CConstaterende datSliedrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7 Collegewerkprogramma Gemeente Sliedrecht 2022-2026.pdf

Besluitvormend - Gemeenteraad Sliedrecht 8 november 2022, gemeente SliedrechtBij agendapunt: 4a: Algemene beschouwingen / Begroting 2023 – collegewerkprogramma 2023 – 202618.255 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

31

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

32

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

B3. W  e zetten in op een meer groen-blauwe, klimaatadaptieve inrichting van de buitenruimte In Sliedrecht gaan we aan de slag om de leefomgeving klimaatadaptief te maken. Hierbij gaan we inzetten op een meer groen-blauwe inrichting van de buitenruimte. We haken hierbij aan bij landelijke en regionale ontwikkelingen, waarbij de Regionale Adaptatie Strategie richtinggevend is. Daarnaast borgen we beleidsmatig normen en streefdoelen die passend zijn bij de minimale eisen uit het convenant klimaatbestendig bouwen voor nieuwbouw. Ook bij onderhoud en (her)inrichten van de openbare ruimte geven we zelf het goede voorbeeld via de uitvoering van het vigerende beleid, waaronder de omgevingsvisie, het groenbeleidsplan en het gemeentelijk rioleringsplan. Hierbij kan gedacht worden aan projecten en maatregelen zoals het aanbrengen van infiltrerende voorzieningen, het vergroten van waterberging, de toevoeging van grote bomen en meer ruimte voor water en groen. We stimuleren tevens de ketenpartners, ondernemers en inwoners tot een klimaatadaptieve inrichting van hun percelen en gebouwen.

B4. We maken het openbaar gebied in Sliedrecht schoon en aantrekkelijk, en houden dat ook zo Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt rekening gehouden met toekomstig beheer en onderhoud, klimaatadaptatie, duurzaamheid, gezondheid/beweging en ontmoeting. We willen dit borgen door het bepalen van normen en streefdoelen. Daarnaast krijgt het beheer en onderhoud een impuls door op een aantal locaties het kwaliteitsniveau te verhogen. We stellen hiervoor een aanpak op. Daarbij kijken we in ieder geval naar de entree’s van Sliedrecht en een aantal sociaaleconomisch kwetsbare buurten. Bij de entree’s werken we toe naar een uniforme beeldkwaliteit waarmee we ons visitekaartje afgeven. Waar mogelijk koppelen we mee in de ontwikkeling van de buurtagenda’s. Schoon en aantrekkelijk betekent ook dat wij aandacht hebben voor de afronding van het werk van derden in projecten. Aannemers en opdrachtgevers weten dat wij in Sliedrecht verwachten dat oplevering van werk betekent dat ook ‘de rommel is opgeruimd’.

B5. We zetten in op pro-actief beheer van de ‘assets’ in de openbare ruimte We willen voorbereid zijn op het Programma Ruimtelijke Vernieuwing en grip op onze ‘assets’ (riool, infrastructuur, meubilair, etc.) in de openbare ruimte. Dit doen we door het op orde brengen van de basis waardoor we zicht krijgen op het areaal, de staat ervan, welke werkzaamheden we te doen hebben (beheeropgave) in afstemming met onze ontwikkelopgave, wat daarvoor nodig is en de kosten daarvan. Daarnaast willen we met assetmanagement het beheer optimaliseren (balans tussen prestaties, risico’s en kosten) ten aanzien van het behalen van onze organisatiedoelen. Op basis hiervan kunnen we proactief beheren en kunnen we door slimmer te beheren ons geld inzetten waar dit het hardst nodig is. Ook kunnen we daarmee de opgaven uit het Programma Ruimtelijke Vernieuwing inpassen in onze beheeropgave. Als laatste willen we eisen en richtlijnen opstellen voor de inrichting, materialen en beeldkwaliteit in de openbare ruimte. Hiermee kunnen we zorgen dat ruimtelijke vernieuwing aansluit bij onze kwaliteitseisen en beheervoorwaarden.

B6. We blijven actief op het dossier Chemours/DuPont in de strijd tegen de uitstoot van PFAS en de gevolgen ervan voor de leefomgeving De afgelopen jaren hebben we ons actief ingezet op het dossier Chemours/DuPont. Dat heeft zijn vruchten afgeworpen. Naast dat de vergunningen van deze bedrijven, mede naar aanleiding van ons advies, scherper zijn geworden, heeft Sliedrecht samen met gemeenten Dordrecht, Papendrecht en Molenlanden de bedrijven aansprakelijk gesteld voor de schade van de vervuiling door de uitstoot van PFAS. Deze inzet zetten we door. Want we staan voor een veilige en gezonde leefomgeving voor onze inwoners.

33

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

Onze inzet is:

• Het juridisch traject waarin de bedrijven aansprakelijk zijn gesteld voor geleden en nog te lijden schade door de uitstoot voort te zetten; • De DCMR actief en kritisch te blijven adviseren over vergunningaanvragen van en vergunningverlening aan de bedrijven; • Milieu- en gezondheidskundige onderzoeken, zoals het moestuinonderzoek, te blijven uitvoeren als die leiden tot handelingsperspectief voor onze inwoners en ondernemers; • Het regionaal bodembeleid, waarvan (de omgang met) PFAS bij grondverzet een onderdeel is, samen met de andere gemeenten in Zuid-Holland Zuid te actualiseren. • Samen met de gemeenten Dordrecht, Papendrecht en Molenlanden op te trekken om te staan voor ‘0 uit de pijp’.

C. In 2026 is door investeringen in besparen, opwekken en de warmtevraag de CO2 uitstoot en het gebruik van fossiele energie (fors) verminderd Mede vanwege de ontstane energiecrisis komen er in deze collegeperiode versneld middelen beschikbaar vanuit het Rijk. Een deel daarvan is specifiek beschikbaar voor de aanpak gericht op energiearmoede, een aanpak gericht op koopwoningen met lage energielabels en ter versterking van de organisatie om meer initiatieven te stimuleren. De middelen zijn bovendien beschikbaar om te starten met wijkuitvoeringsplannen gericht op het aardgasvrij maken van woningen. Dit helpt ons om de verduurzaming van Sliedrecht en de verdere uitrol van het warmtenet te versnellen. Een belangrijk punt omdat we deze ingrepen in de kern van Sliedrecht daardoor gereed hebben vóórdat de omvangrijke projecten uit het Programmaplan Ruimtelijke Vernieuwing tot uitvoering worden gebracht. Dit voorkomt dat dit straks gelijktijdig loopt en tot extra overlast voor de inwoners leidt.

C1. In 2030 is het energieverbruik in Sliedrecht met 20% afgenomen Door de sterke stijging van de energielasten neemt ook in Sliedrecht het aantal huishoudens met energiearmoede toe. Met de kick-off aanpak energiearmoede is een start gemaakt met het in kaart brengen van deze groep in Sliedrecht. Bij deze groep worden kleine besparende maatregelen aangebracht en energieadvies gegeven. Samen met Tablis Wonen en partners zoals het Bonkelaarhuis, de Voedselbank en de gezamenlijke kerken zal een meerjarige aanpak om de energiearmoede tegen te gaan vorm krijgen. Afspraken over het verduurzamen van lage energielabel huurwoningen zijn hierbij een belangrijk onderdeel. Voor koopwoningen met lage energielabels zal een bijdrage uit het Nationaal Isolatieprogramma gevraagd worden die wijk-/buurtgericht wordt ingezet.

C2. In 2026 zijn we succesvol in het opwekken van duurzame energie Dit doen we door het sluiten van een Greendeal met Sliedrechtse ondernemers en de Rabobank, waarbij we 80% van de daken van de Nijverwaard, het Stationspark en het Noord-Oostkwadrant van zonnepanelen voorzien. We faciliteren de energiecoöperatie met het benutten van daken van maatschappelijk vastgoed (De Stoep, bieden de mogelijkheid om mee te investeren op de daken binnen de Greendeal en als initiatiefnemer bij zon-op-land initiatieven. Met Tablis Wonen worden afspraken gemaakt over het versneld benutten van hun daken voor zonnepanelen. In deze collegeperiode ontwikkelen we de Driehoek tot een ‘energy-hub’ met zonneveld, geothermie, hoogspanningsstation en mogelijk door ondernemers gewenste waterstof-productie. Waarmee we industriële processen kunnen verduurzamen. We zijn terughoudend met het ontwikkelen van zon-op-land initiatieven op andere locaties dan de Driehoek, maar geven wel invulling aan de afspraken uit de RES 1.0.

