VII-8 Bijlage 12 Herinrichting Uitkijkpunt Huls-Bijlagen bij de toelichting-Bijlage 9 Nota van zienswijzen-geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
Met betrekking tot het realiseren van de bebouwing in het Nationaal Landschap Zuid-Limburg en de bronsgroene landschapszone is toepassing gegeven aan de provinciale beleidsregel Limburgs Kwaliteitsmenu. In dat kader is de Stichting Kwaliteitscommissie Limburg om advies gevraagd, welke commissie een positief advies heeft afgegeven. Er is hiermee voldaan aan de regelgeving. 27. Ten behoeve van de plannen heeft stikstofonderzoek uitgewezen dat geen sprake is van significante effecten op omliggende Natura2000 gebieden vanwege de verkeerstoename. 28. Met inspreker zijn wij het eens dat de landschappelijke uitstraling vanaf het bovenste deel van de Hulsbergerweg uniek te noemen is. Wij zijn van mening dat we met de herinrichting van het Hulsveld ook de landschappelijke uitstraling van het gebied verbeteren en dat hiermee geen sprake is van een vervuiling van deze uitstraling. 29. Zoals inspreker ook zelf aangeeft is geen sprake van een beschermd dorpsgezicht. Voor de ruimtelijke kwaliteit van het plan is dit voorgelegd aan de dorpsbouwmeester en is positief geadviseerd. 30. In onze ogen is een beeldkwaliteitsplan niet noodzakelijk en is beoordeling door de dorpsbouwmeester – zoals gebruikelijk bij bouwplannen – afdoende om de ruimtelijke kwaliteit in afdoende te waarborgen. 31. Er wordt geen nieuwe verlichting voorzien in het park.
Wel zal verlichting nabij de horeca worden gerealiseerd en het glazen huisje. De verlichting van het glazen huisje vindt plaats van binnenuit en van onderop. Uitstraling naar buiten toe is daarmee beperkt, waardoor ons inziens geen sprake is van lichtvervuiling.
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
21
32. Wij zijn van mening dat met de herinrichting van het terrein de panoramische uitstraling nog beter tot uiting kan komen. Daarbij is er voor gekozen om hierbij een horecavoorziening mogelijk te maken. 33. Met betrekking tot de vragen die inspreker stelt over de Stichting Kwaliteitscommissie Limburg verwijzen wij naar onze beantwoording onder 2.5, punt 26. 34. Wij zijn van mening dat de herontwikkeling van niet zal leiden tot een toeristische hotspot met problemen, schade, en beperking van het leefklimaat voor bewoners. Conclusie De zienswijze heeft niet geleid tot een aanpassing in het bestemmingsplan.
2.9
Zienswijze 9
Indiener Adres Ingekomen
: : :
G. Gigase St. Remigiusstraat 34 te (6369 EM) Simpelveld 22 november 2021 (pro forma)
Samenvatting Inspreker geeft aan dat upgrading van het park een goed idee te vinden. De realisatie van horeca met 60 zitplaatsen binnen en 60 zitplaatsen buiten acht inspreker buiten proportie, en leidt tot een verstoring van het leefmilieu van de buurt alsook van de rust en de natuur. Voorts haalt inspreker aan dat de verkeersdruk toeneemt, en sprake zal zijn van een risicovolle T-kruising waarbij het wachten is op ongelukken. Vanwege het verlichte glazen huis wordt het uitzicht van aanliggende bungalows belemmerd. Inspreker verzoekt om een nadere termijn om de gronden van de zienswijzen aan te vullen. Reactie gemeente Vooraleerst wordt opgemerkt dat aan inspreker een nadere termijn is geboden om de gronden van de zienswijzen aan te vullen. Van deze termijn is door inspreker geen gebruik gemaakt. Voor wat betreft in de in de pro forma zienswijzen aangehaalde punten reageren wij als volgt: in onze ogen leidt de te realiseren horeca niet tot een verstoring van het leefmilieu van de buurt alsook de van rust en de natuur; als gevolg van de planontwikkeling is geen sprake van een dusdanige verkeersgeneratie dat sprake zou zijn van problemen in de verkeersveiligheid, -afwikkeling, en –doorstroming.
gelet op het aflopende maaiveld van het terrein, de beoogde maximale bouwhoogte van het glazen huis, en deze hoogte in relatie tot het omliggende terrein is naar onze mening geen sprake van onevenredige uitzichtbelemmering. Conclusie De zienswijze heeft niet geleid tot een aanpassing in het bestemmingsplan.
22
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
2.10 Zienswijze 10 Indiener Adres Ingekomen
: : :
(Gilles van de Wouw namens) M.H.W. Clijsen en M.J.C. Rutten St. Remigiusstraat 32 te (6369 EM) Simpelveld 22 november 2021 (pro forma) | 14 december 2021 (inhoudelijk)
Samenvatting Insprekers achten het niet getuigen van goede ruimtelijke ordening dat op een maagdelijke, onbebouwde en groene plek in het buitengebied een horecabedrijf wordt gerealiseerd ten koste van het woongenot van omwonenden. Ze zijn van mening dat de locatie zich niet leent voor een nieuwe horecafunctie; wel kunnen zij zich vinden in een opwaardering van het gebied. Naar mening van insprekers zal ook bij de beperkte openingstijden voor de horecavoorziening sprake zijn van overlast door verkeer. Voorts zijn zij van mening dat de gemeente in het bestemmingsplan de ‘salamistrategie’ toepast. Insprekers stellen dat ten onrechte geen Laddertoets is uitgevoerd omdat naar hun mening sprake is van omstandigheden op grond waarvan ook bij een geringer BVO dan 500 m2 een laddertoets moet worden uitgevoerd. In dit verband worden aangehaald het oppervlak van de bestemming ‘Horeca’ (1.500 m2) en daarbinnen opgenomen bouwvlak (1.035 m2), en het direct toegestane terrasoppervlak (560 m2). Verder stellen insprekers dat het akoestisch onderzoek niet deugt, waarbij vraagtekens worden gesteld bij o.a. gehanteerde bronvermogens, inpandig horecageluid, warmtepomp, achteruitrijsignalering, en toepassing van de VNG-publicatie. In algemene zin stellen insprekers dat het akoestisch onderzoek niet aansluit bij hetgeen het ontwerp bestemmingsplan mogelijk maakt.
Ook ontbreekt volgens insprekers een adequate regeling ten aanzien van het parkeren, en is de uitgevoerde stikstoftoets in hun ogen gedateerd en niet gebaseerd op een worst-case scenario. Ten laatste richten insprekers zich op de planregels van de bestemmingen ‘Groen’ en ‘Horeca’, in die zin dat zij deze regelingen onaanvaardbaar achten. Ook de wijzigingsbevoegdheid opgenomen in artikel 13.2 ‘Terrassen’ is voor insprekers onacceptabel. Reactie gemeente Wij zijn, in tegenstelling tot insprekers, van mening dat met de voorgestelde herinrichting van het Hulsveld een goede invulling van het gebied wordt gerealiseerd. De locatie leent zich in onze ogen wel voor een horecavoorziening. Naar aanleiding van de opmerkingen van insprekers voor wat betreft de Laddertoets hebben wij het volgende overwogen. Gaandeweg het doorlopen traject zijn de plannen meer en meer concreet geworden. In het ontwerpplan is nog een bepaalde mate van flexibiliteit toegepast, waarbij het bestemmingsvlak, het bouwvlak en de aanduiding voor het buitenterras in omvang groter zijn opgenomen dan feitelijk beoogd na verdere concretisering van de plannen. Nu de plannen meer concreet zijn, is het ook mogelijk om de flexibiliteit in het bestemmingsplan in te perken.
