CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

VII-6 Bijlage 4 Rd4 jaarrekening 2020 enkelvoudig.pdf

Raadsvergadering 3 juni 2021, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel Rd4 ontwerpbegroting 2022 en jaarrekening 202014.035 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

REINIGINGSDIENSTEN Rd4 Gemeenschappelijke Regeling

Jaarstukken 2020

Heerlen, 8 april 2021

INHOUDSOPGAVE

Pagina

Aanbiedingsbrief aan het Algemeen Bestuur

3

1. Jaarverslag

4 1.1 Programmaverantwoording

4

1.1.1 Programma Reinigingsdiensten GR Rd4

4

1.1.2 Een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen

7

1.1.3 Een overzicht van de kosten van overhead

7

1.1.4 Het bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting

7

1.1.5 Het bedrag voor onvoorzien

8

1.2 Paragrafen

8

1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

8

1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen

12

1.2.3 Financiering

12

1.2.4 Bedrijfsvoering

15

1.2.5 Verbonden partijen

17

2. Jaarrekening

18 2.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling

18

2.2 Balans

20

2.3 Toelichting op de balans

22

2.4 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting

28

2.5 Bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld

30

2.6 Wet Normering Topinkomens verantwoording Gemeenschappelijke Regeling

31

2.7 Gemiddeld aantal werknemers

32

Controleverklaring

33

BIJLAGEN Overzicht materiële vaste activa Resultaatverdeling

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

38 39

2/39

Aan het Algemeen Bestuur van Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling Nijverheidsweg 4a 6422 PD Heerlen

Heerlen, 8 april 2021

Geachte heer, mevrouw, Ingevolge de bepalingen in de statuten hebben wij de bij dit rapport opgenomen jaarrekening over het boekjaar 2020 van Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling samengesteld. Omtrent de resultaten brengen wij u als volgt verslag uit. De Gemeenschappelijke Regeling (hierna: GR) is eind 1997 opgericht en feitelijk met haar werkzaamheden begonnen op 1 januari 1998. De GR heeft twee 100% dochtervennootschappen, te weten Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (hierna: BVF) en Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (hierna: KLB). In de BVF zijn alle medewerkers ondergebracht met een niet ambtelijke status. Voor hen is de cao voor de Afval en Milieu, GEO (Grondstoffen Energie en Omgeving) van toepassing. Behoudens de ambtenaren (gemeentelijke cao) en de onroerende zaken, zijn alle productiemiddelen ondergebracht in de BVF. In het KLB is per april 2014 het Textiel sorteercentrum ondergebracht. De financiële gegevens van deze vennootschap zijn opgenomen in deze jaarrekening. Om een goed inzicht te krijgen in het functioneren van Rd4 als geheel, presenteren wij al jaren een integraal geconsolideerde jaarrekening (en begroting) van de drie onderdelen samen. Volgens het besluit begroting en verantwoording (BBV) mag dit niet. Echter, voor het verkrijgen van een goed en juist inzicht is het beter als we de lijn van de afgelopen jaren voortzetten.

Daarnaast wordt eveneens een jaarrekening van de Gemeenschappelijke Regeling opgesteld. Deze jaarrekening is in dit rapport opgenomen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

3/39

1. JAARVERSLAG Voor u ligt het jaarverslag over het boekjaar 2020 als onderdeel van de jaarstukken van de Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdiensten Rd4. 1.1 Programmaverantwoording 1.1.1. Programma Reinigingsdiensten GR Rd4 Het doel van de Gemeenschappelijke Regeling is verwoord in de GR Rd4 onder artikel 3 en luidt integraal als volgt: “de Gemeenschappelijke Regeling heeft als doel het door middel van een openbaar lichaam behartigen van de belangen van - en het tot stand brengen van een samenwerking tussen - de aan de regeling deelnemende gemeenten op het terrein van het (doen) inzamelen en bewerken van afvalstoffen afkomstig uit de deelnemende gemeenten, het reinigen van de openbare ruimten en de daarmee samenhangende taken evenals het bestrijden van gladheid in het gebied, een en ander met inachtneming van het provinciaal milieubeleidsplan als bedoeld in de Wet milieubeheer en van het door de overheid gevoerde afvalstoffenbeleid." Rd4 is een verzelfstandigde, maatschappelijke organisatie waarin het management de door de deelnemende gemeenten opgedragen taken zo bedrijfsmatig mogelijk uitvoert in overeenstemming met de opdracht uit het aandeelhoudersconvenant van 14 januari 1998 (artikel 1, punt 4: De gemeenten zullen bevorderen en bewerkstelligen dat binnen het kader van de Wet gemeenschappelijke regelingen de GR Rd4 zoveel mogelijk zelfstandig ten opzichte van de

gemeenten zal functioneren). De in dit convenant opgenomen overweging dat “een optimalisering van de interne bedrijfsmatigheid en efficiency gewenst is, waarbij de reinigingsdienst op afstand komt te staan van de politiek” ligt nog steeds ten grondslag aan onze taakopvatting. Het in de Algemene Bestuursvergadering van 10 december 2020 vastgestelde actuele normenkader geldt hierbij nog steeds als belangrijk richtsnoer, waarbij Rd4 de verantwoordelijkheid draagt voor de concrete uitoefening van de opgedragen taken. In opdracht van het Algemeen Bestuur wordt er jaarlijks door een externe accountant toezicht en controle uitgeoefend op en gerapporteerd over de aansturing en de kwaliteit van de bedrijfsvoering. Wat wilden we bereiken? Zoals in de begroting aangegeven hebben we een lange termijn planning zoals onderstaand beschreven, alsmede de doelstellingen voor het afgelopen jaar. Wat betreft de lange termijn zijn onze plannen op hoofdlijnen uiteengezet in ons Strategisch meerjarenplan voor de periode 2013 – 2020. Dit plan is in 2013 goedgekeurd door het Algemeen Bestuur van Rd4 en aangeboden aan de deelnemende gemeenten. Dit plan sluit naadloos aan met de ambities uit het VANG-programma. Het plan vormt het kompas voor de verdere doorontwikkeling van onze organisatie, dus ook voor 2020. In dit plan zijn 7 strategische doelstellingen opgenomen.