34

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

C3. De afhankelijkheid van gas voor warmtevoorziening wordt gestaag verminderd Dit doen we door het warmtenet uit te breiden en door te ontwikkelen. In 2026 zijn er minimaal 2.500 woningen op het warmtenet aangesloten en wordt het net duurzaam gevoed met warmte uit de slibverbrandingsinstallatie. Hierdoor zetten we forse stappen m.b.t. de noodzakelijke CO2-reductie en bieden we inwoners wooncomfort voor een redelijke prijs. De bijkomende stikstofreductie is een belangrijke component om de projecten uit het programmaplan te realiseren. In wijkuitvoeringsplannen worden afspraken met inwoners en ondernemers gemaakt over het verduurzamen van hun woningen of panden. Bij 1000 woningen zijn daardoor forse besparingen gerealiseerd en/of is er sprake van een hybride of all-electric warmteoptie. Om inwoners optimaal te ondersteunen en activeren, ontwikkelen we in samenwerking met Sliedrechtse ondernemers een ‘energie-dienstenwinkel’. Dit wordt een plek waar we met inwoners ‘keukentafel-gesprekken voeren en alle benodigde informatie en hardware aanwezig is. Leveranciers kunnen de diverse opties doorrekenen, toelichten en tonen. Een pilot hiervoor start in het vierde kwartaal van 2022.

D. In 2026 is de mobiliteit in Sliedrecht veilig en verduurzaamd, waarbij de fiets(infrastructuur) prioriteit heeft De bestaande ontsluitingswegen in Sliedrecht zijn overbelast, het zware verkeer rijdt (deels) dwars door Sliedrecht. Om dit aan te pakken richten we ons op het investeren in nieuwe verbindingen, waarbij de noord-zuid verbinding over de A15/spoor prioriteit heeft. Ook kijken we naar het opwaarderen van bestaande verbindingen zodat een betere en veiligere verkeercirculatie ontstaat voor al het verkeer. Daarbij leggen we de nadruk op de fiets- en wandelinfrastructuur en het OV, maar realiseren we ons ook dat een goede doorstroming van auto’s en transport belangrijk is voor een veilige leefomgeving. Uitgangspunt is duurzame mobiliteit stimuleren volgens het STOMP-principe (Stappen, Trappen, OV, Mobiliteit als een service en de Particuliere auto). De inzet op duurzame mobiliteit is bovendien relevant als het gaat om het beperken van uitstoot en een actieve leefstijl. De elektrische fiets biedt bijvoorbeeld steeds meer mogelijkheden voor (een deel van) de inwoners. Dit vraagt wel goede en veilige fietsverbindingen en bijbehorende voorzieningen. Verbindingen waar we juist deze collegeperiode in willen investeren zodat ze klaar zijn als de ‘verbouwing’ van de gemeente start. Tijdens de werkzaamheden is de fiets namelijk hét vervoersmiddel om door Sliedrecht te bewegen.

Aanvullend liggen er kansen om het openbaar vervoer te versterken, elektrisch rijden te faciliteren (o.a. voldoende laadpalen) en nieuwe mobiliteitsconcepten te onderzoeken (deelauto’s, mobiliteithubs met centrale parkeervoorzieningen waardoor we het wegennet ontlasten). Maar ook het reduceren van vervoersbewegingen door meer thuis te werken of files te mijden draagt daaraan bij.

D1. Verbinding over A15 en het spoor: ontsluiting binnenstedelijk én Sliedrecht-Noord De aanleg van een nieuwe groen-grijze verbinding over de A15 en het spoor is dringend gewenst voor een betere ontsluiting van Sliedrecht. Zowel voor het binnenstedelijk gebied als voor het nieuw te ontwikkelen Sliedrecht Noord. De komende jaren staan in het teken van uitwerking van het stedenbouwkundig ontwerp en het financiële aspect. Verdere planvorming wordt opgepakt aan de hand van drie varianten: een tunnel, een smal viaduct en een breed parkachtig viaduct. De toekomst van de Lockhorst is onderdeel van deze planvorming. Bovendien zijn, in combinatie met het ecoduct, infrastruc-

35

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

turele investeringen noodzakelijk als het gaat om de kruising Sportlaan – N482, de Stationsweg en de Parallelweg / Sportlaan. De nieuwe verbinding maakt het namelijk mogelijk ook deze verkeersaders te versterken. Om dit alles mogelijk te maken komt er een plan ten behoeve van het financieringsvraagstuk. Ook hier loont het om samen een plan te maken gebruik te maken van de MLL-alliantie en Smart Delta Drechtsteden om de kansen op extra middelen kennis en expertise vanuit provincie en Rijk te vergroten

D2. De fietsinfrastructuur wordt versterkt en veiliger gemaakt Om dit te realiseren gaan we een uitvoeringsprogramma opstellen op basis van de uitgevoerde risicoanalyse ten aanzien van verkeersveiligheid. Focus ligt op de fietsveiligheid van de huidige 50 km wegen en de meest belangrijke 30 km wegen in Sliedrecht. Aanvullend werken we aan een verkeerscirculatieplan waarin we de belangrijkste fietsen autoverbindingen opnemen en de daarbij horende wensen. Het realiseren van ontbrekende schakels in het fietsroutenetwerk is daarbij van belang. Evenals het leveren van een bijdrage aan de realisatie van de provinciale snelfietsroute tussen Papendrecht en Gorinchem (F15). Tot slot hoort bij het stimuleren van fietsverkeer ook het creëren van faciliteiten daarvoor (zoals fietsenstallingen). De nieuwe wijken worden autoluw ingericht.

D3. We stimuleren duurzame mobiliteit Wat betreft het gemotoriseerde verkeer doen we dit door het vaststellen van een laadvisie met daarin een goede mix van laadfaciliteiten. Commercieel snelladen op enkele pleinen. Regulier opladen bij laadpalen in winkelgebieden, op bedrijventerreinen en in de eigen buurt, privaat laden en beperkt verlengd privaat laden. Om de transitie van fossiel naar elektrisch te enthousiasmeren zal de laadinfrastructuur deels pro-actief worden aangelegd. Voor logistiek en transport is de verwachte vraagontwikkeling in kaart gebracht en met Stedin afgestemd. Het openbaar vervoer is uiteraard ook een belangrijk onderdeel. Wat betreft de Waterbus stimuleren we een beter gebruik door de ‘first & last mile’ beter te verzorgen en het ponton een upgrade te geven. Via de MLL alliantie werken aan het versterken van de Merwede Lingelijn. Aan de ene kant door de faciliteiten te versterken. Denk aan parkeerruimte, fietsenstallingen en deelmobiliteit (auto, scooter en fiets). Aan de andere kant door de potentiele vraag te vergroten via woningbouwplannen in de Spoorzone. Voor Sliedrecht Noord liggen er daarom kansen om, gezien de ligging nabij het station, met nieuwe mobiliteitsconcepten de wijken/buurten in te richten. Concepten die gericht zijn op duurzame mobiliteit. In de verdere planvorming gaan we hier uitdrukkelijk naar kijken.

En dit geldt ook voor binnenstedelijke projecten. Bijvoorbeeld bij de herstructurering in Sliedrecht Oost.

E. In 2026 is er vanuit de provincie en Rijk draagvlak om Sliedrecht Noord te ontwikkelen en hebben we voldoende fondsen geworven voor de uitvoering van het Programmaplan, de energietransitie en de bereikbaarheidsopgave in de periode 2026-2030 Het Programmaplan ruimtelijke vernieuwing kan niet enkel door Sliedrecht worden gerealiseerd. De doelstellingen sluiten aan op de doelstellingen van de buurgemeenten: (1) versterking van de mobiliteitsfunctie van de MLL door woningbouw langs de HOV-knooppunten en (2) accommoderen van economische groei in de Drechtsteden met geschikte woningbouw. Het is zinvol om pro-actief in te zetten op de MLL-alliantie en de Smart Delta Drechtsteden. Beide ‘tafels’ bieden een kapstok voor lobby (voor medewerking, toestemming en geld) bij provincie en rijk. Hier kunnen we lokaal van profiteren (ruimtelijke ontwikkeling vindt lokaal plaats), maar het vergt wel daadkrachtige sturing vanuit de eigen ambitie en inzet. Het helpt daarbij dat de plannen van Koers 2030 aansluiten bij de ambities van de Rijksoverheid als het gaat om woningbouw, versterken spoorzonen en verduurzaming. Dit kunnen en mogen we niet onbenut laten.

