CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

04 nota van zienswijzen BP geanonimiseerd

Raad 24 juni 2021, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Bestemmingsplan en Exploitatieplan unilocatie Grevenbicht-Obbicht (Meekels) (57)21.149 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Met het leggen van deze bestemmingen met de voorwaardelijke verplichtingen wordt ervoor gezorgd dat er blijvend een groene buffer is tussen de unilocatie en de woning van de indiener.

38

Het minimale aantal parkeerplaatsen is na herberekening en rekening houdend met dubbelgebruik bepaald op 54. Het college van B&W wil voorkomen dat er in pieksituaties in de woonwijk of elders wordt geparkeerd. Om die reden is voorzien in een beperkte overcapaciteit. Zie ook reactie 7.12.

11.9. Bestemmingsplan toelichting en regels Deze zienwijzen zijn gelijk aan de zienswijzen onder 7.1 tot en met 7.14. Daarom wordt hier volstaan met een verwijzing naar de reactie op die zienswijzen. 12. Stichting Behoud Groen Middengebied, p.a. Kempenweg 68, Obbicht 12. 1 Indiener meent dat een aantal raadsbesluiten die vooraf zijn gegaan aan de procedure van het bestemmingsplan niet op juiste gronden is genomen. Ook wordt de onafhankelijkheid en deskundigheid van adviseurs betwist (pagina 6 zienswijze). Reactie De raadsbesluiten die aan het bestemmingsplan zijn voorafgegaan hebben betrekking op het beschikbaar stellen van het voorbereidingskrediet (2017) en de kredietvotering voor de realisatie van de ontwikkeling (2020). Aan die beide raadsbesluiten zijn onderzoeken voorafgegaan naar de haalbaarheid van de ontwikkeling. RHDHV en de RO-groep hebben elk afzonderrijk de mogelijkheden van een onderwijslocatie respectievelijk een centrale sportlocatie onderzocht. Vanwege de mogelijkheden van een verdergaande synergie tussen de onderwijs- en de sportfunctie geeft RHDHV de voorkeur voor de locatie in het gebied tussen de beide kernen (pagina 34 van het haalbaarheidsonderzoek). Adviesbureau BRO heeft vervolgens de haalbaarheid van een centrale sport- en onderwijsvoorziening in het gebied tussen de beide kernen onderzocht.

Uit dat laatste onderzoek is niet gebleken dat er onoverkomelijke belemmeringen bestaan. Het college van B&W heeft geen aanleiding om aan de deskundigheid en onafhankelijkheid van de drie adviesbureaus te twijfelen. 12.2 Indiener vraagt zich af wat onder leefbaarheid moet worden verstaan. Hij plaatst kanttekeningen over de leefbaarheid, de groen invulling van de vrijkomende sportlocaties en de horecavoorziening aldaar.

Reactie Ruimtelijk-planologische argumenten worden door indiener niet genoemd. Met het begrip leefbaarheid wordt aangegeven hoe aantrekkelijk en/of geschikt een gebied of gemeenschap is om er te wonen, of te werken. Het is een verzamelwoord voor kwaliteitskenmerken van een woonomgeving. Duidelijk is dat bij de beoordeling van de mate van leefbaarheid verschillende factoren (indicatoren) een rol spelen. In ieder geval horen daartoe: • • •

De aanwezigheid van voldoende voorzieningen zoals scholen, winkels, parkeerfaciliteiten, openbare verlichting, groen en openbaar vervoer Aspecten die de mate van (sociale) veiligheid bepalen zoals inbraak, drugsgebruik, vandalisme en verkeer. Zaken die te maken hebben met het milieu zoals vervuiling, zwerfvuil, bodemverontreiniging, luchtkwaliteit en geluidsoverlast

39

•

• •

De kwaliteit van de openbare ruimte zoals dat tot uiting komt in een al dan niet verloederd straatbeeld, leegstand, autowrakken of zeerlangparkeerders, kapotte speeltoestellen en de onderhoudsstaat van parken en straten Sociale kenmerken zoals de aanwezigheid en kwaliteit van buurtcontacten en vormen van burenhulp De mate waarin de overheid de door haar gestelde regels op het gebied van leefbaarheid wel of niet handhaaft.

