CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

By 2 - OER Sliedrecht.pdf

Oordeelsvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 30 november 2021, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 12: FYS – Omgevingsvisie Sliedrecht25.515 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht

projectnummer 0469221.100 definitief revisie 01 26 augustus 2021

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht

projectnummer 0469221.100 definitief revisie 01 26 augustus 2021

Auteurs J.S. Hullegie M.L. Kornet T. Wilde

Opdrachtgever Gemeente Sliedrecht Industrieweg 11 3361 HJ SLIEDRECHT

Gecontroleerd: M.L. Kornet

datum 26 augustus 2021

beschrijving definitief

vrijgave J.J. Verhoeven

Inhoudsopgave

Blz.

Voorwoord

1

Samenvatting

2

1

Inleiding

9

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding Wettelijke bepalingen Doel en opzet van het OER Leeswijzer

9 10 11 12

2

Omgevingsvisie Sliedrecht

13

2.1 2.2 2.3 2.3.1 2.3.2

Omgevingswet en Omgevingsvisie Omgevingsvisie Sliedrecht Gemeente Sliedrecht in vogelvlucht Algemene informatie Geschiedenis

13 13 14 14 16

3

De opgave vanuit Omgevingsvisie Sliedrecht

19

3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.3 3.3.1 3.3.2 3.3.3 3.4 3.4.1 3.4.2 3.4.3 3.5 3.5.1 3.5.2 3.5.3 3.6

Trechtering naar relevante opgaven voor het OER De opgave voor woningbouw Inleiding Vraag en aanbod op de woningmarkt Overzicht autonome woningbouwplannen Ambities voor de woningbouwopgave Opgave voor groen en water Huidige situatie en beleid De opgave voor groen en water Ambities voor groen en water Stimuleren van duurzame vervoersmiddelen Huidige situatie De opgave voor duurzaam vervoer Ambities voor duurzaam vervoer Opgave voor sport en recreatie Huidig aanbod sport en recreatie De opgave voor sport en recreatie Ambities voor sport en recreatie Opgave voor verbindingen met de Alblasserwaard en Merwede

19 20 20 20 25 25 26 26 28 29 29 29 31 32 32 32 35 35 36

4

Opzet van het OER

37

4.1 4.2

Stappen in het OER Methodologie

37 38

5

Te onderzoeken scenario’s

41

5.1 5.1.1 5.1.2 5.2 5.2.1 5.2.2 5.3 5.3.1 5.3.2 5.4 5.4.1 5.4.2 5.5 5.5.1 5.5.2

Ontwikkellocaties woningbouw Vijf ontwikkellocaties voor woningbouw Verdeling in vier scenario’s Groot dorp Sliedrecht Woningbouwontwikkeling Overige opgaven binnen dit scenario Groot dorp in de polder Woningbouwontwikkeling Overige opgaven binnen dit scenario Klein stedelijk Sliedrecht Woningbouwontwikkeling Overige opgaven binnen dit scenario Klein stedelijk in de polder Woningbouwontwikkeling Overige opgaven binnen dit scenario

41 41 42 43 43 44 45 45 45 46 46 46 47 47 47

6

Sliedrecht 2040 - referentiesituatie

48

6.1 6.1.1 6.1.2 6.1.3 6.1.4 6.2 6.2.1 6.2.2 6.3 6.3.1 6.3.2 6.4 6.4.1 6.4.2 6.4.3 6.5

Ruimtelijke vernieuwing Woningbouw Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief Duurzaamheid Bereikbaarheid Veilige, gezonde en inclusieve samenleving Milieu en gezondheid Sociaal, veilig en gezond Ondernemend en betrokken Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum Natuur en landschap Beschermde natuurgebieden Biodiversiteit Landschappelijke waarden Overzicht van de referentiesituatie

48 48 50 57 61 65 65 71 74 74 75 78 79 81 83 85

7

Effectbeoordeling

87

7.1 7.1.1 7.1.2 7.1.3 7.1.4 7.2 7.2.1 7.2.2 7.3

Effecten op Ruimtelijke vernieuwing Woningbouw Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief Duurzaamheid Bereikbaarheid Veilige, gezonde en inclusieve samenleving Milieu en gezondheid Sociaal, veilig en gezond Ondernemend en betrokken

87 87 90 94 96 100 100 104 107

7.3.1 7.3.2 7.4 7.4.1 7.4.2 7.4.3 7.5 7.6 7.6.1 7.6.2

Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum Natuur en landschap Beschermde natuurgebieden Biodiversiteit Landschappelijke waarden Bijdrage aan de opgaven en ambities Conclusie Overzicht van de beoordeling Bevindingen

107 108 110 110 112 113 114 118 118 119

8

Voorgenomen keuzes in de Omgevingsvisie

120

8.1 8.2

Keuzes per ontwikkellocaties Overige keuzes

120 121

9

Effecten van de voorgenomen keuzes

123

9.1 9.1.1 9.1.2 9.1.3 9.1.4 9.2 9.2.1 9.2.2 9.3 9.3.1 9.3.2 9.4 9.4.1 9.4.2 9.4.3 9.5

Effecten op Ruimtelijke vernieuwing Woningbouw Ruimtelijke kwaliteit: historisch, groen en adaptief Duurzaamheid Bereikbaarheid Veilige, gezonde en inclusieve samenleving Milieu en gezondheid Sociaal, veilig en gezond Ondernemend en betrokken Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum Natuur en landschap Beschermde natuurgebieden Biodiversiteit Landschappelijke waarden Bijdrage aan de opgaven en ambities

123 123 125 127 128 130 130 133 135 135 136 136 136 138 139 140

10

Aandachtspunten en aanbevelingen

142

10.1 10.2 10.2.1 10.2.2 10.2.3 10.2.4 10.3

Overzicht van de beoordeling Afwegingen richting plan of programma Woningbouwprogramma, verdichting en ruimtebeslag Gezondheid en veiligheid vs. wegverkeer Stikstofemissies voorgenomen ontwikkelingen Effecten van de nadere afwegingen Monitoring en evaluatie

142 144 144 145 147 148 150

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Voorwoord De Omgevingsvisie voor Sliedrecht zet de koers voor het omgevingsbeleid voor de komende jaren uit. Met de Omgevingsvisie wil de gemeente inspelen op grote maatschappelijke opgaven, zoals de woningbouwopgave, klimaatadaptatie en milieu. Om in te spelen op deze opgaven zijn keuzes nodig. Waar en hoeveel kan er gebouwd worden? Hoe moet de openbare ruimte ingericht worden? Welke mobiliteitskeuzes zijn er te maken? Bij deze keuzes wil de gemeente de effecten op de leefomgeving mee laten wegen. Daar ligt de rol van dit Omgevingseffectrapport (OER). Het opstellen van een OER is ook verplicht vanuit de Wet milieubeheer. Het OER is in de eerste plaats een hulpmiddel bij het maken van keuzes. Voor de verschillende opgaven die in de Omgevingsvisie benoemd zijn, onderzoekt het OER de mogelijkheden om in te spelen op deze opgaven. Hiervoor zijn vier scenario’s opgesteld die variëren in omvang, locatie en wijze van uitwerking. Deze scenario’s zijn geen meerkeuzemenu waar de gemeente uiteindelijk één optie van dient te kiezen. De scenario’s zijn meer denkrichtingen die de hoeken van het speelveld verkennen. Het speelveld waarbinnen uiteindelijk de keuzes gemaakt worden. De tweede rol van het OER is het toetsen van de keuzes uit de Omgevingsvisie. Het OER beschrijft en beoordeelt de effecten van de scenario’s en van de gemaakte keuzes op de leefomgeving.

