By 2 - OER Sliedrecht.pdf
Tekst van het document
Blad 30 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 3.11 Waardering van fietsvoorzieningen en -elementen in de gemeente Sliedrecht (bron: Fietsersbond, 2020)
3.4.2
De opgave voor duurzaam vervoer Bij het stimuleren van vervoer zet de gemeente met name in op het verbeteren van de bereikbaarheid van OV-voorzieningen en het creëren van meer en goede fietsvoorzieningen. Uitbreiding of verbetering van OV-voorzieningen valt niet onder de bevoegdheid van de gemeente, dit ligt bij de provincie en de regio. De gemeente kan hier wel plannen en ideeën inbrengen, maar is voor de uitvoering afhankelijk van andere overheden. Nieuwe verbindingen naar OVknooppunten en verbetering van voorzieningen rond bijvoorbeeld de stations is wel iets waar de gemeente mee aan de slag kan. Met name de fietsverbindingen spelen hierin een belangrijke rol. De aanleg van een mobiliteitshub is een mogelijkheid om duurzaam vervoer te stimuleren. Een mobiliteitshub is een punt waar verschillende vervoersmiddelen bij elkaar komen en mensen over kunnen stappen van vervoersmiddel. Door hier bijvoorbeeld elektrische deelfietsen of -auto’s beschikbaar te maken, worden deze vervoersmiddelen beter beschikbaar voor inwoners. Mensen kunnen de auto daar parkeren en de reis vervolgen met de fiets of het OV. In combinatie met goede verbindingen met centrumgebieden, grote werklocaties of recreatievoorzieningen kan een mobiliteitshub een belangrijke bijdrage leveren aan het stimuleren van duurzaam vervoer.
Blad 31 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 3.12 Impressie van een mobiliteitshub (bron: Sophia van den Berg, 2014)
3.4.3
Ambities voor duurzaam vervoer Opgave samengevat Stimuleren van OV-gebruik Verbeteren van de fietsfaciliteiten Verhogen van het aandeel elektrisch vervoer Ambities voor deze opgave In 2035 rijden op schone energie; Verbeteren van de aantrekkelijkheid van het fietsgebruik; Optimaliseren van het openbaar vervoer; Ontwikkeling van multimodale overstappunten.
3.5
Opgave voor sport en recreatie
3.5.1
Huidig aanbod sport en recreatie Sportaanbod In de Omgevingsvisie beschrijft de gemeente het belang van openbare sport- en recreatievoorzieningen. Sport vormt meerdere functies voor inwoners. In de nota "Wat sport beweegt” (NOC*NSF, 1996) zijn vier waarden van sport benoemd: 1. Belevingswaarde: veel mensen vinden sport leuk om te beoefenen en om naar te kijken. 2. Vormende waarde: door sporten worden psychologische, organisatorische, morele en fysieke aspecten getraind.
Blad 32 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
3. 4.
Sociale waarde: via sport komen persoonlijke contacten en relaties tot stand en wordt het gemeenschapsgevoel versterkt. Gezondheidswaarde: sport is doorgaans een gezonde activiteit, zet aan tot bewegen en draagt zodoende bij aan de preventie van diverse ziekten.
Sliedrecht kent een divers aanbod aan sportverenigingen. Qua ledenaantal zijn de voetbal-, volleybal- en de korfbalvereniging sterk vertegenwoordigd. Volleybalvereniging Sliedrecht Sport behoort bij de landelijk top en acteert zelfs op Europees niveau.
Figuur 3.13 Overzicht van sportlocaties binnen de gemeente Sliedrecht
Recreatie In Visie Recreatie (december 2020) is het huidige aanbod binnen de gemeente en de behoefte van de inwoners geïnventariseerd. De recreatieve voorzieningen vervullen voornamelijk een lokale functie, toerisme is in Sliedrecht nauwelijks aanwezig. Onderstaande tabel toont het aanbod aan horeca en cultuur, sport en recreatie (per 1.000 inwoners) van de gemeente Sliedrecht, in vergelijking met het landelijk en provinciaal gemiddelde en de omliggende gemeenten. Hieruit blijkt dat het aanbod aanzienlijk lager ligt dan andere gemeenten, alleen buurgemeente Hardinxveld-Giessendam heeft minder horeca.
Blad 33 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Leefstijlprofielen Recreëren kan op veel manieren. Actief en avontuurlijk, zoals een klimbos of pretpark of juist rustig en ontspannend, zoals een natuurgebied en stadspark. De verschillende vormen van recreatie worden uitgedrukt in leefstijlprofielen.
Figuur 3.14 Leefstijlprofiel van het recreatieve aanbod in Sliedrecht (bron: Visie Recreatie Sliedrecht, december 2020)
Blad 34 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
3.5.2
De opgave voor sport en recreatie Sport Sport en bewegen is van groot belang om gezond te blijven. Onderstaande tabel toont enkele parameters over het percentage inwoners dat voldoende beweegt, overgewicht heeft en helemaal niet sport. Ook de gemeentelijke uitgave aan sport per inwoner is opgenomen in de tabel. Sliedrecht Beweegt voldoende Overgewicht Niet-sporters Gemeentelijke uitgave aan sport (per inwoner)
53% 53% 61% € 215
Nederland 63% 49% 49% € 292
Uit de cijfers blijkt dat Sliedrecht op alle vier parameters onder het landelijk gemiddelde scoort. De parameters hebben met elkaar te maken. Niet sporten en onvoldoende beweging vormen een verklaring voor overgewicht. Dat de gemeente minder uitgeeft aan sport kan ook een verklaring zijn. De gemeente kan financiële middelen inzetten om inwoners te stimuleren om meer te sporten door bijvoorbeeld de aanleg van openbare sportvoorzieningen of door het verstrekken van subsidies voor sportverenigingen. De opgave voor sport richt zich dan ook op het bevorderen van sporten en bewegen. Recreatie In de Visie Recreatie is door middel van een enquête de behoefte aan recreatieve voorzieningen onderzocht. Hieruit blijkt dat inwoners van Sliedrecht met name langs de rivier recreatiemogelijkheden missen. Ook in het centrumgebied is er behoefte aan meer en betere verblijfsmogelijkheden met een goede mix aan horeca en winkels. In de polder zien mensen kansen voor ontwikkeling van recreatiegebieden. Dit is deels al in ontwikkeling met de aanleg van het recreatief knooppunt.
3.5.3
Ambities voor sport en recreatie Opgave samengevat Stimuleren van sport en bewegen door voldoende (openbare) voorzieningen; Uitbreiden van het aanbod horeca langs het water en in het centrum; Ontwikkeling van recreatiemogelijkheden in de polder en langs de rivier Ambities voor sport en recreatie De sportinfrastructuur is functioneel, kwalitatief op orde en duurzaam; Promoten van voldoende beweging door een uitnodigende openbare ruimte; Uitstraling en levendigheid van het centrum verbeteren; Nieuwe toeristisch-recreatieve functie voor het Raadhuis.
Blad 35 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
3.6
Opgave voor verbindingen met de Alblasserwaard en Merwede De vierde deelopgave is in de vorige deelopgaven al enkele keren benoemd. Met de rivier de Merwede aan de zuidkant en de polder Alblasserwaard aan de noordkant beschikt Sliedrecht over twee mooie gebieden in en rond de gemeente. De beleving van en verbinding met deze gebieden is echter beperkt. Het dijklint is vrijwel volledig bebouwd, waardoor doorkijken schaars zijn. Openbare ruimte langs de rivier is eigenlijk alleen aanwezig bij de Adriaan Volkersingel. Bij de opgave voor groen en water is een nieuwe verbinding met de Alblasserwaard al benoemd als onderdeel van de verbetering van de groenstructuur, bij sport en recreatie als opgave om de bereikbaarheid van (toekomstige) voorzieningen in het buitengebied te verbeteren. Ook de verbinding met de rivier komt bij die deelopgave terug, met kansen voor ontwikkeling van recreatieve voorzieningen aan het water. Het verbeteren van de verbinding met het buitengebied en de rivier heeft nog meer voordelen. De bereikbaarheid van het buitengebied en daarmee de ontsluiting van het woongebied kan hiermee verbeterd worden. Het kan dienen als nieuwe ontsluitingsroute, waarmee bestaande wegen ontlast kunnen worden. Nieuwe en betere verbindingen met de rivier vergroten de ruimtelijke kwaliteit van het woongebied en de beleving van de rivier.
