7 24-37 Bijlage 2 Concept jaarstukken 2023 SPL_181761
Tekst van het document
Parkstad als draaischijf en verbinder tussen Duitsland en Nederland Parkstad heeft zich in 2023 opnieuw gepositioneerd als draaischijf en verbinder tussen Duitsland en Nederland. De lobby voor het verbinden van de Delta Rijn Corridor met Aken en verder is voortgezet, culminerend in het aanbieden van ons gemeenschappelijk position paper aan Minister Neubaur van NRW op de EXPO Real te München. Dit position paper is samen met de IHK Aken opgesteld en ondertekend door onder meer Chemelot en 12 Duitse regionale partijen. Als vervolgstap wordt samen met euregionale partners gewerkt aan de verbinding van de Delta Rijn Corridor met de Hercules-pijplijn. Op andere thema's heeft Parkstad zich ook regelmatig als verbinder tussen Duitse en Nederlandse partijen getoond, zoals inzake de (perikelen rondom de) Einsteintelescoop en de Grenslandagenda. New Regional Bauhaus In september vond de feestelijke opening van het New Regional Bauhaus (NRB) plaats, waarmee de RWTH Aken een fysieke plek in Heerlen-centrum heeft gekregen. Deze ontwikkeling is van groot belang om de positie van Parkstad als economische draaischijf en kennishub in de grensregio te versterken. Het NRB moet dienen als een broedplaats voor innovatie en samenwerking op het gebied van onderwijs, onderzoek en ondernemerschap.
Nieuwe impuls in samenwerking met Heinsberg In 2023 is Stadsregio Parkstad Limburg gestart met het verkennen van mogelijkheden voor nauwere samenwerking met Kreis Heinsberg, met name op gebieden van energie, mobiliteit en toerisme. Als (mede)initiator van de hernieuwde 'AG Grensland', streven we naar een regelmatige uitwisseling van ideeën en projecten met partners in Kreis Heinsberg, Sittard-Geleen en Roerdalen, vergelijkbaar met de reeds bestaande AG Charlemagne.
35
Regio Deal De projecten uit de Eerste Regio Deal zijn in volle gang, terwijl de Tweede Regio Deal in de maak is. In december werden twee projecten, Hyperloop en EU Congres, door het Dagelijks Bestuur aangenomen. Deze initiatieven zullen bijdragen aan de verdere versterking van grensoverschrijdende samenwerking en de ontwikkeling van Parkstad als een dynamische en innovatieve regio in de Euregio. Arbeitsgemeinschaft Charlemagne Grensregio De Arbeitsgemeinschaft Charlemagne Grensregio (opgericht in 2011) is een grensoverschrijdend samenwerkingsverband tussen Stadsregio Parkstad Limburg, Stadt Aachen, Städteregion Aachen, gemeente Heerlen, de Deutschsprachige Gemeinschaft Belgiens en de gemeente Vaals. Per 1 januari 2021 heeft de Arbeitsgemeinschaft Charlemagne Grensregio zich na een unaniem besluit in 2020 van de Vorstand aangesloten bij de EGTS-EMR. De structurele bijdrage van Stadsregio Parkstad Limburg aan de grensoverschrijdende samenwerking bedraagt jaarlijks € 50.000 en wordt conform de afspraken doorberekend aan de gemeenten volgens de gebruikelijke verdeelsleutel.
36
2.2 Financieel overzicht programma Kerntaken In onderstaande ’Staat van baten en lasten programma Kerntaken’ wordt de begroting na verwerking van de 3e wijziging weergegeven. Ook de realisatie 2023 is hierin opgenomen.
Werkbudget:
700
Begroting 2023 na 3e wijziging 720
718
-2
Lobby subsidieverwerver Afschrijvingskosten Buitenring
40 264
40 264
38 264
-2 0
Financieringskosten Buitenring
95
95
94
-1
Cofinanciering door derden van projecten kernactiviteiten
pm
2.985
2.382
-604
50 1.657
0 1.792
0 1.830
0 37
15
15
15
0
2.821
5.913
5.341
-571
Omschrijving
Grensoverschrijdende samenwerking Loonkosten formatie Tijdelijke frictiekosten sociaal plan Totale lasten Kerntaken Cofinanciering door derden van projecten kernactiviteiten
Begroting 2023
Realisatie 2023
Verschil
pm
1.443
777
-666
Rentebaten
0
1.693
1.781
88
Totale baten Kerntaken Gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten Kerntaken Stortingen in reserves: Reserve Ringwegen
0
3.136
2.558
-578
-2.821
-2.777
-2.783
-6
197
197
198
1
0 0
810 65
482 65
-328 0
Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies Reserve werkbudget Dagelijks Bestuur Onttrekkingen aan reserves: Reserve Ringwegen
156
156
156
0
Reserve stortplaats Nieuwenhagen Algemene Reserve
0 0
65 186
65 186
0 0
Reserve werkbudget Bestuurscommissies Frictiereserve
0 15
829 15
483 0
-346 -15
Saldo mutaties reserves Kerntaken
-26
179
146
-33
Gerealiseerde resultaat Kerntaken
-2.847
-2.598
-2.637
-39
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
Verschil
Bestemming regionaal deel SPUK Bevolkingsdaling 2022
pm
2.933
2.933
0
Regionaal deel SPUK Bevolkingsdaling 2022 Saldo
pm 0
2.933 0
2.933 0
0 0
Realisatie 2023
Verschil
1.076 1.076 0
0 0 0
Verdeling van middelen (via balans)
Verdeling van middelen (via balans) Regionale initiatieven Bijdragen regionale initiatieven Saldo
Begroting 2023 1.076 1.076 0
Begroting 2023 na 3e wijziging 1.076 1.076 0
Het regionale deel van de Specifieke Uitkering bevolkingsdaling 2022 van € 2.933.000 is in 2023 beschikt door de centrum-gemeente Heerlen en wordt om die reden in 2023 verantwoord;
37
2.2.1 Werkbudgetten In 2023 is aan werkbudgetten een bedrag van € 720.000 beschikbaar. In het jaarplan 2023 hebben de bestuurscommissies voorstellen ingediend voor € 763.500. Het DB heeft een taakstelling voor € 43.500 (circa 5,69 %) opgelegd. De verdeling over de bestuurscommissies en het Dagelijks Bestuur is als volgt: Bestuursorgaan Wonen en Herstructurering
Voorstellen 2023 conform jaarplan 177
RUMO
Werkbudget na taakstelling 167
90
85
Duurzaamheid
95
90
Economie en Toerisme
145
137
SES
51
48
GROS
90
85
Subtotaal bestuurscommissies Dagelijks Bestuur
648
611
115,5
109
TOTAAL
763,5
720
Realisatie werkbudget Dagelijks Bestuur Van het totale werkbudget 2023 is in het jaarplan een bedrag van € 109.000 beschikbaar voor aanwending door het Dagelijks Bestuur; dit budget is nagenoeg geheel aangewend. De besteding was als volgt: Activiteiten Dagelijks Bestuur
Begroting 2023 (bijgesteld jaarplan)
Besteed in 2023
Verschil
Communicatie en regiobranding
59
55
4
Bestuurscommunicatie/ Regiodagen / Raadsinformatiebijeenkomsten / Bestuurskosten
30
32
-2
Strategische lobby/ Tweede kamer / Limburgs Parlement
20
20
0
Werkbudget
109
107
2
Lobby subsidieverwerving
40
38
2
Totaal
149
145
4
Samen met de gemeente Heerlen heeft de Stadsregio Parkstad Limburg op 6 november 2023 de tweede editie van de Conferentie Brede Welvaart georganiseerd, vanuit de Stedenband-samenwerking (gemeenten Amsterdam, Eemsdelta, Heerlen en Sluis). In navolging van het rapport ‘Elke Regio Telt’ is, met aanwezigheid van Minister Micky Adriaansens van Economische Zaken, de relatie tussen brede welvaart en regionale economie besproken. Tijdens de conferentie werd als conclusie getrokken dat kansenagenda’s die door regionale allianties zelf zijn opgesteld en die inhoudelijk en structureel financieel vanuit het Rijk worden ondersteund, nodig zijn om de brede welvaart in regio’s te vergroten. De Rijksoverheid zou keuzes moeten maken in een gebiedsgerichte aanpak. Daarbij zou de focus moeten liggen op de regio’s waar de brede
38
welvaart het meest onder druk staat. De kosten van de Conferentie Brede Welvaart en van de Brede Maatschappelijke Coalitie zijn verantwoord onder de post communicatie en regiobranding. Op bestuurscommunicatie zijn kosten verantwoord voor bijeenkomsten zoals de ‘Collegeregio ochtend’, diverse raadsinformatiebijeenkomsten en onderzoeken door Etil, CBS en Bregman. Onder Strategische lobby zijn kosten verantwoord inzake de stakeholder intelligence monitor van Wepublic.