Ook kijkt het OER naar de bijdrage aan de opgave: in hoeverre wordt de opgave (en de bijbehorende ambitie) gehaald. Vanuit deze effectbeoordeling geeft het OER aandachtspunten en aanbevelingen voor de verdere uitwerking van het omgevingsbeleid mee. De Omgevingsvisie heeft een hoog abstractieniveau. Het bevat geen keuzes over concrete woningbouwlocaties of exacte vierkante meters groen. Het OER volgt dit abstractieniveau. Dat betekent dat het OER effecten op hoofdlijnen beschrijft en geen concrete uitspraken kan doen over de daadwerkelijke effecten. Het zijn voornamelijk verwachtingen op basis van ‘expert judgement’. Het OER doet ook geen uitspraken of de ontwikkelingen uit de Omgevingsvisie haalbaar of uitvoerbaar zijn, maar signaleert wel punten die extra aandacht verdienen. Het OER heeft daarmee ook een signalerende en agenderende functie richting het Omgevingsplan en/of programma’s. Net als de Omgevingsvisie is het OER nooit ‘af’, maar is het bedoeld om actueel te houden door het omgevingsbeleid te monitoren en te evalueren.

Blad 1 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Samenvatting Aanleiding voor het OER De gemeente Sliedrecht heeft een Omgevingsvisie opgesteld die de koers uitzet voor de gemeente tot 2040. In de Omgevingsvisie zijn keuzes gemaakt voor de toekomst van Sliedrecht, hoe de gemeente er uit komt te zien en welke ontwikkelingen er gaan plaatsvinden. Thema’s zoals wonen, werken, natuur, milieu, verkeer en de inrichting van de openbare ruimte komen hierin naar voren. De Omgevingsvisie bundelt beleid in een overkoepelende visie voor de gehele gemeente. De Omgevingsvisie beschrijft de hoofdlijnen voor de verdere uitwerking van het beleid. Die uitwerking vindt plaats in het omgevingsplan en/of in gebiedsgerichte en thematische programma’s. De Omgevingsvisie is, zoals dat genoemd wordt, kaderstellend voor dit beleid. Voor kaderstellend beleid is het verplicht de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.)1 te doorlopen en een Milieueffectrapport (MER) op te stellen. Doel en opzet van het OER Voor de relevante opgaven uit de omgevingsvisie onderzoekt het OER mogelijke manieren om invulling te geven aan de opgaven (scenario’s). Deze scenario’s zijn beoordeeld op de effecten op de leefomgeving. Deze beoordeling helpt de gemeente om keuzes te maken voor de verdere uitwerking van de opgaven. Het OER beoordeelt deze keuzes vervolgens en geeft van hieruit aandachtspunten en aanbevelingen mee.

De Wet milieubeheer schrijft voor dat in het OER de ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven’ onderzocht moeten worden. Wat hier precies onder verstaan wordt is niet beschreven, dat verschilt per plan. In dit OER is hier vorm aangegeven door het opstellen van scenario’s. scenario’s zijn mogelijke invullingen van de opgaven uit hoofdstuk 3. De scenario’s zijn beschreven in hoofdstuk 5. Opgaven van de Omgevingsvisie Het omgevingsbeleid voor de komende jaren (Koers 2030) is in de Omgevingsvisie Sliedrecht onderverdeeld in drie hoofdpunten: 1. Werk maken van ruimtelijke vernieuwing 2. Werk maken van een veilige en inclusieve samenleving 3. Werken aan een ondernemend en betrokken Sliedrecht Binnen deze hoofdpunten zijn diverse opgaven en ontwikkelingen benoemt. In de NRD zijn deze opgaven op hoofdlijnen beoordeeld op de mogelijk effecten op de leefomgeving. De volgende opgaven zijn in het OER beoordeeld:  Woningbouw: Voldoende woningen om iedereen onderdak te bieden is een grote maatschappelijke opgave. Op basis van de regionale behoefte ligt er een woningbouwopgave van ongeveer 2.500 woningen voor de komende tien jaar. Er is met name behoefte aan grotere koopwoningen, verspreid over meerdere prijsklassen.

1

De procedure voor de milieueffectrapportage wordt afgekort tot m.e.r. (met kleine letters en puntjes ertussen), het bijbehorende Milieueffectrapport tot MER (met hoofdletters, zonder puntjes ertussen).

Blad 2 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Groen & Water: Sliedrecht is binnen de provincie Zuid-Holland de gemeente met de minste vierkante meters groen per inwoner (5,4 m2). Daarnaast blijkt uit onderzoek dat de kwaliteit en de beleving van het stedelijk groen niet optimaal is. Duurzame mobiliteit: Meer inzet op fiets, openbaar vervoer (OV) en elektrisch vervoer is nodig om te zorgen dat de gemeente in 2035 gebruik maakt van schone energie voor het vervoer. Fietsfaciliteiten moeten verbeteren en het aandeel van elektrisch vervoer moet worden verhoogd. Sport & Recreatie: De opgave bestaat uit het stimuleren van sport en bewegen door voldoende (openbare) voorzieningen. Het uitbreiden van het horeca aanbod langs het water en in het centrum en de ontwikkeling van recreatiemogelijkheden in de polder en langs de rivier. Verbinding met Alblasserwaard en Merwede: In de huidige situatie is de beleving van en verbinding met de polder en de rivier beperkt. De opgave betreft het beter beleefbaar maken van de rivieroevers en het havenfront en het verbeteren van de (recreatieve)verbinding met de Alblasserwaard.

Scenario’s voor de opgaven Een van de doelen van het OER is het onderzoeken en beoordelen van de mogelijke manieren om invulling te geven aan de opgaven. Hiervoor zijn vier scenario’s opgesteld. Binnen deze scenario’s is variatie aangebracht in de omvang van het woningbouwprogramma, de ruimte voor groen en water en de mogelijkheden voor nieuwe verbindingen. Met deze scenario’s onderzoekt het OER de bandbreedte van de mogelijke effecten op de leefomgeving. Scenario A: Groot dorp Sliedrecht Bij dit scenario wordt binnen de beschikbare ruimte tussen de A15 en de Merwede woningbouw in relatief lage dichtheden mogelijk gemaakt. De lagere dichtheden leiden er toe dat het aantal woningen slechts met circa 1.000 woningen kan groeien. In dit scenario behoudt Sliedrecht grotendeels het dorpse karakter en blijft de uitbreiding beperkt tot het huidige woongebied. Scenario B: Groot dorp in de polder Scenario B is een uitbreiding van scenario A met een nieuwe woonwijk van ongeveer 1.000 woningen in de polder. De woningbouwopgave wordt hiermee verdeeld over het huidig woongebied en de polder. Binnen het huidig woongebied wordt de woningbouw meer geconcentreerd op de centrumlocaties (locatie 2 en 3). Uiteindelijk is de woningbouwopgave in dit scenario’s 2.000 woningen.

Scenario C: Klein stedelijk Sliedrecht Bij dit scenario wordt de woningbouwopgave van 2.000 woningen volledig in het huidig woongebied ingevuld. Dit leidt tot hogere dichtheden in de vorm van meer en hogere hoogbouw en meer ruimtebeslag. Het dorpse karakter van Sliedrecht zal meer plaats maken voor een klein stedelijk karakter. De polder blijft behouden. Scenario D: Klein stedelijk in de polder Scenario D is een uitbreiding van de ambitie door naast de hoge verdichting in het stedelijk gebied wonen in de polder toe te voegen. Dit is een maximale variant met een groei van ongeveer 4.000 woningen. Het bestaand stedelijk gebied krijgt een klein stedelijk karakter en wordt uitgebreid met een woonwijk in de polder.

Blad 3 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Overzicht van de effectbeoordeling Woningbouw Ruimtelijke kwaliteit Duurzaamheid Bereikbaarheid Milieu en gezondheid Sociaal, veilig en gezond Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en centrum Beschermde natuurgebieden Biodiversiteit Landschappelijke waarden

Scenario A + 0/0/+ 0/+ 0/+ 0 0/0/+ 0

Scenario B ++ 0 0/+ 0 0 0/+ + 0/+ 0/0/0/-

Scenario C 0/+ 0/0/0/+ 0/+ 0/0/+

Scenario D + 0/+ 0/0/+ + 0

Verschillen tussen de scenario’s zijn op vrijwel alle thema’s en opgaven zichtbaar. De verschillen voor woningbouw(opgave) ontstaan niet alleen door de omvang van de woningbouw. Het kwalitatieve aspect speelt hier ook een belangrijke rol. De scenario’s met hoge verdichting (C en D) leiden tot minder ruimte voor grotere, duurdere woningen. De hogere verdichting in de laatste twee scenario’s werkt door in meerdere thema’s en opgaven. Doordat deze verdichting meer ruimte vraagt, zijn er minder mogelijkheden voor (uitbreiding van) groen en water. Dit is niet alleen terug te zien in de beoordeling van de betreffende opgave, maar werkt ook door in ruimtelijke kwaliteit, klimaat en gezondheid.