36

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

E1. Sliedrecht en haar plannen staan nadrukkelijk ‘op de kaart’ bij onze partners en (hogere) medeoverheden Samenwerking is nodig om Koers 2030 te realiseren. Dit betekent dat onze agenda en onze plannen bekend moeten zijn bij de partners die we nodig hebben. En ook dat kunnen we niet alleen. De samenwerking met Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam en Dordrecht in de MLL Alliantie laat zien dat je elkaar kunt versterken. Daar moeten we mee door. Onder meer om onze opgave goed in een regionale propositie te laten landen die voor de lobby ingezet kan worden richting Provincie, Rijk, Waterschap en ook Brussel. Een ontwikkel opgave overigens die nauw aansluit op de Rijksambities voor woningbouw. De Smart Delta Drechtsteden samenwerking biedt ruime mogelijkheden voor een kansrijke lobby. Er zijn bovendien nog meer thema’s die geschikt kunnen zijn om meervoudig lokaal op te pakken. We zoeken daarom actief de samenwerking op met onze buurtgemeenten. Maar ook met het bedrijfsleven bijvoorbeeld. We zetten in op een samenwerkingsagenda met aanvullende meervoudig lokale initiatieven. Uitgangspunt is op basis van inhoud, gedeeld belang en flexibiliteit dit vorm te geven.

E2. We maken actief werk van het binnenhalen van subsidies en ‘deals’ Het op de kaart zetten van Sliedrecht heeft uiteindelijk ook als doel om kans te maken op subsidies en ‘deals’ (zoals de regiodeal). Op het gebied van de woningbouw, energietransitie en mobiliteit zijn er veel mogelijkheden. Dit vraagt aan de voorkant een strategische aanpak. Je moet immers op het juiste moment ‘klaar staan’ met plannen en projecten om een succesvolle aanvraag te doen. Dit betekent dat we structureel zicht moeten hebben op de mogelijkheden die er zijn en vooral op die eraan zitten te komen. Ook dit vraagt regionale samenwerking. Bijvoorbeeld om gebruik te maken van de kennis en het netwerk van de mensen binnen de Smart Delta Drechtsteden. Maar uiteraard ook door hier zelf scherp op te sturen.

37

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

38

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

5.

39

Werken aan een ondernemend en betrokken Sliedrecht

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

Sliedrecht is een ondernemersdorp pur sang met een karakteristiek ondernemersklimaat en veel sociale verbondenheid. Er is voor iedereen genoeg te doen. De bedrijven(terreinen) zijn vitaal en we hebben een levendig centrum. Dit is de visie op een ondernemend en betrokken Sliedrecht in Koers 2030. Belangrijke thema’s zijn het benutten van de kracht van de samenleving, het integraal ontwikkelen van sport, cultuur en recreatie en te zorgen voor vitale bedrijventerreinen en een levendig centrum. De afgelopen periode hebben we de handschoen opgepakt samen met ondernemend Sliedrecht, de sport- en cultuursector en de inwoners. In tijden van corona en de daarbij horende maatregelen viel dat niet altijd mee. Toch zijn er goede resultaten geboekt zoals een nieuwe Economische Visie, een cultuurnota, een lokaal sportakkoord en een recreatievisie. Er ligt daarmee een solide basis om hier verder uitvoering aan te geven.

ONDERNEMEND & BETROKKEN SLIEDRECHT SPEERPUNTEN COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026 De komende bestuursperiode zetten we in op de volgende speerpunten: A. In 2026 hebben we samen met ondernemend Sliedrecht uitvoering gegeven aan de Economische Visie. B. In 2026 hebben we een stap vooruitgezet in optimaal ruimtegebruik voor bedrijven. C. In 2026 bruisen de winkelgebieden in Sliedrecht en zijn ze (nog) verder opgeknapt. D. In 2026 is ons lokale onderwijs verstevigd, in aansluiting op de maatschappelijke en arbeidsmarktontwikkelingen E. In 2026 hebben we sterke samenwerkingsstructuren van ondernemers, (sport) verenigingen en maatschappelijke organisaties, die een passend aanbod van voorzieningen heeft gecreëerd en is de bekendheid hiervan vergroot.

A. In 2026 hebben we samen met ondernemend Sliedrecht uitvoering gegeven aan de Economische Visie Samen met de ondernemers hebben we een nieuwe Economische Visie 2021-2030 opgesteld, die tal van ambities bevat om de lokale economie nog beter te laten functioneren. Uitgangspunt is de algemene versterking van het vestigingsklimaat. Prioritaire thema’s zijn vitale werklocaties en slim ruimtegebruik, innovatie, verduurzaming en digitalisering, arbeidsmarkt-onderwijs en bereikbaarheid. De visie – en de ondernemers zelf – vragen voor de nieuwe collegeperiode niet om weer nieuwe plannen, maar om uitvoering. We realiseren daarom de volgende zaken.

A1. We zetten per 2023 een gemeente-breed ondernemersfonds op, voor en door ondernemers Ondernemend Sliedrecht heeft samen met de gemeente de Economische Visie opgesteld en wil nu ook met de gemeente aan de slag met de uitvoering. Daarvoor ontbreekt echter nu nog structuur en een financiële basis. In navolging van zo’n 50 andere gemeenten, richten we daarom per 2023 een “ondernemersfonds Sliedrecht” op: de gemeente verhoogt de OZB voor alle niet-woningen met een bepaald bedrag en keert

40

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

dit als subsidie uit naar een nieuwe Stichting Ondernemersfonds Sliedrecht. Voor de uitvoering sluiten de gemeente en de stichting een convenant. Ondernemend Sliedrecht (inclusief non-profit) zal middels deze stichting zelf het ondernemersfonds beheren en jaarlijks inzetten te bate van ondernemend Sliedrecht.

A2. Als gemeente en in samenwerking met onze regio (via DEAL) hebben we een actief accountmanagement richting Sliedrechtse bedrijven Voor het ruimtelijke vraagstuk werken we actief samen met onze Smart Delta Drechtsteden partners ROM-D en DEAL in de regio, en kunnen we meer inzetten op gebiedsmanagement en accountmanagement om met bedrijven integraal te kijken naar (schuif) kansen en het creëren van ruimte voor bedrijven.

A3. We werken aan verduurzaming van de Sliedrechtse bedrijventerreinen Dit doen we door het sluiten van een Greendeal met Sliedrechtse ondernemers en de Rabobank, waarbij het streven is om 80% van de daken van de Nijverwaard, het Stationspark en het Noord-Oostkwadrant van zonnepanelen te voorzien.

A4. In de Smart Delta Drechtsteden zetten we ons actief in op innovatie en versterking van het maritieme cluster Innovatie en de versterking van het maritieme cluster zijn voorbeelden van onderwerpen die we alleen regionaal kunnen oppakken, waarvoor we actief en strategisch samenwerken in de Smart Delta Drechtsteden. Ambtelijk en bestuurlijk participeren we hiervoor actief in de inhoudelijke ontwikkeling en uitvoering van de regionale economische agenda, in het verlengde van de Groeiagenda en de Regiodeal. Vanwege het belang van het maritiem-industriële cluster voor Sliedrecht, pakken we ambtelijk en bestuurlijk en actieve rol op de regionale inzet voor innovatie en verduurzaming van deze bedrijfstak, waarbij we dit ook koppelen als ons profiel als “bakermat van de baggerindustrie” en de hedendaagse deltatechnologie.

