3e rapportage 2024
Tekst van het document
3de rapportage 2024
de 3 rapportage 2024
1
3de rapportage 2024
Inhoudsopgave Inleiding ..................................................................................................................................................4 1. Actualisatie financieel perspectief ......................................................................................................5 1.1 Aandachtspunten......................................................................................................................5 1.2 Actualisatie begrotingsbeeld ....................................................................................................6 2. Ontwikkelingen per programma .......................................................................................................21 0. Bestuur en ondersteuning ............................................................................................................24 Ontwikkelingen .............................................................................................................................24 Risico's ..........................................................................................................................................25 Financieel ......................................................................................................................................26 1.
Veiligheid ......................................................................................................................................38 Ontwikkelingen .............................................................................................................................38 Risico's ..........................................................................................................................................38 Financieel ......................................................................................................................................39 2. Verkeer, Vervoer en Waterstaat...................................................................................................42 Ontwikkelingen .............................................................................................................................42 Risico's ..........................................................................................................................................42 Financieel ......................................................................................................................................43 3.
Economie ......................................................................................................................................48 Ontwikkelingen .............................................................................................................................48 Risico's ..........................................................................................................................................48 Financieel ......................................................................................................................................49 4. Onderwijs......................................................................................................................................52 Ontwikkelingen .............................................................................................................................52 Risico's ..........................................................................................................................................52 Financieel ......................................................................................................................................53 5.
Sport, Cultuur en Recreatie ..........................................................................................................59 Ontwikkelingen .............................................................................................................................59 Risico's ..........................................................................................................................................60 Financieel ......................................................................................................................................62 6. Sociaal Domein .............................................................................................................................69 Ontwikkelingen .............................................................................................................................69 Risico's ..........................................................................................................................................72 Financieel ......................................................................................................................................74 7.
Volksgezondheid en Milieu ...........................................................................................................83 Ontwikkelingen .............................................................................................................................83 Risico's ..........................................................................................................................................85 2
3de rapportage 2024 Financieel ......................................................................................................................................86 8. Volkshuisvesting, Ruimtelijke ordening & Stedelijke vernieuwing ...............................................90 Ontwikkelingen .............................................................................................................................90 Risico's ..........................................................................................................................................91 Financieel ......................................................................................................................................92 3. Beslispunten .....................................................................................................................................97
3
3de rapportage 2024
Inleiding
Deze 3de rapportage 2024 wordt behandeld in de raadsronde op 4 december 2024 en vervolgens in de raadsvergadering op 12 december 2024. Voor u ligt de 3de tussentijdse rapportage over het begrotingsjaar 2024. Net als de 1ste en 2de rapportage wordt dit P&C-product digitaal aan u gepresenteerd. Daarnaast ontvangt u in de overgang van ‘fysiek naar digitaal’ ook nog het gebruikelijke Pdf-bestand. In het raadsbesluit P&C-cyclus 2024, van 22 februari 2024 is de aanpak, inrichting en planning van onze P&C-producten op hoofdlijnen uitgewerkt. We werken in 2024 met 3 tussentijdse rapportages, waarbij we zowel inhoudelijk als financieel op basis van het uitzonderingsprincipe rapporteren. Dit betekent dat we afwijkingen van de begroting 2024 en/ of nieuwe ontwikkelingen en risico’s melden. Voor zover de begrotingsuitvoering volgens planning verloopt, wordt hierover in deze rapportage niets opgenomen. Wij hebben alle ontwikkelingen meegenomen die op het moment van samenstelling van deze rapportage (begin november 2024) bekend waren. In deze rapportage stellen we, waar nodig, voor de laatste keer de budgetten in de jaarschijf 2024 bij. Bijgestelde budgetten, gebaseerd op actuele prognoses, zijn belangrijk om begrotingsoverschrijdingen in de jaarrekening 2024 zoveel mogelijk te beperken.
Tot slot stellen we een aantal budgetoverhevelingen voor om activiteiten die niet of niet volledig in 2024 zijn uitgevoerd, in 2025 verder op te kunnen pakken. In deze rapportage gaan wij achtereenvolgens in op de volgende onderdelen: 1. Actualisatie financieel perspectief; 2. Ontwikkelingen per programma; 3. Beslispunten Wij starten deze rapportage met de actualisatie van het financieel perspectief. Wij geven u inzicht in de ontwikkeling van het begrotingsresultaat in de lopende jaarschijf 2024 en de meerjarenraming 2025-2028. Wij lichten dit begrotingsresultaat op hoofdlijnen toe. In hoofdstuk 2 geven wij per programma, voor zover van toepassing, een opsomming van relevante ontwikkelingen, risico’s en voorstellen tot aanpassing van de budgetten. Tevens geven wij per programma een overzicht van de ontwikkeling van de budgetten die voor de uitvoering van het betreffende programma beschikbaar zijn. In hoofdstuk 3 leggen wij op basis van het geactualiseerd financieel perspectief en de financiële ontwikkelingen op de programmabladen een aantal beslispunten aan u voor. Leeswijzer tabellen
Voor de leesbaarheid van de financiële tabellen plaatsen wij enkele opmerkingen: - Bedragen zijn weergegeven in duizendtallen, tenzij anders is aangegeven; - Bedragen met een ‘+’ hebben een positieve invloed op het begrotingssaldo; bedragen met een ‘-‘ hebben een negatieve invloed op het begrotingssaldo; - Tussen de verschillende overzichten kan sprake zijn van minimale afrondingsverschillen.
4
3de rapportage 2024
1. Actualisatie financieel perspectief 1.1 Aandachtspunten
Scope 3de rapportage 2024 De basis voor onze P&C-producten is vastgelegd in het raadsbesluit P&C-cyclus 2023. In de inleiding hebben wij aangegeven welke focus in deze rapportage wordt gelegd. Daarnaast zijn voor de uitwerking van deze rapportage een aantal algemene en specifieke aandachtspunten van toepassing. Algemene aandachtspunten Kaderstelling voor financiële bijstellingen In algemene zin geldt voor voorstellen tot begrotingsaanpassing een aantal kaders: - Toepassing van onze begrotingskaders; we doen voorstellen voor verwerking autonome ontwikkelingen die niet binnen het product of programma opgevangen kunnen worden. Voor beleidskeuzes doen we dekkingsvoorstellen. - We verwerken autonome ontwikkelingen (bestaand beleid); nieuwe beleidskeuzes nemen we mee in de begrotingsvoorbereiding. - We doen voorstellen voor zover de bijstelling groter is dan 1% van het budget op programmaniveau met een minimum van € 50.000. Bijstellingen onder deze grens presenteren wij onder de noemer ‘kleine verschillen’. Voor de bijstelling van kredieten hanteren we een ondergrens van € 0,1 mln. (met uitzondering van nieuwe kredieten). Specifieke aandachtspunten 3de rapportage 2024 Begrotingsrechtmatigheid In deze rapportage kunnen we onze budgetten voor de laatste keer dit jaar actualiseren. We stellen de budgetten bij op basis van de laatst bekende ontwikkelingen.
We beogen hiermee de begroting uit te voeren binnen de door raad vastgestelde actuele budgetten. En daarmee afwijkingen van de begroting in de jaarrekening 2024 zoveel mogelijk te voorkomen. Bijstelling heeft betrekking op zowel de exploitatiebudgetten als de investeringskredieten. Budgetoverheveling Voor activiteiten die in 2024 niet (volledig) worden afgerond en de daarvoor bestemde budgetten niet (volledig) zijn aangewend, doen we voorstellen om budgetten over te hevelen naar 2025. Door deze voorstellen nú in de rapportage te verwerken, kunnen we de uitvoering van de activiteiten direct in 2025 continueren, omdat de budgetten dan direct in 2025 beschikbaar zijn. Deze budgetoverheveling is aan de orde, voor zover kan worden aangetoond dat de continuering van de activiteiten uit 2024 niet binnen de beschikbare budgetten uit de begroting 2025 zijn op te vangen en de uitvoering van de activiteiten in de 2025 geborgd kan worden (‘uitvoeringskracht’). Daarnaast zijn op basis van de actualiteit nog een aantal specifieke aandachtspunten te noemen die we in de uitwerking van deze rapportage meenemen. - Verwerking financiële effecten uit de septembercirculaire 2024; - Verwerking definitief budget BUIG 2024; - Actualisatie van het effect van prijsstijgingen op onze begroting.
