CConstaterende datSimpelveld
Koppel je AI →
Document · PDF

3 Notulen vergadering Raadscommissie MID d.d. 6 juni 2023.pdf

Commissie BZ-MID-GGZ 27 juni 2023, gemeente SimpelveldBij agendapunt: Vaststelling notulen Raadscommissie Middelen (MID) d.d. 6 juni 2023, Raadscommissie Burgerzaken (BZ) d.d. 7 maart 2023 en Raadscommissie Grondgebiedzaken (GGZ) d.d. 8 juni 202312.133 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Notulen vergadering Raadscommissie Middelen (MID) ___________________________________________________________________________ Datum: Locatie: Tijd: Aanwezig:

6 juni 2023 Raadszaal gemeentehuis Simpelveld 19.00 uur De heer R. Kisters voorzitter De heer bc. F.G. Simons griffier De heer D.W.J. Schneider waarnemend burgemeester De heer W. Schleijpen wethouder De heer Th. Gulpen wethouder Mevrouw A. Ernes wethouder De heer H. Hodinius wethouder De heer J. Meijers BurgerBelangen (BB) Mevrouw F. Clignet BurgerBelangen (BB) De heer J. Thomas Leefbaar Simpelveld (LS) Mevrouw I. Koll Leefbaar Simpelveld (LS) De heer S. Mens Lokaal Actief (LA) De heer J. Boltong Lokaal Actief (LA) Mevrouw K. Vanhommerig CDA De heer K. Bremen SAMEN1 (S1) De heer J. Zwanenburg SAMEN1 (S1) De heer J. Degens ambtenaar De heer P. Habets ambtenaar De heer E. Hupperetz ambtenaar Mevrouw K. Spierts ambtenaar De heer L. Wierts ambtenaar Mevrouw R. Bartholomé notuliste Gastsprekers: De heer F. Klaassen GGD Zuid-Limburg Mevrouw M. Dreessen GGD Zuid-Limburg De heer B. van Roon Rd4 __________________________________________________________________________

Agenda 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.

Opening en mededelingen Vaststelling agenda Vaststelling notulen Raadscommissie Middelen d.d. 24 januari 2023 Actielijst Middelen Raadsvoorstel GGD-ZL jaaroverzicht 2022, ontwerpbegroting 2024 en meerjarenbeleidsplan 2024-2027 Raadsvoorstel Zienswijze conceptjaarstukken 2022, conceptbegroting 2024 VRZL en MCC Raadsvoorstel BsGW begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027, 1e begrotingswijziging 2023, jaarrekening 2022 en voorgenomen besluit belastingverordeningen 2024 Raadsvoorstel Begroting 2024 en jaarrekening 2022 Rd4 Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenperspectief 2025-2027, begrotingswijziging 2023-2 en jaarverslag 2022 Omnibuzz Raadsvoorstel Jaarstukken 2022, 1e begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 incl. meerjarenramingen 2025-2027 Stadsregio Parkstad Limburg Raadsvoorstel RUD Zuid-Limburg ontwerpbegrotingswijziging 2023, ontwerpbegroting 2024, meerjarenraming 2025-2027 en jaarstukken 2022

Pagina 1 van 23

12. 13. 14.

15. 16.

Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenraming 2024-2027, bijgestelde begroting 2023 en jaarrekening 2022 van het Gegevenshuis Raadsvoorstel Jaarstukken 2022 en begroting 2024 incl. meerjarenplanning 2025-2027 GR WOZL en GR WSP Parkstad Raadsvoorstel ISD Kompas Jaarrekening en jaarverslag 2022, gewijzigde begroting 2023, primitieve begroting 2024, meerjarenbegroting 2025-2027 en uitvoeringsprogramma 2023-2024 Raadsvoorstel Zienswijze gemeenschappelijke regeling Centrumregeling regionale samenwerking Parkstad opvang en beschermd wonen Wmo 2024 Sluiting vergadering

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen van harte welkom. 2. Vaststelling agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Vaststelling notulen Raadscommissie Middelen d.d. 24 januari 2023 De notulen worden ongewijzigd vastgesteld. 4. Actielijst Middelen 12. Motie Organisatie en Uitvoeringskracht Simpelveld. De heer Thomas (LS) verwijst ernaar dat uiterlijk in het tweede kwartaal van 2023 een procesvoorstel zou worden voorgelegd aan de raad en informeert naar de actuele status. Wethouder Gulpen antwoordt dat een tweetal – met elkaar samenhangende – procesvoorstellen in voorbereiding zijn, namelijk het proces strategische agenda 2030 en het proces herijking organisatievisie/bedrijfsfilosofie In het seniorenconvent van 5 juni jl. is onder andere van gedachten gewisseld over de wijze waarop de raad betrokken wordt en verbinding houdt met m.n. het proces strategische agenda 2030. Afgesproken is om hieraan - bij voorkeur voor het zomerreces - een werkbijeenkomst met de raad te wijden. 5. Raadsvoorstel GGD-ZL jaaroverzicht 2022, ontwerpbegroting 2024 en meerjarenbeleidsplan 2024-2027 De heer Zwanenburg (S1) geeft eerst een algemene opmerking. Als vanuit democratisch oogpunt gekeken wordt zijn de gemeenschappelijke regeling eigenlijk gedrochten, maar daar wordt soms niet aan ontkomen om samen te werken omdat de gemeente te klein is.

Bij het doorlezen van alle gemeenschappelijke regelingen viel hem op dat het aandeel van de gemeente Simpelveld (wat is de behoeft van de gemeente, wat vindt het personeel ervan, wat vinden onze bewoners ervan) niet of nauwelijks hierin terug te zien is. De raad is er om een oordeel te vellen over hoe zoiets zich vertaald naar de inwoners en eigenlijk is dat bij geen enkele gemeenschappelijke regeling mogelijk. Daarom heeft de heer Zwanenburg (S1) bij iedere gemeenschappelijke regeling de vraag waarom in het raadsvoorstel niet is aangegeven wat de behoeftes van de gemeente zijn, hoe zo’n gemeenschappelijke regeling daaraan tegemoetkomt, wat de medewerkers ervan vinden en wat de inwoners ervan vinden.

Pagina 2 van 23

De heer Zwanenburg (S1) merkt op dat het advies om een negatieve zienswijze af te geven uitsluitend is gestoeld op de negatieve financiële gevolgen voor de gemeente. De inhoudelijk ingezette koers wordt volledig onderschreven. De voorgaande beleidsperiode loopt in 2023 af, wat betekent dat er momenteel geen vastgesteld beleid is. De heer Zwanenburg (S1) informeert ernaar waar de GGD de begroting 2024 op kan baseren. Binnen de programma's GGD, VT en JGZ gelden verschillende verdeelsleutels om de gemeentelijke bijdragen te bepalen. Voor het programma GGD wordt de bijdrage naar rato van het aantal inwoners berekend en binnen het programma JGZ worden de kosten op basis van het aantal jeugdigen bepaald. Het onderdeel VT wordt bepaald op basis van een aantal parameters uit het gemeentefonds. Per programma wordt de wettelijke taak toegelicht. De heer Zwanenburg (S1) informeert ernaar waarom in het raadsvoorstel niet is aangegeven wat de verhouding uitgaven is ten opzichte van de deelname van de inwoners van de gemeente. Ook wil hij graag weten waarom in het raadsvoorstel geen indicatie c.q. niet vastgesteld is wat de behoefte is van de inwoners ten opzicht van de aangeboden diensten. De heer Zwanenburg (S1) vraagt waarom in het raadsvoorstel (bij benadering) niet is aangegeven wat de gerealiseerde resultaten zijn ten opzichte van de koers die voor 2020-2023 is vastgesteld.

