Rapport belastingmaatregelen 2025
Tekst van het document
BELASTINGMAATREGELEN 2025 SITTARD-GELEEN
Colofon Belastingmaatregelen 2025 13-11-2024 Samenstelling Gemeente Sittard-Geleen Concerncontrol Postbus 18 6130 AA Sittard Inlichtingen Tel: 14 046
INHOUDSOPGAVE 1. BELEIDSKADER GEMEENTELIJKE BELASTINGEN ............................................................................................3 1.1 B ELEIDSKADER ......................................................................................................................................................3 1.2 G EMIDDELDE INDEXERING 2025 ............................................................................................................................4 2. VOORSTELLEN GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN TARIEVEN .......................................................................5 2.1 G EMEENTELIJKE W OONLAST ..................................................................................................................................5 2.2 V OORSTELLEN INZAKE KOSTENDEKKENDHEID ..........................................................................................................7 2.3 O VERIGE VOORSTELLEN GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN RECHTEN .........................................................................9 3.
OVERZICHT GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN RECHTEN ...........................................................................10 3.1 I NLEIDING ...........................................................................................................................................................10 3.2 A LGEMENE BELASTINGEN EN PARKEERBELASTING ..................................................................................................10 3.3 A FVALSTOFFENHEFFING EN RIOOLHEFFING ...........................................................................................................25 3.4 R ECHTEN ............................................................................................................................................................30 3.5 L EGES .................................................................................................................................................................35
2
1. BELEIDSKADER GEMEENTELIJKE BELASTINGEN 1.1 BELEIDSKADER Het beleidskader van de gemeentelijke belastingen en heffingen is vastgelegd in het coalitieakkoord en de uitvoeringsafspraken 2022-2026 Samen zorgvuldig, verbindend doorpakken! In het coalitieakkoord en de uitvoeringsafspraken wordt het bestaande beleid van de afgelopen jaren voortgezet. Sittard-Geleen scoort in vergelijking met andere gemeenten hoog als het gaat om het niveau van de lokale lasten. We hebben daarom aandacht voor de hoogte van het lastenniveau voor inwoners en ondernemers en indien mogelijk brengen we dit terug. In de programmabegroting 2025 is het kader van de gemiddelde gemeentelijke woonlast voor 2025 nader uitgewerkt. Bij de kaderbrief 2024 is aandacht gegeven aan het lokale lasten beleid door de beleidsmatige verhogingen van de OZB voor 2025 terug te draaien. Uitwerking hiervan vindt plaats bij de programmabegroting 2025. Besluitvorming over aanpassingen van de verordeningen en tarieven voor 2025 vindt plaats door het voorstel belastingmaatregelen 2025 waar dit boekwerk onderdeel van uitmaakt. Voor het gemeentelijk belastingkader 2025 gelden de volgende uitgangspunten: - De tarieven worden geïndexeerd. Beleidsmatige verhogingen worden alleen uitgevoerd als er sprake is van noodzakelijke investeringen op het gebied van afval en riool. Het indexpercentage wordt vastgesteld op 3,45%.
- De in 2021 voorgenomen beleidsmatige verhoging van de OZB voor woningen en niet-woningen wordt voor 2025 niet doorgevoerd. - De algemene heffingen (honden- en toeristenbelasting) hebben het karakter van een bestemmingsheffing (maximaal 100% kostendekkend), voor zover er dekkingsmiddelen zijn. De verlaging van de tarieven van de hondenbelasting in 2023 tot een kostendekkend niveau wordt gecontinueerd vanaf 2025. - Lastenverdeling naar rato van draagkracht op basis van redelijkheid en billijkheid. De gemeente doet niet aan inkomenspolitiek, dit overeenkomstig artikel 219, lid 2 van de Gemeentewet. Daarin is bepaald dat de hoogte van een gemeentelijke belasting niet afhankelijk mag worden gesteld van het inkomen, de winst of het vermogen - De afnemer/ vervuiler betaalt. - De dienstverlening is kostendekkend, alle kosten worden gedekt door de opbrengsten. Het in 2021 vastgestelde beleidskader dat de gemeentelijke woonlasten worden geheven op basis van het gemiddelde van de vier grote Limburgse gemeenten is op dit moment niet mogelijk. Door toepassing van de begrotingskaders om de begroting reëel en structureel sluitend te maken en om ruimte te creëren voor nieuw beleid en reparatie van bestaand beleid zijn de eerder besloten belastingverhogingen nodig geweest. De voorgenomen verhogingen voor 2025 wordt niet doorgevoerd.
3
1.2 GEMIDDELDE INDEXERING 2025 Voor de indexering van de gemeentelijke belastingen en heffingen gebruiken wij vooral de in de meicirculaire 2024 van het gemeentefonds opgenomen verschillende indexeringspercentages personele en materiële kosten. Voor de gemeentelijke belastingen gebruiken wij hetzelfde gemiddelde percentage van 3,45%. De rechten voor afval en riool indexeren wij niet, bij deze heffingen begroten wij op basis van de verwachte kosten en opbrengsten. Voor de volgende tarieven stellen wij voor om niet te indexeren: - Reclamebelasting Op verzoek van het centrummanagement Sittard en Geleen is afgesproken om de tarieven jaarlijks met 2% te verhogen voor een periode van 5 jaar vanaf 2020. In 2022 is besloten de tarieven voor 1 jaar te bevriezen wegens de effecten van covid-19. Vanaf 2023 worden de tarieven volgens deze regeling verhoogd met 2% tot en met 2025. - Hondenbelasting De hondenbelasting niet te indexeren om te bewaken dat de kosten en opbrengsten niet te ver uit elkaar lopen om het beoogde karakter van een bestemmingsheffing te borgen. De verlaging van de tarieven van de hondenbelasting in 2023 tot een kostendekkend niveau wordt gecontinueerd in 2025. - Parkeertarieven De structuur van de parkeertarieven wordt op alle locaties in Sittard en Geleen aangepast. Voor de locaties in Geleen is dit onderdeel van het centrumaanpak Geleen.
De precieze wijzigingen zijn te lezen in dit rapport, onderdeel parkeerbelasting.
4
2. VOORSTELLEN GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN TARIEVEN 2.1 GEMEENTELIJKE WOONLAST De gemiddelde gemeentelijke woonlast1 bestaat uit de gemiddelde aanslag OZB-woningen, de gemiddelde afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Tabel Gemiddelde gemeentelijke woonlast
2024
2025
afwijking t.o.v. 2024
% afwijking t.o.v. 2024
OZB tarief woningen
0,1737%
0,1797%
0,01%
3,5%
Gemiddelde WOZ waarde*
€ 255.159
€ 255.159
€0
0,0%
€ 440,66
€ 458,52
€ 15,31
3,5%
Vastrecht afvalstoffenheffing
€ 219,12
€ 227,76
€ 8,64
3,9%
Gemiddeld variabel recht (Diftar) incl. milieupark
€ 116,10
€ 118,68
€ 2,58
2,2%
Gemiddelde afvalstoffenheffing
€ 335,22
€ 346,44
€ 11,22
3,3%
Rioolheffing
€ 230,25
€ 242,16
€ 11,88
5,2%
Gemiddelde woonlast
€ 1.006,13
€ 1.047,12
€ 38,41
3,8%
Gemiddelde woningen
OZB
aanslag
+ stijging tarief/ - is daling tarief * Ten tijden van het opstellen van dit rapport is de definitieve prognose van de WOZ-waarde 2025 nog niet ontvangen
Om de mutatie van de woonlasten voor de inwoners te kunnen bepalen gaan wij voor de WOZ-waarden uit van de prognose van de BsGW. De eerste prognose wordt op 15 oktober verwacht. In bovenstaande berekening staan dus nog de waardes per 1 januari 2023. Wel is bij het tarief al rekening gehouden met de algemene index van 3,45% bij de OZB-opbrengsten. Zo nodig worden in de raadsvergadering van december de tarieven aangepast op basis van de meest actuele prognose. In hoofdstuk 3 worden de belangrijkste ontwikkelingen en genomen maatregelen in het kader van de tariefontwikkeling van de OZB-woningen (3.2.1), afvalstoffenheffing (3.3.1) en rioolheffing (3.3.2) toegelicht. Monitor gemeentelijke woonlastendruk Uitgangspunt voor Sittard-Geleen was dat de gemiddelde gemeentelijke woonlast voor een inwoner van SittardGeleen overeenkomt met de gemiddelde woonlastendruk van de grootste gemeenten uit Limburg. In het jaarlijkse overzicht van de gemeentelijke belastingen van de provincie Limburg wordt een vergelijking gemaakt van de woonlasten van de Limburgse gemeenten betreffende OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. Aan de hand van deze benchmark is de gemiddelde gemeentelijke woonlast van een inwoner uit Sittard-Geleen voor 2024 vergeleken.
