Bijlage 4 - Jaarstukken GGD ZL 2021
Tekst van het document
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 22
Bijdrage aan de Trendbreuk Binnen de trendbreukbeweging heeft de JGZ ook in 2021 de programma’s ‘Voorzorg’ en ‘Stevig Ouderschap’ in heel Zuid-Limburg uitgevoerd en zijn voorbereidingen getroffen voor de wettelijke taken die in 2022 aan het dienstverleningspakket worden toegevoegd: de prenatale huisbezoeken en het eerdergenoemde Informed Consent. Verder heeft de JGZ meegedaan aan de pilots Centering Pregnancy en zijn in elke subregio centrale zorgverleners van start gegaan in de Limburgse netwerkaanpak Overgewicht en Obesitas. Dit laat onverlet, dat de dagelijkse preventieve inzet van de JGZ ook een belangrijke bijdrage is en blijft voor het keren van de ongezonde trend in Zuid-Limburg. 2.4 Programma Acute Zorg Als elke seconde telt, rukken de ambulances met zwaailicht en sirene uit. Ook als een patiënt niet in levensgevaar is, maar wel dringend hulp nodig heeft, rijdt de ambulance er zo snel mogelijk naartoe. Daarnaast verzorgt de regionale ambulancevoorziening (RAV) vervoer op afspraak, bijvoorbeeld van ziekenhuis naar huis. De spin in het web van de ambulancezorg is de meldkamer. Hier coördineren de centralisten de ambulancezorg en hebben zij contact met melders, de ambulanceteams en andere zorgverleners. De GHOR Zuid-Limburg verbindt partners tussen zorg en veiligheid.
Samen met geneeskundige- en veiligheidspartners zorgt de GHOR voor een goede voorbereiding op een crisis of ramp. Tijdens een crisis of ramp coördineert de GHOR de inzet van de zorgorganisaties in de regio. Hierdoor wordt de zorgcontinuïteit in de regio geborgd. De patiënt krijgt snel de juiste zorg op de juiste plek. Tevens ondersteunt de GHOR het besluitvormingsproces tijdens een crisis door het delen van informatie en vertegenwoordiging van het geneeskundige netwerk bij veiligheidspartners (veiligheidsregio, brandweer, gemeenten en politie). Ambulancezorg Voorgenomen besluit tot fusie Landelijke ontwikkelingen en wettelijke kaders stellen steeds meer verplichtingen ten aanzien van de kwaliteit, deskundigheid, beschikbaarheid, transparantie en samenwerking van de ambulancevoorziening in de (acute) Zorg. De regionale ambulancevoorziening (RAV) in Zuid-Limburg (onderdeel van de GGD Zuid Limburg) levert op dit moment nog goede kwaliteit van zorg maar is kwetsbaar. De RAV Limburg Noord schetst eenzelfde beeld. Om ook in de toekomst de kwaliteit en continuïteit van de ambulancevoorzieningen in Limburg te kunnen garanderen, is schaalvergroting noodzakelijk. De afgelopen jaren is in verschillende fases gesproken over verdergaande samenwerking tussen de Limburgse ambulancevoorzieningen.
De RAV Limburg Noord en GGD Zuid Limburg hebben bestuurlijk meermaals verkend wat nodig is voor een sterke en toekomstbestendige ambulancevoorziening in Limburg. Op basis van verkennende onderzoeken blijkt een fusie tot één regionale ambulancevoorziening Limburg een logische én noodzakelijke stap. Sinds 2016 werken beide organisaties al samen vanuit één gezamenlijke meldkamer. Om de samenwerking vanuit de meldkamer met de rijdende diensten nog gemakkelijker te maken is fusie een logische vervolgstap. Beide organisaties verwachten dat samengaan zal leiden tot versterking van de staf en ondersteuning wat ten gunste komt van ‘de zorg op straat’. Samengaan biedt kansen voor personeel, verkleint de kwetsbaarheden in de organisaties, versterkt de positie in de acute zorgketen en leidt uiteindelijk tot kwaliteitswinst in de patiëntenzorg. Deze positieve effecten dragen bij aan het kunnen blijven voorzien in tijdige, adequate, acute hulpverlening en het vervoer van patiënten.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 23
Het Algemeen Bestuur van de GGD Zuid Limburg heeft op 23 september 2021 een voorgenomen besluit genomen tot fusie met RAV Limburg Noord. Het bestuur onderschrijft de noodzaak tot samengaan van beide ambulancevoorzieningen en benadrukt hierbij dat nu maar ook in de toekomst minimaal dezelfde continuïteit en kwaliteit van de huidige dienstverlening moet worden geborgd in de nieuwe ambulanceorganisatie. De beoogde fusiedatum is 1 januari 2023. In het najaar van 2021 is een zorgvuldig uitgelijnd besluitvormingsproces doorlopen ter voorbereiding op de finale besluitvorming op 14 februari 2022. De juiste zorg op de juiste plek: nieuwe stappen gezet Differentiatie in het aanbieden van zorg is de RAV niet vreemd. Al jaren biedt de RAV naast de reguliere ambulancezorg ook MICU-vervoer (Mobiele Intensice Care Unit), Rapid Responder en zorgambulance aan als specifieke vorm van ambulancezorg. De ambulancezorg blijft echter in ontwikkeling, ook op het vlak van gedifferentieerde zorg. Zo werd in 2021 het zorgniveau van de zorgambulance in de regio opgevoerd naar de zogenaamde “middencomplexe ambulancezorg”. Dat betekent dat deze vorm van ambulancezorg breder ingezet kan worden dan voorheen. Er is een nieuw landelijk protocol ontwikkeld en alle daarvoor benodigde materialen zijn aangeschaft.
Vervolgens zijn alle betrokken medewerkers geschoold en geautoriseerd en is middencomplexe ambulancezorg van start gegaan. Noemenswaardig is te vermelden dat de implementatie van middencomplexe ambulancezorg in gezamenlijkheid met RAV Limburg Noord ontwikkeld en uitgevoerd is. Een tweede ontwikkeling die in 2021 gerealiseerd is, is de inzet van de verpleegkundig specialist op de Rapid Responder. Daar waar de inzet van de verpleegkundig specialist in ziekenhuizen en huisartspraktijken inmiddels gemeengoed is geworden, is dit in de ambulancezorg een relatief nieuw fenomeen. Met de inzet ervan beoogt de RAV de druk op ketenpartners als ziekenhuizen en huisartsenposten te verminderen en ondersteuning te bieden aan de reguliere ambulancezorg. De verpleegkundig specialist heeft meer bevoegdheden dan een reguliere ambulanceverpleegkundige en kan ook enkele taken van een (huis)arts overnemen. Vooralsnog levert de RAV deze vorm van zorg twee dagen in de week en zijn enkele andere verpleegkundigen momenteel in opleiding waardoor op termijn zeven dagen per week hierin kan worden voorzien. Toename aantal spoedritten Al vele jaren is een stijgende trend te zien in het aantal ambulanceritten. De forse groei is met name merkbaar in de spoedritten. Deze trend is merkbaar in heel Nederland en wordt verklaard door de groeiende zorgvraag in Nederland.
