Bijlage 1 - Programmabegroting 2024.pdf
Tekst van het document
27
Met het Programmaplan en de Omgevingsvisie zijn de lijnen en uitgangspunten voor de kernopgave ruimtelijke vernieuwing uitgezet. Vanuit het Programmaplan staan de doelen van de binnenstedelijke herstructurering, de realisatie van Sliedrecht-Noord en de realisatie van een nieuwe Noordzuidverbinding met Sliedrecht Noord over de A15/spoor centraal. De komende bestuursperiode willen we die doelen en de daarbij horende uitgangspunten rondom bijvoorbeeld kwaliteit, bereikbaarheid en duurzaamheid via een integrale werkwijze verder brengen. Daarbij is het nodig de samenhang tussen deze doelen én met de andere kernopgaven scherp te houden. De fysieke en sociale infrastructuur zijn immers nauw met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar. De komende jaren zetten we in Sliedrecht vol in op ruimtelijke vernieuwing. Het gaat dan bijvoorbeeld om het woningbouwprogramma, de kwaliteit van de buitenruimte en de ontmoetingsplekken. We willen die ontwikkelingen echter ook ten behoeve van de sociale infrastructuur benutten. Omdat we bij ruimtelijke projecten als herstructurering of de aanleg van een warmtenet veel in contact komen met mensen, ligt er vanuit ‘signalering en preventie’ ook een kans om goede verbindingen te leggen tussen het fysieke en het sociale.
Speerpunten Implementatie omgevingswet We werken de komende jaren verder aan de 28 acties die minimaal nodig zijn voor de implementatie van de Omgevingswet. Sommige acties moeten voor de implementatie uitgevoerd zijn en andere acties hebben een doorlooptijd tot 2032. We werken samen met de regio en ketenpartners verder aan de implementatie van de Omgevingswet. In 2024 gaan we aan de slag met:
het voortzetten van opleiden van collega's die te maken krijgen met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). een eerste versie van het Omgevingsplan verder uitwerken. de uitgewerkte en ingerichte DSO processen monitoren. de inrichting van de systemen voor VTH monitoren. verder oppakken van verordeningen en het omzetten naar de OW (mogelijk tot 2032) De gemaakte afspraken met de ketenpartners monitoren.
Sliedrecht Noord: publiek-private samenwerking
We stellen een masterplan voor Sliedrecht-Noord op met de kaders en ambities voor de ontwikkeling in de polder, inclusief de aansluiting op de Noord-zuidverbinding. We werken de ontwikkelstrategie uit voor Noord. We werken samen met marktpartijen toe naar een samenwerkovereenkomst en ontwikkelafspraken.
Sliedrecht Oost: vernieuwing via meerjarig schuifplan
In 2024 vindt de nadere planuitwerking plaats voor de deelprojecten van de binnenstedelijke herstructurering. We zetten de de ruimtelijke planprocedure (globaal bestemmingsplan) voort voor de locaties die onder de binnenstedelijke herstructurering vallen. We werken aan het participatieproces en bereiden de projectontwikkeling voor van een aantal deelgebieden.
28
Nadat de samenwerkingsovereenkomst door beide partijen is getekend en de samenwerkingsfase is gestart, ambiëren we in 2024 te werken aan het opstellen van een realisatieovereenkomst met Tablis Wonen en/of een nader te bepalen marktpartij.
We maken een ontwikkelstrategie om tot een gebalanceerd woningbouwprogramma te komen voor de bouw van 2.500 woningen tot 2040.
We stellen een ontwikkelstrategie op voor Sliedrecht-Noord en de binnenstedelijke herstructurering op basis van het Programmaplan. We zetten de maatschappelijke adviesgroep (MAG) in om de afstemming en het draagvlak met belanghebbende verder te organiseren. We werken onze ambities verder uit met de partners. Zo houden we ons aan de reeds gemaakte prestatieafspraken voor 2023 en 2024 met Tablis Wonen en zetten we de samenwerking waar mogelijk voort via vervolgovereenkomsten met marktpartijen voor Sliedrecht-Noord en de binnenstedelijke herstructurering. Er is een sterke behoefte aan flexibele woonvormen voor spoedzoekers. Dat geldt zowel voor flexibele woonruimte als voor flexibele woonvormen. In 2024 werken wij deze woonvormen verder uit met relevante partijen in de markt. In 2024 moet iedere gemeente een woonzorgvisie hebben met een analyse van de woon-, zorg- en ondersteuningsbehoefte van aandachtgroepen. In 2023 geven we samen met Tablis Wonen en zorgorganisaties inhoud aan deze visie en maken we aanvullende prestatieafspraken.
We zetten ons beleidsinstrumentarium proactief in voor de ruimtelijke vernieuwingsopgave.
We stellen een nieuw Verkeers- en Mobiliteitsplan op.
Ambities Ambitie 2: We voegen ruimtelijke kwaliteit toe voor een gezonde en aantrekkelijke woonomgeving Een aantrekkelijke en veilige openbare ruimte is een randvoorwaarde voor een prettige en gezonde leefomgeving. Een leefomgeving waar onze inwoners zich graag in begeven. Om ergens naar toe te gaan, om elkaar te ontmoeten, om te bewegen en om te recreëren. De kwaliteit en inrichting van de openbare ruimte is het visitekaartje van Sliedrecht. Bovendien hebben we een opgave als het gaat om te zorgen voor een klimaatbestendige openbare ruimte. Kwaliteit toevoegen is de eerste stap. Maar we willen deze kwaliteit ook zo houden. Een belangrijk onderdeel daarin is ook het strategisch nadenken over onderhoudswerk¬zaamheden als het gaat om planning en prioritering. Met name als het gaat om de koppeling met de projecten uit het Programmaplan Ruimtelijke Vernieuwing. Ook is het voor een gezonde woonomgeving van belang te blijven strijden tegen de uitstoot van PFAS en de gevolgen daarvan.
29
Speerpunten We blijven actief op het dossier Chemours/DuPont in de strijd tegen de uitstoot van PFAS en de gevolgen ervan voor de leefomgeving.
We zetten het juridische traject waarin de bedrijven aansprakelijk zijn gesteld voor geleden en nog te leiden schade door de uitstoot door. (De wijze waarop is afhankelijk van de uitspraak op 27 september 2023) We dragen bij aan een sterke netwerk organisatie van alle bij de Pfas problematiek betrokken overheden en werken daarbij aan één gezamenlijk informatiepunt voor de inwoners in de regio. We adviseren de DCMR actief en kritisch over vergunningsaanvragen van en vergunningverlening aan de bedrijven. Milieu- en gezondheidskundige onderzoeken blijven we uitvoeren als die leiden tot handelingsperspectief voor onze inwoners en ondernemers. Naar aanleiding van het in 2023 uitgevoerde moestuinenonderzoek vinden in 2024 diverse aanvullende onderzoeken plaats. We actualiseren het regionaal bodembeleid samen met de andere gemeenten in Zuid-Holland Zuid. (De omgang met) PFAS bij grondverzet is daar onderdeel van.
We maken het openbaar gebied in Sliedrecht schoon en aantrekkelijk en houden dat ook zo.
Bij ruimtelijke ontwikkelingen verbeteren we de kwaliteit van de openbare ruimte integraal en duurzaam. Dat doen we door rekening te houden met toekomstig beheer en onderhoud, klimaatadaptatie, duurzaamheid, gezondheid/beweging en ontmoeting. We borgen dit door het bepalen van normen (bijvoorbeeld beeldkwaliteit) en streefdoelen. We houden de kwaliteit van de openbare ruimte op peil waarbij enkele locaties een impuls krijgen door het kwaliteitsniveau te verhogen of te kiezen voor een nieuwe inrichting. Het gaat dan in ieder geval om de entrees van Sliedrecht en een aantal sociaaleconomisch kwetsbare buurten. We koppelen dat aan de buurtagenda vanuit Veilig en Inclusief. Om de kwaliteit van de entrees structureel te verhogen en te borgen, maken we in 2024 een (integraal) plan met aandacht voor participatie. Daarbij worden ook de beeldkwaliteitseisen voor het groen van de entrees verhoogd. We actualiseren het afvalbeleid om te voldoen aan wettelijke regelgeving.