2.2.2 Regionale Initiatieven De Regionale Initiatieven zijn gemeentelijke initiatieven en taken waarvan in het verleden met de gemeenten is afgesproken dat de financiering daarvan via Stadsregio Parkstad Limburg loopt. Het betreft de financiering van BTM, het Starterscentrum, het Routebureau, Visit Zuid-Limburg en het Vestigingenregister. Stadsregio Parkstad Limburg ontvangt facturen van de verschillende instellingen en factureert dit gebundeld door naar de verschillende gemeenten. Daarnaast wordt vanuit het budget voor regionale initiatieven een bijdrage geleverd aan het Uitvoeringsprogramma Toerisme.
2.2.3 Cofinanciering door derden van kernactiviteiten Stadsregio Parkstad Limburg zoekt actief naar cofinanciering voor projecten/activiteiten van de kernagenda. De ontvangen middelen en de toevoegingen van deze middelen aan de budgetten voor die activiteiten/projecten alsmede de besteding van deze middelen verloopt via deze post.
2.2.4 Formatie en bezetting programma activiteiten De kernformatie in de begroting 2023 bedroeg 26,3 fte en na 3e begrotingswijziging 26,8 fte met een bijbehorend totaalbedrag van € 2.847.000 voor loonkosten en secundaire arbeidsvoorwaarden. Dit is inclusief 0,44 fte voor Grensoverschrijdende Samenwerking/ AG Charlemagne welke overgeheveld is vanuit het programma Flexibele Schil bij de vaststelling van de begroting 2023. De bijbehorende tabellen staan op pag. 43.
2.2.5 Financiering en afschrijving buitenring Deze lasten hebben betrekking op de afschrijving en rentekosten van de lening voor het aandeel van Stadsregio Parkstad Limburg in de financiering van de Buitenring. Deze afschrijvingskosten bedragen in 2023 € 264.147 en de rentekosten € 94.187
39
3. Programma Flexibele Schil Naast de Kernagenda, waarvan de financiering loopt via de regiobijdragen van de gemeenten, is er binnen de samenwerking plaats voor een flexibele schil. Hierin is in 2023 alleen het project ‘Administratie zonnepanelen’ opgenomen.
3.1 Administratie zonnepanelen Het project Administratie Zonnepanelen behelst de administratieve eenheid die bij Stadsregio Parkstad Limburg is georganiseerd voor de contractafwikkeling en de BTW-teruggaaf voor de deelnemers. Het gerealiseerde resultaat (inclusief mutaties reserves) van het programma in 2023 is nihil.
Omschrijving Grensoverschrijdende samenwerking
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
Verschil
pm
0
0
0
Administratie zonnepanelen
0
72
58
-14
Totale lasten Flexibele schil
0
72
58
-14
Grensoverschrijdende samenwerking
pm
0
0
0
Bijdragen gemeenten aan Administratie zonnepanelen
0
0
0
0
Totale baten Flexibele schil
0
0
0
0
Gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten Flexibele schil
0
-72
-58
14
0
0
0
0
0
72
58
-14
0
72
58
-14
0
0
0
0
Stortingen in reserves Reserve werkbudgetten Onttrekkingen aan reserves Reserve werkbudgetten Saldo mutaties reserves Flexibele schil Gerealiseerde resultaat Flexibele schil
40
4. Algemene dekkingsmiddelen 4.1 Gemeentelijke bijdrage Kerntaken De gemeentelijke bijdragen zijn zodanig berekend dat voor de uitvoering van de kerntaken en de lopende verplichtingen een sluitende begroting wordt verkregen. De verdeling van de bijdrage over de deelnemende gemeenten vindt – zoals vastgelegd in de Gemeenschappelijke Regeling Stadsregio Parkstad Limburg – plaats aan de hand van de meest recent vastgestelde Algemene Uitkering, zijnde 2019 en luidt als volgt: Verdeelsleutel 2023 Begroting 2023
Gemeente AU 2019 Basis Beekdaelen Brunssum
30.666 31.606
Heerlen
114.817
Kerkrade
54.120
Landgraaf
40.308
Simpelveld
9.544
Voerendaal Totaal
10.290 291.352
Bijdrage gemeente Heerlen n.a.v. Takendiscussie
Realisatie 2023
Aandeel gemeente
GROS/ AG Charlemagne
10,53%
459
5
464
10,85%
466
5
471
39,41%
1.496
20
1.896
18,58%
798
9
807
13,83%
592
7
599
3,28%
141
2
143
3,53%
154
2
156
100,00%
4.106
50
4.536
380
380
Totaaloverzicht algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen zien er samengevat als volgt uit:
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
Verschil
0
0
0
0
Bijdragen deelnemende gemeenten
4.361
4.536
4.536
0
Totale baten
4.361
4.536
4.536
0
Gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten Algemene Dekkkingsmiddelen
4.361
4.536
4.536
0
Stortingen in reserves
0
0
0
0
Onttrekkingen aan reserves
0
0
0
0
Saldo mutaties reserves Algemene Dekkingsmiddelen
0
0
0
0
Gerealiseerde resultaat Algemene Dekkingsmiddelen
4.361
4.536
4.536
0
Algemene Dekkingsmiddelen
Totale lasten
41
5. Overhead, bedrijfsvoering en frictiebudget 5.1 Ontwikkeling bedrijfsvoering In 2023 heeft het verbetertraject ‘informatiehuishouding op orde’ verder vorm gekregen. Ten aanzien van het archief zijn er in 2023 voorbereidingen getroffen voor de implementatie van het Document Management Systeem DECOSJOIN en het vergadersysteem iBabs. Ter verdere beheersing van cyberrisico’s zijn onder andere een aantal toestellen vervangen die niet meer up to date zijn en wordt er actief gewezen op risico’s van phishing e.d. Daarnaast is de website van de stadsregio vernieuwd. Op het gebied van financiën zijn diverse ontwikkelingen te melden. Zo heeft de afdeling financiën de salarisadministratie overgenomen. Verder zijn er voorbereidingen getroffen voor de implementatie van Exact Online per januari 2024 en daarnaast is het Interne Controleplan bijgewerkt, waarmee de aanvullende interne controles als basis kunnen dienen voor de rechtmatigheidsverantwoording. Er is tevens een aantal verordeningen geactualiseerd. Hiermee wordt opvolging gegeven aan een deel van de adviezen van de accountant. Op het gebied van HR zijn in 2023 stappen gezet zoals de invoering van HR21 en is er een start gemaakt voor een onboardingsproces voor nieuwe medewerkers. In samenwerking met de Parkstadgemeenten is in juni het arbeidsmarktevent ‘Parkstad werkt’ georganiseerd.