5
3de rapportage 2024
1.2 Actualisatie begrotingsbeeld
In hoofdstuk 2 ‘Ontwikkelingen per programma’ maken wij per programma de voorstellen tot bijstelling van de budgetten in de begroting 2024 en meerjarenraming 2025 - 2028 inzichtelijk. Kijkend naar de toepassing van onze begrotingskaders betreft het aanpassingen die wij niet binnen het taakveld of betreffende programma kunnen oplossen. Met andere woorden, de oplossing van met name de nadelige aanpassingen vindt plaats via de totale begroting. In dit verband merken wij op dat, passend binnen het karakter van een uitzonderingsrapportage, nadelige aanpassingen die binnen het product of programma worden opgelost, niet in deze rapportage zijn opgenomen. Daarnaast zijn voorstellen opgenomen die geen effect hebben op het begrotingssaldo. Bijvoorbeeld omdat een bijstelling van een begrotingspost wordt gedekt met een bijdrage uit een reserve. We starten de actualisatie van onze begroting met de begrotingssaldi uit de vastgestelde 2de rapportage 2024/ begroting 2025. Voor een zo goed mogelijk inzicht in de ontwikkeling van onze financiële positie betrekken wij de volgende onderdelen in de actualisatie van het begrotingsbeeld: 1. Samenvatting begrotingsaanpassingen 3de rapportage 2024; 2. Financiële ontwikkelingen; 3. Ontwikkeling begrotingssaldi tot en met de 3de rapportage 2024.
Ad 1 Samenvatting begrotingsaanpassingen
In hoofdstuk 2 ‘Ontwikkelingen per programma’ geven wij per programma inzicht in de ontwikkeling van de budgetten en de voorstellen tot bijstelling van deze budgetten. Voor een volledig beeld van de financiële bijstellingen verwijzen wij u naar de betreffende tabellen op de programmabladen. Aan de hand van de financiële bijstellingen op de programmabladen zijn in onderstaand overzicht de bijstellingen opgenomen die van invloed zijn op het begrotingssaldo. Conform onze bepalingen in de financiële verordening worden alle bijstellingen > € 50.000 afzonderlijk gepresenteerd. Posten onder dit bedrag worden samengevoegd onder de noemer ‘kleine verschillen’, tenzij posten gekoppeld zijn aan een structurele bijstelling. Overzicht financiële bijstellingen bedragen x € 1.000
2024
Financiële bijstellingen
2025
2026
2027
2028
I/S
965
575
205
s
Resultaat 3e rapportage 2024 Gemeentefonds - septembercirculaire 2024
2.036
Financiering - renteontwikkelingen
1.079
Actualisatie wachtgeld 2024
70
Bijdrage Sittard-Geleen aan Zorg- en Veiligheidshuis Westelijke Mijnstreek
39
Onderhoudskosten groen 2024 Bijstelling woningaanpassingen Wmo
1.527
i i 93
93
93
-59
-140
i
235
Participatie/ Vidar
1.652
Middelencomplex BUIG
-2.198
s i
108
88
103
100
s i
Leren en jongeren (RMC-Back on track - jongerenloket)
103 ,
I
Vrijval budget Sociaal Medische Advisering
160
i
Naheffingsaanslagen parkeren
-90
i
6
3de rapportage 2024 bedragen x € 1.000
2024
Financiële bijstellingen
2025
2026
2027
2028
I/S
Resultaat 3e rapportage 2024 Multidisciplinaire kinderdagbehandeling (jeugd)
-700
i
Netcongestie: Centrale Onderwijs- en sportvoorziening Grevenbicht – Obbicht
-55
-100
-99
-89
s
Aanpassing riolering (belastingmaatregelen 2025)
93
-46
-46
-46
s
Aanpassing afval (belastingmaatregelen 2025)
184
184
184
184
s
Spuk Onderwijs Achterstandenbeleid (OAB)
105
105
105
105
s
Huisvesting - voorbereiding satellietlocatie Wijkbeheer Born
-140
Beschermingsprogramma roeken
-70
Vrijval taakmutatie coalitie jeugd septembercirculaire Motie Kleine Kampjes Kleine verschillen (< € 50.000) Totaal saldo financiële bijstellingen
i -20
-20
-20
s
172
253
264
s
-250
i
90
-59
-55
-67
-67
2.336
1.535
1.385
1.080
576
i/s
Leeswijzer/ toelichting: In bovenstaande tabel hebben wij de voorstellen tot begrotingsaanpassing opgenomen die van invloed zijn op het begrotingssaldo. Positieve bedragen hebben een voordelig effect op het begrotingssaldo; negatieve bedragen hebben een nadelig effect. Uit de tabel blijkt dat het totaal aan begrotingsaanpassingen in alle jaarschijven voordelig is. Het voordeel bedraagt in 2024 € 2,3 mln. en loopt af tot een voordeel van € 0,6 mln. in 2028. Bij de uitwerking van onderdeel 3 ‘Ontwikkeling begrotingssaldi tot en met de 3de rapportage 2024’ geven we inzicht in de invloed van de resultaten uit deze rapportage op de ontwikkeling van de begrotingssaldi1 en de globale analyse van het structureel begrotingsevenwicht2. Voordat wij onderstaand de individuele posten kort toelichten geven wij eerst een analyse op hoofdlijnen. Op hoofdlijnen De grootste voordelen hebben betrekking op het gemeentefonds en financiering. De financiële gevolgen uit de septembercirculaire 2024 (gemeentefonds) leiden tot een structureel voordeel in de begroting en meerjarenraming. De septembercirculaire biedt geen structurele oplossing voor de eerder besloten kortingen in het gemeentefonds, ingaande 2026. Het grootste voordeel uit de septembercirculaire komt door een voordeel die afkomstig is van het Btw-compensatiefonds 2024.
Ook zijn in de circulaire extra middelen beschikbaar gesteld voor de effecten van loon- en prijsontwikkeling. Deze middelen zijn toegevoegd aan de stelpost inflatie. Daarnaast is er sprake van een incidenteel voordeel op het onderdeel financiering. De renteontwikkeling heeft een gunstig effect op onze rente-inkomsten bij de schatkist. Daarnaast hebben wij minder leningen aangetrokken dan eerder aangenomen. Bij het onderdeel Participatie/ Vidar is er met name in 2024 sprake van een fors voordeel voornamelijk door een positieve bijstelling op de uitvoeringskosten van de centrumregeling Vidar.
1 Totale baten -/- totale lasten 2 Structurele baten -/- structurele lasten
7
3de rapportage 2024 De grootste nadelen hebben een incidenteel karakter en hebben betrekking op de definitieve vaststelling van het budget BUIG 2024. Deze bijstelling is nadelig door een lager aandeel in het macrobudget. Daarnaast is sprake van een incidentele ophoging van het budget multidisciplinaire kinderdagbehandeling (jeugd) als gevolg van een wijziging in de arrangementen. Per post Gemeentefonds – septembercirculaire 2024 Net als de meicirculaire 2024 biedt de septembercirculaire 2024 geen structurele oplossing voor het ravijnjaar 2026. Weliswaar krijgen gemeenten er vanaf 2025 door een hogere inflatieverwachting extra geld bij. Maar dit geld is nodig voor de inflatiestijging van lonen en prijzen. Bovendien zijn er gemeenten die er reëel zelfs op achteruit gaan, omdat het landelijke volumeaccres licht nadelig is. Dit nadeel kan Sittard-Geleen opvangen door een actualisatie van het verdeelmodel. Ruim de helft van de inkomsten uit onze gemeentelijke begroting is afkomstig uit het gemeentefonds. Door een herziening van het financieringsstelsel ontvangen de gemeenten vanaf 2026 een lagere gemeentefondsuitkering. In de meicirculaire 2024 is een deel van het tekort gecompenseerd door middel van het schrappen van opschalingskorting met ingang van 2026. Hier tegenover staat een incidentele korting in het gemeentefonds in 2025.