12.3 Stedenbouwkundig ontwerp Indiener is het niet eens met de volgende passage uit de toelichting van het bestemmingsplan: “De inpassing van de sportvelden en het Integraal Kindcentrum draagt bij aan de versterking van de landschappelijke structuur in het Grensmaasgebied. Uitgangspunt voor de visueel-landschappelijke inrichting van het Grensmaasgebied is het versterken van een aantal groene structuurlijnen in noordzuidrichting. Door de groene inpassing van de sportvelden kan de bestaande kleinschaligheid tussen de kernen worden behouden en worden versterkt door het aanleggen van nieuwe groene structuurlijnen” (zienswijze 3.1). Reactie De passage verdient inderdaad aanpassing en wijzigt in: “De inpassing van de sportvelden en het Integraal Kindcentrum draagt bij aan de versterking van de landschappelijke structuur in het Grensmaasgebied. Uitgangspunt voor de visueellandschappelijke inrichting van het Grensmaasgebied is het versterken van een aantal groene structuurlijnen in noord-zuidrichting.

Door de groene inpassing van de sportvelden kan de bestaande kleinschaligheid tussen de kernen worden behouden en de onderlinge samenhang worden versterkt door het aanleggen van nieuwe lage groene structuurlijnen.” 12.4 Indiener is het niet eens met de volgende passage in de toelichting: “Omdat de voetbalvelden een plek krijgen in het landschap, versterken ze hiermee de openheid” (zienswijze 3.2). Reactie: Deze passage wordt gewijzigd in: “Door de situering, inrichting en de geboden beperkte bouwmogelijkheden worden de voetbalvelden zoveel mogelijk landschappelijk ingepast, waardoor slechts sprake is van een beperkte en daarmee aanvaardbare aantasting van de openheid.” 12.5 Synergie Er is sprake van beperkte gezamenlijk gebruik van de ruimtes in het gebouw. Reactie Niet alle ruimtes worden door alle gebruikers van de unilocatie gebruikt. Veel ruimtes echter wel. De door indiener genoemde ruimtes worden in ieder geval gezamenlijk gebruikt. Bovendien kunnen de school en de sportverenigingen van elkaars voorzieningen gebruikmaken. Ten slotte verwijst het college van BenW hier naar bijlage 1 bij het bestemmingsplan en naar de toelichting van het bestemmingsplan.

12.6 Tennis en voetbal Tennis is slechts een half jaar mogelijk. Gedurende het tennisseizoen zijn de banen niet permanent beschikbaar. Het aantal kinderen dat na school bij de voetbalvereniging gaat trainen is slechts beperkt.

40

Reactie Zowel de tennisbanen als de voetbalvelden zijn beschikbaar voor bewegingsonderwijs. Voor de tennisbanen is dat beperkt maar er zijn nog ruim voldoende mogelijkheden. De tennisvereniging biedt bovendien de schoolkinderen om aansluitend direct na school tennistraining te volgen. 12.7 Er wordt nu al te hard gereden op de Kempenweg. Er is geen rekening gehouden met een verkeerspiekbelasting in de ochtend en de middag. Ten gevolge van laden en lossen van vrachtwagens bij AH ontstaat een verkeersonveilige situatie op de Frankenlaan. Reactie Door de gemeente is opdracht gegeven aan RHDHV om advies te geven over de verkeersveiligheid en de te treffen maatregelen. Tevens is door Arcadis een verkeersonderzoek uitgevoerd. Uit beide onderzoeken blijkt dat de verkeersintensiteit gering is. Dat geldt zowel voor de Kempenweg maar zeker voor de Frankenstraat. De maximum toegestane snelheid is teruggebracht van 80 km/u naar 60 km/u. Naar aanleiding van de ontwikkeling wordt de maximumsnelheid verder teruggebracht naar 30km/u bij het plateau in de Kempenweg en voor inrijden van het dorp Obbicht. Uit het advies blijkt dat er ook rekening is gehouden met een piekbelasting. Verwezen wordt hier naar paragraaf 3.5 van het exploitatieplan waarin de aanleg van dit plateau buiten het exploitatieplangebied is benoemd.