Het nieuwe meerjarenbeleidsplan legt een stevige maar noodzakelijke ambitie neer. Een ambitie die bijdraagt aan het structureel verminderen van de gezondheidsachterstanden in deze regio en aansluit bij landelijke inspanningen om de cruciale beweging van ziekte naar gezondheid te maken. SAMEN1 vraagt waar dit uitgangspunt gekwantificeerd is voor de inwoners van de gemeente in relatie tot de bijdrage van de gemeente. Vóór 30 juni 2023 draagt de gemeente haar zienswijze aan bij de GGD. SAMEN1 wil graag weten waarom in de zienswijze geen motivatie is aangegeven voor het negatieve adviesdeel. De heer Zwanenburg (S1) vraagt of bij een evaluatie door de GGD erop zou kunnen worden aangedrongen dat ook wordt meegenomen of de medewerkers en inwoners van de gemeente al dan niet tevreden zijn over de geleverde diensten. Mevrouw Vanhommerig (CDA) merkt op dat de raad al enkele jaren aan de GGD vraagt om inspanningen te verrichten om te besparen op de bedrijfsvoering en informeert ernaar welke inspanningen hiervoor verricht zijn en worden. Het CDA wil graag weten hoe de GGD denkt in de toekomst wel met de huidige voorliggende meerjarenbegroting uit te komen, terwijl dit de afgelopen jaren steeds niet gelukt is. Er wordt al gesproken over de aanstaande SPUK gelden vanuit IZA en GALA. Deze zitten echter niet in de begroting verwerkt.

Mevrouw Vanhommerig (CDA) vraagt of het juist is dat de GGD nog meer gelden vanuit de gemeente krijgt voor dienstverlening en hoe dit zich verhoudt met de gevraagde inspanningen om te besparen Mevrouw Vanhommerig (CDA) wil ook graag weten of de GGD voorsorteert op de SPUK gelden door nu al extra personeel hiervoor aan te trekken, of dat het extra personeel pas wordt aangetrokken als de verdeling van de SPUK gelden en de inhoudelijke dienstverlening hiervoor duidelijk is. De heer Boltong (LA) verwijst naar pagina 12 van het raadsvoorstel waar de algemene reserve van de GGD als onvoldoende gekwalificeerd is. Lokaal Actief wil graag weten, hoe groot die reserve is, hoe groot die zou moeten zijn en welk risico de gemeente loopt.

Pagina 3 van 23

De heer Thomas (LS) deelt mee dat Leefbaar Simpelveld het volledig eens is met het college om niet in te stemmen met ontwerpbegroting 2024 en om een negatieve zienswijze in te dienen. Weliswaar is er overeenstemming over de koers die bepaald wordt, maar ook de negatieve financiële gevolgen zijn van belang. Het is in feite een begroting die beleidsneutraal en beleidsarm is. Er zijn alleen correcties voor wat betreft de indexering. Leefbaar Simpelveld vindt het terecht dat het college duidelijkheid over de kostenreductie gaat vragen. Het is bijzonder vervelend dat hierover nog geen terugkoppeling heeft plaatsgevonden, terwijl hier al eerder vragen over gesteld zijn. Over de extra middelen die de GGD vraagt in verband met de noodzaak om te komen tot een organisatieverandering staan in de toelichting bekende woorden zoals: solide organisatie, goed werkgeverschap, expertise op peil, goede en gezonde samenleving. Echter, de heer Thomas (LS) mist de noodzaak en urgentie in een voorstel voor een reorganisatie of een andere notitie waaruit blijkt dat dit absoluut noodzakelijk is. Hij heeft in een bijlage gelezen dat daar een bedrag van € 500.000 voor gevraagd wordt en informeert ernaar wat de gevolgen voor Simpelveld hiervan zijn. Aansluitend op de vraag van het CDA over SPUK en GALA verwijst de heer Thomas (LS) naar pagina 10 waar een korte toelichting staat.

Leefbaar Simpelveld informeert ernaar wanneer hier duidelijkheid over komt. Op basis van de summiere informatie op dit moment kan hier geen verantwoord besluit over genomen worden. Leefbaar Simpelveld informeert naar het standpunt van het college. Wethouder Ernes antwoordt dat het heel lastig is om de behoefte van de burgers van de gemeente is in relatie tot de investering die de gemeente doet naar boven te halen, omdat preventie heel moeilijk gemeten kan worden. De GGD voert metingen uit, maar het is heel moeilijk om de cijfers van 1 specifieke gemeente naar boven te halen. De heer Klaassen (GGD) voegt hieraan toe dat het dilemma van veel gemeenschappelijke regelingen is dat ze eigenlijk meteen met 3-0 op achterstand staan omdat ze ver van de gemeenten af staan. |Er wordt een gezamenlijk besluit in het algemeen bestuur genomen en de individuele gemeenteraden geven aan wat hun positie is en wat hun beïnvloedingssfeer is. De GGD probeert dit op een aantal manieren op te lossen (ook het beeld van bewoners, betrokkenheid van Simpelveld en betrokkenheid van personeel). Het meerjarenbeleidsperspectief ligt voor omdat de raden aan de GGD gevraagd hebben om een jaar na de verkiezingen bij de gemeenteraden langs te komen om hun in positie te brengen met betrekking tot het beleid van de GGD voor de komende 4 jaar.

De GGD realiseert zich dat zo’n stuk over 4 jaar met alle beleidsterreinen altijd hoog over en op hoofdlijnen is. Met betrekking tot betrokkenheid van personeel heeft de GGD in november jl. in het algemeen bestuur afgesproken dat in goed overleg met de ambtenaren van de gemeenten en allerlei andere partijen (ook het bestuur is een aantal keren meegenomen) moest worden gekomen tot deze begroting. De heer Klaassen (GGD) licht toe dat de pro forma begroting een technisch stuk is met een technisch doel. 6 juli 2023 is de vergadering van het algemeen bestuur van de GGD. Het zou zo kunnen zijn dat de gemeenschappelijke zienswijzen van de raden in het algemeen bestuur ertoe leiden dat een nieuwe ronde wordt ingegaan met de raden en dat in het najaar hierop teruggekomen wordt. Als dat gebeurt heeft de GGD een formeel technisch probleem met de Provincie als toezichthouder en moet er toch een begroting zijn. Daarom is de pro forma begroting een extra technisch stuk wat puur bedoeld is als vangnet.

Pagina 4 van 23

Er zijn lokale gezondheidsmonitors, lokale jeugdmonitors, de GGD heeft inzicht op wijk- / kernniveau op het gebied van gezondheid. Al die dingen die in het meerjarenbeleidsplan staan (hoe krijgen we de regio gezond en er zijn grote gezondheidsachterstanden) moeten opgelost worden in de wijken / kernen en niet hoog over. De regionale samenwerking is bedoeld om het denkwerk te bundelen maar het effect moet landen in de wijken, passend bij de problematiek die er speelt. De GGD haalt de problematiek die in een specifieke gemeente speelt op en via trendbreuk wordt geprobeerd de beweging op te pakken. Zoals de wethouder ook al aangaf is het ingewikkeld om dat in het meerjarenbeleidsprogramma aan te geven. De GGD heeft effectmetingen van zaken die gedaan worden, ook van trendbreuk. De heer Klaassen (GGD) zal deze rapportage aanleveren ten behoeve van de raad. De heer KIaassen (GGD) begrijpt het punt van de raad dat dit niet in de stukken herkend wordt, maar benadrukt dat die verbinding op lokaal niveau er wel degelijk is omdat dat het enige is wat werkt. Als dit niet landt in de wijken / kernen bij de lokale inwoners lokaal waar de grootste gezondheidsverschillen zijn dan werkt dit niet. Dat is ook terug te vinden bij de infographics in de jaarstukken. Dat sluit ook aan bij de vraag hoe de inspanning van de bezuinigingen teruggezien wordt.

Op jaarrekeningniveau is terug te zien wat de GGD doet met het financiële deel. In de jaarrekening 2022 is te zien dat de enorme kostenstijgingen (door verlofsparen enz.) die de GGD heeft gekregen door puur rechtspositionele zaken, gebufferd zijn in het jaarresultaat waardoor de kostenstijging voor de gemeenten beperkt is gebleven. Het signaal om te kijken naar kostenstijgingen wordt wel degelijk serieus genomen. Het is en blijft publieksgeld en daar moet zorgvuldig mee omgegaan worden. Met betrekking tot ziekte en gezondheid licht de heer Klaassen (GGD) toe dat de inhoudelijke onderwerpen in de meerjarenbeleidsbegroting qua financiële impact op twee hoofdterreinen zijn onderverdeeld, namelijk de grote uitdaging op het gebied van gezondheidsverschillen / gezondheidsachterstanden en de grote uitdaging op het gebied van verwijzingen naar de zorg (het Zorgakkoord). Er is een immens maatschappelijke opgave aan de ene kant voor wat betreft kansen en gelijkheid gezondheidsverschillen en aan de andere kant de zorg die in toenemende mate dichtslibt. Dat is niet het probleem van de GGD, maar een maatschappelijk probleem. Er komen uitdagingen voor de gemeenten met een gezond en actief Leefakkoord en een integraal Zorgakkoord. De gemeenten hebben aan de GGD gevraagd om hun hierbij te ondersteunen.