Ambities bij deze opgave Beter beleefbaar maken van de rivieroevers en het havenfront Verbeteren van de (recreatieve) verbinding met de polder
Blad 36 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
4
Opzet van het OER Het OER onderzoekt en beoordeelt de effecten van het nieuwe beleid op de fysieke leefomgeving. Dit hoofdstuk beschrijft de opzet van dit onderzoek aan de hand van de stappen die hiervoor doorlopen worden.
4.1
Stappen in het OER
Beschrijving en beoordeling referentiesituatie De eerste stap in het OER is het beschrijven en beoordelen van de referentiesituatie (nulscenario). De huidige situatie is beschreven en aan de hand van trends en ontwikkelingen is een beeld geschetst van de verwachte toekomstige situatie. Dit is het nulscenario, Sliedrecht in 2040 zonder het nieuwe beleid van de omgevingsvisie. Het nulscenario wil niet zeggen dat er niets gebeurt tussen nu en 2040. Plannen en ontwikkelingen die doorgaan zonder de Omgevingsvisie kunnen de leefomgeving van Sliedrecht beïnvloeden. Dit worden autonome ontwikkelingen genoemd. Indien er relevante autonome ontwikkelingen zijn, zijn deze vermeld bij de betreffende thema’s. De referentiesituatie vormt de basis voor de verdere effectbeoordeling. Scenario’s voor Omgevingsvisie Sliedrecht De Wet milieubeheer schrijft voor dat in het OER de ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven’ onderzocht moeten worden. Wat hier precies onder verstaan wordt is niet beschreven, dat verschil per plan. In dit OER is hier vorm aan gegeven door het opstellen van scenario’s. Scenario’s zijn mogelijke invullingen van de opgaven uit hoofdstuk 3. De scenario’s zijn beschreven in hoofdstuk 5. De scenario’s moeten niet gezien worden als een keuzemenu, waar de gemeente uiteindelijk één scenario uit moet kiezen.
De scenario’s zijn bedoeld om de bandbreedte van de opgave (en daarmee van de effecten) te onderzoeken. Op die manier worden de ‘hoeken van het speelveld’ verkend. Een speelveld dat ruimte biedt om keuzes te maken, met de verkenning van de effecten als onderbouwing / motivering van deze keuzes. Effectbeoordeling scenario’s Effectbeoordeling ten opzichte van de referentiesituatie De tweede stap betreft de beoordeling van de effecten op de fysieke leefomgeving. Hiervoor zijn de opgaven uit hoofdstuk 3 vertaald naar scenario’s, alternatieven voor de uitwerking van de opgaven. De scenario’s zijn beoordeeld ten opzichte van de referentiesituatie en ten opzichte van elkaar.
Blad 37 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Beoordeling van de bijdrage aan de ambities Naast de effecten op de leefomgeving onderzoekt het OER ook in hoeverre de scenario’s bijdragen aan de ambities die de gemeente in de omgevingsvisie heeft gesteld. Per opgave zijn ambities en doelen beschreven (zie hoofdstuk 3). Het OER onderzoekt per scenario de mate waarin deze ambities per opgave behaald worden. Dit geeft inzicht in het doelbereik per opgave. Beoordeling gemaakte keuzes van de Omgevingsvisie De beoordeling van de scenario’s helpt de gemeente om keuzes te maken voor de verdere uitwerking van de omgevingsvisie. Deze keuzes zijn in het OER vervolgens beoordeeld. Vanuit deze beoordeling zijn aandachtspunten en aanbevelingen meegegeven. Ook signaleert het OER voor welke thema’s of aspecten het monitoren en evalueren van de effecten gewenst is. Monitoring en evaluatie helpt de gemeente om ‘de vinger aan de pols te houden’. Grip houden op de effecten op de omgeving en tijdig ingrijpen als dat nodig is.
4.2
Methodologie Beoordelingskader Voor de beoordeling van de referentiesituatie maakt het OER gebruik van een indeling in thema’s en aspecten. Dit wordt ook wel het beoordelingskader genoemd. Het beoordelingskader bevat alle relevante aspecten van de fysieke leefomgeving. Deze is in de NRD gepubliceerd. Bij de indeling is aangesloten bij de verdeling in hoofduitgangspunten, zoals opgenomen in de omgevingsvisie. Natuur en landschap is hier als hoofduitgangspunt aan toegevoegd. Hoofdpunten Ruimtelijke vernieuwing
Veilige, gezonde en inclusieve samenleving
Thema’s Woningbouw
Aspecten (criteria) • Omvang van de woningvoorraad • Kwalitatieve woningvoorraad
Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief
•
Duurzaamheid
•
Bereikbaarheid
• • •
Zichtbaarheid, herkenbaarheid en beleving van cultuurhistorisch erfgoed Kwaliteit openbare ruimte Klimaatadaptief (waterberging, verkoelend effect groen/blauw) Energiebehoefte en duurzame energieopwekking Circulariteit: materiaalgebruik en afvalstromen Doorstroming op het wegennet OV- en fietsgebruik
• • • • • • • • • •
Milieuhinder Geluidbelasting Luchtkwaliteit Hittestress Geurhinder Lichthinder Omgevingsveiligheid Verkeersveiligheid Sociale veiligheid Gezondheidsbevordering
Milieu en gezondheid
Sociaal, veilig en gezond
• •
Blad 38 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Ondernemend en betrokken
Natuur en landschap
Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en levendig centrum Beschermde natuurgebieden
• • • •
Ruimte voor sport en recreatie Ruimte voor activiteiten en evenementen Aanbod aan werkgelegenheid Voorzieningenniveau
• •
Biodiversiteit Landschappelijke waarden
• • •
Natura 2000-gebieden Natuurnetwerk Nederland, Ecologische verbindingszones en stiltegebieden Effecten op flora en fauna Aardkundige en archeologische waarden Landschappelijke kwaliteiten
Beoordeling van de referentiesituatie De referentiesituatie vormt de basis voor de beoordeling van de vier scenario’s. De effecten van een scenario zijn afgezet tegen de referentiesituatie. Hiervoor is allereerst beoordeeld wat de staat van de leefomgeving in de referentiesituatie is. Schaal 5
Toelichting De kwaliteit is overal goed; er zijn geen aandachtspunten; ambities worden gehaald De kwaliteit is grotendeels goed; lokaal zijn er enkele aandachtspunten
4
De kwaliteit is redelijk, er zijn diverse aandachtspunten; ambities worden niet altijd gehaald
3
De kwaliteit is matig; er zijn veel aandachtspunten; ambities worden ten dele gehaald.
2
De kwaliteit is slecht; er zijn veel aandachtspunten; ambities worden niet gehaald.
1
Effectbeoordeling van de scenario’s De verwachte effecten zijn uitgedrukt in positieve of negatieve effecten. Hiervoor is onderstaande beoordelingsschaal gebruikt. Beoordeling ++
zeer positief
+
positief
0/+
licht positief
0
neutraal
0/-
licht negatief
Toelichting Het scenario draagt in zeer sterke mate bij aan de verbetering van alle aspecten en lost alle knelpunten op. Het scenario draagt bij aan verbetering van enkele aspecten en lost een deel van de knelpunten op. Er treedt een lichte verbetering op bij één of enkele aspecten, knelpunten worden nauwelijks opgelost. Er worden geen effecten verwacht of de positieve en negatieve effecten op aspecten heffen elkaar op. Er treedt een lichte verslechtering op bij één of enkele aspecten, knelpunten blijven bestaan.