Beide effecten uit de meicirculaire zijn in de begroting 2025 verwerkt. Echter het saldo van de gemeentefondsuitkering vanaf 2026 blijft, na het schrappen van de opschalingskorting, onder het niveau van voorgaande jaren. Het grootste voordeel uit de septembercirculaire komt door een voordeel, dat afkomstig is van het Btw-compensatiefonds 2024. Gemeenten kunnen de btw die ze moeten betalen namelijk declareren bij het Rijk via het Btw-compensatiefonds. Dit fonds kent echter een plafond. Declareren de gezamenlijke gemeenten méér dan er in het Btw-compensatiefonds beschikbaar is, dan past het gemeentefonds het tekort bij. Blijft er geld over, dan gaat het overschot terug naar het gemeentefonds. Uit de septembercirculaire blijkt dat er in 2024 € 447 miljoen (landelijk) is toegevoegd aan het gemeentefonds. Voor een verdere toelichting verwijzen wij naar de raadsinformatiebrief septembercirculaire 2024 van 10 oktober jl. Financiering / renteontwikkeling Incidentele bijstelling mutaties rente Financiering: - Er zijn (nog) geen nieuwe leningen afgesloten in 2024, hierdoor kan het saldo van de stelpost rente met € 0,88 mln. worden afgeraamd - Voordeel rente-inkomsten schatkistbankieren ad € 1,15 mln. door een hogere liquiditeit bij de schatkist dan eerder aangenomen. Van deze € 1,15 mln. is € 0,58 mln.
bestemd voor de projecten waarvan de nog niet bestede aangetrokken projectfinanciering bij de schatkist staat. Actualisatie wachtgeld 2024 De budgetten bij bestuur kunnen incidenteel voor 2024 naar beneden bijgesteld worden als gevolg van actualiseren van de wachtgelden voormalig wethouders. Deze middelen vallen vrij ten gunst van de algemene middelen.
8
3de rapportage 2024 Bijdrage Sittard-Geleen aan Zorg- en Veiligheidshuis Westelijke Mijnstreek In 2024 is de doorontwikkeling van het Zorg- en Veiligheidshuis Westelijke Mijnstreek afgerond. Daarbij is tevens de kostenverdeelmethode tussen de deelnemende gemeenten binnen de Westelijke Mijnstreek herijkt. Dit levert een positief resultaat op voor de gemeente Sittard-Geleen (lagere bijdrage). De dekking van deze bijdrage bestaat onder meer uit (tijdelijke) subsidies, waardoor de dekking meerjarig kan fluctueren. De afwijking in de begroting is gebaseerd op het actuele beeld (dat steeds opnieuw wordt bezien). Onderhoudskosten groen 2024 Zoals in de 2de rapportage 2024 aangegeven verwachten we een tekort aan budget voor het groencontract voor 2024. Dit tekort wordt vooralsnog geraamd op € 0,5 mln. Een deel van dit tekort, ca. € 0,26 mln. kan opgevangen worden binnen het taakveld groen. Resteert een tekort van € 0,24 mln. Hiervan kan € 0,10 mln. gecompenseerd worden door een overschot op budget civiel technische kunstwerken. Er is dus nog naar verwachting € 0,14 mln. extra nodig ten laste van algemene middelen. Het daadwerkelijke tekort is afhankelijk van de weersomstandigheden de laatste maanden van het jaar en zal indien nodig bijgesteld worden in de jaarrekening. Deze mutatie raakt programma 2 en 5.
Bijstelling woningaanpassingen Wmo Op basis van de huidige analyses zien we op dit moment een vertraging in de uitvoering van de grote projecten. Vooralsnog is het onzeker of de aangegane verplichting in het kader van de geplande projecten volledig gerealiseerd wordt in 2024. Indien deze uitgaven niet gerealiseerd worden in 2024, dan zullen deze uitgaven gerealiseerd worden in het 1ste en 2de kwartaal van 2025. Het voorstel is het budget incidenteel af te ramen met € 235.000. Het blijft een openeindregeling en om die reden kan een aanvraag die voldoet aan wet- en regelgeving niet geweigerd worden. Participatie/ Vidar Het resultaat omvat de volgende onderdelen: Bedragen x € 1.000
2024
Dienstverlening KBL
-294
Vrijval gemeentefonds inflatie en energie
302
Individuele inkomenstoeslag
262
Werkbedrijf
436
Uitvoeringskosten centrumregeling Vidar
913
Kleine verschillen Saldo
-
2025
2026
2027
2028
33
108
88
103
100
1.652
108
88
103
100
Dienstverlening KBL Overeenkomstig de landelijke en lokale ambities om het aantal mensen met schulden terug te dringen, laat de trend zien dat meer mensen gebruik maken van de dienstverlening van
9
3de rapportage 2024 de Kredietbank Limburg (KBL). De kosten voor de dienstverlening van de KBL loopt daardoor op. Daarnaast stijgt ook het uurtarief. De dekking hiervan verloop gedeeltelijk via de stelpost inflatie. Per saldo wordt de begroting in 2024 nadelig bijgesteld met een bedrag van € 0,29 mln. -
Vrijval gemeentefonds inflatie en energie Om de nadelige gevolgen van de inflatie- en energiecrisis op te kunnen vangen, heeft het Rijk voor inwoners, bedrijven en instellingen tal van maatregelen getroffen, zoals het noodfonds voor energie. Inwoners, bedrijven en instellingen kunnen voorliggend gebruik maken van deze voorzieningen. Hierdoor vervalt, gezien het bestedingsdoel, een effectieve inzet van deze middelen.
-
Individuele inkomenstoeslag De doelgroep die aanspraak kan maken op een individuele inkomenstoeslag, doordat zij langdurig zijn aangewezen op een laag inkomen, is kleiner dan bij het wijzigingsbesluit door de Raad van 12 juli 2023 werd aangenomen.
-
Werkbedrijf Het jaarrekeningresultaat 2023 van het Werkbedrijf viel gunstiger uit dan verwacht. Het aandeel in de exploitatiebijdrage daalt hierdoor. Het aantal mensen dat vanuit de WSW aan het werk is in het Werkbedrijf is verder gedaald. Dit komt door de invoering van de Participatiewet per 2015, waarmee de instroom in de WSW werd afgesloten. Daar staat instroom vanuit de Participatiewet (PW’er) door met name mensen met een arbeidsbeperking – indicatie nieuw beschut of indicatie baanafspraak – tegenover. Echter niet elke SW’er die uitstroomt wordt vervangen door een PW’er Daardoor neemt het aantal mensen dat werkzaam is in of via het Werkbedrijf af. Het activiteitenniveau daalt en daarmee dalen de kosten. De opbrengsten laten een positieve trend zien.
-
Uitvoeringskosten centrumregeling Vidar De verrekeningen binnen de CR Vidar vallen hoger uit dan begroot, hetgeen een positief effect heeft op ons begrotingssaldo.
Middelencomplex BUIG Het Rijk heeft op 1 oktober jl. het definitieve budget voor de gebundelde uitkering (BUIG) 2024 bekend gemaakt. Door met name de loon-prijsontwikkeling (LPO) valt het definitieve budget hoger uit dan verwacht. Het aantal mensen dat aangewezen is op inkomensondersteuning dan wel werkt met ondersteuning van een loonkostensubsidie laat een stabiel verloop zien. De stijging van het wettelijk minimumloon (WML) leidt daarentegen wel tot een forse toename van de uitgaven aan bijstand en loonkostensubsidies. Voor een verdere toelichting, inclusief de doorkijk naar 2025 en volgende jaren verwijzen wij naar de rapportage die hierover bij de ontwikkelingen van programma 6 is opgenomen. Leren en jongeren (RMC – Back on track en jongerenloket) Incidenteel voordelige bijstelling door:
10
3de rapportage 2024 -
-
-
Extra middelen RMC Vanuit het rijk zijn extra middelen RMC beschikbaar gesteld. Ons aandeel daarin is € 38.000 wat ontvangen is vanuit de gemeente Heerlen. Bijstelling back on track De vorige organisatie die voor team leren en jongeren trajecten back on track uitvoerde doet dit niet meer. Daarom blijft er in 2024 incidenteel budget (€ 25.000) over in 2024. We zoeken nu naar een partij die de uitvoering structureel kan borgen. Bijstelling jongerenloket Binnen het jongerenloket zijn dit jaar aanzienlijk lagere kosten. Normaal ontvangen wij een factuur voor de dilemmamanager met licentiekosten. Echter een groot deel over 2024 was al vooruitbetaald en de facturatie is nu niet meer vooruitbetaald waardoor de kosten in 2024 incidenteel lager zijn (€ 40.000).
