CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

VII-7 Bijlage 1 RUD Aanbiedingsbrief ontwerpbegroting 2022, meerjarenraming 2023-2025.pdf

Raadsvergadering 3 juni 2021, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel RUD ontwerpbegroting 2022, meerjarenraming 2023-2025 en jaarstukken 202033.581 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

(flessen en tanks)

29

Q

18 accDunrancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

Opslag

Overtredingen t.a.v. opslag van gevaarlijke stoffen in emballage

gevaarlijke stoffen

30

Onderhoud

Overtredingen t.a.v. onderhoud aan installaties t.b.v. externe

3 3. Bodem (grond-

en hulpstoffen)

veiligheid

Adm.

Verplichting

Registratie/administratie van gegevens; behouden van

AP

logboeken e.d.

Financiële

Het betreft hier een dekking van de aansprakelijkheid die

zekerheid

voortvloeit uit verontreiniging van de bodem als gevolg van de opslag van vloeibare brandstof (of afgewerkte olie) in

o

bijvoorbeeld een ondergrondse tank.

Keuringen

26

Keuringen van bv. vloeistofdichte voorzieningen

Verontreiniging

2

Bijvoorbeeld lekkage / morsen op of in de bodem

Voorziening 4. Energie

5. Illegale

Overtredingen m.b.t. bodem beschermende voorzieningen

46

(lekbakken, vloeren etc.)

Voorziening

4

Voorhanden hebben van besparingsmaatregelen

Onderzoek

49

Periodiek onderzoek naar besparingsmaatregelen Situaties in afwijking van de vergunde/gemelde situatie

n. v. t.

60

situaties Overtredinaen BRZO-bedrijven

Het BRZO-toezicht ziet erop toe of een bedrijf in voldoende mate zelf de verantwoordelijkheid neemt voor het borgen van de veiligheid van de eigen activiteiten. Naar aanleiding van de in 2020

uitgevoerde BRZO-inspecties (samen met de partners van de veiligheidsregio en de inspectie SZW) zijn in totaal 44 overtredingen geconstateerd. Van 41 van de 44 overtredingen is sprake van een lichte overtreding, waarvoor een waarschuwingsbrief is verzonden. Bij 3 overtredingen is direct een vooraankondiging voor bestuursrechtelijke maatregelen verzonden (zienswijze brief). Qvertredinsien bouwen en brandveiligheid Toezicht constructieve veiligheid

Bijna alle tekortkomingen hadden betrekking op handelen in strijd met vergunningvoorschriften en/of het naleefgedrag van voorschriften uit het Bouwbesluit 2012. In onderstaande grafiek is de top 5 van de tekortkomingen weergegeven.

Grafiek: Percentage top 5 bouwovertredingen 2020 Top 5 bouwovertredingen

•wapening

•beklsting en beklstingsmiddelen staal

• grondwerkzaamheden

" overig

iconcepts accauntanc;/

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

19

Toezicht bestaande bouw/brandveiligheid Naar aanleiding van de uitgevoerde controles zijn circa 50 overtredingen geconstateerd, hiervan zijn

12 overtredingen inmiddels verholpen. De overtredingen hadden betrekking op de volgende onderwerpen thema's:

• Onvolkomenheden Brandmeldinstallatie; • Onvolkomenheden in brandwerende scheidingen; • Onvolkomenheden in ontruimingsinstallaties. 2.4.1.7 Speerpunten en projecten Toezicht en Handhaving

Plastic Soup Foundation De Plastic Soup Foundation (PSF) is een landelijke organisatie die onder andere de vervuiling van plastic in de omgeving wil voorkomen door dit bij de bron aan te pakken. In de omgeving van de havens van Antwerpen en Rotterdam, maar ook in de omgeving van Chemelot zijn dergelijke vervuilingen aangetroffen. Het industrieterrein Business Park Stein behoort ook tot deze omgeving. De PSF heeft de RUD Zuid-Limburg benaderd en aangegeven dat zij voornemens zijn om een handhavingsverzoek in te dienen voor de geconstateerde vervuilingen. We hebben de PSF voorgesteld om eerst de problematiek in samenwerking met Chemelot en de toezichthoudende instanties te onderzoeken, zodat wij een goed beeld kunnen krijgen van de situatie. Inmiddels hebben wij samen met het Waterschap diverse controles uitgevoerd binnen en rondom

Chemelot alsmede op het nabij gelegen Business Park te Stein. Hierbij zijn diverse overtredingen geconstateerd en termijnen gesteld voor het beëindigen van deze overtredingen. De geconstateerde

overtredingen bij het bedrijf gelegen op het Business park Stein zijn inmiddels verholpen. Naar aanleiding van de geconstateerde overtredingen op de site Chemelot heeft het bedrijf een plan van aanpak opgesteld om de overtredingen (structureel) te beëindigen. De afspraken in het plan van aanpak worden nauwkeurig gemonitord. Alle partijen worden betrokken (Chemelot en overige

bedrijven, Waterschap, PSF) bij de voortgang van dit project. Inmiddels zijn enkele termijnen, die om organisatorische- en technische redenen niet haalbaar waren, aangepast en verlengd. De verwachting is dat medio 2021 alle overtredingen zijn beëindigd. Deelname/ bijdrage aan landelijke BRZO-projecten

De RUD Zuid-Limburg heeft input geleverd aan diverse landelijke projecten, vallende onder Impuls Omgevingsveiligheid (IOV), Meer-Jaren-Agenda BRZO (MJA), BRZO+ en de BRZO OD's. De uitvoering van de projecten wordt gefinancierd door een bijdrage van het Ministerie van I&W via het lOV-programma en een bijdrage vanuit de twaalf provincies voor de realisatie van de provinciale ambities vanuit het uitvoeringsprogramma MJA-BRZO. Financiering van deze projecten vindt separaat plaats via zogenaamde MJA/IOV-gelden. Onderstaande punten onderstaand geeft de belangrijkste werkzaamheden weer:

• Project Landelijke Benadering Risico Bedrijven (LBR) Dit betreft een project in het kader van de aanloop naar een nieuwe inspectiemethodiek (NIM-2) medio 2021. De RUDZL neemt actief deel in dit project. • Opstellen landelijke Monitor (STM 1 tot en met 3) Het BRZO+ bureau stelt jaarlijks de BRZO-monitor op. Deze monitor geeft inzicht in de resultaten van het BRZO-toezicht door alle betrokken partijen (landelijk). De monitor wordt, tezamen met de rapportage over "de staat der Veiligheid", voor de zomer aangeboden voor de Tweede Kamer. De RUD Zuid-Limburg heeft net als andere BRZO-omgevingsdiensten input geleverd voor deze monitor.

iconcepts accoun ca ncy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

20

• Project Melden ongewone voorvallen (TZ4) Landelijk wordt alle data met betrekking tot ongewone voorvallen bij BRZO- en RIE-4 bedrijven geregistreerd en gemonitord. Deze data vormen de basis voor enerzijds een landelijke analyse van alle ongewone voorvallen bij de BRZO- en RIE-4 bedrijven en anderzijds eenduidige interpretatie, registratie en afhandeling van ongewone voorvallen om te komen tot het beter leren van incidenten bij BRZO- en RIE-4-bedrijven. De RUD Zuid-Limburg levert (conform een landelijk format) in 2020 gegevens over ongewone voorvallen aan die mede input zijn voor de analyse.

Daarnaast heeft de RUD Zuid-Limburg input geleverd aan de landelijke analyse/rapport van alle ongewone voorvallen in 2019 en de ontwikkeling van een zogenaamde digitale BRZO Z-card. Deze digitale BRZO Z-card is in 2020 verstuurd naar de BRZO-bedrijven.

• Project Bestuurlijke boete (BOW10) Bij de invoering van de Omgevingswet krijgen de provincies de bestuurlijke boete als nieuw instrument voor overtredingen van de BRZO-regels. IPO is momenteel bezig met het opstellen van een boete-beleidskader. Dit beleidskader moet worden ingebed in het provinciaal handhavingsbeleid. Door de RUD Zuid-Limburg zijn, op verzoek van de provincie Limburg, adviezen uitgebracht over de bestuurlijke boete. Door de RUD Zuid-Limburg zijn, op verzoek van de provincie Limburg, adviezen uitgebracht over de bestuurlijke boete.