Blad 39 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
-
negatief
--
zeer negatief
Het scenario leidt tot verslechtering van enkele aspecten en knelpunten kunnen toenemen. Het scenario leidt tot grote verslechtering op alle aspecten en creëert mogelijk nieuwe knelpunten.
Toets aan de ambities per opgave Voor het beoordelen van de bijdrage aan de opgave wordt gebruik gemaakt van dashboards. Dit geeft uitdrukking aan de mate waarin het scenario bijdraagt aan het behalen van de ambities per opgave. Een score links van het midden betekent dat de ambities niet volledig gehaald worden, rechts van het midden betekent dat het scenario een grote bijdrage levert aan de ambitie.
Figuur 4.1 Visualisatie van de beoordeling van de bijdrage aan de opgaven (indicatief)
Voor de beoordeling van de bijdrage aan de opgaven is gekeken naar de volgende criteria per opgave: Woningbouw: De mate waarin het scenario voorziet in de kwantitatieve behoefte en de verwachte ruimte voor de kwalitatieve vraag naar woningen; Groen en water: De mogelijke aantasting en de verwachte ruimte voor uitbreiding van groen en water en de mogelijkheden voor versterking van de groenstructuur; Duurzaam vervoer: De mate waarin het scenario duurzaam vervoer stimuleert en autogebruik ontmoedigt en de ruimte voor nieuwe duurzaam vervoersconcepten; Sport en recreatie: De ruimte voor uitbreiding van sport en recreatievoorzieningen en de verbetering van de bereikbaarheid van deze voorzieningen; Verbindingen A’waard en Merwede: De inzet op nieuwe verbindingen richting de polder en de verwachte mogelijkheden voor openbare ruimte langs en doorkijken naar de rivier. Toetsing van de keuzes uit de Omgevingsvisie In de Omgevingsvisie zijn uiteindelijk keuzes gemaakt voor de verdere uitwerking van de opgaven voor de fysieke leefomgeving. Dit zijn de (ruimtelijke) kaders voor het verdere omgevingsbeleid. Het OER toetst deze kaders aan de verwachte effecten op de leefomgeving en de bijdrage aan de opgaven. Deze toetsing vindt op een zelfde wijze als de toetsing van de scenario’s plaats. Dezelfde beoordelingsschaal en criteria zijn hiervoor gehanteerd.
De beoordeling van de keuzes leiden uiteindelijk tot aandachtspunten en aanbevelingen. Thematische aandachtspunten zijn bij de betreffende thema’s beschreven. Grotere, bredere aandachtspunten en aanbevelingen zijn in een afzonderlijke paragraaf in hoofdstuk 10 beschreven. Vanuit deze aanbevelingen komen ook de aspecten voor de monitoring en evaluatie van het verdere omgevingsbeleid.
Blad 40 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
5
Te onderzoeken scenario’s
5.1
Ontwikkellocaties woningbouw
5.1.1
Vijf ontwikkellocaties voor woningbouw
Figuur 5.1 Overzicht van de vijf ontwikkellocaties binnen de gemeente Sliedrecht
1. Locatie 1: Tolsteeg – Molendijk Rond de Tolsteeg en aan de zuidkant van de Molendijk is ruimte voor nieuwe ontwikkelingen. Dit kan gaan om vervangende woningbouw, uitbreiding of herontwikkeling van bedrijvigheid of aanleg van groen en verbinding met de polder. 2. Locatie 2 - Stationsgebied Het gebied tussen het station en de A15 bevat diverse locaties waar (her)ontwikkeling mogelijk is. Wonen, bedrijvigheid en recreatie is hier goed mogelijk. Transformatie van leegstaande kantoorpanden is hier mogelijk. 3. Locatie 3 - Herstructurering Oost In dit gebied kan door herinrichting ruimte gemaakt worden voor extra woningen. Ook biedt dit gebied goede kansen voor een (groene) verbinding met het buitengebied. 4.
Locatie 4 – Sliedrecht Noord
Blad 41 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Het poldergebied achter het spoor is door de gemeente aangewezen als zoekgebied voor uitbreiding van het stedelijk gebied. 5. Locatie 5 - Merwedezichten Langs het dijklint aan de oostkant van Sliedrecht zijn diverse braakliggende of verouderde bedrijfsterreinen aanwezig. (Her)ontwikkeling van deze locaties biedt mogelijkheden voor woningbouw, groen of recreatieve voorzieningen.
5.1.2
Verdeling in vier scenario’s Van alternatieven naar scenario’s Een van de doelen van het OER is het onderzoeken en beoordelen van de mogelijke manieren om invulling te geven aan de opgaven. De Wet milieubeheer beschrijft dit als de ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven.’ Redelijk te beschouwen wil zeggen dat het haalbare (geen onmogelijke of ondenkbare) alternatieven zijn. In dit geval is een alternatief met 10.000 woningen niet redelijk, dat past niet bij de gemeente Sliedrecht. Alternatieven moeten wel voldoende onderscheidend zijn. Kleine variaties in woningbouwaantallen of -typen of een kleine locatiewijziging leidt nauwelijks tot andere effecten. Omvang en locatie zijn bij woningbouw bepalende elementen voor de effecten op de fysieke leefomgeving. In de omgevingsvisie zijn hiervoor al aanknopingspunten geboden met de vijf ontwikkellocaties. Deze twee aspecten staan niet helemaal los van elkaar. De omvang van de woningbouwopgave bepaalt mede welke locaties wel of niet geschikt zijn en een geschikte woningbouwlocatie kan, vanwege de beschikbare ruimte of de effecten, beperkingen stellen aan het maximale aantal woningen dat gebouwd kan worden. Voor woningbouw is bouwen binnen bestaand stedelijk gebied of uitbreiding van stedelijk gebied een belangrijke afweging.
Locatie 4 – buiten is hierbij een uitzonderlijke locatie, dit betreft uitbreiding van het stedelijk gebied (bouwen in de polder). Bouwen binnen bestaand stedelijk gebied betekent voor Sliedrecht uitbreiden (verdichten) in het gebied tussen het spoor en de Merwede (locaties 1, 2, 3 en 5). De afweging wel of niet bouwen in de polder en de variatie in het totaal aantal woningen leidt tot de volgende scenario’s5: Tabel 5.1 Woningbouwscenario's verdeeld naar binnenstedelijk en/of buitenstedelijk ontwikkelen
Scenario A Scenario B Scenario C Scenario D
Binnenstedelijk 1.000 1.000 2.000 2.000
Buitenstedelijk 0 1.000 0 2.000
Scenario A: Groot dorp Sliedrecht Bij dit scenario wordt binnen de beschikbare ruimte tussen de A15 en de Merwede woningbouw in relatief lage dichtheden mogelijk gemaakt. Het kan gaan om locaties zoals het Watertorenterrein 5
Deze scenario’s zijn gewijzigd ten opzichte van de NRD. De woningbouwaantallen zijn bijgesteld om meer variatie in de totale omvang te creëren en zo een beter beeld te krijgen van de bandbreedte van de effecten.
Blad 42 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
of vrijkomende bedrijfsgronden of -panden. De lagere dichtheden leiden er toe dat het aantal woningen slechts met circa 1.000 woningen kan groeien. In dit scenario behoudt Sliedrecht grotendeels het dorpse karakter en blijft de uitbreiding beperkt tot het huidige woongebied. Scenario B: Groot dorp in de polder Scenario B is een uitbreiding van scenario A met een nieuwe woonwijk van ongeveer 1.000 woningen in de polder. De woningbouwopgave wordt hiermee verdeeld over het huidig woongebied en de polder. Binnen het huidig woongebied wordt de woningbouw meer geconcentreerd op de centrumlocaties (locatie 2 en 3). Scenario C: Klein stedelijk Sliedrecht Bij dit scenario wordt de woningbouwopgave van 2.000 woningen volledig in het huidig woongebied ingevuld. Dit leidt tot hogere dichtheden in de vorm van meer en hogere hoogbouw en meer ruimtebeslag. Het dorpse karakter van Sliedrecht zal meer plaats maken voor een klein stedelijk karakter. De polder blijft behouden. Scenario D: Klein stedelijk in de polder Scenario D is een uitbreiding van de ambitie door naast de hoge verdichting in het stedelijk gebied wonen in de polder toe te voegen. Dit is een maximale variant met een groei van ongeveer 4.000 woningen. Het bestaand stedelijk gebied krijgt een klein stedelijk karakter en wordt uitgebreid met een woonwijk in de polder. In de volgende paragrafen zijn de vier scenario’s beschreven.