1
vanaf nu de gemiddelde woonlast.
5
Uit het belastingoverzicht 2024 blijkt dat onze gemeente net als in voorgaande jaren plaats 4 op de ranglijst heeft. De gemiddelde gemeentelijke woonlast voor een woningeigenaar in Sittard-Geleen is voor 2024 € 62,03 hoger (2023 € 85,34) dan het gemiddelde van de 4 grootste Limburgse gemeenten. De afgelopen jaren zijn de woonlasten voor onze inwoners gestegen. Dit wordt onder meer veroorzaakt door de hoger wordende kosten van de afvalstoffen- en rioolheffing. De aangekondigde beleidsmatige verhoging voor 2025 wordt niet doorgevoerd.
Gemeentelijke lasten eigenaar / gebruiker
Rang
Afvalstoffen heffing
Rang
Rioolrecht eigenaar/ gebruiker
Rang
OZB Eigenaar
Rang
Gemeente
Gemiddelde waarde woningen
Rang
Tabel Woonlasten 2024 (eigenaar/gebruiker) 4 grootste gemeenten van Limburg
Heerlen
201.381
1
322,37
2
195,71
2
353,15
3
871,23
2
Maastricht
301.837
4
316,93
1
220,80
3
361,56
4
899,29
3
Sittard-Geleen
251.080
2
436,13
4
230,28
4
310,97
2
977,38
4
Venlo
287.349
3
379,88
3
155,30
1
274,21
1
809,39
1
Gemiddeld G4: Gemiddeld Provincie
260.412
354,68
201,77
327,49
883,94
288.366
359,59
243,95
311,80
915,34
Bron: belastingoverzicht 2024 van de provincie Limburg * Het gemiddelde van de 4 grootste Limburgse gemeenten o.b.v. eigen berekening gemeente ** Rang 1 is de goedkoopste en rang 4 de duurste gemeente
Duidelijk is dat het op dit moment niet haalbaar is om de streefwaarde naar het gemiddelde van de vier grootste gemeenten te krijgen. Ook als we vergelijken met alle Limburgse gemeenten dan staat Sittard-Geleen hoog in de ranglijst met plaats 8. Alleen de gemeenten Meerssen, Eijsden-Margraten, Voerendaal, Gulpen-Wittem, Beekdaelen, Simpelveld en Vaals hebben hogere gemiddelde woonlasten voor een eigenaar. Een huurder van een woning betaalt in Sittard-Geleen alleen afvalstoffenheffing, hierdoor zijn we de goedkoopste gemeente van de 4 grote gemeenten in Limburg. Een gezin dat in een huurhuis woont, is ruim € 100 per jaar goedkoper uit in onze gemeente dan in het op de tweede plaats staande Maastricht.
3
353,15
57,00
2
0,00 155,30
Heerlen
104,99
Maastricht Sittard-Geleen Venlo
Gemeentelijke lasten gebruiker
Rang
Afvalstoffenheffing
Rioolrecht gebruiker
Rang
Gemeente
Rang
Tabel woonlastenmonitor 2024 gebruiker (huurder)
3
458,14
4
361,56
4
418,56
2
1
310,97
2
310,97
1
4
274,21
1
429,51
3
Gemiddelde G4:
327,49
404,30
Gemiddeld Provincie
311,80
400,12
Een vergelijking van de woonlasten voor 2025 is op dit moment nog niet te maken, omdat niet bekend is welke voorstellen de andere gemeenten nemen over de gemeentelijke woonlasten. In maart 2025 wordt het
6
belastingoverzicht van de provincie gepubliceerd, op dat moment is bekend wat de woonlasten van de andere gemeenten gaan doen. 2.2 VOORSTELLEN INZAKE KOSTENDEKKENDHEID 2.2.1 Onderzoek kostendekkendheid Een onderzoek naar de kostendekkendheid, in hoeverre de opbrengsten de kosten van een bepaalde dienst dekken, voeren wij jaarlijks uit. Dit is zowel een wens van de Raad, een verplichting vanuit de Gemeentewet als een verplichting vanuit de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) voor een aantal rechten en heffingen. Naast het uitgebreide onderzoek in dit boekwerk geven wij conform de richtlijnen van het BBV de kostendekkendheid op hoofdlijnen weer in de paragraaf lokale heffingen van de programmabegroting 2025. In de paragraaf lokale heffingen zijn de berekeningen opgenomen op basis van de toen beschikbare gegevens. Zowel de opbrengsten als de kosten dienen op het niveau van de gehele (leges)verordening en niet per individuele dienst of groep van diensten bezien te worden. Het is aan de gemeenteraad om te bepalen welke deel van de kosten die toegerekend mogen worden daadwerkelijk verhaald worden via de tarieven. Bij de rechten en bestemmingsheffingen onder artikel 229 Gemeentewet dient er sprake te zijn van een aanwijsbare tegenprestatie door de overheid.
Voor de vaststelling van de rechten zijn wij gehouden aan het vereiste dat de geraamde opbrengsten de geraamde kosten niet mogen overschrijden. Er dient dus sprake te zijn van ten hoogste kostendekkende tarieven. 2.2.2 Webapplicatie kostendekkenheid.nl Vanaf de begroting 2020 berekenen wij de kostendekkendheid met behulp van de webapplicatie kostendekkendheid.nl. Deze applicatie is een hulpmiddel om alle berekeningen centraal en uniform te verwerken en te bewaren. De webapplicatie zorgt er daarnaast voor dat meer in detail berekeningen gemaakt kunnen worden. De overzichten in het boekwerk komen rechtstreeks uit de applicatie. 2.2.3 Toerekenbare kosten Er mogen alleen kosten worden toegerekend aan de belastingen en heffingen die direct met de dienstverlening samenhangen. Tot de toe te rekenen kosten behoren onder andere: • Directe loonkosten • Overheadkosten (o.a. financiën, juridisch, ambtelijke huisvesting, ict, facilitair, etc..) • Directe materiaalkosten • Perceptiekosten (kosten heffen en invorderen) • Kosten bezwaar en beroep gericht tegen de belastingheffing of belastinginvordering • Kosten oninbaarheid • Kosten kwijtschelding • BTW-Compensatiefonds kosten • Voorlichtingskosten, voor zover niet samenhangend met beleidsvoorbereiding en beleidsvaststelling.
• Kosten met betrekking tot handhaving, toezicht en controle mits het hier de eerste controle op het nakomen van vergunningverlening betreft of specifiek samenhangt met de verleende dienst zoals de milieucontrole bij afvalstoffenheffing De overhead rekenen wij extracomptabel toe aan de verschillende rechten en heffingen. De methode van toerekening van de overhead is vastgesteld door de Raad in de financiële verordening. Het overheadtarief voor 2025 bedraagt € 41.614 per fte per jaar. Dit is gebaseerd op een nieuwe berekenmethode, aan de hand van de kadernota overhead van de commissie BBV uit november 2023. Het afsprakenkader rondom overhead is een bijlage van het raadsvoorstel begroting 2025.
7
2.2.4 Niet toerekenbare kosten De kosten die niet direct met de dienstverlening samenhangen, mogen niet doorberekend worden. Het gaat hierbij om onder meer: • Kosten voor algemene beleidsvoorbereiding • Kosten met betrekking tot handhaving, toezicht en controle • Kosten van inspraak- en bezwaarprocedures, met uitzondering hetgeen bij toerekenbare kosten genoemd wordt 2.2.5 100% kostendekkendheid Het is niet mogelijk om voor alle gemeentelijke belastingen en rechten 100% kostendekkend te zijn. Voor bepaalde leges gelden maximale wettelijke tarieven (bijvoorbeeld identiteitsbewijzen). In sommige gevallen is er sprake van basisproducten die wij als gemeente in het kader van dienstverlening altijd moeten aanbieden. Denk daarbij aan de uitgifte van paspoorten en rijbewijzen. Kruissubsidiering Bij activiteiten waarbij meerdere tarieven in één verordening staan, kan zich de vraag voordoen op welk niveau de kostendekkendheid moet worden getoetst. Het uitgangspunt daarbij is toetsing op verordeningenniveau, dus niet per tarief (activiteit), waarbij de geraamde kosten van alle benoemde activiteiten worden gedekt door de gezamenlijke opbrengsten uit de te heffen belastingen. Hierdoor is zogenoemde kruissubsidiëring mogelijk: een verwacht overschot bij de ene activiteit wordt gebruikt voor de dekking van een verwacht tekort bij een andere activiteit.
Het is dus niet nodig om de kostendekkendheid per activiteit te bepalen.