In de eerste helft van 2017 heeft er een eerste evaluatie van het Strategisch meerjarenplan plaatsgevonden en zijn een aantal doelstellingen bijgesteld. Zo is de doelstelling "Vermindering restafval" aangepast van 120 kg/inw. naar 110 kg/inw. en is de doelstelling voor uitbreiding van het aantal deelnemende gemeenten uitgebreid van 10 naar 11. Verder is de doelstelling bij "uitbreiden werkplek doelgroep medewerkers" geplust van 100 naar 150. Dit leidt tot de volgende aangepaste doelstellingen: 1. Vermindering restafval naar minder dan 100 kg per inwoner; 2. Uitbreiding deelnemers in GR naar minimaal 11 gemeenten; 3. Verbreding van het pluspakket met één plus-taak; 4. Samenwerking op Zuid-Limburgse schaal; 5. Uitbreiding werkplekken voor doelgroep medewerkers naar minimaal 150; 6. Implementatie planmatige aanpak duurzaamheid; 7. Kostenefficiënte sturing bedrijfsmatige activiteiten. Bovendien zijn in de begroting een aantal extra doelstellingen geformuleerd aangaande het financiële aspect, vergroting van het dienstverleningsniveau (wijzigingen begroting), doelstellingen aangaande duurzaamheid en sociale werkgelegenheid.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

4/39

Voor het jaar 2020 waren de volgende doelstellingen verwoord in de begroting: Optimalisatie van de interne organisatie hadden we als doel gesteld voor 2020. Dit hadden we gedeeltelijk begroot in de vorm van nieuwe functies ter versterking van onze organisatie. Begin 2020 zijn enkele posities in het management door nieuwe managers opgepakt en dat heeft geleid tot nieuwe inzichten. Het betekent ook dat we qua bezetting van de posities momenteel in een transitiefase zitten. Daardoor zitten we in een aantal gevallen met dubbele kosten en dat was niet voorzien. We hadden in de begroting 2020 melding gemaakt van onzekerheden inzake de keuzes van de gemeente Beekdaelen. Het scenario van een gemengde dienstverlening tussen RWM en Rd4 ten behoeve van Beekdaelen is uitgekomen. Beleidsmatig is Rd4 het aanspreekpunt voor de gemeente Beekdaelen, maar de inzameling in de gemeente wordt voor wat betreft de oude gemeente Schinnen gedaan door RWM. Hiertoe bestaan afspraken tussen Rd4, RWM en de gemeente Beekdaelen. Verder zijn we dit jaar geconfronteerd met corona. Dit heeft onze operatie geraakt in dat bepaalde dienstverlening tijdelijk is gestopt. In het voorjaar betrof dit papierinzameling, kringloopwinkels en het textielsorteercentrum. In de maand december betrof dat wederom de kringloopwinkels.

De overige dienstverlening hebben we in de tweede helft van het jaar ongewijzigd kunnen uitvoeren. We hebben veel preventieve maatregelen genomen in en om het gebouw, maar ook in de voertuigen. We werken veel thuis en we zetten huurauto's in om de beladers veilig naar hun route te krijgen. Aangepast dienstverleningsniveau. - uitsorteren grofvuil op de overslaglocatie; - verdere integratie dienstverlening gemeente Beekdaelen; - nieuwe activiteiten op- en overslaglocatie Nijverheidsweg 17 Heerlen; - ongunstige marktontwikkelingen voor texiel en oud-papier; - gewijzigde inzameling (met IBC's) voor e-waste; - aanpassingen in Milieu App zodat deze stabieler is. Al deze mutaties hebben geen negatief effect gehad op onze dienstverlening. De service is er (op onderdelen) zelfs op vooruit gegaan en de totale bedrijfskosten hebben we door een veelvoud van maatregelen en interventies niet laten stijgen, ondanks de taakstelling en de genoemde tegenvallende kostenposten. Nagenoeg alle aandacht is in 2020 uitgegaan naar de continuering van de dienstverlening ondanks corona. Toch is het gelukt nog een aantal verbeteringen in de bedrijfsvoering door te voeren.

- de gladheidbestrijding voor de gemeenten Beekdaelen en Voerendaal is geimplementeerd; - het aanpassen van de partner voor de verzekeringen met een lagere premie tot gevolg; - een andere leverancier voor de app waardoor deze weer stabiel is voor nagenoeg alle typen telefoons; - in samenwerking met de arbo dienst een plan van aanpak opgesteld om het ziekteverzuim terug te dringen; - minder brandstofverbruik; - meer aanbod aan papier via onze op- en overslag locatie; - optimalisatie routes inzameling diverse fracties; - zelf grof huishoudelijk afval uitsorteren; - vertraging uitstroom kapitaalgoederen (voertuigen) met als effect (eenmalige) lagere afschrijvingskosten; - inbesteding bepaalde logistieke werkzaamheden; De interne begroting is met al deze activiteiten ruimschoots gerealiseerd. Met het behaalde, positieve resultaat zijn we dan ook tevreden en geeft dit voldoende vertrouwen dat we de op 8 april 2019 door het Algemeen Bestuur vastgestelde begroting voor het boekjaar 2021 kunnen halen. We gaan er in ieder geval onze schouders onder zetten. Rd4 en duurzaamheid Duurzaamheid staat al enige jaren prominent op de agenda van Rd4 waarbij het uitgangspunt is om zonder extra kosten een bijdrage te leveren aan het beperken van de CO2 uitstoot en zo het milieu een positieve impuls te geven.

Een aantal voorbeelden hiervan zijn: - het verder door ontwikkelen van het Volume/Frequentiesysteem; - bij het vervangen van voertuigen kiezen voor milieuvriendelijkere opties; - bij vervanging of reparatie van onderdelen van gebouwen bekijken hoe het energieverbruik kan worden teruggedrongen zoals dakisolatie, energiezuinigere klimaatsystemen, sedumdaken, Ledverlichting en energiezuinigere CV-ketels; - een andere grote stap hierin is gezet met de 1.000 zonnepanelen welke in 2014 op het hoofdkantoor zijn geplaatst en welke in het voorjaar van 2015 nog eens zijn uitgebreid met 700 panelen, waarbij de doelstelling is dat de kosten in ieder geval niet mogen stijgen. In 2017 is de nieuwe op- en overslaglocatie eveneens voorzien van zonnepanelen waarmee het huidige aandeel van 60% zonne-energie op onze hoofdlocatie wordt verhoogd naar 75%. Voor 2021 is er een verdere uitbreiding gepland; - bij de vervanging van voertuigen wordt getracht energiezuinigere versies aan te kopen. - de invoering van eigen op- en overslag voor een gedeelte van de afvalstromen. - project brandstofbesparing door medewerkers bewust te maken van hun rijgedrag en het milieueffect;

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

5/39

- door de vele beleidswijzigingen en de nieuwe gemeenten ontstaan er vaak nieuwe routes welke initieel niet het meest optimaal zijn. Met een nieuw planningspakket, Jewel, zijn we in staat om op basis van parameters veel sneller in te spelen op veranderingen en kunnen routes veel sneller geoptimaliseerd worden. Om de CO2 uitstoot in de jaren hierna nog verder terug te brengen, denken we aan: - het gebruik van andere brandstof met aanzienlijk minder CO2 uitstoot; - vervroegd vervangen van voertuigen met hoge uitstoot waarden; Rd4 en sociaal beleid Rd4 is zich bewust van haar voorbeeldfunctie als het gaat om werkgelegenheid te bieden aan medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Mogelijkheden hiervoor zien we met name in de kringloop en het Textiel sorteercentrum. Bij de opzet van het nieuwe Strategische meerjarenplan zijn diverse vertegenwoordigers van de gemeenten betrokken. Een belangrijke wens is om het aantal medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt niet te laten dalen.

Kostenefficiënte sturing bedrijfsmatige activiteiten Het resultaat over het boekjaar 2020 van Rd4 bedraagt € 992.284. Dit voegen we toe aan het weerstandsvermogen. Aangezien het resultaat volledig uit het weerstandsvermogen wordt gefinancierd, betekent dit dat de gemeenten uitsluitend de variabele component ad € 1.456.362 moeten betalen. Ten opzichte van vorig jaar stijgt het te betalen bedrag met € 882.097.