Brancheaericht toezicht metaalbedrijven Eind 2020 is binnen de afdeling Milieutoezicht en Veiligheid gestart met een pilot voor een meer risicogerichte benadering van het toezicht in het jaar 2021. Doel is meer inzicht krijgen in het naleefgedrag en de risico's in een specifieke branche. In 2020 zijn voorbereidingen getroffen om het project vorm te geven en een projectplan op te stellen. Hiervoor hebben wij afstemming gezocht met het Toezichtslab van de DCMR. Voor het jaar 2021 is gekozen om te starten met de metaalbranche; dit is een branche met een groot aantal bedrijven, die bij een groot deel van onze partners aanwezig zijn. Het project voorziet in een diepgaander en specialistischer toezicht in de branche, waarbij ook het bedrijfsleven aan de voorkant wordt betrokken. Bij het voorbereiden van de planning van het jaar 2021 zijn de partners geïnformeerd over het project.

Eind 2021 wordt het project geëvalueerd en bepaald in welke vorm dit project een (breder) vervolg krijgt. BOA-pilot Bij het vaststellen van de jaarrekening 2019 in juli 2020 is een bestemmingsreserve voor een BOApilot voor de duur van 2 jaar en voor 0,5 fte gevormd. Voor deze pilot hebben twee toezichthouders in november/december 2020 hun BOA-examen behaald. Als gevolg van de coronacrisis duurde het (erg) lang voordat zij hun opleiding konden starten. In januari 2021 hebben wij een aanvraag gedaan voor de BOA-akte. Deze procedure neemt 3 maanden in beslag, waarna na goedkeuring beëdiging kan volgen.

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

21

2.4.1.8 Realisatie aantallen (trends)

Hieronder volgt een overzicht van de realisatiecijfers per (hoofd)product over de jaren 2018-2020. Grafiek: Aantallen milieutoezicht 2018-2020

Toezicht en handhaving realisatie 2018-2020 g

Bovenstaande aantallen zijn in onderstaande tabel nader uitgewerkt:

Tabel: Gerealiseerde aantallen Toezicht en handhaving Planmatige controles - Planmatige controles Brzo

- Planmatige controles Wm (Wabo/milieu) - Controles^ vuurwerkopslagen Hercontroles

Adhoc controles

Beoordeling (IVRén) Klachten Meldingen ongewone voorvallen

Bestuursrechtelijke handhaving totaal -Handhavingsverzoeken

-Bestuursrechtelijke handhaving (voornemen, last) -Bezwaar en beroepsprocedures

Totaal

2018| 9301

401

8001 90| 2801 3901 12| 1700|

901 79] 16|

45|

18|

3481|

2019 985 39 876 70 368 286 9 1438 99 101 24 38 39 3286

2020 844 35 744 65 348 361 5 1296 85 53 15 27

11

2992

De inzet van het planmatig toezicht is afgenomen ten opzichte van vorig jaar. Dit heeft met name te maken met het bijstellen van de planning als gevolg van de inzet van toezicht bij de afhandeling van bestuursrechtelijke handhavingstrajecten.

concepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

22

In onderstaande tabel zijn de milieuklachten/soort over de jaren 2018-2020 weergegeven. Tabel: Aantallen milieuklachten/soort 2018-2020

290 40 310

2019 o 952 222 20 273

2020 12 830 360 16 78

1.700

1.467

1.296

Bodem

2018 16

Geur

1.044

Geluid Stof Owrig Totaal

Soort klacht

2.5. Specialismen

De medewerkers van de afdeling Specialismen beschikken over specialistische kennis op het gebied van de milieuaspecten asbest, bodem, energie, geluid, lucht en omgevingsveiligheid (voorheen externe veiligheid). Daarmee zijn zij in staat om de vaak integrale en complexe milieuvraagstukken van zowel gemeenten als provincie te ontleden en van een duidelijk advies te voorzien. Bij het opstellen van deze (interne en externe) adviezen wordt veelal gebruik gemaakt van toetsingen en controles, maar worden vaak ook onderzoeken en/of metingen uitgevoerd. Daarnaast participeren de medewerkers van deze afdeling ook in de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van beleid op de taakvelden van de afdeling en houden zij rekening met eventuele innovaties bij de uitvoering van de door de afdeling geleverde producten en gevolgde werkwijzen. 2.5.1.1 Prestatie-indicator Specialismen

Als KPI staan in de begroting 2020 voor wat betreft de afdeling Specialismen het volgende vermeld: Speerpunt

Prestatie indicator

Gerealiseerd

Kwaliteit

De adviezen bevatten heldere

Tevredenheid wordt

conclusies en zijn transparant in de

periodiek tijdens account

afwegingen

overleggen met opdrachtgevers besproken. Tijdens interviews t. b.v. de

toekomst-agenda is brede waardering voor kennis en kunde uitgesproken

Tijdigheid

95% van de adviezen is voor de

96% en daarmee is de

afgesproken termijn aan de

doelstelling dit jaar gehaald

opdrachtgever verzonden

2.5.1.2 Realisatie aantallen

In 2020 zijn bij de afdeling Specialismen in totaliteit 561 verzoeken tot specialistische milieuadvisering ontvangen en in behandeling genomen. Het merendeel daarvan (in 252 situaties) had betrekking op het milieuaspect geluid. Daarnaast werden 123 verzoeken gevraagd die te maken hadden met de beoordeling en advisering over integrale en daarmee dus meerdere milieuaspecten als gevolg van eventuele ruimtelijke ontwikkelingen. De overige verzoeken die afgehandeld werden hadden specifiek

betrekking op de aspecten externe veiligheid (in 110 situaties), lucht (in 45 situaties) en energie (in 31 situaties).

Q

23 accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

Aantal zaken Specialismen 2020

• geluid • ruimtelijke ontwikkeling ' externe veiligheid • lucht • energie

Met betrekking tot asbest zijn door onze asbest-specialisten gedurende dit jaar 5 adviezen verstrekt omtrent eventuele risico's bij de uitvoering van asbest(sloop)werkzaamheden, 347 meldingen

afgehandeld in het kader van asbestsloopwerkzaamheden (incl. de bijbehorende beoordelingen van de asbestinventarisatie-rapporten) en 57 fysieke controles uitgevoerd gedurende asbestverwijderingswerkzaamheden.

Asbest

• advies bij uitvoeren sloopwerkzaamheden • meldingen sloopwerkzaamheden • fysieke controles

De bodemspecialisten hebben in 2020 in totaal 1808 bodem gerelateerde "zaken" behandeld. De bij deze zaken behorende werkzaamheden zijn onder te verdelen in:

het be- en afhandelen van 908 meldingen in het kader van het Besluit bodemkwaliteit; het uitvoeren en rapporteren van 91 zogenaamde 'vrije veldcontroles'; het geven van 55 bodem gerelateerde adviezen; het verstrekken van historische bodeminformatie voor 102 locaties;

het begeleiden en houden van toezicht bij 16 tanksaneringen; het beoordelen, begeleiden en afhandelen van 47 incidenten met bodemproblematiek; het toetsen en beoordelen van 59 bodemonderzoeken; het in 30 situaties toezicht houden op de correcte toepassing van grondstromen en bouwstoffen;

iconcepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

24

het op 6 locaties houden van toezicht gedurende het gebruik van een mobiele puinbreker; het in 494 gevallen houden van toezicht i.h.k.v. de Wet bodembescherming. Voor de provincie Limburg als bevoegd gezag ging het toezicht i.h.k.v. de Wet bodembescherming om 326 gevallen, waarvan er 198 in Zuid-Limburg en 128 in NoordLimburg. Voor de gemeenten Maastricht en Heerlen als bodem-bevoegd gezag ging het daarbij

respectievelijk om 141 situaties en 27 situaties waarbij toezicht werd gehouden.