In 2017 waren 71% van de ritten spoed, in 2021 zijn 79% van de ritten spoed. Met name de enorme groei in spoedritten legt veel druk op de organisatie. Limburgbreed convenant HAP-RAV In 2021 is een Limburgbrede samenwerkingsovereenkomst opgesteld tussen de ambulancediensten en huisartsenposten. In de overeenkomst staan de samenwerkingsafspraken tussen partijen over de wijze van doorverbinden van meldingen tussen de meldkamer en huisartsenpost, maar ook de verantwoordelijkheidsverdeling tussen de huisarts en het ambulanceteam. Ook de wijze van overdracht van patiëntgegevens is beschreven. Tenslotte zijn enkele afspraken gemaakt over klachtbehandeling, incident- en calamiteitenmeldingen en de wijze waarop deze worden opgepakt.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 24
GHOR De GHOR functioneert in zo’n crisis als een soort spin in het web. We onderhouden de contacten met zowel de zorgpartners als met de Veiligheidsregio. De GHOR vertegenwoordigt de zorgpartners in de afstemming met onder andere de politie, bevolkingszorg, Defensie, het Waterschap, Rijkswaterstaat, Enexis en Prorail. De informatie die we hier ophaalden, deelden wij weer met zorgpartners, zodat zij maatregelen konden treffen. Dat is lastig als informatie continu verandert en prognoses herzien moeten worden. Onze rol is dus die van coördineren, adviseren, informeren en partijen verbinden. 2021 is voor de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) ZuidLimburg een turbulent jaar geweest. De COVID-crisis heeft ook in 2021 veel inspanning gevraagd van de GHOR en haar zorgpartners. Daarnaast werd Limburg in juli opgeschrikt door extreem hoogwater. De hoge waterstanden zorgden voor veel wateroverlast in diverse gebieden in Zuid-Limburg. Het netwerk en de afstemming met zorgpartners ingericht tijdens de COVID-crisis bleek ook van grote waarde in de hoogwatercrisis. De GHOR heeft met betrekking tot de inzet in de 2e en 3e golf een interne evaluatie uitgevoerd. Deze, en de interne evaluatie Hoogwater, heeft bijgedragen aan het continue verbeteren van de bestuurlijke en operationele afstemming in de regio. De GHOR heeft in 2021 vier nieuwe medewerkers mogen verwelkomen.
Door de nieuwe en verschillende achtergronden heeft het team haar taakgebieden geëvalueerd en opnieuw verdeeld. Op landelijk niveau is de visie op de rol van de Directeur Publieke Gezondheid en GHOR in beweging. De GHOR en de RAV Zuid-Limburg vormen binnen de GGD samen de afdeling Acute Zorg. In 2021 is door het Algemeen Bestuur van de GGD een voorgenomen besluit genomen om de RAV Zuid-Limburg te fuseren met de RAV van Limburg-Noord in 2023. Besluitvorming vindt plaats in februari 2022. Naast landelijke en regionale ontwikkeling noodzaakt deze voorgenomen fusie een herziening van de positionering van de GHOR binnen de GGD. Nauw verbonden hiermee is de visie op het thema ketencontinuïteit van zorg. Danny ten Berge, Hoofd GHOR, is landelijk kartrekker geworden van dit thema. De term ketencontinuïteit wordt in deze landelijke visie geïntroduceerd om het belang van ketensamenwerking te benadrukken. Daarnaast stond in 2021 een aantal bestuurlijk relevante thema’s op de agenda voor de voorbereiding op rampen en crises. Een voorbeeld hiervan is het thema cybergevolgbestrijding, waarbij een zorginstelling zelf verantwoordelijk is voor de incidentbestrijding, maar de ketencontinuïteit van zorg onder druk kan komen te staan en de evenementenadvisering over het jaar 2021, waarbij continue wijzigende landelijke regels rondom COVID-19 regionaal geïmplementeerd moesten worden.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 25
2.5
Programma Veilig Thuis
Ieder mens heeft recht op een veilig thuis en een stabiele leefomgeving. Door huiselijk geweld, kindermishandeling, ouderenmishandeling en seksueel geweld, is dit niet voor iedereen vanzelfsprekend. Veilig Thuis is er voor iedereen die met geweld in afhankelijkheidsrelaties te maken heeft. We geven advies, bieden een helpende hand, doorbreken acuut onveilige situaties en zetten mensen in beweging. Veilig Thuis werkt vanuit de visie risicogestuurde ketensamenwerking, dat wil zeggen eerst werken aan directe veiligheid, dan zorg voor stabiele veiligheid. Dit met als motto: een veilig thuis, dat doen we samen! Veilig Thuis is het advies- en meldpunt voor geweld in afhankelijkheidsrelaties (GIA) en biedt advies en ondersteuning aan iedereen die hiermee te maken heeft: burgers én professionals. Veilig Thuis is 24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar. Veilig Thuis Vakmanschap, sturing en zicht op medewerkers Het werk van Veilig Thuis (VT) is voor medewerkers mentaal vaak zeer belastend. Daarom is er continu aandacht voor het welzijn en de mentale weerbaarheid van medewerkers, voor ontwikkelkansen en opleidingswensen. Daarnaast zijn alle medewerkers in 2021 opnieuw getraind in de landelijk (door)ontwikkelde modules ter verbetering van de kwaliteit van dienstverlening. Totaal zijn 4050 uren geïnvesteerd.
Ook hebben enkele medewerkers van VT deelgenomen aan de training ‘Samenwerken aan veiligheid’ waarin professionals van de verschillende ketenpartners samen de training volgden. In 2021 is de nieuwe functie ‘werkbegeleider’ gestart die de medewerkers inhoudelijk en procesmatig ondersteunt bij hun werkzaamheden. Deze 3 ft is ingericht binnen de bestaande formatie van 50 fte onderzoekers. Om zicht te houden op de individuele prestaties en daarop te kunnen sturen is in 2021 een dashboard ontwikkeld. Dit instrument zal gebruikt worden in de workload-gesprekken en individuele prestatieafspraken met medewerkers. In september is een vertrouwensarts in opleiding gestart bij Veilig Thuis. Zeer belangrijk omdat de twee huidige artsen over enkele jaren met pensioen gaan. Ten slotte is het managementteam op sterkte gebracht. Er is veel inzet gepleegd op het vormen van het managementteam, de communicatie daarover richting medewerkers en de onderlinge afstemming en prioritering van activiteiten. Tevens is een heldere verdeling voor de aansturing en coaching van medewerkers uitgewerkt die aansluit bij de nieuwe indeling in gebiedsteams. Samenwerken aan veiligheid In de uitvoering van werkzaamheden komt de VT-medewerkers diverse vormen van huiselijk geweld in casuïstiek tegen.
Vaak betreft dit structureel en/of intergenerationeel geweld, en gaat het om complexe situaties waarin verschillende factoren een rol spelen (o.a. armoede, verslaving, ggz-problematiek). In combinatie met de veelheid aan adviesvragen en meldingen, vraagt dit niet alleen om deskundige en effectieve inzet van de VT-medewerker, maar ook om nauwe samenwerking met ketenpartners. Ook is het belangrijk dat burgers en professionals signalen melden, zodat er tijdig opgetreden kan worden en een goede veiligheidsinschatting kan worden gemaakt.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 26
In 2021 zijn in Zuid-Limburg nieuwe samenwerkingsafspraken tussen alle gemeenten en Veilig Thuis gemaakt. Om samenwerkingsafspraken met ketenpartners te hanteren, wordt ingezet op vroegtijdige, zorgvuldige en gelijktijdige samenwerking. Zowel voor wat betreft verrijking en besluitvorming, als bij overdracht van de verantwoordelijkheid voor het zicht op veiligheid in een casus. Deels is deze samenwerking vastgelegd in het werkproces, deels is en wordt deze nog verder doorontwikkeld en geconsolideerd middels deelname aan pilots (o.a. MDA++ en SOIA, zie verderop in het verslag). De nieuwe indeling binnen Veilig Thuis in gebiedsteams, is helpend in de contacten met ketenpartners. De samenwerking met (keten)partners en de bekendheid van Veilig Thuis in het sociale domein is een continue punt van aandacht, wat resulteert in positieve uitkomsten in casuïstiek. Zoals bijvoorbeeld in een casus waarbij een ZRO-melding werd gedaan door een professional in het ziekenhuis, betreffende een zwangere vrouw in een multiproblematische leefsituatie. Door informatie bijeen te brengen, en deze intercollegiaal en multidisciplinair te beoordelen en te toetsen, werd in gezamenlijkheid tot een veiligheidsbeoordeling en vervolgstappen gekomen. De daaropvolgende inzet – i.e.
gesprek met cliënt over de melding, overdacht aan het lokaal team en een aangewezen hulpinstelling – resulteerde in een positieve verandering in het gedrag van de zwangere vrouw. Het kind werd in goede gezondheid geboren en de structureel onveilige situatie is door gezamenlijke inzet van VT en partners doorbroken. Projecten en ontwikkelingen Veilig Thuis hecht groot belang aan de verbeteractiviteiten uit de landelijke ontwikkelagenda ‘Veiligheid voorop!’. Veilig Thuis werkt effectief samen in de justitieketen op het Actie overleg, de Zorgvuldig Snel en op Maat (ZSM)-tafel, het zedenoverleg, als ook in het screeningsoverleg Mensenhandel. Daarnaast neemt VT actief deel aan het Regionaal Netwerk Straf en Zorg. Dit vindt 6 x per jaar plaats. VT is positief over de doorontwikkeling en de meerwaarde van dit netwerk en levert de secretariële ondersteuning van dit netwerk. In 2021 heeft VT in ernstige casuïstiek met letsel vroegtijdige afstemming gezocht met politie, OM, kinderartsen in de ziekenhuizen en de regionale forensisch artsen. Het handelingskader Forensisch Medische Expertise voor Kinderen en de handreiking strafbare kindermishandeling zijn daarbij leidend voor VT. Het landelijke Expertisecentrum Kindermishandeling en het Nederlands Forensisch Instituut zijn voor VT samenwerkingspartners in casuïstiek waar deze expertise nodig is.