We realiseren Sliedrecht Buiten waar we naast de verplaatsing van VV Sliedrecht ook inzetten op openbaar sporten en recreëren (bijv. via een natuurspeeltuin).
We werken toe naar de vaststelling van een de bestemmingsplan We werken toe naar een definitief ontwerp We verwerven grond
We voegen minimaal twee groene, parkachtige verbindingen toe tussen de polder en de Merwede.
We werken de groen-recreatieve verbinding verder uit met diverse mogelijkheden voor klimaatadaptatie: o Lijn N482-Thorbeckelaan-Burgemeester Feitsmapark met een aftakking langs de PC Hooftlaan. 30
We zetten in op een meer groenblauwe, klimaatadaptieve inrichting van de buitenruimte.
We willen de leefomgeving klimaatadaptief maken en zetten onder andere in op een meer groenblauwe inrichting van de buitenruimte. We haken hierbij aan bij landelijke en regionale ontwikkelingen, waarbij de Regionale Adaptatie Strategie richtinggevend is. We geven – ook bij onderhoud en (her)inrichten van de openbare ruimte - zelf het goede voorbeeld bij de uitvoering van het vigerende beleid waaronder de omgevingsvisie, het groenbeleidsplan en het gemeentelijk rioleringsplan. Denk daarbij aan projecten en maatregelen als het aanbrengen van infiltrerende voorzieningen, het vergroten van waterberging, de toevoeging van grote bomen en meer ruimte voor water en groen. We stimuleren ketenpartners, ondernemers en inwoners tot een klimaatadaptieve inrichting van hun percelen en gebouwen.
We zetten in op proactief beheer van de 'assets' in de openbare ruimte.
We geven nadere invulling aan assetmanagement om zicht te krijgen op areaal, de staat ervan en welke werkzaamheden we te doen hebben.
Ambities Ambitie 3: We maken Sliedrecht duurzaam We voeren de Regionale Energiestrategie en Transitievisie Warmte uit. Met de inzet van de beschikbare Rijksmiddelen versterken we de organisatie en realiseren we de ambities. De focus ligt op energiebesparing, het opwekken van duurzame energie, duurzame warmte (waaronder het warmtenet) en een passende laadinfrastructuur.
Speerpunten In 2026 zijn we succesvol in het opwekken van duurzame energie.
We blijven inzetten op grootschalig 'zon op dak' door via de in 2023 ondertekende greendeal met onder meer de Rabobank daken van Nijverwaard, Stationspark en Noord-Oostkwadrant van zonnepanelen te voorzien. We faciliteren de ingediende initiatieven voor zon-op-land in het uitwerkingsgebied Betuwelijn. Energiecoöperatie is actief met daken op maatschappelijk vastgoed (de Stoep), bij participatie in greendeal, bij zon-op-land activiteiten en er is samenwerking op het vastgoed van Tablis Wonen. We gaan door met de planontwikkeling voor de Driehoek om invulling te geven aan de gebiedsvisie die eind 2022 gepresenteerd wordt. Vaststelling zal begin 2023 plaatsvinden. Samen met Stedin ontwikkelen we regionaal een structuurvisie.
31
In 2030 is het energieverbruik in Sliedrecht met 20% afgenomen.
We geven invulling aan de in 2023 opgestelde Isolatieaanpak door in regionaal en lokaal verband subsidies, diensten en acties te organiseren waarmee bewoners worden aangezet, gefaciliteerd en waar nodig ontzorgd bij het isoleren van hun woning. We richten een fysieke energiedienstenwinkel waar bewoners informatie ontvangen over algemene verduurzamingsmaatregelen en wijkgerichte aanpakken met het oog op isolatie en aardgasvrij. We hanteren de Label C aanpak op kantoren. We geven het goede voorbeeld door vastgoed in de kernportefeuille te verduurzamen (gemeentekantoor/ raadhuis en wettelijk verplichte maatregelen) We zetten structureel in op communicatie en afstemming met de inwoners en bedrijven. We zetten de pilot 'arbeidsmarkt en energietransitie' door.
We verminderen de afhankelijkheid van gas voor warmtevoorziening gestaag.
We verduurzamen warmtenet door aansluiting op restwarmte van de slibverbrandingsinstallatie en faciliteren de ontwikkeling van een geothermiecentrale in de Driehoek. Samen met HVC en Tablis Wonen zorgen we voor de aansluiting van huurwoningen op het warmtenet waarvoor SAH subsidie is verstrekt. Daarnaast sluiten we de eerste particuliere woningen in de proeftuin Sliedrecht Oost aan. We ondersteunen in wijkgerichte aanpakken de overstap naar hybride en all-electric systemen waar het warmtenet op basis van de Transitievisie Warmte geen optie is. We faciliteren de ontwikkeling van een waterstofelektrolyser op de Driehoek om industrieel aardgasverbruik terug te brengen.
Ambities Ambitie 4: We verduurzamen de mobiliteit in Sliedrecht en daarbij heeft de fiets(infrastructuur) prioriteit We optimaliseren de verkeersveiligheid en bereikbaarheid in Sliedrecht. We richten ons op het investeren in nieuwe verbindingen, waarbij de Noord-zuid verbinding over de A15/spoor prioriteit heeft. Ook kijken we naar het opwaarderen van bestaande verbindingen zodat een betere en veiligere verkeercirculatie ontstaat voor alle vervoersmodaliteiten. We stimuleren duurzame mobiliteit door elektrisch rijden te faciliteren, maar realiseren ook goede en veilige fietsverbindingen. Het uitgangspunt is duurzame mobiliteit stimuleren volgens het STOMPprincipe (de focus ligt achtereenvolgens op Stappen, Trappen, OV, Mobiliteit als een service en de Particuliere auto).
Speerpunten Verbinding over A15 en het spoor: ontsluiting binnenstedelijk én Sliedrecht-Noord.
Voor het ontwikkelen van Sliedrecht Noord en Buiten is naast een nieuwe Noordzuidverbinding in de vorm van een breed viaduct een aantal infrastructurele investeringen nodig, zoals: 32
Aanpak kruising Sportlaan - N482. In relatie tot het verplaatsen van de sportvelden (Sliedrecht Buiten) en woningbouw (Sliedrecht Noord). o Aanpak van de Stationsweg. De Stationsweg is op dit moment de enige Noordzuidverbinding. Wanneer de nieuwe Noord-zuidverbinding er komt, kijken we ook goed naar de inrichting van de Stationsweg. o We vergroten de capaciteit van de Parallelweg (en Sportlaan), de hoofdader van Sliedrecht die als een soort randweg van Sliedrecht fungeert. In een nieuw Verkeers- en Mobiliteitsplan werken we een uitvoeringsprogramma uit naar aanleiding van de uitgevoerde risicoanalyse voor de verkeersveiligheid en met name fietsveiligheid van onze huidige 50 km wegen en belangrijke 30 km wegen. We stellen hierin een verkeerscirculatieplan op waar we de belangrijke fiets- en autoverbindingen opnemen (inclusief een wegcategorisering) en de wensen die daarbij horen. o
We stimuleren duurzame mobiliteit met een uitgebreide laadinfrastructuur.
We hebben een laadvisie vast laten stellen en geven daar proactief invulling aan zodat de transitie naar elektrisch vervoer geen vertraging oploopt. We zetten in op een beter gebruik van de waterbus door: o vooral de first and last mile te verzorgen o onderhoud aan de waterbushalte o in 2026 groot onderhoud te plegen aan het ponton. We versterken de MerwedeLingelijn als alternatief voor de auto via de MLL alliantie en de (woningbouw)plannen in deze 'spoorzone'.
We versterken de fietsinfrastructuur en maken die veiliger
We realiseren ontbrekende schakels binnen het fietsroutenetwerk (fietspad Leeghwaterstraat en Achterom). We dragen bij aan het realiseren van de provinciale snelfietsroute tussen Papendrecht en Gorinchem, de F15. Er wordt een nieuw Verkeers- en Mobiliteitsplan opgesteld vanuit het STOMP- principe (stappen-trappen-openbaar vervoer - Mobilty as a service - personenauto).