Bodem 1 vrije veldcontroles

adviezen 1 verstrekken historische bodeminformatie 1 begeleiden en toezicht tanksanering 1 incidenten bodemproblematiek Provincie Limburg -

1 bodemonderzoeken toezicht toepassing grondstromen

Noord-Limburg;

^

en bouwstoffen ^ii^ ^L. Maastricht; 141

toezicht mobiele puinbreker ^ , Af/B ^^ Heerlen; 27 meldingen Besluit bodemkwaliteit

59 /.. 55

16

toezicht Wet bodembescherming

2.5.1.3 Trends

Aantal meldingen geluidsoverlast in coronajaar toegenomen Het jaar 2020 kenmerkt zich vanaf de maand maart (en dus met de corona-uitbraak) door een toename met ongeveer 25% van het aantal behandelde meldingen van geluidsoverlast in de woonomgeving in Zuid-Limburg. Hierbij gaat het veelal om verstoringen die in en om het huis plaatsvinden en daarbij vaak gesignaleerd werden doordat mensen meer thuis zijn, er meer geklust wordt in en om het huis en dat het wegvallen van verkeer en ander lawaai er bovendien voor zorgt dat geluiden meer opvallen. Daarbij kwam dat men vaak in de zomermaanden vakantie in de achtertuin vierde en daardoor ook in die relatieve "rustperiode" vaak wederom geconfronteerd werd met bepaalde geluidsoverlast. Het breed scala aan klachten omvat onder andere een stereo-installatie die te veel hard staat, buurkinderen die te luidruchtig thuisonderwijs volgen, het geblaf van een hond, verbouwingen die tot ernstige geluidsoverlast leidden, maar ook vanwege coronafeestjes. Het zijn allemaal redenen die ervoor zorgden dat er meer geluidsoverlast werd ervaren en aanleiding waren voor het melden van deze overlast. En dit terwijl de overlast van evenementen en als gevolg van horeca-activiteiten op dat moment bijna niet meer aanwezig was.

Qconcepts Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

25

Toename van vraag om uitvoering specialistische advieswerkzaamheden

Ondanks de landelijke beperkingen als gevolg van de coronaperikelen blijkt dat in vergelijking met de voorgaande 2 jaren de omvang van de werkzaamheden van de afdeling Specialismen wederom dit jaar met ruim 3000 uur is toegenomen. Zo werden er door de medewerkers van de afdeling aan onze opdrachtgevers in 2018 nog 42.154 uur geleverd, steeg deze omvang van geleverde uren in 2019 verder door naar 45.547 uur en groeide deze omvang in 2020 zelfs naar 48.578 uur. De voornaamste oorzaak van deze groei is de toegenomen vraag bij veelal kleinere gemeenten op het gebied van inzet ten behoeve van milieuadvisering. Daarbij gaat het vaak om extra, buiten het reguliere werkprogramma, gevraagde advisering over mogelijk een specifiek (bodem of geluid), maar veelal meerdere samenhangende milieuaspecten. Op basis van enkele initiërende gesprekken met diverse gemeentelijke opdrachtgevers verwachten we dat de toename in de omvang van deze gevraagde adviseringen ook in 2021 zich wederom verder zal voortzetten. Dit betekent dat niet alleen het werkterrein van onze specialisten daarmee blijft groeien, maar ook de omvang van deze afdeling. 2.5.1.4 Speerpunten en projecten afdeling Specialismen Informatieplicht energiebesparing

Eind 2019 werd op initiatief van de RUD ZL door ons algemeen bestuur ingestemd met het uitvoeren van een project ingevolge de tijdelijke ondersteuningsregeling Versterkte uitvoering energiebesparings- en informatieplicht (VUE1). Met behulp van deze regeling kon door alle gemeenten in Zuid-Limburg via de RUD ZL gebruik gemaakt worden van Rijksmiddelen ter grootte van een omvang van ruim € 140.000,-. Daarmee zou gedurende 2020 extra externe menskracht ingezet kunnen worden om de naleving van de energiebesparings- en informatieplicht bij bedrijven te laten uitvoeren. Na een goede en zorgvuldige voorbereiding en via afstemming met alle deelnemende gemeenten was het de bedoeling om aan het eind van het voorjaar van 2020 met het project te starten. Maar als gevolg van de Coronabeperkingen moest het startsein van dit project met enkele maanden worden

uitgesteld. Rond de zomer van 2020 kon uiteindelijk gestart worden met de uitvoering van het project en werd door de externe adviesbureaus met veel elan invulling gegeven aan het bezoeken van bedrijven. Hierbij bleek echter al snel dat vanwege diverse overheidsmaatregelen bepaalde extra beperkingen opgelegd werden, welke opnieuw aanleiding waren tot vertraging en bij bepaalde

branches zelfs tot volledige stoplegging van het project. Dit werd ook landelijk erkend en resulteerde in het beluit van de subsidieverlener Rijkswaterstaat dat de primair in 2020 geplande werkzaamheden waar nodig en gewenst verschoven konden en mochten worden tot uiterlijk 1 juni 2021. Door de externe uitvoerende adviesbureaus is aangegeven dat dit past binnen de door hun inmiddels aangepaste planning en dat zij verwachten dat alle werkzaamheden dan zijn uitgevoerd en afgerond (tenzij Corona uiteraard alsnog roet in het eten gooit). Eventuele aandachtspunten over de uitvoering en voortgang van de werkzaamheden zijn gedurende

2020 met enige regelmaat op ambtelijk niveau gedeeld en besproken (eventueel op digitale wijze). Namens de gemeentelijke vertegenwoordigers bij deze overleggen is veel tevredenheid uitgesproken over de aanpak en uitvoering van deze 1ste ronde van de versterkte uitvoering. Hieronder is de stand van zaken met betrekking tot de planning & voortgang van de werkzaamheden

per gemeente in het kader van VUE1 op 1 januari 2021 afgebeeld. Op basis van de bijbehorende getalsmatige informatie kan geconcludeerd worden dat op dat moment 64% van het totaal van de geplande werkzaamheden was uitgevoerd.

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

26

140

VUE1 2020 PLANNING & VOORTGANG

120 100 80

.

i

60

ut4

40

.^

90

-i39 .,„:J !'~1 ^ ~1 n .. ^:~\

19iq 19 O 13I1J ISISJ 20l^ 4 25| 19 O j 151^ 77; 24j 202d isl^ 262^ 7 \

i

;

•

l

!

^^^..^..^^y /yy^yyyy^^wy/ ..<^^^.^^^~^<^

^/%%^^^y%y ^<^>y ^'^^^y'" y^

^ ^\<pv - <.- - <.-^' ^ ^ ^' Totaal Planning ! i Totaal voortgang

Daarnaast is in oktober 2020 de aanvraag voor de 2de ronde subsidieverlening (VUE2) ingediend en is deze aanvraag door Rijkswaterstaat (als subsidieverlener) inmiddels ook geaccepteerd en daarmee

akkoord bevonden. Dit betekent dat ook in 2021 het toezicht op energiebesparing bij bedrijven en instellingen opnieuw een impuls zal krijgen. Ondertussen hebben we geleerd van de uitvoering van de 1e ronde en gebruiken we deze informatie om onze communicatie over en het gebruik van digitale hulpmiddelen voor energiebesparing nog verder te optimaliseren. Volgens planning zal de start van de uitvoering van deze 2de ronde in het voorjaar van 2021 gaan plaatsvinden en daarnaast is door EZK aangegeven dat deze subsidie ook in de hierop volgende 2 jaren een vervolg zal gaan krijgen. Innovatie van onze burgerluchtmetinaen

Sinds 2009 zijn de luchtmedewerkers van de afdeling Specialismen al actief bezig met het meten van de lokale luchtverontreiniging door onder andere verkeer en andere bedrijfs- en/of verbrandingsprocessen. Daarbij worden sedertdien op een aantal plaatsen in Limburg in opdracht van een aantal gemeenten en de Provincie Limburg met enige regelmaat diverse soorten luchtkwaliteitsmetingen uitgevoerd. Een onderdeel van deze metingen zijn de luchtmetingen van stikstofdioxide met behulp van "buisjes" in en om een stedelijke/landelijke woonomgeving, welke zowel door eigen medewerkers alsook door burgers in het kader van burgerparticipatie uitgevoerd worden. Dit soort, in verhouding vrij arbeidsintensieve, buisjesmetingen zijn de laatste 2 jaar onder andere uitgevoerd bij burgers in de gemeenten Maastricht, Stein en Voerendaal. Een aantal van de deelnemende burgers heeft eind 2019 de wens uitgesproken om in de toekomst zelfstandig ook fijnstofte kunnen gaan meten. Vervolgens hebben onze medewerkers in het voorjaar

van 2020 de mogelijkheden onderzocht om op vrij eenvoudige en tevens minder bewerkelijke wijze fijnstof op grotere schaal te kunnen laten meten door particulieren. In eerste instantie werden hiervoor enkele beschikbare en al langer elders gebruikte sensoren getest en vergeleken met de professionele referentiemonitoren. Aan de hand van de verkregen resultaten bleek dat deze sensoren echter nog niet kwalitatief voldeden om goede en betrouwbare metingen mee uit te kunnen gaan voeren. De hiervoor in eerste instantie gebruikte "low-cost" sensoren waren o.a. temperatuurgevoelig en ook

iconcepts occouncancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

27

onbetrouwbaar bij vochtige omstandigheden. Vervolgens hebben onze medewerkers in de zomer van

2020 zelfstandig een sensor gebouwd, geoptimaliseerd en doorontwikkeld, met als huidig eindresultaat dat er nu een sensor gereed is die dergelijke meetfouten niet meer geeft. Deze sensor is

met behulp van een aantal proefopstellingen bij de grote vaste meetstations (met officiële referentieapparatuur) inmiddels getest en aan de hand van de verkregen resultaten kan geconcludeerd worden dat er nu een sensor beschikbaar is om op grotere schaal fijnstof correct te kunnen gaan meten.