8
2.3 OVERIGE VOORSTELLEN GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN RECHTEN Onderstaande voorstellen worden verder toegelicht in hoofdstuk 3 overzicht gemeentelijke belastingen en rechten. Tabel Overige voorstellen A. B. C. D E F
Voortzetten verhoging van de tarieven van de reclamebelasting met 2% in 2025 Het voortzetten van de verlaging van de tarieven voor hondenbelasting tot een kostendekkend niveau De tarieven voor de hondenbelasting in 2025 niet te indexeren en niet te verhogen. Verandering van de structuur van de parkeertarieven voor alle locaties in Sittard en Geleen Continueren van de parkeermaatregelen 2023 door het niet verhogen van de overige vergunningen en kraskaarten in 2025 Niet indexeren tarieven in de verordening rioolaansluitrechten
Belasting / Rechten / Leges Reclamebelasting Hondenbelasting Hondenbelasting Parkeerbelasting Parkeerbelasting Rioolaansluitrechten
Voor een nadere toelichting op de voorstellen verwijzen wij naar de toelichtingen bij de betreffende verordeningen in hoofdstuk 3.
9
3. OVERZICHT GEMEENTELIJKE BELASTINGEN EN RECHTEN 3.1 INLEIDING In dit hoofdstuk behandelen wij alle gemeentelijke belastingen en rechten met de belangrijkste wijzigingen. 3.2 ALGEMENE BELASTINGEN EN PARKEERBELASTING In deze paragraaf behandelen wij alle algemene gemeentelijke belastingen en de parkeerbelasting met de belangrijkste wijzigingen. De tarieven van deze belastingen mogen meer dan kostendekkend zijn. De algemene belastingen zijn: - Onroerende zaakbelasting (OZB) - Roerende zaakbelasting - Precariobelasting - Reclamebelasting - Hondenbelasting, en - Toeristenbelasting. 3.2.1 Onroerende Zaakbelasting (OZB) Het OZB-tarief is gebaseerd op de OZB-opbrengst. De OZB-opbrengst wordt bepaald door de WOZ-waarde te vermenigvuldigen met het OZB-tarief. Ieder jaar worden de WOZ-waarden opnieuw bepaald en aangepast. Ons beleid is om de wijzigingen van de WOZ-waarde te compenseren door een aanpassing van het tarief. Hierdoor heeft een verandering in de WOZ-waarde geen invloed op de OZB-opbrengst en op de gemiddelde aanslag OZB. De WOZ-waarde is een absolute waarde die aangeleverd wordt door BsGW. Wijzigingen in de WOZ-waarden kunnen ontstaan door: • bezwaar- en beroepschriften; • leegstand bij gebruikersheffing niet-woningen; • jaarlijkse waardeontwikkelingen.
Mutaties in het areaal kunnen wel gevolgen hebben voor de OZB-opbrengsten, want deze worden in beginsel niet gecorrigeerd via het tarief. De gemeente is vrij om te bepalen hoeveel opbrengsten ze wil ophalen uit de OZB. Wij ontvangen hiervoor wel een korting op het gemeentefonds. Aanpassingen in de OZB-opbrengsten kunnen ontstaan door: • indexering; • hogere kosten van oninbaarheid; • verhoging van de opbrengsten voor het sluitend maken van de begroting of mogelijk maken van nieuw beleid. Op de volgende pagina is er ter verduidelijking een stroomschema opgenomen.
10
Berekening WOZ-waarde en OZB-opbrengst
11
12
WOZ-waarden 15 oktober komt er een eerste prognose van de WOZ-waarden door de BsGW. Op 15 november volgt een actualisatie van de prognose. De OZB-tarieven zullen op basis van deze nieuwe prognose wijzigen. Daardoor zal de gemeenteraad de gewijzigde tarieven opnieuw vaststellen in december. In de prognoses wordt rekening gehouden met een aantal onzekerheden. De wereld is volop in beweging. Het zijn onzekere tijden, die -al dan niet met enige vertraging- ook z’n weerslag hebben op de vastgoedmarkt. Een aantal actuele onzekerheden zijn: • • • •
Energiecrisis en daarmee samenhangende stagnerende productieprocessen Inflatie en veranderende rentepercentages Stikstofcrisis Transitie van kantoren naar minimaal label C per 1-1-2023
Bovenstaande zaken hebben in meer of mindere mate invloed op de prijzen van vastgoed, in het bijzonder op de niet-woningen. Alleen de energieprijzen kunnen al gigantische impact hebben op de bedrijfsvoering van ondernemers. Niet alleen bij grote fabrieken, maar ook bij de bakker op de hoek. Voor de voorspelling van de OZB-opbrengsten niet-woningen vinden vooroverleggen plaats met grote bedrijven. Hiermee wordt getracht een goede prognose op te stellen over te verwachtte OZB-opbrengsten. Door deze factoren zijn dit soort vooroverleggen meer complex omdat het kwantificeren van deze onzekerheden niet eenvoudig is. Tabel overzicht OZB-tarief woningen 2024-2025 OZB tarief woningen 2024 eigenaren
0,1737%
2025
% wijziging
0,1797%
3,5%
+ = stijging van het tarief Het OZB-tarief voor woningen stijgt met 3,45% door de indexering, additionele beleidsmatige verhogingen worden niet doorgevoerd. Tabel overzicht OZB-tarieven niet-woningen 2024-2025 OZB tarief niet-woningen 2024 0,7828% eigenaren
2025 0,8098%
% wijziging 3,5%
gebruikers
0,6050%
0,6283%
3,9%
Totaal indien eigenaar en gebruiker
1,3878%
1,4381%
3,6%
+ = stijging van het tarief Het OZB-tarief voor niet-woningen stijgt met 3,45 % voor de eigenaren. Het OZB-tarief voor niet-woningen stijgt door de indexering met 3,45%, additionele beleidsmatige verhogingen worden niet doorgevoerd. Voor de gebruiker stijgt het tarief met 3,90 %. Naast de indexering is er een kleine wijziging met betrekking tot de leegstand. Areaaluitbreiding Door uitbreiding van een gebied, bijvoorbeeld door de bouw van een nieuwe woonwijk of nieuwe fabriek stijgt het areaal van de gemeente. Dit betekent dat er nieuwe woningen of niet-woningen meegenomen worden in de OZB. Dit areaal zorgt voor extra opbrengsten voor de gemeente. Negatief areaal door sloop van gebouwen leidt tot minder opbrengsten voor de gemeente.
13
Tabel Areaaluitbreiding 2025* Areaaluitbreiding 2025 Totaal Tarief 2025
woningen 0,1797 %
niet-woningen (eigenaar) 0,8098 %
niet-woningen (gebruiker) 0,6283 %
WOZ-waarde areaaluitbreiding
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
OZB-opbrengst areaal
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
WOZ-waarde voor correctie
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
Tarief correctie
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
Correctie opbrengst GF
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
OZB opbrengst na correctie
n.t.b.*
n.t.b.*
n.t.b.*
Totaal
Correctie gemeentefonds
OZB opbrengst afgerond n.t.b.* n.t.b.* n.t.b.* * Omdat de belastingvoorstellen in de cyclus 1 maand naar voren zijn gehaald wordt deze tabel later gevuld en verwerkt in de begroting via een afzonderlijke wijziging in december 2024. De areaaluitbreidingen zorgen ervoor dat we meer eigen opbrengsten kunnen genereren, hiervoor wordt de gemeente deels gekort op de uitkering van het gemeentefonds. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen.
14
3.2.2 Precariobelasting De Verordening precariobelasting 2025 is gebaseerd op artikel 228 van de gemeentewet. Precariobelasting kan worden geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Omdat het een algemene belasting betreft is een onderzoek naar de kostendekkendheid van de tarieven niet van toepassing. In Sittard-Geleen heffen wij alleen precariobelasting over de terrassen en standplaatsen die staan op gemeentegrond. De hoogte van de precariobelasting is afhankelijk van de grootte van het terras of de standplaats. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen. De tarieven voor de terrassen en de standplaatsen indexeren wij met 3,45%. Een standplaatshouder betreft bijvoorbeeld een loempia- of oliebollenkraam die niet op de week- of wijkmarkten staan. Tabel Wijziging tarieven precariobelasting Precariobelasting
2024
2025
Terras, per jaar per m2 € 14,80 € 15,30 Standplaats, per dag per m1 € 2,00 € 2,05 Standplaats bijzondere locaties per m1 € 7,40 € 7,65 + = stijging van het tarief * Door afronding op € 0,05 wijkt de stijging van de tarieven af van de indexering van 3,45%. De tarieven zijn historisch tot stand gekomen en worden in principe ieder jaar geïndexeerd.
