CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

VII-22 Bijlage 1 Conceptbegroting 2023 VRZL.pdf

Raadsvergadering 2 juni 2022, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Raadsvoorstel MCC en VRZL Begroting 2023 en jaarrekening 202115.599 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Begroting 2023 VRZL

1

Inhoudsopgave

Voorwoord .................................................................................................................. 4 Deel A

Beleidsbegroting ........................................................................................ 5

1

Programmaplan................................................................................................... 6

1.1

Concern ............................................................................................................ 6

1.1.1

Wie zijn we? ............................................................................................... 6

1.1.2

Waar staan we voor? ................................................................................. 6

1.1.3

Ons werkgebied ......................................................................................... 7

1.1.4

Wat gaat het kosten? ................................................................................. 8

1.1.5

Risico’s op concernniveau ......................................................................... 9

1.2

Crisisbeheersing en rampenbestrijding .......................................................... 11

1.2.1

Wie zijn we? ............................................................................................. 11

1.2.2.

Wat willen we bereiken? .......................................................................... 11

1.2.3

Wat gaan we daarvoor doen? .................................................................. 13

1.2.4

Wat gaat het kosten? ............................................................................... 15

1.2.5

Risico’s Crisisbeheersing en rampenbestrijding ...................................... 15

1.3

Brandweerzorg ............................................................................................... 16

1.3.1

Wie zijn we? ............................................................................................. 16

1.3.2

Wat willen we bereiken? .......................................................................... 16

1.3.3

Wat gaan we daarvoor doen? .................................................................. 16

1.3.4

Wat gaat het kosten? ............................................................................... 19

1.3.5

Risico's Brandweerzorg ........................................................................... 20

2

Paragrafen ........................................................................................................ 21

2.1

Algemeen ....................................................................................................... 22

2.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing .................................................... 22

2.2.1

Weerstandscapaciteit............................................................................... 22

2.2.2

Inventarisatie risico’s................................................................................ 23

2.2.3

Beleid weerstandscapaciteit en risico’s .................................................... 25

2.2.4

Bepaling weerstandsvermogen ................................................................ 25

2.2.5

Financiële kengetallen ............................................................................. 26

2.3

Onderhoud kapitaalgoederen ......................................................................... 27

2.4

Financiering .................................................................................................... 27

2.4.1 Kasgeldlimiet ............................................................................................... 28

2

2.4.2 Renterisiconorm ........................................................................................... 29 2.4.3 Renteschema ............................................................................................... 29 2.5

Bedrijfsvoering ................................................................................................ 32

2.5.1

Wie zijn wij? ............................................................................................. 32

2.5.1.1 Investeringsbeleid .................................................................................... 32 2.5.1.2 Organisatiestructuur................................................................................. 33 2.5.1.3 Administratieve organisatie ...................................................................... 33 2.5.1.4 Informatisering en automatisering ............................................................ 33 2.5.1.5 Personeelsbeleid ..................................................................................... 33 2.5.2

Wat willen we bereiken? .......................................................................... 34

2.5.3

Wat gaan we doen? ................................................................................. 34

2.5.4

Wat gaat het kosten? ............................................................................... 35

2.5.5

Risico’s Bedrijfsvoering ............................................................................ 36

2.6

Verbonden partijen ......................................................................................... 36

Deel B

Financiële begroting................................................................................. 38

3.1

Overzicht van baten en lasten ........................................................................ 39

3.2

Uiteenzetting van de financiële positie ........................................................... 40

3.3

Overzicht baten en lasten per taakveld .......................................................... 41

3.4

Overzicht van bijdragen gemeente ................................................................. 42

3.5

Overzicht van bijdragen per deelnemende gemeente 2023-2026 .................. 43

3.6

Staat van reserves en voorzieningen ............................................................. 44

3.7

Geldleningen .................................................................................................. 45

3.8

Meerjareninvesteringsplan en kapitaallasten (MIP) ........................................ 46

3.9

Recapitulatie structureel en reëel evenwicht begroting 2023-2026 ................ 48

3

Voorwoord Voor u ligt de begroting 2023 van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg (VRZL), met een doorkijk naar de jaren 2024-2026. De begroting 2023 heeft de begroting 2022 als uitgangspunt. In de begroting 2023 zijn geen majeure beleidswijzigingen aangebracht. Het betreft een begroting die in het teken staat van de verdere implementatie van het vastgestelde beleid “een solide basis voor de toekomst ”. Tevens zal 2023 naar verwachting het eerste begrotingsjaar zijn waarin de effecten en de nazorg met betrekking tot COVID-19 en de Hoogwaterramp vorm zullen krijgen. Financieel is alleen de indexering conform de septembercirculaire 2021 van het gemeentefonds toegepast. Op 7 december 2018 heeft het algemeen bestuur besloten een nieuwe verdeelsleutel te gaan hanteren. In 2020 is de oude, voornamelijk historisch bepaalde verdeelsleutel in een periode van 4 jaar geleidelijk losgelaten en ingeruild voor een sleutel die gelijke tred houdt met het gemeentefonds. Afgesproken is om in 2023 een percentage van 100% (2022= 75%) conform het ingroeimodel te hanteren. Ook zal in 2023 verder, gezamenlijk met de gemeenten, worden gewerkt aan meer transparantie in begroting en de jaarstukken.

4

Deel A

Beleidsbegroting

5

1

Programmaplan

1.1

Concern 1.1.1 Wie zijn we?

VRZL is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten in Zuid-Limburg en één van de 25 veiligheidsregio’s in Nederland. VRZL is een hands-on hulpverleningsorganisatie en een netwerkorganisatie in één. De werkzaamheden vinden plaats op het terrein van Crisisbeheersing & Rampenbestrijding (C&R) en brandweerzorg. In onze regio werken 16 gemeenten, de brandweer, de politie Eenheid Limburg, de Geneeskundige Hulpverlenings- Organisatie in de regio (GHOR), het Openbaar Ministerie (OM), provincie Limburg, Veiligheidsregio Limburg Noord (VRLN), Waterpartners Limburg (waterschap, zuiveringsschap, waterleidingmaatschappij) Defensie, de Regionale Uitvoeringsdienst (RUD) en Chemelot samen in één veiligheidsregio. Daarnaast hebben wij een omvangrijk netwerk van partijen waarmee wij samenwerken zoals het Nederlandse Rode Kruis, Essent, Enexis, Sitech, Brightlands, ProRail, de overige zuidelijke veiligheidsregio’s (Zuid-6) het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) en natuurlijk de verschillende hulpverleningsorganisaties in het Euregionale grensgebied (EMRIC).

1.1.2 Waar staan we voor? VRZL is ingericht om de zorg voor openbare veiligheid in de regio te organiseren. Burgers, bedrijven en instellingen verwachten dat wij er voor ze zijn met advies en hulp waar nodig. Samen met onze partners: • • • •

Dragen we (pro)actief bij aan de veiligheid in de regio. We brengen risico's in kaart en treffen voorbereidingen op maat; Geven we adviezen om daar waar mogelijk onveiligheid te voorkomen en te beperken; Bestrijden we incidenten en crises als ze zich toch voordoen. We treden effectief op tijdens een ramp om schade te beperken; Beogen we leed en schade zo veel mogelijk te beperken en helpen we verstoringen van het openbare leven zo snel mogelijk te herstellen. We zetten in op slachtofferhulp, nazorg en herstel van materiële schade.

Als VRZL willen we deze taak realiseren door midden tussen burgers, bedrijven, instellingen en partners te staan, primair uit te gaan van eenieders eigen kracht en expertise, waarbij we door een goede informatiepositie en gedreven en vakbekwame medewerkers een natuurlijke, betrouwbare partner zijn voor duurzame veiligheid in de regio. Ons motto daarbij is: “Samen Veilig”. Samen met de gemeenten en onze crisispartners hebben we een krachtige crisisorganisatie staan. Wij kunnen snel hulp bieden en beschikken over voldoende slagkracht.

