Bijlage 6g - Bijlage bij de toelichting Bestemmingsplan Sliedrecht Buiten & Stationspark III (groot bestand) - kopie_Deel7.pdf
Tekst van het document
afhankelijk is van dit water voor de waterberging; ■ De bestaande bergingscapaciteit moet worden gewaarborgd. Afname van berging dient volledig te worden gecompenseerd in hetzelfde of een benedenstrooms gelegen peilgebied. Het aantal te compenseren kubieke meters wordt berekend op basis van een peilstijging van 20 cm boven zomerpeil of boezempeil. ■ Het waterschap hecht groot belang aan het zoveel mogelijk instandhouden van (en compenseren in) open water als onderdeel van het watersysteem. Daarom worden lange duikers, bassins, kratten e.d. zoveel mogelijk geweerd; ■ Compensatie in een C-water wordt in het algemeen niet toegestaan. Dit tenzij het C-water na de compensatie kan worden opgewaardeerd naar een B-water en een rechtstreekse verbinding zal hebben met A- of B-wateren. Uitzonderingen worden beschreven in de bijzondere toetsingscriteria; ■ Minimale maten van nieuw oppervlaktewater zijn als volgt: o A-wateren: Het talud moet minimaal een schuinte hebben van 1:2.; Bodembreedte minimaal 0,70 meter.; Bodemhoogte 1 meter onder zomerpeil of boezempeil.; Bovenbreedte maximaal 8 meter indien onderhoud machinaal vanaf één zijde zal plaatsvinden. De beschermingszone bedraagt 5 meter.
o B-wateren: Talud: een schuinte van 1:1,5.; Bodembreedte 0,50 meter.; Bodemhoogte 0,50 meter onder zomerpeil of boezempeil, als dit is vastgesteld; Onderhoudsstrook minimaal 4 meter bij rijdend onderhoud. In het geval van varend onderhoud (in dit plan) bedraagt de minimale breedte 1 m; ■ In figuur 4 is weergegeven wat de omvang van de beschermingszones moet zijn bij de verschillende typen watergangen. Status
Omvang beschermingszones
A-water (standaard)
Variërend, minimaal 1 meter en afhankelijk van het gebied standaard 4 of 5 of 7 meter breed (zie toelichting deellegger).
A- water, zijnde boezem wateren en de bevaarbare Linge
Vanaf de insteek van het water tot aan de buitenkruin van de kade / boezemkade.
B-water
Minimaal 1 meter breed
C-water
geen
figuur 4
Omvang beschermingszones legger Rivierenland
ADCIM
4.
Riolering
4.1.
Algemeen
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
Vanuit de zorgplicht van de gemeente dient er een voorziening gerealiseerd te worden om afval- en regenwater in te zamelen. De aanleg van een rioolstelsel is hiertoe een doeltreffende voorziening. In het handboek van de gemeente Sliedrecht wordt beschreven dat het rioolstelsel in woongebieden gescheiden aangebracht dient te worden. Het hemelwater kan, met inachtneming van de eisen van het waterschap geloosd worden op de watergangen. Voor de droogweerafvoer dient een DWA stelsel aangelegd te worden, middels welke het water (bij voorkeur) onder vrij verval, of anders d.m.v. een pomp naar de AWZI wordt afgevoerd.
4.1.1. Uitgangspunten voor HWA en DWA systeem Voor het HWA en DWA systeem, gelden de volgende overkoepelende uitgangspunten (e.e.a. conform de LIOR gemeente Sliedrecht): ■ Het rioleringstracé dient bij voorkeur in de as van de weg te worden aangelegd; ■ De buitenzijde tussen verschillende buizen dient in bovenaanzicht minimaal 0,50 m te bedragen; ■ De minimale nominale diameter bedraagt 0315 mm voor zowel het HWA als het DWA riool; ■ Voor hoofdriolen geldt een dekking van minimaal 1,20 m t.o.v. het maaiveld; ■ Alle kruisende leidingen dienen minimaal met 0250 mm tussenruimte te worden aangelegd; ■ De maximale afstand tussen de inspectieputten bedraagt 75 m; ■ Bij voorkeur ligt riolering niet onder het (te verwachten) wortelpakket van bomen, als indicatie voor de afstand kan de kroonprojectie gehanteerd worden. Er staan geen bomen (stam) op de riolering; ■ Voor het rioleringssysteem in woongebieden dient een gescheiden stelsel te worden toegepast.
4.2.
HWA systeem
In onderstaande paragrafen wordt ingegaan op het nieuwe HWA systeem 4.2.1. Uitgangspunten HWA systeem De gemeente Sliedrecht gebruikt voor dit plangebied de LIOR voor de openbare ruimte. Onderstaande uitgangspunten zijn hieruit afgeleid: ■ Dakvlakken dienen rechtstreeks op het nabij gelegen open water te worden afgevoerd. Dakvlakken niet grenzend aan open water aansluiten op het HWA stelsel; ■ Tijdens ontwerpbui L09 (T=5) mag geen water-op-straat optreden; ■ Tijdens ontwerpbui L10 (T=10) mag er water-op-straat optreden, echter dient dit tussen de trottoirbanden te blijven; ■ Materiaal buizen diameter < 500 mm PVC; ■ Materiaal buizen diameter > 500 mm beton. 4.2.2. Afvoerend oppervlak Voor het HWA stelsel is het afvoerend oppervlak volledig verantwoordelijk voor de hydraulische belasting. Een nauwkeurige bepaling hiervan draagt bij aan een realistische benadering van de werkelijkheid bij het modelleren van het HWA stelsel. In tabel 2 (en in bijlage 1) is de verdeling van het oppervlak weergegeven, waarbij de toekenning van afvoerend oppervlak per onderdeel van het HWA systeem aandacht vraagt bij de exacte invulling van het ontwerp.
ADCIM
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
Uitsplitsing afvoerend oppervlak nieuwe situatie
tabel 2
Nieuwe verharding Percentage tot afstroming
Bruto oppervlak (m2)
Onderdeel Daken
komend oppervlak (%)
Netto verhard oppervlak (m2)
40.009
100
40.009
22.124
100
22.124
Verharding
11.653
100
11.653
Groen Water
33.004
-
-
17.906 124.696 TOTAAL
-
Verharding particulier
Totaal
-
73.786
4.2.3. Ontwerp HWA systeem Conform het handboek van de gemeente en de eisen van het waterschap dient het hemelwater afgevoerd te worden naar bijvoorbeeld de watergangen waar het water geborgen dient te worden. De overige verharding en het dakoppervlak dient waar mogelijk direct op de watergang geloosd te worden en indien dit niet mogelijk is dient er een rioolstelsel gerealiseerd te worden, zie hiervoor figuur 5. Aanbevolen wordt om een eventueel rioolstelsel zo vermaasd mogelijk te realiseren. Tijdens een calamiteit in een deel van het stelsel is het hierdoor mogelijk dat het water middels de andere route wegloopt.
DRS 06
1945m
6974 ^m2
1936m—al
‘
DRS
6888m2 7000
896a 8211m
3 Legenda
HWA stelsel n
Uitstroompunt
figuur 5
Overzicht HWA stelsel
In het rioleringsplan dient de exacte (diepte) ligging en maatvoering van het hemelwaterstelsel nader bepaald te worden.
4.3.
DWA systeem
In onderstaande paragrafen wordt ingegaan op het nieuwe DWA systeem. 4.3.1. Uitgangspunten DWA systeem De gemeente Sliedrecht gebruikt voor dit plangebied de LIOR voor de openbare ruimte. Onderstaande uitgangspunten zijn hieruit afgeleid: De belasting van een DWA stelsel op een bedrijventerrein dient te worden bepaald aan de hand van een gemiddeld aantal werknemers per bedrijf inclusief mogelijk proceswater wat geproduceerd wordt. Per werknemer equivalent moet een piekbelasting van 6 l/uur worden aangehouden; Materiaal buizen diameter < 500 mm PVC; Materiaal buizen diameter > 500 mm beton; Afschot wordt aangehouden conform de Kennisbank Stedelijk Water.
Pagina 10 van 20
ADC IM 199%
W
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
4.3.2. DWA productie In het bestaande plangebied bevinden zich binnen het plangebied diverse sportfaciliteiten waar er vuilwater geproduceerd wordt. Door de realisatie van de nieuwe bedrijfspercelen zal er naar verwachting een toename van de DWA productie plaatsvinden. Aan de hand van de Kennisbank Stedelijk Water en expert judgement van ADCIM is de DWA productie voor de nieuwe situatie bepaald. Er wordt gerekend met een dagproductie over een tijdsspanne van 10 uur. Daarnaast wordt gerekend met de volgende medewerkers aantallen: Parkeerplaatsen: 306 parkeerplaatsen; Proceswater: Onbekend is of er bedrijven huisvesten die proceswater gaan lozen. Indien er proceswater geloosd gaat worden wordt aanbevolen om de bijbehorende berekendingen te herzien.