Deze netwerkbijeenkomst had onder andere als doel om mensen kennis te laten maken met de werkzaamheden bij de deelnemende gemeenten en Stadsregio Parkstad Limburg. Eind 2023 heeft een interactieve sessie plaatsgevonden met medewerkers ter voorbereiding op het 25-jarig bestaan van Parkstad. Vanwege een aantal langdurig zieke medewerkers en uitdiensttredingen binnen de bedrijfsvoering, is ook in 2023 extra capaciteit ingehuurd om de bedrijfsvoering te continueren. Huisvesting en bedrijfsvoering
Begroting 2023
Huisvesting ICT Facilities incl. frictie Administratie en planning en control Personeelskosten en hrm 'Bedrijfsvoering op orde via rentebaten': Totaal bedrijfsvoeringskosten
551
Begroting na 3e wijziging 115 81 129 73 399
Realisatie 2023
Verschil
120 92 68 78 437
-5 -11 61 -5 -38
169
0
169
967
795
172
Toelichting In de begroting 2023 is een bedrag van € 551.000 voor bedrijfsvoering en huisvesting opgenomen, dit is inclusief de eenmalige bijdrage van € 200.000 voor bedrijfsvoering op orde. Na de 3e begrotingswijziging 2023 is voor bedrijfsvoering en huisvesting een totaalbedrag van € 967.000 opgenomen. In 2023 bedroegen de lasten € 795.000, € 172.000 lager dan begroot. Dit werd hoofdzakelijk veroorzaakt doordat de begrote lasten ‘bedrijfsvoering op orde via rentebaten’ niet zijn besteed. Ten aanzien van huisvesting zijn in 2023 naast de begrote kostenposten kosten gemaakt voor diverse niet geplande herstelwerkzaamheden. Op het gebied van IT zijn kosten gemaakt voor de vervanging van werkstations, beeldschermen en mobiele telefoons. Inzake facilities zijn de gerealiseerde kosten lager dan begroot als gevolg van beperkte consultancykosten voor archief en implementatie Exact Online. In verband met de livegang van Exact Online per januari 2024, landt een deel van deze kosten in 2024. De kosten voor administratie en planning en control bestaan uit bankkosten, abonnementen, licenties en accountantskosten. Onder personeelskosten en HRM is in de begroting de eenmalige bijdrage voor bedrijfsvoering op orde verwerkt ad € 200.000.
De gerealiseerde lasten op personeelskosten en HRM hebben onder andere betrekking op opleidingen, representatiekosten, kosten voor verzuim(preventie), juridische ondersteuning en de inhuur van een financieel medewerkster, controller en hoofd financiën. De begrote onttrekking aan de frictiereserve heeft niet plaatsgevonden omdat de kosten uit de reguliere begroting gedekt konden worden. De begrote post bedrijfsvoering op orde via rentebaten is niet aangesproken.
42
5.2 Loonkosten, formatie en bezetting Kernformatie en bezetting De loonkosten van de kernformatie moeten als één geheel gezien worden. De onderverdeling naar programma’s en overhead is op last van het BBV gemaakt.
Loonkosten totaal Loonkosten kernformatie programma activiteiten
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
1.657
1.792
1.830
15
15
15
-
0
970 2.642
1.040 2.847
960 2.805
-
80 -42
Tijdelijke frictiekosten sociaal plan Loonkosten kernformatie overhead Totaal
Realisatie 2023
Verschil
37
Per saldo zijn de loonkosten € 42.000 lager dan begroot, hoofdzakelijk veroorzaakt door uitdiensttredeningen en het later invullen van vacatures. De kosten voor de voorziening bovenwettelijk verlof zijn in 2023 uit de loonkosten gefinancierd en de voorziening verlofsparen is in 2023 aangevuld vanuit restant budget binnen de bedrijfsvoering.
FTE kernformatie programma's
15,7
Begroting 2023 na 3e wijziging 16,2
FTE kernformatie overhead
10,6
10,6
10,2
FTE kernformatie
26,3
26,8
25,4
Totaal kernformatie
Begroting 2023
Realisatie ultimo 2023 15,2
Verschil -1,0 -0,4 -
1,4
Het aantal medewerkers kernformatie per 31 december 2023 is 25,4 fte. In 2023 hebben 6 uitdiensttredingen en 6 indiensttredingen plaatsgevonden. Het totale aantal medewerkers (inclusief ingehuurde medewerkers t.b.v. projecten) per 31 december is 26,4 fte. De overige fte betreft 1 medewerker welke tijdelijk in dienst is als programma assistent. De financiële samenvatting van bedrijfsvoering en overhead is in tabelvorm weergegeven op pag. 93.
5.3 Frictiebudget In 2023 was het beroep op de frictiekosten als volgt: Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
Eenmalige frictiekosten herinrichting bedrijfsvoering: inhuur deskundigheid voor implementatie nieuw financieel systeem, inrichting archief en implementatie rechtmatigheidsverklaring
0
60
0
Extra loonkosten van 1 medewerker, die op basis van het Sociaal Plan het salaris betaald krijgt op grond van zijn functie en bijbehorende waardering van voor de transitie.
15
15
0
Verbouwing (afschrijving)
7
50
50
Totaal
22
125
50
Inzet frictiegelden
43
De eenmalige frictiekosten voor herinrichting bedrijfsvoering zijn deels in 2023 gerealiseerd en lager uitgevallen dan begroot waardoor deze uit de lopende begroting gefinancierd konden worden. Een deel van deze kosten zal in 2024 landen. De extra loonkosten inzake het sociaal plan worden beëindigd per 2024 met de invoering van HR21. Op aangeven van de Provincie worden de afschrijvingskosten van de verbouwing niet meer uit de frictiereserve gedekt. Om die reden is de totale afschrijvingslast voor de verbouwing vanuit de frictiereserve overgeboekt naar de investeringsreserve verbouwing. In 2024 en latere jaren is er nog sprake van frictiekosten. De totale kosten daarvan zijn becijferd op € 123.000. Het saldo van de frictiereserve per 31-12-2023 ad € 123.000 is grotendeels benodigd. In de risicoparagraaf wordt hier nog nader op ingegaan.
Inzet frictiegelden
Beschikbaar 31-12-2023
Verwachte uitgaven na 2023
Herinrichting bedrijfsvoering: implementatie nieuw financieel systeem inrichting archief en implementatie rechtmatigheidsverklaring
60
60
Overig
63
63
Totaal
123
123
5.4 Rechtmatigheid In de rechtmatigheidsverantwoording (hoofdstuk 15) worden fouten en/of onduidelijkheden opgenomen welke de verantwoordingsgrens van 3% overschrijden. Daarnaast geldt de rapportagegrens van €50.000 voor de paragraaf bedrijfsvoering. Dit houdt in dat alle fouten en/of onduidelijkheden gelijk aan of groter dan €50.000 gerapporteerd worden in de paragraaf bedrijfsvoering. Begrotingscriterium Het Dagelijks Bestuur heeft de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen zijn gebaseerd op artikelen 189, 190 en 191 van de Gemeentewet welke onder andere nader geduid zijn in de financiële verordening van Stadsregio Parkstad Limburg. De financiële beheershandelingen van Stadsregio Parkstad Limburg dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. De lastenoverschrijdingen zijn per programma in de jaarrekening opgenomen. Bij de rechtmatigheidscontrole van de begroting door het Dagelijks Bestuur zijn geen fouten of onduidelijkheden vastgesteld die groter of gelijk aan de rapportagegrens van € 50.000 zijn. Voorwaardencriterium Het Dagelijks Bestuur heeft op basis van het voorwaardencriterium de rechtmatigheid gecontroleerd.
Daarbij zijn de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen van Stadsregio Parkstad Limburg in acht genomen. In het kader van het proces inkopen betrekken wij de naleving van de Europese aanbestedingsregels in onze controle. De interne aanbestedingsregels maken geen deel uit van de rechtmatigheidscontrole. De rechtmatigheidscontrole van het proces inkopen heeft in 2023 geen onrechtmatigheden opgeleverd. De beheersing van het inkoopproces kan nog worden verbeterd, met name in situaties waar Stadsregio Parkstad Limburg als penvoerder een project uitvoert. De aanbevelingen van de accountant hieromtrent worden in 2024 opgevolgd. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium De commissie BBV adviseert in de kadernota rechtmatigheid 2023 om een overkoepelende beleidsnotitie op te stellen ten aanzien van misbruik en oneigenlijk gebruik. Stadsregio Parkstad heeft op dit moment nog geen notitie inzake misbruik en oneigenlijk gebruik opgesteld maar is voornemens deze in 2024 op te stellen. De toetsing van misbruik en oneigenlijk gebruik is binnen de stadsregio met name ingebed in processen zoals projecten en inkoop. Uit de rechtmatigheidscontroles van het Dagelijks Bestuur blijken geen onrechtmatigheden in het kader van het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium.