Met name in het eerste stuk zitten fikse bedragen die bedoeld zijn om de gemeenten hierbij te ondersteunen. Over de klassieke termen bij de solide organisatie licht de heer Klaassen (GGD) toe dat de GGD tijdens de COVID-periode heeft laten zien waarop gerekend kan worden. In dit soort periodes moeten zowel de overheid als burgers kunnen rekenen op een solide organisatie. De GGD heeft jarenlang elementen van de bedrijfsvoering kosteneffectief gebufferd in de reguliere organisatie. Tijdens de COVID-periode heeft de GGD er handig gebruik van gemaakt om de middelen die ontvangen werden van VWS te besteden aan de COVID-opgave, maar ook om die zaken te bufferen. Met betrekking tot de ontwikkelopgave (€ 500.000) licht de heer Klaassen (GGD) toe dat in het bestuur besproken is wat de veranderopgave van de GGD is en wat daarvoor nodig is. Daar is de vraag om deze middelen uitgekomen. Voor wat betreft SPUK en GALA wordt voor de komende 4 jaar aan gemeenten een bijdrage gevraagd voor de ontwikkelingen die de heer Klaassen (GGD) net geschetst heeft. De gemeenten kunnen deze middelen besteden aan lokale initiatieven en regionale samenwerking.

Pagina 5 van 23

Gemeenten kunnen er ook voor kiezen om de middelen te gebruiken voor ondersteuning hierbij door de GGD. Dit is een PM post omdat de GGD niet gaat over middelen die bij de gemeenten binnenkomen en omdat er nog veel onduidelijk is over deze middelen. Hierover zal in de toekomst wel duidelijkheid komen. Het basisplan is in goed overleg met de gemeenten tot stand gekomen en biedt de basis voor de komende 4 jaar. Over de negatieve zienswijze deelt de heer Klaassen (GGD) mee dat dat GGD inmiddels een groot aantal gemeenten ambtelijk en bestuurlijk heeft gesproken. Bij de inhoudelijke discussies tot nu toe heeft de GGD geconstateerd dat bij raden vrijwel unaniem een beeld is dat ze de noodzaak en beweging zien, dit ook herkennen voor hun burgers en dat daar niet aan ontsnapt kan worden. Er zijn tot nu toe geen negatieve zienswijzen ontvangen, maar wel behoorlijke kanttekeningen gemaakt zoals: begrip voor de gemeentelijke financiën, vragen voor fasering en om te bekijken of ingroei mogelijk is. Mevrouw Dreessen (GGD) licht toe dat van de verdeelsleutel is afgeweken omdat structureel relatief weinig bijdrage van de gemeenten wordt gevraagd in vergelijking met andere GGD-en die er landelijk zijn. Dat komt omdat de GGD Zuid-Limburg aan de voorkant al gedaan heeft wat mogelijk was op tariefbasis en productniveau (bijv. een vaccinatieprogramma, inspectie kinderopvang enz.).

Wat geleverd wordt, wordt rechtstreeks in rekening gebracht en is individueel terug te leiden naar de gemeente ten goede van de burgers. Dat valt dus niet onder de verdeelsleutel. Bij de programmalijnen is gekeken naar verdeelsleutels die daarbij passen. In de gemeenschappelijke regeling staat nu dat de verdeelsleutel op basis van inwoners is en van de gemeenten is specifiek het verzoek gekomen om bij een aantal programmalijnen naar de verdeelsleutel te kijken, zodat dit beter matcht met het regionale beeld en de regionale verdeling. In de gemeenschappelijke regeling staat dat de algemene reserve 6% van de exploitatielasten moet zijn. Omgerekend op het budget van de GGD zou dat betekenen dat er een algemene reserve moet zijn van circa € 2,5 mln. Na verwerking van de jaarrekening is de algemene reserve op dit moment € 110.000 (0,26%). Mevrouw Dreessen (GGD) zegt dat daar bewust voor gekozen is door het algemeen bestuur. Het standpunt is dat de gemeente garant moet staan voor alle gemeenschappelijke regelingen en dat de potjes niet bij de gemeenschappelijke regelingen moeten staan. Dat betekent dat de GGD voor extra geld altijd terug moet naar de gemeenteraden. Vanuit de toezichthoudende Provincie is wel aan alle gemeenten verzocht om dit in de risicoparagraaf op te nemen en rekening te houden met de risico’s die bij de GGD spelen.

Mevrouw Dreessen (GGD) licht toe dat in diverse stukken is teruggekomen op de kostenreductie, met name bij de begrotingen. In de begroting 2022 is een grote aanpassing geweest bij de jeugdgezondheidszorg omdat 0 tot 4-jarigen zijn toegevoegd aan de GGD. Voor overhead is € 500.000 bezuinigd in de fasering die daarvoor is afgesproken. Er wordt dus zeker rekening gehouden met kostenreductie inverdieneffecten. Dat is ook structureel verwerkt in de begroting. In de jaarrekening 2022 is te zien dat de GGD probeert om binnen de begroting de gelden die daarvoor ontvangen worden (en de systematiek die is afgesproken zoals verlofsparen, uitkeringen in december die vooraf niet bekend zijn) te bufferen in het eigen budget, met als gevolg dat de ook over het jaarresultaat 2022 geen extra geld gevraagd wordt ondanks het feit dat de GGD feitelijk geen algemene reserve heeft. Dat wordt ook geconstateerd bij een aantal samenwerkingen. Een goed voorbeeld daarvan is de wetswijziging op de gemeenschappelijke regelingen. Zo wordt Boels Zanders ingezet voor alle gemeenschappelijke regelingen in Limburg om kostenbesparend en effectief te werken. Ook wordt naar landelijke samenwerkingen om zoveel mogelijk tot kostenreductie te komen.

Pagina 6 van 23

De heer Klaassen (GGD) verwijst naar ziekte / gezondheid, wat naar de voorkant moet verschuiven. Bij trendbreuk wordt geïnvesteerd in een gezonde generatie, maar omdat dat een verschuiving is die pas effecten laat zien na een aantal jaren, is dat moeilijk te meten. De GGD probeert wel tussentijds metingen te doen waar dat mogelijk is. Daarvoor is de effectrapportage van trendbreuk bedoeld en in deze effectrapportage staat dat de negatieve trend in de afbouw van gezondheid stabiliseert. Op interventieniveau wordt wel gemeten. Als de heer Zwanenburg (S1) het goed interpreteert zat de informatie van de vragen in de stukken (het deel waar de burgers van Simpelveld gebruikmaken van de diensten wat het effect is). Hij is namelijk op zoek naar wat het werk van de GGD betekent voor de gemeenschap van Simpelveld. De heer Klaassen (GGD) antwoordt dat in het meerjarenbeleidsplan 4 jaar hoog over niet de detaillering zit die de heer Zwanenburg (S1) zoekt. Bij de rapportages zit niet of de GGD weet wat er speelt bij de bevolking in Simpelveld. Er is wel een zicht op de problematiek. Dat zit in andere rapportages die hij ook aangeleverd kunnen worden (gezondheidsmonitor, jeugdmonitor, onderzoek op kernniveau). Hij kan ook stukken aanleveren waarin te zien is wat er gebeurt in Simpelveld en welke programma’s er lopen op het gebied van interventies.

De heer Zwanenburg (S1) vraagt waarom die informatie niet in het raadsvoorstel verwerkt is. Dat is juist de informatie die de raad nodig heeft om een besluit te kunnen nemen of dit de gemeenschap helpt en of de bijdrage in relatie hiertoe staat Wethouder Ernes antwoordt dat de informatie zeer specifiek is en daarom niet bij dit algemene plan gevoegd is. Dit plan gaat met name over de financiën en daarbij is deze informatie niet van toegevoegde waarde. De stukken kunnen aangeleverd worden, maar zijn nooit toegevoegd bij stukken om een zienswijze in te dienen. Het lijkt de heer Zwanenburg (S1) logisch dat altijd gekeken wordt wat iets betekent voor de eigen gemeenschap en dat die vertaling gemaakt wordt, ook als het stuk om financiën en een zienswijze gaat. De heer Thomas (LS) is blij met de toelichting van de heer Klaassen (GGD). Het inzicht in de kostenreductie is daardoor helder geworden. Het is alleen jammer dat de raad daarom moet vragen en die informatie niet vooraf heeft gekregen. De heer Thomas (LS) vraagt zich af of de GGD nog slagvaardig genoeg is om te reageren als € 100.000 in de algemene reserve zit. Persoonlijk vindt hij € 100.000 ten opzichte van € 2,5 mln gevaarlijk. De heer KIaassen (GGD) antwoordt dat dat een keuze van de gemeenten is.