Vrijval budget Sociaal Medische Advisering (SMA) De capaciteit binnen de GGD als uitvoerder van de taken met betrekking tot SMA was onvoldoende om alle meldingen op dit vlak vanuit team zorg op te pakken. Ze hebben het contract per 1-7-2024 ook opgezegd en is er een nieuwe aanbesteding geweest voor een nieuwe partij. Bij de nieuwe partij is het proces en de capaciteit ook nog niet op orde. Daarom valt het resterend budget voor de tweede helft van het jaar in 2024 incidenteel vrij. Incidentele aframing naheffingsaanslagen Het aantal naheffingsaanslagen parkeren (lees: parkeerboetes) is lager dan begroot. De begroting wordt voor 2024 negatief bijgesteld met € 90.000. Multidisciplinaire kinderdagbehandeling (jeugd) De najaarsprognose van Inkoop Maastricht Jeugd Zuid-Limburg komt hoger uit dan eerdere prognoses uit 2024. Als gevolg van de omzetting van de MKD-arrangementscode naar een ander arrangement per 1 januari 2024 worden deze ‘nieuwe’ indicaties volledig toegerekend aan dit jaar waardoor een incidentele ophoging van € 700.000 nodig is. Deze omzetting was in eerdere prognoses niet meegenomen. Netcongestie: Centrale Onderwijs- en sportvoorziening Grevenbicht - Obbicht Zoals in programma 7 toegelicht zorgt netcongestie binnen onze gemeente ervoor dat bedrijven en instellingen niet kunnen uitbreiden, verduurzamen en/of nieuwbouw realiseren.
Om het nieuwe gebouw geschikt te maken voor gebruik, zijn tijdelijke of definitieve maatregelen nodig om voldoende elektrisch vermogen te kunnen garanderen. Een definitieve voorziening, zoals bijvoorbeeld een batterij, heeft voordelen in de exploitatie omdat er minder elektriciteit hoeft te worden ingekocht, waardoor (een gedeelte van) de investeringen kan worden terug verdiend gedurende de exploitatie. Zie ook taakveld 7 Netcongestie. De basisschool in Grevenbicht verlaat na dit schooljaar het gebouw. Aanpassing riolering (belastingmaatregelen 2025) De uitwerking van de belastingmaatregelen 2025 Riool resulteert in een structureel voordeel van € 0,05 mln. De kosten zijn gestegen, hetgeen tot uiting komt in de ontwikkeling van het tarief. Deze
11
3de rapportage 2024 hogere kosten leiden tot een hoger bedrag aan verhaalbare BTW, hetgeen ten gunste van de algemene middelen komt. M.b.t. het verschil van € 0,14 wordt € 0,1 verrekend met een negatief resultaat in programma 2 inzake een boeking kostenverdeelstaat. Het resterend positief resultaat van € 0,04 wordt veroorzaakt door een correctie in de kostenverdeelstaat m.b.t. Reiniging. Aanpassing afval (belastingmaatregelen 2025) De uitwerking van de belastingmaatregelen 2025 Afval resulteert in een structureel voordeel van € 0,18 mln. De kosten van RWM zijn gestegen, hetgeen tot uiting komt in de ontwikkeling van het tarief. Deze hogere kosten leidt tot een hoger bedrag aan verhaalbare BTW, hetgeen ten gunste van de algemene middelen komt. Spuk Onderwijs Achterstandenbeleid (OAB) We hebben inmiddels de definitieve beschikking 2024 ontvangen van de specifieke uitkering Onderwijsachterstandenbeleid. Conform deze beschikking zijn de bedragen meerjarig aangepast. Huisvesting – voorbereiding satellietlocatie wijkbeheer Born De raad heeft in mei 2021 ingestemd om naast de realisatie van de nieuwe huisvesting voor Wijkbeheer/ IPOR in het Mauritspark te Geleen, in Born een satellietlocatie te handhaven. Om te komen tot een passende inrichting voor deze satellietlocatie, zullen de mogelijkheden onderzocht moeten worden.
In verband met de fase van het dossier Wijkbeheer en IPOR, vragen wij nu een voorbereidingsbudget van € 0,15 mln. De totaal benodigde investeringskosten voor de satellietlocatie Wijkbeheer Born worden separaat aan de raad voorgelegd. Beschermingsprogramma roeken Op een aantal locaties in onze gemeente, waar onder de Doctor Nolenslaan in Sittard en de Henri Hermanslaan en Jos Klijnenlaan in Geleen, wordt overlast van roeken ervaren. Voordat maatregelen genomen kunnen worden om deze overlast te bestrijden, dient hiervoor een plan opgesteld te worden en goedgekeurd te worden door Provincie Limburg. Dit plan hebben we opgesteld en afgestemd met Provincie. Definitieve goedkeuring van dit plan wordt op korte termijn verwacht. Om vervolgens de benodigde maatregelen te treffen is aanvullend budget nodig, in 2025 € 0,07 mln en in 2026 – 2029 jaarlijks € 0,02 mln. De reeds beschikbare budgetten voor plaagdierbestrijding zijn hiertoe niet toereikend. Na definitieve goedkeuring van het plan, zal begin 2025 direct gestart worden in de Dr. Nolenslaan te Sittard, aangezien daar zich de grootste populatie roeken bevindt en het te behalen effect/resultaat het grootst wordt geacht. Vrijval taakmutatie coalitie jeugd septembercirculaire De geraamde besparing vanuit het coalitieakkoord Rutte IV op de jeugdzorg kon conform de meicirculaire in 2025 nog niet gerealiseerd worden.
In de september circulaire is aangegeven dat dit structureel is. Hiermee wordt dus structureel geld toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. Voor onze eigen begroting heeft dit maar een beperkt effect, omdat de besparing in de budgetten jeugd nu niet gerealiseerd kan worden. Wij hadden een structurele besparing van ongeveer € 3 mln. ingeboekt, die via deze maatregel wordt teruggedraaid.
12
3de rapportage 2024
Bedragen x € 1.000
2026
2027
2028
Programma 0 – extra middelen gemeentefonds
3.266
3.347
3.358
Programma 6 – correctie besparing
3.094
3.094
3.094
Saldo
172
253
264
Motie ‘Kleine kampjes’ In het recent uitgevoerde behoefteonderzoek naar nieuwvestiging van woonwagenstandplaatsen is de noodzaak hiervan aangetoond. Daar waar mogelijk en snel realiseerbaar (laaghangend fruit) kunnen bestaande woonwagenlocaties beperkt worden ingebreid. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat de nieuwe woonwagenstandplaatsen worden ingevuld met bewoners die passen binnen de reeds zittende gemeenschap. Kleine verschillen Onderdeel van deze post is het beschikbaar stellen van jaarlijks € 20.000 in 2025 en 2026 voor groeneducatie door CNME de Rollen. Dit met het doel de lopende programma’s in het kader van de groenagenda een impuls te geven. Met deze bijstelling wordt uitvoering gegeven aan de aangenomen raadsmotie groeneducatie van 12 november jl.