44
6. Bedrag heffing vennootschapsbelasting Op basis van een inventarisatie van activiteiten is geconcludeerd dat Stadsregio Parkstad Limburg niet vpbplichtig is. Dit is bevestigd door de belastingdienst.
7. Onvoorzien In 2023 is geen beroep gedaan op de post onvoorziene uitgaven.
8. Mutatie reserves Mutatie reserves
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
Verschil
197 0 0 0 197
197 810 50 65 1.122
198 482 50 65 794
1 -328 0 0 -328
0 156 0 22 0
186 156 65 125 7
186 156 65 50 7
0 0 0 -75 0
0
0
0
0
0 178 -19
901 1.440 318
541 1.005 210
-360 -435 -108
Stortingen in reserves: - Reserve Ringwegen - Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies - Investeringsreserve verbouwing - Reserve werkbudgetten Dagelijks Bestuur Totale stortingen Onttrekkingen aan reserves - Algemene Reserve - Reserve Ringwegen - Reserve stortplaats Nieuwenhagen - Frictiereserve - Investeringsreserve verbouwing - Reserve werkbudgetten Dagelijks Bestuur / Algemeen bestuur - Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies Totale onttrekkingen Saldo van onttrekkingen en stortingen
9. Paragrafen 9.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Op 30 november 2011 heeft het Parkstad-bestuur ingestemd met de notitie ‘Risico’s en Weerstandscapaciteit Stadsregio Parkstad Limburg’. Op 19 december 2011 heeft de Parkstadraad de notitie voor kennisgeving aangenomen. De risiconotitie vormt de basis voor de risicobeheersing. In 2023 is een geactualiseerde concept notitie “Risico’s en Weerstandscapaciteit Stadsregio Parkstad Limburg” opgesteld. Plan is om deze in 2024 vast te stellen. Het weerstandsvermogen geeft de verhouding aan tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s. Door beheersmaatregelen afgedekte risico’s (via bijvoorbeeld voorzieningen of verzekeringen of andere maatregelen) hebben geen invloed op het weerstandsvermogen. De weerstandscapaciteit bestaat uit incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve, stille reserves en incidentele begrotingsruimte. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit onvoorzien structureel en structurele
45
begrotingsruimte. Aangezien SPL geen stille reserves en incidentele begrotingsruimte, onvoorzien structureel en structurele begrotingsruimte heeft, bestaat de weerstandscapaciteit uit de algemene reserve. De post onvoorzien structureel wordt vooralsnog op nihil ingeschat. De algemene reserve heeft een omvang van € 115.000. Deze reserve wordt aangehouden voor onvoorziene uitgaven. Het Dagelijks Bestuur is bevoegd de algemene reserve als dekkingsmiddel aan te wenden voor uitgaven met een incidenteel karakter, waarvoor geen dekking kan worden gevonden binnen geautoriseerde budgetten en die kunnen worden aangemerkt als onvoorzienbaar, onvermijdbaar en niet uitstelbaar. Als het Dagelijks Bestuur van deze bevoegdheid gebruik maakt, wordt daarover in de eerstvolgende bestuursrapportage c.q. het eerstvolgende jaarverslag verantwoording afgelegd. Stadsregio Parkstad Limburg houdt geen verder eigen vermogen aan als weerstandsvermogen voor nietstructurele financiële risico’s, met het oog op de continuïteit van de organisatie en de taakvervulling. Dit risico wordt op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen gedragen door de deelnemende gemeenten. Dat betekent dat Stadsregio Parkstad Limburg alleen dient te beschikken over enige financiële ruimte om tussentijdse incidentele financiële calamiteiten uit de eigen begroting af te kunnen dekken.
Een algemene reserve van € 115.000 voldoet aan dit criterium. Dat ontslaat het regiobureau niet van de plicht tot een adequaat risicomanagement om de risico’s zoveel mogelijk te beperken. Risicomanagement handelt over het rationeel beheersen van de risico’s. Voorwaarde daarvoor is het op systematische wijze inzicht verkrijgen in de risico’s die het regiobureau loopt: de risicoanalyse. Onderstaande risico’s zijn thans onderkend: Omschrijving
Kans
Cyberrisico
PM
Totale omvang Impact (€) (€)
Toelichting
PM
PM Generiek werkt SPL in de cloud bij een externe leverancier die op basis van de genomen continuïteits-maatregelen voldoende maatregelen (o.a. certificering ISO 27001 en NEN 7510) heeft genomen. Daarnaast heeft SPL nog een aantal minder kritische applicaties bij andere leveranciers in de cloud.
Complexiteit van de projecten
0,5
50.000
25.000 De complexiteit van de projecten wordt groter. Denk aan het innovatieve project Inpondmakelaar waar gebruik wordt gemaakt van een revolverend fonds, het grensoverstijgende project Velocity en de toenemende SISA verantwoording voor specifieke uitkeringen zoals het Volkshuisvestingsfonds en Regio Deal II. Waar nodig wordt hiervoor juridische en fiscale kennis ingehuurd. In de begroting 2024 en 2025 is hiervoor k€ 30 opgenomen. Ook voor de interne organisatie heeft dat consequenties. Risico is dat hier additioneel 0,5 fte voor moet worden ingezet.
Ziekte
0,25
100.000
WW
0,25
100.000
25.000 SPL is niet verzekerd voor het ziekterisico. Ingeval van uitval van kritische functionarissen zal externe ondersteuning ingehuurd moeten worden. De kosten hiervan zijn hoger dan de ziekteuitkering. 25.000 SPL is eigenrisicodrager voor de WW. In het P-budget is normaliter enige ruimte om dit op te vangen. Gezien de beperkte omvang van de organisatie is de wet van de grote getallen voor SPL niet van toepassing. Indien een medewerker langdurig in de WW gaat is dat niet gedekt door de begroting
De berekende omvang van het risico bedraagt € 75.000. De weerstandscapaciteit bedraagt € 115.000. Dit leidt tot een weerstandsratio van 1,5. SPL streeft in principe naar een minimale weerstandsratio van 1,0. Dit vooral door de risico’s zoveel mogelijk te mitigeren. Zoals in bovenstaand aangegeven worden de risico’s uiteindelijk gedragen door de deelnemende gemeentes en wordt de genoemde 1,0 gehanteerd als minimale streefwaarde en niet als harde norm. In de begroting en meerjarenraming 2025 is vanaf 2025 een post onvoorzien structureel opgenomen van € 50.000 per jaar.
46
Financiële kengetallen Netto Schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van Stadsregio Parkstad Limburg ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Ter duiding van het kengetal geeft de VNG aan dat een kengetal boven de 100 een aanleiding voor alertheid is, een waarde boven de 130 is een signaal om in te grijpen. Het kengetal ‘netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen’ wijkt niet af van de netto schuldquote, omdat SPL geen leningen heeft verstrekt. Solvabiliteitsratio Dit is verhouding tussen het eigen vermogen en het balanstotaal en geeft inzicht in de mate waarin Stadsregio Parkstad Limburg in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. Als signaalwaarde geldt een percentage van 20%. Structurele exploitatieruimte Om te bepalen of er sprake is van een structureel sluitende begroting worden in dit kengetal de structurele lasten uitgedrukt als percentage van de totale structurele baten (voor mutaties reserves) van een jaar. Een percentage kleiner dan 0% betekent dat de structurele baten ontoereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Realisatie 2022
Begroting 2023
Realisatie 2023
Norm
Netto schuldquote
38%
33%
29%
<100%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
38%
33%
29%
<100%
Solvabiliteitsratio *
90%
89%
88%
>=20%
Structurele exploitatie
9%
90%
24%
>=0
Kengetal
De netto schuldquote 2023 is ten opzichte van 2022 gedaald als gevolg van aflossing op de langlopende lening en de verwerking van de cofinanciering als PM post. De solvabiliteitsratio heeft een evenwichtig karakter. Het verschil tussen de realisatie van de structurele exploitatie ten opzichte van de begroting ontstaat met name doordat de rentebaten niet in de initiële begroting zijn opgenomen. De kengetallen van Stadsregio Parkstad Limburg vertonen een positief financieel beeld ten opzichte van de gebruikelijke normen.