Om problemen met laden en lossen bij de supermarkt op te lossen wordt een voorziening getroffen. 12.8 Indiener stelt dat de open ruimte tussen de kernen nagenoeg volledig wordt opgevuld. Aantasting van deze open ruimte dient zo veel mogelijk te worden voorkomen. Ook de aantasting van de open beleving tussen de twee kernen moet zo veel mogelijk voorkomen worden. Dit correspondeert niet met de constatering met de uitspraak van de Gemeente Sittard- Geleen: “Op deze manier blijft de ingreep op het landschap ten gevolge van de school en sportvoorzieningen beperkt”. Een landschappelijk buitengebied, met mooie vergezichten, en groene corridors tussen Grevenbicht en Obbicht, kan niet vervangen worden door een groen plantsoen in Grevenbicht en/of een landschappelijke uitbreiding van een reeds bestaande grote groene zone met aan de zuidzijde van Obbicht (zienswijze 4.1). Reactie Door de bebouwing te beperken tot een strook ten zuiden langs de Frankenstraat en bebouwing op de voetbalvelden te beperken, blijft de ingreep op het landschap beperkt. Het college van B&W is van mening dat er sprake is van een behoorlijke tegenprestatie in de vorm van de natuur- en landschapsontwikkeling op de beide vrijkomende sportlocaties voor de beperkte aantasting van het open landschap. 12.9 Indiener stelt dat een onderzoek naar alternatieve locaties in het onderzoek van BRO ontbreekt (zienswijze 4.2.2).

Reactie In het rapport van BRO (bijlage 2 van het bestemmingsplan) zijn de alternatieve locaties benoemd en onderzocht.

12.10 Indiener stelt dat het belang van het groen buitengebied niet is onderzocht, maar per definitie ondergeschikt gesteld aan het belang van de unilocatie. Reactie

41

De keuze voor het gebied tussen de beide kernen is gevallen na uitvoerige participatie en afweging van belangen. Het college verwijst hiervoor naar de onderzoeken behorende bij het bestemmingsplan, de planregels, de verbeelding en toelichting en naar de reacties op de hiervoor vermelde zienswijzen. In artikel 3.1.6., tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening is vermeld dat de toelichting van een plan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt ook een beschrijving moet bevatten van de behoefte aan de ontwikkeling. Wanneer de ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied plaatsvindt, dient tevens te worden gemotiveerd waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Zie ook reactie 2.1 en 4.2. 12.11 Indiener wijst op een onjuiste passage in de onderbouwing in bijlage 2 bij het bestemmingsplan. In de onderbouwing (bijlage 2 van het bestemmingsplan) staat dat de sportlocatie in Obbicht buiten de rode contour ligt. Ook indiener is van mening dat de locatie in Obbicht niet geschikt is voor een unilocatie voor school en sportaccommodatie (p.72 zienswijze). Reactie Het contourenbeleid, waarin de vaste rode contouren voor de kernen in de Maasvallei en het Heuvelland waren vastgesteld, geldt echter niet meer. De sportlocatie in Obbicht was echter inderdaad, zoals vermeld in bijlage 2, buiten de rode contour gelegen.

In het ontwerp POL 2014 zijn de “oude” contouren nog goed te zien. In het vastgestelde POL 2014 zijn deze begrenzingen verlegd. In het POL 2014 zijn sportlocaties beschouwd als een stedelijke functie en in hun geheel binnen het bebouwd gebied gelegd. Een en ander geïnspireerd op en conform de ladder voor duurzame ontwikkeling zoals sinds 2012 vermeld in artikel 3.1.6 lid 2 Besluit ruimtelijke ordening. 12.12 Indiener stelt dat er nog afspraken moeten worden gemaakt over het laten functioneren van samenwerking tussen school en sportverenigingen. Ook wordt gesteld dat het stimuleren van bewegen van schoolkinderen ook op een solitaire locatie mogelijk is. Indiener plaatst diverse kanttekeningen bij de mogelijkheden die de school naast de sportaccommodatie biedt. Reactie Over het functioneren moeten nog afspraken worden gemaakt. Uit bijlage 1 behorende bij het bestemmingsplan blijkt dat de samenwerking tot stand komt. Het college van B&W, school en de beide verenigingen menen dat vanwege de nabijheid van elkaar de mogelijkheden van samenwerking en het gebruikmaken van elkaars voorzieningen worden vergroot. Anders dan wordt gesuggereerd kunnen de voetbalvelden door de school ook worden gebruikt voor bijvoorbeeld honkbal of handbal en niet alleen voor voetbal.

Gezien de wens en de wil van de gebruikers van de unilocatie om samen te werken, acht het college van B&W de genoemde kanttekeningen niet aan de orde. 12.13 Door indiener worden op de pagina’s 80 tot en met 100 allerlei mogelijke belemmeringen in de uitvoering opgeworpen. Tevens worden enkele niet inhoudelijke zienswijzen vermeld, zoals bijvoorbeeld bovenaan pagina 95.

Reactie Het college van B&W volstaat hier met een verwijzing naar reacties op de hiervoor vermelde zienswijzen.