Doordat nog niet bekend is welke bedrijven zich gaan vestigen op het bedrijven terrein is door het waterschap Rivierenland aangegeven dat er met de volgende milieu categorieën gewerkt dient te worden: ■ Milieucategorieën 1/2/3: 0,5 m3/ha/uur; ■ Milieucategorieën 3/4/5: 1,0 m3/ha/uur. Het totale plangebied bedraagt 12,5 hectare en hierdoor bedraagt de maximale DWA productie conform de milieu categorieën 12,5 m3/uur.
4.3.3. Ontwerp DWA vrij-verval systeem Aangezien het plangebied omringd is met bestaande bebouwing, een weg en een sloot is er in de omgeving naar verwachting een bestaand gemeentelijk riool aanwezig. Uitgangspunt is dat de ontwikkeling op dit bestaande stelsel aangesloten wordt. Bij de hoogteligging van de strengen dient rekening gehouden te worden met een dekking van 1,20 m op het verste punt. Het rioleringsplan wordt in een nader stadium uitgewerkt.
ADCIM
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
5.
Oppervlaktewatersysteem
5.1.
Algemeen
De ontwikkeling van een gebied vraagt om inpassing binnen het oppervlaktewater. Daarnaast dient het plan minimaal hydrologisch neutraal ontwikkeld te worden, wat betekent dat er compenserend oppervlaktewater gegraven moet worden, of dat er op andere manieren waterberging gerealiseerd dient te worden.
5.2.
Watercompensatie
In onderstaande paragrafen zullen achtereenvolgens de benodigde watercompensatie, de wenselijke compensatie en de invulling van deze compensatie beschreven worden. 5.2.1. ■ ■ ■ ■ ■
Randvoorwaarden en uitgangspunten watercompensatie Een compensatie dient te worden uitgevoerd in hetzelfde peilgebied als waar de ontwikkeling plaatsvindt; Er moet in open water 436m3/ha gecompenseerd worden. Hierbij is een peilstijging van 20 cm toegestaan; In alternatieve bergingen bedraagt de eis 664 m3/ha. Het peil mag stijgen tot maaiveld. Gedempt water dient één op één gecompenseerd te worden. Compensatie in een C-watergang is niet toegestaan. Dit tenzij de C watergang na de compensatie kan worden opgewaardeerd naar een B-watergang en een rechtstreekse verbinding zal hebben met A- of B-watergangen.
5.2.2. Benodigde watercompensatie vanuit ontwikkeling De benodigde compensatie vanuit de toename van verhard oppervlak wordt voorgeschreven in de algemene regels van Waterschap Rivierenland. Deze compensatie bedraagt 436 m3 water per hectare toegevoegd verhard oppervlak en/of 664 m3 alternatieve berging per hectare toegevoegd verhard oppervlak. Er is een toename van 37.455 m2 verhard oppervlak als gevolg van de ontwikkeling, waarvoor er gecompenseerd zal moeten worden. In bijlage 2 is de rekensheet van de benodigde watercompensatie opgenomen en in bijlage 1 de oppervlakkentekeningen. In tabel 3 en tabel 4 is het bestaande en nieuwe verhard oppervlak opgenomen. tabel 3
Bestaande verharding binnen plangebied Bestaande verharding
Onderdeel
Bruto oppervlak (m2)
Percentage tot afstroming komend oppervlak (%)
Netto verhard oppervlak (m2)
2.334
100
2.334
Verharding
17.612 45.242
100 -
17.612
Groen
Sportveld natuurgras
30.444
20
6.089
Sportveld kunstgras
50
Sportveld tennis
16.335 4.257
8.168 2.129
Water
8.472
Bebouwing
Totaal
124.696 TOTAAL
50 -
-
-
36.331
ADCIM
tabel 4
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
Nieuwe verharding binnen plangebied Nieuwe verharding Percentage tot afstroming Netto verhard oppervlak (m2)
komend oppervlak (%)
Bruto oppervlak (m2)
Onderdeel Daken
40.009
100
40.009
Verharding particulier
22.124
100
22.124
Verharding
11.653 33.004
100
11.653
-
-
17.906 124.696 TOTAAL
-
Groen
Water
Totaal
Toename
-
73.786 37.455
Als gevolg van de toename aan verharding van 37.455 m2 dient er: 37.455 m2 x 436 m3/ha = 1.633 m3 aan water gerealiseerd te worden. Bij een toegestane peilstijging van 0,20 m is er dan een toename aan wateroppervlak van 8.165 m2 benodigd. Indien de watercompensatie in een alternatieve berging plaatsvindt, dient er 37.455 m2 x 664 m3/ha = 2.487 m3 aan alternatieve voorzieningen gerealiseerd te worden.
5.2.3. Balans oppervlaktewater Binnen het plan wordt water gedempt en water gegraven. Om in beeld te brengen hoeveel de toename aan wateroppervlak betreft is hier een balans voor opgesteld. Dit betreft de hoeveelheid voor de ontwikkeling en na de ontwikkeling. Het verschil hiertussen is dus de toename aan wateroppervlak, waarbij gedempt water reeds verdisconteerd is. In tabel 5 is de balans voor het oppervlaktewater weergegeven, waaruit volgt dat er een toename aan wateroppervlak is van 9.434 m2, met een peilstijging van 0,20 m bedraagt de beschikbare berging op het oppervlaktewater 1.887 m3. De gerealiseerde berging op het oppervlaktewater is voldoende om geheel te voldoen aan de watercompensatie eis. Er is een overcompensatie van 1.269 m2 wateroppervlak (9.434 - 8.165). tabel 5
Balans oppervlaktewater water
Bestaande situatie
8.472
Nieuwe situatie
17.906
Totaal (m2)
9.434
5.2.4. Conclusie watercompensatie In totaal dient er 37.455 m2 aan toename verharding gecompenseerd te worden. Hier dient invulling aan gegeven te worden middels te creëren oppervlaktewater. Middels de rekenregels van het waterschap dient er voor de toename aan verharding 436 m3/ha gegraven te worden en er dient gerekend te worden een peilstijging van 0,20 m om het benodigd oppervlak te graven water te bepalen. Dit resulteert in een benodigd wateroppervlak van 8.165 m2. In totaal wordt er binnen het plan 9.434 m2 oppervlaktewater gegraven. Hieruit wordt geconcludeerd dat er ruim voldoende oppervlaktewater gegraven wordt en het plan hierdoor voldoet aan de compensatie eis.
Pagina 13 van 20
ADCIM
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
Watergangen en kunstwerken
5.3.
5.3.1. Huidig watersysteem Het huidige watersysteem is toegelicht in hoofdstuk 2.3. Hierin wordt toegelicht in welk peilgebied het plangebied zich bevindt en wat de waterstanden hier zijn. 5.3.2. Toekomstig watersysteem In de huidige situatie bevinden zicht binnen het plangebied een aantal C-watergangen. Deze afwateringsmogelijkheid komt te vervallen. Middels nieuw te graven watergangen, wordt de afwatering van het plangebied gewaarborgd. In overleg met het waterschap Rivierenland wordt beschouwd of de bestaande watergangen opgewaardeerd kunnen worden. Normaliter wordt er geen compensatie toegestaan in een C-watergang, hierdoor zullen de watergangen tot aan de bestaande B-watergang opgewaardeerd dienen te worden. Deze bestaande B-watergang is aan de westkant van het plangebied gesitueerd op ca. 600 meter afstand. In onderstaande figuur 6 is de stroomrichting van het toekomstige oppervlaktewatersysteem weergegeven. Hieruit volgt dat het stelsel af kan wateren richting de bestaande C-watergang (of op de B-watergang indien deze opgewaardeerd wordt) aan de zuidwestzijde van het plangebied. Om de doorstroming te bevorderen in plan worden diverse duikers geadviseerd om geen stilstaand water zonder doorstroming te creëren.
Optionele duiker
DRS
Legenda
Stroomrichting Duiker
figuur 6
Stroomrichting oppervlaktewater
5.3.3. Kunstwerken In de nadere planuitwerking dienen de waterstaatkundige kunstwerken nader uitwerkt te worden. Van belang hierbij is dat de watergangen met elkaar verbonden zijn en er geen dood water ontstaat. 5.3.4. Waterkwaliteit Aangezien het plangebied volledig geïntegreerd wordt met het bestaande oppervlaktewatersysteem is de kwaliteit van het oppervlaktewater van belang. Aan de bouwer zal geadviseerd worden om geen uitloogbare materialen toe te passen bij de bouw. Er bevinden zich geen overstorten van het DWA stelsel in het plangebied, dus dit is geen belemmerende factor voor de waterkwaliteit.