9.2 Financiering De wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) geeft kaders voor de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden zoals voor liquiditeitsbeheer, financiering, uitzetting van gelden en renterisicobeheer. SPL heeft de navolgende instrumenten op het gebied van treasury: het treasurystatuut, de financieringsparagraaf in de begroting, de bestuursrapportages en het jaarverslag. In het treasurystatuut zijn uitgangspunten en kaders opgenomen ten aanzien van het risicobeheer inzake uitgezette gelden, het renterisicobeheer, het koersrisicobeheer, het kredietrisicobeheer, het intern liquiditeitsbeheer en het valutarisicobeheer. Financiering Stadsregio Parkstad Limburg SPL beschikt over één langlopende annuïteitenlening met een oorspronkelijke hoofdsom van € 5.800.000 met een resterende hoofdsom per 31 december 2023 van € 2.067.355. De lening heeft een totale looptijd van 23 jaar en is met een resterende looptijd van 6 jaar in 2029 geheel afgelost. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is de norm, gesteld in de Wet Fido, voor het maximum bedrag waarmee SPL de bedrijfsvoering met kortlopende middelen mag financieren. Het begrotingstotaal bedraagt de totale lasten volgens de begroting inclusief toevoegingen aan de reserves.
47
Berekening Kasgeldlimiet per kwartaal
Q1
Q2
Q3
Q4
Begrotingstotaal lasten
4.539
4.539
4.539
4.539
372
372
372
372
372
372
372
372
Totaal gemiddelde netto vermogen schuld
-57.866
-55.328
-45.068
-78.295
Ruimte (+) / overschrijding (-)
58.239
55.700
45.440
78.668
Toegestane kasgeldlimiet: 8.2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 300.000 Toets kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet
De liquiditeitspositie van Stadsregio Parkstad Limburg is zodanig dat in 2023 geen beroep is gedaan op kasgeldfinanciering. Renterisiconorm De renterisiconorm beoogt het risico van rentewijziging bij herfinanciering te beheersen. Er worden geen renteherziening, herfinanciering van bestaande leningen dan wel nieuwe financieringen verwacht. De langlopende lening van SPL heeft uitsluitend betrekking op de voorfinanciering van de Buitenring. De renterisiconorm is dan ook niet overschreden in 2023. Berekening Renterisiconorm
2023
Renteherzieningen
€ 0,0 miljoen
Aflossingen
€ 0,3 miljoen
Totaal renterisico
€ 0,3 miljoen
Renterisiconorm (20% van begrotingstotaal)
€ 1,59 miljoen
Ruimte onder renterisiconorm (norm minus risico)
€ 1,29 miljoen
Schatkistbankieren Het prudent beleid met betrekking tot uitzettingen, zoals is opgenomen in het treasury statuut, bestaat uit het uitvoeren van het Schatkistbankieren. De maximaal toegestane liquiditeit op de eigen rekening van Stadsregio Parkstad Limburg is als gevolg van de regels van het Schatkistbankieren € 1.000.000. Een dergelijk bedrag is nodig voor het reguliere betalingsverkeer en kan niet rentedragend worden uitgezet. Het ‘spaarsaldo’ bij de schatkist is vanaf Q3 2022 weer rentegevend. Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering wordt ingevuld via een mix van uitbesteden van taken op het terrein van huisvesting, facilitaire dienstverlening en ICT in combinatie met het in beperkte mate in eigen beheer uitoefenen van taken die dicht bij het primaire proces staan zoals secretariaat, communicatie, officemanagement, hrm, administratie en controlling. Het budget voor de bedrijfsvoering bedroeg in de oorspronkelijke begroting 2023 € 551.000. Voor onvoorzienbare en onvermijdbare uitgaven is een algemene reserve van € 115.000 in de cijfers van SPL opgenomen. De gemeenten dragen op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen het financiële risico van niet structurele financiële risico’s van de GR SPL. Verbonden partijen Er zijn geen verbonden partijen.
48
9.3 Wet Open Overheid De Wet Open Overheid (Woo) vergroot voor iedereen de toegang tot overheidsinformatie, bevordert de actieve openbaarmaking, actualiseert de regels voor openheid en openbaarheid en heeft de verplichting om de informatiehuishouding van bestuursorganen op orde te brengen. De Woo stelt o.a. de verplichting om 17 gespecificeerde informatiecategorieën actief openbaar te maken. Deze verplichting is medio 2023 nog niet van kracht, maar zal gefaseerd (per informatiecategorie) in werking treden omdat organisaties (waaronder ook de Stadsregio Parkstad Limburg) tijd nodig hebben de openbaarmaking van de verschillende categorieën voor te bereiden en in te richten. Het Rijk had in eerste instantie het verplichte publicatieplatform PLOOI (Platform Open Overheidsinformatie) aangewezen voor overheden om actief openbaar te maken. Begin 2023 is de ontwikkeling van het PLOOI echter stopgezet. Hiervoor in de plaats is de Woo-index gekomen. Deze index verwijst voor verdere overheidsinformatie en gepubliceerde documenten naar de website van SPL. De actieve openbaarmakingsplicht vergt o.a. een aanpassing van de interne informatiehuishouding en de administratieve processen binnen de organisatie. Hiermee is in 2023 een start gemaakt. In 2024 zal de verdere implementatie vorm krijgen.
SPL streeft ernaar er voor te zorgen dat wij voldoen aan de Woo door in ieder geval de op dat moment verplichte informatiecategorieën actief openbaar te maken. De verwachting is dat met de verbetering van onze informatiehuishouding het verder implementeren van de Wet open overheid wordt gediend. SPL heeft de verbetering van haar informatiehuishouding in het beleidsplan Beleid Informatiebeheer 2023 – 2026 vastgelegd (vastgesteld door het DB op 12 april 2023). Het doel is om het informatiebeheer in brede zin binnen SPL te verbeteren, transparanter te maken en om het bewustzijn van de omgang met informatie bij medewerkers te vergroten en in het werk van SPL te verankeren. Er wordt gestreefd om de kloof tussen het beheren van papieren- en digitale informatie, alsook de kloof tussen gestructureerde (gericht op database beheer) en ongestructureerde informatie (gericht op documentbeheer) te dichten. Eén stap in dit proces is het selecteren en implementeren van een Document Management Systeem, met als specifieke focus het beheer van archiefbescheiden. Zo een systeem moet SPL in staat stellen om documenten efficiënt en effectief te beheren gedurende hun hele levenscyclus (documenten veilig en gemakkelijk vinden, delen, bewerken en archiveren). Na een zorgvuldig doorlopen proces is er eind 2023 een aanbieder gekozen.
Decos zal begin 2024 starten met de implementatie van Decos-JOIN als DMS/RMA binnen onze organisatie. Daarnaast is eind 2023 groen licht gegeven voor het gebruik van iBabs voor vergaderingen van AB/DB en de bestuurscommissies. De inzet van Decos-JOIN en iBabs gaat bijdragen aan het actief openbaar maken van informatie.