Ambities Ambitie 5: In 2026 is er vanuit provincie en rijk draagvlak om Sliedrecht Noord te ontwikkelen en hebben we voldoende fondsen voor de uitvoering van het Programmaplan, de energietransitie en de bereikbaarheidsopgave in de periode 20262030 Sliedrecht kan het Programma Ruimtelijke Vernieuwing niet alleen realiseren. De doelstellingen sluiten aan op de doelstellingen van de buurgemeenten: (1) versterken van de mobiliteitsfunctie van de MerwedeLingeLijn door woningbouw langs de HOV-knooppunten en (2) accommoderen van economische groei in de Drechtsteden met geschikte woningbouw. Het is zinvol om proactief in te zetten op de MLL-alliantie en de Smart Delta Drechtsteden. Beide 'tafels' bieden een kapstok voor lobby (voor medewerking, toestemming en geld) bij provincie, rijk en Europa. Hiervan kunnen we lokaal profiteren, omdat ruimtelijke ontwikkeling lokaal plaatsvindt, maar dat vergt wel daadkrachtige sturing vanuit de eigen ambitie en inzet.
33
Speerpunten Sliedrecht en haar plannen staan nadrukkelijk ‘op de kaart’ bij onze partners en (hogere) medeoverheden.
We zetten de grensoverschrijdende samenwerking in de MLL alliantie en de Smart Delta Drechtsteden door. We bouwen aan een samenwerkingsagenda met onze buurgemeenten, ondernemers en/of maatschappelijke partners om (nieuwe) meervoudig lokale samenwerkingsverbanden op te zetten. Samen met de Drechtsteden / Smart Delta ontwikkelen we een sterke propositie om de lobby te voeren richting Brussel en Den Haag. De MLL alliantie / Sliedrecht-Noord hebben hierin een prominente plek.
We maken actief werk van het binnenhalen van subsidies en 'deals'.
In samenwerking met het team externe betrekkingen van de Smart Delta inventariseren we de kansrijke opties voor subsidies en deals. Deze inventarisatie actualiseren we jaarlijks om de komende jaren zicht te houden op de mogelijkheden. Aan de hand van de inventarisatie stellen we een actieplan op om aan de slag te gaan met kansrijke subsidies/deals. Vanuit het principe meervoudig lokaal samenwerken benutten we kansen die zich voordoen met partners om ons heen. Dit kan zowel vanuit Smart Delta constructie als vanuit andere constructen plaatsvinden.
34
Reguliere werkzaamheden en overige ontwikkelingen
Beleidsindicatoren
Naam indicator
Meest Recente Waarde Sliedrecht
Streefwaarde
3a
Aantal woningen (wonen)
11.213 (01.01.2023)
12.000 in 2025
3b
Hernieuwbare energie
12,1% (2021)
20% in 2026
3c
Aantal woningen aangesloten op het warmtenet (duurzaamheid)
1300 (2023)
2500 (2026)
3d
Aantal kg restafval per inwoner per jaar (duurzaamheid)
204 (2021)
75 (2025)
3e
Percentage van het totale huishoudelijke afval wat per jaar wordt gescheiden (duurzaamheid)
57% (2021)
Meer dan 75% in 2025
3a In de lokale uitvoeringsparagraaf wonen staat dat we in de periode 2016 tot 2025 met 1000 woningen willen groeien. Dat betekent dat we tot 2025 streven naar totaal 12.000 woningen (gegevens: 35
waarstaatjegemeente.nl). Het aantal woningen betreft het aantal geregistreerde woningen in de gemeente (CBS). 3b Hernieuwbare energie is schone, duurzame en onuitputtelijke energie die het leefmilieu niet schaadt. Voorbeelden zijn windenergie, zonne-energie, biomassa, waterkracht en geothermische energie. In het percentage hernieuwbare energie wordt rekening gehouden met biobrandstof vervoer, hernieuwbare warmte en hernieuwbare energie. De indicator wordt ontleend aan de in de klimaatmonitor opgenomen waarden in de databank. 3c Een duurzaam warmtenet draagt bij aan een forse CO2-reductie en draagt daarmee bij aan onze duurzaamheidsdoelstellingen. Het warmtenet is een ondergronds leidingnet dat warmte verspreidt om huizen, bedrijven en instellingen te verwarmen. Op lange termijn verdwijnt het gas als warmtebron uit de huizen in Nederland. Restwarmte, bijvoorbeeld uit de industrie, maar ook geothermie of warmtepompen bieden een duurzaam alternatief. Het streven is om in 2026 2500 woningen op het warmtenet te hebben aangesloten. 3d - 3e De streefwaarde van het aantal kilo restafval per inwoner per jaar en het percentage afval dat wordt gescheiden wordt vastgelegd in het te actualiseren afvalbeleidsplan.
Bijdrage van verbonden partijen aan dit programma Smart Delta Drechtsteden De Smart Delta Drechtsteden behartigt de gemeenschappelijke regionale belangen voor dit programma op de volgende terreinen:
volkshuisvesting, wonen, ruimtelijke ontwikkeling en ruimtelijk beheer, milieu, water, groen, publieke infrastructuur, economie, grondzaken, bereikbaarheid, recreatie en toerisme.
De Smart Delta Drechtsteden is een meervoudig lokale samenwerking, waarbij soms ook in kleinere verbanden belangenbehartiging plaatsvindt. Een voorbeeld daarvan voor Sliedrecht is de MerwedeLingeAlliantie, samen met Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam en Gorinchem. Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (GR) De Omgevingsdienst verricht in mandaat adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden op het gebied van de zorg voor het milieu en de leefomgeving. De omgevingsdienst voert VTH-taken uit op het gebied van milieu. Daarnaast adviseert de Omgevingsdienst over onderwerpen zoals geluid, lucht, externe veiligheid en bodem bij projecten en in individuele gevallen. ROM-D N.V. ROM-D N.V. versterkt de economische ontwikkeling van de Drechtsteden. MerwedeLingeLijn BV MerwedeLingeLijn BV (her)ontwikkelt (omgevingen van) treinstations. GEVUDO/NV Huisvuilcentrale NH (GR) GEVUDO/NV Huisvuilcentrale NH (GR) verwerkt het huishoudelijk afval van Sliedrecht en levert daarmee vanuit het oogpunt van milieuverantwoord afvalbeheer een bijdrage aan een duurzame leefomgeving. De gemeente zamelt het afval zelf in en transporteert dat naar de HVC opvanglocatie in Dordrecht.
36
Overzicht van baten en lasten
37
Programma 4 - Bestuur en organisatie Onze visie Om slagvaardig te kunnen werken aan de kernopgaven, is de organisatie gericht op "samen realiseren in Sliedrecht". De gemeente werkt opgavegericht en wendbaar en werkt graag voor én samen met de inwoners aan de resultaten die voor de Sliedrechtse samenleving merkbaar zijn.
Inleiding Programma 4 Bestuur en Organisatie omvat alle beleidsvelden van de gemeente Sliedrecht op het gebied van organisatie en bestuur. Vanuit programma 4 werken we daarmee primair aan de randvoorwaarde voor de kernopgaven: Een slagvaardige organisatie die het mogelijk maakt om de ambities voor Sliedrecht waar te maken.
Ambities en ontwikkelingen Om de ambities binnen Koers 2030 te realiseren is een slagvaardige organisatie een randvoorwaarde. Sliedrecht wil een stabiele, flexibele, lerende en opgavegerichte organisatie zijn die meebeweegt met veranderingen in de maatschappij. Een organisatie die aansluit op behoeften en meedenkt en meewerkt aan goede initiatieven van inwoners en waar met plezier wordt samengewerkt met en voor de Sliedrechtse samenleving. We gaan in 2024 door waarmee we in 2020 gestart zijn: de ontwikkeling naar de toekomst is gericht op het duurzaam en werkenderwijs optimaliseren en het kwalitatief en kwantitatief versterken van de organisatie. Daarmee maken we het mogelijk om de ambities voor Sliedrecht waar te maken. In 2026 is onze dienstverlening mensgericht, transparant en helder en weten inwoners/ondernemers wat zij van ons kunnen verwachten In de ogen van inwoners zijn dienstverlening, communicatie en participatie vanuit de gemeente ongeveer hetzelfde en daarmee samen bepalend voor de beeldvorming over de gemeente. Regie op deze drie-eenheid is daarom belangrijk. In 2024 wordt het verbetertraject, naar aanleiding van de visie op dienstverlening, verder uitgevoerd met nadruk op het bestendigen en borgen van de regie op en kwaliteit van de dienstverlening binnen de organisatie.