Het oppervlak van het bestemmingsvlak ‘Horeca’ kan worden ingeperkt van 1.500 m2 tot circa 900 m2, het bouwvlak van 1.035 m2 tot circa 600 m2, en de aanduiding voor het buitenterras van circa 600 m2 tot circa 300 m2. Ter plekke van het bouwvlak blijft gekoppeld het maximum toegestane BVO van 300 m2. Voorts wordt vastgelegd dat een buitenterras uitsluitend aanwezig mag zijn ter plekke van de aanduiding ‘terras’. Voorts is gebleken dat het ontwerpplan niet voorzag in een definitie voor BVO (‘bruto vloeroppervlak’), welke definitie alsnog is opgenomen. Voor wat betreft de zienswijze van insprekers ten aanzien van artikel 13.2 van de planregels is het niet de bedoeling van ons
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
23
geweest om het idee te wekken dat wij een ‘salami-techniek’ zouden willen toepassen. Deze wijzigingsbevoegdheid wordt dan ook geschrapt uit de regels. Vorenstaand samenstel van wijzigingen leidt er toe dat naar onze mening geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling en zodoende een ‘Laddertoets’ niet aan de orde is. Voor wat betreft de zienswijzen van insprekers ten aanzien van het verrichte akoestische onderzoek is in bijlage 2 bij voorliggende zienswijzennota hierop gereageerd. Voort zijn insprekers van mening dat een adequate regeling ten aanzien van het parkeren ontbreekt. Zoals aangegeven in onze reactie op de zienswijze onder 2.2 is het mogelijk om het parkeren op een betere wijze te borgen in het bestemmingsplan. Deze wijziging is dan ook doorgevoerd. Voor wat betreft het aantal te realiseren parkeerplaatsen wordt voldaan aan de door onze gemeente gehanteerde kencijfers van de CROW. Het klopt dat 10 van de 30 parkeerplaatsen buiten het plangebied zijn voorzien, specifiek middels langsparkeren aan de Sint Remigiusstraat. Aangezien (ook) deze gronden in eigendom zijn (en blijven) van de gemeente is – tezamen met de aangepaste borging in het bestemmingsplan – het (kunnen) voorzien in voldoende parkeergelegenheid in afdoende mate verzekerd.
Naar aanleiding van de reactie van insprekers op de uitgevoerde stikstoftoets zijn wij van mening dat deze is gebaseerd op de juiste input. Vanuit oogpunt van zorgvuldigheid is – mede naar aanleiding van deze zienswijze – desalniettemin berekend vanaf hoeveel mvt/etm sprake zou zijn van effecten op omliggende Natura2000 gebieden. Betreffende (meer recente) berekening is bijgevoegd als bijlage 3. Hieruit blijkt dat pas bij een toename tot 1.945 mvt/etm (licht verkeer), bovenop het vrachtverkeer en middelzwaar verkeer, sprake is van effecten. Dit is (meer dan) 10x het aantal mvt/etm als op basis van het door ons opgestelde bezoekersprofiel te verwachten is. Naar aanleiding van de reacties van insprekers op de bestemming ‘Groen’ is deze regeling nog een keer tegen het licht gehouden. Opgemerkt wordt dat momenteel ter plekke reeds op grond van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2016’ de bestemming ‘Groen’ van kracht is. De herinrichting van het plangebied is – voor zover dit ziet op de aangepaste terreininrichting en landschapsplan – ons inziens reeds rechtstreeks toegestaan. Enkel het realiseren van de horecagelegenheid is op grond van het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2016’ niet mogelijk. Er is voor gekozen om vanwege de samenhang in het project voor het gehele terrein een nieuw bestemmingsplan op te stellen.
De regels van de geldende bestemming ‘Groen’ zijn daarbij overgenomen, voor zover deze niet toezien op specifieke aanduidingen. Aanvullend is in nieuwe bestemming ‘Groen’ een koppeling gemaakt met de het inrichtingsplan. Voorts zijn in de bouwregels van de bestemming ‘Groen’ aanvullende regelingen opgenomen die specifiek zien op de beoogde houten vlonders en keerwandconstructies. Naar aanleiding van de opmerking van insprekers ten aanzien van de wijzigingsbevoegdheid in om de bestemming ‘Groen’ te wijzigen in ‘Wonen’ en/of ‘Tuin’ zal deze worden verwijderd. Voorts hebben insprekers kanttekeningen geplaatst bij de regels van de bestemming ‘Horeca’ in het ontwerpplan. Voor zover zij aanhalen dat het ontwerpplan te ruim is voor het concrete plan, wordt verwezen naar onze eerdere reactie in verband met de door insprekers aangehaalde ‘Laddertoets’, naar aanleiding waarvan de flexibiliteit (en oppervlakten) in het nieuwe bestemmingsplan zijn ingeperkt. Voor wat betreft de opmerkingen van insprekers ten aanzien van de voorgeschreven bouwhoogte van 5 meter in relatie tot de in de toelichting genoemde hoogte van 3,5 meter van het nieuwe horecagebouw het volgende. In het ontwerpplan is voor wat betreft de maximale bouwhoogte rekening gehouden met de op het horecagebouw te realiseren balustrade van het uitkijkpunt, welke één constructie vormt met de bebouwing.
De totale hoogte hiervan zal op grond van het ontwerp 4,55 meter gaan bedragen, in het ontwerpplan is een maximum van 5 meter opgenomen en biedt
24
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
zodoende beperkte – en in onze ogen aanvaardbare – flexibiliteit. Ter plekke van het glazen huisje bedraagt de maximale bouwhoogte op grond van het ontwerp 7,475 meter op grond van het ontwerp, op basis waarvan de maximale bouwhoogte van 8 meter is opgenomen in het ontwerpplan. Ook hier is weer enige – ons inziens niet onaanvaardbare – flexibiliteit van aan de orde. Voor zover insprekers vraagtekens stellen bij de algemene afwijkingsbevoegdheden in het ontwerpplan ten aanzien van voorgeschreven bouwhoogtes, zijn wij van mening dat deze in een bestemmingsplanregeling niet onredelijk zijn en worden dergelijke binnenplanse afwijkingsbevoegdheden gebruikelijk opgenomen. Op de vraag of wij de mogelijkheid bewust hebben gecreëerd dat de planregels ondergronds bouwen niet uitsluit antwoorden wij ontkennend. Ter versterking hiervan is in de algemene bouwregels een specifieke regeling ten aanzien van ondergronds bouwen opgenomen, in die zin dat het realiseren van ondergrondse gebouwen uitsluitend is toegestaan ter plekke van het bouwvlak. Insprekers stellen een voorwaardelijke verplichting voor die ertoe strekt dat zonder gerealiseerde en in stand gehouden inrichting van de gronden geen horeca aanwezig mag zijn. Wij volgen insprekers in deze suggestie, en voorzien dan ook in de gevraagde voorwaardelijke verplichting.
Voor zover insprekers kanttekeningen plaatsen bij de nadere eisenregeling van de bestemming ‘Horeca’ in relatie tot de borging van het aspect parkeren, wordt verwezen naar onze reactie hiervoor waarbij wordt aangegeven dat dit aspect op andere en betere publiekrechtelijke wijze wordt geborgd. Tot slot achten insprekers de wijzigingsbevoegdheid in artikel 13.2 van de planregels onacceptabel. In dit verband verwijzen wij naar onze eerdere reactie hierop en het schrappen van deze wijzigingsbevoegdheid. Conclusie De zienswijze heeft wel geleid tot een aanpassing in het bestemmingsplan. In dit verband wordt verwezen naar hoofdstuk 3 van voorliggend document.