Veilig Thuis Zuid Limburg is een van de weinige VT-organisaties die meerdere medewerkers opgeleid heeft in het National Institute of Child Health and Human Development-protocol. Dit is een wetenschappelijke, methodische gesprekstechniek die ingezet kan worden in o.a. het spreken met kinderen in gevallen van seksueel misbruik en/of kindermishandeling. Landelijk wordt inmiddels een project gestart om dit mogelijk te implementeren bij alle 26 VT’s. Samen Op In Acuut In januari 2021 is de pilot ‘Samen Op In Acuut’ gestart in de Westelijke Mijnstreek. De politie en Veilig Thuis trokken samen op bij meldingen van acuut huiselijk geweld en maakten ter plekke een gezamenlijke afweging van de onveilige situatie. De intentie was elkaar te ondersteunen en te versterken in de aanpak in het eerste uur.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 27
De tijd was echter te kort om de werkwijze goed in te bedden. De grootste winst uit de pilot zou het snel en direct contact met betrokkenen moeten zijn. In het najaar 2021 is een doorstart gemaakt met de werkwijze waarna opnieuw zal worden geëvalueerd. Er is een gezamenlijke ambitie en bereidheid van de pilotpartners om het project zo effectief en werkbaar mogelijk vorm te geven, in lijn met leerpunten uit de evaluatie. Stalking Veilig Thuis heeft samen met de politie, het Zorg & Veiligheidshuis en de Reclassering vervolgafspraken gemaakt in de aanpak van stalking. In de zomer van 2021 is op ZuidLimburgs niveau een bijeenkomst georganiseerd waarin elkaars werkprocessen en verbeterpunten besproken zijn. Er bestaat de behoefte om op provinciaal niveau met alle relevante partners de aanpak onder de loep te nemen en te versterken. De Zuid-Limburgse bijeenkomst krijgt een vervolg op provinciaal niveau. Dit jaar is tevens afgesproken dat stalkingzaken ook naar de gemeenten kunnen worden overgedragen via de triagetafel. Tot nu toe hield VT alle stalkingszaken zelf in uitvoering. Gemeenten kunnen hun expertise op dit vlak nog door ontwikkelen. Er is bereidheid om hier samen in te blijven optrekken. MDA++ tafel Vanaf november 2020 tot en met oktober 2021 heeft de pilot Multidisciplinaire Aanpak (MDA++) tafel plaatsgevonden.
De problematiek die op deze tafel is besproken kende een lange geschiedenis van structureel geweld. Nadien werd gemonitord of de gegeven adviezen werden opgevolgd. Gebleken is dat het doorbreken van het geweld voor het cliëntsysteem een kwestie is van lange adem en tijd. Veilig Thuis leverde met 16 ingebrachte casussen meer dan 60% van de casussen. De pilot is in 2021 afgerond. VT onderschrijft de conclusies en aanbevelingen uit de evaluatie, waaronder duidelijke regierollen, investeren in gezamenlijke aanpak bij het maken van een veiligheidsplan, investeren in kennisvergroting over de aanpak van Geweld in Afhankelijkheidsrelaties (GIA) en het implementeren van de werkwijze gefaseerd samenwerken aan veiligheid (risico-gestuurde zorg). Samenwerking met de Zorg- en Veiligheidshuizen In 2021 heeft Veilig Thuis in totaal 34 zaken aangemeld bij de Zorg- en Veiligheidshuizen Zuid-Limburg. 27 zaken hebben daadwerkelijk geleid tot een Persoonsgerichte Aanpak2 (PGA). VT en de Veiligheidshuizen blijven met elkaar in gesprek over een verdere optimalisatie van de samenwerking. Geweld in afhankelijkheidsrelaties (GIA) In 2021 is er ook continu inzet nodig geweest in de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Veilig Thuis heeft een belangrijke rol gespeeld in de tijdige verbinding met de justitiepartners, de gemeentelijke teams en de zorgaanbieders.
Er zijn enorme stappen voorwaarts gemaakt in de samenwerking en de overstijgende regionale samenwerking van zorg en veiligheid.
2
PGA is een integraal op de persoon toegesneden (mix van) interventie(s) en is een succesvolle manier om plegers integraal, dus met ketenpartners als gemeenten, Openbaar Ministerie (OM) en hulpverlening, aan te pakken.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 28
Triagetafels In 2021 is de definitieve overgang van routeertafels naar triagetafels gerealiseerd. Op de routeertafels werden alleen meldingen besproken die direct overgedragen konden worden na de veiligheidsbeoordeling. Op de huidige triagetafels worden alle bij VT binnengekomen meldingen besproken, dat wil zeggen de meldingen die direct kunnen worden overgedragen als ook de meldingen waarin VT zelf een dienst inzet (voorwaarden en vervolg of een onderzoek). Ook de meldingen uit de werkvoorraad komen herhaaldelijk terug op tafel zodat gemeenten goed geïnformeerd blijven en de keuze hebben om zelf ook casuïstiek op te pakken. Dit leidt tot gelijkwaardige samenwerking en een wederzijds inzicht in de mogelijkheden, waardoor de kwetsbare inwoners uiteindelijk beter geholpen worden. Triagetafels vinden 1 à 2 keer per week plaats. Er zijn goede samenwerkingsafspraken (juridisch getoetst) gemaakt. Communicatie en informatie De website van Veilig Thuis is vernieuwd en heeft een toegankelijkere uitstraling gekregen. Voor jongeren is een aparte landingspagina ontwikkeld. Ook is er veel zorg besteed aan het gebruik van passend beeldmateriaal en het linken naar relevante netwerkpartners en hun bronnen. Daarnaast zijn medewerkers in beeld gebracht waarin ze vertellen over hun functie bij VT. VT hoopt hiermee potentiële professionals makkelijker te bereiken in een zeer krappe arbeidsmarkt.
Daarnaast draagt VT bij aan een sterkere kennis- en informatiepositie van burgers en professionals ten aanzien van de verschillende vormen van geweld, en mogelijkheden die zij hebben om iets te doen in situaties van geweld. Door tevens informatie over de visie en werkwijze van Veilig Thuis beschikbaar te stellen, ontstaat ruimte voor meer begrip over de rol van Veilig Thuis. In lijn met de vernieuwde website, worden ook de bestaande folders en brochures aan een update onderworpen om deze meer in lijn te brengen met de website. Tevens zullen deze worden opgenomen in een actuele toolkit dit de VT-medewerkers kunnen gebruiken in hun werkzaamheden en in hun contacten met partners en cliënten. In 2021 is een aanvang gemaakt met update van de signaalkaarten kindermishandeling, de folder over de meldcode en postermateriaal. Overige folders en brochures worden in 2022 geüpdatet. VT had een congres voorbereid in de week tegen de kindermishandeling (op 18 november). Helaas is dit door de aangescherpte coronamaatregelen tot nader orde uitgesteld.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 29
3.