In 2026 participeren inwoners actief in onze plannen en hebben we een sterk netwerk van partners waarmee we samen werken aan Koers 2030 Het in 2022 vastgestelde participatiebeleid voor ruimtelijke initiatieven in verband met de komst van de Omgevingswet, wordt in 2024 doorontwikkeld. Met als doel actief de samenwerking met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners op te zoeken. We gebruiken daarbij de ervaringen die we in 2023 hebben opgedaan met het nieuwe beleid. Daarbij wordt aansluiting gezocht met de Buurtagenda’s. Er wordt niet alleen onderzocht hoe inwoners kunnen participeren, maar juist ook hoe de gemeente kan helpen om plannen uit de samenleving te realiseren. De regionale communicatieaanpak 'Focus op communicatie' borgen we binnen de projectaanpak en passen we na evaluatie, waar nodig aan. In 2026 heeft Sliedrecht een prettige, professionele en flexibele organisatie De omvang en de complexiteit van onze opgaven nemen toe en vraagt andere benaderingen en werkwijzen dan we gewend waren. Brede samenwerking is noodzakelijk, zeker gezien de schaalgrootte van onze organisatie. Dit betekent ook iets voor hoe we als organisatie denken en doen. En voor de kwaliteit en competenties die we in huis hebben of willen halen. Met het oog op de krappe arbeidsmarkt is het niet eenvoudig de organisatie kwalitatief en kwantitatief op sterkte te hebben en 38
te houden. Beide zijn echter nodig om de Koers 2030 te realiseren. Daarnaast zal de organisatie mee moeten (kunnen) groeien met de groei van Sliedrecht. De organisatieontwikkeling die we hebben ingezet, evalueren we in 2024 op een aantal onderdelen. Daarbij hebben we in ieder geval aandacht voor de inzet die we de afgelopen jaren hebben gedaan op de ontwikkeling van teams en leiderschap, portfoliomanagement, opdrachtgever-opdrachtnemerschap en procesverbeteringen. De centrale vraag is of en hoe de nieuwe manier van (samen)werken en de interventies die we hebben gedaan bijdragen aan de prettige, professionele en flexibele organisatie die we willen en moeten zijn om onze ambities te realiseren. Verbeterpunten die hieruit voortkomen geven in 2024 richting aan hoe we ons verder nog kunnen verbeteren. Daarnaast gaan we aan de slag met de uitkomsten van het medewerkers tevredenheidsonderzoek dat we in het najaar van 2023 uitvoeren en verstevigen we de samenwerking binnen en tussen de teams en op regionaal en landelijk niveau. We zullen moeten inspelen op de ontwikkelingen en krapte op de arbeidsmarkt om onze capaciteit op orde te houden. Dat doen we door te zoeken naar verbindingen en krachten te bundelen in de regio en samen te werken aan onze gezamenlijke positie op de arbeidsmarkt.
Ambities Ambitie 1: Onze dienstverlening is mensgericht, transparant en helder Als gemeente zijn we er voor onze inwoners en ondernemers. We leveren daarbij tal van diensten. Indirect via diverse (algemene) voorzieningen, beheer/onderhoud van de openbare ruimte, realiseren van allerlei projecten, etc. Maar vaak ook direct door het verstrekken van paspoorten, afgeven van vergunningen, verlenen subsidies, doorverwijzen naar zorg of ondersteuning, etc. Het is belangrijk dat onze dienstverlening voor iedereen toegankelijk en begrijpelijk is. En dat mensen weten waar ze terecht kunnen met (hulp)vragen en wat ze van ons kunnen verwachten. En dat wij daarover transparant en helder zijn (ook als iets niet kan). Het betekent dat we actief feedback ophalen en luisteren naar de individuele behoefte van mensen . Waar mogelijk houden we daar rekening mee. Het uitleggen en steevast terugkoppelen van afwegingen en keuzes is daar belangrijk in. 'We zeggen wat we doen (en waarom) en we doen wat we zeggen'. Het is een cliché, maar uiteindelijk wel de essentie om als betrouwbare partner van onze inwoners te functioneren. Om dit vorm te geven gaan we concreet aan de slag met de volgende beleidslijnen en projecten.
Speerpunten We communiceren transparant en helder over wat we doen, waarom en wanneer. We werken volgens het communicatiebeleid 2023-2026 zodat we onze inwoners tijdig en helder informeren via het kanaal dat zij gebruiken. Hierbij wordt de regionale communicatieaanpak 'Focus op communicatie' vanuit de SGD gehanteerd die zorgt dat de capaciteit ingezet wordt op projecten en ontwikkelingen waar we met communicatie echt het verschil kunnen maken.
We ontwikkelen een kwaliteitshandvest met daarin een set beloften (servicenormen) over onze kwaliteit van dienstverlening. In 2023 zijn er servicebeloftes geformuleerd over wat inwoners, ondernemers en organisaties van de gemeente mogen verwachten met betrekking tot klantgerichtheid, responstijd, toegankelijkheid,
39
helder taalgebruik, tijdige participatie etc. Een belangrijk project daarbinnen is een aanpak voor het afhandelen van verzoeken, vragen en meldingen van inwoners (regie op klantcontact). Om te achterhalen of we onze servicebeloftes in de praktijk realiseren, verzamelen en analyseren we klantsignalen over de kwaliteit van onze dienstverlening en onze contacten met inwoners en ondernemers. Deze data en signalen halen we op binnen klanttevredenheidsonderzoeken, de berichtgeving op (social) media, de klachtenafhandeling, uitgevoerde 'klantreizen', enz.
We stroomlijnen de afhandeling van verzoeken, vragen en meldingen. In 2023 is een nieuwe visie op dienstverlening ontwikkeld met als doel dat deze mensgericht, transparant en helder is. Er zijn daarvoor servicebeloftes geformuleerd over wat inwoners en ondernemers van de gemeente mogen verwachten. Om deze beloftes waar te kunnen maken zijn randvoorwaarden opgesteld voor de benodigde kennis en vaardigheden, de informatievoorziening en systemen en applicaties. In een actieprogramma zijn projecten benoemd om concrete stappen te zetten om de dienstverlening te verbeteren. Een belangrijk project daarbinnen is een aanpak voor het afhandelen van verzoeken, vragen en meldingen van inwoners (regie op klantcontact). Dit verbetertraject wordt in 2024 verder uitgevoerd waarbij geëvalueerd wordt of de gehanteerde werkprocessen zorgen dat de gestelde servicenormen gehaald worden en of de centrale regie vanuit het Team Dienstverlening goed is geborgd.
Ambities Ambitie 2: Inwoners participeren actief in onze plannen en we hebben een sterk netwerk van partners waarmee we samen werken aan Koers 2030 We hebben iedereen nodig om onze plannen te laten slagen. Om nieuwe ideeën en initiatieven te creëren, om andere inzichten en invalshoeken te krijgen en (soms) om tegengestelde belangen inzichtelijk te maken. Participatie is daarom belangrijk. Aan de voorkant van beleidsvorming, projecten en ontwikkelingen. Een gedegen en transparant proces leidt tot zorgvuldige afwegingen, ook als dat betekent dat niet iedereen tevreden kan worden gesteld. Het creëren van draagvlak en/of begrip bij belanghebbenden aan de voorkant levert in het verdere proces veel voordeel op. Vaak gaat het ook verder dan alleen participeren. Bij de uitvoering van onze taken is actieve samenwerking met inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners, etc. aan de orde van de dag. Om dit succesvol te doen is investeren in het netwerk noodzakelijk. We moeten elkaar actief opzoeken, weten wat er speelt, welke belangen en agenda's iedereen heeft en hoe we die kunnen koppelen. Vanuit een open en constructieve houding om gezamenlijk aan doelen te werken en elkaar successen te gunnen. In een dergelijke samenwerking is ook ruimte voor een eerlijke en kritische kanttekening als daar aanleiding toe is.