Blad 4 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Beoordeling van de Omgevingsvisie

4 2 1 3

5

Per ontwikkellocatie zijn er keuzes gemaakt om de opgave voor woningbouw te realiseren. Op locatie 1 voorziet de Omgevingsvisie niet in uitbreiding van ruimtebeslag voor woningen. De huidige groenstructuren en openbare ruimte moet behouden blijven. Toevoegen van woningen is alleen mogelijk door transformatie van bestaande bebouwing, zoals de oude sporthal of verouderde bedrijventerreinen. Behoud van ruimte voor bedrijvigheid is het uitgangspunt, maar op de lange termijn kan ook gedacht worden aan transformatie van deze bedrijvigheid. De locatie 2 tussen de A15 en het spoor moet getransformeerd worden tot een hoogwaardig verblijfsgebied met een mix van maatschappelijke functies, bedrijvigheid, wonen en horeca. Aan de oostkant moet een volwaardige verbinding met de polder de (auto)bereikbaarheid van het huidig woongebied verbeteren en tegelijkertijd het station en de polder beter ontsluiten voor (recreatief) verkeer. Locatie 3 is het gebied waar de nieuwe verbinding richting de polder uitkomt. De verbinding moet doorlopen tot het centrumgebied. Daar omheen vindt uitbreiding van woningen en groenstructuren plaats. Herinrichting van dit gebied moet ruimte bieden aan ongeveer 500 tot 600 woningen. De groenstructuur moet doorlopen richting het zuiden van het woongebied. Op locatie 4 zet de Omgevingsvisie in op een woonwijk van ongeveer 1.300 woningen.

In deze wijk is ruimte voor duurdere grondgebonden woningen, appartementen en goedkope en middeldure woningen. Ontwikkeling van het gebied vindt in eerste instantie plaats ten oosten van de N482 en ten zuiden van de Kweldamweg. Verdere uitbreiding wordt gezocht aan de westkant van de N482, direct ten noorden van het spoor. Kleinschalige woningbouw in de vorm van hofjes (landelijk wonen) is mogelijk ten noorden van de Kweldamweg. De ontwikkeling in de polder moet ook ruimte bieden aan (verdere uitbreiding van) recreatieve voorzieningen en sport. Op ontwikkellocatie 5 worden terreinen herontwikkeld tot woongebied met in totaal ongeveer 300 woningen. Het gaat om de ontwikkeling van braakliggende terreinen en mogelijk transformatie van verouderde bedrijventerreinen langs het dijklint (lange termijn). Langs het water moet ruimte zijn

Blad 5 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

voor horeca en (watergebonden) recreatie. Vanaf de dijk moeten doorkijken richting de rivier gerealiseerd of verbeterd worden. Overzicht van de beoordeling (effecten leefomgeving en bijdrage opgave)

Bevindingen Locatie 1 Doordat op locatie 1 woningbouw slechts beperkt mogelijk is en ingezet wordt op herontwikkeling van reeds bebouwde terreinen, biedt deze locatie goede mogelijkheden voor uitbreiding van groen en water. Verouderde en leegstaande bedrijfsterreinen vormen een aandachtspunt op deze locatie. Oude bedrijfspanden en braakliggende terreinen tasten de beeldkwaliteit van het historische dijklint aan. Het is aan te bevelen de mogelijkheid voor transformatie van deze terreinen op te nemen in de Omgevingsvisie. Locatie 2 Op locatie 2 moet een mix van wonen en werken ontstaan, onder andere door kantoren om te vormen tot woningen. Door gebruik te maken van leegstaande kantoren of vervangende kantoorruimte richting het oosten mogelijk te maken, hoeft dit niet ten koste te gaan van de werkgelegenheid. Meerdere milieuaspecten vormen aandachtspunten voor deze locatie, zoals geluidbelasting en externe veiligheid. Locatie 3 De grootschalige herontwikkeling op locatie 3 moet ruimte bieden aan circa 500 woningen, uitbreiding van groen en water en een nieuwe autoverbinding richting de polder. Om dit mogelijk te maken zijn keuzes ten aanzien van het woningbouwprogramma, bouwhoogte en inrichting van de openbare ruimte nodig. Ook keuzes voor mobiliteit die ingrijpen op het autogebruik en (de ruimte voor) parkeren spelen hierin een rol.

Locatie 4 Voor de nieuwe woonwijk in de polder is de stedenbouwkundige uitwerking bepalend voor de effecten op de leefomgeving. Met het woningbouwprogramma, parkeerregulering en OV- en fietsvoorzieningen kan de gemeente sturen op de verkeersaantrekkende werking en de milieueffecten. De inrichting van de openbare ruimte bepaalt in hoeverre de wijk klimaatadaptief is en uitnodigt tot sport en bewegen. Locatie 5 Door de ruimte voor bedrijvigheid aan het begin van de Rivierdijk is de ruimte voor woningbouw en groen beperkt. Watergebonden bedrijvigheid (doorgaans milieucategorie 4) is niet zondermeer mogelijk. Effecten op onder andere verkeer, geluid, luchtkwaliteit en natuur (stikstofdepositie) dienen nader onderzocht te worden. Voor de woningen in de omgeving kan dit leiden tot verdere verslechtering van de milieukwaliteit.

Blad 6 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Aandachtspunten en aanbevelingen Het OER geeft aandachtspunten en aanbevelingen voor de verdere uitwerking van het beleid. Thematische aandachtspunten zijn bij de betreffende effectbeoordeling benoemd. Dit zijn voornamelijk kansen of ideeën om binnen het thema minder negatieve of meer positieve effecten te realiseren. In hoofdstuk 10 zijn aanbevelingen die bepalend zijn voor de uitvoerbaarheid van het beleid of aanbevelingen die betrekking hebben op meerdere thema’s. Woningbouwprogramma, verdichting en ruimtebeslag De opgaven voor woningbouw, groen en water en sport en recreatie vragen om ruimte, die niet overal beschikbaar is. Om hier goed mee om te gaan zijn er keuzes te maken voor het woningbouwprogramma, de mate van hoogbouw en de inrichting van de openbare ruimte. Gezondheid en veiligheid vs. wegverkeer Autoverkeer vormt een bron van geluid en luchtverontreiniging in het woongebied. Door woningbouwontwikkeling kan het autoverkeer -en daardoor de milieubelasting- verder toenemen. Om de effecten op het milieu te verminderen en duurzaam vervoer te stimuleren zijn keuzes nodig die autogebruik ontmoedigen. Stikstofemissies voorgenomen ontwikkelingen Doordat de woningbouwontwikkeling toename van verkeer veroorzaakt, neemt ook de stikstofdepositie op de Biesbosch toe. Hiervoor zijn maatregelen nodig.