15
% wijziging* 3,38% 2,50% 3,38%
3.2.3 Reclamebelasting De Verordening Reclamebelasting is gebaseerd op artikel 227 van de gemeentewet. Reclamebelasting kan worden geheven ter zake van openbare aankondigingen welke zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. In 2008 is gekozen voor de reclamebelasting als meest geschikte belasting voor de financiering van een ondernemersfonds c.q. Centrummanagement. De reclamebelasting is vrij eenvoudig te heffen met als uitgangspunt een solidariteitstarief voor iedere ondernemer met daar bovenop beperkte verhogingen/differentiatie naarmate de grootte van de reclamevoering. In 2009 is de reclamebelasting door de raad vastgesteld ter financiering van het centrummanagement. In 2015 is ervoor gekozen om de samenwerking met centrummanagement voort te zetten in een nieuwe structuur en nieuwe opzet (coöperatie vorm). Ook in deze periode wordt de reclamebelasting ingezet ter financiering van het Centrummanagement. Aangezien het een algemene belasting betreft is een onderzoek naar de kostendekkendheid van de tarieven niet van toepassing. De opbrengst van de reclamebelasting storten wij na aftrek van de uitvoeringskosten volledig door naar centrummanagement Sittard en Geleen. Een verhoging van deze belasting heeft geen effect op de begroting van de gemeente. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening A.
Voortzetting verhoging van de tarieven van de reclamebelasting met 2% in 2025. Op verzoek van het centrummanagement Geleen en Sittard is afgesproken om de tarieven jaarlijks met 2% te verhogen voor een periode van 5 jaar vanaf 2020. Voor 2020 en 2021 zijn de tarieven met 2% verhoogd. In 2021 heeft de gemeente geen reclamebelasting opgelegd bij de ondernemers in beide stadscentra vanwege de coronapandemie. Op verzoek van beide besturen van centrummanagement zijn de tarieven 2022 bevroren op het niveau van 2021, dit als ‘charme’-gebaar richting de ondernemers. Na vaststelling van de tarieven 2022 heeft de gemeenteraad besloten om ook over 2022 geen reclamebelasting op te leggen. Voor 2023 hebben beide besturen van centrummanagement in onderling overleg besloten om de reclamebelasting met ingang van 2023 weer op te leggen en tevens te verhogen met 2%. Dit voor een periode van 3 jaar (2023, 2024 en 2025). Tabel Wijziging tarieven reclamebelasting Reclamebelasting
tarief 2024*
tarief 2025*
% wijziging**
€ 0,00
€ 0,00
0,0%
€ 487,00
€ 497,00
2,0 %
€ 536,00
€ 547,00
2,0 %
€ 594,00
€ 606,00
2,0 %
€ 753,00
€ 768,00
2,0 %
Het aangewezen gebied, de straten zoals genoemd in artikel 2 lid 1 van de verordening en zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende kaart a. indien de oppervlakte van de reclameobjecten minder is dan 0,1 m2 b. indien de oppervlakte van de reclameobjecten 0,1 m2 is of meer maar minder dan 0,5 m2 c. indien de oppervlakte van de reclameobjecten 0,5 m2 is of meer maar minder dan 10 m2 d. indien de oppervlakte van de reclameobjecten 10 m2 is of meer maar minder dan 30 m2 e. indien de oppervlakte van de reclameobjecten 30 m2 is of meer
* De tarieven worden afgerond op hele euro’s. ** Door afronding op hele euro’s wijkt de stijging van de tarieven af van de indexering van 2%. 16
3.2.4 Hondenbelasting Hondenbelasting is een algemene belasting welke wordt geheven ter zake van het houden van een hond binnen de gemeente. Tabel Berekening kostendekkendheid hondenbelasting Taakveld Kosten
Bedrag
0.64
Belastingen overig
€ 17.900
1.2
Personeelskosten
€ 84.917
5.7
Openbaar groen en recreatie
€ 120.895
6.3
Kwijtschelding eerste hond
€ 17.000
7.4
Milieubeheer
€ 62.500
0.4
Overhead
€ 68.309
0.8
BTW / BCF
€ 13.125 € 384.646
Totaal Kosten Opbrengsten inclusief voorstel verlaging van de tarieven met 50%
Bedrag
1.1
1e hond
€ 332.982
1.2
2e hond
€ 47.250
1.3
3e hond e.v.
€ 8.316
1.4
Kennel
€ 3.478
Totaal Opbrengsten
€ 392.026
Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 384.646
Totaal opbrengsten
€ 392.026 102%
Kostendekkendheidspercentage
Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening B. Het voortzetten van de verlaging van de tarieven voor hondenbelasting tot een kostendekkend niveau C. De tarieven voor de hondenbelasting in 2025 niet te indexeren. De hondenbelasting is een algemene belasting, de kosten mogen de opbrengsten overschrijden. In de programmabegroting 2022 is besloten om de tarieven voor de hondenbelasting voor de jaren 2022 en 2023 te verlagen met 50%. In de kadernota 2023 is besloten om de verlaging van de hondenbelasting met 50% voort te zetten in 2024. Vanaf de begroting 2025 wordt deze verlaging tot het kostendekkend niveau voortgezet. Voor 2025 is gekozen om de tarieven net als in 2024 niet te indexeren. De strekking is dat de hondenbelasting het karakter van een bestemmingsheffing heeft. Dit houdt in dat de insteek is om de opbrengsten nagenoeg gelijk te houden aan de kosten. Om ervoor te zorgen dat de kosten en opbrengsten niet te ver uit elkaar lopen, worden de tarieven niet geïndexeerd.
17
Tabel Wijziging tarieven hondenbelasting Categorie 2024 1e hond € 46,80 2e hond € 63,00 Iedere hond boven het aantal van 2 € 79,20 Kennel € 172,20
2025 € 46,80 € 63,00 € 79,20 € 172,20
% verschil 0% 0% 0% 0%
Onderstaande vergelijking van de tarieven 2024 met een aantal andere gemeenten. De gemeente heeft in 2024 de laagste tarieven van de 4 gemeenten. Tabel Benchmark tarieven hondenbelasting 2024 Categorie Maastricht Venlo Heerlen Referentiekader Sittard-Geleen % afwijking
1e hond € 73,56 € 62,64 € 70,92 € 69,04 € 46,80 -32%
18
2e hond € 105,96 € 93,96 € 229,10 € 143,01 € 63,00 -56%
Iedere hond boven het aantal van 2 € 128,04 € 93,96 € 456,60 € 226,20 € 79,20 -65%
Kennel € 294,72 € 334,64 € 1.221,80 € 617,05 € 172,20 -72%
3.2.5 Toeristenbelasting Onder de naam `toeristenbelasting’ wordt een belasting geheven ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. De gemeente ontvangt namelijk van het Rijk een bedrag per inwoner, voor toeristen ontvangt de gemeente geen geld, terwijl toeristen ook profiteren van de openbare ruimte zoals het onderhoud van de wegen. Tabel Berekening kostendekkendheid toeristenbelasting Taakveld Kosten 3.4
Bedrag
Economische promotie
€ 485.000 € 485.000
Totaal Kosten Opbrengsten
Bedrag
1.1
Hotel / motels / pensions/ B&B's
€ 522.000
1.2
Logies & vakantiewoningen
€ 1.818
1.3
Camping
€ 7.688 € 531.506
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 485.000
Totaal opbrengsten
€ 531.506
Kostendekkendheidspercentage
109,59 %
Ook voor de toeristenbelasting is een berekening van de kostendekkendheid uitgevoerd. Omdat de toeristenbelasting een algemene belasting is, is het toegestaan om meer dan kostendekkend te zijn. Wij zijn vrij in de besteding van de opbrengst. Kosten toeristenbelasting De directe kosten voor toerisme omvatten onder andere de VVV Zuid-Limburg, het onderhoud van het fietsknooppunt en kleine losse initiatieven op het gebied van vrije tijdseconomie. Toeristen maken ook gebruik van de faciliteiten binnen de Gemeente Sittard-Geleen, zoals de infrastructuur en de evenementen die georganiseerd worden. Deze indirecte kosten zijn niet meegenomen in de berekening. Aantal overnachtingen De prognose van het aantal overnachtingen bij hotels in 2025 is gestegen met 25.000 ten opzichte van 2024. Deze prognose is gebaseerd op het aantal overnachtingen in 2023 en het eerste half jaar 2024. Dit, samen met het verhoogd tarief, leidt tot extra opbrengsten van ongeveer € 81.000. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen. De tarieven van de toeristenbelasting worden geïndexeerd met het algemene percentage van 3,45%.