Financiële paragrafen
3.1 Algemeen De paragrafen handelen vooral over een aantal belangrijke beheersmatige onderwerpen. De behandelde verplichte paragrafen zijn: • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Onderhoud kapitaalgoederen • Financiering • Bedrijfsvoering • Verbonden partijen De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn op de GGD niet van toepassing. De uitbraak van COVID-19 (Corona) eind februari 2020 heeft een enorme impact op ons allemaal. De wereldwijde pandemie leidt tot ongekende omstandigheden. Voor de aanpak van COVID-19 kijken wij wat we, aanvullend op de landelijke maatregelen van het Rijk, kunnen doen. Dit raakt alle beleidsterreinen van onze organisatie. We streven naar een zo adequaat mogelijke uitvoering van de landelijke en lokale maatregelen en naar zoveel mogelijk continuïteit van de reguliere werkzaamheden en van noodzakelijke (digitale) besluitvorming. Wij hebben daarvoor de nodige interne maatregelen genomen. Voor de impact van deze crisis wordt verwezen naar de risicoparagraaf 3.2. 3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen geeft aan hoe solide de financiële positie van de organisatie is en wordt bepaald door de weerstandscapaciteit af te zetten tegen de omvang van de risico’s.
Risico’s die van belang zijn bij de bepaling van het weerstandsvermogen zijn de risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van de organisatie. De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt om deze niet begrote lasten op te kunnen vangen. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de algemene reserve, de (vrij aanwendbare) bestemmingsreserves, de stille reserves (indien aanwezig en kwantificeerbaar) en de ruimte in de begroting. Algemene Reserve Bedrijfsonderdeel
1 januari 2021
Resultaatbestemming 2020
GGD Veilig Thuis JGZ Acute zorg Nog te bestemmen: projectkosten 1 JGZ 2019 en resultaat 2020 Totaal
165.941 -1.680 1.469.057
-275.994 1.357.324
1.064.896
Onttrekking/ toevoeging 2021 -350.000
31 december 2021 (voor resultaatbestemming) 165.941 -1.680 2.183.953
-199.128 865.768
-350.000
-475.122 1.873.092
In de gemeenschappelijke regeling is opgenomen dat; de algemene reserve en de voorzieningen worden gevormd overeenkomstig het door het Algemeen bestuur vastgestelde beleid, waarbij de algemene reserve tenminste 6% van het totaal van de exploitatielasten van enig boekjaar moet bedragen. De algemene reserve voor de Jaardocument GGD ZL 2021
Pagina 30
programmalijn GGD is (voor resultaatbestemming 2021) momenteel a.g.v. het nog te bestemmen resultaat projectkosten JGZ en resultaat 2020 negatief. Risico’s Een risico is de kans dat een gebeurtenis optreedt, met een (negatief) gevolg voor de betrokkene. De omvang van een risico kan worden geschat door de kans dat een bepaalde gebeurtenis zich voordoet te vermenigvuldigen met het gevolg (€) van deze gebeurtenis. In onderstaande alinea’s is kort weergegeven wel acties o.a. zijn ondernomen om risico’s zoveel mogelijk te beperken. Daarnaast zijn er risico’s waarbij het financieel niet verantwoord is om hier beheersmaatregelen voor te nemen en waarvoor een buffer (weerstandsvermogen) noodzakelijk is. De financiële positie van het onderdeel GGD blijft kwetsbaar. Naast het feit dat dit een zorgpunt is voor de financiële commissie en het bestuur heeft ook de provincie in zijn rol van toezichthouder hierover jaarlijks een opmerking gemaakt bij de begroting. Om die reden is bij de keuze van het toekomstscenario hiermee uitdrukkelijk rekening gehouden. Bij de inventarisatie van risico’s pretenderen we niet volledig te zijn. Toch trachten wij zo volledig mogelijk te zijn bij deze inventarisatie. Voor een verdere toelichting zie bijlage 2. Een van de grootste invloeden op de GGD organisatie op dit moment is COVID-19.
Op landelijk niveau is op basis van het rapport “Navigeren en anticiperen in onzekere tijden” 1WRR en KNAW een risicoparagraaf ontwikkeld waarin scenario’s zijn opgenomen COVID-19 in de GGD organisaties zich in de toekomst kan ontwikkelen. Op basis hiervan zijn risico’s geïdentificeerd die bij een GGD kunnen voorkomen. Elke afzonderlijke GGD kan op basis van deze matrix zelf bepalen welke risico’s van toepassing kunnen zijn. Het rapport “Navigeren en anticiperen in onzekere tijden” gaat uit van een vijftal scenario’s: 1. Terug naar normaal. Covid-19 wordt helemaal uitgebannen. Wereldwijd zijn voldoende mensen immuun door (herhaalde) vaccinatie of het doormaken van de infectie. Het virus muteert niet dusdanig dat het aan de immuniteit kan ontsnappen. 2. Griep+. Covid-19 wordt endemisch met jaarlijkse golven in de winter. De meeste mensen worden niet ernstig ziek. Kwetsbare groepen hebben een verhoogd risico om ernstig ziek te worden. Afhankelijk van het epidemische beloop en de duur van de immuniteit zijn wellicht herhaalvaccinaties nodig. Het virus blijft muteren, maar niet zodanig dat dit veel verandert aan de ernst of verspreiding van het virus. 3. Externe dreiging. In Nederland en de meeste Europese landen is het virus onder controle, maar in veel andere landen niet. In die landen blijft het virus rondgaan en muteert het tot nieuwe, gevaarlijke varianten.
Er zal streng grensbeleid zijn om te proberen nieuwe uitbraken in ‘veilige landen’ te voorkomen. 4. Continue strijd. Covid-19 blijft een serieuze bedreiging. Vaccins werken niet voldoende (lang) en er ontwikkelen zich steeds nieuwe varianten die aan de bestaande vaccins ontsnappen. Er wordt een groot beroep gedaan op de veerkracht in de samenleving. 5. Worst case. Covid-19 eist jaarlijks meer slachtoffers en blijft wereldwijd circuleren; de opgebouwde immuniteit en de effectiviteit van vaccins zijn beperkt. Het is onzeker wanneer de pandemie zal uitdoven, en tot die tijd blijven hevige uitbraken plaatsvinden. Samenleving en economie maken een lange periode van ontwrichting door. Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 31
De GGD Zuid Limburg schat in dat de toekomst ergens tussen scenario 2 en 3 zal liggen. Dat maakt de duiding in financiële zin van de daarmee samenhangende risico’s ook erg Er is immers nog geen landelijk beleid en met de huidige COVID-19 variant is er meer mogelijk dan bij voorgaande varianten. Wat wel eenduidig aan te geven is, is dat de dienstverlening van de GGD beïnvloed zal worden door de lange termijn effecten van COVID. Risico’s die hiermee samen hangen: • Een deel van de dienstverlening valt jaarlijks stil in verband met benodigde capaciteit vaccinaties/testen etc. Het scenario bepaalt of dat in het COVID seizoen (scenario 2) is, of dat dit op onregelmatige momenten (scenario 3) is. In beide scenario’s zal de dienstverlening afwisselend fysiek en digitaal zijn. Dat betekent dus ook dat de digitale geletterdheid van de medewerkers en cliënten vergroot moet worden. • De reguliere uitvoering van de GGD-taken kunnen niet in de huidige vorm voortbestaan: primaire taken kunnen niet meer worden uitgevoerd naast onregelmatig benodigde opschaling activiteiten COVID, als het scenario 3 “externe dreiging” wordt uitgevoerd. Het risico op het uitstellen van reguliere zorg moet zoveel mogelijk worden verkleind. • Ook bij invoering programma pandemische paraatheid (scenario 3) bestaat een blijvende impact op lokale organisaties.
