zijn. Het rapport vraagt om fundamentele, college brede en raadsbrede reflectie. Onze inwoners verwachten dat wij hiervan leren en dat we vanaf nu een raadhuistraject krijgen dat wordt uitgevoerd met deskundigheid, transparantie en echte controle. Hier wou ik het even bij laten. 13

De voorzitter Dank u wel, meneer Verheul. Zijn er vragen aan de heer Verheul? Dat is niet het geval. Dan dank ik u zeer en geef ik graag het woord aan de heer Dunsbergen namens de CDA-fractie. Gaat uw gang. De heer Dunsbergen Voorzitter, dank u wel. Vandaag spreken wij over een dossier dat ons als raad, maar ook de Sliedrechtse samenleving al lang bezighoudt. Te lang, eigenlijk. Een dossier dat inmiddels gekenmerkt wordt door het grootste offer dat een wethouder kan brengen. Een wethouder heeft verantwoordelijkheid genomen en is teruggetreden. Die keuze is zwaar en respecteren wij. Het vraagt moed om te zeggen: ik ben niet de aangewezen bestuurder om het traject raadhuis verder te brengen en dat verdient waardering. Voorzitter, al sinds 2016 worstelen opeenvolgende colleges met dit project. Met het rapport… De heer Jongeneel Ik wil een punt van orde maken. We hebben nu een vergadering over het college. Waar is het college? Er loopt nu een wethouder weg. Dit noem ik nou disrespect voor de raad, dat een wethouder wegloopt! De voorzitter Meneer Jongeneel. De heer Jongeneel Dit is niet de eerste keer. Meneer Spek doet dat altijd. De voorzitter Meneer Jongeneel, het college is aanwezig, zie ik. Het kan zijn dat de wethouder om wat voor reden dan ook even de zaal moet verlaten, maar ik stel voor dat de heer Dunsbergen gewoon zijn betoog vervolgt.

De heer Dunsbergen Voorzitter, wat ik noemde, waar ik net al mee begon, is dat sinds 2016 opeenvolgende colleges worstelen met dit project. Met het rapport van Ryse is een gedegen onderzoek verricht naar de herkomst van de situatie die nu is ontstaan en wij kunnen niet om de conclusies van het rapport heen. Het zijn stevige bevindingen. Basale onderdelen ontbraken. Ik las: een incompleet definitief ontwerp, onvoldoende uitgewerkte brandveiligheid en geluidseisen, gebrekkige coördinatie tussen gemeente, projectontwikkelaar, architect en constructeur, en taken en verantwoordelijkheden die nooit scherp zijn vastgelegd. Het werk lag eigenlijk stil na het definitief ontwerp. Kort samengevat is dus zichtbaar geworden dat de governance niet goed georganiseerd was, dat er onduidelijkheid bestond over de financiële kaders en dat de planning steeds verder onder druk kwam te staan. Voorzitter, die conclusies zijn pijnlijk eerlijk, maar daarmee ook helder en concreet. Het geeft ruimte voor een harde reset en ook een kans op een frisse start. Het stappenplan staat beschreven in dat rapport. Voorzitter, dan op een punt wat al in verschillende inbrengen naar voren is gekomen: het college spreekt met één mond. Dat klopt en we kunnen hier ook hele verhandelingen ophangen waar de collegialiteit eindigt en waar die begint.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/1069/documents/13816