B. In 2026 hebben we een stap vooruitgezet in optimaal ruimtegebruik voor bedrijven Ruimte is schaars voor alle ruimtevragers, maar zeker ook voor bedrijvigheid. Daarom moeten we slim opgaan met de werklocaties die we hebben, die optimaal benutten en de kwaliteit verhogen. In de komende jaren hebben we het nog te doen met de bestaande bedrijventerreinen, dus moeten we werk maken van (her)ontwikkeling van de laatste braakliggende (private) locaties, zowel aan de oevers als landinwaarts, en moeten we samen met bedrijven in kaart brengen waar bedrijfsruimte te kort is of juist overschot bestaat, zodat we kunnen woekeren met de ruimte die we nu hebben. Tegelijkertijd koersen we voor de toekomst op het toevoegen van bedrijfsruimte op de locatie van de huidige sportvelden.

B1. We realiseren parkmanagement en gebiedsbeheer op alle Sliedrechtse bedrijventerreinen Om de kwaliteit van de Sliedrechtse bedrijventerreinen te behouden en te verbeteren, realiseren we – in combinatie met het ondernemersfonds – parkmanagement c.q. gebiedsbeheer voor alle Sliedrechtse bedrijventerreinen.

B2. We zetten in op (her)ontwikkeling van verouderde terreinen of nietontwikkelde locaties Voor verouderde terreinen of locaties die nog niet zijn ontwikkeld gaan we actief inzetten op (her)ontwikkeling, samen met de ROM-D en in gesprek met de private eigenaren.

B3. We bereiden de ontwikkeling van Stationspark III voor inclusief een strategisch uitgiftekader Na de verplaatsing van de sportvelden komt in de toekomst ruimte vrij voor een nieuw bedrijventerrein (werktitel Stationspark III). In deze collegeperiode ontwikkelen we

41

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

42

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

alvast een duidelijk uitgiftekader, zodat we deze ruimte kunnen inzetten in lijn met de Economische Visie, ten bate van lokale bedrijven en ter versterking van de prioritaire sectoren in Sliedrecht.

C. In 2026 bruisen de winkelgebieden in Sliedrecht en zijn ze (nog) verder opgeknapt De afgelopen jaren is al veel werk gestoken in het versterken van de drie grotere winkelgebieden in Sliedrecht: het Burgemeester Winklerplein, de Kerkbuurt en de Woonboulevard. Die opgave is echter nog niet af en vraagt ook de komende jaren nog volle aandacht.

C1. Structureel centrummanagement op de Kerkbuurt Om de stijgende lijn op de Kerkbuurt vast te houden en de goede samenwerking tussen ondernemers en met de gemeente te borgen, geven we het centrummanagement op de Kerkbuurt een structurele basis.

C2. De Leeghwaterstraat als hoofdstraat van de Woonboulevard wordt opgewaardeerd We geven in 2023, als civiel project in combinatie met rioleringswerkzaamheden, uitvoering aan de opwaardering van de Leeghwaterstraat als hoofdstraat van de Woonboulevard. Daarmee zorgen we voor meer uitstraling, een hogere verblijfskwaliteit en een duidelijker onderscheid van het winkelgebied met het industrieterrein.

C3. We geven verder uitvoering aan de herontwikkeling van het Burgemeester Winklerplein We geven deze collegeperiode uitvoering aan het raadsbesluit van december 2021 en starten met de uitvoering van de vernieuwing en herinrichting van dit gebied.

C4. We verruimen de zondagsopenstelling conform het Hoofdlijnenakkoord 2022-2026 We verruimen de zondagsopenstelling voor winkels ten noorden van de A15, conform het hoofdlijnenakkoord 2022-26. Voor de supermarkten nemen we de (financiële) effecten van zondagsopenstelling mee in het reguliere koopstromenonderzoek.

D. In 2026 is ons lokale onderwijs verstevigd, in aansluiting op de maatschappelijke en arbeidsmarktontwikkelingen Samen met het onderwijs, kinderopvang en maatschappelijke partners werken we aan inclusiever onderwijs, waarin kinderen naar vermogen mee kunnen doen en tot bloei kunnen komen. We vinden het belangrijk dat zoveel mogelijk kinderen in hun eigen leefomgeving naar school kunnen en maximale kansen krijgen om zichzelf te ontwikkelen.

D1. We hebben zicht op onze toekomstige opgave voor onderwijshuisvesting We vinden het belangrijk dat alle kinderen in Sliedrecht goed en inclusief onderwijs kunnen volgen. Naar verwachting zal het aantal kinderen in Sliedrecht de komende jaren nog (verder) toenemen. Om onze wettelijke taak ten aanzien van onderwijshuisvesting planmatig en toekomstbestendig uit te kunnen blijven voeren, zullen we een nieuw Integraal Huisvestingsplan op laten stellen, gebaseerd op nieuwe leerlingenprognoses.

D2. We zetten in op het kapitaliseren van de maatschappelijke waarde van bedrijven voor Sliedrecht We vinden het belangrijk dat zoveel mogelijk mensen in Sliedrecht naar vermogen meedoen. We zien hierin ook een belangrijke rol voor bedrijven in Sliedrecht weggelegd. We willen inzetten op meer lokale stage- en leerwerkplaatsen. Tijdens de werkbezoeken aan bedrijven zullen onze maatschappelijke opgaven en sociale ambities daarom ook

43

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

nadrukkelijker een onderwerp van gesprek zijn om zo de maatschappelijke waarde van bedrijven voor Sliedrecht te vergroten en te kapitaliseren. Hierin ligt een belangrijke opgave voor ons bedrijvenaccountmanagement, als schakelfunctie tussen de gemeente en bedrijven. In dit kader is ook de aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven (arbeidsmarkt) van belang. Dit vraagt om voortdurende aandacht en betrokkenheid, in lijn met onze inzet van de afgelopen jaren op onder meer de Zorg- en Techniekroute.

E. In 2026 hebben we sterke samenwerkingsstructuren van ondernemers, (sport)verenigingen en maatschappelijke organisaties, die een passend aanbod van voorzieningen heeft gecreëerd en is de bekendheid hiervan vergroot Structuur is cruciaal als basis voor een gezamenlijke en slagvaardige inzet door ondernemers en met de gemeente. Zo’n samenwerkingsstructuur ontstaat meestal niet vanzelf: juist hierin kan de gemeente toevoegde waarde bieden als netwerkregisseur of bouwer van een platform. Dit geldt niet alleen voor ondernemend Sliedrecht, maar evengoed voor de recreatieve sector, sport en cultuur. Door als gemeente de ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties een samenwerkingsstructuur met eventueel een financiële basis te bieden, kunnen zij in hun rol ondernemen en werken aan een optimaal aanbod van voorzieningen. Zo ontstaat er een “wederkerig partnerschap” waarin de ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties allereerst elkaar en vervolgens ook inhoudelijke samenwerking met de gemeente versterken. We vinden het belangrijk dat er in een optimaal aanbod van voorzieningen wordt geïnvesteerd, omdat sportieve, culturele en recreatieve voorzieningen niet alleen bijdragen aan levendigheid in ons dorp, maar ook het sociale bindmiddel van onze samenleving zijn. Het draagt bij aan ontmoeting, verbinding en veerkracht.

Hiermee dragen we bij aan de maatschappelijke ambities, zoals opgenomen in de opgave Veilig & Inclusief. Een optimaal voorzieningenaanbod vraagt ook wat van ons als gemeente. Bijvoorbeeld als er gebruik wordt gemaakt van gemeentelijk vastgoed. Het vastgoed is daarbij dienend aan beleidsmatige doelen. Dat vergt keuzes en prioritering als het gaat om de invulling en investeringen. Ook in relatie met andere ontwikkelingen in onder meer het ruimtelijke domein.