Als meer in de algemene reserve zit en er gebeurt iets kan inderdaad heel snel geschakeld worden, terwijl dat langer duurt als eerst teruggegaan moet worden naar de raden. Er is ook iets voor te zeggen dat de gemeenten dat geld niet ergens willen hebben staan, maar dat ze dit kunnen gebruiken voor actief beleid. Wethouder Ernes zegt toe dat de raad uiteraard alle informatie die nodig is om een beslissing te nemen. De GGD heeft zojuist al de effectrapportage genoemd. Deze rapportage wordt aangereikt voor de raadsvergadering. Mocht de raad daarna nog aanvullende stukken willen inzien of toegestuurd krijgen, dan hoort de wethouder dat graag.

Pagina 7 van 23

AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan akkoord hiermee. De fractie SAMEN1 gaat nu niet akkoord hiermee, omdat dit afhankelijk is van de informatie die nog verkregen moet worden. 6. Raadsvoorstel Zienswijze conceptjaarstukken 2022, conceptbegroting 2024 VRZL en MCC De heer Thomas (LS) verwijst ernaar dat de heer Zwanenburg (S1) bij het eerste voorstel heeft gezegd dat de rode draad bij gemeenschappelijke regelingen is wat dat voor de burger betekent. Voor Leefbaar Simpelveld is de rode draad hoe de verschillende gemeenschappelijke regelingen omgaan met het weerstandsvermogen en solvabiliteitsrisico’s. Er is een negatief resultaat van € 417.000. Dan heeft de gemeenschappelijke regeling twee mogelijkheden, namelijk dat dit ten laste wordt gebracht van de algemene reserve of dat dit door de deelnemende gemeenten betaald wordt. Als het negatief resultaat ten laste van de algemene reserve wordt gebracht heeft dat een negatief effect op het weerstandsvermogen en dat wordt in dit stuk al getypeerd als ruim onvoldoende.

Voor de gemeente Simpelveld valt het wel mee, maar de heer Thomas (LS) wil ook hier aangeven dat het besef er bij zo’n instantie en ook bij het algemeen bestuur moet zijn dat goed rentmeesterschap uitgevoerd wordt en dat gekeken wordt naar wat belangrijk gevonden wordt als algemene reserve om toch slagvaardig te kunnen handelen. Het dilemma wordt hier weggenomen omdat er maar 1 keuze is, namelijk dit door de gemeenten te laten betalen omdat de Provincie anders misschien overgaat tot preventief toezicht. De heer Thomas (LS) zal hier bij alle gemeenschappelijke regelingen op terugkomen, want hij heeft het gevoel dat hier niet al te zorgvuldig en verantwoord mee wordt omgegaan (zonder dat het tot dramatische risico’s leidt). De heer Boltong (LA) verwijst naar pagina 4 van het raadsvoorstel. Bij de financiële terugblik wordt vermeld dat het negatieve resultaat als gevolg van verlofsparen niet gedekt wordt uit de algemene middelen en dus structureel is. Lokaal Actief wil graag weten wat dit voor de gemeente Simpelveld betekent en welk risico hierbij gelopen wordt. De heer Bremen (S1) verwijst naar pagina 1 van het raadsvoorstel. Bij beslispunt 3 wordt wederom gevraagd om het resultaat (groot € 447.000) toe te voegen aan het egalisatiefonds van het MCC. Na toevoeging bedraagt het eigen vermogen van het MCC € 2,7mln (op een totale balans van € 4,5 mln).

Hij informeert ernaar waarom het eigen vermogen van het MCC zo hoog moet zijn. In tegenstelling tot wat de heer Thomas (LS) zei over de VRZL wordt bij het MCC een heel hoog eigen vermogen geconstateerd en is het weerstandsvermogen daardoor heel hoog. SAMEN1 wil graag weten waarom het eigen vermogen zo hoog moet zijn en waarom de positieve resultaten niet terugvloeien naar de politie en VRZL (en dus eventueel ook naar de deelnemende gemeenten). De heer Bremen (S1) verwijst naar pagina 26/27 van bijlage 2. Hij vraagt waarom onder de risico's geen rampen zijn opgenomen. Een watersnoodramp of een ontploffing op Chemelot kunnen toch al snel flinke financiële gevolgen hebben. De heer Bremen (S1) verwijst naar pagina 27 van bijlage 2. Op het moment wordt uitgegaan van een loonkostenstijging van 2,8%, terwijl in de nieuwe cao afspraken gemaakt zijn over een stijging van 10%. Hij informeert ernaar of deze stijging van 10% wel of niet verwerkt zit in de begroting, aangezien men spreekt van een behoorlijke stijging in de septembercirculaire.

Pagina 8 van 23

De heer Bremen (S1) verwijst naar pagina 30 van bijlage 2 en vraagt of de extra dotatie voor verlofsparen alleen is opgenomen voor het jaar 2022 of ook voor de volgende jaren. In de jaarstukken staat namelijk dat elk jaar op 31 december een inventarisatie zal plaatsvinden. Met betrekking tot de opmerking over het weerstandsvermogen en de risico’s antwoordt de waarnemend burgemeester dat hij uit het verhaal van de GGD heeft geproefd dat de commissie het gevoel heeft dat de stijging van de kosten enorm is en niet meer in verhouding met voorgaande jaren waar sprake was van indexaties. De gemeenten komen om diverse redenen enorm aan de lat te staan voor gemeenschappelijke regelingen. De algemene tendens in de algemeen besturen is met name om daar waar plussen zijn, deze zoveel mogelijk te gaan gebruiken hiervoor. Het moet dan uiteraard wel gaan om middelen die over zijn en gerelateerd waren aan een bepaald programma voor doorloop voor de komende jaren. Specifiek kijkend naar de Veiligheidsregio en het benoemde risico is in elk geval bekend dat, kijkend naar een vergelijkbare situatie bij andere instanties waar ook het toetsingskader bij de Provincie ligt, deze cijfers nog nooit hebben geleid tot een bijstelling van of tot een actief toezicht.

Dat betekent niet dat er niks aan de hand is, maar als de gemeenten die cijfers wat meer body willen gaan geven, moeten ze daar meer geld naartoe laten vloeien. Als dat over de hele linie gedaan wordt, staan de gemeenten voor een dusdanig klus aan de lat dat naast de kostenstijgingen in de eigen begrotingen en rekening houdend met een onzekere toekomst over de landelijke bijdrage (bijv. het ravijnjaar 2026), dit niet het moment is om die extra aanvulling te doen. Bij het bepalen van de bijdragen 2022 van de gemeenten aan de VRZL is geen rekening gehouden met de lasten voor verlofsparen. Daardoor heeft dit onder andere geleid tot een negatief resultaat. De voorziening verlofsparen moet vanaf boekjaar 2022 jaarlijks worden meegenomen in de jaarstukken en is derhalve structureel. Het kan voorkomen dat extra middelen noodzakelijk zijn om de voorziening op peil te houden in de toekomst. Voor de gemeente Simpelveld betekent dit dat het risico gelopen wordt dat in de toekomst een extra bijdrage moet worden gegeven aan de VRZL ter dekking van de extra dotaties. Op de vraag waarom geen rampen worden meegenomen in de risicoparagraaf licht de waarnemend burgemeester toe dat dit een vraag is die vaker gesteld wordt. Ook als gekeken wordt naar de risicoparagraaf van de gemeente komt weer het element wat ingedekt moet worden om daar financieel op te anticiperen.