19
Tabel Vergelijking tarieven toeristenbelasting 2024-2025 Begroting 2024
Begroting 2025
Afwijking €
Afwijking %*
Hotels
Per persoon per overnachting
€ 2,52
€ 2,61
€ 0,09
3,57%
Logies & vakantiewoningen
Per persoon per overnachting
€ 1,95
€ 2,02
€ 0,07
3,59%
Camping
Per persoon per overnachting
€ 1,20
€ 1,24
€ 0,04
3,33%
* afwijking verschilt van de algemene index door afronding naar centen
Vergelijking toeristenbelasting 2024 In onderstaand schema zijn ter vergelijking de tarieven toeristenbelasting (exclusief camping) voor enkele Limburgse gemeenten weergegeven. Voor de tarieven van hotels ligt het tarief 6,6% lager dan de referentiegemeenten, waarbij voor de gemeente Maastricht het tarief voor een 1 stercategorie is gebruikt. Tabel Vergelijking tarieven toeristenbelasting 2024
€ 3,18² € 2,30 € 3,32 € 2,00
Logies, vakantiewoningen & B&B1 € 2,35 € 1,90 € 1,65 € 2,00
€ 2,70 € 2,52 - 6,6%
€ 1,98 € 1,95 - 1,5%
Hotels1 Maastricht Venlo Roermond Heerlen Gemiddelde van referentiegemeenten Sittard-Geleen 1 Tarieven zijn per persoon per overnachting 2 Bij Maastricht is het tarief voor een 1 stercategorie gehanteerd.
20
3.2.6 Parkeerbelastingen De Verordening Parkeerbelastingen is gebaseerd op artikel 225 van de gemeentewet en de geldende parkeerverordening. Bij parkeerheffingen moet een onderscheid gemaakt worden tussen publiekrechtelijke en privaatrechtelijke heffingen. Op de openbare weg zijn de publiekrechtelijke heffingen van toepassing. De parkeergarages en afgesloten parkeerterreinen zijn privaatrechtelijk eigendom van de gemeente. Deze parkeertarieven vallen niet onder artikel 225 of artikel 229 van de gemeentewet en zijn dus niet publiekrechtelijk. Het onderscheid tussen publiekrechtelijke en privaatrechtelijke heffingen wordt gemaakt door: - De Gemeentewet, in artikel 156 staat dat de raad de publiekrechtelijke tarieven dient vast te stellen. Volgens artikel 160 van de Gemeentewet is het college bevoegd om de privaatrechtelijk tarieven vast te stellen; - Indien er een verordening aan een heffing ten grondslag ligt, dan kan de heffing publiekrechtelijk genoemd worden. Indien een dergelijke verordening ontbreekt, is de heffing privaatrechtelijk; - Rechten die niet vallen onder artikel 229 van de Gemeentewet zijn privaatrechtelijk. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening D. Verandering van de structuur van de parkeertarieven voor alle locaties in Sittard en Geleen; E.
Continueren van de parkeermaatregelen 2023 door het niet verhogen van de overige vergunningen en kraskaarten in 2025 Toelichting (was/wordt) op voorstel A beleidsmatige aanpassing Onderstaande tabellen geven per locatie weer wat het tarief in 2024 was en wat het voorstel is voor het tarief in 2025 (wordt) D. Algemene toelichting aanpassing structuur publiekrechtelijke parkeertarieven gemeente Sittard-Geleen Op enkele parkeerlocaties (zie onderstaand overzicht voor deze locaties) in de gemeente wordt geprobeerd lang parkeren te tegen te gaan. Tot en met 2024 hanteerde de gemeente hiervoor een maximum parkeertarief. Eventuele overschrijdingen worden beboet door middel van een naheffingsaanslag. De Hoge Raad heeft bepaald dat deze werkwijze niet handhaafbaar is en daardoor moet de gemeente een nieuwe structuur inrichten om het lang parkeren op bepaalde locaties tegen te gaan. Het voorstel is om voor deze locaties een gereduceerd parkeertarief op te leggen voor het 1e (en soms 2e) uur en vervolgens een verhoogd parkeertarief voor de daaropvolgende uren. D. Toelichting situatie Geleen: Het tarief voor het parkeren op straat in Geleen is aangepast naar €1,- per uur. De bijbehorende tariefwijziging voor de Marktgarage Geleen (iedere dag eerste 2 uur gratis) wordt opgenomen in de privaatrechtelijke tarieventabel voor het garage parkeren.
Het mandaat voor de vaststelling van de privaatrechtelijke tarieven (garage parkeren) ligt bij het college. De wijzigingen van de parkeertarieven in Geleen maken onderdeel uit van het centrumaanpak Geleen. In de begroting 2025 is rekening gehouden met de lagere opbrengsten die hiermee samenhangen. Sittard Parallelweg, Sittard (Nettorama) Was Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Parallelweg, Sittard (Nettorama)
€ 0,10
€ 0,90
€ 0,60
21
Wordt Locatie:
Minimale inworp:
Tarief 1e uur
Tarief uur
elk
volgend
Parallelweg, Sittard (Nettorama)
€ 0,10
1e uur €0,60 daarop volgende 30 minuten € 0,3
€ 1,90 per uur
Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Tempelplein, Sittard
€ 0,10
€ 7,60
€ 3,80
Locatie:
Minimale inworp:
Tarief 1e en 2e uur
Tarief uur
Tempelplein
€ 0,10
1e uur € 3,80 2e uur € 3,80
€ 5,70 per uur
Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Stationsvoorplein, Sittard
€ 0,10
€ 1,90
€ 3,80
Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Stationsplein, Sittard (Coffeeshop)
€ 0,10
€ 1,90
€ 3,80
Minimale inworp:
Tarief 1e uur
Tarief uur
€ 0,10
1e uur € 3,80
€ 5,70 per uur
Tempelplein, Sittard Was
Wordt elk
volgend
Stationsvoorplein, Sittard Was
Stationsplein, Sittard (Coffeeshop) Was
Wordt Locatie: Stations(voor)plein (van Stationsdwarsstraat Coffeeshop), Sittard
t/m
22
elk
volgend
Parkeerterrein Steenweg, Sittard Was Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Parkeerterrein Steenweg, Sittard
€ 0,10
€ 5,00
€ 1,90
Locatie:
Minimale inworp:
Tarief 1e
Parkeerterrein Steenweg, Sittard
€ 0,10
1e uur € 1,90
Wordt Tarief elk volgend uur € 1,90 per uur met een maximumtarief van € 5,00
Alle overige niet met naam genoemde betaalde locaties, Sittard Was Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
€ 0,10
Uurtarief: € 1,90
Wordt Minimale inworp:
Tarief 1e uur
Tarief uur
€ 0,10
1e uur € 1,90
€ 1,90 per uur
Locatie:
Minimale inworp:
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Prins de Lignestraat, Geleen
€ 0,10
€ 1,00
€ 1,90
Maximale inworp*:
Uurtarief:
Locatie:
elk
volgend
Geleen Was Prins de Lignestraat, Geleen
Overige niet met naam genoemde locaties, Geleen Locatie:
Minimale inworp: € 0,10
€ 1,90
Wordt Alle locaties, Geleen Locatie:
Minimale inworp:
Tarief 1e uur
Tarief uur
Alle locaties, Geleen
€ 0,10
€ 1,00
€ 1,00
elk
volgend
Fiscale parkeerboetes (naheffingsaanslag) De naheffingsaanslag (parkeerboetes) is voor het jaar 2025 vastgesteld op het maximaal toegestane tarief van € 78,80.
23
Tabel Berekening kostendekkendheid naheffingsaanslag parkeren taakveld
Kosten
Bedrag
0.64
Belastingen overig
€ 83.605
1.1
Informatieverwerkingskosten
€ 9.543
1.1
Personeelskosten
€ 129.191
0.4
Overhead
€ 41.627
0.8
BTW / BCF
€ 2.004 € 265.970
Totaal Kosten Opbrengsten 1.1
Bedrag Naheffingsaanslag
€ 230.096 € 230.096
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 265.970
Totaal opbrengsten
€ 230.96 87%
Kostendekkendheidspercentage
24
3.3 AFVALSTOFFENHEFFING EN RIOOLHEFFING 3.3.1 Afvalstoffenheffing Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven als bedoeld in art. 15.33 van de Wet Milieubeheer. De heffing mag niet meer dan kostendekkend zijn omdat de afvalstoffenheffing een bestemmingsheffing is. De diftartarieven (tariefdifferentiatie) voor restafval, GFT en milieupark tarieven zijn afgestemd met de gemeenten Beek en Stein uit de Westelijke Mijnstreek. De overige kosten worden verdeeld over het aantal aansluitingen (zijnde het vastrecht). Tabel Berekening kostendekkendheid afvalstoffenheffing Kosten 0.64
Belastingen overig (o.a. BsGW)
Bedrag € 295.739
2.1
Verkeer en wegen (reiniging)
€ 1.605.527
6.3
Kwijtschelding en incontinentie
€ 955.000
7.3
Afval
7.3
Onttrekking voorziening (uitvoeringsplan afval)
€ -391.000
7.3
Personeelskosten
€ 408.100
0.4
Overhead
€ 247.602
BTW / BCF
€ 1.831.227
0.8
€ 11.118.727
€ 16.070.922
Totaal Kosten Opbrengsten
Bedrag
1.1
Vast recht
€ 10.180.872
1.2
Variabel recht
€ 5.305.500
1.3
Overige bijdragen
€ 583.000 € 16.069.372
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 16.070.922
Totaal opbrengsten
€ 16.069.372 100%
Kostendekkendheidspercentage
Beleidsdoelstelling In 2021 is het Regionaal Beleidskader Van Afval Naar Grondstof 2021-2025 door de gemeenteraden van SittardGeleen, Beek en Stein vastgesteld. Vervolgens is in 2022 het Regionaal Uitvoeringsplan Van Afval Naar Grondstof 2022-2025 vastgesteld door dezelfde raden. Het beleidskader en uitvoeringplan sluiten aan op de Grondstoffenvisie 2050 en de transitie naar een circulaire samenleving. De plannen worden gekenmerkt door een langetermijnvisie op de hele keten van afvalinzameling (bij de inwoners) en concrete maatregelen voor de korte termijn. Het doel is om in 2025 maximaal 100 kg restafval per persoon per jaar te produceren en in 2030 30 kg. Het ultieme doel is 0 kg restafval in 2050. Heffingsmaatstaf De afvalstoffenheffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel.