5.2
Groot dorp Sliedrecht
5.2.1
Woningbouwontwikkeling Het eerste scenario gaat uit van een beperkte woningbouwontwikkeling in de gemeente Sliedrecht. Binnen het huidig woongebied worden de komende jaren circa 1.000 woningen toegevoegd. De verdeling over de vier ontwikkellocaties is in onderstaande tabel weergegeven. Ontwikkellocatie Locatie 1 Locatie 2 Locatie 3 Locatie 4 Locatie 5
Aantal woningen
Toelichting programma
100 100 500 0 300
Het beperkte aanbod aan woningen biedt ruimte voor grondgebonden woningen en duurdere appartementen. Locatie voornamelijk geschikt voor appartementen. Beperkte omvang maakt grotere appartementen mogelijk. Voornamelijk appartementen in variërende klassen, enkele grondgebonden woningen mogelijk langs de randen. Mix van appartementen en grondgebonden woningen, voornamelijk in de duurdere klassen.
Blad 43 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
5.2.2
Overige opgaven binnen dit scenario Groen en water Doordat in dit scenario slechts in beperkte mate woningbouw plaatsvindt, ontstaat er meer ruimte voor groen en water. Op locatie 1 kan een groene verbinding tussen de Molendijk en de Tiendweg de groene structuur van Sliedrecht verbinden. Binnen het woongebied is hier al relatief veel groen aanwezig, maar dit wordt nog onderbroken door enkele wegen en bebouwing. Een ecologische verbinding richting de polder behoort tot de mogelijkheden. Hiervoor dient wel het bedrijventerrein Nijverwaard doorkruist te worden. Een gebied dat op dit moment grotendeels bebouwd en versteend is. Ook op ontwikkellocatie 3 is in dit scenario ruimte voor uitbreiding van groen en water en verbinding van de huidige groene zones. Een verbinding met de polder maakt de natuur robuuster. Op de overige ontwikkellocaties zal de ruimte voor groen en water beperkt zijn. Duurzaam vervoer Voor de opgave om duurzaam vervoer te stimuleren wordt in dit scenario ingezet op de verbeterde bereikbaarheid van het station door middel van een nieuwe langzaam verkeer-verbinding via ontwikkellocaties 2 en 3. De bereikbaarheid van het station verbetert hierdoor voor met name de oostkant van het huidig woongebied. De woningen op ontwikkellocatie 2 profiteren van de directe nabijheid van het station.
Sport en recreatie Doordat in dit scenario geen woningbouw in de polder voorzien is, ontstaat hier ruimte voor verdere ontwikkeling van het recreatief knooppunt. De aanleg van fiets- en wandelpaden is al in gang gezet, uitbreiding met horecavoorzieningen en avontuurlijke activiteiten sluiten aan bij de leefstijlprofielen. Op de overige ontwikkellocaties is ruimte om openbare sportvoorzieningen te realiseren en groenstructuren zo in te richten dat recreatie en ontspanning mogelijk is. Verbindingen met Alblasserwaard en Merwede Bij de vorige opgaven is al benoemd dat dit scenario ruimte biedt voor een nieuwe langzaam verkeer-verbinding (in combinatie met de groenverbinding) met de Alblasserwaard bij ontwikkellocatie 3. Dit verbetert de bereikbaarheid van de Alblasserwaard. Verbindingen met de rivier zijn beperkt in dit scenario. Ontwikkellocatie 5 wordt voornamelijk ingevuld met woningbouw. Hier is het wel mogelijk om enkele doorkijken vanaf de Rivierdijk te realiseren. Het creëren van openbare ruimte en verblijfsmogelijkheden langs het water is beperkt tot kleinschalige ontwikkelingen rond de haven en bij de singel.
Blad 44 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
5.3
Groot dorp in de polder
5.3.1
Woningbouwontwikkeling Scenario B voegt een woonwijk met circa 1.000 woningen toe aan het eerste scenario. Daarnaast is de verdeling van de woningen over de binnenstedelijke locaties. Op locatie 1 worden in dit scenario geen woningen gebouwd, die worden voornamelijk geconcentreerd op de meer centraal gelegen locaties 2 en 3. Ontwikkellocatie Locatie 1 Locatie 2
Locatie 3 Locatie 4 Locatie 5
5.3.2
Aantal woningen
Toelichting programma 0
300 600 1.000 100
Deze omvang leidt tot hogere dichtheden op deze locatie, waardoor het programma voornamelijk uit appartementen in de middel en lage klasse bestaat. Voornamelijk appartementen in variërende klassen, enkele grondgebonden woningen mogelijk langs de randen. Deze nieuwe wijk zal grotendeels uit grondgebonden woningen in de middel en dure klasse bestaan. Voornamelijk grondgebonden woningen en enkele appartementen, grotendeels in de duurdere klassen.
Overige opgaven binnen dit scenario Groen en water In dit scenario is voor de woningbouw in het huidig woongebied een kleine verschuiving in aantallen. De omvang van de woningbouw op locatie 5 is lager, waardoor hier ruimte ontstaat voor parkachtige ontwikkeling langs het water. De woningbouw concentreert zich hier meer op locatie 2 en 3, waardoor daar de ruimte voor groen beperkter is. Ook in dit scenario komt er een verbinding met de Alblasserwaard, waarbij verbindingen voor langzaam verkeer ingepast worden. Op locatie 1 ontstaat meer ruimte voor de aanleg van groen en water. Duurzaam vervoer In dit scenario is de woningbouw meer geconcentreerd in het centrum en rond het station, wat positief is voor de OV-bereikbaarheid. De ontwikkeling van een fietsverbinding op locatie 3 draagt verder bij aan het stimuleren van duurzaam vervoer. Sport en recreatie Met de woningbouwontwikkeling in de polder neemt de beschikbare ruimte voor sport en recreatie in dit gebied af, maar een recreatieve verbinding met de polder vergroot wel de bereikbaarheid van de voorzieningen. Op locatie 5 ontstaan wel nieuwe mogelijkheden voor (watergebonden) recreatie en kleinschalige horeca of openbare sportvoorzieningen.
Verbindingen met Alblasserwaard en Merwede De verbindingen met de Alblasserwaard en Merwede bestaan in dit scenario uit: Toevoeging van openbare ruimte op locatie 5; Creëren van doorkijken op locatie 1 (Molendijk); Recreatieve verbinding met de Alblasserwaard op locatie 3.
Blad 45 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
5.4
Klein stedelijk Sliedrecht
5.4.1
Woningbouwontwikkeling In scenario C is grootschalige woningbouw volledig binnen het huidig bebouwd gebied geconcentreerd. Dit betekent dat op de locaties 1, 2, 3 en 5 in hogere dichtheden en op meer locaties ontwikkeld wordt. Ontwikkellocatie Locatie 1 Locatie 2
Aantal woningen
Toelichting programma
200 400
Locatie 3 1.000 Locatie 4 Locatie 5
5.4.2
0 400
Hier is ruimte voor een mix aan appartementen en enkele grondgebonden woningen in variërende klassen. Deze omvang leidt tot hoge dichtheden op deze locatie, waardoor het programma voornamelijk uit appartementen in de middel en lage klasse bestaat. Ook op deze locatie ontstaan hoge dichtheden, waar geen ruimte is voor grondgebonden woningen. Voornamelijk appartementen in het midden en lage segment. Grotendeels appartementen die qua omvang in de middelklasse vallen, qua prijs in het duurdere segment.
