Bijlage 6b - Bijlage bij de toelichting Bestemmingsplan Sliedrecht Buiten & Stationspark III (groot bestand) - kopie_Deel2.pdf
Tekst van het document
75-11 $71 ,
Afbeelding 2: Zwarte kraai (deel van staart zichtbaar), broedend in een es in het zuidoosten van het plangebied.
6 Effectbeoordeling Er zijn geen nesten van roofvogels waargenomen in en om het plangebied. Er is daarom geen sprake van negatief effect als gevolg van de geplande ontwikkeling.
De geplande ontwikkeling leidt niet tot een overtreding van de Wet natuurbescherming, een ontheffingsaanvraag is in dit stadium niet nodig.
6
Aanvullend onderzoek roofvogels - Sliedrecht, Stationspark III
Breur Ecologie & Onderzoek
7 Conclusie & aanbevelingen De geplande ontwikkeling leidt niet tot negatief effect op roofvogels, ten aanzien van deze soortgroep heeft de ontwikkeling groen licht en het aanvragen van een ontheffing voor roofvogels is niet nodig. Let wel: toekomstige vestiging van roofvogels is nooit 100% uitgesloten en gezien de lange doorlooptijd van deze ontwikkeling (start bouwrijp maken in 2027) wordt aanbevolen om "vinger aan de pols” te houden: Middels reguliere monitoring (jaarlijks of om het jaar) kan men er zorg voor blijven dragen dat roofvogels met zekerheid afwezig zijn, of - indien een broedende roofvogel zich toch hier vestigt - de adequate vervolgstappen nemen.
Standaard maatregelen uit de quickscan in het kader van de Zorgplicht en algemene broedvogels blijven hiernaast onverminderd van kracht: •
•
Het plangebied is geschikt als nestplaats van algemene broedvogels. Deze nesten zijn beschermd wanneer zij in gebruik zijn. Hierom wordt aanbevolen om buiten het broedseizoen de vegetatie in het plangebied te verwijderen. Ook een braakliggend kaal terrein kan geschikt zijn voor bepaalde broedvogels. Bij een start van de werkzaamheden in het broedseizoen kan ecologische begeleiding noodzakelijk zijn (zoals het broedvogelvrij houden van het terrein en broedvogelinspecties). In het kader van de zorgplicht dient men zorg te dragen voor alle in het wild levende planten en dieren. Onnodige schade dient te allen tijde te worden voorkomen. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat wanneer er zich een egel of een pad in het werkveld bevindt dat deze verplaatst wordt, dan wel de gelegenheid dient te krijgen om het werkgebied op eigen kracht te verlaten.
7
Aanvullend onderzoek roofvogels - Sliedrecht, Stationspark III
Breur Ecologie & Onderzoek
Bronvermelding Ministerie van Economische zaken. 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen.
Kaartmateriaal:
http://pdokviewer.pdok.nl
Beschermde gebieden:
https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/googlemapszoek2.aspx https://www.zuid-holland.nl/overons/feiten-cijfers/interactieve/
Overig:
https://bagviewer.kadaster.nl https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/kennisdocumenten-soortenontheffingen-wet-natuurbescherming/
https://www.verspreidingsatlas.nl
https://waarneming.nl/
8
Noot In dit document zijn gedeeltes onleesbaar gemaakt op grond van artikel 5 van de Wet open overheid: • Art. 5.1 lid 2 onderdeel e Woo (naam) • (...)
Bijlage 10 Bomeneffectanalyse
(vastgesteld) Sliedrecht Buiten & Stationspark III NL.IMRO.0610.SBSTPIII-3001
219 - 721
Bomen Effect Analyse Planbeoordeling
Stationspark III, Sliedrecht -d.4 *
9
1
■ - “hr
en, .H a’ * -meen
F . t a-wh I “
f
I ;
.4'
in.
Vet
‘ie 4
—Y w ais
0) :
3i gr,
. :
.» ! Seri
— wad 10 ” gr. 3
•soeuddlle 5-" - } ' sh..“ we ■
4=
.
Jiea"... .2
ateian we
’7 ■
-
; ,
- i -.‘".-:-— -- . ■
-
‘*
sa. 2 “ '
-• . 3t
ante
<
"sui i
. n-e
"3 —* -ee)
***
-
OPDRACHTGEVER Gemeente Sliedrecht PROJECTCODE P22386
STATUS RAPPORTAGE Definitief, versie 2 DATUM RAPPORTAGE 24 augustus 2023
PROJECTTEAM , Projectleider , Adviseur Bomen , Adviseur Bomen , Adviseur Communicatie
~<I Bomenwacht N E D E R LA N D
IN
IDING
In opdracht van gemeente Sliedrecht, , heeft Bomenwacht Nederland een Bomen Effect Analyse (BEA) uitgevoerd bij 421 bomen aan de Sportlaan te Sliedrecht.