Door stikstofemissies weg te nemen, bijvoorbeeld door bestaande woningen aardgasvrij te maken, kan dit effect gemitigeerd worden. In een programma kunnen de ontwikkelingen en maatregelen ‘gekoppeld’ worden. Effecten op de leefomgeving Met het vastleggen van de ruimte voor groen en water kan de ruimtelijke kwaliteit verbeterd worden. Ook wordt hiermee het leefgebied voor soorten vergroot en kunnen verbindingen met het buitengebied gerealiseerd worden. De maatregelen om autoverkeer te verminderen leiden tot positieve effecten op met name milieu en gezondheid. Minder autoverkeer kan ook leiden tot afname van stikstofdepositie. Daarnaast kan er in centrumgebieden ruimte vrijkomen voor bijvoorbeeld groen en water of ontmoetingsplekken als er strengere parkeernormen toegepast worden. Afname van autoverkeer kan de Het stikstofprogramma heeft in de eerste plaats als doel om de mogelijke negatieve effecten van de ontwikkelingen op Natura 2000-gebieden te mitigeren. Door aardgasvrije wijken grootschalig uit te rollen kan mogelijk zelfs verbetering van natuurkwaliteiten (afname van stikstofdepositie) optreden. Thema Woningbouw Ruimtelijke kwaliteit Duurzaamheid Bereikbaarheid

Omgevingsvisie + 0 0/+ 0/-

Blad 7 van 151

Omgevingsvisie incl. aanbevelingen + + 0/+ 0

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Milieu en gezondheid Sociaal, veilig en gezond Sport, cultuur en recreatie Vitale bedrijventerreinen en centrum Beschermde natuurgebieden Biodiversiteit Landschappelijke waarden

+ 0/-

0/+ + 0/+

+

0/+

0/0/-

0/+ 0/0/-

Bijdrage aan de opgaven en ambities De aanbevelingen om groen en water vast te leggen in het Omgevingsplan of programma dragen positief bij aan de opgave voor groen en water. Ook kan hiermee (meer) ruimte gemaakt worden voor sportvoorzieningen in de openbare ruimte. De aanbevelingen om autogebruik te ontmoedigen door verkeerskundige maatregelen en parkeerregulering toe te passen bevorderen de ambities voor duurzame mobiliteit. Het stimuleren van fietsgebruik ten koste van de auto draagt daarnaast positief bij aan de gezondheid van inwoners doordat ze gestimuleerd worden om meer te bewegen.

Blad 8 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Hoe moet de gemeente Sliedrecht zich de komende decennia ontwikkelen? Welke ambities heeft de gemeente voor de groei en inrichting van de gemeente? Hoe gaat de gemeente om met grote uitdagingen op het gebied van gezondheid en klimaat? Om hier antwoord op te geven stelt de gemeente Sliedrecht een omgevingsvisie op. De Omgevingsvisie beschrijft op hoofdlijnen het beleid voor de fysieke leefomgeving. De fysieke leefomgeving bevat thema’s zoals wonen, werken, natuur, milieu, verkeer en de inrichting van de openbare ruimte. De Omgevingsvisie richt zich onder andere op de aanpak van de woningbouwopgave, groenbeleid, omgaan met klimaatverandering en effecten op verkeer en milieu. Beleid voor deze thema’s is op dit moment ondergebracht in afzonderlijke beleidsstukken. De Omgevingsvisie bundelt dit beleid in één overkoepelende visie voor de gehele gemeente.

Figuur 1.1 Gemeentegrens Sliedrecht

De Omgevingsvisie beschrijft de hoofdlijnen voor de verdere uitwerking van het beleid. Die uitwerking vindt plaats in het omgevingsplan en/of in gebiedsgerichte en thematische programma’s. De Omgevingsvisie is, zoals dat dan genoemd wordt, kaderstellend voor dit beleid. Omdat de Omgevingsvisie kaders stelt voor ontwikkelingen die mogelijk belangrijk negatieve

Blad 9 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

gevolgen voor het milieu kunnen hebben is het verplicht om de procedure van de milieueffectrapportage (m.e.r.) te doorlopen en een Milieueffectrapport (MER)2 op te stellen.

1.2

Wettelijke bepalingen Wettelijke bepalingen voor de m.e.r. De wettelijke bepalingen voor de m.e.r. zijn opgenomen in de Wet milieubeheer. In het bijbehorende Besluit m.e.r. (bijlage C en D) zijn ontwikkelingen onderverdeeld naar aard en omvang. De m.e.r. is geen zelfstandig instrument, het is gekoppeld aan een plan of procedure. In dit geval is dat de Omgevingsvisie Sliedrecht. In de Omgevingsvisie worden verschillende ontwikkelingen benoemd, die terugkomen in de bijlagen van het Besluit m.e.r.. Omdat de omgevingsvisie ‘kaderstellend’ is voor deze ontwikkelingen, is het doorlopen van de m.e.r.procedure en het opstellen van een MER verplicht. De m.e.r.-procedure start met de publicatie van de notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD). Deze is met de concept-Omgevingsvisie gepubliceerd. De NRD heeft van 7 mei 2021 tot 4 juni 2021 ter inzage gelegen. Bepalingen vanuit de Wet natuurbeheer De Wet natuurbeheer stelt ook bepalingen voor plannen met (mogelijke) effecten op beschermde natuurwaarden. Als negatieve effecten op Natura 2000-gebieden niet uitgesloten kunnen worden, moet een zogenaamde Passende Beoordeling opgesteld worden. Via een Voortoets wordt onderzocht of negatieve effecten op voorhand uit te sluiten zijn. De voortoets is bij de NRD uitgevoerd en gepubliceerd. Hieruit blijkt dat negatieve effecten (met name door uitstoot van stikstof) niet uit te sluiten zijn.

Bij de omgevingsvisie is daarom ook een Passende Beoordeling opgesteld. Deze is als bijlage opgenomen.

Figuur 1.2 De stappen voor de omgevingsvisie, het OER en de Passende Beoordeling

2

De procedure voor de milieueffectrapportage wordt afgekort tot m.e.r. (met kleine letters en puntjes ertussen), het bijbehorende Milieueffectrapport tot MER (met hoofdletters, zonder puntjes ertussen).

Blad 10 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Van milieu naar fysieke leefomgeving Bij de m.e.r. wordt al enkele jaren verder gekeken dan alleen de milieueffecten. Onder andere klimaat, duurzaamheid en gezondheid zijn thema’s die steeds urgenter worden en daarom structureel een plaats krijgen in de afweging van belangen. Het MER beperkt zich daarom niet alleen tot de milieueffecten, maar beschouwt alle relevante thema’s van de fysieke leefomgeving. De term ‘milieu’ is eigenlijk te beperkt, het gaat om heel de fysieke leefomgeving. Nieuwe termen, zoals een Omgevingseffectrapport (OER), sluiten beter aan bij omgevingsvisies. Het voorliggend rapport heeft daarom de titel Omgevingseffectrapport. In het vervolg van dit rapport wordt deze term en de bijbehorende afkorting ‘OER’ gehanteerd.

1.3

Doel en opzet van het OER Doel van het OER Het OER beoordeelt de ontwikkelingen uit de Omgevingsvisie op de effecten op de fysieke leefomgeving. Dat is het belangrijkste doel van het OER. Een tweede belangrijke taak van het OER is het verkennen en beoordelen van alternatieven of belangrijke keuzes voor deze ontwikkelingen. Met behulp van alternatieven onderzoekt het OER de keuzes die er te maken zijn. Hoe kan de gemeente omgaan met de woningbouwopgave, welke mogelijkheden zijn er om invulling te geven aan meer groen en water? Hiermee biedt het OER inzicht in (de bandbreedte van) de effecten op de fysieke leefomgeving, de keuzes en afwegingen die hiervoor te maken zijn en hoe de gemeente om kan gaan met deze effecten. Zoals in de inleiding al is beschreven bevat de Omgevingsvisie Sliedrecht diverse ontwikkelingen voor de fysieke leefomgeving. Onder andere het bouwen van woningen, het realiseren van groen en het beheer van het gemeentelijk vastgoed komen naar voren. Al deze ontwikkelingen beschouwen en onderzoeken is echter niet haalbaar. Dit helpt de gemeente ook niet bij het maken van keuzes. Het OER richt zich daarom op de opgaven waarvoor relevante effecten op de leefomgeving te verwachten zijn. Welke dat zijn en hoe dit bepaald is, is beschreven in de NRD en hoofdstuk 3 van dit OER.

Figuur 1.3 Inhoudelijke stappen van het OER op hoofdlijnen

Opzet van het OER Voor de relevante opgaven uit de omgevingsvisie onderzoekt het OER mogelijke manieren om invulling te geven aan de opgaven (scenario’s). Deze scenario’s zijn beoordeeld op de effecten op de leefomgeving, ten opzichte van de toekomstige situatie zonder het nieuwe beleid

Blad 11 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

(referentiesituatie). Deze beoordeling helpt de gemeente om keuzes te maken voor de verdere uitwerking van de opgaven. Het OER beoordeelt deze keuzes vervolgens en geeft van hieruit aandachtspunten en aanbevelingen mee. In hoofdstuk 4 is de opzet van het OER uitgebreid beschreven.