6

1.1.3 Ons werkgebied Het werkgebied van VRZL is een compact verstedelijkt gebied van circa 650 km2. Buiten de economisch bijzonder waardevolle clustering in onder meer chemie en health en unieke kansen voor versterking van de regio spelen er, door de geografische ligging van Zuid-Limburg, specifieke opgaven. Voor deze regio, die uiterst excentrisch ligt binnen Nederland (ruim 200 km grenslengte en op het smalste deel met 6 km verbonden aan de rest van Nederland), geldt dat in bijzondere mate. Met ongeveer 594.000 inwoners ligt Zuid-Limburg centraal in de Euregio Maas-Rijn. Er zijn binnen VRZL grote industrieën met specifieke veiligheidsrisico’s, zoals chemische industrie en de luchthaven Maastricht-Aachen Airport. Met name in de zomermaanden ontvangen we daarnaast veel toeristen, die zowel in de stedelijke als de landelijke gebieden verblijven.

7

1.1.4 Wat gaat het kosten? Veiligheidsregio Zuid-Limburg (totaal)

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Totaal baten Totaal lasten

53.480 45.517

53.286 45.428

53.920 46.541

55.556 46.815

56.432 46.795

57.428 47.391

Overhead Onvoorzien Totaal

9.196 9.196

9.929 10 9.939

9.996 10 10.006

10.146 10 10.156

10.297 10 10.307

10.453 10 10.463

Dotatie voorzieningen Onttrekking voorzieningen Mutatie voorzieningen

3.691 3.888 -197

2.717 3.340 -623

1.923 3.396 -1.473

1.937 3.371 -1.434

1.965 2.941 -976

1.995 2.813 -818

Dotatie reserves Onttrekking reserves Mutatie reserves

3.369 4.285 -916

3.695 5.153 -1.458

4.072 5.226 -1.154

4.255 4.236 19

4.447 4.141 306

4.647 4.255 392

Resultaat

-120

-

-

-

-

-

Toelichting De begroting 2023 is gebaseerd op de begroting 2022. Uitgangspunten die zijn toegepast betreffen de CAO-stijgingen die doorgerekend en meegenomen zijn in 2023 en daarnaast de bekende indexering van de gemeentelijke bijdrage.

8

1.1.5 Risico’s op concernniveau Hieronder zijn de belangrijkste risico's weergegeven die voor de gehele organisatie gelden. Specifieke risico’s die betrekking hebben op een programma zijn daar benoemd: •

•

•

•

•

•

• • •

• •

Vrijwilligheid is een landelijk thema. Dat er iets gaat veranderen is helder. Taakdifferentiatie bij de vrijwilligers is van de baan. Alleen de bouwsteen “verplichtend karakter” wordt nu verder landelijk uitgewerkt. Dit betekent voor onze veiligheidsregio in hoofdlijnen dat vrijwilligers niet meer gekazerneerd mogen worden en dat ze voor dat deel een parttime aanstelling moeten krijgen. De financiële impact is echter sterk afhankelijk van de nadere uitwerking en van het feit of er rijksmiddelen voor beschikbaar komen. Een en ander betekent dat gemeenten hier een financieel risico lopen. De snelheid van technologische ontwikkelingen heeft steeds invloed op VRZL. Indien deze technologische ontwikkelingen elkaar snel opvolgen kan dat een operationeel risico met zich meebrengen. De veiligheidsregio’s zijn maar beperkt in staat dat tempo bij te benen en op de hoogte te blijven van die ontwikkelingen laat staan dat ze proactief kunnen optreden. De onbekendheid met ontwikkelingen maakt dat op sommige gebieden of thema’s de risico’s groter worden. Landelijke stelseldiscussie. De ministerraad heeft ingestemd met de instelling van de evaluatiecommissie wet veiligheidsregio’s (WvR). De evaluatie moet inzicht geven in het functioneren van het stelsel zoals beschreven in de WvR, zowel ten aanzien van de bestuurlijke als operationele componenten.

Het is de bedoeling dat de evaluatie inzicht biedt in wat goed werkt, waar er verbetermogelijkheden zijn en wat bij knelpunten de oplossingsrichtingen zijn. Welke gevolgen hiervan zullen zijn is vooralsnog niet bekend. Verduurzaming en milieu eisen worden regelmatig aangescherpt en deels ad hoc ingevoerd. Dit brengt het risico met zich mee dat er meer kosten gemaakt dienen te worden en mogelijkerwijs het buiten werking stellen van materieel. Met afschrijvingstermijnen van soms wel 15 jaar op materieel is het niet gemakkelijk om met nieuwe maatregelen mee te bewegen. De Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS): De vorming van de landelijke meldkamer staat nog aan het begin. De LMS heeft ervoor gekozen om tot 2023 te werken met zogenaamde “bouwplaats” constructie. Er wordt in delen gebouwd en geëxperimenteerd om te bezien wat in de praktijk werkt en uitgerold zou moeten worden. Of hierdoor nog gevolgen ontstaan voor VRZL is onduidelijk maar het kan leiden tot extra kosten c.q. kwaliteitsverbetering of -verlies. De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is een Europese verordening die de regels voor verwerking van persoonsgegevens door bedrijven en overheidsorganisaties in de hele Europese Unie standaardiseert. De AVG wordt gemonitord door de Autoriteit Persoonsgegevens. Datalekken die ontstaan kunnen leiden tot het opleggen van een boete.

Daarnaast is het van groot belang dat de informatiebeveiliging op orde is om zo beter bestand te zijn tegen cyberaanvallen door kwaadwillenden. De recente cyberaanval bij VDL is hier een goed voorbeeld van en dergelijke aanvallen kunnen de wendbaarheid binnen VRZL aantasten. Er is sprake van krapte op de arbeidsmarkt waardoor het moeilijk is om kwalitatief goede medewerkers aan te trekken binnen de programmalijnen. Herijking gemeentefonds: De herijking van het gemeentefonds kan aanzienlijke financiële herverdeeleffecten hebben. Omgevingswet: Met de inwerkingtreding van de omgevingswet verandert het stelsel van regelgeving voor de fysieke en gezonde leefomgeving. Deze wetgevingsoperatie heeft gevolgen voor overheden waaronder de veiligheidsregio's en de brandweer. De exacte impact voor VRZL is nog onbekend. Maatschappelijke onrust: Veel tijd moet worden gestoken in de maatschappelijke onrust naast het regulier managen van de crisis (COVID-19 en hoogwaterramp) Veiligheidsgaranties bij een crisis (COVID-19 en hoogwaterramp)

9

•

•

•

•

• •

•

•

• •

Functioneel Leeftijdsontslag (FLO) zal in 2023 nogmaals herijkt worden en daarmee gemonitord op inhoud en effecten. Het gemeenschappelijke belang om de FLO-casus goed en structureel af te hechten staat hierbij voorop. Daarbij heeft het algemeen bestuur benadrukt dat er aandacht dient te zijn voor de interne taakstelling binnen VRZL en gekeken dient te worden of het een reëel scenario blijft voor VRZL om deze interne taakstelling met een omvang van € 560.000 structureel vanuit de eigen exploitatie op te vangen. Als dit niet het geval blijkt te zijn kent dit een financiële impact voor de deelnemende gemeenten. De huidige inval in Oekraïne door Rusland kan een verdere escalatie met zich meebrengen waarbij VRZL mogelijk extra taken dient uit te gaan voeren. Recent is bekend geworden dat elke veiligheidsregio dient te zorgen voor 2.000 opvangplekken voor vluchtelingen uit de Oekraïne. De impact en omvang van taken als gevolg hiervan is nu niet vast te stellen maar kan een financiële impact hebben. Onduidelijk is of daarvoor middelen vanuit het Rijk komen. Huisvestingsbeleid bestuurlijke dialoog Brandweerzorg: In 2019 is als vervolg op de besluitvorming in 2018 over een nieuwe kostenverdeelsleutel en over extra financiële middelen voor de VRZL een huisvestingsbeleid vastgesteld.