De nieuwe rol van de GGD, de omvang en de impact zijn niet bekend (structuur indiensttreding, beschikbaar stellen locaties, opvang financiële gevolgen) waardoor grote onzekerheden blijven bestaan, in een scenario van “externe dreiging” Naast bovenstaande risico’s op basis van de landelijk scenario’s kent de huidige pandemie ook toekomstige risico’s: • De hele pandemie met het regeringsbeleid heeft invloed op het imago van de GGD. We zien steeds meer acties door diverse groeperingen die het oneens zijn met het COVIDbeleid of de vaccinaties. Beveiliging van medewerkers is een nieuw thema waarmee de GGD ZL rekening moet gaan houden. • De lange termijn effecten van burgers die herstellen van COVID-19 zijn nog lang niet inzichtelijk. Dit kan gevolgen hebben voor de totale volksgezondheid in onze regio. De rol van de GGD hierin is nog onduidelijk. Tevens constateren we dat, naar aanleiding van landelijk gemaakte afspraken, getracht wordt claims te beleggen bij de afzonderlijke GGD. Wat dit in de toekomst gaat betekenen is volkomen onduidelijk daar dit geen verantwoordelijkheid is van de GGD maar hier wel tijd en energie in gaat zitten. Naast de hierboven genoemde risico’s in het kader van COVID kent de GGD ook nog “reguliere “risico’s. Deze zijn per programma gerubriceerd. In bijlage 2 is een en ander gekwantificeerd.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 32
GGD Concern • Datalekken blijft een risico mede omdat de GGD hierbij afhankelijk is van de andere ketenpartners. • Naast artsen kunnen ook andere beroepsbeoefenaren en daarvan afgeleid de gezondheidszorg-organisaties tuchtrechtelijk worden vervolgd c.q. aansprakelijk worden gesteld. Dit in combinatie met de steeds mondigere patiënt en het toenemende claimgedrag, kan voor de GGD onvoorziene financiële consequenties hebben. • Landelijk worden voor nieuwe wettelijke taken tarieven vastgesteld. Deze tarieven zijn niet altijd kostendekkend. Tevens worden deze tarieven en producten pas laat bekend waardoor het inrichten van de processen in 1 e instantie niet het meest optimaal kan plaatsvinden. • Schaarste arbeidsmarkt op diverse functies, leidt tot het risico van het niet kunnen voldoen aan de gevraagde productie. Hetgeen kan leiden tot omzetderving c.q. dure tijdelijke inhuur. GGD • In de begroting zijn de bijdragen voor met name Forensische geneeskunde, sociaal medische advisering en openbare geestelijke gezondheidszorg gebaseerd op jaarlijkse bijdragen. Deze posten kennen een semi–structureel karakter en staan regelmatig ter discussie. Jeugdgezondheidszorg • De enorme tekorten bij de Jeugdzorg hebben naast een inhoudelijke component, verschuiving van werk, ook een effect op de beeldvorming over JGZ. Beide worden vaak met elkaar verwisselt.
Werkzaamheden verschuiven en er zijn onterechte verwachtingen. Veilig Thuis • Om efficiënt en effectief te kunnen werken is VT afhankelijk van het zogenaamde lokale Veld. Door de diversiteit in kwaliteit en inrichting van dit lokale veld is inschatting van benodigde inzet moeilijk. Acute Zorg • Mede als gevolg van de demografische ontwikkelingen legt de maatschappij steeds meer beslag op de Acute Zorg. Hierdoor neemt de vraag naar zorg toe. Het financieringssysteem loopt echter niet parallel met deze ontwikkelingen. • De beoogde fusie per 1-1-2023 brengt aanvullende risico’s met zich mee in het kader van onrust bij personeel en burgers als gevolg van (negatieve) publiciteit.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 33
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit betreft de middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt of kan beschikken om niet begrote lasten te dekken. De weerstandscapaciteit is opgebouwd uit de volgende onderdelen: • Reserves • Ruimte op de begroting • Onbenutte belastingcapaciteit Op 31 december 2021 is de weerstandcapaciteit van de GGD per bedrijfsonderdeel als volgt: Weerstandscapaciteit GGD Zuid Limburg Peildatum 31 december 2021 vóór verwerking voorstel bestemming reguliere bedrijfsresultaat. GGD Veilig Thuis JGZ Acute Zorg Algemene reserve 165.941 -1.680 2.183.953 Bestemmingsreserve 106.485 Ruimte op de begroting Onbenutte belastingcapaciteit Algemene reserve 272.426 -1.680 2.183.953 Resultaat nog te bestemmen JGZ 2019 en 2020 ad -475.122 is in bovenstaande tabel niet meegenomen. Weerstandscapaciteit GGD Zuid Limburg Peildatum 31 december 2021 na verwerking voorstel bestemming reguliere bedrijfsresultaat. GGD Veilig Thuis JGZ Acute Zorg Algemene reserve 165.941 -1.680 -155.803 2.060.341 Bestemmingsreserve 106.485 Ruimte op de begroting Onbenutte belastingcapaciteit Totaal 272.426 -1.680 -155.803 2.060.341 Resultaat nog te bestemmen JGZ 2019 en 2020 ad -475.122 is in bovenstaande tabel niet meegenomen.
Weerstandsvermogen Voor de bepaling van het weerstandsvermogen kan onderstaande formule worden gebruikt: Weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen = Risico’s Weerstandsvermogen
Peildatum 31-12 vóór resultaatbestemming Peildatum 31-12 na resultaatbestemming
2021
2021
2021
2020
2020
JGZ
2021 Acute Zorg
GGD
VT
2020 Acute Zorg
GGD
VT
0,16
-0,002
-
1,63
0,16
-0,002
1,10
0,16
-0,002
-0,42
1,54
0,16
-0,002
1,89
Bij de bepaling van de waarde van de risico’s is rekening gehouden met de kans dat een risico zal optreden (zie bijlage 2 voor een toelichting op de berekening weerstandsvermogen).
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 34
In onderstaande tabel is de waardering van het weerstandsvermogen aangegeven. Weerstandsvermogen Betekenis > 2,0 Uitstekend 1,4 – 2,0 Ruim voldoende 1,0 – 1,4 Voldoende 0,8 – 1,0 Matig 0,6 – 0,8 Onvoldoende < 0,6 Ruim onvoldoende Conclusie Het weerstandsvermogen van de GGD is in 2021 als ruim onvoldoende te classificeren. De algemene reserve van de GGD dient volgens de gemeenschappelijke regeling minimaal 6% van de exploitatielasten van enig jaar te zijn. Een aantal van de gekwantificeerde risico’s heeft een structureel karakter, terwijl een belangrijk deel van de weerstandscapaciteit een incidenteel karakter heeft (75% van de weerstandscapaciteit). JGZ heeft geen weerstandscapaciteit (negatieve algemene reserve). Hierdoor is met de bestaande risico’s binnen JGZ het weerstandsvermogen als ruim onvoldoende te classificeren. Veilig Thuis heeft geen weerstandscapaciteit (negatieve algemene reserve). Hierdoor is met de bestaande risico’s binnen VT het weerstandsvermogen als ruim onvoldoende te classificeren. Het weerstandsvermogen van de Acute Zorg is als voldoende tot ruim voldoende te waarderen. De algemene reserve van de GGD, JGZ, de Acute Zorg en Veilig Thuis zijn strikt gescheiden waardoor het niet reëel is om het weerstandsvermogen als geheel te waarderen.
Het weerstandsvermogen staat derhalve bij de GGD, JGZ en Veilig thuis onder druk, echter de deelnemende gemeenten staan als eigenaar ook garant voor de gehele GGD.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 35
Financiële kengetallen 1A A B C D E F G H
Netto Schuldquote Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa Uitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Totale baten Netto schuldquote ( A+B+C-D-E-F-G)/H*100%
1B Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen A Vaste schulden B Netto vlottende schuld C Overlopende passiva D Financiële activa E Uitzettingen F Liquide middelen G Overlopende activa H Totale baten Netto schuldquote ( A+B+C-D-E-F-G)/H*100%
2. A B
Solvabiliteitsratio Eigen vermogen Balanstotaal Solvabiliteit (A/B)*100%
3.
Kengetal grondexploitatie Niet van toepassing
4. A B C D E
Structurele exploitatieruimte Totale structurele lasten Totale structurele baten Totale structurele toevoegingen aan de reserves Totale structurele onttrekkingen aan de reserves Totale baten Structurele exploitatieruimte ((B-A)+(D-C))/E*100%
5.