E1. We blijven culturele organisaties en sportverenigingen ondersteunen om (meer) samen te werken en in gezamenlijkheid initiatieven te ontplooien en de bekendheid hiervan te vergroten De afgelopen jaren is door Sliedrechtse sportverenigingen uitvoering gegeven aan het Lokaal Sportakkoord, wat heeft geleid tot meer samenwerking tussen de lokale sportverenigingen, het onderwijs en maatschappelijke organisaties. We blijven daarom het Lokaal Sportakkoord ondersteunen en faciliteren hen waar nodig zodat deze samenwerking zich verder kan ontwikkelen. We zorgen ook voor een goede verbinding tussen cultuur-, sport- en recreatiepartijen en het ondernemersfonds dat vanaf 2023 operationeel wordt, zodat cultuur, sport en recreatie onderling en in samenwerking met ondernemend Sliedrecht nieuwe initiatieven kunnen ontplooien en nieuw aanbod kunnen ontwikkelen. Het nieuw op te richten ondernemersfonds per 2023 biedt hiervoor een netwerk, gespreksplatform en financiële kans. Een belangrijk aandachtspunt is het zorgen voor bekendheid van (cultuur-, sport- en recreatie) voorzieningen, activiteiten en initiatieven voor inwoners én dagjesmensen. Waar kun je dingen in Sliedrecht beleven, doen en zien? Dat is niet vanzelfsprekend zichtbaar – online en in de fysieke buitenruimte van Sliedrecht.

Door het versterken van de zichtbaarheid te stimuleren kun je wijken van Sliedrecht beter met elkaar verbinden

44

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

(bijvoorbeeld de woonboulevard met bijvoorbeeld de Kerkbuurt) en tevens mensen langer aan Sliedrecht (ver)binden. Daarnaast zorgt bekendheid over voorzieningen, activiteiten en initiatieven voor een groter gebruik van voorzieningen en meer sociale reuring in het dorp tijdens activiteiten en initiatieven.

E2. We verbinden sport, cultuur en recreatie met een veilig en inclusief Sliedrecht en ruimtelijke vernieuwing Sport, cultuur en recreatie zijn uiteraard op zichzelf belangrijke sectoren. We zien daarbij echter veel parallellen met de kernopgaven veilig en inclusief Sliedrecht en ruimtelijke vernieuwing. Onder meer als het gaat om een gezonde leefstijl, ontmoeting en bewegen in de buitenruimte, sociale netwerken, talentontwikkeling, etc. Voor iedereen, maar juist ook voor kwetsbare inwoners kunnen sport, cultuur en recreatie vanuit een positieve invalshoek een gunstige bijdrage leveren aan hun welzijn en veerkracht. Denk aan sport, maar ook de bibliotheek is een mooi voorbeeld op het gebied van o.a. taalvaardigheid, digitalisering en ontmoeting. Vanwege die integraliteit sturen we actief op de ontwikkeling van het sportief, cultureel en recreatief aanbod in de projecten en plannen die we als gemeente vanuit onze kernopgaven initiëren of die andere initiatiefnemers bij ons indienen. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van de “tuinen van Sliedrecht”, Sliedrecht Buiten, het Raadhuis en de Wonder of Water Experience (zie hierna).

De ruimtelijke ontwikkeling opgaven in Sliedrecht bieden een mooie kans om bij de (her)inrichting maximale kansen te benutten om bewegen/sporten aantrekkelijk te maken door middel van bijvoorbeeld mooie wandel- en fietspaden en buitensportvoorzieningen. Tevens biedt de ontwikkeling van Sliedrecht Noord kansen om (waar mogelijk watergebonden) recreatie een plek te geven. Ten slotte hechten wij waarde aan het hebben van een zwembad in Sliedrecht. We vinden het belangrijk dat er ruimte is voor de (zwem)verenigingen en zwemlessen in Sliedrecht. De stijgende energieprijzen, de ruimtelijke ontwikkelingen in Sliedrecht en de aflopende exploitatietermijn (aanbesteding) noodzaken ons echter om keuzes te maken over de toekomst van het zwembad.

E3. Gemeentelijk vastgoed wordt benut om de beleidsmatige doelstellingen van Koers 2030 te realiseren De ontwikkeling en gebruik van het gemeentelijk vastgoed gaan we beter aansluiten op de beleidsmatige doelstellingen van Koers 2030. In een strategisch plan wordt dit verder uitgewerkt. Daarin kijken we onder meer naar de huidige vastgoedportefeuille (en het gebruik ervan) en confronteren we dat met Koers 2030 en de behoeften vanuit de samenleving. Het resultaat is een plan van aanpak inclusief afwegingskader hoe we het vastgoed optimaal kunnen benutten.

E4. We faciliteren de ontwikkeling van de Wonders of Water Experience Wij zijn overtuigd van de kansen voor de ontwikkeling van de Wonders of Water Experience (WEX) op toeristisch, economisch en educatief gebied. De WEX behelst meer dan een leisure-centrum, maar is ook waardevol als verrijking van het onderwijs, voor stimulering van nieuwe innovatieve bedrijvigheid en als een ontmoetingsplaats voor het waterbouwkundige bedrijfsleven. Met de realisatie van de WEX wordt onderstreept dat Sliedrecht het centrum is van de innovatieve Nederlandse waterbouw. Naast het faciliteren en het beoordelen van de ruimtelijke ontwikkeling, zullen wij ons ook richten op de toeristische, onderwijskundige en economische meerwaarde van het initiatief. Het Nationaal Baggermuseum blijft aan zet om het initiatief samen met het bedrijfsleven door te ontwikkelen naar een zelfstandig exploiteerbaar centrum.

45

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

46

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

6.

47

Een slagvaardige organisatie

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

In Koers 2030 is een slagvaardige organisatie een randvoorwaarde voor de drie inhoudelijke kernopgaven. Als we de ambities willen realiseren is een stabiele, flexibele, lerende en opgavegerichte organisatie noodzakelijk. Een organisatie die mee kan bewegen met de veranderingen en ontwikkelingen in de gemeente en de maatschappij. Die voorziet in behoeften vanuit de samenleving en meedenkt en meewerkt aan goede initiatieven. En waar met plezier wordt samengewerkt met en voor de Sliedrechtse samenleving.

In 2020 zijn we gestart met het versterken van de basis. Via ontwikkeltafels hebben we inzichtelijk gemaakt hoe we ons het beste kunnen organiseren. Op grond daarvan is in 2022 een belangrijke stap gezet met het vormgeven van een nieuwe organisatiestructuur. Een structuur die inzet op integraal en opgavegericht werken, op eigenaarschap en op heldere taak- en rolverdelingen. Met de verdere implementatie gaan we al werkenderwijs door met optimaliseren. Leidend daarin is dat we samen duurzaam ontwikkelen. Met de Koers 2030 in de hand is het zaak scherp te blijven kijken naar onze organisatie in al haar facetten: zowel de harde kant (processen, producten, structuren, systemen) als de zachte kant (gedragspatronen, leiderschap, competenties).

Uitdagingen De omvang en complexiteit van de opgaven neemt toe en vraagt andere benaderingen en werkwijze. Brede samenwerking is noodzakelijk. Dit betekent ook iets voor hoe we als organisatie denken en doen. En voor de kwaliteiten en competenties die we in huis hebben of willen halen. Met het oog op de krappe arbeidsmarkt is het niet eenvoudig de organisatie kwalitatief en kwantitatief op sterkte te hebben en te houden. Beide zijn echter nodig om Koers 2030 te realiseren. Daarnaast zal de organisatie mee moeten (kunnen) groeien met de groei van Sliedrecht. Verder zijn we de afgelopen jaren geconfronteerd met diverse crisissituaties (corona, opvang vluchtelingen). Het is niet ondenkbaar dat we de komende periode opnieuw nieuwe crises op ons afkomen. Denk aan de energiecrisis. Dit zal niet alleen primair onze inwoners raken, maar ook de organisatie. Elke crisis vraagt extra inzet, wat ten koste kan gaan van andere ambities. Het is belangrijk om integraal een weging te maken waar de prioriteiten (blijven) liggen en de organisatie zodanig in te richten dat de ambities in Koers 2030 voortvarend opgepakt kunnen blijven worden.