De directe aanleiding daarvoor was de overtuiging dat huisvestingscomponent voortaan een regionale aangelegenheid diende te zijn. Immers, risicoprofiel en dekkingsplan zijn een verantwoordelijkheid van het regionale bestuur en huisvesting is daarvan een logisch gevolg. Deze lijn betekent een ontwikkeling van een nog grotendeels lokaal verankerde huisvestingssituatie naar een regionale aanpak en beheer. Het na te streven einddoel is een zo goed mogelijk gestandaardiseerd bestand van kazernes dat bij voorkeur in regionaal eigendom zijn. Daarbij is de notie gedeeld, dat er nog gezocht moet worden naar de juiste balans tussen regionale verantwoordelijkheid en lokale autonomie. Het gaat erom dat, vanuit het uitgangspunt dat VRZL en de gemeenten natuurlijke partner zijn, de voor alle partijen meest gunstige keuzes gemaakt blijven worden. Om te komen tot strakkere kaders om het groeimodel te sturen en te begeleiden, heeft het algemeen bestuur gevraagd om in 2022 en 2023 in de bestuurlijke dialoog toekomst brandweerzorg de scenario’s voor de huisvesting nader aan de orde te stellen. De financiële impact hiervan is op dit moment niet in te schatten. In de bestuurlijke dialoog zullen de scenario’s besproken worden hoe dit het beste ingevuld kan worden.

Afhankelijkheid van derden bij een crisis: We zijn in vele gevallen de coördinator en regisseur bij een crisis en zijn daarmee afhankelijk van informatie, kennis en kunde en expertise van derden waarover we feitelijk niets te zeggen hebben. Dat vormt een risico, met name in ongekende crises. Onbekende crises: in het provinciaal risicoprofiel zijn zwarte zwanen benoemd; crises die nu nog onbekend zijn maar die impact zullen hebben. Dat blijft een continu risico. Beschikbaarheid crisisfunctionarissen: Vooral de COVID-19 pandemie maar ook het Hoogwater hebben aangetoond dat we bij langdurige crisis en het langdurig inzetten van crisisfunctionarissen al snel tegen grenzen aanlopen. Crisisfunctionarissen komen in loyaliteitsvraagstukken tussen noodzakelijke activiteiten bij hun hoofdwerkgever en bijdragen aan de bestrijding van de crisis. Chemelot heeft VRZL in kennis gesteld dat in 2023 en 2024 mogelijk zeer grote veranderingen plaatsvinden binnen enkele bedrijven op het terrein. Voor VRZL betekent dit voor 2023 en 2024 een flinke toename van de werkbelasting voor industriële veiligheid (Vergunningverlening BRZO, Toezicht BRZO en aanwijzing bedrijfsbrandweer). De bezetting en landelijke routering van meldingen tijdens weerextremen vraagt waarschijnlijk een heroverweging op de formatie.

Wellicht zal hierbij de bereikbaarheid van het landelijke niet spoedeisende nummer voor de brandweer een grotere rol gaan spelen. Een mogelijke opleving van COVID-19 kan er mogelijk toe leiden dat niet alle geplande opleidingen en trainingen uitgevoerd kunnen worden. In paragraaf 2.2.2 is een tabel met risico’s opgenomen die een financiële impact kennen op VRZL en zijn deze risico’s toegelicht.

10

1.2

Crisisbeheersing en rampenbestrijding

1.2.1 Wie zijn we? Het programma crisisbeheersing en rampenbestrijding (C&R) omvat alle activiteiten die gericht zijn op de voorbereiding op mogelijke crises en rampen. Het gaat om de beheersing van risico’s (voorkomen, beperken) en de gezamenlijke multidisciplinaire voorbereiding op mogelijke incidenten. Hierbij wordt het begrip “incident” breed opgevat. Het gaat niet alleen om het incident zelf maar ook om de dreiging ervan of de aankondiging van een gebeurtenis. Het kan ook gaan om incidenten of verstoringen die op zichzelf geen ramp of crisis zijn maar die (mogelijk) de openbare orde en veiligheid bedreigen zoals thema’s die grote maatschappelijke onrust tot gevolg kunnen hebben. Het programma omvat de volgende producten met clusters van activiteiten: • • • • • •

Bevolkingszorg (inclusief evenementen en multidisciplinaire risicobeheersing); Risicocommunicatie (risicobewustzijn) en Crisiscommunicatie; Informatiemanagement; Multidisciplinaire Operationele Voorbereiding (MOV); Multidisciplinair Opleiden, Trainen en Oefenen (MOTO); Kwaliteitszorg.

In deze begroting worden ook de activiteiten uit te voeren door de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) omschreven. De GHOR omvat de volgende producten en clusters van activiteiten: • • • • •

Risicobeheersing – ontwikkeling naar risicobewustzijn; Planvorming en professionaliteit; Informatiemanagement; Kwaliteitszorg; Ketenmanagement.

1.2.2.Wat willen we bereiken? Samenwerking De Coronacrisis en het Hoogwater hebben weer aangetoond dat samenwerking met partners van belang is. Alleen hadden wij het niet gekund, samen zetten we grote stappen. Ook in 2023 zal die samenwerking waar mogelijk en noodzakelijk geïntensiveerd worden. Daarbij wordt continu gemonitord welke nieuwe dreigingen en scenario’s op ons af komen en welke (nieuwe) partners of partijen van belang zijn om daarmee gezamenlijk op te trekken. Daarbij zal continueren van de samenwerking met Veiligheidsregio Limburg Noord een belangrijke rol spelen. Bevolkingszorg en evenementen Nadat in 2020 en een groot deel van 2021 evenementen niet mogelijk waren, liet 2022 een groei naar de normale omvang van aantallen evenementen zien. We verwachten ook voor 2023 nog een piek in aantallen evenementen omdat veel organisatoren de verloren jaren willen inhalen. Daarnaast zal de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s en de inbedding van Bevolkingszorg en Crisiscommunicatie aandacht vragen. De evaluatie van de wet geeft aan dat de veiligheidsregio op die onderdelen een stevigere regierol zou moeten invullen. Binnen VRZL is dat ook nu al het geval. In 2023 zal bezien worden of landelijke ontwikkelingen daarop nog invloed gaan hebben.

11

Risicocommunicatie- ontwikkeling naar risicobewustzijn Een risicoloze samenleving bestaat niet, maar we kunnen wel bewuster omgaan met risico’s. Dat betekent dat burgers, bezoekers, instellingen, bedrijven en overheid zich bewust zijn van de aanwezige risico’s en weten wat zij kunnen doen rondom die risico’s. Burgers, bezoekers, instellingen, bedrijven en overheid hebben immers samen invloed op de (fysieke) veiligheid in Zuid-Limburg. Dat bewustzijn start met kennis van de aanwezige risico’s. Het Provinciale Risicoprofiel dat in 2019 is vastgesteld, zal in 2023 geactualiseerd worden. Het biedt een adequate basis om daarover met doelgroepen te communiceren. Daarbij zal ons risicobeeld de komende jaren evolueren waarbij nieuwe dreigingen een belangrijkere rol zullen gaan spelen. De evaluaties van de Covid-crisis maar ook de evaluatie van het Hoogwater in 2021 zullen invloed hebben op de risico’s en de wijze waarop we daarop gaan voorbereiden. Daarmee hebben deze evaluaties ook invloed op de risicocommunicatie. Ieder zal vanuit de eigen verantwoordelijkheid moeten acteren en waar mogelijk slim op risico’s moeten interveniëren. Hierbij hebben burgers en bedrijven mede een eigen verantwoordelijkheid. De Veiligheidsregio ondersteunt daarbij door middel van communicatie over de risico’s en het bieden van een handelingsperspectief.