Als bestuur willen we het goede voorbeeld te geven door elkaar in positie te brengen. Dat vraagt vertrouwen, rolbewustzijn en goede communicatie tussen college, gemeenteraad en ambtelijke organisatie.
Speerpunten Sliedrecht daagt bij aan de regio, en de regio draagt bij aan Sliedrecht.
Onderzoeken en benutten van (nieuwe) kansen voor meervoudig lokale samenwerkingsverbanden. 40
Onderzoeken en benutten van externe subsidiemogelijkheden om onze doelen kracht bij te zetten.
We ontwikkelen het raadhuis als centrum van de democratie en samenleving.
na afronding van de aanbestedingsprocedure starten we in 2024 met de restauratie van het Raadhuis.
We werken voor en samen met onze inwoners om de resultaten voor Sliedrecht te realiseren. De gemeente heeft iedereen nodig om plannen te laten slagen. De ambitie is daarom dat inwoners actief participeren in de gemeentelijke plannen en dat samengewerkt wordt met een netwerk van partners aan Koers 2030. Het in 2022 vastgestelde participatiebeleid wordt in 2024 doorontwikkeld. Met als doel actief de samenwerking met inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners op te zoeken. We gebruiken daarbij de ervaringen die we in 2023 hebben opgedaan met het nieuwe beleid en de inzichten van medewerkers die participatietrainingen hebben gevolgd. We zoeken ook aansluiting met de Buurtagenda’s voor inzicht wat er leeft in de Sliedrechtse buurten. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar hoe inwoners kunnen participeren, maar juist ook hoe de gemeente kan helpen om plannen uit de buurten te realiseren. We gaan daarvoor experimenteren met verschillende vormen van participatie om zo te ontdekken wat werkt voor Sliedrecht.
Ambities Ambitie 3: Werken aan een prettige, professionele en flexibele organisatie. Om te werken aan een prettige, professionele en flexibele organisatie is het van belang om kwantitatief en kwalitatief op sterkte zijn. De krapte op de huidige arbeidsmarkt stelt ons, als relatief kleine organisatie, voor uitdagingen en dat kan gevolgen hebben voor onze beleid- en uitvoeringskracht en ons ontwikkelvermogen. Door te investeren in het versterken van onze organisatie, goed werkgeverschap, portfoliomanagement en ondersteunende bedrijfsvoering, willen we de uitdagingen op de huidige arbeidsmarkt zoveel mogelijk het hoofd bieden en onszelf in staat stellen onze ambities waar te maken. Daarmee ontwikkelen we ons naar een prettige, professionele en flexibele organisatie, waar mensen graag willen en blijven werken. Waar zij zich in hun kracht gezet en gewaardeerd voelen. Waar zij prettig kunnen werken met een goede werkplek, systemen, informatie en processen die hen ondersteunen. Waar duidelijkheid is waar we als organisatie naartoe werken, wat er van hen wordt verwacht en wat zij van ons kunnen verwachten.
Speerpunten Sliedrecht is een aantrekkelijke werkgever die erin slaagt geschikte mensen te werven en te binden.
We gaan aan de slag met de resultaten van het Medewerkerstevredenheidsonderzoek 41
Er is extra aandacht voor talentontwikkeling in de organisatie, door inzet van trainees en junioren. We benaderen de arbeidsmarkt, samen met onze buurgemeenten, actief om voldoende gekwalificeerde mensen te werven en te binden. We vernieuwen het gemeentekantoor.
Waar nodig en (financieel) mogelijk versterken we de organisatie, kwalitatief en kwantitatief.
We houden doorlopend inzicht in de capaciteit die aanwezig en nodig is om de ambities te bereiken naast de uitvoering van het reguliere werk. Portfoliomanagement helpt ons daarbij. Het nieuwe organisatie en sturingsmodel hebben we in 2023 onder leiding van de kwartiermakers samen met de organisatie verder uitgewerkt in o.a. teamplannen, rol- en functieprofielen en samenwerkingsafspraken. Ook dit evalueren we in 2024 en stellen we waar nodig bij. Evalueren en bijstellen zal een continue proces zijn in onze organisatieontwikkeling.
We implementeren data-gedreven werken en bedden dit breed en structureel in binnen de organisatie.
Data gedreven werken wordt verder in onze organisatie ingebed door nieuwe projecten en initiatieven. Goed gebruik van data leidt tot heldere en nieuwe inzichten wat helpt bij het ontwikkelen en uitvoeren van beleid. We willen data nadrukkelijk betrekken in onze werkwijze zoals we dat al doen bij team Samenleving, Ruimtelijke Ontwikkeling & Beleid en Vastgoed.
We ontwikkelen een aanpak waarbij we 'sturen en realiseren via portfoliomanagement'.
We evalueren de manier waarop we portfoliomanagement voeren, zoals we dat in 2023 zijn gestart. We onderzoeken daarbij of en hoe deze manier van sturen ons helpt om meer grip te hebben op het realiseren van onze ambities en waar nodig stellen we onze werkwijze bij. We evalueren de instrumenten die ondersteunend zijn aan prgrammatisch werken en professioneel opdrachtgever- en opdrachtnemerschap en stellen waar nodig onze werkwijze bij en/of investeren in training en ontwikkeling van onze medewerkers.
42
Reguliere werkzaamheden en overige ontwikkelingen
Beleidsindicatoren
4a
4b
Naam indicator
Meest recente waarde Sliedrecht
Streefwaarde
Cijfer tevredenheid: KTO (1e lijn dienstverlening)
7,9
8
90% 74%
80% 70%
71%
80%
7,1*
8
% realisatie servicenormen (1e lijn dienstverlening) balie % realisatie servicenormen (1e lijn dienstverlening) telefonie % realisatie servicenormen (1e lijn dienstverlening) web
4c
Cijfer tevredenheid medewerkers (organisatie)
4a* Dit is opgebouwd uit 3 verschillende onderdelen: balie 8,5; telefonie 7,8 en web 7,3 (cijfers Sliedrecht januari t/m juni 2023). 4b* Servicenormen zijn opgebouwd uit 3 onderdelen: balie 90,4% (norm 80%), (cijfers Sliedrecht januari t/m juni 2023) en telefonie 73,7% (norm 70%) en web 71,4% (norm 80%) (cijfers Dienstverlening Drechtsteden breed januari t/m juni 2023) 4c* Dit is een gemiddelde cijfer van het MTO afgenomen in 2020.
4a t/m 4b Dienstverlening loopt als een rode draad door de hele organisatie, het is iets van alle medewerkers. Elke medewerker heeft te maken met het leveren van diensten. Dit kan voor een interne- of externe klant zijn, maar uiteindelijk werken wij allemaal voor de inwoners en ondernemers van de gemeente Sliedrecht. In het CWP is richting gegeven aan de manier waarop wij onze diensten willen leveren en hoe wij als betrouwbare partner willen (samen)werken. Om te toetsen of Sliedrecht als organisatie op de goede weg is, wordt een klanttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Daarnaast wordt geleerd van de ervaringen van onze klanten en partners zodat onze dienstverlening blijft verbeteren. 4c Medewerkers die tevreden zijn over hun werk en de organisatie presteren beter en dragen bij aan het succes van de organisatie. Een medewerkers tevredenheidsonderzoek is een indicator die weergeeft of medewerkers betrokken, gemotiveerd of tevreden zijn en wat de gevolgen hiervan kunnen zijn zoals verzuim, verloop en effectiviteit. Dit onderzoek geeft handvatten om de organisatie te 43
verbeteren, wat direct positieve gevolgen heeft voor onze dienstverlening. In het najaar van 2023 vindt wederom een medewerkers tevredenheidsonderzoek plaats.