2.11 Zienswijze 11 Indiener Adres Ingekomen
: : :
(Gilles van de Wouw namens) M.T. Sangers – Belleflam St. Remigiusstraat 32b te (6369 EM) Simpelveld 14 december 2021
Samenvatting Bij het indienen van de inhoudelijke zienswijzen behandeld onder 2.10 is het verzoek namens gemachtigde ingediend om de betreffende zienswijzen ook namens een derde partij te behandelen. De inhoud van de zienswijzen zijn gelijk. Reactie Wij hebben ervoor gekozen om het verzoek te honoreren. Voor een reactie op betreffende zienswijzen verwijzen wij naar de reactie opgenomen onder 2.10. Conclusie De zienswijze heeft wel geleid tot een aanpassing in het bestemmingsplan. In dit verband wordt verwezen naar hoofdstuk 3 van voorliggend document.
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
25
3 Doorgevoerde aanpassingen Naar aanleiding van de ingediende zienswijzen zijn, zoals in hoofdstuk 2 in betreffende reacties aangegeven, een aantal aanpassingen bij vaststelling van het bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Hulsveld’ doorgevoerd.
3.1
Aanpassing regels
Hierna wordt ingegaan op de doorgevoerde wijzigingen in de regels ten opzichte van het ontwerpplan. 3.1.1 Definitie ‘bruto vloeroppervlak’ Als artikel 1.34 wordt de volgende definitie toegevoegd: 1.34
bruto vloeroppervlak (BVO)
de vloeroppervlakte van de ruimte, dan wel van meerdere ruimten van een vastgoedobject gemeten op vloerniveau langs de buitenomtrek van de (buitenste) opgaande scheidingsconstructie, die de desbetreffende ruimte(n) omhullen (volgens NEN-norm 2580).
3.1.2 Peil horecavoorziening Ter publiekrechtelijke borging van het bouwpeil van de nieuwe horecavoorziening is aan artikel 1.71 een derde gedachtenbolletje toegevoegd: 1.71 peil
[…];
[…];
ter plaatse van de ‘specifieke bouwaanduiding – peil’ op de verbeelding: maximaal +191,50 NAP.
Op de verbeelding van het bestemmingsplan is voorts de ‘specifieke bouwaanduiding – peil’ opgenomen ter plekke van het bouwvlak binnen de bestemming ‘Horeca’.
3.1.3 Wijzigingen regels bestemming ‘Groen’ Artikel 3.1.1, sub a is als volgt gewijzigd: De voor Groen aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. openbare groenvoorzieningen, zoals trapvelden, speelplaatsen, plantsoenen, waterpartijen met de daarbij behorende voet- en fietspaden en andere voorzieningen en vlonders, een en ander in overeenstemming met het inrichtingsplan zoals bijgevoegd als Bijlage 2 bij deze regels; b. […]
26
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
De wijzigingsbevoegdheid in artikel 3.3 is verwijderd. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen om de bestemming Groen te wijzigen naar de bestemming 'Tuin' en/of 'Wonen', mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. er mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. bij een omzetting naar de bestemming 'Tuin' worden de daartoe geldende bestemmingsregels van overeenkomstige toepassing verklaard; c. bij een omzetting naar de bestemming 'Wonen' worden de daartoe geldende bestemmingsregels van overeenkomstige toepassing verklaard.
3.1.4 Wijzigingen regels bestemming ‘Horeca’ Artikel 4.1.1, sub b wordt als volgt gewijzigd: De voor Horeca aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. […]; b. terrassen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'terras'; c. […],
Artikel 4.2.2, sub a wordt als volgt gewijzigd: c. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat het bouwvlak voor maximaal 60% mag worden bebouwd; d. […];
De wijzigingsbevoegdheid in artikel 4.4.3 is verwijderd. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen om de bestemming Horeca te wijzigen naar de bestemming 'Tuin' en/of 'Wonen', mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. er mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. bij een omzetting naar de bestemming 'Tuin' worden de daartoe geldende bestemmingsregels van overeenkomstige toepassing verklaard; c. bij een omzetting naar de bestemming 'Wonen' worden de daartoe geldende bestemmingsregels van overeenkomstige toepassing verklaard.
De volgende voorwaardelijke verplichting is opgenomen als artikel 4.4.3. 4.4.3. Voorwaardelijke verplichting inrichtingsplan Het bouwen van gebouwen op de voor ‘Horeca’ bestemde gronden is uitsluitend toegestaan indien een aanvang is gemaakt met de uitvoering van het inrichtingsplan, zoals aangeduid in artikel 3.1.1 onder a, conform het inrichtingsplan zoals opgenomen in Bijlage 2 van deze regels, met dien verstande dat het (doen/laten) gebruiken van de voor ‘Horeca’ bestemde gronden overeenkomstig artikel 4.1.1 onder a en b uitsluitend is toegestaan indien het inrichtingsplan nagenoeg geheel is gerealiseerd en kwalitatief en kwantitatief in stand worden gehouden.
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
27
3.1.5 Ondergronds bouwen Aan artikel 9 wordt het volgende lid toegevoegd: 9.6
Ondergronds bouwen
Het ondergronds bouwen van menstoegankelijke ruimten is uitsluitend toegestaan binnen een bouwvlak tot maximaal 3,5 meter diep, met in achtneming van de regels in artikel 4.2.2.
3.1.6 Kamerverhuur Artikel 10.3 is verwijderd. Kamerverhuur in een woning is toegestaan met dien verstande dat: a. het uitsluitend een onzelfstandige woonruimte betreft; b. een eigen opgang niet is toegestaan; c. maximaal twee onzelfstandige woonruimtes per woning mogen worden verhuurd.
3.1.7 Waarschuwings- en/of communicatiemasten Gelet op artikel 12.2 wordt artikel 12.4, sub a onder 2 verwijderd: 12.4 Afwijken van de bouwhoogtes Het bevoegd gezag kan met inachtneming van het bepaalde in de dubbelbestemmingen en (gebieds)aanduidingen, een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking: e. van de regels ten aanzien van de maximaal toegestane bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot: 1. ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, tot niet meer dan 40,00 m; 2. ten behoeve van waarschuwings- en/of communicatiemasten tot niet meer dan 50,00 m; 2. ten behoeve van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot niet meer dan 10,00 m; f.
van de regels ten aanzien van de maximaal toegestane bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van een overschrijding van deze maximaal toegestane bouwhoogte voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten, met dien verstande dat: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting niet meer mag bedragen dan 10% van het betreffende platte dakvlak of de horizontale projectie van het schuine dakvlak;
2. de bouw hoogte niet meer mag bedragen dan 1,25 maal de maximaal toegestane bouwhoogte van het betreffende gebouw.
3.1.8 Afwijken ten behoeve van zorgunits In het ontwerpplan is in artikel 12.5 een afwijkingsbevoegdheid opgenomen ten behoeve van het realiseren van zorgunits. Dit artikel is verwijderd. 12.5 Afwijken ten behoeve van zorgunits Het bevoegd gezag kan met inachtneming van het bepaalde in de dubbelbestemmingen en (gebieds)aanduidingen, een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van de bouw- en/of gebruiksregels voor de bouw van zorgunits indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de maximale oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken zoals bepaald in Hoofdstuk 2 van deze regels mag niet worden overschreden;
28
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
b. in afwijking van het gestelde onder a kan de maximale oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken worden vergroot tot maximaal 35 m² indien de maximale toegestane oppervlakte reeds is bereikt; c. uit de zorgtoets blijkt dat de zorgunit noodzakelijk is; d. na beëindiging van de situatie dient de omgevingsvergunning te worden ingetrokken.