5.3.5. Beheer en onderhoud Afhankelijk van toekomstige status watergangen. Wordt later nader ingevuld. Rekening gehouden dient te worden met een onderhoudsstrook wanneer de watergangen opgewaardeerd worden naar een watergang met een B-status.
Pagina 14 van 20
ADCIM
5.4.
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
Drooglegging
In de bestaande situatie bestaat het plangebied uit sportvelden en bebouwing, in de toekomstige situatie zal dit ontwikkeld worden naar een bedrijventerrein. Om te voldoen aan de droogleggingseis van de gemeente (ontwerpdroogleggingseis van de kruin van de weg minimaal 1,00 m boven het jaarlijks gemiddelde grondwaterpeil). Voor schematische weergaven drooglegging zie figuur 7. Met een bestaand maaiveldhoogte rond de 1,50 m - NAP en een waterstand van 1,92 (vast) m - NAP bedraagt de drooglegging 0,42 m. Indien het bestaande maaiveld gehandhaafd wordt, wordt er niet voldaan aan voldoende drooglegging. Om te voldoen aan de drooglegging kan of het maaiveld opgehoogd worden of het oppervlaktewater peil dient aangepast te worden (onderbemaling). Dit zijn beide ingrijpende maatregelen die voorafgaand aan de nadere uitwerking onderzocht dienen te worden. Door de gemeente is aangegeven dat het maaiveld opgehoogd dient te worden. Uit bovenstaande volgt dat het plangebied met een minimale maaiveldhoogte van 0,92 m - NAP gerealiseerd dient te worden. Middels een drainage/ontwateringsdiepte berekening dient nader bepaald te worden wat de exacte maaiveldhoogte dient te worden.
Drooglegging
Ontwateringsdiepte
Opbolling
Slootafstand
figuur 7
Schematische weergaven ontwateringsdiepte
Maaiveld
ADCIM
6.
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief Datum: 11 oktober 2023
Samenvatting
Door de gemeente Sliedrecht wordt in Sliedrecht de ontwikkeling Stationspark III voorbereid. Deze voormalig sportlocatie wordt herontwikkeld tot een bedrijventerrein aan de noordzijde van de kern van Sliedrecht. Conform de AHN4 volgt dat de gemiddelde maaiveldhoogte van de bestaande situatie zich rond de 1,50 m - NAP bevindt. De ondergrond bestaat uit met name veen- en kleigronden en in diepere lagen wordt er zand gevonden. De doorlatendheid van de bodem is ter plaatse van de veen en kleigronden slecht, waardoor er voorzieningen getroffen dienen te worden als er water geïnfiltreerd moet worden. Het plangebied is gelegen in het beheergebied van Waterschap Rivierenland in het stroomgebied Alblasserwaard. Het plangebied is gelegen in peilgebied: NDW019. In het plangebied zijn enkel Cwatergangen gesitueerd. In de nabijheid van het plangebied zijn A-watergangen gesitueerd, echter watert het plangebied hier niet op af.
In de huidige situatie is het plangebied gesitueerd in een onderbemalingsgebied. Het waterpeil is gesitueerd op 2,30 m - NAP. Het doel is om door de ontwikkeling de onderbemaling te laten vervallen en het streefpeil van het peilgebied waarin het plangebied gesitueerd is te hanteren (1,92 m - NAP). De gevolgen van de opheffing van deze onderbemaling voor onder andere het zwembad de Lockhorst en het bedrijventerrein ten oosten van het plangebied worden onderzocht. Riolering Conform het handboek van de gemeente en de eisen van het waterschap dient het hemelwater afgevoerd te worden naar bijvoorbeeld de watergangen waar het water geborgen dient te worden. De overige verharding en het dakoppervlak dient waar mogelijk direct op de watergang geloosd te worden en indien dit niet mogelijk is dient er een rioolstelsel gerealiseerd te worden. Aanbevolen wordt om een eventueel rioolstelsel zo vermaasd mogelijk te realiseren. Tijdens een calamiteit in een deel van het stelsel is het hierdoor mogelijk dat het water middels de andere route wegloopt. De hydraulische belasting op het hemelwaterstelsel is volledig verantwoordelijk door het afvoerend (verhard) oppervlak.
Aangezien het plangebied omringd is met bestaande bebouwing, een weg en een sloot is er in de omgeving naar verwachting een bestaand gemeentelijk vuilwater riool aanwezig. Uitgangspunt is dat de ontwikkeling op dit bestaande stelsel aangesloten wordt. In het bestaande plangebied bevinden zich binnen het plangebied diverse sportfaciliteiten waar er vuilwater geproduceerd wordt. Door de realisatie van de nieuwe bedrijfspercelen zal er naar verwachting een toename van de DWA productie plaatsvinden. In totaal bedraagt de productie 12,5 m3/uur, dit is conform de door het waterschap aangegeven milieu categorieën.
Oppervlaktewatersysteem De ontwikkeling van een gebied vraagt om inpassing binnen het oppervlaktewater. Daarnaast dient het plan minimaal hydrologisch neutraal ontwikkeld te worden, wat betekent dat er compenserend oppervlaktewater gegraven moet worden, of dat er op andere manieren waterberging gerealiseerd dient te worden. De benodigde compensatie vanuit de toename van verhard oppervlak wordt voorgeschreven in de algemene regels van Waterschap Rivierenland. Deze compensatie bedraagt 436 m3 water per hectare toegevoegd verhard oppervlak en/of 664 m3 alternatieve berging per hectare toegevoegd verhard oppervlak. Er is een toename van 37.455 m2 verhard oppervlak als gevolg van de ontwikkeling, waarvoor er gecompenseerd zal moeten worden. In totaal wordt er 9.434 m2 aan oppervlaktewater gegraven, met een peilstijging van 0,20 m bedraagt de beschikbare berging op het oppervlaktewater 1.887 m3. De gerealiseerde berging op het oppervlaktewater is voldoende om geheel te voldoen aan de watercompensatie eis. Hieruit wordt geconcludeerd dat er ruim voldoende oppervlaktewater gegraven wordt en het plan hierdoor voldoet aan de compensatie eis.
In de huidige situatie bevinden zicht binnen het plangebied een aantal C-watergangen. Deze afwateringsmogelijkheid komt te vervallen. Middels nieuw te graven watergangen, wordt de afwatering van het plangebied gewaarborgd. In overleg met het waterschap Rivierenland wordt beschouwd of de bestaande watergangen opgewaardeerd kunnen worden. Normaliter wordt er geen compensatie toegestaan in een C-watergang, hierdoor zullen de watergangen tot aan de bestaande B-watergang opgewaardeerd dienen te worden. Deze bestaande B-watergang is aan de westkant van het
Pagina 16 van 20
ADCIM
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
plangebied gesitueerd op ca. 600 meter afstand. Om de doorstroming te bevorderen in plan worden diverse duikers geadviseerd om geen stilstaand water zonder doorstroming te creëren.
Drooglegging In de bestaande situatie bestaat het plangebied uit sportvelden en bebouwing, in de toekomstige situatie zal dit ontwikkeld worden naar een bedrijventerrein. Om te voldoen aan de droogleggingseis van de gemeente (ontwerpdroogleggingseis van de kruin van de weg minimaal 1,00 m boven het jaarlijks gemiddelde grondwaterpeil). Met een bestaand maaiveldhoogte rond de 1,50 m - NAP en een waterstand van 1,92 (vast) m - NAP bedraagt de drooglegging 0,42 m. Indien het bestaande maaiveld gehandhaafd wordt, wordt er niet voldaan aan voldoende drooglegging. Door de gemeente is aangegeven dat het maaiveld opgehoogd dient te worden. Uit bovenstaande volgt dat het plangebied met een minimale maaiveldhoogte van 0,92 m - NAP gerealiseerd dient te worden. Middels een drainage/ontwateringsdiepte berekening dient nader bepaald te worden wat de exacte maaiveldhoogte dient te worden.