Bijdrage van verbonden partijen aan dit programma De bijdrage aan de Servicegemeente Dordrecht wordt toegelicht in de Paragraaf Bedrijfsvoering.
Overzicht van baten en lasten
44
Programma 5 - Financiën van Sliedrecht Onze visie Om de inhoudelijke doelstellingen te kunnen realiseren en het gerealiseerde kwaliteitsniveau van de voorzieningen in stand te kunnen houden dienen de gemeentelijke financiën structureel in evenwicht te zijn.
Inleiding Het hoofdstuk Financiën van Sliedrecht is geen programma zoals de eerste vier programma's. Het betreft de samenvoeging van de verplichte overzichten algemene dekkingsmiddelen, onvoorzien en vennootschapsbelasting. Voor deze verplichte onderdelen zijn er onder de titel Financiën van Sliedrecht ambities vastgelegd. In het collegewerkprogramma is ten aanzien van de Financiën van Sliedrecht de volgende ambitie opgenomen: In 2026 en verder is er sprake van een structureel sluitende meerjarenbegroting en afdoende weerstandsvermogen.
Ambities Ambitie 1: In 2026 en verder is er sprake van een structureel sluitende meerjarenbegroting en afdoende weerstandsvermogen De Begroting 2024 is niet meer sluitend vanaf 2026. We zijn gestart met het proces om bij de kadernota 2025 en vervolgens bij de kadernota 2026 voorstellen te doen die leiden tot een sluitende meerjarenbegroting. Tegelijkertijd spelen er aanzienlijke risico's, waardoor de bandbreedte waarbinnen het exploitatiesaldo moet worden bezien zich bevindt tussen € 4,0 miljoen positiever en € 4,0 miljoen negatiever, dan het exploitatiesaldo. De uitdaging voor de lange termijn is aan de structureel sluitende kant van deze bandbreedte te blijven.
Speerpunten We houden het financiële beheersinstrumentarium (Financiële Verordening en bijbehorende nota's) op orde. We geven invulling aan de door de accountant genoemde verbeterpunten in het Accountantsverslag 2022.
We laten de lokale lasten op verantwoorde wijze meebewegen met de economische ontwikkeling en inhoudelijke ambities.
De onroerend zaakbelasting (OZB) opbrengst wordt naast de reguliere indexatie van 3,1% met een extra percentage van 6% verhoogd. Deze opbrengst maakt het mogelijk om ambities te realiseren.
45
Er wordt gewerkt aan een nieuw Gemeentelijke Rioleringsplan 2024 - 2028. Duidelijk is dat er in deze periode extra investering noodzakelijk zijn. De effecten op het tarief worden in beeld gebracht.
We volgen ontwikkelingen ten aanzien van het gemeentefonds op de voet en anticiperen hierop in de P&C-cyclus.
We continueren onze lobby (samen met de Drechtsteden/VNG) richting het Rijk om te komen tot een afdoende financiering voor aan gemeenten opgedragen taken. We verfijnen het denken in scenario's / bandbreedten ten aanzien van het exploitatiesaldo van de meerjarenbegroting, zodat we niet verrast worden door nieuwe ontwikkelingen. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar risico's maar ook naar kansen.
Onvoorzien en vennootschapsbelasting De verplichte overzichten onvoorzien en vennootschapsbelasting maken onderdeel uit van de Financiën van Sliedrecht. Het overzicht onvoorzien bevat het begrote bedrag voor onvoorzien. In Sliedrecht is er jaarlijks € 61.100 begroot onder de titel onvoorzien. Er is tot op heden geen bedrag geraamd voor te betalen vennootschapsbelasting. De Belastingdienst loopt achter in het opleggen van aanslagen. Mede omdat er verschil van inzicht is tussen gemeenten en de Belastingdienst ten aanzien van diverse onderwerpen. Voor Sliedrecht speelt dit bijvoorbeeld bij de vergoeding die we ontvangen voor de reclame op de driehoeksborden langs de toegangswegen. Dit heeft tot gevolg dat tot op heden niet exact duidelijk is wat de financiële impact is van de vennootschapsbelasting.
Reguliere werkzaamheden en overige ontwikkelingen
Beleidsindicatoren Naam indicator
Meest recente waarde Sliedrecht
Streefwaarde
1
Netto schuldquote (zonder correctie)
37% (B2024)
< 90%
2
Solvabiliteitsratio
54% (B2024)
< 50%
3
Grondexploitatie
-3% (B2024)
< 20%
4
Structurele exploitatieruimte
0,16% (B2024)
> 0%
5
Belastingcapaciteit
94% (B2024)
< 100% 46
Dit betreft dezelfde beleidsindicatoren zoals (verplicht) opgenomen onder de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. De nadere toelichting op deze indicatoren is in breder perspectief daar opgenomen.
Bijdragen van verbonden partijen aan dit programma De Servicegemeente Dordrecht voert voor de Financiën van Sliedrecht onder andere de volgende taken uit: de financiële administratie, de treasury functie, het innen van de gemeentelijke belastingen en levert expertise op de diverse aspecten van te betalen belastingen (denk aan BTW). Meer specifiek voor Gemeentebelastingen en Basisinformatie Drechtsteden (GBD) betreft dit: 1. De efficiënte en effectieve heffing en invordering van belastingen, voor de heffing en invordering waarvan de gemeenteraden van de gemeenten belastingverordeningen en kwijtscheldingsregels hebben vastgelegd, elk voor zover het hun gebied betreft. 2. De uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) waaronder tevens wordt begrepen de administratie van vastgoedgegevens en het verstrekken van vastgoedgegevens aan de deelnemers en derden, elk voor zover het hun gebied betreft.
Overzicht van baten en lasten
47
Paragrafen
48
Paragraaf Lokale heffingen en belastingen Inleiding In deze paragraaf geven we inzicht in de tarieven en tariefontwikkeling voor de lokale heffingen en belastingen. De lokale heffingen kunnen we onderscheiden in gebonden en ongebonden heffingen. Gebonden wil zeggen dat de besteding gerelateerd is aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Dit zijn retributies (bijvoorbeeld leges, marktgeld) of bestemmingsheffingen (bijvoorbeeld afvalstoffenheffing, rioolheffing). Deze heffingen worden verantwoord op de desbetreffende gemeentelijke programma’s en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Ongebonden lokale heffingen zijn zogenaamde zuivere belastingen. De opbrengsten hieruit kunnen door de gemeenteraad vrijelijk binnen het werkterrein van de gemeente worden ingezet. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelastingen (OZB), hondenbelasting. Deze heffingen zijn niet verbonden aan een inhoudelijk programma en behoren tot de algemene dekkingsmiddelen. Hondenbelasting is in de wet geregeld. De inkoop van poepzakjes, het legen van afvalbakken, de aanschaf, onderhoud en bediening van de hondenpoepzuiger worden gedekt uit deze inkomsten. Deze paragraaf gaat over gebonden en ongebonden heffingen. We gaan achtereenvolgens in op:
ontwikkelingen en rijksbeleid, overzicht opbrengst gemeentelijke heffingen, heffingen woonlasten (lokale lastendruk), overige lokale heffingen, kwijtscheldingen, kostendekkendheid.
Ontwikkelingen en rijksbeleid a. Herziening gemeentelijk belastinggebied In het Coalitieakkoord 2021 – 2025 “Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst” staat dat partijen een nieuwe financieringssystematiek voor medeoverheden willen uitwerken voor de periode na 2025. Daardoor wordt een stabielere financiering voor de medeoverheden gerealiseerd en wordt hun autonomie vergroot. Ook de mogelijkheid voor een groter gemeentelijk belastinggebied wordt hierin betrokken, inclusief alternatieven voor OZB. De voorjaarsnota 2023 van het Rijk bevat geen nieuwe informatie over de mogelijke uitbreiding van het lokale belastinggebied. b.
Kostendekkendheid heffingen
Het ‘Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV)’ schrijft voor dat inzichtelijk gemaakt moet worden
hoe we er bij de berekening van tarieven van heffingen voor zorgen dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden, welke beleidsuitgangspunten ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstelling worden gehanteerd.