Het vraagt een continue monitoring en analyse van de aanwezige risico’s en scenario-ontwikkeling. Het effect daarvan is dat mensen die wonen en/of werken en/of verblijven in Zuid-Limburg op de hoogte zijn van de risico's die er zijn in de omgeving en dat zij een adequaat handelingsperspectief hebben wanneer zich een incident voordoet. De verantwoordelijkheid van de overheid ligt verder bij de ontwikkeling van veilige ruimtelijke planning, bij het bevorderen van de borging van veiligheid in vergunningen en bij het veilig bouwen en gebruiken van gebouwen. De Veiligheidsregio ondersteunt daarbij. Daarnaast lopen er al geruime tijd initiatieven om de gezamenlijke aanpak van risicocommunicatie rondom Chemelot samen met de betrokken gemeenten en Chemelot op te pakken en in te vullen. Betrokkenheid van burgers is daarbij een belangrijk doel. Dat wordt in 2023 natuurlijk gecontinueerd Communicatie integraal aanpakken Naast de risicocommunicatie informeert de Veiligheidsregio de bevolking over wat zij geacht wordt te doen in het geval van crises en geeft zij duiding van incidenten in de regio en daarbuiten. Dat vraagt een samenhangende aanpak van risicocommunicatie, reguliere voorlichting en crisiscommunicatie.

Het gaat erom de communicatie zo te organiseren dat de Veiligheidsregio vooruit denkt en antwoord geeft op vragen die kunnen spelen en dat de communicatie klantgericht wordt uitgevoerd voor burgers, partners en media. Daarbij wordt gebruik gemaakt van moderne middelen en technieken om de verschillende doelgroepen te kunnen bereiken. Corporate communicatie en interne communicatie Binnen VRZL staan voor 2023 ook enkele majeure projecten gepland waaronder de afronding van de Bestuurlijke Dialoog rondom brandweerzorg. Team communicatie zal daarin faciliteren en ondersteunen waar mogelijk omdat het belangrijk wordt geacht onze bestuurders en onze raden adequaat te informeren en met hen te communiceren over het verloop van het project. Overigens heeft brandweerzorg daarbij de leidende rol. Informatiemanagement Het delen van relevante informatie tussen hulpdiensten, gemeenten en hun partners wordt steeds belangrijker en biedt ook kansen om het gezamenlijk optreden bij incidenten adequaat en vakkundig aan te pakken. De organisatie moet er klaar voor zijn om informatie -die door partnerorganisaties en burgers wordt aangeleverd- juist te verwerken, te veredelen en te duiden en te gebruiken en andersom informatie snel en tijdig ter beschikking te stellen aan anderen.

Het programma C&R coördineert en faciliteert deze ontwikkelingen onder meer door het in te richten veiligheidsinformatiecentrum (VIC) waar informatie samenkomt en geduid wordt. Daarnaast wordt er continu gewerkt aan het verbeteren van het veiligheidsbeeld waarmee operationele functionarissen continu een adequaat beeld van de situatie in onze regio hebben.

12

Ook zal vanuit het programma C&R de operationele informatievoorziening naar de eenheden op straat verdergaand vormgegeven worden zodat deze steeds over de meest actuele informatie kunnen beschikken. In samenwerking met de partners binnen de zuidelijke 6 veiligheidsregio’s (Zuid-6) wordt daaraan invulling gegeven. Dit is een vakgebied dat de komende jaren nog volop ontwikkelingen zal kennen en waarbij wij als VRZL aangesloten moeten blijven. Dat vraagt om investeringen en prioritering. Multidisciplinaire Operationele Voorbereiding (MOV) en multidisciplinaire Opleiding, training en oefening (MOTO) MOV en MOTO hebben als belangrijkste doelstellingen voor 2022 dat de wettelijk verplichte planvorming op orde is en dat functionarissen opgeleid, getraind en geoefend zijn om hun taak in de crisisorganisatie adequaat te kunnen invullen. Ook in 2023 zullen daarvoor onder meer opleidingen, oefeningen, GRIP workshopdagen, ROT-oefeningen en RBT-bijeenkomsten georganiseerd worden. Kwaliteitszorg en professionaliteit De doorontwikkeling in crisisbeheersing stelt hoge eisen aan het functioneren van de Veiligheidsregio. Daarom wordt met kwaliteitszorg gestuurd op het leer- en verbeterproces van de afzonderlijke hulpdiensten en van de onderlinge samenwerking.

De afzonderlijke GRIP-evaluaties, de halfjaar- en jaarrapportages daarover en de rode draden die we analyseren dragen bij aan de continue verbetering van de crisisbeheersing. Dat wordt uiteraard in 2023 gecontinueerd. Ook de regie- en netwerkfunctie van de Veiligheidsregio wordt versterkt door vanuit het programma C&R integraal te sturen op gewenste ontwikkelingen.

1.2.3 Wat gaan we daarvoor doen? Algemeen 2023 zal mede in het teken staan van de uitvoering van verbeterpunten uit de evaluaties van de covidpandemie, het verwerken van aanbevelingen uit de evaluatie van de wet op de veiligheidsregio’s, het verder verwerken van verbeterpunten uit de evaluaties van het Hoogwater en de reguliere evaluaties. Daarnaast is het herstellen van de inspanningen die COVID-19 en het Hoogwater gevraagd hebben een belangrijk issue. In 2023 zal de blik gericht worden op 2030 en zal met ons bestuur nagedacht worden over de gewenste inrichting van crisisbeheersing om fit te zijn voor toekomstige dreigingen. Dat zal onder meer stollen in een nieuw meerjarenbeleidsplan voor de periode 2024-2027. Samenwerking Een van de vele inzichten die zowel de COVID-19 pandemie als het Hoogwater ons gebracht heeft is dat het in crisissituaties belangrijk is om je collega’s te kennen. Met name in de internationale component die daarbij voor Zuid-Limburg een grote rol speelt zullen we verdergaand investeren. De opbrengsten van de jarenlange samenwerking in het programma EMRIC hebben hun meerwaarde getoond. Intensiveren van die samenwerking bereid Zuid-Limburg nog beter voor op de risico’s binnen of net buiten ons gebied. Vanzelfsprekend zal er geïnvesteerd blijven worden in samenwerking met andere Nederlandse Veiligheidsregio’s, landelijke netwerken en vakraden.

Bevolkingszorg en evenementen Bevolkingszorg zal een belangrijk deel van haar capaciteit inzetten voor de reguliere werkzaamheden. Specifiek voor 2023 staan activiteiten gericht op de evaluatie wet veiligheidsregio’s en verbeterpunten naar aanleiding van de eerdergenoemde evaluaties geprogrammeerd. Vanaf 2022 wordt er gewerkt met een jaarlijks verslag aan de coördinerend gemeentesecretaris over de geleverde prestaties binnen bevolkingszorg. Aandachtspunten daaruit zullen vanaf 2023 ook in de begroting meegenomen worden.

13

Informatiemanagement Ook voor informatiemanagement geldt dat de reguliere werkzaamheden voor een belangrijk deel zorgen voor in vulling van de werkzaamheden. De doorontwikkeling van Operationele Informatievoorziening, de doorontwikkeling van het veiligheidsbeeld en VIC, de intensivering van de samenwerking met Veiligheidsregio Limburg Noord zodat de meldkamer in toenemende mate dezelfde uitgangspositie kan hanteren voor beide veiligheidsregio’s. Daarbij is met name het vraagpunt van informatie-veredeling en betrouwbaar kunnen informeren van de crisisfunctionarissen een aandachtspunt. MOV en MOTO Het actueel houden van de bestaande wettelijke plannen (Rampbestrijdingsplannen, multidisciplinaire informatiekaarten) gebeurt in een vierjaarlijkse cyclus. Het oefenprogramma is daarop afgestemd zodat ervaringen uit oefeningen ook meegenomen kunnen worden in een volgende actualisatie. Er zal in 2023 wederom een stap gezet worden in de kwaliteitsverbetering van de crisisfunctionarissen. Niet kwantiteit (van oefeningen, trainingen en opleidingen) is leidend maar de kwaliteit van wat de functionaris heeft te bieden. Het jaarverslag aan de coördinerend gemeentesecretaris is een mooie basis om de gewenste kwaliteit te benoemen en de huidige situatie daarbij inzichtelijk te maken. In 2023 zal verder gewerkt worden aan de verbetering van de kwaliteit van de crisisfunctionarissen.