Inmiddels hebben zich bij de gemeente Maastricht al meer dan 60 mensen aangemeld om met dergelijke sensoren de luchtkwaliteit te gaan meten en zullen de eerste sensoren de komende weken opgehangen gaan worden. De meetwaarden zijn daarna live te volgen via de website van de gemeente Maastricht (www.luchtmeetnet-maastricht.nl), maar ook op het "samenmeten" data portaal van het RIVM (https://samenmeten.rivm.nl/dataportaal/). Naar aanleiding van een publicatie over deze nieuwe sensoren in een regionale krant hebben ook twee andere Zuid-Limburgse gemeenten interesse getoond om mogelijk dergelijke luchtmetingen in hun gemeente te laten uitvoeren. 2.5.1.5 Omgevingsveiligheid Stand van zaken project aandachtsgebieden

Uitgaande van de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2022 is gedurende geheel 2020 door de externe veiligheidsmedewerkers van de RUD Zuid-Limburg in opdracht van alle opdrachtgevers een project opgestart en uitgevoerd om de aandachtsgebieden voor inrichtingen en

activiteiten te bepalen. Dit vanwege het feit dat vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet ook het tijdelijk deel van het omgevingsplan in werking treedt en er in een dergelijk omgevingsplan altijd rekening moet worden gehouden met een groepsrisicobeoordeling met hierin opgenomen de aandachtsgebieden. Deze aandachtsgebieden voor bestaande activiteiten gelden van rechtswege en

worden tevens opgenomen in het Register Externe Veiligheid (REV). Als uitgangspunt van voornoemde opdrachtverstrekking werd de informatie gebruikt van alle

inrichtingen en activiteiten die op 31 januari 2020 in het Register risicosituaties gevaarlijke stoffen (RRGS) geregistreerd stonden. Want met de komst van de Omgevingswet zal het begrip inrichting komen te vervallen en vervangen worden door het begrip milieu belastende activiteit (MBA).

Aandachtsgebieden zijn gebieden rond activiteiten met gevaarlijke stoffen die zichtbaar maken waar mensen binnenshuis, zonder aanvullende maatregelen onvoldoende beschermd zijn tegen de gevolgen van ongevallen met gevaarlijke stoffen. Dat betekent dat zich, bij een ongeval met gevaarlijke stoffen, levensbedreigende gevaren voor personen in gebouwen kunnen voordoen. Daarbij is onderscheid gemaakt tussen drie soorten gevaren: warmtestraling (brand), overdruk (explosie) en

concentratie giftige stoffen in de lucht (gifwolk). Voor een groot deel van de activiteiten geldt dat hiervoor vaste afstanden voor de aandachtsgebieden gelden en voor een klein deel van de activiteiten moeten de afstanden voor de aandachtsgebieden berekend worden. Voor het opstellen van de

aandachtsgebieden heeft het ministerie van I&W middelen ter beschikking gesteld. De medewerkers van de afdeling Specialismen beschikken over specialistische kennis op het gebied van de milieuaspecten asbest, bodem, energie, geluid, lucht en omgevingsveiligheid (voorheen externe veiligheid). Daarmee zijn zij in staat om de vaak integrale en complexe milieuvraagstukken van zowel gemeenten als provincie te ontleden en van een duidelijk advies te voorzien. Bij het opstellen van (interne en externe) adviezen wordt veelal gebruik gemaakt van toetsingen en controles, maar worden vaak ook onderzoeken en/of metingen uitgevoerd. Daarnaast participeren de medewerkers van deze afdeling ook in de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van beleid op de taakvelden van de afdeling en houden zij rekening met eventuele innovaties bij de uitvoering van de door de afdeling geleverde producten en gevolgde werkwijzen. 28

concepts sccounrancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

2.6. Paragrafen 2.6.1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Ons vastgestelde beleid betreffende het weerstandsvermogen komt samengevat neer op de

volgende pijlers: • Het beleid van de RUD Zuid-Limburg is erop gericht om te beschikken over een weerstandsvermogen dat voorziet in dekking van de gepercipieerde en gekwantificeerde risico's. Dit bepaalt de ondergrens van het weerstandsvermogen. Er wordt gestreefd naar een weerstandsvermogen van 1,0 dat wil zeggen dat de middelen die beschikbaar zijn om tegenvallers op te vangen (de weerstandscapaciteit) precies voldoende van omvang zijn om de geïnventariseerde risico's op te vangen. De bandbreedte is bepaald op tussen 0,8 en 1,2 en de bovengrens wordt gevormd door de in de Gemeenschappelijke Regeling opgenomen begrenzing van 10% van de exploitatiebegroting van het volgende jaar. • Weerstandscapaciteit wordt gevormd uit de resultaten. Voor zover noodzakelijk om de gewenste omvang te bereiken worden de reserves aangevuld. • Indien het weerstandsvermogen lager is dan gewenst op basis van de risico-inventarisatie wordt er een plan voorgelegd aan het algemeen bestuur hoe het weerstandsvermogen op het gewenste niveau kan worden gebracht. • Indien het weerstandsvermogen groter is dan de afgesproken bandbreedte wordt voorgesteld het surplus uit te keren aan de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling. Begin 2021 is er conform de aanbevelingen uit het Assessment van EY dat in het najaar van 2020 heeft plaatsgevonden een risicosessie plaatsgevonden onder begeleiding van EY.

Het managementteam van de RUD Zuid-Limburg heeft zich samen met een vertegenwoordiging van onze partners gebogen over risico's. Deze had tot doel tot een nadere afbakening te komen van het begrip risico's en de vertaalslag te maken van bruto risico's naar netto risico's. Conclusie van de bijeenkomst is dat er een goede basis is gelegd om verder te denken over risico's. De tijd blijkt echter te kort om al in deze jaarrekening een volledig nieuwe en besproken risicotabel te ontwerpen. Hiervoor is ook een discussie nodig over de doelstellingen van de RUD Zuid-Limburg, zoals opgenomen in de Toekomstagenda. De door de RUD Zuid-Limburg genoemde huidige risico's sluiten grotendeels aan (vanwege couleur locale) bij de door collega-omgevingsdiensten in Noord-Brabant en de RUD Limburg Noord genoemde risico's.

Op basis van de bestaande tabel is een actualisatie uitgevoerd. Deze is opgenomen als bijlage bij deze jaarrekening. Hieruit vloeit voort een totaal bruto risico van € 2.636.266. Na rekening gehouden te hebben met interne beheersmaatregelen die het risico mitigeren en de kans dat een risico optreedt komen we tot een netto risico van € 524.630 (4% van de begroting). De weerstandscapaciteit bestaande uit het totaal van reserves bedraagt per einde 2019 € 519.630. De RUD Zuid-Limburg heeft als streven een weerstandsvermogen van 1 met een maximum van 1,2 en een minimum van 0,8. Een weerstandvermogen van 1 betekent € 524.630. Dat leidt dus tot een gewenste toename van de reserves met € 5.000. Het voorstel is deze gewenste verhoging te realiseren via de verdeling van de resultaten van de jaarrekening 2020.