Ad 2. Financiële ontwikkelingen
Uitgaande van de in deze rapportage voorgestelde begrotingsaanpassingen gaan we onderstaand nader in op de bijstellingen met betrekking tot: - Ontwikkeling stelpost inflatie - Budgetoverhevelingen - Kredietvoteringen - Inzet middelen uit de reserve samenleving versterkende maatregelen - Vooruitblik jaarrekening 2024 Ontwikkeling stelpost inflatie Via de P&C-cyclus volgen wij de invloed van loon- en prijsstijgingen op onze begroting. In onze begroting hebben wij middelen gereserveerd om de effecten van deze loon- en prijsstijgingen op te kunnen vangen. Deze middelen zijn gereserveerd op de stelpost inflatie. In onderstaande tabel brengen wij de inzet van deze stelpost in beeld. Tabel – verloop stelpost inflatie bedragen x €1.000
Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027 2028
Inzet stelpost inflatie Beschikbaar: Beschikbaar o.b.v. de actuele begroting
17.232
25.444
Beschikbaar inflatie sociaal domein
1.842
1.526
Beschikbaar resultaatbestemming jaarstukken 2023
1.180
Beschikbaar o.b.v. meicirculaire 2024
31.754
1.008
1.233
1.511
1.541
27.978
28.003
33.265
29.462
707
Beschikbaar o.b.v. septembercirculaire 2024 Totaal beschikbaar
26.770
20.961
22.947
4.974
13
3de rapportage 2024 Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027 2028
bedragen x €1.000 Inzet: Inzet 1e rapportage 2024/ 2e rapportage 2024/ begroting 2025 Inzet 3e rapportage 2024
11.316
18.950
19.932
20.461
8.647
3.321
1.931
894
903
912
Totaal inzet
14.637
20.881
20.826
21.364
9.559
Saldo stelpost inflatie
6.324
7.097
7.177
11.901
19.903
In deze rapportage zijn de middelen die wij in de septembercirculaire 2024 vanaf 2025 ontvangen voor het opvangen van loon- en prijsstijgingen aan de stelpost toegevoegd. Het betreft een bedrag van € 1,0 mln. in 2025 oplopend naar ruim € 1,5 mln. vanaf 2027. Daarnaast zijn aanvullend op de inzet uit de 1ste en 2de rapportage voorstellen gedaan om effecten van loon- en prijsstijgingen uit deze stelpost te dekken. Onderstaand hebben wij deze voorstellen op een rij gezet. Tabel voorstellen inzet stelpost inflatie Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027 2028
bedragen x €1.000
Specificatie inzet 3e rapportage 2024 CAO stijging 2024 VRZL Indexatie OZB scholen Indexatie Vidar PGB begeleiding Loon- en prijsontwikkeling KBL
261 164 340 175 380
Loon- en prijsontwikkeling inkomenstoeslag Loon- en prijsontwikkeling Bijzondere Bijstand bewindvoering Loon- en prijsontwikkeling professionele instellingen Vrijval loon- en prijsontwikkeling IU Wsw (meicirculaire 2023) Dalende prijs per huishouden bijzondere bijstand
-291
164
164
164
164
175
175
175
175
122 166
122 166
122 166
122 166
122 166
167
167
167
167
167
-107
-107
-107
-107
-107
Planmatig onderhoud 2025
1.048
Indexatie GGD Spaarverlof Kleine verschillen (< € 50.000)
193 1.700 50
193
193
193
193
3
14
23
32
Saldo inzet stelpost inflatie
3.321
1.931
894
903
912
Bovenstaande voorstellen zijn, inclusief inhoudelijke toelichting, verwerkt op de programmabladen in hoofdstuk 2. Door de dekking uit de stelpost inflatie hebben effecten van loop- en prijsontwikkeling geen invloed op ons begrotingssaldo. Voor de cijfermatige effecten per programma verwijzen wij u naar het overzicht in de inleiding van hoofdstuk 2 Ontwikkelingen per programma. De meeste voorstellen zijn structureel ten laste van de gereserveerde middelen op de stelpost gebracht. Een aantal posten is incidenteel verwerkt, omdat structurele verwerking vanaf 2025 al in de begroting is meegenomen of dat de exacte kwantificering voor 2025 nog niet duidelijk is. In de P&C-cyclus 2025 komen we hierop terug. Na verwerking van de mutaties in deze rapportage is in 2024 nog een bedrag beschikbaar van € 6,3 mln. Dit bedrag kunnen we in de jaarrekening 2024 inzetten om aanvullende effecten door
14
3de rapportage 2024 prijsstijgingen te verrekenen. In de resultaatbestemming jaarrekening 2024 zullen we voorstellen resterende middelen toe te voegen aan de jaarschijf 2025. In 2025 is een bedrag beschikbaar van € 7,1 mln. Dit loopt op tot € 20,0 mln. in 2028. De middelen in 2025 zijn onder andere nodig om de effecten van de nieuwe CAO, nieuwe energietarieven en effecten bij gemeenschappelijke regelingen op te vangen. Daarnaast is in lijn met eerdere besluitvorming een krediet van € 5,2 mln. beschikbaar om prijsstijgingen bij de projecten die deel uitmaken van de Regeling grote projecten op te vangen. Budgetoverhevelingen In deze laatste rapportage beoordelen wij welke nog niet uitgevoerde en/of afgeronde activiteiten doorlopen naar 2025. Wij stellen voor om de budgetten van deze activiteiten nu over te hevelen naar 2025, zodat de uitvoering direct in 2025 kan worden opgepakt en de rechtmatigheid is geborgd. Wij hebben beoordeeld of: - Voortzetten van de activiteiten in 2025 noodzakelijk is; - Dekking niet uit de begroting 2025 kan plaatsvinden; - De doorgeschoven activiteiten samen met alle activiteiten en budgetten van 2025 uitvoerbaar zijn. Indien wij deze budgetoverhevelingen zouden verwerken in de jaarrekening 2024, heeft dat tot gevolg dat uitvoering in 2025 pas kan worden opgepakt na het raadsbesluit over de jaarrekening 2024 (medio 2025).
De voorstellen tot budgetoverheveling – inclusief inhoudelijke toelichting – zijn verwerkt op de programmabladen in hoofdstuk 2. In onderstaande tabel zijn de budgetoverhevelingen samengevat. Tabel - budgetoverhevelingen progr.
budget
bedrag bedragen x € 1.000
0
Budgetoverhevelingen Taakmutatie gemeentefonds jeugdzorg (mei- en decembercirculaire 2023)
0
Taakmutatie werkdrukverlaging jeugd
200
0
Informatiemanagement/ ICT
211
0
ESF revolverende middelen coördinatie
88
0
Speerpunt bestuurlijke netwerken
450
0
Niet afgeroepen speerpunten 2024
4.236
0
Motie Aanpak Verloren van Themaatweg
500
1
Speerpunt ontwikkelpaden veiligheid
700
1
Externe veiligheid
35
1
Initiatief weerbaarheid ondermijning
25
3
Speerpunten 'Dorpenvisie' en ontwikkelpad Sittard-Centrum
160
5
Exploitatie transitiefase Glanerbrook
500
5
IPOR/ Ecologisch groenbeheer
46
6
Pilot Op de Rit
136
6
ESF Werkcentrum/ revolverende middelen
350
6
Infrastructuur Sociaal Ontwikkelbedrijf - Basis op orde
456
8
Wettelijk aanpassen omgevingsplan
150
8
Wet Kwaliteitsborging
52
Saldo budgetoverhevelingen
1.238
9.533
15
3de rapportage 2024 Uit het overzicht blijkt dat wordt voorgesteld budgetten over te hevelen naar 2025 voor een totaalbedrag van ruim € 9,5 mln. Hierin zijn diverse posten opgenomen die verband houden met de uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026 (‘speerpunten’). Omdat deze speerpunten een incidenteel karakter hebben, is het noodzakelijk de resterende en/ of nog niet ingezette middelen over te hevelen, zodat deze middelen beschikbaar blijven voor het doel waarvoor deze zijn verstrekt. Daarnaast wordt op basis van de aangenomen motie ‘Aanpak Verloren van Themaatweg’ het bedrag van € 0,5 mln. overgeheveld naar 2025. Kredietvoteringen In deze rapportage wordt voorgesteld de volgende kredieten beschikbaar te stellen: Tabel – investeringskredieten Investering
programma
Dekking kapitaallasten
bedrag bedragen x € 1.000
Investeringskredieten Herinrichting kruispunt Spaubeeklaan Biesenweg Geleen
2 Verkeer, vervoer en waterstaat
1.015
4 Onderwijs
Binnen de bestaande begroting Binnen de bestaande begroting Algemene middelen
Indexering Burgemeester Damenpark
2 Verkeer, vervoer en waterstaat
Netcongestie: Centrale Onderwijs- en sportvoorziening Grevenbicht - Obbicht Vernieuwen tennisbanen Agricolastraat
5 Sport, cultuur en recreatie
Algemene middelen
68
Landschapspark Absbroek
5 Sport, cultuur en recreatie
Aankoop het Anker
5 Sport, cultuur en recreatie
Duurzaamheidshuis en -bus
7 Volksgezondheid en milieu
President Kennedysingel
8 Volkshuisvesting, Stedelijke Vernieuwing en Ruimtelijke Ordening
Binnen de bestaande begroting Binnen de bestaande begroting Binnen de bestaande begroting Binnen de bestaande begroting
Totaal investeringskredieten
625
575
1.400
n.t.b.