1.4

Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk bevat het OER de volgende hoofdstukken:         

Hoofdstuk 2: Algemene beschrijving Omgevingsvisie Sliedrecht Hoofdstuk 3: Beschrijving van de opgaven Hoofdstuk 4: Opzet en methodiek van het OER Hoofdstuk 5: Beschrijving van de scenario’s voor het onderzoek Hoofdstuk 6: Beschrijving en beoordeling van de referentiesituatie Hoofdstuk 7: Effectbeschrijving en -beoordeling van de vier scenario’s Hoofdstuk 8: Beschrijving van de keuzes uit Omgevingsvisie Sliedrecht Hoofdstuk 9: Finale effectbeoordeling van de Omgevingsvisie Hoofdstuk 10: Bevindingen en conclusie

Blad 12 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

2

Omgevingsvisie Sliedrecht

2.1

Omgevingswet en Omgevingsvisie De Omgevingsvisie vervangt met de komst van de Omgevingswet de structuurvisie als instrument vervangt. Naar verwachting treedt de Omgevingswet halverwege 2022 inwerking. Met de Omgevingswet wordt het beleid op het gebied van onder andere ruimtelijke ordening, milieu en mobiliteit gebundeld. De Omgevingswet staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. De nieuwe wet zorgt voor minder en overzichtelijkere regels, een samenhangende benadering van leefomgeving, ruimte voor lokaal maatwerk en betere en snellere besluitvorming. De Omgevingswet leidt daarmee tot een nieuw stelsel van plannen en instrumenten om de fysieke leefomgeving vorm te geven. Voor de gemeente gaat het om de volgende plannen en instrumenten:  De Omgevingsvisie, met een beschrijving van de gewenste ontwikkeling van de fysieke leefomgeving;  Het Omgevingsplan, waarin de juridische regels worden opgenomen die bepalen wat inwoners, ondernemers en organisaties wel en niet kunnen doen in die fysieke leefomgeving;  Het Programma, hierin kunnen gemeenten aangeven hoe ze bepaalde doelen voor de fysieke leefomgeving willen bereiken;  Omgevingsvergunningen, die (in aanvulling op het Omgevingsplan) specifiek voor een project op activiteit aangeven onder welke voorwaarden dat mag. (bijvoorbeeld het bouwen van een woning).

In de Omgevingsvisie legt de gemeente haar ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn vast. De gemeente stelt één omgevingsvisie voor het hele grondgebied vast. Daarnaast kan de gemeente samen met een andere gemeente of met de provincie gezamenlijke of regionale omgevingsvisie opstellen. De omgevingsvisie bevat in ieder geval een beschrijving van:  De kwaliteit van de fysieke leefomgeving;  Voorgenomen ontwikkelingen, gebruik, beheer, bescherming en behoud va het grondgebied;  Het te voeren integrale beleid.

2.2

Omgevingsvisie Sliedrecht Met de Omgevingsvisie zet de gemeente Sliedrecht de koers uit op weg naar 2040. De omgevingsvisie is na vaststelling nog niet af, het is een visie met een groeimodel waaraan de gemeente blijft werken. Het groeimodel wordt met name toegepast op het uitvoeringshoofdstuk dat periodiek herzien wordt. Daarmee wordt de omgevingsvisie een dynamisch plan en een visie die ‘altijd vers’ is, zoals wordt beoogd met de Omgevingswet. Een integrale, breed gedragen omgevingsvisie vraagt om participatie en communicatie met bevolking, belangorganisaties en de politiek essentieel. Hiervoor heeft de gemeente tweemaal een week van de omgevingsvisie georganiseerd om alle inwoners, ketenpartners en ondernemers de mogelijkheid te geven mee te praten over de kwaliteiten en aandachtspunten in de gemeente en

Blad 13 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

de gewenste koers voor Sliedrecht op weg naar 2040. De Koers is ook door middel van een enquête aan inwoners voorgelegd. Deze is door ongeveer 1.500 mensen ingevuld. Mede op basis van deze input is de Omgevingsvisie tot stand gekomen. Voorafgaand aan de ontwerp-Omgevingsvisie zijn de Nota van Uitgangspunten en de Koers 2030 gepubliceerd.

2.3

Gemeente Sliedrecht in vogelvlucht

2.3.1

Algemene informatie Ligging De gemeente Sliedrecht ligt aan de zuidoostkant van de Randstad, in de Drechtsteden. De gemeente grenst - via de rivier de Merwede - aan de zuidkant aan de stad Dordrecht. Ten westen van Sliedrecht ligt Papendrecht, aan de oostkant Hardinxveld-Giessendam. Zo’n tien kilometer verder naar het oosten ligt de stad Gorinchem.

Figuur 2.1 Ligging van Sliedrecht in de regio

Inwoners De gemeente Sliedrecht telt ruim 25.500 inwoners (januari 2021). Ruimtelijke structuur De ruimtelijke structuur van Sliedrecht is grotendeels gevormd door enkele belangrijke historische elementen. Sliedrecht is ontstaan rondom een dijklint. Dit dijklint versterkt als ruimtelijke identiteitsdrager de identiteit van Sliedrecht. Aan het einde van de 19e eeuw werd het spoor

Blad 14 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

aangelegd. Daarop volgde aan het begin van de 20e eeuw uitbreiding lands de Stationsweg, de Kerkbuurt en de Buitenuitbreiding. Deze wijken en buurten vormen samen nog steeds de kern van Sliedrecht. Ook de buitendijkse (haven)gebieden zijn een belangrijk onderdeel van de ruimtelijke structuur. Sliedrecht is namelijk eerst buitendijks gegroeid voordat het gebied achter het dijklint werd ontwikkeld.

Figuur 2.2 Ruimtelijke structuur van Sliedrecht op hoofdlijnen (bon: Omgevingsvisie Sliedrecht)

Het buitengebied van Sliedrecht bestaat voornamelijk uit veenweidegebied met langgerekte en smalle percelen. Het veenweidegebied wordt overwegend gebruikt als (agrarisch) grasland. Het is een zeer open gebied, met een duidelijke oost-westoriëntatie en een regelmatige verkaveling. Verder zijn er twee grote infrastructurele elementen die het landschap mede bepalen. Dit zijn de A15 en het spoor. De spoorlijn kruist aan de westkant van de gemeente de A15 en gaat richting de Merwede naar Dordrecht. Het gebied tussen het spoor en de A15 bestaat voornamelijk uit industrie, grootschalige detailhandel en sportaccommodaties. Tussen de A15 en de Merwede liggen de woongebieden en enkele watergebonden bedrijventerreinen. Aan de westkant van het spoor, tegen de gemeentegrens met Papendrecht, ligt de relatief nieuwe woonwijk Baanhoek-West. De overige woongebieden liggen ten oosten en zuiden van het spoor. Het centrumgebied ligt deels op het dijklint (Kerkbuurt) en ten noorden daarvan, aan de oostkant van de Stationsweg (rond het Burgemeester Winklerplein). De Kerkbuurt is het winkelgebied met voornamelijk detailhandel voor niet-dagelijkse boodschappen en diverse horecagelegenheden. Aan het Winklerplein zijn veelal winkels voor dagelijkse boodschappen te vinden. Sliedrecht telt ruim 25.500 inwoners en iets meer dan 11.000 woningen (CBS, januari 2021).