Hij is het volledig ermee eens dat een ramp niet te voorzien is en dat het iets betekent voor de financiële paragraaf als een ramp optreedt. Het is de vraag in hoeverre dat afgedekt zou moeten worden en waar het geld naartoe moet vloeien als een ramp ontstaat (met andere woorden: voor welke gemeenschappelijke regelingen heeft de ramp gevolgen). De gemeenschappelijke regeling die als eerste voor de hand ligt is de Veiligheidsregio, maar meestal is bij een ramp sprake van een multi-probleem waarbij ook op andere vlakken bekeken moet worden hoe gaten gedicht kunnen worden. Daarnaast is het ook de vraag welke middelen er vanuit de Provincie en het Rijk komen als zo’n ramp zich voordoet. Alles bij elkaar genomen is het heel moeilijk om te gaan voorspellen hoe dit gekwantificeerd moet worden. Eigenlijk is het alleen mogelijk om in de risicoparagraaf aan te geven dat het risico bestaat. Het is ook zo dat hoe hoger financieel geanticipeerd wordt op onzekere zaken, hoe minder bewegingsruimte de gemeente heeft. Het geld wordt dan namelijk bevroren en de gemeente zit ook in het totaalperspectief met de eigen begroting om datgene waar de gemeente voor aan de lat staat te kunnen laten doorlopen. Het is moeilijk om de balans te vinden omdat hier met verschillende brillen naar gekeken wordt.

De waarnemend burgemeester heeft geen enkele kritiek op degenen die conservatiever in de wedstrijd zouden willen gaan zitten, maar hij denkt dat de totale manier hoe hier tegenaan gekeken wordt verantwoord is en niet zozeer afwijkt van andere gemeenschappelijke regelingen en gemeenten.

Pagina 9 van 23

De heer Habets (ambtenaar) licht toe dat de cao ontwikkeling structureel is opgenomen. Naar aanleiding van de actuele ontwikkeling kan mogelijk een begrotingswijziging worden ingediend als de werkelijke loonstijging hoger is, maar dit is op basis van wat bekend was. De heer Bremen (S1) vraagt of de cao ontwikkeling is opgenomen voor 10% en niet voor 2,8%, wat door de heer Habets (ambtenaar) bevestigd wordt. Met betrekking tot de best hoge omvang van het eigen vermogen van het MCC legt de heer Habets (ambtenaar) uit dat in het raadsvoorstel is opgenomen dat de samenwerking mogelijk volledig in handen komt van de politie. Een aantal zaken zijn bevroren (men is nu bezig met de vervreemding), maar het zou kunnen dat dit volgend jaar uitgekeerd wordt, deels aan de gemeenten en aan de Veiligheidsregio. De waarnemend burgemeester voegt hieraan toe dat het geen definitieve keuze is dat dit op dit niveau gehandhaafd moet blijven. Dat heeft met de ontwikkeling te maken. De heer Bremen (S1) begrijpt dat, maar dit wordt al een paar jaar geconstateerd bij het MCC. Vandaar dat het eigen vermogen ook zo hoog is. De vraag was eigenlijk puur waarom het eigen vermogen zo hoog moet zijn. De waarnemend burgemeester antwoordt dat dat zo is omdat die slag nog niet gemaakt is. De gemeenten zouden ook wensen dat het proces sneller zou lopen, maar dat is helaas niet zo.

AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 7. Raadsvoorstel BsGW begroting 2024 en meerjarenraming 2025-2027, 1e begrotingswijziging 2023, jaarrekening 2022 en voorgenomen besluit belastingverordeningen 2024 De heer Bremen (S1) verwijst naar pagina 6 van het raadsvoorstel waar staat dat een addertje onder het gras nog gevormd wordt door de Fiscale Vereenvoudigingswet 2017 die mogelijk toch ingevoerd gaat worden per 1 januari 2024. Daarin zal naar verwachting een wijziging worden opgenomen van de beroepsprocedure bij kwijtscheldingen (art. 25 Invorderingswet). Deze wijziging brengt naast een wettelijke behandeltermijn van 6 weken mogelijk extra kosten met zich mee, zoals dwangsommen, kosten voor beroepsprocedures, griffierechten en behandelkosten voor bezwaren tegen afgewezen kwijtscheldingsverzoeken. Mogelijk lig hier een nieuwe markt voor no cure no pay-bureaus. SAMEN1 informeert ernaar of BsGW verwacht aan de wettelijke behandeltermijn van 6 weken te kunnen voldoen. Als men op dit moment namelijk bezwaar maakt, kan men een antwoord voor het einde van het jaar verwachten. Leefbaar Simpelveld heeft tot genoegen constateert dat het boekjaar met een positief resultaat van € 792.000 is afgesloten.

Voor de heer Thomas (LS) is het een verrassende verklaring dat de lagere proceskostenvergoedingen daar debet aan zouden zijn. De heer Lebens (directeur BsGW) heeft enkele maanden geleden een pleidooi gehouden tijdens een commissievergadering om in het kader van bezwaren met betrekking tot de OZB niet zomaar naar no cure no pay bureaus te stappen en daar is toen ook een communicatiecampagne voor opgestart. Leefbaar Simpelveld is er ook voorstander van om het resultaat te splitsen in € 500.000 voor een bestemmingsreserve en de overige € 292.000 terug te laten vloeien naar de gemeenten, maar de vraag is of er een risico staat. Leefbaar Simpelveld denkt namelijk dat in 2023-2024 toch veel burgers gebruik ervan zullen maken om via externe bureaus bezwaarprocedures op te starten, wat weer leidt tot proceskosten.

Pagina 10 van 23

Met betrekking tot de proceskosten en het anticiperen op het vermogen verwijst de waarnemend burgemeester naar de laatste vergadering van het algemeen bestuur. Tijdens deze vergadering heeft hij duidelijk uitgesproken dat hij nogal teleurgesteld was over het feit dat hij menige keer de input heeft gekregen dat mensen lang moesten wachten als ze belden en dat zelfs de verbinding verbroken werd. Hij heeft ook in een filmpje mensen van de gemeente opgeroepen om niet naar commerciële bureaus te gaan, maar om contact op te nemen met BsGW. Hij heeft een nadrukkelijk appel gedaan om daar de komende jaren rekening mee te houden en desnoods (misschien wel vooraf) een zeer luxe desk in te richten om vragen van mensen te kunnen beantwoorden. Gebleken is namelijk dat het overgrote deel van de mensen die telefonisch wel doorgekomen zijn meteen een reactie heeft gekregen conform de afspraak en dat ook een aantal veranderingen zijn doorgevoerd. Met betrekking tot de vraag of de organisatie hierop toegerust is en of geen stijging van de proceskosten verwacht wordt antwoordt de waarnemend burgemeester dat het moeilijk is om dit in te schatten. BsGW gaat de komende jaren meer inspanning leveren om de juiste capaciteit te krijgen, al kan daar geen garantie voor gegeven worden. In 2022 was sprake van een daling ten opzichte van 2021.

Echter, in 2022 werden opvallend vaak andere vragen in een bezwaar verwerkt dan alleen de hoogte van de woz-waarde. Dat geeft een vertroebeld beeld. In de loop van het jaar, als de afhandeling van de bezwaarschriften vordert, zal pas duidelijk worden of daadwerkelijk voldoende rekening is gehouden met de inschatting van de effecten van de bezwaarschriften. Op dit moment onderzoekt de staatssecretaris van Financiën een aantal mogelijkheden om de drempel tot een proceskostenvergoeding te verhogen. Op Prinsjesdag worden concrete voorstellen verwacht. Hierbij wordt o.a. gedacht aan: - het niet meer uitbetalen van de vergoeding aan het no cure no pay bureaus maar aan belanghebbende (die dan op haar/zijn beurt moet afrekenen met het bureau, waarmee de drempel iets hoger gelegd wordt om zo’n bureau in te schakelen); - geen toekenning van een vergoeding bij relatief kleine correcties in de waarde; - vooraf een verplicht informeel traject. De waarnemend burgemeester kan niet inschatten of risico gelopen wordt of dat het beter wordt. Er zijn wel ontwikkelingen waar hij vertrouwen in heeft en zoals gezegd heeft hij bij het algemeen bestuur erop gewezen dat geen filmpjes gemaakt moeten worden als 10% van de burgers BsGW niet kan bereiken. Met betrekking tot de Fiscale Vereenvoudigingswet antwoordt de waarnemend burgemeester dat de inspanning bij BsGW erop gericht is om hieraan te voldoen.

