CConstaterende datSittard-Geleen
Koppel je AI →
Document · PDF

02 Ruimtelijke onderbouwing vleesvarkensstal Rijstraat 102

Raad 13 december 2023, gemeente Sittard-GeleenBij agendapunt: Verklaring van geen bedenkingen nieuwbouw en uitbreiding varkensstal Rijstraat 102, Guttecoven (Geilen) (92)19.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Ongewervelden Als gevolg van het planvoornemen worden alleen gronden gebruikt die intensief in gebruik zijn. Mede hierdoor en vanwege het feit dat er geen houtopstanden, bomen en overig groen wordt gerooid, is er ook geen sprake van het verstoren van een mogelijk leefgebied van mogelijk aanwezige ongewervelden (beschermde vlindersoorten, slakken of andere ongewervelden). Natuurgegevens provincie Limburg De provincie Limburg heeft in 2008 de haar beschikbare natuurgegevens geactualiseerd. Uit raadpleging van deze verouderde gegevens blijkt dat er binnen het projectgebied geen beschermde soorten voorkomen. Wel zijn enkele schaarse soorten waargenomen: de Holenduif en de Ekster. Met betrekking tot de uitbreiding van de biggenstal wordt opgemerkt dat deze plaatsvindt ter plaatse van de huidige sleufsilo. Gelet op het huidige gebruik en de aanwezige verharding kan geconcludeerd worden dat ook hier geen beschermde flora en fauna voorkomt. 5.5.5

Conclusie natuur N.a.v. bovenstaand kan geconcludeerd worden dat, gelet op de instandhoudingsdoelstellingen, het planvoornemen naar verwachting geen (significante) negatieve effecten zal veroorzaken op de Natura 2000-gebieden. Gelet op het huidige intensieve gebruik van de gronden, er binnen het projectgebied (uitbreiding t.b.v. vleesvarkensstal) geen sprake is van sloop van gebouwen en er verder ook geen houtopstanden

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

57

M165610.022/FSC

en andere beplanting wordt gerooid, maakt dat het onwaarschijnlijk is dat binnen het projectgebied beschermde soorten voorkomen of worden verstoord. Ook ter plaatse van de uitbreiding van de biggenstal is het, gelet op de aanwezige sleufsilo en het gebruik ervan, onwaarschijnlijk dat daar beschermde soorten voorkomen of worden verstoord. Het aspect natuur vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

5.6

Recreatief netwerk De nieuwbouw van de vleesvarkensstal wordt gerealiseerd op gronden die conform het vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Sittard’ de gebiedsaanduiding ‘Recreatief netwerk’ hebben. Deze gronden zijn tevens bestemd voor het ontwikkelen en versterken van de betekenis van de gronden voor het extensief recreatief medegebruik in de vorm van: • a. routegebonden recreatieve activiteiten, zoals wandelen, fietsen, ruitersport en kanovaren • b. route-ondersteunende voorzieningen, zoals picknick-, uitzicht-, rust- en informatievoorzieningen.. De uitbreiding van de bedrijfslocatie en de nieuwbouw van de vleesvarkensstal zijn hiermee in strijd. De gronden ter plaatse van het projectgebied zijn altijd in gebruik geweest als bouwland. De laatste jaren wordt er hoofdzakelijk snijmais op geteeld wat invloed heeft op de beleving van het landschap aan die zijde van de Rijstraat. Aan de westzijde van de Rijstraat wordt de beleving van natuur en landschap beperkt door de aanwezigheid van de A2, die naar verwachting op termijn ook nog richting het oosten verbreed gaat worden. Om de impact van de nieuwbouw van de vleesvarkensstal op de gronden met de gebiedsaanduiding ‘Recreatief netwerk’ zoveel mogelijk te beperken, is de nieuwbouw zo ver als mogelijk binnen de eigen gronden naar achteren (richting het noorden) geprojecteerd.

Aan de voorzijde (zuidzijde van de nieuwe stal) blijft zo de openheid enigszins gewaarborgd. Daarnaast draagt de landschappelijke inpassing bij aan een positieve uitstraling van het bedrijf en is er ook voor gekozen om aan de voorzijde, in verband met het behoud van enige openheid, geen hoge beplanting aan te brengen. De impact van de nieuwbouw van de vleesvarkensstal zelf is met het onttrekken van ca. 750 m2 aan gronden met de gebiedsaanduiding ‘Recreatief netwerk’ vrij gering. Gesteld kan worden dat door de gekozen positionering van de stal en de uitvoering van het landschappelijke inpassingsplan het extensief recreatief medegebruik van de gronden in voldoende mate gewaarborgd kan blijven.