Blad 15 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 2.3 Wijken in de gemeente Sliedrecht

2.3.2

Geschiedenis Sliedrecht lag oorspronkelijk op de zuidoever van de Merwede. In 1421 overstroomde het dorp door de St. Elisabethvloed. Waarschijnlijk zijn toen veel dorpelingen op de noordoever gaan wonen: het Sliedrecht van nu. De Alblasserwaard leek vroeger op de Biesbosch van nu, met regelmatig overstromingen. Iedere gebruiker van een stuk land kreeg in ‘het nieuwe Sliedrecht’ de plicht om een stuk dijk aan te leggen te onderhouden. In de 18e eeuw begon men zich te wagen aan grotere projecten. Zo volgde ook de baggerindustrie in Sliedrecht in deze periode. Er ontstonden scheepswerven voor de nieuwbouw en reparatie van kleine baggerwerktuigen. Sliedrecht breidde zich uit dankzij de baggeraars en alle bedrijven daaromheen. Tot het einde van de 18e eeuw was Sliedrecht een dorp met lintbebouwing langs de Rivierdijk, met een open en uitgestrekt achterland. De dijk vormde de belangrijkste verbinding met de andere rivierdorpen. Eind 19e eeuw werd de spoorlijn aangelegd en het station gebouwd. Aan weerszijden van de spoorlijn kwam de Parallelweg. De Stationsweg en de Boslaan verbonden de dijk met het station. Deze ontsluitingswegen liepen parallel aan de verkavelingsrichting. Aan de binnenkant van de dijk kwamen kleine buurtjes langs de kavels, de ‘stoepen’. Rond de Eerste Wereldoorlog werden de zandplaten in de Merwede opgespoten. Dit werd een haven- en woongebied.

Binnendijks, ten oosten van de Stationsweg, kwamen woonwijken. De autoweg Rotterdam-Gorinchem werd eind dertiger jaren aangelegd ter hoogte van de Tiendwetering. Van deze wetering zijn nog enkele delen over.

Blad 16 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 2.4 Sliedrecht in 1881 (bron: www.topotijdreis.nl).

Figuur 2.5 Sliedrecht in 1950 (bron: www.topotijdreis.nl)

Blad 17 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Belangrijke historische elementen zijn in het huidige Sliedrecht nog goed zichtbaar. Sliedrecht is ontstaan rondom een dijklint. Dit dijklint versterkt als ruimtelijke identiteitsdrager de identiteit van Sliedrecht. Aan het einde van de 19e eeuw werd het spoor aangelegd (zie figuur 2.3). Daarop volgde aan het begin van de 20e eeuw uitbreidingen langs de Stationsweg, de Kerkbuurt en de Buitenuitbreiding. Deze wijken en buurten vormen samen nog steeds de kern van Sliedrecht. Ook de buitendijkse (haven)gebieden zijn een belangrijk onderdeel van de Sliedrechtse cultuurhistorie. Sliedrecht is namelijk eerst buitendijks gegroeid voordat het gebied achter het dijklint werd ontwikkeld.

Figuur 2.6 Sliedrecht in 1970 (bron: www.topotijdreis.nl)

Blad 18 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

3

De opgave vanuit Omgevingsvisie Sliedrecht Dit hoofdstuk beschrijft de opgaven die in het OER meegenomen zijn. Paragraaf 3.1 kijkt terug op de selectie van opgaven, zoals opgenomen in de NRD. De paragrafen daarna beschrijven de vijf opgaven die in dit OER onderzocht worden.

3.1

Trechtering naar relevante opgaven voor het OER Het omgevingsbeleid voor de komende jaren (Koers 2030) is in de Omgevingsvisie Sliedrecht onderverdeeld in drie hoofdpunten: 4. Werk maken van ruimtelijke vernieuwing 5. Werk maken van een veilige en inclusieve samenleving 6. Werken aan een ondernemend en betrokken Sliedrecht Binnen deze hoofdpunten zijn diverse opgaven en ontwikkelingen benoemt. In de NRD zijn deze opgaven op hoofdlijnen beoordeeld op de mogelijke effecten op de leefomgeving. Het doel van deze beoordeling is om de relevante opgaven voor het OER eruit te lichten. 

Centrale opgave voor het OER: Voor de opgave worden belangrijke effecten op de fysieke leefomgeving verwacht. Deze opgave staat centraal, hiervoor worden verschillende scenario’s (alternatieven) onderzocht.

Opgave wordt onderdeel van de scenario’s in het OER: Opgaven waar wel relevante effecten op de leefomgeving verwacht worden, maar waarvoor het niet direct noodzakelijk is om alternatieven op te stellen en af te wegen, worden meegenomen in de scenario’s van de centrale opgave.

Meenemen in de effectbeoordeling: Voor de opgave zelf worden geen ontwikkelingen met relevante effecten op de leefomgeving verwacht, maar het is wel een relevant onderdeel van de leefomgeving. Deze opgave komt terug in de effectbeoordeling.

De opgave speelt geen rol in het OER: Voor deze opgaven worden geen relevante ontwikkelingen of effecten op de leefomgeving verwacht.

De globale beoordeling in de NRD heeft geleid tot de volgende uitkomst: Centrale opgave in het OER (paragraaf 3.2):  Uitbreiding van de woningvoorraad Mee te nemen in de scenario’s (hoofdstuk 5):  Groen en water in stedelijk gebieden  Mogelijkheden voor elektrisch vervoer, fiets en OV  Nieuwe verbindingen Alblasserwaard en Merwede  Kansen voor waterberging in en rond het stedelijk gebied  De inpassing van openbare sport- en recreatievoorzieningen

Blad 19 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Mogelijkheden voor herontwikkeling, in de scenario’s voor ruimtelijke ontwikkeling Mee te nemen in de effectbeoordeling (hoofdstuk 7 en/of 9):  Huisvesting arbeidsmigranten en verduurzaming van deze huisvesting  Waterhuishouding in het buitengebied  Opgave voor energiegebruik en duurzame energie  Effecten van ruimtelijke ontwikkeling op bereikbaarheid en mobiliteit  Effecten van ruimtelijke ontwikkeling op veiligheid  Effecten op economie (werkgelegenheid, maritieme sector, centrumgebied e.d.) Niet opgenomen in het OER:  Gemeentelijk vastgoed  Verder bouwen aan en het verstevigen van het sociaal domein  Samenwerking in de regio op het gebied van doorontwikkeling van het sociale domein  Versterken van de gemeenschapszin, promoten van evenementen en faciliteren van initiatieven van inwoners, verenigingen en gemeenschappen De opgave om in Sliedrecht uitbreiding van de woningvoorraad te realiseren staat centraal. In de navolgende paragrafen zijn de opgaven verder toegelicht. Hoofdstuk 5 beschrijft de scenario’s die in dit OER onderzocht zijn.

3.2

De opgave voor woningbouw

3.2.1

Inleiding Voldoende en goede huisvesting is een belangrijk goed in Nederland. Voldoende woningen om iedereen onderdak te bieden is een grote maatschappelijke opgave. Daarnaast wil de overheid voorzien in voldoende woningen die aansluiten bij de wensen van woningzoekenden: woningen die passen bij de levensfase en -stijl van de huishoudens. Twee elementen spelen een belangrijke rol bij goede huisvesting: de omvang van het aantal woningen (kwantitatieve woningbehoefte) en de kwaliteit of het type van de woningvoorraad (kwalitatieve woningvoorraad). Zowel het aantal woningen als (de verdeling van) het type woningen van de woningvoorraad moet aansluiten bij de wensen van huishoudens en woningzoekenden: balans tussen vraag en aanbod. Onderzoek naar het functioneren van de woningmarkt vindt doorgaans op regionaal niveau plaats. De huidige woningvoorraad is in paragraaf 6.1.1 beschreven. Deze paragraaf richt zich met name op de toekomstige vraag en de daaruit volgende behoefte aan woningen.

3.2.2

Vraag en aanbod op de woningmarkt In oktober 2020 is in opdracht van gemeenten en woningbouwcorporaties onderzoek gedaan naar de stand van zaken en ontwikkelingen op de woningmarkt in de Drechtsteden3. Hierin zijn de

3 Woningmarktanalyse Drechtsteden, RIGO Research en Advies, oktober 2020

Blad 20 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

huidige woonsituatie en ontwikkelingen in de toekomst aan de hand van scenario’s in beeld gebracht. De gegevens voor de gemeente Sliedrecht zijn ontleend aan dit onderzoek.

Figuur 3.1 Schematische weergave van de woningmarktanalyse om de opgave te bepalen (bron: Woningmarktanalyse Drechtsteden)

In de woningmarktanalyse is de vraag naar woningen onderzocht door te kijken naar de wensen van starters en doorstromers. In figuur 3.2 – 3.4 is de vraag naar woningen vergeleken met het aanbod per prijsklasse en gebruiksoppervlak.