Doelstelling is dat zij ook bij de nu nog onbekende scenario’s vanuit kennis en kunde kunnen improviseren en de crisis adequaat kunnen bestrijden. Communicatie Op het gebied van communicatie hebben we de komende jaren mooie ontwikkeltrajecten en projecten in het vooruitzicht. Het continu verbeteren van de risicocommunicatie en daarmee meer risicobewustzijn bij de bevolking creëren, het kwalitatief verbeteren van de crisiscommunicatie op basis van belevingsonderzoeken en veiligheidsvisies, het intensiveren van de samenwerking met Chemelot (en andere partners) om sneller de juiste informatie te kunnen delen in crisissituaties maar ook de continue aandacht voor de Veiligheidsregio als organisatie, vult de agenda voor 2023 al snel. Na intensieve jaren met Covid en Hoogwater is het ook aan de tijd de opbrengsten en inzichten uit deze periode te verankeren. Het lijkt er overigens op dat de oorlog in Oekraïne roet in het eten gooit en dat er ook voor 2022 (en 2023) een enorme crisisinzet van de veiligheidsregio’s verwacht wordt. Kwaliteitszorg Het kwaliteitszorgsysteem evolueert en wordt steeds steviger. We krijgen steeds beter inzicht in de aanwezige competenties en talenten en maken daar waar mogelijk gebruik van. Het systeem draagt bij aan het continu verbeteren van de organisatie en de mensen in de organisatie.

Middels halfjaar en jaarrapportages worden de geleverde inspanningen en de gerealiseerde verbeteringen inzichtelijk gemaakt en bestuurlijk onder de aandacht gebracht. Geneeskundige hulpverlening Nederland veilig houden en waar nodig veiliger maken: daar draagt de GHOR graag aan bij. Een belangrijke basis voor het werk van de GHOR is het provinciaal risicoprofiel dat de beide Limburgse veiligheidsregio’s hebben opgesteld voor de periode 2020-2023. Dat wordt in 2023 opnieuw vastgesteld en de GHOR zal daaraan uiteraard bijdragen. De verdere naleving en borging van de aandachtspunten uit de evaluaties van de COVID-19 pandemie zullen voor de GHOR de nodige aanvullende en nieuwe werkzaamheden met zich meebrengen. De GHOR heeft een belangrijke rol in de verdere vertaling van de benoemde verbeterpunten naar de witte – geneeskundige – keten. De GHOR is daarnaast nauw betrokken bij de vergunningverlening rondom grote evenementen en heeft daarbij vooral aandacht voor de veiligheid en gezondheid van deelnemers en bezoekers. Het aantal evenementen in Zuid-Limburg neemt toe. Tegelijkertijd zijn er in Europa meer incidenten en neemt de dreiging toe. Steeds opnieuw is de vraag welke voorzorgsmaatregelen nodig zijn en wat dit mag kosten. Voorzorgsmaatregelen kosten (veel) geld en de vraag is of dit altijd nodig is.

14

Tegelijkertijd is de maatschappelijke druk groot als iets gebeurt en blijkt dat geen voorzorgsmaatregelen genomen zijn. Na de relatief evenementen-vrije jaren 2020 en 2021 verwachten we voor 2022 en 2023 een opleving in aantal evenementen. Daarbij zal de evenementen-sector proberen een inhaalslag te maken. Daar zal in 2023 ook veel aandacht voor zijn.

1.2.4 Wat gaat het kosten? Programma Crisisbeheersing en Rampenbestrijding (incl. GHOR)

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

568

483

404

400

400

400

3.609 167 1.187 621 142 141 5.867

4.448 232 654 492 168 82 92 6.168

4.515 217 664 499 170 83 83 6.231

4.583 220 674 506 173 84 95

4.652 224 684 514 176 86 96

6.335

6.432

4.721 227 694 522 178 87 97 6.526

Dotatie voorzieningen Onttrekking voorzieningen Mutatie voorzieningen

-

-

-

-

-

-

Dotatie reserves Onttrekking reserves Mutatie reserves

-

140 -140

79 -79

-

-

-

-5.299

-5.545

-5.748

-5.935

-6.032

-6.126

Baten Lasten Personeel Opleiding, vorming en training Kantoor Automatisering Huisvesting Voertuigen Materialen Kapitaallasten Lasten

Resultaat

1.2.5 Risico’s Crisisbeheersing en rampenbestrijding Binnen C&R kennen we een aantal risico’s: •

• •

•

•

Afhankelijkheid van derden bij een crisis. We zijn in vele gevallen de coördinator en regisseur bij een crisis en zijn daarmee afhankelijk van informatie, kennis en kunde en expertise van derden waarover we feitelijk niets te zeggen hebben. Dat vormt een risico, met name in ongekende crises. Onbekende crises: in het provinciaal risicoprofiel zijn zwarte zwanen benoemd; crises die nu nog onbekend zijn maar die impact zullen hebben. Dat blijft en continu risico. Beschikbaarheid crisisfunctionarissen: Met name de Covid-crisis maar ook het Hoogwater hebben aangetoond dat we bij langdurige crisis en het langdurig inzetten van crisisfunctionarissen al snel tegen grenzen aanlopen. Crisisfunctionarissen komen in loyaliteitsvraagstukken tussen noodzakelijke activiteiten bij hun hoofdwerkgever en bijdragen aan de bestrijding van de crisis. Een ander risico is de snelheid van met name de technologische ontwikkelingen. De veiligheidsregio’s zijn maar beperkt in staat dat tempo bij te benen en op de hoogte te blijven van die ontwikkelingen laat staan dat ze proactief kunnen optreden. De onbekendheid met ontwikkelingen maakt dat op sommige gebieden of thema’s de risico’s groter worden. De concern risico’s zoals benoemd in paragraaf 2.2.2 raken de bedrijfsvoering en de programma’s op alle vlakken.

De samenhang tussen bedrijfsvoering en de programma’s maakt dat hier gezamenlijk op geacteerd dient te worden.

15

1.3

Brandweerzorg

1.3.1 Wie zijn we? Brandweerzorg verhoogt de veiligheid in Zuid-Limburg. Enerzijds doen wij dat proactief, door onder andere het in kaart brengen van risico’s die er zijn en door voorlichting te geven hoe brandveilig te leven, en anderzijds reactief door daar hulp te bieden waar nodig als deze gevraagd wordt. We verhogen de veiligheid in Zuid-Limburg door ons inzicht in risico’s verder te verbeteren, door voorlichting en communicatie en door snelle en ter zake doende interventies daar waar het toch mis is gegaan. Daarvoor moeten we onze regio en de belangrijke partners daarin goed kennen, willen we risico’s snel kunnen signaleren en daarover gezaghebbend adviseren en willen we adequaat optreden. Onze sterke verbondenheid met de maatschappij maakt dat we de samenwerking actief op kunnen en moeten zoeken Het programma brandweerzorg bestaat uit de volgende onderdelen: • • • • •

Risicobeheersing Incidentbestrijding Vakbekwaamheid Kaderstelling Meldkamer

1.3.2 Wat willen we bereiken? We willen de risico’s op branden en incidenten (van klein tot grote ramp/crisis) in de regio verkleinen mede door kennis te delen en het lerend vermogen van onze organisatie te vergroten. We bestrijden brand- en andere incidenten, dragen zorg voor de redding van mens en dier en we verkleinen de fysieke, sociale, economische en ecologische gevolgen van brand en andere ongevallen.