Belastingcapaciteit Niet van toepassing
Jaarrekening 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 17.662.500 15.746.000 13.829.000 12.312.000 18.642.356 18.600.000 18.600.000 18.600.000 2.226.460 2.200.000 2.200.000 2.200.000 207.469 207.469 207.469 207.469 8.406.469 8.400.000 8.400.000 8.400.000 3.849.331 3.800.000 3.800.000 3.800.000 4.896.630 4.900.000 4.900.000 4.900.000 116.667.692 68.680.209 70.022.114 71.385.502 18,15%
28,01%
24,74%
22,14%
Jaarrekening 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 17.662.500 15.746.000 13.829.000 12.312.000 18.642.356 18.600.000 18.600.000 18.600.000 2.226.460 2.200.000 2.200.000 2.200.000 207.469 207.469 207.469 207.469 8.406.469 8.400.000 8.400.000 8.400.000 3.849.331 3.800.000 3.800.000 3.800.000 4.896.630 4.900.000 4.900.000 4.900.000 116.667.692 68.680.209 70.022.114 71.385.502 18,15%
28,01%
24,74%
22,14%
Jaarrekening 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 2.201.332 2.073.087 2.073.087 2.073.087 41.233.333 39.119.772 39.119.772 39.119.772 5,34% 5,30% 5,30% 5,30%
Jaarrekening 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 64.276.058 68.680.209 70.022.114 71.385.502 64.184.388 68.680.209 70.022.114 71.385.502 0 0 0 0 350.000 0 0 0 116.667.692 68.680.209 70.022.114 71.385.502 0,22% 0,00% 0,00% 0,00%
De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Eind 2020 zijn in het kader van de liquiditeitspositie van de GGD en voor de financiering van de investeringen bij de RAV langlopende leningen afgesloten. Het jaar 2021 is niet geheel representatief omdat het totaal aan baten en lasten een stuk hoger is i.v.m. COVID. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio voor de komende jaren is stabiel. De deelnemende gemeenten staan als eigenaar ook garant voor de gehele GGD. Het kengetal grondexploitatie geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten en is alleen van toepassing bij grondbedrijven.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 36
Het kengetal structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente of provincie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt thans het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. In de begroting is conform bestuurlijke afspraak slechts rekening gehouden met geringe incidentele baten en lasten. Dit om te voorkomen dat hierdoor structurele problemen ontstaan. In de jaarrekening is deze verhouding groter. Mede als gevolg van Covid en het binnenhalen van projecten / subsidies. De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de provincie of gemeenten zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde en is alleen van toepassing bij gemeenten en provincies. 3.3 Onderhoud kapitaalgoederen In deze paragraaf dient inzicht te worden gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij tevens om het gewenste onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid ter zake.
De kapitaalgoederen kunnen op basis van de volgende criteria worden aangeschaft: • Vervanging bestaande kapitaalgoederen • Wettelijke eisen • Uitbreiding op basis van kwaliteitsverbetering Voor de ambulancepost te Sittard-Geleen en voor de ambulancepost te Heerlen, welke eigendom zijn van de GGD, is een onderhoudsplan opgesteld. De ambulancepost Landgraaf, welke eigendom is van de GGD, is op 1 november 2020 in gebruik genomen. Het onderhoudsplan loopt vanaf 1-1-2022. Als gevolg van nieuwbouw lopen er nog garanties voor het 2021 waardoor er voor dit pand geen dotatie aan de voorziening nodig is. De ambulancepost Maastricht betreft een huurpand maar voor de aanpassingen aan het pand is een onderhoudsplan opgesteld. De totale onderhoudskosten inzake huisvesting van de ambulanceposten bedragen in 2021 € 104.145, -, waarvan ca. € 47.999, - ten laste van de voorziening onderhoud is gebracht. De onderhoudsplanning van de overige activa gebeurt in overeenstemming met de door de desbetreffende leveranciers afgesproken planning. Voor het hoofdkantoor in Heerlen is een onderhoudsplan opgesteld. Voor de uitvoering van het groot onderhoud is op basis van dit onderhoudsplan een onderhoudsvoorziening gevormd. De mutaties met betrekking tot de onderhoudsvoorziening zijn opgenomen in het overzicht van de reserves en voorzieningen (zie toelichting op de jaarrekening.)
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 37
3.4 Financiering De financieringsparagraaf heeft als doel inzicht geven in het treasurybeleid en de beheersing van de financiële risico’s. Het treasurybeleid van de GGD ZL is gericht op het zo optimaal mogelijk financieren van de publieke taak, waarbij beperking van de financiële risico’s centraal staat. Deze financieringsparagraaf en het treasurystatuut zijn belangrijke instrumenten voor transparantie in de financieringsfunctie. In 2021 zijn geen langlopende leningen afgesloten. Kasgeldlimiet Een berekening van de wettelijk toegestane kasgeldlimiet en de rente risiconorm is in onderstaande tabel opgenomen.
Kasgeldlimiet
2.
3.
4.
Stap
Jaar 2021
Q2 2021
107.607.133
107.607.133
107.607.133
107.607.133
107.607.133
Toegestande kasgeldlimiet - in procenten van de grondslag - in bedrag
8,20% 8.823.785
8,20% 8.823.785
8,20% 8.823.785
8,20% 8.823.785
8,20% 8.823.785
gemiddelde omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
11.515.176 -
11.671.267 -
16.085.528 -
17.261.874 -
14.133.461 -
vlottende middelen (gemidd. kwartaal) Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar
13.697.652
18.853.279
17.999.812
10.130.721
15.170.366
Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld ( 2 - 3 ) Toegestande kasgeldlimiet ( 1 ) Ruimte ( + ) / Overschrijding ( - ) ( 1- 4 )
-2.182.476 8.823.785 11.006.261
-7.182.012 8.823.785 16.005.797
-1.914.284 8.823.785 10.738.069
7.131.153 8.823.785 1.692.632
-1.036.905 8.823.785 9.860.690
Variabelen renterisiconorm
2025
Omvang begroting per 1 januari (grondslag) 1.
Jaar 2021 Q3 2021
Q1 2021
Q4 2021
2021
2022
2023
2024
1 Renteherzieningen
-
-
-
-
-
2 Aflossingen 3 Renterisico (1+2)
1.916.667 1.916.667
1.916.667 1.916.667
1.916.667 1.916.667
1.516.667 1.516.667
816.667 816.667
5a (4>3)
4 Renterisiconorm Ruimte onder renterisiconorm
21.521.427 19.604.760
13.806.042 11.889.375
14.074.423 12.157.756
14.277.100 12.760.434
14.584.549 13.767.883
5b (4<3)
Overschrijding risiconorm
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
107.607.133
69.030.209
70.372.114
71.385.502
72.922.747
20%
20%
20%
20%
20%
21.521.427
13.806.042
14.074.423
14.277.100
14.584.549
Berekening renterisiconorm 4a
Begrotingstotaal
4b
Percentage regeling
4= 4a*4b
Renterisiconorm
In 2021 is het begrotingstotaal veel hoger door extra baten en lasten COVID. 2021 is derhalve niet representatief voor het kengetal “ruimte onder renterisiconorm”. Ook in de jaren 2019 en eerder (pre-covid) werd de renterisconorm niet overschreden.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 38
Renteschema: a. b.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem) -/-
Saldo rentelasten en rentebaten c1. c2.
c3.
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke leningen voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/-
€
0,-
-/-
€
0,-
+/+
€
0,-
--------------------€ 249.587, -
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. d2.
Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen
+/+ +/+
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
e.