25
Berekening kostendekkend tarief In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de berekening van het kostendekkend tarief voor het product afval. Tabel Berekening tarief afval 2025 Bedragen x € 1.000
Begroting 2024
Begroting 2025
Afwijking
Afwijking per aanslag
Kostencomponenten Kosten afvalinzameling
€ 15.755
€ 16.462
€ 707
-€ 156
-€ 391
-€ 235
€ 15.599
€ 16.071
€ 472
€ 5.190
€ 5.306
-€ 116
€ 612
€ 583
€ 29
Subtotaal Opbrengsten
€ 5.802
€ 5.889
-€ 87
-€ 1,94
Toerekenen naar vastrecht
€ 9.797
€ 10.573
€ 776
€ 17,36
Aantal huishoudens
44.700
44.700
0
€ 0,00
Kostendekkend tarief
€ 219,18
€ 236,54
€ 17,36
Afronding/tarief deelbaar door 12
-€ 0,06
-€ 0,03
€ 0,03
Af: inzet afvalreserve
€ 0,00
-€ 8,75
-€ 8,75
Geheven Vastrecht
€ 219,12
€ 227,76
€ 17,39
Gemiddeld variabel recht (incl. milieupark)
€ 116,10
€ 118,69
€ 2,59
Gemiddelde Afvalstoffenheffing
€ 335,22
€ 346,45
€ 11,23
Onttrekking voorziening actieplan afval Netto kosten afvalinzameling & -verwerking
€ 10,55
Opbrengsten Variabel recht (incl. milieupark) Overige bijdragen
+ stijging tarief/ - is daling tarief
Uitgaande van 100% kostendekkendheid stijgt het kostendekkend tarief van het vastrecht met afgerond € 8,67 (+3,96%). Het gemiddeld variabel recht stijgt met € 2,56 (+2,23%). In totaal stijgt de gemiddelde afvalstoffenheffing per aansluiting met € 11,23 (+3,36%). Toelichting toerekening reiniging De reinigingstaken die verband hebben met afval, zoals het straatvegen en opruimen van zwerfafval, worden voor 50% toegerekend aan de afvalstoffenheffing. Daarom wordt 50% van de kosten toegerekend aan de afvalstoffenheffing, behalve de bladcampagne. Opbrengsten variabel recht De variabele afvalopbrengsten voor 2025 zijn gebaseerd op een inschatting van het afvalgedrag van de inwoners. De prognose van BsGW is gebaseerd op het eerste half jaar 2024. Hoe beter inwoners gaan scheiden, hoe goedkoper ze uit zijn. Op basis van de BsGW prognose wordt in 2025 € 115.500 meer variabele afvalopbrengsten verwacht. Ontwikkeling vast recht Het vast recht tarief stijgt in 2025 met € 8,67 (+3,96 %). Onderstaande tabel geeft de opbouw van deze stijging weer. Het grootste aandeel hebben de stijgende kosten bij RWM. De kosten van de diensten zijn gestegen en de opbrengsten uit herbruikbare afvalstromen zijn gedaald. Door ongunstige marktontwikkelingen voor papier en karton en textiel dalen de inkomsten in 2025 flink. Anderzijds worden in 2025 lagere uitgaven verwacht door
26
uitvoeringsmaatregelen. Ook is een hogere onttrekking van de voorziening begroot en worden hogere inkomsten verwacht dan begroot voor 2024. Inzet van afvalreserve Om de hogere kosten voor de afvalstoffen te dempen en niet in het tarief op te nemen, is ervoor gekozen om een gedeelte van deze kosten op te vangen door de inzet van de afvalreserve. Daardoor zakt het vastrecht van het kostendekkend niveau van € 236,54 naar het voorgestelde tarief van € 227,76. Tabel Ontwikkelingen tarief vastrecht 2025 Omschrijving Stijgende kosten RWM o.a. 5% indexering Lagere directe kosten (UVP afval) en toerekening BTW compensatiefonds Wijziging onttrekking voorziening UVP afval Wijziging opbrengsten RWM afvalverwerking Mutatie kapitaallasten Kwijtscheldings- en incontinentiebeleid Afname kosten sociaal plan Hogere personele kosten mede door CAO verhoging Stijgende kosten reiniging Mutatie kosten BsGW Totale stijging kosten Afval AF: Hogere inkomsten variabel recht (incl. Milieuparken) Bij: vergoeding Echt-Susteren MP Bij: Lagere vergoeding Single Use Plastic Af: hogere vergoeding afvalbakken + ontruimingen AF: Gelijkblijvend aantal gebruikers BIJ: afronding Totale stijging vastrechttarief
27
Afwijking t.o.v. Afwijking per 2024 aanslag € 434.864 € 9,73 -€ 93.045 -€ 2,08 -€ 235.000 -€ 5,26 € 246.000 € 5,50 € 5.312 € 0,12 -€ 40.000 -€ 0,89 -€ 5.000 -€ 0,11 € 145.569 € 3,26 € 20.797 € 0,47 -€ 7.980 -€ 0,18 € 471.517 € 10,55 -€ 115.500 -€ 2,58 €0
€ 0,00
€ 36.000 -€ 7.000
€ 0,81 -€ 0,16 € 0,00 € 0,06 € 8,67
3.3.2 Rioolrechten Rioolheffing is een bestemmingsbelasting die wordt geheven op basis van artikel 228a, eerste lid van de Gemeentewet. In dit artikel is vastgelegd dat onder de naam rioolheffing een belasting kan worden geheven ter bestrijding van kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan het waterbeheer. Essentie van de kostenverhaling bij de rioolheffing is dat de gemeente drie zorgplichten heeft en de kosten daarvan mag verhalen op de gebruikers van de riolering. De zorgplichten zijn een afvalwaterzorgplicht, een hemelwaterzorgplicht en een grondwaterzorgplicht. Tabel Berekening kostendekkendheid rioolheffing Kosten
Bedrag
0.64
Belastingen overig (o.a. BsGW)
€ 236.652
2.1
Verkeer en wegen (reiniging)
€ 2.287.549
2.1.1
Onderhoud bermen en onkruidbestrijding verharding
7.2
Riolering
7.2
Personeelskosten
€ 604.150
0.4
Overhead
€ 303.783
0.8
BTW / BCF
€ 913.149
€ 360.000 € 7.269.890
Totaal Kosten
€ 11.975.173
Opbrengsten
Bedrag
1.1
Rioolrecht woningen
1.2
Rioolrecht niet-woningen
€ 11.199.900 € 776.123 € 11.976.023
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 11.976.173
Totaal opbrengsten
€ 11.976.023 100%
Kostendekkendheidspercentage
Beleidsplan Water & Klimaatadaptatie 2022-2027 Begin 2022 is het beleidsplan Water en Klimaatadapatie door de raad vastgesteld inclusief kostendekkingsplan. Als maatregel om klimaatadaptatie op particulier terrein aan te pakken is in 2022 de subsidieregeling Klimaatadaptatie vastgesteld. Deze regeling kost jaarlijks € 200.000 en wordt tot en met 2022 betaald uit de voorziening Riolering. De aanvragen beginnen mondjesmaat binnen te lopen. Het budget voor 2022 is beperkt ingezet. Dit betekent dat er voldoende saldo in de voorziening zit om de regeling ook in 2023 te financieren. Ook in 2023 wordt niet veel gebruik gemaakt van de regeling. Dit houdt in dat de jaarlijkse kosten niet vanaf 2024, maar vanaf 2025 betaald worden uit de rioolheffing. Heffingsmaatstaf De rioolheffing wordt geheven van de eigenaar van een perceel en is een vast tarief. Toelichting toerekening reiniging De reinigingskosten voor het beheer van de openbare ruimte worden voor 50% aan de afvalstoffenheffing en voor 50% aan de rioolheffing toegerekend. Het reinigen van de openbare ruimte zorgt ervoor dat minder vuil in het rioolstelsel terecht komt. Hierdoor zijn de onderhoudskosten voor het riool minder. Daarom wordt 50% van de kosten toegerekend aan de afvalstoffenheffing, behalve de bladcampagne.