520
480
4.683
In deze rapportage stellen we voor een aantal investeringskredieten beschikbaar te stellen voor een totaalbedrag van afgerond € 4,7 mln. Met uitzondering van een tweetal voorstellen dekken we de kapitaallasten van deze kredieten binnen de bestaande begroting en leggen daarmee geen (extra) beslag op algemene middelen. Het investeringsvoorstel met betrekking tot netcongestie is een autonome ontwikkeling, zier hiervoor tevens de gerapporteerde ontwikkeling in programma 7. In de 1ste rapportage 2024 heeft de raad ingestemd met de kredietvotering voor de vervanging van de tennisbanen bij SLTC. Nu vindt de administratieve verwerking plaats, waarbij na verrekening met de SPUK en eigen bijdrage vereniging nog een benodigd krediet van € 68.000 resulteert. Dit leidt tot jaarlijkse kapitaallasten van € 4.000 die we dekken ten laste van de begrotingsruimte. De aankoop van het Anker vindt voor het eind van dit jaar plaats. De waardebepaling voor de aankoop vindt plaats op basis van inschattingen door een drietal taxateurs. Dit bepaalt de omvang van het benodigde krediet. Het voorstel tot kredietvotering moet gekoppeld worden aan de 3de rapportage 2024. Zodra de uitkomst bekend is, zullen we dit als een aanvulling op de 3de rapportage
16
3de rapportage 2024 2024 verwerken. Het uitgangspunt is dat de kapitaallasten van het benodigde krediet binnen de bestaande begroting kunnen worden gedekt. De voorstellen tot kredietvotering, inclusief inhoudelijke toelichting, zijn verwerkt op de programmabladen in hoofdstuk 2. Inzet middelen uit de reserve samenleving versterkende maatregelen In de vierde rapportage 2022 is een bedrag van € 5 mln. beschikbaar gesteld voor samenleving versterkende maatregelen, waarvan € 3,5 mln. geoormerkt is voor structuurversterkende maatregelen. In onderstaande tabel is het verloop van de gereserveerde, incidentele middelen op basis van de raadsbesluiten weergegeven. Tabel 6: Inzet reserve samenleving versterkende maatregelen Reserve samenleving versterkende maatregelen Beginsaldo 01-01-2023 Stortingen 2023: - raadsbesluit 13 juli 2023 (jaarrekening 2022) Totaal stortingen Onttrekkingen 2023: - Raadsbesluit 26 januari 2023
- Raadsbesluit 19 juni 2023 (1ste rapportage 2023)
bedragen 5.000 750
750
1.500
Tijdelijke tegemoetkoming energielasten inwoners
420
Verledding buitensportaccommodaties
500
Onderzoeken verduurzaming maatschappelijk vastgoed
- Raadsbesluit 13 december 2023 (3de rapportage 2023)
Totaal onttrekkingen Resterende middelen
toelichting: Raadsbesluit 4de rapportage 2022 Toevoeging restant beschikbare middelen energietoeslag
2.420 3.330
Uit bovenstaande tabel blijkt dat er rekening houdend met de genomen raadsbesluiten nog een incidenteel bedrag van € 3,3 mln. beschikbaar is. Wij merken op dat in de uitvoeringsagenda bestuursperiode 2024-2026 (begroting 2024) bij het speerpunt verduurzaming maatschappelijk vastgoed een relatie is gelegd met de inzet van deze middelen. Daarnaast kunnen deze middelen worden ingezet voor duurzaamheidsinitiatieven op het gebied van Mkb. In de jaarrekening 2024 rapporteren wij over de stand van zaken in de uitvoering van de genomen raadsbesluiten en de invloed hiervan op het resterende saldo. Vooruitblik jaarrekening 2024 Zoals in de inleiding en bij de uitgangspunten van dit hoofdstuk beschreven, is het doel in deze rapportage de begrotingsrechtmatigheid te borgen. Met andere woorden, we proberen te voorkomen dat het jaarrekeningresultaat - fors - afwijkt van het bijgestelde begrotingsbeeld in deze rapportage. Kadernota rechtmatigheid 2024 Ondanks dat we nu begroting nog een keer bijstellen, is het niet te voorkomen dat het jaarrekeningresultaat op onderdelen gaat afwijken van het bijgestelde begrotingsbeeld. Enerzijds kan dit worden veroorzaakt door onbekende autonome ontwikkelingen in de laatste twee maanden 17
3de rapportage 2024 van het jaar. In de kadernota rechtmatigheid 2024 is aangeven dat begrotingsafwijkingen door hogere/ lagere baten en/ of lagere lasten na de 3de rapportage 2024 niet als onrechtmatig worden beschouwd, mits tijdig aan de raad gemeld. In deze rapportage stellen we voor dat het melden en verantwoorden van deze afwijkingen in de jaarrekening 2024 als tijdig wordt beschouwd. Begrotingsafwijkingen door hogere lasten zijn altijd onrechtmatig. Begrotingsposten We kunnen nu al een aantal posten benoemen die van invloed zijn voor het jaarrekeningresultaat. Het gaat dan bijvoorbeeld over: - Het saldo van de post robuuste begroting ad € 2,0 mln. - Het saldo van de post onvoorzien ad € 0,1 mln. - Het saldo van de stelpost inflatie ad € 8,0 mln. Bovendien is het begrotingssaldo na verwerking van de bijstellingen uit deze rapportage € 2,5 mln. voordelig. Zie hiervoor de toelichting bij onderdeel 3. Anderzijds komt dit door ontwikkelingen die we nu in beeld hebben, maar waarvan de financiële impact nu nog niet bekend is.
Dit betreft bijvoorbeeld: - verdere inflatieontwikkeling en impact hiervan op de begroting, - de decembercirculaire 2024, - openeinde regelingen sociaal domein/ afrekening centrumregelingen, - systeemwijzigingen WMO (abonnementstarief, eigen bijdrage) en Jeugdzorg, - actualisatie waarde- en volumeontwikkeling (niet) woningen / belastingen, - definitieve afwikkeling dividend 2021 BNG, - bevindingen accountantscontrole.