Overige opgaven binnen dit scenario Groen en water Door de hogere woningbouwaantallen in het woongebied is er nauwelijks ruimte voor meer groen en water in de openbare ruimte. Op deze ontwikkellocaties zal de uitbreiding van groen en water beperkt blijven tot kleinschalige groenstroken zonder recreatie- of verblijfsmogelijkheden. In de polder is ruimte voor verdere ontwikkeling van groen en recreatie. Duurzaam vervoer Het toevoegen van meer woningen in het huidig woongebied vraagt om nieuwe ontsluiting richting de snelweg en het station. Op locatie 3 is hiervoor een langzaam verkeerverbinding (fiets en wandelen) voorzien in dit scenario. Daarnaast wordt bij de op- en afrit aan de oostzijde een mobiliteitshub gerealiseerd. Sport en recreatie Net als bij scenario A is hier ruimte voor sport- en recreatieontwikkeling in de polder. De mogelijkheden binnen het woongebied zijn beperkt. In het centrum kan door de grote uitbreiding van woningen wel meer draagvlak ontstaan voor horeca en detailhandel. Dit kan bijdragen aan de ontwikkeling van het centrumgebied en het havenfront. Verbindingen met Alblasserwaard en Merwede De grootschalige woningbouw in het huidig woongebied beperkt de mogelijkheden voor openbare ruimte en doorkijken bij of naar de rivier. Kleinschalige horeca binnen de woningbouwontwikkeling kan op sommige plaatsen nog toegevoegd worden.
De verbinding met de Alblasserwaard wordt in dit scenario wel versterkt.
Blad 46 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
5.5
Klein stedelijk in de polder
5.5.1
Woningbouwontwikkeling Het laatste scenario is de aanvulling van scenario C met een grootschalige woonwijk (2.000 woningen) in de polder. Ten opzichte van scenario C is de verdeling van woningen enigszins verschoven van locatie 5 naar locatie 1. Ontwikkellocatie
Aantal woningen
Locatie 1 400 Locatie 2 400 Locatie 3 Locatie 4
Locatie 5
5.5.2
1.000 2.000 200
Toelichting programma De hogere woningbouwaantallen op deze locatie leiden tot minder grondgebonden woningen en een verschuiving richting midden en lagere segment. Deze omvang leidt tot hoge dichtheden op deze locatie, waardoor het programma voornamelijk uit appartementen in de middel en lage klasse bestaat. Ook op deze locatie ontstaan hoge dichtheden, waar geen ruimte is voor grondgebonden woningen. Voornamelijk appartementen in het midden en lage segment. Door de grotere omvang van deze nieuwe wijk zal het zwaartepunt van het programma meer richting het middensegment schuiven en het aandeel appartementen groter zijn. Mix van grondgebonden woningen en appartementen, voornamelijk in het duurdere segment.
Overige opgaven binnen dit scenario Groen en water Net als bij scenario C is de ruimte voor groen en water in het huidig woongebied beperkt. Op locatie 5 komt wat meer ruimte voor hogere woningbouwaantallen op locatie 1 is de ruimte voor groen en water hier beperkt. Duurzaam vervoer Voor duurzaam vervoer zijn in dit scenario dezelfde ontwikkelingen voorzien als in scenario C. Sport en recreatie In dit scenario komt er enige ruimte op locatie 5 voor de ontwikkeling van recreatie en openbare sportvoorzieningen. Door de aanleg van een grootschalige woonwijk in de polder zijn daar vrijwel geen ontwikkelmogelijkheden voor sport en recreatie. Verbindingen met Alblasserwaard en Merwede De mogelijkheden voor verbindingen met de Alblasserwaard en de Merwede zijn vergelijkbaar met scenario C. Op locatie 5 zijn wat meer mogelijkheden voor openbare ruimte en beleving van de rivier. Op locatie 1 zijn de mogelijkheden voor doorkijk naar de rivier beperkt.
Blad 47 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
6
Sliedrecht 2040 - referentiesituatie
6.1
Ruimtelijke vernieuwing
6.1.1
Woningbouw Woningvoorraad In het onderzoek naar de woningbehoefte in de regio is ook de huidige woningvoorraad en huishoudenssamenstelling geanalyseerd. Onderstaande tabel toont het aantal woningen in Sliedrecht (2018) met de procentuele verdeling naar eigendomsklasse. De tabel daaronder toont het onderscheid tussen huur en koop en eengezinswoningen en appartementen. Ter vergelijking zijn de cijfers voor de provincie Zuid-Holland en heel Nederland eveneens opgenomen. Tabel 6.1 Aantal woningen in Sliedrecht, verdeeld naar eigendom Aantal woningen
Corporatie
Part. huur
Koop
Onzelfstandig wonend* 10.180 34% 8% 58% 360 *Met onzelfstandig wonend worden huishoudens bedoeld die niet beschikken over een officiële, zelfstandige woning zoals inwonende studenten of woonbootbewoners. Tabel 6.2 Woningen in Sliedrecht, verdeeld naar huur of koop en type
Sliedrecht Papendrecht Hardinxveld Giessendam Zuid-Holland Nederland
Totaal 41% 36% 37%
Huur Eengezins 14% 16% 19%
Appartement 27% 20% 18%
Totaal 58% 64% 62%
Koop Eengezins 50% 52% 58%
Appartement 8% 12% 4%
46% 40%
13% 17%
33% 23%
54% 60%
39% 51%
15% 9%
De verdeling naar eigendom in Sliedrecht wijkt niet veel af van buurgemeenten of het gemiddelde van Zuid-Holland en Nederland. Qua woningtype (eengezins of appartement) relatief veel huurappartementen, maar de cijfers wijken niet heel veel af. Kwalitatieve woningvoorraad Bij de woningvoorraad is ook onderscheid te maken in de prijsklasse en het gebruiksoppervlak. Ook hiervoor is de vergelijking met de provincie en heel Nederland gemaakt. Tabel 6.3 Huurwoningen verdeeld naar huurprijs per maand Sliedrecht Papendrecht HardinxveldGiessendam Zuid-Holland Nederland
< €433 16% 14% 20%
€433 - €619 51% 50% 51%
€619 – €663 9% 10% 12%
€663 – €737 15% 15% 10%
> €737 8% 11% 7%
17% 17%
44% 45%
10% 10%
12% 12%
17% 16%
Blad 48 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Tabel 6.4 Koopwoningen verdeeld naar koopprijs Sliedrecht Papendrecht HardinxveldGiessendam Zuid-Holland Nederland
< €200 20% 16% 17%
€200 - €250 22% 19% 20%
€250-€300 21% 22% 21%
€300 - €450 24% 29% 26%
> €450 14% 14% 16%
18% 15%
16% 17%
19% 18%
26% 27%
21% 23%
Tabel 6.5 Koopwoningen verdeeld naar gebruiksoppervlakte (m2) Sliedrecht Papendrecht HardinxveldGiessendam ZuidHolland Nederland
< 60 10% 6% 6%
60-80 18% 14% 13%
80-100 25% 22% 27%
100-120 19% 25% 20%
120-140 13% 17% 14%
>140 14% 16% 20%
10%
21%
23%
19%
12%
15%
9%
14%
20%
21%
14%
23%
Woonmilieus In de huidige situatie kent Sliedrecht in feite twee typen woonmilieus. Het centrumgebied en de randen daarvan zijn te typeren als groen stedelijk woonmilieu. Grondgebonden woningen en portiekwoningen vormen het grootste aandeel. Richting de snelweg bevinden zich zes appartementencomplexen met tien verdiepingen. Aan de randen van het woongebied is de adressendichtheid lager en is sprake van een suburbaan woonmilieu. Hier zijn voornamelijk grondgebonden woningen te vinden. Verspreid door deze wijken zijn enkele appartementencomplexen of portiekwoningen te vinden, een deel hiervan betreft zorgwoningen. In de nieuwbouwwijk Baanhoek-West zijn diverse appartementen langs de randen van de wijk gebouwd.