1.3.3 Wat gaan we daarvoor doen? Onderstaand wordt per onderdeel binnen het programma Brandweerzorg aangegeven met welke zaken zij bezig zijn en/of aan de slag gaan in 2023: Risicobeheersing VRZL werkt in een complexe en dynamische samenleving. Voortdurend wordt de samenleving beïnvloed door maatschappelijke en technologische ontwikkelingen, wijzigingen in wet- en regelgeving, nieuwe optredende risico’s en andere verwachtingspatronen van burgers en (keten)partners. Het wordt complexer en leidt tot meer en andere risico’s. Het effect en de impact hiervan noodzaken tot een nog intensievere integrale samenwerking binnen de veiligheidsketen. Als verbindend thema hierin ligt de nadruk op risicobeheersing vanuit een risicogerichte benadering. De nadruk komt steeds meer te liggen op het voorkomen en beheersbaar maken van incidenten. Dat vergt niet alleen het toepassen van regels, maar ook het scherp in beeld brengen en afwegen van risico’s, zoeken naar maatregelen die de veiligheid bevorderen, motiveren van anderen die het verschil kunnen maken en het beïnvloeden van risicovol gedrag. In 2023 worden ten aanzien van de risicobeheersing de volgende producten opgeleverd: •

Implementatie Visie op inrichting risicobeheersing Over het thema Risicobeheersing is op 2 december 2021 in de tweede sessie van de Bestuurlijke Dialoog Brandweerzorg Zuid-Limburg gesproken met het Algemeen Bestuur (AB). Dit heeft geresulteerd in uitgangspunten die dienen als input voor het op te leveren eindproduct “Visie op inrichting Risicobeheersing”.

16

Deze visie is in april 2022 goedgekeurd door ons algemeen bestuur. De visie wordt onderdeel van het eerdergenoemde Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 van de VRZL. In 2023 zal gestart worden met de implementatie van de visie. • Brandweer risicoprofiel Afgeleid van het provinciaal risicoprofiel is in 2022 is het brandweerrisicoprofiel opgesteld. Het brandweerrisicoprofiel omvat actuele informatie over de risico’s per gemeente en wordt continu geactualiseerd. Het belicht de incidenttypen: Waterincidenten Natuurbranden Incidenten wegverkeer Incidenten spoorvervoer Incident wegtunnel Brand in gebouwen Brand in dichte binnensteden Incidenten gevaarlijke stoffen Incident met vliegtuig (MAA/ AWACS) Overstroming rivier Incidenten naar aanleiding van extreme weersomstandigheden Evenementen Aan de hand hiervan is per gemeente een goed beeld te vormen van (brandweer)veiligheidsrisico’s. Op basis van het Brandweerrisicoprofiel en het Dekkingsplan houdt de VRZL verdiepende gesprekken met de gemeenten over de risico’s die spelen binnen een gemeente. Het team Risicobeheersing maakt hier nadrukkelijk de aansluiting met het gemeentelijk Integraal Veiligheidsplan. Op basis van deze gesprekken worden afspraken gemaakt over de speerpunten in het Integraal Veiligheidsplan ten aanzien van fysieke veiligheid (brandveiligheid, omgevingsveiligheid, crisisbeheersing en rampenbestrijding).

In de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s worden concrete afspraken gemaakt over de producten Risicobeheersing die VRZL levert. •

Implementatie van de Omgevingswet Naar verwachting is de nieuwe omgevingswet is op 1 januari 2023 van kracht. Het team risicobeheersing blijft verder werken aan de implementatie van de omgevingswet binnen de veiligheidsregio. Hierbij richt het team zich op het voorkomen en beperken van incidenten en de mogelijke schadelijke gevolgen. Risico’s zoals beschreven in Provinciaal Risicoprofiel en Brandweerrisicoprofiel zijn door VRZL te beïnvloeden door betrokkenheid bij: -

Het opstellen van de omgevingsvisie; Het opstellen van omgevingsplannen; Het behandelen van omgevingsvergunningen; Het opstellen van een Integraal Veiligheidsplan.

Incidentbestrijding Met betrekking tot de repressieve organisatie en de paraatheid zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd: • • • •

Opkomsttijden brandweereenheden zijn conform afgesproken norm; Opkomsttijden alle brandweerpiketten zijn conform norm; Paraatheid en slagkracht zijn in balans met het risicoprofiel; Iedere kazerne beschikt over een oefenprogramma voor basis- en specialistische taken;

17

• • • •

Vakbekwaam blijven: ontwikkeling naar eindbeeld dat gehele repressieve dienst in 2023 is bijgeschoold in actuele les- en leerstof van Brandweer Nederland; Plan van aanpak Arbeidshygiëne is conform planning uitgevoerd; Er vindt een doorontwikkeling plaats om de werking van de Servicecentra te optimaliseren; Uitvoering geven aan internationale convenanten (n.a.v. programma EMRIC)

Ook in 2023 is het streven om in algemene zin de operationele prestaties op het terrein van brandweerzorg te blijven leveren, ondanks dat veel aandacht geschonken moet worden aan de doorontwikkeling van de organisatie. Vakbekwaamheid Het organiseren van vakbekwaamheid vraagt een breed scala aan werkzaamheden binnen de domeinen opleiden, oefenen en bijscholen. De vakbekwaamheid van ons eigen personeel dient namelijk te allen tijde op orde te zijn. Dat is nodig in deze hoogtechnologische samenleving, waarin ontwikkelingen snel gaan. Het betreft o.a. het verzorgen van reguliere opleidingen voor manschappen, bevelvoerders en specialismen. Op het gebied van oefenen en bijscholen betreft het de organisatie van de beroepsoefendagen, de afstemming van een regionaal oefenrooster en het verzorgen van bijscholingen voor al onze chauffeurs, oefenleiders en (Hoofd) Officieren van Dienst. Er wordt verder een actieve bijdrage verwacht aan het concept lerende organisatie en het behouden van een gerenommeerd opleidingscentrum d.m.v. certificering. In 2023 zal worden ingezet op een verdere doorontwikkeling en optimalisering van de elektronische en virtuele leeromgeving, digitale simulaties en het instructeursbestand. Naar aanleiding van de behaalde audit, gericht op het lerend vermogen van het opleidingsinstituut, zullen de ontwikkelpunten ook in 2023 “omarmd” worden.

Kaderstelling In het team wordt de inhoudelijke beleidsvoorbereiding voor brandweerzorg geconcentreerd. Daarnaast wordt Kaderstelling ingezet bij ad hoc vraagstukken op tactisch niveau. Naast de lopende zaken voortkomend uit het Meerjarenbeleidsplan en Meerjareninvesteringsprogramma zal 2023 in het teken staan van de het voltooien van de PDCA-cyclus van actiepunten voortgekomen uit de hoogwaterramp van 2021, maar ook met het initiëren van de acties voor Brandweerzorg beschreven in het Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 en het afstemmen van de meldkamerprocedures van VRLN en VRZL. Meldkamer Vanuit de Wet veiligheidsregio’s (artikel 35) zijn de besturen van de veiligheidsregio’s in het werkgebied van een meldkamer verantwoordelijk voor het uitvoeren van de meldkamerfunctie ten behoeve van de brandweertaak en ten behoeve van de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Voor de Meldkamer Limburg zijn dat de veiligheidsregio’s Limburg-Noord en ZuidLimburg. Op 1 juli 2020 is de Wijzigingswet Meldkamers in werking getreden. De verantwoordelijkheid (bedrijfsvoering) voor het beheer van de meldkamers in Nederland is per die datum feitelijk van de veiligheidsregio’s naar de politie overgegaan. De politie heeft daartoe landelijk een nieuw organisatieonderdeel, de Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS), gevormd.

De primaire taak van LMS is om te komen tot een netwerk van 10 operationeel en beheersmatig verbonden meldkamers. Het beleids- en bestedingsplan LMS is een relatief beleidsarm plan, waarin er vooral wordt gestreefd naar bestendiging van het geformuleerde beleid en de afspraken met het ministerie van Veiligheid en Justitie. In 2023 wordt door de Meldkamer Brandweer in zijn algemeenheid conform landelijk beleid verder invulling gegeven aan de multidisciplinaire processen, waaronder vakbekwaamheid (opleiden, trainen en oefenen), alsmede kwaliteit / evalueren. Meer concreet is binnen VRZL de doorontwikkeling van het personeel belangrijk, waardoor opleiden en oefenen een belangrijk speerpunt is. Daarnaast blijft het belangrijk dat VRZL en VRLN protocollen op elkaar blijven afstemmen.