3.1.9 Wijzigingsbevoegdheid algemene wijziging De wijzigingsbevoegdheid opgenomen in artikel 13.1 wordt verwijderd, aangezien deze gelijkluidend is met de wijzigingsbevoegdheid in artikel 13.3. Laatstgenoemde bevoegdheid wordt artikel 13.1. 13.1 Algemene wijziging Burgemeester en wethouders kunnen het bestemmingsplan wijzigen ten behoeve van het in geringe mate, tot niet meer dan 2,00 meter, verschuiven van de bestemmingsgrenzen, mits dit noodzakelijk is, in verband met afwijkingen of onnauwkeurigheden van de kaart, ten opzichte van de feitelijke situatie, voor zover daarmee wordt beoogd een zo goed mogelijke overeenstemming tussen het plan en de werkelijke toestand te bereiken.
3.1.10 Wijzigingsbevoegdheid terrassen De wijzigingsbevoegdheid opgenomen in artikel 13.2 wordt verwijderd. 13.2 Terrassen Burgemeester en wethouders kunnen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 Wro, het plan wijzigen en een nieuw horecaterras toestaan, danwel een bestaand terras verplaatsen of vergroten/verbreden door de aanduiding 'terras' toe te voegen dan wel te verplaatsen, met in achtneming van het volgende: a. het terras dient gelieerd te zijn aan een bestaande horeca-inrichting; b. gelegen is binnen (het verlengde van) de perceelsgrenzen van de inrichting waar het terras bij hoort; c. de afstand van het terras tot de rijbaan ten minste 1,5 meter is; d. er op een trottoir een loopstrook resteert van ten minste 1,5 meter; e. op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening een terrasvergunning kan worden verleend; Van het bepaalde onder a, b en c kan worden afgeweken wanneer de inrichting of het gebruik van de openbare ruimte ter plaatse hier aanleiding toe geeft.
3.1.11 Borging parkeren Ter publiekrechtelijke borging van het parkeren is artikel 15.2.1 van het bestemmingsplan als volgt gewijzigd: 15.2.1 Parkeernorm Daar waar in de regels wordt verwezen naar het parkeerbeleid, moet de, op het tijdstip van aanvraag van de omgevingsvergunning geldende parkeernorm worden gehanteerd. De gemeente beschouwt de 'Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom' (ASVV 2004/CROW) in het kader van dit bestemmingsplan als een gemeentelijke regeling. De gemeente hanteert bij nieuwbouw van vrijstaande en halfvrijstaande woningen, waaronder ook twee-onder-een-kapwoningen, de parkeernorm van 2 parkeerplaatsen op eigen terrein exclusief de garage.
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
29
Het bevoegd gezag toetst bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of het verlenen van een omgevingsvergunning voor het afwijken van de gebruiksregels of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Een omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende regels: a. In het geval van de oprichting of uitbreiding van een gebouw dient ten behoeve van het parkeren te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. b. In het geval van functiewijziging van een gebouw en/of van gronden dient ten behoeve van het parkeren te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. c. de op het tijdstip van aanvraag van de omgevingsvergunning geldende parkeernorm moet worden gehanteerd. De gemeente beschouwt de ASVV, CROW in het kader van dit bestemmingsplan als een gemeentelijke regeling. d. De parkeervoorzieningen als bedoeld onder a en b dienen in stand te worden gehouden. e. In afwijking van het bepaalde onder a, b en c kan bevoegd gezag een omgevingsvergunning verlenen: 1. indien het voldoen aan die bepalingen op overwegende bezwaren stuit; en 2. voor zover op andere redelijke wijze in de nodige parkeerruimte wordt voorzien.
3.2
Aanpassingen verbeelding
Op de verbeelding zijn de volgende wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan doorgevoerd: het bestemmingsvlak van de bestemming ‘Horeca’ is verkleind van 1.500 m2 in circa 900 m2; het binnen de bestemming ‘Horeca’ opgenomen bouwvlak is verkleind van 1.035 m2 in circa 600 m2; de aanduiding voor het buitenterras binnen de bestemming ‘Horeca’ is verkleind van circa 600 m2 in circa 300 m2; ter plekke van het bouwvlak binnen de bestemming ‘Horeca’ is de ‘specifieke bouwaanduiding – peil’ opgenomen.
3.3
Aanpassingen toelichting
Naar aanleiding van de doorgevoerde aanpassingen in de regels van de verbeelding is een aantal tekstuele wijzigingen doorgevoerd in de toelichting van het bestemmingsplan. Het betreft wijzigingen in paragraaf 4.1 ‘Horecavoorziening’, paragraaf 5.3.2 ‘Nieuwe bedrijvigheid’, paragraaf 6.3.1 ‘Ontsluiting’, paragraaf 6.3.3 ‘Verkeersgeneratie’, en paragraaf 8.4.2 ‘Zienswijzen’. Voorts is de voorliggende Nota van zienswijzen als bijlage 9 bij de toelichting toegevoegd.
30
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
Bijlagen 1. Reactie zienswijze Quickscan flora en fauna Uitkijkpunt Hulsveld d.d. 21 december 2021 (Ecoplanning, projectnummer P266-V01); 2. Memo reactie zienswijzen akoestisch onderzoek d.d. 20 december 2021 (Aelmans ROM B.V., documentnummer M198880.002.004/GGO); 3. Aerius berekening d.d. 14 december 2021.
Nota van Zienswijzen Bestemmingsplan ‘Herinrichting Uitkijkpunt Huls’
31
Bijlage 1
Notitie Betreft:
Auteur:
Datum
Projectnummer:
Reactie Zienswijze Quickscan flora en fauna Uitkijkpunt Hulsveld
Ing. M.C. Bonder
21-12-2021
P266 – V01
1.
AANLEIDING
Aelmans ROM BV heeft Ecoplanning gevraagd de zienswijze op het ontwerp bestemmingsplan NL.IMRO.0965.BPuitkijkpunthuls-ON01 welke bij de gemeente Simpelveld is binnengekomen, te beoordelen en waar mogelijk te weerleggen. Het betreft de zienswijze van de familie H. Grooten van 19 november 2021 welke in voorliggende notitie verder zal worden aangeduid als “zienswijze”.
2.
BEOORDELING
2.1
ALGEMEEN
De zienswijze richt zich op onder andere het rapport Quickscan flora en fauna Uitkijkpunt Hulsveld (Ecoplanning, april 2020), vanaf nu genoemd “quickscan”. De zienswijze geeft geen detailinformatie van beschermde flora en fauna weer in de zin van hoeveel verblijfplaatsen of groeiplaatsen aanwezig zijn, zoals waar (op kaartje), welk jaartal, bronvermeldingen en verantwoording.