Blad 49 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.1 Aantal huishoudens per 100 m2. Het omcirkelde gebied is (bron: CBS)
Relevantie autonome ontwikkelingen Autonome woningbouwplannen: De komende jaren worden nog enkele honderden woningen bijgebouwd (zie paragraaf 3.2.2). Dit leidt tot lichte uitbreiding van de woningbouwvoorraad; Demografische ontwikkelingen: Door vergrijzing en veranderingen in bevolkings- en huishoudenssamenstelling verandert de vraag naar woningen en woningtypen de komende jaren. Zoals in paragraaf 3.2 is beschreven blijft er ook na realisatie van de autonome woningbouwplannen een tekort aan woningen bestaan. Het tekort zit met name bij koopwoningen, verspreid over vrijwel alle prijsklassen. Beoordeling
6.1.2
Toelichting Door toenemende vraag een groot tekort aan woningen verwacht voor de komende jaren Kwalitatieve mismatch tussen vraag en aanbod: voornamelijk behoefte aan (grotere) koopwoningen; Huidige woningbouwplannen zijn ontoereikend om te voorzien in de vraag
Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief Cultuurhistorisch erfgoed omvat indicatoren zoals architectuur, monumenten, beschermde stadsen dorpsgezichten en historisch-geografische structuren. Cultureel erfgoed laat zien hoe vroegere generaties geleefd hebben. Mensen ontlenen er hun identiteit aan. Zij voelen zich verbonden met
Blad 50 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
een plek omdat er verhalen aan zijn verbonden. Cultureel erfgoed verhoogt de kwaliteit van de leefomgeving en daarmee de waarde van het vastgoed. Het is bovendien een belangrijke inspiratiebron voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Monumenten Sliedrecht telt op dit moment 51 monumenten, acht Rijksmonumenten en 43 gemeentelijke monumenten. Op de website van de historische vereniging staan enkele beeldbepalende panden beschreven. In onderstaande figuur zijn de rijksmonumenten weergegeven die zich in de gemeente Sliedrecht bevinden. Rijksmonumenten zijn door de mens gemaakte (onroerende) zaken, zoals woonhuizen, kerken, boerderijen en molens. Bruggen, tuinen, verdedigingswerken en archeologische terrein kunnen ook Rijksmonumenten zijn. Een Rijksmonument is van nationaal belang vanwege zijn schoonheid, zijn betekenis voor de wetenschap of zijn cultuurhistorische waarde.
Figuur 6.2 Rijksmonumenten in de gemeente Sliedrecht (bron: atlasleefomgeving.nl)
Beschermde stads- en dorpsgezichten Zoals de term al suggereert gaat het hier om historische delen van steden en dorpen. Stads- en dorpsgezicht zijn groepen van onroerende zaken die van nationaal belang zijn vanwege hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke structuur of hun wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde. In Sliedrecht zijn geen beschermde stads- en dorpsgezichten aanwezig. Kwaliteit openbare ruimte De openbare ruimte is belangrijk voor de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente. Met name grotere parken en centrumgebieden, waar mensen verblijven en elkaar ontmoeten spelen hierin een belangrijke rol. Het woongebied van Sliedrecht kent verschillende openbare verblijfsplaatsen. De twee grote parken zijn het Burgemeester Feitsmapark en het Doctor Willem Dreespark. De grootste winkelgebieden zijn de Kerkbuurt (voornamelijk niet-dagelijkse boodschappen) en het
Blad 51 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Burgemeester Winklerplein (voornamelijk dagelijkse boodschappen). Verspreid door het dorp zijn nog enkele kleinschalige parken, winkelgebieden en horeca aanwezig. Voor de Kerkbuurt zijn diverse plannen in ontwikkeling om de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren. Onder andere richtlijnen voor gevels, nieuw straatmeubilair en plannen voor evenementen en activiteiten moeten bijdragen aan de verbetering van (de beleving van) dit winkelgebied. Voor het Winklerplein zijn al enkele jaren plannen in ontwikkeling om delen te herontwikkelen.
Figuur 6.3 Beeld van de het winkelgebied Kerkbuurt (Toekomstperspectief Kerkbuurt)
Uit onderzoek van de Drechtsteken blijkt dat inwoners van Sliedrecht de aanwezigheid en kwaliteit van fysieke voorzieningen waarderen met een rapportcijfer 6,1. De kwaliteit van de directe woonomgeving scoort een 7,3. Dit komt ongeveer overeen met het regionale gemiddelde. Klimaatadaptief Klimaatverandering brengt een breed scala aan effecten met zich mee. Zo zal het weer extremer worden. Dit betekent dat er een veranderend neerslagpatroon komt met meer intensieve en langdurige neerslag, maar ook periode waarin juist minder of geen neerslag valt. Daarnaast uit zich dit ook in stijgende temperaturen, meer warmtepieken, een toename van het aantal zomerse en tropische dagen en langduriger periodes van opeenvolgende warme dagen. De inrichting van de openbare ruimte speelt een belangrijke rol in het omgaan met deze omstandigheden. Dit wordt ook wel klimaatadaptief genoemd, de mate waarin de omgeving om kan gaan met het veranderende klimaat. Een klimaatadaptieve leefomgeving kan hevige regenbuien verwerken en biedt verkoeling bij extreme hitte. Tegelijkertijd is het van belang om
Blad 52 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
regenwater lokaal op te slaan in de bodem (bergen), om tijdens droge perioden voldoende grondwater te hebben. Wateroverlast, droogte en hittestress zijn bepalende elementen voor klimaatadaptatie. Op het gebied van klimaatadaptatie wordt samengewerkt met de waterschappen, Provincie ZuidHolland en andere stakeholders binnen dijkring 16 van de Alblasserwaard-Vijfheerenlanden waar binnen de gemeente is gelegen. Ook in regionaal verband (Drechtsteden) wordt er nagedacht en kennis uitgewisseld over klimaatadaptatie. Wateroverlast Door het veranderende klimaat is wateroverlast een urgent thema. Korte, hevige buien zullen naar verwachting steeds vaker voorkomen. Dit klimaateffect heeft een grote impact in stedelijk gebied. Gebieden waar veel verharding aanwezig is kunnen hemelwater lastig afvoeren. Water blijft hierdoor op straat staan, waardoor kelders onder kunnen lopen of wegen onbegaanbaar kunnen worden. Figuur 6.4 toont plekken waar water kan blijven staan. Wateroverlast is bij deze extreme buien niet te voorkomen. Het is daarom niet de vraag of, maar vooral waar de wateroverlast zal optreden, en welke gevolgen te verwachten zijn.
Figuur 6.4 Waterdiepte bij intense neerslag (1:100 jaar)
Waterberging Het waterbergend vermogen van de ondergrond is van belang om (pieken in de) neerslag op te kunnen vangen en daarmee te voorkomen dat het rioolstelsel of oppervlaktewater tijdens neerslag overmatig wordt belast. Door afdekking van de bodem en verdichting van de ondergrond neemt het waterbergend vermogen af. Figuur 6.5 toont de maximale hoeveelheid water (in mm) aan die tussen maaiveld en grondwaterstand (gemiddelde hoogste grondwaterstand) kan worden geborgen. In een groot deel van Sliedrecht is het waterbergend vermogen beperkt. In het
Blad 53 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
buitengebied komt dit door de hoge grondwaterstanden. Bij hevige regenval is de bodem daar snel verzadigd en blijven er plassen op de weilanden staan.