Aanleiding van deze BEA vormt het voornemen om de voetbal- en tennisvereniging die aan de Sportlaan gevestigd zijn te verplaatsen. Op de huidige locatie wordt een bedrijventerrein gerealiseerd. Voor dit project is een voorlopig ontwerp opgesteld. De 421 bomen staan binnen de werkgrenzen en ondervinden mogelijk (negatieve) gevolgen van de uit te voeren werkzaamheden. Uitgangspunt van de opdrachtgever is het duurzaam behoud van de bomen. Doelstelling van de BEA is meerledig: ? In kaart brengen van de algemene boomgegevens, de boomkwaliteit en de toekomstverwachting voor de bomen. ? In kaart brengen van de ondergrondse situatie bij een aantal representatieve bomen. ? Bepalen welke effecten de werkzaamheden zullen hebben op de bomen. ? Op basis van de onderzoeksresultaten een advies verstrekken met maatregelen en/of randvoorwaarden om de bomen zo mogelijk duurzaam in stand te houden. Op basis van de bevindingen kan een weloverwogen besluit worden genomen over de toekomst van de bomen.
(European Tree Technician), Adviseur Bomen bij Bomenwacht Nederland, heeft in de periode van 1 tot en met 7 juli 2022 de BEA uitgevoerd en vervolgens de rapportage opgesteld. De rapportage is technisch gecontroleerd door , eveneens European Tree Technician en Adviseur Bomen bij Bomenwacht Nederland. De beoordeling is uitgevoerd conform de offerte met het kenmerk P22386 van 17 juni 2022. In deze offerte is uitgegaan van circa 320 bomen. In de aangeleverde data bleken meer boompunten aanwezig te zijn en op locatie bleken nog meer boompunten aanwezig te zijn dan aangeleverd. Vandaar dat het aantal onderzochte bomen sterk afwijkt ten opzichte van het aantal bomen in de offerte. Hiervoor zijn aparte (prijs)afspraken gemaakt. In de periode juli 2022 - juli 2023 is het plan verder doorontwikkeld en is een alternatief voorkeursmodel opgesteld. Naar aanleiding hiervan heeft gemeente Sliedrecht een verzoek tot actualisatie van de BEA gedaan. Deze rapportage betreft de geactualiseerde definitieve versie (definitief, versie 2). De actualisatie heeft uitsluitend betrekking op een herbeoordeling van het ontwerp (bureaustudie). De locatie is niet opnieuw bezocht, de boomgegevens in deze rapportage hebben betrekking op het onderzoek van juli 2022.
Stationspark III, Sliedrecht
SI UA I De onderzoeksbomen staan op het terrein, rondom de velden en gebouwen, van voetbalvereniging ‘ VV Sliedrecht’ en tennisvereniging ‘ Sliedrechtse Lawn Tennisclub Beide verenigingen liggen aan de Sportlaan in Sliedrecht, ten noorden van de snelweg A15 en ten zuiden van de spoorlijn Dordrecht-Geldermalsen en de Betuwelijn. Aan de noordzijde en globaal in het midden van het onderzoeksgebied is een parkeerplaats aanwezig. In onderstaande afbeelding is het onderzoeksgebied weergegeven.
sportlaan Sportlaan
[Sportlaan
etbalvereniging ?
Sliedres" "
Sliedrechtse. Lawn Tennisclub
?
I
Onderzoeksgebied (rood omhjnd) met duidelijk zichtbaar de sportvelden en parkeerplaats. Bron afbeelding: Google Maps.
Het overgrote deel van de onderzoeksbomen staat in een bosplantsoenstrook die rondom het gehele sportcomplex is te vinden. Naast in het verleden aangeplante bomen zijn hier ook talloze struikvormers en zaailingen aangetroffen. Naast de aangeleverde boompunten zijn alleen bomen onderzocht met een diameter van 20 cm of meer en bomen die, op basis van soort of standplaats, duidelijk als individuele boom zijn geplant. In het bosplantsoen is in het verleden niet of nauwelijks gedund waardoor er ernstige onderlinge concurrentie is ontstaan. Het bosplantsoen heeft veelal een breedte van circa 8 meter. Tussen het bosplantsoen en de watergang is een schouwpad aanwezig.
Het sportcomplex ligt op de rand van Sliedrecht tegen de polder van Sliedrecht aan. Voor de aanleg van de sportvelden was dit gebied een veenpolder. Door de ligging nabij (op nog geen kilometer afstand) de rivier de Beneden Merwede werd qua bodemprofiel zowel veen als ook klei verwacht. Dit is in het ondergronds onderzoek ook daadwerkelijk aangetroffen (zie ook het hoofdstuk ‘ Resultaten ondergronds onderzoek’ op pagina 16). Geen van de onderzoeksbomen staat op de lijst met waardevolle bomen die recent (in 2022) opnieuw is vastgesteld. De lijst is op deze website gecontroleerd.