Netto resultaat Onttrekking/Storting uit/in weerstandsvermogen Afrekening variabele component gemeenten Te betalen door gemeenten

Rekening 2020

Rekening 2019

Verschil

992.284 -992.284 -1.456.362 1.456.362

-551.378 551.378 -574.264 574.264

1.543.662

882.097

De gemeenten betalen t.o.v. vorig jaar € 882.097 meer terug wat terug te voeren is op het PMD dossier en coronaeffecten. Voor Rd4 zijn dit vooral externe factoren waarop weinig directe invloed op is. Kijken we daarbuiten naar onze bedrijfsvoering dan moeten we zeggen dat we in deze bijzondere tijd een goed resultaat neer zetten. Wat heeft het gekost? Hiervoor verwijzen wij naar het overzicht van baten en lasten en de toelichting (paragraaf 2.4). 1.1.2. Een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen De totale baten van Gemeenschappelijke Regeling Rd4 bestaan uit de bijdragen van de diverse gemeenten welke eveneens zijn terug te vinden in het overzicht van baten en lasten. Deze gemeentelijke bijdragen kunnen geclassificeerd worden als overige algemene dekkingsmiddelen. Er is geen sprake van lokale heffingen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

6/39

1.1.3 Een overzicht van de kosten van overhead Voor het berekende bedrag van de overhead verwijzen wij naar paragraaf 2.4: het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting. Het bedrag is bepaald aan de hand van een draaitabel waarin alle kosten van de GR in detail zijn ingelezen en waarbij er een matrix is gemaakt van kostensoorten en kostenplaatsen. Voor de kostenplaatsen is bepaald welke direct toewijsbaar zijn aan de directe dienstverlening en welke niet direct toegewezen kunnen worden en derhalve als overhead worden beschouwd. Er is gefilterd op deze kostenplaatsen welke zijn gerubriceerd als overhead en het totale saldo van deze kostenplaatsen is onder paragraaf 2.4 opgevoerd. 1.1.4. Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting (VPB) GR Rd4 is op grond van haar rechtsvorm met ingang van 1 januari 2016 belastingplichtig voor de vpb ‘indien en voor zover zij een onderneming drijft’. Een groot deel van de activiteiten van GR Rd4 is echter vrijgesteld. Uitzondering hierop zijn de verkoop van rest(afval-)stromen en de dienstverlening aan de NV. Ten aanzien van de verkoop van reststromen heeft GR Rd4 een vaststellingsovereenkomst ondertekend met de Belastingdienst. Op grond van deze afval tegen een positieve opbrengst’ vastgesteld op basis van een percentage van de omzet. Dit percentage is vastgesteld op 1%.

Het fiscaal resultaat over 2020 bedraagt € 44.353. Dit hierover verschuldigde vpb bedraagt € 7.318. Volledigheidshalve merken wij op dat GR Rd4 de aangiften vpb tot en met 2019 conform voorgaande uitgangspunten heeft ingediend. De Belastingdienst heeft definitieve aanslagen opgelegd over de jaren tot en met 2019. 1.1.5. Het bedrag voor onvoorzien Er is geen bedrag voor onvoorzien opgenomen. Er wordt van uitgegaan dat de lasten volledig gedekt worden door de baten. Een eventueel tekort zal worden aangezuiverd uit het beschikbare weerstandsvermogen. 1.2 Paragrafen In deze paragraaf zijn de conform BBV verplichte paragrafen opgenomen. Er zijn in totaal zeven paragrafen voorgeschreven. Hiervan zijn er vijf van toepassing voor de Gemeenschappelijke Regeling Rd4. De van toepassing zijnde paragrafen zijn: - Weerstandsvermogen en risicobeheersing; - Onderhoud kapitaalgoederen; - Financiering; - Bedrijfsvoering; - Verbonden partijen. De overige paragrafen zijn niet van toepassing en zijn derhalve verder ook niet betrokken in de begroting: - Lokale heffingen; - Grondbeleid. 1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Doelstellingen en beoogde maatschappelijke effecten In de afgelopen jaren was er binnen de Gemeenschappelijke Regeling regelmatig een overschot op de exploitatierekening. Een deel van deze overschotten is gereserveerd om eventuele tegenvallers mee op te vangen.

Dit noemen we het weerstandsvermogen van Rd4. Dit weerstandsvermogen wordt per jaar opgebouwd en kan dus per jaar worden toegerekend aan de deelnemende gemeenten. Aangezien de uitbetalingen van de overschotten zijn gebaseerd op de aansluitingen van het betreffende jaar, geldt deze verdeelsleutel natuurlijk ook voor dat deel dat bij Rd4 gereserveerd blijft. Onderstaand volgt een overzicht van het verloop van de opbouw van dit vermogen per deelnemende gemeente.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

7/39

Inventarisatie van de weerstandscapaciteit en verloop van het vermogen De hoogte van het weerstandsvermogen is een punt van ambtelijk en bestuurlijk overleg geweest. Besloten is om aansluiting te zoeken met de systematiek zoals deze al jaren werd toegepast in de NV, zijnde een gemiddelde van 11% over de omzet in het verslagjaar en 11% over de begrote omzet van het jaar volgend op het verslagjaar. Aangezien over het pluspakket volledig wordt afgerekend met de gemeenten ligt er geen risico bij Rd4. Hierdoor wordt deze omzet buiten beschouwing gelaten. Hetzelfde geldt voor de verwerkingskosten welke eveneens met iedere gemeente afzonderlijk worden afgerekend, waardoor er voor Rd4 voor dit onderdeel geen risico is. Het weerstandsvermogen wordt dus berekend over de omzet van het basispakket minus de verwerkingskosten over het verslagjaar en begroting van het daaropvolgende jaar. De hoogte van het weerstandsvermogen wordt berekend vanuit het geconsolideerde resultaat van Rd4 en heeft zich de afgelopen jaren als volgt ontwikkeld. T/m 2016

2017

2018

2019

2020

Totaal

Beekdaelen 176.106 Brunssum 208.738 Eijsden-Margraten 145.935 Gulpen-Wittem 0 Heerlen 682.032 Kerkrade 333.098 Landgraaf 260.691 Simpelveld 78.321 Vaals 80.381 Voerendaal 90.658 -------------2.055.960 ========

-46 -447 4.821 17.450 -21.140 -5.516 -3.457 -71 -510 1.374 --------------7.542 ========

330 2.476 -13 29.137 -1.070 2.903 2.538 537 1.602 821 -------------39.261 ========

-54.861 -73.841 -58.082 -35.327 -232.786 -120.137 -65.733 -25.917 -28.000 -29.543 --------------724.227 ========

31.362 42.072 33.459 20.261 133.073 68.365 53.267 14.757 16.717 16.854 -------------430.187 ========

152.891 178.998 126.120 31.521 560.109 278.713 247.306 67.627 70.190 80.164 -------------1.793.639 ========