49
10. Balans Activa
31-12-2023
31-12-2022
Vaste Activa
6.199
6.475
Immateriële Vaste activa Bijdragen aan activa eigendom van derden
6.147 6.147
6.412 6.412
52 52
64 64
Vlottende Activa
79.540
56.471
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen
78.946
56.194
462
388
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
78.484
55.807
Overige vorderingen
0
0
Liquide middelen Kassaldi Banksaldi
8 1 7
7 1 7
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel: - Overige Nederlandse overheidslichamen
587
269
19 0
39 0
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
567
230
85.739
62.946
Materiële Vaste activa Investeringen met een economisch nut
Totaal Activa
50
Passiva
31-12-2023
31-12-2022
Vaste Passiva
8.456
8.783
Eigen vermogen Algemene Reserve
6.342 115
6.405 115
Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
6.077 150
5.874 417
Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
47 47
13 13
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
2.067
2.365
2.067
2.365
Vlottende Passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Banksaldi
77.284 393
54.163 711
196
197
196
515
76.891
53.451
337
364
9 499 471
0 502 455
75.575
52.130
85.739
62.946
Overige schulden
Overlopende Passiva Verplichtingen die in een begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren: - Europese Overheidslichamen - Het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal Passiva
51
11. Overzicht baten en lasten 2023
Omschrijving
Begroting 2023
Begroting 2023 na 3e wijziging
Realisatie 2023
2.821
5.913
5.341
Verschil
Lasten programma’s - Programma kerntaken
-571
- Programma flexibele schil
0
72
58
-14
Totale lasten programma’s
2.821
5.985
5.399
-586
- Programma kerntaken
0
3.136
2.558
-578
- Programma flexibele schil
0
0
0
0
Totale baten programma’s
0
3.136
2.558
-578
-2.821
-2.849
-2.841
8
0
0
0
0
1.521
2.006
1.755
-251
0
0
0
0
1.521
2.006
1.755
-251
4.361
4.536
4.536
0
- Overhead
0
0
0
0
- Vennootschapsbelasting
0
0
0
0
Totale baten divers
4.361
4.536
4.536
0
Gerealiseerd saldo van baten en lasten divers
2.840
2.530
2.781
251
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
19
-318
-60
259
197
197
198
1
- Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies
0
810
482
-328
- Investeringsreserve verbouwing
0
50
50
0
- Reserve werkbudgetten Dagelijks Bestuur
0
65
65
0
197
1.122
794
-328
- Algemene reserve
0
186
186
0
- Reserve Ringwegen
156
156
156
0
- Frictiereserve
22
125
50
-75
- Investeringsreserve verbouwing
0
7
7
0
- Reserve stortplaats Nieuwenhagen
0
65
65
0
- Reserve werkbudgetten Bestuurscommissies
0
901
541
-360
Totaal Onttrekkingen aan reserves
178
1.440
1.005
-435
Saldo stortingen en onttrekkingen aan reserves
-19
318
210
-108
0
0
150
150
Baten programma’s
Gerealiseerd saldo van baten en lasten programma's Lasten divers: - Algemene dekkingsmiddelen - Overhead - Vennootschapsbelasting Totale lasten divers Baten divers - Algemene dekkingsmiddelen
Stortingen in reserves - Reserve Ringwegen
Totaal stortingen in reserves Onttrekkingen aan reserves
Resultaat
52
12. Toelichtingen 12.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording Provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het Algemeen Bestuur de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Alle bedragen in de jaarrekening, tabellen en de toelichtingen daarop zijn genoteerd in duizendtallen tenzij anders vermeld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben.
Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijkse terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken toegekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Met betrekking tot de werkbudgetten, projectlasten, projectbaten en bestemmingsreserves van de bestuurscommissies geldt het volgende: baten en lasten opgenomen naar rato van de voortgang van het werk. Tekorten en overschotten worden verwerkt in de bestemmingsreserve werkbudget van de betreffende bestuurscommissie. Per saldo is het gerealiseerde resultaat -net als in de begroting- nihil. BALANS Vaste activa Immateriële vaste activa Algemeen De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. Eventuele van derden verkregen specifieke investeringsbijdragen worden in mindering gebracht op het geactiveerde bedrag (artikel 62 lid 2 BBV). Hierbij wordt de verkregen bijdrage als bate verantwoord. Bijdragen aan activa in eigendom van derden Bijdragen aan activa van derden worden conform artikel 62 en 63 BBV gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen.
Bijdragen aan activa in eigendom van derden, worden geactiveerd in overeenstemming met art. 61 BBV als: • er sprake is van een investering door een derde; • de investering bijdraagt aan de publieke taak; • de derde zich heeft verplicht tot het daadwerkelijk investeren, op een wijze zoals is overeengekomen en; • de bijdrage kan worden teruggevorderd, indien de derde in gebreke blijft of de derde anders recht kan doen gelden op de activa die samenhangen met de investering. Alleen als de bijdrage aan alle voorwaarden voldoet wordt deze verantwoord onder de immateriële vaste activa (art. 36 BBV). De verleende bijdragen worden afgeschreven in de periode waarin het betrokken actief van de derde op basis van de door de Provincie Limburg gestelde voorwaarden moet bijdragen aan de publieke taak. Na afstemming met de Provincie Limburg bedragen de gehanteerde afschrijvingstermijnen in jaren:
53
• •
Asfaltconstructie Funderingsconstructie
15 40
Het totale bedrag van de afschrijving van de Buitenring is door de Provincie verdeeld op basis van percentages: • Asfaltconstructie 28% • Funderingsconstructie 72% Materiële vaste activa Algemeen De materiële activa zijn gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. Materiële activa kleiner dan € 15.000 zijn niet geactiveerd, maar direct verantwoord als lasten in het lopende boekjaar. Dit is conform het Besluit van het Dagelijks Bestuur van 15 december 2021. Het startmoment van de afschrijvingen is vastgelegd in de door het Dagelijks Bestuur vastgestelde Financiële verordening Stadsregio Parkstad Limburg 2011 d.d. 21 februari 2011. De verbouwing (bedrijfsgebouwen) wordt vanaf 2022 lineair in 8 jaar afgeschreven zonder restwaarde. De afschrijvingen starten in het boekjaar volgend op het jaar van ingebruikname. Investering met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Bij de waardering is, waar nodig, rekening gehouden met een (verwachte) duurzame waardevermindering. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen De vorderingen (waaronder debiteuren) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
Vaste passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene- en de bestemmingsreserves, alsmede het nog te bestemmen resultaat van de jaarrekening. Het nog te bestemmen resultaat over het afgesloten boekjaar wordt afzonderlijk gepresenteerd als onderdeel van de algemene reserve. Na besluitvorming door het Algemeen Bestuur wordt de resultaatbestemming verwerkt in het daaropvolgende boekjaar. Voorzieningen Voorzieningen zijn de op het moment van opstellen van de jaarrekening voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico’s voor zover de omvang hiervan redelijkerwijs is in te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
54
12.2 Toelichtingen op de balans per 31 december 2023 Activa Vaste Activa Immateriële vaste activa Omschrijving
31-12-2023
31-12-2022
Bijdragen aan activa in eigendom van derden
6.147
6.412
Totaal
6.147
6.412
Het aandeel van Stadsregio Parkstad Limburg in de financiering van de buitenring bedraagt € 7.204.000. Dit bedrag is eind 2006 betaald aan de Provincie Limburg en wordt afgeschreven vanaf 2020, een jaar nadat de Buitenring gereed is. Bijdragen aan activa in eigendom van derden
Boekwaarde 31-122022
Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen van derden
Afwaarderingen
Boekwaarde 31-122023
Buitenring asfaltconstructie
1.615
0
0
134
0
0
1.480
Buitenring funderingsconstructie
4.797
0
0
130
0
0
4.667
Totaal
6.412
0
0
264
0
0
6.147
Materiële vaste activa Boekwaarde 31-12-2023