Figuur 6.5 Waterbergend vermogen (bron: bodematlas PZH)
Hittestress Door klimaatverandering komen hittegolven steeds vaker voor in ons land. Hitte zorgt vooral bij kwetsbare groepen voor gezondheidsklachten, maar ook andere groepen kunnen last krijgen van benauwdheid of slapeloosheid. Dit staat bekend als ‘hittestress’. Hittestress kan door de inrichting van de leefomgeving verergeren. Doordat gebouwen en bestrating warmte vasthouden kan in het stedelijk gebied de temperatuur nog verder oplopen en in de avond en nacht minder snel dalen. Dit wordt ook wel het hitte-eilandeffect genoemd. Dit is met name in (hoog) stedelijke gebieden met dichte bebouwing en relatief weinig groen en water terug te zien. In onderstaande figuur is het hitte-eilandeffect in Sliedrecht weergegeven. Het temperatuurverschil tussen het buitengebied en het stedelijk gebied kan in Sliedrecht oplopen tot 1,5 à 2 graden. Op hete zomerdagen kan het verschil echter beduidend verder oplopen dan de waarden in de kaart, zeker tijdens de avonden als het buitengebied sneller afkoelt.
Blad 54 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.6 Hitte-eiland effect in Sliedrecht (bron: Atlasleefomgeving.nl)
Bodem en water buitengebied Het buitengebied van Sliedrecht kent hele andere aspecten van ruimtelijke kwaliteit en klimaatadaptatie. Zoals op de kaarten te zien is, speelt wateroverlast en hittestress daar in mindere mate. Bodemopbouw en -kwaliteit speelt hier een belangrijke rol.
Figuur 6.7 Gemiddelde Hoogste grondwaterstanden (afstand ten opzichte van maaiveld)
Blad 55 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Het buitengebied van Sliedrecht is een laagveengebied. Laagveen bestaat uit afgestorven resten van moerasplanten en bomen. Het laagveen is gebonden aan de hoge grondwaterstanden, dalende grondwaterstanden vormen een bedreiging voor het voorbestaan van het laagveen en de kwaliteiten die daarbij horen. Laagveengebied bevat doorgaans een grote diversiteit aan plantensoorten en vormt een geschikt leefgebied voor broedvogels. Een intensief patroon van sloten bepaalt het landschap en reguleert de grondwaterstanden. Als door lange periode van droogte grondwaterstanden dalen, neemt het zuurstofgehalte in de bodem toe. De bodem wordt hierdoor poreus. Bij zware belasting van de bodem door bijvoorbeeld bebouwing of het gebruik van zware landbouwmachines, kan de bodem dan inklinken en dalen. Bodemdaling is een belangrijk aandachtspunt in het buitengebied van Sliedrecht (zie ook figuur 6.8).
Figuur 6.8 Gevoeligheid voor bodemdaling (bron: Klimaatatlas Zuid-Holland)
Relevante autonome ontwikkelingen Door klimaatverandering neemt de kans op extreme neerslag en hitte toe. Wateroverlast en hittestress in het woongebied kan daardoor steeds vaker optreden; Toenemende en langere periodes van droogte kunnen leiden tot verdere daling van grondwaterstanden en toename van overlast Beoordeling
Toelichting Sliedrecht kent een relatief laag aandeel groen en water in het woongebied, met wateroverlast en hittestress als gevolg; Klimaatverandering leidt tot toename van wateroverlast, hittestress en risico op bodemdaling; De ruimtelijke kwaliteit wordt gemiddeld gewaardeerd, plannen voor kwaliteitsverbetering van centrumgebieden zijn in uitvoering.
Blad 56 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
6.1.3
Duurzaamheid Duurzaamheid is een belangrijk maatschappelijk onderwerp. Duurzaamheid is ook een breed begrip. Het OER beperkt zich tot de aspecten energie (energiebehoefte en duurzame energieopwekking) en circulariteit (afval en materiaalgebruik). De energievraag van het stedelijk gebied is een belangrijk onderwerp waar de komende jaren veranderingen gaan plaatsvinden. Gebruik maken van duurzame energiebronnen zoals wind- en zonne-energie, maar ook energiebesparing spelen hierbij een rol. Ook circulair denken wordt hier steeds meer een onderdeel van. Het is van belang om verstandig om te gaan met vergaarde grondstoffen en met afval. Om uiteindelijk als mens minder grondstoffen te gebruiken dan de aarde kan produceren, of in ieder geval niet meer. Daarbij kan er aan het begin van de keten meer gekeken worden naar hoe een bepaald proces zoals de bouw, maar ook productontwikkeling, circulair kan worden ingericht, en anders om kan gaan met materiaalgebruik. Energiebehoefte en duurzame energieopwekking Begin 2018 heeft de gemeenteraad van Sliedrecht de duurzaamheidsagenda 2018-2022 vastgesteld, met de ambitie om een energieneutrale en klimaatbestendige gemeente te zijn in 2050. Hierbij ligt de focus op de thema’s energie, circulaire economie, schone lucht en een klimaatbestendig dorp. Bewustwording vormt hierbij de rode draad.
De gemeente werk op het gebied van de Energietransitie samen met de andere gemeenten uit de Drechtsteden, de provincie en tientallen andere stakeholders die in 2017 de Regionale Energie Strategie (RES) Drechtsteden hebben ondertekend. De doelstelling van de RES is een energieneutrale regio in 2050. Energiebehoefte Woningen, bedrijven en instellingen, voorzieningen en verkeer en vervoer zijn belangrijke groepen energiegebruikers in Sliedrecht. De grootste energiedrager in Sliedrecht is voertuigbrandstoffen, gevolgd door warmte en elektra. Het totale elektraverbruik van alle huishoudens in Sliedrecht was in 2018 80 TJ (terrajoules). Dit verbruik is over de afgelopen jaren gedaald en ligt gemiddeld per woning iets lager dan gemiddeld in Nederland. Ook het totale gasverbruik van de woningen in Sliedrecht is de afgelopen jaren gedaald. In 2018 was dit verbruik 294 TJ. Het totale energieverbruik van de industrie in Sliedrecht was in 2018 659 TJ.
Blad 57 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.9 Energiebehoefte (elektra en warmte) verdeeld naar woningtype
Aandeel duurzame energie (zon op dak) De zon is een schone energiebron die nooit opraakt. De energie van de zon kan benut worden met zonnepanelen of zonneboilers op daken. Maar het gebeurt ook op veel grotere schaal door het gebruik van zonneparken tot grote zonnecentrales. Zonnepanelen worden momenteel ook al gecombineerd met water, de zogenaamde PVT panelen. Doordat water door het paneel loopt wat verwarmd wordt kan het paneel als het ware een alternatieve bron zijn voor een warmtepomp. Momenteel liggen er al op veel woningen en bedrijfsdaken zonnepanelen. Het vermogen dat opgewekt wordt door zonnepanelen in de gemeente stijgt steeds sneller in de afgelopen 10 jaar. Het aandeel woningen met zonnepanelen in Sliedrecht was in 2019 8,9% ten opzichte van 12,3% in heel Nederland.
Blad 58 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.10 Ontwikkeling van het percentage duurzame energie
Regionale Energie Strategie (RES) In de RES staat hoe de opwekking van duurzame elektriciteit middels zon en wind, het aardgasvrij maken van gebouwen en woningen en de energie-infrastructuur worden ingepast in de regio. De Drechtsteden hebben de kansen voor duurzame energie onderzocht en de mogelijkheden hiervoor als bod ingebracht. RES Drechtsteden wil in 2030 0,37 TWh aan duurzame energie inbrengen. Hiervan komt 0,21 TWh van zon op daken en 0,16 TWh vanuit grootschalige zonne-energie en wind. Voor Sliedrecht betekent dit dat het benutten van de mogelijkheden voor zon op daken en in restruimtes. Voor grootschalige opwek van zonne-energie is onder andere de zone langs de Betuwelijn aangewezen als zoekgebied. In het stedelijk gebied moet de energie opgewekt worden door middel van zon-opdak en door gebruik te maken van warmtenetten. Of hiermee voldoende duurzame energieopgewekt wordt, met name ’s nachts en op donkere dagen, moet verder onderzocht worden. Technieken om zonne-energie (langdurig) op te kunnen slaan zijn dan waarschijnlijk nodig.