18
3de rapportage 2024
Ad 3. Ontwikkelingen begrotingssaldi tot en met de 3de rapportage 2024
Begrotingsruimte Bij onderdeel 1 ‘samenvatting begrotingsaanpassingen’ hebben wij de bijstellingen uit de 3de rapportage in beeld gebracht die van invloed zijn op het begrotingssaldo. In onderstaande tabel hebben wij, rekening houdend met deze begrotingsaanpassingen, de ontwikkeling van de begrotingssaldi in de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2028 op een rij gezet. Tabel – ontwikkeling begrotingsruimte bedragen x € 1.000 Ontwikkeling begrotingsruimte
2024
Saldo begrotingsruimte na 2e rapportage 2024/ begroting 20245
2025
2026
2027
2028
128
218
3.306
6.389
-52
Financiële bijstellingen 3e rapportage 2024
2.336
1.535
1.385
1.080
576
Saldo begrotingsruimte na 3e rapportage 2024
2.464
1.753
4.691
7.469
524
Tabel – structureel begrotingsevenwicht bedragen x € 1.000 Ontwikkeling structureel begrotingsevenwicht 2025 Structurele begrotingssaldi (begroting 2025)
2026
2027
2028
10.458
531
1.702
-302
1.527
965
575
205
Bijdrage Sittard-Geleen aan Zorg- en Veiligheidshuis Westelijke Mijnstreek
93
93
93
-59
Participatie/ Vidar
108
88
103
100
Netcongestie: Centrale Onderwijs- en sportvoorziening Grevenbicht - Obbicht
-55
-100
-99
-89
Aanpassing riolering inzake tarief riool 2025
93
-46
-46
-46
Aanpassing afval inzake tarief afval 2025
184
184
184
184
Spuk Onderwijs Achterstandenbeleid (OAB)
105
105
105
105
Beschermingsprogramma roeken
-70
-20
-20
-20
172
253
264
1.972
2.850
342
Gemeentefonds - septembercirculaire 2024
Vrijval taakmutatie coalitie jeugd septembercirculaire
Structurele begrotingssaldi (3de rapportage 2024)
12.443
We zijn de actualisatie van het begrotingsbeeld gestart met de begrotingssaldi op basis van de 2de rapportage 2024/ begroting 2025. Na verwerking van de besluitvorming uit deze 2 P&C-producten3 hebben we tot en met 2027 voordelige (structurele) begrotingssaldi en in 2028 een nadelig saldo van € 52.000. respectievelijk nadelig structureel saldo van € 0,3 mln. De verwerking van de bijstellingen uit de 3de rapportage 2024 leidt tot een verdere verbetering van het begrotingsbeeld. Ook de jaarschijf 2028 heeft nu een positief (structureel) saldo. Dit neemt niet weg dat de kanttekeningen die in de begroting 2025 zijn geplaatst, onverminderd van kracht blijven. Er ligt met andere woorden nog steeds een doek over het ravijn. Het gaat dan met name over: 3 Raadsbesluiten 12 november 2024
19
3de rapportage 2024 -
20
Nog niet te kwantificeren financiële effecten van een aantal lopende dossiers; Nog te verwerken effecten van het rijksbeleid (o.a. de aangekondigde korting op de overheveling van een groot aantal Spuks naar het gemeentefonds); Middels de uitvoeringsagenda 2024-2026 zijn speerpunten incidenteel ingezet. De ramingen in het sociaal domein zijn gebaseerd op de actuele uitgangssituatie. Voor zover de realisatie hiervan afwijkt, komen de financiële effecten van deze openeinde regelingen in de jaarrekening tot uiting. Voor de Wmo en Jeugd geldt dat bij ongewijzigd beleid en/ of zonder extra rijkscompensatie sprake is van verder oplopende zorgkosten. Daarnaast daalt ons aandeel in het macrobudget BUIG-middelen, hetgeen in 2025 een nadelig effect op onze begroting zal hebben.
3de rapportage 2024
2. Ontwikkelingen per programma Uitgaande van het principe van een uitzonderingsrapportage geven wij in dit hoofdstuk per programma inzicht in de inhoudelijke ontwikkelingen, risico’s en een prognose, inclusief voorgestelde bijstellingen, van budgetten en kredieten. Prognose exploitatiebudgetten 2024-2028 In dit hoofdstuk geven wij per programma in de tabel “prognose exploitatiebudgetten 2024-2028’ inzicht in de ontwikkeling van de budgetten. In onderstaande tabel hebben wij de saldi van de budgetten per programma samengevat. Tabel - samenvatting programmasaldi Bijstelling 3de rapportage 2024
Totaal
Begroting voor bijstelling
Goedgekeurde bijstellingen
Begroting incl. goedgekeurd
Bijstelling 3de rapportage
Begroting na bijstelling
bedragen x € 1.000
2024
2024
2024
2024
2024
2025
2026
2027
2028
(a)
(b)
(c=a+b)
(d)
(e=c+d)
(f)
(f)
(f)
(f)
0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
223.278
10.520
233.797
15.872
249.669
5.826
7.537
6.995
5.891
1 VEILIGHEID
-14.615
-1.483
-16.098
-759
-16.857
54
54
54
-98
2 VERKEER, VERVOER EN WATERSTAAT
-26.421
-374
-26.794
-421
-27.215
-244
-248
-277
-148
3 ECONOMIE
-6.145
-3.121
-9.266
-171
-9.437
-816
-169
-169
-
4 ONDERWIJS
-8.940
51
-8.889
117
-8.772
-236
-211
-211
-85
5 SPORT, CULTUUR EN RECREATIE
-32.968
-1.841
-34.809
-694
-35.502
-1.121
-436
-494
-191
6 SOCIAAL DOMEIN
-121.667
-5.056
-126.724
-10.340
-137.063
-1.704
-5.092
-4.823
-4.805
1.996
-763
1.233
-430
803
116
28
48
48
-11.691
-631
-12.323
-838
-13.161
-339
-76
-42
-34
2.827
-2.699
128
2.336
2.464
1.535
1.386
1.080
577
7 VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU 8 VOLKSHUISV., RUIMT.ORDENING EN STED.VERNIEUWING Totaal
Uit de tabel blijkt dat wij de actualisatie van ons begrotingsbeeld, op basis van de actuele begroting4, starten met een voordelig saldo van € 0,1 mln. Het totaal aan bijstellingen in deze rapportage bedraagt in 2024 € 2,3 mln. voordelig. Na verwerking van deze bijstellingen is het begrotingssaldo in 2024 afgerond € 2,5 mln. voordelig. De structurele doorwerking in de meerjarenraming is ook voordelig en bedraagt in 2025 € 1,5 mln. aflopend tot € 0,6 mln. voordelig in 2028. Bijstellingen 2024-2028 Daarnaast geven wij per programma in het overzicht ‘Bijstellingen 2024-2028’ inzicht in de voorstellen om de budgetten aan te passen. Passend binnen het thema begrotingsrechtmatigheid en het budgetrecht van de raad is in deze rapportage een groot aantal bijstellingen opgenomen. Grofweg zijn deze bijstellingen als volgt onder te verdelen:
4 Na verwerking van de bijstellingen uit de 2de rapportage 2024 en de begroting 2025.
21
3de rapportage 2024 -
Bijstellingen die van invloed zijn op het begrotingssaldo Deze bijstellingen bepalen de omvang van het rapportageresultaat. Een overzicht van deze bijstellingen is opgenomen in het overzicht ‘Samenvatting begrotingsaanpassingen’ van paragraaf 1.2.
-
Bijstellingen die programma-overstijgend zijn, zonder invloed op het begrotingssaldo De bijstellingen met betrekking tot een aantal onderwerpen raakt meerdere programma’s. Het gaat dan bijvoorbeeld over: -
Stelpost inflatie De bijstelling van budgetten door prijsstijgingen wordt gedekt uit de middelen die wij hiervoor op de stelpost inflatie (programma 0) hebben gereserveerd. In hoofdstuk 1 hebben wij bij het onderdeel Financiële ontwikkelingen het verloop van deze stelpost nader toegelicht.
-
Doorbelasting personeel Betreft de mutatie in de doorbelasting van de directe personeelskosten als gevolg van de CAO- stijging over de diverse programma's. Deze mutaties zijn budgettair neutraal omdat de CAO-stijging wordt gedekt uit de middelen die wij hiervoor op de stelpost inflatie (programma 0) hebben gereserveerd.
-
Correctie leegstand Leegstaande gemeentelijke panden staan vaak langer leeg dan verwacht. Dit komt o.a. door wisseling/vertrek van huurders en aanpassingen van huurpenningen. Dit heeft huurderving en leegstandskosten tot gevolg. Dit betreffen strategische en niet-strategische panden. De strategische panden en ontwikkellocaties kunnen we niet tussentijds verhuren. Voor 2024 betreft de totale neerwaartse bijstelling € 0,33 mln. Het bedrag van de huurderving komt ten laste van de reserve Incidentele dekking taakstellingen vastgoed
-
Planmatig onderhoud De geplande kosten in 2025 voor onderhoud ambtelijke, maatschappelijke panden, sportaccommodaties en parkeergarages worden gedekt uit de reserves Vastgoed en Sportaccommodaties respectievelijk parkeergarages. Zowel de onderhoudslasten als de bijdragen uit genoemde reserves zijn in deze rapportage geraamd om de begrotingsrechtmatigheid te borgen.
Zoals uit onderstaande overzichten blijkt hebben de mutaties per saldo geen effect op het resultaat van deze rapportage.