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

29

kengetallen met betrekking tot weerstandsvermogen en risicobeheersim

jaarverslag jaar 2020

verlooi van de kengetallen

Kengetallen

versla;

netto schuldquote

-1,8

-0,1

1,4

netto schuldquote gecorrigeerd voor alle

-1,8

-0,1

1,4

solvabiliteitsratio

39,1%

100%

31,6%

structurele exploitatieruimte

nvt

nvt

nvt

grondexploitatie

nvt

nvt

nvt

belastingcapaciteit

nvt

nvt

nvt

2020 l begroting 2020

verslag 2019

verstrekte leningen

Algemene reserve

Volgens de bepalingen van de gemeenschappelijke regeling zijn de deelnemers verantwoordelijk voor een eventueel overschot of tekort van de RUD Zuid-Limburg in een bepaald jaar. Als er sprake is van een negatief rekeningresultaat wordt dit in eerste instantie verrekend met de weerstandscapaciteit. Indien er sprake is van een positief rekeningresultaat, dan wordt dit toegevoegd aan de algemene reserve, aan een bestemmingsreserve dan wel uitgekeerd aan de deelnemers conform hetgeen daarover bepaald is in de gemeenschappelijke regeling in artikel 29. 2.6.2. Overzicht baten en lasten per taakveld

Vanaf het boekjaar 2017 is het nieuwe Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) van kracht. Deze aanpassing was nodig om verbeteringen in de sturingsinformatie aan de raad (algemeen bestuur) door te voeren en om de vergelijkbaarheid tussen gemeenten en gemeenschappelijke regelingen te vergroten. De voor RUD Zuid-Limburg

belangrijkste wijzigingen die in het BBV zijn doorgevoerd hebben betrekking op de invoering van uniforme taakvelden (producten), verbonden partijen en overhead. Alle activiteiten van de RUD

Zuid-Limburg bevinden zich volledig in het domein Milieubeheer. Dit betreft taakveld 7.4 uit de Overzichtslijst van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Overhead is tevens inbegrepen in dit taakveld. Zie paragraaf 2.2.6. voor een nadere specificatie van de overhead.

2.6.3. Financiering Algemeen

Gegeven de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO) is elke gemeente, provincie of gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven over de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente en risiconorm, de verwachte toe- en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid over treasury. De randvoorwaarden waarbinnen de treasury zich kan en mag bewegen zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Uiteraard valt dit

binnen het wettelijke kader, zoals gesteld door de Wet FIDO. In 2020 is de financieringssystematiek als volgt geweest: Alle deelnemers in de RUD Zuid-Limburg ontvangen voorschotnota's op basis van de vastgestelde begroting. Deze voorschotnota's zijn volledig voldaan door de deelnemers. Rentevisie

iconcepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

30

De RUD Zuid-Limburg heeft geen leningen.

Koers- en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico's die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen, door negatieve koersontwikkelingen. De RUD Zuid-Limburg bezit geen derivaten en is er dus geen sprake van koersrisico. Valutarisicobeheer is het beheersen van risico's die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van hetgeen verwacht werd op het beslissingsmoment. De RUD Zuid-Limburg bezit geen vreemde valuta, dus is er geen sprake van een valutarisico. Rente- en risiconorm Aangezien de RUD Zuid-Limburg geen schulden heeft, is er geen sprake van een mogelijk renterisico.

Liquiditeitenplanning De planning van de facturering per kwartaal aan de deelnemers voor de in het werkprogramma afgesproken dienstverlening, heeft ertoe geleid dat er steeds voldoende liquiditeiten aanwezig waren.

Financieringsrisico's

Omdat de deelnemers gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het financiële beleid van de RUD Zuid-Limburg en zich verplicht hebben de tekorten in zijn geheel gezamenlijk te dragen, zijn er hier geen financieringsrisico's te melden.

Kasgeldlimiet De RUD Zuid-Limburg heeft na de loonbetaling van januari gedurende een maand behoefte gehad

aan korte termijn financiering. Hierbij is de kasgeldlimiet van 8,5% van de begroting niet overschreden.

2.6.4. Bedrijfsvoering Organisatiestructuur De organisatiestructuur van de RUD Zuid-Limburg is een platte structuur met een minimum aan overhead. Het management van de organisatie bestaat uit een directeur en drie (vier vanaf augustus 2020) lijnmanagers en de controller. Daarnaast zijn er twee HR-functionarissen, een managementassistent, een secretarieel ondersteuner voor de Ondernemingsraad en een secretariaat. Verdere staffuncties op het gebied van financiën, P&O, archivering en informatievoorziening worden ingehuurd bij de provincie Limburg.

Huisvesting Per 1 juli 2020 is het nieuwe huurcontract met de Provincie Limburg ingegaan, voor een periode van 10 jaar. Naast een contract voor huisvesting (inclusief gebouw-gebonden faciliteiten) is er een separate overeenkomst voor ondersteunende diensten en ICT. Na drie jaar, dat is medio 2023, zal een tussentijdse evaluatie plaatsvinden van de aansluiting van het huurcontract op de behoefte van de RUD Zuid-Limburg op dat moment. Deze bepaling is opgenomen in het huurcontract, ingegeven door de coronamaatregelen waaronder de basisregels. 2.6.4.1 Informatievoorziening

VTH-applicatie

Q<=°nEeF Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

31

Binnen de RUD Zuid-Limburg heeft het projectteam in 2020 werkzaamhedenheden verricht t.b.v. het inrichten, testen en implementeren van de nieuwe VTH-applicatie Squit 20/20.

De RUD Zuid-Limburg neemt deel aan het Een voor Allen (EVA) project. In dit project implementeert het merendeel van de Limburgse gemeenten, de Provincie Limburg, de Limburgse Veiligheidsregio's, en de RUD's een gemeenschappelijke informatievoorziening, Squit 20/20, waarmee zij hun taken op

het gebied van Vergunningverlening, Toezicht, Handhaving en Advisering (VTHA) efficiënter en effectiever kunnen uitvoeren. Door het gebruik van één informatievoorziening kunnen gestandaardiseerde en geharmoniseerde processen plaatsvinden. Hierdoor verbetert de

dienstverlening richting de burgers en bedrijven omdat organisaties (1) sneller informatie uitwisselen, (2) dezelfde werkwijze hanteren, en (3) eenduidiger communiceren via standaardbrieven. Squit20/20 is een informatievoorziening ontwikkeld voor de overheidsmedewerker die conform de Omgevingswet moet gaan werken. Alle deelnemende organisaties gaan werken met zoveel mogelijk dezelfde

gezamenlijke standaardinrichting voor de werkprocessen gebaseerd op de landelijke Omgevingswet zaaktypecatalogus. Op dit moment worden door de leverancier nog noodzakelijke functionaliteiten

voor deze applicatie ontwikkeld. Vertraging in de oplevering heeft ertoe geleid dat de ingebruikname van deze applicatie door de Limburgse overheidsorganisaties, waaronder de RUD Zuid-Limburg, verschoven is van 2020 naar het eerste halfjaar van 2021 . Voor onze werkprocessen is het van groot belang dat we dit jaar ook worden aangesloten, nu het contract van de huidige applicatie in januari

2022 afloopt. Nieuw personeelsinformatiesysteem per 1-1-2021 In 2020 zijn werkzaamheden verricht voor de ingebruikname van het nieuwe personeels-

informatiesysteem InSite bij de RUD Zuid-Limburg op 1-1-2021. 2.6.5. Verbonden partijen

De RUD Zuid-Limburg heeft zelf geen verbonden partijen in de zin dat zij financieel zeggenschap heeft over andere organisaties.

Omgekeerd is de RUD Zuid-Limburg wel middels de gemeenschappelijke regeling verbonden aan de Provincie en alle gemeenten in Zuid-Limburg. De RUD Zuid-Limburg was in 2020 verbonden aan de gemeenten Beek, Beekdaelen, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Voerendaal en de Provincie Limburg. 2.6.6. Overhead

Overhead omvat alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Hiertoe behoren in ieder geval de kosten van het management en ondersteunende functies (in loondienst dan wel ingehuurd) en de overige kosten die hiermee die niet zijn toe te delen aan het primaire proces.