Investeringen met een economisch nut
Boekwaarde 31-12-2022
Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties
43 9
50 14
Totaal
52
64
Investeringen met een economisch nut Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten en installaties Totaal
Boekwaarde 31-122022 50
Investeringen
Desinvesteringen
Afschrijvingen
Bijdragen van derden
Afwaarderingen
0
0
7
0
0
Boekwaarde 31-122023 43
14
0
0
5
0
0
9
64
0
0
12
0
0
52
Omschrijving Bedrijfsgebouwen (Verbouwing C200 en J300) Printer Totaal
Besteed t/m 2022
Werkelijk besteed in 2023
Cumulatief besteed t/m 2023
56
0
56
19
0
19
75
0
75
55
Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar De specificatie van deze post luidt als volgt:
Omschrijving
Boekwaarde 31-12-2023
Voorziening
Boekwaarde 31-12-2023
Boekwaarde 31-12-2022
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar Overige vorderingen
462
0
462
388
78.484
0
78.484
55.807
0
0
0
0
Totaal
78.946
0
78.946
56.194
Vorderingen op openbare lichamen
Openstaande debiteuren op openbare lichamen Dit betreffen vorderingen op openbare lichamen, zoals gemeenten en de Provincie. Deze vorderingen hebben in het algemeen een ander risicoprofiel dan de privaatrechtelijke vorderingen en zijn nagenoeg geheel begin 2024 ontvangen. Op basis van individuele beoordeling is er geen voorziening debiteuren benodigd per 31 december 2023. Omschrijving Openstaande debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren Te vorderen BTW
31-12-2023 58 0 404
31-12-2022 49 0 339
462
388
Totaal
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd < 1 jaar Het verplichte schatkistbankieren schrijft voor dat (tijdelijke) kasoverschotten boven het drempelbedrag moeten worden aangehouden bij het Rijk. Het drempelbedrag voor Stadsregio Parkstad Limburg is € 1.000.000. De toetsing hierop vindt plaats op basis van de gemiddelde banksaldi per kwartaal. In 2023 is de norm voor schatkistbankieren niet overschreden zoals blijkt uit onderstaand overzicht. Benutting drempelbedrag schatkistbankieren 2023
Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag Ruimte onder drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag Berekening drempelbedrag Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingsjaar kleiner of gelijk aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingsjaar dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag 2023
Kwartaal 1 4 1000 996 -
Kwartaal 2 2 1000 998 -
Kwartaal 3 26 1000 974 -
Kwartaal 4 22 1000 978 -
1000
1000
1000
4539 4539 0 1000
56
Liquide middelen De samenstelling van de post liquide middelen is als volgt: Omschrijving Parkstad Bureau banksaldi Parkstad Bureau kassaldi
31-12-2023 7 1
31-12-2022 7 1
8
7
Totaal
EMU-saldo Het EMU-saldo (rekeningsaldo) is het verschil tussen de inkomsten en de uitgaven van de overheid (de Rijksoverheid, sociale fondsen en de decentrale overheden) van een bepaald land in een bepaald jaar. Er kan een tekort of een overschot op de begroting zijn. Decentrale overheden dienen het EMU-saldo te berekenen, zodat op macro niveau het EMU saldo voor Nederland kan worden bepaald. Het EMU saldo van de Stadsregio Parkstad Limburg voor de jaarrekening 2023 is in het volgende overzicht weergegeven. EMU Saldo
2022
2023
2024
2025
2026
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17).
661
-60
21
28
73
5
5
5
5
0
13
34
13
13
13
4
0
0
0
0
Afschrijvingen ten laste van de exploitatie. Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie. Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd. Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4.
0
0
0
0
0
Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen verkoopprijs), voor zover niet op de exploitatie verantwoord.
0
0
0
0
0
Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan).
0
0
0
0
0
Baten bouwgrondexploitatie (niet op de exploitatie verantwoord).
0
0
0
0
0
Lasten op balanspost Voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen.
0
0
0
0
0
Lasten i.v.m. transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten).
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
682
-21
39
46
86
Verkoop van effecten (verwachte boekwinst). Berekend EMU saldo
57
Overlopende activa Omschrijving De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel: - Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal
31-12-2023
31-12-2022
19
39
0
0
567
230
587
269
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Omschrijving
31-12-2023 19 0
Digital DeConstruction (project) * Velocity (project) ** Totaal 19 *Projectnamen in jaarrekening 2022 omgewisseld, bovenstaande tabel toont de juiste saldi van de juiste projecten
31-12-2022 5 34 39
** Project omgeslagen naar overlopende passiva
Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Omschrijving Overige nog te ontvangen bedragen Overige vooruitbetaalde bedragen Windenergie Parkstad-Zuid (project) * MoNUment Totaal *Project omgeslagen naar overlopende passiva
31-12-2023 556 7 0 4
31-12-2022 174 6 50 0
567
230
58
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Het overzicht van het eigen vermogen luidt als volgt: Omschrijving Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Totaal
31-12-2023
31-12-2022
115 6.077 150 6.342
115 5.874 417 6.405
In onderstaand overzicht zijn de mutaties van de reserves weergegeven. Omschrijving
Boekwaarde 31-122022
Balansverschuiving
Toevoeging
Onttrekking
Bestemming resultaat vorig boekjaar
Vermindering ter dekking van afschrijving
Boekwaarde 31-122023
Algemene reserve Parkstad
115
0
186
186
0
115
Totaal algemene reserves
115
0
186
186
0
115
50 0 198 0 0
7 50 0 0 65
0 0 0 0 0
0 0 156 0 0
43 123 3.831 8 0
0 65 28 49
0 28 0 0
0 231 0 0
0 0 0 0
15 572 48 64
124 50
207 16
0 0
0 0
247 186
Investeringsreserve verbouwing Egalisatie frictiekosten Ringwegen Städte Region Aachen / EGTS Stortplaatsen Werkbudget Algemeen Bestuur Werkbudget Dagelijks Bestuur Werkbudget BC SES Werkbudget GROS Werkbudget BC Duurzaamheid Werkbudget BC RuMo
0 172 3.790 8 65
0
15 305 20 15 330 153
-2
Werkbudget BC Wonen en Herstructurering
519
59
148
0
0
431
Werkbudget BC Economie en Toerisme Werkbudget Regiodeal Fase 1
408 9
172 0
136 6
0 0
0 0
443 3
65
0
0
0
0
65
663
231
156
6.077
-417
0
150
Werkbudget Organisatie Op Orde Totaal bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat
5.874
-2
795
417
0
150
Totaal gerealiseerde resultaat
417
0
150
0
-417
0
150
Totaal Eigen vermogen
6.405
-2
945
849
0
156
6.342
Algemene Reserve Het Dagelijks Bestuur is bevoegd de algemene reserve als dekkingsmiddel aan te wenden voor onvoorziene en onvermijdbare uitgaven met een incidenteel karakter. In 2023 is van deze bevoegdheid geen gebruik gemaakt.
59
Balansverschuivingen In 2023 is één balansverschuiving verwerkt. Dit betreft het werkbudget van Velocity ad €2 welke in 2021 als beginbalans is blijven staan na een herrubricering. Reserve Egalisatie frictiekosten In 2023 is in de begroting € 125.000 kosten opgenomen die incidenteel worden gedekt uit de frictiereserve: • Salarisgaranties conform het Sociaal Plan. Deze kosten voor een medewerker in loondienst worden geraamd op € 15.000 per jaar. Met de invoering van HR21 in 2023, komen deze kosten vanaf 2024 te vervallen. • De incidentele kosten ad € 60.000 voor de herinrichting van de bedrijfsvoering. De gerealiseerde inzet voor de herinrichting bedrijfsvoering is aanzienlijk lager uitgevallen dan begroot en kon om die reden uit de lopende begroting gefinancierd worden, de frictiereserve is hiervoor niet aangesproken. Zoals eerder vermeld is de verwachting dat deze middelen in 2024 worden aangesproken. In 2024 en latere jaren is er nog sprake van frictiekosten. De totale kosten daarvan zijn becijferd op € 123.000. Het saldo van de frictiereserve per 31-12-2023 ad € 123.000 is volledig benodigd. Investeringsreserve verbouwing Ten tijde van de 3e begrotingswijziging is de investeringsreserve verbouwing ingesteld. De volledige afschrijvingslast over de levensduur van de verbouwing, is daarmee overgeheveld vanuit de frictiereserve naar de investeringsreserve verbouwing.