Pagina 17 van 20
ADCIM
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
Bijlagen
Pagina 18 van 20
ADCIM
Bijlage 1:
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
Oppervlakkenbalans
Pagina 19 van 20
ADCIM morocrearggy V
Projett
Stationspark III te Sliedrecht
ADCIM morocrearggy V
Projett
Stationspark III te Sliedrecht
ADCIM
Bijlage 2:
Waterhuishoudkundigplan Stationspark III, te Sliedrecht 20220268, Gemeente Sliedrecht Status: Definitief _________________________ Datum: 11 oktober 2023
Rekensheet watercompensatie
Project: Projectnummer: Datum:
OntwikkelingStationspark III te Sliedrecht 20220268 9-10-2023
Revisie:
Concept
ADCIM
Onderdeel: Benodigde watercompensatie tbv rekenregels WSRL Bestaande verharding Percentage tot afwatering Onderdeel
Bebouwing Verharding
Netto verhard oppervlak (m2) Bruto oppervlak (m2) komend oppervlak (%) 2.334 2.334 100 17.612 17.612 100
-
-
Groen
45.242
Sportveld natuurgras
30.444
20
6.089
Sportveld kunstgras
16.335 4.257
50
8.168 2.129
Sportveld tennis Water
50
-
8.472
-
124.696 TOTAAL
Totaal
36.331
Nieuwe verharding Percentage tot afwatering Onderdeel
Bruto oppervlak (m2)
Daken
Netto verhard oppervlak (m2)
komend oppervlak(%)
40.009 22.124
100 100
40.009 22.124
Verharding
11.653
Groen
33.004
100 -
11.653 -
Water
17.906
-
Totaal
124.696 TOTAAL
Verharding particulier
73.786 37.455
Toename
compensatie als gevolg van demping oppervlaktewater (100 %) water
Bestaande situatie
8.472
Nieuwe situatie
17.906
Totaal (m2)
9.434 (gecreëerd [+] of gedempt [-])
Compensatie regels Toename verharding
37.455 m2
Toegestane peilstijging
0,20 m
Te creeren berging in oppervlaktewater: 436 m3/ha Te creeren berging in bergingsvoorziening: 664 m3/ha
Benodigde compensatie in opp.water als gevolg van toename verharding voorde gehele ontwikkeling 37.455 m2 Te creeren berging 1.633 m3 Toename verharding
Te creeren water oppervlak
8.165 m2
Te creeren alternatieve berging
2.487 m3
Pagina 20 van 20
Noot In dit document zijn gedeeltes onleesbaar gemaakt op grond van artikel 5 van de Wet open overheid: • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (telefoonnummer) • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (e-mail)
Bijlage 15 Bodemonderzoek
(vastgesteld) Sliedrecht Buiten & Stationspark III NL.IMRO.0610.SBSTPIII-3001
467 - 721
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid Johan de Winstraat 140
Postbus 550
3300 AN Dordrecht T [078] 770 85 85 F [078] 770 85 84
E
Notitie
KvK nummer: 51291010
, gemeente Sliedrecht
A
V Dossier Datum
Onderwerp
Sliedrecht Buiten en Stationspark III
Zaaknummer
Z-21-400403
18 juli 2023
Bodeminventarisatie voor bestemmingsplanwijziging Buiten en Stationspark III
Inleiding De gemeente Sliedrecht is voornemens om twee locaties in Sliedrecht te herontwikkelen tot sportpark en
bedrijventerrein. Hiervoor is een bestemmingsplanprocedure opgestsart. Op verzoek van de gemeente
Sliedrecht is door de omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid een inventarisatie van de bodemkwaliteit uitgevoerd voor beide locaties. De geplande herontwikkeling betreft de volgende locaties (zie ook onderstaande afbeelding):
?
Het huidige sportcomplex aan de Sportlaan te Sliedrecht, ten zuiden van de Betuwe-spoorlijn. Deze locatie wordt herontwikkeld tot bedrijventerrein.
?
@ozhz.nl
www.ozhz.nl
De agrarische percelen tussen de Kweldamweg en de Betuwe-spoorlijn (aan de noordzijde van
deze spoorlijn). Deze locatie wordt herontwikkeld tot sportpark. In het kader van het ontwerp-bestemmingsplan is een inventarisatie van de bodemkwaliteit uitgevoerd.
Hiermee worden de potentiële ernstige gevallen van bodemverontreiniging in beeld gebracht om te bepalen of dit problemen of beperkingen oplevert voor de bestemmingsplanwijziging.
STATIONSPARK III
Figuur 1 geplande herontwikkeling Sliedrecht buiten (sportpark, links) en Stationspark (bedrijventerrein, rechts).
Beschikbare informatie
In 2017 is een verkennend bodemonderzoek (kenmerk 171135/1.0, d.d. 24 oktober 2017) uitgevoerd door BK ingenieurs in het kader van een aanvraag/wijziging bestemmingsplan voor de locatie van de huidige
sportvelden en de locatie van de toekomstige sportvelden (agrarische percelen) aan de Sportlaan te
Sliedrecht.
Aanvullend op dit bodemonderzoek is door OZHZ een quick scan uitgevoerd waarbij de bodemkwaliteit is geïnventariseerd op basis van het bodemonderzoek (2017), de bodemkwaliteitskaart, historische topografie
(boomgaarden, sloten), en inrichtingen (tanks en bedrijfsactiviteiten). Deze gegevens zijn opgenomen in bijlage 1.
Voor het ontwerp bestemmingsplan van Sliedrecht Buiten en het Stationspark is geen aanvullend bodemonderzoek nodig. Het inventariseren van (potentieel) ernstige gevallen van bodemverontreiniging binnen het plangebied is voldoende voor de bestemmingsplanwijziging. Op basis van reeds uitgevoerd bodemonderzoek en een
quick scan door de OZHZ (raadplegen bodeminformatiesysteem, historische kaarten en
bodemkwaliteitskaart) zijn de (potentieel) ernstige gevallen van bodemverontreiniging voldoende in beeld.
Daarom is in dit geval geen bodemonderzoek nodig voor de bestemmingsplanwijziging.
Op basis van het bodemonderzoek uit 2017 en de quick scan is er sprake van (potentiële) ernstige
gevallen van bodemverontreiniging De beschikbare informatie over de bodemkwaliteit is opgenomen in bijlage 1. Er is mogelijk sprake van sterke verontreinigingen en (potentiële) ernstige gevallen van
bodemverontreiniging op de locatie. Dit hoeft geen belemmering voor de bestemmingsplanwijziging te zijn, aangezien de locatie naar verwachting door sanering wel geschikt is te maken voor het toekomstige gebruik.
De potentieel ernstige gevallen van bodemverontreiniging zijn opgenomen in bijlage 1. Dit betreft onder
andere het volgende: -
Verontreiniging met zware metalen op het sportpark.
-
Mogelijke verontreinigingen ter plaatse van de gedempte sloten, dit kan onder andere asbest
bevatten. -
Mogelijke PFAS-verontreiniging op de gehele locatie. De locatie valt binnen de verwachtingszone depositiezone Alblasserwaard (zone 2) waar gehaltes tussen 10 en 120 pg/kg verwacht worden.
In hoeverre de saneringskosten een belemmering vormen voor de geplande ontwikkelingen op de locatie, is op basis van deze beschikbare informatie niet door ons in te schatten zonder eerst bodemonderzoek te hebben uitgevoerd. De bestemmingsplanwijziging kan, voor wat de bodem betreft, wel plaatsvinden. Voorafgaand aan de geplande herontwikkeling is wel bodemonderzoek benodigd.
Voorafgaand aan herontwikkeling of andere grondwerkzaamheden op de locatie dient de milieuhygiënische
kwaliteit van de bodem te worden onderzocht door middel van een verkennend bodemonderzoek conform
de geldende richtlijnen.
2
De benodigde bodemonderzoeken voor de herontwikkeling en aanvraag van de omgevingsvergunning zijn
opgenomen in bijlage 2 bij dit advies. Het onderzoek moet aangepast worden op de locatie en ontgravingswerkzaamheden van de geplande herontwikkeling. Daarnaast moet het bodemonderzoek
aangepast worden op de huidige wet- en regelgeving. Zo moet de bodem nog onderzocht worden op PFAS, wat naar verwachting verhoogd voorkomt op de locatie. Het bodemonderzoek uit 2017 beslaat niet de volledige voor de herontwikkeling beoogde locaties:
•
Enkele agrarische percelen en het oostelijke deel van de toekomstige sportvelden zijn nog niet onderzocht. Doordat enkele percelen nog niet toegankelijk waren voor bodemonderzoek en doordat de situering van het toekomstige sportpark is gewijzigd.
•
Het meest oostelijke deel van het huidige sportveld is nog niet onderzocht (ter hoogte van de
tennisvelden.
Daarnaast moet het bodemonderzoek aangepast worden op de huidige wet- en regelgeving. Er dient onderzoek plaats te vinden naar PFAS op de gehele locatie. Op basis van de PFAS
verwachtingskaart van de regio Zuid-Holland Zuid, worden verhoogde concentraties PFAS verwacht. De
mogelijke uitloging van de infill korrels op het kunstgrasveld onderzocht te worden. En op basis van het bodemonderzoek uit 2017 is nader onderzoek benodigd naar enkele verontreinigingen.