2
Stationspark III, Sliedrecht
< Bomenwacht
~I NEDERLAND
Rondom het gehele sportcomplex en tussen parkeerplaats, tennisvereniging en voetbalvereniging anderzijds is een watergang aanwezig. Vrijwel het gehele gebied heeft ten opzichte van de watergang een zeer beperkte drooglegging. Het maaiveld ligt slechts enkele decimeters boven het waterpeil. Hierop zijn een paar uitzonderingen: De berm met bomenrij die parallel aan de Sportlaan en ten noorden ligt van de watergang (ten westen van de parkeerplaats). • De parkeerplaats zelf en de berm met bomenrij eromheen. • Een gebied rondom de kantine van W Sliedrecht en het hoofdveld (kunstgrasveld ten westen van de tribune). •
De watergang ligt lager dan aangrenzende en omliggende watergangen. Er is sprake van een zogenaamd ‘onderbemalingsgebied’.
Stationspark III, Sliedrecht
hn
C' hoe yy
ye
-toe 4
Fel bid 99 Overzicht van bosplantsoen en watergang aan de zuidzijde van VV Sliedrecht.
Links de bomenrij langs de Sportlaan, rechts het terrein van VV Sliedrecht met beduidend lagere drooglegging.
90 80
a ,
Ander voorbeeld van beperkte drooglegging in de watergang tussen de tennis- en voetbalvelden.
Beperkte drooglegging (25 cm) zuidz.jde onderzoeksgebied. Vanaf de slootkant loopt het maaiveld nauwelijks op.
4
Stationspark III, Sliedrecht
< Bomenwacht
~I NEDERLAND
ONDERZOEKSMETHODE INVENTARISATIE BOMENBESTAND De inventarisatie van het bomenbestand verschaft inzicht in de huidige toestand van de bomen. Opgenomen worden: • Algemene gegevens die een beeld geven van de boom en zijn huidige omvang (zoals boomsoort, boomtype, stamdiameter, boomhoogte, kroondiameter, plantjaar). • Gegevens over het functioneren van de boom op zijn huidige standplaats, namelijk de kwaliteit (conditie, veiligheid, beheerbaarheid) en toekomstverwachting. De inventarisatie is uitgevoerd volgens de richtlijnen in het Handboek Bomen 2018, een uitgave van het Norminstituut Bomen.
Kwaliteit De huidige kwaliteit van elke onderzoeksboom is vastgesteld aan de hand van 3 aspecten: conditie, veiligheid en beheerbaarheid. Bij de conditiebeoordeling is met name gekeken naar de scheutlengte, de kroonstructuur en de knopgrootte en -bezetting. Tevens is er gelet op symptomen die wijzen op een aantasting (bijvoorbeeld door een insect of bacterie).
Bij de beoordeling van de veiligheid is gekeken naar biologische en mechanische aspecten die van invloed kunnen zijn op de stabiliteit en breukveiligheid van de boom. Voorbeelden hiervan zijn schimmelaantastingen, holten, zware takken en plakoksels. De beheerbaarheid van elke onderzoeksboom is beoordeeld aan de hand van diverse factoren. Naast de conditie en veiligheid zijn onder andere ook (knelpunten op) de standplaats, de resterende levensduur en het beoogde eindbeeld bepalend. De onderzoeksmethode van de kwaliteitsbeoordeling wordt nader toegelicht in de bijlagen.
Toekomstverwachting De toekomstverwachting wordt bepaald op basis van de parameters conditie, veiligheid, beheerbaarheid, en de specifieke eigenschappen van de boomsoort. Het betreft een schatting en gaat uit van een momentopname op basis van gelijkblijvende omstandigheden. Aan het einde van de gestelde toekomstverwachting voldoet de boom niet meer aan het beoogde eindbeeld zoals voorzien in het oorspronkelijke ontwerp. Dit kan betekenen dat de toekomstverwachting afwijkt van de biologische levensduur van een boom. Bij (voorgenomen) projecten waarbij binnen het projectgebied een herinrichting van de buitenruimte zal plaatsvinden, wordt in het algemeen handhaving van bomen met een toekomstverwachting van minder dan 15 jaar als ongewenst beschouwd. Bij een toekomstverwachting van meer dan 15 jaar is het (zeer) wenselijk de betreffende bomen in de nieuwe inrichting van het gebied een (duurzame) plaats te geven. Bij (voorgenomen) projecten waarbij herinrichting van de buitenruimte geen rol speelt, geldt voor bomen met een toekomstverwachting van minder dan 15 jaar dat de inspanningen en kosten die gemoeid zijn met behoud van de boom in verhouding moeten staan tot de toekomstverwachting die voor de boom geldt.
Stationspark III, Sliedrecht