Met de hoogte van dit weerstandsvermogen worden de belangrijkste financiële risico's afgedekt in combinatie met andere beheersmaatregelen. Ratio weerstandsvermogen:

werkelijk weerstandsvermogen benodigd weerstandsvermogen

1.793.639 2.339.555

=

0,77

De reden dat de indicator kleiner dan 1 is, is vanwege de nieuwe gemeenten welke het weerstandsvermogen nog moeten opbouwen. Daarnaast is in 2019 een onttrekking uit het weerstandsvermogen gedaan van € 724.227. Inventarisatie van de risico's Voor het boekjaar worden de onderstaande risico’s onderkend: 1. Arbeidsrisico's Aantasting van de arbeidscapaciteit door ziekte, staking en fraude. Veranderingen in de SW-regelingen. 2. Materiële risico's Beschadiging aan of verlies van gebouwen, installaties, bedrijfsinventaris en transportmiddelen. Het verzekeringspakket dekt de belangrijkste risico's af. Om schade ten gevolge van brand zoveel mogelijk te beperken, zijn er in 2011 extra brandhydranten geplaatst. Tevens is er een noodstroomaggregaat geplaatst, om uitval van de stroomvoorziening op te vangen. 3. Continuïteitsrisico Aantasting van de productiecapaciteit vanwege bedrijfsstilstand. Bij volledig of gedeeltelijk verlies van het wagenpark zal vervanging op korte termijn of inhuur bij derden niet eenvoudig zijn. Het bestuur heeft de afgelopen jaren ervoor gekozen om eigen risicodrager te zijn voor de gevolgschade bij het gedeeltelijk of volledige verlies van het wagenpark. Het huidige bestuur heeft gevraagd om een offerte bij de verzekeraar op te vragen om de gevolgschade van het afbranden van het voertuigpark af te dekken.

Dit is gebeurd en gezien de relatief lage premie is besloten om deze verzekering af te sluiten. Aantasting van de productiecapaciteit gerelateerd aan de gezondheid van de medewerkers (bijv. pandemie)

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

8/39

Sinds dit jaar zijn we ons er des te bewuster van dat we kwetsbaar zijn als er een probleem ontstaat bij onze mensen. Door de corona-pandemie zijn we dagelijks bezig geweest met preventieve maatregelen om onze dienstverlening in stand te kunnen houden. 4. Milieurisico's Gezien de grote mate van verscheidenheid aan producten is niet met 100% zekerheid aan te geven dat alle mogelijke risico's zijn afgedekt. Mede door te voldoen aan ISO 14001 vindt er een continue monitoring plaats. 5. Financiële risico's - Wegvallen subsidie inzameling PMD. - Onzekerheid over de hoogte van de PMD-subsidie. De hoogte van de subsidie is al langer een onderwerp van discussie. Over de jaren 2017-2020 heeft er nog geen definitief besluit plaatsgevonden waardoor er een risico bestaat dat er met terugwerkende kracht een correctie moet plaatsvinden. - Onzekerheid over de subsidie over de gedeclareerde hoeveelheden PMD. Bij de opmaak van de jaarrekeningen zijn we ervan uitgegaan dat ongeveer 50% van de uitgaande tonnages uiteindelijk vermarkt worden en dat we over deze tonnages ook de subsidie zouden krijgen. Aangezien de vermarkting pas veel later plaatsvindt zou er een grote voorraad moeten zijn. Maar omdat wij geen overzichten krijgen van deze voorraad zou deze kunnen afwijken van de boekhoudkundige berekening.

Zeker als voorraden lang blijven liggen kan dit gevolgen hebben voor de kwaliteit waardoor de waarde lager wordt. Ook hier hebben wij geen zicht op. We zijn afhankelijk van accountantsverklaringen. - Uittreden van gemeenten. Er is een nieuwe gemeente gevormd, Beekdaelen, welke bestaat uit de voormalige gemeenten Nuth, Onderbanken en Schinnen. De nieuwe gemeente zal een keuze moeten maken voor de afvalinzamelaar. Mocht de keuze niet op Rd4 vallen dan zullen er desintegratiekosten zijn. Getracht zal worden om deze te verhalen. - Ontwikkeling prijsniveau verwerkingskosten. Schommelingen in de tarieven voor de secundaire grondstoffen (papier, metaal, PMD en textiel) kunnen een positief, maar zeer zeker ook een negatief effect hebben op de begroting. Of deze ontwikkeling per saldo tot lagere of hogere kosten voor gemeenten zal leiden is lastig in te schatten. Zowel het consumentengedrag alsook de prijsvorming van (secundaire) grondstoffen blijven grillig en daardoor niet te voorspellen. - Ontwikkeling van de prijzen van brandstoffen op de wereldmarkt. Met name voor een logistiekbedrijf als Rd4 zijn de ontwikkeling van de brandstofprijzen van groot belang. Afhankelijk van de ontwikkelingen kunnen deze zowel een positief als een negatief effect op de begroting hebben. 6. Aansprakelijkheidsrisico's In zoverre alle aansprakelijkheidsrisico's bekend zijn, zijn deze afgedekt. 7.

Liquiditeitsrisico's Voor de komende vijf jaar is er aan de hand van een kasstroomanalyse berekend of er kortlopende kasgeldfaciliteiten ofwel langlopende leningen benodigd zijn om aan de verplichtingen te kunnen voldoen. 8. Renterisico's. Als er binnen afzienbare tijd geld geleend moet worden of een bestaande lening geherfinancierd moet worden dan bestaat er een renterisico omdat het dan geldende rentepercentage hoger zou kunnen zijn dan het percentage van de oude lening, waardoor de kosten voor de organisatie en dus indirect voor de gemeenten zouden kunnen stijgen. Om dit risico af te dekken is er in het voorjaar een nieuwe lening aangetrokken en wordt de aflossingsvrije lening welke in 2020 afliep tegelijkertijd afgesloten met een uitgestelde storting waardoor de renterisico's voor de komende jaren geminimaliseerd zijn. 9. Afvaltarief risico's. In de huidige begroting is gerekend met een aanpassing van de inzamelfrequentie voor restafval waarbij de begrote afvalhoeveelheden zijn aangepast aan de verwachte ontwikkeling. De werkelijke hoeveelheden afval kunnen sterker afwijken van de begroting dan in voorgaande jaren.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

9/39

10. VPB-risico. GR Rd4 is op grond van haar rechtsvorm met ingang van 1 januari 2016 belastingplichtig voor de vpb ‘indien en voor zover zij een onderneming drijft’. Een groot deel van de activiteiten van GR Rd4 is echter vrijgesteld. Uitzondering hierop zijn de verkoop van rest(afval-)stromen en de dienstverlening aan de NV. Ten aanzien van de verkoop van reststromen heeft GR Rd4 een vaststellingsovereenkomst ondertekend met de Belastingdienst. Gemeentelijke risico's Het voordeel van de begrotingssystematiek is dat de individuele gemeenten geprikkeld worden om gerichter beleid te voeren, aangezien het voordeel van een verlaging van kosten ook voor een groot deel bij dezelfde gemeente terecht komt. Zo kan bij een nulresultaat van Rd4 de ene gemeente een positief resultaat hebben terwijl dit voor een andere gemeente negatief kan zijn. Een risico bij de gemeente ligt aan de inkomstenkant. Indien het vaste en variabele tarief van de afvalstoffenheffing verkeerd wordt geschat en/of het aantal ledigingen dat aan burgers in rekening wordt gebracht te laag is, dan betekent dit een extra financieel risico. Bovendien bestaat het risico bij het doorberekenen van ledigingen dat niet alles kan worden doorberekend, bijvoorbeeld bij verhuizing.