Blad 59 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.11 Overzicht van het bod van de RES Drechtsteden
Figuur 6.12 Overzichtskaart behorend bij het bod van de RES Drechtsteden
Circulariteit Nederland moet in 2050 circulair zijn. dit houdt in dat in 2050 grondstoffen efficiënt worden ingezet en hergebruikt, zonder schadelijke emissies naar het milieu. In 2030 dienen er al 50% minder primaire grondstoffen te worden gebruikt. Naast grondstoffen gaat circulariteit ook over het sluiten van de water- en energiekringloop.
Blad 60 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Afvalbeleid Sliedrecht Afval wordt in Sliedrecht voornamelijk gescheiden ingezameld. In de dichtbebouwde gebieden gebeurt dit door middel van ondergrondse containers, in de woonwijken wordt het vuil gescheiden opgehaald. Op het bedrijventerrein Nijverdal is de gemeentewerf gelegen, waar inwoners van Sliedrecht hun (grof) vuil gratis kunnen brengen.
Top 6 Huishoudelijk afval Sliedrecht (2018, in kg per inwoner) Bron: CBS 40,5
27,8
Huishoudelijk restafval GFT-afval
46,8
193,3
Schoon puin Oud papier en karton
62,9
Houtafval (A- en B-hout) Grof huishoudelijk restafval
70
Figuur 6.13 Omvang en verdeling van het huishoudelijk afval in Sliedrecht per inwoner
Materiaalgebruik Duurzaam materiaalgebruik kan bijdragen aan de reductie van CO2-uitstoot en afvalproductie. Op dit moment heeft de gemeente Sliedrecht hier geen beleid voor. Duurzaam materiaalgebruik zoals het toepassen van houtbouw wordt slechts incidenteel toegepast binnen de gemeente. Hier liggen kansen Beoordeling
6.1.4
Toelichting Met de RES zet Sliedrecht de eerste stap naar een energieneutrale gemeente. Binnen de gemeente is nog een grote slag te slaan, het aandeel duurzame energie blijft in Sliedrecht achter op regionale en landelijke gemiddelden;
Bereikbaarheid In dit deel wordt de huidige situatie voor het thema bereikbaarheid beschreven. Hierbij gaat het om de doorstroming van het wegennet, multimodale bereikbaarheid en de kwaliteit van logistieke knooppunten in de gemeente Sliedrecht. Doorstroming op het wegennet In onderstaande figuur is de wegenstructuur van Sliedrecht weergegeven. De gemeente wordt ontsloten door de A15 die van oost naar west de gemeente doorkruist. Vrijwel evenwijdig met de
Blad 61 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
A15 loopt de spoorlijn van oost naar west door de gemeente. Naast deze structuren loopt er ook een provinciale weg (N482) door de gemeente, vanaf het spoor richting het noorden door de polder. Met de twee directe aansluitingen op de A15 en de N482 richting de polder is Sliedrecht goed aangesloten op het hoofdwegennet van Nederland.
N482 A15 Parallelweg Parallelweg Craijensteijn
Stationsweg Thorbeckelaan
Deltalaan Molendijk Rembrandtlaan
Rivierdijk
Figuur 6.14 Hoofdwegennet in en rond de gemeente Sliedrecht
Vanaf de oostelijke aansluiting van de A15 kan het bedrijventerrein ten noorden van Sliedrecht bereikt worden. Het woongebied wordt vanaf deze aansluiting bereikt via de Rivierdijk. Vanaf de Rivierdijk zijn de Thorbeckelaan en de Rembrandtlaan de twee belangrijkste gebiedsontsluitingswegen. Vanaf de aansluiting aan de westzijde loopt eveneens de Parallelweg naar het bedrijventerrein en het station. Vanaf deze aansluiting wordt het woongebied bereikt via Craijensteijn, Deltalaan en Molendijk. Vanaf de Parallelweg loopt de Stationsweg weer het woongebied in. De doorstroming op de wegen binnen de gemeente is overwegend goed. Er zij geen grote doorstromingsknelpunten. Alleen in de avondspits kan het redelijk druk zijn bij de kruising van de Stationsweg, Deltalaan en Thorbeckelaan. Op de ontsluitingswegen direct na de aansluitingen en op de Stationsweg zijn de intensiteiten dermate hoog dat dit leidt tot knelpunten op het gebied van milieu.
Blad 62 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.15 Verkeersaantallen per wegvakken
OV- en fietsgebruik In figuur 6.16 is de OV-dekkingsgraad weergegeven voor de gemeente Sliedrecht. Hierin zijn de verschillende OV typen weergegeven die in de gemeente aanwezig zijn, bus en stoptrein. Voor beide OV type is weergegeven waar haltes zijn en hoe groot het verzorgingsgebied is van deze halte met de gekleurde cirkel. Ruim 83% van de inwoners van Sliedrecht woont binnen het verzorgingsgebied van een of meer OV-haltes. De Merwedelingelijn verbindt Sliedrecht met Dordrecht, Gorinchem en Geldermalsen. Vanaf de stations is er ook een snelbusverbinding met Utrecht.
Blad 63 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Figuur 6.16 OV-dekkingsgraad (Bron: Antea Group)
Figuur 6.17 Fietsroutes in en rond de gemeente Sliedrecht
Op figuur 6.17 zijn fietsroutes die in de gemeente aanwezig zijn weergegeven. Dit zijn de hoofdfietsroutes en de regionale snelfietsroute Beneden Merwederoute. De route verbindt Alblasserdam, Papendrecht en Sliedrecht. In het woongebied zijn de fietsvoorzieningen beperkt.
Blad 64 van 151
Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht
Sliedrecht is een van de weinige gemeenten in Nederland waar fietsers geen voorrang hebben op rotondes in het woongebied. Relevante autonome ontwikkelingen In de MIRT-Verkenning A15 Papendrecht – Gorinchem worden maatregelen voor de verbetering van de doorstroming op dit deel van de snelweg onderzocht. Beoordeling
Toelichting Goede ontsluiting voor autoverkeer met directe aansluitingen op de A15; Op ontsluitingswegen relatief hoge verkeersintensiteiten Goede beschikbaarheid van OV-voorzieningen; fietsvoorzieningen zijn beperkt binnen de gemeente.
6.2
Veilige, gezonde en inclusieve samenleving
6.2.1
Milieu en gezondheid Milieuhinder Bedrijven en bedrijfsactiviteiten kunnen hinder veroorzaken op de omgeving. Het kan onder andere gaan om geluidhinder, lichthinder of geurhinder. Bedrijven zijn hiervoor ingedeeld in milieucategorieën. Op bedrijventerreinen worden deze milieucategorieën vervolgens vastgelegd. De maximale milieucategorie bepaalt welke bedrijven zich mogen vestigen op het bedrijventerrein. Om de omvang van hinder te bepalen is door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) per milieucategorie een richtafstand bepaald. Buiten deze richtafstand wordt geen hinder verwacht. Er is onderscheid gemaakt tussen rustige woongebieden en een gemengd gebied (gebieden met hoge mate van functiemenging). Tabel 6.6 Richtafstanden per milieucategorie op basis van de VNG-richtlijnen Milieucategorie Milieucategorie 1
Rustige woonwijk 10 meter
Gemengd gebied 0 meter
Milieucategorie 2 Milieucategorie 3.1 Milieucategorie 3.2
30 meter 50 meter 100 meter
10 meter 30 meter 50 meter
Milieucategorie 4.1 Milieucategorie 4.2
200 meter 300 meter
100 meter 200 meter
In figuur 6.18 zijn de bedrijventerreinen met de maximaal toegestane milieucategorie in en rond de gemeente Sliedrecht weergegeven. De meeste terreinen zijn gelegen tussen de A15 en het spoor. Watergebonden bedrijvigheid is te vinden aan de haven en op enkele kleinere bedrijfspercelen aan de Rivierdijk. Het betreft voornamelijk bedrijven in de maritieme sector, in milieucategorie 4. Vanwege de nabijheid van woongebieden is hier sprake van milieuhinder, met name overlast door geluid. Deze bedrijventerreinen trekken ook veel vrachtverkeer aan, dat zijn weg door het woongebied zoekt.