Wij hanteren de volgende uitgangspunten voor de kostendekkendheid: 1. overhead toerekenen op basis van personeelslasten; 2. één systematiek van toerekening van overhead; 49
3. maximaal 100% kostendekkendheid; 4. toegroeien naar maximaal 100% kostendekkenheid van de lijkbezorgingsrechten in het jaar 2025 (conform de uitgangspunten van de begroting 2020); 5. de kwijtschelding ten laste te brengen van de heffing. c. Ontwikkeling bezwaarschriften Landelijk is sprake van een forse toename van het aantal ingediende bezwaarschriften op de WOZwaarde. Het uitgangspunt is dat de gemeente alleen kostendekkend producten levert aan inwoners. Dat er nu verschillende bedrijven op basis van No-cure No-Pay bezwaar maken tegen de WOZ aanslag zorgt er voor dat de gemeente veel extra kosten moet maken om deze bezwaarschiften te behandelen. Omdat we onze ervaren regionale samenwerkingspartner inzetten is het aantal toekenningen op bezwaarprocedures procentueel minder dan voorgaande jaren. De extra kosten voor alle procedures moet de gemeente helaas wel ten koste laten gaan van de mooie dingen die we voor Sliedrecht en de Sliedrechters kunnen doen.
Overzicht opbrengst gemeentelijke heffingen Alle hierna genoemde tarieven zijn ter informatie opgenomen en kunnen afwijken van de definitieve tarieven. De belastingverordeningen 2024 met de definitieve tarieven stelt de gemeenteraad in december 2023 vast. De onderstaande tabel is bedoeld als overzicht. De tabel is ingedeeld naar algemene dekkingsmiddelen en gebonden heffingen. Zowel de geraamde opbrengst voor 2024 en 2023 zijn opgenomen als de verantwoorde opbrengsten over 2022. De verschillen tussen 2024 en 2023 geven een indicatie van de totale opbrengst en niet van een stijging of daling van tarieven. Factoren als ontwikkelingen in de WOZ-waarde en areaaluitbreiding spelen hierbij een belangrijke rol.
Bij de opbrengst van de niet-woningen is rekening gehouden met bij de begroting 2023 ingezette nieuwe beleid van het ondernemersfonds (zie paragraaf 4.1.2 van de paragraaf Lokale heffingen begroting 2023). Er is geen sprake van wijzigingen hierop, de uitgangspunten blijven hetzelfde.
50
Heffingen woonlasten (lokale lastendruk) We rekenen de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing tot de lokale woonlasten. Deze heffingen vormen het leeuwendeel van de gemeentelijke opbrengsten en bepalen daarmee ook grotendeels de lokale lastendruk. De onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van de gemiddelde WOZ-waarde (de basis voor het berekenen van de OZB-aanslag) en de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens in euro’s over de laatste drie jaren weer. De gemiddelde WOZ-waarden zijn op basis van de stand van zaken nu geactualiseerd. Voor het jaar 2024 is een stijging van 3% aangehouden op basis van informatie van de Waarderingskamer. In de meicirculaire 2023 is te lezen dat de marktontwikkeling tussen 1 januari 2022 en 1 januari 2023 bij de woningen geschat wordt op 3%. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. In de kolom 2024 zijn de gevolgen van de belastingvoorstellen verwerkt. Voor de afvalstoffen- en rioolheffing zijn hier de voor dat jaar geldende tarieven opgenomen.
Bij de berekening van de woonlasten voor 2024 hanteerden we de volgende uitgangspunten:
Onroerendezaakbelastingen
+ 3,1% voor inflatie en verhoging conform collegewerkprogramma begroting 2023
Afvalstoffenheffing
maximaal 100% kostendekkend
Rioolheffing
maximaal 100% kostendekkend
De verhogingen zijn conform Kadernota 2024 en onderstaand is een toelichting per heffing opgenomen. Onroerendezaakbelasting Het grootste deel van de gemeentelijke belastingopbrengst komt voort uit de onroerendezaakbelastingen (OZB). Die OZB bestaat uit drie verschillende belastingen: een eigenarenbelasting voor woningen, een eigenarenbelasting voor niet-woningen en een gebruikersbelasting voor niet-woningen. De opbrengst van de belastingen vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. De raad bepaalt met het vaststellen van de begroting de totale opbrengst van deze heffing. Tot en met 2019 gold de macronorm als enige restrictie voor de opbrengst OZB. Met ingang van 2020 is deze norm vervangen door de benchmark lokale lasten. De heffingsgrondslag voor de OZB is de totale WOZ-waarde van de onroerende zaken, oftewel de WOZ-capaciteit. Deze wordt vastgesteld volgens de regels van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Voor de WOZ-waarden voor 2024 geldt de waardepeildatum 1 januari 2023. Door de 51
geraamde opbrengst te delen door de WOZ-capaciteit ontstaat het tarief en daarmee het bedrag dat de belastingplichtigen moeten betalen. De OZB wordt berekend naar een percentage van de WOZ-waarde van de onroerende zaak. Rekening houdend met de gewenste (meer)opbrengst en de waardeontwikkeling, leidt dat voor 2024 tot de tarieven in de onderstaande tabel. Om de ontwikkeling van de tarieven inzichtelijk te maken, zijn ook de tarieven over eerdere jaren opgenomen. Er is rekening gehouden met de aanvullende OZB opbrengst van €238.000 dat onderdeel uitmaakte van de 1e begrotingswijziging Collegewerkprogramma behorend bij de Begroting 2023. Bij de tarieven van de niet-woningen is rekening gehouden met het nieuwe beleid van het ondernemersfonds (zie hiervoor in paragraaf 4.1.2 van de paragraaf Lokale heffingen behorend bij de Begroting 2023).
Afvalstoffenheffing We hanteren een afvalstoffenheffing om de kosten voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval te kunnen dekken. Wettelijk uitgangspunt daarbij is dat de opbrengst niet hoger mag zijn dan de kosten. De berekening van de kostendekkendheid vatten we aan het eind van de paragraaf samen in een overzicht. Bij de bepaling van de nieuwe tarieven hebben we rekening gehouden met de kostenontwikkeling van inzameling en verwerking van huisvuil. De tarieven afvalstoffenheffing zijn berekend op basis van de informatie die ten tijde van het opstellen van de begroting bekend was. Rekening is ook gehouden met een hoger bedrag aan kwijtschelding. De tarieven kunnen dan ook afwijken met de tarieven die later in de verordening reinigingsheffingen worden opgenomen. De afwijking zal dan worden toegelicht. De tarieven ontwikkelden zich de afgelopen jaren als volgt (x € 1):
Rioolheffing Op basis van artikel 228a van de Gemeentewet kunnen gemeenten de kosten van de zorgplicht voor afval-, hemel- en grondwater verhalen via de rioolheffing. Welke kosten via de rioolheffing verhaald worden, moet in het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vastgesteld zijn. De berekening van de kostendekkendheid wordt aan het eind van de paragraaf samengevat in een overzicht. Sliedrecht legt eigenaren van panden een vast bedrag aan heffingen per jaar op. Daarbij is de situatie per 1 januari bepalend. Ook gebruikers van panden ontvangen een rioolheffing. De tarieven ontwikkelden zich de afgelopen jaren als volgt (x € 1):
52
Vergelijking andere gemeenten We vergelijken de woonlasten in Sliedrecht met die van andere Drechtstedengemeenten. De vergelijking is gebaseerd op de actuele gegevens van de Digitale Atlas van de lokale lasten 2023 op www.coelo.nl en betreft de woonlasten van meerpersoonshuishoudens (x € 1). Het betreft hier koopwoningen. De gemiddelde waarde voor alle woningen, waarvan in de tabel 'Woonlasten meerpersoonshuishouden' is uitgegaan, ligt lager
Benchmark lokale lasten Tot en met 2019 gold de zogenoemde 'macronorm'. Dit was een afspraak tussen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Rijksoverheid over de maximale stijging van de landelijke opbrengst onroerende-zaakbelastingen (OZB). Deze macronorm bepaalde de maximale jaarlijkse stijging van de ozb-opbrengsten van alle gemeenten samen en stamde uit 2007. In 2014 is uit onderzoek gebleken dat de macronorm geen effectief instrument is, omdat de norm niet heeft bijgedragen aan de gematigde lastenontwikkeling, daar de besluitvorming over tarieven in gemeenten in de eerste plaats geënt is op lokale afwegingen. Sinds die tijd is de vergelijking van de lokale lasten, OZB, afvalstoffen- en rioolheffing, tussen gemeenten volgens het Rijk beter mogelijk geworden. Onder meer door de jaarlijkse Atlas van de lokale lasten van het COELO en de wettelijke verplichting om in de gemeentebegroting de ontwikkelingen toe te lichten. Vanaf 2020 is de macronorm vervangen door de jaarlijkse benchmark, waarin naast de ozb ook de riool- en afvalstoffenheffing worden vergeleken. De benchmark beoogt door middel van meer vergelijking, de informatievoorziening over de ontwikkeling van de lokale lasten te bevorderen. De benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning.