28
Berekening kostendekkend tarief In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de berekening van het kostendekkende tarief van de rioolheffing Tabel Berekening kostendekkend tarief 2025 Begroting 2024
Begroting 2025
Afwijking
Kosten riolering Onttrekking voorziening klimaatadaptatie
€ 11.542 -€ 200
€ 12.025 -€ 50
€ 483 € 150
Totaal te dekken door aansluitingen
€ 11.342
11.975
€ 633
€ 12,79
49.255
49.455
200
-€ 1,20
Kostendekkend tarief Afronding/tarief deelbaar door 12
€ 230,25 € 0,03
€ 242,14 € 0,02
€ 11,90 -€ 0,02
Geheven tarief
€ 230,28
€ 242,16
€ 11,88
Bedragen x € 1.000
Afwijking per aanslag
Kostencomponenten
Aantal aansluitingen
Uitgaande van 100% kostendekkendheid stijgt het rioolrecht tarief met € 11,88. De totale lastenstijging van € 634.328 wordt voornamelijk veroorzaakt door de hogere kapitaallasten van de investeringen voor klimaatadaptatie en de stijgende kosten van de BsGW. Voor de overige posten zie onderstaande tabel. Tabel Ontwikkelingen tarief 2025 Afwijking t.o.v. Afwijking 2024 per aanslag € 215.047 € 4,35 € 72.869 € 1,47 € 60.310 € 1,22 € 286.102 € 5,79 € 634.328 € 12,83 € -0,93 € -0,02 € 11,88
Omschrijving Stijgende kapitaallasten Stijgende kosten reiniging Hogere kosten eigen personeel m.n. CAO Stijgende kosten BsGW en overige kosten Totale stijging kosten riolering AF: aantal meer aansluitingen met 200 AF: Afronding Totale stijging tarief Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen
29
3.4 RECHTEN 3.4.1 Marktgelden Onder de naam ‘marktgelden’ worden rechten geheven voor het gebruik of genot van de door burgemeester en wethouders als markt aangewezen openbare grond. Daarnaast worden ‘marktpromotiegelden’ geheven voor promotie van de markten. De tarieven zijn geïndexeerd met 3,45%. De kostendekkendheid bedraagt 76% Tabel Berekening kostendekkendheid marktgelden Taakveld Kosten Belastingen overig 0.64
Bedrag € 6.750
3.3
Week- en wijkmarkten
€ 151.812
3.4
Jaarmarkten
€ 43.196
3.4
Personeelskosten
€ 132.156
0.4
Overhead
€ 66.593
0.8
BTW
€ 21.429
Totaal Kosten
€ 421.936
Opbrengsten
Bedrag
Week- en wijkmarkten
€ 246.841
Jaarmarkten
€ 75.376 € 322.217
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 421.936
Totaal opbrengsten
€ 322.217 76%
Kostendekkendheidspercentage
Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen. In de tarieventabel maken wij onderscheid tussen vaste standplaatsen, dagplaatsen en standwerkersplaatsen. Daarnaast is de oppervlakte die in gebruik genomen wordt bepalend voor het tarief. Er wordt ook tariefdifferentiatie toegepast door onderscheid te maken tussen markten in en buiten de stadscentra en de jaarmarkten. Wij verhogen de tarieven van de weekmarkt conform de algemene indexatie van 3,45%. De tarieven zijn historisch tot stand gekomen.
30
3.4.2 Lijkbezorgingsrechten Onder de naam ‘lijkbezorgingsrechten’ worden rechten geheven voor het gebruik van een begraafplaats en voor de door de gemeente verleende diensten. De Verordening op het beheer en gebruik van de algemene begraafplaatsen voor de gemeente Sittard-Geleen 2012 en de Wet op de lijkbezorging is van toepassing. De prognose van de opbrengsten is gebaseerd op een gemiddelde van de realisatie van de afgelopen jaren. Voor 2025 zijn de tarieven alleen geïndexeerd met 3,45 %. Tabel Berekening kostendekkendheid lijkbezorging taakveld Kosten 7.5
Begraafplaatsen en crematoria
Bedrag € 351.848
7.5
Personeelskosten
€ 97.995
0.4
Overhead
€ 63.342
0.8
BTW/BCF
€ 29.682
Totaal Kosten
€ 542.867
Opbrengsten Rechten voor begraven van lijken, bijzettenvan asbussen of verstrooien van as alsmede het gebruik 2 van graven.
Bedrag € 231.404
4
Verlengen grafrechten
€ 197.461
6
Rechten plaatsen graftekens
€ 10.074
7
Rechten lichten
€ 16.157
8
Onderhoudsvrije graven
€ 458
9
Rechten reserveren grafruimte
€ 559 € 456.113
Totaal Opbrengsten
Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 542.867
Totaal opbrengsten
€ 456.113 84%
Kostendekkendheidspercentage
Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen. Het onderhoud van de begraafplaats valt onder het onderhoud openbare ruimte. De kwaliteit van het onderhoud is vastgesteld in het IBOR-beleidsplan. Voor begraafplaatsen hanteren wij kwaliteitsniveau basis.
31
3.4.3 Scheepvaartrechten Onder de naam “haven- en kadegeld” wordt een recht geheven ter zake van het innemen van een ligplaats. Onder de naam “opslaggeld” wordt een recht geheven ter zake van opslag van zaken. Tabel Berekening kostendekkendheid scheepvaartrechten Taakveld Kosten
Bedrag
2.3
Personeelskosten
€ 63.745
2.4
Economische havens en waterwegen
€ 179.938
Overhead
€ 28.618
Totaal Kosten
€ 272.301
Opbrengsten
Bedrag
Haven-, kade- en opslaggeld
€ 208.994 € 208.994
Totaal Opbrengsten Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 272.301
Totaal opbrengsten
€ 208.994 77%
Kostendekkendheidspercentage
Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen. Op basis van de opgelegde havengelden van mei 2023 t/m april 2024 is de prognose voor 2025 dat de inkomsten iets lager liggen (ca. € 9.000) dan eerder is begroot. Er zal geen graanoverslag plaatsvinden in Born. De tarieven zijn geïndexeerd met het algemene percentage van 3,45%. Om op korte termijn de havens bereikbaar te houden is middels de 3e rapportage 2023 besloten middelen beschikbaar te stellen voor het uitvoeren van baggerwerkzaamheden. Door deze hogere kosten daalt de kostendekkendheid ten opzichte van voorgaande jaren. Na het uitvoeren van baggerwerkzaamheden kunnen metingen en inspecties van de bodem en kades worden verricht, welke moeten leiden tot het kunnen opstellen van een geactualiseerd beheer- en onderhoudsplan voor de lange termijn. Hiervoor zijn reeds extra middelen in een verplichtingenreserve gestort die niet meegenomen zijn in de berekening van de kostendekkenheid.
32
3.4.4 Aanlegrechten uitweg Onder de naam “aanlegrechten uitweg” wordt een recht geheven wegens het door of vanwege de gemeente realiseren van een uitweg van een gebouw of particulier terrein. Tabel Berekening kostendekkendheid aanlegrechten uitweg Taakveld
Kosten
Bedrag
2.1
Aanleg uitweg
€ 15.000 € 15.000
Totaal Kosten
Opbrengsten
Bedrag
2.1
€ 14.954
Aanlegrechten uitweg
€ 14.954
Totaal Opbrengsten
Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 15.000
Totaal opbrengsten
€ 14.954
Kostendekkendheidspercentage
99.69%
Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening Geen voorstellen.