Vervolg Op basis van het bodemonderzoek uit 2017 en de quick scan kan worden geconcludeerd dat de
vermoedelijke aanwezige bodemverontreinigingen de gewenste ontwikkelingen binnen de bestemmingsplanwijziging(en) niet onmogelijk maken. Voor uitvoering van de herontwikkeling is een
historisch bodemonderzoek conform de NEN 5725 benodigd en een verkennend bodemonderzoek conform
de NEN 5740 benodigd. Het bodemonderzoek wordt bij aanvraag van een omgevingsvergunning nogmaals getoetst. Indien er sprake is van een ernstig geval van bodemverontreiniging, wordt hierbij aangegeven dat een
omgevingsvergunning vanuit bodemkundig oogpunt wel kan worden verleend, echter nog niet in werking kan treden. Conform de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), artikel 6.2.c kan in het geval van een ernstig geval van bodemverontreiniging een omgevingsvergunning pas in werking treden nadat
door het bevoegd gezag is bepaald dat geen sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging, of
is ingestemd met het saneringsplan of een melding in het kader van het Besluit uniforme saneringen (BUS).
Bijlage:
1. Beschikbare bodeminformatie Stationspark en Sliedrecht Buiten 2. Benodigde bodemonderzoeken
3
Bijlagen bij bodemadvies Stationspark en Sliedrecht Buiten 1.
Beschikbare bodeminformatie Stationspark en Sliedrecht Buiten
2.
Benodigde bodemonderzoeken
1. Beschikbare bodeminformatie Stationspark en Sliedrecht Buiten Quick scan bodemkwaliteit:
Bodemkwaliteitskaarten:
Bovengrond: Achtergrondwaarde
Ontgravingskaart:
•
Ondergrond: Achtergrondwaarde
•
Bovengrond: Achtergrondwaarde
Toepassingskaart:
Ondergrond: Achtergrondwaarde
•
Functiekaart:
Sliedrecht Buiten: Landbouw/Natuur
Sportpark: Industrie
• •
PFOA Toepassingszone:
Zone B, Pluimzone
PFOA Verwachtingszone: Westelijkdeel: Zone 1,0-10 ug/kg.
Oostelijk deel: Zone 2, depositiezone Alblasserwaard, 0-120 ug/kg.
De verwachtingszones van PFAS zijn weergegeven in onderstaande afbeelding. Op basis hiervan worden verhoogde gehaltes PFAS op de locatie verwacht, tot boven de interventiewaarde. Toepassing van uitkomende
grond kan daardoor beperkingen opleveren.
N
De Donk
iw-Lekkerland Brandwijk
Bleskensgraal
Pinkenveer
Koomwik Oud-Alblas
‘dlleieg lein Wijngaarden
Schelluiner idekerk
Papendrecht
Boven-Hardi
Vicie;
“ty
Werkendam
N3
Dordrecht
Figuur 2 Verwachtingszone PFAS. Aan de rechterzijde is de tekening ingezoomd op de onderzoekslocatie. Het kruis me de gele contour geeft de locatie van Sliedrecht Buiten en het Stationspark aan. De oranje contour geeft de grens van zone 2 aan. De groene contour geeft de grens van zone 1 aan. Het oostelijke deel van de onderzoekslocatie valt in zone 2, hier worden gehaltes >10 ^g/kg ds PFAS verwacht. In het westelijke deel (zone 1) worden gehaltes tussen 2,5 en 10 ^g/kg ds PFAS verwacht.
4
Historische topografie Op de locatie is spraken van een groot aantal sloten en gedempte sloten (zie onderstaande afbeelding). Met name
ter plaatse van het Stationspark (huidig sportpark) is sprake van een groot aantal gedempte sloten. Deze zijn
verdacht op het voorkomen van puin, bodemverontreiniging en asbest door het toepassen van mogelijk
verontreinigd dempingsmateriaal. Dit dient nader onderzocht te worden in het bodemonderzoek voor de omgevingsvergunning.
Ter plaatse van de agrarische percelen (toekomstig sportpark) is er eveneens sprake van enkele (puin)dammetjes. Deze dienen ook nog onderzocht te worden. Dit in verband met het mogelijk voorkomen van puin en asbest.
5pbe
0.2 EP
”9
Figuur 3: Historische topografie ter plaatse van Sliedrecht Buiten en Stationspark in 1950.
Niet gesprongen explosieven
De locatie is deels verdacht op het voorkomen van explosieven/ontplofbare oorlogsresten: het zuidoostelijke deel van het huidige sportpark is verdacht op het vorkomen van niet gesprongen explosieven. Het overige deel van de
onderzoekslocaties is niet verdacht op basis van het vooronderzoek conventionele explosieven gemeente Sliedrecht (kenmerk: GPR8259, T&A Survey B.V., 20 maart 2020). De verdachte locatie is in onderstaande afbeelding weergegeven.
Kweldamweg
Sportpark
Figuur 4: Status niet gesprongen explosieven. Rood: verdacht op het voorkomen van, oranje: verdacht, maar naoorlogs geroerd/beperkt vrijgegeven.
5
Uitgevoerd bodemonderzoek (BK, 2017) Uit het bodemonderzoek uit 2017 blijken de volgende resultaten: • De grond voldoet in hoofdlijnen aan de bodemkwaliteitsklasse ‘achtergrondwaarde’, met plaatselijk klasse ‘wonen’ of ‘industrie’. Er zijn geen tot licht verhoogde gehaltes voor enkele metalen, PCB en/of PAK in de grond aangetroffen. • Ter plaatse van het huidige sportpark is plaatselijk is matig tot sterk met zware metalen verontreinigde grond aanwezig. • In het grondwater zijn over het algemeen licht verhoogde gehaltes voor barium gemeten. Daarnaast zijn licht verhoogde gehaltes voor xylenen, arseen en/of chroom in het grondwater aangetroffen. • Aan weerszijden van de tribune op het huidige sportpark is sprake van een matige tot sterke verontreiniging met zware metalen in de grond. Dit is ook opgenomen in een bodemonderzoek uit 2013 op Sportlaan 7 (verkennend bodemonderzoek door Inventerra, kenmerk: 03-2087-R01JV, datum: 03-06-2013). • Op het sportpark is sprake van een erfverharding met slakken. Deze laag is nog niet onderzocht. Deze laag is eerder aangetroffen (maar niet onderzocht) in een verkennend bodemonderzoek van Inpijn Blokpoel op Sportlaan 7 (kenmerk: MA-2550, datum: 18 juli 2003).
2. Benodigde bodemonderzoeken Beide locaties dienen volledig onderzocht te zijn voor de herontwikkeling en de milieuvergunning. De nog benodigde onderzoeken dienen conform de huidige wet- en regelgeving uitgevoerd de worden: • Verkennend bodemonderzoek moet worden uitgevoerd volgens de NEN 5740. Het historisch vooronderzoek moet worden uitgevoerd volgens de NEN 5725. • Waterbodemonderzoek moet worden uitgevoerd volgend de NEN 5720. • Onderzoek naar asbest in grond moet worden uitgevoerd volgende de NEN 5707. • Nader bodemonderzoek moet worden uitgevoerd in lijn met de NTA 5755. • Van de aanwezige (half)verharding dienen de hergebruiksmogelijkheden te worden bepaald door middel van een asfalt- en/of verhardingsonderzoek.
Concreet betekent dit dat de volgende bodemonderzoeken nog uitgevoerd moeten worden, aanvullend op
het bodemonderzoek uit 2017:
•
De ontbrekende percelen uit het bodemonderzoek van 2017: o
Enkele agrarische percelen en het oostelijke deel van de toekomstige sportvelden. Doordat enkele percelen nog niet toegankelijk waren (o.a. perceel L1080) voor
bodemonderzoek en doordat de situering van het toekomstige sportpark is gewijzigd.
• • • • •
o Het meest oostelijke deel van het huidige sportveld (rondom het tennisveld). Een historisch bodemonderzoek wat de periode van 2017 tot nu overbrugt, en benodigde bodemonderzoeken die hieruit volgen. Bodemonderzoek naar de puinhoudende grond ter plaatse van dammen (inclusief asbest) (ter plaatse van de agrarische percelen) Waterbodemonderzoek in de huidige sloten ter plaatse van de agrarische percelen Bodemonderzoek naar het dempingsmateriaal van de voormalige sloten (zowel ter plaatse van de agrarische percelen als het huidige sportpark). Waterbodemonderzoek watergang noord op het huidige sportpark.
Het beleid en richtlijnen voor bodemonderzoek zijn gewijzigd sinds 2017. Hierop moet het bodemonderzoek
aangepast worden: • Er dient een volledig bodemonderzoek naar PFAS (en Gen-X) uitgevoerd te worden op de gehele locatie. • Er is inzicht nodig over de bodemkwaliteit en uitloging ten gevolg van het gebruik van infill (SBR korrels) ter plaatse van de kunstgrasvelden op het huidige sportpark. Naar aanleiding van het bodemonderzoek uit 2017 is nader bodemonderzoek benodigd op het huidige
sportpark:
6
•
Gebied aan weerszijde van de huidige tribune i.v.m. matige tot sterke verontreiniging met zware
• •
Gebied waar slakken op het sportcomplex zijn aangetroffen.
metalen in de grond Gebied ter plaatse van puinbijmengingen en matig tot sterk verontreinigde grond (Boring 234-3).