De totale kosten van de RUD Zuid-Limburg bedroegen in 2020 € 12 min. De hierin begrepen overhead bedroeg € 2,4 min (20%). De overhead is opgebouwd uit personele overhead (kosten van leiding) € 1,0 min, inkoop ondersteuning financiële administratie, salarisadministratie en automatisering € 0,6 min, overige (huisvesting en andere kosten) € 0,8 min.

iconcepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

32

3. Jaarrekening 3.1. Balans per 31 december 2020 (in euro's)

31 december 2020 31 december 2019

Activa vaste activa wrroermiddelen, machines, apparaten en installaties

€ 373.793

€ 494.414

Totaal vaste activa

€ 373.793

€ 494.414

€ 473.955 € 642.978

€ 728.550

ovsrlopende activa

Liquide middelen banksaldi

€ 2.340.877

€ 1.605.904

Totaal vlottende activa

€ 3.457.810

€ 3.514.814

Totaal activa

€ 3.831,603

€ 4.009.228

Bestemmingsreserve ICT

€ 519.630 € 470.000

€ 543.252 € 470.000

Bestemmingsreservs plaatsingskosten

€

€

Bestemmingsreserws juridische ondersteuning

€ 10.000

€ 10.000

Bestemmingsreserys BOA

€ 132.500

€

Omerdeeld resultaat

€ 367.103

€ 129.876

Totaal vaste passiva

€ 1.499.233

€ 1.153.128

vlottende activa vorderingen op openbare lichamen

€ 1.180.361

Passiva vaste passiva eigen vsrmogen Algemene reserve

vlottende passiva Schulden aan openbare lichamen

€ 1.150

€

Overige schulden

€ 294.304

€ 278.175

Ovsrlopende passiva

€ 2.036.916

€ 2.577.925

Totaal hottende passiva

€ 2.332.370

€ 2.856.100

Totaal passiva

€ 3.831.603

€ 4.009.228

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Besluit Begroting en Verantwoording De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het BBV en de Financiële verordening van de RUD Zuid-Limburg. Vaste activa De vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrij'gingsprijs verminderd met de daarop toegepaste afschrijvingen.

concepts nccountüncy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

33

Vlottende activa De vorderingen, overlopende activa en liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 39, 40 en 40a van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten. Eigen Vermogen Onder het eigen vermogen zijn opgenomen de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het saldo van de rekening baten en lasten.

Vlottende passiva De vlottende schulden en de overlopende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale

waarde, zoals bedoeld in artikel 48 en 49 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten.

3.2. Toelichting op de balans

Activa Materiële vaste activa (in euro's)

31-12-2019 investeringen

Desinvesteringen

Afschrijvingen

31-12-2020

€494.414

€

€ 144.750

€ 373.793

Vervoermiddelen, machines,

apparaten en installaties

€ 24.129

Het afschrijvingspercentage wordt bepaald conform de geldende Financiële verordening. Automatiseringsapparatuur en software worden in drie jaar afgeschreven, voor overige

kapitaalgoederen bedraagt de afschrijvingsduur tussen de vijf en vijfentwintig jaar. Gemiddeld bedroeg het afschrijvingspercentage in 2020 25%. Vlottende activa Vorderingen op openbare lichamen

De meeste vorderingen op openbare lichamen zijn afgewikkeld in 2021. In 2020 zijn vorderingen afgeboekt wegens oninbaarheid voor een totaalbedrag van € 13.526 betrekking hebbend op voorgaande boekjaren. Overlopende activa Onder overlopende activa zijn opgenomen vooruitbetaalde kosten en nog niet gefactureerde in 2020 geleverde prestaties.

Liquide middelen De liquide middelen staan ter vrije beschikking van de RUD Zuid-Limburg.

concepts Bccountanry

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

34

Passiva

Vaste Passiva Eigen Vermogen 31 december

Resultaat(in euro's)

31 december 2019 bestemming 2019

resultaat 2020

2020

Algemene reservs

€ 543.252 € 470.000

€ €

Bestemmingsreserve ICT aansluitingen Bestemmingsresene BOA inzet Bestemmingsresene juridische ondersteuning Resultaat uit bedrijfewering Verdeeld resultaat

€

€

€ -129.878

€ 367.103

€ 519.630 € 470.000 € 132.500 € 10.000 € 367.103

€ 367.103

€ 1.499.233

€ -23.622

€ € 132.500

€ 10.000 € 129.878

€ 21.000 € 1.153.130

Totaal resenes en onverdeeld resultaat

'€

Overzicht eigen vermogen Het onverdeeld resultaat van 2020 bedraagt € 367.103. Overige schulden De overige schulden per 31 december 2020 hadden volledig betrekking op crediteuren. Overlopende passiva

Dit betreft verplichtingen die in 2020 zijn aangegaan, waarvoor de RUD Zuid-Limburg in 2020 nog geen factuur heeft ontvangen. 3.3. Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen De RUD Zuid-Limburg is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan de volgende, niet in de balans opgenomen, financiële verplichtingen.

Kredietfaciliteit Bij de huisbankier heeft de RUD Zuid-Limburg een kredietfaciliteit van € 250.000. Huurovereenkomst

Per 1 juli 2020 heeft de RUD Zuid-Limburg een nieuw huurcontract voor huur kantoorruimte bij de provincie Limburg. Het huurcontract van deze ruimten loopt tot en met 30 juni 2030, met een evaluatiemoment in 2023.

Niet in de balans opgenomen verplichtingen Contractpartij

Aard van het

Start Contract

contract

Looptijd van het

Bedrag per

Bedrag van het contract voor de

contract

|aar

resterende looptijd in totaal

Tot 30 juni 2030

€ 327.126

€ 3.107.697

exclusief indexering Provincie

Huur

Limburg

kantoorruimte

1 juli 2020

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

35

3.4.

Overzicht Baten en Lasten 2020

•'i. •wïayyaïw^li£ïï£&' ,;-ilz •ï'Mt^ü«ii&&,ï*ïï.';:ï"l

|T

C_Z:":ZZ"_^:7_:"^7\^:-":.:~^_J i

lï.ffliBa^l^HBWJi^&e'^HïtïR-^]

IR

PERSONEEL

€

€ € € € € € € €

9.666.861

€

12.289.400

Gefactureerd naar deelnemers via werkprogramma

€

Bijdrage Provincie Afschrijvings- en exploitatiekosten

€

12.142.000 € 418.356 € € PM € 12.419.276 € 12.560.356 €

Salariskosten en inhuur Salariskosten Kosten inhuur Overige personele kosten Inhuur dienstverlening

KAPITAALIASTEN Verbruikskosten en onderhoudskosten materieel

INDIRECTE KOSTEN

9.236.844

6.948.566 2.718.295

610.011 €

947.031

725.546 €

706.224

124.819 €

201.000

161.685 €

227.356

1.000.484

€

1.104.190

€5-

€ €

12.560.990

€ € € € € € € €

,'i\

€

590.705

499.874 €

-447.157

638.682 €

-67.542

144.675 €

-56.325

9.827.549 8.535.505 1.292.044

222.140 €

-5.216

826.222 €

-277.968

ONVOORZIEN Onvoorzien 5% (incl afronding)

Overige inkomsten

€ €

138.344

€ €

10.962.005 € 1.457.271

129.876 €

-634

€

€

-138.344

12.159.142

€

-401.848

11.341.468

€

-800.532

369.876 €

-48.480

€814.901

814.901

€

-34.111

367.103 €

367.737

12.526.245

Grondslagen voor de resultaatbepaling

Besluit Begroting en Verantwoording (BB V) De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van het BBV en de Financiële verordening. Ten behoeve van het inzichtvereiste wordt in het overzicht Baten en Lasten afgeweken van het door de BBV voorgeschreven model programmarekening. Baten worden verantwoord in het jaar dat zij gerealiseerd zijn. Lasten worden verantwoord in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn.

Exploitatieresultaat De afrekening met de deelnemers wordt uitgevoerd conform de hierover gemaakte afspraken in de gemeenschappelijke regeling. De systematiek houdt voor de deelnemende gemeenten en provincie in, dat de kosten van dienstverlening vanuit de RUD Zuid-Limburg worden doorbelast op basis van de vastgestelde tarieven in de outputbegroting. Deze tarieven vermenigvuldigd met de uit te voeren taken in het werkprogramma, leiden tot het te factureren bedrag per deelnemer. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Alle baten en

lasten die betrekking hebben op het boekjaar en ten tijde van het opstellen van de jaarrekening bekend waren, zijn in het betreffende jaarverslag verwerkt. Onder de opbrengsten wordt verstaan: de bijdragen van de afnemers van de diensten van de RUD Zuid-Limburg. Zij worden verantwoord in het jaar waarin de diensten zijn verricht. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin ze voorzienbaar zijn. Winsten worden slechts genomen wanneer ze zijn gerealiseerd.