2.2
BESCHRIJVING RICHTLIJN QUICKSCAN SOORTEN
De quickscan is gebaseerd op de richtlijn Quickscan soorten zoals is vermeld in de Definitielijst Netwerk Groene Bureaus 2020 waarover het volgende: • Een quickscan soorten is een verkenning van het feitelijke en met name het potentieel voorkomen van soorten beschermd binnen de Wet natuurbescherming (Wnb) en de functies van het gebied voor deze soorten. Dit wordt gedaan middels een bronnenonderzoek (databanken en literatuurstudie) en een habitatsgeschiktheidsbeoordeling via een oriënterend veldbezoek. • Het betreft soorten beschermd binnen beschermingsregime: ➢ §3.1 Vogelrichtlijn waarvan het nest jaarrond is beschermd conform het document Beleidsregels ten behoeve van de passieve soortenbescherming onder de Wnb in Limburg (6 december 2017, Limburg); ➢ §3.2 habitatrichtlijn; ➢ §3.3 Beschermingsregime andere soorten: hiervoor geldt de Omgevingsverordening Limburg 2014 bijlage III bij paragraaf 3.8 “Vrijstelling dieren bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud”. De quickscan behandelt alleen de soorten waarvoor in Limburg geen vrijstelling of een gedeeltelijke vrijstelling geldt. Página 1 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
• De effecten van de voorgenomen ingreep op de feitelijk en mogelijk voorkomende beschermde soorten en op de functies van het gebied voor deze soorten worden getoetst aan de Wnb op basis van het bronnenonderzoek en het oriënterend veldbezoek • Er worden conclusies getrokken ten aanzien van de noodzaak en aard van een nader onderzoek naar beschermde soorten en een eventuele ontheffingsaanvraag.
2.3
BEHANDELING ZIENSWIJZE
Onderstaand behandelt elk onderdeel van de zienswijze puntsgewijs. Blz.
Tekst beroepsgrond:
Reactie:
6
4A) Vraag Is deze Scan ook in het aangrenzende gebied en ook in de directe verbonden graften en holle weg van het te wijzigen bestemmingsplan uitgevoerd naar mogelijke beschermde waarden in het kader voor het de Natuurwet (WNB).
In de beschrijvingen soortengroepen wordt in de paragraaf “literatuur” ook waarnemingen in de omgeving beschreven. Onder “in de omgeving van het plangebied” wordt verstaan binnen een straal van 500m. Op basis van deze waarnemingen in combinatie met de voorgenomen ingreep in het plangebied, was er geen aanleiding om graften te onderzoeken. Het deel van de holle weg (Hulsbergerweg) dat op de grens van het plangebied zich bevindt (zie figuren 1.1 en 1.3 in de quickscan), is wel onderzocht. Er zijn hier tijdens het veldbezoek van 01 april 2020 geen indicaties waargenomen dat er groei-, rust- en/of voortplantingslocaties van beschermde flora en fauna aanwezig kunnen zijn.
6
4B) Is er onderzocht welke specifiek biodiversiteit en Habitat in aanwezige en de direct aangrenzende graften en holle weg (Hulsberger-weg) aanwezig is.
De quickscan behandelt alleen het plangebied, dit is de locatie van de ingreep. Conform de resultaten van deze quickscan is er geen sprake van randeffecten buiten het plangebied.
7
4C) Zijn er tijdens deze scan de richtlijnen van de Europese Habitat richtlijn (V.H.R.) gehanteerd.
De quickscan is gebaseerd op de richtlijn Quickscan soorten zoals is vermeld in de Definitielijst Netwerk Groene Bureaus 2020. Dat betekent dat in de quickscan ook de aanwezigheid
Página 2 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
van soorten van waarvan de beschermingsregels in de Europese Habitatrichtlijn zijn opgenomen in de Wet natuurbescherming, zijn beschreven welke zijn beschermd binnen de Wnb. 7
4D) Is er onderzoek uitgevoerd naar de belangrijkheid van de Ecologische verbindingszone en het verstoren van de nabijgelegen natuurgebieden o.a. Natura 2000 met een grote botanische en faunistische rijkdom, in wisseling met holle wegen en graften. Natura 2000 .gebieden zijn binnen een straal van 1,2 KM , 1,7km en 2,1Km aanwezig.
De quickscan is enkel gebaseerd op de richtlijn Quickscan soorten zoals is vermeld in de Definitielijst Netwerk Groene Bureaus 2020 (zie par. 2.2 beschrijving richtlijn quickscan soorten).
7
4 E) Holle wegen en graften worden door de volgende Organisaties als belangrijk voor de leef kwaliteit van bijzondere isotopen en natuurwaarden aangeprezen en gestimuleerd, om enkele te noemen IKL -Limburg, Visit Zuid-Limburg, ARK, O+BNkennisnetwerken en KROTVHollewegen in Zuid-Limburg.
Graften bevinden zich niet in het plangebied.
7
4F) -Helaas moet ik constateren dat er voorbijgegaan wordt aan de belangrijke adviezen van het O+BNkennisnetwerk m.b.t de noodzaak en lokaliseren van bufferzonen rond natura 2000 gebieden.
De quickscan is enkel gebaseerd op de richtlijn Quickscan soorten zoals is vermeld in de Definitielijst Netwerk Groene Bureaus 2020 (zie par. 2.2 beschrijving richtlijn quickscan soorten).
7
4G) Zijn de adviezen/rapport van het O+BN-netwerk m.b.t ingreep in historisch landschap graften -holle wegen meegewogen/onderzocht.
Dit valt buiten de scope van de quickscan flora en fauna.
7 en 8
4H) Het O+BN-kennisnetwerk is samen met het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedsel kwaliteit een van de belangrijkste en
Dit valt buiten de scope van de quickscan flora en fauna.
Página 3 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
objectiefste adviesorganen in Nederland. Waarom gebruikt m.n. de aldaar bestaande specifieke natuur onderzoeken en adviezen niet en beperkt zich alleen tot een "ZuidLimburgs advies mogelijkheden". Laten we als gemeenschap met goed rentmeesterschap en hoogwaardige objectiviteit Ons natuurlijk leefgebied en gezondheid beschermen. Het beste is goed genoeg als we onze jeugd en komende generaties willen behoeden van nog meer natuur catastrofen en verlies van biodiversiteit. Het is vijf voor twaalf! leder is overtuigd van de enorme ecologische waarden van de natuur en de leef kwaliteit voor de mens. Het beschermen en onderhouden van het kleine maar bijzonder Natuurplekje heeft een voorbeeldfunctie voor het bevorderen van bewustzijn voor natuurwaarden vooral voor de jeugd. 8
4I) Mijn eigen Huiswerk! Helaas moet ik constateren dat de uitgevoerde QuickScan van de Heer Bonder niet juist en onzorgvuldig is uitgevoerd.
Ecoplanning heeft de quickscan uitgevoerd conform de richtlijn Quickscan soorten (zie par. 2.2 beschrijving richtlijn quickscan soorten).
8
4J ) -De tijd -van 1 April is niet juist voor de uitvoering om een degelijk en volledig inzicht te verwerven, over de aanwezige Flora en Fauna en natuurwaarden. - Mijn indruk is dat de kansen niet zijn onderzocht die het terrein en de omgevende graften en holle weg bieden voor behoud van de natuurlijk ecologische waarden voor nu en de toekomstige generatie. Een kernvraag is Beschermen we de Natuur nu en voor de toekomst of na ons de zondvloed!
Een quickscan kan elk moment van het jaar worden uitgevoerd. De quickscan betreft een momentopname. De bevindingen van het veldbezoek van 01 april 2020 geeft geen aanleiding tot een nader onderzoek van het plangebied noch ter plaatse van de graften en holle weg buiten het plangebied.