Ambities zijn niet vrijblijvend Koers 2030 is ambitieus. Dat geldt daarmee ook voor dit collegewerkprogramma. En ambities zijn niet vrijblijvend. Het vereist investeringen de doelen om te zetten naar concrete resultaten. In financiële middelen, maar ook in de ambtelijke organisatie. Inmiddels zijn we twee jaar aan de slag met Koers 2030. Er is onderzoek verricht, er zijn voorbereidingen getroffen en plannen gevormd. Dit gaat de komende periode door, maar langzaam maar zeker vertalen deze stappen zich ook tot concrete projecten en initiatieven waar we mee aan de slag moeten. De werkvoorraad groeit door de nieuwe plannen (denk aan projecten, vergunningsaanvragen, toezicht en opzetten wijkagenda’s. Tegelijkertijd zien we dat de druk al groot is op de organisatie. We hebben uiteraard ook het reguliere gemeentelijke takenpakket naar behoren uit te voeren. Een takenpakket dat continue wordt aangevuld vanuit Den Haag zonder dat daar altijd de juiste middelen tegen over staan. Daar bovenop hebben we de afgelopen jaren de ene na de andere crisissituatie op ons af zien komen.

48

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

Om vervolgstappen te kunnen blijven zetten dient de vraag naar versterking van de organisatie zich daarom nu aan. Kwalitatief en kwantitatief. Om voldoende uitvoeringskracht te genereren en om de kwetsbaarheid van een (relatief) kleine organisatie te beperken. Zonder deze impuls is het risico groot dat we ambities moeten bijstellen en/of temporiseren. Zoals gezegd: ambities zijn niet vrijblijvend.

SLAGVAARDIGE ORGANISATIE SPEERPUNTEN COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026 De komende bestuursperiode zetten we in op de volgende speerpunten om de organisatie dienstbaar en slagvaardig te hebben en te houden: A. In 2026 is onze dienstverlening mensgericht, transparant en helder en weten inwoners/ondernemers wat zij van ons kunnen verwachten B. In 2026 participeren inwoners actief in onze plannen en hebben we een sterk netwerk van partners waarmee we samen werken aan Koers 2030. C. In 2026 heeft Sliedrecht een prettige, professionele en flexibele organisatie.

A. In 2026 is onze dienstverlening mensgericht, transparant en helder en weten inwoners/ondernemers wat zij van ons kunnen verwachten Als gemeente zijn we er voor onze inwoners en ondernemers. We leveren daarbij tal van diensten. Indirect via diverse (algemene) voorzieningen, beheer/onderhoud van de openbare ruimte, realiseren van allerlei projecten, etc. Maar vaak ook direct door het verstrekken van paspoorten, afgeven van vergunningen, verlenen subsidies, doorverwijzen naar zorg of ondersteuning, etc. Het is belangrijk dat mensen weten waar ze terecht kunnen met (hulp)vragen en wat ze van ons kunnen verwachten. En dat wij daarover transparant en helder zijn (ook als iets niet kan). Het betekent dat we luisteren naar de individuele behoefte van mensen. Waar mogelijk houden we daar rekening mee. Het uitleggen en steevast terugkoppelen van afwegingen en keuzes is daar belangrijk in. ‘We zeggen wat we doen (en waarom) en we doen wat we zeggen’. Het is een cliché, maar uiteindelijk wel de essentie om als betrouwbare partner van onze inwoners te functioneren. Om dit vorm te geven gaan we concreet aan de slag met de volgende beleidslijnen en projecten.

A1. We ontwikkelen samen met de Drechtsteden een visie op dienstverlening met daarin een set beloften over onze kwaliteit van dienstverlening In onze dienstverlening stellen wij de inwoner, ondernemer of maatschappelijke organisatie centraal. Onze dienstverlening is persoonlijk, online en dichtbij. Persoonlijk omdat wij van buiten naar binnen denken. Wij denken niet vanuit een product, maar handelen vanuit de behoefte van de inwoner of de ondernemer. Wij werken daarin oplossingsgericht en bieden maatwerk waar nodig, waarbij waarde toevoegen ons doel is. In de komende tijd ontwikkelen wij, ook samen met de gemeenten in de Drechtsteden, een visie op onze dienstverlening die hierop voortborduurt. De kern van de ambitie is dat na een periode van ‘digitaal, tenzij’ nu meer nadruk wordt gelegd op het persoonlijk contact en het bieden van echte oplossingen als overheid. Vanuit het besef dat meer dan ooit het belangrijk is dat we een inclusieve overheid zijn die goed samenwerkt en het extra stapje zet als het nodig is. Dit vertalen wij naar een set beloftes, die duidelijk maakt vanuit welke waardes we werken en wat men van ons kan verwachten. We starten een intern programma dat erop gericht is om deze werkwijze eigen te maken. Dit is een programma waarbij de ontwikkeling van competenties in relatie tot de beloften en de bewustwording van ons handelen centraal staat.

Daarnaast zullen wij verschillende vormen van participatie ontwikkelen passend bij de verschillende doelgroepen. We doen wat we zeggen en zeggen wat we doen is hierbij ons motto.

49

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

A2. We stroomlijnen de afhandeling van verzoeken, vragen en meldingen Verzoeken, vragen en meldingen komen via allerlei kanalen bij de gemeente binnen. Denk aan sociale media, mails, telefoon, fixi en tijdens een overleg. Bovendien gaat dat via verschillende mensen zoals een bestuurder, beleidsadviseur of frontofficemedewerker. Het is daarom belangrijk de afhandeling gecoördineerd op te pakken. Er mogen geen zaken tussen wal en schip vallen. Zowel voor de gemeente als de inwoner moet helder zijn wie het oppakt, wanneer en wat het proces is. We ontwikkelen daarom een aanpak waarbij we de procedure stroomlijnen en kunnen sturen op een tijdige en zorgvuldige afhandeling conform de opgestelde beloften. Het creëren van ruimte voor maatwerk is daarbij een belangrijk uitgangspunt.

A3. We communiceren transparant en helder over wat we doen, waarom en wanneer Communicatie is de sleutel. Niet alleen als een inwoner naar ons toe komt met een (hulp)vraag. Maar ook als wij aan de slag zijn in de buurten en wijken. Met het oog op de ruimtelijke- en sociale vernieuwingsopgave zal dit de komende jaren bovendien alleen maar toenemen, waarbij overlast niet is uit te sluiten. Bij projecten, initiatieven en werkzaamheden hebben we daarom extra aandacht voor tijdige communicatie over wat we gaan doen, waarom en wanneer. Uiteraard passend bij de doelgroep en op B1 niveau. Ook de aanbevelingen van de Rekenkamer geven het belang van goede evaluatie aan. We zetten in op communicatie die het verschil maakt voor inwoners en peilen regelmatig of we onze doelen bereiken. Aanvullend heeft iedere inwoner het recht op informatie over alles wat de overheid doet. Dit is geregeld in de Wet open overheid (Woo) die per 1 mei 2022 de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) heeft vervangen. Een belangrijk onderdeel is de verplichting om beleid actief openbaar te maken en duurzaam toegankelijk. We gaan de komende periode aan de slag met de implementatie van de Woo. Ook hier is transparantie en helderheid het belangrijkste uitgangspunt.

B. In 2026 participeren inwoners actief in onze plannen en hebben we een sterk netwerk van partners waarmee we samen werken aan Koers 2030 We hebben iedereen nodig om onze plannen te laten slagen. Om nieuwe ideëen en initiatieven te creëren, om andere inzichten en invalshoeken te krijgen en (soms) om tegengestelde belangen inzichtelijk te maken. Participatie is daarom belangrijk. Aan de voorkant van beleidsvorming, projecten en ontwikkelingen. Een gedegen en transparant proces leidt tot zorgvuldige afwegingen, ook als dat betekent dat niet iedereen tevreden kan worden gesteld. Het creeren van draagvlak en/of begrip bij belanghebbenden aan de voorkant levert in het verdere proces veel voordeel op. Vaak gaat het ook verder dan alleen participeren. Bij de uitvoering van onze taken is actieve samenwerking met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partnersaan de orde van de dag. Om dit succesvol te doen is investeren in het netwerk noodzakelijk. We moeten elkaar actief opzoeken, weten wat er speelt, welke belangen en agenda’s iedereen heeft en hoe we die kunnen koppelen. Vanuit een open en constructieve houding om gezamenlijk aan doelen te werken en elkaar successen te gunnen. In een dergelijke samenwerking is ook ruimte voor een eerlijke en kritische kanttekening als daar aanleiding toe is. Als college geven we het goede voorbeeld.