33
3.4.5 Rioolaansluitrechten Onder de naam “aansluitrecht riolering” wordt een recht geheven ten aanzien van het genot van door het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen verstrekte dienstverlening in verband met het tot stand brengen van een directe of indirecte aansluiting van een eigendom op het openbaar riool. Tabel Berekening kostendekkendheid rioolaansluitrechten Taakveld Kosten
Bedrag
0.8
BTW / BCF
€ 18.404
7.2
Nieuwe rioolaansluitingen
€ 87.640
Totaal Kosten
€ 106.044
Opbrengsten
Bedrag
Rioolaansluitrechten
€ 106.044 € 106.044
Totaal Opbrengsten
Totaaloverzicht
Bedrag
Totaal kosten
€ 106.044
Totaal opbrengsten
€ 106.044 100%
Kostendekkendheidspercentage
Vanaf 2015 geldt er voor een gemeentelijke rioolaansluiting een vast tarief (onder nadere voorwaarden). Daarmee wordt rechtsgelijkheid nagestreefd voor aanvragers. Met deze heffingswijze zijn de kosten niet afhankelijk van de ligging van de riolering en hiermee wordt vermeden dat de ene aanvrager slechts een klein bedrag moet betalen en zijn overbuurman een groot bedrag. Dit vanwege het feit dat de afstand tot de riolering van grote invloed is op de prijs van de aansluiting. Omdat veruit de meeste perceelgrenzen gelegen zijn binnen 10 meter van het hoofdriool is de grens van het vast bedrag op 10 meter gesteld. Voor bijzondere gevallen die meer dan 10 meter nodig hebben wordt met een vast tarief per extra strekkende meter gerekend. Voorstellen tot beleidsmatige aanpassing van de verordening F. Niet indexeren tarieven in de verordening rioolaansluitrechten
34
3.5 LEGES Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: a. het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten; b. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument; In tegenstelling tot de andere rechten en heffingen mag er binnen de drie hoofdstukken van de legesverordening sprake zijn van kruissubsidiëring. Dit betekent dat alleen op hoofdstuk en totaalniveau van de verordening de geraamde opbrengsten de kosten niet mogen overschrijden. Kruissubsidiëring Kruissubsidiëring is alleen toegestaan binnen de hoofdstukken. o Totale legesverordening max 100% kostendekkend o EDR-diensten leges max 100% kostendekkend o WABO-leges max 100% kostendekkend o Algemene diensten max 100% kostendekkend
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening In hoofdstuk 1 worden bepaalde tarieven bepaald door het Rijk. Die tarieven zijn gelijk aan de maximale toegestane hoogte en worden niet geïndexeerd met 3,45 %. Deze tarieven hebben met name betrekking op reisdocumenten, identificatiebewijzen en rijbewijzen. Het Rijk bepaalt het maximum van deze tarieven. Tijdens de afgelopen jaren publiceerde het Rijk de indexering op het maximum van deze tarieven nadat de leges tarieventabel al was vastgesteld door de gemeenteraad. Naar verwachting zal het dit jaar wederom voorkomen. De gemeenteraad wordt over eventuele wijzigingen op een later tijdstip geïnformeerd. Het voorstel is om alle overige tarieven te indexeren met 3,45 %. Deze onderdelen zijn aangeduid met een *. Tabel berekening kostendekkendheid legesverordening hoofdstuk 1 algemene dienstverlening Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Taakveld
Totale Opbrengsten
Overhead
Totale Kosten
Kostendekking
€ 73.396
€ 42.364
€ 115.760
€ 116.649*
101%
€ 1.038.323
€ 170.834
€ 1.209.157
€ 1.217.651
101%
€ 235.897
€ 68.818
€ 304.715
€ 297.986
98%
€ 36.823
€ 13.409
€ 50.232
€ 48.363
96%
paragraaf
1 Burgerlijke stand*
paragraaf
2
paragraaf
3 Rijbewijzen
paragraaf
4
paragraaf
5 Bestuursstukken*
€0
€0
€0
€0
0%
paragraaf
6 Vastgoedinformatie*
€0
€0
€0
€0
0%
paragraaf
7 Overige publiekszaken*
€ 70.939
€ 10.962
€ 81.901
€ 72.835*
89%
paragraaf
8 Gemeentearchief Sittard-Geleen
€0
€0
€0
€0
0%
paragraaf
9 Bijzondere wetten*
€ 211.337
€ 69.191
€ 280.528
€ 198.133*
71%
paragraaf
10 Diversen*
€ 9.874
€ 1.937
€ 11.811
€ 5.408*
46%
Kostendekking hoofdstuk 1
€ 1.676.589
€ 377.515
€ 2.054.104
€ 1.957.025
95%
Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
Verstrekkingen uit de basisregistratie personen*
35
Toelichting hoofdstuk 1 per paragraaf
In het algemeen kan gesteld worden dat de kostendekkendheid is gewijzigd doordat de overhead opnieuw is berekend. De overhead is berekend aan de hand van het afsprakenkader overhead. Dit afsprakenkader is toegevoegd als bijlage aan het raadsvoorstel begroting 2025. Paragraaf 1 Burgerlijke stand In deze paragraaf wordt de uitvoering van het Burgerlijk Wetboek Boek 1 ‘titel 5 Huwelijken’ geregeld. De tarieven van de huwelijken worden door de gemeente vastgesteld. De kostendekkendheid is 101% Paragraaf 2 Reisdocumenten en paragraaf 3 rijbewijzen In deze paragrafen wordt de uitvoering van landelijk wettelijk beleid inzake de Paspoortwet en Het Reglement Rijbewijzen geregeld. Er wordt een vast bedrag per reisdocument of rijbewijs gehanteerd. De tarieven voor deze documenten zijn wettelijk gemaximeerd, de nieuwe tarieven 2025 Paspoorten zijn bekend, maar nog niet gepubliceerd in de Staatscourant. Daardoor zijn de nieuwe maxima van deze tarieven al verwerkt in de tarieventabel van de legesverordening aangezien er een hoge zekerheid is dat deze maxima niet meer zullen wijzigingen. Indien het Rijk de maxima alsnog aanpast, worden de tarieven aangepast en wordt de gemeenteraad hierover geïnformeerd. De tarieven rijbewijzen zijn nog niet bekend en worden, indien nodig, na vaststelling aangepast en wordt de gemeenteraad hierover geïnformeerd.
Door wijziging van toegerekende kosten is de kostendekkendheid gewijzigd naar respectievelijk 101% en 98% Paragraaf 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen In deze paragraaf wordt de uitvoering Wet basisregistratie Personen “hoofdstuk 3 De verstrekking van gegevens uit de basisregistratie” geregeld. De tarieven worden vastgesteld door de gemeente. Deze tarieven liggen in lijn met andere gemeenten en zijn geïndexeerd met 3,45% Door wijziging van toegerekende kosten is de kostendekkendheid gewijzigd naar 96%. Paragraaf 5 Bestuursstukken en paragraaf 8 Vastgoedinformatie Deze paragrafen worden nauwelijks gebruikt, er zijn daarom geen opbrengsten en kosten geraamd in de begroting. Paragraaf 7 Overige publiekszaken In deze paragraaf is opgenomen de uitvoering van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens “afdeling 5 de Verklaringen omtrent Gedrag (VOG’s)” en daarnaast de Wet regels inzake heffing van rechten voor legalisatie van handtekeningen. Het tarief voor een Verklaring omtrent Gedrag is wettelijk bepaald, waarbij de vergoeding ten gunste van de gemeente € 7,50 per aanvraag bedraagt. De tarieven van de overige verstrekkingen worden door de gemeente vastgesteld. Deze tarieven liggen in lijn met andere gemeenten en zijn geïndexeerd met 3,45%. Door wijziging van toegerekende kosten is de kostendekkendheid gewijzigd naar 89%.
Paragraaf 8 Historisch archief Onder deze paragraaf vallen de diensten van het historisch archief van de gemeente. De diensten onder deze paragraaf vallen grotendeels onder de Wet hergebruik van overheidsinformatie (Who). In deze wet staat dat voor hergebruik van overheidsinformatie alleen de marginale verstrekkingskosten kunnen worden doorberekend. Dit betreft de marginale kosten van vermenigvuldiging, verstrekking en verspreiding van de informatie. De gemeente/overheid produceert informatie met een bepaald doel. Deze informatie mag opnieuw worden gebruikt. Ook voor een ander doel dan waarvoor de informatie eigenlijk bedoeld was. Dit heet hergebruik van overheidsinformatie.
36
De Who is van toepassing op verzoeken voor hergebruik van informatie, neergelegd in documenten berustend bij een met een publieke taak belaste instelling, met uitzondering van: • informatie die niet openbaar is op grond van de wet; • informatie waarop rechten van derden rusten, bijv. auteursrechten • informatie die betrekking heeft op openbare persoonsgegevens waarvan hergebruik onverenigbaar is met de doeleinden waarvoor ze zijn verkregen. De Who stelt dat de aanvrager op de hoogte moet zijn van de kosten die zijn aanvraag met zich meebrengt, daarom wordt conform de modelverordening van de VNG de aanvrager de mogelijkheid geboden om een prijsopgave te vragen van de kosten. Omdat een prijsopgave geven van elke kopie niet doelmatig is, is ook de prijs per kopie opgenomen in de legestabel. Gezien de minimale opbrengsten van dit hoofdstuk zijn deze opbrengsten niet apart begroot. Paragraaf 9 Bijzondere wetten Deze paragraaf in de legestabel heeft betrekking op ontheffingen, gehandicaptenparkeerkaarten en het plaatsen van borden wegsleepregeling bij of voorafgaande aan evenementen en de vergunningen voor het leggen, instandhouding en opruimen van kabels en leidingen in de gemeentegrond. De tarieven worden door de gemeente vastgesteld en zijn voor 2025 geïndexeerd met 3,45%. De kostendekkendheid voor het geheel van de Bijzondere Wetten bedraagt 71%.