22
3de rapportage 2024 Programma bedragen x € 1.000
Stelpost inflatie
Doorbelasting
Correctie
personeel
leegstand mutatie resultaat
Planmatig onderhoud 2025
mutatie reserve
mutatie reserve en voorzieningen
mutatie resultaat
0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
1.622
6.439
-1
1
-103
103
1 VEILIGHEID
-261
-556
0
0
0
0
2 VERKEER, VERVOER EN WATERSTAAT
-156
-434
0
0
-340
340
3 ECONOMIE
0
-223
0
0
0
0
4 ONDERWIJS
-164
-162
-42
42
-210
210
5 SPORT, CULTUUR EN RECREATIE
-184
-343
-291
291
-360
360
6 SOCIAAL DOMEIN
-703
-3.891
0
0
-150
150
7 VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU
-154
-291
0
0
0
0
8 VOLKSHUISV., RUIMT.ORDENING EN STED.VERN.
0
-539
0
0
0
0
ONTWIKKELING SALDO PROGRAMMA'S
0
0
-334
334
-1.163
1.163
Per saldo:
0
Per saldo:
0
-
Bijstellingen op programmaniveau zonder invloed op het begrotingssaldo. Bijstellingen die budgettair neutraal verlopen. Dit leidt in de overzichten van met name de jaarschijven 2025 tot en met 2028 tot veel ‘nul-regels’. Bijvoorbeeld door de inzet van reserves. Of door programma-overstijgende mutaties, waarbij een bijstelling op een programma de lasten wordt gedekt door een mutatie op een ander programma. Mutaties in reserves en programma-overstijgende bijstellingen moeten passend binnen het budgetrecht van de raad in de rapportage worden opgenomen.
23
3de rapportage 2024
0. Bestuur en ondersteuning Ontwikkelingen Gemeentefonds
Pas volgend jaar komt er meer duidelijkheid over de toekomst van de specifieke uitkeringen (SPUKS). In het hoofdlijnenakkoord werd gemeld dat alle SPUKS zouden verdwijnen. In de miljoenen nota meldt het kabinet dat niet alle SPUKS overgeheveld gaan worden naar het gemeentefonds. Ook is niet zeker of de gemeenten 10% moeten gaan inleveren op de SPUKS. Inmiddels is gebleken dat de 10% korting uit het hoofdlijnenakkoord niet is onderbouwd en ook niet realistisch is. In nader overleg tussen het Rijk, de VNG en het Interprovinciaal Overleg (IPO) zal bij ieder van de 60 uitkeringen worden gekeken of de overheveling naar het gemeentefonds haalbaar is en ook of een korting van 10 procent realistisch is. Dat proces is naar verwachting in januari 2025 afgerond. Onze verwachting is dat er meer duidelijkheid is over de SPUKS bij de publicatie van de meicirculaire 2025. Inmiddels heeft het ministerie van Financiën bekend gemaakt dat het volumeaccres in de septembercirculaire 2024 te laag is vastgesteld. In de decembercirculaire zal de gemeentefondsbeheerder fout corrigeren en dit zal leiden tot een structureel voordeel. Daarnaast worden de prognoses van de WOZ waarden 2024 en 2025 geactualiseerd volgens de gegevens van de BSGW. Als blijkt dat de waardeontwikkeling afwijkt van de landelijk prognoses dan kan dit leiden tot een negatief resultaat in het verdeelmodel.
De uitkomst van de algemene uitkering 2024 is pas duidelijk bij het verschijnen van de decembercirculaire. Dit kan leiden tot een grote afwijking in de jaarrekening. Als uit de decembercirculaire grote afwijking komen, dan wordt de raad uiterlijk in het eerste kwartaal 2025 hierover geïnformeerd. Voorziening RVU (regeling voor vervroegde uittreding) Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2024 deelnemen aan de RVU als zij voldoen aan de wettelijke en fiscale voorwaarden zoals opgenomen in de CAO 2023 en 2024. De BBV schrijft voor dat er een voorziening getroffen dient te worden voor de financiële verplichtingen voortvloeiende op basis van getekende RVU regelingen. Zodoende nemen we in deze rapportage een beslispunt op voor de vorming van deze nieuwe voorziening RVU en zullen we bij de jaarrekening 2024 op basis van de getekende RVU-overeenkomsten en bijbehorende financiële verplichtingen een storting doen. Aanpassing omslagrente De omslagrente heeft betrekking op de interne verrekening van rentelasten binnen onze begroting en heeft geen invloed op het begrotingssaldo. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat in jaarrekening een berekening gemaakt moet worden van de rentetoerekening (omslagrente).
Er wordt dan een vergelijking gemaakt tussen de werkelijke rentekosten -/- de werkelijke rente-inkomsten en de rentelasten die op basis van de voorgecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend. Indien bij de jaarrekening blijkt dat de afwijking tussen deze bedragen groter is dan 25% wordt een correctie van de toerekening verplicht gesteld. Vanwege de voordelen in de rente-inkomsten over 2024 is bij het opstellen van de 3de rapportage een proefberekening gemaakt, hieruit bleek dat met de voorgecalculeerde omslagrente van 2% een
24
3de rapportage 2024 correctie nodig zal zijn bij de jaarrekening. Daarom stellen we voor deze omslagrente aan te passen naar 1,6% om de anders noodzakelijke correctie bij de jaarrekening te voorkomen.
Risico's
Vertraging huisvestingdossiers De vertraging van de aanbestedingen bij Herenhof en stadhuis Geleen heeft tot gevolg dat wij geconfronteerd gaan worden met loon-en bouwkosten indexeringen. Momenteel zijn de onderhandelingen over de nieuwe CAO bouw nog gaande en zijn de aanbestedingen nog niet gegund. Wijkbeheer/IPOR kent een tweetal vertragingen, vertraging van aanbesteding en vertraging vanwege de aanwezigheid van de beschermde rugstreeppad. Ook deze vertragingen hebben tot gevolg dat wij geconfronteerd gaan worden met loon-en bouwkosten indexeringen. Zie tevens de raadsinformatiebrief ‘Ontwikkelingen bouwplan Wijkbeheer/ IPOR van 31 oktober jl.
25
3de rapportage 2024
Financieel
Prognose Exploitatiebudgetten 2024-2028 Prognose exploitatiebudgetten 2024 bedragen x € 1.000
Baten Lasten Onttrekkingen Toevoegingen Totaal
Begroting voor bijstelling 2024
Goedgekeurde bijstellingen 2024
Begroting incl goedgekeurd 2024
Bijstelling Prorap 2024
Begroting na bijstelling 2024
2025 Bijstelling begroting
293.975 -71.689 6.104 -5.113 223.278
21.759 -22.155 11.524 -608 10.520
315.733 -93.844 17.628 -5.720 233.797
2.460 19.213 547 -6.348 15.872
318.193 -74.630 18.175 -12.069 249.669
3.290 -1.942 5.531 -1.053 5.826
Bijstellingen 2024-2028
26
2026 Bijstelling begroting
5.247 1.449 841 0 7.537
2027 Bijstelling begroting
2028 Bijstelling begroting
5.132 671 1.191 0 6.995
5.249 642 0 0 5.891
3de rapportage 2024 Toelichting Gemeentefonds septembercirculaire 2024 Net als de meicirculaire 2024 biedt de septembercirculaire 2024 geen structurele oplossing voor het ravijnjaar 2026. Weliswaar krijgen gemeenten er vanaf 2025 door een hogere inflatieverwachting extra geld bij. Maar dit geld is nodig voor de inflatiestijging van lonen en prijzen. Bovendien zijn er gemeenten die er reëel zelfs op achteruit gaan, omdat het landelijke volumeaccres licht nadelig is. Dit nadeel kan Sittard-Geleen opvangen door een actualisatie van het verdeelmodel. Ruim de helft van de inkomsten uit onze gemeentelijke begroting is afkomstig uit het gemeentefonds. Door een herziening van het financieringsstelsel ontvangen de gemeenten vanaf 2026 een lagere gemeentefondsuitkering. In de meicirculaire 2024 is een deel van het tekort gecompenseerd door middel van het schrappen van opschalingskorting met ingang van 2026. Hier tegenover staat een incidentele korting in het gemeentefonds in 2025. Beide effecten uit de meicirculaire zijn in de begroting 2025 verwerkt. Echter het saldo van de gemeentefondsuitkering vanaf 2026 blijft, na het schrappen van de opschalingskorting, onder het niveau van voorgaande jaren. Het grootste voordeel uit de septembercirculaire komt door een voordeel, dat afkomstig is van het Btw-compensatiefonds 2024.