42

12.14 Indiener reageert op bijlage 1 en geeft daarop zijn visie (p. 107- 119 zienswijze). Bijlage 1 is opgesteld door de toekomstige gebruikers van de unilocatie. In die visie geven de gebruikers hun intenties voor de unilocatie en geven aan welke mogelijkheden deze hen biedt. De toekomstige gebruikers zien volop mogelijkheden in toekomstige samenwerking vanwege de ligging in elkaars directe nabijheid. 12.15 Indiener stelt dat het verplaatsen van de voorzieningen ten koste gaat van de leefbaarheid in de beide kernen (p.120 zienswijze). Reactie Juist om de beide voorzieningen trachten te behouden is gekozen voor een ligging van de unilocatie tussen de beide kernen waardoor een optimale bereikbaarheid met de fiets of te voet blijft bestaan. De vrijkomende sportlocaties kunnen zo worden ingezet voor natuur en landschapsontwikkeling met medegebruik van de inwoners en de vrijkomende schoollocaties worden ingezet voor beperkte woningbouw. 12.16 Indiener suggereert dat er een verrommeld landschap ontstaat: “Weliswaar wordt alleen de noordelijke helft van de locatie benut voor gebouwen (w.o.

school, gymzaal, kleedlokalen, fietsenstalling, tennismuur, geluidswal), maar op de zuidelijke helft komen twee voetbalterreinen met de gebruikelijke hekwerken, entreehokjes, lichtmasten, elektriciteitshuisjes, doelen, oefendoelen, vangschermen, dug-outs, reclameborden, scoreborden, poortjes, berghokjes, vuilcontainers, heggen, struiken en misschien ook nog wel bomenrijen die het zicht belemmeren).” Indiener illustreert het gevaar van verrommeling met foto’s van de bestaande sportlocaties in Obbicht en Grevenbicht (p.122 zienswijze). Reactie De planregels laten slechts zeer beperkte bebouwing van de voetbalvelden toe. Hierdoor wordt de openheid van het landschap slechts beperkt aangetast. De realisatie van de unilocatie tussen de beide kernen geeft de mogelijkheid om het verrommelde landschap op de vrijkomende sportlocaties op te waarderen. De vrijkomende sportlocaties grenzen direct aan de Kingbeek en die in Obbicht direct aan de goudgroene natuur en de Kingbeek. 12.17 Indiener brengt zienswijzen in met betrekking tot cultuurhistorie, archeologie, ecologie, overstromingsgevaar. Reactie Met Rijkswaterstaat is overleg geweest. Rijkswaterstaat heeft geconcludeerd dat het gebied volgens de huidige berekeningen niet meer zal overstromen. Er zijn immers diverse maatregelen getroffen vanwege waterveiligheid.

Ondanks dat het plangebied Unilocatie in het bergend regime is gesitueerd, hoeft het bergend vermogen niet gecompenseerd te worden. Er is echter wel een Waterwetvergunning nodig. Voor het overige verwijst het college van BenW naar de reacties op hierboven genoemde zienswijzen aangaande de onderwerpen cultuurhistorie, archeologie, ecologie.

43

12.18 Indiener wijst op het bestaan van beleid en op het feit dat de ontwikkeling van de unilocatie op onderdelen in strijd is met dat beleid (p.113 e.v.). Reactie Het college van BenW erkent dat de ontwikkeling op onderdelen in strijd is met diverse beleidsuitgangspunten. Van beleid mag gemotiveerd worden afgeweken indien er sprake is van een zorgvuldige en gemotiveerde belangenafweging. In dit geval wordt het behoud van de beide voorzieningen voor de beide kernen en de ontwikkeling van natuur- en landschap op de beide vrijkomende sportlocaties van grotere belang geacht dan het volledig open houden van het gebied tussen de beide kernen. Bovendien wordt door de situering van de gebouwen en de beperkingen ten aanzien van het bouwen de openheid zoveel mogelijk bewaard. Het college van BenW hecht aan het adagium van inbreiding gaat voor uitbreiding. Voor deze maatschappelijke voorziening en het grote maatschappelijke belang van het behoud daarvan is echter hiervoor een uitzondering gemaakt. 12.19 Indiener wijst op de Nota Ruimtelijke Kwaliteit en dat het plan niet voldoet aan de kwaliteitscriteria die in die nota zijn genoemd. Ook worden passages uit de NRK in twijfel getrokken (p. 138 zienswijze). Om de ruimtelijke en architectonische kwaliteit van de stad te waarborgen toetst de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit bouwplannen aan de criteria uit de Nota Ruimtelijke Kwaliteit.