Al deze extra risico's maken het noodzakelijk dat de gemeenten een schommelfonds hebben om deze risico's af te dekken en/of om te zorgen voor voldoende weerstandsvermogen bij Rd4. Bij het samenstellen van de begroting is gekozen voor een aantal verdeelsleutels waarbij er schattingen zijn gemaakt op basis van eigen ervaringen en ervaringen van derden. Belangrijke parameters hierbij zijn het afvalvolume, de vullingsgraad van de containers en het aanbiedpercentage van de containers. Indien de realiteit slechter is dan begroot dan kan dit voor de gemeente een financieel risico betekenen. Kengetallen Kengetallen conform Regeling van de Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 9 juli 2015, nr. 2015-0000387198. Deze regeling geeft richtlijnen om een aantal kengetallen op te nemen in het jaarverslag en de begroting. Het betreft de navolgende kengetallen: De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. 31-12-2020 31-12-2019 - Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen in % 28,02% 35,99% 6,82% 5,36% - Solvabiliteitsrisico in % De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen.

Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Voor beide ratio's is het eigen vermogen van de organisatie van groot belang. Hoe hoger dit vermogen hoe beter de ratio eruit zal zien. Bij Rd4 bestaat het eigen vermogen echter voornamelijk uit het weerstandsvermogen. De raden van de gemeenten zijn van mening dat dit vermogen zo laag mogelijk moet zijn omdat ze het ongewenst vinden dat er bij gelieerde ondernemingen "te grote potten" ontstaan. Bij voorkeur zouden ze dit zelfs nihil willen zien. Zij zien zichzelf als eigen risicodrager en afdekking van de risico's genoemd onder de ratio's beschouwen zij dan ook als minder relevant. Dat is dan ook de reden dat dit eigen vermogen van Rd4 relatief laag is. Gevolg zal dan ook zijn dat het berekenen van deze ratio's leidt tot een lage ratio en daardoor ook leidt tot een verkeerd beeld van de organisatie. - Kengetal grondexploitatie in % - Kengetal structurele exploitatieruimte in % - Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit in % - Vaststelling provinciale belastingcapaciteit in %

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

10/39

De kengetallen zouden het de leden van de provinciale staten en de gemeenteraad makkelijker moeten maken om meer inzicht te krijgen in de financiële positie van de provincie, gemeente en in ons geval van de GR. Als we de laatste vier kengetallen nader bekijken dan zijn deze met name gericht op gemeenten of provincies. De GR Rd4 heeft hier eigenlijk niets mee te maken omdat er geen relevante samenhang is met de aard van de werkzaamheden van Rd4. Om deze reden worden deze kengetallen dan ook niet opgenomen in het begrotingsboek of het jaarverslag. 1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen Ultimo 2020 bestaan de materiële vaste activa voor circa 51% uit gronden. Hiervoor is geen sprake van een beleidskader en daaruit voortvloeiende consequenties. Het restant bestaat uit terreininrichting en gebouwen. Gezien de minimale financiële consequenties is hier eveneens geen sprake van een separaat beleidskader. 1.2.3 Financiering Het opstellen van de paragraaf Financiering in de begroting is in zowel het BBV als in de wet Fido verplicht gesteld. Financiering betreft de wijze waarop de Gemeenschappelijke Regeling Rd4 de benodigde geldmiddelen aantrekt en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen belegt. De uitvoering van deze paragraaf vindt plaats binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving kennen we het treasurystatuut van Gemeenschappelijke Regeling Rd4.

In dit statuut zijn nadere regels opgenomen om daarmee de financieringsfunctie te sturen, te beheersen en te controleren. Interne- en externe ontwikkelingen Wet Hof Het doel van De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) is het terugdringen van het begrotingstekort van Nederland. Rijk en decentrale overheden (gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, provincies en waterschappen) zijn daar samen verantwoordelijk voor. De wet vloeit voort uit Europese regels voor het terugdringen van het begrotingstekort. Deze zijn onderdeel van het Stabiliteits- en Groeipact. ln de Wet Hof zijn die Europese afspraken verankerd in nationale wetgeving. EMU-saldo ln de Wet Hof is vastgelegd dat er per jaar een plafond is voor het EMU-tekort van alle gemeenten samen. De hoogte van dat zogeheten macroplafond wordt elk jaar opnieuw vastgesteld op basis van bestuurlijk overleg tussen rijk en gemeenten. Voor de huidige kabinetsperiode is afgesproken dat de decentrale overheden het begrotingstekort geleidelijk terugbrengen van 0,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in 2013, naar 0,2 procent bbp in 2017. Het netto financieringssaldo van alle overheden bij elkaar mag in een jaar niet boven dat plafond uitkomen. Eind 2015 is de evaluatie gestart om te bezien of de beoogde norm verantwoord en mogelijk is.

ledere gemeente krijgt daarnaast een individuele referentiewaarde voor het EMU-tekort in een jaar op basis van het begrotingssaldo van het voorgaande jaar. Pas bij overschrijding van het plafond voor het EMU-tekort van de gezamenlijke gemeenten kan de referentiewaarde per gemeente voor het EMU-tekort een rol gaan spelen. Gemeenschappelijke Regeling Rd4 heeft zelf geen referentiewaarde. Met het hieronder opgenomen EMU-overzicht wordt inzage gegeven in de geldstromen binnen de begroting zonder onttrekkingen uit de reserves.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

11/39

ln onderstaande tabel betekent een positief bedrag dat Gemeenschappelijke Regeling Rd4 minder uitgeeft dan ontvangen wordt en een negatief bedrag dat Gemeenschappelijke Regeling Rd4 meer uitgeeft dat ontvangen wordt. Bedragen x € 1.000

Totaal 2020

EMU-exploitatiesaldo (saldo vóór mutatie reserves) + Afschrijvingen + Dotatie aan voorzieningen t.l.v. exploitatie - Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd + Baten uit bijdragen van andere overheden + Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa - Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. + Baten bouwgrondexploitatie - Lasten op balanspost voorzieningen - Lasten i.v.m. transacties met derden - Bij verkoop van effecten de verwachte boekwinst

1.000 554 50 -27 0 0 0 0 -543 0 0

Totaal EMU-saldo

1.034

Vaste schulden van Gemeenschappelijke Regeling Rd4 De langlopende lening bedraagt ultimo 2020 na aflossing € 31.180.000. In 2005 is er een lening bij de BNG (Bank Nederlandse Gemeenten) afgesloten. De hoofdsom bedroeg € 14.000.000 waarvan de looptijd 15 jaar bedraagt met een vast rentepercentage gedurende de looptijd van 3,735%. De rentelast over deze lening bedraagt € 522.900. In verband met de financiering van de vervanging van het voertuigenpark alsmede de uitbreiding met groot aantal ondergrondse containers is in 2008 een extra lening afgesloten ter hoogte van € 6.500.000 met een looptijd van 25 jaar en een rentepercentage van 4,805%. De rentelast over deze lening bedroeg in 2020 € 196.294. In verband met de financiering van de op- en overslag alsmede gedeeltelijke herfinanciering van de aflossingen op bestaande leningen, is per 15 mei 2017 een nieuwe lening afgesloten ter hoogte van € 6.000.000 en een rentepercentage van 1,495%. De rentelast over deze lening bedroeg in 2020 € 80.273. Gezien het gunstige rentepercentage alsmede om het renterisico te vermijden zijn er per 15 mei 2017 een tweetal nieuwe leningen afgesloten met een uitgestelde storting op de vervaldatum van de oude lening. Deze bedraagt € 14.000.000 en vervalt per 30-12-2020. In 2018 is een lening afgesloten bij NWB van € 10.000.000 met een looptijd van 20 jaar.