5.7

Duurzaamheid Duurzame stedenbouw verbreedt de aandacht naar meer aspecten dan alleen de verkaveling en ontsluiting. Duurzaamheid gaat ook om een zuinig ruimtegebruik, milieuvriendelijkheid, veilig verkeer en vervoer en natuur en rekening houden met het waterhuishoudingsysteem, omgevingsinvloeden, landschapsstructuren en landschapselementen.

58

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M165610.022/FSC

Dit betekent in de praktijk dat gelet moet worden op het materiaalgebruik, de vormgeving, gebruik van alternatieve energiebronnen, compact bouwen en intensief ruimtegebruik. Duurzaam bouwen heeft een volwaardige plaats in het ontwerp, het bouwen en beheren van de bebouwing. Tijdens de bouw kan door zuinig om te gaan met bouwmaterialen worden voorkomen dat er onnodig afval ontstaat. De nieuwe stal en de uitbreiding worden uitgevoerd conform de eisen uit het Bouwbesluit. In het kader van energiebesparing zullen de stallen goed worden geïsoleerd. Daarnaast zal, waar mogelijk, gekozen worden voor duurzame en recyclebare bouwmaterialen. Door toepassing van zonnepanelen en warmteterugwinning uit de vleesvarkensstal t.b.v. de biggenstal, zal grotendeels worden voorzien in de eigen energiebehoefte. Er komt geen gasaansluiting in de nieuwbouw. Er wordt eveneens gekeken naar het mogelijk inpassen en eventueel ook het toepassen van innovatieve ontwikkelingen die zich in de praktijk al bewezen hebben.

5.8

Mer-beoordeling Voor onderhavig planvoornemen dient beoordeeld te worden of een mogelijk milieueffect ontstaat waardoor het opstellen van een milieueffectrapport noodzakelijk is. De voorgenomen activiteit staat genoemd in kolom 1 onder categorie 14 van onderdeel D van het Besluit milieueffectenrapportage (Besluit mer). Voor deze categorie is in kolom 2 een drempelwaarde opgenomen van 2.000 vleesvarkens. De maatgevende onderdelen van de te realiseren onderdelen in onderhavig planvoornemen en het plangebied hebben een technische capaciteit onder de hiervoor genoemde drempelwaarden, nl. 1.620 vleesvarkens. Op grond van artikel 2 vijfde lid onder b Besluit milieueffectenrapportage dient bij het onderschrijden van de drempelwaarde een vormvrije m.e.r.-beoordeling te worden uitgevoerd om vast te stellen of zich mogelijk belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen voordoen. Op grond van artikel 7.28, tweede lid van de wet milieubeheer moet bij een aanvraag omgevingsvergunning een afschrift van het beoordelingsbesluit ingediend worden. Op 13 maart 2019 is daarom een aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling ingediend bij de gemeente. Hierin is ook het gewijzigd gebruik en uitbreiding van de bestaande stal ten behoeve van de huisvesting van gespeende biggen meegenomen.

Uit de inhoudelijke beoordeling is gebleken dat van de voorgenomen activiteiten geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten zijn. Gelet op artikel 7.17, lid 1 van de Wet milieubeheer hebben burgemeester en wethouders van SittardGeleen op 18 april 2019 daarom besloten dat het opstellen van een milieueffectrapport (MER) niet noodzakelijk is; besluit met zaaknummer: 2019-202725, zie bijlage 9.

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

59

M165610.022/FSC

6

Uitvoerbaarheid De uitvoerbaarheid van de planontwikkeling dient in relatie tot de gemeentelijke financiën te zijn gewaarborgd. Daarbij dient ook te worden onderzocht of en in hoeverre de voorgenomen afwijkingen ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan aanleiding kunnen geven tot aanspraken om planschade als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening.