Op pagina 12 van de Nota Ruimtelijke Kwaliteit benoemd waarvoor de Nota als adviesinstrument ruimtelijke kwaliteit wordt gebruikt. De kwaliteitscriteria uit de nota worden met name voor omgevingsvergunningen gebruikt. Voor de beoordeling van bestemmingsplannen wordt de Nota niet gebruikt. 12.20 Indiener wijst op een onjuistheid in het haalbaarheidsonderzoek voorkeurslocatie. Zo stelt indiener dat, anders dan in het onderzoek staat, de Kempenweg niet aanzienlijk hoger ligt (hoofdstuk 7.1 zienswijzen). Reactie Het rapport van BRO is in 2015 opgesteld om te onderzoeken of de unilocatie tussen de beide kernen ruimtelijk-planologisch haalbaar is in de zin dat er geen absolute belemmeringen voor de ontwikkeling zijn. Uit de onderzoeken behorende bij het bestemmingsplan blijkt dat die belemmeringen er niet zijn en er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Ten aanzien van de hoogte van de Kempenweg. De weg ligt iets, maar niet wezenlijk, hoger dan de naastgelegen akkers. Op onderstaande afbeelding is op het linker plaatje een lijn te zien van oost naar west. In het midden van die lijn ligt de Kempenweg. Op het midden van het rechter plaatje wordt in groen de hoogte aangegeven. Op het plaatje is te zien dat de Kempenweg iets hoger ligt dan direct naastgelegen grond.

44

12.21 Quick scan natuurwetgeving. Indiener wijst erop dat op grond van het POL een beschrijving van de kernkwaliteiten moet worden gedaan maar dat die ontbreekt in de quickscan (p. 149 zienswijzen). Reactie Dat is onjuist. Indiener verwart de landschapskwaliteiten met de natuurwaarden. De beschrijving van de kernkwaliteiten is te vinden in bijlage 7. De quickscan, waarnaar indiener verwijst, gaat over flora en faunawaarden. Vandaar dat ook met name is gekeken naar de Natura 2000 gebieden, het Natuurnetwerk Nederland en de locatie zelf door middel van een veldonderzoek. 12.22 Indiener stelt dat de planlocatie het "open gebied dat is gelegen tussen het Julianakanaal en de Maas is en dat het open gebied zich uitstrekt tussen beide dorpen (pagina 150 zienswijzen). Reactie Juist om deze reden voorziet de ontwikkeling in gebouwen langs de Frankenstraat en is met de bouwregels in het bestemmingsplan ervoor gezorgd dat de openheid zoveel mogelijk blijft gehandhaafd. 12.23 Indiener wijst op in zijn visie onvolkomenheden in diverse beleidsstukken die door de gemeenteraad zijn vastgesteld en genoemd o.a. in paragraaf 2.4 1. van de toelichting op het bestemmingsplan met name met betrekking tot het landschap (hoofdstukken7.4 t/m 7.8). Reactie In paragraaf 2.4.1 is verwezen naar door de raad vastgestelde beleidsstukken.

Voor een beschrijving van de kernwaarden van het gebied wordt verwezen naar 4.5 in de toelichting en naar bijlage 7 behorende bij het bestemmingsplan. Anders dan indiener meent, vloeit de compensatie van het verlies aan landschap niet voort uit een verplichting uit het POL. De verplichtingen die op grond van het POL gelden om de compensatie voor te leggen aan de provincie en in een overeenkomst vast te leggen gelden daarom niet. In het

45

bestemmingsplan is rekening gehouden met de tegenprestatie door natuur- en landschapsontwikkeling mogelijk te maken en te realiseren op de vrijkomende sportlocaties. 13. 13. 1De heer A.A.M. van Pey, Steenakkerweg 4, 6121 XA Born De heer indiener heeft proforma zienswijzen ingediend tegen het ontwerpexploitatieplan en het ontwerp-bestemmingsplan. Reactie Bij brief van 28 januari 2021 is aan de indiener een aangetekende brief gestuurd waarin hem de gelegenheid wordt gegeven om binnen twee weken zijn zienswijzen in te dienen. Deze aangetekende brief is op 17 februari 2021 retour ontvangen. Er zijn verder geen zienswijzen ingediend.

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=9fee5458-1ce5-4455-94aa-7cee8b869d4f