Clconcepts Uitsluitend voor identlficatiedoeleinden

36

De afschrijvingen worden lineair berekend op basis van de verwachte levensduur. Als startmoment van de afschrijving geldt de datum van in gebruik neming van het actief. 3.5. Toelichting op de baten en lasten 2020

De werkelijke lasten zijn lager dan de begroting. Uit bovenstaand overzicht blijken de verschillen perkostencategorie.i Overzicht overige inkomsten De overige inkomsten bestaan met name uit incidentele baten: (in euro's)

V/N

Projecten Externe Veiligheid

267.906 (V) 546.995 (V)

Overige

814.901 (V) Overige incidentele inkomsten betreffen voornamelijk inkomsten uit extra werkzaamheden buiten het reguliere werkprogramma en resultaten uit voorgaande boekjaren. Toelichtingen met betrekking tot de verschillen ten aanzien van de lasten

Personeelskosten (in euro's)

Personele lasten

Begroting

Werkelijk

2020

2020

9.236.844

9.827.549

Afwijking V/N

590.705(N)

De personele lasten zijn hoger dan begroot, dit heeft te maken met extra activiteiten (buiten de reguliere werkprogramma's) die door de RUD Zuid-Limburg zijn ontplooid in 2020.Tegenover de hogere lasten staan ook hogere inkomsten als gevolg van de extra activiteiten. Overige personele kosten (in euro's) Overige personele kosten

Werkelijk 2020

Afwijking

2020 947.031

499.874

447.157(V)

Begroting

V/N

Hieronder bevinden zich kosten van scholing en vorming en toeslag voor onregelmatige diensten. Deze zijn in 2020 voornamelijk vanwege de coronacrisis sterk achtergebleven. Op opleidingen bijvoorbeeld is maar de helft uitgegeven omdat vele geplande cursussen niet doorgingen.

' Bij de overzichten betekent V een voordeel ten opzichte van de begroting (opbrengsten hoger, dan wel lasten lager dan begroot) en N een nadeel ten opzichte van de begroting (opbrengsten lager dan wel lasten hoger dan begroot)

Q

37 occounrsncy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

Inhuur dienstverlening (in euro's)

Inhuur dienstverlening

Begroting

Werkelijk

Afwijking

2020

2020

V/N

706.224

638.682

_67.542LV)

Onder inhuur dienstverlening staan de kosten voor ingekochte dienstverlening op het gebied van ondersteuning op het vlak van informatie advies, financiën en personeels- en salarisadministratie en inhuur bij ziekteverzuim. Met name het lage ziekteverzuim heeft 2020 voor het voordeel op deze post gezorgd.

Indirecte kosten (in euro's)

Overige goederen en diensten

Begroting

Werkelijk

Afwijking

2020

2020

V/N

1.104.190

826.222 277.968(V)

Onder indirecte kosten wordt het merendeel van de materiële uitgaven verstaan die verband houden met de organisatie. De grootste post is huur en ICT en verder valt te denken aan bureaukosten, verzekeringen en het gebruikmaken van adviesbureaus.

Afschrijvingen (in euro's)

Afschrijvingen

Begroting

Werkelijk

Afwijking

2020

2019

V/N

180.000

144.750

35.250(V)

Het betreft uitsluitend afschrijvingen op kapitaalgoederen van de meetdienst lucht en geluid. Deze worden doorbelast naar de Provincie Limburg en zijn voor de overige deelnemers van de RUD ZuidLimburg budgettair- en resultaat neutraal. Mutaties reserves 31 december

Resultaat(in euro's)

31 december 2019 bestemming 2019

resultaat 2020

2020

Algemene resene

€ 543.252 € 470.000

€ €

Bestemmingsresene ICT aansluitingen Bestemmingsreserys BOA inzet Bestemmingsreservs juridische ondersteuning Resultaat uit bedrijfewering Verdeeld resultaat Totaal reserws en onverdeeld resultaat

€

€

€ -129.878

€ 367.103

€ 519.630 € 470.000 € 132.500 € 10.000 € 367.103

€ 367.103

€ 1.499.233

€ -23.622

€ € 132.500

€ 10.000 € 129.878

€ 21.000 € 1.153.130

€

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

38

Toelichtingen met betrekking tot de verschillen ten aanzien van de Baten

Bearotina

Werkeliik

_2Q2Q

2Q2Q.

Bijdrage deelnemers

12.142.000

11.341.468

Afwiikina V/N V/N 800.532(N)

Overige inkomsten

418.356+PM

369.876+814.901

766.421 (V)

12.560.356

12.526.245

34.111 (N)) i

('m euro's)

Totaal boekiaar:

Baten: verschil tussen raming en werkelijkheid

In 2020 zijn de werkelijke baten uit de bijdrage van de deelnemers lager dan de geraamde baten. Dit komt doordat het AB heeft besloten om de bijdrage van de deelnemers te verlagen toen in de najaarsrapportage duidelijk werd dat de kosten als gevolg van corona zouden achterblijven. De overige inkomsten daarentegen zijn hoger dan geraamd. Er is een positief resultaat geboekt als gevolg van subsidieprojecten en extra opdrachten buiten het werkprogramma. Mutaties in reserves

Conform de besluitvorming bij de vaststelling van de jaarrekening 2019 zijn de mutaties in de reserves verwerkt.

De grootste post, buiten de algemene reserve is de reserve voor ICT. In 2015 is gestart met de uitvoering van het informatiebeleidsplan. Er zijn projectplannen gemaakt en de projecten zijn gestart. De fase dat de uitgaven plaatsvinden is in 2016 gestart, maar de grootste post is de reservering in verband met specifieke aanpassingen voor de RUD Zuid-Limburg van het door de

Provincie aan te schaffen VTH(A) pakket. Doordat deze vervanging van het VTH pakket breed is opgepakt door penvoerder Provincie Limburg met deelname van zoveel mogelijk VTHoverheidsorganisaties is er sprake geweest van een langer voorbereidingsproces naar de aanbesteding, het ontwikkeltraject bij de leverancier kent eveneens een langere doorlooptijd dan

gepland. Het pakket zal volgens planning in 2021 door de RUD Zuid-Limburg in gebruik worden genomen.

Q

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

39

Ontwikkeling EMU saldo begroting omschrijving

1

realisatie 2020

2020

x€ 1000,-

x€ 1000,-

exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves

2

exploitatie

3

367.103

o

144.750

180.000

o

o

24.129

PM

o

o

o

o

o

o

o

o

o

o

o

o

afschrijvingen ten laste van de bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de

exploitatie

4

investeringen in (im)materiële activa die op de balans die op de balans worden geactiveerd

5

baten uit andere bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en

overigen, die niet in de exploitatie zijn verantwoord en niet in mindering zijn

gebracht bij post 4

6

desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: baten uitdesinvesteringen

in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs) voorzover niet op exploitatie

7

aankoop van grond en uitgaven aan bouw- en woonrijp maken

8

baten bouwgrondexploitatie: baten voorzover transacties niet op

exploitatie

9

lasten op balanspost voorzieningen voorzover deze met derden betreffen

10

lasten i.v.m. transacties met derden,

die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van reserves worden

gebracht

11

verkoop van effecten a Voornemen tot verkoop van effecten

nee

nee

b Verwachte boekwinst Berekend EMU saldo

487.724

180.000

iconcepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

40

3.6. Gegevens 2020 in het kader van WNT

Sinds 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) van kracht. Deze wet regelt onder meer dat overheidsinstellingen jaarlijks bezoldigingsgegevens en eventuele ontslagvergoeding van hun functionarissen dienen te publiceren. Voor topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen worden deze gegevens ongeacht de hoogte gepubliceerd.

Voor het jaar 2020 is de generieke maximum bezoldigingsnorm vastgesteld op €201.000. Dit is inclusief belaste kostenvergoedingen en pensioen.