6.1

Grondexploitatie

6.1.1

Algemeen Afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening draagt de titel ‘Grondexploitatie’. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de mogelijkheden voor gemeenten (en ook provincie en Rijk indien deze als planwetgever optreden) om langs publiekrechtelijke weg eisen te stellen aan het in exploitatie brengen van gronden. Het gaat dan onder andere om eisen op het gebied van kostenverhaal, sociale woningbouw, particulier opdrachtgeverschap en fasering van de invulling van de openbare ruimte. Ook zijn in afdeling 6.4 Wro twee bepalingen opgenomen over de wijze waarop langs privaatrechtelijke weg eisen gesteld kunnen worden aan het in exploitatie brengen van gronden.

6.1.2

Exploitatieplan Afdeling 6.4 Wro beschrijft een publiekrechtelijk stelsel waarbinnen door gemeenten (en in voorkomend geval provincie of Rijk) eisen gesteld kunnen worden aan de grondexploitatie. Dit publiekrechtelijk instrumentarium is aanvullend van aard. Het primaat ligt bij vrijwillige civielrechtelijke afspraken. Deze civielrechtelijke afspraken worden gemaakt in hetzij een anterieure overeenkomst, hetzij een posterieure overeenkomst. Artikel 6.12, lid 1 Wro bepaalt dat de gemeenteraad wordt verplicht om de gronden, waarop een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bouwplan is voorgenomen, een exploitatieplan op te stellen. Artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening geeft aan om welke bouwplannen het gaat. Hoofdregel is dat er een plicht bestaat voor het opstellen van een exploitatieplan. Onder artikel 6.12, lid 2 Wro wordt hierop echter een aantal uitzonderingsmogelijkheden geboden: -

het verhaal van kosten over de in het plan of besluit begrepen kosten is anderszins verzekerd; het is niet nodig een tijdvak te bepalen waarbinnen de grondexploitatie zal plaatsvinden; het is niet nodig een fasering op te nemen waarbinnen werken, werkzaamheden en bouwplannen uitgevoerd moeten worden; het is niet nodig eisen en/of regels omtrent de uitvoering te stellen aan het bouwrijp maken en/of de inrichting van de openbare ruimte en/of de aanleg van nutsvoorzieningen; het is niet nodig regels te stellen omtrent de uitvoering van de in het bestemmingsplan opgenomen bepalingen omtrent sociale huur en/of koopwoningen, kavels voor particulier opdrachtgeverschap of branches in de detailhandel.

Tussen de gemeente Sittard-Geleen en de initiatiefnemer van het plan wordt een anterieure

60

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M165610.022/FSC

overeenkomst afgesloten. Hiermee is het kostenverhaal voorafgaand aan het project geregeld.

6.2

Planschade Artikel 6.1 Wet ruimtelijke ordening biedt de grondslag voor de vergoeding van zogenoemde planschade. Deze schadevergoeding wordt (in beginsel) door het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente toegekend aan degene die als gevolg van een planontwikkeling schade lijdt. Artikel 6.4a Wro bepaalt dat de gemeente de mogelijkheid heeft om met een initiatiefnemer van een planontwikkeling een overeenkomst te sluiten. De strekking van dergelijke planschadeovereenkomst is dat de door derden geleden schade geheel (of gedeeltelijk) voor rekening komt van de initiatiefnemer, omdat de schade voortvloeit uit het op zijn of haar verzoek ten behoeve van een planontwikkeling wijzigen van het bestemmingsplan of verlenen van een omgevingsvergunning. De gemeente Sittard-Geleen sluit een planschadeverhaalsovereenkomst af met de initiatiefnemer. Hiermee is geregeld dat eventuele planschadekosten zijn af te wentelen op de initiatiefnemer.