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
€ 249.587, € 0,--------------------€ 249.587, -
€ 0,€ 0,--------------------€
-/-
249.587,-
€ 0,--------------------€
249.587,-
Rente is niet toegerekend aan taakvelden omdat omslagpercentage kleiner is dan 0,5%. Liquiditeitenbeheer In 2021 was de GGD ZL voldoende liquide. De hogere uitgaven als gevolg van COVID-19 en de latere bevoorschotting van deze uitgaven door het ministerie van VWS zijn opgevangen doormiddel van kasgeldleningen. Vaste geldleningen In 2021 zijn geen nieuwe vaste geldleningen afgesloten.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 39
Schatkistbankieren Aangezien de GGD ZL geen contracten en/of beleggingen heeft die na 4 juni 2012 zijn aangegaan, heeft de GGD ZL geen nadelige consequenties hiervan ondervonden. EMU-saldo Om deel te kunnen nemen aan de Economische Monetaire Unie (EMU) moeten aangesloten landen onder meer voldoen aan het criterium dat de overheidsschuld (EMU-schuld) lager moet zijn dan 60% van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Tevens moet het begrotingstekort (EMU-saldo) lager zijn dan 3% van het BBP. Het EMU-saldo wordt berekend op kasbasis, terwijl de GGD ZL zelf met het stelsel van baten en lasten werkt en op basis daarvan ook haar saldo bepaalt. Deze saldi kunnen dan ook sterk uiteenlopen. Dat de GGD ZL toch het EMU-saldo moet presenteren heeft te maken met de afspraken in Europa over de maximaal toegestane tekorten in de collectieve sector in de landen van de euro. Ook de EMU-saldi van de decentrale overheden tellen daarbij mee. Het Emu- saldo wordt nu nog centraal doorgegeven aan het CBS en telt nog niet mee bij de afzonderlijke gemeenten. Het berekende EMU-saldo op basis van de jaarrekening bedraagt voor 2021 € 1.170.000.
3.5 Bedrijfsvoering In deze paragraaf worden de beleidsvoornemens betreffende de volgende onderwerpen behandeld: • Investeringsbeleid • Organisatiestructuur • Administratieve organisatie • Informatisering en automatisering • Kansen en bedreigingen • Personeelsbeleid 3.5.1 Investeringsbeleid Voor een specificatie verwijzen we naar de: “Activastaat (Opgenomen onder 6.2.2 Activa)”. De investeringen bedroegen in 2021 € 1.832.732. De netto investeringen 2021 zijn € 2.029.702. De belangrijkste nieuwe investeringen in 2021 betreffen vnl. Acute zorg: •
•
Bij het bedrijfsonderdeel Acute Zorg zijn in 2021 de volgende investeringen conform begroting gedaan; o Technische installaties (camerasysteem) aangekocht voor € 14.624. o 5 ambulances aangeschaft voor een bedrag van € 851.198. o automatisering voor een bedrag € 140.303. o medische apparatuur (onderdeel van alle ambulances) voor € 592.753. o inventaris aangeschaft voor € 9.802. Bij het bedrijfsonderdeel GGD/JGZ zijn in 2021 de volgende investeringen conform begroting gedaan; o automatisering voor een bedrag groot € 23.063. o inventaris aangeschaft voor een bedrag van € 200.989.
De post ingebruikname (€ 625.141) betreft de investeringen die weliswaar geactiveerd zijn maar nog niet in gebruik zijn. Hierbij gaat het vnl. om verbouwingen van huurpanden van het bedrijfsonderdeel JGZ. Bijdragen van derden en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen hebben zich niet voorgedaan in 2021.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 40
3.5.2 Organisatiestructuur De volgende onderdelen worden benoemd: • Bestuur: Conform de wettelijke bepaling in de Wet gemeenschappelijke regelingen bestaat de bestuursstructuur uit een Algemeen Bestuur en een Dagelijks Bestuur. De gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Zuid Limburg heeft middels een bestuursovereenkomst de uitvoering van de GHOR-taken overgedragen aan de GGD Zuid Limburg. Het Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Zuid Limburg blijft eindverantwoordelijk voor het beleid en de uitvoering van de GHORtaken. • Directie: De directie bestond in 2021 uit twee leden en is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding en het beheer van de organisatie en legt hiervoor verantwoording af aan het Dagelijks Bestuur. • Programmalijnen en ondersteunende units: Onder de directie vallen in 2021 vier programmalijnen t.w. GGD, JGZ, Veilig Thuis en Acute Zorg. Daarnaast ressorteren onder de directie vijf ondersteunende units. 3.5.3 Administratieve organisatie De interne controle in 2021 heeft zich met name gericht op de financiële rechtmatigheid. De eerste stappen om te komen tot een verantwoordingsverklaring zijn gezet. 3.5.4 Informatisering en automatisering De informatisering en automatisering heeft met name een substantiële bijdrage geleverd aan de ondersteuning van de COVID-19 organisatie.
Mede als gevolg hiervan hebben er diverse analyses plaatsgevonden op het gebied van informatiebeveiliging en zijn de daaruit voorvloeiende actiepunten opgepakt. 3.5.5 Kansen en bedreigingen Kansen: • Een toenemende (landelijke) erkenning dat de gezondheid van de Zuid-Limburgers vraagt om een specifieke en innovatieve benadering. Hiertoe bieden de drie programma’s kansen voor de GGD om hier op een professionele wijze in te participeren. • De toenemende verbondenheid tussen preventie en curatie (om zorgkosten te beperken is meer investering in preventie nodig). Middels Trendbreuk groeit het besef dat een regionale aanpak hierbij van cruciaal belang is en dat de JGZ een belangrijke partner hierbij (kan) zijn. Ook landelijk worden steeds meer initiatieven hiervoor ontwikkelt. • Noodzaak en behoefte aan beschikbaarheid van relevante gezondheidsdata in het sociale domein. Behoefte aan transformatie van deze data naar beleidsrelevante lokale gemeentelijke informatie. Bedreigingen: • De blijvende signalen over crisis en bezuinigingen op rijksniveau en gemeenteniveau. • De negatieve beeldvorming over gemeenschappelijke regelingen in het algemeen. • Bedreiging van oorlog in Europa (Oekraïne) en daarmee samenhangende stroom van vluchtelingen en asielzoekers.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 41
3.5.6 Personeelsbeleid Voor een uitgebreide toelichting verwijzen we naar het jaarverslag (onderdeel concern 2.1). GGD Zuid Limburg 1 januari 2021
Aantal fte Aantal medewerkers Instroom medewerkers Doorstroom medewerkers Uitstroom medewerkers Mannen Vrouwen Gemiddelde leeftijd Deeltijdwerken Verzuim
626 768 259 25 46 27% 73% 45,5 53% 6,17%
GGD Zuid Limburg 31 december 2021
639 767 88 16 87 27% 73% 45,4 62,5% 5,40%
De Covid-19 bestrijding Onze medewerkers hebben een enorme bijdrage geleverd in de bestrijding van de Covid19 pandemie. Een ongekende opgave, waarbij medewerkers Bron- en Contactonderzoek, testen en vaccineren en de daarbij behorende leidinggevenden en medewerkers in de ondersteunende functies hebben met een niet aflatend enthousiasme elk keer weer de uitdaging opgepakt. Door haar rol in de pandemie heeft onze organisatie het afgelopen jaar volop in de belangstelling gestaan hetgeen heeft bijgedragen aan het versterken van ons werkgeversmerk. Ondanks COVID-19 is het ziekteverzuim binnen GGD Zuid Limburg gedaald in 2021 t.o.v. 2020 naar 5,4 procent. 3.6 Verbonden partijen In het BBV is verbonden partij gedefinieerd als; “een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft”. Een financieel belang is aanwezig wanneer een ter beschikking gesteld bedrag niet verhaalbaar is bij faillissement, dan wel als financiële aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bestuurlijk belang is aanwezig indien er zeggenschap bestaat uit hoofde van stemrecht dan wel vertegenwoordiging in het bestuur van de organisatie. Binnen de GGD Zuid Limburg geldt dat elke verbonden partij de goedkeuring moet hebben van het Algemeen Bestuur.