Onder meer door onze eigen rol te pakken, maar ook door de raad in positie te brengen. Dat vraagt vertrouwen, rolbewustzijn en goede communicatie tussen college, gemeenteraad en ambtelijke organisatie.

B1. We stimuleren het contact en de samenwerking met en tussen inwoners In het kader van de nieuwe Omgevingswet werken we momenteel aan participatiebeleid. Dit is naar verwachting in 2022 gereed. In eerste instantie richt dit beleid zich

50

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

vooral op de instrumenten vanuit de Omgevingswet in relatie tot het ruimtelijke domein. Het is daarmee een belangrijk kader bij de uitvoering van fysieke projecten. Daarna volgt doorontwikkeling van dit beleid (in 2023 en verder) Onder meer door de aansluiting te zoeken met de Wijkagenda’s. En door niet alleen te kijken hoe inwoners kunnen participeren in gemeentelijke plannen, maar juist ook hoe wij als gemeente – op een effectieve en positieve wijze – participeren bij plannen uit de samenleving.

B2. We ontwikkelen het raadhuis als centrum van de democratie en samenleving Er ligt groot potentieel om het gebruiksnut van dit Rijksmonument te vergroten en tegelijk kwaliteit en levendigheid aan het gebied toe te voegen. Ontmoeting en multifunctioneel gebruik staat centraal. Bovendien is het gebouw toe aan onderhoud en verdient verduurzaming extra aandacht. Momenteel wordt gewerkt aan een Definitief Ontwerp (DO) dat als basis dient voor aanbesteding en uitvoering. Aanvullend is het raadhuis niet de enige plek om in contact te komen met onze inwoners. We willen als politiek juist ook naar de mensen toe. In samenspraak met de raad kijken we naar de mogelijkheden hiervoor. In samenhang met de ontwikkeling van het raadhuis wordt het gemeentekantoor vernieuwd (zie ook ambitie C1).

B3. We werken procesgericht aan participatie en samenwerking in de projecten/initiatieven Het ontwikkelen en uitvoeren van projecten, initiatieven en beleid vergt de samenwerking met tal van partijen. Het betrekken aan de voorkant is essentieel. We gaan deze processen versterken door hier structureel en methodisch aandacht aan te besteden. Bij de start van een project werken we aan een stakeholderanalyse, een participatieaanpak, etc. We denken aan de voorkant na over het proces en lijnen dat vervolgens uit. Dit doen we aan de hand van het in 2022 vast te stellen participatiebeleid. We hoeven daarbij niet het wiel zelf uit te vinden. We kunnen gebruik maken van beschikbare instrumenten en methodieken en onze mensen daarin trainen.

B4. Sliedrecht kan niet zonder de regio en de regio kan niet zonder Sliedrecht Als gemeente hebben wij veel partners in diverse regionale samenwerkingsverbonden. Dit zijn onze Verbonden Partijen (GR’en en deelnemingen) en strategische samenwerkingen (bijv. Smart Delta Drechtsteden en service-gemeente Dordrecht). Deze partners zijn voor ons essentieel om onze doelen te bereiken. Denk maar aan de uitvoeringskracht van een SDD, een gezamenlijke lobby als het gaat om ruimtelijke ontwikkeling of aan het uiwisselen van kennis en ambtelijke capaciteit. Regionale samenwerking is een absolute voorwaarde om projecten zoals Sliedrecht Noord te kunnen realiseren. Aan de andere kant dragen wij met onder andere woningbouw, bedrijventerreinen, verduurzaming, klimaatadaptatie eninfrastructurele projecten actief bij aan een sterkere regio. Kortom, je hebt elkaar hard nodig om maatschappelijke meerwaarde te realiseren. Om de samenwerkingen optimaal te benutten gaan we onze regierol en het opdrachtgeverschap verbeteren. Het is onze plicht als eigenaar om duidelijk te maken wat we willen en het is de plicht van het samenwerkingsverband dit zo goed mogelijk uit te voeren. Voor wat betreft de Verbonden Partijen ontwikkelen we, conform de Nota Verbonden Partijen (2022), risicoprofielen en toezichtsarrangementen. Deze helpen ons te sturen op beleidsinhoudelijke doelen en (financiele) risico’s.

Bovendien helpt het om te differentieren per verbonden partij vanuit een inhoudelijke analayse. Als het gaat om de strategische samenwerkingsverbanden geven we prioriteit aan de Smart Delta Drechtsteden en service-gemeente Dordrecht voor wat betreft de bedrijfsvoeringstaken. Voor beide maken wij duidelijk wat wij ervan verwachten. We maken helder waar we op in zetten en wat we nodig hebben vanuit de samenwerking. We intensiveren de meervoudig lokale samenwerking door hiervoor een agenda op te stellen. De samenhang met Koers 2030 staat uiteraard centraal. Dat betekent dat ook onze bijdrage aan de regionale doelen een prominente plek moet hebben.

51

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

C. In 2026 heeft Sliedrecht een prettige, professionele en flexibele organisatie

• • •

Bij de ontwikkeling van de organisatie – en de daarmee samenhangende bedrijfsvoering – zijn drie elementen relevant: Zijn de systemen op orde? Ondersteunen de processen de organisatie en werken we nog wel naar de bedoeling? Zijn onze mensen in staat hun taken uit te voeren? We zijn erop gericht om deze drie elementen op orde te brengen. Systemen en processen houden we tegen het licht en passen we waar nodig aan. Dit is belangrijk, maar vooral ook ondersteunend. Uiteindelijk draait het om de mensen die het moeten doen. Worden die in hun kracht gezet? Voelen ze zich gewaardeerd? Is er een goede werkplek? Hebben ze de juiste competenties? Weten ze wat ze moeten doen? En is er voldoende capaciteit beschikbaar? Kortom: als werkgever moeten we ervoor zorgen dat medewerkers hun taken goed uit kunnen voeren: we zijn duidelijk in de verwachtingen, zorgen voor goede werkomstandigheden, geven ruimte voor ontwikkeling en werken op basis van vertrouwen.

C1. Sliedrecht is een aantrekkelijke werkgever die erin slaagt geschikte mensen te werven en te binden Sliedrecht is een uitdagende en ambitieuze gemeente. Qua omvang misschien relatief klein, maar wel met stadse uitdagingen als het gaat om ruimtelijke en sociale vernieuwing. Dit is een belangrijke basis om (potentiële) werknemers te boeien. Om de opgaven aan te pakken is het kwalitatief en kwantitatief versterken van de organisatie noodzakelijk. En dat kan alleen als we gekwalificeerd personeel weten te werven én te binden. In deze arbeidsmarkt is dat niet eenvoudig. Het betekent in ieder geval dat Sliedrecht een aantrekkelijke werkgever moet zijn. We bieden een moderne en prettige werkomgeving door het gemeentekantoor te vernieuwen. Bovendien zetten we in op hybride werken (deels ook thuis). Maar het gaat ook om een fijne werksfeer, talentontwikkeling en passend werk. Om mensen aan te trekken zullen we inventief en onderscheidend moeten zijn. We pakken daarom door op het inzetten van trainees en junioren. Hierbij nemen we de verantwoordelijkheid hen goed op te leiden en door laten groeien. Lokaal in Sliedrecht en via het traineeprogramma van de Drechtsteden. Verder is een gemeenschappelijke benadering van de arbeidsmarkt met de buurgemeenten belangrijk. We merken een toenemende krapte als het gaat om specialistische functies, zeker in het ruimtelijk domein.

Als regio kunnen we beter samenwerken dan elkaar beconcurreren over dezelfde mensen. Bijvoorbeeld door bepaalde functies meervoudig lokaal te organiseren in een gemeenschappelijk beleidsteam. Dit bevordert de flexibiliteit en weerbaarheid van de samenwerkende organisaties.

C2. We ontwikkelen een aanpak waarbij we ‘sturen en realiseren via portfoliomanagement’ Met portfoliomanagement zorgen we voor balans tussen datgene wat we te doen hebben enerzijds en en de mensen die we in huis hebben om onze strategische doelstellingen te bereiken. We brengen de capaciteit voortdurend in lijn met het regulie werk, projecten en programma’s. Dit vraagt om overzicht, inzicht en sturing krijgen en houden. Goed portfoliomanagement gaat gepaard met professioneelopdrachtgever- opdrachtnemerschap, programmatisch werken en sturen op projecten. Ook hiervoor geldt dat er tal van instrumenten en methodieken beschikbaar zijn om projecten systematisch te beheersen. Door daar gebruik van te maken en mensen te trainen kunnen we een verbeterslag maken. We zorgen voor heldere stappen, mijlpalen en besluitvormingsmomenten. En voor duidelijke taken, rollen en bevoegdheden. Dit helpt om de organisatie, college en raad op juiste wijze in positie te brengen om te sturen.

52

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

C3. We implementeren data gedreven werken en bedden dit breed en structureel in binnen de organisatie Data gedreven werken is: werken op basis van feiten uit de samenleving, die verzameld worden in de vorm van data, geanalyseerd worden naar informatie, samen met domeinkennis op de juist manier geïnterpreteerd worden naar bruikbare inzichten, en om op basis van deze inzichten een zo geïnformeerd mogelijk besluit te nemen wat een meerwaarde biedt voor de samenleving. SAMENLEVING

DATA

verzamelen

INFORMATIE

analytics

INZICHTEN

interpretatie

WAARDE

actie

De komende periode gaan we deze systematiek vormgeven en implementeren. Data gedreven werken is essentieel om trends te analyseren, beleid te ontwikkelen, afgewogen besluiten te nemen, voortgang te monitoren en beleid te evalueren. Als je het op een juiste wijze gebruikt biedt het houvast. Data gedreven werken ligt daarmee in het verlengde van het portfoliomanagement. Belangrijk is wel dat data vakkundig geduid wordt en vanuit een integrale blik wordt benaderd. We ontwikkelen een aanpak in samenwerking met het OCD en GBD. Maar kunnen bijvoorbeeld ook kijken naar de DG&J/SOJ waar al veel met data wordt gedaan. Daarnaast is data niet alleen nuttig voor beleidsvorming, maar ook kansrijk voor de P&C cyclus. Door structureel overzicht te hebben op inhoud, data en voortgang kunnen P&C producten zich steeds meer richten op de financien en visievorming. Instrumenten zoals Pepperflow kunnen daar aan bijdragen. Daarbij is het neerzetten van een goede set aan relevante indicatoren voor de P&C cyclus een belangrijke basis.

C4. Waar nodig en (financieel) mogelijk versterken we de organisatie, kwalitatief en kwantitatief Met Koers 2030 heeft Sliedrecht gekozen om te gaan ontwikkelen. Dit vraagt simpelweg extra capaciteit. Ambities zijn niet vrijblijvend. Aan de ene kant om beleid te ontwikkelen en projecten uit te voeren. Denk aan de projectorganisatie voor ruimtelijke venieuwing, extra strategisch vermogen, maar ook aan grondzaken en VTH. Aan de andere kant doordat de gemeente groeit. Dat resulteert (op termijn) in meer inwoners, meer openbaar gebied, meer infrastructuur, meer afval en meer (zorg)ondersteuningsvragen. Dit heeft dus gevolgen voor beheer en onderhoud, de buitendienst, vastgoed, facilitaire en administratieve taken, etc. Bovendien schuiven steeds vaker extra (wettelijke) taken naar de gemeente. Nu is bijvoorbeeld de Wet open overheid in werking getreden, informatieveiligheid is relevant evenals de energietransitie en de opvang van vluchtelingen uit Oekraine. Dit alles leidt ertoe dat we moeten investeren in de organsiatie en/of prioriteit aanbrengen. Niet alles zal (tegelijk) mogelijk zijn, maar de beschikbare formatie moet wel in overeenstemming zijn met de opgaven en het takenpakket dat we met elkaar afspreken. Een belangrijk aspect is dat we prioriteit geven aan het vast aantrekken en behouden van ‘kennishouders’.

Hiermee bedoelen we (beleids)adviseurs op disciplines die onmisbaar zijn voor de plannen uit Koers 2030 en die vaak ingezet moeten worden. Het is dan wenselijk dat opgedane kennis behouden blijft binnen de organisatie om integraal zicht te houden op de ontwikkelingen.

53

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

54

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

7.

55

Financiën van Sliedrecht

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

Naast het realiseren van de doelstellingen uit de Koers 2030 / CWP 2022-2026, dienen de doelstellingen ook gecontinueerd te worden. Het gaat niet enkel om realiseren maar ook om goed beheren. Om dit te kunnen doen dient er sprake te zijn van een gezonde financiële huishouding. Ook in de toekomst moeten er voldoende mogelijkheden zijn om de structurele lasten te kunnen dragen en om risico’s die zich voordoen te kunnen opvangen.

Het realiseren hiervan vindt plaats in een context die continue beweegt en daardoor onzeker is. Ontwikkelingen op globaal, Europees, nationaal en regionaal niveau hebben impact op de gemeentefinanciën. In veel gevallen kun je hier niets aan veranderen, maar kun je je er alleen toe verhouden. Richting 2022 waren de impact van corona, de keuzen van het toen nog nieuw te vormen kabinet en de ontwikkelingen bij verbonden partijen in het sociaal domein voorbeelden van deze ontwikkelingen. Op dit moment staan de gevolgen van de oorlog in Oekraïne centraal. Niet dat de andere ontwikkelingen veel minder relevant zijn geworden, maar qua omvang van de verwachte impact zijn ze ingehaald. Op dit moment weten we niet hoe de hoge inflatie, energiearmoede en de crisis op de woningmarkt structureel hun effect zullen krijgen. Wat we wel weten is dat de gemeente de komende periode haar financiële huishouding hierop moet aanpassen om structureel gezond te blijven.

FINANCIËN VAN SLIEDRECHT SPEERPUNTEN COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026 De komende bestuursperiode zetten we daarom in op het volgende speerpunt: A. In 2026 en verder is er sprake van een structureel sluitende meerjarenbegroting en afdoende weerstandsvermogen.

A. In 2026 en verder is er sprake van een structureel sluitende meerjarenbegroting De (toekomstige) inkomsten van gemeenten zijn sinds jaar en dag omgeven met onzekerheden. De laatste jaren zijn de financiële verhoudingen tussen het Rijk en gemeenten steeds verder onder druk komen te staan. Het gevolgde proces omtrent de herijking van het gemeentefonds is hier één exemplarisch voorbeeld van. De onzekerheid balt zich samen rond het jaar 2026. Dit jaar wordt door de VNG aangeduid als het ‘ravijnjaar’. Ook in Sliedrecht staat de begroting vanaf jaar 2026 onder grote druk.

A1. We volgen ontwikkelingen ten aanzien van onzekerheden op de voet en anticiperen hierop in de P&C-cyclus In 2021 is begonnen met het denken in scenario’s / bandbreedten, naast het identificeren van risico’s. Deze werkwijze zetten we de komende periode voort. Door deze werkwijze ontstaat er meer zicht op de ‘hardheid van de saldi in de meerjarenbegroting. Hierdoor ontstaat er meer voorspelbaarheid ten aanzien van grote financiële mutaties die zich in de toekomst kunnen voordoen. Dit stelt de gemeenteraad in staat eerder richting te bepalen, dan het moment waarop een onzekerheid zich daadwerkelijk voordoet.

56

COLLEGEWERKPROGRAMMA 2022-2026

A2. We houden het financiële beheerinstrumentarium (Financiële Verordening en bijbehorende nota’s) op orde Een goed beheerinstrumentarium maakt dat je in control komt en geeft de flexibiliteit die er nodig is om te schakelen als onzekerheden wijzigen, of zich omzetten in nieuwe werkelijkheden. Een goed beheerinstrumentarium levert management, college en gemeenteraad informatie op waarop afwegingen kunnen worden gemaakt. In het kompas versterking financiële functie zijn de acties voor de korte termijn gedefinieerd die hiervoor nodig zijn (bijvoorbeeld herziening van de Financiële Verordening en de nota Reserves en Voorzieningen). Het op orde houden van het beheerinstrumentarium is echter een continu proces wat niet stopt als het kompas volledig is uitgevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.sliedrecht.nl/api/v1/meetings/410/documents/5239