De aflossing vindt plaats in 20 jaarlijkse termijnen van € 500.000. Het rentepercentage is 1,3%. De rentelast over deze lening bedroeg in 2020 € 122.378. Een lening is bij de NWB bank afgesloten voor een periode van 20 jaar tegen een rentepercentage van 2,25% met een stortingsdatum per 30-12-2020. De tweede lening is afgesloten bij de BNG voor een periode van 15 jaar tegen een rentepercentage van 2,184% met een stortingsdatum per 30-12-2020. Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten bepaald voor het toetsen van het renterisico, namelijk de kasgeldlimiet en de renterisiconorm.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

12/39

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt, moet er een langlopende geldlening worden aangetrokken. lndien voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld en moeten de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring worden voorgelegd aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. Berekening (bedragen x € 1.000) Stap Omschrijving Bepalen toegestane kasgeldlimiet Omvang begrotingstotaal Percentage regeling 1 Toegestane kasgeldlimiet

2

Vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende korte schuld

3

Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar Totaal vlottende middelen

4 5

Totaal netto vlottende schuld (2-3) Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4) Totaal netto vlottende schuld -/toegestane kasgeldlimiet = ruimte (-) / overschrijding (+)

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

33.227 8,50% 2.824

33.227 8,50% 2.824

33.227 8,50% 2.824

33.227 8,50% 2.824

0 9.628 0

0 15.468 0

0 21.408 0

3.000 27.824 0

0 9.628

0 15.468

0 21.408

0 30.824

20 26.774 4.864 31.658

26 32.581 5.465 38.072

5 38.888 5.775 44.668

7 45.785 6.661 52.453

-22.030

-22.604

-23.260

-21.629

-24.854 =========

-25.428 =========

-26.084 =========

-24.453 =========

Op basis hiervan mag geconcludeerd worden dat de vlottende middelen ruimschoots voldoende zijn en dat er nog voldoende ruimte in de kasgeldlimiet zit om tijdelijke tekorten op te vangen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

13/39

Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Berekening (bedragen x € 1.000) Variabelen Renterisico(norm) Stap -1 Renteherzieningen -2 Aflossingen

2020 Jaar T: 0 15.000

2021 Jaar T+1: 0 4.000

2022 Jaar T+2: 0 1.000

2023 Jaar T+3: 0 1.000

-3 Renterisico (1+2)

15.000

4.000

1.000

1.000

-4 Renterisiconorm

7.093

7.476

8.030

8.271

3.476

7.030

7.271

(5a) = (4>3 ) (5b) = (3>4)

Ruimte onder renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm

-7.907

Berekening (4a) (4b)

Renterisiconorm Begrotingstotaal jaar T Percentage Regeling

35.463 20

37.379 20

40.149 20

41.353 20

7.093

7.476

8.030

8.271

Renterisiconorm (van alleen jaar T) (4) = (4a x 4b/100)

Het renterisico blijft de komende jaren ruimschoots onder de norm. Schatkistbankieren Door de wet over schatkistbankieren zijn de decentrale overheden verplicht het grootste deel van hun liquide middelen aan te houden in de schatkist. De EMU-schuld en de financieringsbehoefte van het Rijk vermindert hierdoor. Decentrale overheden kunnen in het kader van de uitoefening van de publieke taak nog steeds geld uitlenen aan een andere decentrale overheid. De verantwoording van schatkistbankieren gebeurt in de jaarrekening.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

14/39

1.2.4. Bedrijfsvoering Inleiding Voor u ligt het jaarverslag over het boekjaar 2020 van de Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdiensten Rd4. In dit bijzondere corona jaar hebben we met inspanningen een uitermate positief jaar kunnen neerzetten. Het boekjaar is uiteindelijk beter uitgekomen dan de begroting met € 992.284. Voor de onderliggende cijfers, kengetallen en overige meer bedrijfsmatige gegevens wordt verwezen naar de bijgevoegde jaarrekening. Samen met onze collega’s Tijdens het schrijven van dit verslag bevinden we ons nog steeds midden in de coronacrisis. Een crisis die niet alleen een behoorlijke impact heeft op onze maatschappij, maar ook oponze organisatie. Op 27 februari 2020 werd bekend dat het coronavirus voor het eerst Nederland had bereikt. Begin maart heeft Rd4 noodzakelijke hygiënemaatregelen genomen. Een crisisteam werd geactiveerd en Rd4 nam vergaande maatregelen met als doel de gezondheid van onze medewerkers te waarborgen en de continuïteit van onze dienstverlening te garanderen. Onze drie kringloopshops werden gesloten, de huis-aan-huis papierinzameling en de inzameling van BEST-tassen werden stilgelegd en het Textiel sorteercentrum ging op slot. Maar juist andere diensten werden opgeschaald, zoals het vaker ledigen van ondergrondse containers en het verruimen van de openingstijden van onze milieuparken.

Onze medewerkers hebben alle zeilen moeten bijzetten om het virus zoveel als mogelijk buiten de deur te houden. Slechts een beperkt aantal medewerkers is ziek geworden. Mede dankzij de inzet van onze collega’s, hebben we snel na de eerste golf onze dienstverlening opgeschaald en gedurende de rest van het jaar op peil gehouden. Tijdens de tweede golf hebben we de continuïteit van onze dienstverlening kunnen waarborgen tot op de dag van vandaag. Onze collega’s hebben onder vaak moeilijke omstandigheden hun werk uitgevoerd. Wie herinnert zich nog de twee zware stormen Ciara en Dennis en de extreem hete augustusmaand, of de opruimwoede die zorgde voor de lange files op de milieuparken. Onze medewerkers gingen door waar anderen stopten. We hebben ons niet laten beperken door wat niet mogelijk was, maar energie gestoken in het ontdekken van nieuwe kansen en mogelijkheden. Zo ondergingen onze kringloopwinkels een metamorfose. Ze werden opgefrist en coronaproof ingericht. We organiseerden diverse webinars om binding te houden met bestuurders, ambtenaren en raadsleden. En we hebben gewerkt aan de nieuwe meerjarenstrategie voor onze organisatie. Een strategie met een evenwichtige balans tussen maatschappelijke- en bedrijfsmatige doelstellingen, waarin duurzaamheid en circulariteit centraal staan.