Hij kan niet de garantie geven dat alles goed georganiseerd is, maar BsGW heeft dit goed op het netvlies. Het algemeen bestuur zal nadrukkelijk vragen om hierin meegenomen te worden. De heer Bremen (S1) begrijpt hieruit dat er puur een capaciteitsprobleem is bij BsGW om de bezwaren te behandelen. Als dit er nog bijkomt, ziet hij niet hoe ze dat binnen 6 weken kunnen gaan doen. De waarnemend burgemeester antwoordt dat het de vraag of binnen 6 weken een inhoudelijk antwoord gegeven moet worden. Dat kan ook een reactie zijn binnen welke termijn een inhoudelijk antwoord komt. Dat ligt er ook aan hoe de wet er uit gaat zien en wat de voorwaarden zijn die daarmee samenhangen. Het uitgangspunt is in elk geval dat altijd gekeken zal worden hoe de burger optimaal bediend kan worden. Het probleem zit met name in de taxatie. Daar zijn deskundigen voor nodig en die zijn heel moeilijk te krijgen, maar dat moet niet ertoe leiden dat mensen van het kastje naar de muur worden gestuurd.

Pagina 11 van 23

Omdat er veel onzekerheden zijn en ook niet bekend is wat met Prinsjesdag gaat gebeuren vraagt de heer Thomas (LS) of BsGW in staat is om dit proces te monitoren en regulier (bijv. per maand of kwartaal) een rapportage te geven over het aantal ontvangen bezwaren, hoeveel bezwaren zijn afgewikkeld enz. Dat geeft de raad meer inzicht in de problemen die mogelijk ondervonden kunnen worden. De waarnemend burgemeester zegt dat daarover gesproken is en het algemeen bestuur hier dichter bovenop gaat zitten, juist door dit soort rapportages. Er vindt ook steeds terugkoppeling plaats tijdens de eerstvolgende vergadering van het algemeen bestuur en ambtelijk gebeurt dat ook. Het probleem zit niet in de wil van terugkoppelen, maar met name in het feit dat alle bezwaarschriften vrijwel in 1 keer binnenkomen. Dan moet eerst geteld worden hoeveel bezwaarschriften er zijn en vervolgens moet gekeken worden of het om een simpele vraag is, of overgegaan moet worden tot een hertaxatie, wat de inhoudelijke bezwaren zijn, welke informatie gevraagd wordt. Hoe complexer de vraagstellingen zijn, hoe meer tijd het kost om te inventariseren wie voor een vraag aan de lat staat en hoe de beantwoording opgepakt moet worden. Het is aan de voorkant moeilijk in te schatten welke vragen gesteld worden.

De waarnemend burgemeester is het ermee eens dat de inventarisatie uitgesplitst kan worden en dat gemonitord kan worden wat een hertaxatie wordt, wat vragen zijn die beantwoord moeten worden en op welke termijn dat gaat gebeuren. Dat is iets waarbij hij als lid van het algemeen bestuur de komende tijd heel nadrukkelijk bovenop zal zitten. Dat moet serieus genomen worden en daar zit ambtelijk ook een verankering op. Ook de nieuwe portefeuillehouder zal deze processen heel nadrukkelijk blijven bewaken. De heer Huppertz (ambtenaar) geeft aan de hand van de rapportage t/m 31 maart een klein beeld van het aantal bezwaren dat in 2023 is binnengekomen van de gemeente Simpelveld. Er zijn 477 bezwaarschriften binnengekomen. In 2022 waren dat er 408 en in 2021 waren dat er 522. AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 8. Raadsvoorstel Begroting 2024 en jaarrekening 2022 Rd4 De heer Thomas (LS) deelt mee dat Leefbaar Simpelveld het eens is met het voorstel van het college voor positieve zienswijze. De fractie vindt de stukken van Rd4 van behoorlijk goede kwaliteit. De heer Thomas (LS) verwijst naar pagina 4. In de begroting is geen rekening gehouden met onvoorziene kosten en niet voor een eventuele aanvulling van het weerstandvermogen.

In het stuk staat dat nog niet te zeggen is hoe groot de invloed is van de kostenstijging op basis vaste deel van de afvalstoffenheffing. Hij vraagt of er bepaalde argumenten zijn voor deze keuze en of het college het hiermee eens is. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 2, pagina 18. Er wordt een indexering van 8% gehanteerd om de stijging logistieke kosten af te dekken. Leefbaar Simpelveld verzoekt om een nadere onderbouwing over de noodzaak en de bepaling van het percentage.

Pagina 12 van 23

De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 2, pagina 31. Er wordt gesproken over volledige bedrijfsstilstand. Hij informeert ernaar of dit al eens gebeurd is in de afgelopen jaren en wat dan de directe impact op de dienstverlening naar de burgers is. Met andere woorden: moeten we hier voorzichtig voor zijn of geldt dit bijvoorbeeld voor hele specifieke bijzondere voertuigen die niet zomaar op de markt te krijgen zijn en inzetbaar zijn? De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 5, pagina 45. Leefbaar Simpelveld is het eens met de argumentatie met betrekking tot het weerstandvermogen, zijnde 11% omzet. De heer Bremen (S1) verwijst naar bijlage 3, pagina 8. De vergoeding voor PMD bedraagt € 218 per ton en wordt betaald uit het afvalfonds. Hij informeert ernaar of dit een vast bedrag is voor de komende jaren en wat de looptijd is van dit afvalfonds. De heer Bremen (S1) verwijst naar bijlage 4, pagina 3 (bijlage begroting 2024). De huidige prijs voor de verwerking van GFT bedraagt € 40 per ton. De nieuwe prijs zal waarschijnlijk rond de € 80 per ton liggen, wat tot een kostenstijging van € 1,3 m zal leiden. SAMEN1 wil graag weten waar deze verdubbeling in de verwerkingskosten vandaan komt en welke factoren hieraan ten grondslag liggen. De heer Bremen (S1) verwijst naar bijlage 4 pagina 5 (bijlage begroting 2024).

Vanuit het AB is de wens geuit om naar mogelijkheden te zoeken om tot een lagere begroting te komen. Men is hierdoor risicovoller gaan begroten. Zo is er bijvoorbeeld 1.500 ton GFT minder begroot vanwege klimaatverandering en droge zomers. Dit jaar is echter door het natte voorjaar een tegengesteld patroon. De heer Bremen (S1) vraagt of dit wel een realistisch beeld schetst en of de gemeente zo niet de kans loopt om tegen onverwacht hoge kosten aan te lopen. Ook wil hij graag weten waarom het algemeen bestuur vraagt om de begroting aan te passen. Wethouder Schleijpen antwoordt dat het college het ermee eens is dat in de begroting geen bedrag is opgenomen voor onvoorziene kosten en dat er geen aanvulling van het weerstandsvermogen is. Of een aanvulling van het weerstandsvermogen noodzakelijk is wordt jaarlijks bekeken bij de opmaak van de jaarrekening. De berekening van het vaste deel van de afvalstoffenheffing geschiedt normaliter pas bij het voorbereiden van de nieuwe verordening voor het komende jaar. Dan pas zijn alle benodigde cijfers beschikbaar zoals de laatste actuele stand van de voorziening afval. Deze kan het tarief namelijk positief beïnvloeden. Daarnaast heeft dan in Rd4-verband afstemming plaatsgevonden over de variabele tarieven. Het college is voorstander van zo veel mogelijke uniformering van de variabele tarieven in de bij Rd4 aangesloten gemeenten.

De 8%-stijging betreft de logistieke kosten die gelden voor de tarieven van het pakket beheer openbare ruimte door Rd4. De begroting van dat pakket is noodzakelijkerwijs aangepast door de stijgingen waar Rd4 mee te maken heeft, bestaande uit een aantal componenten. De grootste componenten zijn: brandstofkosten, personeelskosten en de inkoop van materialen. Wethouder Schleijpen legt uit dat het risico op een volledige bedrijfsstilstand heel klein is en zich gelukkig nog nooit heeft voorgedaan. Een brand zou een groot deel van het wagenpark kunnen vernietigen waardoor er geen of minder afval ingezameld zou kunnen worden. Rd4 doet er alles aan om dit te voorkomen door onder andere de wagens op een afgesloten terrein te parkeren, regelmatig onderhoud aan de voertuigen enz. De wens van het algemeen bestuur om een toch wat risicovollere begroting heeft geleid tot een bezuiniging van de lasten voor de burgers van uiteindelijk € 1,2 mln. Dat heeft ertoe geleid dat men nog eens kritisch naar de bedrijfsprocessen binnen Rd4 gekeken heeft. Het was het algemeen bestuur er vooral om te doen hoe in een dynamische markt toch ervoor gezorgd kan worden om de kosten voor de burgers zo minimaal mogelijk stijgen.