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

61

M165610.022/FSC

7

Afweging van belangen en conclusie De maatschap Salden - Fijten beoogt hun bedrijfslocatie aan de Rijstraat 102 uit te breiden ten behoeve van de bouw van een vleesvarkensstal. De huidige vleesvarkensstal wordt omgebouwd tot biggenstal en binnen het vigerende bouwvlak uitgebreid. Onderhavig planvoornemen heeft betrekking op de uitbreiding van de bedrijfslocatie voor de nieuw te bouwen vleesvarkensstal en bijbehorende erfverharding ten behoeve van parkeren en manoeuvreren. De beoogde ontwikkelingen zijn niet direct vergunbaar op basis van het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Sittard’. Voor de projectlocatie geldt dat de beoogde uitbreiding van de nieuwe vleesvarkensstal en een groot gedeelte van de erfverharding buiten het bouwvlak valt. De gemeente Sittard-Geleen heeft kenbaar gemaakt onder voorwaarden medewerking te willen verlenen aan het planologisch-juridisch regelen van het beoogde planvoornemen door toepassing van de procedure voor het afwijken van het bestemmingsplan ex artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo. Dit is op basis van artikel 2.12, lid 1, onder a, sub 3 Wabo mogelijk indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. Ten behoeve van de afwijkingsprocedure is aldus een ruimtelijke onderbouwing vereist. Voorliggend document voorziet daarin.

Tegen de beoogde afwijking van het geldende planologische regime bestaan vanuit ruimtelijk en stedenbouwkundig oogpunt geen bezwaren, aangezien aan de volgende uitgangspunten c.q. randvoorwaarden wordt voldaan: • de beoogde ontwikkeling is niet strijdig met het Rijks- en provinciale beleid; • de beoogde ontwikkeling past binnen het gemeentelijke beleid en voldoet aan de door de gemeente gestelde randvoorwaarden; • als gevolg van de beoogde ontwikkeling treden geen conflicterende belangen op ten aanzien van bedrijven en woningen in de omgeving; • als gevolg van de beoogde ontwikkeling treden geen conflicterende belangen op ten aanzien van de verbreding van de A2; • de milieuaspecten bodem, geluid, milieuzonering, luchtkwaliteit en externe veiligheid vormen geen beletsel voor de beoogde ontwikkeling; • de beoogde ontwikkeling heeft geen negatieve invloed op de aspecten archeologie, kabels en leidingen, verkeer en parkeren, waterhuishouding, flora en fauna en natuur en landschap; • het kostenverhaal met betrekking tot de beoogde ontwikkeling is verzekerd. Op grond van vorenstaande overwegingen kan worden geconcludeerd dat de beoogde ontwikkeling, namelijk het uitbreiden van de bestaande bedrijfslocatie ten behoeve van een nieuwe vleesvarkensstal en de bijbehorende erfverhardingen, niet bezwaarlijk is.

62

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M165610.022/FSC

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

63

M165610.022/FSC

8

Overleg, inspraak en procedure De procedure voor vaststelling van een omgevingsvergunning zijn door de wetgever geregeld in artikel 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

8.1

Overleg In artikel 6.18 van het Besluit omgevingsrecht is artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening van toepassing verklaard. Hierin is geregeld dat vooroverleg dient te worden gevoerd met diensten van het Rijk, provincie en het waterschap. Deze instanties kunnen aangeven dat in bepaalde gevallen vooroverleg niet noodzakelijk is. Met Rijkswaterstaat is overleg gevoerd inzake de verbreding van de A2 en de belangen hiervan op het planvoornemen. Dit heeft geresulteerd in de afspraak dat de nieuwe vleesvarkensstal binnen 48 meter van de bestaande stal gerealiseerd moet worden. Met de uiteindelijke uitwerking van huidige planvoornemen is hiermee rekening gehouden. De Provincie Limburg is op de hoogte van dit plan. Daarnaast zal het ontwerp-besluit tijdens de inzagetermijn aan de Provincie worden toegestuurd. Vooroverleg met het Waterschap Limburg wordt niet noodzakelijk geacht. Er wordt voorzien in voldoende infiltratiecapaciteit met een noodoverloopvoorziening naar de eigen gronden naast de infiltratiesloot. Het projectgebied ligt ook niet in een aandachtsgebied van het Waterschap Limburg.

8.2

Inspraak/zienswijzen Aangegeven is dat voorafgaande aan de beslissing op de aanvraag door het bevoegd gezag altijd een ontwerp van de te nemen beslissing (ontwerpbesluit) gedurende 6 weken voor eenieder ter inzage moet worden gelegd. Op basis van artikel 3.12, vijfde lid, van de Wabo kan gedurende deze 6 weken een ieder zijn of haar zienswijze naar voren brengen (schriftelijk dan wel mondeling) bij het bevoegd gezag. Hiermee wordt ook de omgeving betrokken bij het planvoornemen en is er sprake van maatschappelijke betrokkenheid/uitvoerbaarheid. Gedurende de termijn dat het ontwerpbesluit en de daarop betrekking hebbende stukken ter inzage liggen (ingevolge art. 3:16 lid 1 Awb zes weken), moet door andere bestuursorganen advies worden uitgebracht. Uiteraard voor zover het inwinnen van advies volgens artikel 2.26 van de Wabo is vereist alvorens een beslissing op de aanvraag wordt genomen.