We hebben onze missie en kernwaarden herijkt en onze ambities bepaalt met als doel te blijven bouwen aan een krachtige en vooruitstrevende organisatie. Steeds op koers In het jaarverslag 2020 realiseerde Rd4 GR een bescheiden positief financieel resultaat. Hiermee blijven we een financieel gezonde en duurzame organisatie met bevlogen en betrokken medewerkers. Het financieel beleid en verantwoording zijn vaste onderwerpen geweest in de overleggen met het Dagelijks en Algemeen bestuur, ambtenaren, de externe accountant en banken. Ook hebben we geïnvesteerd in onze netwerken en zijn we intensief in gesprek geweest met andere belangrijke relaties zoals leveranciers, adviseurs, veiligheidsregio, belangenverenigingen, media, collega-bedrijven in de branche, vakgenoten en onderwijsinstellingen. Zo geven we concreet inhoud hoe wij het publiek ondernemerschap willen invullen. Terugkijkende op het bijzondere jaar 2020 zijn we tevreden met onze resultaten. Ondanks corona zijn we niet uit de koers geraakt.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

15/39

Slimmer aanpakken en doorpakken In 2021 blijven we nog steeds in de greep van het virus. Ook voor ons wordt 2021 een spannend jaar. We hebben laten zien dat we hard kunnen werken. We hebben elkaar nog beter leren kennen en weten te waarderen. Maar we zullen ons moeten blijven uitdagen. Onze prioriteit blijft het waarborgen van de gezondheid van onze medewerkers. Want alleen zo kunnen we onze dienstverlening continueren en excelleren in hetgeen we moeten doen. Onze financiële doelstellingen blijven, voor zover we nu inschatten, voor de middellange termijn nog ongewijzigd. En vooralsnog schatten wij de impact van coronapandemie op de financiële continuïteit van onze organisatie als beperkt. De maatschappelijke middelen, die vastgesteld zijn in de begroting van 2021 en die wij namens de tien deelnemende gemeenten met veel zorg beheren en aanwenden, zullen we efficiënt en verstandig blijven inzetten en monitoren. We hebben het jaarverslag 2020 met veel zorg opgesteld om u te informeren over onze financiële prestaties. Maar de echte prestaties zijn geleverd door onze collega’s. Dat zijn de echte helden. Wij zijn dan ook ongelooflijk trots op onze collega’s die zich in deze bizarre tijd blijven inzetten voor onze organisatie en dagelijks klaarstaan voor burgers en klanten. We hebben bewezen dat we samen een crisis kunnen doorstaan.

W.C.H. Sijstermans Directeur

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

16/39

COVID Deze paragraaf is aan deze jaarrekening toegevoegd om een beeld te schetsen van de impact in financiële zin van de corona pandemie op onze jaarcijfers. Hierbij dient te worden aangetekend dat onze administratie van gegevens nooit is opgezet met als doel iets dergelijks te registreren. Daarom zitten in de genoemde cijfers schattingen. Bepaalde effecten zitten financieel verweven in een totaalplaatje (corona en andere effecten). Andere elementen zijn juist wel weer goed toe te wijzen (uitsluitend corona). Wel hebben we gemeend om dit los van onze technische jaarrekening te duiden. Toen in maart de crisis uitbrak is er binnen Rd4 een crisisorganisatie in het leven geroepen welke de benodigde maatregelen heeft afgekondigd. Tot op de dag van vandaag is een dergelijke structuur actief. Vanuit dit gremium worden de besluiten gecommuniceerd naar onze medewerkers en andere belanghebbenden op periodieke basis. Onze kernactiviteiten hebben het gehele jaar gewoon door kunnen draaien (primaire inzameling via routes en milieuparken). De landelijk afgekondigde maatregelen zijn ook bij ons op de werkvloer leidend. We hebben enkele activiteiten tijdelijk stil moeten leggen. Het Textiel sorteercentrum is een periode dicht geweest evenals de kringloopwinkels.

Ook de huis-aan-huis inzameling van papier is een tijd niet uitgevoerd, al is er de mogelijkheid geweest om het papier bij onze op- en overslag en de milieuparken te komen afleveren (brengservice). Daarnaast waren onze straatclusters natuurlijk gewoon beschikbaar. Financieel heeft dit geleid tot hogere verwerkingskosten en milieupark opbrengsten van ongeveer € 1.000.000 welke meegenomen zijn in de afrekening variabele component. Daarnaast hebben op de kringloop en het Textiel sorteercentrum ongeveer € 500.000 minder opbrengsten dan begroot. We hebben ook wat op de kosten kunnen besparen en daarnaast medewerkers kunnen inzetten op andere activiteiten zoals de restyling van onze kringloopwinkels of het bemannen van het milieupark in verband met het extra aanbod. Daarnaast hebben we door onze investeringsruimte slim in te zetten een kleine € 1.000.000 bespaard op de afschrijvingen tegenover de begroting. Daarnaast zijn er wat extra uitgaven geweest voor poolauto's voor beladers, automatiseringskosten voor thuiswerk als ook aanpassingen, markeringen en hygienemiddelen op de locaties. Daarnaast zijn uit het pluspakket en de N.V. Reinigingsdiensten meer inkomsten gegenereerd € 700.000.

Door de som van maatregelen hebben we als Rd4 een mooi resultaat kunnen neerzetten van € 430.188 (exclusief de niet corona-gerelateerde vrijval van de onderhoudsvoorziening van € 542.884) op de bedrijfsvoering. De afrekening van de variabele component (zonder de PMD 2017 en 2018 afrekeningen van € 1.088.107) betrof € 368.255. Inzake de toekomst zien we corona bij Rd4 geen majeure impact hebben. We blijven focussen op preventie en zijn gedreven om onze kernactiviteiten te blijven uitvoeren. Inzake het Textiel sorteercentrum en de kringloopwinkels verwachten we wel nog effecten in 2021. Ook zal er nog wel inhuur noodzakelijk zijn om corona gerelateerd verzuim op te vangen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

17/39

1.2.5 Verbonden partijen Deelnemers : 11 Gemeenten * / AB

Dagelijks Bestuur

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling (GR)

Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (BVF)

Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (BV KLB)/(TSC)

N.V. Reinigingsdiensten Rd4 (NV) * Sinds 2019 zijn de gemeenten Nuth, Onderbanken en Schinnen (RWM) gefuseerd in de gemeente Beekdaelen. Echter op het moment van het opstellen van de begroting was dit nog niet bekend en hebben wij in de begroting en nu de jaarrekening vastgehouden aan de 11 Rd4-gemeenten en spreken we dus ook over Nuth en Onderbanken.