18

1.3.4 Wat gaat het kosten? Programma Brandweerzorg

Rekening 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Baten

2.189

1.334

1.400

1.400

1.400

1.400

Lasten Personeel Opleiding, vorming en training Kantoor Automatisering Huisvesting Voertuigen Materialen Kapitaallasten Lasten

28.290 1.358 163 25 3.298 919 998 4.599 39.650

26.931 1.923 117 17 4.228 830 858 4.356 39.260

27.894 1.951 119 17 4.279 842 871 4.337 40.310

28.682 1.980 121 17 3.733 855 884 4.208 40.480

28.392 2.009 123 18 3.560 897 897 4.467 40.363

28.582 2.040 124 18 3.613 911 911 4.666 40.865

Dotatie voorzieningen Onttrekking voorzieningen Mutatie voorzieningen

3.691 3.888 -197

2.717 3.340 -623

1.923 3.396 -1.473

1.937 3.371 -1.434

1.965 2.941 -976

1.995 2.813 -818

Dotatie reserves Onttrekking reserves Mutatie reserves

3.369 3.664 -295

3.695 4.723 -1.028

4.072 4.372 -300

4.255 4.236 19

4.447 4.467 -20

4.647 4.666 -19

-36.969

-36.275

-37.137

-37.665

-37.967

-38.628

Resultaat

19

1.3.5 Risico's Brandweerzorg •

•

•

•

•

• •

Vrijwilligheid is een landelijk thema. Dat er iets gaat veranderen is helder. Taakdifferentiatie bij de vrijwilligers is van de baan. Alleen de bouwsteen “verplichtend karakter” wordt nu verder landelijk uitgewerkt. Dit betekent voor onze veiligheidsregio in hoofdlijnen dat vrijwilligers niet meer gekazerneerd mogen worden en dat ze voor dat deel een parttime aanstelling moeten krijgen. De financiële impact is echter sterk afhankelijk van de nadere uitwerking en van het feit of er rijksmiddelen voor beschikbaar komen. Een en ander betekent dat gemeenten hier een financieel risico lopen. Chemelot heeft VRZL in kennis gesteld dat in 2023 en 2024 mogelijk zeer grote veranderingen plaatsvinden binnen enkele bedrijven op het terrein. Voor VRZL betekent dit voor 2023 en 2024 een flinke toename van de werkbelasting voor industriële veiligheid (Vergunningverlening BRZO, Toezicht BRZO en aanwijzing bedrijfsbrandweer). Ingeschat wordt dat daardoor voor de jaren 2023 en 2024 een tijdelijke inhuur van 2 FTE nodig is. De Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS): De vorming van de landelijke meldkamer staat nog aan het begin. De LMS heeft ervoor gekozen om tot 2023 te werken met zogenaamde “bouwplaats” constructie. Er wordt in delen gebouwd en geëxperimenteerd om te bezien wat in de praktijk werkt en uitgerold zou moeten worden.

Of hierdoor nog gevolgen ontstaan voor VRZL is onduidelijk maar het kan leiden tot extra kosten c.q. kwaliteitsverbetering of -verlies. De bezetting en landelijke routering van meldingen tijdens weerextremen vraagt waarschijnlijk een heroverweging op de formatie. Wellicht zal hierbij de bereikbaarheid van het landelijke niet spoedeisende nummer voor de brandweer een grotere rol gaan spelen. Functioneel leeftijdsontslag (FLO) wordt in het jaar 2023 nogmaals herijkt en wordt daarmee gemonitord op inhoud en effecten. Het gemeenschappelijke belang om de FLO-casus goed en structureel af te hechten staat hierbij voorop. Daarbij heeft het algemeen bestuur benadrukt dat er aandacht dient te zijn voor de interne taakstelling binnen VRZL en gekeken dient te worden of het een reëel scenario blijft voor VRZL om deze interne taakstelling met een omvang van € 560.000 structureel vanuit de eigen exploitatie op te vangen. Als dit niet het geval blijkt te zijn kent dit een financiële impact voor de deelnemende gemeenten. Een mogelijke opleving van COVID-19 kan er mogelijk toe leiden dat niet alle geplande opleidingen en trainingen uitgevoerd kunnen worden. De concern risico’s zoals benoemd in paragraaf 2.2.2 raken de bedrijfsvoering en de programma’s op alle vlakken. De samenhang tussen bedrijfsvoering en de programma’s maakt dat hier gezamenlijk op geacteerd dient te worden.

20

2

Paragrafen

21

2.1

Algemeen

De paragrafen handelen vooral over een aantal belangrijke beheersmatige onderwerpen en omvatten de navolgende verplichte paragrafen: • • • • •

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen

De paragrafen grondbeleid en lokale heffingen zijn op de Veiligheidsregio Zuid-Limburg niet van toepassing.

2.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Het weerstandsvermogen kan worden omschreven als het vermogen van VRZL om incidenteel en structureel niet begrote kosten die onverwachts en substantieel zijn, te dekken zonder verstoring van de continuïteit in de uitvoering van de reguliere taken van de veiligheidsregio. Het weerstandsvermogen bestaat enerzijds uit de weerstandscapaciteit in beschikbare middelen en mogelijkheden en anderzijds de risico’s waarvoor geen of onvoldoende voorzieningen zijn getroffen of verzekeringen voor zijn afgesloten. Het weerstandsvermogen is van belang voor het beoordelen van de financiële positie van de Veiligheidsregio. De financiële eindverantwoordelijkheid voor de financiële positie van VRZL wordt door de deelnemende gemeenten gedragen, conform de Gemeenschappelijke Regeling. Onverlet deze eindverantwoordelijkheid heeft VRZL als zelfstandig orgaan een eigen verantwoordelijkheid om voldoende weerstandsvermogen te vormen. Het weerstandsvermogen kan als volgt in een formule worden weergegeven.

Weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen

= Risico’s

2.2.1 Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit het vrij aanwendbare eigen vermogen (algemene reserve) en de ruimte in de exploitatiebegroting. Voor de geneeskundige hulpverlening (GHOR) is bepaald dat de algemene reserve maximaal 12% van de begrote gemeentelijke bijdrage mag bedragen. Voor het programma Brandweerzorg (i.c. Brandweer Zuid-Limburg) is de hoogte van het eigen vermogen bestuurlijk bepaald aan de hand van het rapport Van der Zanden (2014). De algemene reserve is gemaximaliseerd op € 1,5 miljoen. Met de toevoeging van C&R binnen VRZL moet bekeken worden of het rapport Van der Zanden wellicht herijkt dient te worden en daarmee de maximale hoogte van de algemene reserve.

22

2.2.2 Inventarisatie risico’s Een risico is de kans dat een gebeurtenis optreedt, met een (negatief) gevolg voor de betrokkene. De omvang van een risico kan worden geschat door de kans dat een bepaalde gebeurtenis zich voordoet te vermenigvuldigen met het gevolg (€) van deze gebeurtenis. Risico's

Impact

Kans

Veiligheidsregio Zuid-Limburg

1.

Vrijwilligheid

1.500.000

90%

2.

Technologische ontwikkelingen

500.000

95%

3.

Landelijke stelsel discussie

750.000

85%

4.

Verduurzaming/milieu

1.000.000

75%

5.

LMS

500.000

75%

6.

Datalekken/informatiebeveiliging

800.000

50%

133.333

7.

Krapte arbeidsmarkt Herijking gemeentefonds

75% 75%

375.000

8.

500.000 1.250.000

9.

Omgevingswet

250.000

50%

125.000

10.

Maatschappelijke onrust

250.000

50%

125.000

11.

Veiligheidsgaranties

500.000

25%

62.500

12.

Afhankelijkheid externen bij crisis

750.000

95%

13.

FLO

PM

14.

Oekraïne

PM

15.