7
Noot In dit document zijn gedeeltes onleesbaar gemaakt op grond van artikel 5 van de Wet open overheid: • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (e-mail) • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (naam)
Bijlage 16 Geluidsonderzoek
(vastgesteld) Sliedrecht Buiten & Stationspark III NL.IMRO.0610.SBSTPIII-3001
476 - 721
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Rapport Zaaknummer
Dossier
Opsteller Onderwerp
Z-21-400403
/ Quick-Scan geluid Sliedrecht Buiten / Stationspark III
Quick-Scan geluid Sliedrecht Buiten / Stationspark III
Opdrachtgever
Gemeente Sliedrecht
Contactpersoon
Opdrachtnemer Contactpersoon
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Kenmerk
D-23-2341093
Datum
30 juni 2023
Inhoud 1.
Inleiding..................................................................................................................................... 3
2.
Planvoornemen.......................................................................................................................... 3
3.
Wettelijk kader........................................................................................................................... 4
4.
Uitgangspunten.......................................................................................................................... 4
5.
Berekeningsresultaten............................................................................................................... 5
6.
Conclusies................................................................................................................................. 5
Bijlagen Bijlage 1: Verkeerscijfers Bijlage 2: Rekenmodel wegverkeerslawaai
Bijlage 3: Beschouwde woningen
1.
Inleiding
Naar aanleiding van de doorstart van het bestemmingsplan Sliedrecht Buiten / Stationspark III heeft
de gemeente Sliedrecht aan de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) verzocht om de verandering van de geluidssituatie door deze planontwikkeling (opnieuw) in beeld te brengen en te rapporteren. Het betreft een update van een eerder, in april 2022, door OZHZ gegeven advies. De veranderingen ten opzichte van het voorgaande advies omvatten de wijzigingen van het plan en
het gebruik van het nieuwste verkeersmodel (RVMK 2022 prognosejaar 2033).
2.
Planvoornemen
De beoogde planontwikkeling bestaat uit het verplaatsen van de huidige sportvelden aan de
Sportlaan naar een locatie ten noorden van de Betuweroute langs de N482. Tevens worden de voormalige sportvelden aan de Sportlaan ingericht als bedrijventerrein voor
bedrijfshuisvesting met een ondergeschikte kantoorfunctie (Stationspark III). Het voornaamste verschil na de doorstart is dat de oriëntatie/indeling van de sportvelden is veranderd. Figuur 1 toont twee schetsen van deze plangebieden:
18696m2 593m2
‘326m2
71O9tn2
‘285m2
Totale oppervlakte ontwikkel locatie: Totaal uitgeefbare oppervlakte:
18696 m2 (water bestaand 7794 m2) Totaal groen / openbare ruimte
SSSB ilei El
Figuur 1: Plangebieden Sliedrecht Buiten (onder) en Stationspark III, Sliedrecht (boven)
De globale ligging van het plangebied ten opzichte van de omgeving wordt onderstaand getoond:
— "
Figuur 2 : Globale ligging plangebied Sliedrecht Buiten / Stationspark III
3.
Wettelijk kader
Het plangebied voorziet niet in de bouw van nieuwe geluidsgevoelige objecten. Het uitvoeren
van een uitgebreid akoestisch onderzoek en het zo nodig vaststellen van een hogere grenswaarde is daarom niet noodzakelijk.
Als gevolg van de planontwikkelingen wordt wel een toename van de geluidsbelasting verwacht op de langs de ontsluitingswegen gelegen geluidsgevoelige bestemmingen. Onderzocht is of er ten gevolge van het plan een significante toename van de geluidsbelasting plaatsvindt.
Voor het beoordelen van de grootte van de geluidstoename is aansluiting gezocht bij het hoofdstuk 'reconstructies' uit de Wet geluidhinder. Kort gezegd is geen sprake van een
significante geluidstoename als de toename van de geluidsbelasting 1,5 dB of lager is.
4.
Uitgangspunten
Voor de verkeersgegevens op de rond het plan gelegen wegen is gebruik gemaakt van de recent opgeleverd Regionale VerkeersMilieuKaart (RVMK) Drechtsteden. Als basis is voor de
verkeersgegevens uitgegaan van het prognosejaar 2032 (laag scenario). In 2017/2020 is voor vrijwel dezelfde planontwikkeling qua grootte de verkeersproductie
berekend. De verkeerstoename is in dit onderzoek hetzelfde aangehouden alleen de verkeersproductie van de hengelsportvijver is in deze situatie buiten beschouwing gelaten.
De nieuwe functies worden vooral ontsloten via de Kweldamseweg, de Provincialeweg N482, de Sportlaan en de Parallelweg. Op de overige wegen wordt geen significante
Zaaknummer: Z-21-400403 QuickScan geluid Sliedrecht Buiten / Stationspark III
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Pagina 4 van 5
verkeersbijdrage verwacht omdat de toename van het verkeer op die wegen zeer gering zal zijn in relatie tot de aanwezige verkeersintensiteit. Dit gegeven is ook van toepassing op de
Rijksweg A15 zodat het effect van de verkeerstoename op de Rijksweg A15 ook niet is
beschouwd.
Een overzicht van de ligging van de beschouwde wegen, een tabel met de verkeersaantrekkende werking van het plan zijn opgenomen in bijlage 1.
Berekeningen zijn uitgevoerd met Standaardrekenmethode 2 uit het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Als uitgangspunt is het omgevingsmodel gebruikt dat is opgesteld in het kader van het project geluidsbelastingkaarten. In bijlage 2 is een overzicht
van het ontwikkelde rekenmodel gepresenteerd. In bijlage 3 is daarnaast op enkele afbeeldingen de ligging van de woningen rond het plan
aangegeven en de woningen die langs de ontsluitingsroute naar de Rijksweg A15 zijn gelegen. Dit betreft enerzijds de woning langs het Buitendams, in de gemeente Hardinxveld-
Giessendam, die langs de oostelijke route naar de A15 is gelegen. Daarnaast zijn in westelijke richting ook enkele woningen binnen de gemeente Sliedrecht langs de
ontsluitingsroute naar de A15 gelegen.
5.
Berekeningsresultaten
In de hierna opgenomen tabel zijn de berekeningsresultaten gepresenteerd.
Tabel : Geluidseffecten planontwikkeling Sliedrecht Buiten en Stationspark III. Geluidsbelasting [dB]
Adres Beyerinckstraat 1 Buitendams 508 Calandstraat 1 Kweldamseweg 2 Stationsweg 233
Referentie 63,8 58,7 63,2 55,6 63,9
Plan
Verandering
63,8 59,1 63,3
0
55,7 64,1
0,4 0,1 0,1 0,2
Uit de resultaten blijkt dat de geluidtoename op de bestaande woningen afgerond niet hoger dan 0 dB bedraagt. De hoogste toename bedraagt 0,4 dB en is berekend op de woning Buitendams 508
langs het Buitendams. Alhoewel de verkeerstoename langs deze weg relatief gering is (circa 10%),
is door de relatief lage verkeersintensiteit zonder plan toch sprake van enige geluidstoename. Omdat
de toename lager is dan 1,5 dB is er geen sprake van een significante, hoorbare geluidstoename.
6.
Conclusies
In deze notitie zijn de akoestisch effecten onderzocht van de planontwikkeling in Sliedrecht Buiten
en Stationspark III. Uit het onderzoek wordt geconcludeerd dat de verkeersproductie door de
planontwikkeling geen significante hoorbare geluidstoename veroorzaakt op bestaande woningen langs de ontsluitingsroutes van het plan. Het aspect geluid leidt daarom niet tot belemmeringen
voor de ontwikkelingen in dit plan.