Figuur 3.2 Vraag en aanbod voor huurwoningen, verdeeld naar huurprijs per maand

Blad 21 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 3.3 Vraag en aanbod voor koopwoningen, verdeeld naar vraagprijs

Figuur 3.4 Vraag en aanbod van koop- (links) en huurwoningen (rechts), verdeeld naar gebruiksoppervlakte

Bij huurwoningen is er voornamelijk een tekort aan woningen met een huurprijs tussen de € 600 en € 700 per maand. Er is een overaanbod in het goedkoopste segment en in beperkte mate in het duurste segment. Qua oppervlakte is er een tekort aan grotere huurwoningen. Voor koopwoningen is in elk segment een tekort aan woningen. Bij de verdeling naar prijsklassen is vrijwel overal een tekort aan woningen, bij de verdeling naar oppervlakte concentreert dit tekort zich bij de grotere woningen (meer dan 100 m2). Dit kan verklaard worden doordat de woonwensen niet altijd aansluiten bij de marktprijzen. Mensen zoeken een grote woningen, die qua prijsklasse in het midden- of lagere segment vallen. Deze woningen zijn in de huidige woningmarkt eigenlijk niet beschikbaar en ook niet te realiseren. Woonmilieus Naast woningtypen is er ook onderscheid in woonmilieu. Woonmilieu is een term die gebruikt wordt om woonwijken en -buurten te kwalificeren naar stedelijkheid. Hierbij wordt onderscheid

Blad 22 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

gemaakt tussen de woningdichtheid, het aanbod aan voorzieningen en de ligging binnen het stedelijk gebied. In regionaal verband (Drechtsteden) is onderzoek gedaan naar de huidige woonmilieus en de wensen van inwoners. Hierbij is onderscheid gemaakt in vijf woonmilieus: 1. Centrum-stedelijk: Historische binnensteden en nieuwe stedelijke centra met een centrale ligging, hoge woondichtheid en voorzieningenniveau en functiemenging. 2. Suburbaan: Goed functionerende, bestaande woonwijken. Grotendeels monofunctioneel, meer met kleinschalige wijkgerichte winkelcentra. 3. Groen- en blauw-stedelijk: Wijken in het groen en/of aan het water met veel groen en minder voorzieningen. 4. Dorps: Suburbaan woonmilieu met een dorps karakter, ruim en groen van opzet. 5. Landelijk: Lage bebouwingsdichtheid in een overwegend groene omgeving binnen de komgrenzen en niet in de aangewezen groengebieden.

Figuur 3.5 Vraag en aanbod naar woonmilieus in de regio Drechtsteden

Uit het onderzoek blijkt dat er in de regio behoefte is aan centrum stedelijk, groen stedelijk en landelijk wonen. Centrum stedelijk betreft voornamelijk de vraag naar woningen in de stad Dordrecht, dit woonmilieu is niet van toepassing op Sliedrecht. Groen stedelijk en landelijk wonen zijn wel woonmilieus die passen bij Sliedrecht. Landelijk wonen kan gezien worden als wonen in het buitengebied, in dit geval in de polder. Op dit moment zijn binnen dit woonmilieu nauwelijks woningen beschikbaar in Sliedrecht. Van regionaal naar lokaal In de Woonbarometer van Provincie Zuid-Holland wordt de woningvoorraad, -productie en behoefte gemonitord. Ook hieruit blijkt dat de harde plancapaciteit (plannen in procedure) de komende drie à vier jaar achterblijft bij de vraag. Vanaf 2026 blijft de totale planvoorraad achter bij de regionale vraag. Hier wordt ook de zachte planvoorraad in meegerekend, plannen die nog in of voor het visietraject zitten.

Blad 23 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 3.6 Ontwikkeling van de geplande, gerealiseerde en gewenste woningvoorraad in de Drechtsteden tot 2030 (bron: Woonbarometer 2019, Provincie Zuid-Holland)

De regionale woningmarktanalyse vormt de basis om per gemeente invulling te geven aan de opgave. Elke gemeente heeft een eigen opgave voor woningbouw, die varieert qua woningtype en woonmilieu. De opgave voor de gemeente Sliedrecht is in een eerdere analyse4 bepaald. Tabel 3.1 Overzicht woningbouwplannen en gewenste toekomstige mutaties in de woningvoorraad (bron: Woningmarktverkenning Sliedrecht 2018, ABF Research)

4

Woningmarktverkenning Sliedrecht 2018, ABF Research

Blad 24 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

In dit onderzoek is rekening gehouden met de plannen die op dat moment in procedure waren. In de tussenliggende periode zijn diverse woningbouwplannen gerealiseerd of in procedure gebracht. Tegelijkertijd is de vraag naar woningen verder gestegen. De totale vraag naar woningen in de gemeente Sliedrecht ligt op moment van schrijven rond de 2.500 woningen.

3.2.3

Overzicht autonome woningbouwplannen In de voorgaande paragraaf is diverse keren benoemd dat er al woningbouwplannen in procedure zijn gebracht. Deze plannen wijzigen niet door het (nieuwe) beleid van de Omgevingsvisie. Deze ontwikkelingen zijn al vastgelegd in bestemmingsplannen en zijn daarom autonome ontwikkelingen, die ook zonder vaststelling van de Omgevingsvisie doorgang vinden. Door deze ontwikkelingen groeit de woningvoorraad in Sliedrecht de komende vijf jaar met ruim 600 woningen. De grootste ontwikkelingen vinden plaats bij de verdere realisatie van BaanhoekWest en de bouw van circa 200 woningen bij het Wilhelminakwartier. Daarnaast vinden er enkele kleinschalige woningbouwontwikkelingen plaats langs het dijklint.

Figuur 3.7 Autonome woningbouwontwikkelingen in de gemeente Sliedrecht

Ook na realisatie van de woningbouwplannen blijft er een opgave voor woningbouw bestaan. Deze plannen waren grotendeels al meegenomen in de analyses van de woningmarkt en het bepalen van de behoefte voor de komende jaren.

3.2.4

Ambities voor de woningbouwopgave Opgave samengevat  Op basis van de regionale behoefte ligt er een woningbouwopgave van ongeveer 2.500 woningen voor de komende tien jaar.  Er is met name behoefte aan grotere koopwoningen, verspreid over meerdere prijsklassen.  Voor huurwoningen is de behoefte beperkt.  Qua woonmilieu is er behoefte aan groen stedelijk en landelijk wonen.

Blad 25 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Ambities bij de opgave In de Omgevingsvisie zijn de volgende ambities voor deze opgave geformuleerd:  Geschikte en betaalbare huisvesting voor jongeren / starters;  Betere spreiding van typen woningen en woonmilieus over het dorp;  Flexibele en snelle woningbouw;  Voldoende levensloopbestendige woningen voor ouderen;  Voldoende passend woningaanbod voor kwetsbare inwoners.

3.3

Opgave voor groen en water Uitbreiding en verbetering van groen en water in Sliedrecht is een belangrijke opgave. Op basis van cijfers van de natuur en milieufederatie is Sliedrecht binnen de provincie Zuid-Holland de gemeente met de minste vierkante meters groen per inwoner (25,4 m2). Qua percentage groen staat de gemeente ook onderaan, met 4,5% groen in het bebouwd gebied. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat de kwaliteit en de beleving van het stedelijk groen niet optimaal is.