Pagina 13 van 23

Daarom is het algemeen bestuur en ook Rd4 bereid geweest om toch wat risicovoller te begroten, in de veronderstelling dat dat nog steeds realistisch is. Wethouder Schleijpen heeft daar ook vertrouwen in. De heer Van Roon (Rd4) voegt hieraan toe dat de vergoeding voor PMD onder de raamovereenkomst verpakkingen valt die tot 2030 loopt. De vergoeding wordt jaarlijks vastgesteld met terugwerkende kracht naar het verleden. Met grote steekproeven bij Nederlandse gemeenten (Rd4 doet dit jaar ook weer mee met drie gemeenten) worden kosten- en samenstellingsonderzoeken van de verpakkingsmaterialen gedaan. Naar aanleiding daarvan wordt een prijs bepaald. De prijs van 2022 is nog niet definitief vastgesteld, maar de verwachting is dat de prijs niet lager gaat worden en in elk geval met de inflatie mee gaat stijgen de komende jaren. De sorteerders, logistiek en het laadtransport worden duurder. De producenten en importeurs zijn verantwoordelijk voor de verpakkingen van die hele keten en daar horen ook de kosten bij. Dat wordt jaarlijks gemonitord. De heer Van Roon (Rd4) licht toe dat de markt voor gft op dit moment heel beperkt is. Er moet Europees aanbesteed worden, wat op Limburgse schaal gebeurt om zoveel mogelijk volume te krijgen (die gebeurt zowel voor restafval als voor gft). De aanbesteding ligt nu voor en de komende weken komt daar uitsluitsel over.

Voor het restafval zijn meerdere verwerkers die dit afval kunnen verbranden en hiervoor is ook capaciteit in Nederland. Voor gft is er momenteel maar 1 aanbieder in Limburg. De heer Bremen (S1) informeert ernaar welke factoren ten grondslag liggen aan een verdubbeling (van € 40 naar € 80). De heer Van Roon (Rd4) antwoordt dat daar vorig jaar een marktconsultatie voor heeft plaatsgevonden. Vergelijkbare aanbestedingen zijn toen met elkaar vergeleken en ook de markt is geconsulteerd, enerzijds op beschikbaarheid en anderzijds op de prijzen die op dit moment gelden. AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 9. Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenperspectief 2025-2027, begrotingswijziging 2023-2 en jaarverslag 2022 Omnibuzz De heer Zwanenburg (S1) merkt op dat uit het klanttevredenheidsonderzoek blijkt dat de dienstverlening van Omnibuzz door klanten wordt gewaardeerd met een 8,2. Hij vraagt of aangegeven c.q. terug te vinden is hoe representatief dit onderzoek is geweest De signalen die SAMEN1 heeft ontvangen (wachttijden tot 1 uur of langer) zijn zeker niet positief. De heer Thomas (LS) deelt mee dat Leefbaar Simpelveld veronderstelt dat het onderzoek professioneel uitgevoerd is en voldoende representatief is.

De fractie vindt 8,2% een hoog percentage ondanks dat er een tekort aan chauffeurs is geweest in de zomermaanden. Wethouder Ernes is het ermee eens dat het klanttevredenheidsonderzoek representatief is. Ze zegt toe het onderzoeksrapport naar de raad en commissie te sturen. Het is goed dat aangegeven wordt dat er ook klanten zijn die niet tevreden zijn, want ook deze geluiden moeten kenbaar gemaakt worden bij Omnibuzz. Wethouder Ernes zal ook positieve de opmerking van Leefbaar Simpelveld doorleiden naar Omnibuzz

Pagina 14 van 23

AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 10. Raadsvoorstel Jaarstukken 2022, 1e begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 incl. meerjarenramingen 2025-2027 Stadsregio Parkstad Limburg De heer Thomas (LS) deelt mee dat Leefbaar Simpelveld het standpunt van het college deelt voor een positieve zienswijze en de verwerking van de meerkosten in de berap. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 2, pagina 19. De toeristische campagne ‘Dit is Parkstad’ zou in april 2023 starten. Hij informeert ernaar of dit gebeurd is en of er een plan van aanpak beschikbaar is om de voortgang te monitoren. De heer Thomas (LS) verwijst naar pagina 61. Het is zeer positief dat het weerstandsvermogen en risicobeheersing in 2023 herijkt wordt. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 5, pagina 16 en vraagt waarom de tabel bij het programma flexibele schil niet gevuld is (er staan alleen PM-posten). Met andere woorden of er geen ambitie is, of dat er geen projecten / activiteiten aangemeld zijn. Dit is toch een belangrijk onderwerp waarbij tussen de gemeenten samenwerking kan plaatsvinden onder de noemer ‘coalition of the willing’.

De waarnemend burgemeester antwoordt dat bij de flexibele schil geen bedragen zijn opgenomen omdat er op dit moment geen plannen zijn voor invulling van een flexibele schil binnen Parkstad. Als later tot een structuur gekomen moet worden waarbij met name vanuit de Regiodeal enz. projecten vanuit Parkstad worden opgepakt, moet wel de mogelijkheid bestaan om de flexibele schil in te vullen. Om daar dus helemaal niks te zetten, zou ook niet realistisch zijn. Wethouder Hodinius licht toe dat de portefeuillehouders economie en toerisme van de samenwerkende Parkstadgemeenten samen met de directeur van Visit Zuid-Limburg op 6 april 2023 in Kasteel Amstenrade het startschot hebben gegeven voor de campagne ‘Dit is Parkstad’. Ook de toeristische ondernemers uit de deelnemende gemeenten waren hiervoor uitgenodigd. Nadere informatie over de lancering van de campagne en wat er in Parkstad valt te beleven, kut u terugvinden via onderstaande links: www.parkstad-limburg.nl/2023/04/07/lancering-dit-is-parkstadcampagne/#:~:text=Op%206%20april%202023%20is,Kasteel%20Amstenrade%20in%20Gemeente %20Beekdaelen en www.ditisparkstad.nl. Wethouder Hodinius licht toe dat de voortgang wordt gemonitord in overleg met de directie van Visit Zuid-Limburg en de bestuurscommissie economie en toerisme van Parkstad.

AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 11. Raadsvoorstel RUD Zuid-Limburg ontwerpbegrotingswijziging 2023, ontwerpbegroting 2024, meerjarenraming 2025-2027 en jaarstukken 2022 De heer Zwanenburg (S1) merkt op dat de vragen waar hij mee begon tijdens deze vergadering, namelijk: wat de bijdrage van de RUD is in relatie tot de problematiek in de gemeente Simpelveld, eigenlijk nog pregnanter zijn dan bij de andere gemeenschappelijke regelingen.

Pagina 15 van 23

Het is immers bekend dat aan het einde van het jaar de Omgevingswet van kracht wordt en dat de RUD daar ook een aantal taken gaat overnemen die bij de gemeente horen. De algemene tendens die hij uit gemeenteland hoort is dat de onderhandelingen tussen de RUD’s landelijk en de gemeenten die de diensten moeten aanbieden heel moeizaam gaan. Dat betekent dat de gemeente des te meer in de gaten moeten houden of de producten die bij de RUD worden neergelegd op een goede manier worden afgehandeld. Er wordt nu ook gesproken over een meerjarenbegroting, dus ook over een meerjarenperspectief waarin onder andere in deze periode de Omgevingswet van kracht wordt en dus ook de rol van de RUD belangrijker wordt. De heer Zwanenburg (S1) vindt dat nauwelijks terug in de stukken. Hij vraagt waarom dat niet terug te vinden is. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 4, pagina 5. Onder punt b staat dat de verkennende pilot naar verdergaande samenwerking niet wordt uitgewerkt omdat er niet voldoende interesse is voor het opzetten en uitwerken van zo’n pilot. In de zin daarna staat dat voor het programma groeien naar partnerschap uit 2022 geheel implementatie is gevraagd. Acties uit het vastgestelde communicatieplan zullen worden opgepakt. Dit lijkt een contradictie.

De waarnemend burgemeester legt uit dat het plan was om een uitvraag te doen naar de interesse onder de partners om een pilot voor verdergaande samenwerking op te richten. Bij de uitvraag bleek hiervoor geen interesse te zijn onder de deelnemers. Het plan is dus uitgevoerd en geïmplementeerd zonder dat die pilot heeft plaatsgevonden, omdat iedereen ervan overtuigd was dat het plan moest worden uitgevoerd en geïmplementeerd zonder dat daar een pilot aan vooraf ging. Thomas (LS) is van mening dat de formulering had iets scherper gekund. De waarnemend burgemeester licht toe dat als over de P&C cyclus gesproken wordt, met name over beleid, wetswijzigingen, indexaties enz. gesproken wordt. Dat zit vervolgens in de begroting en meerjarenraming. De waarnemend burgemeester kan zich voorstellen dat SAMEN1 het belangrijk vindt dat dit een ijkpunt is om te gaan bezien wat geleverd wordt, maar dat moet niet gezocht worden in de begroting. De waarnemend burgemeester is zoekende wat hij kan aanleveren om een beter en concreter beeld te krijgen bij wat de RUD voor de gemeente doet en wat dat betekent voor de gemeente om de toegevoegde waarde voor de gemeente te zien.

De RUD is overigens geen vrijwillige samenwerking maar een verplichting, waarvan de waarnemend burgemeester denkt dat de meerderheid van alle gemeenten in Nederland enigszins aarzelend tegenaan hebben gekeken, omdat het vaak gaat over vraagstukken in de sfeer van handhaving, milieunormen enz. die heel gevoelig zijn en dicht bij de burger staan. In het begin was er wel twijfel over of dit op afstand geplaatst moet worden. Kijkend naar de ervaringen met de RUD kan de waarnemend burgemeester aangeven dat er inmiddels kennis binnen de RUD is gegroeid en dat ze gekwalificeerd mogen worden als betrouwbaar (al kunnen zaken soms wat sneller). De extra uitvoering die moet gaan plaatsvinden bij de RUD’s in de toekomst is vertaald in de financiën. De waarnemend burgemeester kan aanleveren wat gevraagd is, welk pakket de gemeente afneemt van de RUD, wat daarvoor wordt gedaan enz. Dat is minder in relatie tot de financiële zienswijze die nu moet worden afgegeven maar hij wil graag met de heer Zwanenburg (S1) van gedachten wisselen over welke informatie hij wenst te ontvangen. De heer Zwanenburg (S1) merkt op dat de waarnemend burgemeester het feitelijke werk een beetje probeert los te koppelen van de financiën, maar dat is volgens hem niet zo. Er worden een aantal kwantitatieve zaken gedaan voor een gemeente waarvoor iets in rekening gebracht wordt.

Pagina 16 van 23

Daarom kan in een meerjarenraming wel degelijk een beeld gevormd worden over de producten per gemeente en de afspraken die daarover gemaakt zijn. Als de financiële stukken aan de raad worden voorgelegd is het altijd handig als de raad een inhoudelijk gevoel heeft bij hoe goed de diensten van de RUD zijn en hoe goed de organisatie dat vindt. Als er hele duidelijke signalen zouden zijn, zowel ambtelijk als van burgers, dat de RUD zijn werk niet goed doet zou de discussie ontstaan of hiervoor wel zoveel geld beschikbaar gesteld moet worden of dat dat onder voorbehoud gedaan moet worden. De waarnemend burgemeester antwoordt dat de meeste klachten over de RUD vaak komen op het moment dat handhaving aan de orde komt en normen worden gesteld op het moment dat mensen initiatieven tonen die net tegen een grijs gebied aan liggen. Die klachten komen vaak voort uit teleurstelling dat mensen niet zo kunnen handelen als ze dat zouden willen. Klachten moeten daarom niet meteen aan het niet goed functioneren van een organisatie worden gekoppeld. De waarnemend burgemeester begrijpt de opmerkingen van de heer Zwanenburg (S1) dat bij veel klachten eerst kwalitatief het gesprek moet worden aangegaan met de RUD, maar de stelling om geld onder voorbehoud beschikbaar te stellen is ook kort door de bocht.

Er ligt nu een zienswijze voor om een gevoel mee te geven hoe de RUD financieel de zaken op orde heeft. Als geconstateerd wordt dat er heel veel meldingen zijn van mensen die niet tevreden zijn over de aanpak, of dat er ambtelijk signalen komen dat de samenwerking slecht is, is dat een continu proces en niet eenmalig op het moment dat een zienswijze afgegeven wordt. De burgemeester zegt toe ambtelijk te gaan polsen hoe de samenwerking ervaren wordt en of er speerpunten zijn waarover de gemeente in gesprek zou moeten gaan met de RUD. Mocht dat laatste het geval zijn, dan zal de waarnemend burgemeester als lid van het algemeen bestuur zeker het gesprek daarover aangaan met de directie. De heer Zwanenburg (S1) kan dit verhaal in perspectief plaatsen met de toezegging dat de gemeente als partner en financier in gesprek gaat met de RUD als dat nodig blijkt te zijn en dat met de raad deelt. De waarnemend burgemeester heeft een actieve informatieplicht en in de bilaterale overleggen die hij ambtelijk voert over de RUD heeft hij dit soort signalen niet gekregen. Hij heeft op dit moment niet het gevoel dat er een gevoel heerst van een diskwalificatie van de RUD. AGENDEREN VAN HET VOORSTEL VOOR DE RAADSVERGADERING De fracties SAMEN1, BurgerBelangen, Leefbaar Simpelveld, CDA en Lokaal Actief gaan unaniem akkoord. 12.

Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenraming 2024-2027, bijgestelde begroting 2023 en jaarrekening 2022 van het Gegevenshuis Met betrekking tot de managementsamenvatting over de jaarrekening 2022 merkt de heer Thomas (LS) op dat het heel zelden voorkomt dat een instantie alles wat afgesproken is levert op de afgesproken termijnen tegen lagere kosten dan de geprognotiseerde begroting en dan ook nog een batig saldo heeft van bijna € 300.000. Leefbaar Simpelveld vindt dat onvoorstelbaar goed. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 1, pagina 8. De solvabiliteitsratio bevindt zich in de gevarenzone (22% is geel getypeerd en de veilige marge zit rond de 30%). Deze ratio daalt in 2025 en 2026 naar 14% en 13,5%. De heer Thomas (LS) vraagt of dit een bewuste, maar toch nog verantwoorde keuze is. De heer Thomas (LS) verwijst naar bijlage 2, pagina 11. Bij inhuur trainees staat een bedrag van circa € 160.000, terwijl dat vorig jaar nul was. Hij informeert naar de reden hiervoor.

Pagina 17 van 23

De heer Zwanenburg (S1) vindt het van belang dat er een gevoel is of het geld wat betaald wordt in verhouding staat tot de diensten (zowel kwantitatief als kwalitatief) die de gemeente krijgt. De waarnemend burgemeester antwoordt dat de solvabiliteitsratio een verhouding is tussen het eigen en vreemd vermogen. Het Gegevenshuis heeft geen algemene reserve. In het verleden waren er reserves voor ICT, maar het algemeen bestuur heeft in 2019 besloten om geen reserves meer hiervoor te vormen en de bestaande reserves af te bouwen. Dat heeft ermee te maken dat er ook geen risicoduiding is, want op het moment dat een investering moet gaan plaatsvinden, wordt deze meteen afgerekend vanuit eigen middelen. Er is dus niet zoiets als een risicoparagraaf en is een reserve om dit soort risico’s op te vangen niet aanwezig. De kosten voor rente en afschrijving dienen rechtstreeks naar de productprijs te worden toegerekend. Daarmee wordt het eigen vermogen verder teruggebracht en verlaagt de solvabiliteitsratio. Ter voorkoming van liquiditeitsproblemen, geldt sinds 2023 een systematiek van bevoorschotting per kwartaal gebaseerd op de feitelijk in dat kwartaal verwachtte uitgaven. Meer concreet: het is een bestuurlijke keuze om het eigen vermogen af te bouwen vanwege de systematiek die daarachter zit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Simpelveld&id=aff2a1e3-2622-424c-b829-dce2c6adb29f