Eigen vermogen 1/1/20 Eigen vermogen 31/12/12 Vreemd vermogen 1/1/20 Vreemd vermogen 31/12/20 Resultaat 2020

BVF 18.151 18.151 22.774.972 24.347.585 0

TSC -954.534 -978.421 1.858.808 1.972.570 -23.888

NV 812.006 884.199 4.020.493 5.843.305 241.704

De werkorganisatie van Rd4 bestaat uit de GR Rd4, het Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. en het Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. welke gezamenlijk een fiscale eenheid vormen. In het Facilitair Bedrijf B.V. zijn bijna alle productiemiddelen ondergebracht, evenals de medewerkers die geen ambtelijke status hebben. Zij volgen derhalve ook een andere cao: namelijk de cao voor de Afval en Milieu, GEO (Grondstoffen, Energie en Omgeving). Alle (loon)kosten van de BVF worden volledig doorberekend aan de Gemeenschappelijke Regeling. Het exploitatieresultaat is dus nihil. De activiteiten van het Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. vinden sinds 2005 in de Gemeenschappelijke Regeling plaats. Vanaf 2014 zijn hier de activiteiten van het Textiel sorteercentrum in ondergebracht. Voor deze bedrijven gezamenlijk wordt een geconsolideerde jaarrekening samengesteld. Voor de dienstverlening aan bedrijven is er een separaat bedrijf opgezet zijnde de NV Reinigingsdiensten Rd4. Dit bedrijf heeft geen eigen personeel of activa en huurt deze merendeels in bij de GR Rd4 of het Facilitair Bedrijf B.V. welke voor deze dienstverlening de variabele kostprijs plus overheadtoeslag plus winstopslag doorberekent.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

18/39

2. JAARREKENING 2.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften van Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats o.b.v. historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie t.b.v. gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.

Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. De vergelijkende cijfers zijn op enkele plaatsen geherrubriceerd ten einde de vergelijkbaarheid met boekjaar 2020 te verbeteren. Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. De verkrijgings- of vervaardigingsprijs wordt verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen.

De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de vervaardigings- of verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele residuwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het boekjaar na moment van ingebruikneming. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. Voor de kosten van periodiek groot onderhoud is een voorziening gevormd. Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

19/39

Vlottende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. De liquide middelen en overlopende activa worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Eigen vermogen De reserves zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onder de vaste schulden worden schulden opgenomen met een resterende looptijd van meer dan één jaar. De op korte termijn (binnen één jaar) verschuldigde aflossingen worden opgenomen onder de vlottende passiva. Voorziening groot onderhoud De voorziening ter gelijkmatige verdeling van lasten voor groot onderhoud van gebouwen wordt bepaald op basis van de te verwachten kosten over een reeks jaren. De voorziening wordt lineair opgebouwd. Het uitgevoerde onderhoud wordt ten laste van deze voorziening gebracht. Vlottende passiva De netto vlottende schulden en de overlopende passiva worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.

Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Wet Normering Topinkomens Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft de instelling zich gehouden aan de Beleidsregels toepassing WNT.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

20/39

2.2 Balans In euro's 31-12-2020

31-12-2019

ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa - investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa - kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen - leningen aan deelnemingen

12.410.568

36.311 1.745.000 ---------------

12.937.469

36.311 1.645.000 --------------1.781.311

1.681.311

Vlottende activa Voorraden Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - uitzettingen in 's Rijks schatkist - rekening-courant verhouding niet financiële instellingen - overige vorderingen Liquide middelen - kassaldi - banksaldi Overlopende activa - de van Europese overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel - Europese overheidslichamen - het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen - overige nog te ontvangen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

53.582

79.142

4.863.415

1.709.272

21.720.918 326.366

20.342.888 512.787

7.227 61.598

16.729 66.345

0 0 1.960.154

0 0 961.604

4.743.014 ---------------

4.128.780 ---------------

Totaal

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

33.736.274

27.817.547

--------------47.928.153 =========

--------------42.436.327 =========

21/39

31-12-2020

31-12-2019

3.267.358

2.275.077

0

492.476

31.180.000 ---------------

32.180.000 ---------------

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Overige voorzieningen Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen

34.447.358

34.947.553

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige kasgeldleningen - banksaldi - overige schulden Overlopende passiva - verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume - de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren - overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

3.000.000 0 7.671.227

0 0 5.664.265

2.809.568

1.824.509

0

0

0 ---------------

0 ---------------

Totaal

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

13.480.795

7.488.774

--------------47.928.153 =========

--------------42.436.327 =========

22/39

2.3 Toelichting op de balans In euro's ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen Voor een gedetailleerd overzicht van het verloop van de materiële vaste activa verwijzen wij u naar de bijlagen.

Boekwaarde per 01-01 Investeringen Afschrijvingen Desinvesteringen

2020

2019

12.937.469 26.866 -553.768 0 ---------------

10.788.697 2.691.780 -543.004 0 ---------------

Boekwaarde per 31-12

12.410.568 ========

12.937.469 ========

De afschrijvingspercentages bedragen 0-10. Onder de materiële vaste activa zijn grondposities opgenomen met een aanschafwaarde van € 6.391.036. Over deze posities wordt niet afgeschreven. De aanschafwaarde van de materiële vaste activa bedraagt per 31 december 2020 € 19.176.427. De cumulatieve afschrijvingen bedragen per die datum € 6.765.859. Financiële vaste activa

31-12-2020

31-12-2019

18.160 18.151 ---------------

18.160 18.151 ---------------

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Deelneming Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. Deelneming Rd4 Facilitair Bedrijf B.V.

36.311 ========

36.311 ========

Leningen aan overige verbonden partijen Lening GR aan Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. Lening GR aan Rd4 Kringloop Bedrijf B.V.

0 1.745.000 ---------------

0 1.645.000 --------------1.745.000 ========

1.645.000 ========

Lening GR aan Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. betrof een aan de Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. verstrekte lening. Deze is ultimo 2018 omgezet en gesaldeerd in een rekening-courant verhouding waarvoor een overeenkomst is gemaakt en waarover afspraken zijn gemaakt over de te betalen of te ontvangen rente bij een saldo. De renteberekening geschiedt op basis van het te betalen bedrag aan rente over de langlopende leningen in het boekjaar per 1 januari van het jaar gedeeld door het totaal van de leningen per 1 januari van het jaar. Reinigingsdiensten Rd4 GR verstrekt een lening ter financiering van roerende activa en het benodigde werkkapitaal aan het Rd4 Textiel sorteercentrum. Deze lening wordt verstrekt tegen een rentevergoeding die gekoppeld is aan de rente van de laatste langlopende lening door Rd4 afgesloten met een winstopslag van 0,25%. Voor 2020 is de rentevergoeding vastgesteld op 1,583%. Voor toekomstige jaren wordt het rentepercentage gekoppeld aan de mutatie besluit marktrente langlopende verplichtingen in de Staatscourant.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

23/39

Er is geen voorziening gevormd omdat het negatief eigen vermogen van het Rd4 Textiel sorteercentrum is verrekend in de resultaatverdeling van de GR en het restbedrag vanuit de verkoop van de activa wordt gerealiseerd. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met rentetypische looptijd korter dan 1 jaar.

31-12-2020

31-12-2019

4.863.415

1.709.272

Drempelbedrag In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Afhankelijk van de omvang van de organisatie is er een minimumbedrag vastgesteld dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor de GR Reinigingsdiensten Rd4 is dat bedrag € 250.000,- . Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan dienen in de schatkist te worden aangehouden. In 2020 heeft wel overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag, als gevolg van verslapte aandacht als gevolg van wisseling van functies gedurende 1 kwartaal. In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen van 2020 is geweest. Bedragen x € 1.000 (1)

Drempelbedrag

250

Kwartaal 1 (2)

(3a)=(1)>(2) (3b)=(1)<(2)

Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijving van het drempelbedrag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=ae153897-d78b-4c77-815a-709f893b0fd2