3.3.1

Huidige situatie en beleid Groen en water vervullen een belangrijke functie voor de leefomgeving. Het verbetert de uitstraling van het dorp (ruimtelijke kwaliteit) en de luchtkwaliteit, onder andere door opname van fijnstof, het zorgt voor verkoeling op zomerse dagen en vermindert wateroverlast bij hevige regen. Daarnaast levert groen en water een belangrijke bijdrage aan de natuurkwaliteiten in het dorp. Met het Groenbeleidsplan van 2015 zijn diverse plannen voor groen en water in gang gezet. De ontwikkeling van het Groenste Fietspad, ten zuiden van de A15 en het Prachtlint in de polder zijn voorbeelden van projecten die hier in benoemd zijn. Groenstructuur Sliedrecht In het groenbeleidsplan is de groenstructuur van Sliedrecht onderverdeeld in drie categorieën (zie figuur 3.8). De hoofdstructuur bestaat uit de groene zone aan de zuidkant van de A15, die varieert in breedte. Naar het zuiden zijn er enkele uitbreiding van parken zoals het Doctor Willem Dreespark, Burgemeester Feitsmapark en de moestuinen. Ook de begraafplaats is opgenomen in deze hoofdstructuur. De hoofdgroenstructuur is belangrijk voor heel de gemeente, het draagt bij aan de groenbeleving in Sliedrecht. Verspreid door het dorp zijn verschillende kleinschalige parken en groenstructuren aanwezig. De wijkgroenstructuren vervullen voornamelijk een wijkfunctie, groenbeleving in de nabije woonomgeving.

Het buurtgroen bestaat uit diverse plantsoenen en kleinschalige groenstructuren in de directe woonomgeving.

Blad 26 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 3.8 Groenstructuurkaart van de gemeente Sliedrecht

Water Naast groen speelt water ook een belangrijke rol in de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente. Bij water wordt onderscheid gemaakt tussen grondwater en oppervlaktewater. Het grondwater zit in de bodem, oppervlaktewater is het zichtbare water, zoals sloten, meren en rivieren. Oppervlaktewater vervult meerdere belangrijke functies voor de leefomgeving, onder andere:  Als waardevolle toevoeging voor natuurkwaliteiten;  Als verkoelende functie bij warme dagen;  Voor de regulering van grondwaterstanden. Water in combinatie met groen zorgt voor een aantrekkelijk leefgebied voor diverse planten en dieren. De afwisseling van sloten en groenstructuren kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de biodiversiteit in de gemeente. Net als groen zorgt water daarnaast voor verkoeling bij zomerse temperaturen. Wegzakkend grondwater (dalende grondwaterstanden) veroorzaakt problemen op verschillende terreinen. Voor natuur kan dit leiden tot verdroging en omvorming van natuurkwaliteiten en aantasting van bomen. Lagere grondwaterstanden veroorzaken ook bodemdaling, wat tot verzakkingen en schade aan gebouwen kan leiden. Bij huizen op houten funderingen kan grondwaterdaling leiden tot paalrot. Bij de beschrijving van bodem en water in de referentiesituatie is dit verder toegelicht. In figuur 3.9 is het percentage water per buurt te zien.

Hier is te zien dat het grootste gedeelte van de buurten een relatief laag percentage water kent. Met name het centrum gebied en de wijken direct ten zuiden van de A15 scoren laag.

Blad 27 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 3.9 Percentage water per buurt in de gemeente Sliedrecht (bron: www.klimaateffectatlas.nl)

3.3.2

De opgave voor groen en water De opgave voor groen en water bestaat uit verschillende elementen. Onder andere voor de inrichting en het onderhoud (maaibeheer) van openbaar groen zijn opgaven en uitgangspunten geformuleerd. Het OER kijkt met name naar de elementen die relevante effecten op de leefomgeving en/of de andere opgaven (kunnen) hebben. Het gaat dan om:  Groen in stedelijk gebied uitbreiden en verbinden met buitengebied:  Richtlijnen voor woningbouwopgave Groen verbinden met het buitengebied Door groenstructuren binnen het woongebied te verbinden met het buitengebied ontstaat een robuuste natuurstructuur. Het leefgebied van soorten wordt hiermee uitgebreid. Doordat de A15 en het spoor fysieke barrières vormen tussen het woongebied en het buitengebied, is het realiseren van deze verbindingen een complexe opgave. In paragraaf 3.3.4 komt dit ook terug. Richtlijnen voor woningbouwopgave In het groenbeleidsplan is voor de woningbouwopgave onderscheid gemaakt tussen inbreiding- en uitbreidingslocaties. 1. Inbreiding bebouwde kom: Hiervoor geldt dat in de eerste plaats gezocht wordt naar compensatie van groen binnen 200 meter van de oorspronkelijke locatie. Alleen als kwantitatieve compensatie niet haalbaar is, gelden verplichting voor kwaliteitsverbetering. Daarnaast moeten bestaande groene verbindingen ingepast en waar mogelijk- versterkt worden. 2.

Uitbreiding bebouwde kom: Groen moet een kernonderdeel van de leefomgeving zijn. Nieuw groen wordt opgenomen in de groenstructuren. Ook hiervoor geldt dat inpassing

Blad 28 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

van bestaande structuren verplicht is. Realiseren van nieuwe verbindingen binnen of bij uitbreidingslocaties moet onderzocht worden.

3.3.3

Ambities voor groen en water Opgave samengevat  Verbeteren van de groenverbinding met de Alblasserwaard  Uitbreiding van groen in het huidig woongebied  Verbetering van natuurkwaliteiten in bestaande groenstructuren Ambities bij de opgave  Beperken en voorkomen van nadelige gevolgen van grondwaterstand;  Behoud en ontwikkeling van kwaliteit en diversiteit van water en ecologie;  Beschermen van bestaande en toevoegen van nieuwe bomen;  Binnen 200 meter van elke woning een groene verblijfsplek.

3.4

Stimuleren van duurzame vervoersmiddelen

3.4.1

Huidige situatie In de Omgevingsvisie is het stimuleren van duurzame vervoersmiddelen een derde belangrijke opgave. Meer inzet op fiets, openbaar vervoer (OV) en elektrisch vervoer is nodig om te zorgen dat de gemeente in 2035 gebruik maakt van schone energie voor het vervoer. Verbetering van het fietsnetwerk en de bereikbaarheid van OV-voorzieningen moet opgepakt worden. Met de aanleg van voldoende laadpalen en een geschikt energienetwerk kan het aandeel elektrisch vervoer gestimuleerd worden. Bij de beschrijving van de referentiesituatie is het huidig fiets- en OV-netwerk beschreven (paragraaf 6.1.3). In deze paragraaf wordt ingegaan op het gebruik en de waardering van de voorzieningen. Verplaatsingen naar vervoerswijze (modal split) Om van de ene plaats naar de andere plaats te reizen (verplaatsingen) zijn er verschillende vervoersmiddelen beschikbaar. De bekendste zijn de auto, het OV en de fiets. Wandelen en carpoolen zijn eveneens vormen van verplaatsingen. De verdeling naar vervoerstypen wordt ook wel de modal split genoemd. Hoe het totaal aan verplaatsingen in Sliedrecht verdeeld is over de vervoersvormen is in figuur 3.10 weergegeven.

Blad 29 van 151

Omgevingseffectrapport Omgevingsvisie Sliedrecht projectnummer 0469221.100 26 augustus 2021 revisie 01 Gemeente Sliedrecht

Figuur 3.10 Verdeling van verplaatsingen naar vervoerstype van Sliedrecht, Zuid-Holland, Drechtsteden en Nederland

Het auto- en fietsgebruik ligt iets boven het landelijk en provinciaal gemiddelde en komt ongeveer overeen met het regionale gemiddelde. Het aandeel OV (bus en trein) is in Sliedrecht wel lager, met name het aandeel bus blijft achter. Uit cijfers van de klimaatmonitor blijkt dat het aandeel elektrische personenauto’s in Sliedrecht ongeveer 10% bedraagt, ten opzichte van 15% op landelijk niveau. Deelauto(systemen) zijn niet aanwezig in Sliedrecht. Waardering van voorzieningen De Fietsersbond monitort de kwaliteit en waardering van fietsvoorzieningen per gemeente. In figuur 3.11 is de score voor Sliedrecht ten opzichte van het landelijk gemiddelde weergegeven. Opvallende scores zijn de hoge score op stedelijke dichtheid en de 50 km/h-wegen. De inrichting van het wegennet en de fietspaden langs de grote wegen maken belangrijke voorzieningen zoals centrumgebieden en zorgfuncties goed en veilig bereikbaar. De lage score voor rotondes heeft te maken met de voorrangsregels binnen de bebouwde kom. Sliedrecht is een van de gemeenten in Nederland waar fietsers geen voorrang hebben op rotondes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/162/documents/2731