Página 4 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
8
4K) - Conclusie en resultaten door mijn uitgevoerde Spotten van dieren en de habitat Fauna van het terrein en omringende graften en holle weg ,over een periode van twee jaar: Een groot verschil met de gegevens van de uitgevoerde scan door de heer M.C. Bonder. Een moment opname van de natuur situatie ter plekke zoals door een scan van de Heer Bonder heeft een grote inhoudelijke beperking.
De quickscan betreft een momentopname. De bevindingen van deze quickscan geven geen aanleiding tot een nader onderzoek.
9
4I) De resultaten van de Scan door de Heer M.C. Bonder zijn medebepalend gebruikt als inbreng voor het mogelijk wijzigen van het bestemmingplan.
De resultaten van de quickscan zijn gebaseerd op het veldbezoek van 01 april 2020 en de literatuurstudie zoals is omschreven in hoofdstuk 3 van de quickscan. Een quickscan is vanuit de Wnb noodzakelijk voor een bestemmingsplanwijziging.
9 en 10
4J) In mijn Fauna onderzoek zijn gespot: Diverse soorten Bijen, Groene specht en zwarte specht (sporadisch), Vleermuizen, Vlaamse gaai, Kleine en grote lijster, patrijs, Haas, Eekhoorn, Egels, Merel, diverse soorten vinken zoals groenling en kneu , Roeken ( sporadisch), kraaien, mussen, spreeuwen, Veldleeuwerik, Koekkoek ( sporadisch) diverse soorten vlinders, diverse soorten mezen, diverse soorten Padden van een soort heb Foto kunnen maken en is bijgevoegd als Bijlage 1. In de vijver in onze tuin zijn er ook salamanders en diverse soorten libellen en insecten aanwezig. Deze tuin is direct grenzend aan terrein heeft een natuurlijke binding en vormt een
De quickscan is uitgevoerd conform de richtlijn Quickscan soorten. Ecoplanning vraagt standaard gegevens op uit de Nationale Databank Flora en fauna (NDFF) voor elke quickscan. Dit doet Ecoplanning protocollair altijd voordat het veldbezoek wordt uitgevoerd, om zodoende gericht eventueel aanwezige beschermde flora en fauna te inventariseren. In combinatie met het veldbezoek van 01 april 2020 waarbij tevens een habitatgeschikheidsbeoordeling werd uitgevoerd, bleek er geen aanleiding te zijn voor een nader onderzoek.
Página 5 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
habitat voor de aanwezige Fauna en flora in het gebied. Meerdere beschermde diersoorten o.a.: Een das heb ik s 'nachts twee keer op het terrein gespot bezig met in deaarde woelen op zoek naar wormen, Er is waarschijnlijk een burcht in de directe omgeving in de graften of holle weg. Verder onderzoek wordt uitgevoerd. Vorige week bij het spotten van dieren op het terrein en de aangrenzende graften , een dode steenmarter gevonden, lag op het gras bij de inrit terrein en Holleweg Hulsbergerweg, (mogelijk door verkeer gedood). Ik heb een foto gemaakt en bijgevoegd bijlagen 2. Conclusie: diverse beschermde Dieren volgens de Wet Natuurbescherming aanwezig Een Flora onderzoek is toekomstig tevens noodzakelijk, in de daarvoor geschikte jaargetijden. 10
5-EXTERNE expertise RAADPLEGEN en eigen huiswerk maken! Om de positieve kansen van dit bijzondere plekje en natuur mogelijkheden beter te valideren en te behouden voor onze jeugd en toekomstige generaties is er door mij o.a.: De heer Professor. Dr. Joop H.J. Schaminée van de Wageningen University Research Centre en Radboud Universiteit Nijmegen verzocht om mede te onderzoeken en enkele gedachten over het gebiedje op papier te zetten. Reden is betere inhoudelijk kennis te verwerven en een beeld te verkrijgen voor kansen van dit uniek gelegen kalkgrasland terrein.
Ecoplanning is een onafhankelijk ecologisch adviesbureau dat onder andere projecten toetst op de Wet natuurbescherming. In het plangebied is op dit moment geen kalkgrasland noch een uitgangssituatie hiervoor aanwezig.
Página 6 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
Uitgevoerd zijn grondboringen verricht door de Heer Joop Schaminée samen met de Heer Dr. Harm Smeenge, bodemonderzoeker en onlangs gepromoveerd op een historische gebied studie van Twente. De heer Joop Schaminée is zeer ervaren en een toonaangevende botanicus in Nederland en Europa, zijn meer dan 30 jaar onderzoek en wetenschappelijke publicaties vooral over o.a. Zuid-Limburg zijn uniek te noemen. Joop een schitterend mens en er was veel te leren!
2.4
SOORTENBESCHERMING
In het volgende overzicht wordt ingegaan op de relevante effecten op de overige flora en fauna: Beschermingsstatus Wnb
Toets Wnb en analyse
Roek, mussen (mogelijk wordt bedoeld huismus)
Artikel 3.1 §3.1 Vogelrichtlijn Categorieën 1 t/m 3: nest en functioneel leefgebied jaarrond beschermd.
De quickscan weerlegt de eventuele aanwezigheid van functioneel leefgebied, rust- en/of voortplantingslocaties van de roek en huismus in het plangebied (zie § 3.4 in de quickscan).
Groene specht, zwarte specht, kraai, spreeuw, mezen
Artikel 3.1 §3.1 Vogelrichtlijn Categorie 4: zijn nesten van plaats trouwe vogels die over voldoende flexibiliteit beschikken om zich elders te vestigen indien de nestplaats verloren gaat. Deze nesten zijn niet jaarrond beschermd. Indien er echter zwaarwegende feiten of ecologische
Deze soorten zijn in Limburg algemeen en daarom zijn er geen zwaarwegende feiten waarbij het nest jaarrond beschermd is. Wel dient de kap van de bomen buiten het broedseizoen van de soort plaats te vinden.
Soort
De zwarte specht is een soort van naald- en gemengde bossen; deze zijn niet aanwezig in het plangebied. Waarnemingen in de periode 20102020 van de soort zijn volgens de NDFF niet bekend in Simpelveld. De
Página 7 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
omstandigheden zijn die dit niet rechtvaardigen zijn de nesten toch jaarrond beschermd.
aanwezigheid van nesten in het plangebied van de zwarte specht is uitgesloten.
Grote lijster, patrijs, merel, veldleeuwerik, koekoek, gaai
Artikel 3.1 §3.1 Vogelrichtlijn geen categorie: Nesten zijn alleen beschermd tijdens het broedseizoen
Voor het eventueel verstoren van nesten is geen ontheffing Wnb nodig noch een nader onderzoek, indien de verstoring plaats vindt buiten het broedseizoen.
Vleermuizen
Artikel 3.5 §3.2 Habitatrichtlijn: Functioneel leefgebied is jaarrond beschermd.
In het plangebied bevindt zich één boom met een scheur die geschikt is als paar- en zomerverblijfplaats voor in bomen bewonende vleermuizen zoals de gewone grootoorvleermuis en ruige dwergvleermuis. Echter, deze boom blijft gehandhaafd.
Das
Artikel 3.10 bijlage onderdeel A bij de Wnb, een vrijstelling in de Omgevingsverordening Limburg 2014 bijlage III bij paragraaf 3.8
De quickscan weerlegt de eventuele aanwezigheid van functioneel leefgebied van de das in het plangebied (zie § 3.2 in de quickscan).