De woonlasten zijn de som van de gemiddeld betaalde ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing minus een eventuele heffingskorting. In de benchmark voor 2023, opgenomen in de Coelo atlas 2023 vanaf pagina 215, wordt een vergelijking van de gemeentelijke woonlasten en de gemeentelijke tariefontwikkeling per provincie gegeven, net als de landelijke en provinciale gemiddelden. Middels de (grafische) vergelijking voor Zuid-Holland op pagina 224 worden de onderlinge verschillen tussen gemeenten inzichtelijk gemaakt. 53
Het overzicht vergelijkt binnen de provincie het cumulatief bedrag van de drie heffingen per gemeente, minus de tegemoetkoming in de woonlasten (heffingskorting) voor 2023 en de tariefswijzigingen per gemeente ten opzichte van 2022.
De figuren bieden de mogelijkheid om de gemeenten op verschillende punten te vergelijken. De positie op de x-as (hoe ver naar rechts staat de gemeente?) geeft informatie over de hoogte van de gemeentelijke woonlasten in vergelijking met die van de andere gemeenten in de provincie. De horizontale rode lijnen laten zien in hoeverre de gemeentelijke woonlasten en de mutatie afwijken van het gemiddelde in Nederland (doorgetrokken rode lijn) en de provincie (gestippelde rode lijn). Het gemiddelde voor Nederland bedraagt € 944 en voor Zuid-Holland is dit € 976. Het stijgingspercentage ten opzichte van 2022 bedraagt landelijk 4,8% en voor Zuid-Holland ruim 5%. Verder kan de hoogte van de ozb, afvalstoffenheffing en rioolheffing worden vergeleken. Enkele gemeenten hanteren een korting op de totale aanslag (heffingskorting). De hoogte van de heffingskorting wordt weergegeven met een oranje balkje. Het bedrag van de heffingskorting is verrekend met de gemiddeld betaalde ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing in de gemeente door het gekorte bedrag te delen door drie en dit in mindering te brengen op de drie betaalde bedragen. Naast de vergelijking per provincie wordt ook een overzicht op G40-niveau gepresenteerd.
54
In de beantwoording van kamervragen over de stijging van de gemeentelijke belastingen in 2021 door de voormalige minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, mevrouw Kajsa Ollongren is aangegeven dat evaluatie van de benchmark gepland staat voor 2025. Ook zal gekeken worden naar de relatie tussen de afschaffing van de macronorm en de ontwikkeling van de lokale woonlasten.
Overige lokale heffingen Hondenbelasting De Gemeentewet regelt dat gemeenten een belasting op het houden van honden mogen heffen. De hondenbelasting is een zuivere belasting die, net als de onroerendezaakbelastingen, naar de algemene middelen van de gemeente vloeit. Zoals vastgesteld in de Kadernota, zijn de tarieven voor 2024 verhoogd met 3,1%. Reinigingsrechten Gemeenten kunnen een reinigingsrecht heffen voor het ophalen van afval bij niet-woningen (winkels, bedrijven, buurtcentra, etc.) en het uitgangspunt is dat dit kostendekkend gebeurt. Gemeenten hebben echter niet de verplichting afval bij bedrijven in te zamelen. Dit in tegenstelling tot het inzamelen van huishoudelijk afval bij woningen. Bedrijven moeten zelf zorgdragen voor het afvoeren van het afval en kunnen hiervoor een contract aangaan met een erkende afvalinzamelaar. Reclamebelasting Op grond van artikel 227 van de Gemeentewet kunnen gemeenten reclamebelasting heffen voor openbare aankondigingen die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. De reclamebelasting is een algemene belasting. Het kan als profijtbelasting gezien worden als de belasting geheven wordt naar 55
de mate waarin particulieren en bedrijven profiteren van overheidsvoorzieningen die die openbare aankondigingen mogelijk maken. Zo is er bijvoorbeeld vanuit de profijtgedachte een hoger tarief denkbaar in het (winkel)centrum van een gemeente. Daar wordt immers het meeste effect verwacht van de openbare aankondigingen (reclame-uitingen). Met deze regeling kan ook regulering worden nagestreefd. Bijvoorbeeld door de heffing in bepaalde wijken te beperken of er juist een hoger tarief te hanteren om wildgroei van openbare aankondigingen tegen te gaan. Verder kan de reclamebelasting beperkt worden tot een deel van de gemeente als daar een objectieve en redelijke rechtvaardiging voor bestaat. Sliedrecht kent sinds 1 februari 2018 drie reclamebelastingen, namelijk Winkelgebied Burgemeester Winklerplein, Winkelgebied Kerkbuurt en Woonboulevard Sliedrecht. Deze zijn gekoppeld aan daartoe opgerichte ondernemersfondsen voor de winkeliersverenigingen ter plaatse. Het doel is met deze ondernemersfondsen het ondernemers- en verblijfsklimaat en daarmee de duurzame economische vitaliteit van deze winkelgebieden te versterken. Alle drie de winkeliersverenigingen hebben voorlopig nog de ambitie om deze eigen inkomstenbron zelf in te zetten voor activiteiten in hun winkelgebied, dus de reclamebelasting blijft gehandhaafd.
Havengeld Voor het gebruik van de gemeentelijke haven of andere openbare werken en voor het gebruik van alle binnen onze gemeente gelegen openbare wateren heft de gemeente havengeld. Het uitgangspunt daarbij is dat dit maximaal kostendekkend gebeurt. Lijkbezorgingsrechten Als gemeente heffen wij rechten voor het gebruik van de begraafplaats en voor het verlenen van gemeentelijke diensten in verband met de begraafplaats. Uitgangspunt is dat dit ten hoogste kostendekkend gebeurt. Voor de uitbreiding van de begraafplaats wordt een reserve ingezet, waardoor een tariefsverhoging voor de uitbreiding niet nodig is. Leges Omgevingsvergunningen Op dit moment is niet zeker maar wel aannemelijk dat de nieuwe Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging met ingang van 1 januari 2024 van kracht zal worden. Voor de ramingen binnen de begroting heeft dit geen gevolgen. De legesverordening wijzigt wel. Bij de behandeling van de nieuwe legesverordening 2024 wordt hierop nog nader ingegaan. Zoals vastgesteld in de Kadernota worden de overige tarieven verhoogd met 3,1%.
Kwijtscheldingen Als een belastingplichtige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De regels voor het toekennen worden bepaald door de Rijksoverheid. Deze regels komen erop neer dat kwijtschelding mag worden verleend aan belastingplichtigen die een inkomen hebben dat niet hoger ligt dan 90% van de bijstandsnorm. Gemeenten mogen hier in die zin van afwijken, dat deze inkomensgrens wordt verruimd naar 100% van de bijstandsnorm. Wij hanteren de zogeheten 100%-norm, wat betekent dat inwoners met een inkomen op bijstandsniveau in beginsel voor kwijtschelding in aanmerking komen. Er vindt ook een vermogenstoets plaats. Een groot deel van de kwijtscheldingen wordt geautomatiseerd getoetst. Het doel hiervan is de administratieve lasten voor de burger te verminderen. Gemeenten mogen zelf bepalen voor welke belastingen kwijtschelding wordt verleend. Wij verlenen kwijtschelding voor: