Bijlage 1 - Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0. (centrumgebied).pdf
Tekst van het document
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 - centrumgebied juli ’23
Inhoudsopgave Inleiding................................................................................................................................. 3 1.1
Omgevingswet vraagt om omgevingsplan ........................................................................ 3
1.2
Doelstelling .................................................................................................................... 4
1.3
Rol gemeenteraad .......................................................................................................... 5
1.4
Planning ......................................................................................................................... 5
1.5
Leeswijzer ...................................................................................................................... 5
Uitgangspunten OP 1.0 ........................................................................................................... 7 2.1
Inleiding; van beleidsneutraal tot en met beleidsrijk ......................................................... 7
2.1.1
Beleidsneutrale overgang ............................................................................................ 8
2.1.2
Uitwerkingen van bestaand beleid ................................................................................ 8
2.1.3
Afwijkingen van bestaand beleid .................................................................................. 9
2.1.4
Accenten van de raad (OP 1.0+) .................................................................................10
2.1.5
Formuleren van nieuw beleid (OP 1.0+) ......................................................................10
2.2
Uitgangspunten t.a.v. structuur, opbouw en proces .........................................................11
2.2.1
Uitgangspunten in de structuur van het omgevingsplan ................................................11
2.2.2
Procesmatige uitgangspunten .....................................................................................13
2.2.3
Doorvertaling instructieregels .....................................................................................14
2.2.4
Fasering ....................................................................................................................14
Overwegingen om te komen tot de uitgangspunten .................................................................15 3.1
Hoofdlijnen op basis van beleidsneutrale overgang ..........................................................15
3.2
Beleidsuitwerkingen en beleidsafwijkingen ......................................................................16
3.3
Accenten op basis van woordvoerdersoverleggen ............................................................20
3.4
Procesmatige Uitgangspunten ........................................................................................21
3.5
Participatie OP enkel bij niet-beleidsneutrale onderdelen ..................................................21
3.6
M.e.r.-beoordeling omgevingsplan ..................................................................................22
Bijlage A:
Plangrens omgevingsplan 1.0 .....................................................................................24
Bijlage B:
Opbouw van het kernwinkelgebied ..............................................................................25
Bijlage C:
Hoofdlijnen gemeentelijk beleid per thema / onderwerp ...............................................26
Bijlage D:
Planning ....................................................................................................................41
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 2
Inleiding In dit hoofdstuk leest u waarom de gemeente aan de slag moet met een omgevingsplan 1.0, welke tijdslijn we hanteren en wat het doel is van deze nota van Uitgangspunten. Hierbij wordt ook stilgestaan bij de rol van de gemeenteraad. 1.1
Omgevingswet vraagt om omgevingsplan
De Omgevingswet vraagt van ons als gemeente dat we voor het gehele gemeentelijk grondgebied één omgevingsplan maken waarin alle regels over activiteiten die gevolgen (kunnen) hebben voor de fysieke leefomgeving opgenomen zijn. Het opstellen van één omgevingsplan is een grote opgave die vraagt om het omzetten van al onze bestemmingsplannen en veel verordeningen naar omgevingsplanregels. Ons omgevingsplan moet voldoen aan instructieregels van Rijk, provincie en waterschap. Daarnaast moeten we de gemeentelijke verordenings- en bruidsschatregels analyseren en waar nodig een plek geven in het omgevingsplan. Het opbouwen van dit gemeentedekkende omgevingsplan is een opgave waar wij (voorlopig) tot eind 2029 de tijd voor hebben. Tijdens deze overgangsperiode hebben we eerst een omgevingsplan van rechtswege, een omgevingsplan 0.0 (OP 0.0). Dit omgevingsplan ontstaat automatisch bij inwerkingtreding van de Omgevingswet, is opgebouwd uit losse componenten waaronder de geldende bestemmingsplannen en geldt voor de gehele gemeente. We werken stapsgewijs van dit OP 0.0 toe naar één definitief omgevingsplan voor de gehele gemeente. Figuur 1.1 visualiseert deze stapsgewijze opbouw.
Figuur 1.1 Schematische weergave transitiefase omgevingsplan Bij deze stapsgewijze opbouw kunnen wij regels gebiedsgericht of themagewijs opnemen in het nieuwe deel van het omgevingsplan, totdat het gehele ambtsgebied is gedekt. Dit zal gebeuren door het opstellen van een omgevingsplan 1.0, 2.0, 3.0 etc. Uiteindelijk zijn dan alle relevante onderdelen uit de verordeningen en het tijdelijk deel van het omgevingsplan (de delen van het omgevingsplan van rechtswege die in de overgangsfase omgezet moeten worden in regels in het nieuw deel van het omgevingsplan) opgenomen zoals beoogd door de Omgevingswet. Voor het gemeentedekkende omgevingsplan is de recent vastgestelde omgevingsvisie leidend en zullen de hierin opgenomen ambities (gefaseerd) vertaald worden in regels van het omgevingsplan.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 3
Als gemeente Sliedrecht kiezen wij ervoor om het omgevingsplan in beginsel themagericht op te bouwen. Gebiedsgerichte regels worden alleen opgesteld als de regels voor een deel van het gemeentelijk grondgebied gelden. In de vastgestelde omgevingsvisie hebben we per deelgebied doelen bepaald, zo ook voor het centrumgebied. Dit is het eerste deelgebied waar we het omgevingsplan wijzigen. Zie figuur 1.2 en bijlage 1 voor een grotere weergave. Deze eerste wijziging van het omgevingsplan wordt het omgevingsplan 1.0 genoemd, hierna: OP 1.0. De keuze voor het centrumgebied is gemaakt omdat hier veel verschillende activiteiten voorkomen die een goede basis vormen voor de verdere uitwerkingen van de overige gebieden in opbouw naar het gemeentedekkende omgevingsplan. In dit OP 1.0 worden regels gesteld voor de activiteiten die in het centrumgebied voorkomen, gebaseerd op de vigerende bestemmingsplannen, rijksregels en ambities vanuit de omgevingsvisie. Alle uitgangspunten dienen gelezen te worden binnen de reikwijdte van de Omgevingswet en de rol die we als gemeente hebben om dingen wel of niet te bepalen.
Figuur 1.2 Deelgebied omgevingsplan 1.0 1.2
Doelstelling
Het doel van deze Nota van Uitgangspunten (hierna: NvU) is het vaststellen van de uitgangspunten die we als gemeente hanteren voor de eerste wijziging van het omgevingsplan, het opstellen van het OP 1.0 voor het centrumgebied. De uitgangspunten in dit document zijn gebaseerd op kennis en ervaringen, de ambtelijke werksessies en de twee sessies met de woordvoerders van de
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 4
gemeenteraad op 16 januari 2023 en 27 maart 2023. Ook wordt inzicht gegeven in de procedure, planning en hoe het participatieproces wordt vorm gegeven. Met deze NvU wordt de basis gelegd om uiteindelijk als gemeente toe te werken naar een omgevingsplan 1.0 waar sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 1.3
Rol gemeenteraad
In het kader van de implementatie van de Omgevingswet heeft de raad eerder al besluiten genomen over haar toekomstige rol en de consequenties daarvan op inhoudelijk en organisatorisch vlak. Ook bij het opstellen van dit omgevingsplan is de raad betrokken. In januari en maart 2023 is een tweetal presentaties over het OP 1.0 in twee woordvoerdersoverleggen gegeven. Hierbij zijn verschillende scenario's voor de ontwikkeling van het OP 1.0 besproken. Tijdens deze avonden zijn de gemeenteraadsleden aan de hand van scenario’s in gesprek met elkaar gegaan over de vertaling van de ambities van de omgevingsvisie in het gemeentedekkende omgevingsplan en de fasering daarvan. Deze NvU wordt ter vaststelling aan de gemeenteraad voorgelegd. De gemeenteraad krijgt ook de mogelijkheid om reactie te geven op het eerste concept van het OP 1.0 voordat dit omgevingsplan ter inzage wordt gelegd. De gemeenteraad krijgt, voorafgaand aan de besluitvorming over de vaststelling, in een beeldvormende vergadering een presentatie over het OP 1.0. Daarnaast is de gemeenteraad het bevoegd gezag voor het uiteindelijk vaststellen van deze eerste wijziging van het omgevingsplan en latere wijzigingen/aanvullingen daarvan. 1.4
Planning
Het OP 1.0 heeft een planning opgedeeld in vier hoofdfasen: opstarten en inventariseren, verdiepen, uitwerken en vaststellen. In dit schema is rekening gehouden met verschillende oordeelsvornde en besluitvormende college- en raadsvergaderingen. Hieronder is deze planning opgenomen. In de updatesessie van de raad (voorzien eind Q3 2023) zal het eerste concept van het OP 1.0 met de raad worden besproken.
Figuur 1.3 Planning (zie voor een grotere weergave bijlage D). 1.5
Leeswijzer
In Hoofdstuk 2 leest u de uitgangspunten voor het OP 1.0. Deze zijn onderverdeeld in uitgangspunten die beleidsneutraal tot en met beleidsrijk kunnen worden omgezet. Denk hierbij aan uitgangspunten die volgen uit bestaand beleid maar op dit moment nog geen uitwerking in regels kennen, uitgangspunten die afwijken van beleid of waarbij beleid nog in opbouw is. Daarnaast zijn in hoofdstuk 2 uitgangspunten terug te vinden die betrekking hebben op de structuur, de opbouw en het proces. In dit hoofdstuk zijn tabellen opgenomen waar de uitgangspunten in worden samengevat.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 5
Hoe u deze het beste kunt lezen vindt u terug in de inleiding van hoofdstuk 2. Hoofdstuk 2 is hiermee in feite ook de samenvatting van dit NvU. Hoofdstuk 3 gaat vervolgens in op de inhoudelijke uitgangspunten voor de regels in het omgevingsplan 1.0 en welke ambities daarin vertaald worden. Dit hoofdstuk is de verdieping en achtergrond van hoofdstuk 2 en geeft de overwegingen weer achter de geformuleerde uitgangspunten in hoofdstuk 2. Hierbij is ook aangegeven of het gaat om een al dan niet beleidsneutrale vertaling en welke consequenties worden ingeschat op capaciteit, planning en ambitieniveau. Tevens formuleert dat hoofdstuk een aantal procesmatige uitgangspunten. In bijlage 1 is de plangrens voor het omgevingsplan 1.0 opgenomen. In bijlage 2 staat een overzicht van de opbouw van het kernwinkelgebied en omgeving. In bijlage 3 is een samenvatting opgenomen van het (huidig) beleid en hoe dit meegenomen wordt in het omgevingsplan 1.0.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 6
Uitgangspunten OP 1.0 In dit hoofdstuk leest u de samenvatting van uitgangspunten voor het OP 1.0. Per uitgangspunt is bekeken of het wenselijk is om hier een hoge of lage ambitie voor te hanteren. De keuze qua ambitie heeft invloed op de ambtelijke capaciteit en heeft effect op de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen. De uitgangspunten zijn in de tabellen in hoofdstuk 2 terug te vinden en zijn nader gemotiveerd in hoofdstuk 3. 2.1
Inleiding; van beleidsneutraal tot en met beleidsrijk
Centraal in het opstellen van het OP 1.0 staat het beleidsneutraal omzetten van de activiteiten die in het centrumgebied voorkomen, gebaseerd op het vigerende beleidskader (de omgevingsvisie en huidig sectoraal beleid) en de uitwerking daarvan in de huidige bestemmingsplannen (primair de bestemmingsplannen Kerkbuurt-Oost’ en ‘Woongebied 2016’) en verleende omgevingsvergunningen. In latere fasen worden ook regels vanuit verordeningen toegevoegd aan het omgevingsplan, dit is geen onderdeel van het OP 1.0. Beleidsneutraal betekent echter niet regelneutraal. Bij het omzetten van de regels worden deze tegen het licht gehouden en conform de Omgevingswet verwerkt in het OP 1.0. In dit kader is een zestal ambtelijke werksessies geweest met de volgende onderwerpen: •
een meer gedetailleerde bespreking van het vastgesteld beleid,
•
het bespreken van de gevolgen van de instructieregels van Rijk, provincie en waterschap voor het omgevingsplan
•
een concretisering/detaillering van de ambities van de omgevingsvisie.
Regels in het OP 1.0 worden uitsluitend gesteld voor zover deze regels betrekking hebben op haalbare doelen én voor zover deze handhaafbaar zijn. Daarbij geldt dat regels in afstemming met de gemeentelijke ketenpartners gesteld worden als de regels niet volledig binnen de invloedssfeer van de gemeente liggen. We onderscheiden in de opbouw van het OP 1.0 een aantal onderdelen: •
Beleidsneutrale overgang
•
Uitwerkingen van bestaand beleid
•
Afwijkingen van bestaand beleid
•
Accenten van de raad
•
Formuleren van nieuw beleid
•
Uitgangspunten t.a.v. structuur, opbouw en proces
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 7
2.1.1
Beleidsneutrale overgang
De onderwerpen economie, gezondheid, klimaatadaptatie en wonen zijn als belangrijke thema’s voor het OP 1.0 opgepakt. Deze thema's zijn vertaald naar uitgangspunten die in het omgevingsplan passen. Per uitgangspunt is bekeken of het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. De keuze qua ambitie heeft namelijk invloed op de ambtelijke capaciteit en de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen. Voor gezondheid is een beleidsneutrale overgang niet mogelijk. Deze uitgangspunten zijn terug te vinden in paragraaf 2.1.5. Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op capaciteit
Effect op planning
Bestaande situatie op het gebied van detailhandel, horeca, wonen en kantoren en die omzetten in omgevingsplanregels
Laag
Laag
Laag
Vertalen welstandsbeleid in omgevingsplanregels
Laag
Laag
Laag
Omzetten bruidsschatregels in omgevingsplanregels
Laag
Laag
Laag
De omgevingsplanregels voldoen aan relevante beleidsstukken en regelgeving van provincie, waterschap en veiligheidsregio
Laag
Laag
Laag
2.1.2
Uitwerkingen van bestaand beleid
Het omzetten van de huidige regels én het toevoegen van nieuwe thema’s kan in het proces tot, en in het proces na, vaststelling van het omgevingsplan invloed hebben op de ambtelijke organisatie. Dit komt door het verschuiven van taken of een extra capaciteitsvraag. Bijvoorbeeld omdat als gevolg van een keuze zoals het meer toestemmingsvrij toelaten van activiteiten, wel meer inzet nodig zal zijn op handhaving. Beleidsneutraal betekent dus niet regelneutraal. Bij het omzetten van de regels worden deze tegen het licht gehouden en conform de Omgevingswet verwerkt in het OP 1.0. Soms kan het zijn dat voor een bepaald terrein het beleid al is vormgegeven en vertaald in juridische regels in bestemmingsplannen of verordeningen. Ook kan het voorkomen dat het handelen in bepaalde situatie al ‘gewoon’ is, maar dat dit nog niet gevat is in juridische regels. Dit is in deze NvU aangegeven als uitwerkingen van bestaand beleid. Per uitgangspunt is bekeken of het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. De keuze qua ambitie heeft namelijk invloed op de ambtelijke capaciteit en de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen. Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Effect op Planning
Het raadsbesluit Toekomstperspectief Kerkbuurt vaststellen in omgevingsplanregels
Laag
Laag
Laag
Nieuwe detailhandel en horeca direct grenzend aan kernwinkelgebied wordt toegestaan met vergunningplicht
Laag
Laag
Laag
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 8
Vanuit de omgevingsvisie milieubelastende activiteiten onder voorwaarden toestaan als gevolg van economische activiteiten
Laag
Hoog
Hoog
Opstellen regels ruimtelijke kwaliteit
Hoog
Hoog
Hoog
Stimuleren fietsgebruik en aandacht voor verkeersveiligheid
Hoog
Hoog
Laag
Behoud compacte dorpskern
Laag
Laag
Hoog
Dakkapellen centrumgebied toestaan
Hoog
Hoog
Laag
Er wordt rekening gehouden met beleidsmatige ontwikkeling, zoals de warmtetransitie en de energietransitie, door het opnemen van ruimtereserveringen hiervoor
Laag
Hoog
Laag
De huidige kruimelgevallenregeling (Bijlage II, artikel 4 Besluit omgevingsrecht) vervalt en wordt als omgevingsplanregeling opgenomen met waar nodig een vergunningplicht.
Laag
Hoog
Laag
De bruidsschat voldoet gedeeltelijk niet aan het nieuwe recht 1. Bij het opstellen van de omgevingsplanregels moet dit voldoen aan het nieuwe juridische kader. Hierbij wordt het voor de milieuaspecten gebaseerd op de handreiking 'Milieu en Bouwen in het omgevingsplan' van de OZHZ
Laag
Hoog
Laag
2.1.3
Afwijkingen van bestaand beleid
In de ambtelijke sessies is gebleken dat sommige punten uit het beleid of de omgevingsvisie (vooralsnog) niet haalbaar blijken of afwijken van de tot nu toe vastgestelde juridische regels. Op die punten maken we in het OP 1.0 regels die afwijken van bestaand beleid. De onderstaande uitgangspunten worden in hoofdstuk 4 nader toegelicht. Per uitgangspunt is bekeken of het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. De keuze qua ambitie heeft namelijk invloed op de ambtelijke capaciteit en de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen.
1
Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Effect op Planning
Uitbreiding bestaande recreatiehaven wordt niet mogelijk gemaakt
Laag
Laag
Laag
Flexibele regels t.a.v. maatvoering voor gebouwen
Hoog
Hoog
Laag
Regels dragen waar mogelijk bij aan versnelling woningbouw met als randvoorwaarde dat nieuwe en bestaande gebouwen toekomstbestendig zijn door klimaatadaptief, natuurinclusief,
Hoog
Hoog
Hoog
De instructieregels van het Besluit kwaliteit leefomgeving en de provinciale verordening
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 9
energieneutraal en levensloopbestendig te maken. 2
Regels maken het gemakkelijker om woningen toekomstbestendig te maken door deze klimaatadaptief, natuurinclusief, energieneutraal en levensloopbestendig te maken.
2.1.4
Hoog
Hoog
Laag
Accenten van de raad (OP 1.0+)
In de woordvoerdersbijeenkomsten met de raad is gesproken over scenario's t.a.v. de opbouw en wensen voor het OP 1.0. Inhoudelijk zijn in die sessies een aantal accenten aangegeven. Deze zijn passend bij de maatschappelijke opgaven en politieke wensen van dit moment en sluiten aan op de gedachtegang van bestaand beleid. Per uitgangspunt is bekeken of het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. De keuze qua ambitie heeft namelijk invloed op de ambtelijke capaciteit en de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. De aangegeven ambitieniveaus zijn wenselijk maar als de effecten te groot zijn zullen onderstaande punten pas bij het omgevingsplan 2.0 worden meegenomen. Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Effect op Planning
Uitgangspunt is een beleidsneutraal OP 1.0
Laag
Laag
Laag
Uitwerken van nieuwe thema’s (gezondheid, klimaatadaptatie) vanuit de Omgevingsvisie, mits passend qua capaciteit en doorlooptijd
Hoog
Hoog
Laag
Regels dragen waar mogelijk bij aan versnelling woningbouw
Hoog
Laag
Hoog
2.1.5
Formuleren van nieuw beleid (OP 1.0+)
In de ambtelijke sessies is naar voren gekomen dat voor een aantal onderwerpen die straks vallen onder de reikwijdte van de Omgevingswet wel beleid in opbouw is, maar deze nog niet zijn geland in vastgesteld beleid en/of regels. Op termijn zal dit echter wel moeten gebeuren. Voor het OP 1.0 zullen we tijdens de doorlooptijd kijken hoe én of deze uitgangspunten eventueel al vertaald kunnen worden. De inschatting is, zoals in onderstaande tabel weergegeven, dat deze ambitie hoog is en daardoor een hoog effect op de capaciteit heeft. Indien tijdens het opstellen van het OP 1.0 blijkt dat we hierdoor teveel uit de planning lopen zullen onderstaande punten pas bij het omgevingsplan 2.0 worden meegenomen. Bij het opstellen van de regels van het OP 1.0 wordt in gesprek met de GGD en OZHZ een voorstel gedaan voor het opnemen van regels over het thema gezondheid. Voorbeelden die uit werksessies zijn gekomen die te overzien zijn om mee te nemen, zijn de onderstaande uitgangspunten. Voor deze uitgangspunten kunnen regels gesteld worden. Ook is er tijdens de werksessie over klimaatadaptatie een aantal denklijnen naar voren gekomen dat geleid heeft tot de onderstaande uitgangspunten. Al deze uitgangspunten worden alleen beschouwd in het OP 1.0 als we niet teveel uit de planning lopen. In dat geval worden (een deel) van de uitgangspunten meteen meegenomen in het OP 1.0 als extra.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 10
Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Effect op Planning
Opnemen van een norm voor hoeveelheid groen en verpoosruimte
Hoog
Hoog
Hoog
Lagere parkeernormen voor nieuwe ontwikkelingen
Hoog
Hoog
Hoog
Percentages schaduw op speelplekken en/of de hoeveelheid groen, water, onverhard oppervlak en beweegvoorzieningen in het centrumgebied al dan niet voorzien van een minimale scoringsregel
Hoog
Hoog
Hoog
Vergunningsvrij maken van activiteiten gericht op de warmtetransitie en energietransitie
Hoog
Hoog
Hoog
Ambitieuzere normen voor klimaatadaptief, natuurinclusief, energieneutraal en levensloopbestendig bouwen van nieuwbouw.
Hoog
Hoog
Hoog
Uitzoeken waar vrijwillige omgevingswaarden en open normen, met bijbehorende (beleids)regels, het klimaatadaptief inrichten van de openbare ruimte kunnen versnellen
Hoog
Hoog
Hoog
Stimuleren van vergroening van particuliere gronden
Hoog
Hoog
Hoog
Toestaan van zonnepanelen op gemeentelijke monumenten
Hoog
Hoog
Hoog
2.2
Uitgangspunten t.a.v. structuur, opbouw en proces
2.2.1
Uitgangspunten in de structuur van het omgevingsplan
In het samenwerkingsverband van de Drechtsteden is afgesproken dat de gemeenten hun omgevingsplannen op hoofdlijnen opbouwen conform het casco-omgevingsplan van de VNG. De gemeente Sliedrecht hanteert deze afspraak ook als uitgangspunt voor het OP 1.0. Het kan zo zijn dat op onderdelen, bij het uitwerken van de regels, een aantal afwijkingen van het VNG-casco nodig of wenselijk is. Op deze manier kunnen omgevingsplanregels opgesteld worden die goed aansluiten bij de situatie in Sliedrecht. Indien dit het geval is, wordt dit nader toegelicht bij het OP 1.0. Het VNG-casco voor het omgevingsplan is een voorbeeldstructuur hoe het omgevingsplan opgebouwd kan worden. De opbouw van het casco is in de figuur 2.1 weergegeven. Voor het opnemen van de regels voor het centrumgebied zijn vooral de hoofdstukken 4 en 5 van het casco relevant. In hoofdstuk 4 wordt bepaald welk deel van Sliedrecht gezien wordt als het centrumgebied en welke specifieke locaties hier liggen. De weergave van het centrumgebied is te zien op figuur 1.2 en bijlage 1. Tijdens het opstellen van de regels wordt bepaald of het nodig is om in het gebied, zie bijlage 1, deelgebieden aan te duiden waar specifieke regels gelden. Op basis van de aanwijzingen in hoofdstuk 4, worden vervolgens in hoofdstuk 5 regels gesteld over de activiteiten die in de gebieden (zoals bepaald in hoofdstuk 4) uitgevoerd mogen worden.
Bij het opstellen van het OP 1.0 worden ten aanzien van de structuur van het omgevingsplan de volgende uitgangspunten gehanteerd: • De structuur van het VNG-casco is leidend voor het OP 1.0 en de latere doorontwikkeling daarvan tot een gemeentedekkende omgevingsplan. • De structuur die voor het OP 1.0 gehanteerd wordt, moet zonder grote wijzigingen/toevoegingen ook toegepast kunnen worden bij het opnemen van regels over andere gebieden in Sliedrecht (de bovengenoemde doorontwikkeling van het omgevingsplan), de structuur van het OP 1.0 wordt daarom zo gekozen/bepaald dat er ook gemakkelijk regels over andere (activiteiten in) andere gebiedstypen in opgenomen kunnen worden.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 11
• • •
Bij het toepassen van het VNG-casco worden hoofdstukken uit het casco die niet nodig zijn voor het OP 1.0 leeg gelaten. De structuur van het omgevingsplan komt zoveel mogelijk binnen Drechtstedenverband tot stand. De regionale samenwerking vindt ook plaats op het gebied van de software Knowledge Values. Dat houdt in dat ook op het gebied van het formuleren van regels gestreefd wordt naar het voorkomen van dubbel werk onder de Drechtstedengemeenten onderling.
Figuur 2.1 Opbouw VNG-casco het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. De keuze qua ambitie heeft invloed op de ambtelijke capaciteit en heeft effect op de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen Opbouw OP 1.0 Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Effect op Planning
Opbouw op hoofdlijnen volgens VNG-Casco
Laag
Laag
Laag
Opbouw wijkt af indien binnen Drechtstedenverband gezamenlijk wordt besloten dat dit wenselijk is
Laag
Laag
Laag
Gebaseerd op vigerende bestemmingsplannen en/of verleende vergunningen
Laag
Laag
Laag
Inclusief alle activiteiten uit de geldende bestemmingsplannen
Laag
Hoog
Hoog
Opname van minimale normwaarden in het programma Match 3 voor de verschillende aspecten die voorkomen in het centrumgebied, zoals geluidsnormen
Hoog
Hoog
Hoog
Voldoen aan instructieregels Rijk en provincie
Hoog
Hoog
Hoog
3 Omgevingsnormen worden bijgehouden in het Geo Informatie frame in Match. Als omgevingsnormen worden aangehaald in de juridische
regels of toepasbare regels gebeurt dit conform de inhoud van dit frame. Hier wordt duidelijk hoe we naar omgevingsnormen en werkingsgebieden refereren. Er wordt een centrale en vaste lijst met omgevingsnormen en werkingsgebieden bijgehouden. Alle stakeholders refereren naar de begrippen in deze lijst als ze naar deze typen informatieobjecten refereren in de toepasbare en juridische regels.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 12
Lokale verordeningen met gevolgen voor de fysieke leefomgeving blijven onderdeel van omgevingsplan 0.0 (omgevingsplan van rechtswege)
Laag
Laag
Laag
Bruidsschatregels voor zover gericht op activiteiten in het centrumgebied worden opgenomen, andere delen blijven onderdeel van omgevingsplan 0.0 (omgevingsplan van rechtswege)
Laag
Laag
Laag
Omgevingsplanregels worden geformuleerd en op de juiste plek geplaatst in het casco voor het centrumgebied
Hoog
Hoog
Laag
Bepalen welk gebied als volgende opgenomen wordt in het omgevingsplan
Laag
Laag
Laag
Als er vanuit de bruidsschat een officiële activiteitbenaming beschikbaar is voor een bepaalde activiteit, wordt die benaming gehanteerd in OP 1.0. Als er geen officiële activiteitbenaming beschikbaar is en het Waterschap, het Rijk en/of Provincie al een benaming voor die activiteit heeft vastgesteld, zal het OP 1.0 deze activiteitbenaming in beginsel overnemen.
Laag
Laag
Laag
2.2.2
Procesmatige uitgangspunten
De regels in het OP 1.0 worden waar mogelijk zo geformuleerd dat zij ruimte bieden aan nieuwe initiatieven die tot stand komen in de geest van de Omgevingswet. Met het OP 1.0 worden reeds gemaakte keuzes over rollen en bevoegdheden niet gewijzigd. Per initiatief wordt bepaald met welk instrument (bijvoorbeeld een omgevingsplanwijziging) het initiatief het beste gerealiseerd kan worden. Participatie Conform het vastgestelde participatiebeleid; Sliedrechtse werkwijze bij ruimtelijke initiatieven wordt het participatietraject ingestoken voor het OP 1.0. Dit betekent dat bij aanpassingen, die geen veranderingen teweeg brengen op de fysieke leefomgeving, geen participatie nodig is. In alle andere gevallen die gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving, dus wanneer iets impact heeft voor bijvoorbeeld onze inwoners of bedrijven, vindt altijd participatie plaats. Participatie bij de totstandkoming van het OP 1.0 richt zich daarom op de delen van het omgevingsplan die nieuw zijn ten opzichte van, waar al bij de totstandkoming van de omgevingsvisie, in een uitgebreid participatietraject over geparticipeerd is. De participatie begint met raadplegen (niveau 2), gevolgd door adviseren (niveau 3) door specifieke doelgroepen. Het participatietraject wordt afgesloten met informerende participatie (niveau 1).
Gedurende het opstellen van het OP 1.0 wordt benadrukt dat het centrumgebied als eerste opgenomen wordt in het omgevingsplan en dat daarna andere delen van Sliedrecht volgen. Waar nodig wordt benadrukt dat regels die in het OP 1.0 opgenomen worden later weer kunnen wijzigen. M.e.r.-beoordeling Ten slotte wordt parallel aan het opstellen van het OP 1.0 een m.e.r.-beoordeling (plus) opgesteld, om te bepalen wat de effecten van het niet-beleidsneutraal formuleren van bepaalde regels voor de fysieke leefomgeving zijn. Per uitgangspunt is bekeken of het qua ambtelijke capaciteit en effect op de doorlooptijd gewenst is om een hoge of lage ambitie te hanteren. PDe keuze qua ambitie heeft invloed op de ambtelijke capaciteit en heeft effect op de doorlooptijd om uiteindelijk te kunnen komen tot een vastgesteld OP
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 13
1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, halen Procesmatige uitgangspunten Uitgangspunt
Ambitieniveau
Effect op Capaciteit
Per initiatief handelen in geest van Ow, maatwerk waar kan
Laag
Laag
Hoog
Participatie bij nieuwe keuzes conform Participatiebeleid Sliedrecht
Laag
Hoog
Hoog
M.e.r.-beoordeling (plus)
Laag
Laag
Laag
2.2.3
Effect op Planning
Doorvertaling instructieregels
De regels in het OP 1.0 worden in lijn met de instructieregels van Rijk, provincie en waterschap opgesteld. Waar keuzes nodig zijn worden deze door de gemeente gemaakt waarna het bureau meedenkt over de juiste regeling. Dat betekent dat in het centrumgebied normwaarden, bijvoorbeeld bepalingen over de geluidbelasting, toegelaten worden die passen in die instructieregels. Dergelijke normwaarden zijn naast geluid voor veel aspecten gesteld, zoals lucht- en bodemkwaliteit. Waar nodig worden de normwaarden opgenomen in het OP 1.0. In het OP 1.0 krijgen de regels uit verordeningen en de bruidsschat een plek voor zover die regels betrekking hebben op het centrumgebied en activiteiten die in het centrumgebied plaats kunnen vinden. Andere verordenings- en bruidsschatregels worden, indien nodig, bij doorontwikkeling van het omgevingsplan opgenomen. Deze regels worden daarmee gefaseerd vertaald van het tijdelijk deel van het omgevingsplan naar het nieuw deel van het omgevingsplan. 2.2.4
Fasering
Het bureau dat het OP 1.0 opstelt, verricht het grootste deel van het schrijfwerk en doet concrete voorstellen aan de ambtelijke organisatie zodat de werklast voor de ambtelijke organisatie beheersbaar blijft. Het opstellen van regels in het OP 1.0 en die regels een goede plek geven in het VNG-casco kost evenwel tijd. Er is sprake van een planning voor het opstellen van het OP 1.0, waardoor het effect op de planning van de gehanteerde uitgangspunten gering is. De afgesproken planning moet, uitzonderingen daargelaten, immers nageleefd worden. Het formuleren van verordeningsregels kost ook tijd maar voorkomt werk op een later moment omdat de verordeningsregels die in het omgevingsplan opgenomen moeten worden, daar uiterlijk eind 2029 onderdeel van moeten zijn. Het waar mogelijk nu al vertalen van verordeningsregels haalt werk naar voren en geeft daarmee uitdrukking aan een hoog ambitieniveau voor het OP 1.0. Met betrekking tot de fasering worden bij het opstellen van het OP 1.0 de volgende uitgangspunten gehanteerd: •
•
Het OP 1.0 heeft uitsluitend betrekking op het centrumgebied, zie bijlage 1. Bij een doorontwikkeling van het omgevingsplan worden regels toegevoegd die betrekking hebben op andere gebiedstypen in Sliedrecht. Welke gebieden in welke volgorde toegevoegd worden is nader te bepalen. Behoudens verordeningsregels over activiteiten die in het centrumgebied voor kunnen komen (bijvoorbeeld het innemen van een standplaats) worden geen verordeningsregels opgenomen in het OP 1.0. Het opnemen van dergelijke regels gebeurt bij de doorontwikkeling van het omgevingsplan door een Verordening Fysieke Leefomgeving op te stellen en de regels in één keer over te laten gaan.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 14
Overwegingen om te komen tot de uitgangspunten In dit hoofdstuk leest u de overwegingen, uitkomsten van sessies en de achtergrond waarmee we uiteindelijk zijn gekomen tot de uitgangspunten zoals benoemd in hoofdstuk 2. Dit hoofdstuk bevat dan ook nadrukkelijk de achtergrondinformatie. 3.1
Hoofdlijnen op basis van beleidsneutrale overgang
Binnen de gemeente is veel beleid op allerlei verschillende onderdelen en thema’s vastgesteld door de gemeenteraad. Dit beleid bestaat vaak uit een visie of ambities en geeft een bepaalde opgave weer die met maatregelen bereikt kan worden. Er zijn verschillende opties om de maatregelen die nodig zijn om een opgave te halen, vorm te geven. Dit kan bijvoorbeeld door het verlenen van subsidies die uitgaan van stimuleren, maar het juridisch verankeren van maatregelen of normen in het bestemmingsplan is hiervoor ook een mogelijkheid. In de huidige bestemmingsplannen en straks het omgevingsplan vindt de juridisch planologische verankering van de beleidsuitgangspunten plaats. In deze plannen wordt bijvoorbeeld aangegeven waar gewoond mag worden, hoe hoog er gebouwd mag worden en aan welke parkeernormen getoetst wordt als er een nieuw initiatief komt. Zoals is aangegeven in hoofdstuk 2 is bij het opstellen van het OP 1.0 en daarna in vervolgstappen het gemeentedekkende omgevingsplan het vastgestelde beleid en de van toepassing zijnde wet- en regelgeving leidend. De relevante ambities uit de omgevingsvisie zijn in 3.1.1. weergegeven. In bijlage 3 is een weergave op hoofdlijnen van het gemeentelijk beleid weergegeven over de thema’s/onderwerpen die in de zes ambtelijke werksessies zijn besproken.
Dit is een beperkte weergave van het totale beleid dat van toepassing is en uiteindelijk vertaald zal gaan worden in het gemeentedekkende omgevingsplan, maar gaat specifiek over de thema's wonen, gezondheid, economie en klimaatadaptatie. Onderwerpen die vanuit de ambities van de omgevingsvisie belangrijk zijn voor het centrumgebied. Onderstaand zijn de overwegingen die zijn gemaakt om te kunnen komen tot de opgenomen uitgangspunten in hoofdstuk 2. 3.1.1
Hoofdlijnen omgevingsvisie
Het omgevingsplan vormt de juridische verankering van de ambities opgenomen omgevingsvisie. Daarmee vormt het een gedetailleerde uitwerking van de omgevingsvisie in regels. Alle oogmerken in het OP 1.0 worden dus expliciet afgeleid van deze gebiedsdoelen. De omgevingsvisie is recent vastgesteld. In deze paragraaf herhalen we de belangrijkste punten voor het centrumgebied, omdat deze concrete uitwerking zullen gaan krijgen in het OP 1.0. Gebiedsprioriteiten centrumgebied In de omgevingsvisie is gekozen voor de ambitie levendig en aantrekkelijk centrum. De gemeente biedt ruimte aan horeca, detailhandel en evenementen voor de levendigheid en investeert in de kwaliteit van de ruimte. Aandachtspunt is de relatie met de recreatiehaven die nu nog onderbenut is. De aantrekkelijkheid van de haven zelf en de route er naartoe zijn daarbij belangrijke opgaven. Verder is er ruimte voor verdichting in de randen in aansluiting op de nieuwe groene verbinding richting Sliedrecht-Noord. De aantrekkelijkheid van deze verbinding is van groot belang. Gebiedsopgaven centrumgebied •
Verbinding Recreatiehaven aantrekkelijker maken
•
Blijvend investeren in de beeldkwaliteit en kwaliteit van de openbare ruimte
•
Vergroenen
•
Vitaal houden detailhandel
•
Mate van functiemenging verhogen - ruimte voor transformaties
•
Ruimte voor evenementen
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 15
•
Verbeteren verbindingen langzaam verkeer Station, Sliedrecht-Noord en Watertorenterrein
Ambities milieuthema's In het centrum van het dorp is er ruimte voor geur- en geluidbelastende activiteiten vanuit bijvoorbeeld horeca en evenementen. Op deze manier kan de gevestigde traditionele bedrijvigheid en de haven ook blijven functioneren. Levendigheid staat hier hoger dan leefbaarheid. Daarom hanteert de gemeente voor geluid vanuit activiteiten een lagere ambitie. Omdat het centrum een plek is waar veel mensen samenkomen en er rondom het centrum verzorgingscomplexen en voorzieningen voor kwetsbare inwoners staan, heeft de gemeente een hoge ambitie voor externe veiligheid. Voor de overige milieuthema’s wordt een overwegend standaard ambitie gehanteerd. 3.1.2
Economie
De uitgangspunten op het gebied van economie hebben betrekking op het respecteren van de bestaande situatie voor detailhandel, horeca en kantoren. In een aantal gevallen wordt specifiek aangeduid waar regels gelden, maar dit is een vertaling van de bestaande juridische kaders. De handhaafbaarheid van regels is bekend, op het gebied van handhaving is er dan ook geen toename in werklast te verwachten. Deze uitgangspunten leiden niet geen toename in werklast voor de ambtelijke organisatie op. 3.1.3
Gezondheid
Het thema gezondheid is een relatief nieuw thema waarover in bestaande bestemmingsplannen nog geen regels gesteld zijn. De gemeente heeft hiervoor wel al beleid opgesteld, maar in overleg met de GGD zal dit nog verder worden uitgewerkt. De huidige verordeningen en de bruidsschat bevatten ook geen bepalingen die (direct of indirect) over gezondheid gaan. Dat houdt in dat regels over dit onderdeel niet geheel beleidsneutraal over kunnen of zullen gaan. In paragraaf 3.2.2 wordt dit verder toegelicht 3.1.4
Klimaatadaptatie
De regels over klimaatadaptatie hebben betrekking op een relatief nieuw onderwerp waar de gemeente wel beleid voor heeft gemaakt maar waar nog weinig regels over zijn gesteld in bestemmingsplannen en verordeningen. Wel zijn in de bruidsschat regels gesteld die betrekking hebben op klimaatadaptatie, zoals het lozen van water en het plaatsen van olie- en vetafscheiders bij horeca gelegenheden. Deze regels worden opgenomen in het OP 1.0. Het opnemen van bruidsschatregels vraagt niet om extra capaciteit omdat dit het overnemen van bestaande regels betreft. 3.1.5
Wonen
Ook de uitgangspunten op het gebied van wonen hebben betrekking op het respecteren van de bestaande situatie. In een aantal gevallen wordt specifiek aangeduid waar regels gelden op grond van de bestaande bestemmingsplanregels over wonen. De regels worden gesteld door de opstellers van het OP 1.0 en inhoudelijk overgenomen uit bestemmingsplannen zodat de handhaving van regels aansluit bij wat de ambtelijke organisaties wat nu bekend is. Voor de ambtelijke organisatie is voor het voorgaande geen toename in de werklast te verwachten. Tijdens de ambtelijke sessies is in aanvulling daarop besproken dat nieuw te bouwen woningen, net als onder huidig recht, moeten voldoen aan het welstandsbeleid. Hiervoor wordt een koppeling gelegd in het OP 1.0. Weliswaar moeten hiervoor nieuwe regels worden opgesteld, de verwachting is niet dat dit een hoog effect op de capaciteit heeft omdat dit een afgebakend onderwerp is, waar de inhoud van de regels wel al bekend is. 3.2
Beleidsuitwerkingen en beleidsafwijkingen
In aanvulling op de beleidsneutrale uitgangspunten zoals beschreven in paragraaf 3.1 en de accenten en kleuring vanuit de gemeenteraad zoals beschreven in paragraaf 3.3 worden in deze paragraaf
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 16
specifieke inhoudelijke uitgangspunten voor belangrijke onderdelen van het OP 1.0 benoemd die een uitwerking vormen van het bestaande beleid of juist een afwijking zijn van het bestaande beleid. Per uitgangspunt is bekeken of het wenselijk is om hier een hoge of lage ambitie voor te hanteren. Dit heeft invloed op de ambtelijke capaciteit en planning om te kunnen komen tot een vastgesteld OP 1.0. Met de aangegeven ambitieniveaus zoals opgenomen in de tabellen zijn we ambitieus maar wel binnen een mate dat we de planning, zie paragraaf 1.4, streven te halen. 3.2.1
Economie
De uitgangspunten op het gebied van economie hebben in beginsel betrekking op het beleidsneutraal respecteren van de bestaande situatie. Wel is sprake van zowel een uitwerking van het beleid als een afwijking van de beleidsvisie. Uitwerking bestaand beleid De uitgangspunten voor uitwerking van bestaand beleid kwam tot stand op basis van de volgende uitgangspunten voor het onderdeel economie: Kernwinkelgebied •
Het bestaande kernwinkelgebied4 wordt planologisch vastgelegd in het OP 1.0. Dit bestaande kernwinkelgebied conform het raadsbesluit Toekomstperspectief Kerkbuurt (21 februari 2019). Dit is een kleiner gebied dan in het bestemmingsplan ‘Kerkbuurt-Oost’.
•
Nieuwe detailhandel en horeca in het gebied dat direct grenst aan het kernwinkelgebied (zie bijlage 2) wordt toegestaan met een vergunningplicht. Detailhandel en horeca buiten het kernwinkelgebied en de schil worden in beginsel verboden. Met een omgevingsvergunning kan de gemeente desgewenst afwijken van dit verbod. Dit verbod geldt niet voor bestaande voorzieningen.
Ruimtelijke kwaliteit •
In het omgevingsplan kunnen regels worden gesteld die het mogelijk maken om de ruimtelijke kwaliteit verder te verbeteren. Dit is onderdeel van de inrichting van de openbare ruimte.
Milieubelastende activiteiten als gevolg van economische activiteiten •
In de omgevingsvisie is aangegeven dat als gevolg van de ambitie levendig en aantrekkelijk centrum meer is ruimte voor geur- en geluidbelastende activiteiten vanuit bijvoorbeeld horeca en evenementen dan in bijvoorbeeld een woongebied is toegestaan. Het OP 1.0 moet deze ruimte voorzien in de omgevingsplanregels.
Afwijkingen bestaand beleid De afwijkingen van het bestaande beleid kwam tot stand op basis van het volgende uitgangspunt voor het onderdeel economie: •
3.2.2
In tegenstelling tot het uitgangspunt in de omgevingsvisie om de aantrekkelijkheid van de haven zelf en de route er naartoe te vergroten, maakt het OP 1.0 geen uitbreiding van de bestaande recreatiehaven mogelijk omdat de binnenhaven die aan het centrumgebied grenst functioneel moet blijven voor de binnenvaart. Wel zal de route ernaar toe onderdeel zijn van het onderdeel ruimtelijke kwaliteit (zie hierboven onder ruimtelijke kwaliteit). Gezondheid
Zoals in paragraaf 3.1 is toegelicht is gezondheid een relatief nieuw thema waarvoor nieuw beleid moet worden uitgewerkt dat vertaald zal gaan worden in omgevingsplanregels. Dat vraagt om ambtelijke inzet bij het formuleren van beleid en ambtelijke begeleiding bij het stellen c.q. toetsen van
4
zie figuur in bijlage 2
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 17
de regels. Om die reden levert het opnemen van regels over gezondheid een forse toename in werklast voor de ambtelijke organisatie op. Uitwerking bestaand beleid De uitwerking van bestaand beleid kwam tot stand op basis van het volgende uitgangspunt voor het onderdeel gezondheid: •
Om gezondheidswinst te proberen te behalen worden regels opgenomen die het fietsgebruik stimuleren. Hierbij kan gedacht worden aan het opnemen van parkeernormen voor fietsparkeren in de regels van het omgevingsplan of het expliciet mogelijk maken van parkeervoorzieningen voor fietsers op centrale locaties. Het stimuleren van fietsgebruik betekent ook aandacht besteden aan de verkeersveiligheid van fietsers door onder andere goede fietspaden.
Formuleren van nieuw beleid Aangezien gezondheid een relatief nieuw thema is, is het beleid ook nog in ontwikkeling. In de sessies zijn onderstaande denklijnen naar voren gekomen. Deze worden beschouwd in het OP 1.0 en indien het effect op capaciteit en planning laag is, mogelijk uitgewerkt in OP 1.0 en anders in een latere fase van het OP. De inhoud van de bovenstaande tabel kwam tot stand op basis van de volgende uitgangspunten voor het onderwerp gezondheid: •
Als er in het omgevingsplan regels over gezondheidsbevordering opgenomen worden, dan gaan die in beginsel uit van het stimuleren in plaats van het verplichten van bepaalde handelingen. Zo nemen we bijvoorbeeld geen regels op over snackbarvrije zones rondom scholen.
•
Bij het opstellen van de regels van het OP 1.0 wordt in gesprek met de GGD en OZHZ een voorstel gedaan voor het opnemen van regels over dit thema. Denk bijvoorbeeld aan regels over de volgende onderwerpen:
3.2.3
o
Het opnemen van een norm voor de hoeveelheid groen en verpoosruimte. Bezien moet worden of een dergelijke norm algemeen moet gelden of alleen van toepassing moet zijn op nieuwe ontwikkelingen.
o
Een grote hoeveelheid parkeerplaatsen kan het autogebruik stimuleren. Door voor nieuwe ontwikkelingen een parkeernorm te hanteren die lager is dan de bestaande parkeernormen, ontstaat een stimulans voor gezond gedrag zoals lopend of fietsend verplaatsen omdat er minder parkeerruimte is.
o
In het omgevingsplan kunnen regels worden gesteld over de percentages schaduw op speelplekken en/of de hoeveelheid groen, water, onverhard oppervlak en beweegvoorzieningen in het centrumgebied als dit vanuit gezondheidskundig oogpunt noodzakelijk is. In het verlengde hiervan kan, als procesregel, in het omgevingsplan bepaald worden dat op het gebied van gezondheid ontwikkelingen een bepaalde minimale score moeten halen op dit soort aspecten.
o
In het omgevingsplan kan de minimale hoeveelheid groen- en speelvoorzieningen in de openbare ruimte worden bepaald. Aan de bepaling over deze minimale oppervlakte aan voorzieningen moet voldaan worden bij nieuwe ontwikkelingen in de openbare ruimte. Hiermee kan de gewenste ontwikkelingen van nieuwe groen- en speelvoorzieningen mogelijk worden gemaakt.
Klimaatadaptatie
De regels over klimaatadaptatie hebben betrekking op een relatief nieuw onderwerp waar de gemeente wel beleid voor heeft gemaakt maar waar nog weinig regels over zijn gesteld in bestemmingsplannen en verordeningen. Dit betekent dat het stellen van regels om extra ambtelijke capaciteit vraagt omdat gezamenlijk onderzocht moet worden of een vertaling van beleid in regels
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 18
nodig is en zo ja, hoe die vertaling eruit moet zien. Het stellen van nieuwe regels vraagt ook capaciteit van de handhavers omdat zij met de regels moeten kunnen werken. Het opnemen van bruidsschatregels vraagt niet om extra capaciteit omdat dit het overnemen van bestaande regels betreft. Hierbij wordt ook onderzocht of het instrument van een vrijwillige omgevingswaarde (bijv. het verlagen van de temperatuur met een 0,5 graad in het kernwinkelgebied) een meerwaarde heeft en dit uitvoerbaar en handhaafbaar is. Uitwerking bestaand beleid Uitgangspunt t.a.v. uitwerking bestaand beleid kwam tot stand op basis van het volgende uitgangspunt voor het onderdeel klimaat: •
Bij het stellen van regels in het OP 1.0 wordt rekening gehouden met het kunnen uitvoeren van de plannen ten behoeve van de warmtetransitie en de energietransitie, bijvoorbeeld door het opnemen van ruimtereserveringen.
Formuleren van nieuw beleid Aangezien klimaat een relatief nieuw thema is, is het beleid ook nog in ontwikkeling. In de sessies zijn onderstaande denklijnen naar voren gekomen. Deze worden beschouwd in het OP 1.0 en indien het effect op capaciteit en planning laag is, mogelijk uitgewerkt in OP 1.0 en anders in een latere fase van het OP. Uitgangspunten waar formuleren van nieuw beleid nodig is kwamen tot stand op basis van het volgende voor het onderdeel klimaatadaptatie: •
Bij het stellen van regels in het OP 1.0 wordt rekening gehouden met het kunnen uitvoeren van de plannen ten behoeve van de warmtetransitie en de energietransitie door het vergunningsvrij maken van activiteiten.
•
Waar mogelijk worden voor nieuwbouwobjecten strengere normen ten aanzien van klimaatadaptief bouwen gehanteerd dan voor bestaande objecten. Regels in het omgevingsplan wordt zo gesteld dat zij uitvoering van die plannen niet onmogelijk maken.
•
Bij het opstellen van het OP 1.0 wordt nagegaan of met behulp van vrijwillige omgevingswaarden en open normen die gekoppeld zijn aan beleidsregels de gemeente het klimaatadaptief maken/aanleggen van de openbare ruimte kan versnellen. Waar dit het geval is, zullen in de regels dergelijke omgevingswaarden en open normen worden opgenomen. Tevens worden voor de open normen beleidsregels uitgewerkt. Beleidsregels worden alleen ingezet als de rechtszekerheid voor initiatiefnemer en vergunningverlener (gemeente) geborgd is.
•
De gemeente wil vergroening van particuliere gronden stimuleren, waar nodig zal het omgevingsplan bepalingen bevatten die dit stimuleren mogelijk maken.
•
Als er tijdens het opstellen van het OP 1.0 gekozen wordt om zonnepanelen op gemeentelijke monumenten toe te staan, wordt die keuze verwerkt in de regels van het OP 1.0.
3.2.4
Wonen
De uitgangspunten op het gebied van wonen voor een verdere uitwerking of afwijking van het bestaande beleidskader zijn vooral gericht op het versnellen van woningbouw, het verdichten in het centrumgebied en het in algemene zin toestaan van dakkapellen (in tegenstelling tot het huidig bestemmingsplan). Een toename in werklast is op dit gebied indirect wel te verwachten bij het begeleiden van initiatieven die gericht zijn om verdichting door middel van woningbouw in het centrumgebied en eventuele omgevingsplanwijzigingen die daaruit volgen. Uitwerking bestaand beleid Uitwerking van bestaand beleid is nodig voor het onderdeel wonen door: •
De wens tot behoud van de compacte dorpskern van Sliedrecht betekent voor het centrumgebied onder meer een keuze voor verdichting.
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 19
•
Op specifieke locaties, niet zijnde monumenten, laat het omgevingsplan 1.0 dakkapellen toe in het centrumgebied. Regels over dakkapellen in het centrumgebied moeten zo eenduidig, simpel en duidelijk als mogelijk worden.
Afwijking bestaand beleid Afwijken van bestaand beleid is nodig voor het onderdeel wonen doordat: •
Naar aanleiding van de wens van de gemeenteraad worden in het OP 1.0 flexibelere regels over de maatvoering van woningen gesteld.
•
Eveneens naar aanleiding van de wens van de gemeenteraad worden in het OP 1.0 regels gesteld waarmee de woningbouw versneld kan worden.
•
In algemene zin worden in het OP 1.0 regels gesteld die flexibiliteit bieden bij het toekomstbestendig maken van woningen.
3.3
Accenten op basis van woordvoerdersoverleggen
In januari en maart 2023 is een tweetal woordvoerdersoverleggen over verschillende scenario's voor de ontwikkeling van het OP 1.0 met de gemeenteraad van Sliedrecht geweest. Tijdens deze avonden zijn accenten meegegeven en suggesties gedaan aanvullend op reeds vastgestelde beleidsstukken. Na een verkenning van (on)mogelijkheden is vervolgens in dit NvU per accent aangegeven wat voor impact dit heeft op capaciteit, planning, mogelijke faseringen en het ambitieniveau. Tot slot is ook toegelicht dat het OP 1.0 in een cyclisch proces tot stand komt. Per gebied en onderwerp wordt bepaald worden of regels gesteld kunnen worden en/of het omgevingsplan het juiste instrument hiervoor is. Uitgangspunt van het OP 1.0 is een beleidsneutraal plan dat aansluit op de omgevingsvisie. In de woordvoerdersoverleggen zijn accenten en kleuring aan deze uitgangspunten gegeven. Een aantal thema’s wordt met meer ambitie uitgewerkt, mits dit redelijkerwijs past binnen capaciteit en planning van het OP 1.0. Hieronder zijn de aangegeven accenten weergegeven per onderwerp. 3.3.1
Bereikbaarheid
Ook op het gebied van bereikbaarheid is gesproken over wat de mogelijkheden zijn om de bereikbaarheid te verbeteren (vanuit een betere dekking met het OV maar ook op het invloed uitoefenen op het aantal auto’s per woning). Het verbeteren van het OV-netwerk en inzet op de fietsbereikbaarheid zijn bijvoorbeeld belangrijke randvoorwaarden voor het bereiken van de gemeentelijke ambities én van belang voor jongeren. In het kader van het OP 1.0 wordt dit niet meegenomen omdat het verbeteren van het OV-netwerk een provinciale verantwoordelijkheid is (met eventuele gemeentelijke lobby). Het aantal auto's per woning kan wel beïnvloed worden door het hanteren van nieuwe parkeernormen bij nieuwe ontwikkelingen of door het aanmoedigen van het gebruik van deelauto’s. De voorkeur van raadsleden gaat uit naar stimulerende maatregelen. In dit licht is ook gesproken over de relatie tussen bereikbaarheid en gezondheid. Als randvoorwaarde wordt meegenomen dat de bereikbaarheid van zorgvoorzieningen in het centrumgebied niet negatief beïnvloed mag worden door veranderingen in de autobereikbaarheid van het centrumgebied, dat wil bijvoorbeeld zeggen dat bij nieuwe ontwikkelingen goed wordt gekeken naar de situering en het gebruik van parkeerplaatsen op straat nabij zorgvoorzieningen. 3.3.2
Gezondheid
Bij thema’s zoals gezondheid is het hanteren van een hoog ambitieniveau bij het formuleren van omgevingsplanregels gewenst. Dit kost echter veel tijd, omdat bepaald moet worden hoe regels zodanig geformuleerd worden dat zij een meerwaarde hebben, en uitvoerbaar en handhaafbaar zijn ten opzichte van bestaande regels. De verwachting is dat, hoe eerder het OP 1.0 vastgesteld is, hoe gemakkelijker vervolguitwerkingen zullen verlopen. Om die reden zijn in deze NvU vooral
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 20
uitgangspunten opgenomen met een gering effect op capaciteit en planning van het omgevingsplan. In de daarna volgende uitwerkingen kunnen bepaalde thema’s dan gefaseerd worden verdiept en vertaald. Op deze manier wordt een solide basis geboden voor het OP 1.0 en de verdere doorontwikkeling daarvan. 3.3.3
Wonen
De gemeenteraad heeft verder het belang van het versnellen van de woningbouw benadrukt. Het OP 1.0 kan hieraan bijdragen door bijvoorbeeld flexibelere regels te stellen voor maatvoering. 3.4
Procesmatige Uitgangspunten
3.4.1
Rol gemeenteraad
Naast de woordvoerdersoverleggen als middel om de gemeenteraad te betrekken bij deze NvU wordt ook het ontwerpomgevingsplan in een oordeelsvormende vergadering toegelicht aan de gemeenteraad. In de oordeelsvormende vergadering krijgen gemeenteraadsleden voor vaststelling van het omgevingsplan de gelegenheid tot reageren op het omgevingsplan door middel van schriftelijke vragen. 3.4.2
Behandeling initiatieven tijdens het opstellen van het OP
Tijdens het opstellen van het gemeentedekkende omgevingsplan zal de gemeente ook in ontwikkeling blijven en kunnen initiatiefnemers met ideeën de gemeente benaderen. De gemeente is het behandelen van initiatieven gewend, dus op zichzelf brengt dit geen extra werk met zich mee voor de ambtelijke organisatie. Van extra werk is wel sprake als het aantal initiatieven toeneemt en/of keuzes over rollen en bevoegdheden herijkt worden. Ook het begeleiden van nieuwe initiatieven in het centrumgebied voor verdichting die moeten gaan landen in het OP 1.0 kunnen extra werk meebrengen voor de ambtelijke organisatie. Deze ambtelijke capaciteit ziet dan vooral op het begeleiden van initiatiefnemers door middel van gesprekken c.q. het vertalen van het specifieke initiatief in het omgevingsplan. Hierbij is van belang dat het OP 1.0 niet onevenredig zal vertragen door nieuwe initiatieven. De volgende punten vormen de basis voor de opgenomen uitgangspunten:
3.5
•
Het op 1.0 moet ruimte bieden voor nieuwe initiatieven die in de geest van de Omgevingswet tot stand komen.
•
Het op 1.0 wijzigt keuzes over de verdeling van rollen en bevoegdheden (bijvoorbeeld besluiten over mandatering of advies (met instemming) niet.
•
Om maatwerkoplossingen te kunnen bieden, wordt per initiatief besloten of dit met een BOPA gerealiseerd wordt of wordt meegenomen in het OP 1.0. Participatie OP enkel bij niet-beleidsneutrale onderdelen
Conform het vastgestelde participatiebeleid; Sliedrechtse werkwijze bij ruimtelijke initiatieven wordt het participatietraject ingestoken voor het OP 1.0. Dit betekent dat bij aanpassingen, die geen veranderingen teweeg brengen op de fysieke leefomgeving, geen participatie nodig is. In alle andere gevallen die gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving, dus wanneer iets impact heeft voor bijvoorbeeld onze inwoners of bedrijven, vindt altijd participatie plaats. Participatie bij de totstandkoming van het OP 1.0 richt zich daarom op de delen van het omgevingsplan die nieuw zijn ten opzichte van, waar al bij de totstandkoming van de omgevingsvisie, in een uitgebreid participatietraject over geparticipeerd is. De participatie begint met raadplegen (niveau 2), gevolgd door adviseren (niveau 3) door specifieke doelgroepen. Het participatietraject wordt afgesloten met informerende participatie (niveau 1). Participatie vindt dus alleen plaats over regels die niet beleidsneutraal opgenomen worden in het omgevingsplan. Deze participatie kost voorbereiding en tijd en heeft daarmee wel effecten op
Nota van Uitgangspunten Omgevingsplan 1.0 centrumgebied
Pagina | 21
capaciteit en planning. Dit past qua ambitie bij het voortzetten van reeds gemaakte keuzes en werkwijzen en leiden daarmee niet tot effecten op capaciteit en/of planning. Onderstaande punten liggen ten grondslag aan de opgenomen uitgangspunten hierover. Ze geven sturing aan de procesmatige component van het opstellen van het OP 1.0: •
Participatie heeft alleen betrekking op onderdelen van het OP 1.0 die nieuw zijn ten opzichte van waar in de omgevingsvisie over geparticipeerd is.
•
Voor het centrumgebied kiezen we voor een gecombineerd participatietraject van adviseren, raadplegen en informeren. We gaan het gesprek aan over de inhoud van de omgevingsplanregels die niet beleidsneutraal zijnen over de regels die betrekking hebben op het verruimen van de maatvoering van woningen in het centrumgebied. Vervolgens vragen we advies aan een aantal (nog nader te specificeren) groepen op basis van de eerste regels die opgesteld worden. In ieder geval wordt het traject afgesloten met informerende participatie, waarin eenieder een zienswijze kan inbrengen.
Het OP 1.0 is de eerste stap in het opstellen van het gemeentedekkende omgevingsplan dat aan alle eisen uit de Omgevingswet voldoet. Dat betekent dat het omgevingsplan als geheel gedurende enige tijd in ontwikkeling is. In communicatie-uitingen wordt duidelijk gemaakt dat het centrumgebied als eerste opgenomen wordt in het omgevingsplan. Ook wordt in de toelichting duidelijk gemaakt welke regels straks in het OP 1.0 te vinden zijn en welke regels op specifieke delen van het centrumgebied van toepassing zijn. Die communicatie-uitingen maken ook duidelijk dat na het centrumgebied andere delen van Sliedrecht gebieds- en themagericht uit worden gewerkt in omgevingsplanregels. Waar nodig wordt in dergelijke uitingen ook benadrukt dat regels die in het OP 1.0 opgenomen worden later weer kunnen wijzigen. 3.6
M.e.r.-beoordeling omgevingsplan
Het opstellen van de m.e.r.-beoordeling is nodig om de effecten te bepalen van de regels die niet beleidsneutraal opgenomen worden in het omgevingsplan. Omdat zoveel mogelijk gebruikt wordt gemaakt van het omgevingseffectrapport bij de Omgevingsvisie Sliedrecht zijn de effecten van het opstellen van de m.e.r.-beoordeling op capaciteit en planning beperkt. De uitgangspunten t.a.v. de m.e.r.-beoordeling kwamen voor uit onderstaande: •