Zaaknummer: Z-21-400403 QuickScan geluid Sliedrecht Buiten / Stationspark III
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
Pagina 5 van 5
Bijlage 1: Verkeerscijfers
428000
0
m
schaal = 1 : 15000
Sliedrecht Buiten + Stationspark III
N
Wegen Bodemgebieden Gebouwen
427000
miran /Ls
426000
112000 113000 RMG-2012, wegverkeer, [Wegverkeerslawaai juni 2023 - Afbeelding wegnummers planeffect] , Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: KuiperCompagnons
Wegnummering planbijdrage
114000
115000
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
9
Tabel : Verkeersgegevens planeffect Sliedrecht Buiten en Sportpark III. Wegnaam
Weg
Intensiteit Snelheid
Nummer
2018
[km/h]
Ontsluitingsweg
1
1290
50
Sportlaan ri. oosten (90%)
2
1161
50
Dagperiode
Wegdektype
Avondperiode
daguur
licht
middel zwaar avonduur
Referentiewegdek
7,28
83,64
7,67
8,68
Referentiewegdek
7,28
83,64
7,67
8,68
Nachtperiode
nachtuur
licht
middel zwaar
8,68
0,60
83,64
7,67
8,68
8,68
0,60
83,64
7,67
8,68
licht
middel zwaar
1,96
83,64
7,67
1,96
83,64
7,67
Parallelweg ri. westen (10%)
3
129
50
Referentiewegdek
7,28
83,64
7,67
8,68
1,96
83,64
7,67
8,68
0,60
83,64
7,67
8,68
Verkeersbijdrage noordelijke deel (100%)
7
1514
60
Referentiewegdek
7,28
100,00
0,00
0,00
1,96
100,00
0,00
0,00
0,60
100,00
0,00
0,00
Parallelweg/Stationsweg ri westen (50%) sportterrein
8
757
50
Referentiewegdek
7,28
100,00
0,00
0,00
1,96
100,00
0,00
0,00
0,60
100,00
0,00
0,00
Sportlaan ri oosten (50%) sportterrein
9
757
50
Referentiewegdek
7,28
100,00
0,00
0,00
1,96
100,00
0,00
0,00
0,60
100,00
0,00
0,00
Bijlage 2: Rekenmodel wegverkeerslawaai
Toetspunten Bodemgebieden
Gebouwen
Kruisingen
Minirotondes Schermen
Hoogtelijnen Adrespunten
428000 F
0m
Sliedrecht Buiten + Staionspark III
N
Wegen
600 m
schaal = 1 : 14000
427000 E
ifülsöni 112000 113000 114000 RMG-2012, wegverkeer, [Wegverkeerslawaai juni 2023 - Wegverkeer Sportpark Sliedrecht planvariant ; 2033 laag + planeffect] , Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: KuiperCompagnons
Overzicht rekenmodel wegverkeerslawaai conform Standaardrekenmethode 2
115000
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
In
Bijlage 3: Beschouwde woningen
426400 F
0m
60, m
schaal = 1 : 1500
Wegverkeer Sportpark Sliedrecht planvariant ; 2033 laag + planeffect
Wegen Toetspunten Bodemgebieden Gebouwen Kruisingen Minirotondes Schermen Hoogtelijnen
426300
Ligging woning Buitendams 508
Oostelijke ontsluiting naar de A15
115100
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
114800 114900 115000 RMG-2012, wegverkeer, [Wegverkeerslawaai juni 2023 - Wegverkeer Sportpark Sliedrecht planvariant ; 2033 laag + planeffect] , Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: KuiperCompagnons
Wegen Toetspunten, —chieden
( O O
Ge bouwen s:s&seegtefsen
40.m 1 - 1000
schaal =
, straa 427000
stationSW 3
( 5 (n
112900
18380% KuiperComPagnons
.022.4 rev 1 Licentien
,. eftecq • Geomile"
. t ■ 2033 laag + pla
112700
1023- wegverkeer SPOTR . lawaai juni 2045
426900
n N egvel rkeerS
2012 wegverkeer Ue9
RMG-2’
Ligging
sportpark Sliedrecht vlanvan
woning
Stationsweg en
westelijke ontsluiting
Calandstraat
naar de A15
o
427400 F
0m
40 m schaal = 1 : 1000
Beyerinckstraat 1
©
Wegverkeer Sportpark Sliedrecht planvariant ; 2033 laag + planeffect
Wegen Toetspunten Bodemgebieden Gebouwen Kruisingen Minirotondes Schermen Hoogtelijnen Adrespunten Hulpvlakken
427300 -
Ligging woning Beijerinckstraat Westelijke ontsluiting naar de A15
111700
Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
111600 RMG-2012, wegverkeer, [Wegverkeerslawaai juni 2023 - Wegverkeer Sportpark Sliedrecht planvariant ; 2033 laag + planeffect] , Geomilieu V2022.4 rev 1 Licentiehouder: KuiperCompagnons
Noot In dit document zijn gedeeltes onleesbaar gemaakt op grond van artikel 5 van de Wet open overheid: • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (naam)
Bijlage 17 Verkeerskundige beoordeling Sliedrecht Buiten
(vastgesteld) Sliedrecht Buiten & Stationspark III NL.IMRO.0610.SBSTPIII-3001
492 - 721
Verkeerkundige toelichting/onderbouwing Sliedrecht Buiten Aanleiding De beoogde functies waarvan het plan Sliedrecht Buiten uitgaat, leiden tot een parkeeropgave en het verkeer dat deze ontwikkelingen genereert moet adequaat worden afgewikkeld. Daarnaast is de bereikbaarheid voor fietsers eveneens belangrijk. Het plan voorziet in circa 350 parkeerplaatsen en een zo te noemen kiss & Ride strook die tevens ruimte kan bieden aan vier touringcars. De ontsluiting van het nieuw beoogde sport- en recreatiecomplex is voorzien via één aansluiting op de Kweldamweg ter hoogte van de rotonde Provincialeweg N482/Parallelweg/Kweldamweg. De parkeeropgave en verkeersontsluiting worden in deze notitie nader toegelicht en onderbouwd.
Parkeren De locatie Sliedrecht Buiten is gelegen buiten de bebouwde kom. De vigerende Parkeernormennota Sliedrecht 2016 kent alleen parkeernormen voor de gedefinieerde gebieden 'centrum' en 'rest bebouwde kom'. Op basis van de adressendichtheid wordt gemeente Sliedrecht als 'sterk stedelijk' aangemerkt. Voor parkeernormen die qua functie of gebied niet benoemd zijn in de parkeernormen nota wordt gekeken naar CROW-publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren' (december 2018). Niet voor alle functies in het plan Sliedrecht Buiten zijn in de Parkeernormennota Sliedrecht 2016 of CROW-publicatie 381 de parkeernormen gegeven. Voor een aantal functies, zoals 'natuurspeelplein' en 'beweegplein' moet daarom aansluiting worden gezocht bij functies die daar (enigszins) aan gelijkgesteld kunnen worden, dan wel bij benadering op aansluiten. Voor ruimtes, zoals kleedkamers, bergruimtes, bestuurskamers, etc. die in het plan onder 'overige ruimten' worden geschaard, geeft CROW geen parkeernorm.
Het huidige parkeerterrein van Sportpark De Lockhorst heeft een capaciteit van circa 178 parkeerplaatsen. Dit parkeerterrein is in de jaren '90 van de vorige eeuw geherstructureerd en toen voorzien van gemarkeerde parkeervakken. Het parkeerterrein is bestemd voor de voetbal- en tennisvereniging en het onderkomen van Drechtwerk. Op het maatgevende moment, de zaterdag is het onderkomen niet in gebruik en is normaliter het hele parkeerterrein nagenoeg volledig beschikbaar voor beide sportverenigingen aan de Sportlaan. In de praktijk blijkt de capaciteit van 178 parkeerplaatsen niet altijd voldoende om volledig te voorzien in de parkeerbehoefte. Het parkeerterrein ten oosten van het zwembad is daarom een paar jaar geleden als extra parkeerterrein (P2) voor de voetbal aangewezen. Bezoekers worden op drukke momenten verwezen naar dit parkeeralternatief. In de praktijk verkiest die bezoeker (vanwege loopafstanden) echter te parkeren langs de ventweg Sportlaan of in voorkomende gevallen zelfs in de grasberm ten zuiden van het vrij liggende fietspad langs de Sportlaan.
Een parkeerberekening voor de huidige voetbal- en tennisvereniging op basis van een gemiddelde parkeernorm leidt tot een theoretische parkeerbehoefte van 209 parkeerplaatsen, zoals in tabel 1 aangegeven. Tabel 1: Parkeeropgave (auto) Sportpark De Lockhorst Functie:
W Sliedrecht
SLTC
Onderdeel:
Aantal/
omvang:
Parkeernorm:
Parkeer berekeningseenheid:
functie:
waarde:
eenheid:
Aantal p.p.:
Parkeeropgave:
per:
sportveld
6
veld
sportveld
3,84 hectare
20,00
ha. netto terrein
kantine (horeca)
193
m2 bvo
horeca ondergeschikt*
193 m2 bvo
0,00
100 m2 bvo
0,0
tribune
994
m2 bvo
stadion
900 zitplaats
0,12
zitplaats
108,0
15,5
76,8
overige ruimten
774
m2 bvo k/eedruimte, etc. **
774 m2 bvo
2,00
100 m2 bvo
tennis-/padelbaan
8
baan
sportveld
0,41 hectare
20,00
ha. netto terrein
8,2
kantine (horeca)
288
m2 bvo
horeca ondergeschikt*
288 m2 bvo
0,00
100 m2 bvo
0,0
overige ruimten
38
m2 bvo kleedruimte^ etc.
38 m2 bvo
2,00
100 m2 bvo
0,8 Totaal:
209
* Parkeernorm voor ondergeschikte horeca is 0,0 want horeca (kantine) is uitsluitend open op momenten dat sportaccommodaties open is en is alleen bedoeld voor sporters^bezoekers de accommodatie.
** Kleedruimtes, etc. maken geen onderdeel uit van het netto speelveld en worden appart meegerekend
Het huidige parkeerterrein met 178 parkeerplaatsen is onvoldoende om te voorzien in de theoretische parkeerbehoefte van 209 parkeerplaatsen. De berekening onderschrijft ook de
Verkeer en Vervoer IGemeente Sliedrecht 3 november 2023
Pagina 1 van 5
Verkeerkundige toelichting/onderbouwing Sliedrecht Buiten praktijksituatie op piekmomenten, wanneer bezoekers moeten uitwijken naar alternatieven om te kunnen parkeren. Voor het bepalen van de parkeeropgave van Sliedrecht Buiten is gerekend met de gemiddelde parkeernorm voor de functies die binnen deze ontwikkeling zijn opgenomen. Extra functies ten opzichte van Sportpark De Lockhorst zijn een sportschool en de combinatie van TOP, natuurspeeltuin en beweegplein. In tabel 2 is de berekening aangegeven, die leidt tot een parkeeropgave van 348 parkeerplaatsen. Tabel 2: Parkeeropgave (auto) Sliedrecht Buiten Parkeer berekenings-
Aantal/ Onderdeel:
Functie:
Voetbal
Tennis
Sportschool
Parkeernorm: Parkeeropgave:
eenheid:
waarde:
functie:
sportveld
6
veld
kantine (horeca)
225
tribune
eenheid:
Aantal p.p.:
per:
76,8
sportveld
3,84 hectare
20,00
ha. netto terrein
m2 bvo
horeca ondergeschikt*
225 m2 bvo
0,00
100 m2 bvo
0,0
375
m2 bvo
stadion**
340 zitplaats
0,12
zitplaats
40,8
overige ruimten
1966
m2 bvo
kleedruimte, etc. ***
1966 m2 bvo
2,00
100 m2 bvo
39,3
tennis-/padelbaan
8
baan
sportveld
0,41 hectare
20,00
ha. Netto terrein
8,2
overige ruimten
38
m2 bvo
kleedruimte, etc,
38 m2 bvo
1,00
100 m 2 bvo
0,4
sportschool
1400
m2 bvo sportschool
1400 m2 bvo
6,50
100 m 2 bvo
91,0
635
m2 bvo sportveld
0,06 hectare
20,00
ha. netto terrein
1,3
2500
m2 bvo speeltuin
2500' m2 bvo
2,60
100 m2 bvo
65,0
1 TOP
25,00
TOP
25,0
351 m2 bvo
0,00
100 m 2 bvo
beweegplein
TOP, natuur- en beweegtuin natuurspeeltuin
Gemeenschappelijk, horeca
omvang:
TOP
1
n.v.t.
toeristisch overstappunt****
horeca
351
m2 bvo
horeca ondergeschikt*
0,0 Totaal:
348
* Parkeernorm voor ondergeschikte horeca is 0,0 want horeca (kantine) is uitsluitend open op momenten dat sportaccommodaties open is en is alleen bedoeld voor sporters/bezoekers de accommodatie.
Capaciteit huidige tribune ca. 900 zitplaatsen, nieuwe tribune (375/994)x900= 340 zitplaatsen —> afgerond 350 zitplaatsen ^^^Kieednjimtes, etc. maken geen onderdeel uit van het netto speelveld en worden appart meegerekend, hiervoor is gerekend met 2 parkeerplaatsen per 100 m2 bvo ***** Voor het Toeristische OverstapPunt is een aanname gedaan, omdat er geen CROW-kencijfers van bekend zijn
De theoretische parkeerbehoefte is berekend op 348 parkeerplaatsen, waarin het plan Sliedrecht Buiten met 350 parkeerplaatsen voorziet. De berekening geldt voor de zaterdag op het moment dat alle functies samen de maximale theoretische parkeervraag hebben. De parkeercapaciteit in het plan is voldoende om te voorzien in de parkeerbehoefte.
Ontsluiting Het CROW geeft niet van alle binnen het plan Sliedrecht Buiten beoogde functies een verkeersgeneratie. Voor de onderdelen sportveld (inclusief overige ruimten) is ervanuit gegaan dat iedere parkeerplaats drie keer wordt gebruikt op zaterdag. Dit wordt de turnover genoemd. Voor het onderdeel tribune van de functie voetbal is een turnover van 1 aangehouden, omdat de tribune alleen volledig bezet wordt bij thuiswedstrijden van het eerste voetbalteam. Bezoekers met de auto komen alleen voor de wedstrijd in de middag, wat één rit heen en één rit terug genereert. Voor de functies sportschool en natuurspeeltuin geeft CROW-kencijfers voor verkeersgeneratie per 100 m2 bvo. In tabel 3 is de berekening van de verkeersgeneratie aangegeven. Het resultaat ervan leidt tot een te verwachten aantal motorvoertuigbewegingen van circa 1.650 op een zaterdag voor Sliedrecht Buiten.
ertuigbewegingen
iderdeel:
1OO m2 bvo
voetbal
sportschool
beweegpleii
sportveld + overige ruimten stadion/tribune_________ sportveld + overige ruimten sportschool sportveld speeltuin Toeristisch Overstappunt
1400
46,
igbewegingen
1646
Verkeer en Vervoer IGemeente Sliedrecht 3 november 2023
Pagina 2 van 5
Verkeerkundige toelichting/onderbouwing Sliedrecht Buiten Het verkeer met de bestemming Sliedrecht Buiten zal hoofdzakelijk zo niet nagenoeg uitsluitend via de Provincialeweg N482 (noord en zuid) aankomen en wegrijden en nagenoeg alleen het gedeelte van de Kweldamweg tussen de rotonde en de entree van Sliedrecht Buiten belasten. De Kweldamweg is een Erftoegangsweg, type 1 met een maximumsnelheid van 60 km/h en heeft een rijbaanbreedte van ruim 5,50 meter. In het plan Sliedrecht Buiten is voorzien dat er tussen de rotonde N482 en de entree van Sliedrecht Buiten een vrij liggend twee richtingen fietspad komt in aansluiting op het vrij liggend twee richtingen fietspad ten oosten van de Provincialeweg N482. Fietsers krijgen zo hun eigen verkeersruimte fysiek gescheiden van het autoverkeer op de Kweldamweg. De huidige verkeersbelasting op de Kweldamweg ligt voor een gemiddelde weekdag nu nog ruim onder de 2.500 motorvoertuigbewegingen per etmaal maar zal met de toename van verkeer met 1.650 motorvoertuigbewegingen ten gevolge van Sliedrecht Buiten op zaterdag vrijwel zeker boven de 2.500 a 3.000 motorvoertuigbewegingen uitkomen.
De intensiteit van 2.500 a 3.000 mvt/etmaal is een kritische grens waarbij het CROW voor een Erftoegangsweg, type 1 (ZONE 60) afhankelijk van het belang van de weg in relatie tot fietsroutenetwerk aanbeveelt om fietsvoorzieningen (fietsstroken of fietspad) aan te brengen. Het plan Sliedrecht Buiten gaat al van een vrij liggend tweerichtingsfietspad. De fietsinfrastructuur wordt daardoor al direct optimaal uitgevoerd. Daarmee is de fietsveiligheid op de Kweldamweg tussen de rotonde N482 en entree Sliedrecht Buiten geborgd. Ook wanneer in de toekomst op de Kweldamweg de verkeersintensiteiten ruim(er) boven de 3.000 mvt/etmaal uitkomen. De enkelstrooksrotonde Provincialeweg (N482)/Parallelweg/Kweldamweg beschikt over voldoende capaciteit (zie ook tabel 4, met bijbehorende toelichting) om het extra autoverkeer dat Sliedrecht Buiten genereert zonder problemen te kunnen verwerken. Juist ook op het maatgevende moment (de zaterdag) wanneer de sport- en recreatieve functies in Sliedrecht Buiten volledig benut/in gebruik zijn. Bovendien belast het fietsverkeer van/naar Sliedrecht Buiten nauwelijks, omdat veruit de meeste fietsers vanuit Sliedrecht vanaf het met verkeerslichten geregelde kruispunt Sportlaan/Stationsplein/Provincialeweg (N482) via het twee richtingsfietspad ten oosten van de N482 rijden en buiten de rotonde om aankomen en ook weer wegrijden.