Eekhoorn en steenmarter
Artikel 3.10 bijlage onderdeel A bij de Wnb geldt de Omgevingsverordening Limburg 2014 bijlage III bij paragraaf 3.8 “Gedeeltelijke Vrijstelling dieren bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud”
Voor het eventueel verstoren van deze soorten en haar leefgebied is geen ontheffing Wnb nodig noch een nader onderzoek, indien de verstoring van rust- en/of voortplantingslocaties plaats vindt binnen de vrijstellingsperiode. Voor de eekhoorn is dit Maart- april en juli tot en met november. Voor de steenmarter is dit 15 augustus tot en met februari. Uit de quickscan blijkt bovendien dart het plangebied ongeschikt is als functioneel leefgebied voor deze soorten.
Página 8 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
Haas
Artikel 3.10 bijlage onderdeel A bij de Wnb geldt de Omgevingsverordening Limburg 2014 bijlage III bij paragraaf 3.8 “Vrijstelling dieren bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud”
Voor het eventueel verstoren van deze soorten en haar leefgebied is geen ontheffing Wnb nodig noch een nader onderzoek
Bijen, wormen
Onbeschermd
Voor het eventueel verstoren van deze soorten en haar leefgebied is geen ontheffing Wnb nodig noch een nader onderzoek
3.
CONCLUSIE
Voorliggende zienswijze geeft geen aanleiding de conclusie van de het rapport Quickscan flora en fauna Uitkijkpunt Hulsveld (Ecoplanning, april 2020) te wijzigen. Wel wordt opgemerkt dat de conclusie van het rapport is gebaseerd op de situatie zoals die is aangetroffen op 01 april 2020 en zodoende de quickscan enkel een momentopname is van dat moment.
Página 9 van 9 Reactie beroepsgronden BP Recreatielandgoed De kleine Peul - V02
Bijlage 2
Memo Datum Documentnummer Relatie Onderwerp
20 december 2021 M198880.002.004/GGO Gemeente Simpelveld, de heer L.C. de Vor Memo reactie zienswijze
Inleiding In onderhavige memo wordt ingegaan op de ingezonden motivering zienswijze d.d. 14 december 2021 met kenmerk “21/89” waarin onder andere reacties zijn opgenomen ten aanzien van het akoestisch onderzoek industrielawaai met kenmerk “M198880.002.002.R2/JGO” d.d. 20 april 2021 (hierna: AO IL). Er wordt in onderhavige memo alleen ingegaan op de punten ten aanzien van het akoestische rapport. De opmerkingen zijn navolgend punt voor punt behandeld. Ondersteunend aan de uitleg is in de bijlage een detailberekening toegevoegd voor beoordelingspunt o 04 in het rekenmodel. Hierin zijn de geluidbelastingen per onderdeel te zien en geven inzicht in de aanwezige geluidruimte. Er is gekozen voor beoordelingspunt o 04 omdat deze als één van de meest akoestisch relevante punten wordt gezien. Punt 1: Het stemgeluid is onderschat. Zoals vermeld in paragraaf 4.2 van het AO IL wordt er op de terrassen al uitgegaan van een stemgeluid dat hoger ligt dan een standaard spreekniveau. Dit stemniveau komt overeen met vergelijkbare worst-case situaties. Voor het stemgeluid onderweg van en naar de auto en op bij de fietsenstalling is uitgegaan van normaal stemgeluid dat 5 dB lager ligt. Ook dit komt overeen met vergelijkbare situaties.
Tevens is het zo dat voor het stemgeluid sowieso al zeer worst-case aannames gedaan zijn, zoals dat in de avondperiode gedurende twee uur lang zes mensen continu staan te praten bij de fietsenstalling. De suggestie dat dit geen worst-case benadering zou zijn is ons inziens niet van realistische aard. Voorts is te zien dat er al sprake is van relatief lage geluidbelasting ter plaatse van de woningen. Zelfs bij een 5 dB toename in bronvermogen in stemgeluid, daar waar uitgegaan is van normaal spreekniveau én indien overige worst-case aannames blijven is er geen sprake van een overschrijding van de 45 dB(A) etmaalwaarde, conform stap 2 van de VNG-publicatie voor rustige woonwijk. Conclusie: Aanpassing van het stemgeluid wordt niet nodig geacht en indien toch een té worst-case scenario wordt berekent met een luider stemgeluid dan leidt dit niet tot een overschrijding van de geldende normen. Punt 2: Inpandige geluidproductie is niet beschouwd Het is correct dat deze niet behandeld is in het AO IL. Dit heeft als voornaamste reden dat de mogelijke geluiduitstraling die ten gevolge van inpandige activiteiten tot stand komt als niet akoestisch relevant wordt gezien. Er wordt in de zienswijze gesteld dat het mogelijk is dat in de zomerperiode de puien continu open worden gehouden en hier geen rekening mee gehouden wordt in het AO IL.
In de zomerperiode is aan te nemen dat ter plaatse het geluid afkomstig van de volle
M198880.002.004/GGO, Pagina 2 van 3
terrassen akoestisch gezien overheersend zal zijn in verhouding met de eventuele geluiduitstraling die inpandig ontstaat. Aanvullend hieraan geldt dat als worst-case uitgegaan wordt van een 3 dB hogere geluiduitstraling ter plaatse van het terras dan nog zal er voldaan worden aan de geldende normen. Conclusie: geluid afkomstig van inpandige activiteiten worden niet akoestisch relevant geacht en indien toch een té worst-case scenario wordt berekent met een uitstraling ten gevolge van inpandige activiteiten dan zal dit niet leiden tot overschrijdingen van de geldende normen. Punt 3: Het bronvermogen van de warmtepomp is aan de lage kant. Een bronvermogen van 60 dB(A) voor warmtepompen is aan de stillere kant, maar zeker niet onrealistisch. Hierbij komt dat er in het AO IL geen rekening gehouden is met een eventuele stiltemodus én dus ook in de avond- en nachtperiode een bronvermogen van 60 dB(A) is aangehouden, daarbij komt ook nog dat hier is aangenomen dat deze 100% van de tijd op dit niveau draait. In de praktijk zal dit ook niet het geval zijn. Daarbij komt dat de warmtepomp niet akoestisch relevant is. Zelfs bij een aanname van een bronvermogen van 70 dB(A) worden de geldende normen niet overschreden. Daarnaast kan, indien dit bronvermogen een probleem was geweest, bij warmtepompen relatief makkelijk de geluiduitstraling gereduceerd worden door bijvoorbeeld een omkasting.
Conclusie: De warmtepomp is niet onrealistisch gemodelleerd. Tevens geeft een toename van een bronvermogen van 10 dB(A) geen overschrijding van de geldende normen. Punt 4: Achteruitsignalering wordt onderschat Er is in het AO IL in paragraaf 5.1 aangegeven waarom dit niet onderschat is. Dit is ons inziens voldoende ondersteunt en niet verworpen met eerdere stelling in de zienswijze. Tevens mag conform jurisprudentie de bedrijfssituatie inclusief achteruitrijsignalering apart worden beschouwd. Indien de signalering ter plaatse van immissiepunten als zodanig hoorbaar is, geldt hiervoor een toeslag op de totale immissie van 5 dB gedurende deze bedrijfssituatie. Tevens geldt een bedrijfsduurcorrectie voor de tijd dat de bedrijfssituatie voortduurt. Wanneer de signalering maximaal 20,0/6,7/13,3 minuten in de dag-/avond-/nachtperiode hoorbaar is bij immissiepunten, bedraagt deze bedrijfsduurcorrectie -15,6 dB. De bedrijfsduurcorrectie voor de bedrijfssituatie zonder signalering bedraagt in dat geval -0,1 dB. Hiermee is de bijdrage van de bedrijfssituatie met signalering en inclusief toeslag 10,5 dB lager dan die van de bedrijfssituatie zonder signalering/toeslag en daarmee akoestisch niet maatgevend. Voorts is het zo dat het laden en lossen middels vrachtwagens zich aan de oostkant bevindt, waarbij er geen geluidgevoelige objecten van derde in de nabije omgeving liggen.