De WNT is op de RUD Zuid-Limburg van toepassing. Publicatie van bezoldigingsgegevens dienen onder meer openbaar te worden gemaakt via het financieel jaarverslag. Bij de definiëring van topfunctionarissen gaat het om personen die tot de hoogste uitvoerende en toezichthoudende organen van een rechtspersoon of instelling behoren en/of hoogst leidinggevenden binnen een rechtspersoon of instelling. Hieronder vallen de leden van het algemeen en dagelijks bestuur en de directeur. Leidingge vende top functionarissen Leidinggevende topfunctionaris van de RUD Zuid-Limburg is de directeur L.M. Kobes.

concepts accouncsncy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

41

Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking, vanaf de dertiende maand van de functievervulling. gegevens2020 bedragen x C l Functiegegevens

Aanvang en einde functievervulling in

L.M.Kobes

directeur

01/01 -31/12

2020 Omvang dienstverband (als

1,0

deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?

Ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare

107.112

onkostenvergoedingen

Beloningen betaalbaar op termijn

19.287

Subtotaal

126.399

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

201.000

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet

terugontvangen bedrag Bezoldiging

N.v.t.

126.399

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan

N.v.t. N.v.t.

niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t.

Gegevens 2019 bedragen x € 1 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in

L.M.Kobes

Directeur 01/01-31/12

2019 Omvang dienstverband (als

1,0

deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

103.534

Beloningen betaalbaar op termijn

18.656

Subtotaal

122.190

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Bezoldiging

194.000

122.190

concepts accountancy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

42

Toezichthoudende topfunctionarissen Onderstaand volgen de gegevens van de leden van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. Vermeld zijn de personen die in 2020 lid waren van het algemeen bestuur en/of het dagelijks bestuur. Daar waar niet anders vermeld waren de genoemde personen het hele jaar lid. Tevens zijn opgenomen de personen die in 2018 en 2019 lid waren van het bestuur en waarvan het lidmaatschap voor 2020 is geëindigd. Conform voorschrift van de WNT blijven dezen 4 jaar vermeld in het overzicht. De toezichthoudende topfunctionarissen ontvangen geen bezoldiging of andere financiële vergoeding van de RUD Zuid-Limburg. Er bestaan vanuit de organisatie geen financiële verplichtingen naar personen die eerder als toezichthoudend topfunctionaris verbonden zijn geweest aan de RUD Zuid-Limburg. Topfunctionahssen met een totale bezoldigina van € 1700 of minder Gegevens 2020

NAAM TOPFUNCTIONARIS

FUNCTIE

G. Bakker (tot 31-12-2018)

Lid Algemeen Bestuur

F.M.A. van Ballegooij (tot 17-02-2020)

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

R. de Boer

Lid Algemeen Bestuur

C.M.J.P. Claessens

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

G.J.M. Cox (tot 28-6-2018)

Voorzitter Algemeen Bestuur/ Voorzitter Dagelijks Bestuur

W. Dreessen

Lid Algemeen Bestuur

P.H.J. Franssen (tot 1-6-2018)

Lid Algemeen Bestuur

E. Geurts

Lid Algemeen Bestuur

V.L.W.H. Heijnen

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

D.M.M. Hendrix

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

W. Houben

Lid Algemeen Bestuur

R.W,P.E. Housmans

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

J.E.LM. Last

Lid Algemeen Bestuur

G.B.M. Leers (tot 11-03-2020)

Lid Algemeen Bestuur

H.M.H. Leunessen (vanaf 20-01-2020)

Lid Algemeen Bestuur

R.L.T. van Loo (tot 15-11-2019)

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

W.J.F. van der Rijt (vanaf 11-03-2020)

Lid Algemeen Bestuur

F.P.M. Sanders (tot 25-09-2020)

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

D.W.J. Schneider

Lid Algemeen Bestuur

H.G.J. Schoenmakers

Lid Algemeen Bestuur

J.M.T. Teunissen (tot 28-6-2019)

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

J.H. Timmermans (tot 31-12-2018)

Lid Algemeen Bestuur

C.P.L. Vankan

Lid Algemeen Bestuur

R.J.H. Vlecken

Voorzitter Algemeen Bestuur/ Voorzitter Dagelijks Bestuur

G.A.A. Verkerk (tot 1-8-2018)

Lid Algemeen Bestuur

J.Th.C.M. Verheijen (vanaf 16-03-2020)

Lid Algemeen Bestuur/ Lid Dagelijks Bestuur

K.M. Wolff (tot 31-12-2018)

Lid Algemeen Bestuur

G. Uff (per 02-11-2020)

Lid Algemeen Bestuur

Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een

dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

iconcepts accaunconi-y

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

43

Bijlagen 3.7. Voorstel tot resultaatbestemming en resultaatverdeling

Artikel 29 lid 5 letters a en b van de Gemeenschappelijke Regeling van de RUD Zuid-Limburg zijn leidend. Het Algemeen Bestuur kan besluiten de blijkens de jaarrekening behaalde positievs resultaten geheel of gedeeltelijk te bestemmen voor: a. een egalisatiereserre. b. uit te keren aan deelnemers naar rato van ieders afname (= omzet) in het jaar waarop de jaarrekening

betrekking heeft. Onwrdeeld resultaat 2020 € 367.103 mutatie reserves

5.000

wrhoging weerstandsvsrmogen op basis risico-inwntarisatie

Totaal te bestemmen resultaat

362.103

Te verdelen resultaat

362.103 Verdeelsleutel

Gemeente Beek Gemeente Beekdaelen Gemeente Brunssum Gemeente Eysden-Margraten

Gemeente Gulpen-Wittem Gemeente Heerlen

Gemeente Kerkrade Gemeente Landgraaf Gemeente Maastricht Gemeente Meerssen

Gemeente Simpelvsld Gemeente Sittard-Geleen

Gemeente Stein Gemeente Vaals

Gemeente Valkenburg aan de Geul Gemeente Voerendaal

Prcwincie Limburg

Bedrag € 10.719 € 14.549

335.731 455.700 79.815 114.903 105.531 458.224 177.415 165.910 942.922 195.523 34.259 564.190 470.339 70.432 48.649 92.864

€ 2.548 € 3.668 € 3.369 € 14.630 € 5.664 € 5.297 € 30.104 € 6.242 € 1.094 € 18.013 € 15.016 € 2.249 € 1.553 € 2.965 € 224.422

7.029.273

concepts accounrsncy

Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

44

Geactualiseerde risico-inventarisatie

3.8.

structureel nr

Benaming risico

inhoud risico

gevolg

beheersmaatregel

kans

kans*

impact

impact

incidenteel a. Algemene risico's • In algemene zin zal dit risico moeten worden opgevangen door een Het risico dat gemeentelijke taakstellingen worden

l Taakstellingen gemeentes

doorvertaald naarde exploitatie van de RUD. Dit heeft directe gevolgen voor de exploitatie van de RUD.

De exploitatie van RUD is

aanpassing in de werkorganisatie

niet kostendekkend. De

taakstellingen, ombuiging, nieuwe omzet)

werkorganisatie van RUD

Structureel

zal hierop moeten worden

voor de daarop volgende begrotingsperiode.

50%

€300.000

€ 150.000

20%

€400.000

€ 80.000

50%

€ 80.000

€ 40.000

aangepast. • Korte termijn frictiekosten kunnen worden opgevangen vanuit het weerstandsvermogen.

De werkorganisatie van RUD zal deze taken

Hier is in principe budget voor bij

moeten opvangen.

2

Het risico dat de RUD meer

Mogelijk wordt RUD

Niet kunnen voldoen aan de

taken krijgt toebedeeld zonder

aangesproken op het

vraag uit het programmadeel

dat daar meer middelen voor

(niet) realiseren van deze

beschikbaar komen.

extra taken met als

de latende organisaties aangezien deze de werkzaamheden momenteel zelf Structureel

uitvoeren. Via begroting regelen of aanvullende offertes. Voorbeelden zijn: logistiek beheer auto's, archivering,

mogelijk gevolg korting op de middelen of

kadaster.

imagoschade.

3

Big eight

Het risico dat er splitsing

RUD wordt

plaatsvindt tussen de

verantwoordelijk voor de

strategische cyclus en de

operationele cyclus en is

operationele cyclus omdat de

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=d10919a3-e558-40e0-9912-3f412cf9d377