64

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

M165610.022/FSC

8.3

Procedure

8.3.1

Algemeen Voor het verlenen van een omgevingsvergunning waarbij sprake is van het afwijken van het bestemmingsplan moet de uitgebreide procedure zoals beschreven in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) worden gevolgd. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerp omgevingsvergunning ter visie kan worden gelegd. Bovendien is het noodzakelijk dat belanghebbende de gelegenheid hebben om hun visie omtrent het plan te kunnen geven. Pas daarna kan de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van de omgevingsvergunning van start gaan. Voor uitkomsten overleg zie paragraaf 8.1 hierboven De wettelijke procedure, die circa 26 weken in beslag neemt, bestaat uit navolgende stappen: 1. Openbare kennisgeving van de ontwerpvergunning. 2. Ter inzage legging van de ontwerp omgevingsvergunning met alle bijbehorende stukken gedurende 6 weken. Tevens wordt de bekendmaking toegezonden aan Gedeputeerde Staten, belanghebbenden en betrokken Rijksdiensten. 3. Gedurende de termijn van ter inzage legging kan een ieder zienswijzen naar voren brengen. 4.

Vaststelling van de omgevingsvergunning door het bevoegd gezag (gemeenteraad dan wel B&W), indien er zienswijzen naar voren zijn gebracht uiterlijk binnen 6 maanden nadat de aanvraag is ontvangen en indien er geen zienswijzen naar voren zijn gebracht uiterlijk 4 weken nadat de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen is verstreken. (De beslistermijn van zes maanden mag éénmaal verlengd worden, met ten hoogste zes weken (art. 3.12 lid 8 Wabo)). 5. Algemene bekendmaking van de omgevingsvergunning. 6. Mogelijkheid tot beroep bij de rechtbank voor belanghebbende binnen 6 weken na bekendmaking besluit. Voorlopige voorziening bij de rechtbank. Beroep heeft geen opschortende werking. Verzoek om voorlopige voorziening heeft opschortende werking indien ingediend binnen beroepstermijn. 7. Inwerkingtreding op de dag na afloop van de beroepstermijn, zijnde 6 weken na de bekendmaking, tenzij binnen deze termijn een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend bij de rechtbank. 8. Uitspraak rechtbank 9. Mogelijkheid tot Hoger beroep bij Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State voor belanghebbenden binnen 6 weken na bekendmaking uitspraak rechtbank. Voorlopige voorziening bij de rechtbank. Beroep heeft geen opschortende werking. Verzoek om voorlopige voorziening heeft opschortende werking indien ingediend binnen beroepstermijn. 10. Uitspraak Afdeling.

8.3.2

Zienswijzen Het ontwerp van voorliggende omgevingsvergunning heeft vanaf [datum ………] gedurende 6 weken voor zienswijzen ter visie gelegen. Gedurende deze termijn zijn wel/geen zienswijzen ingekomen.

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

65

M165610.022/FSC

9

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13.

66

Landschappelijke inpassingen Dimensioneringsplannen luchtwassers 3a Aerius-verschilberekening gebruiksfase 3b Aerius-verschilberekening randeffecten gebruiksfase Vooronderzoek bodem (NEN5725) Archeologisch onderzoek Overige effecten Toetsresultaat Watertoets Waterschap Limburg Compensatie Dorpstraat 60 Guttecoven Beoordelingsbesluit vormvrije MER Besluitvlak Infiltratieonderzoek Uitgangspunten Aeriusberekening realisatiefase 13a Aerius-verschilberekening realisatiefase 13b Aerius-verschilberekening randeffecten realisatiefase

Ruimtelijke onderbouwing Rijstraat 102 te Guttecoven Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=SittardGeleen&id=e2640bea-9b56-4077-b1af-cc79122d3498