Conclusie: Toepassing van achteruitsignalering is niet onderschat. De gemodelleerde situatie volstaat. Punt 5: Onderhoudt zoals het maaien van gras wordt niet meegenomen in het AO IL In het AO IL wordt gekeken naar de inrichting en de geluiduitstraling ten gevolge van de horeca. Dat er nog andere activiteiten plaats vinden buiten deze inrichting is daarbij niet relevant. De activiteiten zoals het maaien van gras en dergelijk onderhoudt voor de (nabije) omgeving wordt gedaan door de gemeente. Deze activiteiten zijn niet verbonden met de te onderzoeken inrichting in het akoestische
M198880.002.004/GGO, Pagina 3 van 3
onderzoek en derhalve niet relevant. Conclusie: Er is geen functionele binding tussen horeca en het uit te voeren onderhoudt, derhalve wordt dit niet onderzocht in het akoestisch onderzoek en doet dit niks af aan de conclusies in de akoestische rapportage. Punt 6: Stap 3 (van de VNG-publicatie) is niet correct toegepast Zoals benoemd in punt 5 is er geen sprake van stap 3. Er wordt voldaan aan stap 2. De activiteiten, zoals grasmaaien en ander onderhoudt, zijn niet verbonden met de te onderzoeken inrichting van het AO IL. Er is derhalve geen sprake van stap 3 en dus hoeft deze ook niet toegepast te worden. Daar geen gebruik wordt gemaakt van stap 3 hoeft deze ook niet verder onderbouwd te worden. Conclusie: Er wordt voldaan aan stap 2 van de VNG-publicatie, stap 3 is niet aan de orde. Resumerend Er wordt voldaan aan stap 2 van de VNG-publicatie. De conclusie hieruit is dat er derhalve sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voorgenoemde bezwaren/punten brengen hier geen verandering in. De conclusies in het AO IL blijven onveranderd en geeft geen rede tot aanpassing van het rapport. Gezien het vorenstaande kan geconcludeerd worden dat de toekomstige situatie ten aanzien de in deze memo en in het AO IL aangegeven randvoorwaarden akoestisch inpasbaar geacht kan worden. Er is sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. G.R.M.
Goertz Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu B.V.
Bijlage: 1) Uitsnede detailberekening van model voor rekenpunt t 05.
Bijlage 1 Detailberekening beoordelingspunt o 04_B Rapport: Model: LAeq bij Bron/Groep voor toetspunt: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel M198880.002.002.R2/JGO o 04_B - St. Remigiusstraat 51 LAr,LT Nee
Naam Bron/Groep o 04_B b 01 b 02 b 03 b 04 b 05
Omschrijving St. Remigiusstraat 51 Stemgeluid terras (5 personen) Stemgeluid terras (5 personen) Stemgeluid terras (5 personen) Stemgeluid terras (5 personen) Stemgeluid terras (5 personen)
b 06 b 07 b 08 b 09 b 10
Hoogte 5,00 1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
Dag 39,21 21,52 21,08 21,11 18,48 14,60
Avond 37,42 22,31 21,87 21,90 19,27 15,39
Nacht 24,45 ------
Etmaal 42,42 27,31 26,87 26,90 24,27 20,39
Stemgeluid terras (5 personen) Stemgeluid terras restaurant (5 personen) Stemgeluid terras restaurant (5 personen) Stemgeluid terras restaurant (5 personen) Stemgeluid terras restaurant (5 personen)
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
13,10 21,35 17,03 11,94 9,21
13,89 22,14 17,82 12,73 10,00
------
18,89 27,14 22,82 17,73 15,00
b 11 b 12 b 13 b 14 b 15
Stemgeluid terras restaurant (5 personen) Stemgeluid terras restaurant (5 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen)
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
8,45 7,90 19,91 9,54 8,45
9,24 8,69 19,91 9,54 8,45
------
14,24 13,69 24,91 14,54 13,45
b 16 b 17 b 18 b 19 b 20
Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij vlonder (2 personen)
1,00 1,00 1,00 1,00 1,00
16,26 13,83 7,24 5,48 6,33
16,26 13,83 7,24 5,48 6,33
------
21,26 18,83 12,24 10,48 11,33
b 21 b 22 b 23 b 24 b 25
Stemgeluid bij vlonder (2 personen) Stemgeluid bij fietsenstalling (6 personen) Stemgeluid speelelement (10 kinderen) Warmtepomp Afzuiging keuken
1,00 1,50 1,00 0,50 3,80
5,89 26,87 24,70 18,18 34,97
5,89 27,66 25,49 18,18 34,97
---18,18 --
10,89 32,66 30,49 28,18 39,97
b 26 b 27 b 28 b 29 b 30
cv-ketel horeca Koelmotor vrachtwagen Laad- en losactiviteiten Achteruitrijdsignalen vrachtwagen Achteruitrijdsignalen vrachtwagen
3,80 3,00 1,00 1,00 1,00
23,28 34,69 20,97 12,36 14,62
23,28 -----
23,28 -----
33,28 34,69 20,97 12,36 14,62
lb 01 lb 02 mb 01 mb 02
Stemgeluid parkeerplaats St. Remigiusstraat Stemgeluid parkeerplaats Hulsbergweg Vrachtwagen Bestelbus
1,50 1,50 1,00 0,75
14,33 13,86 13,93 4,23
16,09 15,62 ---
-----
21,09 20,62 13,93 4,23
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2020.2 Licentiehouder: Aelmans Adviesgroep
24-12-2021 17:16:25
Bijlage 3
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Rje8oC64gwHF (14 december 2021) pagina 1/5
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Gemeente Simpelveld
St. Remigiusstraat , 6369EC Simpelveld
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Gebruiksfase Hulsveld te Huls, Simpelveld
Rje8oC64gwHF
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
14 december 2021, 10:26
2020
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)
Toelichting
Resultaten
Situatie 1
NOx
21,14 kg/j
NH3
1,39 kg/j
Natuurgebied
Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.
Gebruiksfase plan Hulsveld
Situatie 1
Rje8oC64gwHF (14 december 2021) pagina 2/5
Resultaten
Locatie Situatie 1
Emissie Situatie 1
Bron Sector
Verkeersbewegingen gebruiksfasese Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
Resultaten
Situatie 1
Emissie NH3
Emissie NOx
1,39 kg/j
21,14 kg/j
Rje8oC64gwHF (14 december 2021) pagina 3/5
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam
Situatie 1
Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
Soort
Voertuig
Standaard
Verkeersbewegingen gebruiksfasese 196543, 316964 21,14 kg/j 1,39 kg/j
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Zwaar vrachtverkeer
60,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
100,0 / jaar NOx NH3
< 1 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Licht verkeer
1.945,0 / etmaal NOx NH3
21,09 kg/j 1,39 kg/j
Situatie 1
Rje8oC64gwHF (14 december 2021) pagina 4/5
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210525_2040287d5b Database versie 2020_20210713_c09c249ebe Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
Situatie 1
Rje8oC64gwHF (14 december 2021) pagina 5/5