Om de risico’s te beperken is derhalve de visie en het beleidsvoornemen het aantal verbonden partijen te minimaliseren. In 2021 heeft de GGD zowel bestuurlijk als financieel een 50% minus 1 aandeel belang in Ease BV (gevestigd te Maastricht). Het resultaat van Ease BV over 2020 bedroeg € 193.867. Op 31 december 2019 heeft de GGD conform bestuurlijke afspraak alle aandelen gekocht van de Envida JGZ B.V. De JGZ BV (gevestigd te Heerlen) kent een nihil resultaat. Alle personele lasten worden immers doorbelast naar de programmalijn JGZ. Wat betreft de risico’s, die mogelijk voortkomen uit deze verbonden partijen kan worden opgemerkt dat deze ten aanzien van Ease BV minimaal zijn gezien de omvang van het Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 42
Eigen vermogen als buffer voor toekomstige negatieve resultaten; wat betreft JGZ BV worden financiële risico’s gedekt door de Gemeentelijke Bijdragen van de deelnemende gemeenten. De GGD zelf is een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten. Dit zijn de 16 gemeenten: Beek, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Beekdaelen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Valkenburg a/d Geul, Vaals en Voerendaal.
Schematisch ziet het er als volgt uit:
Deelnemers: 16 Gemeenten/AB
Dagelijks bestuur
GGD Zuid Limburg
Ease BV
Eigen vermogen 1-1-2021 Eigen vermogen 31-12-2021 Vreemd Vermogen 1-1-2021 Vreemd Vermogen 31-12-2021 Resultaat 2021
JGZ BV
Ease BV € 1.017.501 1.342.850 *) 578.361 464.071 *) 196.677 *)
JGZ BV € 18.000 18.000 1.026.886 5.162 0
*) concept-cijfers
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 43
4
Jaarrekening 2021
4.1 Balans per 31 december 2021
(Balans voor resultaatbestemming) BALANS GGD Zuid Limburg
31 december 2021 in €
31 december 2020 in €
31 december 2021 in €
ACTIVA
PASSIVA
Vaste activa
Vaste passiva
Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut
Eigen vermogen 23.725.977
24.105.628
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen
31 december 2020 in €
207.469
Algemene reserve
1.873.092
1.357.324
Bestemmingsreserves
106.485
Gerealiseerde resultaat
221.755
865.768
2.201.332
2.329.577
500.685
409.004
17.662.500
19.579.167
2.500.000
10.000.000
207.469
106.485
Voorzieningen Voorzieningen ter egalisering van kosten Vaste schulden met een rente typische looptijd van langer dan één jaar: Totaal vaste activa
23.933.446
24.313.097
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Vlottende activa Voorraden
Vlottende passiva 147.457
213.023
Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar: Kasgeldleningen
Uitzettingen met een rente typische looptijd
Rekeningen courant
korter dan één jaar:
Overige schulden
Vorderingen op openbare lichamen
7.225.399
561.557
Rekeningen courant
-
2.074.324
Overige vorderingen
1.181.070
2.026.627
Overlopende passiva
8.406.469
4.662.508
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen
Liquide middelen Kas
Overige vooruitontvangen bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen 5.367
3.116
3.843.964
6.705.944
3.849.331
6.709.060
Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen
1.837.962
11.876.410
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen
3.058.668
3.740.226
4.896.630
15.616.636
Bank
2.039.941
1.076.342
14.102.415
13.775.331
18.642.356
24.851.673
390.605
-
1.599.202
2.929.680
236.653
1.415.223
2.226.460
4.344.903
Overlopende activa
Totaal vlottende activa
17.299.887
27.201.227
Totaal vlottende passiva
18.642.356
24.851.673
TOTAAL ACTIVA
41.233.333
51.514.324
TOTAAL PASSIVA
41.233.333
51.514.324
-
-
-
-
Recht op verliescompensatie kracht wet VPB
Jaarstukken GGD ZL 2021
Verstrekte borg- of garantstellingen aan natuurlijke/rechtspersonen
Pagina 44
4.2
Rekening van baten en lasten 2021
GGD Zuid Limburg
Rekening 2021 in €
Primaire begroting 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Baten Bijdragen gemeenten Tarieven Gemeenten Plusproducten bijdragen Bijdrage Rijk/Provincies Inkomsten NZA Overige bijdrage Incidentele opbrengsten
29.529.237 3.401.585 666.792 52.113.851 23.709.007 7.017.439 229.781
29.673.832 3.513.087 3.643.233 21.380.140 3.998.176 93.250
29.529.245 3.163.088 48.643.234 21.830.140 3.998.176 93.250
Totale baten
116.667.692
62.301.718
107.257.133
Personeelslasten Huisvestingslasten Afschrijvingslasten Rentelasten en Bankkosten Beheers en adm. lasten Lasten vervoermiddelen Lasten Automatisering Lasten medische middelen Lasten uitvoering derden Incidentele lasten
78.230.096 13.364.647 1.409.009 257.884 3.112.978 1.168.483 2.765.324 4.737.882 515.252 49.116
43.931.000 2.527.000 1.284.000 88.000 1.409.500 779.000 1.501.500 1.192.500 554.500 92.500
80.084.910 7.927.000 2.184.000 88.000 2.587.000 879.000 2.706.500 1.192.500 554.500 92.500
Totale lasten
105.610.671
53.359.500
98.295.910
Overhead
11.165.239
9.292.218
9.311.223
108.21820.027350.000 221.755
350.000350.000 -
350.000350.000 -
Lasten
Resultaat vóór VPB en vóór bestemming Vennootschapsbelasting boekjaar Ontrekkingen aan reserves gedurende het jaar* Gerealiseerde resultaat * Mutaties reserves betreffen in 2021 sec en alleen onttrekkingen.
Na de rekening van baten en lasten per programma is een overzicht van de primaire en gewijzigde begroting per programma opgenomen. In de toelichting op de rekening van baten en lasten is steeds een vergelijking gemaakt tussen de realisatie en de bijgestelde begroting 2021.
Jaarstukken GGD ZL 2021
Pagina 45
4.3
Rekening van baten en lasten 2021 per programmalijn
Rekening 2021 in €
Rekening 2021 in €
Rekening 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Rekening 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Rekening 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Programmalijn GGD GGD COVID-19
Programmalijn GGD GGD Regulier
Programmalijn GGD COVID-19 - Regulier totaal
Programmalijn GGD Covid-19 - Regulier totaal
Programmalijn Veilig Thuis
Programmalijn Veilig Thuis
Programmalijn Jeugd gezondheidszorg
Programmalijn Jeugd gezondheidszorg
Bijdragen gemeenten Tarieven Gemeenten Plusproducten bijdragen Bijdrage Rijk/Provincies Inkomsten NZA Overige bijdrage Incidentele opbrengsten
46.812.132 530.717 1.889.011 -
6.408.481 2.479.318 666.792 1.920.405 4.146.221 189.977
6.408.481 2.479.318 666.792 48.732.537 530.717 6.035.232 189.977
6.408.486 2.390.730 46.973.510 1.650.776 93.250
7.303.625 17.939 -
7.303.627 -
14.757.909 922.267 597.859 521.121 6.025
Totale baten
49.231.860
15.811.194
65.043.054
57.516.752
7.321.564
7.303.627
Personeelslasten Huisvestingslasten Afschrijvingslasten Rentelasten en Bankkosten Beheers en adm. lasten Lasten vervoermiddelen Lasten Automatisering Lasten medische middelen Lasten uitvoering derden Incidentele lasten
33.455.189 10.107.247 919.573 60.915 1.344.851 3.312.967 31.118 -
9.971.180 547.490 2.558 111.990 878.098 14 164.206 596.480 116.868 49.116
43.426.369 10.654.737 2.558 111.990 1.797.671 60.929 1.509.057 3.909.447 147.986 49.116
43.871.403 5.784.000 907.000 1.271.000 100.000 1.869.500 473.500 114.000 92.500
5.128.548 288.157 15.146 60.249 21 124.696 -
Totale lasten
49.231.860
12.438.000
61.669.860
54.482.903
GGD Zuid Limburg
Individueel
Rekening 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Programmalijn Acute Zorg
14.757.910 772.358 110.000 1.135.400 -
16.805.181
5.929.456 165.500 23.000 61.500 -
5.616.817
Rekening 2021 in €
Begroting na wijzigingen 2021 in €
Programmalijn Acute Zorg