Reserve Ringwegen De reserve ringwegen dient ter afdekking van de afschrijvingskosten van de investeringsbijdrage van € 7,2 miljoen van Stadsregio Parkstad Limburg op basis van het bestuursconvenant Binnen- en Buitenring Parkstad Limburg van 15 november 2005. De afschrijvingen lopen door tot 2060. Tot 2030 dragen de Parkstadgemeenten € 400.000 bij aan de afschrijvingskosten van de Buitenring en de rentelasten van de daarvoor aangegane lening. De lening loopt eveneens tot 2030. In 2030 volgt nog een restbijdrage van € 202.648. Het verschil tussen de bijdrage van de Parkstadgemeenten en de afschrijvingskosten en rentelasten wordt aan de reserve Buitenring toegevoegd voor de dekking van de afschrijvingskosten na 2030. Reserve Städte Region Aachen / EGTS) Deze reserve is door de resultaatbestemming jaarrekening 2009 en 2010 gevormd uit budgetoverschotten van de AG Charlemagne (de voorloper naar een EGTS). Het doel is de aanloop naar de vorming van een EGTS mogelijk te maken. In 2015 heeft er een onttrekking plaatsgevonden van € 50.000. In 2023 heeft hier geen mutatie op plaatsgevonden. De verwachting is dat deze reserve nog aangesproken gaat worden in de toekomst. Reserve stortplaatsen De reserve is gevormd ter dekking van de nazorg en eindafwerking van de stortplaats Nieuwenhagen.
Ten tijde van de 3e begrotingswijziging zijn deze middelen vrijgevallen ten gunste van de reserve werkbudget DB omdat er geen bestedingsverplichting meer bestond. Reserve Werkbudget Algemeen Bestuur Bij het instellen van de reserve (12 oktober 2016) is besloten dat de in enig jaar niet bestemde middelen van de werkbudgetten van de bestuurscommissies en het dagelijks bestuur worden toegevoegd aan de reserve werkbudget Algemeen Bestuur. Dit met als doel deze middelen in het daarop volgende jaar opnieuw te bestemmen voor programmadoeleinden. Reserves Werkbudgetten Dagelijks Bestuur en bestuurscommissies Om aansluiting te vinden met het BBV worden vanuit de balans voor de projecten op basis van het realisatiebeginsel en matchingprincipe de baten en lasten naar rato van de voortgang van het project verantwoord in de exploitatie. Baten en lasten worden in de staat van baten en lasten opgenomen naar rato van de voortgang van het werk. Tekorten en overschotten worden verwerkt in de bestemmingsreserve “Werkbudgetten bestuurscommissies”.
60
Organisatie op orde Per 31 december 2022 is het restant van de reserve organisatie op orde, afgerond € 65.000. De reserve is in 2023 niet gewijzigd en het restant bedraagt per 31-12-2023 eveneens € 65.000. De verwachting is dat deze middelen in 2024 en verder benodigd zullen zijn. Werkbudget Dagelijks Bestuur Bestemming resultaat vorig boekjaar
Boekwaarde 31-12-2022
Toevoeging
Onttrekking
Werkbudget voorgaande jaren
6
0
0
0
6
Winstbestemming 2022
0
0
0
231
231
Project Symposium Brede Welvaart
12
0
3
0
9
5
0
0
0
5
282
0
26
0
256
0
65
0
0
65
305
65
28
231
572
Boekwaarde 31-12-2022
Toevoeging
Onttrekking
Boekwaarde 31-12-2023
Platformfunctie SES
20
28
0
48
Projecten SES
20
28
0
48
Werkbudget Dagelijks Bestuur
Project Veiligheid Vrijval project Super Circular Estate Vrijval reserve stortplaats Nieuwenhagen Dagelijks Bestuur
Boekwaarde 31-12-2023
Werkbudget bestuurscommissie SES Projecten SES
Platformfunctie SES € 48 (€ 20) Er zijn middelen ingezet ten behoeve van de Conferentie Onderwijs en Kindontwikkeling op 1 februari. Vervolgens is er in juli aan de UM opdracht verleend om te komen tot resultaatsdoelstellingen bij de actielijnen uit de nog op te stellen EAP. Daarnaast zijn er kosten gemaakt voor de bijeenkomst Regio’s aan de Grens in november en de bijeenkomst Integrale Wijkaanpak begin december. In december is er tot slot nog een bedrag vrijgemaakt ter facilitering van de verkenning van het traject NSMV. Een deel van de resterende middelen, die eerder gereserveerd waren voor de ontwikkeling van de onderwijsmonitor zullen worden toegevoegd aan het werkbudget van 2024. Werkbudget bestuurscommissie GROS Boekwaarde 31-12-2022
Toevoeging
Onttrekking
Boekwaarde 31-12-2023
Platformfunctie GROS
0
8
0
8
Kosten uitwerking 3e termijn Regio Deal
1
4
0
5
Ontwikkeling GIS
15
0
0
15
Expo Real Munchen '22
0
0
0
0
Expo Real Munchen '23
0
12
0
12
Uitwerking Visie Aken - Parkstad
0
10
0
10
Voorbereiding Interreg projecten
0
15
0
15
Project AG Charlemagne
0
0
0
0
Projecten GROS
15
49
0
64
Projecten GROS
61
Platfomfunctie GROS € 8 (€ 0) In 2023 zijn onder andere kosten gemaakt voor de opening van het New Regional Bauhaus en voor de workshop ‘Parkstad-Aken’. Kosten uitwerking 3e termijn Regio Deal € 5 (€ 1 ) Er zijn kosten gemaakt voor vertaling en drukwerk ten behoeve van RWTH studenten en daarnaast voor ondersteuning GROS door de gemeente Landgraaf. Expo Real München 2023 € 12 ( € 0) Op dit project zijn diverse kosten verantwoord inzake de Expo Real 2023 te München. Project AG Charlemagne € 0 (€ 0) Het jaarplan ad €20k is ingezet voor de contributie van AG Charlemagne. Werkbudget bestuurscommissie Duurzaamheid Boekwaarde 31-12-2022
Toevoeging
Onttrekking
Boekwaarde 31-12-2023
Palet Zonnepanelenproject
8
0
13
-5
Isolatie en verduurzamingsprogramma Parkstad Limburg Energie Transitie (PALET)
30
10
0
40
51
0
35
16
Administratieve eenheid Zonnepanelen
-48
0
58
-105
Projecten BC Duurzaamheid
RUD Zuid-Limburg Palet Regionale Coördinator Windenergie
7
0
7
0
-56
12
0
-44
Palet VGG
28
0
28
0
Palet Coördinator Warmte
53
9
0
61
Palet 3.0 Pilot Verduurzaming VvE
2
0
0
2
Vrije ruimte BC
1
0
1
0
RESZL (Regionale Energie Strategie Zuid-Limburg)
42
13
0
55
Woonwijzerwinkel
20
0
11
10
Warmtetransitie
131
0
56
76
Circulariteit
60
32
0
92
Energiebedrijf Uitvoeringsprogramma Parkstad Circulair
0
27
0
27
0
23
0
23
Projecten BC Duurzaamheid
330
124
207
247
PALET Zonnepanelenproject € -5 ( € 8) Voor de uitvoering van het PALET Zonnepanelenproject is een aantal algemene projectkosten voorzien buiten de administratieve eenheid. De boekwaarde bedraagt € -5 m.n. als gevolg van hoger dan verwachtte juridische kosten van RRA Advocaten. Isolatie- en verduurzamingsprogramma € 40 ( € 30) Met vaststelling van de Transitievisie Warmte 1.0 hebben diverse Parkstadgemeenten aangegeven een regionaal isolatie- en verduurzamingsprogramma op te willen stellen voor (particuliere) huishoudens in Parkstad. Het werkbudget is bijeen gebracht door een bijdrage uit het jaarplan 2022 en 2023 en betreft cofinanciering voor het provinciale project isolatie- en verduurzamingsprogramma.