Huisvestingsbeleid bestuurlijke dialoog

PM

•

•

•

•

Crisisbeheersing & Rampenbestrijding

1.350.000 158.333

158.333

158.333

637.500 375.000

375.000 187.500

187.500

133.333

133.333

937.500

62.500 712.500

2.291.667

•

Brandweerzorg

2.841.667

1.254.167

Vrijwilligheid is een landelijk thema. Dat er iets gaat veranderen is helder. Taakdifferentiatie bij de vrijwilligers is van de baan. Alleen de bouwsteen “verplichtend karakter” wordt nu verder landelijk uitgewerkt. Dit betekent voor onze veiligheidsregio in hoofdlijnen dat vrijwilligers niet meer gekazerneerd mogen worden en dat ze voor dat deel een parttime aanstelling moeten krijgen. De financiële impact is echter sterk afhankelijk van de nadere uitwerking en van het feit of er rijksmiddelen voor beschikbaar komen. Een en ander betekent dat gemeenten hier een financieel risico lopen. De snelheid van technologische ontwikkelingen hebben steeds invloed op VRZL. Indien deze technologische ontwikkelingen elkaar snel opvolgen kan dat een operationeel risico met zich meebrengen. De veiligheidsregio’s zijn maar beperkt in staat dat tempo bij te benen en op de hoogte te blijven van die ontwikkelingen laat staan dat ze proactief kunnen optreden. De onbekendheid met ontwikkelingen maakt dat op sommige gebieden of thema’s de risico’s groter worden. Landelijke stelseldiscussie. De ministerraad heeft ingestemd met de instelling van de evaluatiecommissie wet veiligheidsregio’s (WvR). De evaluatie moet inzicht geven in het functioneren van het stelsel zoals beschreven in de WvR, zowel ten aanzien van de bestuurlijke als operationele componenten.

Het is de bedoeling dat de evaluatie inzicht biedt in wat goed werkt, waar er verbetermogelijkheden zijn en wat bij knelpunten de oplossingsrichtingen zijn. Welke gevolgen hiervan zullen zijn is vooralsnog niet bekend. Verduurzaming en milieu eisen worden regelmatig aangescherpt en deels ad hoc ingevoerd. Dit brengt het risico met zich mee dat er meer kosten gemaakt dienen te worden en mogelijkerwijs het buiten werking stellen van materieel. Met afschrijvingstermijnen van soms wel 15 jaar op materieel is het niet gemakkelijk om met nieuwe maatregelen mee te bewegen. De Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS): De vorming van de landelijke meldkamer staat nog aan het begin. De LMS heeft ervoor gekozen om tot 2023 te werken met zogenaamde “bouwplaats” constructie. Er wordt in delen gebouwd en geëxperimenteerd om te bezien wat in de praktijk werkt en uitgerold zou moeten worden. Of hierdoor nog gevolgen ontstaan voor VRZL is onduidelijk maar het kan leiden tot extra kosten c.q. kwaliteitsverbetering of -verlies.

23

•

• • •

• • • •

•

•

De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is een Europese verordening die de regels voor verwerking van persoonsgegevens door bedrijven en overheidsorganisaties in de hele Europese Unie standaardiseert en worden gemonitord door de Autoriteit Persoonsgegevens. Datalekken die ontstaan kunnen leiden tot het opleggen van een boete. Daarnaast is het van groot belang dat de informatiebeveiliging op orde is om zo beter bestand te zijn tegen cyberaanvallen door kwaadwillende. Krapte arbeidsmarkt om kwalitatief goede medewerkers aan te trekken binnen de programmalijnen. Herijking gemeentefonds: De herijking van het gemeentefonds kan aanzienlijke financiële herverdeeleffecten hebben. Omgevingswet: Met de inwerkingtreding van de omgevingswet verandert het stelsel van regelgeving voor de fysieke en gezonde leefomgeving. Deze wetgevingsoperatie heeft gevolgen voor overheden waaronder de veiligheidsregio's en de brandweer. De exacte impact voor VRZL is nog onbekend. Maatschappelijke onrust: Veel tijd moet worden gestoken in de maatschappelijke onrust naast het regulier managen van de crisis (COVID-19 en hoogwaterramp) Veiligheidsgaranties bij een crisis (COVID-19 en hoogwaterramp) Afhankelijkheid van externen bij crisis. FLO wordt de komende twee jaren nogmaals herijkt en wordt daarmee gemonitord op inhoud en effecten.

Het gemeenschappelijke belang om de FLO-casus goed en structureel af te hechten staat hierbij voorop. Daarbij heeft het AB benadrukt dat er aandacht dient te zijn voor de interne taakstelling binnen VRZL en gekeken dient te worden of het een reëel scenario blijft voor VRZL om deze interne taakstelling met een omvang van € 560.000 structureel vanuit de eigen exploitatie op te vangen. Indien dit niet het geval is kent dit een financiële impact voor de deelnemende gemeenten. De huidige inval in Oekraïne door Rusland kan een verdere escalatie met zich meebrengen waarbij VRZL mogelijk extra taken dient uit te gaan voeren. Recent is bekend geworden dat elke veiligheidsregio dient te zorgen voor 2.000 opvangplekken voor vluchtelingen uit de Oekraïne. De impact en omvang van taken als gevolg hiervan is nu niet vast te stellen maar kan een financiële impact hebben. Onduidelijk is of daarvoor middelen vanuit het Rijk komen. Huisvestingsbeleid bestuurlijke dialoog: In 2019 is als vervolg op de besluitvorming in 2018 over een nieuwe kostenverdeelsleutel en over extra financiële middelen voor de VRZL een huisvestingsbeleid vastgesteld (bijlage 1). De directe aanleiding daarvoor was de overtuiging dat huisvestingscomponent voortaan een regionale aangelegenheid diende te zijn.

Immers, risicoprofiel en dekkingsplan zijn een verantwoordelijkheid van het regionale bestuur en huisvesting is daarvan een logisch gevolg. Deze lijn betekent een ontwikkeling van een nog grotendeels lokaal verankerde huisvestingssituatie naar een regionale aanpak en beheer. Het na te streven einddoel is een zo goed mogelijk gestandaardiseerd bestand van kazernes dat bij voorkeur in regionaal eigendom zijn. Daarbij is de notie gedeeld, dat er nog gezocht moet worden naar de juiste balans tussen regionale verantwoordelijkheid en lokale autonomie. Het gaat erom dat, vanuit het uitgangspunt dat de Veiligheidsregio en de gemeenten natuurlijke partner zijn, de voor alle partijen meest gunstige keuzes gemaakt blijven worden. Om te komen tot strakkere kaders om het groeimodel te sturen en te begeleiden, heeft het bestuur gevraagd om in 2022 in de bestuurlijke dialoog toekomst brandweerzorg de scenario’s voor de huisvesting nader aan de orde te stellen. Dat dit een financiële impact heeft is duidelijk echter is op dit moment niet in te schatten. In de bestuurlijke dialoog zullen de scenario’s besproken worden hoe dit het beste ingevuld kan worden.

24

2.2.3 Beleid weerstandscapaciteit en risico’s Het weerstandsvermogen wordt, zoals hierboven is omschreven, bepaald als de verhouding tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s. Er wordt naar gestreefd dat de weerstandscapaciteit groter is dan de financiële omvang van de risico’s. Cijfermatig betekent dit een weerstandsvermogen dat groter is dan 1. In de volgende tabel is hieraan nadere invulling gegeven. VRZL heeft een kwantitatieve analyse gemaakt die meer inzicht in de risico’s geeft. De kwantitatieve analyse zorgt er voor dat de risico’s concreter worden omschreven. Daarnaast wordt duidelijker hoe de risico’s zich ten opzichte van elkaar verhouden en wat het aandeel is in de totale risico-impact. De kwantitatieve analyse vereist ook meer specialistische kennis en is mede daardoor tijdrovender aangezien de risico’s niet alleen in woorden maar ook in termen van impact en kans worden beschreven. Weerstandsvermogen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=f611f68a-e217-45c6-95e2-7bc87771b02d